CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-084 08 Overzicht wijzigingen verordeningen Sociaal Domein.docx

Raad 21 december 2021, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Actualiseren verordeningen Sociaal Domein (2021-084)8.184 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknummer: 1894/2021/2282942 Documentnummer: 1894/2021/2469158 Opsteller: Astrid Lenders-Knops Team / Cluster: Maatschappelijke Ontwikkeling SD Bestemd voor: raad Datum: Onderwerp:

21 december 2021 Overzicht wijzigingen verordeningen Sociaal Domein Re-integratieverordening

Aanpassingen in artikel Artikel 1 lid 2 Begrippen Nieuw toegevoegd Artikel 3 Algemene bepalingen over voorzieningen Lid 1 en 2 nieuw toegevoegd en de bestaande tekst omgenummerd

Artikel 14. Intrekken oude verordening en overgangsrecht. Artikel 15 Inwerkingtreding en citeertitel

Tekst nieuw

Tekst oud

Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, het uitvoeringsbesluit en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). 1. Individuele begeleiding a. Het college kan een persoon individuele begeleiding aanbieden als deze: 1. behoort tot de doelgroep; en 2. een korte afstand heeft tot de arbeidsmarkt; en 3. redelijk tot goed bemiddelbaar is naar werk. b. Het doel van individuele begeleiding is een positieve ontwikkeling in maatschappelijk functioneren (samenleving) en economisch functioneren (arbeid) van de inwoner. 2. Collectieve begeleiding a. Het college kan een persoon collectieve begeleiding aanbieden als deze: 1. behoort tot de doelgroep; en 2. een afstand heeft tot de arbeidsmarkt. b. Het doel van collectieve begeleiding is een positieve ontwikkeling in maatschappelijk functioneren (samenleving) en economisch functioneren (arbeid) van de inwoner via groepsactiviteiten. De Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Peel en Maas 24 oktober 2017 wordt ingetrokken per de datum, zoals genoemd in artikel 15 lid 1.

Niet van toepassing

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022.

Niet van toepassing

De Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Peel en Maas d.d. 14 oktober 2014 wordt ingetrokken per de datum zoals genoemd in artikel 16 lid 1 Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de dag van bekendmaking en heeft terugwerkende kracht tot 1 januari 2017.

Verordening Jeugdhulp Aanpassingen in artikel Aanhef

Tekst nieuw

Tekst oud

Gelet op het bepaalde in 2.6, 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, derde lid, van de Jeugdwet.

Gelet op het bepaalde in 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, derde lid, van de Jeugdwet. De volgende individuele voorzieningen zijn beschikbaar: a. Ambulante jeugdhulpverlening: - Persoonlijke verzorging - Begeleiding: groep en individueel - Behandeling jeugdhulp en GGZ: groep en individueel b. Verblijf: a. Logeren b. Pleegzorg c. Gezinshuis d. Beschermd wonen e. Behandeling met verblijf f. Gesloten jeugdhulp c. Vervoer d. Jeugdbescherming e. Jeugdreclassering

Artikel 2 lid 2 vormen van jeugdhulp

De volgende individuele voorzieningen zijn beschikbaar: a. Opname vervangende behandeling en verblijf met behandeling b. Wonen: i. Pleegzorg ii Gezinshuizen iii Zelfstandig wonen training iv Kleinschalige woongroepen v Logeren; c. Dagbesteding / dagbehandeling: i. Ernstig meervoudige beperking en opgroeiproblematiek het jonge kind ii. Terug naar school iii. Duurzame daginvulling; d. Ambulante hulp: i. Ambulant duurzaam en perspectief 1+2 ii. Jeugd-GGZ iii. Ernstig enkelvoudige Dyslexie iv. Vaktherapie; e. Jeugdbescherming; f. Jeugdreclassering; g. Jeugdzorgplus; h. Beschermd wonen (17+); i. Vervoer. Artikel 4 1. De huisarts, de medisch specialist of Toegang en de jeugdarts kan alleen verwijzen naar een jeugdhulpaanbieder die een besluit contract of subsidierelatie met de Lid 1 tot en met 5 gemeente heeft. nieuw toegevoegd 2. Bij een verwijzing door de huisarts, de en de overige medisch specialist of de jeugdarts moet de jeugdhulpaanbieder, als en leden omgenummerd voor zover deze van oordeel is dat de inzet van jeugdhulp nodig is, in contact treden met het college over de in te zetten jeugdhulp. 3. Het tweede lid is ook van toepassing bij jeugdhulp die de gecertificeerde instelling nodig acht bij de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel.

Ook kan het tweede lid van toepassing zijn of als die noodzakelijk is in verband met de tenuitvoerlegging van een machtiging tot uithuisplaatsing als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek. Daarnaast kan het tweede lid van toepassing zijn bij de jeugdhulp inzet die de rechter, het

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

1. Het college legt de beslissing omtrent het al dan niet verlenen van een individuele voorziening vast in een beschikking. 2. Het college neemt het besluit als bedoeld in het eerste lid op grond van de aanvraag als bedoeld in artikel 3 en het onderzoek als bedoeld in artikel 6. 3. In spoedeisende gevallen treft het college enz.

Pagina 2 van 23

Artikel 9 Hoogte en aanvullende criteria pgb 1 nieuw toegevoegd, lid 2 herschreven en overige leden omgenummerd

openbaar ministerie, de selectiefunctionaris, de inrichtingsarts of de directeur van de justitiële jeugdinrichting nodig achten bij de uitvoering van een strafrechtelijke beslissing of die de gecertificeerde instelling nodig acht bij de uitvoering van jeugdreclassering. 4. Uitvoering van de jeugdhulp als bedoeld in het derde lid vindt plaats door een jeugdhulpaanbieder die een contract of subsidierelatie met de gemeente heeft. 5. Bij verwijzing naar een organisatie/partij/persoon die geen contract of subsidierelatie met de gemeente heeft, is de gemeente niet gehouden de jeugdhulp te vergoeden. 6. Het college legt de beslissing omtrent het al dan niet verlenen van een individuele voorziening vast in een beschikking. 7. Het college neemt het besluit als bedoeld in het eerste lid op grond van de aanvraag als bedoeld in artikel 3 en het onderzoek als bedoeld in artikel 6 van deze verordening. 8. In spoedeisende gevallen treft het college enz. 1. Een pgb wordt enkel verstrekt indien de jeugdige of ouders jeugdhulp inkoopt, waarbij wordt voldaan aan de in artikel 5 lid 3 onder b van de verordening opgenomen kwaliteitseisen. 2. Een pgb voor ondersteuning vanuit het sociale netwerk wordt alleen verstrekt voor zover: a. de geboden hulp passend, adequaat en veilig is; b.

de personen uit het sociale netwerk die de hulp gaan verlenen, zich voldoende op de hoogte hebben gesteld van de verantwoordelijkheden die aan het bieden van jeugdhulp verbonden zijn; c. er bij de personen uit het sociale netwerk die de hulp gaan bieden geen sprake is van overbelasting of dreiging daarvan; d. de in te zetten jeugdhulp geen ggzbehandeling betreft; e. de persoon uit het sociale netwerk geen handelingen verricht die, op grond van de norm van verantwoorde werktoedeling, aan een geregistreerde professional zijn voorbehouden; f. de persoon uit het sociaal netwerk op basis van opleiding en/of

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

1. Bij de hoogte van het tarief voor het pgb gelden 2 tarieven: a. voor beroepsmatige ondersteuning: De hoogte van het tarief is gelijk aan het daadwerkelijke uurtarief van de uitvoerder met een maximum van het uurtarief dat door de gemeente voor de voorziening in natura wordt gehanteerd. Indien het tarief van de door de cliënt gewenste uitvoerder hoger is dan dit tarief dan komt het deel dat de prijs overstijgt voor rekening van de aanvrager; b. voor niet-beroepsmatige ondersteuning wordt deze gebaseerd op het in het eerste lid van artikel 5.22 van de Regeling langdurige zorg genoemde gangbare tarief voor een persoon uit het sociale netwerk. 2. De persoon aan wie een pgb wordt verstrekt kan

Pagina 3 van 23

Artikel 11 Lid 2 sub f en g toegevoegd

ervaring in staat moet zijn de in de de jeugdhulp betrekken individuele situatie vereiste van een persoon die jeugdhulp te realiseren; behoort tot het sociale g. de persoon uit het sociaal netwerk netwerk, mits: a. deze persoon heeft beschikt over een actuele aangegeven dat de verklaring omtrent het gedrag, zorg aan de jeugdige tenzij de persoon een bloed- of aanverwant in de eerste of tweede of ouder voor hem niet tot overbelasting graad is. h. tussenpersonen of leidt; belangbehartigers niet uit het pgb b. tussenpersonen of worden betaald. belangbehartigers niet uit het pgb worden 3. Bij de hoogte van het tarief voor het pgb betaald. gelden 2 tarieven: 3. De pgb-beheerder stelt het a. voor beroepsmatige ondersteuning: belang van de jeugdige De hoogte van het tarief is gelijk aan centraal, enz. het daadwerkelijke uurtarief van de uitvoerder. Dit tarief heeft een maximum van het uurtarief dat door de gemeente voor de voorziening in natura wordt gehanteerd. Indien het tarief van de door de cliënt gewenste uitvoerder hoger is dan dit tarief dan komt het deel dat de prijs overstijgt voor rekening van de aanvrager; b. voor niet-beroepsmatige ondersteuning wordt deze gebaseerd op het in het eerste lid van artikel 5.22 van de Regeling langdurige zorg genoemde gangbare tarief voor een persoon uit het sociale netwerk. 4. De pgb-beheerder stelt het belang van de jeugdige centraal,enz.

2. Het college kan een besluit, genomen 2. Het college kan een besluit, op grond van de wet en deze genomen op grond van de wet verordening, herzien of intrekken als het en deze verordening, herzien college vaststelt dat: of intrekken als het college a. de jeugdige of zijn ouders onjuiste of vaststelt dat: onvolledige gegevens hebben a. de jeugdige of zijn ouders verstrekt. De verstrekking van juiste onjuiste of onvolledige gegevens hebben verstrekt of volledige gegevens zou daarnaast tot een andere beslissing hebben en de verstrekking van geleid; juiste of volledige b. de jeugdige of zijn ouders niet langer gegevens tot een andere op de individuele voorziening of het beslissing zou hebben geleid; daarmee samenhangende pgb zijn b. de jeugdige of zijn ouders aangewezen; c. de individuele voorziening of het niet langer op de daarmee samenhangende pgb niet individuele voorziening of meer toereikend is; het daarmee samenhangende pgb zijn d. de jeugdige of zijn ouders niet aangewezen; voldoen aan de voorwaarden van de individuele voorziening of het pgb, of c. de individuele voorziening e. de jeugdige of zijn ouders de of het daarmee individuele voorziening of het samenhangende pgb niet daarmee samenhangende pgb niet of meer toereikend is te voor een ander doel gebruiken dan achten; waarvoor het is bestemd d. de jeugdige of zijn ouders f.

de jeugdige of zijn ouders niet voldoen aan de ondersteuning ontvangt in natura voorwaarden van de

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

Pagina 4 van 23

en wenst over te stappen naar een andere aanbieder of naar een pgb; g. de jeugdige of zijn ouders ondersteuning ontvangt in de vorm van een pgb en wenst over te stappen naar ondersteuning in natura. Artikel 12 Bestrijding oneigenlijk gebruik, misbruik en niet-gebruik Lid 2 nieuw toegevoegd

Artikel 27 Nadere regels protocol afstemming hulpinzet bij externe verwijzingen Nieuw toegevoegd en de overige leden omgenummerd Artikel 30 Overgangsbepaling Lid 2 en 3 toegevoegd en overige leden herschreven.

1. Het college informeert jeugdigen en ouders, in begrijpelijke bewoordingen, in ieder geval: a. over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een jeugdhulpvoorziening zijn verbonden; b. over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. 2. De jeugdhulpaanbieder voorkomt alle (schijn van) belangenverstrengeling rondom verwijzingen en hulpverlening. Daaronder worden in elk geval verstaan zelfverwijzingen en intercollegiale verwijzingen. De jeugdhulpaanbieder moet in die gevallen in contact treden met het college over de in te zetten jeugdhulp. 3. Het college wijst een toezichthouder enz. Het college kan een protocol opstellen waarin voorwaarden worden opgenomen over de afstemming over door de jeugdhulpaanbieder in te zetten jeugdhulp en de daarmee te behalen doelen.

1.

2.

3.

Aanvragen die bij het College zijn ingediend voor 1 januari 2022 en waarop nog niet is beslist voor 1 januari 2022, worden afgehandeld volgens deze verordening. Op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van de verordening Jeugdhulp gemeente Peel en Maas wordt beslist met inachtneming van de verordening waarop het besluit is gebaseerd, tenzij de toepassing van deze verordening gunstiger is voor de bezwaarmaker. Een jeugdige of zijn ouder houdt het recht op een lopende voorziening in de vorm van zorg in natura verstrekt

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

individuele voorziening of het pgb, of e. de jeugdige of zijn ouders de individuele voorziening of het daarmee samenhangende pgb niet of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het is bestemd. 1. Het college informeert jeugdigen en ouders in begrijpelijke bewoordingen over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een jeugdhulpvoorziening zijn verbonden en over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. 2. Het college wijst een toezichthouder enz.

Niet van toepassing

1. Een jeugdige of ouder houdt recht op een lopende voorziening, verstrekt op grond van de Verordening jeugdhulp Peel en Maas, vastgesteld in de raadsvergadering van 18 december 2018, totdat het college een nieuw besluit heeft genomen. 2. Aanvragen die zijn ingediend onder de Verordening jeugdhulp Peel en Maas, vastgesteld in de raadsvergadering van 18 december 2018, en waarop nog niet is beslist bij het in

Pagina 5 van 23

Artikel 31 Inwerkingtreding nieuwe en intrekking oude verordening

voor 1 januari 2022 in de volgende 2 situaties: a. tot de datum waarop de verstrekte voorziening eindigt, of b. totdat het College een ander besluit heeft genomen waarbij het besluit waarmee deze lopende voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken. 4. Een jeugdige of zijn ouder houdt het recht op een persoonsgebonden budget verstrekt voor 1 januari 2022: a. tot de datum waarop het verstrekte pgb eindigt of b. totdat het College een ander besluit heeft genomen waarbij het besluit waarmee deze lopende voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken. 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022. 2. De Verordening jeugdhulp Peel en Maas, door de raad vastgesteld op 17 december 2019 wordt ingetrokken per 1 januari 2022.

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

werking treden van deze verordening, worden afgehandeld krachtens deze verordening.

1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2020. 1. De Verordening jeugdhulp Peel en Maas, door de raad vastgesteld op 18 december 2018 wordt ingetrokken per 1 januari 2020.

Pagina 6 van 23

Verordening maatschappelijke ondersteuning Aanpassingen in artikel Artikel 1 sub a

Tekst nieuw

Tekst oud

Niet van toepassing

algemeen gebruikelijke voorziening: een voorziening waarvan, gelet op de omstandigheden, aannemelijk is dat de burger daarover, ook als hij geen beperkingen had, zou (hebben kunnen) beschikken. Een voorziening is algemeen gebruikelijk indien de volgende criteria van toepassing zijn: 1. De voorziening is niet speciaal voor gehandicapten bedoeld; 2. De voorziening is in de reguliere handel verkrijgbaar (geen revalidatievakhandel); 3. De voorziening is in prijs vergelijkbaar met soortgelijke producten. Niet van toepassing

Verwijderd omdat dit al in de wet staat. Voor het overige zijn de leden omgenummerd/

Artikel 1 lid 1 sub b Nieuw toegevoegd

Artikel 1 lid 1 sub d Verwijderd omdat dit al in de wet staat. Artikel 1 lid 1 sub e Nieuw toegevoegd Regionale afspraak

beschermd wonen: betreft een maatwerkvoorziening bestaande uit de volgende kenmerken: 1. wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor burgers met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving; en, 2. de begeleiding wordt planbaar en onplanbaar (24 uur per dag) geboden op gevraagde en ongevraagde momenten, zodat er goed kan worden ingespeeld op de (al dan niet geëxpliceerde) vraag van de burger. Niet van toepassing

Budgetplan: plan van de budgethouder waarin vermeld staat welke ondersteuning wordt ingekocht en welke bedragen per zorgverlener worden besteed. Een budgetplan wordt ingediend na ontvangst van een leefzorgplan;

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

bijdrage plichtig inkomen: verzamelinkomen van 2 jaar geleden + 8% grondslag sparen en beleggen van 2 jaar geleden; Niet van toepassing

Pagina 7 van 23

Artikel 1 lid 1 sub g Nieuw toegevoegd

Artikel 1 lid 1 sub j Nieuw toegevoegd

Artikel 1 lid 1 sub k Nieuw toegevoegd

Artikel 1 lid 1 sub n Vervangen door lid 1 sub j ‘Leefzorgplan’ Artikel 1 lid 1 sub p nieuw Artikel 1 lid 1 sub q nieuw Artikel 1 lid 1 sub r nieuw

Dorpsvoorziening hulp bij huishouden: Bij de dorpsvoorziening ligt het eigenaarschap, de regie en de uitvoering van hulp bij het huishouden volledig bij de dorpen. De hulp wordt laagdrempelig en dichtbij de inwoners georganiseerd. Het eerste aanspreekpunt zijn de dorpsondersteuners in eigen dorp. Een dorpsvoorziening staat volledig buiten de Wmo en is geen gemeentelijke voorziening. Leefzorgplan: plan dat in overleg met de burger is opgesteld, waarin de gesprekken en afspraken in de onderzoeksfase staan. Dit dient tevens als verslag zoals bedoeld in artikel 2.3.2 lid 8 van de Wet en hiermee kan de burger een aanvraag voor een maatwerkvoorziening indienen; Maatschappelijke opvang: voorzieningen zoals omschreven in de Wmo 2015, artikel 1.1.1 onder opvang, inclusief: a. winteropvang: een algemeen toegankelijke opvangvoorziening welke wordt opengesteld door de opvanginstelling zodra de koude en/of winterregeling van kracht wordt; b. acute opvang: opvangvoorziening voor spoedeisende gevallen waarbij het college onverwijld in afwachting van het onderzoek opvang ter beschikking stelt; Niet van toepassing

Niet van toepassing

Plan van aanpak: het plan van aanpak per burger dat de zorgverlener samen met de burger opstelt waarin staat welke maatschappelijke ondersteuning de zorgverlener aanbiedt om de resultaten (doelen) te behalen uit het leefzorgplan; Raamovereenkomst: een overeenkomst tussen de aanbestedende diensten en aanbieders met het doel gedurende een bepaalde periode de voorwaarden inzake te gunnen opdrachten vast te leggen; Traject: een tijdsduur waarbinnen de cliënt maatschappelijke ondersteuning ontvangt van de zorgverlener om de resultaten te behalen. Een traject is gekoppeld aan een unieke burger;

Niet van toepassing

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

Niet van toepassing

Niet van toepassing

ondersteuningsplan: schriftelijk verslag van de gesprekken en afspraken in de onderzoeksfase;

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Pagina 8 van 23

Artikel 2 Aanbod algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen Nieuw artikel waardoor de overige artikelen zijn omgenummerd

Artikel 5 lid 3 Vooronderzoek: verzamelen gegevens en indienen persoonlijk plan Artikel 7 Leefzorgplan

1. De volgende algemene voorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar a. Een maaltijdvoorziening tijdens de dagbesteding bij de maatwerkvoorziening onder lid 2 sub c, e en f; b. dorpsvervoer; c. dorpsontmoeting; d. maaltijdvoorziening/eetpunten; e. Kesje 6; f. Hulp bij huishouden; g. TWP; h. Inloop Ggz; i. Algemeen maatschappelijk werk; j. Logeren bij Plattelandshoës; 2. De volgende maatwerkvoorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. Beschermd Wonen; b. Maatschappelijke opvang; c. Traject volwassenen met een complexe en meervoudige ondersteuningsvraag (individuele begeleiding en dagbesteding); d. Traject volwassenen met een kortdurende en enkelvoudige ondersteuningsvraag (individuele begeleiding); e. Traject volwassenen met een langdurige ondersteuningsvraag (individuele begeleiding en dagbesteding); f. Traject volwassenen met ouderdomsproblematiek (individuele begeleiding en dagbesteding); g. Traject hulp in het huishouden; h. Logeren; i. Hulpmiddelen; j. Woningaanpassingen; k. Collectief vraagafhankelijk vervoer. Als de burger genoegzaam bekend is bij de gemeente, kan het college in overeenstemming met de burger gemotiveerd afzien van een vooronderzoek als bedoeld in het eerste en tweede lid. Na het onderzoek verstrekt het college dan wel zijn vertegenwoordiger een schriftelijk weergave van de uitkomsten van het onderzoek via een leefzorgplan.

Opmerkingen of latere aanvullingen van de burger worden aan het leefzorgplan toegevoegd.

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

Niet van toepassing

Als de burger genoegzaam bekend is bij de gemeente, kan het college in overeenstemming met de burger afzien van een vooronderzoek als bedoeld in het eerste en tweede lid. Verslag: ondersteuningsplan 1. Het college verstrekt de burger dan wel diens vertegenwoordiger een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek, waaronder een verslag van het gesprek of de gesprekken als bedoeld in het eerste lid van artikel 5. Deze schriftelijke weergave vormt het ondersteuningsplan.

Pagina 9 van 23

Artikel 9 Aanvraag

Artikel 10 Criteria voor maatwerkvoorziening Lid 1, 4, 5 en 6 nieuw toegevoegd

Een burger of zijn gemachtigde of vertegenwoordiger kan een aanvraag om een maatwerkvoorziening schriftelijk indienen bij het college, door: 1. een schriftelijke ingevulde en ondertekende aanvraag, of; 2. een door de burger ondertekend leefzorgplan als bedoeld in artikel 7.

1. Het college neemt het leefzorgplan zoals bedoeld onder artikel 7 als uitgangspunt voor de beoordeling van een aanvraag om een maatwerkvoorziening. 2… 3… 4. Als het college van oordeel is dat een burger zijn behoefte aan maatschappelijke ondersteuning redelijkerwijs van tevoren had kunnen voorzien en zijn beslissing had kunnen voorkomen, kan het college besluiten dat de burger niet in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening met betrekking tot zelfredzaamheid of participatie. 5. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is ter vervanging van een eerder door het college verstrekte voorziening, wordt deze slechts verstrekt als de eerder verstrekte voorziening technisch is afgeschreven. a. tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de burger zijn toe te rekenen; b. tenzij de burger geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de veroorzaakte kosten, of c. als de eerder verstrekte voorziening niet langer de oplossing biedt voor de behoefte van de burger aan maatschappelijke ondersteuning.

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

2. Als de burger in aanmerking wil komen voor een maatwerkvoorziening wordt dit opgenomen in het ondersteuningsplan. 1. Een aanvraag voor een maatwerkvoorziening kan pas worden gedaan nadat het onderzoek is uitgevoerd, tenzij het onderzoek niet is uitgevoerd binnen zes weken na de ontvangst van de melding. 2. Een aanvraag voor een maatwerkvoorziening moet bij het college worden ingediend. De aanvraag dient ondertekend te zijn. Een door de burger ondertekend ondersteuningsplan wordt beschouwd als aanvraag. Niet van toepassing

Pagina 10 van 23

Artikel 11 Algemene voorwaarden, verplichtingen en weigeringsgronden lid 1 sub c Onderdeel 1 tot en met 5 veranderd in sub d. tot en met h. Artikel 12 Specifieke voorwaarden, verplichtingen en weigeringsgronden Lid 1 toegevoegd en voor het overig omgenummerd lid 3 onder b. en lid 7. Lid 8 en 9 zijn vervallen

6. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopst adequate tijdig beschikbare voorziening, zoals bedoeld in artikel 2 lid 2. Geen maatwerkvoorziening wordt verstrekt: a. …; b. …; c. voor zover de burger met gebruikmaking van een dorpsvoorziening of algemene voorzieningen in de hulpvraag kan voorzien; d. … e. … enz.

1. In de kernen waar een dorpsvoorziening Hulp bij het Huishouden is, wordt geen maatwerkvoorziening Hulp bij het huishouden verstrekt; 2. In de kernen waar een algemene Voorziening Hulp bij het Huishouden is, wordt geen maatwerkvoorziening Hulp bij het Huishouden verstrekt, tenzij er meer dan 3 uur per week hulp nodig is; 3. Het primaat voor een woningaanpassing ligt bij verhuizen, tenzij verhuizen naar een geschikte woning niet de goedkoopst passende oplossing biedt voor het college; 4. Geen woningaanpassing of woonvoorziening wordt verstrekt: a. voor zover de beperkingen voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen; b. ten behoeve van hotels/pensions, trekkerswoonwagens, kloosters, tweede woningen, (pré) mantelzorgwoningen, vakantie- en recreatiewoningen en gehuurde kamers; c. … 5. … 6. … 7. … enz. 8. Een sportvoorziening wordt verstrekt wanneer het voor de burger zonder sporthulpmiddel niet mogelijk is om een sport te beoefenen en de kosten hiervoor aanzienlijk hoger zijn dan de gebruikelijke kosten die een persoon zonder beperkingen heeft voor dezelfde (of een vergelijkbare) sport. De aanvrager moet aantonen dat: a. er sprake is van een actieve sportbeoefening én;

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

Geen maatwerkvoorziening wordt verstrekt: a. …; b. …; c. voor zover de burger met gebruikmaking van algemene voorzieningen in de hulpvraag kan voorzien; 1. … 2. … enz.

1. In de kernen waar een algemene voorziening Hulp bij het Huishouden is wordt geen maatwerkvoorziening Hulp bij het huishouden verstrekt, tenzij er meer dan 3 uur per week hulp nodig is; 2. Het primaat voor een woningaanpassing ligt bij verhuizen, tenzij verhuizen naar een geschikte woning niet de goedkoopst passende oplossing biedt voor de burger; 3. Geen woningaanpassing wordt verstrekt: a. voor zover de beperkingen voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen; b. ten behoeve van hotels/pensions, trekkerswoonwagens, kloosters, tweede woningen, vakantie- en recreatiewoningen en gehuurde kamers; c. … 4. … 5. … 6. … 7. Een sportvoorziening wordt verstrekt wanneer het voor de burger zonder sporthulpmiddel niet mogelijk is om een sport te beoefenen en de kosten hiervoor aanzienlijk hoger zijn dan de gebruikelijke kosten die een persoon zonder beperkingen heeft voor dezelfde (of een

Pagina 11 van 23

b. dat dit voor de burger nodig is om te participeren én; c. er voor de burger geen andere mogelijkheden zijn om te participeren.

Artikel 13 Inhoud beschikking

1. In de beschikking van een maatwerkvoorziening wordt in ieder geval aangegeven of deze als voorziening in natura of als pgb wordt verstrekt en wordt tevens aangegeven hoe bezwaar tegen de beschikking kan worden gemaakt 2. Het leefzorgplan maakt onderdeel uit van de beschikking 3. De door burger en college gekozen zorgverlener maakt gezamenlijk met de burger het plan van aanpak. In het plan van aanpak tussen zorgverlener en de burger wordt aangeven welke maatschappelijke ondersteuning wordt geboden om de resultaten te behalen, zoals beschreven in het leefzorgplan. 4. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening in natura wordt in de beschikking in ieder geval gemotiveerd vastgelegd: a. welke de te verstrekken maatwerkvoorziening is en wat het beoogde resultaat daarvan is, dit wordt beschreven in het leefzorgplan; b. wat de ingangsdatum en de duur van de verstrekking is; c. hoe de voorziening wordt verstrekt;

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

vergelijkbare) sport. De aanvrager moet aantonen dat er sprake is van een actieve sportbeoefening. 8. De verstrekking van vervoershulpmiddelen geschiedt enkel wanneer de kosten van de voorziening de kosten van de algemeen gebruikelijke vervoersvoorziening (auto of fiets) te boven gaan. 9. De vervoersvoorziening collectief vervoer wordt verstrekt mits er voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. Er is sprake van noodzakelijk vervoer; b. De vervoersbehoefte kan niet met een adequatere oplossing, bijvoorbeeld op basis van maatwerk een scootmobiel of aangepaste fiets, worden opgelost. c. Er is geen sprake van bovenlokaal vervoer waarbij gebruik kan worden gemaakt van Valys. 1. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening geeft het college een beschikking af. 2. In de beschikking tot verstrekking van een maatwerkvoorziening wordt in ieder geval aangegeven of de voorziening in natura of als pgb wordt verstrekt en wordt tevens aangegeven hoe bezwaar tegen de beschikking kan worden gemaakt. 3. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening in natura vermeldt de beschikking in ieder geval: a. welke maatwerkvoorziening verstrekt wordt en wat het beoogde resultaat daarvan is; b. de ingangsdatum en duur van de verstrekking; c. of een bijdrage in de kosten verschuldigd is

Pagina 12 van 23

d. indien van toepassing, welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn; e. de rechten en plichten die aan het ontvangen van een maatwerkvoorziening zijn verbonden. 5. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget wordt in de beschikking in ieder geval gemotiveerd vastgelegd: a. voor welk beoogd resultaat het pgb dient te worden aangewend, dit wordt beschreven in het leefzorgplan; b. wat de ingangsdatum en de duur van het pgb is; c. welke kwaliteitseisen gelden voor de maatwerkvoorziening; d. wat de hoogte van het pgb is en hoe hiertoe gekomen is; e. de wijze van verantwoording van de besteding van het pgb; f. de rechten en plichten die aan het ontvangen van een pgb zijn verbonden. 6. Als sprake is van een te betalen bijdrage in de kosten, wordt de burger daarover in de beschikking geïnformeerd.

Artikel 14 Hoogte en voorwaarden persoonsgebonden budget (pgb) algemeen Lid 1 tot en met 4 nieuw toegevoegd

1. De hoogte van het pgb: a. wordt vastgesteld aan de hand van een door de burger opgesteld budgetplan waarin in ieder geval is uiteen is gezet: 1e welke diensten, hulmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorzieningen behoren de burger van het budget wil betrekken, en 2e indien van toepassing, welke hiervan de cliënt wil betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk; b. wordt berekend op basis van een prijs of tarief: 1e waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten,

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

en de daarbij door het college gehanteerde uitgangspunten, zoals de kostprijs van de voorziening. d. wat de omvang van de ondersteuning bedraagt; e. welke aanbieder(s) worden ingezet. 4. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening in de vorm van persoonsgebonden budget (pgb) vermeldt de beschikking in ieder geval: a. aan welk resultaat het persoonsgebonden budget kan worden besteed; b. wat de hoogte van het persoonsgebonden budget is en hoe dit tot stand is gekomen; c. wat de duur is van de verstrekking waarop het persoonsgebonden budget betrekking heeft; a. de wijze van verantwoording van de besteding van het persoonsgebonden budget, b. of een bijdrage in de kosten verschuldigd is en de daarbij door het college gehanteerde uitgangspunten, zoals de kostprijs van de voorziening. Niet van toepassing

Pagina 13 van 23

hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorzieningen behoren, van derden te betrekken; 2e waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten van derden van wie de burger diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren te betrekken; 3e waarbij, voor zover van toepassing, rekening is gehouden met de in lid 1 onder b gestelde voorwaarden betreffende het tarief onder welke de burger de mogelijkheid heeft om de betreffende diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen te betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk, en 4e wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering; c. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura zoals bedoeld in artikel 2 en zoals vastgelegd in de regionaal afgesloten raamovereenkomsten met aanbieders. 2. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. 3. De hoogte van een pgb: a.

wordt vastgesteld aan de hand van een door de burger opgesteld budgetplan over hoe hij het pgb gaat besteden; b. wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

Pagina 14 van 23

Artikel 16 (oude nummering)

maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering, en; c. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente beschikbare maatwerkvoorziening in natura. 4. Een pgb dient door de burger binnen zes maanden na toekenning te worden aangewend ten behoeve van het beoogde resultaat waarvoor het is verstrekt. 5. … enz. Niet van toepassing

Persoonsgebonden budget (pgb) Dit artikel is overgenomen in artikel 14 (lid 2 tot en met 4) en kan daarom vervallen.

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

1. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. 2. De hoogte van een pgb: a. wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden; b. wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering, en; c. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst

Pagina 15 van 23

Artikel 16 (nieuw) Alleen de titel van het artikel is herschreven Artikel 21 Hoogte en voorwaarden pgb bij beschermd wonen Lid 2 tot en met 4 nieuw toegevoegd

Artikel 26 Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering Lid 2 sub e, f en g toegevoegd

Hoogte pgb bij diensten in de vorm van hulp bij het huishouden, de trajecten zoals genoemd onder artikel 2, lid 2, sub c, d, e, f en g en logeren 1. … 2. Indien uit het onderzoek blijkt dat een burger structureel behoefte heeft aan aanvullende ondersteuning kan in uitzonderlijke gevallen een toeslag intensieve ondersteuning toegekend worden. Deze toeslag wordt toegekend indien er: a. als een gevolg van een lichamelijke of somatische aandoening, inzet van (verpleegkundige) ondersteuning nodig is aanvullend op beschermd wonen en/of; b. er sprake is van dermate complexe psychiatrische problematiek, in combinatie met ernstige gedragsproblematiek, waardoor er inzet van begeleiding nodig is aanvullend op beschermd wonen. 3. Indien uit het onderzoek blijkt dat een burger behoefte heeft aan een geregisseerde dagbesteding, kan er een dagbesteding aanvullend op beschermd wonen worden toegekend. 4. Voor de toepassing en berekening van de tariefdifferentiatie, zoals bedoeld in artikel 21 lid 2 van deze verordening, wordt in de basis uitgegaan van fictief aantal te leveren uren van voor beschermd wonen acht uur ondersteuning per week. 1. … 2. Onverminderd artikel 2.3.10 van de wet kan het college een beslissing als bedoeld in artikel 2.3.5 of 2.3.6 van de wet herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: a.

de burger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

adequate in de gemeente beschikbare maatwerkvoorziening in natura. 2. Een pgb dient door de burger binnen zes maanden na toekenning te worden aangewend ten behoeve van het beoogde resultaat waarvoor het is verstrekt. Hoogte pgb bij diensten in de vorm van hulp bij het huishouden, dagbesteding, begeleiding individueel, persoonlijke verzorging en logeren 1. … 2. tot en met 4. niet van toepassing

1. … 2. Onverminderd artikel 2.3.10 van de wet kan het college een beslissing als bedoeld in artikel 2.3.5 of 2.3.6 van de wet herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: a. de burger onjuiste of onvolledige gegevens heeft

Pagina 16 van 23

Artikel 27 Lid 3 en 6 Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzien ingen en bij verordening aangewezen algemene voorzieningen

gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; b. de burger niet langer op de maatwerkvoorziening of het pgb is aangewezen; de maatwerkvoorziening of het pgb niet meer toereikend is te achten; c. de burger niet voldoet aan de aan de maatwerkvoorziening of het pgb verbonden voorwaarden, of; d. de burger de maatwerkvoorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruikt, of; e. indien uit een door het college uitgevoerd heronderzoek blijkt dat er met toepassing van deze verordening een afwijkend besluit zou zijn genomen; f. indien de burger ondersteuning ontvangt in natura en wenst over te stappen naar een andere aanbieder of naar een pgb; g. indien de burger ondersteuning ontvangt in de vorm van een pgb en wenst over te stappen naar ondersteuning in natura. 3. … 1. … 2. … 3. De bij verordening aangewezen algemene voorziening is hulp bij het huishouden, tenzij deze is vervangen door een dorpsvoorziening Hulp bij het Huishouden. 4. … 5. … 6. Voor bij de verordening aangewezen algemene voorziening hulp bij het huishouden betalen burgers de volgende inkomensafhankelijke eigen bijdrage tot maximaal € 19,00 per maand voor de ongehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen:

Eigen bijdrage per uur 0,00

€ 1,50 € 2,50 € 5,00 € 7,00

Eenpersoons huishouden Meerpersoons huishouden bijdrageplichtig inkomen bijdrageplichtig inkomen Bruto bedragen per jaar in euro’s Jonger dan de PensioenJonger dan de Pensioenpensioengerechtigde leeftijd gerechtigde pensioengerechtigde leeftijd of gerechtigde leeftijd of ouder leeftijd ouder a. als de burger een andere maatwerkvoorziening heeft waarvoor het abonnementstarief betaald wordt óf; b. als de burger verzekerd is via de collectieve ziektekostenverzekering van de gemeente Peel en Maas óf; c. in uitzonderingssituaties. -24.000 -18.000 - 36.000 -24.000 24.000–26.000 18.000 – 36.000 – 38.000 24.000 – 20.000 26.000 26.000–28.000 20.000 – 38.000 – 40.000 26.000 22.000 28.000 + 28.000 + 22.000 40.000 – 42.000 Meer dan 28.000

1. … 2. … 3. De bij verordening aangewezen algemene voorziening is hulp bij het huishouden. 4. … 5. … 6. Voor de eigen bijdrage voor hulp bij het huishouden betalen burgers de volgende inkomensafhankelijke eigen bijdrage tot maximaal € 19,00 per maand voor de ongehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen: Gesub sidieer de uurprijs voor pilotper iode is €7 Eigen bijdrag e per uur 0,00

Eenpersoons huishouden bijdrageplichtig inkomen

Geen pensioen

€ 1,50 € 2,50

a. als de burger een andere maatwerkvoorziening heeft waarvoor het abonnementstarief betaald wordt óf; b. als de burger verzekerd is via de collectieve ziektekostenverzekering van de gemeente Peel en Maas óf; c. in uitzonderings- situaties. -24.000 24.000–26.000

€ 5,00

26.000–28.000

€ 7,00

+ 28.000

Meerpersoons huishouden bijdrageplichtig inkomen

Wel pensioen

Geen pensioen

Wel pensioen

-18.000 18.000 – 20.000 20.000 – 22.000 + 22.000

- 36.000 36.000 – 38.000

-24.000 24.000 – 26.000

38.000 – 40.000

26.000 - 28.000

40.000 – 42.000

Meer dan 28.000

7. …enz.

7. … enz.

zaaknummer 1894/2021/2282942

verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; b. de burger niet langer op de maatwerkvoorziening of het pgb is aangewezen; de maatwerkvoorziening of het pgb niet meer toereikend is te achten; c. de burger niet voldoet aan de aan de maatwerkvoorziening of het pgb verbonden voorwaarden, of; d. de burger de maatwerkvoorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruikt. 3. …

document 2469158

Pagina 17 van 23

Artikel 28 Bijdrage in de kosten voor algemene voorzieningen, met uitzondering van de bij verordening aangewezen algemene voorzieningen

Artikel 29 Eigen bijdrage in de kosten bij maatschappelijke opvang Nieuw toegevoegd

1. Voor de volgende algemene voorzieningen is de burger een bijdrage in de kosten verschuldigd: a. Maaltijden bij dagbesteding b. dorpsvervoer; c. dorpsontmoeting; d. maaltijdvoorziening/eetpunt; e. Kesje 6; 2. De bijdrage in de kosten van: a. Maaltijd dagbesteding bedraagt tussen de € 5 en € 10; b. het dorpsvervoer bedraagt maximaal € 2 per rit binnen Peel en Maas; c. de dorpsontmoeting bedraagt maximaal € 12 per dag; d. de maaltijdvoorziening bedraagt de volledige kostprijs: e. Kesje 6 bedraagt € 5 per keer. 3. Kwijtschelding van de eigen bijdrage voor de dorpsontmoeting is mogelijk voor burgers: a. met een uitkering op grond van de Participatiewet; b. periodieke bijzondere bijstand; c. die toegelaten zijn tot de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP); d. die toegelaten zijn tot de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs); e. Indien sub a. tot en met d. van dit artikel niet van toepassing zijn, kan op basis van een draagkrachtberekening worden bepaald of in bepaalde situaties een lagere inkomensafhankelijke bijdrage of kwijtschelding mogelijk is.

1.

2.

De hoogte van de eigen bijdrage voor maatschappelijke opvang wordt bepaald met inachtneming van artikel 3.20 uitvoeringsbesluit Wmo 2015. De hoogte van de eigen bijdrage voor winteropvang en acute opvang: a. Voor gebruikers van de winteropvang tijdens de duur van de winter- en of kouderegeling

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

Voor de volgende algemene voorzieningen is de burger een bijdrage in de kosten verschuldigd: a. dorpsvervoer; b. dorpsontmoeting; c. maaltijdvoorziening; d. Kesje 6; 2. De bijdrage in de kosten van: a. het dorpsvervoer bedraagt maximaal € 1,50 per rit binnen Peel en Maas; b. de dorpsontmoeting bedraagt maximaal € 12,- per dag; c. de maaltijdvoorziening bedraagt de volledige kostprijs: d. Kesje 6 bedraagt € 5,per keer. 3. Kwijtschelding op de bijdrage voor de dorpsontmoeting is mogelijk voor burgers: a. met een uitkering op grond van de Participatiewet en/of; b. periodieke bijzondere bijstand en/of; c. die toegelaten zijn tot de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) en/of; d. die toegelaten zijn tot de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs); e. Indien sub a. tot en met d. van dit artikel niet van toepassing zijn, kan op basis van een draagkrachtberekening worden bepaald of in bepaalde situaties een lagere inkomensafhankelijke bijdrage of kwijtschelding mogelijk is. Niet van toepassing

Pagina 18 van 23

Artikel 30

1.

Bijdrage in de kosten voor maatschappelijke opvang en huiselijk geweld 2.

Artikel 41 (nieuw) Nadere regels

geldt dat er geen eigen bijdrage verschuldigd is. b. Gedurende de onderzoeksperiode zoals bedoeld in de beleidsregel landelijke toegankelijkheid maatschappelijke opvang, is de burger geen eigen bijdrage verschuldigd voor acute opvang. Deze periode is gemaximeerd tot 2 weken. c. Vanwege de complexiteit van de zorgvraag van sommige burgers kan het college besluiten tot verlengd en verdiepend onderzoek naar de zorgvraag en het organiseren van een passende oplossing, zoals bedoeld in de beleidsregel landelijke toegankelijkheid maatschappelijke opvang. Het gaat hierbij om burgers (met of zonder kinderen) uit de regio Noord- en Midden Limburg die verblijven in de acute opvang. Indien de termijn van 2 weken verlengd wordt, kan het college besluiten dat de burger ook voor deze periode geen eigen bijdrage verschuldigd is. d. Het is de opvanginstelling toegestaan burgers (met of zonder kinderen) die verblijven in de acute opvang een vergoeding te vragen voor verstrekte maaltijden. De hoogte van deze vergoeding is gelijk aan die het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (NIBUD) berekent als gemiddelde voedingskosten. De eigen bijdrage voor maatschappelijke opvang en slachtoffers huiselijk geweld is gelijk aan het verschil tussen de bijstandsnorm die voor de burger geldt en de norm persoonlijke uitgaven zoals bepaald in artikel 23 van de Participatiewet.

Voor burgers in de opvang voor slachtoffers van huiselijk geweld bedraagt de bijdrage € 227,50 per maand, waarbij de burgers zelf verantwoordelijk zijn voor de dagelijkse voeding.

Het college stelt nadere regels vast: a. voor de wijze van berekening en inning van de eigen bijdrage voor maatschappelijke opvang;

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

1. De eigen bijdrage voor maatschappelijke opvang en slachtoffers huiselijk geweld is gelijk aan het verschil tussen de bijstandsnorm die voor de cliënt geldt en de norm persoonlijke uitgaven zoals bepaald in artikel 23 van de Participatiewet. 2. Voor burgers in de opvang voor slachtoffers van huiselijk geweld bedraagt de bijdrage met ingang van 1 juli 2017 € 227,50 per maand, waarbij de cliënten zelf verantwoordelijk zijn voor de dagelijkse voeding. Het college stelt nadere regels vast voor beschermd wonen en opvang.

Pagina 19 van 23

b.

Artikel 41 (oud)

door welke andere instantie dan het CAK in de gevallen bedoeld in artikel 2.1.4 lid 7 Wmo 2015, de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb worden vastgesteld en geïnd. Niet van toepassing

Beleidsregels Vervallen en de overige artikelen omgenummerd Artikel 42 Overgangsbepalingen Nieuw toegevoegd en lid 5 overgenomen in dit artikel uit verordening onder artikel 42 (oud)

Artikel 43 Lid 2 tot en met 5 overgenomen in artikel 41 (overgangsrecht)

1. Aanvragen die bij het College zijn ingediend voor 1 januari 2022 en waarop nog niet is beslist voor 1 januari 2022, worden afgehandeld volgens deze verordening. 2. Op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van de verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Peel en Maas, zoals vastgesteld op 15 december 2020, wordt beslist met inachtneming van de verordening waarop het besluit is gebaseerd, tenzij de toepassing van deze verordening gunstiger is voor de bezwaarmaker. 3. Een burger houdt het recht op een lopende voorziening in de vorm van zorg in natura verstrekt voor 1 januari 2022, tot de datum waarop de verstrekte voorziening eindigt, of totdat het college een ander besluit heeft genomen waarbij het besluit waarmee deze lopende voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken. 4. Een burger houdt het recht op een persoonsgebonden budget verstrekt voor 1 januari 2022, tot de datum waarop het verstrekte pgb eindigt. 5. Het Besluit beschermd wonen en opvang, vastgesteld door het college op 6 januari 2020 en genomen krachtens de verordening zoals bedoeld in eerste lid geldt als besluit genomen krachtens deze verordening. Intrekken oude verordening De Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Peel en Maas, vastgesteld door de raad op 15 december 2020 wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2022.

Het college stelt beleidsregels vast voor de uitvoering van deze verordening.

Niet van toepassing

Intrekking oude verordening en overgangsrecht 1.

2.

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

De Verordening maatschappelijke ondersteuning 2020 Peel en Maas, vastgesteld door de raad op 10 maart 2020 wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2021; Een cliënt houdt recht op een lopende voorziening verstrekt op grond van de verordening zoals

Pagina 20 van 23

Artikel 44 Inwerkingtreding en citeertitel

1. 2.

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022; Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Peel en Maas.

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

bedoeld in het eerste lid of deze verordening, totdat het college een nieuw besluit heeft genomen waarbij het besluit waarmee deze voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken; 3. Aanvragen die zijn ingediend onder de verordening bedoeld in artikel 42 tweede lid en waarop nog niet is beslist bij het inwerking treden van deze verordening, worden afgehandeld conform deze verordening; 4. Op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van de verordening zoals bedoeld in het eerste lid, wordt beslist met inachtneming van deze verordening; 5. Het Besluit beschermd wonen en opvang, vastgesteld door het college op 6 januari 2020 en genomen krachtens de verordening zoals bedoeld in eerste lid geldt als besluit genomen krachtens deze verordening. 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2021; 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Peel en Maas

Pagina 21 van 23

Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Peel en Maas Aanpassing in artikel Aanhef

Artikel nieuw

Artikel oud

Gelet op het bepaalde in artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdelen a en d en 56a van de Participatiewet, artikel 35 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en artikel 35 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;

1 lid 1 Begrippen

2. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, IOAW, IOAZ en de Algemene wet bestuursrecht.

Gelet op het bepaalde in artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdelen a en d van de Participatiewet, artikel 35 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en artikel 35 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; 1. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht. Netto bedrag dat ten onrechte aan bijstand is verstrekt;

veranderd in lid 2 van dit artikel 1 lid 1 sub b Benadelingsbedrag

1 lid 1 sub b Bijstandsnorm

1 lid 1 sub f IOAW nieuw toegevoegd 1 lid 1 sub g IOAZ nieuw toegevoegd Artikel 7 Gedragingen Participatiewet Lid 2 onder a. toegevoegd.

netto-uitkering waarop eerder, langer of tot een hoger bedrag een beroep wordt of is gedaan ten gevolge van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan netto bedrag dat ten onrechte aan bijstand is verstrekt; 1° toepasselijke bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de Participatiewet, of 2° grondslag van de uitkering als bedoeld in artikel 5 van de IOAW of artikel 5 van de IOAZ voor zover sprake is van een uitkering op grond van de IOAW of IOAZ;

IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;

toepasselijke bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c van de wet; grondslag van de uitkering als bedoeld in artikel 5 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) of artikel 5 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) Niet van toepassing

IOAZ : Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen

Niet van toepassing

Gedragingen van een belanghebbende waardoor een verplichting op grond van de artikelen 9, 9a, 17, tweede lid, 55 en 56a van de Participatiewet niet of onvoldoende wordt nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën: a. eerste categorie:

Gedragingen van een belanghebbende waardoor algemeen geaccepteerde arbeid niet wordt verkregen of een verplichting op grond van de artikelen 9, 9a en 55 van de Participatiewet niet of

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

Pagina 22 van 23

Artikel 21 Inwerkingtreding nieuwe en intrekking oude verordening Nummering omgewisseld met artikel ‘overgangsbepalingen’

1. het zich niet tijdig laten registreren als werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of het niet tijdig laten verlengen van de registratie 2. het niet nakomen van de in artikel 56a, tweede lid, van de Participatiewet neergelegde verplichting om gedurende een periode van zes maanden, gerekend vanaf de dag waarop het recht op bijstand ontstaat, mee te werken aan het door het college in naam van de belanghebbende verrichten van betalingen uit de toegekende bijstand van huur, gas, water en stroom en de verplichte zorgverzekering; 1. Deze verordening treedt in werking 1 januari 2022; 2. De Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Peel en Maas d.d. 24 oktober 2017 wordt met ingang van de, onder lid 1 van dit artikel, genoemde datum ingetrokken.

zaaknummer 1894/2021/2282942

document 2469158

onvoldoende wordt nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën: a. eerste categorie: het zich niet tijdig laten registreren als werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of het niet tijdig laten verlengen van de registratie;

1. Deze verordening treedt in werking op de dag ná bekendmaking; 2. De Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Peel en Maas d.d. 6 december 2016 wordt met ingang van de, onder lid 1 van dit artikel, genoemde datum ingetrokken.

Pagina 23 van 23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=c03745ed-61d2-4aac-9c5b-cf92df9beb33