CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-059 04 Gemeentelijk Rioleringsplan Peel en Maas 2022-2026.pdf

Raad 12 oktober 2021, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststelling Waterketenplan Noord 2021-2025 en Gemeentelijk Rioleringsplan Peel en Maas 2022-2026 (2021-059)12.248 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

• Verordening Rioolheffing Peel en Maas (deze wordt jaarlijks in december door de raad vastgesteld voor het volgende jaar);

• Regeling privaatrechtelijke tarieven openbare ruimte Collegebesluit 22-2-2021; • Verordening op de afvoer van hemel- en grondwater (raadsbesluit 1-11-2016); Ook zijn er gemeentelijke regels voor het omgaan met verstoppingen. Deze staan op de website van de gemeente. De gemeente Peel en Maas beoordeelt ingekomen plannen op basis van het processchema “beoordeling watertoets gemeente Peel en Maas” zoals opgenomen in de bijlagen. Hierin is onder meer opgenomen dat het bij nieuwbouw verplicht is om hemelwater en vuil water gescheiden te houden. Hiervoor is een berging van 50 mm ten opzichte van het verharde oppervlak vereist. De particulier is in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor de afvoer van hemelwater dat op zijn perceel valt, infiltreren is de eerste optie. Het hemelwater van het perceel mag geen overlast voor de omgeving veroorzaken.

36

6

Wat gaan we doen

6.1

Aan de slag

We willen de gewenste situatie bereiken. Dit doen we door het huidige stelsel in stand te houden, de kwaliteit te monitoren en waar dat nodig is te verbeteren. Hiervoor voeren we onderzoek en maatregelen uit. Daarnaast letten we er in nieuwe situaties op dat we riolering aanleggen en het gebied inrichten in lijn met de visie. Alle in dit hoofdstuk genoemde bedragen zijn op prijspeil 2022 en exclusief BTW. 6.2

Stedelijk afvalwater en hemelwater

6.2.1 Aansluiten bestaande bebouwing en aanleg bij nieuwbouw We sluiten alle nieuwbouw in de kernen aan op riolering. In nieuwbouwgebieden wordt stedelijk afvalwater en hemelwater gescheiden. Voor nieuwbouwlocaties ontwerpen we riolering volgens de laatste stand der techniek, in overleg met Waterschap en/of Rijkswaterstaat. Nieuwe plannen worden op wateraspecten getoetst door de watertoets. De trits “vasthouden-bergen-afvoeren”is hierbij leidend. Dat betekent ook dat in nieuwe plannen voldoende ruimte moet worden gereserveerd voor het vasthouden en bergen van water, de zogenaamde “blauwe ruimte”. Om dit te waarborgen, moeten we vanaf het beginstadium van planontwikkelingen worden betrokken (voor de bestemmingsfase). Het processchema voor de watertoets is opgenomen in de handreiking “Ruimtelijke Plannen - team OmgevingsOntwikkeling” (ook opgenomen in de bijlagen). Deze moeten de komende periode worden aangepast aan de nieuwe Omgevingswet. Bij nieuwbouw eisen we 50 mm berging van hemelwater op eigen terrein Op drukriolering wordt alleen vuilwater aangesloten (dus geen hemelwater). Dit is met name relevant voor het buitengebied. Dat geldt ook voor gebieden die op grond van de hemelwaterverordening worden aangewezen. De aanvrager betaalt de kosten voor het aansluiten van nieuwe percelen binnen en buiten de bebouwde kom.

Hiervoor worden de werkelijke kosten in rekening gebracht met een minimum van € 1.820,00 (excl. BTW) voor een standaard rioolaansluiting. Voor alle overige aansluitingen worden de werkelijke kosten betaald. In geval van (kleinschalige) nieuwbouw, bij bestemmingsplan wijziging, dienen de woningen verplicht op de riolering aan te sluiten. Daarbij wordt uitgegaan van een gescheiden stelsel met infiltratie van hemelwater op eigen erf of een gelijkwaardig alternatief. Ook hier zal bij het ontwerp en de aanleg rekening worden gehouden met een duurzame oplossing voor de verwerking van het hemelwater. Nieuwe initiatieven voor duurzame (decentrale) zuivering worden beoordeeld en eventueel toegepast.

37

De aanleg van voorzieningen bij nieuwbouwlocaties wordt in principe bekostigd uit de grondexploitatie. Deze kosten zijn in het GRP buiten beschouwing gelaten. Beheer van deze voorzieningen is wel meegenomen. 6.2.2 Onderzoek In het Waterketenplan dat we in 2020 samen met onze waterketenpartners hebben opgesteld, is een uitvoeringsprgramma voor de komende jaren opgenomen. Het overzicht van gezamenlijke onderzoeken staat in het Waterketenplan. Een aantal onderzoeken lichten we er hier uit: • Meten-data rekenen, om meer inzicht te krijgen in de werking van ons rioolstelsel, ook in relatie met het regionale watersysteem; • Ontwikkelen van een visie en strategie voor het omgaan met afvalwater in het buitengebied (ook IBA’s), inclusief beslisbomen; • Ontwikkelen van afspraken over de lozingsroute voor hemelwater, inclusief een beslisboom afkoppelen. • Onderzoek naar droogte, kennisontwikkeling en ontwikkelen aanpak. • Optimalisatiestudie waterketen-watersysteem, hoever zijn we met de KRW 2027? • Branchestandaard onderzoek gemeentelijke watertaken, de personele kant van de rioleringszorg De kosten van deze onderzoeken zijn verwerkt in de begroting van Waterpanel Noord in en de bijdrage die wij als gemeente daaraan meebetalen. Daarnaast zijn er onderzoeken die wij zelf uitvoeren. Deze zijn opgenomen in Tabel 6-1.

De uitgaven zijn onder te brengen in de algemene onderzoekspost in de begroting of al in de investeringen opgenomen. Onder de tabel staat een korte uitleg bij enkele onderzoeken. Tabel 6-1 Onderzoeken 2022-2026

Onderzoek O1) van BRP naar SSW O2) OAS drukriolering (nieuw model) O3) Stresstest light actualisatie O4) Groen / blauw kansenkaart

Periode 2022-2024 2023 2025 2022

Over deze onderzoeken: O1): Het Basisrioleringsplan is uitgebreid naar een Systeemoverzicht Stedelijk Water. Het is breder geworden, we kijken ook naar de oppervlaktewateren in de gemeente die hemelwater afvoeren. O2): We optimaliseren het afvalwatersysteem van de drukriolering (OAS). De drukriolering begint het einde van de technische levensduur te naderen en we gaan kijken wat we met dit systeem in de toekomst willen. O3) In 2019 hebben we een stresstest light uitgevoerd in het kader van de aanpak uit het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie. Dit moeten we eenmaal in de zes jaar herhalen. We kijken hierbij naar de invloed van extreme neerslag op onze gemeente.

38

O4) Dit is een onderzoek om kansen van water en groen bij elkaar te brengen. Het gaat dan bijvoorbeeld om bermen en klimaatbuffers. Op die manier ontstaat een samenhangende aanpak die meerdere doelen dient en ook de biodiversiteit ten goede kan komen. 6.2.3

Maatregelen

Onderhoud en reparatie Onderhoudswerkzaamheden zijn deels uitbesteed. Waar mogelijk voeren we het onderhoud planmatig uit, maar we kijken ook naar meldingen van inwoners. Tabel 6-2 Onderhoud 2022-2026

Onderhoud voor Vrijvervalriolering

Hoofdgemalen IBA’s Drukriolering

Persleidingen Kolken Straatvegen

Wat gebeurt er Reiniging Inspectie Verstopping verhelpen Reiniging Inspectie Storingen verhelpen Reiniging Inspectie Storingen verhelpen Correctief Reiniging Vegen

Frequentie 1x per 10 jaar* 1x per 10 jaar* Na melding Minimaal 1x per jaar 1x per jaar Na melding 1x per jaar 1x per 2 jaar Na melding Bij gebreken 2x per jaar 8x per jaar

*: Deze planperiode gaan we over naar een meer risicogestuurd rioleringsbeheer. Bij risicogestuurd beheer wordt afgestapt van het alleen kijken naar de leeftijd van een object. We reinigen, inspecteren, renoveren of vervangen dan niet meer alleen omdat het zoveel jaar geleden is gedaan, maar kijken naar de noodzaak. Sommige riolen riolen inspecteren we vaker, zoals stamriolen, riolen onder hoofdwegen en inpriklocaties van de drukriolering. Het reinigen van de straten zorgt ervoor dat er minder vuil in de kolken en riolen terechtkomt. Straatreinigen dient ook andere doelen, daarom worden de kosten voor 55% toegerekend aan de riolering. Renovatie en vervanging Aan de hand van inspectiegegevens bepalen we welke riolen vanwege hun technische staat moeten worden vervangen. Daarnaast kijken we ook naar andere plannen die op onze riolering van invloed zijn: plannen voor klimaatadaptatie, ruimtelijke ontwikkelingen, weg- en groenonderhoud. Voor de jaren 2022, 2023 en 2024 is uitgegaan van ons Meerjareninvesteringsprogramma, daarin is met het bovenstaande rekening

39

gehouden. Zo gaan we onder andere aan de slag in de Kerstraat in Meijel en de Wietelweg in Panningen. Binnen de samenwerking Limburgse Peelen1 hebben we in 2012 een strategie afgesproken voor het plannen van vervanging en renovatie, deze strategie houden we ook in dit GRP aan. Het geeft een strategische planning waarmee we het benodigde budget kunnen inschatten. Wel hebben we het percentage te relinen riolering verhoogd. Tot 2040 is een bedrag voor vervanging en renovatie van vrijvervalriolering geraamd van ruim € 1,8 miljoen per jaar. Daarnaast hebben we tot en met 2035 rekening gehouden met een extra budget voor afkoppelen van openbare ruimte van € 100.000 per jaar. Vanaf 2040 zal naar verwachting het aantal meters te vervangen en te renoveren riool ongeveer verdubbelen en is een bedrag nodig van circa € 2,3 miljoen per jaar.

d

i

a i

2032

20 2

2052

a

i

Kosten ( 1000 uro)

2.500 2.000

1.500 1.000 500

2022

2062 jaar

2072

20 2

20 2

Figuur 6-1: budget voor renovatie en vervanging vrijvervalriolen

Gemalen, drukriolering en IBA’s vervangen of renoveren we als dat nodig is. De geraamde jaarlijks benodigde bedragen zijn in onderstaande tabel aangegeven. Tabel 6-3. Geraamde jaarlijkse budgetten voor vervanging en renovatie gemalen, drukriolering en IBA’s

Gemalen Drukriolering IBA’s (met optimalisatie)

€ 303.187 248.062 32.000

Soort Investering Investering Exploitatie

Vanaf 2023 2023 2022

Afschrijving in 15 jaar 15 jaar -

1 De samenwerking Limburgse Peelen is opgegaan in de samenwerking Waterpanel Noord.

40

Verbeteren We verbeteren waar nodig het functioneren van de riolering. De komende jaren optimaliseren we het functioneren van de mechanische leidingen (drukriool en persleidingen). Ook het vrijvervalriool Siberië optimaliseren we. Hiervoor is een bedrag opgenomen van € 0,325 miljoen.

Systeemoverzocht Stedelijk Water en het Besluit Lozen Buiten Inrichtingen Het SSW (voorheen BRP) dat we samen het WL opstellen, bevat het overzicht van lozingswerken (inclusief tekeningen) zoals bedoeld in het Ontwerpbesluit Lozen buiten Inrichtingen (BLBI) van augustus 2009. De Basisrioleringsplannen stellen we samen met de waterbeheerders op. In het Bestuursakkoord Waterketen van juli 2007 is afgesproken dat gemeente en waterbeheerders de afvalwaterketen (riolering en zuivering) beheren als ware het één systeem en als ware zij één verantwoordelijke partij. Dat houdt in dat de lay-out van het stelsel dat is afgesproken in het Basisrioleringsplan alleen wordt gewijzigd als de waterbeheerder het er mee eens is en vice versa. Met dit GRP verankeren we deze gedragsregel.

6.3

Milieu- en klimaatadaptatiemaatregelen Het klimaat verandert, we krijgen te maken met zwaardere neerslag en langere periodes van droogte. Daar moeten we de invulling van onze gemeentelijke watertaken op aanpassen. In de planperiode willen we scholen stimuleren om schoolpleinen af te koppelen en te vergroenen, de zogenaamde groenblauwe revolutie. Hiervoor is een bedrag geraamd van € 60.000 per jaar in de jaren 2022-2026. Samen met onze Waterpanel Noord-partners hebben we in 2020/2021 een uitvoeringsagenda klimaatadaptatie opgesteld. Zowel voor de regio, als voor ons gemeentelijke gebied. Voor het regionale deel is daar binnen het Waterpanel Noord-budget geld voor gereserveerd en opgenomen in de begroting. De komende jaren werken we ook door aan onze bijdrage aan de Kaderrichtlijn Wateropgave (KRW). Tot en met 2026 is daar € 2,8 miljoen voor gereserveerd. We volgen hierbij de redeneerlijn van het Waterschap Limburg. Als het water waarop wordt geloosd ecologisch in orde is, monitoren we de lozing. We volgen daarbij de zogenaamde ‘Redeneerlijn en Ecologische toets bij basisrioleringsplannen’ van het Waterschap. In de bijlagen is een overzicht opgenomen van al onze overstorten, hierna zijn ze aangegeven voor de kern Meijel. In de bijlagen is ook een overzicht opgenomen van de acties die bij de verschillende overstorten nodig zijn in het kader van de KRW-opgave.

41

Figuur 6-2: Overstorten in Meijel

We gaan door met onze afkoppelstrategie van werk met werk maken en eigenaren stimuleren om privaat terrein af te koppelen. We proberen de huidige regeling samen met het waterschap, al dan niet in gewijzigde vorm voort te zetten. Daar voeren we nog overleg over. Voor het afkoppelen van privaat terrein hebben we € 50.000 voor 2022 opgenomen. Dat helpt om de gevolgen van zware buien te verwerken en om verdroging tegen te gaan. In 2024 hebben we het afkoppelen van een bedrijventerrein opgenomen, dat helpt ook mee aan het halen van de KRW-doelen. Onze lokale uitvoeringsagenda bestaat met name uit communicatie gericht op stimuleren van afkoppelen. Er wordt geen extra budget voor vrijgemaakt. Wel blijven we kijken naar samenwerkingskansen, zoals het stimuleren lokaal bergen van water bij vergroening van schoolpleinen. Ook het verbinden van bebouwd gebied en buitengebied heeft onze aandacht door natuurinclusief bouwen te stimuleren.

42

Gedurende de planperiode willen we ook een aantal wadi’s en buffers omvormen en beter inrichten voor het beheer. Hier nemen we voor de jaren 2023-2026 jaarlijks € 35.000 voor op. 6.4 Grondwatermaatregelen Er bestaan binnen Peel en Maas geen acute grondwaterproblemen, maar we hebben wel te weinig inzicht in de grondwatersituatie. Daarom willen we de komende planperiode ons grondwatermeetnet uitbreiden. Hiervoor is in de planperiode een budget opgenomen van € 50.000 in 2022. Ook letten we bij acitiveiten steeds meer op de gevolgen voor de kwaliteit van ons grondwater, ook al liggen er in onze gemeente geen waterwin- en grondwaterbeschermingsgebieden. 6.5 Meerjareninvesteringsprogramma De bovenstaande maatregelen zijn samengevoegd in onderstaand Meerjareninvesteringsprogramma. Tabel 6-4: Meerjareninvesteringsprogramma (bedragen in euro)

6.6 Risicobeheersing Bij het opstellen van dit GRP zijn we uitgegaan van aannames en verwachtingen. Het is mogelijk dat er gebeurtenissen plaatsvinden waar we geen rekening mee hebben gehouden, dit zijn risico’s. We noemen hier de belangrijkste risico’s die wij zien, leggen uit waarom we er (nog) geen rekening mee houden en vertellen hoe we ermee omgaan als het risico werkelijkheid wordt.

43

Risico: een sterk toename van hevige buien De laatste jaren is een stijgende lijn te zien in het aantal hevige buien (20 mm per uur en meer) dat over onze gemeente trekt. Die buien worden ook heviger. Het rioolstelsel is hier niet op ontworpen, waardoor de kans op wateroverlast toeneemt. Binnen Waterpanel Noord hebben we ingezet op klimaatadaptatie, inclusief lokale risicodialogen. Als het aantal hevige buien sneller toeneemt, zal aanvullend budget worden gevraagd aan de gemeenteraad om op de plekken waar het nodig is sneller maatregelen te treffen. Risico: onvoldoende plek voor water in de openbare ruimte Tijdens de hevige buien van afgelopen jaren bleek dat er niet overal voldoende plek is voor water in de openbare ruimte. Water stroomt naar de laagste plaats. De wegligging, bochten en drempels blijken bepalend in de plek waar het water uiteindelijk ophoopt. Bij herinrichting van de openbare ruimte houden we rekening met het tijdelijk bergen van water op straat, of het wegleiden van het water naar een toepasselijke locatie. Bij alle wegen waar niet recent een herinrichting heeft plaatsgevonden, bestaat nog het risico dat er onvoldoende plek is voor water. Hinder van water op straat accepteren we, maar schade niet. Bij hinder moet gedacht worden aan plassen op straat voor een korte periode van 1-2 uur, enkele centimeters diep.

We proberen dit pas bij een bui die gemiddeld eenmaal in de twee jaar valt (de zogenaamde bui 08) te laten voorkomen. Bij herinrichtingprojecten onderzoeken we de mogelijkheden om water op straat te bergen of water via het oppervlak af te voeren. Op lange termijn wordt zo door de gehele gemeente in de openbare ruimte meer plaats gecreëerd voor water, we moeten daarom vanaf het beginstadium bij planontwikkelingen betrokken zijn. Op korte termijn wordt na een melding van wateroverlast gekeken of een aanpassing van de openbare ruimte nodig is. Realisatie daarvan kan enige tijd vergen, en dus kunnen overlast en schade nog steeds voorkomen. Risico: een onverwachte verslechtering van de toestand van de riolering De toestand van de riolering is in beperkte mate te voorspellen. Het is mogelijk dat bij een nieuwe rioolinspectie plotseling een groot deel van de riolering een slechtere staat heeft dan verwacht. Ook kan een riool instorten door de belasting van voertuigen op de weg erboven.

44

Indien dit gebeurt, zal er meer moeten worden geïnvesteerd in rioolrenovatie en – vervanging. Risico: tekort aan voldoende gekwalificeerd personeel Een landelijke ontwikkeling is dat door vergrijzing het tekort aan voldoende gekwalificeerd personeel toeneemt. Ervaren oudere medewerkers gaan met pensioen, vaak zonder dat er voldoende gekwalificeerde medewerkers voor terugkomen. Als er onvoldoende gekwalificeerd personeel beschikbaar is, zal werk blijven liggen of met mindere kwaliteit worden uitgevoerd. In Peel en Maas hebben we momenteel voldoende personele capaciteit. Als we problemen zouden krijgen om voldoende gekwalificeerd personeel aan te trekken, dan starten we opleidingstrajecten en spreiden werkzaamheden meer in de tijd. Ook proberen we dan met de samenwerking met Waterpanel Noord een oplossing te vinden. Risico: onvoldoende of incorrecte gegevens Bij het maken van plannen gaan we uit van de beschikbare gegevens. We beoordelen of dit voldoende en correcte gegevens zijn, indien nodig verzamelen we meer gegevens. Op basis van de verzamelde gegevens maken we keuzes en worden werkzaamheden uitgevoerd. Op verschillende plekken in het land is het al voorgekomen dat na uitvoering van het werk bleek dat gegevens toch onvoldoende of incorrect waren, waardoor beter een andere keuze kon worden gemaakt. Databeheer krijgt uitgebreide aandacht tijdens de normale werkprocessen.

Als blijkt dat toch keuzes zijn gebaseerd op onvoldoende of incorrecte gegevens zal dit – afhankelijk van de kostenconsequenties – worden gemeld aan collega’s, managers, college van B&W en/of de gemeenteraad.

45

7

Organisatie en financiën

7.1 Personele capaciteit Om het geplande werk uit te voeren is voldoende gekwalificeerd personeel nodig. Met behulp van de Kennisbank Stedelijk Water is een globale inschatting gemaakt van de benodigde personele capaciteit voor de komende jaren. Op basis van landelijke kengetallen is berekend hoeveel medewerkers nodig zijn. Elke organisatie is anders, daarom zijn afwijkingen ten opzichte van de landelijke kengetallen mogelijk. 7.1.1 Benodigde bezetting Voor de invulling van de dagelijkse rioleringszorg is bij het huidige uitbestedingsbeleid Circa 7,5 fte nodig. Deze raming is gemaakt op basis van de Kennisbank Stedelijk Water, onderdeel Personele Aspecten. Tabel 7-1. Samenvatting benodigde personele capaciteit bij inschatting mate van uitbesteding

Uitgangspunt: 1 fte is 1400 uur per jaar Planvorming, onderzoek en facilitair Onderhoud Maatregelen Totaal

Huidige mate uitbesteding tijdsbesteding dagen fte (194 dagen/jr) 397 2,0 796 4,1 271 1,4 1.464 7,5

In deze benodigde fte’s is nog geen rekening gehouden met nieuwe ontwikkelingen zoals klimaatadaptatie, participatie, extra communicatie. Ook het beheer van gemeentelijke watergangen zijn hierin niet opgenomen. Goede invulling hiervan zal nog circa 0,5 – 1 fte extra inzet vergen. 7.1.2 Huidige bezetting In de begroting 2022 is 7,6 fte voor de rioleringszorg gewone dienst opgenomen2. De huidige personele capaciteit sluit redelijk aan op de benodigde personele capaciteit bij de huidige mate van uitbesteding. Er is voldoende tijd voor het dagelijks beheer, maar te weinig voor beleidsontwikkeling en inspelen op actualiteiten en innovaties. De projectleiderscapaciteit wordt uitgebreid, daar kunnen we vooralsnog mee vooruit. Belangrijk is dat het verwerken van revisiegegevens en het analyseren en verbeteren van de digitale beheergegevens achterblijft. Daar is extra aandacht en externe hulp voor nodig. De gegevens zijn de basis voor alle beslissingen, die moeten daarom goed op orde zijn. Aandachtspunt is ook dat de groei van het aantal taken (ook buiten de rioleringszorg zoals het opprvlaktewaterbeheer) meer beslag legt op de beschikbare capaciteit. Samenwerking met andere partners kan dit slechts gedeeltelijk oplossen.

We moeten de komende jaren de vinger goed aan de pols houden om te voorkomen dat er werkzaamheden achterop raken en er niet voldoende kan worden ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen. 2 Uitgaande van 1.400 uur per fte.

46

7.2 Kosten en kostendekking Om de verwachte kosten te dekken zijn financiële middelen nodig. Om een goed beeld te krijgen zijn voor de komende 80 jaar de verwachte uitgaven berekend. Hiermee zijn alle uitgaven minstens één keer meegenomen. Alle bedragen zijn op prijspeil 2022. Ze moeten in de toekomst worden gecorrigeerd voor de dan optredende inflatie. 7.2.1

Kosten

Vervangingswaarde De totale vervangingswaarde van ons rioolstelsel bedraagt bijna 250 miljoen euro. Dit bedrag is als volgt opgebouwd:

• • • •

Vrijvervalriolering*

€ 216.000.000,-

Gemalen

€ 8.900.000,-

Drukriolering en IBA’s

€ 8.700.000,-

Pers- en drukleidingen

€ 14.400.000,-

* Uitgaande van 100% vervanging.

De riolering moet tijdig worden vervangen en/of gerenoveerd. De bedragen zijn opgenomen in de investeringen, net als die voor verbetermaatregelen en grondwatermaatregelen. Kapitaallasten uit het verleden De bestaande kapitaallasten zijn kapitaallasten die zijn ontstaan door investeringen in het verleden. Gedurende de planperiode van dit GRP bedragen de kapitaallasten jaarlijks circa € 2 miljoen. Exploitatie Voor de e ploitatie (het dagelijks beheer) is een jaarlijks bedrag van circa € 2,5 miljoen nodig. Totaaloverzicht kosten De totale waarde van de riolering bedraagt € 247 miljoen. Om dit kapitaal te beheren, doen we de goede dingen goed. En dat kost geld.

47

Tabel 7-2: Overzicht totale uitgaven planperiode (EURO x 1000)

Voor de komende 80 jaar is het volgende beeld in de uitgaven voorzien. .000 .000

Kosten ( 1000 uro)

7.000

6.000 5.000 .000 3.000 2.000

1.000

2022

2032

20 2

2052

2062

2072

20 2

20 2

jaar e ploitatie (incl. onderzoek) vervanging, relining grondwatermaatregelen

kapitaallasten verleden Milieu en klimaatmaatregelen

Figuur 7-1: Verloop uitgaven

De pieken in de grafiek worden veroorzaakt door de op basis van levensduur geplande vervanging van de pers- en drukleidingen. In werkelijkheid zal deze piek uitvlakken. Van alle uitgaven gaat het grootste deel op aan vervangings- en renovatieinvesteringen (46%) en exploitatie (44%).

48

Figuur 7-2: Verdeling kosten rioleringszorg

We schrijven nieuwe investeringen lineair over verschillende termijnen af. De kapitaallasten van een investering worden over drie jaren verdeeld: 20% in jaar x, 40% in jaar x+1 en 40% in jaar x+2. 7.2.2 Kostendekking Om alle kosten te kunnen dekken, wordt rioolheffing geheven volgens de “Verordening rioolheffing Peel en Maas”. We heffen van de eigenaren een vast tarief per perceel. In 2021 bedraagt het tarief € 288,76. Voorziening We maken gebruik van een financiele voorziening riolering. Per 1-1-2022 wordt de stand van deze voorziening geraamd op € 13.582.000. Via de rioolheffing geïnd geld moet voor het rioleringsdoel worden aangewend en blijft daarom in een voorziening (artikel 44 lid 2 BBV). Deze voorziening wordt gebruikt als een tariefsegalisatievoorziening. We rekenen geen rente toe aan de voorziening. Benodigde inkomsten Er is gerekend met 19.800 percelen waarover heffing wordt ontvangen. In dit GRP houden we rekening met groei van het aantal woningen. We gaan uit van een gemiddelde toename met 30 nieuwe heffingseenheden per jaar.

De rioolheffing per 1-1-2022 moet € 280,71 bedragen. Dit bedrag is ondanks hoger geraamde uitgaven lager dan het tarief voor 2021. Dat komt onder andere door: - Lagere rente over kapitaal; - Bijgestelde, lagere eenheidsprijzen voor vervanging en renovatie. Ervaring leert dat de gehanteerde eenheidsprijzen hoger waren dan we in werkelijkheid kwijt waren. Daarom zijn deze met 20% naar beneden bijgesteld. - Doelmatigheid en efficiënter werken.

49

Vanaf 2023 moet deze rioolhefffing aan de inflatie in de sector worden aangepast. De lange termijn ontwikkeling is hieronder weergegeven. Daarin is te zien dat de voorziening de komende jaren min of meer gelijk blijft, rond 2040 even iets ’opveert’ en daarna gestaag afneemt.

Figuur 7-3: Ontwikkeling kosten-rioolheffing-voorziening

50

8

Besluit

Burgemeester en wethouders verzoeken de gemeenteraad om het Waterketenplan Waterpanel Noord 2021 - 2025 en dit Gemeentelijk Rioleringsplan Peel en Maas 2022 2026 vast te stellen door in te stemmen met: • de in dit gemeentelijk rioleringsplan geformuleerde ambities; • de voorgenomen onderzoeken; • de voorgenomen maatregelen; • de rioolheffing per 1-1-2022 vast te stellen conform voorstel; • alle in het GRP genoemde bedragen inclusief rioolheffing jaarlijks met de optredende inflatie te indexeren. Het raadsbesluit maakt onderdeel uit van het rioleringsplan. Na vaststelling van dit GRP zal dit plan worden toegezonden aan het Waterschap Limburg, Rijkswaterstaat en de provincie Limburg. Ook zullen we na vaststelling in één of meerdere dag- of weekbladen die in onze gemeente worden verspreid bekend maken hoe burgers kennis kunnen maken van de inhoud van dit GRP. De wijziging van de verordening rioolheffing wordt in december 2021 aan de gemeenteraad voorgelegd.

51

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=c96d2b58-c046-458f-8988-4d82b95fa204