E02. 20230531 Beantwoording art-40 vragen OP over transformatorhuisje Havenhoofd.pdf
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad datum
30 mei 2023
behandeld door
E.G. Zaagsma
ons kenmerk
2023-0056947
doorkiesnummer Onderwerp
14 078 Artikel 40 vragen OP over transformatorhuisje Havenhoofd
Geachte mevrouw, heer, Op 13 april 2023 zijn door de Onafhankelijk Papendrecht fractie artikel 40 aanvullende vragen gesteld over het transformatorhuisje Het Havenhoofd. In deze brief geven wij antwoord op deze vragen. Op de lijst van ingekomen stukken van de raadsvergadering van 25 mei stond een brief waarin bewoners aandacht vragen voor de veiligheid rondom het transformatorhuisje. Toegezegd is dat wij u deze week informeren over de stand van zaken die speelt rondom het transformatorhuisje. Allereerst geven we een korte toelichting op de stand van zaken en vervolgens worden de artikel 40 aanvullende vragen beantwoord. Toelichting stand van zaken Bewoners van Het Havenhoofd maken zich nog steeds zorgen over het geplaatste transformatorhuisje. Na de vele gevoerde gesprekken en de uitkomsten van doorlopen juridische procedures blijft er ontevredenheid. Door de bewoners wordt regelmatig de media ingeschakeld en u, als gemeenteraad, wordt regelmatig benaderd over dit onderwerp. Uiteraard begrijpen wij dat de hele situatie inclusief de tijdrovende procedures voor omwonenden lastig is. Wij hebben ook zeker begrip voor hun standpunten en gevoelens omtrent het transformatorhuisje. Wij begrijpen de ongerustheid maar vinden ook zorgvuldigheid belangrijk. We respecteren daarom de in gang gezette juridische procedures en handelen naar gelang de uitkomsten daarvan.
Door de bewoners zijn meerdere juridische procedures opgestart waarvan nog één procedure niet is afgerond. Tot op heden hebben de uitkomsten van de doorlopen juridische procedure geen aanleiding gegeven om het besluit te herzien. Daarmee is inmiddels de vergunning onherroepelijk/definitief geworden. We wachten de uitkomst van de nog lopende procedure, het verzoek tot handhaving, af. Bezwaar op besluit tot handhaving Het college heeft een besluit genomen om niet over te gaan op het verzoek tot handhaving omdat naar haar mening geen regels zijn overtreden. Het bezwaar dat op besluit tot handhaving is ingediend, is in behandeling bij de Regionale bezwaarschriftencommissie Drechtsteden. Op 14 maart 2023 heeft de hoorzitting plaatsgevonden. De commissie heeft op 18 april 2023 een (tussen)advies uitgebracht om nader onderzoek in te stellen naar een viertal uitvoeringsaspecten. Bij het uitvoeren van de onderzoeken zijn ook andere partijen nodig. De onderzoeken hopen we voor het zomerreces af te ronden. Die tijd is echt nodig om zorgvuldig te werk te gaan. Desondanks vragen wij van omwonenden en de gemeenteraad tijd om de onderzoeken gedegen uit te voeren. Nadat de onderzoeken zijn afgerond en de informatie hierover is verstrekt zal de bezwarencommissie een definitief advies geven. Pas dan kan het college een beslissing op bezwaar nemen op het verzoek tot handhaving.
Ingekomen brief het project waterbus Papendrecht / Blue Amigo raad 25 mei Naar aanleiding van een verzoek in het kader van de Wet Open Overheid (Woo) zijn documenten verstrekt aan verzoeker. Eén document is eerder niet verstrekt omdat dit was aangemerkt als document ten behoeve van intern beraad met daarin opgenomen persoonlijke beleidsopvattingen. De Woo beschermt hiermee het vrijelijk denken van medewerkers.
Het document waar het omgaat is een conclusiedocument dat opgesteld is in opdracht van Blue Amigo met daarin een overzicht van gevoerde gesprekken met onder andere gemeente Papendrecht over de mogelijke locatie van een laadvoorziening nabij de halte Veerdam te Papendrecht. De uitwisseling van informatie in het document heeft plaatsgevonden met als doel om een definitieve keuze te maken voor de locatie van de verschillende onderdelen van de laadvoorziening nabij de halte Veerdam voor het incidenteel opladen van de waterbus. Ter informatie: de waterbus wordt in de nachtelijke uren opgeladen in de haven bij gemeente Dordrecht en tijdens het aanmeren bij de halte Veerdam. Aangezien de uitwisseling van informatie heeft plaatsgevonden met mensen buiten de gemeente Papendrecht, is het document niet opgesteld voor intern beraad en daardoor is het document alsnog verstrekt. De genoemde veiligheidsrisico's in de ingezonden brief zijn onderdeel van het uitgezette onderzoek in het kader van de hoorzitting op het bezwaar op besluit tot handhaving. De bezwaarschriftencommissie betrekt de uitkomsten van het onderzoek in haar advies. Beantwoording artikel 40 aanvullende vragen Vraag 1.
Waarom mocht de heer van Mook het betreffende perceel niet aankopen en waarom is hij niet op de hoogte gebracht door de gemeente toen duidelijk werd dat het betreffende stukje grond beschikbaar kwam? Antwoord De heer Van Mook wilde het perceel aankopen voor uitbreiding van zijn tuin. De grond moest destijds beschikbaar blijven voor de afvalinzameling. Het betreffende perceel kwam nu ook niet beschikbaar als aanvullende siertuingrond en daarmee dus niet in aanmerking voor aankoop van de heer Van Mook. Als het transformatorhuis ergens anders was gekomen, dan had het perceel de functie van afvalinzameling behouden. Dit is schriftelijk medegedeeld aan de heer Van Mook. Vraag 2. De heer van Mook heeft als bewoner ter plekke toch wel enig belang om dat stukje grond te (mogen) kopen? Het stukje grond grenst direct aan zijn tuin. Antwoord Het perceel werd destijds gebruikt als plek voor de afvalinzameling, een algemeen belang. De enige reden waarom het perceel werd uitgegeven was omdat deze locatie het meest geschikt was voor het plaatsen van een transformatorstation, noodzakelijk voor de energievoorziening voor de waterbus. De plaatsing van het transformatorstation dient ook een algemeen belang. Vraag 3. Is het Didam-arrest op dit stukje grond wel of niet van toepassing en zo nee, waarom niet volgens u? Antwoord Het Didam-arrest is altijd van toepassing.
Bij privaatrechtelijk transacties van de overheid, zoals de uitgifte van grond, moet op grond van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, met name het gelijkheidsbeginsel, een openbare selectieprocedure worden opgesteld als te verwachten is dat er meerdere gegadigden belangstelling hebben. Er is echter een uitzondering. En dat is het geval als gemotiveerd kan worden dat er op grond van objectieve, toetsbare en redelijke criteria slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt voor de uitgifte van de grond. In dit geval zijn wij van mening dat hier slechts sprake was van één serieuze gegadigde. De grond wordt alleen uitgegeven in het algemeen belang voor het plaatsen van een transformatorhuis. Het opstalrecht is gevestigd ten behoeve van Blue Amigo Waterborne Public Transport Netherlands B.V. De concessie voor de waterbus is exclusief aan voornoemd bedrijf gegund door de provincie Zuid-Holland. Dit transformatorhuis dient een specifiek doel namelijk de waterbus van elektriciteit voorzien.
Vraag 4. Kunt u nog enige nadere toelichting geven waarom met de voorkeur van de heer van Mook geen rekening is gehouden en waarom er geen contact met hem is opgenomen? Antwoord De bedoeling van de gemeente was om de grond gereserveerd te houden voor de afvalinzameling. De enige reden om de grond toch uit te geven was dat er gezocht moest worden naar een locatie voor, in het kader van het algemeen belang, transformatorstation voor de energievoorziening. Bij het zoeken naar de meest geschikte plek is de keuze op deze locatie gevallen. De voorkeur van de heer Van Mook om de grond te kopen was gericht op uitbreiding van zijn tuin. Voor dat doel zou de grond niet uitgegeven worden. Het doel was het plaatsen van een noodzakelijke nutsvoorziening. Om deze reden is er geen contact opgenomen met de heer Van Mook. Vraag 5. Was het niet beter geweest het stukje grond aan de heer van Mook te verkopen? Antwoord Zie het antwoord bij vraag 2, 3 en 4. Vraag 6. En had het transformatorhuisje dan niet beter op een andere nabijgelegen plek op het Havenhoofd geplaatst kunnen worden? Antwoord Over de locatie van het transformatorhuisje heeft vooroverleg plaatsgevonden met de betrokken partijen het Waterschap Rivierenland, Stedin, Blue Amigo en de gemeente. De mogelijkheden in de directe nabijheid van het aanlegpunt van de waterbus zijn zeer beperkt.
Het instemmen met de gekozen locatie is onder andere tot stand gekomen op basis van eisen die het waterschap stelt aan de primaire waterkering, de technische voorwaarden ten aanzien van de afstanden tussen het transformatorhuisje en het laadpunt van de waterbus en op basis van de beeldkwaliteit van de openbare ruimte. Blue Amigo heeft vergunning aangevraagd voor deze locatie en de gemeente heeft de vergunning verleend. Vraag 7. Heeft in uw afweging bij het plaatsingsbesluit nog meegespeeld dat er commotie onder de bewoners ter plekke zou kunnen ontstaan? Antwoord Het college betreurt de ontstane onrust bij de bewoners. Bij de tientallen andere transformatorhuisjes die de afgelopen paar jaar in Papendrecht zijn geplaatst, is geen sprake geweest van (grote) bezwaren. Het college heeft dan ook logischerwijs niet voorzien dat er commotie onder de omwonenden van het Havenhoofd zou ontstaan.
Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Papendrecht, de secretaris, de burgemeester,
J.M. Ansems
M.J.M. van Driel