Voorstel Opheffing geheimhouding besloten vergaderingen - Voorstel.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad Papendrecht Voorstel
Vergadering van 2 februari 2023
Openbaar
Opheffing geheimhouding besloten vergaderingen Bevoegde portefeuillehouder: Wettelijke basis (aanvullend) Reglement van Orde gemeenteraad Papendrecht 2022, artikel 37. Gemeentewet, artikel 23 en 25.
Gevraagd besluit 1. De geheimhouding op de besloten vergaderingen en stukken van 2 december 2021 en 24 februari 2022 op te heffen, met uitzondering van bedrijfsgevoelige informatie.
Inhoud Inleiding Na twee meldingen (waaronder één van Fokker) over schending van geheimhouding heeft de burgemeester van Papendrecht betrokkenen gehoord en ambtelijk advies ingewonnen (eigen onderzoek, hoor en wederhoor). Het advies was dat er grond was voor schending van geheimhouding. In de vergadering van 2 december 2021 heeft de raad besloten tot het doen van onafhankelijk onderzoek naar de mogelijke schending van geheimhouding door een raadslid en oud-raadslid. In de vergadering van 24 februari 2022 is het onderzoeksrapport van het onderzoeksbureau gepresenteerd en heeft de raad op basis van de conclusies van het rapport opdracht gegeven om aangifte te doen van schending geheimhouding. Recent heef het Openbaar ministerie uitspraak gedaan dat een geheim is geopenbaard, maar de aangifte/zaak te seponeren. Het voorstel is om de vergaderingen openbaar te maken, dat betekent dat de raadsvoorstellen met de bijbehorende stukken (exclusief bedrijfsgevoelige informatie) en de verslagen van deze vergaderingen openbaar beschikbaar komen. Dit met uitzondering van eventuele passages die geheim moeten blijven. Dit zal ambtelijk/juridisch worden bekeken Beoogd effect Inzage te geven in het proces rond het onderzoek en de aangifte van schending van de geheimhouding van de gemeenteraad. Argumenten De motivatie om de stukken nu openbaar te maken zijn: 1.
De noodzaak tot geheimhouding is komen te vervallen. 2. Waar transparantie mogelijk is, bevordert dit goed bestuur. 3. Opheffing van de geheimhouding kan gezien worden als het afsluiten van dit dossier. De paragraaf hieronder licht deze motivatie toe. Ad 1. De noodzaak tot geheimhouding is komen te vervallen De geheimhouding kende twee redenen: a. Fokker heeft in de coronaperiode reorganisatieplannen opgesteld waarbij werkpakketten van andere vestigingen naar Papendrecht zouden verplaatsen. Deze plannen werden met de raad van
Papendrecht gedeeld vanwege de lopende overeenkomst tussen de gemeente Papendrecht en Fokker, maar moesten ook nog met de ondernemingsraad en de centrale directie in Londen besproken en goedgekeurd worden. Uitlekken kon deze gesprekken en daarmee het bedrijf en de werkgelegenheid schaden. b. Onderzoek en later het oordeel van het OM en/of de rechter moesten duidelijk maken of er daadwerkelijk sprake was van schending van geheimhouding en de eventuele sanctie. Vanuit het principe dat men onschuldig is tot het tegendeel is bewezen en om niet onnodig de reputatie van betrokkenen te schaden, bleef het dossier geheim. De gehele raad valt overigens te prijzen dat de zaak geheim is gebleven, ook in de hectische tijd van de gemeenteraadsverkiezingen. Fokker heeft inmiddels alle overleg gevoerd en de verplaatsing van de werkpakketten met de bijbehorende investeringen en verplaatsing van banen is in uitvoering. Tijdens het traject van het OM heeft Fokker aangegeven dat er achteraf bezien geen schade is ontstaan door de korte openbaarmaking. Betrokkenen blijken het niet te hebben opgemerkt. Openbaarmaking van de genoemde stukken kan Fokker dus geen schade meer doen. Het OM heeft besloten de zaak te seponeren. Daarbij heeft het OM overwogen dat hoewel er sprake is geweest van openbaarmaking van een geheim, dit volgens Fokker niet tot schade heeft geleid.
Bovendien hebben de betrokkenen deze intentie niet gehad. Dat blijkt onder andere uit het feit dat kort na de openbaarmaking deze weer van de websites zijn verwijderd. Nu deze afweging bekend is, is er geen reden meer deze geheim te houden. Ad 2. Waar transparantie mogelijk is, bevordert dit goed bestuur. Geredeneerd kan worden dat de zaak ook geheim kan blijven. Echter, één van de betrokkenen heeft expliciet aangegeven het een goede zaak te vinden dat dit wordt uitgezocht, zodat er van geleerd kan worden. Daarvoor is het nodig dat de zaak bekend is. Verder hebben inwoners recht op een overheid die zo veel mogelijk transparant is. Geheimhouding door de raad opgelegd, wordt in principe ook weer opgeheven. Alleen bij uitzondering en als er blijvende redenen voor zijn blijft de geheimhouding in stand. Ad 3. Opheffing van de geheimhouding kan gezien worden als afsluiting van dit dossier. Er zijn twee redeneringen die leiden tot afsluiting van dit dossier: - Er is geleerd van de casus, - Er kan nu een open en afsluitend gesprek plaatsvinden dat ook voor het gevoel tot afsluiting van het dossier leidt. Zoals al kort aangegeven was en is een aantal betrokken (oud)raadsleden van mening dat het onderzoek en de aangifte belangrijk waren om helder te krijgen welke grenzen er zijn en welke afwegingen daarbij een rol spelen.
Die afweging dient onafhankelijk door OM of rechter gemaakt te worden, zodat we daarvan kunnen leren. Die helderheid is er nu: - Helder is dat ook een antwoord aan een inwoner geplaatst op de website met informatie die niet elders te vinden was, voor het OM valt onder schending van geheimhouding. Evenzo is helder dat ook een uitnodiging voor een radioprogramma met informatie die niet elders te vinden was de geheimhouding schendt. - Helder is dat bij de afweging van het OM over de ernst, de schade aan de betrokkene een belangrijke rol speelt. Die schade is niet altijd vooraf in te schatten, maar blijkt deze er achteraf niet te zijn, dan is dat een belangrijke verlichtende omstandigheid. - Tenslotte blijkt voor het OM de intentie van diegene die de geheimhouding schendt van belang. Is er geen intentie anderen te schaden en wordt de schending snel weer ongedaan gemaakt dan weegt dit mee in het voordeel. Deze redenering van het leren volgend is met deze (en mogelijk nog andere) lessen de casus afgesloten. Deze lessen staan overigens los van de vraag of er aangifte gedaan moest worden. Daarvoor geldt dat er een gegronde reden was voor een strafbaar feit. Wordt het wetboek van strafvordering daarbij als moreel kompas gebruikt, dan dient hiervan aangifte gedaan te worden.
Het wetboek van strafvordering noemt het publieke domein in de figuur van ambtenaren (ook als zij niet met opsporing zijn belast) daarbij expliciet.
2/5
Het tweede deel, het ook op gevoelsniveau afsluiten vergt iets meer toelichting. Op gevoelsniveau doet een dergelijk proces veel voor betrokkenen. Het protocol dat de raad in 2016 heeft afgesproken kent de procesmatige trits van: - melden bij de burgemeester, - vooronderzoek door de burgemeester, - indien nodig onafhankelijk onderzoek en - vervolgens indien de conclusies daartoe aanleiding geven aangifte of een andere sanctie, waarbij de raad een afweging maakt. De wet biedt bij mogelijke strafrechtelijke feiten, zoals hierboven al aangehaald, weinig speelruimte. Al deze stappen tijdens het proces doen op gevoelsmatig niveau het nodige bij betrokkenen. Overigens kan men zich in dit proces de vraag stellen of er voor aangifte een raadsbesluit nodig is, of dat het volstaat dat de burgemeester het gevoelen van de raad weegt en tot een eigen afweging komt. Toch doet dat aan het gevoelsargument maar weinig af. De raad moet echter wel verder na dit proces. Vanuit het Openbaar Ministerie is hiervoor geen begrip: - het onderzoek duurt eindeloos lang - er wordt tussentijds op geen enkele wijze informatie gegeven - na een lange periode volgt een enkele korte mail. Deze gang van zaken vergroot de frustratie voor alle betrokkenen.
Wet- en regelgeving leidt soms tot bijzonder lastige dilemma’s, maar enige begeleiding of handreiking vanuit Justitie mogen we daarbij kennelijk niet verwachten. Een diepe gedachte om verder te gaan na dit lastige dossier biedt Hanna Ahrendt in “The Human Condition”, wanneer ze aangeeft dat we de gevolgen van onze daden nooit geheel kunnen voorzien, maar éénmaal gedaan kunnen we de gevolgen niet ongedaan maken. “Wie handelt weet nooit echt wat hij doet en toch dat hij altijd “schuldig” wordt aan gevolgen die hij nooit bedoeld of zelfs maar voorzien heeft, dat hij -hoe catastrofaal de gevolgen van zijn daad ook zijn- die nooit ongedaan kan maken. … Dit alles is reden genoeg om ons in wanhoop van de wereld van menselijke zaken af te keren en het menselijk vermogen tot vrijheid te minachten.” Echter wat deze tragiek doet keren is de mogelijkheid van vergeving. “ Zonder vergeven te worden, bevrijd te worden van de gevolgen van wat we gedaan hebben, zou onze mogelijkheid tot handelen als het ware beperkt worden tot een enkele daad waarvan we nooit zouden herstellen …. Vergeving is -met andere woorden- de enige reactie die niet slechts reactie is maar die ook een nieuwe en onverwachte actie is, onafhankelijk van de daad die haar heeft uitgelokt.
Zowel degene die vergeeft als degene die vergeven wordt, worden zo bevrijd van de gevolgen van die daad.” Jonathan Sacks geeft in een commentaar op deze passage aan: “Alleen wie in staat is te vergeven kan vrij zijn. Alleen een beschaving die gebaseerd is op vergeving kan een toekomst bouwen die geen eindeloze herhaling van het verleden is.” Nu alle feiten helder zijn, is het belangrijk dat er met deze gedachte en zonder last van geheimhouding gesprekken mogelijk zijn om zo het dossier ook gevoelsmatig af te sluiten. Kanttekeningen Dit initiatiefvoorstel beoogt geen verdere actieve communicatie. Financiën N.V.T. Uitvoering N.V.T. Communicatie & participatie N.V.T. Duurzaamheid & ecologie N.V.T. ICT N.V.T. Alle relevante stukken zijn voor u ter inzage gelegd.
3/5
Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief Initiatiefvoorstel CDA opheffen geheimhouding besloten vergaderingen.docx
4/5
CONCEPT RAADSBESLUIT Datum: donderdag 2 februari 2023
De raad van de gemeente Papendrecht,
gelet op Reglement van Orde gemeenteraad Papendrecht 2022, artikel 37. Gemeentewet, artikel 23 en 25.
besluit: 1. De geheimhouding op de besloten vergaderingen en stukken van 2 december 2021 en 24 februari 2022 op te heffen, met uitzondering van bedrijfsgevoelige informatie.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van donderdag 2 februari 2023,
5/5