CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-042 04 Advies archeologisch onderzoek.pdf

Raad 6 juli 2021, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan "herontwikkeling bestemmingsplan Heihorst 16 en woonkavel Hof te Meijel" (2021-042)2.353 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning Titel rapport (rapportnr.)

Archeologisch bureau- en verkennend veldonderzoek door middel van boringen Hof/Molenstraat (ong.) te Meijel. AM20426

Soort onderzoek

Bureau- en booronderzoek (verkennend)

Onderzoeksmeldingnr. (OM.nr)

401880100

Omvang en aard plangebied

Omvang: circa 1.900 m2 Aard: weiland

Planprocedure, reden

Planprocedure: bestemmingsplanwijziging Reden: In de rapportage is slechts aangegeven dat ten tijde van het onderzoek de verstoringdiepte niet bekend was. De reden is in zijn geheel niet gemeld in de rapportage.

Versie rapport

Concept (versie 1), d.d. 24 november 2020 (datum uitvoering 13 oktober 2020) Herbeoordeling: versie 2; 4 febr. 2021

Onderzoeksbureau

Aeres Milieu B.V., Roermond

Auteur(s)

L. Kruithof MSc. / drs. D. Hagens / drs. M.A.K. Vroomans

Opdrachtgever

BRO te Boxtel

Bevoegd gezag

Gemeente Peel en Maas

Contactpersoon namens gemeente

mevr. I. Korten-Hanssen & mevr. L. Hilkens

Beoordeeld door

drs. M. van der Weele en drs. F.P. Kortlang

Projectnr. ArchAeO

P21004

Beoordeeld d.d.

19-01-2021 / herbeoordeling en advies 02-03-2021

Algemene indruk

Verzorgd, gestructureerd, boorbeschrijvingen en interpretatie roepen vragen op.

Conformiteit KNA 4.1

Het onderzoek en de rapportage zijn KNA-conform uitgevoerd.

Overige opmerkingen beoordelaar

Zie hieronder

Kwaliteit onderzoek

✓

H. 1. Inleiding: Geen gegevens over de geplande civieltechnische ingrepen (zoals funderingswijze, wel/geen

Pagina 1 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning Opmerkingen, suggesties en aanvullingen

kruipruimte/kelder, kabels en leidingen…) opgenomen in het rapport. ✓

§

3.4

nummer

Bewoningsgeschiedenis 2369261100

(wat

–

archeologische waarden: Het

verwijst

naar

het

door

BILAN

uitgevoerde proefsleuvenonderzoek) komt niet voor in tabel 1. Voorts worden de getallenreeksen met kleinere cijfers voor de minder ingewijde lezer niet verklaard. De gegevens uit de relevante (in de nabijheid, landschappelijk vergelijkbaar) archeologische dienen uitgebreider besproken te worden. Wat levert een gedegen analyse en interpretatie van vindplaatsen én vooral vondst- en bodemomstandigheden

op

voor

het

op

te

stellen

verwachtingsmodel? ✓

§ 3.5 Bewoningsgeschiedenis – historisch kaartmateriaal:

✓

Niet beschreven, maar wel te zien op de Bonnekaart is dat het

-

Kan het toponiem Molen Kamp duiden op een wat latere ontginning en zegt dit iets over de

plangebied ligt op de flank van een hoger gelegen kop op de dekzandrug. bodemgesteldheid? Is de in het booronderzoek beschreven bodem mede te verklaren vanuit een recentere ontginning? ✓

H. 4 Verwachtingsmodel:

✓

Geef aan de hand van de te verwachten bodem duidelijker aan op welk niveau (horizont/diepte etc.) zich het potentiële archeologische sporen- en vondstenniveau zou moeten bevinden (voor de late middeleeuwen). Wat is de diepte waarop je een ‘leesbaar’ sporenvlak zou aanleggen? Graag de informatie uit tabel 2 uitschrijven en verklaren middels recapitulatie van de landschappelijke gegevens.

−

Het beschreven verwachtingsmodel is een minder coherent verhaal en bestaat uit brokken informatie. Er dient rekening worden gehouden met al het beschikbare bronnenmateriaal dat wordt geëvalueerd en gewogen en resulteert in een onderbouwde synthese of conclusie. Aan de hand van het bureauonderzoek mag

verwacht

worden

dat

er

een

doorwrocht

en

op

het

plangebied

gericht

archeologisch

verwachtingsmodel kan worden opgesteld (ook wat betreft diepte archeologisch niveau en verwachte mate van verstoring). ✓

§ 5.2 Fysisch geografische beschrijving van de bodemopbouw / § 5.3 Interpretatie: Deze paragrafen roepen bij de beoordelaar meer vragen op dan ze doen beantwoorden. De boorbeschrijvingen zijn moeilijk te begrijpen. Dat de beschrijvingen ervan niet altijd overeen stemmen met de boorkernen draagt hier ook aan

Pagina 2 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning

bij. Hieronder een greep uit de vragen die het oproept en beantwoord dienen te worden: -

Uit de boringen, nog los van het profielputje, komt een redelijk heterogeen beeld van de aanwezige bodem naar voren. Wat kan/kunnen hier (een) logische verklaring(en) voor zijn?

-

Er kan worden gesteld dat met de (onder andere) aanwezigheid van een B- en/of BC-horizont er sprake is van een relatief intacte bodemopbouw. Zoals door Aeres min of meer ook al aangegeven, is dit voor een plangebied zoals deze (dekzandrug, hoge enkeerdgrond, bouwland) niet evident. Wat kan hiervoor een verklaring voor zijn?

-

Het moge hopelijk duidelijk zijn waarom binnen de archeologie het hanteren van gemiddelde dieptes – en zeker in dit geval - volstrekt onbruikbaar is. Mag worden verwijderd.

-

Figuur 6 zou volgens het onderschrift de uitlegde kernen van boring 3 zijn. Wat er te zien is op figuur 6 stemt niet overeen met boring 3 in de boorkernbeschrijving (bijlage 8). Het stemt meer overeen met boring 4. Klopt er hier iets niet?

-

Als de BC-horizont duidt op een geleidelijke overgang van de inspoelingshorizont naar de natuurlijke

-

Kijken we naar de diepteligging van de C-horizont, dan constateren we relatief grote verschillen. Geef een

-

In bijlage 8, de boorkernbeschrijvingen, ontbreekt het profielputje.

-

De bodem ter hoogte van het profielputje is zéér summier beschreven. Is de bodem hier werkelijk volledig

ondergrond is, hoe kan dan onder de BC-horizont in drie boringen nog een B-horizont liggen? verklaring voor dit verschil (microreliëf of anders?).

verstoord? Hetgeen er te zien is, is niet te rijmen met a) hetgeen er qua bodem werd verwacht en b) de gedocumenteerde bodemopbouw in de omringende boringen. Geef een verklaring waarbij een moderne (zestiger jaren) stal/schuur hier minder waarschijnlijk lijkt. -

Kijk nog eens naar de beschrijving van boring 6. Op 70 tot 80 cm beneden maaiveld ligt een 10 cm dikke Aa-horizont die is gelegen tussen lagen C-horizont. Begint de oorspronkelijke bodem/C-horizont hier op 30 cm beneden maaiveld en wat is dan een logische verklaring voor de Aa-horizont?

-

Binnen het plangebied heeft historische (westelijk, aan de Hof) en vrij recente bebouwing (centraal) gestaan. Zijn de bouw- en sloopwerkzaamheden terug te zien in de boringen, of kan worden vastgesteld dat de bebouwing ‘licht’/ondiep was gefundeerd.

-

Alleen de bodemopbouw in het profielputje, centraal in het plangebied, zou mogelijkerwijs te relateren zijn aan de stal/schuur (?) die hier heeft gestaan. Is de maximale omvang van de bebouwing af te lezen van luchtfoto’s en/of kaartmateriaal is te projecteren op de boorpuntenkaart? Is door navraag bij de opdrachtgever de aard van de bebouwing vast te stellen.

Pagina 3 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning

-

Bijlage 4: beleidskaart. Dit is niet de correcte versie (versie 18 herzien 2015) daardoor is er een discrepantie met wat er wordt gezegd over de ondergrenzen in dit rapport. Zie bijlage onder de correcte legenda en uitsnede. In de tekst is dit wel aangepast

Conclusies

Bureauonderzoek

onderzoeksbureau

De ligging van het plangebied op een dekzandrug nabij moerassen van de Peel maakt het plangebied een ideale

(grotendeels overgenomen

verstigingslocatie voor jager-verzamelaars. Er zijn tot op heden geen archeologische vondsten bekend uit deze

uit Kruithof / Hagens / Vroomans 2020, 4.). v1 2411-’20 (idem versie 2)

periode. Op basis hiervan geldt er een middelhoge verwachting voor de periode midden-paleolithicum tot en met mesolithicum. De hoge ligging van het plangebied in een relatief laaggelegen vlakte van ten dele verspoelde dekzanden zal voor latere landbouwende samenlevingen niet direct een aantrekkelijke vestigingsplaats zijn geweest. Voor het plangebied geldt daarom een middelhoge verwachting voor zowel nederzettingsresten als voor vondsten uit de periode neolithicum tot en met vroege middeleeuwen. Uit bestudering van historische kaarten blijkt dat het plangebied direct bij de splitsing van de genoemde straten met de straat Berkenheg en Heuvel ligt. Sinds tenminste de tweede helft van de 18e eeuw zijn enkele gebouwen aanwezig binnen het plangebied. Ook in de 19e en 20e eeuw staat een gebouw ingetekend in het westelijke deel van het plangebied. Op basis van deze gegevens geldt voor het plangebied een hoge verwachting voor de periode late middeleeuwen en nieuwe tijd. Wat betreft de conservering en gaafheid van eventueel aanwezige archeologische resten kan het volgende gesteld worden: wegens de verwachte aanwezigheid van enkeerdgrond en daarmee een plaggendek zijn archeologische resten beschermd tegen latere invloeden.

Bij hoge enkeerdgronden zijn de omstandigheden voor het aantreffen van organische resten minder goed: door de lage grondwaterstand (GWT VII) kunnen organische resten vaak enkel in dieper, waterhoudende sporen zoals waterputten bewaard blijven. Booronderzoek Op basis van het uitgevoerde verkennend veldonderzoek door middel van boringen kan worden gesteld dat de in het bureauonderzoek omschreven verwachte hoge zwarte enkeerdgronden deels intact zijn. Onder het plaggendek zijn resten van een B- en/of BC-horizont aangetroffen. Hierdoor is de kans groot dat archeologische resten in de ondergrond kunnen worden aangetroffen. De in het bureauonderzoek opgestelde archeologische verwachting (middelhoog voor laat-neolithicum – vroege middeleeuwen en hoog voor de late middeleeuwen – nieuwe tijd) blijft dan ook gehandhaafd.

Pagina 4 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning

Aanbevelingen

Aanbeveling versie 2 rapport:

onderzoeksbureau

Eventueel aanwezige archeologische resten worden vanaf 55 centimeter onder maaiveld verwacht. Indien de

(grotendeels overgenomen

bodemingrepen dieper dan 35 centimeter onder maaiveld reiken (een bufferzone van 20 centimeter in acht

uit Kruithof / Hagens / Vroomans 2020, 25.). v1 2411-‘20

nemend) wordt een vervolgonderzoek geadviseerd. Dit vervolgonderzoek vindt bij voorkeur in de vorm van een proefsleuvenonderzoek plaats. Hiervoor dient voorafgaand een Programma van Eisen (PvE) ter toetsing te worden voorgelegd te worden aan de bevoegde overheid (gemeente Peel en Maas). Indien de ontwikkeling, waarvan is aangegeven dat deze 58 centimeter boven maaiveld zal worden gerealiseerd, met slechts een beperkte verstoringen van de bodem, niet dieper reikt dan 35 centimeter -mv kan een dubbelbestemming archeologie worden opgenomen in het bestemmingsplan, waardoor het bodemarchief zal

Evaluatie beoordelaar

worden beschermd voor toekomstige ingrepen. Een onderzoeksrapport waarbij sprake is van ruime informatie-inzameling, maar soms onvoldoende verwerking.

(ArchAeO)

Mede daardoor ontbreekt nog een onvoldoende onderbouwd advies (proefsleuven). Interpretatief, met name op het vlak van de boringen, zijn er nog de nodige weg te nemen vraagtekens. Dit is voornamelijk te wijten aan de boorprofielen, gekoppeld aan de hierbij horende beschrijving en interpretatie. Na herinterpretatie van deze onderzoeksresultaten door Aeres zullen deze opnieuw door ArchAeO worden bekeken en gewogen vooraleer een eindadvies (wel/geen nader onderzoek) kan worden gegeven. Inmiddels is ook meer bekend van de bouw van de geplande woning en de funderingswijze. Aangeraden wordt deze ook mee te nemen in het rapport, waardoor een afweging wellicht beter mogelijk wordt (zie ook bijlagen onder). Herbeoordeling 020321: sommige delen zijn in de nieuwe versie tekstueel verduidelijkt. Een uitsnede van een oude versie van de beleidskaart (bijlage 4 rapport) is niet vervangen door de enige correcte versie van de beleidskaart (versie 18, 2015) zie onder deze beoordeling (bijlage 3). Daarop heeft waarde 3 (overige AMKterreinen) een oppervlakte ondergrens onderzoeksplicht van 100 m². Dit is overigens in de tekst goed overgenomen.

Pagina 5 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning Advies beoordelaar

Op dit moment kan het advies van Aeres niet worden overgenomen. Op grond van het bovenstaande wordt de

(ArchAeO)

gemeente Peel en Maas geadviseerd: 1. Aeres de bovengenoemde opmerkingen/suggesties in het rapport te laten aanpassen; 2. Aeres het archeologische verwachtingsmodel nog eens tegen het licht te houden met een kritische herevaluatie van de boorprofielen. Herbeoordeling 02-03-2021: 1. Aeres voor de volledigheid de uitsnede beleidskaart 2010 te laten vervangen door die van 2015 (versie 18) 2. in te stemmen met de bouw van het woonhuis zonder nadere archeologische onderzoeksverplichting, Op voorwaarde dat het aan te leggen vloerpeil conform berekening ca 58 cm boven maaiveld blijft en diepere bodemingrepen (> 35 cm onder maaiveld) voor de fundering van het woonhuis beperkt blijven. 3. de dubbelbestemming waarde archeologie voor het perceel als geheel blijft van toepassing.

Met vervanging van bijlage 4 voor door de correcte versie van de uitsnede beleidskaart (versie 18, 2015) kan het rapport definitief worden gemaakt. Gemeente Peel en Maas alsmede ArchAeO zien graag de definitieve versie tegemoet. Autorisatie beoordeling door senior-archeoloog

drs. Fokko P. Kortlang ArchAeO B.V., Archeologische Advisering en Ondersteuning Rapelenburglaan 9 5654 AP Eindhoven tel. 040-2519270 / 06-22505236 email: advies@archaeo.nl website: www.archaeo.nl datum: 19-01-2021 / Herbeoordeling 02-03-21

Pagina 6 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning Bijlage 1. Meijel – Hof 2-4. Boorpuntenkaart (naar Kruithof / Hagens / Vroomans 2020, bijlage 2).

Pagina 7 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning Bijlage 2 Vloerpeil (= bovenkant afgewerkte begane grondvloer) is bepaald op 33.76 +NAP. De vragen zijn dan: 1) wat de dikte van de vloer; 2) tot welke diepte zal worden ontgraven. Informatie afkomstig uit brief Livingstone B.V. aan de heer en mevrouw Vrijssen. De brief informeerde over de bepaling van het vloerpeil van de toekomstige woning.

Beste Fokko, Vorige week heb ik nog contact gehad met de initiatiefnemers die het op 4 januari 2021 doorgestuurd archeologisch onderzoek (zie bijlage) op hebben laten stellen. Zij hadden nog een aantal opmerkingen die wellicht van invloed kunnen zijn op het advies: I. II.

III. IV.

Punt 1: Archeologie Hof: Door Livingstone Breda is het peil van de woning bepaald: ca 580mm hoger dan maaiveld. Zie bijlage: Peilbepaling Livingstone. De woning wordt dus een stuk hoger gebouwd boven het maaiveld. Er zal dus niet diep gegraven hoeven te worden. Punt 2: Archeologie Hof: Volgens Familie van Berlo- Hof 2 heeft er op de Hof 2-4 in de jaren 90 een grote stal gestaan die toen is gesloopt. Deze grond is door de sloopwerkzaamheden volledig “verrommeld”. Hier heeft destijds een bodemonderzoek voor plaatsgevonden. Dit zou bij de Gemeente Peel en Maas bekend moeten zijn. Volgens familie van Berlo heeft de stal gestaan ter hoogte van waar de nieuwe woning zal worden gebouwd. In het Archelogisch onderzoek uitgevoerd door Aeres wordt het volgende vermeld: Citaat: “In boring 6 en in het proefputje, vooraan op het perceel, is de natuurlijke bodem niet meer intact aanwezig, maar in verrommelde vorm”. Dit bevestigd het verhaal van familie van Berlo. Vraag: Is het daarom wel noodzakelijk om een sleuvenonderzoek te laten doen?

Zijn dit nog punten die meegenomen kunnen worden in de beoordeling? Met vriendelijke groet, Ingrid Korten-Hanssen

Pagina 8 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning

Pagina 9 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning

Bijlage 3. Uitsnede correcte versie archeologische beleidskaart (versie 18, 2015 herzien).

Pagina 10 van 11

BEOORDELING EN ADVIES ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSRAPPORTEN ArchAeO Archeologische Advisering en Ondersteuning

Pagina 11 van 11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=04dc3365-d7c4-4389-a928-9dc4d7091003