2023-018 06 Bijlage 3 - Toelichting Verkennend bodemonderzoek.pdf
Tekst van het document
VERKENNEND BODEMONDERZOEK (ASBEST) Horsten 15 Baarlo kenmerk HMB B.V.: 21236002A
VERKENNEND BODEMONDERZOEK (ASBEST) Horsten 15 Baarlo
kenmerk HMB B.V.: 21236002A
opdrachtgever:
Pijnenburg agrarisch advies & onroerend goed te Horst
datum rapport:
3 juni 2021
kenmerk:
21236002A
status:
Definitief
uitgevoerd door:
HMB B.V.
projectleider: rapporteur: autorisatie:
HMB B.V. | Voltaweg 8 | 5993 SE Maasbree | 077-4652808 | info@hmbgroep.nl | www.hmbgroep.nl
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING ....................................................................................................... 4 1
INLEIDING ......................................................................................................... 6
2
Onderzoeksopzet ................................................................................................. 7
3
VELDONDERZOEK ................................................................................................ 9 3.1 Uitvoering .................................................................................................. 9 3.2 Resultaten ................................................................................................. 9
4
LABORATORIUMONDERZOEK .............................................................................. 10 4.1 Uitvoering ................................................................................................ 10 4.2 Analyseresultaten ..................................................................................... 10
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ....................................................................... 12 5.1 Conclusies ............................................................................................... 12 5.2 Aanbevelingen .......................................................................................... 12
BIJLAGEN 1 | Vooronderzoek (HMB B.V., kenmerk: 21236001H, 20 april 2021) 2 | Boorprofielen met legenda en verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk 3 | Analysecertificaten 4 | Toetsing analyseresultaten 5 | Achtergrondinformatie 6 | Uittreksel kadastrale kaart en situatietekening
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
SAMENVATTING1 In mei 2021 is een verkennend bodemonderzoek (asbest) uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich aan Horsten 15 te Baarlo. Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de aanvraag van een omgevingsvergunning. In tabel 1 zijn de uitvoering en de resultaten van het onderzoek schematisch weergegeven. Tabel 1
Onderzoeksopzet, resultaten voor- en bodemonderzoek
Onderzoeksopzet Werkwijze vooronderzoek
Reeds in 2021 uitgevoerd
Strategie bodemonderzoek
NEN 5707 en NEN 5740, verdachte locatie
Vooronderzoek Oppervlakte onderzoekslocatie
Circa 9.000 m²
Gebruik locatie
Tuinderskassen en containerveld
Bijzonderheden
Op basis van het eerder uitgevoerde historisch onderzoek is de bovengrond ter plaatse van het buitenterrein en de tuinbouwkas verdacht op het voorkomen van verontreiniging met (organochloor)bestrijdingsmiddelen. Tevens zijn (oude) tuinderskassen verdacht op het voorkomen van asbest.
Bodemonderzoek Bodemopbouw tot 2,0 m-mv
Zand matig met plaatselijk leem
Bijmengingen of bijzonderheden
Geen bijzonderheden of bijmengingen
Eindconclusie Deellocatie A Tuinderskas (asbest) Tijdens de graafwerkzaamheden is het uitkomende materiaal beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Ter plaatse van de proefgaten B1 t/m B10 is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetroffen. In de bovengrond van de proefgaten B11 t/m B14 is asbest aangetroffen. Het gewogen gehalten is boven het detectielimiet echter blijft ruimschoots onder de norm voor nader onderzoek en/of de interventiewaarde. Deellocatie B Containerveld en tuinderskas (bestrijdingsmiddelen) Geconcludeerd wordt dat de hypothese ‘verdachte locatie’ voor de onderzoekslocatie stand houdt. In de grond zijn lichte verontreinigingen met zware metalen en OCB’s aangetroffen. De lichte verontreinigingen in de grond zijn vermoedelijke te relateren aan de (voormalige) bedrijfsmatige activiteiten. Indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit wordt de grond beoordeeld als kwaliteitsklasse ‘niet toepasbaar’ of ‘industrie’. Indien grond wordt ontgraven ter plaatse van de tuinderskas, mag deze niet worden toegepast buiten onderhavige onderzoekslocatie.
1
Voor een juiste interpretatie van de uitvoering en resultaten van het onderzoek dient de gehele rapportage te worden gelezen
21236002A | Horsten 15 Baarlo
4
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
Deellocatie C: Olietank (minerale olie) Geconcludeerd wordt dat de hypothese “verdachte locatie” voor de bovengrondse olietank geen stand houdt. In de grond zijn geen verhoogde gehalten minerale olie, vluchtige aromatische koolwaterstoffen (BTEX) en naftaleen aangetoond in verhoogde gehalten boven de achtergrond- / streefwaarden. Slotconclusie De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen directe belemmeringen of beperkingen voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. Aanbevelingen De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om nader bodemonderzoek te adviseren. Het onderzoek is onder Kwalibo (een onderdeel van het Besluit bodemkwaliteit) uitgevoerd. Het betreft echter geen partijkeuring. Bij afvoer van grond of verhardingsmaterialen van de locatie kan er sprake zijn van verwerkingskosten. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van de af te voeren partij verlangd worden.
21236002A | Horsten 15 Baarlo
5
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
1
INLEIDING
In opdracht van Pijnenburg agrarisch advies & onroerend goed te Horst is door HMB B.V. in mei 2021 een verkennend bodemonderzoek (asbest) uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich aan Horsten 15 te Baarlo. Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de aanvraag van een omgevingsvergunning. Normering en verantwoording In 2021 is een vooronderzoek (HMB B.V., kenmerk: 21236001H, 20 april 2021) uitgevoerd volgens de NEN 57252 dat als basis heeft gediend voor het voorliggend verkennend bodemonderzoek. Het verkennend bodemonderzoek (asbest) is gebaseerd op de NEN 57073 en de NEN 57404. Doelstelling Het doel van het verkennend bodemonderzoek (asbest) is het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit. Een nadere uitwerking van deze doelstelling is omschreven in hoofdstuk 2. Indeling rapport In de rapportage worden de wijze van uitvoering en de resultaten van het onderzoek besproken. Op de volgende pagina’s geven wij de resultaten van het vooronderzoek en het veld- en laboratoriumonderzoek weer. Het rapport sluit af met conclusies en aanbevelingen. Verantwoording Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen. Desondanks dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef, waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses uitgevoerd worden.
Het kan niet geheel uitgesloten worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is, die bij dit onderzoek niet aangetroffen is. Een onderzoek heeft over het algemeen een geldigheid van maximaal vijf jaar. De exacte geldigheidstermijn is afhankelijk van het gebruik van de locatie en het bevoegd gezag dat het onderzoek beoordeelt. Tenslotte wordt opgemerkt dat HMB B.V. geen financieel of zakelijk belang heeft bij de kwaliteit van de onderzochte locatie.
2 3 4
NEN 5725, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017 NEN 5707, Bodem. Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond, Delft 2015 NEN 5740, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, Delft 2009
21236002A | Horsten 15 Baarlo
6
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
2
ONDERZOEKSOPZET
In het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning is in 2021 een vooronderzoek (HMB B.V., kenmerk: 21236001H, 20 april 2021) uitgevoerd. De rapportage van het vooronderzoek is opgenomen in bijlage 1. Op basis van de resultaten van het vooronderzoek is geconcludeerd dat bodemonderzoek noodzakelijk is in verband met de verwachte aanwezigheid van bodemverontreiniging binnen de onderzoekslocatie. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het bepalen van de aard van de heterogeen verdeelde verontreinigende stoffen op schaal van monsterneming. Tevens wordt vastgesteld of de gehalten van de vermoede verontreinigende stoffen in de grond en het freatische grondwater boven respectievelijk de achtergrond- en de streefwaarden worden aangetoond. Het doel van het verkennend bodemonderzoek asbest is om met een relatief geringe onderzoeksinspanning na te gaan of de verdenking van verontreiniging van de grond met asbest terecht is. De locatie heeft een oppervlakte van circa 9.000 m2. In tabel 2 zijn de uit te voeren veld- en laboratoriumwerkzaamheden schematisch weergegeven. De werkzaamheden zijn gebaseerd op de genoemde strategie conform NEN 5707 en NEN 5740. Op basis van de bij ons bekende informatie worden voor het bodemonderzoek de volgende deellocaties onderscheiden: Tabel 2
Te onderscheiden deellocaties
DL
Omschrijving
V/O
Verwachte stoffen
Oppervlakte (m²)
A
Tuinderskas
V
Asbest in grond
Circa 3.800
B
Teelgrond in de tuinderkas en containerveld
V
OCB
Circa 9.000
C
Voormalige bovengrondse olietank (500 L)
V
Minerale olie
<10
DL V/O
= =
deellocatie verdachte of onverdachte locatie ten aanzien van bodemverontreiniging
Tabel 3
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek deellocatie A
A – Tuinderskas Onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL) NEN 5707 Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen
Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters
proefgat tot
èn boring tot
èn boring met
0,2 m-mv
2,0 m-mv
peilbuis
Bovengrond
Grond Ondergrond
Grondwater
12*
2*
-
3
-
-
Asbest (in grond; fijne fractie (<20mm)) *
= proefgaten worden waar mogelijk gecombineerd uitgevoerd met de boringen van deellocatie B
21236002A | Horsten 15 Baarlo
7
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
Tabel 4
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek deellocatie B
B – Teelgrond in de tuinderkas en containerveld Onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL) NEN 5740 Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen
Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters
Boring tot
èn boring tot
èn boring met
0,5 m-mv
2,0 m-mv
peilbuis
Bovengrond
Grond Ondergrond
Grondwater
18
4
-
4
-
-
Standaardpakket bodem5 en OCB
Tabel 5
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek deellocatie C
C – Olietank (500 liter) Onderzoeksstrategie voor verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern (VEP) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen
Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters
Boring tot
èn boring tot
èn boring met
1,0 m
grondwater
peilbuis
1
-
-
Grond
Grondwater
Bovengrond
Ondergrond
1
-
-
Minerale olie en organische stof
5
Droge stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), minerale olie (GC), PAK (10), PCB (7), lutum en organische stof
21236002A | Horsten 15 Baarlo
8
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
3
VELDONDERZOEK
3.1
Uitvoering
Het veldonderzoek is uitgevoerd door een gecertificeerde medewerker van HMB B.V. (bijlage 2, verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk) conform de Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek (BRL SIKB 20006) en de protocollen 20017, 20028 en 20189. Op 19 mei 2021 is het veldwerk uitgevoerd als omschreven in paragraaf 2.3. De verrichte boringen zijn gecodeerd als: ▪ nummers B1 t/m B22 voor deellocaties A en B; ▪ nummer C1 voor deellocatie C. De situering van de boorpunten / proefgaten zijn aangegeven op de tekening (bijlage 6). Een uitgebreide omschrijving van de onderzoeksmethodiek is opgenomen in bijlage 5. 3.2
Resultaten
Visuele inspectie maaiveld De inspectie-efficiëntie van de tuinderskas (deellocatie A) wordt geschat op 90 à 100%. Bij de visuele inspectie van het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen / waargenomen op het maaiveld. Bodemopbouw In bijlage 2 is van elk proefgat / boring een boorprofiel opgenomen. De globale bodemopbouw van de locatie is in tabel 6 omschreven. Tabel 6
Globale bodemopbouw onderzoekslocatie
Traject (m-mv)
Lithologische beschrijving
0 – 2,0
Zand matig fijn, zwak tot matig siltig of plaatselijk leem, sterk zandig
m-mv
=
meter minus maaiveld
Zintuiglijke waarnemingen vaste bodem Bij de uitvoering van het veldwerk zijn geen bijzonderheden of bijmengingen aangetroffen, die kunnen duiden op aanwezigheid van bodemverontreiniging. In het omhoog gebrachte materiaal zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen.
6 7
8 9
Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek (versie 6.0, 1 februari 2018) Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen (versie 6.0, 1 februari 2018) Het nemen van grondwatermonsters (versie 6.0, 1 februari 2018) Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem (versie 6.0, 1 februari 2018)
21236002A | Horsten 15 Baarlo
9
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
4
LABORATORIUMONDERZOEK
4.1
Uitvoering
De verzamelde monsters zijn ter analyse aangeboden aan het RvA-geaccrediteerde laboratorium Eurofins Analytico Milieu B.V. te Barneveld. De resultaten van het veldonderzoek geven geen aanleiding meerdere (meng)monsters te onderzoeken of andere analyses uit te voeren dan conform de gehanteerde strategie (zie paragraaf 2.3). In tabel 7 zijn de monsteromschrijvingen en de stoffen waarop de betreffende monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 7
Monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters
Monstercode
Boringen
Traject (m-mv)*
Geanalyseerde parameters
B1, B2, B3, B4 en B5
0,00 - 0,25
Asbest (in grond; fijne fractie, <20 mm)
ASB-2
B6, B7, B8, B9 en B10
0,00 - 0,25
Asbest (in grond; fijne fractie, <20 mm)
ASB-3
B11, B12, B13 en B14
0,00 - 0,25
Asbest (in grond; fijne fractie, <20 mm)
Deellocatie A: Tuinderskas ASB-1
Deellocatie B: Containerveld en tuinderskas MM1
B1, B2, B3 en B6
0,0 - 0,5
Standaardpakket bodem10, OCB, lutum en organische stof
MM2
B4, B8 en B9
0,0 - 0,3
Standaardpakket bodem, OCB, lutum en organische stof
MM3
B10, B12, B13 en B14
0,0 - 0,5
Standaardpakket bodem, OCB, lutum en organische stof
B15, B18, B20 en B22
0,0 - 0,5
Standaardpakket bodem, OCB, lutum en organische stof
0,06 - 0,50
Minerale olie en organische stof
MM4
Deellocatie C: Olietank MM5 MM *
4.2
C1 = =
(grond)mengmonster het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven
Analyseresultaten
De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3. De analyseresultaten zijn getoetst met behulp van BoToVa aan de achtergrond-/streef11- en interventiewaarden. Informatie over het toetsingskader is opgenomen in bijlage 5. De analyseresultaten van de grond zijn ook indicatief12 getoetst volgens het Besluit13 en de Regeling14 bodemkwaliteit. Deze toetsing geeft een indicatie van toepassingsmogelijkheden zodra grond wordt afgevoerd. De toetsing doet geen uitspraak over de (gezondheids)risico’s bij het gebruik van de grond. 10
11
12 13 14
Droge stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), minerale olie (GC), PAK (10) en PCB (7) Het betreffen de door de gemeente vastgestelde locatiespecifieke achtergrondwaarden (zie bodemkwaliteitskaart) en/of de landelijk vastgestelde generieke waarden (AW2000) Mogelijke klassen zijn: ‘Altijd toepasbaar’, ‘Klasse Wonen’, ‘Klasse Industrie’, ‘Niet toepasbaar’ Besluit van 22 november 2007 Regeling van 13 december 2007, nr. DJZ2007124397. Tevens zijn wijzigingen van toepassing
21236002A | Horsten 15 Baarlo
10
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
In de tabel 8 is het resultaat van de toetsing verwoord15 opgenomen voor respectievelijk de grond en het grondwater. Tabel 8
Monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing
Monstercode
Boringen
Grondsoort*
Bijmengingen**
Resultaat toetsing***
Klasseindeling****
MM1
B1, B2, B3 en B6
Zand
-
Licht: koper(25), zink(97), Drins(0,033) Heptachloorepoxide(0,042), alfa-Endosulfan(0,0011), Chloordaan(0,044), OCB LB(0,16), Hexachloorbenzeen(0,0084)
Niet Toepasbaar
MM2
B4, B8 en B9
Zand
-
Licht: cadmium(0,5), kobalt(8), koper(31), zink(110), Hexachloorbenzeen(0,018), Heptachloor(0,0012), Drins(0,15), Heptachloorepoxide(0,035), DDD(0,022),
Niet Toepasbaar
MM3
B10, B12, B13 en B14
Zand
-
Licht: cadmium(0,46), koper (34), zink(110), Drins(0,088), DDD(0,042), OCB LB(0,19)
Niet Toepasbaar
MM4
B15, B18, B20 en B22
Leem
-
Licht: Drins(0,009), DDE(0,13), DDD(0,065), OCB LB(0,25)
Industrie
MM5
C1
Zand
-
-
n.b.
Chloordaan(0,032), OCB LB(0,31)
MM * ** ***
****
n.b.
= = = = = = =
(grond)mengmonster indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen voor de mate en voor meer details wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 2 mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalte in mg/kg d.s. geen bijmengingen of geen verhoogde gehalten boven de achtergrondwaarden indicatieve toetsing aan Regeling bodemkwaliteit met het oog op afvoer en hergebruik van grond niet bepaald
Tijdens de veldwerkzaamheden is zowel op het maaiveld als in de actuele contactzone in de grove fractie (>20 millimeter) geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Ter controle van de fijne fractie (<20 millimeter) zijn grondmengmonsters ter analyse aangeboden. Het resultaat van de analyse is weergegeven in tabel 9. Tabel 9 (Gewogen) asbestgehalte per proefgat Analysemonster
Proefgaten
Traject (mmv)
(Gewogen) asbestgehalte fractie <20 mm (mg/kg d.s.)
(Gewogen) asbestgehalte fractie >20 mm (mg/kg d.s.)
Totaal (gewogen) asbestgehalte (mg/kg d.s.)
ASB-1
B1, B2, B3, B4 en B5
0,00 - 0,25
<0,5
-
<0,5
ASB-2
B6, B7, B8, B9 en B10
0,00 - 0,25
<0,6
-
<0,6
B11, B12, B13 en B14
0,00 - 0,25
0,1
-
0,1
ASB-3
15
• •
• •
niet verhoogd: het gehalte overschrijft de achtergrond-/streefwaarde niet; er is sprake van een ‘schoon’ monster (NB: ook de als licht verhoogd gerapporteerde ‘parameters * factor 0,7’ kunnen als ‘niet verhoogd’ worden beschouwd, indien alle parameters de detectiegrens AS3000 niet overschrijden) licht verhoogd: het gehalte overschrijdt de achtergrond-/streefwaarde, maar de tussenwaarde (het gemiddelde van de achtergrond-/streef- en interventiewaarde) wordt niet overschreden. De verontreiniging is naar verwachting dermate gering dat veelal geen nadere actie (onderzoek of sanering) noodzakelijk is matig verhoogd: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde. Nader onderzoek kan worden aanbevolen om te bepalen of er inderdaad sprake is van relevante bodemverontreiniging sterk verhoogd: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde. Nader onderzoek naar de aard, mate, omvang en oorzaken van de verontreiniging is in de meeste gevallen noodzakelijk
21236002A | Horsten 15 Baarlo
11
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
5.1
Conclusies
Op basis van de resultaten van het in 2021 uitgevoerde vooronderzoek (HMB B.V., kenmerk: 21236002H, 20 april 2021) zijn ter plaatse enkele verdachte deellocaties voor bodemverontreiniging aanwezig. Uit het vooronderzoek blijkt dat de onderzoekslocatie verdacht is op bodemverontreiniging met asbest, bestrijdingsmiddelen (OCB’s) en minerale olie (tank). Het verkennend bodemonderzoek (asbest) is uitgevoerd op basis van de NEN 5707 en de NEN 5740. Deellocatie A Tuinderskas (asbest) Tijdens de graafwerkzaamheden is het uitkomende materiaal beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Ter plaatse van de proefgaten B1 t/m B10 is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetroffen. In de bovengrond van de proefgaten B11 t/m B14 is asbest aangetroffen. Het gewogen gehalten is boven het detectielimiet echter blijft ruimschoots onder de norm voor nader onderzoek en/of de interventiewaarde. Deellocatie B Containerveld en tuinderskas (bestrijdingsmiddelen) Geconcludeerd wordt dat de hypothese ‘verdachte locatie’ voor de onderzoekslocatie stand houdt. In de grond zijn lichte verontreinigingen met zware metalen en OCB’s aangetroffen. De lichte verontreinigingen in de grond zijn vermoedelijke te relateren aan de (voormalige) bedrijfsmatige activiteiten.
Indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit wordt de grond beoordeeld als kwaliteitsklasse ‘niet toepasbaar’ of ‘industrie’. Indien grond wordt ontgraven ter plaatse van de tuinderskas, mag deze niet worden toegepast buiten onderhavige onderzoekslocatie. Deellocatie C: Olietank (minerale olie) Geconcludeerd wordt dat de hypothese “verdachte locatie” voor de bovengrondse olietank geen stand houdt. In de grond zijn geen verhoogde gehalten minerale olie, vluchtige aromatische koolwaterstoffen (BTEX) en naftaleen aangetoond in verhoogde gehalten boven de achtergrond- / streefwaarden. Slotconclusie De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen directe belemmeringen of beperkingen voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. 5.2
Aanbevelingen
De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om aanvullend of nader bodemonderzoek te adviseren. Het onderzoek is onder Kwalibo (een onderdeel van het Besluit bodemkwaliteit) uitgevoerd. Het betreft echter geen partijkeuring. Bij afvoer van grond of verhardingsmaterialen van de locatie kan er sprake zijn van verwerkingskosten. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van de af te voeren partij verlangd worden.
21236002A | Horsten 15 Baarlo
12
Bijlage | 1
Vooronderzoek (HMB B.V., kenmerk: 21236001H, 20 april 2021)
Historisch onderzoek Horsten 15 Baarlo kenmerk HMB B.V.: 21236001H
Historisch onderzoek Horsten 15 Baarlo kenmerk HMB B.V.: 21236001H
opdrachtgever:
Pijnenburg agrarisch advies & onroerend goed te Horst
datum rapport:
20 april 2021
kenmerk:
21236001H
status:
Definitief
uitgevoerd door:
HMB B.V.
projectleider: rapporteur: autorisatie:
HMB B.V. | Voltaweg 8 | 5993 SE Maasbree | 077-4652808 | info@hmbgroep.nl | www.hmbgroep.nl
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING ......................................................................................................... 4
2
ONDERZOEKSLOCATIE ......................................................................................... 5 2.1 Algemeen ................................................................................................. 5 2.2 Huidig gebruik (gebiedsinspectie) ................................................................ 5 2.3 Historisch gebruik (archiefonderzoek) ........................................................... 6 2.4 Toekomstig gebruik ................................................................................... 7
3
VOORONDERZOEKSGEBIED .................................................................................. 8 3.1 Algemeen ................................................................................................. 8 3.2 Bodeminformatie ....................................................................................... 8 3.3 Achtergrondgehalten.................................................................................. 9
4
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ................................................................. 10
5
CONCLUSIES .................................................................................................... 11
6
VERVOLGONDERZOEK ........................................................................................ 12
BIJLAGEN 1 | Verklarende woordenlijst 2 | Geraadpleegde bronnen 3 | Documenten 4 | Foto’s 5 | Uittreksel kadastrale kaart en situatietekening
Historisch onderzoek
1
INLEIDING
In opdracht van Pijnenburg agrarisch advies & onroerend goed te Horst is door HMB B.V. in april 2021 een historisch (bodem)onderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich ter plaatse van de Horsten 15 te Baarlo. Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de aanvraag van een omgevingsvergunning. Doelstelling Het doel van het vooronderzoek is vast te stellen of er aanleiding is om bodemverontreiniging te verwachten binnen de beschouwde locatie. Indeling rapport In de rapportage worden de uitvoering en resultaten van het onderzoek besproken. In de hoofdstukken 2 en 3 wordt de verzamelde informatie van de onderzoekslocatie en het vooronderzoeksgebied (de omgeving) weergegeven. Hoofdstuk 4 bevat een beschrijving van de bodemopbouw en de geohydrologie. Tenslotte worden de conclusies en het vervolgonderzoek in de hoofdstukken 5 en 6 weergegeven. Normering en verantwoording De te hanteren werkwijze voor uitvoering van het historisch onderzoek is gebaseerd op de NEN 57251. Het eventueel gegeven ‘op maat gesneden plan’ voor bodemonderzoek is gebaseerd op de NEN 57402. Onder bijlage 1 is, gebaseerd op de NEN 5740, een ‘Verklarende woordenlijst’ opgenomen. Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen. Opgemerkt wordt dat HMB B.V.
geen financieel of zakelijk belang heeft bij de kwaliteit van de beschouwde locatie.
1 2
NEN 5725, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017 NEN 5740+A1, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, Delft 2016
21236001H | Horsten 15 Baarlo
4
Historisch onderzoek
2
ONDERZOEKSLOCATIE
2.1
Algemeen
De in dit hoofdstuk genoemde informatie over de onderzoekslocatie (het geografische gebied waarover een besluit moet worden genomen) is gebaseerd op de resultaten van het raadplegen van diverse bronnen. Een overzicht van de geraadpleegde bronnen is opgenomen in bijlage 2. De onderzoekslocatie wordt gevormd door de onderhavige locatie ter plaatse van Horsten 15 te Baarlo. De bouwlocatie is momenteel bebouwd met een woning, tuinderskassen en een opslagloods. Enkele (topografische) gegevens omtrent de onderzoekslocatie zijn weergegeven in tabel 1. Tabel 1
Topografische en algemene gegevens locatie
Algemeen Adres onderzoekslocatie
Horsten 15 Baarlo
Gemeente
Peel en Maas
Kadastrale aanduiding
Gemeente Maasbree, sectie N, percelen 396 en 176 *
Oppervlakte perceel
Circa 14.352 m²
Oppervlakte onderzoekslocatie
Circa 13.000 m²
X-coördinaat
203.925
Y-coördinaat
369.984
*
=
ten aanzien van deze percelen zijn geen aantekeningen in het kader van het artikel 55 Wet bodembescherming opgenomen. Dit houdt in dat bij het Kadaster geen bodeminformatie geregistreerd is
Voor de regionale en lokale ligging wordt verwezen naar bijlage 5, topografisch overzicht en kadastrale kaart. Hier is tevens een situatietekening opgenomen. 2.2
Huidig gebruik (gebiedsinspectie)
Inrichting gebied Op 7 april 2021 is Horsten 15 geïnspecteerd met daarbij speciale aandacht voor de onderzoekslocatie/de bouwlocatie. In bijlage 4 zijn de hierbij genomen foto’s opgenomen. De onderhavige locatie bestaat uit een woonhuis met tuin, opslagloods en tuinderkassen. De bijgebouwen, ketelhuis en tuinderskassen, zijn momenteel grotendeels in gebruik als (tijdelijke) opslag. De apparatuur van het (voormalige) ketelhuis staat op een betonnen vloer. Gelet op de staat van de vloer mag worden aangenomen dat de activiteiten in het ketelhuis niet hebben geleid tot een bodemverontreiniging. Aansluitend aan de opslagloods is ten zuidoosten hiervan een complex van tuinderkassen gelegen. In de tuinderkassen is het noordelijke deel voorzien van een betonvloer. Ten noordoosten van het kassencomplex is een tegelverharding aanwezig. Het overige gedeelte van de kassen is onverhard. Het buitenterrein is eveneens onverhard. Hier worden momenteel planten gekweekt. Voor de specifieke locaties van de hier bovengenoemde objecten wordt verwezen naar de situatietekening in bijlage 5.
21236001H | Horsten 15 Baarlo
5
Historisch onderzoek
Informatie opdrachtgever/bewoner/eigenaar en gemeente/omgevingsdienst Bij de opdrachtgever/eigenaar van de locatie zijn enkele gegevens bekend met betrekking tot bodembedreigende activiteiten welke aanleiding kunnen geven om bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie te verwachten. Relevante informatie hierover is opgenomen in tabel 2. Tabel 2
Bodembedreigende activiteiten
Activiteit
Situering
Bijzonderheden
Verwachte verontreinigende stof
Voormalige ondergrondse olietank (3.000 liter)
Noordwesten van de opslagloods
gesaneerd
minerale olie / BETXN
voormalige bovengrondse olietank (500 liter)
noordelijk van het ketelhuis
dubbelwandig, betonnen vloer
minerale olie / BETXN
Opslag en aanmaak bestrijdingsmiddelen
Noordoosten in de opslagloods
betonnen vloer
zware metalen en organochloorbestrijdingsmiddelen
Asbest Tijdens de inspectie van Horsten 15 is expliciet gelet op het voorkomen van asbestverdachte materialen op het maaiveld. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Het dak van de loods is voorzien van (asbestverdachte) golfplaten. De golfplaten zijn echter in goede staat (geen gebroken stukken) en de dakranden zijn voorzien van een dakgoot. De kans dat in de druppelzone asbest in de grond terecht is gekomen wordt derhalve minimaal geacht. Tuinderskassen zijn, conform de richtlijnen, verdacht op het voorkomen van asbest. Er bestaan derhalve mogelijkheden dat ter plaatse van het onverharde terrein in de tuinderkas asbesthoudende materialen in de bodem terecht zijn gekomen. 2.3
Historisch gebruik (archiefonderzoek)
Historisch gebruik De locatie is tot eind jaren in gebruik geweest voor agrarische doeleinden. Rond het begin van de jaren zestig is volgens de BAG-viewer het woonhuis gebouwd. De tuinderskassen en de opslagloods dateren uit het eind van de jaren zestig. Vervolgens hebben er door de jaren heen diverse uitbreidingen plaatsgevonden. De laatste uitbreiding dateert uit het eind van de jaren negentig waarna er geen dusdanige veranderingen meer hebben plaatsgevonden. Verleende vergunningen Bij de gemeente Peel en Maas zijn de in tabel 3 weergegeven verleende vergunningen in het kader van de Bouwverordening, de Hinderwet of Wet Milieubeheer bekend. Tabel 3
Verleende vergunningen Horsten 15 Baarlo
Datum
Omschrijving vergunning
21 april 1982
Oprichting voor bloemenkwekerij (kenmerk: nr. 19/81 PN)
5 juli 1990
Verplaatsen koelcel (kenmerk: nr. 19/81)
8 oktober 1996
Melding AmvB bedekte teelt (kenmerk: A96-P1)
8 juli 2004
Certificaat periodieke inspectie (inspectienummer: 3037903/1778)
24 januari 2006
Milieuinspectie rapport
2 februari 2006
Meldingsformulier besluit glastuinbouw (kenmerk: A2006006)
21236001H | Horsten 15 Baarlo
6
Historisch onderzoek
Bodembedreigende activiteiten Naast de eerder genoemde activiteiten (zie paragraaf 2.2) zijn geen aanvullende bodembedreigende activiteiten uit de vergunningen naar voren gekomen. Wel is gebleken dat de locatie gebruikt is voor de teel van gewassen. De gewassenteelt dateert al van voor 2006 en is daardoor verdacht voor verontreiniging met organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB). Bodeminformatie Van de onderhavige locatie zijn een drietal bodemonderzoeken bekend. In 1996 is een verkennend bodem- en grondwateronderzoek (Het Milieuburo, rapportnummer: 96-798-51, d.d. 20 december 1996) uitgevoerd. Het onderzoeksgebied betreft de kassen op huidig nummer 15A. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen bouw van een tuinderskas. In de boven- en ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. In het grondwater zijn met uitzondering van cadmium, chroom, nikkel en zink, geen verhoogde concentraties boven de streefwaarde aangetoond. De oorzaak van deze verhoogde concentraties in het grondwater moet gezocht worden in lokale en regionale omstandigheden. Op basis van de onderzoeksresultaten zijn er, vanuit milieuhygiënisch oogpunt, aan het gebruik van het perceel met betrekking tot de voorgenomen bouwplannen geen beperkingen of belemmeringen verbonden. In 1997 is een verkennend bodem- en grondwateronderzoek (Het Milieuburo, rapportnummer: 97-752-43, d.d. 28 oktober 1997) uitgevoerd.
Het onderzoeksgebied betreft het zuidoostelijke gedeelte van de onderhavige locatie. Aanleiding is de voorgenomen bouw van een tuinbouwkas. In de bovengrond is een lichte verontreiniging met nikkel aangetoond. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen aan getoond. In het grondwater zijn cadmium en nikkel licht verhoogd. De verhoogde gehalte in het grondwater wordt toegeschreven aan de lokale en regionale omstandigheden. Er bestaan geen belemmeringen vanuit milieuhygiënisch oogpunt voor de voorgenomen bouw van een tuinbouwkas. In 2000 is een nulsituatie-onderzoek (Het Milieuburo, rapportnummer: 00-0117-08, d.d. 25 februari 2000) uitgevoerd. Het onderzoek is uitgevoerd in kader van de AMvB “Besluit tuinbouwbedrijven met bedekte teelt milieubeheer”. Het betreft een verplichte nulsituatieonderzoek van de kwaliteit van de bodem binnen de inrichting. In de rapportage wordt melding gedaan van een bovengrondse olietank ten noorden van de opslagloods. Op basis van de gegevens van het vooronderzoek hoeft er ten aanzien van de genoemde potentieel bodembedreigende activiteiten in het kader van de AmvB-Bedekte Teelt, met uitzondering van de bovengrondse olietank, geen feitelijk onderzoek plaats te vinden en kan als nulsituatie volstaan worden met de voorliggende schriftelijke beschrijving van de huidige bedrijfssituatie. 2.4
Toekomstig gebruik
Het voornemen is ter plaatse van de onderzoekslocatie de bestemming te veranderen van ‘agrarisch’ naar ‘bedrijf – niet agrarisch’.
21236001H | Horsten 15 Baarlo
7
Historisch onderzoek
3
VOORONDERZOEKSGEBIED
3.1
Algemeen
De in dit hoofdstuk genoemde informatie over het vooronderzoeksgebied (kortweg omgeving) is gebaseerd op de resultaten van het raadplegen van diverse bronnen. Een overzicht van de geraadpleegde bronnen is opgenomen in bijlage 2 Definiëring omgeving De omgeving wordt gedefinieerd als de onderzoekslocatie en een ‘strook grond’ hieromheen tot een afstand van maximaal 25 meter. In tabel 4 zijn de adressen (voor zover bekend) en/of een omschrijving van het gebruik ter plaatse weergegeven. Tabel 4
Omliggende percelen
Windrichting
Adres
Gebruik
Noorden
Horsten
Openbare weg
Westen
-
Akkerland
Oosten
Horsten
Openbare weg
Zuiden
-
Akkerland
Gebruik De onderzoekslocatie is gelegen in een omgeving welke te karakteriseren is als agrarisch buitengebied. Voor zover bekend blijft dit gebruik ongewijzigd. Verleende milieuvergunningen Bij de gemeente Peel en Maas zijn – behoudens de vergunningen in de voorgaande paragraaf genoemd - geen verleende vergunningen in het kader van de Hinderwet en/of Wet Milieubeheer bekend. Bodembedreigende activiteiten Bij de gemeente zijn voor de genoemde adressen/percelen geen relevante gegevens bekend met betrekking tot (voormalige) bodembedreigende activiteiten als (ondergrondse) brandstoftanks, calamiteiten, ophogingen of dempingen welke aanleiding kunnen geven om bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie te verwachten. 3.2
Bodeminformatie
Van de omgeving is geen relevante bodeminformatie (bijvoorbeeld een voorgaand bodemonderzoek of een bodemsanering) bekend. Ter plaatse van de opslagloods ten noordoosten van de locatie is in 1997 is een vooronderzoek uitgevoerd (Het Milieuburo, rapportnummer: 97-360-20, d.d. 14 mei 1997). Aanleiding is de bouw van de loods. Het onderzoeksgebied ligt ten noordoosten – overzijde openbare weg van de onderhavige locatie. Tijdens het vooronderzoek zijn er geen aanwijzingen gevonden, dat er op of in de directe omgeving van de onderzoekslocatie activiteiten hebben plaatsgevonden die tot een verontreiniging van de bodem of grondwater zouden hebben kunnen leiden. Op basis van de gegevens van het vooronderzoek mag worden aangenomen dat er op het perceel redelijkerwijs geen bodemverontreinigingen aanwezig zijn. Binnen de omgeving worden geen bodemverontreinigingen bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie is aangetast.
21236001H | Horsten 15 Baarlo
verwacht
waardoor
de
8
Historisch onderzoek
3.3
Achtergrondgehalten
De regio Limburg Noord, waaronder de gemeente Venlo, beschikt over een (regionale) bodemkwaliteitskaart. Ter plaatse van de onderzoekslocatie wordt de boven- en ondergrond – volgens de ontgravingskaarten – ingedeeld in de ontgravingskwaliteit ‘landbouw / natuur’.
21236001H | Horsten 15 Baarlo
9
Historisch onderzoek
4
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE
De locatie ligt globaal op 19 m+NAP. Voor het bepalen van de bodemopbouw en geohydrologische situatie zijn gegevens uit de Grondwaterkaart van Nederland geraadpleegd en / of het DINOloket geïnterpreteerd en verwerkt. In tabel 5 is de geohydrologische indeling van de bodem tot 100 m-mv schematisch weergegeven. Tabel 5
Bodemopbouw en geohydrologische situatie
Formatie
Diepte (m-mv)
Samenstelling
Formatie van Boxtel
0 – 0,5
Zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus; leem, lokaal zandig, lokaal humeus
Formatie van Beegden
0,5 – 13
Zand, matig grof tot uiterst grof, lokaal grindig
Formatie van Breda
13 - >100
Zand, zeer fijn tot matig grof, glauconiethoudend, lokaal schelphoudend
Het freatisch grondwater bevindt zich op circa 2,0 m-mv. Op basis van het isohypsenpatroon van de grondwaterkaart wordt aangenomen dat de stromingsrichting van het freatisch grondwater noordoostelijk gericht is (richting de Maas). De onderzoekslocatie grondwaterwingebied.
bevindt
21236001H | Horsten 15 Baarlo
zich
niet
in
een
grondwaterbeschermings-
of
10
Historisch onderzoek
5
CONCLUSIES
Op basis van de resultaten van het historisch onderzoek wordt verwacht dat binnen de onderzoekslocatie sprake zal zijn van de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Er is sprake van drie verdachte deellocaties / activiteiten. Deze zijn in tabel 6 benoemd en omschreven. Tabel 6
Te onderscheiden ‘verdachte’ deellocaties
DL
Omschrijving
Bijzonderheden
Oppervlakte (m²)
A
Tuinderskas
Asbest in grond
Circa 3.800
B
Teelgrond in de tuinderkas en containerveld
OCB
Circa 9.500
C
Voormalige bovengrondse olietank (500 L)
Minerale olie
<10
DL
=
deellocatie
Ter plaatse van de in tabel 6 genoemde deellocaties dient, conform het gemeentelijk beleid, een bodemonderzoek (asbest), plaats te vinden in het kader van de aanvraag/verlening van een omgevingsvergunning. De bijbehorende onderzoeksopzet is in hoofdstuk 6 weergegeven.
21236001H | Horsten 15 Baarlo
11
Historisch onderzoek
6
VERVOLGONDERZOEK
Op basis van de resultaten van het historisch bodemonderzoek noodzakelijk is in verband met bodemverontreiniging binnen de onderzoekslocatie.
onderzoek is geconcludeerd dat de verwachte aanwezigheid van
In de tabellen 7, 8 en 9 zijn de uit te voeren veld- en laboratoriumwerkzaamheden per deellocatie schematisch weergegeven. De werkzaamheden zijn gebaseerd op de genoemde strategie conform NEN 5740 en de NEN 5707. Tabel 7
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek deellocatie A
A – Tuinderskas Onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen
Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters
proefgat tot
èn boring tot
èn boring met
Grond
Grondwater
0,2 m-mv
2,0 m-mv
peilbuis
Bovengrond
Ondergrond
12*
2*
-
3
-
-
Asbest (in grond; fijne fractie (<20mm)) = proefgaten worden waar mogelijk gecombineerd uitgevoerd met de boringen van deellocatie B
*
Tabel 8
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek deellocatie B
B – Teelgrond in de tuinderkas en containerveld Onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen
Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters
Boring tot
èn boring tot
èn boring met
0,1 m-mv
2,0 m-mv
peilbuis
18
4
-
Grond
Grondwater
Bovengrond
Ondergrond
4
-
-
OCB
Tabel 9
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek deellocatie C
C – Olietank (500 liter) Onderzoeksstrategie voor verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern (VEP) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen
Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters
Boring tot
èn boring tot
èn boring met
1,0 m
grondwater
peilbuis
1
-
-
Grond
Grondwater
Bovengrond
Ondergrond
1
-
-
Minerale olie en organische stof
21236001H | Horsten 15 Baarlo
12
Bijlage | 1
Verklarende woordenlijst
VERKLARENDE WOORDENLIJST1 achtergrondwaarden voor grond en baggerspecie bij regeling vastgestelde gehalten aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingbronnen. Deze waarden zijn (door gemeenten) vastgesteld in het project ‘achtergrondwaarden 2000 (AW 2000)’. De achtergrondwaarden vervangen met ingang van 1 oktober 2008 de streefwaarden voor grond. asbestverdacht materiaal materiaal waarvan op basis van voorkennis en/of een beoordeling met het blote oog wordt verwacht een zodanige hoeveelheid asbest te bevatten dat de vigerende norm mogelijk wordt overschreden. Laboratoriumonderzoek zal moeten uitwijzen of het materiaal daadwerkelijk asbest bevat. bodem vast deel van de aarde met de zich daarin bevindende vloeibare en gasvormige bestanddelen en organismen. deellocatie voor het onderzoek afgekaderd gedeelte van de totale onderzoekslocatie, waarop een afzonderlijke onderzoekshypothese en onderzoeksstrategie van toepassing zijn. diffuse bodembelasting in relatie tot de onderzoeksschaal, gelijkmatige belasting van de bodem over een groter gebied. Bij een diffuse bodembelasting is over het algemeen geen duidelijke verontreinigingskern aanwezig.
grond vast materiaal en bestaande uit minerale delen met een maximale korrelgrootte van 2 mm en organische stof in een verhouding en met een structuur zoals deze in de bodem van nature wordt aangetroffen, alsmede van nature in de bodem voorkomende schelpen en grind met een korrelgrootte van 2 mm tot 63 mm, met uitzondering van baggerspecie Indien er sprake is van een bijmenging van meer dan 50 gewichtsprocent bodemvreemd materiaal is er geen sprake meer van grond maar van een bouwstof, verhardingsmateriaal of een verhardingslaag. grootschalige onverdachte locatie onverdachte locatie groter dan 1,0 ha, die altijd eenzelfde, extensief gebruik heeft gehad. Dit betreft bijvoorbeeld een natuurgebied of een landbouwgebied met één gebruiksvorm en weinig tot geen bebouwing. heterogeen verdeelde verontreinigende stof verontreinigende stof die wordt gekenmerkt door matig tot veel variatie op de schaal van monsterneming. homogeen verdeelde verontreinigende stof verontreinigende stof die wordt gekenmerkt door geen of weinig variatie op de schaal van monsterneming. hypothese veronderstelling over de aard en verdeling van (een) verontreinigende stof(fen) bodemonderzoeksgebied die wordt gebruikt voor het bepalen van de onderzoeksstrategie.
in
het
interventiewaarde waarde waarmee voor verontreinigende stoffen in grond en grondwater het concentratieniveau wordt aangegeven waarboven sprake is van ernstige vermindering of dreigende vermindering van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier. lijnvormig element langwerpige strook landbodem met een lengte die minimaal 100 maal groter is dan de maximale breedte. mengmonster monster verkregen door het in het laboratorium mengen van in het veld verkregen afzonderlijke grondmonsters.
1
Bron: NEN 5740
nader onderzoek onderzoek in het kader van de saneringsparagraaf Wet bodembescherming, volgend op een verkennend of oriënterend bodemonderzoek, waarbij het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging is ontstaan. Het doel van het nader onderzoek is het vaststellen van de aard en concentratie van de verontreinigende stoffen en de omvang van de bodemverontreiniging om, in het licht van blootstellings- en verspreidingsrisico’s, te bepalen of er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging en om de spoedeisendheid van sanering vast te stellen. ondergrond bodemlaag die zich bevindt onder de actuele contactzone en die normaal niet wordt beroerd door bewerkingen, zoals ploegen, omspitten en harken. Voor de actuele contactzone/de bovengrond wordt in het kader van deze norm een standaarddikte van 50 cm gehanteerd. Derhalve bevindt de ondergrond zich op een diepte vanaf 50 cm van het maaiveld. onderzoekslocatie grondgebied dat wordt onderzocht op de aanwezigheid van verontreinigende stoffen. Per locatie kunnen meer onderzoekshypotheses en daarop gebaseerde onderzoeksstrategieën van toepassing zijn. Een locatie kan in die situatie worden opgesplitst in deellocaties waarbij per deellocatie één eenduidige onderzoekshypothese en daarop gebaseerde onderzoeksstrategie van toepassing is. Verschillende deellocaties kunnen elkaar overlappen.
onderzoeksstrategie opzet van het verkennend bodemonderzoek waarin het aantal te nemen monsters, de plaatsen op de locatie waar deze behoren te worden genomen en de stoffen die in deze monsters behoren te worden bepaald, is vastgelegd. onverdachte locatie locatie waarvan uit het vooronderzoek geen concrete aanwijzingen zijn voortgekomen dat de bodem van die locatie of een deel daarvan is verontreinigd met één of meer stoffen. NEN 5740 algemeen toegepaste Nederlandse norm voor verkennende bodemonderzoeken op verdachte en nietverdachte locaties. nulsituatie-onderzoek met dit onderzoek wordt een referentiekader vastgelegd voor eventueel toekomstige bodemverontreinigingen ter plaatse van zogenaamde ‘potentieel bodembedreigende activiteiten’. Dergelijk onderzoek kan in het kader van de Wet Milieubeheer opgelegd worden. Verontreinigingen die optreden na het nulsituatie-onderzoek moeten terstond worden opgeruimd. Het bevoegd gezag is veelal de gemeente. potentieel verontreinigende activiteiten activiteiten die kunnen leiden tot bodembelasting, met als mogelijk gevolg bodemverontreiniging. somparameter parameter die wordt berekend als de som van de concentraties van een aantal gespecificeerde stoffen. Een voorbeeld is de som van een aantal polycyclische aromatische koolwaterstoffen (‘som-PAK’s’).
streefwaarden grondwater aanduiding van het ijkpunt voor de milieukwaliteit voor de lange termijn, uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem waarbij voor metalen onderscheid wordt gemaakt tussen diep en ondiep grondwater. tussenwaarde Voor grond: het rekenkundig gemiddelde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde van een verontreinigende stof. Voor grondwater: het rekenkundig gemiddelde van de streefwaarde en de interventiewaarde van een verontreinigende stof. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek wordt uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat. verdachte locatie locatie waarvoor op grond van het vooronderzoek concrete aanwijzingen bestaan dat die locatie, of een deel ervan is verontreinigd met een of meer stoffen.
verkennend (bodem)onderzoek bodemonderzoek dat ten doel heeft met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op een bepaalde locatie bodemverontreiniging aanwezig is. verontreinigingskern (vermoedelijke) centrum van het (als gevolg van een plaatselijke bodembelasting) verontreinigde deel van de bodem. vooronderzoek het op basis van de NEN 5725 verzamelen en interpreteren van informatie over het voormalige, huidige en (eventueel) het toekomstige gebruik, bodemopbouw en geohydrologie en financieel-juridische aspecten in een bepaald geografisch gebied. Op basis van de verzamelde gegevens wordt een totaalbeeld gevormd en worden conclusies getrokken over de afbakening van de locatie voor het bodemonderzoek, de eventuele onderverdeling van de onderzoekslocatie in deellocaties en de te hanteren onderzoekshypothese per deellocatie. vooronderzoeksgebied het gebied waarop het vooronderzoek betrekking heeft.
Bijlage | 2
Geraadpleegde bronnen
Informatiebron
Geraadpleegd (ja, omschrijving bron/nee)
Motivatie niet geraadpleegd
Datum raadpleging
Historische en huidig gebruik locatie en omgeving Archief bouwvergunningen
Ja
-
Archief Hinderwet
Ja
-
01-04-2021 01-04-2021
Archief ondergrondse tanks
Ja
-
01-04-2021
Archief Wet Milieubeheer
Ja
-
01-04-2021
Historische topografische kaart
Ja
-
Informatie eigenaar/bewoner
Ja
-
09-04-2021 01-04-2021
Informatie gemeente/omgevingsdienst
Ja
-
01-04-2021
Internet (bodemloket, Kadaster, provinciale site)
Ja
-
01-04-2021
Luchtfoto
Ja
-
09-04-2021
Inspectie
Ja
-
07-04-2021
Toekomstig gebruik
Ja
-
07-04-2021
Overige, namelijk:
Nee
-
nvt
Bodeminformatie, calamiteiten, verhardingen e.d. locatie en omgeving Inspectie
Ja
-
07-04-2021
Informatie eigenaar/bewoner
Ja
-
07-04-2021
Informatie gemeente/milieudienst
Ja
-
01-04-2021
Verhardingen/kabels en leidingen
Nee
-
Nvt
Ja, TNO, DGV
-
09-04-2021
Ja
-
09-04-2021
Bodemopbouw en geohydrologie Grondwaterkaart Nederland DINOloket
Bijlage | 3 Foto’s
Foto 1
Foto 2
Foto 3
Foto 4
Foto 5
Foto 6
Foto 7
Foto 8
Foto 9
Foto 10
Historische topografische kaart: 1900
Historische topografische kaart: 1970
Historische topografische kaart: 1980
Historische topografische kaart: 2020
Luchtfoto 2020
Bijlage | 4
Uittreksel kadastrale kaart en situatietekening
Kadastrale kaart
Uw referentie: Horsten 15
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Maasbree N 396
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 1 april 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
1 2
15
A 15 7
4 3
6
5
LEGENDA
8
9
1
Fotonummer
25
Huisnummer Onderzoekslocatie
10
Bebouwing (buitenmuur) Perceelsgrens (Kadaster) Onderzoekslocatie (asbestverdacht) Onderzoerkslocatie (OCB-verdacht)
17
Locatie:
Baarlo, Horsten 15
Type:
Vooronderzoek
Omschrijving:
A 17
Situatietekening
Projectnr:
21236001H
Bestandsnaam:
TEK01_21236001H
Formaat:
Getekend:
A3
GA
Schaal:
1:750
0
Datum:
7,5m
HMB B.V. Bezoekadres: Telefoon: E-mail: Internet: Aan de maten kunnen geen rechten worden ontleend.
Voltaweg 8 5993 SE Maasbree 077 - 465 28 08 info@hmbgroep.nl www.hmbgroep.nl
12-04-2021
Tekeningnr:
1 37,5m
Bijlage | 2
Boorprofielen met legenda Verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk
Boring:
B1
Datum: 0
19-5-2021 1
B3
Datum: 0
19-5-2021
1
Boring:
B5
Datum: 0
19-5-2021
B2
Datum: 0
19-5-2021
erf
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
1
50
Leem, sterk zandig, lichtbruin, Edelmanboor
2
0
erf
30
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
2
Boring:
Boring: 0
Boring:
B4
Datum: 0
19-5-2021
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor
0
erf
1
30
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor
2
2
erf
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
50
Leem, sterk zandig, lichtbruin, Edelmanboor
0
erf
30
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
1
50
1
0
2
Boring:
B6
Datum: 0
19-5-2021
50
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor
0
erf
30
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
50
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor
0
erf
25
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
3
4
5 200
Boring:
B7
Datum: 0
19-5-2021
B9
Datum: 0
19-5-2021 1 2
Boring:
B11
Datum: 0
19-5-2021
B8
Datum: 0
19-5-2021
erf
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
1
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor
2
0
erf
25
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
1
Boring:
Boring: 0
Boring:
B10
Datum: 0
19-5-2021
1
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor
0
erf
25
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor
2
50
Projectcode:21236002A Projectnaam:Baarlo Horsten 15
Boring:
B12
Datum: 0
19-5-2021
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor
0
erf
25
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor
0
erf
25
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Graven
50
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor
Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 50
Boring:
B13
Datum: 0
19-5-2021 1
0
erf
25
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Graven
2
Boring:
B14
Datum: 0
19-5-2021
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor
0
erf
25
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Graven
50
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor
0
erf
25
Zand, matig fijn, sterk siltig, lichtbruin, Edelmanboor
3 100
Leem, sterk zandig, licht grijsbruin, Edelmanboor
4
5 200
Boring:
B15
Datum: 0
19-5-2021
0
erf
Boring:
B16
Datum: 0
19-5-2021
Leem, sterk zandig, lichtbruin, Edelmanboor
1
1 2
50
Boring:
B17
Datum: 0
19-5-2021
0
erf
Boring:
B18
Datum: 0
19-5-2021
Leem, sterk zandig, neutraalbruin, Edelmanboor
1
1
50
Leem, sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
0
erf
20
Leem, sterk zandig, lichtbruin, Edelmanboor
50
Leem, sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
0
erf
2
2 100
3
120
4
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor Leem, sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
5 200
Boring:
B19
Datum: 0
19-5-2021 1
0
erf
15
Leem, sterk zandig, lichtbruin, Edelmanboor
2 50
Boring:
B20
Datum: 0
19-5-2021
Leem, sterk zandig, lichtbruin, Edelmanboor
1
Leem, sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
50
2
70
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergrijs, Edelmanboor
100
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor
3 4
120
5
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor Leem, sterk zandig, bruingrijs, Edelmanboor
6 200
Boring:
B21
Datum: 0
19-5-2021
0
erf Leem, sterk zandig, donkergrijs, Edelmanboor
1 50
Boring:
C1
Datum: 0
19-5-2021
0 6
Boring:
B22
Datum: 0
19-5-2021
0
erf Leem, sterk zandig, grijsbruin, Edelmanboor
1 50
erf Zand, matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, lichtbruin, Edelmanboor
1
2 100
Projectcode:21236002A Projectnaam:Baarlo Horsten 15
Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 50
Legenda (conform NEN 5104)
grind
klei Grind, siltig
geur Klei, zwak siltig
geen geur zwakke geur
Grind, zwak zandig
matige geur
Klei, matig siltig
sterke geur Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000 Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
Zand, uiterst siltig
>10000
monsters
geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis
blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
VERKLARING ONAFHANKELIJKHEID UITVOERING VELDWERK
Projectcode: Locatie: Projectleider:
21236002A Horsten 15 Baarlo
BRL SIKB:
1000 2000 2100 6000
Monsterneming voor partijkeuringen Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek Mechanisch boren Milieukundige begeleiding van (water)bodemsaneringen en nazorg
Protocollen:
1001 1002 2001
2002 2003 2018 2101 6001
6002
Monsterneming voor partijkeuringen grond en baggerspecie Monsterneming voor partijkeuringen niet-vormgegeven bouwstoffen Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen Het nemen van grondwatermonsters Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem Mechanisch boren Milieukundige begeleiding landbodemsanering met conventionele methoden Milieukundige begeleiding van landbodemsanering met in-situ methoden
Ik verklaar dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van de BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen. Naam:
Bijlage | 3
Analysecertificaten
Analysecertificaat Datum: 25-May-2021
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2021083017/1 21236002A Baarlo Horsten 15
19-May-2021
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 IBAN: NL71BNPA0227924525 E-mail info-env@eurofins.nl BIC: BNPANL2A Site www.eurofins.nl KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
21236002A Baarlo Horsten 15
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina
TB
Eenheid
Analyse
1
2
2021083017/1 19-May-2021 25-May-2021 25-May-2021/18:28 A,B,C 1/3
3
4
5
Voorbehandeling
Uitgevoerd
Verkleinen kaakbreker Cryogeen malen AS3000
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Bodemkundige analyses
S
Droge stof
% (m/m)
98.6
97.1
92.6
88.3
90.8
S
Organische stof
% (m/m) ds
3.2
3.6
4.4
1.4
1.4
Gloeirest
% (m/m) ds
96
96
95
98
98
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
7.8
9.7
13.0
13.3
S
1)
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
36
34
47
32
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
0.38
0.50
0.46
0.22
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
5.5
8.0
8.8
8.8
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
25
31
34
15
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
0.063
0.053
0.055
0.053
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
11
14
17
14
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
28
32
29
18
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
97
110
110
59
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
<3.0
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
<11
<11
17
<11
<11
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
9.3
16
31
<5.0
<5.0
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0
<6.0
<6.0
<6.0
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
<35
<35
<35
<35
Minerale olie
S
6.7 2)
62
2)
Zie bijl.
Chromatogram olie (GC) Organo chloorbestrijdingsmiddelen, OCB
S
alfa-HCH
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
beta-HCH
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
Nr. Uw monsteromschrijving
Opgegeven monstermatrix
Monster nr.
12060182
MM2 B4 (0-30) B8 (0-25) B9 (0-25)
Grond (AS3000) Grond (AS3000)
3
MM3 B10 (0-50) B12 (0-25) B13 (0-25) B14 (0-50)
Grond (AS3000)
12060184
4
MM4 B15 (0-50) B18 (0-20) B20 (0-50) B22 (0-50)
Grond (AS3000)
12060185
5
MM5 C1 (6-50)
Grond (AS3000)
12060186
1
MM1 B1 (0-20) B2 (0-20) B3 (0-50) B6 (0-30)
2
12060183
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende en geaccrediteerde verrichting S: AS SIKB erkende en geaccrediteerde verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
W: Waals Gewest erkende verrichting
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
21236002A Baarlo Horsten 15 TB
Analyse
S
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina
2021083017/1 19-May-2021 25-May-2021 25-May-2021/18:28 A,B,C 2/3