D01. 20210511 RIB Ruimte voor de jeugd.pdf
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
datum behandeld door ons kenmerk telefoonnummer onderwerp
11-05.-2021 I.B. Hage 2021-0058077 14 078 Toezegging gemoedstoestand jeugdigen en ruimte voor de jeugd
Geachte mevrouw, heer, Tijdens de commissie ABZ van 1 februari 2021heeft u naar aanleiding van de Corona-raadsinformatiebrief gevraagd om meer inzicht te krijgen in de gemoedstoestand van de jeugd en de uitvoering van de motie Meer ruimte voor de jeugd. Gemoedstoestand jeugdigen Het beeld dat Suppord in januari 2021 heeft gesignaleerd, dat een aantal jongeren vereenzaamd en gedemotiveerd raakt om iets te ondernemen, blijft door de aanhoudende maatregelen in stand. Veel jongeren worstelen met de situatie doordat de Coronamaatregelen aanhouden. Vanuit Suppord wordt aan deze jongeren coaching geboden en worden activerende activiteiten georganiseerd. Als gevolg van de aanhoudende situatie is Suppord meer coaching gaan bieden. Ook met jeugdhulpaanbieders onderhouden we, onder meer via de Serviceorganisatie Jeugd, contact om de gemoedstoestand te blijven volgen. Sinds de coronacrisis is een toename van crisissituaties in gezinnen te zien. Om onze krachten te bundelen met andere hulpverleningsorganisaties en gezamenlijk naar een oplossing te zoeken voor deze gezinnen, is al aan het begin van de coronacrisis in april 2020 het regionaal crisismeldpunt opgezet. Dit is het meldpunt voor crisishulpverlening in heel Zuid-Holland Zuid.
Mede gelet op de Coronacrisis heeft het kabinet op 22 april 2021 besloten om éénmalig voor 2021 € 613 miljoen beschikbaar te stellen aan gemeenten voor het oplossen van acute problematiek in de jeugdzorg. De VNG heeft hierover op 23 april 2021 een ledenbrief (zie bijlage) verspreid waar wij ons ook als college verder over zullen buigen. Uitvoering motie Meer ruimte voor de jeugd Voor het sociaal welbevinden van onze jeugdigen is het belangrijk dat er activiteiten plaatsvinden ondanks de beperkende maatregelen. Uw raad heeft hiertoe ook opgeroepen via de motie Meer ruimte voor de jeugd. Onder meer de volgende activiteiten vinden plaats: Het jeugd- en jongerenwerk Suppord biedt verschillende activiteiten aan voor kinderen en jongeren. Een voorbeeld hiervan is de Suppord Kids Tour (6-12 jaar) op verschillende plekken in Papendrecht. Organiseert Suppord sportactiviteiten (12 jaar en ouder) waaronder Kickboxen en voetbal activiteiten. Het buitenzwembad is eerder open gegaan. Speeltuinvereniging de WipWap en Speeltuinvereniging de Zonnebloem zijn weer opengegaan. Muziekvereniging Excelsior organiseert vakantie-activiteiten voor kinderen en jeugdigen. Verschillende sportaanbieders organiseren buitenactiviteiten naast de "reguliere" sportactiviteiten.
Met onze maatschappelijke partners onderhouden we nauw contact om te bekijken welke behoeften er leven in de samenleving en proberen wij hierin initiatiefnemers te stimuleren. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Papendrecht, de secretaris, de burgemeester,
J.M. Ansems
A.J. Moerkerke
Aan de leden
Datum
23 april 2021 Kenmerk
COS/U202100383 Lbr. 21/027 Telefoonnummer
070 373 8393 Bijlage(n)
1
Onderwerp
Compensatie tekorten Jeugdzorg
Geachte leden van college en gemeenteraad, De VNG heeft in de afgelopen 2 weken intensief overleg gevoerd met het rijk over de financiële tekorten op jeugd en de noodzaak van compensatie. In deze ledenbrief doen we verslag van dit overleg. Dit heeft geresulteerd in een extra incidentele bijdrage van het rijk van € 613 miljoen voor het jaar 2021. Dit zal in de meicirculaire beschikbaar worden gesteld door het rijk. Dat betekent dus voor 2021, inclusief de eerder beschikbaar gestelde € 300 miljoen, in totaal € 913 miljoen. Het biedt echter nog niet de noodzakelijke oplossing voor de structurele financiële problemen en het is geen antwoord op de gezamenlijke inhoudelijke uitdagingen om tot een goed functionerend stelsel voor kinderen en jongeren te komen. In deze brief gaan we eerst nader in op de afspraken over de incidentele bijdrage voor 2021. Daarna gaan we nader in op de noodzaak van een structurele oplossing en tot slot informeren we u over het rapport van de stuurgroep Maatregelen financiële beheersbaarheid Jeugdwet onder leiding van Marjanne Sint. Incidentele middelen 2021 voor gestegen zorgvraag De acute problematiek in de jeugdzorg (deels het gevolg van de coronapandemie) en de financiële druk die dit veroorzaakt, zijn een grote zorg voor gemeenten en hun inwoners. Het kabinet heeft besloten daarvoor in 2021 extra incidentele middelen beschikbaar te stellen.
De tegemoetkoming van het kabinet biedt gemeenten in deze acute situatie verlichting. Het geld wordt voor verschillende doelen beschikbaar gesteld. Zo wordt € 50 miljoen beschikbaar gesteld voor de tijdelijke uitbreiding van de (ambulante en klinische) crisiscapaciteit jeugd-GGZ zodat aan de toegenomen zorgvraag als gevolg van corona tegemoet gekomen wordt. Daarnaast wordt er voor verschillende specifieke knelpunten geld
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
U202100383
PROD
vrijgemaakt, zoals de aanpak in de jeugdbeschermingsketen (acuut en gericht op de vereenvoudiging), de ombouw van separatiecellen en het verkleinen van woongroepen (€ 70 miljoen). Met dit geld worden gerichte problemen aangepakt en daarom heeft het rijk besloten om de middelen in specifieke uitkeringen ter beschikking te stellen aan gemeenten. De regelingen voor deze uitkeringen worden komende tijd door het rijk uitgewerkt. Als hier meer informatie over beschikbaar is, zullen we u informeren. Daarnaast wordt er in totaal € 493 miljoen beschikbaar gesteld via de algemene uitkering in het gemeentefonds. Het rijk en de VNG hebben afgesproken dat er meer inzet en regie zal komen op het voorkomen en aanpakken van wachttijden in de hoog-specialistische jeugdhulp om de wachttijden terug te dringen. De inzet is dat kwetsbare kinderen steeds tijdiger de passende hulp krijgen die ze nodig hebben. Dit zal verder moeten worden uitgewerkt, onder andere in goede samenwerking met de aanbieders. Voor dit onderdeel heeft het rijk € 255 miljoen beschikbaar gesteld. Het overige deel van het geld heeft het rijk beschikbaar gesteld om gemeenten iets meer financiële lucht te geven voor de overige taken in de jeugdzorg, en afhankelijk van lokale keuzes ook om eerdere verdringen op andere domeinen iets terug te dringen. Hier is specifiek ook aandacht besteed aan de inzet van een POH-Jeugd.
Noodzaak van een structurele oplossing Met deze incidentele middelen heeft het rijk een stap voorwaarts gezet om de acute nood in het heden op te lossen. Hiervoor zijn we het rijk erkentelijk. Het biedt echter nog niet de noodzakelijke oplossing voor de structurele financiële problemen, die door AEF zijn becijferd op € 1,7 miljard, en het is geen antwoord op de gezamenlijke inhoudelijke uitdagingen om tot een goed functionerend stelsel voor kinderen en jongeren te komen. Hierover loopt momenteel een arbitrageprocedure die in de maand mei moet resulteren in een semi-bindende uitspraak. Deze uitspraak is essentieel om snel te komen tot een oplossing op inhoud en financiën vanaf 2022. Wanneer er niet snel een oplossing komt voor het volgende en de komende jaren zullen gemeenten genoodzaakt zijn tot forse bezuinigingen. Daarom wil de VNG direct na een uitspraak in de arbitrage het gesprek met het rijk aan over de noodzaak om ook voor de structurele oplossing tot overeenstemming te komen. Hierbij is het in ieder geval nodig dat vooruitlopend op de besluitvorming door het rijk hierover een stelpost kan worden opgenomen voor de jaren vanaf 2022 op basis van de uitspraak van de arbitragecommissie. Op dit moment hebben het rijk en de VNG onderstreept dat het noodzakelijk is om de beheersbaarheid van het jeugdhulpstelsel ingrijpend te vergroten.
Te denken valt aan vraagstukken rondom de reikwijdte van de jeugdhulp, het versterken van de sturingsmogelijkheden voor gemeenten en het verbeteren van de efficiency van de uitvoering. Na de uitkomst van de arbitrage zal hier direct actie op worden ondernomen en dienen gemeenten en rijk samen een ontwikkelagenda op te stellen, waarvan de uitspraak van de arbitrage het vertrekpunt is. In de huidige afspraken zijn er al 3 maatregelen gedefinieerd waarmee in ieder geval aan de slag wordt gegaan: (i) het stimuleren van tariefdifferentie en standaardisatie in de uitvoering; (ii) het versmallen van de medische verwijsroute door enkel te verwijzen naar gecontracteerd aanbod; en (iii) het breder de invoeren van een POH jeugd-GGZ. De arbitrage zal moeten leiden tot een uitspraak over de noodzakelijke aanpassingen in het stelsel en de middelenbehoefte van gemeenten die resteert als compensatie van het rijk. Hiervoor moet het geconstateerde tekort in het rapport van AEF ‘Stelsel in groei’ als uitgangspunt worden
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/3
genomen. Zeker omdat er geen gemakkelijke en snelle oplossingen zijn, benadrukt de VNG het belang van een adequate compensatie en zal dat ook in de arbitrage naar voren brengen. Rapport stuurgroep maatregelen financiële beheersbaarheid Jeugdwet Na het verschijnen van het AEF-rapport ‘Stelsel in groei’ hebben de VNG en het rijk afgesproken om samen een stuurgroep in te stellen die maatregelen identificeert die bijdragen aan de financiële beheersbaarheid van de Jeugdwet. Deze stuurgroep en bijbehorende werkgroepen hebben onder leiding van Marjanne Sint in de maanden februari tot begin april in hoog tempo verschillende maatregelen opgesteld. Vanwege de beperkte doorlooptijd is het niet mogelijk geweest de financiële opbrengst te valideren en de uitvoeringsconsequenties voldoende in kaart te brengen. Daarom stelt de stuurgroep voor om in een gezamenlijke ontwikkelagenda van het rijk en gemeenten tot een robuuste set aan maatregelen te komen. Deze ontwikkelagenda is noodzakelijk om te komen tot stevigere beheersbaarheid van de Jeugdwet. Wat de VNG betreft zal die in lijn met de transformatie verder worden ontwikkeld waarbij de sturingsmogelijkheden van gemeenten worden versterkt, een discussie wordt gevoerd over het stijgende voorzieningenniveau en de uitvoering wordt verbeterd. Deze agenda zullen we samen met het veld en kennispartijen moeten opstellen.
Uit het rapport van AEF en het traject van de stuurgroep Sint blijkt dat er geen simpele en snelle oplossingen zijn. Daarom is het een absolute randvoorwaarde voor een goed functionerende ontwikkelagenda dat gemeenten in de tussentijd tegemoet worden gekomen in de financiële problemen. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/3