CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Oordeel 16.10.2025.pdf

Oordeelsvormende vergadering Papendrecht 20 november 2025, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 4: Vaststellen verslagen 9 en 16 oktober 20256.649 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

BESLUITENLIJST VAN DE OPENBARE OORDEELSVORMENDE VERGADERING d.d. 16 oktober 2025. Een integrale geluidsopname van deze vergaderingen is te beluisteren op www. papendrecht.nl Aanwezig: De heer P.J. van der Giessen, voorzitter; De heer M.H.A. Verweij (PAB), de heer A. Tieleman (PAB), mevrouw A. van Gent (PAB), de heer R. Lammers (OP), mevrouw A. Bokma (VVD), mevrouw S.J.A. Verdoorn-de Lang (VVD), de heer R. Schuil (CDA), de heer J. Mulder (CDA), de heer H.G. Bezemer (CU), de heer A. Rietveld (CU), mevrouw D. Yildiz-Karso (PvdA), mevrouw T.C. van Es (D66), de heer Y. Hardenbol-Kroek (D66), de heer A.J. Boersma (SGP), de heer P.C. Grimmius (GroenLinks) en de heer B.H. Grimmius (GroenLinks). Mevrouw M.J.M. van Driel, burgemeester; Mevrouw W. Renzen - Van Leeuwen, portefeuillehouder; De heer J.D. van der Borg, portefeuillehouder; De heer J.L. van Erk, portefeuillehouder; De heer A.J. Kosten, portefeuillehouder; De heer A.M.J.M. Janssen, portefeuillehouder. De heer A. Mullenders, plv. griffier; De heer J. Lier, pl. griffier/raadsadviseur. 01.

Opening. De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom.

02.

Vaststellen agenda. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

03.

Mededelingen. Wethouder VAN ERK merkt op dat een aantal lokale fracties een brief heeft gestuurd naar het AB en DB van de GR Sociaal. Deze brief heeft men in de regio in behandeling genomen en er wordt een RIB voorbereid en via de colleges naar de raden verstuurd zodra deze is vastgesteld. Wethouder VAN DER BORG noemt de uitspraak van de centrale raad van beroep over de uitvoering van de jeugdwet. Een aantal fracties heeft hierover zowel schriftelijk als technische vragen gesteld, die men de komende tijd zorgvuldig zal beantwoorden. De beantwoording zal wellicht wat tijd gaan kosten, omdat met name de kwestie over de tarifering van de respijtzorg een regionale kwestie betreft. Voorafgaand hieraan verwijst hij m.b.t. de uitspraken naar de dagmail van vandaag. 1

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

Er zijn verder geen mededelingen. 04.

Vragenkwartier. Er zijn geen vragen.

05.

Insprekers over niet geagendeerde onderwerpen. Er zijn geen insprekers.

06.

Begroting 2026 – 2030. De heer LAMMERS complimenteert het college en de ambtelijke organisatie voor de leesbare meerjarenbegroting. M.b.t. pag. 119 bij de OZB, eigenaar woning 2025 merkt hij op dat hier 1,0880 staat, terwijl dit waarschijnlijk 0,1088 zou moeten zijn. Verder ziet het beeld er in zijn algemeenheid redelijk goed uit voor Papendrecht. Er is i.v.m. het doorschuiven van het ravijnjaar van 2026 naar 2028 alleen een dip in 2028 in het meerjarenperspectief. Hier is echter al op een goede manier rekening mee gehouden in de meerjarenbegroting. In de beantwoording van de technische vragen kwam naar voren dat het vrij lastig is om een doorkijk te geven voor de jaren na 2030. Dat heeft natuurlijk alles te maken met het feit dat een gemeente als Papenecht zeer afhankelijk is van niet alleen lokale ontwikkelingen, maar ook regionale, landelijke, internationale en geopolitieke ontwikkelingen. Deze begroting in meerjarig perspectief is sluitend gemaakt dankzij een bijdrage vanuit het Rijk om het gemeentefonds extra van financiën te voorzien, waardoor ook Papendrecht dit kon realiseren. Het geeft tegelijkertijd wel aan dat men soms scherp aan de wind zal moeten gaan varen. De komende jaren wil men een keurig sluitende meerjaren begroting houden.

Wat dat betreft is dit een volwaardig document wat de raad daar goede informatie over geeft en waarover men met elkaar het gesprek moet blijven aangaan waar het gaat over het netjes binnen de begroting blijven van alles wat men in Papendrecht wil realiseren. Ook de heer VERWEIJ is tevreden over de nieuwe lay-out. Ook hem was de omissie op pagina 119 bij de OZB opgevallen. De tweede vergissing ziet men op pagina 123, waar wordt aangegeven dat men in Sliedrecht € 78,- per jaar aan OZB betaalt, omdat de WOZ-waarde daar slechts € 107.000, - betreft. Verder merkt hij op dat de tweede ronde van bezuinigingen in tegenstelling tot die in 2021 op het oog soepel lijkt te zijn verlopen en inwoners hier geen pijn van hebben ondervonden. Het resultaat is een redelijk meerjarenperspectief met positieve resultaten. Hij is van mening dat men het college, de raad en de ambtenaren hiervoor moet bedanken. Op pagina 15 ziet men de verbonden partijen, waarvan men allemaal weet dat zij nogal traag zijn m.b.t. ombuigingen. Veel plannen, maar het wordt niet altijd gerealiseerd en er is niet altijd het gewenste resultaat. In de begroting wordt daarover gezegd dat een belangrijk 2

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

vraagstuk daarbij ook is in hoeverre de ondergrens voor samenwerking in de verbonden partijen wordt benaderd. Hij vraagt zich af of dit betekent dat men er mogelijk al over denkt om bij bepaalde verbonden partijen, die er dus maar niet in slagen ook een steentje bij te dragen aan de ombuigingen, de samenwerking onder de loep te nemen of men dit op die manier wil blijven doen of helemaal niet meer wil doen. Verder vraag hij of er plannen zijn om de belastingcapaciteit eventueel van 81,8% in 2026 richting het gemiddelde van het land (ca, 101%) te brengen. In het kader van het op pagina 58 genoemde inzamelen van afval en het schoonhouden van de straten is zijn fractie voornemens een motie doneerringen, oftewel statiegeldvangers, in te dienen. Afvalbakken waarin mensen hun blikjes kunnen gooien, zodat de mensen die daar een extra verdienste aan hebben door deze in te leveren niet in vuilnisbakken hoeven te kruipen en geen rommel op straat hoeven te veroorzaken. Verder zorgen de specifieke uitkeringen die het Rijk ter discussie stelt er mogelijk voor dat er minder middelen naar Papendrecht komen. Hij vraagt of er, omdat het niet de bedoeling is dat de gemeente daar zelf weer aan gaat bijdragen, al is nagedacht over welk aanbod men zou kunnen schrappen. M.b.t. de weerstandsratio heeft men destijds afgesproken dat deze 1,0 moet zijn. Men ziet nu een teruggang van 2,08 naar 1,39.

Hij vraagt het college of er al over nagedacht of gesproken is of men deze ontwikkeling op een of andere manier toch tegen moet houden, of dat men tevreden blijft als deze toch richting de 1,0 gaat. Tot slot heeft de PAB-fractie op 12 december 2024 een amendement op de Belastingverordening ingediend, om de ontgrendelingskosten en de ledigingstarieven niet te verhogen. Een veelgehoord argument van de 3 partijen die hier tegen stemden was, dat men dit niet moet doen omdat er anders later een verdubbeling zou komen. In de tabel ziet men echter dat alles met veel minder verhoogd is dan wat men in 2025 beoogd had. Nu gaat men ca. 20% omhoog en toen was het ruim 32%. De vraag is of het toen echt wel nodig was. De heer SCHUIL is namens de CDA-fractie blij met de voorliggende begroting, waarvoor dank aan het college, het ambtelijke apparaat en het constructieve overleg met de raad over de ombuigingen. Men heeft grote besluiten genomen over de VO-scholen, de MFA en het Van der Palmgebied, waar hele grote bedragen mee gemoeid zijn. Maar door degelijk financieel beleid en goed overleg binnen de raad ziet men de begroting voor 2026 en de komende jaren binnen de norm blijven. Men is blij met de investering in de gemeente, scholen en cultuur en dat men ook ruimte creëert voor investeren in woningen in de komende jaren. De lokale lasten blijven binnen de perken.

Papendrecht is misschien niet de goedkoopste, maar ook niet de duurste en daartegenover staan ook mooie voorzieningen. Waar de CDA-fractie zich wel zorgen over maakt is de mobiliteit, de sluiting van de N3. Hij vraagt de wethouder te reflecteren op wat er in de begroting is meegenomen of wat de gemeente daar nog aan kan doen. Kan men daar eventueel nog stappen maken of ruimte creëren voor inwoners en ondernemers? De komende periode staat ook de strategische visie van 3

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

Papendrecht op het programma, daarin wordt de wijkgemeenschap sterk benadrukt. Hij vraagt of de wethouder van mening is dat men hier het komende jaar ook het een en ander in gaat verwezenlijken, of dat hier verder nog geen zicht op is. Men steunt de begroting in afwachting van de beantwoording van de gestelde vragen en het verloop van de vergadering. De heer BOERSMA sluit zich aan bij de complimenten over de opzet van de begroting en de inzet van de ambtelijke organisatie. Deze begroting is een hele nette vertaling van de perspectiefnota. De begroting is tot en met 2030 sluitend, dit is gelet op de grote investeringen die men heeft gedaan in de afgelopen periode in nieuwe middelbare scholen, het cultuurhuis voor verenigingen en maatschappelijke organisaties, de sporthal en het hele Van der Palmgebied een prestatie van formaat. Dat heeft inderdaad met de compensatie vanuit het Rijk te maken, maar ook met het ombuigingsproces dat de gemeenteraad heeft geïnitieerd. Dit heeft geleid tot een soepele inpassing in de perspectiefnota en de begroting. Het is duidelijk, men gaat wel wat scherper aan de wind zeilen, de lucht is er eigenlijk uitgehaald. Het meerjarenperspectief is structureel positief tot 2030, maar er zit wel een dipje in 2028 en 2029 dicht bij de nul.

Het is dus ook goed mogelijk dat men jaarlijks minder overhoudt of een keer de min in kan schieten en dat incidenteel moet bijpassen. Dat is ook een gevolg van de keuze die men hier nu maakt. Het blijft vervolgens wel een aandachtspunt hoe men de bestemmingsreserve toekomstige investeringen aan blijft vullen, omdat die nu vooral gevuld wordt vanuit de overschotten op de jaarrekening. Het perspectief na 2030 is onzeker als het gaat over financiering vanuit het Rijk, maar zeker is wel dat men wil blijven investeren en dat er ongetwijfeld ook weer nieuwe taken bij zullen komen. Dus het is goed dat het college in kaart brengt welke investeringen er nog aankomen en dit in een soort agenda probeert aan te geven. De SGPfractie wil het college ook vragen om na te denken over een aantal strategieën hoe men de bestemmingsreserve de komende jaren wel kan blijven vullen. Een gedachte die eerder door de CDA-fractie is geopperd en waar zijn fractie het mee eens is, is het bedrag dat reeds nu in de begroting is gereserveerd voor de kapitaallasten voor de VO-scholen bij de jaarrekening tot 2030 in die bestemmingsreserve terecht te laten komen en dat niet voor allerlei andere doeleinden te gebruiken. Tegelijkertijd merkt hij op dat er m.b.t. de besluitvorming van de scholen keuzes gemaakt moeten worden over wat men wel en niet gaat investeren en hoe met dat gaat faseren.

Tot slot viel hem m.b.t. de € 40.000, - t.b.v. Pellerpop op dat dit bedrag in de perspectiefnota werd gevraagd voor het evenementenbeleid in bredere zin. Via de technische vragen heeft zijn fractie geprobeerd te achterhalen of dit bedrag per abuis onder Pellerpop is opgevoerd, hetgeen het geval blijkt te zijn.

4

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

Ook de heer RIETVELD spreekt zij dank uit voor het feit dat de financiën van de gemeente Papendrecht op orde zijn. De doorvertaling van de perspectiefnota is helder en zorgvuldig gebleken en de nieuwe programmatische indeling biedt een veel beter overzicht. Men ziet dat de begroting vooral in het teken staat van de afronding van de huidige bestuursperiode. Hij begrijpt dat, maar hoopt wel dat men koers houdt op de langere termijn: een toekomstbestendig, sociaal en betrokken Papendrecht. Verder zou zijn fractie graag zien dat het communicatiebeleid iets minder defensief wordt geformuleerd en uitgevoerd. Een meer proactieve houding, waarvan inwoners, bedrijven en media om misverstanden en speculatie te voorkomen echt op aankunnen. Vooral in het kader van participatietrajecten vraagt hij om vooraf helder de proces- en speelruimte weer te geven, tussentijds transparant te zijn over de voorgang en achteraf zichtbaar te maken wat er met de inbreng is gedaan. Bij de regionale samenwerking en specifiek de Smart Delta valt op dat de ambitie van Papendrecht vrij algemeen blijft. Graag hoort hij van de wethouder wat deze ambitie is. Als het gaat om het sociaal domein ziet men de noodzaak van een actievere betrokkenheid en sturing vanuit de gemeente.

Juist daar zijn de lessen van de afgelopen jaren duidelijk: meer inzicht, meer grip en meer gezamenlijke sturing zijn essentieel om deze samenwerking succesvol te maken en ook financieel onder controle te houden. M.b.t. veiligheid en weerbaarheid heeft zijn fractie behoefte aan meer focus voor cyberveiligheid gericht op de inwoners en de zelfredzaamheid bij crisissen. Hierbij noemt hij bewustwording over noodvoorzieningen en paraatheid. Hoe informeert men inwoners actief als er wat aan de hand is en er geen elektronische communicatie meer is en de infrastructuur uitvalt? Over de bereikbaarheid en mobiliteit van de N3 heeft de CDA-fractie al vragen gesteld. De beantwoording hierop wacht hij even af. Verder noemt de heer RIETVELD wonen en bouwen. Na jaren van voorbereiden ziet men in Papendrecht nu duidelijk heel veel woningen in aanbouw. Dat is goed nieuws, maar de vraag blijft groot. Hij ziet op pagina 54 een streefwaarde van 81,9% passende huisvesting. Dat lijkt hem heel erg ambitieus. Hij vraagt de wethouder toe te lichten hoe men aan dat soort getallen komt. Als het gaat om de financiële uitgangspunten ziet men op pagina 21 dat men evenwicht wil hebben tussen de lokale lasten en de lokale voorzieningen. Zijn oproep zou zijn om dat verhaal gerust breder te laten klinken.

Het kost wat om in Papendrecht te wonen, maar men krijgt daar ook wat voor: veilige straten, goede voorzieningen, zorg voor kwetsbaren en investeringen in leefbaarheid. Men ziet dat er best nog wat ruimte is in het overzicht van de kerngetallen en dat men dit t.o.v. andere gemeenten in Nederland goed doet. Dat is voor zijn fractie echter geen doel op zich om de lasten te verzwaren. Verder ziet men dat de loon- en prijsstijgingen aan de lage kant zijn begroot en vraagt of dit realistisch is. Tenslotte vraagt hij welke inzichten de septembercirculaire geeft en welk effect dat heeft op de begroting. 5

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

Mevrouw BOKMA sluit zich aan bij alle gedane complimenten. Zij was vooral blij met het voorafgaande uur waarin men nog aanvullende technische vragen kon stellen en stelt voor dit volgend jaar (misschien ook voor de jaarrekening) opnieuw mogelijk maken. De VVD-fractie is positief over het feit dat er zelfs in het verschoven ravijnjaar nog een kleine plus in de begroting is en dat de perspectiefnota goed in de begroting is verwerkt. Tegelijkertijd vraagt men zich wel af hoe realistisch de daling van een aantal lasten is. Bv. bij de Wmo ziet men een daling vanaf 2028, maar ook voor Samenkracht en burgerparticipatie is een flinke daling voorzien. Wanneer deze daling niet wordt gerealiseerd droogt de plus van de komende jaren toch wel snel op. Ook de heer C. GRIMMIUS sluit zich aan bij de complimenten aan de opsteller van de begroting en voor de technische vragenronde. De begroting is beter geworden, niet alleen als financiële begroting, maar ook als instrument van de raad. Beginnend bij de inleiding citeert hij: ‘Geopolitieke spanningen zoals de oorlog in

Oekraïne, het conflict in het Midden-Oosten en migratiedruk op Europa hebben invloed op energieprijzen, handelsstromen, inflatie en leveringszekerheid.’ Zijn fractie is teleurgesteld dat er enerzijds wordt gesproken van de oorlog in Oekraïne maar een conflict in het Midden-Oosten. Dat men het ook in dit soort documenten niet durft te benoemen voor wat het is. Sterker nog, men durft de staten die hierbij gemoeid zijn niet eens bij naam te noemen, daar waar men dat bij Oekraïne wel doet. Er is een oorlog tussen Israël en Palestina en als men dat niet durft te zeggen, dan op z'n minst tussen Israël en Hamas. Het spreken van een conflict in het Midden-Oosten is wat zijn fractie betreft bagatelliseren van een veel groter iets en is misplaatst voor een gemeente als Papendrecht. M.b.t. de begroting vraagt hij welke indicatoren er worden gebruikt en waarom. Voor een deel zullen deze wettelijk of bovenrechtelijk zijn, voor een deel heeft men deze zelf verzonnen. De streefwaarden zijn iets wat de gemeente zichzelf oplegt met verschillende beleidstukken, maar er zijn ook een aantal indicatoren waar geen streefwaarden voor staan. De vraag is in hoeverre deze voor de raad bruikbaar zijn om op te sturen en te meten of men goed bezig is. Hoe kan men deze toetsen, wat is het verloop in de afgelopen jaren geweest t.o.v.

die streefwaarden en in hoeverre zijn er indicatoren waar men nu geen streefwaarden voor heeft die men misschien wel zou moeten willen formuleren? Dit alles heeft ertoe geleid dat zijn fractie bij de begrotingbehandeling een motie zal indienen om het college te verzoeken of zij een voorstel kan doen tot een verordening indicatoren en streefwaarden, waarin men indicatoren voor de begroting opstelt, zowel degenen die verplicht zijn als degenen die men zelf wil doen, met daarbij passende streefwaarden, zodat de raad als men dat wenst indicatoren kan toevoegen, desgewenst streefwaarden kan aanpassen en een centrale plek heeft waar men deze kan vinden en waar men deze kan reguleren. Als dan in de begroting ook nog een meerjaren inzicht kan worden laten zien t.a.v. 6

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

de ontwikkeling op een bepaalde indicator met de streefwaarden daarbij, kan men veel beter inzicht krijgen in het beleid dat men voert. Tenslotte noemt de heer GRIMMIUS de financiële stand van zaken. Men staat er voor de komende 4 jaar goed voor, met een dip in 2028, het vooruitschuiven van het ravijnjaar. Daarbij moet worden opgemerkt dat dit alleen nog maar de komende 4 jaar is. Er wordt gesteld dat men nog niet verder kan kijken, terwijl men wel weet dat er na 2030 nog grote investeringen (bv. de VO-scholen) gaan komen. Dit gaat nog een hele impact hebben, terwijl men nu al kan zien dat de ruimte voor eventueel nieuw beleid voor de komende collegeperiode op zichzelf al beperkt is door de huidige stand van zaken. Er is in 2023 een amendement aangenomen dat het college opdraagt de raad in het eerste kwartaal van volgend jaar scenario’s te doen toekomen over hoe men de 18 miljoen euro bij elkaar kan krijgen om de gebouwen van het basisonderwijs energieneutraal te maken. Die zouden moeten worden verwerkt in de perspectiefnota van 2027, maar zijn nog niet meegenomen in deze financiële getallen. De vraag is of dat überhaupt wel past en als dat zo is, of er dan nog wel ruimte is voor enige vorm van nieuw beleid voor de komende collegeperiode. Men ziet zwarte cijfers, maar wat de GL-fractie betreft kan de vlag op dit moment nog niet uit.

Ook mevrouw KARSO geeft aan dat de PvdA-fractie blij is met de begroting, vanwege de leesbaarheid en duidelijkheid en het feit dat men echt kan zien dat de indicatoren zich ontwikkelen. Het is een sluitende meerjarenbegroting, maar men moet wel opletten. Niet alleen tot 2030, maar ook voor de periode daarna. Er staat de gemeente nog wel wat te wachten, ook als het gaat om grote investeringen. De heer Grimmius noemde al een voorbeeld als het gaat om het klimaat- en het energieneutraal krijgen van de basisscholen. Er is genoeg te doen. Het is voor haar fractie heel lastig iets te zeggen over de ontwikkeling van de indicatoren, want die zijn bij een aantal onderdelen wel opgepakt maar men ziet ook dat Papendrecht achterblijft op het landelijke gemiddelde. Men heeft er niet voor gezorgd om meer banen te creëren voor jongeren of meer jongeren in beweging te krijgen. En het is ook niet gelukt om meer kinderen uit de jeugdhulp te krijgen. Het is dus inderdaad heel belangrijk om te kijken of er een meerjarig sluitende begroting is, maar ook hoe zich dat in de loop der tijd ontwikkelt en wat de gemeente de komende 10 jaar te wachten staat. Haar fractie zal hier bij de behandeling in de raad uitgebreider op terugkomen. M.b.t. tot de afvalstofheffing ziet zij een lijst van moties, amendementen en de stand van zaken.

Wat zij hier mist is de motie die haar fractie vorig jaar heeft ingediend, waarbij men heeft gevraagd om een onderzoek voor een kantelpunt tot welk punt er sprake is van minder kosten voor de inwoners. Omdat deze heffing heel wat kosten met zich meebrengt en een aanzienlijk deel daarvan voor de huishoudens is, vindt haar fractie het erg belangrijk dat deze lasten eerlijk en transparant worden berekend. Bovendien moet het principe de vervuiler betaalt niet leiden tot een 7

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

onevenredige druk op gezinnen en huishoudens die al moeite hebben om rond te komen. Men stimuleert inwoners om afval te scheiden en duurzaam te handelen, maar dat moet ook zichtbaar zijn in lagere kosten. Dat is voor haar fractie niet alleen een kwestie van rechtvaardigheid, maar ook van vertrouwen in het beleid. Daarom vraagt zij het college naar de stand van zake van deze motie. Haar fractie was er eigenlijk van uitgegaan dat men hier voor de zomer een antwoord over zou ontvangen en ziet hierover -zoals gehoopt- niet zoveel terug in de begroting. De heer HARDENBOL sluit zich richting het college aan bij de complimenten voor de begroting. Het is inderdaad als sturingsinstrument en voor de inwoners een stuk leesbaarder geworden. Diverse fracties noemden dat de lucht uit de begroting is en vroegen zich af of er op alle punten realistisch begroot is. Ook hij noemt na 2030 de grootste kosten voor de VO-scholen. Een nieuw college kan een nieuw beleid maken, maar ook zijn fractie heeft bij sommige punten twijfels over hoe realistisch die uiteindelijk zullen blijken te zijn. Men vraagt zich af of de begroting niet enigszins rond gerekend is om dit plaatje te presenteren en in ieder geval iets sluitends te kunnen presenteren. Verder vraagt hij in hoeverre er met het oog op de gemeenteraadsverkiezingen in de begroting rekening is gehouden met IT-middelen.

Zijn vraag (aan de andere fracties) is in hoeverre men nog een laptop zou willen en wat er in de begroting mogelijk is als men iets anders zou willen. Schorsing 20.45 – 21. 00 uur EERSTE TERMIJN COLLEGE Wethouder RENZEN dankt voor de complimenten richting de ambtelijke organisatie en het college en legt deze ook terug bij de raad. In antwoord op de vraag van de CU-fractie over de realiteit van de loon- en de prijsstijgingen en het effect van de septembercirculaire op de begroting antwoordt de wethouder dat de stijgingen realistisch zijn opgenomen. Gezien de septembercirculaire blijft men ook in de plus. Zij merkt op dat men de septembercirculaire voor de begroting in de raad zal ontvangen. M.b.t. de vragen inzake de indicatoren en streefwaarden stelt de wethouder voor hier in de auditcommissie het gesprek over te voeren. In antwoord op de vraag van de PAB-fractie over de SPUK zegt de wethouder dat het Rijk heeft besloten dat deze wordt omgezet naar het AZWA (Akkoord Zorg en Werk). De SPUK is incidenteel en de AZWA wordt structureel, maar dit komt wel met een korting van 10%. In antwoord op de vraag of er plannen zijn om de belastingcapaciteit van 81,8% richting het gemiddelde van het land te brengen zegt de wethouder dat men hier op dit moment geen aanleiding toe ziet en geen plannen voor heeft. Deze mogelijkheid blijft uiteraard wel altijd als optie op de plank liggen.

In reactie op de vraag over de weerstandsratio zegt de wethouder 8

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

dat de afspraak boven de 1,0 is en dat men nu ziet dat deze een beetje terugloopt naar de 1,31. Op dit moment is er echter geen reden om nu al beheersmaatregelen te treffen. Richting de SGP-fractie merkt de wethouder m.b.t. de bestemmingsreserve toekomstige investeringen op dat men ambtelijk is gestart met het opstellen van een investeringsprogramma waarin men een meerjarig doorkijkje zal maken. Men blijft in lijn met de eerder gemaakte afspraken en de overschotten blijft men storten in de bestemmingsreserve kapitaallasten toekomstige investeringen. Op de vraag over Pellerpop zegt wethouder RENZEN dat dit budget juist is gecategoriseerd op de post evenementen. In antwoord op de vraag van de CU-fractie waar de streefwaarden uit de begroting vandaan komen zegt de wethouder dat deze uit de visies en de beleidsnota's van de gemeente komen. In antwoord op de vraag van de D66fractie inzake middelen in de begroting voor laptops etc. t.b.v. nieuwe raadsleden geeft zij aan dat dit is meegenomen in de begroting. Verder merkt zij inzake de vragen van diverse partijen over de meerjarig sluitende begroting na 2030 op dat de begroting en de ramingen van de kapitaalslasten t.b.v. de VO-scholen erin zitten. Ook na 2030 ziet het financieel plaatje er nog steeds positief uit. Alles wat men nu weet is geraamd, maar als er veranderingen van buitenaf plaatsvinden veranderen de cijfers uiteraard.

Wethouder KOSTEN merkt inzake de vraag van de GL-fractie naar het amendement bij de vaststelling van het IHP op dat de opdracht was de raad in het eerste kwartaal met verschillende scenario's te informeren, zodat deze meegenomen konden worden richting de perspectiefnota. Dat gaat men nog steeds doen. De eventueel stevige gevolgen gaat men ook inzichtelijk maken. Op de vraag van de CU-fractie inzake duidelijkheid over participatie merkt de wethouder op dat hij het daar heel erg mee eens is. De onlangs door de raad vastgestelde verordening is het middel om daar in gezamenlijkheid handen en voeten aan te geven. M.b.t. de vragen inzake de afvalstofverheffing vindt de wethouder het vervelend dat het nog niet is gelukt de evaluatie rondom de introductie van omgekeerd inzamelen aan te leveren. Men is zeker voornemens dit nog voor de begrotingsraad te doen. Men heeft -vanuit het kostendekkend perspectief- zo scherp mogelijk gekeken naar de kosten en heeft -binnen de context van de DVO- gesprek gevoerd met HVC over kostenbeheersing. Deze is inmiddels afgesloten en is verwerkt in het nieuwe tarief. M.b.t. de vraag van de PAB-fractie of de verhoging van het afvalstoffenheffing tarief wel nodig was is de wethouder van mening dat dit wel het geval was, omdat men destijds ook heeft gerekend met een kostendekkend tarief.

Tegelijkertijd heeft men dit wel gezien als een oproep van de raad om hier nog eens kritisch naar te kijken, hetgeen heeft geleid tot de nieuwe cijfers.

9

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

Wethouder VAN ERK merkt inzake de vraag m.b.t. de Wmo en de streefwaarden op dat men verwacht dat deze cijfers realistisch zijn. Uiteraard zal men de effecten van de interventies moeten blijven monitoren, omdat ook staat aangegeven dat er een groeiende vraag is als het om de Wmo gaat. Des te belangrijker is het om juist ook in de eerstelijnsvoorziening en de algemene voorziening inzet te plegen, om daar waar mogelijk het moment waarop mensen gebruik moeten gaan maken van de Wmo zoveel mogelijk uit te stellen. Op haar vraag inzake Samenkracht en de burgerparticipatie heeft de wethouder niet direct antwoord. Hij kan zich voorstellen dat hier investeringen voor nodig zijn en blijven. Wethouder JANSSEN bevestigt de opmerking dat er over de N3 en de afsluiting van de brug niets in de begroting staat. Dit omdat alle maatregelen die worden genomen voor rekening van RWS zijn. In antwoord op de vraag van de heer Rietveld waar de streefwaarde bij passende huisvesting rondom de volkshuisvestingsopgave vandaan komt merkt de wethouder op dat deze komt uit de streefwaardes die vanuit de corporaties zelf worden opgelegd. Deze streefwaarde (70%) haalt men al enkele jaren niet, maar dit zal iets makkelijker worden op het moment dat er meer verhuringen zijn. Op dit moment zit die markt echter behoorlijk vast. Wethouder VAN DER BORG merkt i.v.m.

de vraag van de CDA-fractie naar de verbinding tussen de strategische visie en datgene wat nu al in de begroting is geland op dat het te vroeg is om hier antwoord op te geven. In antwoord op de vraag van de PAB-fractie over de verbonden partijen, de genoemde ondergrens en of de samenwerking ter discussie staat zegt de wethouder dat dit wat het college betreft zeker niet het geval is. Hierbij merkt hij op dat er, in tegenstelling tot Papendrecht, wel een aantal buurgemeenten is die best stevig moet bezuinigen. Op de vraag hoe men daar als regio mee omgaat zou men zich kunnen voegen naar de gemeente die het meest moet bezuinigen en dat als een soort streeflijn zien. Dit doet uiteraard iets met de (robuustheid van de) samenwerking. De positie als college in de regio is wel om te kijken of men niet door die ondergrens zakt. Er moet meer zijn dan de ondergrens om de taken, waarvan men met elkaar afspreekt dat men die belangrijk vindt om in de regio te beleggen, te laten uitvoeren door de organisaties die dat ook aankunnen. Men waakt voor het risico dat wanneer men fors gaat bezuinigen, men door de ondergrens heen zakt. M.b.t. de vraag van de heer Rietveld over de abstracte en weinig concrete formulering m.b.t. Smart Delta geeft de wethouder aan dat men onlangs in een presentatie van Smart Delta een toelichting heeft gekregen op de processen die er de komende periode gaan lopen.

Inmiddels is er een ruimtelijke strategie vastgesteld die gaat leiden tot de zgn. regionale investeringsagenda's. Juist in die agenda’s gaat men dat concrete wel benaderen. Dit gaat de stap zijn 10

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

waarin men ook echt concreet gaat afspreken met de buurgemeenten op thema’s zoals economie, duurzaamheid, mobiliteit, wonen, etc. en hoe men n.a.v. die RIA's de eigen positie gaat bepalen. Burgemeester VAN DRIEL merkt m.b.t. de vraag van de CU-fractie inzake de cyberveiligheid en de zelfredzaamheid bij een crisis en het uitvallen van de elektronica op dat men vorige week heeft gesproken over de zienswijze en welke plannen het college heeft. Daarnaast noemt zij bv. de Week van de Veiligheid, waarin 52 senioren worden voorgelicht over cybersecurity. Ook de politie verzorgt regelmatig dergelijke voorlichtingsbijeenkomsten, waarbij men al dan niet vergezeld van boa’s veiligheid en m.n. cybercrime onder de aandacht brengt. Afgelopen maandag is er tijdens de sessie van de ontmoeting met de ambtelijke organisatie gesproken over het onderwerp bedrijfscontinuïteit management en wat er gebeurt als de ICT-systemen uitvallen. Deze vraag valt ook samen met de maatschappelijke weerbaarheid, waarvoor een projectleider aangesteld gaat worden. Dit betekent dat men dit enerzijds doet met de samenleving, maar anderzijds ook kijkt wat men samen moet doen met de veiligheidsregio en de gemeentes. Tenslotte noemt zij de publiekscampagne Denk vooruit, waar vanuit men gaat kijken wat er in Papendrecht nodig is om samen met de inwoners dat proces handen en voeten te geven.

TWEEDE TERMIJN RAAD De heer LAMMERS informeert naar het aantal boa’s en de opmerking in de begroting dat er steeds meer met prioriteiten gewerkt moet worden, omdat de huidige formatie van boa's niet in staat is deze stroom aan taken en meldingen adequaat op te pakken. Zijn vraag aan de andere fracties is wat zij ervan vinden om bij de begroting gezamenlijk een motie op te stellen om het aantal boa's uit te breiden van 6 naar 10. Uit het ambtelijk overleg van vanmiddag heeft hij begrepen dat zij met 10 boa's het werk beter aan zouden kunnen, minder zaken hoeven laten liggen en ook beter zichtbaar zouden kunnen zijn in de samenleving. De heer VERWEIJ antwoordt dat men dit in de fractie zal bespreken. Verder wenst hij tenslotte naast het college, de raad en de ambtenaren ook de inwoners te bedanken, omdat men in de tabel bij de afvalscheiding ziet dat men heel goed hun best doet. De heer SCHUIL merkt in reactie op de voorgestelde motie op dat de veiligheidsregio heeft aangegeven dat de problemen in de bezetting van de boa’s ook te maken hebben met bv. incidenten omtrent de ontploffing. Men hoort graag hoe het college hier tegenover staat en zal dit verder meenemen naar de fractie. 11

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

Ook de heer BOERSMA neemt het voorstel voor de motie mee terug naar zijn fractie. Men heeft in de afgelopen collegeperiode best veel geïnvesteerd in veiligheid. Als het gaat om incidentele middelen om de veiligheidsproblematiek op De Meent tegen te gaan zal zijn fractie daar niet per se tegen zijn. Hij is echter nog niet zeker of men het ermee eens is om het aantal boa’s structureel te verhogen naar 10. In antwoord op de gestelde vragen over de bestemmingsreserve toekomstige investeringen legde de wethouder uit dat de systematiek dat de overschotten op de jaarrekening toegevoegd worden aan de bestemmingsreserve blijft staan. Zijn punt was echter dat doordat men wat scherper aan de wind gaat zeilen het zomaar zou kunnen dat de overschotten op de jaarrekening, zeker de ongelabelden, heel laag zullen zijn of misschien helemaal niet meer zullen bestaan. Het effect daarvan is dat de bestemmingsreserve er wel is, maar dat deze eigenlijk niet meer gevuld wordt vanuit de overschotten.

De vraag die hij het college stelde was of het college niet alleen nadenkt over een planning voor de investeringsagenda, maar of er ook wordt nagedacht hoe men de bestemmingsreserve in de komende jaren op een slimme manier kan blijven aanvullen, zodat men daaruit kan blijven putten op het moment dat de overschotten op de jaarrekening misschien niet meer zo fors zijn als in de afgelopen jaren het geval was. De heer RIETVELD is blij met de reactie van de burgemeester inzake de cybervaardigheid en zelfredzaamheid. M.b.t. de streefwaarden stelt hij voor om er via de auditcommissie voor te zorgen dat er een bronvermelding van de streefwaarden wordt vermeld. Verder neemt hij het voorstel van de heer Lammers mee naar de fractie. Hij vindt het moment van de begroting om daarover te spreken en een motie op in te dienen niet echt geschikt. Het juiste moment hiervoor vindt hij bv. de Voorjaarsnota. Mevrouw BOKMA vindt de voorgestelde motie inzake de boa’s sympathiek en op zich altijd wenselijk. Zij vraagt de heer Lammers of men bij de motie ook de dekking zal meenemen, waarop de heer LAMMERS aangeeft dat dit uiteraard het geval is. De heer C. GRIMMIUS merkt m.b.t. de afvalstofheffing op dat hij het eens is met de heer Verweij dat men daarin goed bezig is. Zeker ook als men kijkt naar de verhoging van het kleptarief. Hiervan heeft de gemeente vorig jaar aangegeven het verschil te betalen.

Deze kosten zijn uiteraard wel gemaakt. Ook de prognose voor de kosten voor dit en volgend jaar is lager dan vorig jaar. Daar waar vorig jaar hier en daar wat doemscenario's aan de orde kwamen, blijkt dit niet waar te zijn. Men gaat per saldo terug van € 1,90 naar € 1,80 per kleptarief. Dit sluit aan bij de vraag van mevrouw Karso over waar het kantelpunt komt en is blij met het antwoord van de wethouder dat deze informatie eraan komt. Verder is zijn fractie 12

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

voornemens om de aangekondigde motie van de PAB-fractie inzake het inzamelen van statiegeldflesjes/blikjes mee in te dienen. Eventuele steun van de motie over de boa’s is afhankelijk van de tekst van de motie, die men in de fractie zal bespreken. Mevrouw KARSO ziet de RIB over de afvalstofheffing graag tegemoet. Ook haar fractie is enthousiast over de motie voor het statiegeld. Dit is echter niet het geval bij de motie voor extra boa’s. Haar fractie heeft bij de behandeling van de kaderbrief aangegeven dat men in vergelijking met voorgaande jaren al meer dan een miljoen uitgeeft aan veiligheid. Men kan blijven uitgeven, maar als mensen zich daardoor nog steeds niet veiliger voelen moet men echt aan andere knoppen gaan draaien. De heer HARDENBOL vindt het omdat streefwaarden over doelen gaan een slecht plan om deze in de auditcommissie te bespreken. Dit is bij uitstek een politieke aangelegenheid en niet iets waar de auditcommissie voor bedoeld is. Hij stelt voor dit toch in de raad te bespreken. Verder is ook de D66-fractie positief over het idee voor de statiegeldringen en vindt hij het een goed idee om de streefwaarden beter vast te leggen. Hij is minder positief over de motie van de boa’s en sluit zich hierbij grotendeels aan bij mevrouw Karso, die aangaf dat men al een miljoen meer uitgeeft t.o.v. een jaar geleden.

De D66-fractie is van mening dat veiligheid ook last heeft van de horizon van perfectie. Men kan richting de horizon lopen, perfecte veiligheid, maar zal deze nooit bereiken. TWEEDE TERMIJN COLLEGE In antwoord op de vraag van de D66-fractie over de indicatoren en streefwaarden merkt wethouder RENZEN op dat men hier het gesprek over moet gaan voeren en moet kijken wat de beste manier is om een en ander vervolgens vast te leggen. M.b.t. de vervolgvraag van de SGP-fractie over het vullen van de bestemmingsreserve kapitaallasten nieuwe investeringen zegt de wethouder dat er doordat men nu wat realistischer begroot meer de lucht uit de begroting is gehaald. Dan zou men kunnen zeggen dat de verwachting is dat men jaarlijks mogelijk minder overhoudt en is het vervolgens de vraag hoe men daarmee wil omgaan. Als de wens is om de bestemmingsreserve toch meer aan te vullen dan dat mogelijk de komende jaren vanzelf volgens de afspraken zou gebeuren, moet men dit bij de perspectiefnota meenemen. Dan is het goed om iedere keer wanneer er een perspectiefnota wordt vastgesteld, daarin mee te nemen wat men met nieuwe investeringen wil doen, hoe het financiële beeld daarvoor eruitziet en of het de wens van de raad is om daarvoor bv. te willen ombuigen.

De heer BOERSMA begrijpt dit, maar zijn punt was niet zozeer of men dat wenst of niet, maar meer dat er met het oog op de toekomst tot aan de komende 13

Besluitenlijst Oordeelsvorming van 16 oktober 2025

perspectiefnota gewerkt zou kunnen worden aan het in kaart brengen van hoe men dat eventueel zou kunnen doen. Na het besluit over de begraafplaats is het potje namelijk redelijk leeg. Wethouder RENZEN zegt dat het college dit in het eerste kwartaal van 2026 inzichtelijk gaat maken naar de raad, om te laten zien hoe het investeringsplafond eruitziet, tot waar men kan gaan en dat het nog financieel gezond is. Vanuit dat punt kan men gaan nadenken over de toekomst en de vraag of men vindt dat het voldoende is dat men bij het jaarresultaat de overschotten steeds laat terugvloeien naar de bestemmingsreserve, of dat er misschien meer nodig is. Als dit het geval is betekent dat ook dat men iets anders dan niet zou moeten doen. Mevrouw KARSO vraagt per interruptie of het voor de SGP-fractie een optie zou zijn om eventueel te bezuinigen, waarop de heer BOERSMA aangeeft dat dit niet de achtergrond van zijn vraag is. Voor ombuigingen kan men uit de ombuigingscatalogus putten. De vraag is meer hoe men over eventuele strategieën kan nadenken om die bestemmingsreserve te vullen en hij begrijpt van de wethouder dat dit inzichtelijk gemaakt gaat worden. Aansluitend adviseert de commissie de onderhavige stukken als bespreekstuk door te leiden naar de gemeenteraad. 07.

Sluiting. Niets meer aan de orde zijnde sluit de VOORZITTER de vergadering om 21.45 uur onder dankzegging aan eenieder voor diens inbreng. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 2025. De heer A. Mullenders (Interim griffier)

De heer P.J. van der Giessen (voorzitter)

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1096/documents/16564