Voorstel Herijking Wet maatschappelijke ondersteuning - Voorstel.pdf
Tekst van het document
Oordeelsvormende vergadering Papendrecht Vergadering van 23 oktober 2023 Zaaknummer: 2023-0115617
Voorstel Openbaar
Herijking Wet maatschappelijke ondersteuning Bevoegde portefeuillehouder:
Jaco van Erk
Gevraagd besluit 1. De nieuwe Verordening maatschappelijke ondersteuning Papendrecht vast te stellen en werking te laten treden op de eerste dag na bekendmaking met terugwerkende kracht tot 1 oktober 2023. 2. Te besluiten artikel 5.4 tweede en derde lid in werking te laten treden op 1 januari 2024. 3. De "Verordening maatwerkvoorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Papendrecht" zoals vastgesteld op 27 januari 2022 in te trekken met ingang van 1 oktober 2023. 4. De “Verordening algemene voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Papendrecht 2015” zoals vastgesteld op 11 december 2014 in te trekken met ingang van 1 oktober 2023.
Inhoud Inleiding Bij de vorming van de GR Sociaal op 1 januari 2022 is het volledige regionale beleid ongewijzigd overgegaan. Daarbij is gelijk afgesproken om gefaseerd te starten met het tegen het licht houden van het beleid, zodat elke gemeente specifieke lokale wensen kan inbrengen: de herijkingen. Na het minimabeleid ligt als tweede beleidsterrein nu de herijking van het beleid voor maatschappelijke ondersteuning aan u voor. Het resultaat van het besluit van uw raad zal de vaststelling van een nieuwe Verordening maatschappelijke ondersteuning Papendrecht zijn. Het voorstel is in samenwerking met de Drechtstedengemeenten en de GR Sociaal tot stand gekomen. Naast het gevraagde advies van de (regionale) Wmo-adviesraad op de nieuwe verordening, is ook op 7 juni aan Papendrechtse inwoners de gelegenheid gegeven om hun ervaringen en meningen over de Wmodienstverlening te vertellen. De opbrengsten hiervan zijn meegenomen in de vorming van de voorstellen voor de herijking. Een toelichting hierop treft u verderop in dit voorstel. In de conceptverordening zijn wijzigingen opgenomen ten opzichte van de huidige verordening voor algemene en maatwerkvoorzieningen. De wijzigingen hebben deels financiële impact als gevolg van de keuzes, hoewel deze wijzigingen dus niet zullen leiden tot héle grote financiële verschuivingen.
In de bijlage 4 treft u deze wijzigingen aan, die zijn onderverdeeld in vier categorieën. Daarnaast zijn er technische wijzigingen in de nieuwe verordening ten opzichte van de oude. Bijvoorbeeld ter verduidelijking van de bestaande tekst of verplaatsing van artikelen om de samenhang op een bepaald onderwerp meer logisch weer te geven. U kunt de toelichting hierop vinden in bijlage 5, de Vervolgnotitie en bijlage 3, de Was-Wordt-lijst. Beoogd effect Met deze verordening geven we op basis van de wet, invulling aan de gemeentelijke beleidsplannen en de regionale visie sociaal domein op het terrein van de maatschappelijke ondersteuning, zoals deze eerder zijn vastgesteld. In deze herijking hebben we de verordening algemene voorzieningen en de verordening maatwerkvoorzieningen samengevoegd. Door het samenvoegen van de twee huidige verordeningen én daardoor meer vanuit hetzelfde kader te gaan samenwerken, wordt ten eerste beoogd de afstemming tussen het lokale aanbod van algemene voorzieningen en het maatwerkaanbod dat door de Sociale Dienst Drechtsteden wordt aangeboden te verbeteren. Beoogd
wordt dat dit in tweede instantie leidt tot betere kwaliteit en doelmatigheid van de ondersteuning en een kentering in de snel toenemende vraag en kosten. Argumenten 1.1 De huidige verordening algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen worden samengevoegd. De verordening maatschappelijke ondersteuning is het technisch juridische kader voor de uitvoering van de Wmo 2015. Met deze verordening geven we invulling aan de gemeentelijke beleidsplannen en de regionale visie sociaal domein op het terrein van de maatschappelijke ondersteuning. Zowel voor algemene ondersteuning als maatwerkondersteuning. Met deze herijking voegen we de verordening algemene voorzieningen en de verordening maatwerkvoorzieningen samen, zodat een gezamenlijk beleidskader met meer onderlinge samenhang ontstaat. 1.2 Integraal beleid (en één verordening) werkt bevorderend voor normaliseren en afschaling. Hoewel er de achterliggende jaren hard gewerkt is aan een samenhangende benadering van dienstverlening en hierop stappen zijn gezet, werken twee losse verordeningen hier niet bevorderend voor. Door deze verordeningen te integreren krijgen professionals die werken vanuit de algemene en de maatwerkvoorzieningen een gezamenlijk kader en opdracht, van waaruit ze de ondersteuningsvraag van de inwoner beoordelen.
Dit leidt tot meer samenhang (integraliteit) doordat eerst wordt gekeken welke lichtere of andere vorm van ondersteuning een oplossing kan bieden, voordat zwaardere oplossingen ingezet worden. Dit zorgt voor de juiste dienstverlening voor de juiste persoon, minder druk op maatwerkvoorzieningen en het helpt bij het dempen van de zwaardere zorgvragen en daarmee gepaard gaande kosten. 1.3 Beweging naar normaliseren biedt een positievere gezondheidsbeleving bij inwoners. Vanuit, onder andere, het concept positieve gezondheid is bekend dat inwoners zichzelf gezonder voelen als ze meer eigen regie en zelfstandigheid ervaren. Door de beweging naar eigen kracht en normaliseren in te zetten, leveren we hier een belangrijke bijdrage aan. Dit is ook uitgangspunt in het Papendrechts Kompas Sociaal Domein. 1.4 Beweging naar normaliseren en inzetten op eigen kracht is noodzakelijk voor toekomstige continuïteit van ondersteuning. De maatschappij heeft te maken met een toenemende vraag naar ondersteuning, onder andere als gevolg van de toenemende vergrijzing. Daarnaast hebben we te maken met een krimpende beroepsbevolking. Ondersteuning bieden aan de inwoners die dat écht nodig hebben, is in de toekomst alleen mogelijk als zoveel mogelijk inwoners zelfstandig functioneren. Al dan niet met behulp van hun netwerk.
Door het inzetten van eigen kracht, eigen netwerk en reguliere voorzieningen wordt een beroep op gemeentelijk zorgaanbod verkleind. Het (professionele) gemeentelijk aanbod van algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen blijft dan beschikbaar voor de inwoners waarvoor alle andere vormen van hulp onvoldoende zijn. 1.5 De omslag naar eigen kracht en positieve gezondheidsbeleving is nodig in een maatschappelijke context van toenemende vergrijzing en krappe rijksbudgetten. De conceptverordening is het resultaat van beleidskeuzes ten aanzien van de verschillende onderwerpen die binnen de Wmo vallen. Deze keuzes noemen we ook wel de 'knoppen' waaraan we kunnen draaien binnen de gemeentelijke beleidsruimte die we daarin hebben. Hoewel de financiële impact van de meeste knoppen op het eerste gezicht gering is, beogen we hiermee wel een groot maatschappelijk effect. De beweging naar "normaliseren", "Wmo naar de voorkant", en de focus op zelfredzaamheid en participatie krijgt gestalte in het afwegingskader van de verordening. Dit betekent dat we enerzijds meer van de inwoner en de samenleving vragen. Zoals ook opgenomen is in ons Kompas Sociaal Domein als richting voor onze dienstverlening. Anderzijds is ook bekend dat een grotere mate van zelfredzaamheid en eigen regie, zorgt voor een positievere beleving van gezondheid.
Iemand is niet langer "patiënt", maar voelt zich weer inwoner van de gemeente. En deze beweging kan op langere termijn een demping van de stijgende kosten realiseren ("minder meerkosten").
2/5
Deze herijking is namelijk geen punt in de tijd, maar vindt plaats in een maatschappelijke context van toenemende vergrijzing en krappe rijksbudgetten in het sociaal domein. De omslag naar 'eigen kracht' en positieve gezondheidsbeleving is essentieel om de zorg en het sociaal domein in de toekomst betaalbaar te houden. 1.6 De verordening biedt een kader voor meer sturing op lokale voorzieningen die de groeiende vraag om duurdere Wmo-zorg mogelijk kan dempen. De sturing op de Wmo naar de voorkant die deze verordening biedt, vraag ook om kritisch te kijken naar het voorveld en de vraag of en welke lokale voorzieningen ingezet kunnen worden als alternatieven voor duurdere Wmo-zorg. Met name op het gebied van dagbesteding, inloopvoorzieningen en huishoudelijke ondersteuning bestaan op dit moment de mogelijkheden al. Succesvol voorbeeld hiervan zijn het Odensehuis en de inloop bij De Spil. Door het versterken en uitbouwen van de inzet van deze organisaties kan een beroep op duurdere voorzieningen mogelijk (het blijft altijd maatwerk) worden uitgesteld of voorkomen. Hierin kan uw raad een belangrijke rol spelen. Zowel door kritisch te kijken naar de inhoud van het voorveld als ruimte creëren voor investeringen die deze ontwikkeling mogelijk vraagt. Een verdere verkenning van wat mogelijk en nodig is, is een volgende stap.
In de basis zou het mooi zijn als we op termijn als gevolg van de beweging Wmo naar de voorkant, een effect zien van lagere kosten voor maatwerk via de GRS door opvang van een deel van de (lichtere) vragen in het voorveld. Tegelijkertijd weten we dat de vraag naar ondersteuning de komende decennia alleen maar zal groeien. We verwachten daarom eerder minder meerkosten, dan minder kosten op het totaal. (zie ook kanttekening 1.1). 1.7 De positieve adviezen van de (regionale) Wmo-adviesraad en de inbreng van inwoners zijn meegenomen bij de afweging voor het voorstel. Zowel de Regionale Wmo-adviesraad als de lokale adviesraad zijn in de ambtelijke voorbereiding gevraagd te adviseren ten aanzien van de herijking Wmo, op respectievelijk de maatwerkvoorzieningen en de algemene voorzieningen. De positieve adviezen en de reactie op de adviezen zijn bijgevoegd. Ook zijn we op 7 juni 2023 zijn we in gesprek gegaan met een groep inwoners. Mensen die al ervaring met de Wmo hadden, maar ook enkele mensen die dat nog niet hebben en dus 'blanco' het gesprek met ons aangingen. Kort de bevindingen op een rij: • Invoering van een eigen bijdrage (rijksactie per 2026) naar inkomenscategorie werd niet direct als probleem gezien. Juist als oplossing voor het voorkomen van te hoge vraag; • Tegenover een eigen bijdrage voor verschillende algemene voorzieningen stond men niet direct onwelwillend.
Zeker wat betreft de nuance als het gaat om gebruikerskosten waar concreet wat tegenover staat, bijvoorbeeld consumpties; • Mensen vinden het lastig dat zij ruim van tevoren een aanvraag moeten doen om zeker te zijn van een Drecht- of Wijkhopperrit. Zeker voor medische ritten die soms ook ad-hoc aan de orde zijn. Wel was er ook begrip voor de noodzaak van de maatregelen. Vanwege piektijden, verkeersdrukte en het tekort aan personeel; • Het invoeren van een piek- en daltarief viel in relatie tot bovenstaand punt goed, als sturingsmiddel om meer spreiding te creëren in de planning; • Men is zeer tevreden over de huishoudelijke ondersteuning zolang men maar een vaste ondersteuner heeft. Momenteel krijgen mensen te veel verschillende ondersteuners met verschillende kwaliteit over de vloer. Het gebrek aan (en uitval van) personeel is hier debet aan; • De inzet van de was- en strijkservice als voorliggende voorziening en onderdeel van geïndiceerde hulp was geen onderwerp waar men een duidelijke mening over gaf. Het riep niet direct weerstand op; • Opvallend was dat de deelnemers oog hebben voor hun eigen rol en verantwoordelijkheid in het geheel. Zelf afspraken maken in daluren, werken aan herstel en gezondheid en actief uitbouwen van contacten na ontmoetingsmomenten, vond men acties waarin ook een eigen verantwoordelijkheid gezien wordt.
3/5
Kanttekeningen 1.1 De herijking levert geen kostenbesparing op. Hoewel dit niet de insteek was van de herijking, kan het beeld ontstaan dat verlaging van de uitgaven mogelijk zijn als gevolg van de herijking. Door de toekomstige toenemende vraag is de verwachte stijging van kosten fors. Met de beweging naar normaliseren zullen we mogelijk de groei en het beroep op het schaarser worden personeel dempen. Naast de groei in aantallen hebben we ook te maken met voortdurend stijgende kostprijzen, waardoor een daadwerkelijke daling van kosten de komende jaren (ook met een nieuw beleidskader) niet waarschijnlijk zal zijn. 1.2 De verordening biedt niet dé oplossing van alle afstemmingsproblemen. De integrale verordening levert een belangrijke bijdrage aan het verbeteren van afstemming in de maatschappelijke ondersteuning. Echter, het realiseren van de samenwerking in de dagelijkse uitvoering is essentieel om het beleid uiteindelijk te laten slagen. Hierin zijn de achterliggende jaren al eerste belangrijke stappen gezet. Deze verordening biedt daarbij een nieuw hernieuwd kader en impuls, om deze samenwerking de komende jaren uit te bouwen. Financiën De verordening zoals die nu voorligt leidt niet direct tot grote wijzigingen in de kosten voor de Wmo op basis van de inhoud. Op termijn verwachten we wel een stijging als gevolg van een groei van de doelgroep die op de Wmo is aangewezen.
Deze zijn al verwerkt in de (meerjaren) begroting van de GRS en daarmee in onze begroting. Uitvoering Deze nieuwe verordening is een startpunt, een puzzelstuk van de grote beweging die ingezet moet worden. Het samenvoegen van de huidige twee verordeningen voor de algemene en maatwerkvoorzieningen is een eerste stap. Echter, als de dagelijkse uitvoeringspraktijk niet integreert, zal het geen effect opleveren. Niet voor de inwoner, niet voor de kwaliteit van ondersteuning, maar ook niet voor de kentering in fors stijgende zorgkosten. Daarom is de vervolgstap om te zien hoe we samen met onze partners kunnen sturen op ontwikkeling van de uitvoering naar een verdere integrale benadering. Waarbij professionals van de sociale dienst en de professionals van de wijkteams gezamenlijk getraind worden in het toepassen van de nieuwe richting die we met de vaststelling van deze verordening beogen. Op die manier stimuleren we het werken vanuit één gezamenlijk kader door alle betrokken partijen om zo het beoogde resultaat te behalen. Communicatie & participatie Na vaststelling door uw raad, wordt de nieuwe verordening op de gebruikelijke wijze gepubliceerd en daarmee van kracht. Daarnaast zal de nieuwe verordening gecommuniceerd worden naar inwoners en partnerorganisaties. Er zal door gemeenten een persbericht worden opgesteld in samenwerking met de GR Sociaal.
Ook wordt de informatie gewijzigd op de gemeentelijke en Drechtstedelijke communicatiekanalen. Duurzaamheid & ecologie Niet specifiek bij het vaststellen van de verordening. Binnen de diensten van de Wmo valt wel het collectief vervoer (Drecht- en Wijkhopper). Op dat vlak wordt in de doorontwikkeling van de vervoersmiddelen gekeken naar duurzame ontwikkeling van de voertuigen die ingezet worden. ICT N.v.t. Alle relevante stukken zijn voor u ter inzage gelegd. Burgemeester en wethouders van Papendrecht,
Bijlagen
4/5
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Bijlage 1 Verordening maatschappelijke ondersteuning Papendrecht (DROP) Bijlage 2 Artikelsgewijze toelichting Verordening Wmo Papendrecht Bijlage 3 Was-Wordt-lijst Verordening MO Papendrecht Bijlage 4 Draaiknoppentabel met wijzigingen en keuzes Bijlage 5 Vervolgnotitie Herijking Wmo Bijlage 6 Overzicht lokale invulling algemene voorzieningen Papendrecht Bijlage 7 Advies Herijking Wmo - Regionale adviesraad Wmo Bijlage 8 Reactie AB GRS op advies Herijking Wmo - Regionale adviesraad Bijlage 9 Advies Wmo-adviesraad herijking Wmo-beleid en verordening maatschappelijke ondersteuning 10. Bijlage 10 Reactie aan adviesraad Wmo Herijking Wmo.pdf
5/5