2021-056 11 Regels.pdf
Tekst van het document
28
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel b. Het verbod als bedoeld in artikel 5.4.1 is ook niet van toepassing indien: 1. naar oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is aangetoond dat de grond reeds verstoord is; 2. de werkzaamheden vooraf bij het bevoegd gezag zijn gemeld, voorzien van een overeenkomstig de eisen van het bevoegd gezag uitgevoerd onafhankelijk onderzoek waaruit blijkt dat de verstoringsdiepte van de werkzaamheden of werken minder diep reikt dan 40 centimeter onder maaiveld, en voorzien van een verklaring dat in het geval van teelten zoals bedoeld onder 5.4.1 sub h het afgevoerde bodemvolume weer wordt aangevuld waarop het bevoegd gezag op basis van deze melding voorafgaand aan de uitvoering van de werkzaamheden schriftelijk te kennen heeft gegeven dat voor de betreffende werkzaamheden geen omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is vereist; 3.
de werkzaamheden vooraf bij het bevoegd gezag zijn gemeld, voorzien van een schriftelijke verklaring met bewijsmateriaal waarbij wordt aangetoond dat de grond reeds dieper is geroerd dan de voorgestelde bewerkingsdiepte en voorzien van een verklaring dat in het geval van teelten zoals bedoeld onder 5.4.1 sub h het afgevoerde bodemvolume weer wordt aangevuld waarop het bevoegd gezag op basis van deze melding voorafgaand aan de uitvoering van de werkzaamheden schriftelijk te kennen heeft gegeven dat voor de betreffende werkzaamheden geen omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is vereist. 5.4.3
Toelaatbaarheid
De werken of werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4.1 zijn slechts toelaatbaar indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad.
5.4.4
Onderzoeksplicht
a. De aanvrager van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.4.1 die betrekking heeft op gronden, die zijn aangewezen voor 'Waarde - Archeologie 4' dient een rapport te overleggen waarin naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld, en; 2. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd, dan wel: 3. in voldoende mate is aangegeven dat de archeologische waarden van de gronden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad, dan wel niet (meer) aanwezig zijn b. Een onderzoek als bedoeld onder a is niet vereist wanneer naar oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. 5.4.5
Voorwaarden verlenen omgevingsvergunning
het bevoegd gezag verleent de omgevingsvergunning wanneer naar haar oordeel genoegzaam blijkt dat: er geen archeologische waarden aanwezig zijn; de betreffende archeologische waarden door de ingreep niet of niet onevenredig worden geschaad; c. schade door bouwactiviteiten kan worden voorkomen of zoveel mogelijk kan worden beperkt door het in acht nemen van aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften. 5.4.6
Voorschriften te verbinden aan omgevingsvergunning
In de situatie als bedoeld in artikel 5.4.5 kan het bevoegd gezag één of meer van de volgende voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning: de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden;
Regels (vastgesteld)
29
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
de verplichting tot het doen uitvoeren van opgravingen; d. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties 5.5
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming 'Waarde - Archeologie 4' ten behoeve van de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden wijzigen zodanig dat de bestemming geheel of gedeeltelijk van de verbeelding wordt verwijderd, indien: uit nader archeologisch onderzoek is gebleken, dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn of zich op een andere plaats bevinden; e. het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarde voorziet.
Artikel 6 Waarde-archeologie-5
30
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 6 6.1
Waarde-archeologie-5
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie 5' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a. de instandhouding en bescherming van de archeologische waarden en oudheidkundige waardevolle elementen, in het bijzonder voor gebieden met een middelhoge archeologische verwachtingswaarde. 6.2
Bouwregels
6.2.1
Bouwverbod
Op of in de voor 'Waarde - Archeologie 5' aangewezen gronden mag niet worden gebouwd, met uitzondering van: a. het bouwen van gebouwen en/of bouwwerken, waarbij de bebouwing minder diep reikt dan 40 centimeter en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst; b. de bestaande bebouwing wordt vergroot met een oppervlakte van minder dan 2500 m²; c. een bouwwerk dat uitsluitend voor archeologisch onderzoek is bestemd met een bouwhoogte van maximaal 3 meter; d. gebouwen en/of bouwwerken die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan dan wel mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende vergunning. 6.3
Afwijken van de bouwregels
6.3.1
Afwijken van de bouwregels ten behoeve van het bouwen van gebouwen en bouwwerken
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken voor het bepaalde in artikel 6.2.1, ten behoeve van het bouwen en/of vergroten van gebouwen en/of bouwwerken, met dien verstande dat: a. door de aanvrager een archeologisch rapport dient te worden overlegd op basis van de in de beroepsgroep geldende norm waarin de archeologische waarden van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, in voldoende mate is vastgesteld; b. een onderzoek als bedoeld onder a is niet vereist wanneer: 1. naar het oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld; 2. door het overleggen van een overeenkomstig de eisen van het bevoegd gezag uitgevoerd onderzoek blijkt dat de verstoringsdiepte van de bouwactiviteit minder diep reikt dan 40 centimeter onder maaiveld. 6.3.2
Voorwaarden verlenen omgevingsvergunning
Het bevoegd gezag kan de omgevingsvergunning verlenen wanneer naar haar oordeel genoegzaam blijkt dat: a. er geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de betreffende archeologische waarden door de ingreep niet of niet onevenredig worden geschaad; c. schade door bouwactiviteiten kan worden voorkomen of zoveel mogelijk kan worden beperkt door het in acht nemen van aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften. 6.3.3
Voorschriften te verbinden aan omgevingsvergunning voor het bouwen
In de situatie als bedoeld in artikel 6.3.2 kan het bevoegd gezag één of meer van de volgende voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische waarden in
Regels (vastgesteld)
31
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen uitvoeren van opgravingen; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties. 6.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 6.4.1
Vergunningplicht
Het is verboden op of in de voor 'Waarde - Archeologie 5' aangewezen gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerk zijnde en/of werkzaamheden uit te voeren: a. grondwerkzaamheden zoals het afgraven, ophogen, vergraven, egaliseren, diepploegen en diepwoelen van gronden; b. het indrijven van voorwerpen in de grond zoals heipalen, damwanden, boor- en pompputten; c. waterhuishoudkundige ingrepen zoals het aanbrengen van onderbemaling; d. het aanleggen van dammen en stuwen en het aanbrengen van oeverbeschoeiing; e. het aanleggen, dempen of wijzigen (zoals het verbreden, verdiepen, wijzigen van oevers en profiel) van sloten, greppels, watergangen en overige waterpartijen; f. het aanbrengen van diepwortelende beplanting; g. het rooien van diepwortelende beplantingen voor zover daarbij stobben worden verwijderd; h. het omzetten van gras of akkerland in een teelt waarbij bodemvolume wordt afgevoerd waartoe gerekend worden boomteelt, graszodenteelt en siergewassenteelt; i. het aanleggen en/of verharden van wegen, paden, parkeerterreinen of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; j. het aanbrengen van ondergrondse transport- energie of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; k.
het slopen van gebouwen en verwijderen van funderingen, waarbij grondroering plaatsvindt; l. het afplaggen van heide- of natuurgebieden; m. het aanleggen van een drainagestelsel en beregeningsinstallatie. 6.4.2
Uitzonderingen
a. Het bepaalde in artikel 6.4.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: 1. die maximaal 40 centimeter diep reiken ten opzichte van het maaiveld, tenzij het werkzaamheden betreffen als genoemd in artikel 6.4.1 h, l, en m; 2. een verstoringsoppervlakte hebben van maximaal 2500 m²; 3. ten dienste staan van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een ter zake deskundige; 4. het normale beheer en onderhoud betreffen, met inbegrip van onderhoud- en vervangingswerkzaamheden van bestaande riolen, bestratingen, beplantingen en binnen bestaande tracés van kabels en leidingen; 5. het normale agrarisch gebruik betreffen waaronder worden verstaan grondbewerkingen ten dienste van agrarisch gebruik mits de bodem tot niet meer dan een diepte van 40 centimeter onder maaiveld wordt geroerd; 6. plaatsvinden binnen een afstand van maximaal 2,5 meter uit een bestaande fundering van een bestaand bouwwerk; 7. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan dan wel mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning. b. Het verbod als bedoeld in artikel 6.4.1 is ook niet van toepassing indien: 1. naar oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is aangetoond dat de grond reeds verstoord is; 2.
de werkzaamheden vooraf bij het bevoegd gezag zijn gemeld, voorzien van een overeenkomstig de eisen van het bevoegd gezag uitgevoerd onafhankelijk onderzoek waaruit blijkt dat de
32
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel verstoringsdiepte van de werkzaamheden of werken minder diep reikt dan 40 centimeter onder maaiveld, en voorzien van een verklaring dat in het geval van teelten zoals bedoeld onder 6.4.1 sub h het afgevoerde bodemvolume weer wordt aangevuld waarop het bevoegd gezag op basis van deze melding voorafgaand aan de uitvoering van de werkzaamheden schriftelijk te kennen heeft gegeven dat voor de betreffende werkzaamheden geen omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is vereist; 3. de werkzaamheden vooraf bij het bevoegd gezag zijn gemeld, voorzien van een schriftelijke verklaring met bewijsmateriaal waarbij wordt aangetoond dat de grond reeds dieper is geroerd dan de voorgestelde bewerkingsdiepte en voorzien van een verklaring dat in het geval van teelten zoals bedoeld onder 6.4.1 sub h het afgevoerde bodemvolume weer wordt aangevuld waarop het bevoegd gezag op basis van deze melding voorafgaand aan de uitvoering van de werkzaamheden schriftelijk te kennen heeft gegeven dat voor de betreffende werkzaamheden geen omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is vereist. 6.4.3
Toelaatbaarheid
De werken of werkzaamheden als bedoeld in artikel 6.4.1 zijn slechts toelaatbaar indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad.
6.4.4
Onderzoeksplicht
a. De aanvrager van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 6.4.1 die betrekking heeft op gronden, die zijn aangewezen voor 'Waarde - Archeologie 5' dient een rapport te overleggen waarin naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld, en; 2. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd, dan wel: 3. in voldoende mate is aangegeven dat de archeologische waarden van de gronden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad, dan wel niet (meer) aanwezig zijn b. Een onderzoek als bedoeld onder a is niet vereist wanneer naar oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. 6.4.5
Voorwaarden verlenen omgevingsvergunning
het bevoegd gezag verleent de omgevingsvergunning wanneer naar haar oordeel genoegzaam blijkt dat: a. er geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de betreffende archeologische waarden door de ingreep niet of niet onevenredig worden geschaad; c. schade door bouwactiviteiten kan worden voorkomen of zoveel mogelijk kan worden beperkt door het in acht nemen van aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften. 6.4.6
Voorschriften te verbinden aan omgevingsvergunning
In de situatie als bedoeld in artikel 6.4.5 kan het bevoegd gezag één of meer van de volgende voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen uitvoeren van opgravingen; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties
Regels (vastgesteld)
33
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
6.5
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming 'Waarde - Archeologie 5' ten behoeve van de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden wijzigen zodanig dat de bestemming geheel of gedeeltelijk van de verbeelding wordt verwijderd, indien: a. uit nader archeologisch onderzoek is gebleken, dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn of zich op een andere plaats bevinden; b. het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarde voorziet. Artikel 7 Waterstaat - Beschermingszone watergang
34
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 7 7.1
Waterstaat - Beschermingszone watergang
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor de bescherming en het beheer van de watergang met inachtneming van de Keur van het Waterschap.
7.2
Bouwregels
7.2.1
Gebouwen
Op of in de voor 'Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.
7.2.2
Bouwwerken geen gebouw zijnde
Op of in de voor 'Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden mogen geen bouwwerken, geen gebouw zijnde worden gebouwd, met uitzondering van bouwwerken, geen gebouw zijnde ten dienste van deze bestemming, zoals duikers, keerwanden en merktekens.
7.3
Afwijken van de bouwregels
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken voor het bepaalde in artikel 7.2 ten behoeve van het bouwen van gebouwen en bouwwerken geen gebouw zijnde, mits: a. de veiligheid en het functioneren van de watergang niet wordt geschaad; b. voldaan wordt aan regels behorende bij de ter plaatse geldende andere bestemming(en); c. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij het Waterschap. 7.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.4.1
Vergunningplicht
Het is verboden op of in de voor 'Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerk zijnde en/of werkzaamheden uit te voeren: a. het veranderen van het huidige maaiveldniveau door ontginnen, bodemverlagen, egaliseren, afgraven, diepploegen, indrijven of ophogen; b. het aanleggen van watergangen, het vergraven, verruimen of dempen van reeds bestaande watergangen; c. het aanbrengen van gesloten oppervlakteverharding, het aanleggen van kabels en/of leidingen en daarmee verband houdende constructies; d. het aanbrengen, vellen en/of rooien van bomen en/of diepwortelende beplantingen. 7.4.2
Uitzondering
Het bepaalde in artikel 7.4.1 is niet van toepassing op: a. normale onderhoudswerkzaamheden; b. werken of werkzaamheden in het kader van het normale bodemgebruik; c. werken of werkzaamheden, welke op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan in uitvoering zijn dan wel krachtens een voor dat tijdstip verleende vergunning mogen worden uitgevoerd.
Regels (vastgesteld)
35
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
7.4.3
Toelaatbaarheid
De werken of werkzaamheden als bedoeld in 7.4.1 zijn toelaatbaar, mits: a. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het doelmatig functioneren van het waterbergend waterbed; b. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen de beheerder van de watergang.
36
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Hoofdstuk 3 Artikel 8
Algemene regels
Anti - dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Regels (vastgesteld)
37
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 9
Algemene bouwregels
9.1
Ondergronds bouwen
9.1.1
Ondergrondse werken
Voor het uitvoeren van ondergrondse werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, geen beperkingen.
9.1.2
Ondergrondse bouwwerken
Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens de in deze regels opgenomen afwijkingen, de volgende regels: a. ondergrondse bouwwerken zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak, dan wel onder een bestaand hoofdgebouw/bijbehorend bouwwerk; b. het oppervlak van ondergrondse bouwwerken mag niet meer bedragen dan het toegestane oppervlak aan bouwwerken boven peil; c. de ondergrondse bouwdiepte van ondergrondse bouwwerken bedraagt maximaal 3 meter onder peil; d. bij het berekenen van de blijkens de verbeelding of deze regels geldende bebouwingspercentages of van het in deze regels maximaal te bebouwen oppervlak, wordt de oppervlakte en de inhoud van ondergrondse bouwwerken niet in aanmerking genomen. 9.1.3
Afwijken van de bouwregels
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 9.1.2 onder c. voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken met een diepte van maximaal 10 meter onder peil onder de voorwaarden dat: a. de waterhuishouding niet wordt verstoord; b. geen afbreuk wordt gedaan aan archeologische waarden. 9.2
Ondergeschikte bouwdelen
Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, liftschachten, gevel- en kroonlijsten, luifels, uitbouwen, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw- c.q. bestemmingsgrenzen maximaal 1 meter bedraagt.
9.3
Algemene regels over bestaande afstanden en andere maten
9.3.1
Maximale maatvoering
Indien afstanden tot, bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan meer bedragen dan op grond van hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als maximaal toelaatbaar worden aangehouden.
9.3.2
Minimale maatvoering
In die gevallen dat afstanden tot, bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan minder bedragen dan op grond van hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als minimaal toelaatbaar worden aangehouden.
38
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
9.3.3
Heroprichting
In het geval van (her)oprichting van gebouwen is het bepaalde in de artikelen 9 en 9 uitsluitend van toepassing indien dit geschiedt op dezelfde plaats.
Regels (vastgesteld)
39
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 10 10.1
Algemene gebruiksregels
Algemeen gebruiksverbod
Het is verboden de gronden en bouwwerken in dit bestemmingsplan te gebruiken en/of te doen en/of laten gebruiken en/of in gebruik te geven op een wijze of tot een doel strijdig met de gegeven bestemming(en).
10.2
Strijdig gebruik
Onder gebruiken of het laten gebruiken in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval verstaan het gebruik van gronden en bouwwerken voor en/of als: a. b. c. d.
40
een seksinrichting of een daarmee vergelijkbaar bedrijf; een coffeeshop, growshop, smartshop of een daarmee vergelijkbaar bedrijf; straatprostitutie; als opslag-, stort-, lozing- of bergplaats van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken voorwerpen en materialen, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden.
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 11 11.1
Algemene aanduidingsregels
kernrandzone
11.1.1 Aanduidingsomschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'kernrandzone' zijn de gronden tevens bestemd als buffer tussen woon- en leefkernen en het buitengebied, ter bescherming van het woon- en leefklimaat in de kernen.
11.2
milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied roerdalslenk zone 3
11.2.1 Aanduidingsomschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied roerdalslenk zone 3' zijn de gronden mede bestemd voor de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de winning van (drink)water.
11.2.2 Bouwregels Binnen het grondwaterbeschermingsgebied mag worden gebouwd voor zover dat op grond van de onderliggende bestemming is toegestaan met inachtneming van de voorwaarden, zoals die door de Omgevingsverordening Limburg worden gesteld.
11.3
ontwikkelingszone bebouwingslinten
11.3.1 Aanduidingsomschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'ontwikkelingszone bebouwingslinten' zijn de gronden tevens bestemd als ontwikkelingszone voor bebouwingslinten.
11.4
reconstructiewetzone - verwevingsgebied
11.4.1 Aanduidingsomschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'reconstructiewetzone - verwevingsgebied' zijn de gronden tevens bestemd als verwevingsgebied.
11.5
wetgevingzone - wijzigingsgebied 1ob
Ter plaatse van de aanduiding 'wetgevingzone - wijzigingsgebied 1ob' zijn de gronden tevens bestemd voor instandhouding van oude verdichte/besloten bouwlanden.
Regels (vastgesteld)
41
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 12
12.1
Algemene afwijkingsregels
Algemeen
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken: a. van de bestemmingsregels en toestaan dat bouwgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; b. van de desbetreffende bepalingen in het plan voor het afwijken van de voorgeschreven maten ten aanzien van de goot- en bouwhoogten met ten hoogste 10%; c. van de bepalingen in het plan voor het afwijken van de voorgeschreven maten ten aanzien van de afstand van 5 meter van de bouwvlakgrens tot maximaal 1 meter van de bouwvlakgrens, met dien verstande dat landschappelijke inpassing in voldoende mate is verzekerd; d. van de bepalingen omtrent de voorgevelrooilijn ten behoeve van het bouwen van woningen voor of achter de bestaande voorgevelrooilijn, met dien verstande dat: 1. de afstand tot de bestemming 'Verkeer' minimaal 3 meter bedraagt; 2. geen aantasting plaatsvindt van: de verkeersveiligheid; het woon- en leefklimaat; de milieusituatie; de bestaande natuurlijke, landschappelijke, cultuurhistorische, aardkundige en/of abiotische waarden de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van aangrenzende gronden en bebouwing. 12.2
Afwijken ten behoeve van de sloop-bonus regeling
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 9 ten behoeve van het toestaan van nieuwe bebouwing krachtens de bestemming 'Wonen', mits het overschot aan bestaande bebouwing wordt gesloopt, waarbij maximaal 2/3e van de te slopen bebouwing mag worden teruggebracht tot een maximale inhoud van 1.500 m³, met dien verstande dat: a. de ontwikkeling in voldoende mate moet zijn gericht op verbetering van de omgevingskwaliteit. Hiertoe wordt een landschappelijk inrichtingsplan overgelegd dat als voorwaarde aan de omgevingsvergunning wordt verbonden, waarin de landschappelijke inpassing van de bebouwing en andere te verrichten kwaliteitsverbeterende maatregelen zijn beschreven en waaromtrent advies is ingewonnen bij een onafhankelijke, objectieve commissie; b. wordt voldaan aan het bepaalde in respectievelijk artikel 3, met dien verstande dat de afstand tussen de woning en bijbehorende bouwwerken maximaal de bestaande afstand dient te bedragen. 12.3
Afwijken ten behoeve van het vergroten van de inhoud van de woning
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van de bepalingen in het plan en toestaan dat de bestaande inhoud van de woning en/of bijbehorende bouwwerken éénmalig met 100 m³ wordt vergroot, met dien verstande dat: a. de ontwikkeling in voldoende mate moet zijn gericht op verbetering van de omgevingskwaliteit, hiertoe wordt een landschappelijk inrichtingsplan overgelegd welke als voorwaarde aan de omgevingsvergunning wordt verbonden, waarin de landschappelijke inpassing van de bebouwing en andere te verrichten kwaliteitsverbeterende maatregelen zijn beschreven en waaromtrent advies is ingewonnen bij een onafhankelijke, objectieve commissie; b. geen aantasting plaatsvindt van: 1. de verkeersveiligheid; 2. het woon- en leefklimaat; 3. de milieusituatie; 4. de bestaande natuurlijke, landschappelijke, cultuurhistorische, aardkundige en/of abiotische waarden;
42
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel 5. de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van aangrenzende gronden en bebouwing. 12.4
Afwijken ten behoeve van kleinschalig kamperen
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 4.5.1 Ten behoeve van het gebruik van gronden voor kleinschalig kamperen, mits: a. het kleinschalig kampeerterrein uitsluitend in een bouwvlak, dan wel direct aansluitend aan het bouwvlak mag worden gerealiseerd, met dien verstande dat in dit laatste geval aangetoond wordt dat binnen het bouwvlak geen reële mogelijkheden zijn voor realisering van het kleinschalig kampeerterrein; b. het totaal aantal kampeermiddelen op het kleinschalig kampeerterrein maximaal 25 bedraagt, met dien verstande dat stacaravans/chalets niet zijn toegestaan; c. in voldoende mate wordt voorzien in de parkeerbehoefte op eigen terrein; d. de ontwikkeling in voldoende mate moet zijn gericht op verbetering van de omgevingskwaliteit. Hiertoe wordt een landschappelijk inrichtingsplan overgelegd dat als voorwaarde aan de omgevingsvergunning wordt verbonden, waarin de landschappelijke inpassing van de bebouwing en andere te verrichten kwaliteitsverbeterende maatregelen zijn beschreven en waaromtrent advies is ingewonnen bij een onafhankelijke, objectieve commissie; e. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: 1. de verkeersveiligheid; 2. het woon- en leefklimaat; 3. de milieusituatie; 4. de bestaande natuurlijke, landschappelijke, cultuurhistorische, aardkundige en/of abiotische waarden; 5.
de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bebouwing; f. in voldoende mate is onderzocht of er effecten zijn te verwachten op aanwezige Natura-2000 gebieden, met dien verstande dat de ontwikkeling per saldo geen significant negatieve effecten mag hebben op de aanwezige Natura-2000 gebieden. 12.5
Afwijken ten behoeve van bed en breakfas
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van de bepalingen van het plan voor de inrichting en het gebruik van woningen ten behoeve van bed en breakfast, mits: a. het gebruik uitsluitend plaatsvindt in de woning en de bijbehorende bouwwerken die op maximaal 15 meter van de woning zijn gelegen; b. de exploitant van het bed en breakfast de hoofdbewoner is van de woning; c. maximaal 80 m² mag worden ingericht voor bed en breakfast, met dien verstande dat de woning een inhoud heeft van minimaal 450 m³ en een bewoonbare oppervlakte van minimaal 120 m²; d. er per bouwvlak maximaal 4 slaapplaatsen in maximaal twee slaapkamers worden toegestaan; e. het ontbijt in de slaapkamer of in een gezamenlijke ruimte wordt genuttigd; f. door de bouwkundige opzet, indeling en maatvoering de bed en breakfast-voorziening niet mag functioneren als een zelfstandige woning; g. uit de noodzakelijke (milieu)onderzoeken blijkt dat de gronden geschikt zijn voor het beoogde gebruik; h. in voldoende mate is onderzocht of er effecten zijn te verwachten op aanwezige Natura-2000 gebieden, met dien verstande dat de ontwikkeling per saldo geen significant negatieve effecten mag hebben op de aanwezige Natura-2000 gebieden; i. overnachting en of logies in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden arbeid niet valt binnen de omschrijving bed en breakfast; j.
de ontwikkeling in voldoende mate gericht moet zijn op verbetering van de omgevingskwaliteit. Hiertoe wordt een landschappelijk inrichtingsplan overgelegd dat als voorwaarde aan de omgevingsvergunning wordt verbonden, waarin de landschappelijke inpassing van de bebouwing en andere te verrichten kwaliteitsverbeterende maatregelen zijn beschreven en waaromtrent advies is ingewonnen bij een onafhankelijke, objectieve commissie; k. in voldoende mate wordt voorzien in de parkeerbehoefte op eigen terrein;
Regels (vastgesteld)
43
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel l. 1. 2. 3. 4. 5.
geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: de verkeersveiligheid; het woon- en leefklimaat; de parkeerbalans in de directe omgeving; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
12.6
Afwijken ten behoeve van mantelzorg en inwoning
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van de bepalingen van het plan ten behoeve van mantelzorg en inwoning in de woning en/of bijbehorende bouwwerken, mits: a. mantelzorg en inwoning slechts is toegestaan in de woning en/of de bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat mantelzorg en inwoning in vrijstaande bijbehorende bouwwerken slechts is toegestaan indien het vrijstaande bijbehorende bouwwerken betreft welke gelegen zijn- op een afstand van maximaal 15 meter van het hoofdgebouw en de vloeroppervlakte maximaal 60 m² bedraagt; b. er geen tweede woning ontstaat; c. de tijdelijkheid in voldoende mate vaststaat; d. er geen aparte aansluiting op de nutsvoorzieningen mogen worden getroffen; e. in voldoende mate wordt voorzien in de parkeerbehoefte, op eigen terrein; f. in voldoende mate is onderzocht of er effecten zijn te verwachten op aanwezige Natura-2000 gebieden, met dien verstande dat de ontwikkeling per saldo geen significant negatieve effecten mag hebben op de aanwezige Natura-2000 gebieden; g. geen aantasting plaatsvindt van: 1. de verkeersveiligheid; 2. het woon- en leefklimaat; 3. de milieusituatie; 4. de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de aangrenzende gronden; h.
de omgevingsvergunning na beëindiging van de situatie zal worden ingetrokken en het bijbehorend bouwwerk niet meer mag worden gebruikt voor bewoning/mantelzorg. 12.7
Afwijken ten behoeve van schuilgelegenheden
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 3.2 voor het bouwen van schuilgelegenheden in het bouw-/bestemmingsvlak ten behoeve van een aangrenzend agrarisch perceel, mits: a. per aangrenzend kadastraal perceel met een minimale oppervlakte van 0,5 hectare maximaal één schuilgelegenheid wordt gebouwd; b. de bouwhoogte maximaal 3 meter bedraagt; c. de oppervlakte van de schuilgelegenheid maximaal bedraagt: 1. 25 m² bij een aangrenzend kadastraal perceel met een oppervlakte van 0,5 hectare tot 1 hectare; 2. 40 m² bij een aangrenzend kadastraal perceel met een oppervlakte groter dan 1 hectare; d. de noodzaak van de schuilgelegenheid uit oogpunt van dierenwelzijn is aangetoond; e. de schuilgelegenheid inpasbaar is ten opzichte van de ter plaatse aanwezige natuurlijke, landschappelijke, abiotische, archeologische en/of cultuurhistorische waarde van de gronden; f. de schuilgelegenheid niet mag worden uitgevoerd in de vorm van een (zee)container; g. de schuilgelegenheid zoveel mogelijk wordt geclusterd bij de bestaande bebouwing of aan de randen van het perceel; h. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: 1. de verkeersveiligheid; 2. het woon- en leefklimaat; 3. de milieusituatie; 4. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.
44
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Regels (vastgesteld)
45
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 13 13.1
Algemene wijzigingsregels
Algemene wijzigingsbevoegdheden
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen ten behoeve van: a. overschrijding van bestemmingsgrenzen en toestaan dat het beloop van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 3 meter en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot; b. het aanpassen van opgenomen regels in de voorgaande artikelen, waarbij verwezen wordt naar bepalingen in wettelijke regelingen, indien deze wettelijke regelingen na het tijdstip van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan worden gewijzigd. 13.2
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming 'Wonen ' wijzigen in 'Agrarisch', indien na een periode van 1 jaar na onherroepelijk worden van dit bestemmingsplan geen ontvankelijke aanvraag omgevingsvergunning bouw is ingediend voor de realisatie van een nieuwe woning, of niet binnen 26 weken nadat de omgevingsvergunning bouw onherroepelijk is geworden is gestart met de realisatie van de nieuwe woning.
46
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 14 14.1
Overige regels
Wetten/wettelijke regelingen
Indien en voor zover in deze regels wordt verwezen naar wettelijke regelingen c.q. verordeningen e.d., dienen deze regelingen te worden gelezen, zoals deze luiden op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan.
14.2
Parkeerregels
14.2.1 Algemene parkeerregels Het is verboden te bouwen dan wel het gebruik van gronden en/of bouwwerken te wijzigen indien er niet wordt voldaan aan de op grond van dit artikel gestelde parkeernormen, tenzij er een ontheffing is verleend op grond van hoofdstuk 4 van de nota parkeernormen.
14.2.2 Specifieke parkeerregels bij bouwplannen Een bouwplan dient te voorzien in voldoende parkeermogelijkheden. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de wijze zoals beschreven in de nota parkeernormen. Indien deze nota gedurende de planperiode wijzigt of wordt vervangen, geldt de gewijzigde c.q. de vervangende nota.
14.2.3 Specifieke parkeerregels bij gebruikswijzigingen Indien het wijzigen van het gebruik van gronden en/of bouwwerken daartoe aanleiding geeft, moet voor wat betreft de toename in de parkeerbehoefte worden voorzien in voldoende parkeermogelijkheden. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de wijze zoals beschreven in de Nota parkeernormen. Indien deze nota gedurende de planperiode wijzigt of wordt vervangen, geldt de gewijzigde c.q. de vervangende nota.
14.2.4 Specifieke gebruik sregels Ruimte(n) voor het parkeren van voertuigen, voor zover de aanwezigheid van deze ruimte(n) krachtens deze parkeerregels is geëist, dient te alle tijde voor dit doel beschikbaar te blijven. Ander gebruik wordt aangemerkt als strijdig gebruik.
Regels (vastgesteld)
47
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Hoofdstuk 4 Artikel 15 15.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. c. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 15.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde in sub a te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik, dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
48
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Artikel 16
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Hof ong. / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel'.
Regels (vastgesteld)
49
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
50
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Bijlagen regels
Regels (vastgesteld)
51
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Bijlage 1 Landschappelijke inpassing
52
Regels (vastgesteld)
Definitief Landschapsplan in het kader van
• Bouw win-win woning Hof Meijel • Afbraak stallen Donk 47 te Meijel
1
Colofon Opdrachtgever:
Dossiergegevens
2
1. Inleiding De initiatiefnemer Familie Kessels, wonende aan de Hof 5A te Meijel hebben nabij hun woonhuis een droomlocatie verworven, waar ze een nieuwe woning willen gaan realiseren. Hiertoe moet het Bestemmingsplan gemeente Peel en Maas aangepast worden en dienen er bijbehorende onderdelen toegevoegd worden, zoals een adequate landschappelijke integratie en tegenprestatie. Daar het een woning is vanuit het win-win project dient er ook elders afbraak/sanering van een agrarisch bedrijf als tegenprestatie onderdeel te zijn van het geheel. Dit is binnen dit project op de locatie Donk 47 te Meijel, een voormalig varkensbedrijf, dat stopt en zijn overtollige stallen saneert en de locatie omvormt naar een burgerwoning. De nieuwe woonkavel is 750 m2 en 10 % hiervan dient te bestaan uit bestaand en nieuw groen op deze totale kavel. De woonkavel is onderdeel van het totaal perceel, dat in zijn geheel is meegenomen in het landschapsplan. Op de afbraaklocatie Donk 47 wordt 1558 m2 stal gesloopt en krijgt de nieuwe situatie een woonoppervlakte van 4270 m2, welke eveneens vanuit dit plan met 10 % ingepast moet worden vanuit het bestaande groen en het mogelijke nieuwe groen. Zo ontstaan er twee fraaie plekken in Meijel, is de voorwaarde van de gemeente. Voor de nieuwe woning zal ook voor de infiltratie regenwater een oplossing inpast worden.
Voorgaande is iets dat de eigenaren geheel onderstrepen en zij wensen dat het naast een droomhuis, ook een groene oase zal worden, passend binnen de wensen en het gebruik. Deze gedachte sluit ook aan bij eigenaar van het perceel op de Donk 47. Het IKL, Ron Janssen, is gevraagd om samen met de eigenaren (tbv beide locaties) te komen tot een gedegen plan, dat in onderstaande staat beschreven en geheel is uitgewerkt. Het is dus een vereiste om zorg te dragen dat op locatie woning er vanuit de kwantiteit met 75 m2 (bestaand groen en nieuw groen) de kwaliteit van het landschap op deze locatie een positieve impuls krijgt. Daarnaast is het de eis dat vanuit kwantiteit dat er met 427 m2 een kwalitatief fraai landschap op de Donk 47 gerealiseerd wordt, nadat de stallen zijn afgebroken. De basis van het landschappelijke inpassingsplan is er een mooi en functioneel landschappelijk geheel van te maken, waarbij in de nieuwe situatie rond de woning de bestaande beplanting wordt beoordeeld en dit vormgevend is voor het landschapsplan. Naast visueel, dient het ook functioneel te zijn! En een ecologische meerwaarde op te leveren. Verder is het omliggende landschap mede een randvoorwaarde, waarbij wandelpad met de natuurlijke omgeving (speelweide en natuurterreintje) een erg mooi decor vormt om op aan te sluiten. Dit is middels onderstaand plan uitgewerkt en ingetekend.
Qua nieuwe bebouwing/verharding neemt dit een oppervlakte in beslag van ca. 200 m2 en zal hiertoe het waterinfiltratieplan op worden afgestemd. Voor Locatie Donk is deze analyse eveneens uitgevoerd vanuit onderstaand plan.
Locaties staat onder weergegeven op figuur 1 en 2.
3
Perceel met indicatief de woonkavel, de totale kavel en wandelpad aan de zuidzijde
Figuur 1: Locatie perceel met de bestaande buurbebouwing, met de woonkavel van 750 m2. De locatie is aan de straat Hof te Meijel. Een locatie in de randzone van Meijel op de overgang van het dorp en het omliggende landschap. Het omliggende landschap wordt gekenmerkt door groene erven en het speelterrein met bijbehorende infiltratiebuffer welke met natuur is omgeven. Een mooi gebied, waar het groene decor van de omgeving het nu al tot een unieke plek maakt. Op de plek nieuwe woning is het nu een weiland, dat dus deels de woonbestemming krijgt en verder agrarische bestemming behoudt. Op de locatie staat aan de zijde van de buurman een beukenhaag, welke al een mooi vertrekpunt vormt ikv de inkleding van het geheel. Verder is er het wandelpad tussen de kavel en het speelterrein, dat een intensief gebruikte verbinding vormt om vanuit het dorp het fraaie landschap te ervaren.
4
Perceel met aangegeven de te slopen stallen
Figuur 2: Locatie perceel Donk 47 met de af te breken stallen Figuur 2 geeft de af te breken stallen weer op de gehele kavel. Een geweldige verbetering voor de kwaliteit van het landschap. De vraag van de gemeente is dat de lintbebouwing aan de straat een fraaie inpassing behoudt. Onderstaand geeft de basisinfo, visie en maatregelen weer. De maatregelen zijn onderdeel van de bestemmingswijziging op beide locaties en de initiatiefnemers zullen dit uitvoeren, nadat de bebouwing is gerealiseerd en het plantseizoen zich aandient. 2. Basisinfo en huidige situatie Het landschapsplan dient op maat te zijn van de het landschap, dat veranderd door de toevoeging van de nieuwe woning. Een nieuwe woning die wordt geclusterd met de bestaande buurbebouwing. De inpassing sluit aan op het voorgaande en de wensen van de eigenaren. De inpassing is het kader dat aansluit op de rest. Op de afbraaklokatie wordt het landschap geanalyseerd en bezien vanuit de bestaande beplanting. De oppervlakte bestaande beplanting bedraagt ca 400 m2, zodat bezien wordt wat er aan kwaliteitsgroen toegevoegd kan worden.
5
Historie van de plek nieuwe woning
Locatie project
Figuur 3: Locatie van nieuwbouwproject op kaart 1940 De voorgaande kaart laat zien hoe de locatie terug in de tijd is geweest. Destijds de plek een kleinschalig weitje met wat bomen, behorende bij het gehucht Hof. Je zag de bestaande oorspronkelijke agrarische bebouwing van het gehucht vergezeld werd met hagen, hoogstamweitjes en verdere omkadering met groen en zo een tegenhanger vormde van de open akker ten westen van het gehucht Hof.
6
Historie van de plek afbraak stallen
Locatie afbraakproject
Figuur 4: Locatie van het afbraakproject op kaart 1946 De afbraaklocatie is een oude boerderijlint met boerenerven en grenzend aan de open akkergebieden van deze bedrijven. Bij de lintbebouwing destijds waren de erven ingevuld met hagen en boomweides, dat mooi past in deze lintstructuur. Stimuleren erfbeplanting en groenstructuren met accent op cultuurhistorie
Locatie project
Stimuleren erfbeplanting en groenstructuren Bebouwde kern Meijel
Figuur 5: Locatie van nieuwbouwproject binnen landschapskader Noord-Midden Limburg Vanuit het Landschapskader staat aangegeven dat de locatie gelegen is in de randzone 7
van de kern en onderdeel van het oude gehucht Hof. Hier wordt erfbeplanting en groenstructuren gestimuleerd. In de zone Hof is een extra accent voor de cultuurhistorie wenselijk.
Locatie project
Stimuleren erfbeplanting en groenstructuren
Figuur 6: Afbraaklocatie van project binnen landschapskader Noord-Midden Limburg De afbraaklocatie wordt gekenmerkt door de stimulering van erfbeplantingen en groenstructuren in het verdere halfopen agrarische cultuurlandschap. Bestaande situatie nieuwbouw woning Op de locatie is een kleinschalig weitje gelegen omgeven door het groen van de beide buren (achter en ten noorden) en het aangrenzende speelveld met het wandelpad met een zware laanbeplanting. Op de grens van het perceel en het pad is een afvoersloot gelegen, welke water vanuit de wijk afvoert naar de waterbuffer. Op de grens met de buren is de beukenhaag gelegen, wat een mooie groene afscherming vormt. Verdere bebouwing in dit lint Hof wordt fraai omgeven met landschappelijke beplanting. In de bestaande situatie infiltreert het regenwater gewoon ter plekke, dat hier erg gemakkelijk verloopt met een GWS van ca. 1,20 meter onder maaiveld. Bestaande situatie afbraaklocatie Op de afbraaklocatie is de boerderij met bijgebouwen gelegen met aan de wegzijdes een grote hoeveelheid groen. De verder af te breken stallen liggen in het open achterland en door de haag langs de straat wordt het verbonden als 1 erf. 3.
Visie en onderbouwing
Visie nieuwe woning De visie is om de bestaande haagbeplanting te behouden. Verder is de visie om de woonkavel met een beukenhaag te omkaderen met enkele doorzichten naar het aangrenzende erf/weitje, dat met hoogstamfruit een groene schil vormt om de woonkavel. Door langs de bestaande sloot een beukenhaag te zetten met knotbomen, wordt de kleinschaligheid versterkt en sluit aan op het achterliggende gebied. Waar de haag grenst aan het weitje is het goed om een gemengde haag te zetten. Daarnaast is de combinatie van een struikenstrook en een infiltratiesloot een goed iets en aan de achterzijde het groene decor verder te versterkt. De inrichting strookt met het gebruik en de basisgedachte van dit 8
cultuurhistorisch landschap. Naast landschappelijk is het ook ecologisch een leuke meerwaarde aansluitend op de groene waarden in deze dorpsrandzone. Met de eigenaar is het voorstel ontstaan dat de visie leidt tot een inrichting van het erf en het bijbehorende landschap om er iets prachtigs van te maken. Hierbij zal het deel vanuit de GKM plicht worden als eerst worden benoemd en het aanvullende extra groen wordt aangemeld voor de erfbeplantingsregeling van Groen Platform Peel en Maas. Zo betaald de deelnemer de verplichting zelf en wordt de extra groenaanleg mede mogelijk gemaakt vanuit de regeling. De infiltratiesloot op de rand van het perceel geeft een extensief beheerde zone samen met de struikenstrook (langs de eiken van de buren) waar water infiltreert. De oppervlakte bebouwing vraagt bij T=100 een buffercapaciteit van 20 m3. Visie afbraaklocatie De visie is om het bestaande groen van de boerderijlocatie te behouden en te bezien of een verdere volmaking aan de orde is. Met een stevige groene rand aan de straatzijde is het erg wenselijk aan de veldzijde” wat luchtig groen toe te voegen. Waarmee kwaliteit en kwaliteit gehaald worden. Hierbij is het ook fijn de dode beuk aan de straatzijde in te boeten. De afbraak van de stallen hier en in het veld vormen als een geweldige landschappelijke winst.
Onderbouwing nieuwe elementen passend binnen de visie Vanuit de handreiking zandgronden is in onderstaande tabel weergegeven welke elementen in dit gebied wenselijk zijn en dit strookt met de visie voor deze locatie.
Figuur 7: Aandachtspunten vanuit handreiking aanplant op deze zandgrond 9
G: Aanleg infiltratiesloot met inhoud van 20 m3
Druk belopen wandelpad
F: Aan te planten struikenrand
D: Aan te planten gemengde haag met knotbomen
A: Bestaande beukenhaag E: Aan te planten beeldbepalende boom B: Aan te planten Beukenhaag
Speelterrein met wandelpaden
Nieuwe woning op het woonvlak van 750 m2
C: Aan te planten kleiner hoogstamfruit
B: Aan te planten Beukenhaag met enkele knotbomen
C: Aan te planten hoogstamfruit
Het landschapsinpassingsplan nieuwe woning
Suggestie fraaie landschapspoort
B: Aan te planten Beukenhaag
10
Suggestie fraaie landschapspoort
Het landschapsinpassingsplan afbraaklocatie
C: Aan te planten 6 hoogstamkersenbomen
Af te breken stal
B: Inboet dode boom
Af te breken stallen
A: Bestaande Beukenhaag met bomen
A: Bestaande groene erf met leibomen, hagen en fruitbomen
11
12
4 . Het Landschapsplan met maatregelen De visie heeft geresulteerd in het definitieve plan op beide locaties, wat onderstaand staat beschreven qua inrichting en beheer. De bestaande beplanting zal juist beheerd worden en de nieuwe beplanting zal de integratie en aankleding verder vervolmaken. Locatie nieuwe woning, vanuit GKM ingepast en aanvullend via de EBP regeling: A) Bestaande beukenhaag 65 meter (32 m2) (Verplichting vanuit GKM) Deze haag (Fagus) wordt wat aangevuld en is een mooie afscheiding welke met een hoogte van ca 1,80 meter en 1 x per jaar snoeien privacy oplevert. B) Aanplant beukenhagen met aan pad zijde 3 knotbomen zijnde 120 meter (68 m2) (Verplichting vanuit GKM) Als dicht kader rond de woonkavel wordt er een beukenhaag aangeplant. De haag wordt aangeplant met 4 stuks per meter met aanplantmaat minimaal 60-80. De haag wordt gesnoeid 1 x per jaar op een hoogte afgestemd op het gebruik. Rond de woning zal dit ca 1,20 meter zijn en langs het pad een hoogte van 1,80 meter, ivm privacy. Totaal 480 stuks Fagus sylvatica. In de haag aan padzijde zullen de 3 knotters zorgdragen voor extra privacy en aankleding. Aangeplant als poot met een knot op hoogte van 1,50 meter, welke iedere 4 jaar geknot wordt en de takken mogelijk verwerken als houtril.
C) Aan te planten 3 hoogstambomen en 4 kleinere fruitboompjes (14 m2) (Verplichting vanuit GKM) Om het deel rond de woonkavel in te vullen (passend bij historie) is aanleg hoogstam wenselijk. Met aan de padzijde wat grotere toekomstbomen en de zijde garage zijn het wat kleintjes, ivm de ruimte, maar het toch te doen lijken op een gaard. Dit zijn beoogd: Grotere: o Prunus hybr.”Regina” Kers o Prunus “Kordia” Kers o Pyrus “Conferance” Peer Kleinere: o Malus “Sterappel” Appel o Mespilus germanica Mispel o Cydonia oblonga Kweepeer o Morus alba Moerbei Dit zijn makkelijke soorten, welke weinig beheer behoeven. Bij aanplant is de maat 12-14. D) Aanplant 25 meter gemengde haag met 5 knotters (30 m2) (aanvullend via EBP regeling) Deze haag met lengte van 25 meter bestaat voor de variatie uit meerdere soorten en vormt zo een mooie landschappelijke haag. De haag bestaat uit de volgende soorten: Aantal per groep 10 % Cornus mas Gele kornoelje 2 30 % Fagus sylvatica Gewone beuk 3 15 % Cornus sanguinea Kornoelje 2 30 % Carpinus betulus Haagbeuk 3 15 % Viburnum opulus Gelderse Roos 2 In de haag staan er 4 stuks per meter met aanplantmaat van 60-80. Na de aanplant is een jaarlijkse snoei afdoende en krijg je een natuurlijkere gevarieerde haag met een hoogte van 13
1,70 meter! In de haag staan net als vooraan 5 knotters. Dit vormt een mooie geleiding naar het achterliggende paadje, ook met knotters. Aangeplant als poot met een knot op hoogte van 1,50 meter, welke iedere 4 jaar geknot wordt en de takken mogelijk verwerken als houtril. E) Aan te planten beeldbepalende boom ( 2 m2) (aanvullend via EBP regeling) Deze beeldbepalende boom, zijnde een Ulmus laevis, steeliep, heeft een aanplantmaat van 14-16 en 1 boompaal, waarmee hij zich verder als mooie boom kan ontwikkelen. F) Aanplant struikenrand langs infiltratiesloot (70 m2) (aanvullend via EBP regeling) Met een lengte bvan 25 meter en breedte van 3 meter is het 75 m2. Plantafstand van 1,5 x 1,5 meter en aanplant groepsgewijs met maat 60-80. Dus ca 35 stuks. De struikenstrook bestaat uit de volgende soorten: Aantal per groep Totaal (afgrond) 25% Amelanchier lamarckii Krenteboompje 4 10 10 % Cornus mas Gele Kornoelje 3 5 20 % Rhamnus catharticus Wegedoorn 4 10 20 % Cornus sanguinea Gewone kornoelje 2 10 25 % Viburnum opulus Gelderse Roos 5 10 Het plantsoen heeft bij aanplant een grootte van 60-80 cm. Het plantsoen wordt groepsgewijs aangeplant, zoals hierboven aangegeven om te voorkomen dat overheersende soorten overwoekeren. Beheer is gefaseerd elke 5 jaar terugsnoeien en de takken verwerken in de strook. G) Aanleg infiltratiesloot tbv 20 m3 water.
(Verplichting vanuit GKM) Deze plek krijgt een infiltratiesloot/wadi met afmeting van 25 x 1,5 meter insteek en taluds 1:1. Dit geeft een oppervlakte van 40 m2 (insteek) en met een diepte van 70 cm een inhoud dat ruim voldoet aan de gevraagde 20 m3. Met de GWS van ca. 1,20 meter onder maaiveld is er niet vaak water in de wadi, dus is er een afdoende buffer aanwezig is om regenwater op te vangen en te laten infiltreren. In de droge tijden vormt het een aantrekkelijke kruidenrijke oase. Middels de inzaai met een mengsel (via bloemenproject IKL) wordt dit gehaald. Een vegetatie welke je om de 2 jaar in maart maait en afvoert, waardoor het verschraald en steeds bloemrijker wordt. Aanvullende vrijwillige suggestie: Landschapspoort
14
Een suggestie is het creëren van een mooie houten landschapspoort bij de toegangen aangrenzende perceel naar de gaard. Hierop de naam van de plek, zodat dit voor vele een fraaie herkenning vormt! Dit is dan de kers op de taart van deze bijzondere plek! Locatie afbraak stallen: A) Bestaande beplanting (ca 400 m2) (Verplichting vanuit GKM) De bestaande beplanting zijnde 170 meter Beukenhaag, 6 Leibomen, 6 bomen, beplante wal en erfstruweel leidt tot een oppervlakte van ca 400 m2. Vandaar dienen er vanuit kwantiteit en kwaliteit enkele bomen toevoegt te worden. B) Inboet beukenboom 2 m2. (Verplichting vanuit GKM) Het bleek dat deze mooie plek de boom dood was en hier goed is een nieuwe te zetten. Een Fagus sylvatica maat 14-16 en deze kan na aanplant verder volledig uitgroeien. C) Aanplant 6 hoogstamkersenbomen ( 24 m2) (Verplichting vanuit GKM) Om het groene kader af te ronden om nieuwe woonkavel worden er 6 hoogstamkersenbomen gezet met aanplantmaat 10-12 en voorzien van een korf, ivm vraat. De volgende makkelijke soorten zijn beoogd. 2 Prunus “Kordia” 2 Prunus “Van” Prunus “Regina” Prunus “Kelleris” De bomen hebben na de aanplant, behalve opkroning, verder geen snoei nodig. 5. Conclusie Dit landschapsplan met beplantingsplan met beheer geeft weer wat aangeplant en verfraaid wordt om er een mooi geheel van te maken.
Voor het woonhuis: Zeker nu het geheel met groen omkadert is, aansluit bij de buren, wordt het nieuwe woonhuis opgenomen in de landelijke sfeer en vormt het een mooi landschappelijk plaatje, voor de initiatiefnemer en de omgeving. Naast de kwaliteit voldoet het zeer ruim binnen de gevraagde kwantiteit van 75 m2! Vandaar is de opsplitsing gemaakt van het verplichte deel vanuit GKM 114 m2 en het extra groen ism de EBP regeling GroenPlatform Peel en Maas. Dit is een mooi iets om dan op te pakken binnen de mogelijkheden welke er dan zijn vanuit deze regeling. Voor de afbraaklocatie: Hier is de afbraak al een geweldige meerwaarde, maar met het bestaande groen en de aanvulling wordt er voldaan aan de eis van inpassing geheel en passend binnen de kwantiteitsvraag. Beide een mooie verrijking in het Meijelse landschap. Ron Janssen, IKL Limburg, 9-2-2021
15
bestemmingsplan Hof / Donk 47 / Steenkampseweg 1 te Meijel
Bijlage 2 Bedrijf aan huis
68
Regels (vastgesteld)