2021-057 08 BIJLAGE Quickscan Ecologische waarden Ecolybrium.pdf
Tekst van het document
Hoofdkantoor: Heugterbroekdijk 31 6003 RA WEERT
Opdrachtgever:
Vestiging Maastricht: Florijnruwe 111-8 6218 CA MAASTRICHT
Datum: 3 juli 2020
City Planning Advies Parklaan 32 6131 KH Sittard
Onderwerp: Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Traffic Port, Maasbree (Ons kenmerk: 20-687)
Hierbij ontvangt u van ons de rapportage inzake het uitgevoerde onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming. Dit onderzoek is nodig voor de bestemmingsplanwijziging voor het betreffende perceel, zie figuur 1.
Figuur 1: Onderzoeksgebied
Onderzoeksmethodiek Quickscan Ecologische Waarden Om vast te stellen of er beschermde natuurwaarden aanwezig zijn of in hoeverre het gebied dienst kan doen als verblijfplaats voor beschermde en/of bijzondere soorten is het terrein middels een veldbezoek op 28 mei 2020 onderzocht. Tevens is de directe omgeving (straal van circa 100m) onderzocht/beoordeeld op het voorkomen en/of gebruik ervan door beschermde natuurwaarden. 06 462 55 985 info@ecolybrium.nl www.ecolybrium.nl
KVK nummer: 68599544 Bankrek.: NL19 KNAB 0257477624 BTW-nummer: NL857514313B01
Naast een veldbezoek is alle beschikbare gegevens van flora en fauna geraadpleegd, zie bijlage Geraadpleegde bronnen.
Onderzoeksresultaten Vaatplanten en vegetatie Het grootste deel van het gebied betreft een bemest graslandperceel. Aan de noordoostkant bevindt zich een brede sloot met daarlangs een houtwal die bestaat uit slecht drie tot vier soorten struiken. Het merendeel betreft hier Amerikaanse vogelkers (een exoot). Voorts groeien er enkele meidoorn, een enkele vlierbes en een enkele hondsroos. Een goed ontwikkelde gevarieerde vegetatie is niet ontwikkeld. Bomen en/of boomvormers zijn evenmin aanwezig in deze houtwal.
Foto 1: Beeld op de houtwal en uiterst links de brede sloot
Terplekke van de houtwal is de kruidenvegetatie sterk verruigd met brandnetel, boerenwormkruid, bijvoet en diverse grassoorten. Beschermde en/of bijzondere soorten zijn niet aangetroffen en gelet op de zeer voedselrijke en verstoorde groeiomstandigheden zeker niet te verwachten. Uit de bekende verspreidingsgegevens van planten (bronnen: Provincie Limburg en Verspreidingsatlas.nl) blijkt eveneens dat er geen beschermde plantensoorten voorkomen op deze locatie en in de directe nabijheid. Effecten op beschermde planten en een goed ontwikkelde vegetatiestructuur zijn geheel niet te verwachten. In het kader van de Wet natuurbescherming kan dan ook geconcludeerd worden dat er geen vervolgstappen noodzakelijk zijn en dat er geen verbodsbepalingen overtreden worden door de werkzaamheden.
Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Traffic Port, Maasbree (Ons kenmerk: 20-687)
2
Foto 2: beeld op de locatie vanaf de zuidkant
In de aanwezige afwateringssloten, die in dit gebied bekend staan om hun zeer heldere water en hoge diversiteit aan planten en dieren (met name diverse vissoorten, zijn geen beschermde plantensoorten aangetroffen. De sloten blijven in de nieuwe situatie onaangeroerd aanwezig. Er treedt geen aantasting op in die zin.
Foto 3: de sloten in dit gebied (en in overige delen van het grote bedrijvenpark rondom) bestaan uit heldere afwateringssloten, op zandige ondergronden met daarin een rijkdom aan planten en dieren
Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Traffic Port, Maasbree (Ons kenmerk: 20-687)
3
Foto 4: plaatselijk zwemmen grotere scholen vis
Broedvogels In de aanwezige houtwal zijn geen nesten aangetroffen van vogelsoorten waarvan de nesten jaarrond beschermd zijn. De houtwal is daar geheel niet toe ontwikkeld om als zodanig broedbiotoop te kunnen dienen. In de houtwal kunnen diverse kleinere zangvogels nesten gedurende zomerperiode. Er zijn in elk geval een zwartkop (zingend) en een braamsluiper waargenomen. Door deze vegetatie te verwijderen buiten de broedperiode (half maart-half augustus) kan voorkomen worden dat er negatieve effecten op broedvogels optreden. Terplekke van het graslandperceel zijn in elk geval twee territoria vastgesteld van resp. veldleeuwerik en graspieper. Dit graslandperceel vormt daarvoor een uitermate geschikt broedgebied, mede door de rustige ligging ervan te midden van het bedrijventerrein. Vanwege het ontbreken van een dichte beplanten hebben deze soorten weinig te duchten van predatoren zoals vossen, die nergens in dit gebied (of de nabijheid) burchten kunnen maken vanwege ontbreken van geschikt vestigingsgebied. Om te zorgen dat de kuikens van deze soorten kunnen opgroeien totdat ze kunnen vliegen, adviseren we wel om de start van de grondwerkzaamheden/bouw uit te voeren buiten de broedperiode (dus buiten half maart-half juli). Terplekke van de noordelijk gelegen drooggevallen greppel zijn enkele jagende en drinkende oeverzwaluwen waargenomen.
Voorts is een alarmerende kievit aangetroffen, die vermoedelijk ergens een nest heeft of ergens jongen heeft lopen. Rond de waterloop ten noorden van het perceel is tevens een foeragerende kleine plevier aangetroffen. Deze soort kan dergelijke half braakliggende gebieden voor enkele jaren (voordat het terrein dichtgroeit) gebruiken als broedplek.
Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Traffic Port, Maasbree (Ons kenmerk: 20-687)
4
Ten aanzien van het nieuwe gebruik en de herinrichting van het plangebied houdt het echter niet in dat er knelpunten zijn ten opzichte van de aanwezige broedvogels. De nesten zijn namelijk niet jaarrond beschermd en de werkzaamheden kunnen uitgevoerd worden buiten de broedperiode van vogels. Vleermuizen Het grasland vormt in de avondschemer, gedurende de nacht en in de ochtendschemer een optimaal jachtgebied voor enkele soorten vleermuizen, de aantallen zullen echter zeer beperkt zijn, aangezien het omliggende gebied nauwelijks beplant is met bomen en/of struiken. Het gebied vormt daarmee dan ook een zeer marginaal geschikt foerageergebied. Vaste rust- en verblijfplaatsen en primaire vliegroutes zijn terplekke geheel uit gesloten omdat de locatie geheel onbebouwd is en vanwege het ontbreken van opgaande goed ontwikkelde bomen. In het kader van de Wet natuurbescherming kan geconcludeerd worden dat er geen verbodsbepalingen overtreden worden ten aanzien van vleermuizen. De locatie vormt in geen enkel opzicht een primair onderdeel van het leefgebied van een populatie(s) vleermuizen. Amfibieën, reptielen, vissen, libellen, dagvlinders, grondgebonden zoogdieren en overige ongewervelden Het terrein zelf is in zijn geheel ongeschikt leefgebied voor amfibieën, reptielen, vissen, libellen, dagvlinders en overige ongewervelden.
Vissen De stromende waterlopen vormen geschikt leefgebied voor met name vissen. Soorten als zeelt, riviergrondel, blankvoorn en zelfs kleine modderkruiper en snoek zijn soorten die hier voorkomen. Aangezien de ingrepen geen directe effecten hebben op de aanwezige sloten (zoals dempen van sloten) treden er geen effecten op ten aanzien van de vissoorten. Libellen en amfibieën Door het gebrek aan stilstaande oppervlaktewateren is het aanwezig zijn van diverse soorten libellen en amfibieën zeer beperkt te noemen. Wellicht dat er soorten als gewone pad, bruine kikker en diverse algemeen voorkomende libellensoorten voorkomen, maar deze zullen de aanwezige sloten in elk geval niet gebruiken als ei-afzetgebied (vanwege de stroming van het water). Reptielen Reptielen komen op het perceel en in de directe omgeving niet voor. Optimaal habitat voor deze soortgroep is terplekke niet aanwezig en/of ontwikkeld, vanwege het huidige gebruik en het gebruik in het verleden (eveneens als bemest grasland). Dagvlinders Dagvlinders kunnen het gebied, en dan met name de randen, gebruiken als foerageergebied waar bloeiende kruiden te vinden zijn. Voortplanting van beschermde en/of bijzondere soorten is uitgesloten, vanwege het ontbreken van waardplanten van beschermde soorten. Soorten die er voor zullen komen zijn onder meer klein koolwitje, dagpauwoog, atalanta, gehakkelde aurelia en bont zandoogje.
Grondgebonden zoogdieren Er kunnen enkele soorten grondgebonden zoogdieren voorkomen op en rond het perceel. Het gaat hier om mogelijke enkele soorten muizen. Zwaar beschermde en/of bijzondere of schaarse grondgebonden zoogdieren zijn uitgesloten van deze locatie. Het terrein is dermate ingesloten Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Traffic Port, Maasbree (Ons kenmerk: 20-687)
5
tussen andere bedrijfspanden en de autosnelweg A67 en is qua inrichting dermate monotoom dat het aanwezig zijn van kleine marterachtigen (bunzing, wezel, hermelijn) geheel uitgesloten is. Overige ongewervelden Er zullen diverse soorten ongewervelden voorkomen in het gebied, maar er is geen sprake van een dermate ontwikkeld habitat waar beschermde soorten zich in kunnen ontwikkelen. Dergelijke leefgebieden zijn niet aanwezig op het terrein. Er treden dan ook geen effecten op ten aanzien van amfibieën, reptielen, vissen, libellen, dagvlinders, grondgebonden zoogdieren en overige ongewervelden. Overtredingen in het kader van de Wet natuurbescherming treden dan ook niet op.
Eindconclusies Eindconclusies Uit het veldbezoek en de literatuurstudie kan geconcludeerd worden dat: Er geen effecten optreden ten aanzien van beschermde vaatplanten, broedvogels, vleermuizen, amfibieën, vissen, grondgebonden zoogdieren, libellen, dagvlinders, reptielen en overige ongewervelden. Er geen nader soortgericht onderzoek nodig is omdat er geen knelpunten te verwachten zijn op de aanwezige soorten en soortgroepen. Er geen overtredingen plaatsvinden in het kader van de Wet natuurbescherming. Met vriendelijke groet,
Ecolybrium Ecologisch onderzoek & Advies Martijn Coenen
Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Traffic Port, Maasbree (Ons kenmerk: 20-687)
6
Geraadpleegde bronnen www.waarneming.nl (NDFF) www.natuurgegevensprovincielimburg.nl www.verspreidingsatlas.nl Hustings F., van der Coelen J., van Noorden B., Schols R. & Voskamp P. 2006. Avifauna van Limburg. Stichting Natuurpublicaties Limburg, Maastricht. Buggenum, H.J.M. van, R.P.G. Geraeds & A.J.W. Lenders (redactie), 2009. Herpetofauna van Limburg. Verspreiding en ecologie van amfibieën en reptielen in de periode 1980-2008. Stichting Natuurpublicaties, Maastricht. Kleukers, R.M.J.C., E.J. van Nieukerken, B. Odé, L.P.M. Willemse & W.K.R.E. van Wingerden, 1997. De sprinkhanen en krekels van Nederland (Orthoptera). – Nederlandse Fauna 1. Nationaal Natuurhistorisch Museum, KNNV Uitgeverij & EIS-Nederland, Leiden 416 blz., 14 platen. Turin, H., 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). – Nederlandse Fauna 3. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & EISNederland, Leiden 666 blz., 16 platen, met cd-rom. Nederlandse Vereniging voor Libellenstudie, 2002. De Nederlandse libellen (Odonata). Nederlandse Fauna 4. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden. Bos, F., M. Bosveld, D. Groenendijk, C. van Swaay, I. Wynhoff, De Vlinderstichting, 2006. De dagvlinders van Nederland, verspreiding en bescherming (Lepidoptera: Hesperioidea, Papilionoidea).
- Nederlandse Fauna 7. Leiden. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland. Broekhuizen, S., K. Spoelstra, J.B.M. Thissen, K.J. Canters & J.C. Buys (redactie) 2016. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. - Natuur van Nederland 12. Naturalis Biodiversity Center & EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden, Leiden. Huizenga, C.E., R.W. Akkermans, J.C. Buys, J. van der Coelen, H. Morelissen & L.S.G.M. Verheggen, 2010. Zoogdieren van Limburg, verspreiding en ecologie in de periode 1980-2007. Stichting Natuurpublicaties Limburg, Maastricht.
Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Traffic Port, Maasbree (Ons kenmerk: 20-687)
7