Strekt ter vervanging paragraaf lokale heffingen.pdf
Tekst van het document
Strekt ter vervanging: Paragraaf lokale heffingen – Heffingen woonlasten (lokale lastendruk) In de begroting 2025 is per abuis een onjuiste tabel gemiddelde woonlasten in de paragraaf lokale heffingen (pag. 142 en 143) opgenomen. In de berekeningen voor de gemiddelde woonlasten in 2025 is rekening gehouden met 125 kilo restafval per persoon. Dit is de omvang voor 2024. Op basis van de juiste gegevens van HVC is de nieuwe berekening van het tarief van de afvalstoffenheffing over 2025 bijgesteld naar 80 kilogram per persoon en het aantal klepbewegingen gemiddeld van 25 keer naar 16 keer per persoon bijgesteld. In de verordening van de afvalstoffenheffing is hiermee reeds rekening gehouden. Het is goed om de paragraaf Lokale Heffingen in de primaire begroting 2025 met deze strekt ter vervanging aan te vullen. De wijzigingen zijn geel gemarkeerd. OUD Tot de lokale woonlasten worden gerekend de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Deze heffingen bepalen het leeuwendeel van de gemeentelijke opbrengsten en bepalen daarmee ook grotendeels de lokale lastendruk. In onderstaande tabellen worden de ontwikkeling van gemiddelde WOZ-waarde (= de basis voor het berekenen van de OZB-aanslag) <van alle woningen samen en die van koopwoningen> en de woonlasten gemiddelde huishoudens in euro’s weergegeven over de laatste vier jaren.
Hier zijn voor de afvalstoffen- en de rioolheffing de gemiddelden opgenomen. De gemiddelde woonlast OZB is berekend door de gemiddelde WOZ-waarde te vermenigvuldigen met het geldende tariefpercentage. De gemiddelde woonlast OZB is berekend door de gemiddelde WOZ-waarde te vermenigvuldigen met het geldende tariefpercentage. Voor de afvalstoffenheffing is het gemiddelde van de drie basistarieven voor afvalstoffenheffing gebruikt met de aanname dat per jaar 25 keer de container wordt ontgrendeld. Hiermee wordt het gemiddelde van de gemiddelde tarieven berekend. Voor de rioolheffing is het geldende tarief voor 2025 gebruikt. Ook zijn de woonlasten opgenomen voor huurders. Huurders betalen geen OZB en rioolheffing eigenaar. In de kolom 2025 zijn de gevolgen van de belastingvoorstellen verwerkt.
Eigenaren-bewoners met woningenmet eengemiddelde WOZ-waarde 2021 2022 2023 Gemiddelde WOZ-waarde 258.000 278.000 324.000 OZB-eigenaar 274,77 349,44 375,19 Afvalstoffenheffing 327,00 354,00 367,00 Rioolheffing eigenaar 158,00 161,00 165,00 Ontwikkelinglastendruk 760 864 907 %stijgingt.o.v. vorigjaar 13,8% 4,9%
2024 334.000 379,42 406,92 169,00 955 5,3%
2025 347.360 410,38 462,33 174,00 1.047 9,6%
2024 406,92 407 10,9%
2025 462,33 462 13,6%
Huurders Afvalstoffenheffing Ontwikkelinglastendruk %stijgingt.o.v. vorigjaar
2021 327,00 327
2022 354,00 354 8,3%
2023 367,00 367 3,7%
Uit bovenstaande tabel blijkt dat de gemiddelde woonlasten in Papendrecht in 2024 tussen de 9,6% en 13,6% zullen stijgen ten opzichte van het jaar ervoor. Ten aanzien van de OZB blijven we binnen de hierover gemaakte afspraken. De stijging van de afvalstoffenheffing kent een autonome uitkomst, als gevolg van het bestaand beleid. De Nederlandse gemiddelden per gemeente zijn uiteraard voor 2025 nog niet bekend.
NIEUW Heffingen woonlasten (lokale lastendruk) Tot de lokale woonlasten worden gerekend de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Deze heffingen bepalen het leeuwendeel van de gemeentelijke opbrengsten en bepalen daarmee ook grotendeels de lokale lastendruk. In onderstaande tabellen worden de ontwikkeling van gemiddelde WOZ-waarde (= de basis voor het berekenen van de OZB-aanslag) <van alle woningen samen en die van koopwoningen> en de woonlasten gemiddelde huishoudens in euro’s weergegeven over de laatste vier jaren. Hier zijn voor de afvalstoffen- en de rioolheffing de gemiddelden opgenomen. De gemiddelde woonlast OZB is berekend door de gemiddelde WOZ-waarde te vermenigvuldigen met het geldende tariefpercentage. De gemiddelde woonlast OZB is berekend door de gemiddelde WOZ-waarde te vermenigvuldigen met het geldende tariefpercentage. Voor de afvalstoffenheffing is het gemiddelde van de drie basistarieven voor afvalstoffenheffing gebruikt met de aanname dat per jaar 16 keer de container wordt ontgrendeld. Hiermee wordt het gemiddelde van de gemiddelde tarieven berekend. Voor de rioolheffing is het geldende tarief voor 2025 gebruikt. Ook zijn de woonlasten opgenomen voor huurders. Huurders betalen geen OZB en rioolheffing eigenaar. In de kolom 2025 zijn de gevolgen van de belastingvoorstellen verwerkt.
Eigenaren-bewoners met woningenmet eengemiddelde WOZ-waarde 2021 2022 2023 2024 Gemiddelde WOZ-waarde 258.000 278.000 324.000 334.000 OZB-eigenaar 274,77 349,44 375,19 379,42 Afvalstoffenheffing 327,00 354,00 367,00 406,92 Rioolheffing eigenaar 158,00 161,00 165,00 169,00 Ontwikkelinglastendruk 760 864 907 955 %stijging t.o.v. vorig jaar 13,8% 4,9% 5,3%
2025 347.360 410,38 417,25 174,00 1.002 4,8%
Huurders Afvalstoffenheffing Ontwikkelinglastendruk %stijgingt.o.v. vorigjaar
2021 327,00 327
2022 354,00 354 8,3%
2023 367,00 367 3,7%
2024 406,92 407 10,9%
2025 417,25 417 2,5%
Uit bovenstaande tabel blijkt dat de gemiddelde woonlasten in Papendrecht in 2024 tussen de 2,5% en 4,8% zullen stijgen ten opzichte van het jaar ervoor. Ten aanzien van de OZB blijven we binnen de hierover gemaakte afspraken. De stijging van de afvalstoffenheffing kent een autonome uitkomst, als gevolg van het bestaand beleid. De Nederlandse gemiddelden per gemeente zijn uiteraard voor 2025 nog niet bekend.