CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

STREKT TER VERVANGING RV Zienswijze ontwerpbegrotingen gemeenschappelijke regelingen

Raadsvergadering Papendrecht 2 juli 2026, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 16: Raadsvoorstel Zienswijze ontwerpbegrotingen gemeenschappelijke regelingen16.023 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ombuigingsmaatregel 23 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Bemiddelen bij de poort

20/37

Inhoudelijke toelichting maatregel Wanneer een inwoner zich meldt voor een aanvraag levensonderhoud zit er een zekere vertraging in het proces. De medewerk aan de poort gaan aan de slag vanuit bestaanszekerheid en pas weken tot maanden later komt bemiddeling naar werk aan de orde. Sommige mensen kunnen echter veel sneller bemiddeld worden. Met deze maatregel kunnen poortmedewerkers bij het eerste gesprek direct bepalen of iemand bemiddelbaar is, zodat Bemiddeling meteen start en inwoners met arbeidskansen veel eerder richting werk gaan. Maatschappelijke impact Hoe langer een inwoner in de bijstand blijft, hoe groter de afstand tot de arbeidsmarkt. Uit onderzoek blijkt dat bemiddeling naar werk het meest succesvol is wanneer het binnen een jaar na aanvraag van de uitkering plaatsvindt. Langere periodes van inactiviteit kunnen leiden tot verlies van arbeidsmarktpotentieel. De maatschappelijke impact van uitstroom uit de bijstand is groot; het is goed voor de economie, arbeidsmarkt, kwaliteit van leven, druk op de zorg en veiligheid. Impact dienstverlening Dit heeft positief effect op de dienstverlening omdat inwoners sneller de juiste ondersteuning krijgen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De verwachte besparing is circa €219.000,- per jaar gebaseerd op = 6 weken bijstandsuitkering x 100 inwoners per jaar.

De voorinvestering betreft kosten voor het herinrichten proces, extra fte bemiddeling van €113.000,- (mogelijk te verschuiven van Ontwikkelen naar werk, naar bemiddeling). Voor Papendrecht is de verwachte besparing €17.000,-. Advies: Invoeren Langere periodes van inactiviteit kunnen leiden tot verlies van arbeidsmarktpotentieel. Hoe sneller bemiddeling start, hoe groter de kans op werk voor onze inwoners. Los van financiën is deze verbetering een logische en noodzakelijke ontwikkeling in de dienstverlening van de GR Sociaal. De verwachting besparing is redelijk substantieel.

Ombuigingsmaatregel 24 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Doorrekenen beleid niet uitkeringsgerechtigden (nuggers) in begroting

Inhoudelijke toelichting maatregel In het AB van 27 november 2025 is het besluit genomen om het instrumentarium van de Participatiewet uit te breiden naar een verschillende doelgroepen nuggers: kwetsbare jongvolwassenen (<27 jaar, wettelijk verplicht door wet van school naar duurzaam werk), UWV-doelgroepen en alle nuggers die zich in 2026 melden bij het regionaal Werkcentrum, waaronder statushouders. Daarbij is de opdracht gegeven dit eind 2026 te evalueren. Deze financieel technische maatregel houdt in dat de verwachte besparing op de BUIG ingeboekt wordt in de meerjarenbegroting. Maatschappelijke impact Geen. Impact dienstverlening Geen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Deze dienstverlening van nuggers wordt van ons gevraagd en verwacht door het Rijk. De besparingen zitten al verwerkt in de BUIG-middelen maar zijn lastig om te zetten in lokale opbrengsten. Het risico is dat we een te rooskleurig beeld voorspellen en te weinig BUIG middelen ontvangen om onze begroting in te vullen. Het verwachte maatschappelijke rendement voor samenleving geheel: ca €900K (MKBA-rapportage, waaronder toegevoegde waarde economie, belastingopbrengsten overheid en desinvestering onderwijs). Toch zouden we graag zien dat de GR Sociaal een poging doet dit om te zetten in een effect op onze

21/37

begroting.

Advies: Invoeren Het AB heeft al besloten de maatregel in te voeren. De besparingen zijn nog niet goed doorgerekend. Verzoek aan de GR Sociaal is om ook de financiële effecten door te berekenen en te verwerken in de P&C stukken.

Ombuigingsmaatregel 25 1. Opgave

Ontwikkelen naar werk

2. Maatregel

Stoppen met de ik-doe-mee-premie

Inhoudelijke toelichting maatregel De ik-doe-mee-premie is een bedrag van €250,- per jaar voor inwoners die onbetaalde activiteiten uitvoeren voor maatschappelijke organisaties. Hieronder vallen bijvoorbeeld vrijwilligerswerk, participatieplekken en bepaalde ontwikkelplekken. Voorwaarde is dat de inwoner doelgroep Participatiewet of nugger is en niet meer inkomen heeft dan 110% van het wettelijk sociaal minimum. Dit is bedoeld om inwoners de stimuleren om een actieve bijdrage aan de samenleving te leveren, en te activeren richting participatie en eventueel re-integratie. Maatschappelijke impact Er kan een verhoogd risico op uitval bij participatie- en ontwikkelplekken, zeker wanneer inwoners al vaker de premie ontvingen. Daarnaast is er minder stimulans om vrijwilligerswerk te gaan doen. In het kader van Participatiewet in balans (de herijking van de Participatiewet) zou het een tegendraadse beweging zijn om de ik-doe-mee-premie te stoppen. Daarin wordt juist gevraagd om beleid te maken op het organiseren van maatschappelijke participatie. Participatieplekken en ontwikkelplekken hebben hierin een essentiële rol. Voor een deel van de groeiende doelgroep is (onbetaalde) maatschappelijke participatie de enige manier om hen actief te krijgen. Ook draagt ‘meedoen’ bij aan zingeving, wat weer effect heeft op de gezondheid van kwetsbare inwoners.

Impact dienstverlening Inwoners die de premie al jaren ontvangen krijgen te maken een lager inkomen. Het betreft een kwetsbare groep die al langere tijd op een bestaansminimum zit. Dit werkt demotiverend. Nieuwe inwoners missen een stimulans om mee te gaan doen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De structurele besparing op Participatie is €143.000,- per jaar. Dit bedrag is gebaseerd op historisch gegevens (participatieplekken en vrijwilligerswerk) over voorgaande jaren en toevoeging van de nieuwe doelgroep (ontwikkelplekken). De begroting wordt hiermee verlaagd. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €11.000,-. Advies: Niet invoeren

-

De besparing is redelijk substantieel maar betreft een groep die kwetsbaar is en moeilijk te activeren. Zij zit al langere tijd op een bestaansminimum en bij uitval leidt dat voor deze mensen vaak tot eenzaamheid en hogere kosten op andere domeinen.

22/37

Ombuigingsmaatregel 26 1. Opgave

Ontwikkelen naar werk

2. Maatregel

Stoppen met subsidie aan Stichting MBO

Inhoudelijke toelichting maatregel De subsidie aan stichting MBO Drechtsteden wordt stopgezet. Deze organisatie heeft een netwerk- en platformfunctie voor werkgevers in de Drechtsteden. Maatschappelijke impact Het in stand houden van een actief werkgeversnetwerk dat sociaal ondernemerschap promoot, is in het belang van de GR Sociaal en deelnemende gemeenten. We zijn afhankelijk van werkgevers voor het plaatsen van (kwetsbare) inwoners. Stichting MBO inspireert, adviseert en faciliteert werkgevers. Om die reden is het partnerschap van de GRS met de stichting relevant, het schrappen van de subsidie schaadt de relatie. Daarnaast acht de GRS de kans groot dat Stichting MBO alsnog op andere manieren zal proberen om de subsidie te verzamelen bij de individuele gemeenten of aanpalende organisaties. Impact dienstverlening Mogelijk hebben we minder kansen op het vinden van werkplekken voor onze inwoners. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het betreft een jaarlijkse subsidie van €83.000,-. Bij stopzetten verlaagt dit de lasten Participatie.

Advies: Niet invoeren Uit het regionale overleg is het advies gekomen aan de GRS, om in te zetten op het goed laten renderen van deze subsidie. Werkgevers zijn immers een belangrijke partner in het domein van participatie en ontwikkelen naar werk. Als zij zich openstellen voor de doelgroep en waar nodig ook (enige) begeleiding bieden, heeft dat ook nog eens een kostenbesparend effect op hun begroting. Als ze GRS hierin niet slaagt, worden zij gevraagd de subsidie te beëindigen. Dit advies zou daarmee leiden tot de code 'oranje'. Afgelopen periode hebben we vanuit de gemeente verkend of wij zelf de St. MBO zouden gaan subsidiëren en we zijn voornemens dit te doen op basis van de goede berichten uit andere gemeenten. En om het netwerk van potentiële werkgevers in Papendrecht beter in stelling te brengen voor deze doelgroep. In dat licht adviseren wij daarom toch om deze maatregel op rood, Niet invoeren te zetten. Uiteindelijk zullen we wel afhankelijk zijn van de regio, aangezien daarin het meestal aantal stemmen telt.

Ombuigingsmaatregel 27 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Stoppen met het Regionaal Welkomstprogramma Inburgeraars

23/37

Inhoudelijke toelichting maatregel Het regionale welkomstprogramma voor inburgeraars wordt in de Drechtsteden bij iedere nieuwe inburgeraar ingezet. In het welkomstprogramma wordt algemene en lokale informatie gedeeld over inburgeringstrajecten, de rechten en plichten die bij de Wet inburgering 2021 (Wi2021) komen kijken, voorzieningen vanuit de Drechtsteden en andere informatie met betrekking tot oriëntatie op de arbeidsmarkt die inburgeraars nodig hebben om hun inburgeringstraject succesvol af te ronden. Bij deze Ombuigingsmaatregel wordt het welkomstprogramma stopgezet. Dit levert arbeidsuren op en daarmee verlaagt het de lasten. Maatschappelijke impact Wanneer het welkomstprogramma wordt stopgezet voor inburgeraars leidt dit tot onjuiste en onvolledige informatievoorziening voor inburgeraars. Inburgeraars die net nieuw zijn in de Drechtsteden, spreken de Nederlandse taal vaak nog slecht en zullen moeite hebben met het vinden van informatie. Zonder welkomstprogramma wordt dit bemoeilijkt en dat kan leiden tot afwezigheid bij taallessen, afspraken met de consulent en eventuele examens. Uiteindelijk leidt dit er mogelijk toe dat het inburgeringstraject niet binnen de wettelijke termijn succesvol wordt afgerond, wat vervolgens de stap naar betaald werk, naturalisatie en integratie in de Nederlandse samenleving belemmerd.

Impact dienstverlening De kwaliteit van dienstverlening aan inburgeraars verslechterd wanneer de informatievoorziening aan het begin onvoldoende is. Het inburgeringstraject loopt vertraging op wanneer de inburgeraar niet voldoende weet wat zijn rechten en plichten zijn en hier niet goed over wordt geïnformeerd. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De besparing van arbeidskosten komt uit op €38.000,- aan apparaatslasten. Het betreft vaste formatie dus dit leidt tot frictiekosten. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €3.000,-.

Advies: Niet invoeren Deze maatregel heeft een zeer klein financieel effect maar een groot maatschappelijk effect. Zonder is de kans groot dat processen minder soepel verlopen en het meer tijd kost voor de consulenten om deze groep naar werk te ontwikkelen waardoor zij langer in de bijstand blijven. De verwachting is dat dit netto geen of een heel beperkte besparing oplevert aangezien de doelgroep naar verwachting langer in de uitkering zal zitten.

24/37

Ombuigingsmaatregel 28 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Inzet WOP voor uitvoering participatiedeel van de Z-route

Inhoudelijke toelichting maatregel De uitvoering van het participatiedeel van de Z-route wordt momenteel op basis van aanbesteding uitgevoerd door een externe partij en beslaat minimaal inzet van 800 uur. Het participatiedeel is daarbij losgekoppeld van het taalaanbod van de Z-route. De invulling hiervan kent een overlap met het aanbod van het WOP voor de doelgroep statushouders. Wenselijk is om de uitvoering van het participatiedeel van de Zroute en de uitvoerende capaciteit van het Werk ontwikkelpunt (WOP) op termijn samen te voegen en formeel te beleggen bij het WOP. Maatschappelijke impact De deelnemers aan de Z-route kennen in principe een grote afstand tot de arbeidsmarkt en kennen een toeleiding naar participatieplekken, vrijwilligerswerk, ontwikkelplekken en betaald werk (ook via banenafspraak en beschut werk). Met de positionering van het WOP als uitvoerende partij van het participatiedeel van de Z-route wordt voor de deelnemers een duidelijke doorgaande lijn van toeleiding naar participatie en werk gecreëerd. De deelnemers krijgen dan minder te maken met verschillende uitvoerende organisaties. Impact dienstverlening Doordat de uitvoering wordt beperkt tot 1 partij waarbij een breed scala aan door- en uitstroom mogelijkheden wordt geboden, stijgt de kwaliteit van de dienstverlening voor de inwoners.

Daarnaast wordt hiermee nieuw arbeidspotentieel gegenereerd voor werkgevers in de regio. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De uitvoering van het participatiedeel van de Z-route wordt gefinancierd vanuit de SPUK Wet inburgering. Momenteel geldt hiervoor een trajectprijs van €3.750 per deelnemer gedurende het traject van 3 jaar. Per jaar gaat het om circa 250 deelnemers. De geschatte inzet is 2 fte benodigde formatie ad. €226.000,-. De jaarlijkse besparing Inkoop Z-route participatiedeel is €313.000,-, zijnde 250 deelnemers x 1/3 van €3.750 (bedrag is voor 3 jaar). Afgezet tegen de inzet participatiedeel in eigen beheer levert dit een besparing van jaarlijks €0,1 mln. De jaarlijkse besparing vanaf 2029 voor Papendrecht komt uit op ongeveer 9% wat gelijk zou staan aan €9.000,-, hoewel dit geen directe besparing in de begroting oplevert. Advies: Invoeren -

Als de GR Sociaal de Z-route zelf kan aan te bieden wordt per saldo dezelfde dienstverlening geboden, maar tegen een lager bedrag. Evenwel leidt dit niet tot directe besparing in de begroting omdat de kosten worden gedekt door de specifieke uitkering (SPUK) van het Rijk Tegelijkertijd ontstaat er wel ruimte om meer te doen op het onderwerp aangezien de kosten lager worden. Voorwaarde is wel dat deze uitbreiding van taken van het Z-route niet strijdig is met de toekomstige plannen van Drechtwerk.

25/37

Ombuigingsmaatregel 29 1. Opgave

ONW

2. Maatregel

Doortrekken Vroege Start

Inhoudelijke toelichting maatregel Met de openstelling van het AZC Dordrecht wordt het mogelijk om het inburgeringsproces al in het AZC te starten i.p.v. bij daadwerkelijke huisvesting in de Drechtsteden. Dit betekent dat er voorgefinancierd moet worden op inzet van uitvoerende formatie en een eerdere inzet van middelen uit de SPUK Wet inburgering. Anderzijds wordt met deze vroege inzet van inburgering tot het moment van huisvesting de kosten van de uitkering en de reiskosten tijdens het verblijf in het AZC bespaard. In het besluit van het AB in november 2025 voor de inzet op nuggers is een inzet op een pilot voor 75 statushouders financieel uitgewerkt. Gezien de capaciteit van het AZC (580 opvangplekken) is het wenselijk om de inzet op de Vroege Start door te trekken over de periode 2027 – 2030 met een gelijkblijvende extra instroom over de jaren 2027 en 2028. Maatschappelijke impact Statushouders die gekoppeld zijn aan de Drechtsteden kennen nu een verblijf van circa 2 jaar voordat huisvesting beschikbaar is. Door al op het AZC te starten met de inburgering (eventueel in combinatie met werk) wordt een nuttige dagbesteding geboden en worden ook risico’s van eventuele overlast voorkomen. Ook kan dit leiden tot een hogere slagingskans bij het voltooien van het inburgeringsproces.

Impact dienstverlening Door de inzet op de Vroege Start wordt zingeving geboden aan statushouders gedurende het verblijf in het AZC. Daarbij worden ook werkgevers betrokken bij de invulling van werk voor statushouders en heeft de aanpak ook een positief effect op de bewoners in de omgeving van het AZC. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Bij het doortrekken van de Vroege Start gaan wij uit van een extra inzet op 75 statushouders per jaar in 2027 en 2028. De financiële inzet voor de eerste tranche statushouders vanaf 2026 (en zoals uitgewerkt in het AB-besluit rond de inzet op nuggers) wordt in het bovenstaande financiële overzicht buiten beschouwing gelaten. De voorinvestering heeft daarbij betrekking op de benodigde uitvoerende capaciteit (Algemene uitkering) en inzet vanuit de SPUK Wet inburgering (staat financiering van het Rijk tegenover) terwijl de besparing op de lasten betrekking heeft op de verlaging van de uitkeringslasten en reiskosten. Ervan uitgaande dat de statushouder in het 4e jaar bemiddeld kan gaan worden richting werk. In het jaar van huisvesting (jaar 3) ontvangen de gemeenten per statushouder de SPUK Wet inburgering (voorinvestering wordt dan vanuit het Rijk vergoed).

Advies: terugsturen voor verbeterd voorstel. In het regionale overleg is geconstateerd dat het netto financieel effect voor de komende twee jaren negatief is. Toch wil men niet per definitie, niet akkoord gaan met dit voorstel. Maar de tijd is nu niet rijp om een gedegen oordeel te geven over dit voorstel. Wij vragen een financieel beter onderbouwd voorstel om later een besluit te kunnen nemen.

26/37

Ombuigingsmaatregel 30 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Scootmobiel als algemene voorziening verstrekken i.p.v. als maatwerkvoorziening

Inhoudelijke toelichting maatregel Een scootmobiel niet meer als maatwerkvoorziening verstrekken maar als een algemene voorziening. Hierdoor kan er een hogere eigen bijdrage gevraagd worden (artikel 2.1.4 lid 3 Wmo). Dit zorgt voor verhoging van de baten. Maatschappelijke impact Voor cliënten betekent deze maatregel dat ze meer moeten betalen aan eigen bijdrage voor een scootmobiel wat een grote impact heeft. Impact dienstverlening De voorziening blijft hetzelfde. Echter, er wordt een hogere bijdrage geheven over de voorziening. Dit doet niks af aan de kwaliteit van de voorziening. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De kostprijs van een scootmobiel is afhankelijk van het model. Er wordt gewerkt met twee modellen. Afhankelijk van het model kan een eigen bijdrage (EB) gevraagd worden. Voor model A wordt gerekend met een EB van €51,25 en voor model B een EB van €88. De hoogte van de eigen bijdrage is gebaseerd op de kostprijs van de scootmobielmodellen vanuit Contractmanagement. Momenteel zijn 1.520 mensen in bezit van scootmobiel A en 1.238 mensen in het bezit van scootmobiel B. Scootmobiel A = 1.520 * €51,25 = €77.900 * 12 maanden = €934.800 Scootmobiel B = 1.238 * €88 = €108.944 * 12 maanden = €1.307.328 Totaal = €2.242.128 Dergelijke wijziging kan gevolgen hebben voor de formatie en kan frictiekosten met zich meebrengen.

Tevens vraagt het inrichten van de uitvoering via een Algemene Voorziening een investering (kosten voor organisatie en innen EB). De besparing voor de gemeente wordt geschat op €274.000,- hoewel dit zonder de noodzakelijke voorinvestering en zonder eventueel compensatie voor minima is berekend. Advies: In principe invoeren maar eerst onderzoeken. Deze maatregel leidt tot een besparing bij de GR Sociaal, maar ook tot nog onbekende kosten bij de gemeente. Omdat er een EB wordt gevraagd willen we onderzoeken of een deel via het minimabeleid zou kunnen/ moeten worden gecompenseerd, voordat een definitief besluit wordt genomen. Verzoek aan de GR Sociaal is om samen met hen en de andere gemeenten te onderzoeken hoe deze voorziening ingericht kan worden, waarbij de GR Sociaal mogelijk een rol speelt in de uitvoering.

27/37

Ombuigingsmaatregel 31 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Invulling geven aan reablement binnen de huishoudelijke ondersteuning door middel van inzet ergotherapeut

Inhoudelijke toelichting maatregel Reablement is een persoonsgerichte aanpak die ouderen helpt hun zelfredzaamheid en autonomie te herstellen of behouden. Een manier om dit te bereiken is door direct na een melding een ergotherapeut in te zetten om beperkingen te compenseren met inzet van eigen kracht. Hierdoor kan voor een deel van de cliënten huishoudelijke ondersteuning worden voorkomen of lager worden geïndiceerd, wat besparingen oplevert. Maatschappelijke impact Inwoners verwachten huishoudelijke hulp, maar krijgen eerst ergotherapeutische ondersteuning gericht op zelfredzaamheid. Eerder reablement via Powerful Ageing is in april 2025 gestopt na politieke en publieke weerstand; een nieuwe aanpak vraagt daarom expliciet politiek draagvlak. Daarnaast wil het regeerakkoord huishoudelijke ondersteuning per 2029 schrappen uit de Wmo Impact dienstverlening De dienstverlening zal veranderen indien een ergotherapeut een deel van het onderzoek gaat doen nadat er een melding wordt gedaan voor huishoudelijke ondersteuning. Hierbij is van belang welk deel van het onderzoek wordt gedaan door de consulent en welk deel door de ergotherapeut en wie waar verantwoordelijk voor is. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing In de gemeente Vlissingen is een pilot uitgevoerd waarbij een ergotherapeut werd ingezet.

Dit heeft geleid tot minder of geen inzet van HO voor 68% van de doelgroep. De inzet vraagt wel een voorinvestering voor relatief dure ergotherapeuten. Verwachting is dat daardoor de ombuiging niet leidt tot een daadwerkelijke besparing. Advies: In principe niet invoeren. We onderkennen het belang om inwoners zo lang mogelijk zelf bepaalde huishoudelijke taken te laten uitvoeren. Niet alleen om financiële redenen. Ook omdat het gezondheidswinst, zelfredzaamheid en participatie oplevert. Aandachtspunt is wel de implementatie. De drie maatregelen moeten in samenhang bekeken worden. Inzet van herstelgerichte ondersteuning vraagt expliciet politiek draagvlak. Later in 2026 wordt de raad op alle drie de voorstellen expliciet geïnformeerd en gepolst of dit draagvlak bestaat, voor een van de voorstellen.

Ombuigingsmaatregel 32 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Invulling geven aan reablement binnen de huishoudelijke ondersteuning door middel van inzet huishoudcoach

Inhoudelijke toelichting maatregel Reablement is een persoonsgerichte aanpak die ouderen helpt hun zelfredzaamheid en autonomie te behouden of herstellen. Dit kan door inzet van een huishoudcoach: een speciaal opgeleide professional die samen met de inwoner bekijkt welke huishoudelijke beperkingen er zijn en hoe deze (deels) zelf kunnen worden opgelost volgens het principe ‘voordoen, samendoen, zelf doen’. Door deze inzet kan meer vanuit eigen kracht worden opgelost, waardoor minder of lagere indicaties voor huishoudelijke ondersteuning nodig zijn en besparingen ontstaan. Maatschappelijke impact Inwoners verwachten huishoudelijke ondersteuning, maar krijgen eerst begeleiding van een huishoudcoach gericht op het vergroten van zelfredzaamheid. Eerder is in de Drechtsteden gewerkt met reablement via Powerful Ageing, maar dit is in april 2025 beëindigd na politieke en publieke weerstand. Een nieuwe invulling van reablement vraagt daarom expliciet aandacht voor politiek draagvlak en nadrukkelijke instemming. Daarnaast staat in het regeerakkoord het voornemen om huishoudelijke ondersteuning per 2029 uit de Wmo te schrappen.

28/37

Impact dienstverlening De dienstverlening zal veranderen indien een huishoudcoach een deel van het onderzoek gaat doen nadat er een melding wordt gedaan voor huishoudelijke ondersteuning. Hierbij is van belang welk deel van het onderzoek wordt gedaan door de consulent en welk deel door de huishoudcoach en wie waar verantwoordelijk voor is. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing In de gemeente Kerkrade blijkt dat met inzet van een huishoudcoach 19% van de nieuwe instroom geen indicatie voor huishoudelijke ondersteuning ontvangt. Daarnaast heeft circa 66% van de nieuwe instroom minder uren nodig. De inzet van een huishoudcoach vraagt een voorinvestering. Op basis van een verwachte instroom van 424 nieuwe cliënten wordt ingeschat dat de inzet van een huishoudcoach een netto besparing van €193.482. Hierbij is gewerkt met aannames omdat de opbrengst bestaat uit een mix een aantal klanten dat geen tot minder ureninzet HO krijgt. Dit is lastig te kwantificeren. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €25.000,-. Advies: onderzoeken. We onderkennen het belang om inwoners zo lang mogelijk zelf bepaalde huishoudelijke taken te laten uitvoeren. Niet alleen om financiële redenen. Ook omdat dit gezondheidswinst, zelfredzaamheid en participatie oplevert. Aandachtspunt is wel de implementatie.

De drie maatregelen moeten in samenhang bekeken worden. Inzet van herstelgerichte ondersteuning vraagt expliciet politiek draagvlak. Later in 2026 wordt de raad op alle drie de voorstellen expliciet geïnformeerd en gepolst of dit draagvlak bestaat, voor een van de voorstellen.

Ombuigingsmaatregel 33 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Invulling geven aan reablement door middel van Powerful Ageing binnen de huishoudelijke ondersteuning

Inhoudelijke toelichting maatregel Reablement is een persoonsgerichte aanpak die ouderen ondersteunt bij het behouden of verbeteren van hun zelfredzaamheid en autonomie. Een mogelijke invulling hiervan is Powerful Ageing, een beweegprogramma dat fysieke kracht, mobiliteit en zelfstandigheid versterkt. Door Powerful Ageing binnen de huishoudelijke ondersteuning in te zetten, kunnen inwoners meer vanuit eigen kracht functioneren, waardoor minder of lagere indicaties nodig zijn. Zij gaan – indien geschikt bevonden door een professionele fysiotherapeut, trainen om hun algehele spierkracht en conditie weer te verbeteren. Dit levert niet alleen kostenbesparing op door minder inzet HO, maar ook brede gezondheidswinst voor de klant. Maatschappelijke impact In de Drechtsteden is Powerful Ageing al eerder uitgeprobeerd. Echter, nadat Powerful Ageing vorig jaar op veel weerstand gestuit is (zowel in de media als in de regionale politiek) is dit in april 2025 gestopt. Hernieuwde inzet zal alleen plaatsvinden met nadrukkelijke instemming van de gemeenteraad. Impact dienstverlening Herinvoering van Powerful Ageing zal invloed hebben op de dienstverlening van de SDD. Het onderzoek wat door HRC (het bedrijf achter het programma Powerful Ageing) gedaan wordt om te beoordelen of iemand trainbaar is, kunnen cliënten wel als belastend ervaren.

Hierbij moeten zij namelijk enkele eenvoudige oefeningen doen zodat beoordeeld kan worden of zij trainbaar zijn. Een belangrijk onderdeel van Powerful Ageing is dat het tevens bijdraagt aan positieve gezondheid. De explosieve spierkracht van mensen wordt namelijk vergroot, waardoor zij op alle vlakken van het leven beter in staat zijn om te participeren en wellicht weer dingen kunnen doen waar zij eerder niet(meer) toe in staat waren. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De cijfers rondom de inzet van Powerful Ageing waren reeds opgenomen in de Begroting 2026 – 2029. De cijfers zijn hieruit overgenomen. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €36.000,-.

29/37

Advies: Onderzoeken. We onderkennen het belang om inwoners zo lang mogelijk zelf bepaalde huishoudelijke taken te laten uitvoeren. Niet alleen om financiële redenen. Ook omdat dit gezondheidswinst, zelfredzaamheid en participatie oplevert. Aandachtspunt is wel de implementatie, zeker gezien het verloop van de eerdere pilot en het stopzetten ervan. De drie maatregelen moeten in samenhang bekeken worden. Inzet van herstelgerichte ondersteuning vraagt expliciet politiek draagvlak. Later in 2026 wordt de raad op alle drie de voorstellen expliciet geïnformeerd en gepolst of dit draagvlak bestaat, voor een van de voorstellen.

Ombuigingsmaatregel 34 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Maximaliseren gebruik technologie/ slimme woninginrichting bij huishoudelijke ondersteuning

Inhoudelijke toelichting maatregel De inzet van technologie en een slimme woninginrichting kan helpen dure arbeidstijd te besparen, doordat we werken met een bandbreedtemodel. Dit laat ruimte om de toegekende tijd om de week in te zetten (efficiënter). De vloer is vaak belemmering om week over te slaan. Een robotstofzuiger of een vloerswiffer kan dan een optie zijn en tijdbesparend werken. Maatschappelijke impact Deze maatregel moet zorgen voor minder hoge urenindicaties voor huishoudelijke ondersteuning. Indien compensatie plaatsvindt door gebruik van bijvoorbeeld een robotstofzuiger, dan blijft er sprake van een schoon en leefbaar huis zoals de wet vereist. Alhoewel de bedoeling van huishoudelijke ondersteuning vanuit de Wmo niet is om vereenzaming tegen te gaan, zou deze maatregel ervoor kunnen zorgen dat cliënten niet elke week iemand over de vloer krijgen. Impact dienstverlening De kwaliteit van de dienstverlening zal weinig veranderen. De inzet wordt alleen op een andere manier gedaan, via technologie en/of een slimme woninginrichting. Daarnaast geldt dat veel ouderen bepaalde apparaten/technologie wat spannend vinden. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De totale brutobesparing wordt geraamd op €151.700 per jaar.

Daartegenover staat een voorinvestering van €32.800 voor de aanschaf van technologie (zoals robotstofzuigers) voor de betreffende cliënten. Na aftrek van deze investering resteert een netto besparing van €118.900. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €16.000,-.

Advies: Invoeren De maatregel om slimme oplossingen in te zetten en het aantal uren in te zetten capaciteit te verminderen zijn wij voorstander van. Het zal initieel mogelijk wennen zijn, maar het doet niets af aan het doel van HO: een schoon huis. De oplossingen kunnen juist ook door de inwoner vaker gebruikt worden, zonder dat het inspanning oplevert.

Ombuigingsmaatregel 35 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Afspraken maken met woningcorporaties over woningaanpassingen die ten dienste komen van het gehele complex

30/37

Inhoudelijke toelichting maatregel In sommige gevallen kunnen woningaanpassingen waarde verhogend werkend. Buiten het feit dat zij compensatie bieden voor beperkingen, leveren zij (indien permanent) de eigenaar van de woning ook een financieel voordeel op (bijvoorbeeld bij verkoop, aanpassing hypotheekrente of voor de verhuurder wanneer een nieuwe huurder de woning betrekt). Het is niet onlogisch om de eigenaar van de woning te laten bijdragen aan de kosten van deze woningaanpassing. Hiervoor kunnen afspraken gemaakt worden met woningcorporaties. Maatschappelijke impact Deze maatregel zal invloed hebben woningcorporaties. Van hen wordt immers verwacht om een bijdrage te leveren aan de kosten van een voorziening die hun pand verrijkt. Impact dienstverlening Aan de dienstverlening zal weinig veranderen. Het enige dat verandert, is dat de corporatie een bijdrage levert aan woningaanpassingen die hun pand verrijkt. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Op basis van een aantal aannames over het aantal doelgroepgebouwen en benodigde deurautomaten wordt de verwachte besparing geraamd op regionaal €555.000,-. Dit bedrag volgt uit de eenmalige vervanging van deurautomaten in de betreffende complexen. Het is juridisch niet afdwingbaar om corporaties hieraan te laten bijdragen, daarom vraagt dit aparte afspraken.

Daarnaast is het van belang om te onderzoeken welke complexen reeds beschikken over automatische deurautomaten. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €39.000,-. Advies: Invoeren De maatregel komt ten goede aan alle inwoners van bepaalde wooncomplexen met afnemende mobiliteit. De belangrijkste winst is dat we duurzaam en toekomstbestendig te werk gaan (de indicatie is niet meer leidend maar de woning). Dit vraagt wel om in gesprek te gaan met de woningcorporatie want dit is niet afdwingbaar.

Ombuigingsmaatregel 36 1. Opgave

Zorgen voor ondersteuning

2. Maatregel

Arbeidsmatige en ontwikkelgerichte dagbesteding gedeeltelijk vervangen door participatieplekken

Inhoudelijke toelichting maatregel Vanuit de Wmo kan een cliënt in aanmerking komen voor dagbesteding als deze door beperkingen of omstandigheden niet zelfstandig (of met hulp van het netwerk) sociale activiteiten kan organiseren, deskundige ondersteuning nodig heeft tijdens dagbesteding, of wanneer dit nodig is om overbelasting van mantelzorgers te voorkomen. De maatwerkvoorziening die voorziet in het hebben van dagstructuur in de vorm van dagbesteding, waaronder ook arbeidsmatig, arbeidsmatig intensief en ontwikkelingsgericht. Waar het gaat om cliënten met een indicatie voor arbeidsmatige en ontwikkelgerichte dagbesteding zou dit (gedeeltelijk) vervangen kunnen worden door participatieplekken. Een participatieplek is een onbetaalde werkervaringsplek voor mensen die (tijdelijk) niet aan het werk komen, bedoeld om structuur, sociale contacten en werkervaring op te doen. De doelgroep overlapt elkaar in dit opzicht soms. De kosten voor een participatieplek zijn lager dan de kosten voor een dagbestedingsplek vanuit de Wmo. Om die reden zorgt dit voor een ombuiging in de kosten van maatwerkvoorzieningen. Er zal wel een verschuiving van kosten optreden richting de participatieplekken. Maatschappelijke impact De maatschappelijke impact van deze maatregel is laag voor inwoners die zich voor het eerst melden.

Echter als inwoners al op een plek zitten en mogelijk moeten switchen van plek of locatie is dit spannender en daarvoor zal de impact groter zijn. Impact dienstverlening Een consulent onderzoekt samen met de collega van Ontwikkelen naar Werk (Onw)wat de best passende plek is. Dit is individueel maatwerk. Als de plek bij een participatievoorziening (beschut of participatieplek) kan liggen, zal dit proces worden overgedragen naar de collega’s van OnW. Mogelijk is ook een arbeidsdeskundig onderzoek vanuit het AOC nodig. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Om de besparing inzichtelijk te maken is een vergelijking gemaakt tussen participatietrajecten en dagbesteding (arbeidsmatig en ontwikkelgericht). De mogelijke besparing komt regionaal uit op €55.000,-. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €6.000,-

31/37

Advies: Invoeren Dit is een kansrijke maatregel, hoewel maatwerk daarbij centraal moet staan. Daarbij zouden we deze maatregel alleen invoeren voor nieuwe instroom.

Ombuigingsmaatregel 37 1. Opgave

Zorgen voor ondersteuning

2. Maatregel

Wasservice als algemene voorziening inrichten

Inhoudelijke toelichting maatregel Op dit moment wordt de wasservice voor huishoudelijke ondersteuning vanuit de Wmo uitgevoerd door Drechtwerk/Werkvisie de Hoop in de vorm van een maatwerkvoorziening. Dit is nu een maatwerkvoorziening, voor mensen met een indicatie HO. Door de wasservice als algemene voorziening te positioneren kan er een hogere eigen bijdrage gevraagd worden. Daarnaast biedt het inrichten van een wasservice als algemene voorziening de mogelijkheid om een bredere doelgroep te bedienen die zelf niet wil of kan wassen. Neveneffect is dat dit nieuwe marktmogelijkheden biedt in de doorontwikkeling van Drechtwerk als ontwikkelbedrijf en extra kansen voor werkzoekenden met afstand tot de arbeidsmarkt. Maatschappelijke impact Doordat er een hogere eigen bijdrage gevraagd wordt, zal deze maatregel grote gevolgen hebben voor inwoners die nu al een indicatie hebben voor de wasservice. Impact dienstverlening De toegang zal plaatsvinden d.m.v. een lichte toets en niet de toets die verbonden is aan geïndiceerde maatwerkondersteuning. Dit zorgt mogelijk voor een uitbreiding van de doelgroep. Bovendien moet een eigen bijdragesysteem worden ingericht voor het innen van de eigen bijdrage. Dit moet ofwel door gemeenten worden ingericht ofwel door de aanbieder van de wasservice. In het laatste geval zal een component administratiekosten in het tarief moeten worden verwerkt.

Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De eigen bijdrage wordt geschat op €5. Uitgaande van 50 weken per jaar leidt dit tot een besparing van €91.250,Voor Papendrecht is de verwachte besparing €12.000,Advies: Invoeren maar eerst onderzoeken. We onderzoeken graag met de GR Sociaal en andere gemeenten, of dit een haalbare maatregel is. Dit vraagt net als bij de scootmobielen vooraf een investering om de algemene voorziening op te zetten. Vraag is of de kosten opwegen tegen de inkomsten van de wasservice. Ook moet bezien worden of de capaciteit van de huidige waslocaties voldoende is. Deze inschatting kunnen we eind 2026 maken.

Ombuigingsmaatregel 38 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Pgb tarief voor ondersteuners uit het netwerk baseren op het minimumloon

Inhoudelijke toelichting maatregel De Centrale Raad van Beroep (CRvB) heeft uitgesproken dat het pgb tarief voor ondersteuners vanuit het netwerk (weer) gebaseerd mag worden op het minimumloon in plaats van op de cao. Op basis hiervan mogen gemeenten juridisch gezien de tarieven voor ondersteuners uit het sociaal netwerk (dus niet via formele zorgaanbieders) naar beneden brengen. Dit zorgt voor minder kosten die betaald worden uit pgb’s

32/37

aan ondersteuners vanuit het sociale netwerk. In de verordening moet staan wat de berekeningsmethodiek is van de pgb tarieven. Om deze maatregel door te voeren, moeten de verordeningen aangepast worden. Maatschappelijke impact Voor inwoners die ondersteuning krijgen van iemand vanuit het sociale netwerk heeft dit grote gevolgen. Hun ondersteuners kunnen door deze maatregel namelijk een lager uurtarief declareren. Dit kan ertoe leiden dat de ondersteuner uit het netwerk minder gaat helpen, dat de cliënt uurtarief uit eigen zak moet bijpassen doordat een lager Wmo-tarief geldt of dat de ondersteuner genoegen moet nemen met een lager uurtarief. Impact dienstverlening Zoals hierboven uiteengezet, kan deze maatregel ervoor zorgen dat een ondersteuner vanuit het netwerk minder ondersteuning gaat bieden of dat de cliënt zelf moet bijleggen. Dit kan wel degelijk zorgen voor een verslechtering van de situatie van kwetsbare cliënten. De SDD blijft hierbij verantwoordelijk voor de kwaliteit van ondersteuning, ook indien sprake is van een Pgb. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Op basis van het aantal verwachte klanten en het verschil tussen het huidige PGB-tarief en een lager tarief wanneer cliënten begeleiding of huishoudelijke ondersteuning inkopen binnen hun sociale netwerk, ontstaat een besparing van regionaal jaarlijks circa €156.000,-.

Voor Papendrecht is de verwachte besparing €6.000,Advies: Niet invoeren Jurisprudentie laat zien dat we kunnen terugkeren naar het minimumloon, voor ondersteuners uit het netwerk. Regionaal lijken de meeste gemeenten voor deze maatregel te zijn. Lokaal stellen wij hem niet voor. De verwachting besparing is gering terwijl het effect groot kan zijn. Vanuit onze Samenlevingsvisie zetten wij ook juist in op hulp uit het netwerk en samenredzaamheid. Deze maatregel past hier niet bij. Bij aanpassing van de verordening Wmo eind 2025 is ook door de raad meegeven dat het Pgb toereikend moet zijn. Bij de besprekingen over de wijzigingen van de Rdah bleek dit punt expliciet van belang voor de raad. Als u deze maatregel alsnog wilt doorvoeren, dan vragen wij u dit expliciet kenbaar te maken.

-

Het niet invoeren van de maatregel afwijkend van andere gemeenten, is voor de uitvoering geen probleem.

Ombuigingsmaatregel 39 1. Opgave

Zorgen voor ondersteuning

2. Maatregel

Deelscootmobiel/scootmobielpool als algemene voorziening in het leven roepen

Inhoudelijke toelichting maatregel Meerdere gemeenten in Nederland hebben een scootmobielpool in het leven geroepen. Met deze voorziening kunnen mensen met een mobiliteitsbeperking een scootmobiel lenen of huren en worden er dus geen scootmobielen op individuele basis verstrekt. Inwoners krijgen toegang tot een scootmobiel waar meerdere mensen gebruik van kunnen maken. In totaal worden zo minder scootmobielen verstrekt en hoeft er voor minder scootmobielen onderhoud en reparatie plaats te vinden. Anderzijds moeten hierbij wel scootmobielen ingezet worden waar zoveel mogelijk mensen gebruik van kunnen maken. Hierdoor zijn dit duurdere scootmobielen. Maatschappelijke impact De impact hiervan is afhankelijk van het besluit of de deelscootmobiel wordt ingezet bij nieuwe cliënten of ook bij bestaande cliënten. Als cliënten hun individuele scootmobiel moeten inleveren en daarvoor in de plaats een deelvariant komt, dan zal dit veel maatschappelijke impact hebben. Indien de deelvariant wordt ingezet bij nieuwe cliënten dan zal de impact lager zijn. Impact dienstverlening Cliënten zullen een deelvariant van een scootmobiel minder positief ervaren dan een scootmobiel die zij voor zichzelf hebben. Zoals hierboven reeds uiteengezet is, zal de impact afhangen van het besluit of de deelscootmobiel wordt ingezet bij nieuwe cliënten of ook bij bestaande cliënten.

33/37

Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Een eerste globale inschatting wijst op een besparing van circa €10.000,- per jaar. In de verdere uitwerking kan verder worden gekeken naar besparingen door lagere stallings-, reparatie- en onderhoudskosten. Voorgesteld wordt om te starten met een pilot (GR Sociaal wil graag in drie gemeenten starten) waarbij per complex een verhouding van 1/3 wordt gehanteerd. Advies: Invoeren Dit is voor de toekomst de meest toekomstbestendige en ook duurzame oplossing. Het leidt tot minder aanvragen voor een individuele scootmobiel. Bijkomend voordeel is dat stallingsproblematiek (gebrek aan ruimte en veiligheid van stallen) minder wordt. Wel zijn we ons bewust dat de nettobesparing lager zal zijn om we als gemeente op termijn een dekkend netwerk te realiseren.

-

Deze maatregel is ook onderdeel van onze Actieagenda Wonen en Zorg voor Senioren.

Ombuigingsmaatregel 40 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Huishoudelijke ondersteuning gebiedsgericht inrichten

3. Opgavemanager

Linda Vonk

Inhoudelijke toelichting maatregel Gebiedsgerichte inrichting van huishoudelijke ondersteuning zou efficiencywinst kunnen opleveren in verband met reistijd, planbaarheid en combinatiemogelijkheden met andere vormen van zorg en ondersteuning. De besparing hierbij is minimaal, want 1 huishoudelijke hulp kan niet meer dan 2 á 3 adressen per dag doen. Maatschappelijke impact Uit het wachtlijstenonderzoek is naar voren gekomen dat cliënten er veel waarde aan hechten om een zorgaanbieder uit te kiezen. Verder is het bestuurlijk uitgangspunt in deze regio ook dat inwoners identiteitsgebonden ondersteuning belangrijk vinden en in belangrijke mate bepalend laten zijn bij hun keuze voor een aanbieder. Indien de huishoudelijke ondersteuning gebiedsgericht wordt ingericht, dan zou dit een beperkingen van de keuzevrijheid voor een bepaalde zorgaanbieder kunnen betekenen. Impact dienstverlening Zoals hierboven reeds uiteengezet, is gebleken dat klanten waarde hechten aan de keuzevrijheid voor een zorgaanbieder. Deze keuzevrijheid zal veranderen na deze maatregel. De inhoud van de ondersteuning an sich zal niet veranderen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Deze is vooraf niet in te schatten.

Advies: maatregel eerst onderzoeken Er is geen indicatie te geven van de besparing. Daarnaast hechten inwoners vaak aan hun keuzevrijheid, hoewel afwijken hiervan wel kan zorgen voor meer efficiency. Enkele andere gemeenten geven aan dat zij een pilot willen doen. Advies is om dit af te wachten en eerst te zien wat de opbrengst van de maatregel zou zijn. Zowel qua keuzevrijheid als qua efficiency.

Ombuigingsmaatregel 41 1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

(Meer) gebruik maken van het regresrecht (artikel 2.4.3 Wmo)

34/37

Inhoudelijke toelichting maatregel Op basis van artikel 2.4.3 lid 1 Wmo 2015 hebben gemeenten Wmo-regresrecht. Het Wmo-regresrecht houdt in dat een gemeente de kosten van een Wmo-maatwerkvoorziening kan verhalen op een aansprakelijke derde die verantwoordelijk is voor de schade van de inwoner. Dit speelt bijvoorbeeld bij letselschade door een ongeval waarvoor een verzekerde partij aansprakelijk is. Het regresrecht voorkomt dat publieke middelen worden ingezet terwijl een private partij juridisch gehouden is de schade te vergoeden. Het regresrecht stelt gemeenten in staat om financiële compensatie te verkrijgen voor de gemaakte kosten, zodat de last niet volledig op de gemeente rust. (Meer) gebruik maken van het Wmo regresrecht zorgt voor het verhogen van inkomsten. Maatschappelijke impact Cliënten ondervinden hier weinig tot geen gevolgen van. Zij krijgen ‘gewoon’ de maatwerkvoorziening via de Wmo die noodzakelijk is zodat hij of zij op een aanvaardbare wijze zelfredzaamheid is/kan participeren. De kosten hiervan worden echter achteraf verhaald op de aansprakelijkheidsverzekeraar van de wederpartij. Impact dienstverlening Hier zal het nauwelijks invloed op hebben, omdat het verhalen van kosten op de aansprakelijkheidsverzekeraar van de wederpartij eigenlijk buiten de cliënt omgaat.

Voor dit proces geldt dat de SDD samen met het JKC het onderzoek doet naar de mogelijkheid en kansrijkheid van de regreszaak. Het is vervolgens aan de gemeente om opdracht te geven voor het starten van civiele procedure. Dit heeft te maken met de regels rondom de “advocaat in dienstbetrekking”, waardoor de SDD niet bevoegd is de advocaten van de SGD in te zetten. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De opbrengsten die hieruit voortvloeien, zijn volledig afhankelijk van het aantal cliënten die ten gevolge van een ongeluk (waarvoor een andere aansprakelijk is) beperkt zijn geraakt en Wmo maatwerkvoorzieningen nodig hebben. Het zullen daarom ook geen vaste baten per jaar zijn.

Advies: maatregel overnemen Wanneer derden aansprakelijk zijn voor het veroorzaken van kosten dan is het verhalen van kosten voor Wmo-voorzieningen rechtmatig en voor de hand liggend indien dit kansrijk is. Dit gebeurt nu niet consequent.

35/37

Ombuigingsmaatregel 42 Zorgen voor Ondersteuning 1. Opgave 2. Maatregel

Nieuw planningssysteem Stroomlijn

Inhoudelijke toelichting maatregel Door personeelstekorten bij planners en chauffeurs is de druk op het Wmo‑vervoer sterk toegenomen. Daarom wordt een geautomatiseerd ritplanningssysteem ingevoerd. Deze kan ritten efficiënter inplannen waardoor er minder lege plekken in busjes zijn en inwoners sneller aan de beurt zijn. Maatschappelijke impact De bussen worden efficiënter ingezet wat zorgt voor besparing van de kosten. Inwoners zitten wel langer in de bus vanwege meer gecombineerde ritten maar zijn tegelijkertijd wel eerder aan de beurt door slim plannen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing: De investering wordt gedaan in 2027. De besparing is jaarlijks €500.000,- vanaf 2027. De verwachte besparing voor Papendrecht is €61.000,1. Opgave

Zorgen voor Ondersteuning

2. Maatregel

Intensiveren van Wmo toezicht

Inhoudelijke toelichting maatregel Steeds meer gemeenten richten gespecialiseerde teams in voor toezicht op zorgaanbieders, gericht op rechtmatigheid en naleving van contracten. Onderzoek laat zien dat onrechtmatigheden regelmatig voorkomen, waardoor gemeenten onterecht te veel betalen. De VNG stimuleert sinds 2025 de professionalisering van het Wmo-toezicht, met nadruk op een integrale aanpak. Door het toezicht op Wmo-maatwerkvoorzieningen te versterken en te integreren, kunnen gemeenten op termijn meer onrechtmatige betalingen terugvorderen én toekomstige onrechtmatigheden voorkomen. Het bestrijden van zorgfraude is een belangrijk thema voor de gemeente. Via een voorstel aan het AB is dit plan als onderdeel van te nemen maatregelen, al goedgekeurd op 28 mei 2026. Maatschappelijke impact Door deze maatregel kunnen: publieke middelen efficiënter gebruikt worden; kwetsbare inwoners beschermd worden; het vertrouwen in het zorgstelsel en de overheid vergroot worden. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing: De versterking van het Wmo-toezicht vraagt een gerichte investering. Voor structurele intensivering zijn minimaal 2 fte toezichthouders nodig. Om snel een professionaliseringsslag te maken, wordt aanvullend ingezet op 2 fte tijdelijke ervaren integrale toezichthouders (voor 2 jaar) en 0,5 fte kwartiermaker (voor minimaal 1 jaar).

Omdat werving van vaste medewerkers naar verwachting tijd kost, wordt voorgesteld om te starten met 4 fte externe inhuur. De kosten gaan vooraf aan de baten. Toezichtsonderzoeken kennen een lange doorlooptijd en het toezichtteam moet eerst worden opgebouwd. Landelijk onderzoek laat zien dat een deel van het Wmo-budget onrechtmatig wordt besteed. Voor de GR Sociaal (ca. €90 miljoen Wmo-uitgaven in 2025) wordt daarom conservatief gerekend met 3% potentiële opbrengst, waarvan 1% directe besparing en 2% preventief effect. De opbrengsten in de eerste jaren vallen hierdoor lager uit. Ondanks de voorinvestering is voor Papendrecht de verwachte besparing €64.000,Advies: maatregel is al ingezet Het AB heeft al besloten de maatregel in te voeren. De verwachte besparingen zijn substantieel. En fraude mag niet lonen. Daarnaast verwachten we dat het een preventieve uitwerking heeft.

36/37

Advies: maatregel is al ingezet Stroomlijn is al bezig met de implementatie.

Ombuigingsmaatregel 43

37/37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1235/documents/18221