2021-001 09 Antwoordbrief standpunt college Principe verzoek.pdf
Tekst van het document
Retouradres
Postbus 7088, 5980 AB Panningen
Geadresseerde
de heer J.L. Verstappen Hert 3 b 5991 PA Baarlo
Datum
dinsdag 28 april 2020
Zaak Document Uw kenmerk Onderwerp Bijlage(n)
1894/2020/2161048 1894/2020/2200790
Wilhelminaplein 1 5981 CC Panningen T (077) 306 66 66 E info@peelenmaas.nl www.peelenmaas.nl
Contactpersoon I.H.E. Korten-Hanssen
Brief standpunt college principeverzoek
Geachte heer Verstappen, Op 28 januari 2020 hebben wij uw verzoek ontvangen voor omvormen van een bedrijfswoning tot een wettelijke plattelandswoning op het adres Hert 3b te Baarlo. Wij hebben uw verzoek geregistreerd onder nummer 18942161048. Hierover berichten wij u als volgt. Verzoek U vraagt in het principeverzoek om de bestemming te wijzigen met een aanduiding voor de wettelijke plattelandswoning omdat in 2009 het glastuinbouwbedrijf is verkocht en u bent in de woning blijven wonen. Er is geen binding meer tussen de bedrijfswoning en het agrarisch bedrijf. Collegestandpunt Uit analyse is gebleken dat in principe medewerking kan worden verleend, onder voorwaarden dat er sprake is van goede ruimtelijke ordening. Een wettelijke plattelandswoning kan alleen toegekend worden als het agrarisch glastuinbouwbedrijf, waar de bedrijfswoning oorspronkelijk toe behoort, nog in werking is. Medewerking is mogelijk middels een wijziging van het bestemmingsplan ex. Artikel 3,1 Wro. Deze principetoezegging is geldig tot 1 jaar na verzenddatum, waarbinnen u een volledige en ontvankelijke aanvraag moet hebben ingediend. Als u binnen 6 maanden na verzending van deze brief een aanvraag voor de wijziging van het bestemmingsplan indient, worden de leges van dit principeverzoek verrekend met de leges voor de wijzing van het bestemmingsplan.
Ter motivering van dit standpunt, wordt u verwezen naar de hieronder genoemde afwegingen. Afwegingen Bestemmingsplan De locatie ligt in het bestemmingsplan ‘Buitengebied Peel en Maas’ en heeft de bestemming ‘Agrarisch-Glastuinbouw’. Daarnaast ligt de locatie binnen het glastuinbouwconcentratiegebied Tangbroek. Binnen deze bestemming ‘Agrarisch- Glastuinbouw’ is 1 bedrijfswoning toegelaten. Een bedrijfswoning is een woning in of bij een bedrijfsgebouw of op dan wel bij een terrein, dienend voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden of maximaal vier personen die geen huishouden vormen, wiens huisvesting ter plaatse, gelet op de bedrijfsvoering, noodzakelijk is. Dat betekent dat er een link moet zijn tussen de bewoner van de woning en het agrarisch bedrijf. Omdat deze link er in dit geval niet meer is, is er sprake van een strijdige situatie. Structuurvisie Formeel geldt de structuurvisie Tangbroek voor deze locatie. In deze structuurvisie is geen beleid opgenomen t.a.v. plattelandswoningen. Daarom is aangesloten bij de structuurvisie Buitengebied 1
Peel en Maas. Voor het toekenning van de wettelijke plattelandswoning zijn geen beperkingen opgenomen ten aanzien van glastuinbouwconcentratiegebieden. In deze structuurvisie zijn de volgende beleidsuitgangspunten opgenomen voor plattelandswoningen: 1. Alleen bestaande gevallen komen in aanmerking. In dit geval heeft de afsplitsing reeds plaatsgevonden voor 1 januari 2013, daarmee kan het beschouwd worden als een “bestaand geval”. 2. Geen nieuwe bedrijfswoningen. Het aanwijzen van de bestaande bedrijfswoning als “plattelandswoning” mag er niet toe leiden dat er een nieuwe bedrijfswoning gebouwd kan worden. Hieraan conformeert aanvrager zich. Dit wordt ook in het bestemmingsplan vastgelegd; 3. Acceptatie minder goed woon- en leefklimaat. Met uitzondering van het aspect luchtkwaliteit worden er volgens de structuurvisie buitengebied geen nadere eisen opgelegd aan het woonen leefklimaat. Hieraan conformeert aanvrager zich. Op basis van recente jurisprudentie is dit uitgangspunt echter iets genuanceerd (zie hieronder). 4. Bouwregels conform bestemmingsplan. De bouwregels uit het bestemmingsplan blijven van toepassing. Hieraan conformeert aanvrager zich. 5. Aanvaardbaar woon- en leefklimaat t.o.v. omliggende bedrijven. De afstand tot omliggende bedrijven is voldoende groot om tot een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te komen. In het bestemmingsplan zal dit nader onderbouwd worden.
Recente jurisprudentie Ten aanzien van de beoordeling van het woon- en leefklimaat dient op grond van recente jurisprudentie (ROE18/2984 WABOA SN) tevens de belasting van het 'eigen bedrijf onderzocht te worden, waarbij rekening moet worden gehouden met de maximale planologische mogelijkheden binnen het bouwvlak. Vervolgens is er beoordelingsvrijheid om te bepalen wanneer er sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat. In de structuurvisie Buitengebied gemeente Peel en Maas heeft de gemeente beleidsuitgangspunten voor wettelijke plattelandswoningen opgenomen. Punt 3. van deze beleidsuitgangspunten gaat over de acceptatie van een minder goed woon- en leefklimaat. Onder dit punt is te lezen dat"(...) plattelandswoningen niet beschermd worden tegen de milieueffecten van het bijbehorende agrarische bedrijf. Hierdoor dient men te aanvaarden dat de geluids- en geurbelasting op een plattelandswoning in veel gevallen hoger is dan op een reguliere burgerwoning acceptabel wordt geacht. Dit betekent dat, in het geval van de wettelijke plattelandswoning (...), de gemeente geen minimale eisen oplegt aan het woon- en leefklimaat.” Het is logisch dat qua invloed bij een plattelandswoning juist door het 'eigen’ bedrijf vrijwel altijd hoger zal zijn dan de wet voor een reguliere burgerwoning aanvaardbaar acht.
Communicatie met uw omgeving Het is belangrijk om in een vroeg stadium uw ideeën te delen met uw omgeving en reacties van uw omgeving op te halen. Zo krijgt u snel een beeld over hoe buurtbewoners tegenover uw plannen staan. U kunt op verschillende manieren met uw omgeving in gesprek gaan. Een voorbeeld is een individueel gesprek of een informatieavond. Twijfelt u over de aanpak, weet u niet wie u moet benaderen of loopt het contact niet zoals u gewenst of verwacht had? Dan kunt u altijd contact met ons opnemen. Bij het toelichten van het principestandpunt van de gemeente kunnen wij desgewenst een rol vervullen. Wij denken graag met u mee. Goed overleg vooraf kan mogelijke pijnpunten bij buurtbewoners wegnemen en juridische procedures voorkomen. Status Wij merken uitdrukkelijk op dat de medewerking in beginsel wordt verleend. Dit betekent dat wij bij een definitief oordeel de aanvraag kunnen weigeren. Deze brief heeft geen rechtsgevolgen en moet worden aangemerkt als een feitelijke mededeling waartegen geen bestuursrechtelijke rechtsbescherming openstaat. 2
Mocht u desondanks een besluit willen ontvangen waartegen u bezwaar kunt indienen, dan dient u een formele aanvraag voor het verlenen van een omgevingsvergunning of een partiële herziening van het bestemmingsplan aan te vragen. Informatie Mocht u naar aanleiding van dit collegestandpunt een vervolgprocedure willen starten, dan gaan wij u op weg helpen met een intakegesprek. Om het proces zo voorspoedig mogelijk te laten verlopen, verwachten wij binnen vier weken een reactie. Hiervoor kunt u via onderstaande gegevens contact opnemen. Indien u naar aanleiding van deze brief nog vragen heeft, kunt u contact opnemen met I.H.E. Korten-Hanssen via het klantencontactcentrum, bereikbaar op telefoonnummer 077 306 66 66 of via ingrid.korten@peelenmaas.nl. Met vriendelijke groet, Het college van burgemeester en wethouders van Peel en Maas, namens dezen,
R.J. Pingen Teammanager Omgevingsontwikkeling *Deze brief is digitaal gemaakt. Daarom staat er geen handtekening onder de brief. Tijdens de coronacrisis versturen wij de brieven digitaal. Als u toch liever de brief per post ontvangt zorgen wij daarvoor. Neem dan binnen één week contact op met de contactpersoon die op de brief staat via 077 306 66 66.
3
Bijlage Disclaimer Uit analyse van de gegevens bij het principeverzoek blijkt dat, in geval van een verdere procedure voor de ruimtelijke onderbouwing op het aspect woon- en leefklimaat en de garantie ervan, nader onderzoek nodig is en afstemming dient plaats te vinden met de procedure in het kader van de Wet milieubeheer en het onderdeel milieueffectrapportage, inclusief de communicatie met uw omgeving hierover. Uit onderzoek zal moeten blijken dat een goed woon- en leefklimaat gegarandeerd is. Bij mestopslag en mestverwerking spelen hierbij aspecten als maatschappelijk draagvlak en met name geur, ammoniak, geluid, luchtkwaliteit, bodem, Wet geluidhinder, externe veiligheid, etc. een rol. De uitkomst van onderzoeken naar deze aspecten kan leiden tot een heroverweging van het onderhavige principestandpunt. Vervolgprocedure Om de door u gevraagde ontwikkeling mogelijk te maken dient een planologische procedure gestart te worden. Hiervoor dient u een aanvraag voor een herziening van het bestemmingsplan c.q. een aanvraag voor een omgevingsvergunning, voor één of meerdere activiteiten in te dienen. Zowel een herziening van een bestemmingsplan alsmede een omgevingsvergunning moeten voorzien zijn van een goede ruimtelijke onderbouwing, al dan niet in de vorm van een toelichting.
Per 1 januari 2010 is de digitaliseringsparagraaf in de Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro) in werking getreden. Dit betekent dat de ruimtelijke onderbouwing moet voldoen aan een aantal wettelijk vastgestelde voorschriften voor het aanleveren van ruimtelijke plannen. Daarnaast dient het ruimtelijk plan te voldoen aan de leidraad ‘ruimtelijke plannen en besluiten Peel en Maas’. Deze wettelijke verplichting heeft tot gevolg dat u advies moet inwinnen bij een stedenbouwkundig adviesbureau. Zij helpen u om de ruimtelijke onderbouwing van uw plan op te stellen. Voor specifieke vragen met betrekking tot de digitaliseringsverplichting kunt u contact opnemen met de gemeentelijke DURP-coördinator via 077 306 66 66. Een belangrijk onderdeel van de ruimtelijke onderbouwing/toelichting is dat er door middel van onderzoeken aangetoond moet worden dat uw plan planologisch inpasbaar is op de beoogde locatie. U dient hierbij rekening te houden met diverse onderzoeken op het gebied van landschappelijke inpassing, bodemonderzoek, watertoets, ect. Een volledig overzicht van deze onderzoeken en overige verplichtingen kunt u vinden in de Handreiking Ruimtelijke Plannen, op www.peelenmaas.nl.
Grondexploitatiewet Op grond van de Grondexploitatiewet, onderdeel van de Wet ruimtelijke ordening - die per 1 juli 2008 in werking is getreden - moet de gemeente alle kosten die gemaakt worden voor realisatie van het plan in rekening brengen bij de aanvrager, door middel van een exploitatieplan, dan wel een anterieure overeenkomst. Pas nadat de overeenkomst is ondertekend wordt de planologische procedure opgestart. In artikel 6.2.1 Bro is opgenomen in welke gevallen bovenstaande verplichting geldt. Indien er sprake is van een exploitatieplan dan wel anterieure overeenkomst worden er voor de planologische procedure geen separate leges in rekening gebracht, voor overige omgevingsvergunningplichtige activiteiten (zoals bouwen, slopen) en enkele specifieke ruimtelijke ontwikkelingen wel. Een actueel overzicht kunt u vinden in de Tarieven bijdrage Ruimtelijke Ontwikkeling, op www.peelenmaas.nl. Leges Voor het in behandeling nemen van een ‘aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan’ of een ‘aanvraag tot het nemen van een omgevingsvergunning’ zijn leges verschuldigd. Het verschuldigde bedrag vind u in de tarieventabel behorende bij de legesverordening. U kunt deze raadplegen via www.peelenmaas.nl.
Als een definitieve ‘aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan’ of een definitieve ‘aanvraag omgevingsvergunning inclusief besluit tot afwijking van het bestemmingsplan’ binnen 6 maanden na verzending van deze brief in behandeling wordt 4
genomen, worden de in het kader van het principeverzoek betaalde leges in mindering gebracht op de legeskosten van de vervolgprocedure. Planschade De uit het besluit om medewerking te verlenen voortvloeiende planologische maatregel is een grondslag voor eventuele planschadeverzoeken. Immers, er wordt iets mogelijk gemaakt dat voorheen op basis van het bestemmingsplan niet mogelijk was. Om medewerking aan de aanvraag voor de gemeente budgettair neutraal te houden, wordt met de aanvrager een overeenkomst gesloten op grond waarvan eventuele planschade op de aanvrager afgewenteld wordt. Wanneer het college definitief tot medewerking besluit, zal deze overeenkomst gesloten worden. Meer informatie Indien u naar aanleiding van deze bijlage nog vragen heeft kunt u contact met I.H.E. Korten-Hanssen opnemen, via het klantencontactcentrum, bereikbaar op telefoonnummer 077 306 66 66. © september ’20. Gemeente Peel en Maas. Aan deze informatie kunnen geen rechten worden ontleend.
5