CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Besluitvorming 12.12.2024.pdf

Raadsvergadering Papendrecht 30 januari 2025, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 4: Vaststellen verslag 12 december 20249.624 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

VERSLAG VAN DE OPENBARE BESLUITVORMENDE RAADSVERGADERING VERGADERING VAN DE GEMEENTERAAD VAN PAPENDRECHT d.d. 12 december 2024 (aanvang 20.00 uur) Een integrale geluidsopname van deze vergaderingen is te beluisteren op www.papendrecht.nl Aanwezig: Mevrouw M.J.M. van Driel, (voorzitter); De dames: A. Bokma (VVD), T.C. van Es (D66), H.C.T.J. Hoekstra (OP), A.A.S. Stigter (CU), A. Verschoor - De Winter (CDA), H.M. van Wijngaarden (PAB) en D. Yildiz-Karso (PvdA) en de heren: H.G. Bezemer (CU), A. Boersma (SGP), L. Bruijniks (PAB), L.T. van den Dool (CDA), P.J. van der Giessen (VVD), W. Goudriaan (SGP), N. van Heteren (D66), P.C. Grimmius (GL), G.C.H. Hardam (OP), R. Lammers (OP), R. Schuil (CDA), K. Spitsbaard (OP), H.D. Stouthart (VVD), A. Tieleman (PAB) en M.H.A. Verweij (PAB). De heren J.W. van der Borg, J.L. van Erk, A.M.J.M. Janssen en A.J. Kosten; wethouders. De heer M. Hermans, interim griffier; Verslaglegging: Jeanine Nieuwstraten

01.

Opening. De VOORZITTER opent de raadsvergadering en heet eenieder van harte welkom.

02.

Vaststelling van de agenda. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

03.

Mededelingen. Er zijn geen mededelingen.

04.

Vaststelling verslag raadsvergadering 7 november 2024. Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

05.

Vragenkwartier. Mevrouw HOEKSTRA stelt de volgende vragen inzake het reclamebord op de rotonde bij de BK-weg. 1. Wat heeft de gemeente doen besluiten om, als men als motorvoertuig bestuurder vanaf de Meent komt, nog voor een extra afleiding te zorgen? Namelijk een reclamebord met een opvallend rood hart en dan net bij die hoek waar men -omdat juist daar alléén men fietsers van links en rechts kan verwachten- toch al heel goed moet opletten. 1

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

2. Wil de gemeente a.u.b. het genoemde reclamebord weghalen? 3. Wil de gemeente toch ook nog even kijken of de andere reclameborden die voor een kruising of rotonde staan wel op een veilige plek staan? Wethouder JANSSEN merkt op dat de rotonde niet onveilig meer is en de aanpak daarvan heeft gezorgd voor meer verkeersveiligheid. M.b.t. de borden merkt hij op dat deze er al jaren -op 40 meter afstand van de rotonde- staan en dat dit een veilige plek is. Men ziet daarom ook geen enkele noodzaak deze of andere reclameborden weg te halen. Mevrouw HOEKSTRA zegt dat de rotonde als onveilig wordt waargenomen. De heer BRUIJNIKS stelt de volgende vragen inzake uitbreiding van de overdekte fietsenstalling: 1. Kan het college op basis van beschikbare gegevens aangeven of de capaciteit van de huidige fietsenstalling aan de Veerpromenade -vooral tijdens piekmomenten zoals marktdagen of koopavonden- voldoet aan de behoefte? 2. Is het college bereid om te onderzoeken of er behoefte is aan het vergroten van de capaciteit van de fietsenstalling? En hierbij nagaan of uitbreiding een optie is of een andere inrichting mogelijk is (een etage op de bestaande parkeerplekken)? 3. Zo ja, hoe hoog zijn de kosten en is er een budget beschikbaar? Zo nee, gaat het college de kosten van mogelijke uitbreidingen berekenen? 4.

Daarnaast vraagt men inzake de veiligheid of er meldingen en/of cijfers van diefstallen bij de fietsenstalling zijn Zo ja, kunnen die aan de raad medegedeeld worden? Wethouder JANSSEN zegt dat de overdekte fietsenstalling, samen met de tientallen fietsklemmen en andere plekken waar fietsen geparkeerd kunnen worden, voorziet in de parkeerbehoefte voor fietsen in het centrum. Omdat bezoekers fietsen in de overdekte fietsenstalling vaak niet in de hoge klemmen plaatsen, wordt de beschikbare ruimte niet maximaal benut. Ondanks het feit dat de fietsenstalling op marktdagen en zaterdagen zo goed als vol staat, is men van mening dat men -omdat er buiten nog plek is om te parkeren- hier de capaciteit niet op moet richten. Mocht uitbreiding in de toekomst wel noodzakelijk blijken kan men de wand 4 meter naar achter plaatsen, hetgeen 2 x 4 meter extra fietsenrek oplevert. Daarnaast zou men fietsen op 2 niveaus kunnen introduceren, de kosten die hiermee gemoeid zouden gaan liggen tussen de € 100.000, - en € 150.000, -. Op dit moment is het college van mening dat dit nu niet aan de orde is en hiervoor is ook geen budget gereserveerd. M.b.t. de veiligheid merkt de wethouder op dat de fietsenstalling behoorlijk veilig blijkt te zijn en dat er tot nu toe 2 elektrische steps zijn ontvreemd.

Na aangifte van diefstal kunnen de camerabeelden worden uitgelezen en kan een gestolen voertuig soms worden achterhaald. 2

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

Mevrouw KARSO stelt de volgende vragen inzake de cijfers van huishoudens in Papendrecht (8.2%) met problematisch schulden: Hoe duidt het college deze cijfers vanuit het CBS en wat gaat het college hieraan doen? Wethouder VAN ERK merkt op dat het college de stijging herkent, het aantal schulden is helaas verhoudingsgewijs (net als in de rest van Nederland) gestegen. Alles bij elkaar komen er meer mensen in aanmerking voor de schuldhulpverlening. Dit ziet men o.a. ook terug in de stijging van het aantal aanmeldingen. Hierbij ziet men wel dat de gemiddelde schuld waarmee men zich meldt in de afgelopen jaren aanzienlijk is afgenomen, hetgeen bevestigt dat men inwoners met schulden eerder in beeld heeft en dat het beleid werkt. M.b.t. de vraag wat het college gaat doen aan het voortijdig afhaken van inwoners die in aanmerking komen voor de schuldhulpverlening antwoordt de wethouder dat dit niet de bedoeling moet zijn. Omdat dit wel gebeurt heeft de SDD de afgelopen jaren ingezet op laagdrempelige schuldhulpverlening, op basis van stress sensitieve dienstverlening. Deze lijn wordt voortgezet in het beleidsplan schuldhulpverlening dat voor de zomer bij de raad ter besluitvorming wordt aangeboden. Afsluitend verwijst hij naar de beantwoording van de art. 40 vragen die de OP-fractie heeft gesteld over dit thema. Er zijn verder geen vragen. 06.

Ingekomen stukken en ter inzage gelegde stukken. Ter inzage gelegde stukken: I. het voorstel om de onder categorie I ingekomen stukken voor kennisgeving aan te nemen (de betreffende stukken zijn al als ingekomen stuk te boek gesteld en aan de orde geweest in de vergaderingen van de raadscommissies): de raad gaat hiermee akkoord. II. Het voorstel om de onder categorie II ingekomen stukken (die hierbij rechtstreeks te boek worden gesteld ten behoeve van de onderhavige vergadering van de gemeenteraad) als volgt te behandelen: II.A. De ingekomen stukken (afkomstig van derden) voor kennisgeving aan te nemen; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. II.B. De ingekomen stukken (afkomstig van derden) in handen te stellen van het college; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. II.C. De ter inzage gelegde stukken (afkomstig van het college van burgemeester en wethouders) voor kennisgeving aan te nemen; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. 3

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

II. D. de ingekomen stukken (afkomstig van het college) voor kennisgeving aan te nemen; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. II. E. De antwoorden (afkomstig van het college) op RvO ex art. 40 vragen voor kennis aan te nemen; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. Voor het overige zijn er geen bijzonderheden en wordt dit agendapunt afgesloten. HAMERSTUKKEN: 07.

Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad Papendrecht 2024 en Verordening op de Raadscommissies 2024. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.

08.

Protocol Openbaarheid en Geheimhouding. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.

09.

Strategische Visie. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. BESPREEKSTUKKEN:

10.

Belastingverordeningen 2025. De heer VERWEIJ merkt op dat de inwoners voor het voorscheiden van restafval een pluim verdienen en geen extra rekening. De logica bij de verhoging van de tarieven ontgaat velen. Minder dan de geraamde kg. afval bij gelijke uitgangspunten leidt tot een financieel nadeel, dus moeten de inwoners bijbetalen. Zijn fractie stelt voor dit de inwoners, gezien de goede resultaten van het restafval, 1 x niet aan te doen. Een argument om tegen deze tegemoetkoming te zijn is dat de verhoging voor 2026 heel groot wordt. Deze redenering klopt niet. Voor 2025 repareert het amendement dat zijn fractie indient het verschil tussen baten en kosten. In 2026 is het niet zo dat het geld dat nu uit de algemene reserve gebruikt wordt, in de tarieven van 2026 opgenomen moet gaan worden. Als de ramingen restafval nu wel juist zijn voor 2025, is het in 2026 mogelijk de nu in het raadsvoorstel voorgestelde verhoging door te voeren, omdat men dan niet weer geld uit de reserve moet halen. Bovendien is 9 november 2023 de motie 4

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

eerlijke en betaalbare afvalstoffenheffing aangenomen. Het kan dus zo uitpakken dat uit de gevraagde informatie volgt, dat het basistarief en de variabele tarieven anders berekend moeten worden, of dat het systeem aangepast moet worden. Tot slot merkt de heer VERWEIJ op dat in de toelichting staat, dat de inwoners in het nieuwe systeem voordeliger uit kunnen zijn. Het dictum van het ingediende amendement A10.01 Tarieven per ontgrendeling/lediging nu niet verhogen luidt als volgt: Besluit in bijlage 2 Verordening afvalstoffenheffing Decentrale Regelgeving en Officiële Publicaties het volgende te wijzigen: In de Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing Papendrecht 2025 in Artikel 5 Belastingtarief de volgende wijziging aan te brengen. 3. De belasting bedoeld als artikel 4, letter b. bedraagt per lediging van een: a. 140 liter minicontainer voor restafval € 3,50 b. 240 liter minicontainer voor restafval € 6,00 4. De belasting als bedoeld in artikel 4, letter c. bedraagt per ontgrendeling van een (boven- of ondergrondse) inzamelvoorziening voor restafval met afvalpas t.b.v. gebruik van een: a. 30 liter inworptrommel € 0,75 b. 60 liter inworptrommel € 1,50 5. In afwijking van leden 3. en 4. bedraagt het tarief als bedoeld artikel 4, letter d., € 39,00. Deze wijziging geldt alleen voor 2025. De dekking komt uit de algemene reserve.

De heer GRIMMIUS sluit zich aan bij de woordvoering van de heer Verweij, in euro’s zijn alle voordelen verdampt. Anderzijds valt dit, de inflatie meegerekend, wel mee. In aanvulling op het amendement -dat men zal steunen- wil de GLfractie het college verzoeken om het komende jaar te kijken welke andere mogelijkheden er zijn om de afvalstoffen(heffing) anders in te richten, zodat men in 2026 niet weer tot een verhoging komt. In andere gemeenten zijn er andere opties om de kosten te drukken/inkomsten verhogen. Mevrouw BOKMA zal het amendement namens haar fractie niet steunen, omdat de kosten 1 op 1 worden doorberekend aan de inwoners. Een eenmalige verlaging klinkt aantrekkelijk, maar zorgt ervoor dat de klap het jaar daarop nog erger wordt. Het is waar dat de verhoging van het kleptarief veel is, maar omgerekend komt dit neer op € 0,20 voor een kleine en € 0,40 cent voor een grote zak. Daarnaast is de VVD-fractie tegen het herhaaldelijk inzetten van de reserves voor eenmalige uitgaven, omdat men deze de komende jaren gezien alle toekomstige investeringen hard nodig heeft.

5

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

Mevrouw KARSO merkt op dat in de vorige raadsvergadering een motie is aangenomen om te onderzoeken hoe men de tarieven omlaag kan krijgen en houden. Het scheiden van afval moet wel lonen en dat doet het met de voorgestelde tarieven niet. Haar fractie zal dit amendement zeker steunen, 2025 is het jaar om te kijken of de gehanteerde werkwijze echt in het voordeel werkt van de inwoners, het klimaat en het milieu. Tot die tijd geen verhogingen voor inwoners die hun best hebben gedaan. De heer BEZEMER is namens zijn fractie uiteraard niet tegen het belonen van goed gedrag. De vraag is echter of dit amendement, met het oog op de kostendekkendheid, verstandig is. Het is ook de vraag of men hiermee voldoende heeft geborgd dat de genoemde verhoging er komende jaren alsnog niet komt. Zijn fractie is gerustgesteld door de portefeuillehouder die heeft toegezegd naar (verlaging van) de kosten te zullen kijken. Aansluitend kan men volgend jaar een besluit voor meerdere jaren nemen. Zijn fractie zal het amendement daarom niet steunen. Mevrouw VAN ES geeft aan dat de D66-fractie niet de gewoonte heeft dit soort zaken met eenmalige bedragen te compenseren. Toch vindt men dat in dit geval wel een goed idee. Wanneer men van bewoners een grote inspanning en een omslag in denken en handelen vraagt, vindt men het een goed idee om dit te belonen en de gelegenheid te geven om het erin te slijten.

Op het moment dat inwoners dit een jaar extra doen, is het zo’n gewoonte geworden en zal dit, wanneer er toch een tariefsverhoging komt, het goede opleveren voor het klimaat/milieu. Bij de beantwoording van de vragen heeft men de paradox gezien, dat hoe beter men scheidt en hoe minder zij de klep openen, hoe duurder dit per klepbeweging wordt. Dat is een probleem. Men roept het college daarom op te kijken naar andere mogelijkheden om de kosten van de hele afvalstroom te dekken. Bij andere gemeenten is het afval wegbrengen naar het ABS bv. een beperkt aantal keer gratis. Verder is haar fractie nieuwsgierig naar wat de evaluatie zal opleveren voor de eerlijke verdeling van de tarieven voor allerlei lasten voor eenpersoons-, tweepersoons- en meerpersoonshuishoudens, die altijd ten nadelen is van de eenpersoonshuishoudens. Men is van mening dat de toch al beperkte daling van de kosten voor eenpersoonshuishoudens niet verslechterd mag zijn t.o.v. 2023 vóór invoering hiervan. Men komt hier volgend jaar zeker op terug en steunt het amendement. De heer VAN DEN DOOL geeft aan dat zijn fractie dit amendement n.a.v. de begrotingsbehandeling en de nieuwe cijfers inzake de afvalinzameling mede heeft ingediend.

Ook zijn fractie is van mening dat de inwoners van Papendrecht heel goed bezig zijn geweest met het scheiden van afval, hetgeen heeft geresulteerd in een ongekend laag aantal kilo’s restafval per inwoner. In de vorige 6

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

vergadering is een motie aangenomen waarin werd gevraagd om nog eens goed te kijken op welke wijze de kosten van de afvalinzameling verlaagd kan worden. Zijn fractie hoopt en rekent erop dat dit resultaat zal hebben. Dit zijn 2 redenen om de tarieven nu niet te verhogen en de uitkomsten van dit onderzoek af te wachten. Ook de heer LAMMERS geeft aan dat zijn fractie dit amendement mede heeft ingediend. Men vindt het goed dat inwoners worden gestimuleerd om afval te scheiden, maar vindt ook dat men dit moet merken in de portemonnee en dat dit moet worden gewaardeerd. De heer BOERSMA zal namens zijn fractie instemmen met de belastingverordeningen en stemt tegen het amendement. Men vindt het onverstandig om een structurele stijging van de kosten eenmalig te dekken uit de algemene reserve en kijkt uit naar het debat over de belastingverordening 2026. EERSTE TERMIJN COLLEGE Wethouder VAN DER BORG merkt op dat hij bij de vorige bespreking reeds heeft aangegeven dit amendement, i.v.m. met de financiële consequenties, te zullen ontraden en zal dit nu weer doen. Hierbij wenst ook hij de raad in herinnering te brengen dat men uitgaat van kostendekkendheid van de tarieven.

De vraag van de D66 en GL-fractie of het college het komende jaar kan kijken welke andere mogelijkheden er zijn om de afvalstoffen(heffing) anders in te richten zal in lijn met de aangenomen motie van de PvdA worden meegenomen. TWEEDE TERMIJN De heer VERWEIJ respecteert de inbreng van de voor- en tegenstanders van het amendement. Hij begrijpt het tegenargument, maar merkt op dat men eenmalig wil afwijken om een deel van het belastinggeld hiervoor in te zetten. Stemming amendement A10.01 Tarieven per ontgrendeling/lediging nu niet verhogen. Met 15 stemmen voor en 7 stemmen (2 CU, 2 SGP en 3 VVD) tegen wordt het amendement aangenomen. Stemming voorstel belastingverordeningen 2025. Stemverklaring de heer BOERSMA: 7

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

Wij hebben tegen het amendement gestemd, maar zullen toch voor het voorstel stemmen. Met 22 stemmen voor wordt het geamendeerde voorstel van burgemeester en wethouders unaniem aangenomen. 11.

Vaststelling bestemmingsplan ‘Dijklint te Papendrecht’. De heer VAN HETEREN zal zich, in het kader van integer handelen en het waarborgen van het vertrouwen in deze raad, terugtrekken van de bespreking van en stemming over dit voorstel en zal zich terugtrekken uit de raadzaal. Op verzoek van de heer BOERSMA volgt er een korte schorsing (20.58 - 21.01 uur). De heer VERWEIJ geeft aan dat bij het in standhouden van het dijklint het belangrijkste punt het zichtbare, karakteristieke en beeldbepalende deel van de dijk is. In veel gevallen is de achterkant (benedendijks) niet eens zichtbaar vanaf de dijk; het beeld van het dijklint wordt niet aangetast door bepaalde bebouwing aan de achterkant die vanaf de dijk (grotendeels/helemaal) niet te zien is. Voor dergelijke bebouwingen denkt de PAB-fractie aan kleinschalig maatschappelijk bouwen (bv. mantelzorgwoningen voor ouders/kinderen). Ouders opnemen in huis is in deze tijd vaak ondoenlijk. Verder moeten de gebouwen lager zijn dan de dijkwoningen en moeten deze geen architectonische frivoliteiten uitstralen. Hierbij dient men eisen op te stellen m.b.t. de verhouding oppervlakte, groen en gebouw. Het bestemmingsplan dijklint is gestart om te voorkomen dat er nog meer gebouwd kan worden als Huys de Merwede en Tricht-Staete. Het ging om de dijkbebouwing en niet om wat daarachter ligt. D.m.v.

bijzondere welstand voorkomen dat er woningen gebouwd worden die niet passen bij de schaal en vormgeving van de bestaande dijkbebouwing. Instandhouden van de lintbebouwing, kenmerkend voor een dijkdorp. Het groen achter de huizen is vaak helemaal niet groen en soms staan er bijgebouwen staan. Verder is het duidelijk dat de gemeente over openbaar groen gaat. Daar hebben veel partijen een duidelijk standpunt over: niet bouwen in groen, niet in parken en niet boven A15. In dit geval gaat het over particulier groen en particuliere erven. Eeuwenlang hebben de dijkbewoners hun eigen invulling aan hun eigen grondgebied gegeven. Het PAB vindt het daarom ongewenst om de zeggenschap van de dijkbewoners over hun eigen grondgebied nog meer in te perken. Om deze redenen zal men de motie niet steunen. M.b.t. de ingediende motie merkt mevrouw VAN ES op dat het om 2 zaken gaat: men vindt dat de raad een zeer bewuste keuze moet maken over wel/geen nieuwe woningbouwprojecten aan het historisch dijklint. Daarnaast moet men zorgen dat de gemeente betrouwbaar is richting inwoners en zorgt dat besluiten 8

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

consequent zijn en niet het tegenovergestelde beweren. Bv. een omgevingsvisie die iets anders toelaat dan een omgevingsplan of daartoe behorende bestemmingsplannen. Men stelt het bestemmingsplan dijklint vast, dat zegt dat ‘alles blijft zoals het was, groene tuinen blijven groen en er is niet voorzien in woningbouwprojecten’. Eerder heeft de raad de omgevingsvisie vastgesteld, hierin staat: ‘onder voorwaarde mag het bouwen van woningen aan het dijklint wel.’ (Waarmee niet gezegd is dat dit ook in groene tuinen mag, maar dat terzijde.) Het college hoeft bouw tot 20 woningen niet aan de raad voor te leggen. Het amendement over bindend adviesrecht dat men vorig jaar heeft ingediend is weggestemd. De raad gaat over wat wel en niet mag aan het historisch dijklint. De juridische vertaling die dat vraagt is aan de uitvoerders van het raadsbesluit, het college. Om deze reden wil haar fractie de discussie wel over de inhoud laten gaan. De raad moet inhoudelijk besluiten wat groen/niet groen blijft en moet ervoor zorgen dat inwoners kunnen vertrouwen op wat zij in de besluiten lezen. Dat is nu niet zo. Zo met besluiten omgaan is slecht voor het vertrouwen in de gemeente en kan leiden tot ongenoegen, bezwaren en juridische procedures. Inhoudelijk hecht de D66-fractie aan het historisch dijklint, maar tegelijkertijd begrijpt men dat woningen bouwen belangrijk is.

Concreet ligt er op dit moment minimaal 1 aanvraag voor de bouw van 20 zorgwoningen, die via een stoep vanaf de dijk in een diepe groene tuin moeten komen. Op dijkniveau moet hiervoor een woning worden afgebroken. Uiteraard is het zo dat als de een iets mag afbreken, de ander dat ook mag en buren met diepe tuinen kunnen gaan samenwerken en een groter bouwproject aanbieden met een gezamenlijke stoep. Er is veel geld te verdienen voor bewoners met diepe tuinen en daar is niets mis mee. Waar het hier om gaat is wat men wil met het dijklint en het groen daaromheen, waar de dijkvisie een duidelijke uitspraak over heeft gedaan. Als men hiervan wil afwijken moet men dit bewust doen en moet men als raad zorgen dat de kaders bewust gekozen en bepaald worden en consequent worden vastgelegd. Het kan het karakter van het dijklint blijvend veranderen. Wil men dat wel of niet? Deze vraag moet men (eind maart 2025) vastleggen in de omgevingsvisie 2.0. De D66-fractie staat open voor een discussie op dat moment. Voor nu vraagt men deze motie te steunen. Het dictum van motie M11.01 Houd tuinen dijklint groen luidt als volgt: Verzoekt het college: Geen toestemming/vergunning te verlenen voor nieuwe ontwikkelingen in de tuinen aan het dijklint (uitgezonderd bijgebouwen en aanbouwen), tot ten minste het tijdstip waarop de omgevingsvisie 2.0 is vastgesteld.

De heer VAN DER GIESSEN zal instemmen met het voorstel. M.b.t. de intaketafel vraagt zijn fractie zich af wat de term ‘de ontwikkeling is wenselijk’ betekent. Op de motie zal men in de tweede termijn terugkomen. Wethouder JANSSEN geeft aan dat hij reeds eerder heeft aangegeven dat men nagaat of dit de juiste term die landelijk wordt gehanteerd- is. Deze term doet voorkomen dat men vindt dat 9

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

een bepaalde ontwikkeling dan maar moet kunnen. Wat men bedoelt is dat de intaketafel waar een initiatief binnen komt duidelijk maakt of iets volgens de beleidskaders zou kunnen passen. In de omgevingstafel zullen allerlei voorwaarden en adviezen die nog ingewonnen moeten worden uitgezocht worden. De heer SCHUIL merkt op dat de fractieleden die bewoner van het dijklint zijn, om de schijn van belangenverstrengeling te voorkomen, geen woordvoering zullen doen maar wel zullen stemmen. Het proces om te komen tot het bestemmingsplan heeft erg lang geduurd en het is daarom lastig om te volgen welke stappen er zijn gezet. Gelukkig ligt er nu een plan, dat beoogt om de omgeving van het dijklint te conserveren. Het dijklint heeft karakter en biedt een unieke bebouwing die behouden moet blijven. Anderzijds is er een geleidelijke ontwikkeling nodig om het gebied te kunnen laten functioneren. Dergelijke ontwikkelingen moeten dan wel passen in het karakter van het gebied. M.b.t. de motie geeft hij aan dat de gemeente de grens van het inperken van de mogelijkheden van de eigenaren van de tuinen al heeft opgezocht. In het huidige bestemmingsplan was een tabel opgenomen met het aantal vierkante meters dat bebouwd mocht worden. Deze tabel is nu vervallen. Nu valt men terug op het regime vergunningsvrij bouwen (minder dan voorheen).

De tuinen zijn opgedeeld in dichterbij en verder van de bebouwing aan het dijklint. Voor het eerste deel zijn de regels strikter geworden t.o.v. het oude bestemmingsplan. De motie die gaat over privé-eigendom vindt zijn fractie te ver gaan om hier uitspraken over te doen. Wel vraagt men het college een toezegging om de raad te consulteren alvorens er een besluit wordt genomen inzake specifieke ontwikkelingen op het voormalige terrein van de Commandeur. Dit omdat er verhalen over grootschalige bouwplannen aldaar de ronde doen. Wethouder JANSSEN geeft aan dat er is afgesproken dat men wanneer er sprake is van meer dan 20 woningen en bij twijfel terugkomt bij de raad. De heer LAMMERS merkt op dat in de dijkvisie o.a. het cultuurhistorische belang van het dijklint is vastgelegd. De regels in de geldende bestemmingsplannen en beheersverordeningen zijn niet gebaseerd op het beleid in de dijkvisie. Het vaststellen van het bestemmingsplan Dijklint is bevoegdheid van de raad. Bouwen in de tuinen van het dijklint behoort tot de mogelijkheden, maar tegelijkertijd wil de raad op enig moment grip houden op welke soort bebouwing in die tuinen zal worden gerealiseerd. Het dijklint is de cultuurhistorische ruggengraat van Papendrecht en ingrijpende veranderingen liggen gevoelig. Er zit spanning tussen actuele ontwikkelingen in de moderniteit en het behoud van het cultuurhistorisch erfgoed.

Omdat deze discussie nog niet ten volle heeft plaatsgevonden, is het verstandig nu nog geen onomkeerbare besluiten te nemen. Ook omdat de omgevingsvisie volgend jaar op de agenda van de raad komt en hierin kan worden 10

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

aangegeven wat wenselijk is m.b.t. het bouwen in tuinen van het dijklint. Om deze reden -en om alvast aan te geven dat zoveel mogelijk recht gedaan moet worden aan het authentieke karakter van het dijklint- heeft zijn fractie de motie mede ingediend. De heer BEZEMER is blij dat de gehele raad het karakteristieke karakter van het dijklint erkent. In de toelichting op het besluit staat dat het bestemmingsplan conserverend van aard is, hier staat zijn fractie achter. Het voorziet niet in grootschalige ontwikkelingen, men wenst dit wel nadrukkelijk bevestigd te krijgen. Verder merkt ook hij op dat kleinschalige activiteiten/bouwsels in het dijklint sinds jaar en dag gebruikelijk zijn en toegestaan mogen worden. Op dit punt lijkt de motie dus overbodig te zijn en vindt men wachten op omgevingsplan 2.0. niet zinvol. De heer BOERSMA voert het woord omdat de heer Goudriaan een dijkbewoner is. Omdat hij geen belang heeft bij dit raadsvoorstel zal hij wel meestemmen. Ook hij spreekt zijn waardering uit voor het dijklint, dat iedereen wil beschermen. Zijn fractie zal het voorstel steunen, dat conserverend van aard is, niet voorziet in nieuwe grootschalige ontwikkelingen en is gestoeld op de reeds vastgestelde dijkvisie en de in 2016 vastgestelde nota van uitgangspunten. Nieuwe ontwikkelingen aan de dijk zijn niet helemaal uitgesloten. De ingediende motie is opgesteld n.a.v.

een specifieke casus en stelt dat de raad in de huidige omgevingsvisie heeft nagelaten duidelijkheid te geven over of en hoe in tuinen van het dijklint gebouwd mag worden. Zijn fractie is echter van mening dat men met dit bestemmingsplan juist duidelijkheid schept, in de bouwregels art. 12 Tuin. staat dat bouwsels in tuinen worden gereguleerd. De motie gaat zijns inziens verder dan de vastgestelde regels. De motie verwijst ook naar de procedure m.b.t. de BOPA, dat een bevoegdheid van het college is wanneer de raad geen bindend adviesrecht heeft (aan het dijklint bij bouwprojecten van minder dan 20 woningen). Hierbij merkt hij op dat de wethouder diverse malen heeft aangegeven dat de raad bij grens- of twijfelgevallen altijd in positie zal worden gebracht. Zijn fractie gaat ervan uit dat de wethouder zich aan deze belofte zal houden. Men stemt tegen de motie. EERSTE TERMIJN COLLEGE Wethouder JANSSEN merkt op dat het bestemmingsplan inderdaad conserverend van aard is en dat het de bedoeling is om duidelijk te maken wat de uniforme regels voor de gehele dijk zijn. Dit maakt het makkelijker om dit pakket met bijzondere eisen, wensen en karakteristieken voor de dijk in het omgevingsplan voor heel Papendrecht te kunnen invoeren.

11

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

De motie roept het college -tot aan de vaststelling van de omgevingsvisie 2.0 (in maart 2025) - op geen medewerking te verlenen aan nieuwe initiatieven voor hoofdbebouwing in de tuinen achter het dijklint. Ondanks het feit dat men de strekking van de motie tot behoud van de ruimtelijke kwaliteit in het gebied van het dijklint begrijpt, zal men deze met klem ontraden. Ervanuit gaande dat het lastig blijft om te begrijpen geeft de wethouder een toelichting op het proces. Een initiatief kan binnenkomen met een omgevingsvergunningaanvraag, waarover binnen het huidige regime binnen 8 weken een besluit moet zijn genomen. Wettelijk gezien mag de gemeente niet wachten op beleid dat al dan niet wordt gewijzigd. In het tweede geval komt een initiatief (dit is in de meeste gevallen zo) in vooroverleg met de ambtenaren binnen. Hieraan zijn geen wettelijke termijnen verbonden, maar het vooroverleg kan niet onbeperkt worden aangehouden. Ook al zou men dit proces tijdelijk anders inrichten, kan men initiatieven niet afwijzen op een onzekere toekomstige beleidswijziging. Het verzoek voor de zorgwoningen aan de dijk is bij de intaketafel gepasseerd en conform afspraak gecommuniceerd met de raad. Hierbij is het eerste oordeel: wenselijk en onder allerlei nader in te vullen voorwaarden zou het mogelijk zijn passend binnen de geldende beleidskaders.

Een dergelijk eerste oordeel, dat het onder voorwaarden zou kunnen passen, schept verwachtingen. De initiatiefnemer gaat verder met het initiatief, maakt nadere kosten, laat verder onderzoek verrichten, etc. Als overheid zou het niet betrouwbaar zijn om tijdens de behandeling van een verzoek van het vastgestelde en gepubliceerde beleid af te wijken. Tenslotte wordt er in de motie gesteld dat de huidige Papendrechtse omgevingsvisie de mogelijkheid van afwijken biedt. De wethouder merkt op dat het hier geen afwijking betreft, maar een beleidslijn voor mogelijke uitbreiding aan de dijk d.m.v. stoepen en stegen. Op basis van diezelfde dijkvisie die zowel in de bestaande omgevingsvisie 1.0 en de nieuwe omgevingsvisie 2.0 is neergelegd. Die visies zijn een weerslag van de wijze waarop van oudsher de uitbreiding aan het dijklint wordt vormgegeven. Het college zal deze motie daarom ontraden. TWEEDE TERMIJN RAAD Mevrouw VAN ES vindt het jammer dat wanneer men spreekt over iets fundamenteels zoals het landelijke karakter van het cultuurhistorische dijklint, er veel technische, bureaucratische en juridische uitleg komt. Uiteraard moet het college hier rekening mee houden, maar dit is een gevolg van hetgeen de raad heeft aangegeven te willen met de openbare ruimte. De raad bepaalt wat men wil men de openbare ruimte.

Als er in tuinen gebouwd mag worden, staat men dan ook toe dat hiervoor op dijkniveau een woning mag worden afgebroken en meerdere inwoners kunnen samenwerken t.b.v. een groter project (een hele woonwijk)? Blijkbaar vindt het college 20 zorgwoningen niet grootschalig. De raad heeft hier in ieder geval niets meer over te zeggen. Men vindt het onduidelijk 12

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

voor inwoners wanneer iets wel/niet mag en wanneer iets groen moet blijven. Men moet de fundamentele discussie voeren over wat men met de dijk wil nog voeren. Men kan niet 1 plan om 20 zorgwoningen in een tuin te bouwen, waarbij een dijkwoning wordt afgebroken, goedkeuren en een andere ontwikkeling die daar juridisch op lijkt tegenhouden. Als de meerderheid van de raad bij de omgevingsvisie 2.0 bepaalt dat de hele dijk volgebouwd mag worden (in de dijkvisie stond dat dit niet de bedoeling was), moet men dit bewust doen. Denk goed na over de juridische toon die wordt gezet voor toekomstige projecten. Het is hierbij aan het college (en niet aan de raad) om dit juridisch goed te vertalen in de vast te stellen stukken. Het is in de democratie opzettelijk zo dat de raad een lekenbestuur is. Haar fractie begrijpt dat het college het proces niet mag vertragen, maar men vraagt zich wel af wie wist dat dit mogelijk was en de raad hier helemaal niet meer over gaat. De SGP-fractie heeft opgemerkt dat het college bij twijfel naar de raad zal komen, mevrouw VAN ES geeft echter aan dat er geen twijfel bestaat omdat het college bij 19 woningen niet naar de raad hoeft te komen.

Bij meer dan 20 woningen is dit wel het geval, maar wat is de situatie bij 20 woningen? Als het college wil dat zij de bevoegdheid hebben (zij hebben bindend adviesrecht voor de raad afgeraden), dan gaan zij er ook over. Haar fractie neemt geen verantwoordelijkheid wanneer de raad geen bevoegdheid heeft en zal hierover ook niet mee debatteren en stemmen. De heer VERWEIJ merkt op dat de motie niet spreekt over openbaar groen en dat dit de reden is de motie niet te zullen steunen en wacht op de omgevingsvisie 2.0. Mevrouw VAN ES is per interruptie verbaasd over het onderscheid tussen openbaar en privé groen, waarop de heer VERWEIJ aangeeft dat zijn fractie het te ver vindt gaan om eisen te stellen aan groen en tuinen die in eigendom van privé eigenaren zijn. Men ziet bv. niet graag dat inwoners tuinen volbouwen met tegels, maar hiervoor is geen algemene verordening opgesteld. Mevrouw VAN ES zegt dat haar fractie niet over privétuinen wil gaan, tenzij het gaat om zelfstandige woningbouw. De heer VERWEIJ heeft aangegeven hoe zijn fractie tegen het bebouwen aankijkt en wacht de omgevingsvisie af. Tot slot merkt hij op dat de stoepen horen bij de historie van de dijk en dat het een goede zaak is dat dit wordt hersteld. De heer VAN DER GIESSEN zal namens zijn fractie de motie om nieuwe ontwikkelingen on hold te zetten niet steunen, omdat dit in de praktijk niet haalbaar is.

Een ingediende omgevingsvergunning die voldoet aan het actuele beleid kan niet op basis van mogelijk toekomstig beleid worden geweigerd. De heer LAMMERS stelt voor alles bij de omgevingsvisie integraal mee te nemen en vraagt zich af wat de dringende reden is om nu al in te stemmen met het bestemmingsplan. Verder noemt ook hij de mogelijkheid onder het 13

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

bestemmingsplan van een viertal buren die besluiten elk 20 woningen in hun tuin te bouwen, hetgeen kan resulteren in een flatgebouw van 80 woningen. Welke instrumenten heeft de raad dan nog om hier iets tegenin te brengen? Het lijkt zijn fractie verstandig hier nog eens goed naar te kijken. De heer BOERSMA vraagt of de heer Lammers het (los van het feit dat een dergelijk voorstel niet aan de orde is) met hem eens is dat het college ook binnen de gelden BOPA-regels sowieso moet terugkomen naar de raad. De heer LAMMERS wacht eerst het antwoord van de portefeuillehouder af. De heer VERWEIJ merkt per interruptie op het voorbeeld van het flatgebouw op dat men bij de omgevingsvisie randvoorwaarden m.b.t. aantallen, oppervlakte, etc. kan opstellen. TWEEDE TERMJIN COLLEGE Wethouder JANSSEN geeft aan dat men in het onmogelijke geval van 80 woningen aan de dijk niet terugkomt voor raadpleging naar de raad. Het systeem is dat de omgevingswet bij bv. een BOPA het college bevoegd maakt, waarna het college de raad hierin kan betrekken. Mevrouw VAN ES maakt er per interruptie bezwaar tegen dat het wordt gebracht als een feit dat de raad hier niet over gaat. Men had hier met het bindend adviesrecht – waar men de discussie vorig jaar over heeft gevoerd en die is weggestemd- wel wat aan kunnen doen.

Wethouder JANSSEN geeft aan dat de omgevingswet zegt -dat heeft hij niet bepaald- dat wanneer het gaat om een BOPA het college bevoegd is. Daarnaast heeft men afgesproken dat men het bindend adviesrecht voor een aantal gevallen van toepassing verklaart. Mevrouw VAN ES merkt per interruptie op dat men dit wel had kunnen regelen vanaf een beperkt aantal woningen, maar dat men dit niet heeft gedaan. Op het voorstel van de heer Lammers om alles bij de omgevingsvisie integraal mee te nemen merkt wethouder JANSSEN op dat de regels m.b.t. het dijklint met de vaststelling van het bestemmingsplan duidelijk zijn. Dit maakt het makkelijker om voor 2030 1 omgevingsplan voor Papendrecht te maken. In dat geheel wordt dit pakket (niet de omgevingsvisie) meegenomen. Stemming raadsvoorstel vaststelling bestemmingsplan ‘Dijklint te Papendrecht’ Stemverklaring mevrouw VAN ES: Los van de motie zien wij niet dat het bestemmingsplan het grote probleem is, maar meer de omgevingsvisie. Dus wij stemmen voor het bestemmingsplan. Met 22 stemmen voor wordt het voorstel van burgemeester en wethouders unaniem aangenomen. Stemming motie M11.01 Houd tuinen dijklint groen. 14

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

Met 7 stemmen (1 GL, 1 PvdA, 1 D66, 4 OP) voor en 14 stemmen (2 CU, 2 SGP, 4 PAB, 3 CDA en 3 VVD) tegen wordt deze motie verworpen. (Schorsing 21.47 – 22.02 uur) 12.

Concernrapportage 2024. De VOORZITTER geeft aan dat de heer Van Heteren weer deelneemt aan de beraadslagingen en stemmingen. De heer VAN HETEREN geeft een toelichting op het ingediende amendement. Het dictum van amendement A12.01 Herbestemming budget jongerenfeest voor de ijsbaan luidt als volgt: Besluit: De Concernrapportage 2024 vast te stellen, met dien verstande dat het vrijgevallen budget van € 13.000, - oorspronkelijk bestemd voor het jongerenfeest, beschikbaar wordt gesteld aan de stichting achter de ijsbaan, met het doel om activiteiten te organiseren gericht op jongeren in de leeftijd van 16-24 jaar. De heer LAMMERS stemt in met de concernrapportage. M.b.t. pag. 13. Hoopt zijn fractie i.v.m. de leegstand van de plint in Den Briel dat deze binnenkort verhuurd zal worden. Wethouder JANSSEN merkt op dat de plint vanaf volgend jaar volledig verhuurd is. Verder vindt de OP-fractie de structureel hogere lasten voor de GR DG&J zorgelijk en merkt hij op dat de concernrapportage volgens zijn fractie pas zonder schaamrood op de kaken kan worden aangenomen als het amendement t.b.v. de ijsbaan wordt aangenomen. Het was een tegenvaller dat het jongerenfeest is geannuleerd, maar het is hartverwarmend dat er een enthousiaste groep vrijwilligers is die bereid is kleinschalige jongerenactiviteiten tijdens de feestdagen te organiseren.

De heer BOERSMA zal instemmen met de concernrapportage. M.b.t. het amendement was men geen voorstander van het jongerenfeest op oudjaarsavond. Zijn fractie vindt het een creatieve gedachte om het vrijgevallen budget in te zetten voor activiteiten rond de ijsbaan. Men vraagt zich af of het amendement, omdat dit bedrag nog niet formeel vrijvalt in deze concernrapportage, wel aangenomen kan worden. Alles afwegende neigt zijn fractie ernaar om het amendement niet te steunen. Wethouder VAN DER BORG merkt op dat het bedrag van € 13.000, - bij de concernrapportage betrokken kan worden. De heer BEZEMER zal namens zijn fractie instemmen met een positieve bijstelling van het begrotingsresultaat. In dit kader noemt hij wel het realistischer begroten en andere keuzes maken. Men zal ook instemmen met het aangepaste 15

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

investeringsprogramma, met de opmerking dat het jammer is dat niet alles uitgevoerd kon worden. Zijn fractie vraagt zich af of het amendement echt een alternatief biedt voor het oudejaarsfeest en merkt op dat men dit bedrag ook zou kunnen sparen om het feest volgend jaar wel mogelijk te maken. De heer VAN DEN DOOL is blij dat er een positief resultaat van bijna 3 miljoen wordt verwacht. Verder vindt zijn fractie het amendement een goed idee, omdat er wat voor de jongeren wordt georganiseerd dat tevens ten goede komt aan een bruisend centrum, de inwoners en ondernemers. Mevrouw BOKMA zal het raadsvoorstel namens haar fractie steunen, het resultaat ziet er voor 2024 (met dank aan de incidentele meevallers) goed uit. Wel is het zo dat men in de toekomst t.b.v. bezuinigingen nog pijnlijke besluiten zal moeten nemen. Tevens is men verheugd dat er minder externe inhuur nodig was, hetgeen hopelijk een teken is dat dit naar het landelijk gemiddelde zal dalen. Het amendement steunt men van harte, met veel waardering voor de vrijwilligers die de ijsbaan mogelijk maken. Mevrouw VAN WIJNGAARDEN merkt op dat haar fractie tegen de vuurwerkshow was, maar dat men t.b.v. het jongerenfeest en de handhaving voor het voorstel heeft gestemd. Om deze reden vindt men het teleurstellend dat het jongerenfeest niet doorgaat.

De vraag hierbij is op welk moment met de voorbereiding van het feest is begonnen en of er volgend jaar eerder kan worden begonnen met de rondgang langs eventuele locaties. Daarnaast vraagt men zich af of de locatie is afwezen op grond van veiligheid. Burgemeester VAN DRIEL geeft aan dat men direct na het zomerreces is gestart met het bezoeken van de locaties, waaronder de locatie van vorig jaar. In de RIB die men heeft ontvangen is reeds toegelicht waarom het feest hier niet mogelijk is. De afwijzing van de andere locaties heeft te maken met andere aspecten, waaronder het feit dat men het niet wilde, er beperkte ruimte was of de vrees voor geluidshinder. Volgend jaar zal men (i.s.m. andere gemeenten) kijken of men op een andere creatieve manier een oudejaarsfeest kan organiseren. M.b.t. het amendement, dat de PAB-fractie van harte zal steunen, pleit men ervoor dat de gemeente praktisch te werk gaat en de vrijwilligers van de ijsbaan en kleinschalige activiteiten voor de jeugd met deze bijdrage zal steunen. Tenslotte merkt zij op dat men ook zal instemmen met de concernrapportage. Mevrouw KARSO sluit zich, als mede-indiener van het amendement, aan bij de woorden van mevrouw Van Wijngaarden.

Haar fractie vindt het jammer dat er niet veel wordt georganiseerd voor jongeren en dat het jongerenfeest niet doorgaat en hoopt dat er alsnog wordt nagedacht over alternatieven voor de jaarwisseling. Men vindt het amendement, met dank aan de D66-fractie, een 16

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

goed alternatief voor het jongerenfeest om te feesten, ontmoeten en bewegen tijdens de feestdagen en vakantie. EERSTE TERMIJN COLLEGE Wethouder VAN DER BORG merkt m.b.t. het amendement op dat het college blij is met de inzet van een aantal ondernemers en vrijwilligers die zich inzetten voor de ijsbaan. Voor het advies m.b.t. het amendement laat het college het oordeel aan de raad. Hierbij merkt hij op dat het college in gesprek is geweest met de organisatie inzake de vergunning, veiligheid en ondersteuning van het evenement. Er is afgesproken dat de gemeente een fors aantal kaarten afneemt, met een max. garantstelling tot € 10.000, - en dat een aantal zaken (stroom en grondhuur) niet in rekening zal worden gebracht. In het amendement stelt men voor een aantal jongerenactiviteiten te organiseren, waarbij een aantal beperkingen gelden. Binnen de huidige evenementenvergunning ziet men mogelijkheden voor kleinschalige activiteiten, mits de hoofdactiviteit schaatsen blijft. Het type activiteiten dat hieronder valt is bv. de silent disco. Een dansfeest met DJ past hier bv. niet in. Voor activiteiten die niet binnen de vergunning passen is de tijd te kort om een nieuwe vergunning aan te vragen. Hierbij vraagt het college zich wel af of het wel mogelijk is om de gewenste activiteiten op deze korte termijn te organiseren.

Indien de activiteiten worden betaald uit dit budget dient men dit wel te beschouwen als reguliere subsidieaanvraag en dient te worden aangetoond hoe het bedrag is besteed. Dit betekent ook dat wanneer het organiseren van de activiteiten niet lukt, de gemeente de organisatie vraagt het geld terug te geven. TWEEDE TERMIJN RAAD De heer VAN HETEREN dankt voor de steun voor het amendement. Hij hoort dat het amendement technisch gezien mogelijk is en dat de hoofdactiviteit schaatsen moet zijn. Zelf heeft hij meermaals een silent disco gecombineerd met schaatsen bezocht. Verder heeft de organisatie zelf aangegeven dat men de kleinschalige activiteiten goed kan invullen. Uiteraard is de verantwoording van het budget achteraf logisch en mogelijk. Ook omdat er geen sprake is van winstoogmerk zal men het niet besteedde budget teruggeven. M.b.t. de vraag van de CU-fractie waarom men het budget niet zou sparen t.b.v. oud en nieuw volgend jaar verwijst hij naar de woordvoering van de burgemeester inzake de RIB, die duidelijk is over de beperking van de locaties in Papendrecht voor de komende jaren. Om deze reden stelt het amendement voor om als alternatief voor het feest tijdens de vakantie activiteiten voor jongeren te organiseren. Tenslotte is zijn fractie van mening dat men vooral praktisch te werk moet gaat. 17

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

De heer BOERSMA begrijpt dat de activiteiten meer lijken op een jongerenfeest tijdens de jaarwisseling. Omdat zijn fractie daar destijds tegen heeft gestemd, zal men dat nu ook doen. Wel spreekt hij de grote waardering uit voor de organisatie van de ijsbaan. De heer BEZEMER zal instemmen met het amendement. Mevrouw VAN WIJNGAARDEN merkt m.b.t. de opmerking van de wethouder, dat zaken toestaan die buiten de vergunning vallen de deur openzet voor anderen die dit ook willen, op dat er sprake is van een apart evenement, waarvoor diverse mensen hun nek hebben uitgestoken en roept het college op in deze zaak zo soepel mogelijk om te gaan met de aanvraag. Stemming amendement A12.01 Herbestemming budget jongerenfeest voor de ijsbaan. Met 20 stemmen voor en 2 stemmen (SGP) tegen wordt het amendement aangenomen. Stemming voorstel concernrapportage 2024. Met 22 stemmen voor wordt het voorstel van burgemeester en wethouders unaniem aangenomen. 13.

Moties vreemd aan de orde van de dag. De heer GRIMMIUS geeft een toelichting op de motie. Het dictum van motie M13.01. Openbaar sanitair is hoge nood luidt als volgt: Verzoekt het college/ spreekt uit dat:  In samenwerking met private partijen meer openbare en opengestelde toiletten te realiseren, waarbij toegankelijkheid voor eenieder een belangrijk aandachtspunt is, en deze locaties kenbaar en inzichtelijk te maken;  Daartoe te streven naar het voldoen aan de normen van de Toiletalliantie, zijnde: o Binnen de bebouwde kom: om de 500 meter een openbaar of opengesteld toilet op locaties waar meer dan 2.000 voetgangers per dag komen én in verblijfsgebieden als parken en recreatieterreinen. o Buiten de bebouwde kom: om de 25 km langs fietsroutes, om de 5 km langs wandelroutes én op elke parkeerplaats/Toeristisch Overstappunt (TOP) een openbaar of opengesteld toilet.  Daartoe ook te streven een Hoge Nood-licentie te behalen. De heer VERWEIJ merkt op dat zijn fractie in 2018 middels een oplegnotitie een poging heeft gewaagd om tot meer openbare toiletten te komen. Destijds hebben winkeliers i.v.m. het wangebruik van bezoekers besloten dit niet meer toe te 18

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

staan. Daarnaast heeft men in Nederland helaas te maken met veel vandalisme in de openbare ruimte. Zijn fractie vraagt zich af hoe men in dit kader de openbare toiletten in parken moet zien en hoeveel geld men ervoor over zou hebben om vandalisme tegen te gaan (d.m.v. bv. dure stalen cilinder toiletunits). Verder vraagt men zich af of men het bouwen van openbare toiletten buiten de bebouwde kom met omliggende gemeenten moet onderzoeken. Tenslotte vraagt de PAB-fractie zich af of er cijfers bekend zijn (van wildpoepen) die erop duiden dat openbare toiletten ertoe zouden bijdragen om dit drastisch te verminderen. Ook de heer GOUDRIAAN merkt op dat men de openbare toiletvoorziening in winkelcentrum Westpolder in 2018heeft besproken. Zijn fractie heeft een aantal vragen m.b.t. het budget, de schoonmaak- en onderhoudskosten en het voornemen van zijn fractie om alle raadsvoorstellen te bevragen op noodzakelijk en wenselijk. Tenslotte vraagt hij of de GL-fractie heeft overwogen om er een onderzoeksmotie van te maken waarin het college wordt opgeroepen om, rekening houdend met de 2e en 3e bullit, met een voorstel te komen. Zijn fractie wacht de reactie van het college af. De heer VAN HETEREN onderschrijft de onderbouwing m.b.t. de nut en noodzaak, maar worstelt met het financieringsvraagstuk en de beheer- en onderhoudskosten.

Andere gemeenten zijn hiervoor snel € 10.000, - tot € 100.000, - structureel per jaar kwijt, hetgeen de gemeente Papendrecht in de komende jaren niet kan dragen. De D66-fractie sluit zich aan bij het voorstel voor een onderzoeksmotie en stelt daarnaast voor om de locaties van de openbare toiletten op de gemeentelijke website te publiceren en de dienstverlening op die manier stap voor stap te verbeteren. Mevrouw VERSCHOOR zegt dat toiletten in de verschillende winkelcentra binnen Papendrecht begaanbaar zijn voor toiletbezoekers. Dit geldt ook voor de begraafplaats. Ook haar fractie noemt het kostenplaatje van schoonmaak en onderhoud van de gewenste openbare toiletten. De heer LAMMERS vindt dat de gemeente hier een verbeterslag op kan maken en noemt een artikel in het Contact waarin Papendrecht werd gehekeld als niet toiletvriendelijk en zich in de onderste regionen (260e van 343 gemeenten) bevindt. Dit is een serieuze zaak voor buik- en blaaspatiënten, ouderen, vrouwen en kinderen die vaker dan gemiddeld gebruik maken van het toilet. Die zijn er in de openbare ruimte te weinig. Daarnaast is ook maar 1 op de 3 toiletten toegankelijk voor gehandicapten. Zijn fractie vindt dat men een inhaalslag moet maken en kan zich voorstellen dat de gemeente het voorzien van openbare toiletten gaat zien als een gangbare taak. Het voorstel tot nader onderzoek zal 19

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

zijn fractie zeker steunen. Concreet denkt men aan het uitbreiden van de overdekte fietsenstalling en een openbare toiletgroep in gemeentelijk beheer. T.a.v. het genoemde vandalisme merkt de heer LAMMERS op dat de cijfers de laatste jaren gelukkig omlaaggaan. Zijn fractie zal de motie steunen en roept op de mogelijkheid, die Papendrecht en winkelcentrum De Meent een stuk aantrekkelijker zou maken, te onderzoeken. De heer STOUTHART vindt het een belangrijk onderwerp, maar heeft grote bedenkingen bij het voorstel om meer openbare toiletten te plaatsen m.n. in of bij parken en andere openbare ruimtes. Dit i.v.m. de reeds beschikbare en toegankelijke toiletten. Daarnaast wenst men de financiële kant te benadrukken, het toevoegen van meer openbare toiletten in bv. parken is niet alleen duur maar neemt ook de nodige onderhoud- en schoonmaakkosten mee. Als ander belangrijk punt noemt hij de veiligheid en de mogelijkheid tot onveilige situaties die kunnen leiden tot ongewenste situaties en gebruik. De VVD-fractie zal de motie niet steunen. Mevrouw STIGTER vindt het probleem van de openbare toiletten een serieus onderwerp. Haar fractie vindt de lage positie op de ranglijst onvoldoende motivatie om de motie onvoorwaardelijk te steunen.

Men vraagt zich af of er signalen van bewoners of bezoekers bekend zijn die dit probleem ervaren en geen gebruik kunnen maken van de beschikbare toiletten of van wildplassen en poepen. Daarnaast merkt zij op dat voor mensen met een aandoening die snel gebruik moeten maken van een toilet een hygiënische omgeving nodig is. Het gaat daarom niet alleen om een eenmalige investering voor het creëren van openbare toiletten, maar ook om structurele onderhoud- en schoonmaakkosten. Ook zij vraagt het college naar cijfers over wildplassen en poepen en haar mening over het plaatsen van openbare toiletten. Daarnaast vraagt men of het college andere mogelijkheden kan onderzoeken als oplossing voor mensen met hoge nood en de mogelijkheid om faciliteiten zichtbaar te maken.

EERSTE TERMIJN COLLEGE M.b.t. de motie geeft wethouder KOSTEN aan dat men een aantal gegevens heeft gecheckt. In 2018 heeft de gemeente in het kader van de nationale plasdag 3 locaties met toiletten (gemeentehuis, parkeergarage De Meent en nog 1) aangemeld bij de continentiestichting Nederland in Heemstede. Deze zijn echter niet meer terug te vinden. Daarnaast waren de toiletten van De Meent niet zichtbaar op de website Hoge Nood, deze heeft men vandaag – mede n.a.v. de motie- aangemeld. Ook zal men nog kijken hoe de overige toiletten (op het 20

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

gemeentehuis) goed aangeduid kunnen worden. Verder vindt het college dat de aangewezen plek om dit gesprek te voeren met ondernemers/eigenaren van winkelcentra is. Men is van mening dat de gemeente niet de rol heeft om dit te realiseren/financieren. Men is van mening dat dit onderwerp wel aandacht verdient, dat het gesprek met de ondernemers het middel hiervoor is en dat de gemeente deze inspanning graag zal leveren. De motie lijkt verder te gaan, het concrete streven kan een inspanningsverplichting zijn, maar deze suggereert meer. Om deze redenen zal het college de motie ontraden. Op de vraag van de CU-fractie of er cijfers zijn van wild poepen en plassen geeft de wethouder aan dat men vermoedt van niet. M.b.t. het onderzoeken van andere oplossingen merkt hij op dat dit begint met het constateren van het probleem, waarover men het met elkaar -ondanks de zorgen over bepaalde doelgroepen- nog niet eens is. Afsluitend merkt de wethouder op dat het belangrijk en mogelijk is om het huidige aanbod zichtbaar te maken. TWEEDE TERMIJN RAAD De heer GRIMMIUS is blij met de reactie van de partijen en de wethouder, die de bedoeling van de motie weergeeft. Men heeft niet de intentie om overal openbare toiletten te realiseren en er is onvoldoende duidelijk geworden dat men niet zoekt naar een resultaatverplichting.

Bij de eerste bullit, realiseren van openbaren en opengestelde toiletten had beter of dan en kunnen staan: kijken waar men meer toiletten beschikbaar kan maken. Niet zozeer openbare toiletten of toiletten geëxploiteerd door de gemeente, maar samen met private partijen kijken waar men meer toiletten beschikbaar kan maken. Men zou genegen zijn om dit aan te passen. Aan deze intentie hoeven geen kosten voor de gemeente verbonden te zijn. Voor wat betreft het streven zijn dit normen van de toiletalliantie, hierbij bedoelt men nadrukkelijk: ‘streef daarnaar, niet ‘haal die’. Verder geldt uiteraard het niet bouwen (van toiletten) in parken. De norm is een streven omdat men toegankelijker en gastvrijer moet zijn als gemeente. De heer VERWEIJ stelt per interruptie voor om de eerste bullit te veranderen in het meer beschikbaar maken van openbare toiletten en bij de tweede bullit i.p.v. streven na te gaan wat van het volgende lijstje eventueel mogelijk is. De heer GRIMMIUS kan zich daar in vinden en stelt voor de tekst te veranderen in ‘daartoe waar mogelijk te streven naar.’ Mevrouw VERSCHOOR vraagt of men bedoelt de reeds bestaande mogelijkheden openbaar te maken en niet het uitbreiden van openbare toiletten, waarop de heer GRIMMIUS aangeeft dat hij niet bedoelt de toiletten openbaar te maken, maar beschikbaar, inzichtelijk en kenbaar te maken.

Mevrouw VERSCHOOR vindt dat men met het in kaart brengen al een eind op weg is, waarop de heer 21

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

GRIMMIUS aangeeft dat dit inderdaad een deel van het dictum is om zich bij de Hoge Nood-app aan te sluiten. De heer STOUTHART vindt dat met de toezegging van de wethouder het resultaat van de motie al is bereikt, waarop de heer GRIMMIUS antwoordt dat hij niet per se een resultaat in gedachte heeft maar een streven. Een toezegging is fijn, maar hij heeft liever een motie om naar te verwijzen. De heer VAN HETEREN vindt dat de motie het aandachtspunt goed raakt, maar is het er mee eens dat bullit 2 en 3 te ver gaan. Hij stelt voor bullit 2 en 3 te verwijderen en een bullit m.b.t. communicatie inzake inzichtelijkheid toe te voegen. De heer GRIMMIUS merkt op dat het inzichtelijk maken al in het eerste punt staat. Verder is men zeker bereid naar de specifieke formulering van het dictum te kijken, dit kan men tijdens de schorsing bespreken. Er hoeft geen norm in het dictum te staan. M.b.t. de opmerking van de PAB-fractie inzake het wangebruik/vandalisme merkt de heer GRIMMIUS op dat hij niet direct pleit voor openbare toiletten. Inzake de overlast die wordt ervaren door wildplassen en poepen zegt de heer GRIMMIUS geen cijfers te hebben. Op de website van de toiletalliantie wordt echter wel aangegeven dat dit vaak gebeurt. M.b.t.

de opmerking inzake de bebouwde kom merkt de heer GRIMMIUS op dat Papendrecht (bijna) geen buiten de bebouwde komt heeft en dat men uiteraard niet bedoelt iets te realiseren wat niet op Papendrechts grondgebied is. N.a.v. de vraag van de SGP-fractie of het wenselijk en noodzakelijk is geeft de heer GRIMMIUS aan dat dit volgens zijn fractie zeker het geval is. M.b.t. het voorstel tot onderzoek merkt hij op dat dit ook geld kost en dat er al onderzoek al heeft plaatsgevonden, waarvan het resultaat een 3,7 is. Hij vraagt zich af of/wat een nieuw onderzoek voor nieuwe informatie zal opleveren en vindt dat dus niet nodig. De vraag van de CU-fractie of men inzicht heeft in het feit of inwoners er zelf last van hebben vindt hij een gevaarlijke vraag, omdat men niet moet onderschatten hoe lastig dit i.v.m. de factor schaamte is om in te schatten. Mevrouw STIGTER is het hier mee eens, maar weet ook dat mensen met een aandoening een pasje hebben waardoor ze gebruik mogen maken van toiletten die niet opengesteld zijn voor het publiek. Op haar vraag of er daadwerkelijk sprake is van een probleem antwoordt de heer GRIMMIUS dat men deze signalen inderdaad heeft ontvangen. Mevrouw HOEKSTRA merkt op dat mensen met een blaasontsteking geen pasje hebben, maar dat het voor hen wel wenselijk is om te weten waar zich een toegankelijk toilet bevindt.

De heer GOUDRIAAN zal tegen de huidige motie stemmen. 22

Verslag besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024

De heer VAN HETEREN zal een aangepaste motie steunen. De heer LAMMERS zal een aangepaste motie naar waar mogelijk steunen en vindt dat men ernaar moet streven om hoger op de ranglijst te komen. Verder merkt hij op dat er via de stichting Hoge Nood veel praktische informatie beschikbaar is die men zo kan overnemen en dat het streven is om het toiletgebruik beter te faciliteren voor degenen die dit nodig hebben en dat de gemeente hiervoor o.a. de openbare toiletten kenbaar kan maken. De heer STOUTHART zal de huidige motie niet steunen, maar een eventuele aangepaste motie wel. Ditzelfde geldt voor mevrouw STIGTER. Aansluitend wordt de vergadering van 23.15 tot 23.25 uur geschorst. De heer GRIMMIUS geeft aan dat het dictum van de motie is aangepast naar: Verzoekt het college/ spreekt uit dat:  In samenwerking met private partijen meer openbare of opengestelde toiletten streven te realiseren, waarbij toegankelijkheid voor eenieder een belangrijk aandachtspunt is,  deze locaties blijvend kenbaar en inzichtelijk te maken. Stemming motie M13.01. Openbaar sanitair is hoge nood Met 22 stemmen voor wordt de motie unaniem aangenomen. 14.

Sluiting. De VOORZITTER sluit de vergadering om 23.30 uur, onder dankzegging aan eenieder voor diens inbreng. Interim griffier,

De voorzitter,

De heer M. Hermans

Mevrouw M.J.M. van Driel

23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1035/documents/14677