2024-027 15 Toelichting, bijlage 7 Aanvullend onderzoek huismus (geanonimiseerd)
Tekst van het document
n
Aanvullend onderzoek
huismus
Heufkesweg 33, Meijel
B N |. dadvies
Landschapsarchitectuur en ecologisch advies
LAN!!!HA!!!N!!!!!! !NL ADVIES (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) -
v
:
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) 7231611 N
Aanvullend onderzoek naar de aanwezigheid van de huismus
(Passer domesticus) op de locatie: Heufkesweg 33, Meijel
Colofon: Opgesteld door:
BNL advies Telefoonstraat 2 5428 GJ Venhorst T: (geanonimiseerd)
info@bnladvies.nl
W:
www.bnladvies.nl
Projectlocatie:
Heufkesweg 33
Status:
definitief
Versie: Datum:
21218.NOH 23-06-
Auteur:
Ing.
5768 RR Meijel
B N |. dgdvies
Landschapsarchitectuur en ecologisch advies
© copyright BNL advies 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteursrechthebbende. BNL advies kan door opdrachtgever niet aansprakelijk worden gesteld voor schade
die voortvloeit uit gebruik van data of gegevens of door toepassing van aanbevelingen en conclusies, die zijn opgenomen in deze rapportage (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) E (geanonimise rd) (geanonimiseerd) a
KK
:
(geanonimiseerd) : (geanonimise rd) (geanonimiseerd) 72316144 -D
Pagina1
Inhoud Colofon:
1.
Inleiding .
2.
Gebiedsbeschrijving en voorgenomen plannen … 2.1
4
Algemeen
2.2
_ Voorgenomen ontwikkeling
2.3
_ Aangrenzende bebouwingen en beplantingen
3.
Wettelijk kader .
4.
Methode
5;
Resultaten
6
Effecten, verplichtingen en aanbevelingen ….…
HO
.
neee sss
z
14 15
Pagina2 (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) E (geanonimise rd) e (geanonimiseerd) K
(geanonimiserd) |v
:
(geanonimiseerd) : (geanonimise rd) (geanonimiseerd) 72316144 D
1. Inleiding De geplande werkzaamheden betreffen het slopen van voormalige pluimveestallen en de bouw van een nieuwe woning op de kavel met kavelnummer: 1824. In- en nabij de bestaande te slopen bebouwingen en aangrenzende beplantingen kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen. In november 2021 is door BNL advies reeds een quickscan flora en fauna uitgevoerd
(21218.OFF, 22-11-2021, Ing. B
Quickscan flora en fauna Heufkesweg 33,
Meijel). Uit dit onderzoek blijkt het plangebied mogelijk onderdeel is van de functionele leefomgeving van de Huismus (Passer domesticus). Om de aanwezigheid van en het gebruik van het gebied door de Huismus aan te kunnen tonen, dan wel uit te kunnen sluiten, was aanvullend onderzoek nodig. BNL advies heeft opdracht gekregen om een aanvullend onderzoek uit te voeren naar de huismus op deze locatie en te adviseren omtrent de relevante natuurwetgeving en de te nemen maatregelen.
Pagina3 (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) N (geanonimiseerd) - KK EE
(geanonimiseerd) D (geanonimise rd) (geanonimiseerd) nr: 72316144 -
2. Gebiedsbeschrijving en voorgenomen plannen 2.1
Algemeen
Het plangebied is gelegen in het buitengebied van Meijel, in de gemeente Peel en Maas, liggende in de provincie Limburg (zie afbeelding 1). Het plangebied / onderzochte gronden betreffen een kavel met te slopen voormalige pluimveestallen, aangrenzende begroeiingen (bomen, heesters en kruidachtige begroeiingen) en een bestaande woning.
) Afbeelding
ISI
N
y
_J
,f
E
.
1: De projectlocatie ten noordoosten van Heerewaarden, is globaal weergegeven binnen de rode cirkel. Bron:
Kadviewer, datum: 08-06-2022
2.2
Voorgenomen ontwikkeling
De werkzaamheden betreffen het slopen van bestaande voormalige pluimveestallen en de bouw van een nieuwe woning op de kavel met kavelnummer: 1824. In- en nabij de bestaande te slopen bebouwingen en aangrenzende beplantingen kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen.
Pagina4 (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) (geanonimiseerd) E N - KK
nr: 72316144
(geanonimiseerd) (geDanonimise rd) (geanonimiseerd) D
E}
Afbeelding 2: De kavel met kavelnummer 1824 waarbinnen de ontwikkeling plaats gaan vinden, binnen de rode lijn. De Iocatie van de nieuwe woning is weergegeven binnen de paarse lijnen. Bron: Kadviewer, datum: 22-11-2021
Op kavel 1824 zijn voormalige pluimveestallen aanwezig welke gesloopt gaan worden (zie afbeelding 3 t/m 6). Gecontroleerd moet worden of in en nabij deze te slopen stallen mogelijke vaste- rust en verblijfplaatsen bevinden van beschermde soorten flora en fauna. Beoordeeld moet worden of deze soorten negatieve effecten ondervinden van de geplande ontwikkelingen.
Pagina5 (geanonimiseerd) - info@bnladv Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) . (geanonimiseerd) v E
r
‚nl - www.bnladvies.nl
(geanonimiseerd) (geanonimise rd) (geanonimiseerd) 72316144 -B
Afbeelding 3 t/m 6: De aanwezige te slopen stallen op de kavel. Bron: BNL advies, datum: 10-11-2021
2.3
Aangrenzende bebouwingen en beplantingen
Aangrenzend aan de te ontwikkelen kavel is een grote diversiteit aan beplantingen en bebouwingen aanwezig. Gecontroleerd moet worden of in / nabij deze bebouwingen en beplantingen mogelijke vaste- rust en verblijfplaatsen van beschermde soorten flora en fauna bevinden. Beoordeeld moet worden of aanwezige beschermde soorten in- en nabij de bestaande bebouwingen, negatieve effecten ondervinden van de geplande ontwikkelingen.
Afbeelding 7 en 8: De aanwezige aangrenzende beplantingen (bomen, heesters, hagen en kruidachtige begroeiing). Bron: BNL advies, datum: 10-11-2021
Paginaó (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) E (geanonimise rd) . (geanonimiseerd) K v E
:
(geanonimiseerd) (geanoni: mise rd) (geanonimiseerd) 72316144 D
3. Wettelijk kader In Nederland is de bescherming van belangrijke natuurwaarden vanaf 2017 wettelijk vastgelegd in de Wet natuurbescherming (Wnb). Het gaat hierbij zowel om bescherming van soorten als bescherming van gebieden. Onderzoek
in het kader van de Wet natuurbescherming
De provincies zijn sinds 1 januari 2017 verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet
natuurbescherming en dus ook voor ontheffingsaanvragen. Om een ontheffingsaanvraag in behandeling te nemen, dient het onderzoek aan goedgekeurde voorwaarden (0.a. ten aanzien van methode, intensiteit, periode, tijd tussen onderzoeksmomenten) te voldoen. Slechts als het onderzoek volgens deze voorwaarden uitgevoerd is, kan volgens de wetgever een goed onderbouwde uitspraak gedaan worden over; -
de aanwezigheid van beschermde soorten; de functie van een gebied of onderdelen binnen een gebied voor deze soorten; het belang van een gebied of onderdelen binnen een gebied voor aanwezige beschermde soorten;
-
deeffecten van plannen op deze soorten; de keuze voor te nemen (mitigerende- en/of compenserende) maatregelen.
De voorwaarden waaraan onderzoek moet voldoen, staan beschreven in de
kennisdocumenten die in opdracht van de wetgever door BI12 opgesteld zijn en de inventarisatieprotocollen van het Netwerk Groene Bureaus. Onderzoeken die niet volgens deze voorwaarden uitgevoerd zijn, kunnen volgens het bevoegd gezag geen basis en onderbouwing vormen van ontheffingsaanvragen en aanvragen zullen om die reden afgewezen worden. BNL advies werkt volgens bovengenoemde kennisdocumenten en inventarisatieprotocollen. Soortbescherming Voor dier- en plantensoorten zijn in de Wnb een aantal verbodsbepalingen opgenomen, waarvan vooral de artikelen 3.1, 3.5 en 3.10 belangrijk zijn in het kader van flora- en faunaonderzoek bij onder andere ruimtelijke ontwikkelingen (zie tabel 1). De verbodsbepalingen uit de artikelen gelden overal in Nederland, ongeacht het type of de
omvang van de werkzaamheden of activiteiten die uitgevoerd worden. De bepalingen uit de Wnb kunnen daarom van invloed zijn op ruimtelijke ingrepen, zoals het aanleggen van infrastructuur, het slopen en realiseren van bebouwing, het uitbreiden van industriegebieden en het kappen van bomen. Ook bij het opstellen of herzien van het aanvullend onderzoek huismus, Heufkesweg 33 Meijel, zijn de bepalingen uit de Wnb van belang. In het kader van het zorgvuldigheidsbeginsel en het voorzorgsbeginsel (Algemene Wet Bestuursrecht) dient bij het opstellen en herzien van bestemmingsplannen en bij (ruimtelijke) activiteiten een toetsing aan de Wnb plaats te vinden. Deze toetsing moet de volgende onderdelen bevatten: . Een inventarisatie van het voorkomen van wettelijk beschermde dier- en plantensoorten in het plangebied en binnen de invloedssfeer van de activiteit; . Een inventarisatie en beoordeling van (significant) nadelige effecten als gevolg van de activiteit, op beschermde soorten die binnen het plangebied en/of binnen de invloedssfeer van de activiteit aanwezig zijn; . Indien nodig een opname van maatregelen die de negatieve effecten op de beschermde soorten en hun leefgebieden mitigeren en/of compenseren. (geanonimiseerd) - info@bnlad Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) N (geanonimiseerd) - v E
www.bnladvies.nl
(geanonimiseerd) (geanon: imise rd) (geanonimiseerd) nr: 72316144 -
Pagina7
De Wnb kent drie categorieën van beschermde soorten die ook terug te vinden zijn in de artikelen met verbodsbepalingen: alle vogels uit de Europese Vogelrichtlijn (artikel 3.1), alle soorten die in de Europese Habitatrichtlijn vermeld worden (artikel 3.5) en “overige soorten” (artikel 3.10) die alleen op nationaal niveau beschermd worden. Provincies mogen afwijken van de lijst met “overige soorten” door vrijstelling te verlenen voor bepaalde soorten. Hierdoor kan deze lijst per provincie verschillen.
Artikelen 3.1, 3.5 en 3.10 Wet Natuurbescherming: Artikel 3.1 1. Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen. 2. Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen.
3.
Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en deze onder zich te hebben.
4. Artikel
Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen. 3.
1.
Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IVbij de Habitatrichtiijn, bijlage I! bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te van-
n
Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren.
gen. Het
is verboden
eieren
van
de
dieren
als bedoeld
in het eerste
lid in de natuur
opzettelijk te vernielen of te rapen.
4. 5.
Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen. Het is verboden planten van soorten, genoemd in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn of bijdrage ! bij het Verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen of af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. 1
1.
Hetis verboden:
a)
b) c)
In het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten genoemd in de bijlage, onderdeel A bij deze wet, opzettelijk te doden of te vangen; De vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in onderdeel a opzettelijk te beschadigen of te vernielen; Vaatplanten van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel B bij deze wet, n hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.
Tabel 1: artikelen 3.1, 3.5 en 3. 10 van de Wet natuurbescherming.
(geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) E (geanonimise rd) N (geanonimiseerd) K
v
(geanoni: mise rd) (geanonimiseerd) : 72316144 - (geanonimiseerd) D
Pagma8
Soorten Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn
Wanneer één of meerdere verbodsbepalingen uit artikel 3.1 en/of artikel 3.5 Wnb overtreden worden door de voorgenomen activiteit, dient een ontheffing aangevraagd te worden bij de provincie waarin de activiteit plaatsvindt. Een ontheffing voor het overtreden van verbodsbepalingen wordt voor soorten uit de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn alleen verleend wanneer voldaan wordt aan elk van de volgende voorwaarden:
* Er bestaat geen andere bevredigende oplossing; * Zij is nodig: a) In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid; of b) In het belang van een dwingende reden van groot openbaar belang; of c) In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer; * Er wordt geen afbreuk gedaan aan het streven de populaties van de betrokken soort in hun natuurlijke verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan.
Voor vogels kan echter geen beroep gedaan worden op belang b “dwingende reden van groot openbaar belang”. Wanneer overtreding van de verbodsbepalingen voorkomen kan worden door het treffen van mitigerende maatregelen, is het aanvragen van een ontheffing niet nodig. Bij de aanvraag van een ontheffing in het kader van de Wnb zijn een activiteitenplan en, in sommige gevallen, een compensatieplan noodzakelijk. Hierin staan de bevindingen uit de flora- en faunatoets vermeld en worden maatregelen beschreven die uitgevoerd zullen worden om ervoor te zorgen dat de nadelige effecten op beschermde plant- en diersoorten in en binnen de invloedssfeer van de activiteit zoveel mogelijk te voorkomen, dan wel te beperken of, in het geval van een compensatieplan, te compenseren. Overige soorten Voor de soorten uit deze categorie geldt een vrijstelling van de verbodsbepalingen uit artikel 3.10 mits een door het ministerie van EZ goedgekeurde gedragscode van toepassing is op de activiteit. Indien aantoonbaar gewerkt kan worden volgens een dergelijke
gedragscode, hoeft geen ontheffing aangevraagd te worden voor het overtreden van één of meerdere verbodsbepalingen uit artikel 3.10 van de Wnb. Indien er geen goedgekeurde gedragscode van toepassing is op de activiteit of het niet mogelijk is om volgens een dergelijke gedragscode te werken, dient bij overtreding van verbodsbepalingen wel een ontheffing aangevraagd te worden. De ontheffing kan voor deze soorten echter op grond van meer belangen verleend worden dan het geval is voor de Vogel- en Habitatrichtlijnsoorten. Zorgplicht
Tenslotte geldt voor alle plant- en diersoorten (ook de onbeschermde) de zorgplicht uit artikel 1.11 van de Wet Natuurbescherming. Deze houdt in dat mogelijke nadelige gevolgen voor planten en dieren, voor zover redelijk, zoveel mogelijk vermeden moeten worden.
Pagina9 (geanonimiseerd) - info@bnlad Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) . (geanonimiseerd) KE
k
www.bnladvies.nl
(geanonimiseerd) (geanoni: mise rd) (geanonimiseerd) nr: 72316144 -
Gebiedsbescherming Bescherming van natuurgebieden en hun bijzondere natuurwaarden vindt onder de Wet Natuurbescherming plaats via Europese Natura 2000 -gebieden. De Wet Natuurbescherming regelt de bescherming van specifieke natuurwaarden in gebieden die in het kader van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn aangewezen en/of aangemeld zijn als speciale beschermingszone (Natura 2000-gebieden). Voor deze beschermde gebieden zijn aanwijzingsbesluiten opgesteld waarin beschreven staat voor welke (natuurlijke) habitats en dier- en plantensoorten het gebied aangewezen is. Voor deze kwalificerende waarden zijn instandhoudingsdoelen opgesteld. Projecten, plannen en andere handelingen die
nadelige effecten hebben op één of meerdere instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied, zijn vergunningplichtig of moeten de goedkeuring, een “bestuurlijk oordeel”, van het bevoegd gezag hebben (in veel gevallen zijn dit Gedeputeerde Staten en in andere gevallen is dit de minister van Economische Zaken). Zij oordelen dan dat een vergunning niet nodig is. Of deze goedkeuring wordt gegeven, is afhankelijk van de uitkomst van de zogenaamde habitattoets.
Uit de habitattoets kunnen drie mogelijkheden volgen: * Er is zeker geen nadelig effect. In dit geval is er geen vergunning nodig in het kader van de Wet natuurbescherming; * Er is sprake van een nadelig effect in de vorm van verstoring, maar dit is niet significant en er is geen sprake van verslechtering van aangewezen habitats. Hieruit volgt dat een vergunningaanvraag niet aan de orde is. Wel is een bestuurlijk oordeel van het bevoegd gezag nodig; Aanvullend onderzoek Huismus Veluwe 2, Heerewaarden * Er is sprake van een mogelijk significant nadelig effect in de vorm van verstoring en/of er is sprake van verslechtering van aangewezen habitats. In dit geval dient een passende beoordeling opgesteld te worden en is een vergunning nodig. Een ‘passende beoordeling’ is een rapport waarin (de zo exact mogelijke omvang van) de effecten, afzonderlijk of in combinatie met andere activiteiten, van een plan, project of handeling op een Natura 2000-gebied beschreven staan. Deze nadelige effecten worden in relatie tot de instandhoudingsdoelen bepaald. Indien uit de passende beoordeling volgt dat er significant nadelige gevolgen op zullen treden, moeten de plannen getoetst worden aan de zogenaamde ADC-criteria; 1. Zijn er Alternatieven? 2. Is er sprake van een Dwingende reden van groot openbaar belang? 3.
Zijn er Compenserende maatregelen voorzien? Wanneer er een alternatief bestaat voor de voorgenomen plannen dat niet tot significant nadelige effecten op instandhoudingsdoelstellingen leidt, moet dit alternatief gekozen worden. De ecologische belangen hebben in dit geval voorrang op economische belangen. Wanneer er geen alternatieven voorhanden zijn, er sprake is van een dwingende reden van groot openbaar belang en/of er voldoende compenserende maatregelen getroffen worden, kan vergunning voor de voorgenomen plannen verleend worden. Natuurnetwerk Nederland (NNN) Het Natuurnetwerk Nederland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur) is een Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing en de ontwikkeling van dit natuurnetwerk. De bescherming van het natuurnetwerk is opgenomen in de Verordening Ruimte van de desbetreffende provincie en valt hiermee buiten de Wet Natuurbescherming. (geanonimiseerd) - info@bnlad Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) N (geanonimiseerd) E
v
r
www.bnladvies.nl
(geanonimiseerd) (geanon: imise rd) (geanonimiseerd) 72316144 N
0Pagina1
Natuurwaarden van het NNN worden afgemeten aan doelsoorten. Het is belangrijk dat verlies van en winst aan belangrijke natuurwaarden hieraan worden afgemeten. Ruimtelijke ingrepen moeten vooraf worden getoetst op hun effect op het areaal, de samenhang en de kwaliteit van het NNN. Ingrepen die geen significant negatief effect op wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN hebben, kunnen in principe doorgang vinden. Als echter het tegenovergestelde geldt, hangt doorgang van de plannen onder meer af van het belang van de plannen en van de mogelijkheden voor mitigatie en compensatie. Hierbij geldt het 'Nee, tenzij-regime’. Per saldo dient de kwaliteit en/of kwantiteit van het NNN te verbeteren. Waar Natura 2000 -gebieden met het NNN overlappen, blijft ook het NNN-regime gelden.
P1agina1 (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) N (geanonimiseerd) - k E
:
(geanonimiseerd) (geanoni:mise rd) (geanonimiseerd) 72316144 D
4. Methode Huismus
In het kader van de Wet natuurbescherming is er aanvullend onderzoek uitgevoerd naar de aan- of afwezigheid van de Huismus (Passer domesticus) en het gebruik van het plangebied als functionele leefomgeving door de Huismus. In totaal zijn er twee bezoeken uitgevoerd (zie tabel 2).
Het aanvullende onderzoek naar de Huismus is uitgevoerd volgens het protocol van BIJ12 en bestond uit twee inventarisaties in de periode 1 april tot en met 15 mei. Dit protocol stelt dat er tenminste twee inventarisatiemomenten nodig zijn om de functie het plangebied voor de Huismus zo goed mogelijk te inventariseren. Tussen de inventarisaties moeten tenminste 10 dagen zitten. Nader onderzoek huimus (Passer domestica)
12-4-2022[R.J.L
Bijvelds|Heufkesweg33, Meijel |7-9 graden celcius_|[Geen
22-4-2022[R.J.L
Bijvelds|Heufkesweg 33, Meijel [8-10 graden celcius
NO2
[Licht bowolkt[N 2
815 uur
|1015 uur
[g00uur [10.00 uur
Tabel 2: Data en weersomstandigheden onderzoek Huismus (Passer domestica)
De temperatuur, bewolking en windkracht zijn door de medewerker in het veld gemeten of ingeschat. Tijdens de twee veldbezoeken zijn het plangebied en de omliggende bebouwingen/ beplantingen geïnventariseerd op de aanwezigheid van de huismus en het gebruik van het plangebied door de huismus. Hierbij is gelet of er nesten van de huismus in het plangebied aanwezig zijn en/of huismussen het plangebied gebruiken als functionele leefomgeving.
Afbeelding 9 en 10: nesten achter vogelschroot door kapotte dakpannen op de woning. Bron: BNL advies. (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) . (geanonimiseerd) v E
:
(geanonimiseerd) (geanon: imise rd) (geanonimiseerd) 72316144 -
2Pagina1
5. Resultaten Huismus
Tijdens de twee inventarisaties zijn er diverse huismussen (man en vrouw), huismussennesten/ nestlocaties waargenomen binnen het plangebied. De nesten/ nestlocaties zijn aangetroffen onder het dak van de woning (zie afbeelding 7 t/m 10) en onder het dak van de meest noordelijke stal (zie afbeelding 11). Onder de daken van de overige stallen zijn geen nesten/ nestlocaties aangetroffen. /
/ 4 huismusnesten
onder dak
woning
2 huismusnesten
onder dak stal
Afbeelding 11: Aanwezige huismusnesten onder dak woning en meest noordelijke stal.
In totaal zijn drie nesten/ nestlocaties tijdens het veldbezoek op 11 april en drie nieuwe nesten/ nestlocaties op 22 april aangetroffen. In totaal zijn dus zes nesten/ nestlocaties binnen het plangebied aanwezig, waarvan er twee gaan verdwijnen door de geplande ontwikkeling.
Tijdens de inventarisatiemomenten zijn er ook huismussen waargenomen ten zuiden en noordwesten van het plangebied op daken van woningen op de buurkavels. De huismussen welke rondom de stallen aanwezig waren gedurende het nader onderzoek, vlogen ook met enige regelmaat over van stallen naar woningen op buurkavels waar ze hun nesten hebben. Naar alle waarschijnlijkheid kwamen de huismussen foerageren op overgebleven voer van de kippen welke ooit in deze stallen gehouden werden.
3Pagina1 (geanonimiseerd) - info@bnlad Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) N (geanonimiseerd) E
v
:
www.bnladvies.nl
(geanonimiseerd) (geanon: imise rd) (geanonimiseerd) 72316144 E
6. Effecten, verplichtingen en aanbevelingen Huismus
Het plangebied wordt door de Huismus gebruikt als functionele leefomgeving. Deze huismussen gebruiken het plangebied om te foerageren, te nestelen en als schuilplek. In de woning binnen het plangebied zijn vier nestlocaties / nesten van de Huismus aanwezig. Als er bebouwingen binnen het plangebied gesloopt gaan worden, dan gaat er functionele leefomgeving in de vorm van nestlocaties van de huismus verloren. Het kennisdocument huismus schrijft voor dat: Voor elke nestplaats die aangetast of verwijderd worden minimaal twee nieuwe nestplaatsen aangeboden. Dit in de vorm van bijvoorbeeld vogeldakpannen, gierzwaluwpannen/stenen, huiszwaluwnestkommen, nestkasten, neststenen, mussenpotten, dakvoetsystemen of vergelijkbare voorzieningen of door het maken van toegangen in gebouwen tussen dakbedekking en isolatielaag of het verwijderen van aanwezig vogelschroot.
In deze situatie betekend het dat er minimaal 12 nieuwe nestlocaties aangeboden dienen te worden binnen een straal van 200 meter van de te verwijderen nesten. Gezien het aanwezige vogelschroot onder het dak van de woning, is het logisch om deze te verwijderen / hoger te plaatsen onder de 3° rij dakpannen, om het complete dak van de woning geschikt te maken voor de huismus. Nu kunnen ze op 4 plaatsen onder het dak komen doordat het vogelschroot niet goed aansluit/ aangebracht is. De extra maatregelen welke nodig zijn ten behoeve van de huismus, worden beschreven in het mitigatie-/ compensatieplan en er dient een ontheffing Wet natuurbescherming aangevraagd te worden m.b.t. het vernietigen van vaste rust- en verblijfplaatsen van de huismus.
Zorgplicht Tenslotte geldt voor alle plant- en diersoorten (ook de onbeschermde) de zorgplicht. Deze houdt in dat mogelijke nadelige gevolgen voor planten en dieren zoveel mogelijk vermeden moeten worden. Manieren om aan de zorgplicht te voldoen zijn onder andere: . Er wordt gelegenheid gegeven aan grondgebonden zoogdieren, die tijdens de werkzaamheden worden gevonden, te vluchten of zich te verplaatsen naar een schuilplaats buiten het bereik van de werkzaamheden. Dit gebeurt door onder andere vegetatie of bodemmateriaal (takken, stronken, steenhopen) gefaseerd te verwijderen; . in verband met verstoring van aanwezige dieren worden de werkzaamheden zoveel mogelijk overdag uitgevoerd en buiten de meest kwetsbare periode;
P4agina1 (geanonimiseerd) - info@bnlad Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) (geanonimise rd) . (geanonimiseerd) EE
K\
www.bnladvies.nl
(geanonimiseerd) (geanon: imise rd) (geanonimiseerd) nr: 72316144 -
Bronvermelding. -
Kennisdocument Huismus BIJ12. https: / /www.bij12.nl/assets/BIJ12-2017-009Kennisdocument-Huismus-1.0.pdf
-
Stichting de Witte Mus. http: //www.stichtingwittemus.nl/
- _ Wet natuurbescherming. https://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarischondernemen/beschermde-planten-dieren-en-natuur/wet-natuurbescherming
5Pagina1 (geanonimiseerd) - info@bnladvies.nl - www.bnladvies.nl Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst - B (geanonimiseerd) E (geanonimise rd) e (geanonimiseerd) (geanonimise rd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiserd) K nr: 72316144 EE B :