2023-095 04 Overzicht - Wijzigingen Legesverordening 2024
Tekst van het document
Overzicht wijzigingen Legesverordening 2024 1.0 Inleiding Als gevolg van de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (hierna Wkb) per 1-1-2024 is de Legesverordening en met name hoofdstuk 2 van de tarieventabel op veel onderdelen gewijzigd. In voorliggende bijlage worden deze en alle andere wijzigingen aangaande de Legesverordening Peel en Maas 2024 en de bijbehorende tarieventabel nader toegelicht. 2.0 Wijzigingen Legesverordening Peel en Maas 2024 Allereerst worden hieronder worden de wijzigingen uit de Legesverordening nader toegelicht. Aanhef In de aanhef is artikel 13.1a van de Omgevingswet toegevoegd als grondslag voor de legesheffing. Artikel 13.1a van de Omgevingswet bepaalt dat gemeenten rechten kunnen heffen voor het in behandeling nemen van aanvragen om een omgevingsvergunning, wijzigen van voorschriften van een omgevingsvergunning of intrekking van een omgevingsvergunning. Artikel 4 Vrijstellingen De vrijstelling die verband houdt met kostenverhaal via grondexploitatie (afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is aangepast. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt de Wro ingetrokken. Afdeling 13.6 van de Omgevingswet kent een vergelijkbare regeling over kostenverhaal bij bouwactiviteiten en activiteiten vanwege gebruikswijzigingen.
Artikel 5 Heffingsmaatstaven en tarieven Door het vervallen van de Crisis- en herstelwet vervalt het tweede lid en is het derde lid vernummerd tot tweede lid. 3.0 Wijzigingen hoofdstukken 1 en 3 tarieventabel Hieronder volgt een opsomming van de voorgestelde wijzigingen ten aanzien van de hoofdstukken 1 en 3 van de tarieventabel. Deze betreffen ‘reguliere’ wijzigingen die losstaan van de invoering van de Omgevingswet en Wkb. In hoofdstuk 1 en 3 van de tarieventabel van de legesverordening zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: 1. Conform de uitgangspunten van de begroting 2024 zijn alle tarieven, behoudens onderstaande uitzonderingen, verhoogd met 2% 2. De tarieven in de artikelen 1.10 t/m 1.12 aangaande paspoorten, identiteitsbewijzen en rijbewijzen zijn met 5% geïndexeerd als een gevolg van de rijksleges die met 7,7% zijn toegenomen. Hiermee wordt een groot deel van de indexatie van de rijksleges aan de inwoner doorberekend. 3. De leges voor de registratie in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) (1.36) zijn meer dan trendmatig verhoogd omdat de GGD, die namens de gemeente toezicht op de kwaliteit van de kinderopvang uitvoert, hogere uitvoeringskosten doorberekend. De tariefstelling en – omschrijving is overeenkomstig de gemaakte regionale afspraak om te komen tot een uniform legesbeleid. 4.
Enkele tarieven zijn gehandhaafd omdat hiervoor externe richtlijnen gelden hetzij dit om juridische c.q. uitvoeringstechnische redenen gewenst is. Het betreft de leges voor: - het annuleren van een huwelijk (art.1.7); - het verstrekken van gegevens uit de Basisregistratie personen (artikel 1.15); - het schriftelijk verstrekken van gegevens op grond van artikel 17, lid 2 van het Besluit basisregistratie personen (art.1.17) omdat hiervoor een maximum tarief is vastgesteld; - fotokopieën (art. 1.19.a); - aanvragen verklaring omtrent gedrag (art. 1.25.a) en - een aanwezigheidsvergunning voor kansspelautomaten (art. 1.31.a t/m 1.31.b).
4.0 Wijzigingen Legesverordening en hoofdstuk 2 tarieventabel als gevolg van inwerkingtreding Omgevingswet en Wkb In de ‘Legesverordening Peel en Maas 2024’ en het hoofdstuk 2 van de bijbehorende tarieventabel zijn de wijzigingen die voortkomen uit de invoering van de Omgevingswet en de Wkb verwerkt. 4.1 Wijzigingen Omgevingswet en Wkb op hoofdlijnen Zowel de Omgevingswet als de Wkb hebben gevolgen voor de legesheffing op gebied van onze dienstverlening in de fysieke leefomgeving. De Omgevingswet leidt ertoe dat er minder vergunningsplichtige activiteiten zijn door een beperkte verruiming van vergunningsvrije bouwwerken. Hier staat tegenover dat de Omgevingswet de mogelijkheid biedt om leges te vragen voor een aantal nieuwe activiteiten waaronder de milieubelastende activiteiten. De inwerkingtreding van de Wkb heeft tot gevolg dat de bouwtechnische toets voor relatief eenvoudige bouwwerken (in de zogenaamde gevolgklasse 1) niet langer bij de gemeente maar bij private kwaliteitsborgers wordt gelegd. Voor deze omgevingsvergunningen kunnen alleen nog leges gevraagd worden voor de ruimtelijke toets die bij de gemeente achterblijft.
4.2 Gehanteerde uitgangspunten bij opstellen nieuwe legesverordening Bij het opstellen van de nieuwe legesverordening zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Het algemene uitgangspunt is dat de kosten die wij maken voor onze dienstverlening (deels) doorberekenen aan de aanvrager van die dienst (“de aanvrager betaalt”). De geleverde prestatie komt immers in hoofdzaak die specifieke aanvrager ten goede. • Voor de bestaande activiteiten of activiteiten die een grote gelijkenis hebben met een bestaande activiteit wordt in het kader van een beleidneutrale omzetting gekozen voor een technische conversie waarbij hetzelfde tarief (inclusief indexatie) wordt gehanteerd als in de huidige Legesverordening Peel en Maas 2023. • Aansluitend bij geuite gedachten in de regio worden leges geheven voor milieubelastende activiteiten. • Voor alle nieuwe activiteiten (inclusief de ruimtelijke toets) wordt het tarief bepaald door uit te gaan van een kostendekkendheidspercentage van 50%.
Er is voor 50% gekozen omdat dit percentage qua kostendekkendheid het beste aansluit bij het kostendekkendheidsniveau van de bestaande activiteiten die onder de Omgevingswet terugkomen 4.3 Uitgangspunt beleidsneutrale omzetting bij bestaande activiteiten Hoewel er door de inwerkingtreding van de Wkb en Omgevingswet de nodige zaken veranderen blijven voor de legesheffing op gebied van de fysieke leefomgeving ook veel zaken nagenoeg ongewijzigd. In sommige van deze gevallen wijzigt weliswaar de wettelijk grondslag maar blijft de activiteit en het onderliggende werkproces (inclusief bijbehorende tijdsbesteding) in grote lijnen hetzelfde. Voor deze activiteiten is als uitgangpunt genomen om voor een beleidneutrale omzetting te kiezen waarbij de huidige tarieven uit de Legesverordening 2023 (inclusief 2% indexatie) worden gehanteerd. Het gaat hierbij om de volgende legesartikelen: Nieuw Artikel 2.4 Artikel 2.6.b Artikel 2.6.c Artikel 2.6.1 Artikel 2.7 Artikel 2.8 Artikel 2.9 Artikel 2.10 Artikel 2.28 Artikel 2.30 Artikel 2.34 Artikel 2.45 Artikel 2.50.1.a Artikel 2.51.a Artikel 2.52 t/m 2.63
Onderwerp Beoordelen nieuw initiatief Toets wijzigingsbevoegdheid/uitwerkingsplicht Buitenplanse omgevingsplanactiviteit Buitenplanse omgevingsplanactiviteit huisvesting arbeidsmigranten Slopen van een bouwwerk Monumenten Rijksmonumentenactiviteiten Beschermd stads- of dorpsgezicht Aanlegactiviteiten Kapvergunning Andere activiteiten Wijzigen van het omgevingsplan Advies gemeenteraad Instemming Artikelen verminderingen en teruggaaf
Bestaand 2.7.1 2.3.3.1 2.3.3.3 2.3.3.5 2.3.6 2.3.5 2.3.5 2.3.5 2.3.2 2.3.9 2.8.1 2.7.3 2.3.14.1 2.3.14.2 2.4.1 t/m 2.5.5
4.4 Wijzigingen als gevolg van de inwerkingtreding Wkb Door de inwerkingtreding van de Wkb wordt de bouwtechnische toets voor relatief eenvoudige bouwwerken (gevolgklasse 1) niet langer bij de gemeente maar bij private kwaliteitsborgers belegd. Het eerste jaar zal de Wkb alleen nog voor nieuwbouw gelden en naar verwachting vanaf 1 januari 2025 ook voor verbouw. Binnen drie jaar evalueert de minister van BZK het functioneren van het stelsel voor gevolgklasse 1. Aan de hand van die evaluatie bepaalt de minister in hoeverre en wanneer het stelsel wordt uitgebreid naar hogere gevolgklassen. Een analyse van de omgevingsvergunningen voor het bouwen over de afgelopen 1,5 jaar heeft geleerd dat 90% van deze omgevingvergunningen in Peel en Maas onder gevolgklasse 1 valt, waarvan circa 50% betrekking heeft op nieuwbouw. Hierdoor hoeft naar verwachting vanaf 1 januari 2024 nog maar voor 55% van de omgevingsvergunningen een bouwtechnische toets (door de gemeente) uitgevoerd te worden en zal dit percentage vanaf 1 januari 2025 verder teruglopen wanneer alleen de bouwtechnische toets voor de gevolgklassen 2 en 3 overblijft.
Deze laatste categorie gevolgklassen betreffen evenwel de meer complexe bouwwerken die een meer dan gemiddelde ambtelijke inzet vergen en ook leiden tot gemiddeld hogere legesopbrengsten aangezien de gebruikersoppervlakten van deze bouwwerken doorgaans hoger liggen dan bij de bouwwerken die onder gevolgklasse 1 vallen. Behalve de bouwtechnische toets maakt ook de ruimtelijke toets onderdeel uit van de omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten. Deze ruimtelijke toets blijft voor alle vergunningsplichtige bouwactivteiten gelden (dus ook gevolgklasse 1) en wordt straks als een gevolg van de Wkb als een afzonderlijke dienst aangeboden. Hierdoor ontstaan er 2 verschillende routes. Voor de bouwactiviteit die onder gevolgklasse 2 of 3 valt, verandert er niets behalve dat de leges voor de omgevingsvergunning in 2 afzonderlijke activiteiten worden opgeknipt. Voor de bouwwerken die onder gevolgklasse 1 vallen, is de aanvrager voor het bouwtechnische deel straks (nieuwbouw vanaf 1-12024 en verbouw vanaf 1-1-2025) aangewezen op een private kwaliteitsborger maar blijft de gemeente bevoegd gezag voor de ruimtelijke toets.
Hierdoor zullen de huidige tarieven voor de omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten opgesplitst moeten worden in een bouwtechnisch en ruimtelijk deel waarbij vanuit de gedachte van de beleidsneutrale omzetting de aanvrager voor een vergunning onder gevolgklasse 2 en 3 of verbouw gevolgklasse 1 in de nieuwe situatie gemiddeld genomen evenveel betaalt als in de huidige situatie. Om dit te bewerkstelligen zijn de tarieven voor de bouwtechnische toets naar beneden bijgesteld ten opzichte van de huidige bouwtarieven (waar het ruimtelijke deel nog in zit). Het tarief voor het ruimtelijke deel betreft een vast bedrag en is berekend op basis van 50% kostendekkendheid. Nieuw Artikel 2.5 Artikel 2.6
Onderwerp Bouwactiviteit (bouwtechnisch deel) Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijk deel)
Bestaand 2.3.1 2.3.1
4.5 Nieuwe activiteiten vanuit de Omgevingswet De Omgevingswet biedt de mogelijkheid om leges te heffen voor een aantal nieuwe activiteiten. Deze activiteiten worden hieronder kort toegelicht. -
Milieubelastende activiteiten
Het heffen van leges voor milieubelastende activiteiten is een nieuwe mogelijkheid. Onder het regime van de Wabo was het niet mogelijk om leges te heffen voor een aanvraag om een omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM) en voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor milieu-inrichtingen. Onder de Omgevingswet is legesheffing wel mogelijk. -
Maatwerkvoorschriften
De basis voor het stellen van maatwerkvoorschriften staat in artikel 4.5 Omgevingswet. Met een maatwerkvoorschrift kan het bevoegd gezag voor concrete gevallen afwijken van algemene regels voor een activiteit. Het stellen van maatwerkvoorschriften kan uitsluitend als dat in het omgevingsplan, de (provinciale) omgevingsverordening, de waterschapsverordening of de rijksregels is bepaald -
Gelijkwaardige maatregel
Het toepassen van gelijkwaardige maatregelen is geregeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet. Het gaat om een maatregel waarmee ten minste hetzelfde resultaat wordt bereikt als met de algemene regel. Voor zowel de decentrale algemene regels als de rijksregels bepaalt de wet dat het gebruik van gelijkwaardige maatregelen mogelijk is, tenzij dat in de algemene regels is uitgesloten. De initiatiefnemer moet de gelijkwaardigheid van een maatregel aantonen. Uitgangspunt is dat het bevoegd gezag de gelijkwaardigheid voorafgaand aan de toepassing van een alternatief toetst, uitmondend in een beschikking. -
Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit
Artikel 10.23, tweede lid, Omgevingswet bepaalt dat als de in de omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit die betrekking heeft op een tijdelijk bouwwerk bepaalde termijn korter is dan vijftien jaar, deze termijn kan worden verlengd tot ten hoogste vijftien jaar. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag daartoe, is een tariefbepaling opgenomen. -
Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning
Artikel 13.1a Omgevingswet noemt het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning als (belastbaar) feit waarvoor rechten (leges) kunnen worden geheven. -
Beoordeling onderzoeksrapporten
Het kan voorkomen dat een gemeente een onderzoeksrapport moet beoordelen zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit (bijvoorbeeld besluit tot het stellen van een maatwerkvoorschrift). Voor deze gevallen kan een tariefstelling opgenomen worden. Op basis van het gehanteerde uitgangspunt ‘de aanvrager betaalt’ zijn voor al deze activiteiten tariefstellingen opgenomen in de tarieventabel waarbij is uitgegaan van 50% kostendekkendheid. Nieuw Artikel 2.12 t/m 2.20 Artikel 2.35 t/m 2.37 Artikel 2.38 Artikel 2.39 Artikel 2.41 Artikel 2.44
Onderwerp Milieubelastende activiteiten Maatwerkvoorschriften Gelijkwaardige maatregel Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning Beoordeling onderzoeksrapporten
Bestaand -
4.6 Overige wijzigingen hoofdstuk 2 tarieventabel Tot slot zijn er naast de wijzigingen die de inwerkingtreding van de Omgevingswet en Wkb met zich meebrengen nog enkele andere activiteiten op het gebied van de fysieke leefomgeving waar leges voor geheven kunnen worden waar dit tot dusver niet is gedaan hebben maar waar in het kader van ‘de aanvrager betaalt’ wordt voorgesteld om dit vanaf nu wel te doen. Deze activiteiten worden hieronder kort toegelicht. -
Toeslag voor beoordeling bodemgevoelige locatie
Dit artikel omvat een tariefverhoging ingeval moet worden beoordeeld of de bouwactiviteit plaatsvindt op een bodemgevoelige locatie. In uitzonderlijke gevallen kan het nodig zijn om te beoordelen of bouwen wel verantwoord is en zo ja welke maatregelen of voorzieningen hiervoor noodzakelijk zijn.
-
Beoordeling aanvullende gegevens
Dit artikel biedt de mogelijkheid leges te heffen ingeval de aanvrager tijdens de behandeling van een aanvraag om een omgevingsvergunning met aanvullende gegevens komt, die weer extra werkzaamheden met zich meebrengen. Wordt in een lopend vergunningtraject op onderdelen afgeweken van de oorspronkelijke aanvraag dan zou dit nog meegenomen kunnen worden in de definitieve besluitvorming maar brengt dit extra werkzaamheden met zich mee. -
Advies gemeentelijke adviescommissie (bij 2e advies)
Op dit moment is het uitgangspunt dat iedereen voor een advies bij de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit (ARK) moet kunnen komen zonder extra kosten. Dit principe willen we ook voor de nieuwe gemeentelijke adviescommissie overeind houden. Wel wordt voorgesteld om ingeval van een 2e advies van de adviescommissie leges te vragen. Op deze manier worden aanvragers aangespoord om zich maximaal in te spannen om bij de eerste zitting al volledig aan de informatiebehoefte van de commissie te voldoen zodat een vervolgsessie niet nodig is. Op basis van het gehanteerde uitgangspunt ‘de aanvrager betaalt’ zijn voor al deze activiteiten tariefstellingen opgenomen in de tarieventabel waarbij is uitgegaan van 50% kostendekkendheid. Nieuw Artikel 2.6.a.1 Artikel 2.43 Artikel 2.50.1.b
Onderwerp Toeslag voor beoordeling bodemgevoelige locatie Beoordeling aanvullende gegevens Advies gemeentelijke adviescommissie (bij 2e advies)
Bestaand -
5.0 Kostendekkendheid Voor de berekening van de kostendekkendheid zijn zowel aan de kostenkant (uurtarieven inclusief overhead) als aan de opbrengstenkant de tarieven geïndexeerd conform de uitgangspunten van de begroting 2024. Daarnaast zijn bij alle activiteiten uit de hoofdstukken 1 t/m 3 de inschattingen qua aantallen en tijdsbesteding opnieuw tegen het licht gehouden en geactualiseerd. Voor de nieuwe activiteiten uit hoofdstuk 2 kan hierbij minder gebouwd worden op historische data waardoor deze een grotere onzekerheid kennen. De conclusie van de actualisatie is dat de hoofdstukken en paragrafen voldoen aan de juridische kostendekkingsvereisten. Deze houden in dat op hoofdstukniveau het kostendekkendheidspercentage beneden de 100% moet blijven. Op onderliggend paragraaf- en artikelniveau is overschrijding van 100% wel toegestaan mits het gemiddelde per hoofdstuk maar onder de 100% kostendekkendheid blijft. Hoofdstuk Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Totaal
Omschrijving Algemene dienstverlening Dienstverlening en besluiten in kader van de Omgevingswet Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn
Dekkingspercentage 73,96 52,92 42,44 61,79
De (gemiddelde) kostendekkendheid van de leges bedraagt voor 2024 61,79%. Dit was in 2023 64,69%. Als gevolg van de inwerkingtreding Omgevingswet en Wkb is na één jaar na invoering een evaluatie gepland waarbij behalve hoofdstuk 2 ook de tariferingen en kostendekkendheid van de hoofdstukken 1 en 3 opnieuw tegen het licht gehouden gaan worden.