2021-061 03 Planregels, incl. Landschappelijk inpassingsplan.pdf
Tekst van het document
het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarde voorziet.
Concept
28
Artikel 12 Overige regels 12.1 Wetten/wettelijke regelingen Indien en voor zover in deze regels wordt verwezen naar wettelijke regelingen c.q. verordeningen e.d., dienen deze regelingen te worden gelezen, zoals deze luiden op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan. 12.2
Parkeerregels
12.2.1 Algemene parkeerregels Het is verboden te bouwen dan wel het gebruik van gronden en/of bouwwerken te wijzigen indien er niet wordt voldaan aan de op grond van dit artikel gestelde parkeernormen, tenzij er een ontheffing is verleend op grond van hoofdstuk 4 van de nota parkeernormen. 12.2.2 Specifieke parkeerregels bij bouwplannen Een bouwplan dient te voorzien in voldoende parkeermogelijkheden. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de wijze zoals beschreven in de nota parkeernormen. Indien deze nota gedurende de planperiode wijzigt of wordt vervangen, geldt de gewijzigde c.q. de vervangende nota. 11.2.3 Specifieke parkeerregels bij gebruikswijzigingen Indien het wijzigen van het gebruik van gronden en/of bouwwerken daartoe aanleiding geeft, moet voor wat betreft de toename in de parkeerbehoefte worden voorzien in voldoende parkeermogelijkheden. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de wijze zoals beschreven in de Nota parkeernormen. Indien deze nota gedurende de planperiode wijzigt of wordt vervangen, geldt de gewijzigde c.q. de vervangende nota. 11.2.4 Specifieke gebruiksregels Ruimte(n) voor het parkeren van voertuigen, voor zover de aanwezigheid van deze ruimte(n) krachtens deze parkeerregels is geëist, dient te allen tijde voor dit doel beschikbaar te blijven. Ander gebruik wordt aangemerkt als strijdig gebruik.
Concept
29
4.
OVERGANGS- EN SLOTREGELS
Artikel 13 Overgangsrecht 13.1 Overgangsrecht bouwwerken a. een bouwwerk, dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen 2 jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a. een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a. met maximaal 10%. c. het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bouwwerken, die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 13.2 Overgangsrecht gebruik a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a.
te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. indien het gebruik, bedoeld onder a., na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Concept
30
Artikel 14 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan “Breestraat ong. Maasbree”.
Concept
31
Peel en Maas, Breestraat
Van den Broek
08-03-2021
Landschappelijke kwaliteitsbijdrage bij ontwikkelingen in het buitengebied Voor de ontwikkelingen aan de Breestraat geldt dat er kwaliteitsverbetering zal moeten plaatsvinden. Volgens het vigerend beleid betekent dit dat er een ‘Basiskwaliteit’ en ‘Aanvullende kwaliteitsverbetering’ zal moeten plaatsvinden, wat inhoudt dat nieuwe bebouwing goed ingepast moet worden. Als basis geldt dat er sprake moet zijn van een oppervlak ‘landschappelijk’ van 10% van het bouwvlak (1000 m2). Dit betekent dat er ten minste 100 m2 als groen zal moeten worden ingericht en dat er voldoend aandacht dient te zijn voor voorkomen van problematiek van hemelwater. Normaal gesproken dient er maximaal 1000 m3 aan gebouwen gebouwd te worden. In de ontwikkelingen aan de Breestraat is er sprake van een overschrijding van het aantal kubieke meter. Namelijk een hoeveelheid van 250 m3. Voor 1 m3 geldt een bijdrage van 15 euro. Dit is 250 x 15 euro = 3750 euro. Uitgaande van 6 euro per m2, is het totaal 3750 / 6 = 625 m2. De totale kwaliteitsbijdrage heeft een waarde van ongeveer 4350 euro. Hiertoe doen we een voorstel om het landschap passend te versterken met aandacht voor natuur en water. Dit alles wordt gerealiseerd op het eigendom van de initiatiefnemer en dus binnen het bestaande perceel. A.
Basiskwaliteit Zoals eerder in dit plan aangegeven dient de Basiskwaliteit Plus een omvang te hebben van ten minste 100 m2. Element 1: Er komt een inheemse beukenhaag rondom het perceel, zodat de bebouwing wat meer uit het zicht blijft. Deze haag (Fagus sylvatica) krijgt een lengte van 180 meter. De hoogte zal in de eindsituatie uitkomen op 100 – 150 centimeter, de breedte zal uitkomen op 50 centimeter. Aan te planten 5 stuks per meter, hoogte bij aanplant 60-80 centimeter. Onderhoud: 2 keer per jaar snoeien in haagvorm. Eventuele sterfte opnieuw aan te planten. Daarnaast ook regelmatig de haagvoet onkruid vrij maken door te schoffelen. Element 2: Daarnaast komt er een grote waterpoel voor de opvang van het hemelwater (30 m2). Het hemelwater van de nieuw te bouwen woning zal infiltreren binnen het plangebied door middel van deze waterpoel. B. Aanvullende kwaliteitsverbetering De omvang van de aanvullende kwaliteitsverbetering dient tenminste 625 m2 te bedragen. Element 3: Er komt een groot bosplantsoen van 535 m2. Er ontstaat dan een natuurlijke strook die in verbinding staat met het achterliggend landschap. Dit vergroot het fourageer- en schuilgebied van kleine zoogdieren, vogels en insecten. Tevens vormt het een groene buffer tussen de bestaande woonhuizen en de nieuw te bouwen ruimte- voor ruimtewoningen.
In de winterperiode zal er onderhoud uitgevoerd worden in het bosplantsoen. Dode en ongezonde bomen of sneller groeiende en ongewenste dominante soorten worden verwijderd. Zo krijgen in de toekomst bomen en heesters meer groeiruimte en licht. Omdat er meer licht op de bodem komt, kunnen ook de kruiden zich beter ontwikkelen. Element 4: Daarnaast komen er voor de woning ook 5 leibomen (Tilia x europaea). Deze geven een meer natuurlijke uitstraling. Beheer is het dusdanig begeleiden en snoeien, zodat de leivorm behouden blijft. Hoogte eindbeeld 3,5 – 4 meter.
Peel en Maas, Breestraat
Van den Broek
08-03-2021
Element 5: Er komen ook nog 6 solitaire bomen, diverse soorten. We zullen hierbij passend onderhoud uitvoeren, uitgangspunten zijn opgenomen in het beheer- en onderhoudsplan. Element 6: Daarnaast komen er nog 5 fruitbomen. De fruitbomen zullen jaarlijks gesnoeid worden bij droog weer. Door jaarlijks de fruitboom te snoeien zal hij veel vruchten dragen en blijft hij gezond. • • • •
Inpassingsplan, zie deel 1 Tekening eindsituatie, zie deel 2 Tabel met berekening totale kwaliteitsbijdrage, zie deel 3 Beheer- en onderhoudsparagraaf, zie deel 4
Conclusie Door dit landschappelijk inpassingsplan zoals hierboven beschreven wordt er zowel voldaan aan de ‘Basiskwaliteit’ als aan de ‘Aanvullende kwaliteitsverbetering’. Daarmee wordt er voldaan aan het gemeentelijke kwaliteitskader.
Berekening Kwaliteitsbijdrage Lengte bomen solitair beukehaag bosplantsoen poelen bomen in rij laan totaal:
breedte m2 11 2 180 0,5 535 1 30 1 24 2
stuks Bomen solitair Juglans regia Alnus glutinosa Prunus avium Quercus robur Acer pseudoplatanus Sorbus intermedia Tilia europaea (lei boom)
22 90 535 30 48 725
stuk prijs prijs 1 1 1 1 1 1 5
177,65 18,45 177,65 233,75 233,75 177,65 224,4
177,65 18,45 177,65 233,75 233,75 177,65 1122
beukhaag Fagus sylvatica
900
1,69
1521
bosplantsoen Amelanchier lamarckii Cornus mas Corylus avellana Ligustrum vulgare Prunus padus sorbus intermedia viburnum opulus
25 25 50 30 25 25 15
1,4 1,28 1,05 1,38 1,12 1,05 1,77
35 32 52,5 41,4 28 26,25 26,55
Poel Aanleg poel voor HWA
1
483,5
483,5
Kwaliteitsbijdrage
€ 4.387,10
Bomen: Juglans regia Nederlands: Gewone walnoot
Boombeschrijving Type
Loofboom
Boomgrootte
15 - 30 m
Groeisnelheid
Snel
Gemiddeld
Traag X
Kroonvorm Kroonbreedte
Rond onregelmatige kroon, opgebouwd uit zware takken < 3 meter
3-5 meter
510 meter
1015 meter
, doorgaans laag vertakkend > 15 meter X
Beheer Aandachtspunten bij het beheer
- de vlezige wortels worden gemakkelijk beschadigd, dus bij voorkeur als jonge boom planten (oudere bomen slaan moeilijk aan); om dezelfde reden zo veel mogelijk als kluitboom aanplanten - snoeien in de zomer
Alnus glutinosa
Nederlands: Zwarte els
Boombeschrijving Type
Loofboom
Boomgrootte
1e grootte of Vormboom 15-20 m
Groeisnelheid
Snel
Gemiddeld
Traag
3-5 meter
510 meter
X Kroonvorm Kroonbreedte
Ovaal < 3 meter
1015 meter
> 15 meter
X Beheer Aandachtspunten bij het beheer
De zwarte els heeft een zeer dominante harttak en is dus gemakkelijk op te snoeien bij begeleidingssnoei. Snoeien in winter of vroege lente
Prunus avium
Nederlands: Boskers (Zoete kers)
Boombeschrijving Type
Loofboom
Boomgrootte
15 - 20 m
Groeisnelheid
Snel
Gemiddeld
Traag
X vooral in de jeugd een snelle groeier Kroonvorm Kroonbreedte
Rond - breed eirond tot rond - doorgaans enkele zware gesteltakken en zijtakken in kransen < 3 meter
3-5 meter
510 meter
1015 meter
> 15 meter
X Beheer Aandachtspunten bij het beheer - takken groeien vaak in takkransen - bij begeleidingssnoei moeten niet enkel de onderste takkransen weggenomen worden, maar vooral steile, groeikrachtige takken in hogere takkransen snoeien half april tot half september
Quercus robur Nederlands: Zomereik
Boombeschrijving Type
Loofboom
Boomgrootte
1e grootte of Vormboom 25-30 m gemiddeld. Op goede standplaatsen tot ongeveer 40 meter hoge boom met een brede en onregelmatige kroon. De takken zijn doorgaans onregelmatig en min of meer gedraaid.
Groeisnelheid
Snel
Gemiddeld
Traag
X Kroonvorm Kroonbreedte
Rond Knoestige, sterk vertakkende boom met een brede ronde en min of meer onregelmatige kroon. < 3 meter
3-5 meter
510 meter
1015 meter
> 15 meter X
Beheer Aandachtspunten bij het beheer
vormt soms dubbele toppen en zuigers, dus de begeleidingssnoei moet zorgvuldig gebeuren. Juni lichte snoei. Oktober zware snoei
Acer pseudoplatanus
Nederlands: Gewone esdoorn
Boombeschrijving Type
Loofboom
Boomgrootte
Vormboom 25 - 30 m (tot 40 m)
Kroonvorm
Ovaal variabele kroonvorm
Kroonbreedte
< 3 meter
3-5 meter
510 meter
1015 meter
> 15 meter X
Beheer Aandachtspunten bij het beheer
Let er wel op dat je de takken die glad langs de boom hangen, niet af snijdt. Behoudt van de takkraag is namelijk beter voor de boom. Snoeien in Juni, Als je de Esdoorn een ingrijpende snoei wilt geven, kan dat beste tussen oktober en december gebeuren.
Sorbus intermedia
Nederlands: Zweedse meelbes
Boombeschrijving Type
Loofboom
Boomgrootte
2e grootte 10 - 12 m (occasioneel tot 15 m)
Groeisnelheid
Snel
Gemiddeld
Traag X
Kroonvorm Kroonbreedte
Rond als jonge boom smal piramidaal, later eirond en uiteindelijk rond < 3 meter
3-5 meter
510 meter
1015 meter
> 15 meter
X Beheer
snoeien is niet nodig. Als u toch wilt snoeien dan in de wintermaanden
Tilia x europaea
Nederlands: Hollandse linde
Boombeschrijving Type
Loofboom
Boomgrootte
Vormboom 30 - 40 m
Groeisnelheid
Snel
Gemiddeld
Traag
X Kroonvorm
Kroonbreedte
Kegelvormig - variabele, breed piramidale kroonvorm – zware stam met stevige opgaande gesteltakken en afstaande zijtakken < 3 meter
3-5 meter
510 meter
1015 meter
> 15 meter X
Beheer Aandachtspunten bij het beheer
neiging tot vorming van dubbele toppen, dus een goede opvolging van de begeleidingssnoei is nodig. Snoei uw leilinde in de herfst of in de winter, wanneer al het blad van de boom is gevallen. Snoei dan de scheuten terug tot helemaal aan de hoofdtak. In de zomer kunnen leilindes dan weer volop gaan uitlopen. Snoei deze dan weg tot ongeveer 1/3 van de hoofdtak.
Haagbeplanting: De beuk (Fagus sylvatica) wordt veel gebruikt voor het maken van hagen van circa 80 cm tot 400 cm. Het blad van de beuk loopt meestal eind april - eerste week van mei uit. De herfstkleur van gewone beuk is oranje. In de winter blijven een aantal verdorde blaadjes meestal aan de takken hangen om pas volgend jaar, wanneer de beuk opnieuw uitloopt, af te vallen. Een beukenhaag verdraagt schaduw. De plantafstand van Fagus sylvatica bedraagt, bij een levermaat van 60-80/80-100 circa 5 st./m1. Om een robustere haag te verkrijgen worden soms twee/drie rijen aangeplant in het zgn. driehoeksverband. Soms wordt paal en draad gebruikt om de afzonderlijke planten aan te binden. Dit is vooral wenselijk in gebieden met veel wind of op plaatsen waar doorloop verwacht wordt. Beuk wordt als wortelgoed (zonder kluit) niet meer geleverd wanneer de plant uitloopt in verband met garantie. Het risico op uitdroging van de wortels wordt dan te groot. Soms wordt het plantseizoen van beuk enkele weken verlengd door de planten in koelcellen te bewaren. Planten in containers zijn vaak nog wel leverbaar maar aanmerkelijk duurder. Wanneer u dus beukenhagen wilt gaan zetten of wilt laten zetten dan kan dat het beste gebeuren in de periode van november tot en met maart. Een beukenhaag slaat beter aan indien u onder in de plantvoor een laagje (3 cm) zgn. beukengrond aanbrengt.
De beuk leeft namelijk in symbiose met een schimmel die zich in de beukengrond bevindt. In plaats van de groene beuk kunt u ook de bruine beuk (Fagus sylvatica 'Atropunicea') toepassen. De plantafstand 5 st/m1 is hetzelfde. ONDERHOUD Een beukenhaag wordt meestal 2 maal per jaar geschoren. Vaak eenmaal voor de langste dag en een keer aan het eind van de zomer. Het is verstandig om eerst de zijkanten te snoeien en daarna pas de bovenkant. Vewijder zoveel mogelijk de afgeknipte twijgen van de bovenzijde zodat de haag er netjes uit blijft zien. Snoei de haag zodanig dat de haagvoet iets breder blijft dan de bovenzijde van de haag wat een fraaier beeld oplevert. Naast het snoeien van de beukenhaag kan het wenselijk zijn om regelmatig de haagvoet onkruidvrij te maken door de haagvoet te schoffelen.
Bosplantsoen: In de winterperiode wordt onderhoud uitgevoerd in het bosplantsoen. Bosplantsoenen zijn groenstroken met een natuurlijk en bosachtig karakter die bestaan uit een mix van bomen, struiken. De snoeimaatregelen worden gemiddeld om de vier tot zes jaar uitgevoerd. Dunnen, snoeien. Bij het onderhoud kan het nodig zijn een deel van de bomen en struiken in het bosplantsoen te verwijderen (dunnen). Dode en ongezonde bomen of sneller groeiende en ongewenste dominante soorten worden verwijderd. Zo krijgen in de toekomst bomen en heesters meer groeiruimte en licht. Door het snoeien en ’dunnen’ van een bosplantsoen kunnen de meest waardevolle bomen en heesters zich goed ontwikkelen en blijft de variatie bestaan. Omdat er meer licht op de bodem komt, kunnen ook de kruiden zich beter ontwikkelen. Sommige heesters worden gesnoeid om deze te verjongen. Dode bomen en takken, die een gevaar kunnen opleveren voor voorbijgangers, worden verwijderd.
Fruitboom: Van januari tot maart kunnen fruitbomen zoals appel- en perenbomen gesnoeid worden. Snoei het liefst bij droog weer, en niet als het vriest. Een wat oudere fruitboom hoeft slechts licht gesnoeid te worden, het gaat dan om onderhoudssnoei. Door jaarlijks snoeien zal de fruitboom veel vruchten dragen en blijft hij gezond.
Onderhoudssnoei bij oudere fruitbomen Een wat oudere boom hoeft slechts licht gesnoeid te worden, het gaat vooral om onderhoudssnoei. Verwijder dode takken, kruisende takken, waterloten en opslag aan de stam. De kroon moet mooi open blijven. Knip wel de zijtakjes (spoortjes) terug tot op ongeveer drie knoppen. Door het terugknippen jaarlijks te herhalen groeien er steeds meer zijtakjes waar de vruchten aan komen.
Jonge fruitboom snoeien Bij een jonge boom is het belangrijk tot een goede vorm te komen. Kies een aantal goed verdeelde takken uit die het ‘gestel’ gaan vormen en snoei de rest weg. De top van een fruitboom groeit steeds door, waardoor de boom op den duur vaak te hoog wordt. Wil je een wat lagere en goed vertakte boom, dan is het aan te raden de top eruit te snoeien. De boom zal dan meer in de breedte gaan groeien. Doe dit het liefst direct na het planten van een jonge boom, zodat u later geen dikke takken meer weg hoeft te snoeien. Het snoeien zorgt namelijk voor veel jonge scheuten (waterloten). Bekijk de hele boom van een afstandje om te bepalen of de takken goed verdeeld zijn. Takken die naar beneden groeien of naar binnen, de kroon in, kun je verwijderen.
Beroep aan huis
Bedrijf aan huis
Advocaat Accountant – administratieconsulent Alternatieve genezer
Autorijschool (geen theorie) Bloemschikker Computerservice (o.a. systeembouw/analyse) Decorateur Fietsenreparateur Fitnessstudio Fotograaf Goud- en zilversmid Glazenwasser Hoedenmaker Hondentrimmer Instrumentenmaker Internetverkoop Kaarsenmaker Kapsalon Klompenmaker Koeriersdienst Lijstenmaker Loodgieter Meubelmaker Muziekinstrumentenmaker Nagelstudio/pedicure Pottenbakker Prothesenmaker Reisorganisatie (kleinschalig) Reparatie van kleine consumentenartikelen (antiek/radio’s-Tv’s/ horloges etc.) Schoonheidsspecialist Traiteur Tv/radio reparateur Zadelmaker
Belastingconsulent Bouwkundig architect Dierenarts Fysiotherapeut Gerechtsdeurwaarder Huidtherapeut Huisarts Interieurarchitect Juridisch adviseur Kunstenaar Logopedist Medisch specialist Notaris Oefentherapeut Cesar/Mensendieck Organisatieadviseur Orthopedagoog Psycholoog Raadgevend adviseur Redacteur Registeraccountant Stedenbouwkundige Tandarts Tandarts – specialist (al dan niet beëdigd) tolk-vertaler Tuin- en landschapsarchitect Verloskundige
1