CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-057 19 BIJLAGE Bodemonderzoek deellocatie A HMB.pdf

Raad 12 oktober 2021, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Uitbreiding Traffic Port’ (2021-057)24.585 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

VERKENNEND BODEMONDERZOEK ‘Klaver 8’ (projectgebied ‘Klavertje 4’) Maasbree (deellocatie A / perceel S 491) kenmerk HMB B.V.: 20269901A-1

VERKENNEND BODEMONDERZOEK ‘Klaver 8’ (projectgebied ‘Klavertje 4’) Maasbree (deellocatie A / perceel S 491) kenmerk HMB B.V.: 20269901A-1

opdrachtgever:

Heijmans Infra B.V. te Rosmalen

datum rapport:

10 juni 2020

kenmerk:

20269901A-1 (deellocatie A)

status:

Definitief

uitgevoerd door:

HMB B.V.

projectleider:

Gido van Lier | g.vanlier@hmbgroep.nl

rapporteur:

Gido van Lier

autorisatie:

Wilfred van der Sterren

HMB B.V. | Voltaweg 8 | 5993 SE Maasbree | 077-4652808 | info@hmbgroep.nl | www.hmbgroep.nl

INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING ....................................................................................................... 4 1

INLEIDING ......................................................................................................... 6

2

VOORONDERZOEK ............................................................................................... 7 2.1 Werkwijze .................................................................................................. 7 2.2 Resultaten vooronderzoek ............................................................................ 7 2.2.1 Onderzoekslocatie ............................................................................. 7 2.2.2 Omgeving ........................................................................................ 9 2.3 Hypothese en onderzoeksopzet ................................................................... 10

3

VELDONDERZOEK .............................................................................................. 11 3.1 Uitvoering ................................................................................................ 11 3.2 Resultaten ............................................................................................... 11

4

LABORATORIUMONDERZOEK .............................................................................. 13 4.1 Uitvoering ................................................................................................ 13 4.2 Analyseresultaten bodem en grondwater ...................................................... 13

5

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ....................................................................... 16 5.1 Conclusies ............................................................................................... 16 5.2 Aanbevelingen .......................................................................................... 16

BIJLAGEN 1 | Omgevingsrapportage en vooronderzoek Geonius 2 | Boorprofielen met legenda en verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk 3 | Analysecertificaten 4 | Toetsing analyseresultaten 5 | Achtergrondinformatie 6 | Kadastrale tekening en situatietekening 7 | Historische kaarten 8 | Tijdelijk Handelingskader PFAS

Verkennend bodemonderzoek

SAMENVATTING1 In mei 2020 is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie betreft een toekomstige uitbreiding van het bedrijventerrein ‘Klavertje 4’, te weten klaver 8. Klaver 8 is gelegen ten noorden van de Olivier van Noortweg en ten westen van de Vasco da Gamaweg. Klaver 8 is onderverdeeld in twee delen te weten: - Deellocatie A, kadastraal perceel S 491: 11.315 m²; - Deellocatie B, overige percelen: 57.646 m²; Onderhavige rapportage heeft betrekking op deellocatie A. Het andere deel is beschreven in een separate rapportage (kenmerk: 20266901A-2, d.d. 10 juni 2020). Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek betreft de verkoop van het perceel en voorgenomen herontwikkeling c.q. de uitbreiding van het bedrijventerrein ‘Klavertje 4’. In tabel 1 zijn de uitvoering en de resultaten van het onderzoek schematisch weergegeven. Tabel 1

Onderzoeksopzet, resultaten voor- en bodemonderzoek

Onderzoeksopzet Werkwijze vooronderzoek

NEN 5725, aanleiding A

Strategie bodemonderzoek

NEN 5740, verdachte locatie

Vooronderzoek Oppervlakte onderzoekslocatie

11.315 m²

Gebruik locatie

Agrarisch gebied

Bijzonderheden

Op basis van het historisch vooronderzoek van Geonius zou ter plaatse van de onderzoekslocatie een racebaan en opslagterrein aanwezig zijn. Tevens zouden op het maaiveld brokken puin zijn aangetroffen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat deze activiteiten en puinbrokken tijdens onderhavige locatieinspectie niet meer aanwezig zijn. Voor de verkoop van het perceel is echter besloten om de strategie, aanbevolen in het vooronderzoek, te handhaven.

Bodemonderzoek Bodemopbouw tot 3,5 m-mv

Zand, matig fijn, zwak siltig

Grondwaterstand

1,6 m-mv

Bijmengingen of bijzonderheden

In geen van de grond zijn bodemvreemde bijmengingen en/of bijzonderheden aangetroffen.

Eindconclusie Geconcludeerd wordt dat de hypothese 'verdachte locatie' geen stand houdt. In de boven- en ondergrond zijn geen verhoogde gehalten van de onderzochte parameters aangetoond. Er zijn eveneens geen verhoogde gehalten PFAS aangetoond boven de landbouw / natuur norm. Getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit wordt de grond beoordeeld als klasse ‘Altijd toepasbaar’. Het grondwater is licht verontreinigd met zware metalen. Het aantreffen van verhoogde gehalten metalen is een bekend verschijnsel in de provincie Limburg, derhalve kan gesteld worden dat de verontreiniging in het grondwater verhoogde achtergrondgehalten betreft. 1

Voor een juiste interpretatie van de uitvoering en resultaten van het onderzoek dient de gehele rapportage te worden gelezen

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

4

Verkennend bodemonderzoek

De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de voorgenomen verkoop en herontwikkeling. Aanbevelingen De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om nader bodemonderzoek te adviseren. Het onderzoek is onder Kwalibo (een onderdeel van het Besluit bodemkwaliteit) uitgevoerd. Het betreft echter geen partijkeuring. Bij afvoer van grond van de locatie kan er sprake zijn van verwerkingskosten. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van de af te voeren partij verlangd worden.

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

5

Verkennend bodemonderzoek

1

INLEIDING

In opdracht van Heijmans Infra B.V. te Rosmalen is door HMB B.V. in mei 2020 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie betreft een toekomstige uitbreiding van het bedrijventerrein ‘Klavertje 4’, te weten klaver 8. Klaver 8 is gelegen ten noorden van de Olivier van Noortweg en ten westen van de Vasco da Gamaweg. Klaver 8 is onderverdeeld in twee delen te weten: - Deellocatie A, kadastraal perceel S 491: 11.315 m²; - Deellocatie B, overige percelen: 57.646 m²; Onderhavige rapportage heeft betrekking op deellocatie A. Het andere deel is beschreven in een separate rapportage (kenmerk: 20266901A-2, d.d. 10 juni 2020). Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek betreft de verkoop van het perceel en voorgenomen herontwikkeling c.q. de uitbreiding van het bedrijventerrein ‘Klavertje 4’. Normering en verantwoording Voorafgaand aan het veld- en laboratoriumonderzoek is vooronderzoek uitgevoerd volgens de NEN 57252, aanleiding A3. Het aansluitend uitgevoerde verkennend bodemonderzoek is gebaseerd op de NEN 57404. Doelstelling Het doel van het vooronderzoek is inzicht krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen op de onderzoekslocatie. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit. Een nadere uitwerking van deze doelstelling is omschreven in paragraaf 2.3.

Indeling rapport In de rapportage worden de wijze van uitvoering en de resultaten van het onderzoek besproken. Op de volgende pagina’s geven wij de resultaten van het vooronderzoek en het veld- en laboratoriumonderzoek weer. Het rapport sluit af met conclusies en aanbevelingen. Verantwoording Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen. Desondanks dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef, waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses uitgevoerd worden. Het kan niet geheel uitgesloten worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is, die bij dit onderzoek niet aangetroffen is. Een onderzoek heeft over het algemeen een geldigheid van maximaal vijf jaar. De exacte geldigheidstermijn is afhankelijk van het gebruik van de locatie en het bevoegd gezag dat het onderzoek beoordeelt. Tenslotte wordt opgemerkt dat HMB B.V. geen financieel of zakelijk belang heeft bij de kwaliteit van de onderzochte locatie.

2 3

4

NEN 5725, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017 De (verplicht) te onderzoeken aspecten worden in de NEN 5725 afhankelijk gesteld van de aanleiding van het onderzoek. Aanleiding A is als volgt geformuleerd: opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek NEN 5740, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, Delft 2009

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

6

Verkennend bodemonderzoek

2

VOORONDERZOEK

2.1

Werkwijze

In het kader van de bestemmingsplanwijziging is in februari 2020 een vooronderzoek (Geonius, kenmerk: MA180011.024.R01, 26 februari 2020) uitgevoerd. De rapportage van het vooronderzoek is opgenomen in bijlage 1. Het rapport heeft als basis gediend voor het vooronderzoek en is geactualiseerd en/of aangevuld waar nodig. Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725. De volgende bronnen zijn geraadpleegd:  het Kadaster;  de opdrachtgever;  de gemeente Peel en Maas;  het Bodemloket en Topoptijdreis.nl;  de Grondwaterkaart van Nederland en/of het DINOloket. Voorafgaand aan de uitvoering van het bodemonderzoek zijn de onderzoekslocatie en de omgeving geïnspecteerd. Voor de resultaten van het vooronderzoek wordt verwezen naar de luchtfoto op de voorpagina en de bijlagen 1, 6 en 7. Onder bijlage 1 zijn opgenomen:  omgevingsrapportage (gemeente Venlo); Onder bijlage 6 zijn opgenomen:  een kadastrale tekening;  een situatietekening. Onder bijlage 7 zijn opgenomen:  historische kaarten; In paragraaf 2.2 wordt het één en ander verwoord en geïnterpreteerd weergegeven. Daarnaast wordt relevante aanvullende informatie verstrekt. 2.2

Resultaten vooronderzoek

2.2.1 Onderzoekslocatie Topografische en algemene gegevens Enkele (topografische) gegevens van het plangebied Klaver 8 zijn weergegeven in tabel 2. Tabel 2

Topografische en algemene gegevens locatie

Algemeen Adres onderzoekslocatie

Klaver 8, Maasbree (deellocatie A) Olivier van Noortweg (ong.)

Gemeente

Peel en Maas

Kadastrale aanduiding

Gemeente Maasbree, sectie S, perceel 491

Artikel 55

Ten aanzien van dit perceel zijn geen aantekeningen in het kader van het artikel 55 Wet bodembescherming opgenomen. Dit houdt in dat bij het Kadaster geen bodeminformatie geregistreerd is

Oppervlakte onderzoekslocatie

11.315 m²

X-coördinaat

202.486

Y-coördinaat

378.544

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

7

Verkennend bodemonderzoek

Huidig gebruik Onderhavige onderzoekslocatie maakt deel uit van het projectgebied ‘Klaver 8’. Het projectgebied ‘Klaver 8’ is gelegen ten noorden van de Olivier van Noortweg en ten westen van de Vasco da Gamaweg. Het betreft deellocatie A, kadastraal perceel S 491, met een oppervlakte van 11.315 m². Het gebied is momenteel in gebruik voor agrarische doeleinden en is onverhard. Tijdens de visuele inspectie van de locatie zijn geen bodembedreigende activiteiten aangetroffen. Te denken valt hierbij aan (ondergrondse) brandstoftanks of een relevante opslag van vloeistoffen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat het eerder aangetroffen depot en/of de racebaan van quads en landrovers tijdens het uitgevoerde vooronderzoek van Geonius (zie onderstaande alinea’s) niet meer zijn aangetroffen. In bijlage 6 is een overzichtstekening met de ligging van de deellocatie A / het perceel S 491 opgenomen. Historisch gebruik Op basis van de historische kaarten blijkt dat de onderzoekslocatie tot het jaar 1920 in gebruik is geweest als heidegebied. Na 1920 is het gebied ontgonnen en in gebruik genomen voor agrarische doeleinden. Dit gebruik blijft ongewijzigd tot het jaar 2011. Vanaf 2011 is zichtbaar dat de locatie in gebruik is genomen als werk- / opslagterrein voor de aanleg van het bedrijventerrein. De opslag bestond voornamelijk uit grond en/of puin depots.

Op basis van de (historische) luchtfoto’s en de afwijkende bevindingen tijdens de locatieinspectie blijkt dat het terrein na februari 2020 weer is opgeschoond en in gebruik is genomen voor agrarische doeleinden. Op basis van het vooronderzoek van Geonius (kenmerk: MA180011.024.R01, 26 februari 2020) zou het terrein in gebruik zijn (geweest) als racebaan voor quads en landrovers. Tevens zijn op het maaiveld bijmengingen c.q. brokken met puin aangetroffen. Uit het vooronderzoek blijkt eveneens dat ter plaatse van het depot een partijkeuring is uitgevoerd. Op basis van de partijkeuring (BKK bodemadvies, kenmerk 200017.BKK, 28 januari 2020) zou het depot beoordeeld worde als bodemkwaliteitsklasse ‘AW2000 / Altijd toepasbaar’. Voor de aanleg van het bedrijventerrein ‘Trade Port West’ zijn in het verleden twee bodemonderzoeken uitgevoerd. Het bedrijventerrein ‘Klaver 8’ is nu een deel van het destijds onderzochte ‘Trade Port West’. Ten behoeve van de uitbreiding/aanleg is in 1999 door Grontmij een oriënterend bodemonderzoek (kenmerk: 32.9086.1, d.d. 20 mei 1999) uitgevoerd. Op basis van het onderzoek zijn lichte verontreinigingen met EOX en minerale olie in de bovengrond aangetroffen. Ter plaatse van de ondergrond zijn ten hoogste lichte verontreinigingen met minerale olie aangetroffen.

De verontreinigingen met minerale olie worden vermoedelijk veroorzaakt door de aanwezige humuszuren in de grond. Tevens worden in het grondwater sterke tot lichte verontreinigingen met zware metalen (voornamelijk zink) aangetroffen. De verhogingen van zware metalen in grondwater is in de regio een bekend verschijnsel en worden derhalve toegeschreven aan van nature verhoogde achtergrondconcentraties. Vervolgens is in 2006 door DHV opnieuw een oriënterend bodemonderzoek (kenmerk: BV/20881, d.d. 12 juli 2006) uitgevoerd. Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat er in de bovengrond geen verontreinigingen aanwezig zijn. In de ondergrond worden verhoogde gehalten van EOX aangetroffen. Het grondwater is zoals bekend uit eerder onderzoek sterk tot licht verontreinigd met zware metalen.

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

8

Verkennend bodemonderzoek

Op basis van de uitgevoerde onderzoeken wordt ter plaatse van de huidige onderzoekslocatie geen noemenswaardige bodemverontreiniging verwacht. Het grondwater is licht tot sterk verontreinigd met zware metalen. Vanwege het feit dat dit van nature verhoogde achtergrondconcentraties betreffen geeft dit geen aanleiding de strategie van het onderzoek aan te passen. Toekomstig gebruik Het voornemen is ter plaatse van de onderzoekslocatie het bedrijventerrein ‘Klaver 8’ realiseren.

te

Asbest Tijdens de visuele inspectie van het projectgebied is expliciet gelet op het voorkomen van asbestverdachte materialen op het maaiveld. Tijdens onderhavige onderzoek zijn geen asbestverdachte materialen en/of puin bijmengingen aangetroffen. Tijdens het vooronderzoek van Geonius zijn echter puinbrokken op het maaiveld aangetoond. Wanneer en/of de puin is verwijderd is onbekend. Er zijn verder geen aanwijzingen verkregen voor de aanwezigheid van asbest in de bodem van de locatie. PFAS en GENX Naar aanleiding van het tijdelijk handelingskader PFAS is beoordeeld of er mogelijke bronnen voor verontreinigingen met PFAS en / of GENX zijn te verwachten. Dit bleek niet het geval. 2.2.2 Omgeving Definiëring omgeving De omgeving wordt gedefinieerd als de onderzoekslocatie en de directe omgeving tot een afstand van maximaal 25 meter. Gebruik De omgeving maakt deel uit van een bedrijfsterrein ‘Trade Port West’. Voor zover bekend blijft dit gebruik ongewijzigd. Bodembedreigende activiteiten en bodeminformatie Van de directe omgeving zijn geen relevante gegevens bekend met betrekking tot (voormalige) bodembedreigende activiteiten. Tevens zijn geen relevante bodemonderzoeken en / of bodemsaneringen bekend. Bodemopbouw en geohydrologie Ten behoeve van de bodemopbouw en geohydrologische situatie is DINOloket geraadpleegd.

Regionaal bestaat de bodem tot een diepte van circa 10 m-mv uit fijn zand met plaatselijk leemlagen. Vanaf ongeveer 10 m-mv tot circa 16 m-mv bestaat de bodem uit grof zand en grind. Onder deze bodemlaag bevindt zich een kleilaag. De regionale grondwaterstroming is oostelijk gericht. De onderzoekslocatie bevindt zich niet in een grondwaterbeschermings- of grondwaterwingebied. Achtergrondgehalten De gemeente Peel en Maas beschikt over een bodemkwaliteitskaart. De kwaliteitskaart is onderdeel van de Nota Bodembeheer Limburg Noord 2020-2029. De locatie ligt in het buitengebied van Maasbree. Ter plaatse van het buitengebied wordt zowel de boven- als ondergrond ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse landbouw / natuur.

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

9

Verkennend bodemonderzoek

2.3

Hypothese en onderzoeksopzet

Op basis van de resultaten van het vooronderzoek wordt verwacht dat door het gebruik als opslagterrein en tijdelijk racebaan voor quads en landrovers sprake zal zijn van aanwezigheid van bodemverontreiniging (verdachte locatie). Voor de verkoop van het perceel is afgesproken om de onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (NEN 5740 VED-HE-NL)., aanbevolen in het vooronderzoek van Geonius, aan te houden. Hierbij dient opgemerkt te worden dat, vanwege het ontbreken van puin, het uitvoeren van een verkennend asbest in grondonderzoek (NEN 5707) komt te vervallen. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is aan te tonen dat op de onderzoekslocatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond in gehalten boven de achtergrondwaarden. De locatie heeft een oppervlakte van circa 11.315 m². In tabel 3 zijn de uit te voeren velden laboratoriumwerkzaamheden schematisch weergegeven. De werkzaamheden zijn gebaseerd op de in tabel genoemde strategie. Tabel 3

Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek

Onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen

Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters

Boring in

èn boring tot

èn boring

verdachte laag

onder verdachte laag

tot 5,0 m-mv

19

4

31

Grond

4 Standaardpakket bodem en PFAS

1

Grondwater

31 5

Standaardpakket grondwater6

wanneer de grondwaterstand dieper dan 5 m-mv is, vervalt het grondwateronderzoek

Aanvullend onderzoek naar asbest in de bodem wordt, op basis van de resultaten van het vooronderzoek, op voorhand niet noodzakelijk geacht. De locatie is ten aanzien van asbest als onverdacht te beschouwen.

5

6

Droge stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), minerale olie (GC), PAK (10) en PCB (7). Bij enkele representatieve (meng)monsters wordt tevens het lutum- en organische stofgehalte bepaald Metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), aromaten (BTEXN), styreen, VOCL (11), vinylchloride, 1,1 dichlooretheen, chloorpropanen (3), bromoform en minerale olie (GC)

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

10

Verkennend bodemonderzoek

3

VELDONDERZOEK

3.1

Uitvoering

Het veldonderzoek is uitgevoerd door gecertificeerde personen van HMB B.V. (bijlage 2, verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk) conform de Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek (BRL SIKB 2000) en de protocollen 20017, 20028 en 20189. Op 18 en 20 mei 2020 is het veldwerk uitgevoerd als omschreven in hoofdstuk 2. De verrichte boringen zijn genummerd als A01 t/m A 26. Het grondwater is bemonsterd op 28 mei 2020. Gelijktijdig zijn per peilbuis de stand, de zuurgraad (pH), het geleidingsvermogen (ec) en de troebelheid van het grondwater bepaald. De situering van de boorpunten is aangegeven op de tekening (bijlage 6). Een uitgebreide omschrijving van de onderzoeksmethodiek is opgenomen in bijlage 5. 3.2

Resultaten

Maaiveldinspectie Tijdens de maaiveldinspectie zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen op het maaiveld. Ter plaatse van het maaiveld van het onverharde terreindeel wordt de inspectieefficiëntie geschat op 90 à 100%. Bodemopbouw In bijlage 2 is van elke boring een boorprofiel opgenomen. De globale bodemopbouw van de locatie is in tabel 4 omschreven. Tabel 4

Globale bodemopbouw onderzoekslocatie

Traject (m-mv)

Lithologische beschrijving

0,0 – 3,5

Zand, matig fijn, zwak siltig

m-mv

=

meter minus maaiveld

Zintuiglijke waarnemingen vaste bodem Bij de uitvoering van het veldwerk zijn geen bodemvreemde bijmengingen en/of bijzonderheden aangetroffen. Op basis hiervan bestaat er geen aanleiding om onderzoek naar asbest uit te voeren. Grondwaterstand, zuurgraad, geleidingsvermogen en troebelheid In tabel 5 zijn de resultaten van de veldmetingen aan het grondwater schematisch weergegeven.

7

8 9

Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen Het nemen van grondwatermonsters Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

11

Verkennend bodemonderzoek

Tabel 5

Veldmetingen grondwater

Peilbuis

Datum monstername

Grondwaterstand (m-mv)

Zuurgraad (-)

Geleidbaarheid (µS/cm)

Troebelheid (NTU)

A01

28 mei 2020

1,82

4,75

274

3,45

A02

28 mei 2020

1,60

5,01

268

9,66

A03

28 mei 2020

1,60

4,49

389

2,66

De in tabel 5 genoemde waarden aan zuurgraad, geleidbaarheid en troebelheid kunnen als normaal beschouwd worden. Zintuiglijke waarnemingen grondwater In tabel 6 zijn de zintuiglijke waarnemingen bij de watermonstername schematisch weergegeven. Tabel 6 Peilbuis

Zintuiglijke waarnemingen grondwater Bijzonderheden

Goed-/slechtlopend

Belucht

A01

Geen

Goedlopend

Nee

A02

Geen

Goedlopend

Nee

A03

Geen

Goedlopend

Nee

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

12

Verkennend bodemonderzoek

4

LABORATORIUMONDERZOEK

4.1

Uitvoering

De verzamelde monsters zijn ter analyse aangeboden aan het RvA-geaccrediteerde laboratorium Eurofins Analytico Milieu B.V. te Barneveld. De resultaten van het veldonderzoek geven geen aanleiding meerdere (meng)monsters te onderzoeken of andere analyses uit te voeren dan conform de gehanteerde strategie (zie hoofdstuk 2). In tabel 7 zijn de monsteromschrijvingen en de stoffen waarop de betreffende monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 7

Monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters (vervolg)

Monste-code

Boringen

Traject (m-mv)*

Geanalyseerde parameters

MMA-1

A06, A20, A21, A25, A26

0,0 – 0,5

Standaardpakket bodem10, PFAS, lutum en organische stof

MMA-2

A05, A13, A14, A15, A17

0,0 – 0,5

Standaardpakket bodem, PFAS, lutum en organische stof

MMA-3

A04, A08, A09, A10, A12

0,0 – 0,5

Standaardpakket bodem, PFAS, lutum en organische stof

MMA-4

A01, A02, A03, A04, A05

0,5 – 1,0

Standaardpakket bodem, PFAS, lutum en organische stof

A01

2,5 – 3,5

Standaardpakket grondwater11

A02-1-1

A02

2,5 – 3,5

Standaardpakket grondwater

A03-1-1

A03

2,5 – 3,5

Standaardpakket grondwater

MM

mengmonster het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven

Grond

Grondwater A01-1-1

*

4.2

= =

Analyseresultaten bodem en grondwater

De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3. De analyseresultaten zijn getoetst met behulp van BoToVa aan de achtergrond-/streef12- en interventiewaarden. Informatie over het toetsingskader is opgenomen in bijlage 5. De analyseresultaten van de grond zijn ook indicatief13 getoetst volgens het Besluit14 en de Regeling15 bodemkwaliteit. Deze toetsing geeft een indicatie van toepassingsmogelijkheden 10

11

12

13

14 15

Droge stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), minerale olie (GC), PAK (10) en PCB (7) Metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), aromaten (BTEXN), styreen, VOCL (11), vinylchloride, 1,1 dichlooretheen, chloorpropanen (3), bromoform en minerale olie (GC) Het betreffen de door de gemeente vastgestelde locatiespecifieke achtergrondwaarden (zie bodemkwaliteitskaart) en/of de landelijk vastgestelde generieke waarden (AW2000) Mogelijke klassen zijn: ‘Altijd toepasbaar’, ‘Klasse Wonen’, ‘Klasse Industrie’, ‘Niet toepasbaar’ en ‘Nooit toepasbaar’ Besluit van 22 november 2007 Regeling van 13 december 2007, nr. DJZ2007124397. Tevens zijn navolgende wijzigingen van de Regeling van toepassing

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

13

Verkennend bodemonderzoek

zodra grond wordt afgevoerd. De toetsing doet geen uitspraak over de (gezondheids)risico’s bij het gebruik van de grond. In onderstaande tabellen is het resultaat van de toetsing verwoord16 opgenomen voor respectievelijk de grond en het grondwater. Tabel 8

Monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing

Monstercode

Boringen

Grondsoort*

Bijmengingen**

Resultaat toetsing*** Klasseindeling****

MMA-1

A06, A20, A21, A25, A26

Zand

-

-

Altijd toepasbaar

MMA-2

A05, A13, A14, A15, A17

Zand

-

-

Altijd toepasbaar

MMA-3

A04, A08, A09, A10, A12

Zand

-

-

Altijd toepasbaar

MMA-4

A01, A02, A03, A04, A05

Zand

-

-

Altijd toepasbaar

MM * ** ***

****

= = = = = =

Tabel 9

mengmonster indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen voor de mate en voor meer details wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 2 mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalte in mg/kg d.s. geen bijmengingen of geen verhoogde gehalten boven de achtergrondwaarden betreft indicatieve toetsing aan Besluit en Regeling bodemkwaliteit met het oog op afvoer en hergebruik van grond

Monsteromschrijving grondwater en resultaat toetsing

Monstercode

Peilbuis

Resultaat toetsing*

A01-1-1

A01

Licht: barium(69), zink(110)

A02-1-1

A02

Licht: barium(150), nikkel(17)

A03-1-1

A03

Licht: cadmium (0,74), nikkel(41), zink(170)

*

-

= =

mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalten in µg/l geen verhoogde gehalten boven de streefwaarden

PFAS In het tijdelijk handelingskader PFAS zijn voorlopige toepassingsnormen geïntroduceerd voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie. Hierbij dient opgemerkt te worden dat tot de stofgroep PFAS (poly- en perfluoralkylstoffen) onder andere de stoffen perfluoroctaanzuur (PFOA), perfluoroctaansulfonaat (PFOS) en HFPO-DA (GenX) behoren. De in het tijdelijk handelingskader opgenomen toetsingsnormen zijn gebaseerd op het advies van RIVM over risicogrenzen voor PFOS, PFOA en GenX. Verdere informatie over het toetsingskader is opgenomen in bijlage 8.

16

 

niet verhoogd: het gehalte overschrijft de achtergrond-/streefwaarde niet; er is in principe sprake van een ‘schoon’ monster (NB: ook de als licht verhoogd gerapporteerde ‘parameters * factor 0,7’ kunnen als ‘niet verhoogd’ worden beschouwd, indien alle individuele parameters de detectiegrens AS3000 niet overschrijden) licht verhoogd: het gehalte overschrijdt de achtergrond-/streefwaarde, maar de tussenwaarde (het gemiddelde van de achtergrond-/streef- en interventiewaarde) wordt niet overschreden. De verontreiniging is naar verwachting dermate gering dat veelal geen nadere actie (onderzoek of sanering) noodzakelijk is matig verhoogd: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde. Nader onderzoek kan worden aanbevolen om te bepalen of er inderdaad sprake is van relevante bodemverontreiniging sterk verhoogd: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde. Nader onderzoek naar de aard, mate, omvang en oorzaken van de verontreiniging is in de meeste gevallen noodzakelijk

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

14

Verkennend bodemonderzoek

Momenteel is het nog niet mogelijk om een (gebruikelijke) automatische toetsing van de analyseresultaten voor PFAS via het laboratorium te doen. Derhalve zijn er in voorliggende rapportage geen toetsingstabellen opgenomen. De analyseresultaten zijn geïnterpreteerd aan de hand van het tijdelijk handelingskader waarin de voorlopige toepassingsnormen zijn opgenomen. De analysecertificaten zijn opgenomen in de bijlagen. In tabel 10 is het resultaat van de toetsing voor PFAS samengevat weergegeven. Tabel 10

Monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing grond (µg/kg d.s.)

Monstercode

Boringen

Grondsoort*

Verhoogde gehalten (gehalte > toepassingsnorm landbouw / natuur)

Klasseindeling**

MMA-1

A06, A20, A21, A25, A26

Zand

-

Landbouw / natuur

MMA-2

A05, A13, A14, A15, A17

Zand

-

Landbouw / natuur

MMA-3

A04, A08, A09, A10, A12

Zand

-

Landbouw / natuur

MMA-4

A01, A02, A03, A04, A05

Zand

-

Landbouw / natuur

* **

= =

indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen betreft indicatieve toetsing aan het tijdelijke handelingskader met het oog op afvoer en hergebruik van grond op landbodem boven grondwaterniveau en buiten grondwaterbeschermingsgebieden.

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

15

Verkennend bodemonderzoek

5

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

5.1

Conclusies

Op basis van de resultaten van het uitgevoerde vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie verdacht is ten aanzien van bodemverontreiniging. De opzet van het bodemonderzoek is gebaseerd op de onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL). Geconcludeerd wordt dat de hypothese 'verdachte locatie' geen stand houdt. In de boven- en ondergrond zijn geen verhoogde gehalten van de onderzochte parameters aangetoond. Er zijn eveneens geen verhoogde gehalten PFAS aangetoond boven de landbouw / natuur norm. Getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit wordt de grond beoordeeld als klasse ‘Altijd toepasbaar’. Het grondwater is licht verontreinigd met zware metalen. Het aantreffen van verhoogde gehalten metalen is een bekend verschijnsel in de provincie Limburg, derhalve kan gesteld worden dat de verontreiniging in het grondwater verhoogde achtergrondgehalten betreft. De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de voorgenomen verkoop en herontwikkeling van het perceel. 5.2

Aanbevelingen

De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om nader bodemonderzoek te adviseren. Het onderzoek is onder Kwalibo (een onderdeel van het Besluit bodemkwaliteit) uitgevoerd. Het betreft echter geen partijkeuring. Bij afvoer van grond van de locatie kan er sprake zijn van verwerkingskosten. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van de af te voeren partij verlangd worden.

20266901A-1 | ‘Klaver 8’ (deellocatie A / perceel s 491) te Maasbree

16

Bijlage | 1

Bodemrapportage en vooronderzoek Geonius

20266901A Omgevingsrapportage

Pagina 1 van 12

-

05-06-2020

Inhoudsopgave Inleiding Nationaal en gemeentelijk bodembeleid Venlo Disclaimer Rijksweg a67-zuid Romerweg 23, tbv groencompensatie Olivier van Noortweg, Trade Port West, deelplan II Toelichting per onderwerp

Pagina 2 van 12

-

05-06-2020

Inleiding

In deze omgevingsrapportage leest u de gegevens die afkomstig zijn uit het BodemInformatieSysteem (hierna: BIS) van de gemeente Venlo. Hiermee krijgt u een indruk van de aan- of afwezigheid van mogelijke bodemverontreiniging in het geselecteerde gebied of perceel. De gegevens bevatten soms fouten of het systeem is soms niet soms volledig gevuld. Daarom is het zeer belangrijk dat u de disclaimer aandachtig doorleest. Het geautomatiseerd gemaakte rapport omvat de volgende onderdelen: 1. Een voorblad met een tekening van het geselecteerde gebied. Als in deze tekening groen gekleurde gebieden staan dan betekent dit dat bodeminformatie in het BIS beschikbaar is. Er is geen bodeminformatie beschikbaar als het gebied niet groen gekleurd is. 2. Inhoudsopgave. 3. Inleiding. 4. Nationaal en gemeentelijk bodembeleid Venlo. 5. Disclaimer. 6. De bodeminformatie uit het gemeentelijke BIS van het door u geselecteerde gebied, per locatie gegroepeerd. 7. Toelichting per onderwerp op de rapportage. Het is belangrijk dat u de toelichting per onderwerp leest. De toelichting geeft een uitleg over de in de rapportage opgenomen onderwerpen zoals locatie, uitgevoerde onderzoeken en besluiten.

De omgevingsrapportage, die geautomatiseerd wordt gemaakt van een locatie die u zelf aanwijst (middels een perceel of met een contour), geeft: alleen informatie over de locatie (en niet over de locaties in een straal van 25 meter er omheen); alleen informatie uit onderzoeken naar standaard parameters in de bodem, zoals zware metalen, olieproducten en oplosmiddelen. Deze rapportage geeft géén informatie over bijvoorbeeld doorlatendheid of draagkracht van de grond, niet-gesprongen explosieven of mogelijkheden voor koude-warmte-opslag; geen informatie over zogenaamde quick scans naar bodeminformatie (die door met name kabel- en leidingfirma’s zijn gedaan). Alleen als uit zo’n quick scan naar voren kwam dat er toch sprake is van een mogelijke bodemverontreiniging, dan is dit opgenomen in het BIS.

Pagina 3 van 12

-

05-06-2020

Nationaal en gemeentelijk bodembeleid Venlo

Pas als er sprake is van onaanvaardbare risico’s voor onder andere de ‘gezondheid voor de mens’ gaat het bodembeleid in Nederland uit van actieve saneringsplicht. Dit noemen we spoedeisendheid. Door de gemeente Venlo is beoordeeld dat er slechts enkele locaties zijn waarvoor dit aan de orde is. Voor al deze locaties is dit al eerder in een besluit vastgelegd en op wettelijke wijze bekendgemaakt aan eigenaren en omwonenden (volgens de Algemene Wet bestuursrecht). Voor de rest van het grondgebied is door de gemeente Venlo beoordeeld dat er naar verwachting geen sprake is van spoedeisendheid zoals dit is benoemd in de Wet bodembescherming (hierna: Wbb). Deze beoordeling is gedaan op basis van een landelijk vastgestelde systematiek, genaamd FOCUS. De verontreinigingssituatie hoeft niet volledig in beeld te zijn gebracht en de getrokken conclusies zijn niet gebaseerd op een volledige Wbb-beoordeling. De FOCUS-conclusie is door de gemeente Venlo gebruikt om de aanpak van bodemverontreiniging te prioriteren. Op nationaal niveau is afgesproken dat de gemeente alleen sanering van (naar verwachting) spoedeisende gevallen actief volgt en ervoor dient te zorgen dat daadwerkelijk wordt gesaneerd om de spoedeisende risico’s weg te nemen.

Verontreinigingen voor niet spoedeisende gevallen worden door de gemeente dus niet actief gevolgd en er wordt geen actieve aanpak (onderzoek of sanering) geëist. Beleidsmatig wordt dus geaccepteerd dat de bodem niet schoon hoeft te zijn. Gebleken is dat bodemverontreiniging in zijn algemeenheid beperkte en beheersbare risico’s met zich meebrengt. De bereikte afname van risico’s zou zeer beperkt zijn, terwijl de kosten voor het geheel schoonmaken van de bodem in Nederland onverantwoord hoog zouden zijn. Wij registreren de rapporten over bodemverontreiniging wel in ons systeem. Iedereen die bodemgegevens opvraagt wordt op basis daarvan geïnformeerd. En in geval van een (voorgenomen) zogeheten ruimtelijk fysiek initiatief (wijziging bestemming, bouwplannen e.d.) dat via de gemeente loopt (bv. bouwvergunning) en bij graafwerkzaamheden ter plaatse wordt beoordeeld of er voorschriften van toepassing zijn over hoe met de verontreiniging omgegaan dient te worden. Mogelijk zijn er dan verplichtingen. Deze verplichtingen kunnen inhouden: het verrichten van bodemonderzoek en/of het saneren van de bodem. Of voorgaande van toepassing is in de toekomst is afhankelijk van de concrete plannen voor ontwikkeling/gebruik van de locatie. De huidige eigenaar wordt aangesproken op verplichtingen voortvloeiend uit het ontstaan van bodemverontreiniging op zijn / haar perceel.

Aan te bevelen voor een potentiële koper is dan ook om zich voor aankoop van een perceel te (laten) informeren hoe de bodemverontreinigingssituatie is, eventueel na het (laten) uitvoeren van bodemonderzoek. Voor schade veroorzaakt als gevolg van bodemverontreiniging aan een derde is er de mogelijkheid tot privaatrechtelijk aansprakelijk stellen van de veroorzaker. Opgemerkt wordt nog dat de Wbb geen rekening houdt met aansprakelijkheid. Een Wbb-besluit toetst alleen aan de doelstellingen uit de Wbb en houdt geen rekening met andere (private) afwegingen, wel heeft een belanghebbende de mogelijkheid tot bezwaar op een Wbb-besluit.

Pagina 4 van 12

-

05-06-2020

Disclaimer

De bodeminformatie die u in deze rapportage aantreft, is het product van alle informatie die in meer dan 20 jaar door de gemeente Venlo in verschillende systemen is ingevoerd. In eerste instantie voerde de gemeente die bodeminformatie in voor intern gebruik en voor verantwoording naar de landelijke overheid. Sinds 2018 heeft de gemeente alle informatie in één systeem staan, genaamd iBis. Dat gemeentelijk iBis kan door iedereen geraadpleegd worden via het programma iGor (‘or’ is de afkorting voor ‘omgevingsrapportage’, zoals die nu voor u ligt). Mede vanwege de tussentijds wisselende invoerdoelen en -systemen is het onvermijdelijk dat informatie: verouderd is (een bodemonderzoek van 20 jaar oud zegt vrijwel niets over de huidige kwaliteit van de bodem); onvolledig is (de gemeente ontving bijvoorbeeld van een bedrijf wel een onderzoek bij de aanvang van de activiteiten maar nooit van een onderzoek dat werd gedaan na afloop van de activiteiten (terwijl dat bedrijf het onderzoek wel had uitgevoerd)); onjuist is (de informatie hangt bijvoorbeeld aan een locatie die niet goed is ingetekend). Andersom: indien u geen informatie in de rapportage aantreft dan betekent dit niet dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is. Zo kan het zijn dat een bedrijf of een (ver)koper van een perceel op eigen initiatief een bodemonderzoek heeft laten verrichten.

Als dat rapport nooit is ingediend bij de gemeente, om bijvoorbeeld een omgevingsvergunning aan te vragen, dan is dat rapport ook niet opgenomen in het gemeentelijk BIS. In het gemeentelijk BIS is alleen de bij de gemeente Venlo bekende bodeminformatie opgenomen. De gemeente Venlo is daarom niet aansprakelijk voor enigerlei schade die het directe of indirecte gevolg is van of in verband staat met het gebruik van deze informatie. Er is onvermijdelijk een achterstand (maximaal een paar maanden) in de verwerking van bodemrapporten en -besluiten. Dit heeft onder andere te maken met proceduretijd voor het nemen van besluiten. Met de bodembesluiten worden in het verleden genomen besluiten Wet bodembescherming (hierna: Wbb) bedoeld. De Wbb bevat de voorwaarden die (kunnen) worden verbonden aan het verrichten van handelingen in of op de bodem. In de Wbb komen bescherming en sanering van de bodem aan bod. De gemeente Venlo streeft naar een zo gering mogelijke invoerachterstand vanaf het moment dat bodeminformatie bij de gemeente Venlo binnenkomt. In de inleiding wordt gesproken over een straal van 25 meter (m).

Deze afstand staat in de oude NEN 5725 (2009): ’Bodem Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek.’ Het nu voorliggende rapport gaat alleen over het door u aangewezen perceel - dus zonder een straal van 25 m eromheen - en mag in geen geval beschouwd worden als een volledig vooronderzoek (volksmond: ‘historisch onderzoek’). In de nieuwe NEN 5725 (2017): ‘Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek’ wordt niet gesproken over een straal maar over een ‘afbakening van de onderzoekslocatie’. Deze afbakening dient te gebeuren door een deskundige. Als u als bodemadviesbureau een rapportage genereert dan adviseren wij u om zelf een afbakening te maken, wellicht door een zelf gekozen straal om de bewuste onderzoekslocatie te tekenen. Ook dan geldt dat het gegenereerde rapport in geen geval beschouwd mag worden als een volledig vooronderzoek. Dat zult u zelf moeten (laten) schrijven. Indien u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens, kunt u contact opnemen met het team Bouwen en Milieu van de gemeente Venlo via e-mail info@venlo.nl of telefonisch 14077. Verder vragen wij u om, indien u fouten of onvolkomenheden in de omgevingsrapportage aantreft, deze te melden. Dat kan via hetzelfde algemene emailadres onder vermelding van: ‘Verzoek aanpassing bodeminformatiesysteem Venlo.’

Pagina 5 van 12

-

05-06-2020

Locatie: Rijksweg a67-zuid Locatie Adres

Europaweg 36 Venlo

Locatiecode

AA098300301

Locatienaam

Rijksweg a67-zuid

Plaats

Venlo

Locatiecode bevoegd gezag WBB

VE098300743

Uitgevoerde onderzoeken Datum

Type

Naam

Orienterend 29-04-1993 bodemonderzoek

Rijksweg A67

Auteur

Archief Conclusie overheid Zintuigelijk: geen bijzonderheden aangetroffen Analystisch: bg:zn>b ni,cu,cd,pb>a og:niet bepaald gw:niet bepaald Vervolgonderzoek: geen Prioriteit: Opmerking:

geconsult

Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar

Verontreinigende activiteiten Activiteit

Start

Einde

Vervallen

Benoemd

Verontreinigd

Spoed

onbekend

9999

9999

Niet van toepassing

Per definitie

Onbekend

Nee

Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar

Beschikbare documenten 5xfdycfk.pdf

Besluiten Geen gegevens beschikbaar

Sanering Geen gegevens beschikbaar

Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar

Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar

Pagina 6 van 12

-

05-06-2020

Voldoende onderzocht Onbekend

Locatie: Romerweg 23, tbv groencompensatie Locatie Adres Locatiecode

AA098300903

Locatienaam

Romerweg 23, tbv groencompensatie

Plaats

Venlo

Locatiecode bevoegd gezag WBB

Uitgevoerde onderzoeken Datum

23-09-1999

12-07-2006

Type

Naam

Orienterend bodemonderzoek

Orienterend bodemonderzoek

Romerweg 23, tbv groencompensatie

Olivier van Noortweg (ong.)

Auteur

Archief

Conclusie overheid

Zie GRONTMIJ aantekening locatie

Let op: locatie gelegen in de gemeentes Horst aan de Maas en Peel & Maas Zintuiglijk: BG+OG: Koolresten, puin Analystisch: BG: EOX >S OG: olie >S GW: Zn >I; Ni, Cd >T; Cr, Cu, As, Benzeen, Tolueen, Xylenen >S Vervolgonderzoek: nee Prioriteit: Opmerking:

DHV

Let op: Locatie gelegen in de gemeente Peel & Maas Zintuiglijk: Analystisch: BG: geen overschrijdingen OG: E.O.X. > S-waarde GW: Cd, Cr, Zn < 1/2(S+I) en Ni > I-waarde Vervolgonderzoek: geen Prioriteit: Opmerking: alleen gegevens van te verkopen terreindeel ingevoerd.

BV/20881

Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar

Verontreinigende activiteiten Activiteit

Start

Einde

Vervallen

Benoemd

Verontreinigd

Spoed

onbekend

9999

9999

Niet van toepassing

Per definitie

Onbekend

Nee

Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar

Beschikbare documenten d5k51eu4.PDF

Besluiten Geen gegevens beschikbaar

Sanering Geen gegevens beschikbaar

Pagina 7 van 12

-

05-06-2020

Voldoende onderzocht Onbekend

Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar

Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar

Pagina 8 van 12

-

05-06-2020

Locatie: Olivier van Noortweg, Trade Port West, deelplan II Locatie Adres

Olivier van Noortweg Venlo

Locatiecode

AA098300904

Locatienaam

Olivier van Noortweg, Trade Port West, deelplan II

Plaats

Venlo

Locatiecode bevoegd gezag WBB

Uitgevoerde onderzoeken Datum

Type

Naam

Orienterend 20-05-1999 bodemonderzoek

12-07-2006

Orienterend bodemonderzoek

Auteur

Archief

Conclusie overheid

Romerweg 34, Zie Gemeente GRONTMIJ aantekening Sevenum, locatie Maasbree

Zintuigelijk: BG+OG: Koolresten, baksteen Analystisch: BG: EOX , olie >S OG: olie >S GW: Zn >I; Ni >T; Cr, Cu, Cd, Tolueen >S Vervolgonderzoek: nee Prioriteit: Opmerking:

Olivier van Noortweg (ong.)

Let op: Locatie gelegen in de gemeente Peel & Maas Zintuiglijk: - Analystisch: BG: geen overschrijdingen OG: E.O.X. > S-waarde GW: Cd, Cr, Zn < 1/2(S+I) en Ni > I-waarde Vervolgonderzoek: geen Prioriteit: Opmerking: alleen gegevens van te verkopen terreindeel ingevoerd.

DHV

BV/20881

Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar

Verontreinigende activiteiten Activiteit

Start

Einde

Vervallen

Benoemd

Verontreinigd

Spoed

onbekend

9999

9999

Niet van toepassing

Per definitie

Onbekend

Nee

Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar

Beschikbare documenten zyfzmgvq.PDF iales42j.pdf

Besluiten Geen gegevens beschikbaar

Sanering Geen gegevens beschikbaar

Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar

Pagina 9 van 12

-

05-06-2020

Voldoende onderzocht Onbekend

Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar

Pagina 10 van 12

-

05-06-2020

Toelichting per onderwerp

Hierna volgt een toelichting per onderwerp zoals u die terugvindt in de omgevingsrapportage. In een aantal gevallen wordt hierna geadviseerd de bodemrapporten en -besluiten zelf te lezen. Mocht u die rapporten en besluiten niet ter beschikking hebben, bijvoorbeeld omdat de verkopende partij / oude eigenaar van een perceel die niet meer heeft, dan kunt u die opvragen bij de gemeente Venlo. Dit kan uitsluitend via een e-mail naar info@venlo.nl onder vermelding van ‘verzoek bodeminformatie’. Geef in dat verzoek altijd aan welk perceel het betreft (kadastrale aanduiding), met een kaartje en liefst ook met de omgevingsrapportage die u nu onder ogen hebt. Als gegevens digitaal beschikbaar zijn dan worden deze kosteloos aan u verstrekt. Mocht het om oude dossiers gaan, die alleen analoog in ons gemeentelijk bodemarchief zitten, dan melden we dat aan u terug. In die terugmelding staat dan met wie u een afspraak kunt maken en met welke behandeltermijn u rekening dient te houden. Dit geldt ook indien u behoefte heeft aan (aanvullende) informatie die verband houdt met bodeminformatie zoals pand- en perceelinformatie of informatie over milieu- of oude Hinderwetvergunningen. Locatie Algemene gegevens waaronder de locatie in het gemeentelijk BodemInformatieSysteem (hierna: BIS) bekend is. Soms is hier een benaming gebruikt van de oude (en niet meer aanwezige) firma.

In andere gevallen is de term ‘HBB’ (Historisch Bodem Bestand) of ‘TANK’ (brandstoftanks) gebruikt. Dit is niet belangrijk, maar is vroeger door gemeentelijke medewerkers vooral gedaan vanwege herkenbaarheid van de (bodem)locaties. Uitgevoerde onderzoeken Hier staan in chronologische volgorde de bij de gemeente Venlo bekende onderzoeken opgesomd, die op de locatie zijn uitgevoerd. Let op: vaak heeft bijvoorbeeld een nader bodemonderzoek slechts betrekking op een klein deel van de totale locatie. Het belangrijkste veld is ‘Conclusie overheid’. In dit veld staat vaak middels afkortingen aangegeven wat voor een verontreiniging er in bijvoorbeeld de BG (=BovenGrond), OG (=OnderGrond) of het GW (=Grondwater) is aangetroffen. De benamingen zijn soms lastig te begrijpen. Als daar vragen over zijn, dan kunt u die stellen aan de gemeente (o.a. via info@venlo.nl; zie verdere instructies in het eerste grote tekstblok onder ‘Toelichting per onderwerp’ of vraag uw bodemadviesbureau. De meest gebruikte afkortingen zijn: >S (licht verontreinigd); >T (matig verontreinigd); >I (sterk verontreinigd); MO (Minerale Olie); PAK (Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (aanwezig in bijvoorbeeld teer of uitlaatgassen); Pb (lood); Cu (koper); Zn (zink); Hg (kwik). Tot slot: ‘zintuiglijk’ wil zeggen: aangetroffen door middel van zien of ruiken, ‘analytisch’ wil zeggen: in een laboratorium bepaald.

Als een bepaald onderzoek ook digitaal beschikbaar is, dan kunt u dat hier vinden en downloaden. Indien u een rapport wilt inzien dat in ons archief aanwezig is, dan vragen wij u om dat te doen zoals eerder beschreven, in het eerste grote tekstblok onder ‘Toelichting per onderwerp’. (mogelijk) Verontreinigende activiteiten Dit is een overzicht van (mogelijk / potentieel) verontreinigende (bedrijfs)activiteiten die op de locatie zijn uitgevoerd, worden vermoed en/ of zijn onderzocht. De potentiële verontreinigende activiteiten maken deel uit van het HBB uit 2003. Het geeft slechts een indicatie van het soort activiteit dat op de locatie aanwezig is of is geweest. Is er bijvoorbeeld een tankstation aanwezig geweest of was er sprake van een ophoging of een demping? Het HBB is een groot bestand maar is niet altijd volledig. Soms zelfs onjuist. Nogmaals: dit veld geeft slechts een indicatie, hecht er niet teveel waarde aan. Geconstateerde verontreinigingen Vaak staat hier niets. Als er wel iets staat dan betekent dit dat er een verontreiniging aanwezig is of nog deels aanwezig is of geheel is verwijderd. Besluiten Indien er op basis van de Wbb besluiten zijn genomen door de gemeente Venlo of de provincie Limburg (vóór 2002) dan staan deze hier in chronologische volgorde vermeld. Soms staan er meerdere beschikkingen vermeld die schijnbaar gaan over hetzelfde.

In veel gevallen hebben de beschikkingen dan betrekking op verschillende delen van de locatie. Als een bepaald besluit ook digitaal beschikbaar is, dan kunt u dat hier vinden en downloaden. Wij raden u aan om in geval van (meerdere) beschikkingen altijd op zoek te gaan naar de feitelijke documenten. Sanering Indien hier iets is ingevuld dan is er sprake geweest van de start van een bodemsanering. Dat wil niet altijd zeggen dat de sanering ook correct is afgerond. Andersom: als hier niets staat ingevuld, dan betekent dit niet zondermeer dat er niet correct gesaneerd is. In algemene zin mag u niet teveel waarde hechten aan dit veld. Saneringscontouren / zorgmaatregelen

Pagina 11 van 12

-

05-06-2020

Dit is vrijwel nooit ingevuld. Hecht niet teveel waarde aan de (eventuele) inhoud van deze velden. Indien na sanering nog verontreiniging is achtergebleven en er zijn maatregelen genomen om blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging te voorkomen, dan kunt u dit vaak hier terugzien. Er is dan bijvoorbeeld een schone leeflaag (bijvoorbeeld 1 meter) aangebracht op een verontreiniging op diepte (>1 meter).

Pagina 12 van 12

-

05-06-2020

Historisch vooronderzoek perceel S 491 in Maasbree Olivier van Noortweg

MA180011.024.R01.V1.0 26 februari 2020

Historisch vooronderzoek perceel S 491 in Maasbree MA180011.024.R01.V1.0 26 februari 2020

Opdrachtgever Gemeente Venlo T.a.v. mevrouw A. Engelen-van Berkel Hanzeplaats 1 5902 RK Venlo

+31 88 130 06 00 info@geonius.nl Postbus 1097 6160 BB Geleen

Geonius.nl Functie

Naam

Projectleider milieu

Janice Zijlstra

Collegiale toets

Rick Tempels

MA180011.024.R01.V1.0

Paraaf

2 van 10

Inhoud 1

Inleiding .............................................................................. 4

2

Vooronderzoek..................................................................5

2.1

Algemeen

5

2.2

Situering onderzoekslocatie

5

2.3

Historie

6

2.4

Vergunningen

6

2.5

Bodemopbouw, -kwaliteit en geohydrologie

7

2.6

Niet gesprongen explosieven (NGE)

8

2.7

Archeologie

8

2.8

Terreininspectie

8

3

Conclusies.......................................................................... 9

3.1

Bodem

9

3.2

Asbest in bodem

9

3.3

Partijkeuring grond in depot

9

3.4

Onderzoekshypothese en –strategie

9

Bijlagen Bijlage 1 Topografische overzichtskaart Bijlage 2 Foto’s locatie Bijlage 3 Overzicht verzamelde gegevens en bronnen Bijlage 4 Situatietekening

MA180011.024.R01.V1.0

3 van 10

1 Inleiding Geonius Milieu B.V. heeft in opdracht van Gemeente Venlo een milieuhygiënisch vooronderzoek uitgevoerd ter plaatse van perceel S 491 gelegen aan Olivier van Noortweg in Maasbree, gelegen in de gemeente Peel en Maas. Aanleiding voor dit vooronderzoek vormt de bestemmingswijziging van de onderzoekslocatie. Doelstelling van het vooronderzoek is inzicht te krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen op de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen. Onderhavig milieuhygiënisch vooronderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5725 (Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, oktober 2017). Geonius is gecertificeerd voor SIKB protocol 2001, 2002, 2003 en 2018 behorende bij Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” (BRL SIKB 2000). Het procescertificaat van Geonius Milieu B.V. en het bijbehorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij horende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium (of de opdrachtgever). Geonius Groep B.V. en de verschillende divisies zijn gecertificeerd volgens de algemene kwaliteitsnorm NEN-ENISO 9001:2015, NEN-EN-ISO 14001:2015, VCA**2017/6.0 en CO2 Prestatieladder niveau 3.

Geonius Milieu B.V. verklaart hierbij geen organisatorische, financiële of juridische binding te hebben met de opdrachtgever en/of onderhavige locatie en daarmee te voldoen aan de vereisten zoals gesteld in KwaliBo (Besluit uitvoeringskwaliteit bodembeheer). In onderhavig rapport worden de resultaten van het vooronderzoek beschreven, conclusies en eventueel aanbevelingen geformuleerd.

MA180011.024.R01.V1.0

4 van 10

2 Vooronderzoek 2.1 Algemeen Het vooronderzoek is conform NEN 5725 verricht waarbij een locatie-inspectie is uitgevoerd en gegevens over de locatie zijn opgevraagd. De methode van gegevens verzamelen ten aanzien van asbest staan beschreven in de NEN 5725:2017. De hierbij gehanteerde bronnen zijn opgenomen in bijlage 3. De resultaten van het vooronderzoek zijn in onderstaande paragrafen opgenomen. Voor het vooronderzoek is aangesloten bij de strategie voor de aanleiding A ''Opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek''. In onderstaand schema is de aanpak van het vooronderzoek beschreven, inclusief de vindplaats in dit rapport. Aanleiding

Paragraaf 2.1

Afbakening onderzoeksgebied

Paragraaf 2.2 en bijlage 1 en 4

Verzamelen informatie/onderzoeksaspecten

Paragrafen 2.2 t/m 2.8

Beantwoorden onderzoeksvragen

Hoofdstuk 3

Indelen deellocaties

Hoofdstuk 3

Hypothese en onderzoeksstrategie

Hoofdstuk 3

Deze informatiebronnen zijn volgens ons voldoende betrouwbaar en volledig om, in relatie tot de aard van de onderzoekslocatie, een uitspraak te kunnen doen over de verdenking van bodemverontreiniging. Het vooronderzoek resulteert in een hypothese over de aard en verdeling van mogelijke verontreinigingen in het onderzoeksgebied. De hypothese wordt gebruikt voor het bepalen van de onderzoeksstrategie.

2.2 Situering onderzoekslocatie De onderzoekslocatie betreft perceel S 491 gelegen aan Olivier van Noortweg in Maasbree, gelegen in de gemeente Peel en Maas. In Tabel 2.1 zijn enkele gegevens betreffende de onderzoekslocatie weergegeven. De regionale ligging is weergegeven in bijlage 1. In bijlage 4 is een situatietekening met daarop de ligging van de locatie opgenomen. Foto’s van de locatie zijn opgenomen in bijlage 2. Tabel 2.1: overzicht topografische en kadastrale gegevens onderzoekslocatie Algemene en topografische gegevens Adres locatie

Olivier van Noortweg (ong.) in Maasbree

Oppervlakte onderzoekslocatie

Circa 11.315 m2

Maaiveldhoogte

Circa 27 m + NAP

X-coördinaat, Y-coördinaat

X: 202.478, Y: 378.642

MA180011.024.R01.V1.0

5 van 10

Kadastrale gegevens Kadastrale aanduiding

Gemeente Maasbree, sectie S, nummer 491

Oppervlakte kadastraal perceel

11.315 m2

Eigenaar

Gemeente Venlo, Garnizoenweg 3, 5928 NA, Venlo

2.3 Historie Op basis van de geraadpleegde historische kaarten blijkt dat onderhavige locatie tot ca. 1921 begroeid was met heide. Hierna heeft de onderzoekslocatie een agrarische bestemming gekregen. De perceelindeling is door de jaren heen gewijzigd. De locatie is tot op heden onbebouwd gebleven. Enkele uitsneden van historisch kaartmateriaal zijn opgenomen in onderstaande Figuur 2.1.

Ca. 1900

Ca. 1950

Ca. 2000

Ca. 2018

Figuur 2.1: uitsneden historische kaarten

2.4 Vergunningen Voor de onderzoekslocatie zijn geen vergunningen afgegeven in het kader van de voormalige Hinderwet, Wet milieubeheer, Bouwvergunningen, Sloopvergunningen of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) dan wel niet bekend/aanwezig in de geraadpleegde bronnen. Uit de geraadpleegde bronnen (o.a. BOOT-archief) blijken geen gegevens die duiden op de aanwezigheid van één of meerdere tanks op de onderzoekslocatie.

MA180011.024.R01.V1.0

6 van 10

2.5 Bodemopbouw, -kwaliteit en geohydrologie In Tabel 2.2 staat de bodemopbouw, geohydrologie, gegevens Bodemkwaliteitskaart/Nota bodembeheer en een samenvatting van de resultaten van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken op en nabij de onderzoekslocatie vermeld. Tabel 2.2: overzicht bodemopbouw, geohydrologie en -kwaliteit Bodemopbouw Diepte in m-mv

Omschrijving

Opmerkingen

[0 - 5,5]

Formatie van Boxtel

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind

[5,5 - 15,5]

Formatie van Beegden

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof zand, grind en midden zand, met weinig zandige klei en fijn zand, een spoor klei en kans op stenen, keien en blokken

[> 15,5]

Kiezeloöliet Formatie

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig klei, zandige klei, fijn zand en grind en een spoor bruinkool

Geohydrologische gegevens Hoogte freatisch grondwater

Circa 24 m + NAP / Circa 3 m-mv

Stromingsrichting grondwater

Noordoostelijke richting

Ligging van oppervlaktewater op en/of nabij de locatie

Ja, op ca. 220 m in noordwestelijke richting is De Bulten gelegen en loopt over in de Lage Heide Ja, op ca. 100 m in zuidelijke richting is een waterloop/buffer gelegen

Het voorkomen van brak of zout grondwater

Nee

Ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied

Nee

Aanwezigheid van grondwateronttrekkingen op de locatie of in de omgeving

Ja, op ca. 700 m in noordoostelijke richting, Lifetime Connection BV, voor 75.000 m3 voor koude opslag Ja, op ca. 730 m in noordoostelijke richting, Nedinsco BV, 97.000 m3 voor koude opslag en spoelwater Ja, op ca. 965 m in noordoostelijke richting, Rijksvastgoedbedrijf, 50.000 m3 voor koude opslag

Aanwezigheid van breukstelsels op of nabij de locatie

Nee

Bodemkwaliteitskaart / Nota bodembeheer Kenmerk, datum

Omschrijving

Marmos,

Bodemkwaliteitskaart Gemeente Peel en Maas

P10-19, d.d. 23 mei 2011 Deelgebied

Buitengebied

Bodemfunctieklasse

Landbouw/natuur

Ontgravingsklasse

Bovengrond (0-0,5 m-mv): Achtergrondwaarde Ondergrond (0,5-2,0 m-mv): Achtergrondwaarde

MA180011.024.R01.V1.0

7 van 10

Bodemonderzoeken in de directe omgeving van de onderzoekslocatie Kenmerk, datum

Omschrijving

DHV B.V.,

Verkennend bodemonderzoek MLA-terrein

A0944-01-001,

(gelegen naast de west- en zuidzijde van onderhavige locatie)

d.d. 1 juli 2006 De aanleiding van het verkennend bodemonderzoek is een vergunningaanvraag voor de geplande nieuwbouw en de wijziging van het bestemmingsplan. In de bovengrond van de landbouwpercelen zijn analytisch geen verontreinigingen aangetoond. In de ondergrond van perceel 5 (is onderhavige locatie, echter perceel 5 is groter dan onderhavig perceel, dus de betreffende boringen liggen naast onderhavige locatie aan de zuidzijde) is een lichte verontreiniging met EOX aangetoond, mogelijk als gevolg van het toepassen van bestrijdingsmiddelen. Het grondwater is licht tot sterk verontreinigd met nikkel, licht tot matig verontreinigd met cadmium en licht verontreinigd met koper, chroom, zink en benzeen. De metaalverontreinigingen zijn hoogstwaarschijnlijk, in combinatie met de verlaagde pH, te relateren aan regionaal verhoogde en diffuse achtergrondconcentraties van metalen in het grondwater.

2.6 Niet gesprongen explosieven (NGE) Op of in de nabijheid van de onderzoekslocatie zijn geen gegevens bekend omtrent “niet gesprongen explosieven”.

2.7 Archeologie Uit de archeologische verwachtings- en cultuurhistorische advieskaart van de gemeente Peel en Maas blijkt dat de onderzoekslocatie gelegen is in een gebied waarvoor een lage tot middelhoge archeologische verwachting geldt.

2.8 Terreininspectie Een terreininspectie betreft een indicatieve inspectie van de locatie gericht op het huidige gebruik en kenmerken die kunnen duiden op bodemverontreiniging en het vaststellen van de mogelijke aanwezigheid van asbest. Tijdens het locatiebezoek zijn het maaiveld en de daarop aanwezige bouwwerken en objecten indicatief geïnspecteerd. Op 11 februari 2020 is door de heer T. Nowottka een terreininspectie uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat het maaiveld onverhard is, braakliggend. Het betreft een voormalig akkerland, dat momenteel in gebruik is als 4x4 terrein door quads en landrovers. Op het maaiveld liggen plassen water en ligt grond in depot. Verder zijn geen verdachte deellocaties dan wel opstallen waargenomen. Tijdens de terreininspectie is het gehele terrein visueel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Deze zijn op onderhavige onderzoekslocatie waargenomen waargenomen in de vorm van puinbrokken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=13fdc4a3-38c3-4913-8ab1-fdb9b4846b59