CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-067 25 Bijlage 18 bij de toelichting - Vervolgonderzoek huismus en vleermuis (geanonimiseerd)

Raad 23 april 2024, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Laefplein Maasbree’ (2024-067)3.661 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ruimte.

Mensen.

Toekomst.

Laefplein te Maasbree Vervolgonderzoek huismus en vleerIS Definitief

à BRO

efe][elie]s

projectnaam Laefplein te Maasbree datum 14 november

2023

projectnummer P05446

opdrachtgever Schroen Projectontwikkeling LA'

BRO

projectleider

(geanonimiseerd) opgesteld door

(geanonimiseerd) interne controle

(geanonimiseerd) bron

kaft

BRO

Bosscheweg 5282 WV

107

Boxtel

+31 (0)411 850 400

info@bro.nl www.bro.nl

(3 BRO

7

Inhoudsopgave 1

Inleiding 11

_ Aanleiding

12

2

Omschrijving plangebied 21 22

3

4

Doel

_ Huidige situatie Toekomstige situatie

Werkwijze 31

Huismussen

32

Vleermuizen

Resultaten 41

43

5

o 10

Huismussen

42

PaSm 10

411

Nestlocaties

10

41.2

Leefgebied

10

413 _ Omgevingscheck Vleermuizen

10

421

Foeragerende vleermuizen

10

422

Vliegroutes

11

Overige soorten

11

_ Effectenbeoordeling en toetsing

10

12

51

Huismussen

12

52

Vleermuizen

12

5.3

_ Overige soorten

12

6

Conclusie

13

7

Bronnen

14

BRO

Laefplein te Maasbree

8

Verklarende Woordenlijst

15

1

Inleiding

gebouw heeft voor de soort(en) behouden blijven. Ook dient te worden getoetst of de huidige staat van instandhouding van de soort(en) niet in het

11

Aanleiding

geding is.

Opdrachtgever is voornemens om bebouwing aan de Baarlosestraat te

Maasbree te slopen om nieuwbouw mogelijk te maken. Middels een ver- __ Ten behoeve van het eventueel indienen van een ontheffingsaanvraag kennend flora- en faunaonderzoek (quickscan), uitgevoerd door BRO!, is _ dienen ook aspecten als doe, (wettelijk) belang en alternatievenafweging vastgesteld dat de bebouwing binnen het plangebied geschikte nest-/ver- _ te worden onderbouwd. Deze eventuele vervolgfase ten behoeve van een blijfplaatsen kan bevatten voor huismus en vleermuis. Naar aanleiding ontheffingstraject maakt geen deel uit van onderhavig vervolgonderzoek. hiervan is protocollair huismus- en vleermuisonderzoek uitgevoerd in het seizoen van 2023, om nesten en/of verblijfplaatsen van huismus en vleermuizen

vast te stellen dan

wel

met voldoende

zekerheid

uit te sluiten.

In

dit rapport worden de resultaten van dit nader onderzoek gepresenteerd.

1.2

Doel

Dit onderzoek zal antwoord geven op de volgende vragen:

° « . «

Zijn er nestplaatsen van de huismus aanwezig in de betreffende bebouwing? Zo ja, hoeveel nestplaatsen van huismus betreft het hier? Zijn er verblijfsfuncties van vleermuizen aanwezig n de betreffende gebouwen? Z ja, welke soort, aantal en verblijffunctie m.b.t. vleermuizen betreft het hier?

« _ Leiden de werkzaamheden tot verlies of verstoring van nest- en/of verblijfplaatsen? e Leidt de sloop tot overtreding van de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming en is een ontheffingsaanvraag noodzakelijk? Indien bij aanwezigheid van beschermde soorten het treffen van maatregelen noodzakelijk is, omdat de huidige nest-/verblijfplaats komt te vervallen/wordt verstoord, dan zullen deze (ten behoeve van een ontheffingsaanvraag) voldoende moeten worden onderbouwd middels een separaat activiteitenplan. Hierbij moet vast komen te staan dat de functies die het

_

BRO is d van het Netwerk Groene Bureaus (NGB).

Het NGB is de brancheorganisatie voor groene adviesbureaus en heeft als doe! kwaliteitsbevordering en belangenbehartiging.

De medewerkers binnen de dîscipline ecologie voldoen aan de door het Ministerie van EZ genoemde

® BRO

Laefplein te Maasbree

Onze werkzaamheden voeren wij dan ook uit volgens de door het NGB vastgestelde gedragscode (versie juni 2008, aangevuid in februari 2010).

voorwaarden voor ter zake deskundigen op het gebied van ecologisch onderzoek.

Dit onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde protocollen en Hchtljnen voor onderzoek.

2

Omschrijving plangebied

21

Huidige situatie

Het plangebied ligt ten oosten van het centrumgebied van Maasbree, aan de Baarlosestraat en de Dorpstraat. Het plangebied bestaat momenteel uit een autogarage met bijbehorende stalling en parkeergelegenheid, een

bakkerij, café De Pool en het openbare gebied rondom. In de directe omgeving van het plangebied zijn enkele horecagelegenheden aanwezig en voornamelijk woningen. Verder ten westen van het plangebied is het centrumgebied van de kern Maasbree gelegen. In figuur 2 is de topografische ligging van het plangebied weergegeven. In figuur 5 is een luchtfoto van het plangebied en de directe omgeving weergegeven.

De figuren 1, 3 en 4 geven een impressie van het plange-

bied, middels foto's die zijn genomen tijdens het verkennende veldbezoek.

2.2

_ Toekomstige

situatie

Op de locatie van de bakkerijwinkel is een appartementengebouw voorzien in drie bouwlagen met kaplaag met 12 goedkope tot middeldure appartementen voor de doelgroep ouderen en jongeren/starters.

De entree-

partij in de noordhoek koppelt het gebouw aan de nieuwbouw op de loca-

tie van het garagebedrijf. voorgesteld.

Op deze locatie worden totaal 6 appartementen

De gehele ontwikkeling van het Laefplein betreft 18 apparte-

menten.

BRO

Lacfplein te Maasbree

Figuur 1: Baarlosestraat 7, gezien vanuit het zuiden

Figuur 3: Kieren bij de dakrand

BRO

Laefplein te Maasbree

Figuur 4: Baarlosestraat 7, gezien vanuit het noorden

Figuur5: Luchtfoto plangebied en directe omgeving

6

3

Werkwijze

31

Huismussen

2.

Ten aanzien van de huismus zijn tussen 1 april en 15 mei 2023 twee veld-

minimaal { waarneming in potentieel broedbiotoop in de periode 10 maart /m 20 juni van: e

een zingend mannetje (veelal op de dakrand) of

e

aanwezigheid van een paartje bij een potentiële nestplaats of

*

balts.

bezoeken uitgevoerd, met een tussenliggende periode van minimaal 10 dagen, in de ochtenduren tussen 8.00 uur en 12.00 uur of n de laatste

Afwezigheid van broedende huismussen is aangetoond, als er tijdens

uren voor zondondergang. Tabel 1 geeft een overzicht van de uitgevoerde

twee gerichte veldbezoeken in de periode 1 april tot en met 15 mei (met

veldbezoeken voor huismussen. Tijdens de veldbezoeken is gelet op de

tien dagen tussen beide veldbezoeken) of tjdens vier gerichte veldbezoe-

aanwezigheid van roepende huismussen. Mannetjes huismussen roepen

ken n de periode 10 maart tot en met 20 juni geen aanwezigheid kan wor-

met name in het voorjaar ('s ochtends) vaak vanaf de dakranden/goten

den aangetoond. Tijdens de veldbezoeken waren de weersomstandighe-

waar hun nesten zich bevinden. Tevens is gedurende de veldbezoeken in

den voor het waarnemen van huismussen gunstig.

de ochtend gelet op huismussen die (met nestmateriaal of voedsel) onder

dakpannen of andere nestlocaties verdwijnen. Op basis van de veldbevindingen is bepaald of zich onder het dakpannen dak van de te renoveren woningen broedlocaties van de huismus bevinden. De onderzoeksinspanning is conform hetgeen is gesteld in het kennisdocument van de huismus (BIJ12, versie 2.1 februari 2023). Volgens de soortenstandaard kan de aanwezigheid van een nest van een huismus als volgt worden aangetoond:

1.

een nestindicatieve waarneming: e

een

nest

of nestbouw

of

e

bezoek van een huismus aan een waarschijnlijke nestplaats (nest

e

zelf vaak niet zichtbaar, maar grassprieten of veertjes steken uit) of transport van voedsel of ontlastingpakketjes of

e

bedelende jongen in nest (vlak voor uitvliegen goed te horen, ste-

ken kopjes uit nestopening).

Tabel 1: Bezoeken

i.v.m. huismusinventarisaties

Datum

Type onderzoek

Tijdsduur onderzoek

Weer

Temperatuur

26-04-2023

Nestlocaties huismus

16.00-18.00

Wind gemiddeld 3 Bft

12°C

Helder

Geen neerslag 12-05-2023

Nestlocaties huismus

08.30 — 10.00

Wind gemiddeld 2 Bft Helder

Geen neerslag

BRO

Laefplein te Maasbree

9C

3.2

_ Vleermuizen

voerd (figuur 6). Ten behoeve van het indiceren van een massawinterver-

blijfplaats, is de eerste avondronde vóór september 2023 uitgevoerd. Door Voor vleermuizen zijn in de periode 15 mei tot en met 30 september 2023

de beperkte hoogte van de bebouwing zijn (massa-)winterverblijfplaatsen

in totaal vijf aanvullende veldbezoeken uitgevoerd. Dit betreft de meest

op voorhand uitgesloten. Tabel 2 geeft een overzicht van de uitgevoerde

gunstige periode van het jaar waarin vleermuizen aantoonbaar van een

veldbezoeken

voor vleermuizen.

onderzoeksgebied gebruik kunnen maken. Gedurende de periode 15 mei tot en met 15 juli hebben de meeste soorten hun zomer- en kraamverblijf-

De inventarisatiemethode is conform de richtlijnen van het protocol voor

plaatsen bezet en zijn druk bezig met het grootbrengen van jonge dieren.

vleermuisonderzoek (versie januari 2021), dat is opgesteld door het vleer-

Vanaf eind juli vallen de kraamkolonies uiteen, verspreiden de vrouwtjes

muisvakberaad van het Netwerk Groene Bureaus en de Zoogdiervereni-

zich en gaan op zoek naar het gezelschap van baltsende mannetjes. Win-

ging. Dit protocol schrijft voor dat de onderzoeksinspanningen afhankelijk

terverblijfplaatsen zijn zeer lastig aan te tonen. Van zomerverblijfplaatsen,

zijn van de te verwachten soorten en functies. Het protocol heeft tot doel

kraamverblijven en paarverblijfplaatsen mag zekerheidshalve aangeno-

het belang van de functies van onderzoekslocaties voor soorten vleermui-

men worden dat deze ook als winterverblijfplaats gebruikt kunnen worden,

zen effectief en efficiënt vast te stellen dan wel uit te sluiten. In het bijzon-

zolang de temperatuur niet te laag wordt (vorst).

der wanneer de aanwezigheid van gebiedsfuncties of soorten wordt uitgesloten, zou een onderzoek volgens het protocol als juridisch voldoende

De laatvlieger heeft als enige soort geen standaard invliegtijd. Het zwerm-

moeten worden aangemerkt.

gedrag is bij deze soort ook korter en kan al plaatsvinden vanaf 1 á 2 uur na het uitvliegmoment. In de periode 15 mei tot en met 15 juli hebben

Tijdens de veldbezoeken is voornamelijk gelet op uitvliegende, invliegende

twee gerichte avondrondes (tot circa 2 uur na zonsondergang) plaatsge-

of zwermende vleermuizen. Daarnaast is er ook gelet op foeragerende en

vonden met een tussenliggende periode van minimaal 20 dagen, ten be-

passerende vleermuizen. Tijdens de twee laatste veldbezoeken is voorna-

hoeve van het aantonen/uitsluiten van zomer- en kraamverblijfplaatsen

melijk gelet op sociale geluiden. In de periode 15 augustus tot en met 30

van de laatvlieger. Hiervan dient er één avondronde in juni plaats te vin-

september produceren mannetjes vleermuizen sociale geluiden vanuit een

den. Daarnaast heeft er in de periode mei — augustus tevens een ochtend-

verblijfplaats of vliegend rondom bebouwing om vrouwtjes te lokken.

ronde (vanaf circa 2 uur voor zonsopkomst) plaatsgevonden ten behoeve van het aantonen/uitsluiten van zomerverblijfplaatsen van de gewone

Alle veldbezoeken zijn uitgevoerd met behulp van een batdetector (Pet-

dwergvleermuis. Deze bezoeken zijn uitgevoerd met 1 onderzoekers per

tersson M500-384) met opnamemogelijkheid en weergave van sonogram-

veldbezoek, om minimaal 75% van de bebouwing te kunnen overzien.

men. Een batdetector zet het voor het menselijk gehoor niet hoorbare ul-

Vervolgens hebben in de periode 15 augustus tot en met 30 september

trasone geluid van vleermuizen om naar frequenties die wel hoorbaar zijn.

twee avondrondes, met een tussenliggende periode van minimaal 20 da-

Op basis van de geluidsfrequenties en ritmes kunnen verschillende soor-

gen, plaatsgevonden ten behoeve van het aantonen/uitsluiten van de

ten vleermuizen worden onderscheiden. De opnamemogelijkheid is be-

{unctie paarverblijfplaats. Omdat de vleermuizen bij deze bezoeken gedu-

langrijk omdat de geluidsopnames kunnen worden gebruikt voor het deter-

rende langere tijd baltsend rond hun paarverblijfplaats aanwezig zijn kun-

mineren van soorten die op basis van hun geluid moeilijk zijn te onder-

nen deze bezoeken door twee onderzoeker per veldbezoek worden uitge-

scheiden (met name Myotis-soort) en waarbij het sonogram uitsluitsel kan geven.

BRO

Laefplein te Maasbree

Figuur 6: Deelgebieden t.b.v.

vleermuisonderzoeken

Tijdens de veldbezoeken waren de weersomstandigheden voor het waarnemen van vleermuizen gunstig. De weersomstandigheden voldoen aan de protocollaire eisen voor vleermuisonderzoek: temperatuur niet lager dan 12 9C, de windsnelheid niet meer dan 3 Beaufort en geen sprake van neerslag (zie tabel 2).

Tabel2:

_ Bezoeken

i.v.m. vleermuisinventarisaties

Datum

Type onderzoek

Deelgebied

Tijdsduur onderzoek | Zon op/onder

Weer

Temperatuur

29-05-2023

Vleermuizen (kraam- en zomerver-

|2

21.35-23.45

Wind gemiddeld 3 Bft

16C

06-06-2023

26-06-2023

30-06-2023

blijfy

Vleermuizen (kraam- en zomerver-

blijf)

21.37

Licht bewolkt

Geen neerslag | 1

21.45-23.45

21.46

Wind gemiddeld 2 Bft

Half bewolkt

23°C

Geen neerslag

Vleermuizen (kraam- en zomerver-

|2

21.50-00.00

2154

Wind gemiddeld 2 Bft

18°C

Vleermuizen ochtend (zomerverblijf)

| 1

03.20 -05.25

05.24

Wind gemiddeld 2 Bft

14°C

blijf)

Helder Geen neerslag Half bewolkt

Geen neerslag 04-07-2023

23-07-2023

Vleermuizen (kraam-en zomerver-

|

1

21.50-00.00

2152

Wind gemiddeld 2 Bít

17°C

Vleermuizen ochtend (zomerverblijf)

| 2

03.45 —05.50

05.48

Wind gemiddeld 3 Bft

16C

blijf)

bewolkt Geen neerslag

Volledig bewolkt Geen neerslag

21-08-2023

Vleermuizen (paarverblijf)

-

21.50 - 23.50

20.45

Wind gemiddeld 2 Bft

18°C

Helder

Geen neerslag 12-09-2023

Vleermuizen (paarverblijf)

-

21.30-23.30

19.56

Wind gemiddeld 2 Bít Half bewolkt

Geen neerslag

BRO

Laefplein te Maasbree

20°C

4

Resultaten

41 411

Huismussen _

Nestlocaties

Tijdens de veldbezoeken zijn er geen huismussen waargenomen, noch gehoord binnen het plangebied. Er kan om die reden redelijkerwijs aangenomen worden dat er geen nestlocatie voor huismus aanwezig zijn binnen het plangebied. 41.2

Leefgebied

Het groen in het plangebied is niet bezocht door huismussen tijdens de veldbezoeken.

Door het ontbreken

van

huismusnesten

binnen en direct

rond het plangebied is een essentiële functie van dit groen redelijkerwijs op voorhand uitgesloten. De voorgenomen ingreep zal dan ook niet leiden tot het verloren gaan van leefgebied van de huismus. 413

_ Omgevingscheck

Rond de Meidoornstraat zijn meerdere nestlocaties (minimaal 6) van de huismus aangetroffen. Deze bevonden zich onder de dakpannen van de woningen aan deze straat en maakte gebruik van de het groen in de tuinen. Ook verder van het plangebied, rond onder andere het Sint Aldegun-

EA

displein, zijn er meerdere nestplaatsen van huismus aangetroffen (figuur ). 42

4 A

_

Vleermuizen

Zowel in het voorjaar als in het najaar zijn er geen verblijfplaatsen aangetroffen binnen het plangebied. Er is geen binding met de gebouwen binnen het plangebied waargenomen. 421

_ Foeragerende

vleermuizen

Tijdens vrijwel ieder veldbezoek zijn enkele (1-2) foeragerende gewone dwergvleermuizen rondom het groen in de tuinen waargenomen. Later in

0

25

—

50m

|

{

Huismus nestplaats

de avond trokken deze weg en vloog er slechts incidenteel een individu over. Gezien de vleermuizen hier niet de hele avond aanwezig waren en

BRO

Lacfplein te Maasbree

Figuur 7:Nestlocaties van de huismus rond het plangebied (gele driehoek)

10

regelmatig een kwartier of langer verdwenen s het niet de verwachting dat het plangebied essentieel foerageergebied voor de gewone dwergvleermuis betreft. Daarnaast is er n de directe omgeving genoeg groen aanwezig dat kan dienen als foerageermogelijkheid. De voorgenomen plannen zullen niet Ieiden tot een afname in essentieel foerageergebied.

4.2.2

Vliegroutes

Tijdens de veldbezoeken zijn n de directe omgeving geen eenduidig vlieg-

patronen aangetroffen welke door meerdere individuen werd gevolgd.

4.3

_ Overige soorten

In de begroeiing rondom de bebouwing kunnen vogels zonder jaarrond beschermd nest broeden. Hiermee dient rekening te worden gehouden door

buiten

BRO

het broedseizoen

of na een

controle

Lacfplein te Maasbree

te werken.

11

5

Effectenbeoordeling en toetsing

51

Huismussen

Binnen en in de omgeving van het plangebied zijn geen nestlocaties van huismus waargenomen. Er gaan bij werkzaamheden geen nestlocaties of essentieel leefgebied van de huismus verloren. Bij de werkzaamheden vinden geen overtredingen van de Wet natuurbescherming plaats. 5.2

_

Vleermuizen

Binnen en in de omgeving van het plangebied zijn geen rust- en verblijfplaatsen van een vleermuissoort waargenomen. Er gaan bij werkzaamheden geen rust- en verblijfplaatsen, essentieel leefgebied of vliegroutes verIoren. Overtreding van een verbodsbepaling van de Wet natuurbescherming met betrekking tot een vleermuissoort is uitgesloten.

5.3

_ Overige soorten

Andere diersoorten als vogels, zoogdieren en amfibieën kunnen in het plangebied aanwezig zijn. Hiervoor geldt de zorgplicht. Dit houdt in dat men zorg moet dragen voor aanwezige individuen, ook algemene soorten. Men moet deze dieren de tijd geven om het plangebied te verlaten. Weinig mobiele soorten als egel of pad kunnen met beleid naar buiten het plangebied worden verplaatst. Daarnaast zijn broedende vogels en hun nesten tijdens het broedseizoen beschermd. Geadviseerd wordt om het opgaand groen binnen het plangebied buiten het broedseizoen te verwijderen, om verstoring van broedende vogels te voorkomen. Het broedseizoen loopt gemiddeld van half maart tot half augustus. Geldend is echter de aanwezigheid van een broedgeval.

BRO

Lacfplein te Maasbree

12

6

Conclusie

Binnen en in de directe omgeving van het plangebied zijn geen nestlocaties van huismus en/of rust- of verblijfplaatsen van een vleermuissoort

aangetroffen. Overtreding van een verbodsbepaling van de Wet natuurbescherming met betrekking tot huismus of een vleermuissoort is uitgesloten. Er hoeft geen ontheffing te worden verkregen, noch zijn er enige ver-

volgstappen noodzakelijk met betrekking tot deze soort. Wel dienen de volgende maatregelen n acht te worden genomen:

- _ De kap van het opgaand groen dient buiten het broedseizoen of na een broedvogelcontrole te worden uitgevoerd. Het broedseizoen loopt globaal van half maart t/m half augustus:

- _ Met betrekking tot de zorgplicht dienen eventueel aangetroffen dieren tijdens de werkzaamheden de kans te krijgen om het plangebied zelfstandig te verlaten. Bij soorten als egel en gewone pad kunnen de dieren met beleid verplaatst worden naar een veilige plek buiten het plangebied.

Tabel 3: Overzicht aanwezigheid beschermde soorten en te nemen type maatregelen

Soortgroep

Aanwezig

Huismus

Nee

Nee

Vleermuizen

Nee

Nee

Overige soorten?

Mogelijk

* _ Dit betreft soorten die niet honkvast zijn en/of waarvan de nest/verblijplaats niet jaarrond is beschermd.

Aantal

Overtreding

Te voorkomen

Maatregelen

F(\ekhe‘mng houden met broedseizoen en zorg-

plic!

Echter mogen de nesten/verblifplaatsen met cieren of jongen niet worden verstoord!verwijderd. Hieromtrent dient per complex de situatie qua planning en werkzaamheden te worden afgestemd met de begeleidend

ecoloog

® BRO

Laefplein te Maasbree

13

7

Bronnen Kennisdocument

Huismus, versie 2.1 BIIJ12 februari 2023

Ministerie van Economische Zaken 2016. Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Lees hier wat de Wet natuurbescherming daarover regelt. Versie 1.3, december 2016. Ministerie van Economische Zaken, Den Haag.

SOVON Vogelonderzoek Nederland 2018. Vogelatlas van Nederland. Kosmos Uitgevers, Utrecht. Dietz C., O. von

Helversen

& D. Nill 2011.

Vleermuizen.

Alle soorten

van Europa en Noordwest-Afrika. De Fontein/Tirion Uitgevers, Utrecht. Kennisdocument Gewone dwergvleermuis, versie 1.0 BIIJ12 juli 2017 Kennisdocument Ruige dwergvleermuis, versie 1.0 BIJ12 juli 2017 Limpens, H. J. Regelink & R. Koelman 2010. Vleermuizen en planologie. Zoogdiervereniging, Nijmegen Ministerie van Economische Zaken 2016. Soortenbescherming bij uimtelijke ingrepen. Lees hier wat de Wet natuurbescherming daarover regelt. Versie 1.3, december 2016. Ministerie van Economische Zaken, Den Haag.

Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging (2021) Vleermuisprotocol 2021, januari 2021.

BRO

Lacfplein te Maasbree

14

8

Verklarende Woordenlijst

Activiteitenplan Een activiteitenplan dient als begeleidend document voor een ontheffingsaanvraag.

In het activiteitenplan zijn maatregelen verwoord waar-

mee de functionaliteit van een rust- of verblijfplaats van een beschermde soort behouden blijft en schade aan individuen wordt voorkomen.

Expert Judgement Inschatting van een deskundige op grond van zijn/haar kennis en ervaring.

Omvat de plaatsen waar een bepaald organisme voorkomt doordat de

Dit is een verblijfplaats die hoofdzakelijk n het najaar (september/ok-

abiotische en biotische factoren (niet levende en levende natuur) van

tober) door vleermuizen worden gebruikt om te paren. Eén mannetje

die plaatsen voldoen aan de eisen en toleranties die het organisme

kan een dergelijke verblijfplaats met meerdere vrouwtjes delen. In de

stelt om te kunnen overleven, groeien en zich voortplanten.

omgeving van de paarverblijfplaats wordt veelal door het territoriale mannetje middels baltsvluchten getracht vrouwtjes aan te lokken.

Kraamverblijfplaats Voortplantingsplaats van vleermuizen.

Het gaat hierbij vaak om de

Populatie

vrouwelijke exemplaren van een kolonie (ook wel kraamgroep ge-

Een biologische populatie is een groep individuen van dezelfde soort

noemd) die gezamenlijk hun jongen grootbrengen. De aantallen vleer-

die zich onderling voortplant en als zodanig geïsoleerd is van andere

muizen in een kraamgroep kun oplopen tot meerdere honderden

zulke groepen.

exemplaren. Rode Lijst Mitigerende maatregelen

Foerageerhabitat Het gebied waarbinnen een soort voedsel zoekt.

Rode Lijsten laten zien welke soorten zijn verdwenen en welke s00r-

Maatregelen die negatieve effecten bij een ingreep voorkomen of re-

ten in een gebied sterk zijn achteruitgegaan of zeldzaam zijn. Er be-

duceren.

staan verschillende Rode Lijsten. Voor vogels, voor zoogdieren, plan: ten, paddenstoelen, insecten en voor allerlei andere soortgroepen.

Foerageren Zoeken en vinden van voedsel door dieren (jachtgebied).

Functioneel leefgebied Hiermee wordt het gebied dat is benodigd om de functionaliteit van een vooriplantingsplaats of van een vaste- rust of verblijfplaats te behouden. Een nestlocatie of voortplantingsplaats kan bijvoorbeeld alIeen succesvol functioneren, wanneer er voldoende habitat (schuilgelegenheid, voedsel etc.) van voldoende kwaliteit aanwezig is om te kunnen paren, eieren te leggen en jongen groot te brengen.

Gunstige staat van instandhouding Er i sprake van een gunstige staat van instandhouding van een soort of habitattype als de omstandigheden waarin de soort of het habitattype voorkomt perspectief bieden op een duurzaam voortbestaan van die soort of dat habitattype

BRO

Paarverblijfplaats

Habitat

Laefplein te Maasbree

Omgevingscheck

Rode Lijsten hebben geen officiële juridische status. Plaatsing op de

Een omgevingscheck wordt uitgevoerd bij verlies van leefgebied van

lijst maakt een dier dus nog geen 'beschermde diersoort’ in de zin van

een jaarrond beschermde functie van een soort die door een ingreep

de Wet natuurbescherming. De Rode Lijsten hebben in de praktijk wel

(tjdelijk) verloren gaat. De omgeving van de ingreep wordt door een

een belangrijke signaleringfunctie. Door de Rode Lijst te raadplegen,

ter zake deskundige beoordeeld op aanwezigheid van voldoende al-

kunnen alle instellingen die met natuurbehoud te maken hebben reke-

ternatief leefgebied en/of potentiële verblijfplaatsen.

ning houden met bedreigde soorten.

Ontheffing

Vaste rust- of verblijfplaats

De Wet natuurbescherming is gemaakt om planten- en diersoorten die

Een plek binnen het Ieefgebied van een soort die esentieel is voor de

vrij in het wild leven te beschermen. Om deze kwetsbare soorten te

Ievenscyclus van een individu. De Wet natuurbescherming omschrijft

beschermen bevat de Wet natuurbescherming een aantal verbodsbe-

niet exact wat een vaste rust- of verblijfplaats is. Dit is soortafhankelijk.

palingen.

Onder bepaalde voorwaarden mogen de activiteiten wel

doorgaan, daarvoor kan een ontheffing benodigd zijn. Een ontheffing

Vliegroute

is een besluit waarbij in een individueel concreet geval een uitzonde-

Een vaste route die door vleermuizen wordt gebruikt tussen de verblijf-

ring op een wettelijk verbod wordt gemaakt.

plaatsen naar foerageergebieden.

15

Winterverblijfplaats Verblijfplaats die gebruikt wordt om de periode van winterrust te overbruggen.

Voor vleermuizen zijn dit vorstvrije, maar koele en vochtige

plekken. Er kans sprake zijn van massaverblijfplaatsen, verblijfplaat-

sen van kleine groepen of één of enkele individuen. Zomerverblijfplaats Is een vleermuisverblijfplaats anders dan een kraamverblijf. Buiten de

kraamperiode worden deze door de vrouwtjes gebruikt, binnen de kraamperiode door individuele mannetjes.

BRO

Lacfplein te Maasbree

16

Ruimte.

Mensen.

Toekomst.

Amsterdam Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam

+31 (0)20 506 19 99 Boxtel

Bosscheweg 107 5282

WV

Boxtel

+31 (0)411 850 400 Venlo Industriestraat 94

5931 PK Tegelen +31 (0)77 373 06 01 info@bro.nl www.bro.nl

e 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=568fad61-f9e0-4a51-a241-a635ea79d8d2