CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

D04. 20201215 RIB Regionale uitgangspunten nieuwe Wet Inburgering.pdf

Commissie Samenleving Papendrecht 14 januari 2021, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 6: Lijst ingekomen stukken en mededelingen1.458 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de gemeenteraad datum

15-12-2020

behandeld door

J. Westerbeke

ons kenmerk

2020-0166196

doorkiesnummer Onderwerp

14 078 Regionale uitgangspunten nieuwe Wet inburgering

Geachte mevrouw, heer, Deze RIB is bedoeld om u als raad te informeren over de uitgangspunten betreffende de implementatie en de uitvoering van de nieuwe Wet inburgering, en u tevens voor te bereiden op het vervolgproces. Inleiding Per 1 januari 2022 krijgt de gemeente een nieuwe wettelijke verantwoordelijkheid, de inburgering van asielstatushouders en gezins- en overige migranten. Dan treedt de nieuwe Wet inburgering in werking, met daarin nieuwe gemeentelijke taken. Het doel van de nieuwe wet is dat alle inburgeringsplichtigen (asiel-, gezinsmigranten en overige migranten) snel en volwaardig meedoen in de Nederlandse maatschappij, liefst via betaald werk. Inzet is dat inburgeringsplichtigen het voor hen hoogst haalbare taalniveau bereiken, in combinatie met gerichte inspanningen op het gebied van participatie. De gemeenten Dordrecht, Zwijndrecht, Papendrecht en Hendrik-Ido-Ambacht gaan dit in gezamenlijkheid ontwikkelen en uitvoeren, samen met de SDD. Deze samenwerking wordt voorbereid, Hierbij wordt uitgegaan van de afspraken dat de gemeenten de kaders stellen en de SDD het grootste deel van de taken uitvoert. Stichting Vluchtelingenwerk behoudt de taken die zij nu ook al uitvoert en krijgt als extra taak het bevorderen van de financiële zelfredzaamheid. De vier gemeenten subsidiëren Vluchtelingenwerk hiervoor.

Samenwerking in de uitvoering van de wet inburgering Dordrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido-Ambacht en wij hebben elkaar gevonden op de inhoud. Wij hebben een gedeelde kijk op de aanpak en vinden het van belang dat de inburgering plaatsvindt binnen het bredere sociale domein. In het bijzonder in de relatie met de Participatiewet. De verbinding van beide wetten in de aanpak heeft meerwaarde in zowel het bevorderen van de taalverwerving en het taalniveau, als op het bevorderen van het sneller en duurzaam participeren in de maatschappij (bij voorkeur in een baan). Taal is nodig om te participeren en, andersom, het toepassen van taal in een werkcontext draagt bij aan het sneller leren van de taal. Vanuit deze gedeelde visie zien wij een belangrijke taak weggelegd voor de SDD, als huidige uitvoerder van de Participatiewet en voor de uitvoering(sregie) op de nieuwe taken uit de inburgeringswet. Wij zien de SDD als spin in het web, die inburgering verbindt aan de Participatiewet (en andersom). Zij is in staat deze aanpak ook aan andere domeinen te verbinden die relevant zijn voor de participatie en het proces van inburgering van inburgeraars. Als uitvoerende partij is zij aanwezig in de gemeenten met zicht op het lokale netwerk en lokale initiatieven.

Binnen de eigen geledingen van de SDD bevindt zich al nuttig en relevant aanbod, zoals het team statushouders met toegewijde regisseurs, de WMO, Schuldhulpverlening, Bijstandsverlening, relatie naar Baanbrekend, e.d.. Wij willen daarvan gebruik maken. Ook Vluchtelingenwerk en Sterk Papendrecht zijn belangrijke partners. Hiertussen moeten korte lijnen zijn en moet er snel geschakeld kunnen worden. Tot slot zit er ook een praktische kant aan de samenwerking. Om een werkbaar en robuuste aanpak te hebben, is het nodig dat de groep mensen waarvoor de wet bedoeld is, groot genoeg is. De doelgroep is onderhevig aan fluctuaties. Met elkaar kunnen we meer volume creëren. Meer volume betekent meer maatwerk, meer aanbieders, hogere kwaliteit en betere prijs. Het dempt ook eventuele nadelige effecten van

te grote fluctuaties in de instroom van de leerroutes, met het risico op het verminderen van kwantiteit (afhaken aanbieders) en kwaliteit. Om de samenwerking tussen ons, onze partnergemeenten en de SDD vorm te geven, zijn er uitgangspunten opgesteld (zie de bijlage). Deze uitgangspunten gaan niet alleen in op de inhoudelijke overeenstemming tussen de gemeenten, maar ook op de verdeling van taken en bevoegdheden. Beleidskader Samen met Dordrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido-Ambacht en de SDD werken wij aan het beleidskader voor de uitvoering van de nieuwe wet Inburgering. Dit beleidskader zal in het eerste kwartaal van 2021 aan u worden voorgelegd. De onderwerpen waarover u als raad dan zal worden gevraagd te besluiten, zijn als volgt: • • •

Het vaststellen van het beleidskader; Het reserveren van de daarvoor bestemde rijksmiddelen; De uitvoering van de taken, waarvoor de SDD de uitvoerende partij wordt, door middel van mandatering te beleggen bij de GR/SDD i.o.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Papendrecht, de secretaris, de burgemeester,

J.M. Ansems

Bijlage(n):

A.J. Moerkerke

1. Uitgangspunten samenwerking Wet Inburgering 2. Gezamenlijk persbericht vier gemeenten

Uitgangspunten nieuwe wet Inburgering Dit document geeft weer welke uitgangspunten voor de gemeenten Dordrecht, Papendrecht, Zwijndrecht en Hendrik-Ido-Ambacht leidend zijn in hun mandatering van de taken inzake de uitvoering van de Wet inburgering aan de Sociale Dienst Drechtsteden. De uitgangspunten zijn zowel voor de inhoud als voor de implementatie beschreven.

1.1

Uitgangspunten van de samenwerking

2.1.1 De Sociale Dienst Drechtsteden voert de Wet inburgering uit voor de gemeenten Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht en Zwijndrecht. Om uitvoering te kunnen geven aan de taken in deze wet worden bevoegdheden aan de SDD gemandateerd. Hiermee blijven de gemeenten eindverantwoordelijk voor de uitvoering van de inburgering en hebben een kaderstellende rol richting de SDD. De uitvoerende bevoegdheden en de bevoegdheid om uitvoeringsregels vast te stellen worden gemandateerd aan de SDD. Het beleid wordt voorbereid in samenwerking (co-creatie) tussen de SDD en de vier gemeenten. Deze gezamenlijke voorbereiding leidt tot een zo uniform mogelijk beleid. 2.1.2 Er is een bestuurlijk overleg Inburgering met de wethouders van de vier gemeenten Er wordt een wethoudersoverleg Inburgering ingesteld. In dit wethoudersoverleg vindt de bestuurlijke afstemming plaats tussen de vier gemeenten over de uitvoering en het beleid. Uit de samenwerkende regiogemeenten wordt vooralsnog geen regionaal portefeuillehouder inburgering aangewezen. Omdat niet elke Drechtsteden-gemeente de taken van de Wet inburgering overdraagt aan de SDD, heeft het PFO Sociaal geen adviserende rol over de uitvoering en het beleid van de Wet inburgering.

1.2

Uitgangspunten voor de inhoud

2.2.1 We zetten in op duurzame participatie naar vermogen Participatie moet passend zijn bij de talenten, kennis en interesses van de inburgeraar. Dit betekent maatwerk voor elke inburgeraar. We gaan niet altijd voor de snelste maar wel altijd voor de beste weg naar participatie. De inzet is primair gericht op economische participatie (betaalde arbeid/financieel onafhankelijk) en te allen tijde op maatschappelijke participatie (vrijwilligerswerk, werkervarings- en participatieplekken, lid van vereniging, deelname aan andere sociale netwerken). 2.2.2 We staan naast de inburgeraar We ondersteunen inburgeraars in hun weg naar participatie in de samenleving en inburgering. We zien het als een gezamenlijke verantwoordelijkheid dat de inburgeraar hierin slaagt. We staan naast de inburgeraar. We ondersteunen, faciliteren, bieden maatwerk en nemen waar nodig tijdelijk over. De intensiteit hiervan is afhankelijk van de zelfredzaamheid van de inburgeraar. 2.2.3 We beschouwen inburgering als onderdeel van het sociaal domein Inburgering is meer dan het kennis opdoen van de Nederlandse taal en maatschappij. Inburgering is een middel, naast andere middelen, om mee te kunnen doen in de

samenleving. In deze brede opvatting wordt inburgering tegelijk en afgestemd ingezet met andere onderdelen en middelen uit het sociale domein, zoals de Participatiewet, sport, zorg enzovoorts. Een brede opvatting van inburgering versterkt de snelheid en effectiviteit van duurzame participatie.

1.3

Uitgangspunten voor de implementatie

2.3.1 Inburgering wordt nabij en lokaal ingebed Inburgering moet zowel mentaal als fysiek nabij de inburgeraar worden georganiseerd. Wat betreft het mentale betekent dit het opbouwen van vertrouwen en verbinding met de inburgeraar. Wat betreft het fysieke betekent dit dat de casusregisseur werkt in de lokale gemeente. Er moet tijdens het inburgeringsproces kennis zijn van en een goede samenwerking met lokale organisaties. 2.3.2 Inburgering wordt integraal georganiseerd Maatwerk leveren bij de inburgering van een statushouder vraagt om een samenhangende aanpak. Dat gaat over werk en inkomen, over zorg, sport, huisvesting, schuldenproblematiek enzovoorts. Deze domeinen bieden kansen of juist belemmeringen op het pad naar participatie. Een goede samenwerking intern binnen de SDD en afstemming met gemeentelijke afdelingen en de externe partners binnen die domeinen is daarbij onmisbaar. 2.3.3 De implementatie wordt gezamenlijk uitgevoerd De implementatie en invoering van de nieuwe Wet Inburgering is een nauwgezette cocreatie. De uitvoering wordt zoveel als mogelijk uniform ingericht, waarbij ruimte is voor lokaal maatwerk om aan te sluiten bij de lokale infrastructuur. In de toekomst (uitvoeringsfase) zal deze co-creatie voortgezet worden. Hierbij zoeken we in onze samenwerking naar effectiviteit en synergie.

2.3.4 Bij de inzet van (ontschotte) middelen streven we naar maatschappelijke impact We onderzoeken hoe de inzet van middelen en budgetontschotting kan bijdragen aan de grootst mogelijke maatschappelijke impact. Dit doen we op onderdelen door het uitwerken van businesscases. Immers: hoe meer we, ook financieel, gunstige verbindingen kunnen leggen met andere beleidsterreinen, hoe meer we gestalte kunnen geven aan inburgering als onderdeel van het sociaal domein.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/216/documents/3954