CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Overdrachtsdossiers raad.pdf

Beeldvormende bijeenkomst Papendrecht 7 mei 2026, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 4: Presentatie over intentieverklaring tussen de gemeente en De Rivierendriesprong29.878 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Ambtelijk opdrachtgever: niet van toepassing Betrokken medewerker(s): Handhavingsjurist en Toezichthouder team VVTH en projectleider GROV Bijlagen : Bijlage 1. Tijdlijn ondernomen acties door VVTH

9.6.2 Rembrandtlaan 1 – Bij de Centrale Onderwerp: Herontwikkeling Rembrandtlaan 1 en 1a naar appartementengebouw. Inhoud: Dit betreft een particulier initiatief waarbij het bestaande bedrijfspand (voormalige opel garage) op de hoek Rembrandtlaan-Jan Steenlaan wordt herontwikkeld tot een appartementengebouw van maximaal 82 appartementen. Op 2 juli 2024 heeft het college besloten om de intentieovereenkomst aan te gaan om de woningbouwontwikkeling te onderzoeken. De stedenbouwkundige verkaveling van 28 maart 2024 is verder uitgewerkt tot het huidig plan van 30 september 2025. In deze periode heeft de initiatiefnemer invulling gegeven aan participatie en hiervoor meerdere participatiebijeenkomsten georganiseerd. Om de herontwikkeling mogelijk te maken is een wijziging van het planologisch kader noodzakelijk. Op 29 oktober 2025 heeft de initiatiefnemer een aanvraag Omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) ingediend. Dit betreft de 1e BOPA fase waarmee een planologisch basisbesluit kan worden genomen. De aanvraag Omgevingsvergunning wordt ter vaststelling voorgelegd aan de raad. Eerder genomen besluiten/RIB: Collegebesluit IOK op 2 juli 2024 Planning / actietermijn: De BOPA 1e fase is ingediend. Randvoorwaarden: De gemeente uitgangspunten voor deze woningbouwontwikkeling zijn verwerkt in het plan van 30 september 2025.

Betrokken Team: GROV: begeleiding project VVTH: behandeling aanvraag omgevingsvergunning, begeleiding inrichting werkplaats, bouwtoezicht BOR: aanleg openbare ruimte 83

Overdrachtsdossiers 2026-2029

Relevante financiële informatie: Het kostenverhaal is verzekerd in de Intentieovereenkomst en Anterieure overeenkomst. Teams voor behandeling dossier: GROV is het trekkende team voor dit dossier, het projectmanagement is hier georganiseerd. Bestuurlijk opdrachtgever: Wethouder (portefeuillehouder) Ambtelijk opdrachtgever: Teamleider GROV Betrokken medewerker(s): Projectmanager iPM

9.7

Vastgoed- en accommodatiebeleid

Onderwerp: ontwikkeling en voortgang Inhoud: Op 28 september 2023 is het Vastgoed- en Accommodatiebeleid vastgesteld. In de vaststelling is als prioriteit 1 uit het eindrapport de realisatie van een sporthal en de ruggengraat van het cultuurcluster, een nieuwe multifunctionele accommodatie (MFA) in het ruimtelijke programma van het gebied Van der Palmstraat opgenomen. De sporthal wordt gekoppeld aan de nieuwbouwplannen van de VO-school Willem de Zwijgercollege. Inmiddels zijn hiervoor projecten gestart en is de ontwikkeling in volle gang. De bewustwording is op bestuurlijk en ambtelijk niveau rondom vastgoed en grondzaken groter geworden én veranderd: waarom hebben wij bepaald vastgoed, met welk doel wordt dit ingezet? Willen wij grond actief aankopen? Waarom wel? Waarom niet? Wat willen wij bereiken met ons maatschappelijk vastgoed/grondposities? Hoe willen wij ons eigendom verduurzamen en vergroenen? Hoe verhoudt maatschappelijk vastgoed (stenen) zich tot beschikbare grond? Doordat een strategisch beleidskader op vastgoed en grondbeleid ontbreekt kan hier onvoldoende op worden gestuurd. Een professionaliseringsslag is daarom dringend gewenst. Op 1 maart 2025 is de bestuursopdracht 'Toekomstbestendig vastgoed' vastgesteld.

Een extern adviesbureau is gecontracteerd om gemeente Papendrecht te ondersteunen met deze opdracht en gaat daarbij uit van een aanpak aan de hand van 3 sporen: 1. Het ontwikkelen van een integraal strategisch beleidskader op het gemeentelijk vastgoed(management) en grondbeleid.

84

Overdrachtsdossiers 2026-2029

2. Het uitwerken van een concrete vastgoedstrategie, waarmee uitvoering kan worden gegeven aan de gemeentelijke doelstellingen en die schetst welke stappen in de tijd worden genomen om tot de gewenste vastgoedportefeuille te komen. 3. Het opstellen van een helder ontwikkelplan, waarin gedefinieerd wordt wat er organisatorisch gezien en qua werkwijze nodig is voor een goede invulling/uitvoering van de rol en opgave, zoals volgend uit 1 en 2, en dat stapsgewijs, op basis van een duidelijke prioritering en een realistisch groeipad, de komende jaren kan worden geïmplementeerd. De thema’s verduurzaming en vergroening vormen enkele van de onderdelen van het strategisch beleidskader. De concrete invulling daarvan wordt in de vastgoedstrategie verder uitgewerkt. Hiermee wordt ook gehoor gegeven aan het verzoek uit de motie 'Vergroening gemeentelijke gebouwen'. Eerder genomen besluiten/RIB: Het vastgestelde eindrapport vastgoed- en accommodatiebeleid van juli 2023: R230141EindrapPapendrechtDEF-2.pdf. RB Vastgoed- en Accommodatiebeleid GETEKEND - Snelkoppeling.lnk RIB vaststellen Meerjarenonderhoudsplannen gemeentelijk vastgoed.pdf De motie Vergroening gemeentelijke gebouwen: 00206B3EF1BE240709113507.

Planning / actietermijn: Het vaststellen van het strategisch beleidskader op vastgoed en grondbeleid en de bijbehorende vastgoedstrategie (spoor 1 en spoor 2) zal in de volgende collegeperiode plaatsvinden. Randvoorwaarden: Een randvoorwaarde in dit dossier is de beschikbaarheid van de medewerkers/stakeholders voor de werksessies van Brink zodat voldoende input opgehaald kan worden om tot een integraal strategisch beleidskader te kunnen komen. Betrokken Team: Bij de uitvoering van de bestuursopdracht zijn de volgende teams betrokken: • GROV: adviseurs op inhoudelijke thema’s • MO: adviseurs op inhoudelijke thema’s • SBOC: duurzaamheid • JIF: financiën, juridisch Relevante financiële informatie: Voor de ondersteuning door een extern adviesbureau bij deze bestuursopdracht is een budget van € 75.000,- beschikbaar. Teams voor behandeling dossier: Dit dossier wordt getrokken door het team Vastgoed binnen GROV. Bestuurlijk opdrachtgever: 85

Overdrachtsdossiers 2026-2029

Wethouder vastgoed Ambtelijk opdrachtgever: Teamleider GROV

9.8

(Her)ontwikkeling Gebouwde Omgeving / vrijkomende locaties

Onderwerp: Vaart maken met de herontwikkeling van vrijkomende locaties na oplevering van de Multi Functionele Accommodatie. Inhoud: Onderzoeken ontwikkelmogelijkheden van de locaties die vrijkomen na de bouw van nieuwe scholen, een nieuwe multiculturele accommodatie voor maatschappelijke en culturele activiteiten (Cultuurhuis), alsmede een sportvoorziening in het Van der Palmgebied. Zodat hier, na het vrijkomen van de locaties, gestart kan worden met de toekomstige invulling. Inzicht geven in mogelijke fasering en prioritering van deze locaties, alsmede de financiële consequenties. Risico’s en feitelijke keuzes Het investeringsbudget voor het MFA, de parkeervoorziening en de scholen zijn vastgesteld. Mogelijke gevoeligheden zijn prijsstijgingen; vertraging in de planning etc. Feitelijke keuzes zijn de programmatische invullingen voor de vrijkomende locaties. Eerder genomen besluiten/RIB: Motie-SGP-VVD-CDA-Vaart-maken-met-herontwikkeling-van-vrijkomende-locaties.pdf Planning / actietermijn: Om tot een goede uitwerking van de motie te komen is het volgende stappenplan opgesteld: 1. Startfase: Opdracht en afbakening 2. Omgevingsanalyse: fysieke leefomgeving, trends en opgaven die er liggen op de vrijkomende locaties en het huidige beleid 3. Stakeholdersanalyse en participatie (belanghebbenden, hoe betrekken) 4.

Waarden en ambities vaststellen (identiteit, kwaliteit, ambities, gezamenlijke waarden) 5. Ontwikkeling van scenario’s of toekomstbeelden (incl. participatie, toets op haalbaarheid, wenselijkheid en samenhang) (budget is er al) 6. Formuleren van de ruimtelijke visie (waar naartoe, welke keuzes en waarom); het programma. 7. Vaststellen college en de raad besluiten via de PPN 2027. Het investeringsbudget voor het beleidsmatige programma ( € 75.000,-) is opgenomen in de Perspectiefnota 2025 – 2030. Hiermee wordt de stappen 1 t/m. 7 uitgevoerd. 86

Overdrachtsdossiers 2026-2029

Voor het uitvoeringsprogramma en de vaststelling daarvan is de raad weer aan zet. De in de motie opgenomen afspraak is dat gemeenteraad in 2026 over de stand van zaken van deze motie geïnformeerd wordt. Eind 2025 | begin 2026 is ambtelijk gewerkt aan de formulering van de randvoorwaarden voor het opstellen van de bestuursopdracht en het afronden daarvan. Na de vaststelling hiervan is de selectie van het bureau wat het onderzoek doet. Na de start van het bureau verwachten wij rond Q3 2026 - terugkoppeling richting het college. Op dit moment is het eerste concept van de bestuursopdracht afgerond. Na verdere uitwerking van het concept en goedkeuring van het college wordt de raad via een raadsinformatiebrief geïnformeerd. De planning is dat Q2 2027 – Vaststellen college en de raad besluiten via de PPN 2027. Randvoorwaarden: Procesmatige randvoorwaarden • De planning en inhoudelijke voortgang van het ontwikkelen van het programma moet met het college gedeeld worden. • Het college moet de raad informeren over de voortgang van het proces en de inhoud. Middelen-gerelateerde randvoorwaarden (niet-financieel) • Er moet sprake zijn van voldoende ambtelijke capaciteit. • Er moet voldoende actuele data over woningvoorraad, prognoses en alle doelgroepen beschikbaar zijn. Middelen-gerelateerde randvoorwaarden (niet-financieel) • Er moet sprake zijn van voldoende ambtelijke capaciteit.

• Er moet voldoende actuele data over de bestaande locaties beschikbaar zijn. • De planning van de ontwikkeling van het Van der Palmgebied moet geen vertraging oplopen. Betrokken Team: GROV, MO, BOR Relevante financiële informatie: In de Perspectiefnota 2025 – 2030 is incidenteel € 75.000,- opgenomen voor de ontwikkeling van de vrijkomende locaties na oplevering van het Van der Palmgebied. Dit om vaart te maken met de herontwikkeling van deze vrijkomende locaties. Er wordt gewerkt aan een plan van aanpak welke binnen afzienbare tijd de besluitvorming in gaat. Teams voor behandeling dossier: Trekker: team GROV

87

Overdrachtsdossiers 2026-2029

Bestuurlijk opdrachtgever: wethouder wonen en bouwen Ambtelijk opdrachtgever: teamleider GROV Betrokken medewerker(s): • GROV | Strategisch adviseur wonen en ruimte • GROV | beleidsadviseur onderwijshuisvesting en vastgoedadviseur • GROV | projectmanager • GROV | junior projectleider • MO | Beleidsregiseur • BOR | Geo-informatie

Bijlagen (indien van toepassing): 1 - Kaartje planning vrijkomende locaties Van der Palmgebied

9.9

Zorgzame buurt

Onderwerp: Zorgzame Buurt Kraaihoek Inhoud: Onze ambitie is warme en levendige buurten in Papendrecht te faciliteren waar inwoners omzien naar elkaar. Herstructurering biedt daarbij een kans. Een belangrijke start maakten we in Kraaihoek-Zuid, waarvan de herstructurering in 2026 wordt afgerond. Het gedachtegoed van de ‘Zorgzame Buurt’ willen we ook bij de renovatie en herstructurering van de andere delen van Kraaihoek voortzetten. Het concept zorgzame buurt gaat uit van een wijk met een (sociale) infrastructuur die stimuleert om werkelijk 'samen te leven' en naar elkaar om te zien. Van belang hierbij is een gevarieerde en ook gemotiveerde bevolkingssamenstelling. Gezien de krapte op de arbeidsmarkt, de betaalbaarheid van de zorg, de druk op mantelzorgers en de toenemende vergrijzing zien we deze manier van wonen als betekenisvol en kansrijk initiatief. Via een nieuwe aanpak benutten we de kwaliteiten, energie en inzet van jong en oud voor elkaar. Samen vormen de bewoners een hechte gemeenschap waar hulp en ontmoeting tot stand komt, terwijl (zorg)professionals daar minder of niet aan te pas komen. Deze aanpak willen we uitrollen in Kraaihoek-Zuid, maar de lessen die we leren in de komende jaren dienen ook voor de rest van de wijk Kraaihoek, en mogelijk voor heel Papendrecht. De herstructurering vindt plaats via regulier proces, maar met het gedachtegoed van de zorgzame buurt.

De sociale inspanningen die hiermee gepaard gaan, koppelen we in de vervolgfase met de bredere wijkaanpak (afhankelijk van de keuzes van de raad over de IWA). Eerder genomen besluiten/RIB: 88

Overdrachtsdossiers 2026-2029

D06-20240530-RIB-Zorgzame-Buurt-Kraaihoek-mei-2024.pdf Planning / actietermijn: • Kraaihoek-Zuid: oplevering laatste woningen begin 2026 • Kraaihoek-Oost: plannen worden op dit moment opgesteld door Woonkracht10. • Kraaihoek-Midden en Kraaihoek-Noord volgen in een later stadium. Randvoorwaarden: Als het gaat om het gedachtegoed van de Zorgzame Buurt: • Gezamenlijke visie, ontwerp en uitvoering waarbij fysieke en sociale aspecten elkaar versterken. • Bijdrage van sociale partners en draagvlak in de wijk, motivatie van inwoners om naar elkaar om te zien en bij te dragen. • Geen dubbel werk, maar aanvullend werken t.o.v. met name Integrale Wijkaanpak. [en randvoorwaarden van het regulier ruimtelijk proces, zoals ruimtelijke kaders, financiën e.d.] Betrokken Team: MO, GROV. Relevante financiële informatie: De uitrol van de pilot Zorgzame Buurt (buitenom de reguliere herstructurering) wordt (groten)deels bekostigd uit IZA-middelen. Alle vijf deelnemende partijen staan evenredig garant. Inrichting van de buitenruimte worden bekostigd uit de voor de herstructurering beschikbare middelen. Teams voor behandeling dossier: GROV, MO, BOR

9.10 Programma Centrum Onderwerp: Het opstellen van een uitvoeringsprogramma Centrum aan de hand van het vastgestelde beleidsmatige Programma Centrum. Inhoud: Met het programma centrum is er voor het eerst sinds 2000 weer een integrale visie (programma) voor de ontwikkeling van het centrum. Dit programma biedt handvatten om nieuwe ontwikkelingen op te pakken. Ook is het programma centrum een doorwerking van de paragraaf een ‘levendig centrumgebied’ in de op 17 april 2025 vastgestelde omgevingsvisie 2.0. Voor het opstellen van het programma centrum zijn vier hoofdthema’s gekozen aan de hand waarvan het programma verder is uitgewerkt. De vier gekozen hoofdthema’s, groen, sociaal, economisch en verbinding zijn aan de hand van analyses, integrale beleid overleggen en gesprekken met belanghebbenden ingekaderd. 89

Overdrachtsdossiers 2026-2029

Om tot het gewenste programma centrum te komen en handvatten te hebben voor het hierna op te stellen uitvoeringsprogramma is de keuze gemaakt om in vier focusgebieden te werken. Deze focusgebieden zijn: Markt 2040, Winkelpark de Meent 2040, Verbindingen en Waterkant 2040. Deze deelgebieden hebben hun eigen basiskenmerken en karakteristiek. Door het betrekken van de jachthaven bij het plangebied van het programma centrum worden de Markt en het Winkelpark De Meent uit hun fysieke isolement ten opzichte van de waterkant gehaald. Dit biedt kansen om de ontwikkeling van de jachthaven en de rest van het centrum beter op elkaar aan te laten sluiten. Ook geeft dit een fysieke kwaliteitsverbetering (vergroening) van de verbinding van het gebeid tussen de jachthaven en de Markt. Duidelijke keuzes Door het maken van een keuze voor de vier verschillende thematische focusgebieden wordt de uitwerking van het uitvoeringsprogramma behapbaar en op relatief korte termijn uitvoerbaar. Het programma biedt nog geen toetsingskader voor aanvragen. In het uitvoeringsprogramma is het noodzakelijk om te bepalen welke uitvoering de beste passende is in ruimtelijke ontwikkeling zin, qua planning en (vrij te maken) budget. In het uitvoeringsprogramma dat nu wordt opgesteld worden onder andere financiële kaders meegenomen. Deze uitvoeringsprogramma’s worden ter vaststelling aan de raad voorgelegd.

Risico’s De strategische visie Papendrecht is nog niet vastgesteld. Indien er in de strategische visie, als gevolg van inhoudelijk andere standpunten, knelpunten ontstaan, zal dit meegenomen worden in de uitwerking van het programma centrum. De financiële consequenties van het uitvoeren van het uitvoeringsprogramma centrum zijn nu nog niet bekend. De gemeente heeft jaarlijks een aantal budgetten voor bijvoorbeeld vergroening. Er zal onderzocht worden hoe deze budgetten een bijdrage kunnen leveren aan de uitwerking van het programma centrum (werk met werk maken). Incidenteel zal ook extra financiering noodzakelijk zijn. Dit wordt voorgelegd aan de raad. Daarnaast biedt het programma centrum ook ruimte aan derden om nieuwe ontwikkelingen, op eigen kosten en in samenspraak met de gemeente, vorm te geven. Eerder genomen besluiten/RIB: D01-20251002-RIB-Programma-centrum-vastgesteld-1.pdf

Planning / actietermijn: Het programma centrum is een richtinggevend document voor de ontwikkeling van het centrum naar 2040. De volgende stap is het opstellen van een uitvoeringsprogramma. Daarin worden de voorgestelde interventies verder uitgewerkt in concrete stappen en 90

Overdrachtsdossiers 2026-2029

handvatten richting uitvoering. De start van het opstellen van het uitvoeringsprogramma is binnen enkele maanden en zal ongeveer een jaar duren. Randvoorwaarden: Procesmatige randvoorwaarden • Het college moet de raad informeren over de voortgang van het proces en de inhoud. Middelen-gerelateerde randvoorwaarden (niet-financieel) • Er moet sprake zijn van voldoende ambtelijke capaciteit. • Er moet voldoende actuele data over de bestaande focusgebieden beschikbaar zijn. Participatie Tijdens het maken van het programma centrum is uitgebreid gesproken met derden zoals de BIZ, WK10, bewoners, jongeren, de jachthaven en andere betrokkenen. Ook is er een inloopavond geweest waarbij bewoners en belanghebbenden de ruimte kregen om te reageren op de scenario’s die later zijn uitgewerkt. Daarnaast is er een beeldvormende bijeenkomst voor de gemeenteraad geweest. Tijdens de fase van het uitvoeringprogramma zullen dezelfde stakeholders uitgebreid gesproken worden Regionale afhankelijkheid: Er is mogelijk een beperkte afhankelijkheid voor het opstellen van het uitvoeringsprogramma centrum. Daar waar door regionale samenwerking een versterking van het uitvoeringsprogramma kan komen wordt dit opgepakt. Hiervoor is de in het najaar van 2025 vastgestelde Ruimtelijke Strategie Smart Delta 2050 leidend.

Betrokken Team: GROV, MO, BOR, VVTH & SBOC Relevante financiële informatie: Om te komen tot het uitvoeringsprogramma Centrum is eenmalig € 75.000 opgenomen in de perspectiefnota. Dit wordt gedekt uit de middelen in de algemene reserve wat is gereserveerd voor de implementatie van de Omgevingswet. Dit wordt verwerkt in de concernrapportage 2025 en verder. Onderdeel van het, in een later stadium door de raad vast te stellen, uitvoeringsprogramma is een financiële paragraaf waarin wordt aangegeven welke middelen er nodig zijn voor de daadwerkelijke uitvoering van het uitvoeringsprogramma. Teams voor behandeling dossier: Bestuurlijk opdrachtgever: Portefeuillehouder RO Ambtelijk opdrachtgever: Peter Naeije en Femke Bergmans (GROV) Bijlagen (indien van toepassing): 91

Overdrachtsdossiers 2026-2029

1 – Programma Centrum

9.11 Wet versterking regie op de volkshuisvesting Onderwerp: Wet versterking regie op de volkshuisvesting/volkshuisvestingsprogramma Inhoud: Om het woningtekort in Nederland structureel aan te pakken, is de Wet versterking regie op de volkshuisvesting (hierna: Wvrv) op 3 juli 2025 aangenomen door de Tweede Kamer en ligt momenteel ter behandeling bij de Eerste Kamer, met als beoogde inwerkingtreding 1 juli 2026. Eén van de belangrijkste verplichtingen uit de wet is dat elke gemeente een volkshuisvestingsprogramma (VHP) moet opstellen. In een VHP moet het woningbouwbeleid concreet worden uitgewerkt. Het programma geeft richting aan de woningbouwprogrammering (wat en hoeveel gaan we waar en voor wie bouwen) en de mogelijke inzet op het versnellen van woningbouwprojecten, zodat de lokale opgave tijdig en effectief kan worden gerealiseerd. Daarnaast biedt het programma een kader voor prestatieafspraken met woningcorporaties, huurdersorganisaties en marktpartijen. Hoewel het VHP formeel wordt vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders, speelt de gemeenteraad een belangrijke kaderstellende en controlerende rol tijdens de totstandkoming en uitvoering ervan. Het betrekken van de raad in het proces is bovendien essentieel om de beleidsmatige samenhang te borgen. Het college vertaalt de kaders van de Omgevingsvisie naar een concreet uitvoeringsprogramma.

Het volkshuisvestingsprogramma moet een uitwerking zijn van de ambities die de raad hierin heeft bepaald. Via de omgevingsvisie, het omgevingsplan en de huisvestingsverordening heeft de raad invloed op de ruimtelijke en volkshuisvestelijke keuzes. De raad beslist over de financiële middelen die nodig zijn om de ambities uit het programma te realiseren. Daarnaast controleert de raad of het college de doelen uit het programma daadwerkelijk behaalt. Regionaal vormt de koersnotitie Smart Delta Drechtsteden de basis voor een gezamenlijk volkshuisvestingsprogramma, waarbinnen lokale programma’s moeten passen. Deze koersnotitie is het resultaat van een gezamenlijk traject van de Drechtstedengemeenten, waarin is verkend hoe de regionale samenwerking op het gebied van wonen en volkshuisvesting versterkt kan worden, zowel inhoudelijk als organisatorisch. Tot slot levert de tussenevaluatie van het Woonplan 20202030 actuele inzichten op die worden meegenomen in de uitwerking van het VHP. Zo ontstaat een actueel en samenhangend beleidskader dat aansluit bij de regionale koers en de wettelijke verplichtingen. Pas ná inwerkingtreding (volgens verwachting: juli 2026), is het volkshuisvestingsprogramma volledig juridisch verankerd in de wet. Eerder genomen besluiten/RIB: 92

Overdrachtsdossiers 2026-2029

https://raad.papendrecht.nl/Documenten/D02-20251002-RIB-Koersnotitie-wonen-envolkshuisvesting-met-bijlage.pdf https://raad.papendrecht.nl/Vergaderingen/Raadsvergadering-Papendrecht/2025/10juli/17:00/Perspectiefnota-2025-2030-Voorstel-1/M6-08-AANGENOMEN-Motie-SGPTussenevaluatie-Woonplan-2020-2030.pdf Planning/ actietermijn: De voorlopige datum van inwerkingtreding van de Wvrv is 1 juli 2026 (mits de Eerste Kamer tijdig instemt). De termijn waarbinnen de gemeente een volkshuisvestingsprogramma moet opstellen, wordt later bekendgemaakt. Vooralsnog houden wij rekening met 1 jaar.

Randvoorwaarden: • Duidelijke doelen en keuzes formuleren in het volkshuisvestingsprogramma Papendrecht moet in het volkshuisvestingsprogramma concrete doelen formuleren over het aantal te realiseren woningen, de beoogde bouwlocaties en de verdeling over de doelgroepen. Het programma moet ook onderscheid maken tussen sociale huur, middenhuur en betaalbare koop, volgens de landelijke streefverdeling van twee derde betaalbare woningen. Daarnaast moet het programma juridisch verankerd zijn en geschikt voor monitoring en bijsturing. Het VHP wordt juridisch verankerd na inwerkingtreding van de Wet versterking regie volkshuisvesting, waardoor de rol van de raad in monitoring en bijsturing nog belangrijker wordt. • Afstemming met regionale afspraken De lokale ambities van Papendrecht moeten passen binnen de regionale bouwprogrammering van de Drechtsteden. Dit betekent dat Papendrecht haar woningbouwopgave moet afstemmen met regiogemeenten en bijdragen aan een evenwichtige verdeling van woonruimte in de regio. • Aandacht voor kwetsbare doelgroepen Het volkshuisvestingsprogramma moet aandacht besteden aan aandachtsgroepen zoals jongeren, ouderen, mensen met urgentie, statushouders en uitstromers uit zorg. Dit is een wettelijke verplichting onder de Wvrv en vraagt om samenwerking met corporaties, zorginstellingen en maatschappelijke organisaties.

• Aanpassing van lokale instrumenten en samenwerking Papendrecht moet de huisvestingsverordening actualiseren in lijn met het volkshuisvestingsprogramma. Daarnaast zijn nieuwe of aangescherpte samenwerkingsafspraken nodig met Woonkracht10, zorgpartijen en ontwikkelaars. • Integrale benadering: leefbaarheid en duurzaamheid Hoewel leefbaarheid en duurzaamheid geen afzonderlijke hoofddoelen zijn in de Wvrv, zijn ze juridisch verankerd en een verplicht onderdeel van het volkshuisvestingsprogramma. Papendrecht moet daarom inzetten op een toekomstbestendige woningvoorraad, met aandacht voor energiezuinig bouwen, klimaatadaptatie, sociale cohesie en een gezonde leefomgeving. Regionale afhankelijkheid: De Wvrv vraagt om een sterke regionale samenwerking, de provincie Zuid-Holland Zuid, Smart Delta Drechtsteden en het Rijk. Voor de Drechtstedengemeenten betekent dit dat het 93

Overdrachtsdossiers 2026-2029

volkshuisvestingsprogramma niet op zichzelf staat, maar moet aansluiten bij bredere regionale afspraken en ambities. Verankering in regionale woondeals De volkshuisvestingsprogramma’s van individuele gemeenten moeten worden afgestemd binnen de Smart Delta Drechtsteden en vastgelegd in de regionale woondeal met de provincie ZHZ en het Rijk. De provincie heeft een coördinerende rol en kan ingrijpen bij onvoldoende voortgang of afstemming. Betrokken Team: GROV/wonen en ruimte MO/wonen, zorg en sociaal domein Teams voor behandeling dossier: Bestuurlijk opdrachtgever: Wethouder wonen en ruimte Ambtelijk opdrachtgever: Teamleider GROV

9.12 Woonwagenlocaties Onderwerp: Nader onderzoek en ontwikkeling van woonwagenstandplaatsen in Papendrecht Inhoud: De gemeente is op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens verplicht de cultuur van woonwagenbewoners te beschermen. In lijn met het Rijksbeleidskader en de VNG-wegwijzer wordt het opstellen van woonwagenbeleid dan ook als passend en noodzakelijk beschouwd. De gemeente dient dan ook te voorzien in de aantoonbare vraag naar standplaatsen, vergelijkbaar met de wachttijd op een reguliere sociale huurwoning. In het kader van het programma Woonwagens onder de Omgevingswet is door het vorige college beleid vastgesteld ten aanzien van de huisvesting van woonwagenbewoners in Papendrecht. In aansluiting daarop zijn in het afgelopen jaar diverse onderzoeken uitgevoerd naar potentiële ontwikkellocaties. Hiermee zijn belangrijke stappen gezet in het realiseren van passende huisvesting voor deze doelgroep. De uitkomsten van deze onderzoeken hebben geleid tot de vaststelling van vier kansrijke locaties voor nadere uitwerking. Daarnaast zijn uitgangspunten vastgesteld die richting geven aan dit vervolgproces, waaronder ruimtelijke en financiële kaders.

94

Overdrachtsdossiers 2026-2029

Op 29 januari 2026 heeft de gemeenteraad ingestemd met het beschikbaar stellen van €110.000 voor aanvullend onderzoek naar geschikte locaties in Papendrecht voor de realisatie van nieuwe woonwagenstandplaatsen. Nader onderzoek kan ertoe leiden dat één of meerdere van de geselecteerde locaties alsnog afvallen. Tijdens de besluitvorming van 29 januari 2026 is uitvoerig benadrukt dat, gezien de omvang van de opgave voor de huisvesting van woonwagenbewoners, het niet haalbaar is om zonder een uitvoerbaar en haalbaar voorstel te blijven. Mocht uit het nadere onderzoek blijken dat één of meer van de vier geselecteerde locaties niet geschikt zijn, dan zal zoals tijdens de raadsbehandeling besproken opnieuw worden gekeken naar de volledige lijst uit het eerdere locatieonderzoek (13 locaties) om een passende locatie te selecteren en de wettelijke opgave alsnog te realiseren. Verantwoordelijk wethouder Janssen heeft tijdens deze raadsvergadering toegezegd dat wanneer de locatie Molenvliet als haalbare optie naar voren komt, de gemeente samen met de vereniging Door Eendracht Sterk en de eigenaren naar een passende oplossing zal zoeken. Daarbij wordt ingezet op het voortzetten van de volkstuinactiviteiten op een andere locatie in Papendrecht. Ook wordt gekeken naar een ruimhartige compensatie voor de eigenaren van de volkstuinen.

Eerder genomen besluiten/RIB: https://raad.papendrecht.nl/Documenten/Raadsinformatiebrief/D01-20230316-RIBWoonwagen-en-standplaatsen-beleid.pdf https://raad.papendrecht.nl/Documenten/Raadsinformatiebrief/D10-20231214-RIBWoonwagen-en-standplaatsenbeleid.pdf https://raad.papendrecht.nl/Documenten/D06-20250918-RIB-Vaststellenomgevingsprogramma-woonwagens-en-standplaatsen-met-bijlagen.pdf https://raad.papendrecht.nl/Vergaderingen/Beeldvormende-bijeenkomstPapendrecht/2025/05-juni/20:00/Vaststellen-verslag-8-mei-2025/Verslag-Beeldvorming-8mei-2025-Woonwagenstandplaatsen.pdf https://raad.papendrecht.nl/Documenten/D02-20250410-RIB-Omgevingsprogrammawoonwagens-en-standplaatsen.pdf Planning / actietermijn: Q1 2026 – Aanvraag kredietvoorstel voor nader onderzoek kansrijke locaties Q1-Q2 2026 - Uitvoering verdiepende onderzoeken (ruimtelijk, financieel, maatschappelijk) Q3 2026 - College werkt voorkeur uit op basis van resultaten Q4 2026 – Besluit gemeenteraad over voorstel ontwikkellocaties en financiën. 2027/28 – Aanleg eerste standplaats Randvoorwaarden: Beleidsmatige verankering: De uitwerking vindt plaats binnen het kader van het vastgestelde Omgevingsprogramma Woonwagens en sluit aan op het bredere volkshuisvestingsbeleid van de gemeente. 95

Overdrachtsdossiers 2026-2029

Ruimtelijke uitgangspunten: De vier locaties zijn geselecteerd op basis van ruimtelijke haalbaarheid. Verdere uitwerking dient plaats te vinden binnen de kaders van het omgevingsplan en relevante wet- en regelgeving. Maatschappelijke afstemming: De ontwikkeling moet aansluiten op de woonbehoeften van woonwagenbewoners, met aandacht voor leefbaarheid, sociale cohesie en een passende inrichting van de woonomgeving. Samenwerking met tussen GROV en MO (Wonen en Sociaal Domein) is hierbij essentieel. Participatie en communicatie: Bij de nadere uitwerking is actieve betrokkenheid van bewoners, belanghebbenden en maatschappelijke partners vereist. Transparante communicatie over het proces, de planning en de besluitvorming is belangrijk aandachtspunt. Interne en externe samenwerking: De uitwerking vraagt om integrale samenwerking tussen gemeentelijke afdelingen (GROV en MO) en WK10. Juridische borging: De uitgangspunten en keuzes dienen juridisch verankerd te worden in het omgevingsplan en andere relevante beleidsdocumenten, zodat ze toetsbaar en uitvoerbaar zijn. Monitoring en rapportage: De voortgang van de uitwerking en realisatie wordt periodiek gemonitord en gerapporteerd aan het college en de raad, met aandacht voor inhoudelijke voortgang en eventuele knelpunten. Regionale afhankelijkheid: Regionaal wordt gekeken naar kennis uitwisseling op het gebied van beleid en uitvoering.

Verder wordt door WK10, woonbron en samenwerkende gemeente gekeken naar de mogelijkheden van een regionale beheermaatschappij. Betrokken Team: GROV: Wonen en ruimte MO: Beleid en toewijzing Relevante financiële informatie: Ter ondersteuning van de nadere uitwerking van de vier meest kansrijke locaties is een exploitatiebudget van € 110.000 opgesteld. Dit bedrag is verdeeld over verschillende activiteiten, zoals vooronderzoeken, ontwerp, vergunningen en communicatie. In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in de kostenopbouw en de geplande dekking binnen de concernrapportage en de PPN. 4.1 2026 Gezien de omvang en complexiteit van de opgave is het mogelijk dat het exploitatiebudget van € 110.000 in de toekomst niet voldoende blijkt om alle benodigde voorbereidende werkzaamheden te dekken. Indien aanvullende financiële middelen noodzakelijk blijken, zal hiertoe een afzonderlijk voorstel ter besluitvorming aan de gemeenteraad worden voorgelegd. 96

Overdrachtsdossiers 2026-2029

Teams voor behandeling dossier: GROV MO Bestuurlijk opdrachtgever: Portefeuillehouder RO Ambtelijk opdrachtgever: Teamleider GROV) Bijlagen (indien van toepassing): 1. Bijlage 1 Locatie Onderzoek woonwagenstandplaatsen 2. Bijlage 2 Raadsvoorstel Exploitatiebudget woonwagenstandplaatsen

9.13 VanderPalmgebied Onderwerp: Van der Palmgebied: woningbouw, parkeergebouw, inrichting openbare ruimte N.B. Voor nieuwbouw Willem de Zwijger College incl. sportvoorziening en realisatie MFA zijn afzonderlijke overdrachtsdossiers opgesteld. Inhoud: Met het raadsbesluit van 3 juli 2025 is er definitief richting gegeven aan de gebiedsontwikkeling Van de Palmgebied. Met de vaststelling van de stedenbouwkundige verkaveling vormt het genoemde besluit voorlopig het sluitstuk van een groot aantal opeenvolgende besluiten gedurende een langere periode. De stedenbouwkundige verkaveling vormt de basis voor de noodzakelijk te doorlopen ruimtelijke procedure. In de gebiedsontwikkeling Van der Palmgebied beoogt de gemeente de nieuwbouw van het Willem de Zwijger College, een nieuwe sportvoorziening, een nieuwe multifunctionele accommodatie (MFA) en woningbouw te realiseren. Daarnaast wordt de openbare ruimte opnieuw ingericht. Voor deze onderdelen zijn raadsbesluiten genomen op 6 maart 2025 en 3 juli 2025. Er is een beeldkwaliteitsplan opgesteld, dit plan bevat aanvullende uitgangspunten voor het ontwerp en fungeert als formeeltoetsingskader voor ruimtelijke kwaliteit bij de beoordeling van een omgevingsvergunning. Het plan biedt richtlijnen voor architectuur, openbare ruimte, groen, materiaalgebruik en samenhang in de wijk.

Op 29 januari 2026 heeft de raad het beeldkwaliteitsplan vastgesteld. Eerder genomen besluiten/RIB:

97

Overdrachtsdossiers 2026-2029

De besluitvorming over de stedenbouwkundige verkaveling, het parkeergebouw en het opstellen van een inrichtingsplan voor de openbare ruimte heeft plaatsgehad op 3 juli 2025, waarbij rekening is gehouden met de wenst tot versnelling van de realisatie van de multifunctionele accommodatie: Bij dit besluit is met betrekking tot de woningbouwontwikkeling een motie aangenomen, namelijk de motie "studioappartementen Van der Palmgebied (zonder nummer) In de RIB van 16 december 2025 (kenmerk 2025-0125753) is de raad geïnformeerd over de voortgang van de nieuwbouw VO-scholen en de ontwikkeling van het Van der Palmgebied Op 29 januari 2026 heeft de raad het Beeldkwaliteitsplan Van der Palmgebied vastgesteld. Planning / actietermijn: Er zijn geen concrete acties afgesproken. Naast de informatieverstrekking in het kader van de planning & control cyclus, wordt de raad over de voortgang geïnformeerd.

De raad heeft nog niet alle benodigde besluiten genomen, te denken valt onder andere aan de volgende zaken: • Investeringskrediet verwerving van 3-tal eigendommen (prognose Q4 van 2026) • Investeringskrediet tijdelijke parkeervoorziening gedurende de planontwikkeling (prognose Q1 van 2027) • Investeringskrediet inrichting openbare ruimte (prognose Q1 van 2027) • Planologisch kader (voor zover de ontwikkelingen niet passen in het huidig kader) In de oordeelsvormende vergadering van 22 januari 2026 is toegezegd om voor de nieuwe raad een afzonderlijke bijeenkomst te organiseren over de VO-scholen en het Van der Palmgebied. Randvoorwaarden: In de planvorming van de woningbouwontwikkeling zal de aangenomen motie meegenomen worden. Om uitvoering te kunnen geven aan de stedenbouwkundige verkaveling is het noodzakelijk om een 3-tal eigendommen te verwerven.

Betrokken Team: Bij de uitvoering van het raadsbesluit zijn de volgende teams betrokken: • GROV: projectmanagement, adviseurs op inhoudelijke thema’s • MO: adviseurs op inhoudelijke thema’s • BOR: adviseurs op inhoudelijke thema’s • SBOC: communicatie • JIF: financiën, projectcontrol, juridisch Relevante financiële informatie: Via het genoemde raadsbesluit van 3 juli 2025 zijn middelen door de raad ter beschikking gesteld, te weten: • Extra lasten ten bedrage van €3 miljoen als gevolg van de breed gedragen wens tot versnelling ten laste te brengen van de algemene reserve. 98

Overdrachtsdossiers 2026-2029

• •

Een investeringskrediet van €9.703.750 (excl. BTW / einde werk) voor de realisatie van een parkeergebouw. Een voorbereidingskrediet van €450.000 (excl. BTW) voor het opstellen van een inrichtingsplan voor de openbare ruimte in het Van der Palmgebied.

De investeringen zijn gedekt en in de begroting verwerkt. Teams voor behandeling dossier: GROV is het trekkende team voor dit dossier, het projectmanagement is hier georganiseerd. Bestuurlijk opdrachtgever: Wethouder ruimtelijke ordening Ambtelijk opdrachtgever: Directeur Bijlagen (indien van toepassing): Raadsvergadering Papendrecht 03 juli 2025, stedenbouwkundige verkaveling Raadsvergadering Papendrecht 03 juli 2025 - AANGENOMEN-Motie-D66-PABStudioappartementen-Van-der-Palmgebied.pdf Oordeelsvormende vergadering Papendrecht 15 januari 2026 - ingekomen stukken - RIB voortgang VO-scholen en Van der Palmgebied Raadsvergadering Papendrecht 29 januari 2026, beeldkwaliteitsplan Van der Palmgebied

99

Overdrachtsdossiers 2026-2029

10 Omgevingswet 10.1 Omgevingswet Onderwerp: Aanpak van vervolgacties (programma) naar aanleiding van de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Inhoud: De Omgevingswet is in werking getreden op 1 januari 2024. De eerste fase van de implementatie is vooral gericht geweest op de pragmatische aspecten die aan de orde zijn bij de nieuwe wet. Enige tijd na de inwerkintreding is gekozen voor een programmatische aanpak, waarbij het team SBOC de regie en coördinatie op zich heeft genomen en de verantwoordelijkheid voor de inhoud en de uitvoering bij de lijnorganisatie is belegd. Deze tweede fase is nauw verweven met de bredere organisatieontwikkeling. De implementatie vraagt om een cultuurverandering binnen de gemeentelijke organisatie: een andere manier van werken, denken en samenwerken, zowel intern als met externe partners zoals inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. De Omgevingswet biedt een aantal nieuwe (beleids)instrumenten. De Omgevingsvisie (bevoegdheid raad) bevat een beschrijving van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving, de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied, en de hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid.

De visie wordt verder uitgewerkt in beleid dat zijn plek vindt in programma’s (thema- of gebiedsgericht, bevoegdheid college). Onderlinge verbanden, bundeling naar thema of gebied en prioritering wordt vormgegeven in het te ontwikkelen beleidshuis. Waar nodig vindt ook een uitwerking plaats in regels in het omgevingsplan, vast te stellen door de raad. Omgevingsvisie De Omgevingsvisie is het beleidskader voor de fysieke leefomgeving van Papendrecht. Op 17 april 2025 heeft de raad de Omgevingsvisie 2.0 vastgesteld. De raad heeft inmiddels de Omgevingsvisie 2.0 vastgesteld, waarmee de gemeente een strategisch kader heeft dat richting geeft aan de ruimtelijke en maatschappelijk ontwikkeling op lange termijn. Omgevingsplan Het omgevingsplan (bevoegdheid raad) vervangt het traditionele bestemmingsplan en de beheersverordening en vormt het centrale juridische instrument onder de Omgevingswet. Het bevat alle regels over de fysieke leefomgeving binnen de gemeente en biedt ruimte voor maatwerk, integratie van beleid en vereenvoudiging van regelgeving. De ontwikkeling van het omgevingsplan is een dynamisch en interactief proces dat vraagt om nauwe afstemming tussen beleid, uitvoering en participatie. Doel is het omzetten van de Beheersverordening Papendrecht naar het omgevingsplan.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1228/documents/17687