CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-060 06 Toelichting.pdf

Raad 12 oktober 2021, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan “Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen“ (2021-060)11.865 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Zij onderscheidt hoofd- en nevenfuncties, waarbij in “Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

26

geval van functiecombinaties de eisen die aan het watersysteem vanuit de hoofdfunctie gesteld worden bepalend zijn en de eisen vanuit overige functies ondergeschikt. Als hoofdfuncties onderscheidt de provincie Limburg de natuurfunctie voor de natuurbeken en de (grond)waterafhankelijke natuur en de algemeen ecologische functie voor de overige waterlopen, daarnaast de mensgerichte functies drinkwaterwinning en agrarisch water. Naast regelgeving hanteert de provincie een ontwikkelingsgerichte strategie. Het ordenend principe van water vormt daarbij een essentiële bouwsteen voor het provinciale omgevingsbeleid. Zo is de positionering, de huidige en potentiële ecologische kwaliteit, de kwetsbaarheid en herstelmogelijkheden van, maar ook de veiligheid vanuit de watersystemen voor haar een belangrijk uitgangspunt en stimuleert ze de kansen die water biedt om de kwaliteit van de leefomgeving te vergroten. De watertoets gebruikt ze hierbij als afwegingskader bij ruimtelijke ingrepen. Modern waterbeheer volgt daarmee niet langer uitsluitend mensgerichte functies en grondgebruik; kennis over watersystemen en de wateropgaven worden zo mede sturend voor ruimtelijke ontwikkelingen. 4.4.2 Watertoets Sinds 1 november 2003 zijn overheden wettelijk verplicht om de watertoetsprocedure toe te passen bij het opstellen van ruimtelijke plannen en besluiten.

De watertoets is een instrument waarmee waterhuishoudkundige belangen expliciet en op evenwichtige wijze worden meegewogen in de belangenafweging. Het is niet een toets achteraf, maar een proces dat de initiatiefnemer van een ruimtelijk plan en de waterbeheerder zo vroeg mogelijk met elkaar in gesprek brengt. Alle ruimtelijke plannen die van invloed kunnen zijn op de waterhuishouding worden voor advies voorgelegd aan de waterbeheerders. De inzet daarbij is om in elk afzonderlijk plan met maatwerk het reeds bestaande waterhuishoudkundige en ruimtelijke beleid goed toe te passen en uit te voeren. De waterhuishoudkundige aspecten die in de watertoetsprocedure worden betrokken zijn de veiligheid, wateroverlast, watervoorziening, verdroging en riolering. Er wordt aandacht besteed aan zowel grondwater als oppervlaktewater en aan zowel waterkwaliteit als waterkwantiteit. Het watertoetsproces loopt van de locatiekeuze tot en met de inrichting en is van toepassing zowel in de stad als in landelijk gebied. De watertoetsprocedure is verplicht voor alle bestemmingsplannen en projectafwijkingsbesluiten, inclusief uitwerkings- en wijzigingsplannen (zie het Besluit ruimtelijke ordening artikel 3.1.1).

Voor plannen waarbij door de aard of omvang van het plan geen gevolgen voor de waterhuishouding te verwachten zijn, hoeft geen (pre)wateradvies te worden aangevraagd bij het watertoetsloket en bepaalt de gemeente zelf aan welke waterhuishoudkundige randvoorwaarden het plan moet voldoen. Bij de beoogde win-win woning zal het hemelwater conform de geldende uitgangspunten op eigen terrein worden opgevangen. Per 10 m2 bebouwing zal, indien gebruik wordt gemaakt van een oppervlakkige infiltratie, ten minste 1 m 3 infiltratiecapaciteit gerealiseerd worden. Deels zal deze infiltratie langs de oprijlaan plaatsvinden en deels kan die hetzij in het weiland voor de woning plaatsvinden, of in aan te leggen grindkoffers. Hiervoor is voldoende ruimte beschikbaar, gelet op de omvang van het perceel. De exacte omgang met hemelwater zal worden uitgewerkt bij het definitieve bouwplan in het kader van de omgevingsvergunningaanvraag voor de woning, waarbij de bovenstaande uitgangspunten in acht worden genomen. Voor de locatie aan de Heibloemseweg 7 blijft de situatie betreffende de woning ongewijzigd. Hier is wel sprake van een afname van het verhard oppervlak.

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

27

Voor wat betreft het vuilwater wordt aangesloten op het gemeentelijk riool. 4.5

Archeologie en cultuurhistorie 4.5.1 Archeologische waarden

Het uitgangspunt is dat archeologisch erfgoed moet worden beschermd op de plaats waar het wordt aangetroffen. Om de archeologische waarde in beeld te brengen is door ArcheoPro op 20 juli 2020 een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd. In het onderzoek, dat als bijlage 5 bij deze toelichting is opgenomen, is de volgende conclusie getrokken. “Volgens het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel geldt voor het plangebied in verband met de ligging buiten een gradiëntzone, een lage verwachting voor archeologische resten daterend uit het laat laat-paleolithicum en het mesolithicum. Resten uit het neolithicum tot en met de vroege-middeleeuwen zullen eerder hebben gelegen op de hogere en bredere delen van de dekzandrug ten zuiden en ten westen van het plangebied. Hiervoor geldt derhalve eerder een middelhoge- dan een hoge verwachting. De verwachting voor huisplaatsen uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd is door de ligging op ruime afstand van de historische bebouwing van Everlo hooguit middelhoog. Om het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel te toetsen zijn binnen het plangebied acht boringen gezet in een dichtheid van vijftig boringen per hectare. Uit de resultaten van het booronderzoek blijkt dat de bodem binnen het overgrote deel van het plangebied van nature slecht ontwaterd is en bovendien tot minimaal zestig centimeter diep in de C-horizont is vergraven.

Deze bodemverstoring is waarschijnlijk opgetreden tijdens het bouwrijp maken van het terrein in de tweede helft van de twintigste eeuw en loopt door onder de bestaande gebouwen doordat deze onderkelderd zijn. Hoewel op de twee boorpunten met een nog deels intacte bodemopbouw is nageboord met een edelmanboor met een diameter van vijftien centimeter, zijn bij het zeven van het hiermee opgeboorde zand, ook hier geen relevante archeologische indicatoren aangetroffen. De resultaten van het onderzoek geven derhalve geen aanleiding om archeologisch vervolgonderzoek te adviseren. Evenmin zijn tijdens het onderzoek archeologische resten aangetroffen waarmee tijdens de verdere planvorming of bij de uitvoering van de geplande werkzaamheden rekening zou moeten worden gehouden.” De resultaten van het onderzoek geven derhalve geen aanleiding geven om archeologisch vervolgonderzoek te adviseren. Evenmin zijn tijdens het onderzoek archeologische resten aangetroffen waarmee tijdens de verdere planvorming of bij de uitvoering van de geplande werkzaamheden rekening zou moeten worden gehouden. Het archeologisch rapport is, namens de gemeente Peel en Maas, beoordeeld door ArchAeO, en voorzien van het volgende aanvullend advies. “Niet het gehele erf dat met stallen is bebouwd, is onderzocht, doch alleen de locatie van de nieuw uit te geven bouwkavel.

De stallen dienen allemaal te wijken voor de nieuwe woning. Het archeologiebeleid van de gemeente Peel en Maas schrijft voor dat er bij planontwikkelingen gekeken dient te worden naar het totaal aan bodemverstorende ingrepen. Oftewel had het thans met boringen onderzochte gebied groter moeten zijn, oftewel is archeologisch onderzoek voor de sloop van de stallen in principe noodzakelijk. De resultaten uit het archeologisch booronderzoek in combinatie met de verstoringsgegevens uit het bureauonderzoek hebben uitgewezen en aannemelijk gemaakt dat ook de bodem onder en rondom de omliggende stallen tot ver in de top van “Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

28

de C-horizont is omgezet. Derhalve wordt voorgesteld om het met een rode contour aangegeven gebied uit onderstaande afbeelding voor wat betreft het aspect archeologie vrij te geven. Binnen de rode contour hoeven geen behoudenswaardige archeologische resten meer te worden verwacht.

Wel geldt dat in alle gevallen dat indien bij toekomstig graafwerk archeologische vondsten worden gedaan of archeologische grondsporen worden aangetroffen, deze direct gemeld dienen te worden bij de minister conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10 & 5.11. 4.5.2 Cultuurhistorie Op basis van de cultuurhistorische waardenkaart van de provincie Limburg zijn binnen het plangebied en de directe omgeving geen panden of objecten gelegen met een hoge cultuurhistorische waarde gelegen. Middels de voorliggende ontwikkeling wordt hier dan ook geen invloed op uitgeoefend. Nader onderzoek voor wat betreft cultuurhistorie is dan ook niet vereist. 4.6

Natuurwaarden en landschapswaarden

De Wet natuurbescherming (Wnb), die per 1 januari 2017 is ingegaan, vervangt drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en Faunawet en de Boswet. De Natuurbeschermingswet 1998 zorgde voor de bescherming van (natuur)gebieden en de Flora- en faunawet regelde de bescherming van alle in het wild levende planten- en diersoorten, dus ook buiten de beschermde gebieden. Bij werkzaamheden met betrekking tot ruimtelijke ingrepen, moest worden nagegaan of deze negatieve gevolgen zouden kunnen hebben voor beschermde soorten en/of beschermde gebieden. Bij kap van bomen moest worden bepaald of de Boswet van toepassing was (de Boswet regelde het behoud van bosopstanden of compensatie ervan). De basis van de nieuwe wetgeving blijft in grote lijnen gelijk, al verandert er wel een aantal zaken.

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

29

4.6.1 Natura 2000-gebieden Onderstaande figuur laat de ligging van het plangebied zien ten opzichte van nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Natura 2000-gebied ‘Deurnsche Peel & Mariapeel’ (tevens wetland ‘Deurnese Peel’) is het dichtstbij gelegen Natura 2000-gebied, op een afstand van zo’n 6 kilometer ten noordwesten van het plangebied. Natura 2000-gebieden ‘Groote Peel’ (tevens wetland ‘Groote Peel’), ‘Leudal’ en ‘Swalmdal’ liggen op een afstand van respectievelijk 7,8; 8,6 en 9,1 kilometer. Overige Natura 2000-gebieden liggen op een afstand van meer dan 10 kilometer. Het dichtstbijzijnde Duitse Natura 2000-gebied is ‘Vogelschutzgebiet 'Schwalm-Nette-Platte mit Grenzwald u. Meinweg'’ (tevens ‘Wälder und Heiden bei Brüggen-Bracht’, ‘Elmpter Schwalmbruch’ en ‘Tantelbruch mit Elmpter Bachtal und Teilen der Schwalmaue’), op 12,5 kilometer afstand van het plangebied. Overige Duitse Natura 2000-gebied bevinden zich nog grotere afstand. Deze afstanden zijn zo groot dat er geen nadelige effecten te verwachten zijn op deze gebieden. Bovendien is momenteel voor de locatie een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) verleend (2016-0788) voor een ammoniak emissie van 1.746 kg NH3. Deze vergunning wordt binnenkort ingetrokken. Hiermee ontstaat er voldoende ruimte voor de activiteiten sloop, bouw en gebruik van de locatie.

Een en ander wordt bovendien onderstreept door de bijgevoegde indicatieve Aerius berekening. Uit die berekening blijkt dat zelfs bij gebruik van 2 zware machines op de locatie en 100 verkeersbewegingen per etmaal door zwaar vrachtverkeer, er geen depositie berekend kan worden op de omliggende natura 2000 gebieden. Als dergelijke activiteiten geen depositie veroorzaken, dan vindt er zowel bij de sloop, de bouw en de gebruiksfase geen nadelige beïnvloeding van de natura 2000 gebieden plaats. Als daarnaast ook nog eens een intrekking plaatsvindt van de huidige Wnb vergunning, is er helemaal geen negatieve beïnvloeding te verwachten. Er zal zelfs sprake zijn van een verbetering. De Aerius berekening is als bijlage 8 bijgevoegd.

Figuur Natura 2000 gebieden

4.6.2 Beschermde planten en dieren Door het IVN is een Flora en Fauna quick-scan uitgevoerd op de voorliggende locatie om de aanwezigheid van beschermde planten en dieren. Zowel floristisch als faunistisch zijn geen bijzonderheden aangetroffen. Zie verder ook bijlage 6.

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

30

4.6.3 Bescherming bossen Tevens bevat de wet natuurbescherming regels voor het vellen van bomen in houtopstanden (voormalige Boswet). De wet geeft aan welke bomen door de regels worden beschermd en regelt verder: • Een meldingsplicht voor het vellen van bomen; • Verplichtingen rondom het verplanten van bomen; • De invoer van en handel in hout en houtproducten. Op de onderzoekslocatie zijn geen bomen aanwezig welke onder de definitie houtopstanden vallen. Bovendien vindt er geen kap van houtopstanden plaats. Er is dan ook geen sprake van een meldingsplicht en herplantverplichting in het kader van artikel 4.2 en 4.3 van de Wnb. Vanuit de deelaspecten van de Wnb is geen belemmering te verwachten voor de gewenste ontwikkeling. 4.7

Landschappelijk inpassingsplan

Het plangebied is gelegen langs de Heibloemseweg. De volwassen wegbeplanting van eiken, de afwisseling van (agrarische)erven met erfbeplanting en open gras- en akkerland geven de directe omgeving van het plangebied een landelijke en groene uitstraling. Het plangebied zelf bestaat momenteel grotendeels uit stallen, schuren en bijhorende verharde, logistieke ruimten. Het merendeel hiervan zal verdwijnen, waardoor het gebied aanzienlijk aan landschappelijke kwaliteit wint. De toekomstige opdeling in twee kavels en bijhorende landschappelijke inpassing zorgen voor een aantrekkelijke, kleinschaligere, groene verdichting van de rand terwijl het doorzicht over het centrale, open bouwland robuuster wordt. Dit geldt zowel voor het zicht vanuit de Heibloemseweg, als voor het zicht vanuit het Haagveld. De landschappelijke inpassing van het plangebied heeft tot doel de bestaande bebouwing en de nieuwbouw landschappelijk in te passen alsmede de gebiedskarakteristieken te versterken. De voorgestelde inpassing bestaat uit: 1. Het doorzetten en voltooien van de haagbeplanting rond de noordelijke kavel. 2. Een robuuste houtsingel tussen beide kavels 3. Het toevoegen van boomgroepen en solitairen langs de zuidelijke kavelgrens van de nieuwe bouwkavel 4. Een weide met wadi aan de westzijde van het nieuwe bouwkavel Deze inpassing komt er dan als volgt uit te zien:

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

31

Bovenstaande punten zijn verder uitgewerkt in het als bijlage 7 bijgevoegde inpassingsplan. Daarin is tevens aangegeven op welke wijze deze beplanting wordt aangelegd en onderhouden.

4.8

Spuitzones gewasbescherming

Het bestemmingsvlak van de geplande nieuwe woning grenst aan een aantal zijdes aan agrarische percelen. Deze percelen behoren in eigendom toe aan de initiatiefnemer. Welke gewassen er op deze percelen verbouwd zullen worden bepaald initiatiefnemer dus zelf. Initiatiefnemer is niet voornemens op deze percelen (fruit)boomgaarden aan te planten of andere boomteelt te laten plaatsvinden, waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast met gebruikmaking van een op- of zijwaartse spuittechniek. Bovendien is in het geheel niet aannemelijk dat er, rondom de woningen, gewassen worden geteeld waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast. Hiermee vormen gewasbeschermingsmiddelen geen belemmering voor de uitvoering van het plan.

4.9

Gezondheid i.r.t. intensieve veehouderij /geitenhouderij:

Momenteel is er nog veel onduidelijk is over de gezondheidseffecten van de veehouderij. De kennis op het gebied van gezondheid en veehouderij is nog volop in ontwikkeling. De uitstoot van endotoxinen (onderdelen van bacteriën die vrijkomen bij het afsterven van organismen) hangt waarschijnlijk samen met de uitstoot van fijnstof. Het Rijk werkt aan

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

32

een toetsingskader en rekenmodel voor endotoxinen. Beschikbaarheid van het rekenmodel en het toetsingskader is niet op korte termijn voorzien. De advieswaarde van de gezondheidsraad bedraagt 30 EU/m3 voor de maximale blootstelling aan endotoxine in de buitenlucht. De Gezondheidsraad gaat er vanuit dat met deze advieswaarde de gezondheid van omwonenden van veehouderijen tegen te veel aan endotoxine kan worden beschermd. Om te voldoen aan de advieswaarde van de Gezondheidsraad is met het Endotoxine toetsingskader 1.0, op basis van de bronsterkte voor individuele veehouderijen, de aan te houden afstand te bepalen. De aan te houden afstand is op kaart te visualiseren door een afstandscontour rond de veehouderij te tekenen. Deze individuele afstandscontour of endotoxine-risicocontour voor de volksgezondheid kan worden gebruikt in de ruimtelijke ordening. De dichtstbij gelegen intensieve veehouderij is gelegen op een afstand van ruim 400 m. Op een dergelijke afstand is, volgens dit toetsingskader, een dusdanig hoge fijnstofbelasting (> 4.000 kg PM10/jaar) toegestaan dat het niet aannemelijk is dat deze veehouderijen een dergelijke omvang hebben. Er zijn bovendien op veel kortere afstand van deze veehouderijen reeds andere woningen van derden gelegen, waardoor de veehouderij al belemmerd is. Geitenhouderijen (bedrijfsmatig) komen in de gemeente Peel en Maas niet voor.

Er zijn dan ook geen Geitenhouderijen binnen een afstand van 2 km van de woning aanwezig.

4.10 Kabels en leidingen In of nabij het plangebied liggen geen kabels of leidingen, die ten behoeve van het gebruik en/of de veiligheid planologische bescherming behoeven. Kabels en leidingen vormen daarmee geen belemmering voor het planvoornemen. 4.11 Verkeer en infrastructuur De win-win woning zal worden ontsloten via de Heibloemseweg. Gezien het profiel van de weg, zal deze de geringe toename van het aantal verkeersbewegingen goed kunnen verwerken. Daarbij is sprake van een afname van het verkeer vanwege het verdwijnen van het agrarische bedrijf. Blijkens de “Nota parkeernormen Peel en Maas 2018” dienen bij een woning in het buitengebied van de gemeente Peel en Maas tenminste 2 parkeerplaatsen aanwezig te zijn. Gezien de omvang van het woonperceel en de lengte van de oprijlaan, kan (ruimschoots) worden voorzien in minimaal 2 parkeerplaatsen op het eigen terrein. Hiermee wordt voldaan aan de gemeentelijke parkeernormen. Voor het perceel aan de Heibloemseweg 7 blijft de situatie betreffende parkeren ongewijzigd. Het parkeren vindt reeds volledig op eigen terrein plaats. Conclusie Gezien het bovenstaande is de realisatie van de win-win woning en het omzetten van de bestemming voor de locatie aan de Heibloemseweg 7 niet bezwaarlijk in het kader van de aspecten verkeer en parkeren. Verkeer en infrastructuur vormen dan ook geen belemmering voor het onderhavige initiatief.

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

33

5 Juridische planopzet 5.1

Planstukken

Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de SVBP2012 alsmede de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro).Het wijzigingsplan is vervat in een verbeelding, regels en een toelichting. 5.2

Toelichting op de verbeelding

De verbeelding is getekend op een bijgewerkte en digitale kadastrale ondergrond, schaal 1:1.000 waarop de specifieke bestemmingen zijn weergegeven. 5.3

Toelichting op de regels:

Bij het opstellen van de planregels is uitgegaan van het rapport Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP 2012), waarbij aangesloten is op de reeds geldende regels. De regels zijn verdeeld in 4 hoofdstukken, te weten: Hoofdstuk 1: Inleidende regels met daarin de begrippen en de wijze van meten. Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels. Hierin worden de regels voor de op de verbeelding opgenomen bestemmingen weergegeven. Hoofdstuk 3: Algemene regels, waaronder zijn opgenomen de anti-dubbeltelbepaling, algemene bouwregels en algemene afwijkings-, wijzigings- en procedureregels; Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels, waarin het overgangsrecht en de slotregel zijn opgenomen.

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

34

6 Uitvoerbaarheid 6.1

Economische uitvoerbaarheid

Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in de plantoelichting minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Tevens is met de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening de verplichting ontstaan om, indien sprake is van ontwikkelingen waarvoor de gemeente redelijkerwijs kosten moet maken, bijvoorbeeld voor de aanleg van voorzieningen van openbaar nut, en de plankosten, deze moeten worden verhaald op de initiatiefnemer c.q. ontwikkelaar. Een en ander dient te worden vastgelegd in privaatrechtelijke overeenkomsten met iedere grondeigenaar. Door de gemeente zal een dergelijke overeenkomst worden opgesteld en ondertekend door zowel gemeente alsook initiatiefnemer. In dit bestemmingsplan wordt de bestemming “agrarisch-intensieve veehouderij”, deels gewijzigd in de bestemming wonen en deels gewijzigd in de bestemming “agrarisch”. Deels is er sprake van het omzetten van een bedrijfswoning naar een woning en deels is er sprak van nieuwbouw van 1 woning. De uitvoering van het plan is in particuliere handen. Het project heeft dan ook verder geen gevolgen voor de gemeentelijke financiën. In de onderhavige situatie is daarom niet te verwachten dat derden schade leiden door de gevraagde ontwikkeling.

Wel zal met de initiatiefnemer een overeenkomst worden gesloten over verhaal van eventuele tegemoetkomingen in planschade. De kosten met betrekking tot het ambtelijk apparaat zijn afgedekt door de leges. Gezien het voorgaande wordt het plan financieel uitvoerbaar geacht. 6.2

Maatschappelijke haalbaarheid

Aangezien het aantal woningen met 1 toeneemt waarbij sprake is van een win-win situatie, de agrarische activiteiten beëindigd worden en de voormalige agrarische bedrijfsgebouwen en -verhardingen worden gesloopt, levert de gevraagde ontwikkeling een verbetering voor de omgeving op. Bovendien vormt de gewenste ontwikkeling geen belemmering voor omliggende bedrijven, waardoor er vanuit de directe omgeving geen belemmeringen te verwachten zijn. Initiatiefnemers hebben direct omwonenden geïnformeerd over hun plannen om het agrarisch bedrijf te beëindigen, de bedrijfsgebouwen grotendeels te slopen, de vergunningen in te trekken en 1 extra woning te realiseren. Dialoog met omgeving: Initiatiefneemster heeft direct omwonenden geïnformeerd over het voorgenomen plan. De omwonenden hebben geen opmerkingen over het plan kenbaar gemaakt aan initiatiefneemster. De namen en adressen van de omwonenden zijn bekend bij de gemeente, maar deze gegevens zullen niet ter inzage worden gelegd.

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

35

7 PROCEDURE In artikel 3.9a lid 1 van de Wro is bepaald dat op de voorbereiding van een bestemmingsplan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is, met dien verstande dat de kennisgeving tevens langs elektronische weg geschiedt en dat het ontwerpbesluit met de hierbij behorende stukken tevens langs elektronische weg beschikbaar wordt gesteld. In afdeling 3.4 van de Awb is bepaald dat het ontwerp van het wijzigingsplan gedurende 6 weken ter inzage moet liggen. Tijdens deze periode kunnen schriftelijk of mondeling zienswijzen ingediend worden. Het bestemmingsplan doorloopt daarmee stapsgewijs de volgende procedure: a. Voorbereiding: informeel vooroverleg met provincie en eventuele overige overheden; b. Ontwerp: publicatie en terinzagelegging overeenkomstig afdeling 3.4 Awb en Wro gedurende zes weken. Een ieder kan gedurende deze terinzagelegging een zienswijze indienen bij burgemeester en wethouders. c. Vaststelling: vaststelling door de gemeenteraad, mogelijkheid reactieve aanwijzing publicatie en terinzagelegging vastgesteld wijzigingsplan gedurende de beroepstermijn d. Inwerkingtreding: na afloop van de beroepstermijn (tenzij binnen de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening wordt gedaan) e.

Beroep: Beroep bij Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Het besluit tot vaststelling van een wijziging van het bestemmingsplan treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beroepstermijn afloopt.

Het ontwerp bestemmingsplan heeft vanaf 4 juni 2021 gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn zijn er geen zienswijzen ingediend bij de gemeente Peel en Maas.

“Bestemmingsplan Heibloemseweg 7 e.o. te Panningen

36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=84d2874d-30d8-47a2-912f-ccd83ad029b0