C01. 20210414 DGJ, Concept jaarstukken 2020.pdf
Tekst van het document
Aan de colleges van burgemeester en wethouders en de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid
Uw kenmerk
Ons kenmerk UIT / 2104731
Datum 14 april 2021
Onderwerp Concept jaarstukken 2020 GR DG&J
Bijlage(n) 3
Behandeld door/telefoonnummer T. de Haas / 078-770 3434
Geacht college, Geachte leden van de gemeenteraad, Bijgaand zenden wij u de concept jaarstukken 2020 van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid, waarbij wij uw zienswijze vragen op zowel de concept jaarstukken, als op de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2020. De concept jaarstukken 2020 geven inzicht in de gerealiseerde activiteiten en daarmee samenhangende baten en lasten van de verschillende onderdelen van de Gemeenschappelijke regeling, te weten de Dienst Gezondheid & Jeugd ZHZ (DG&J), de Regionale Ambulancevoorziening ZHZ (RAV) en de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ (SOJ). In bijlage 1 is een organogram van de organisatie opgenomen. Dienst Gezondheid & Jeugd 2020 heeft nagenoeg volledig in het teken van COVID-19 gestaan. Het belang van de infectieziektebestrijding voor iedere Nederlander is zichtbaar geworden. COVID-19 heeft zich helaas breed kunnen verspreiden, maar zonder de inspanningen van de DG&J zou de pandemie vele malen groter zijn geweest. De bestrijding van COVID-19 is allesoverheersend geweest en heeft andere initiatieven, grotendeels naar de achtergrond gedrukt. De DG&J was in 2020 betrokken bij het Zorgnetwerk antibioticaresistentie Zuidwest Nederland. De DG&J participeert in het Regionaal Coördinatieteam (RCT).
In 2020 werd door COVID-19 vanuit het ABR-zorgnetwerk extra aandacht besteed aan het belang van infectiepreventie. Samen met negen andere zorgnetwerken is een landelijk kader gemaakt waarmee de patiënt informatieoverdracht over dragerschap van resistente bacteriën tussen zorginstellingen kan worden verbeterd in Nederland. Dit wordt uitgewerkt naar concrete implementatie in 2021 e.v. Vanaf 1 januari 2020 heeft de tbc-dienstverlening in de lijn van de realisatie 2019 plaatsgevonden. Vanaf begin maart zijn reguliere processen en werkzaamheden afgeschaald, kritische processen zijn wel regulier doorgegaan. De opgelopen achterstanden zijn deels tussen juni-september 2020 ingehaald. Het Regionaal Expertise Centrum (REC) Zuid-Holland is volop in ontwikkeling. Door de COVID-19 is deze ontwikkeling op een aantal onderdelen gestagneerd in 2020.
In het 2e halfjaar van 2021 zal deze ontwikkeling hoogstwaarschijnlijk weer op het gewenste (dienstverlenings-) niveau kunnen worden opgepakt. De voorlichtingen in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs over seksuele gezondheid zijn als gevolg van de tijdelijke scholensluiting geannuleerd tot eind 2020. COVID-19 heeft geen effect gehad op de dienstverlening voor het verlenen van vergunningen in het kader van ship sanitation en tattoo en piercing. De hygiëne bezoeken aan de seksinrichtingen konden conform de afspraak met de individuele gemeente worden uitgevoerd. De advisering bij aanvragen van de reguliere evenementen is vrijwel stil gevallen in 2020. Hier staat tegenover dat door COVID-19 de DG&J in andere gevallen betrokken werd om te adviseren, zoals bij de opening van de weekmarkten en tal van andere adviezen via de GHOR / Veiligheidsregio ZHZ. Het reizigersspreekuur is in 2020 beperkt open geweest en op sommige momenten zelfs gesloten. Hetzelfde geldt voor de vaccinatie van beroepsgroepen. Het aantal reizigers, en daarmee het aantal reizigersconsulten, is in 2020 beperkt gebleven als gevolg van de reisbeperkingen in verband met COVID-19 (norm 9.000 realisatie 2.823).
Op het gebied van de medische milieukunde wordt, om informatie over de leefomgeving en gezondheid efficiënter te ontsluiten, vanaf 2020 samengewerkt met een aantal GGD'en bij het onderhouden van de website GGDleefomgeving.nl. Binnen de projectgroep Omgevingswet is de relatie met de gemeenten versterkt door o.a. bij te dragen aan de gemeentelijke Omgevingsvisie of een omgevingsscan uit te voeren. Bij toezicht kinderopvang is door COVID-19 geen invulling gegeven aan de wettelijke verplichting om 100% van de locaties te bezoeken. Op basis van een landelijke denklijn zijn keuzes voorgelegd aan de gemeenten. Per gemeente zijn keuzes gemaakt over de inspecties die in 2020 nog wél uitgevoerd konden worden. De gemaakte afspraken hierover zijn uitgevoerd. Gemeenten hebben in 2020 het nieuwe programma publieke gezondheid 2020 -2023 vastgesteld met de bijbehorende lokale jaarplannen 2020. De uitvoering van de lokale jaarplannen is op onderdelen achter gebleven bij de planning vanwege de COVID-19. De resterende budgetten van 2020 zijn doorgeschoven naar 2021. Voor het beschermen van de gezondheid van inwoners bij rampen en crisis (crisisdienst) zijn er in 2020 diverse activiteiten ondernomen. Deze hangen samen met het op peil houden van de bezetting van de crisisorganisatie en de scholing ervan. Mede vanwege COVID-19 is het niet gelukt het volledige programma in 2020 af te lopen.
Bij het Meldpunt Zorg & Overlast lag in 2020 het aantal meldingen boven de 2.000. Een trend die de afgelopen 3 jaar zichtbaar is. Bij het aantal meldingen, over personen waarvoor reeds een dossier is aangemaakt, is in 2020 een aanzienlijke stijging waarneembaar: 1.333 in 2020 om 261 in 2019.
Het aantal aanvragen voor benodigde hulp om directe veiligheid te creëren of om deze te verstevigen via een Aware, Ambulante trajecten of opvang bij Veilig Thuis is ten opzichte van 2019 redelijk stabiel gebleven. Het aantal huisverboden daarentegen laat ten opzichte van 2019 een stijging van 18% zien. Bij de meldingen is er zowel ten opzichte van vorige jaar als ten opzichte van de verwachtingen over 2020 een aanzienlijke stijging. Het aantal adviezen laat ten opzichte van zowel de prognose als ten opzichte van 2019 een daling zien (2,5% respectievelijk 3,7%). Bij de meldingen wordt in 63% van de gevallen de wettelijke reactietermijn behaald. De gemiddelde doorlooptijd is echter 7 werkdagen. Het niet halen van de norm wordt voornamelijk veroorzaakt door de pieken in de instroom in bepaalde perioden in het jaar. Het aantal onderzoeken laat ten opzichte van 2019 een afname zien van 15%. In 56% van de gevallen betrof het een spoedonderzoek. De gemiddelde doorlooptijd van 10 weken is in 2020 in 61% van de gevallen behaald. Door COVID-19 is het aantal voorlichtingen door Veilig Thuis in 2020 lager dan voorzien. In totaal zijn maar 5 voorlichtingen gehouden. Tevens is in 2020 de jaarlijks terugkerende werkleerbijeenkomst en het symposium voor de regio, in verband met COVID-19, niet door gegaan. COVID-19 heeft verstrekkende gevolgen voor het onderwijs en de arbeidsmarkt.
Na de periode waarin scholen gesloten waren en afstandsonderwijs verzorgden, is het onderwijs op locatie geleidelijk weer opgestart. Bijzondere aandacht is geschonken aan situaties waarbij ouders hun kinderen wilden thuis houden vanwege angst voor besmetting met COVID-19. Voor een deel van de jongeren was, door de bijzondere omstandigheden van dit jaar, de stap van voortgezet onderwijs naar MBO minder vanzelfsprekend dan normaal. LVS heeft in de zomerperiode deurbezoeken afgelegd bij deze groep jongeren en met hen bekeken wat ze nodig hadden om een volgende stap te zetten richting startkwalificatie. Na een aantal jaren van stijgende aantallen voortijdig schoolverlaters, hebben in het schooljaar 2019/2020 juist minder jongeren de school zonder diploma verlaten. Een daling van maar liefst 22%. Ondanks deze positieve ontwikkeling bestaan er zorgpunten richting de toekomst, zo zijn er bijvoorbeeld door het vervallen van het centraal examen, jongeren geslaagd en doorgestroomd naar het mbo die dat onder normale omstandigheden niet hadden gedaan. Dat kan mogelijk alsnog zorgen voor uitval. Als gevolg van COVID-19 verliezen in Zuid-Holland Zuid veel jongeren hun werk. De verwachting is dat de jeugdwerkloosheid verder gaat toenemen. Deze ontwikkeling vormde aanleiding om het team matchmakers uit te breiden.
Per 1 januari 2020 is JONG JGZ gecontracteerd voor de uitvoering van het regionaal basispakket Jeugdgezondheidszorg (JGZ) en het Rijksvaccinatieprogramma. Het regionaal basispakket JGZ en het Rijksvaccinatieprogramma zijn grotendeels uitgevoerd, maar vanwege de COVID-19 hebben niet alle onderdelen doorgang kunnen vinden. JONG JGZ heeft een stevige inzet gepleegd op de bestrijding van de COVID-19. De verwachting is dat de achterstand de komende periode voor een groot deel wordt ingehaald.
Tot slot is in 2020 uitvoering gegeven aan het Kennisprogramma 2020 -2023. COVID-19 heeft er echter voor gezorgd, dat onderdelen van het Kennisprogramma 2020 -2023 niet geheel conform planning zijn uitgevoerd. Door herprioritering van de onderzoeken voor de periode tot en met 2023, kunnen geplande onderzoeken conform plan worden uitgevoerd. Jaarrekeningresultaat 2020 Gemeenten zijn verantwoordelijk voor infectiepreventie. Dit is vastgelegd in de Wet Publieke Gezondheid (Wpg). In februari 2020 werd een landelijke crisisstructuur ingericht om de COVID-19 pandemie te controleren. Op basis van de wet Publieke Gezondheid wordt het dan mogelijk dat de directeuren Publieke Gezondheid van de 25 regionale GGD'en vanuit het ministerie van VWS en/of de voorzitters van de Veiligheidsregio's directe opdrachten krijgen. Dat is de afgelopen maanden ook het geval geweest. De uitvoering van deze opdrachten brengt hoge kosten voor de GGD'en met zich mee. In het Bestuurlijk Overleg tussen GGD GHOR, VNG en VWS is afgesproken dat de meerkosten die een GGD maakt vergoed worden door VWS. De derving van inkomsten wordt ook als 'meerkosten' gezien. Voor de omvang van deze vergoeding zijn afspraken gemaakt in de vorm van een zogenaamde verantwoordingsinstructie.
Hierin is onder meer opgenomen dat: - eventuele minderkosten in mindering moeten worden gebracht op de meerkosten; - er geen "resultaat" behaalt mag worden op de uitvoering van de extra COVID-19 taken; - gemeenten betalen de reguliere inwonerbijdrage, ook al zijn niet alle activiteiten conform begroting uitgevoerd. In totaal bedraagt onze declaratie voor de gesaldeerde meerkosten over 2020 € 8,6 miljoen. Als gekeken wordt naar het reguliere resultaat over 2020 dan is dit € 625.000 voordelig. Voor een deel (€ 497.000) wordt dit veroorzaakt door minderkosten. Deze minderkosten maken onderdeel uit van de declaratie aan VWS, welke al in de jaarstukken is verantwoord. Het daadwerkelijke resultaat over 2020 bedraagt hierdoor € 128.000. Dit resultaat wordt veroorzaakt door financiële afwikkelingen in 2020 welke betrekking hadden op voorgaande jaren. Aangezien deze afwikkelingen los staan van COVID-19 zijn deze niet meegenomen in de afrekening naar VWS. Voorgesteld wordt om dit bedrag aan de deelnemende gemeenten uit te keren (zie bijlage 2). Overheveling niet ingezette middelen 2020 In de jaarstukken is het besluit van de 2de burap 2020 verwerkt om de middelen die in 2020 niet zijn besteed aan gezondheidsbevordering en de omgevingswet over te hevelen naar 2021. Het gaat hierbij om een bedrag van circa € 380.000 voor gezondheidsbevordering en circa € 130.000 voor de omgevingswet.
Daarnaast is met de gemeente Dordrecht afgesproken dat de in 2020 niet bestede RMC middelen ook in 2021 mogen worden ingezet. Het gaat hierbij om een bedrag van circa € 270.000. Frictiekosten reorganisatie van 2015 Conform de afspraken over de frictiekosten voortkomend uit de reorganisatie van 2015 wordt € 60.724 in rekening gebracht bij de deelnemende gemeenten (bijlage 2). Regionale Ambulancevoorziening In 2020 zijn in de begroting en realisatie van de RAV alleen nog de personele lasten opgenomen van het ambulancepersoneel dat in dienst is van de DG&J en de detacheringsbaten van het ambulancepersoneel dat gedetacheerd is bij de CAZ-ZHZ. Deze lasten en baten zijn doorgezet naar de CAZ-ZHZ waardoor er geen resultaat bestaat in 2020. Serviceorganisatie Jeugd Het jaar 2020 is een veelbewogen jaar geweest. Voor wat betreft de continuïteit van zorg tijdens COVID-19 kunnen we constateren dat de zorg, al dan niet in gewijzigde vorm, voor het overgrote deel adequaat doorgang heeft kunnen vinden. Alle partijen in de keten hebben zich hiervoor maximaal ingespannen. Daarnaast moeten we vaststellen dat de uitgaven aan jeugdhulp nog steeds een stijgende lijn vertonen. Positief is dat de stijging afvlakt en dat de genomen maatregelen langzaam vruchten beginnen af te werpen. Maar de verwachte daling van de uitgaven heeft nog niet ingezet. De oorzaken hiervoor zijn tweeledig.
Enerzijds is er een sterke groei van het gebruik van jeugdhulp voor de jeugdigen in zorg (hogere kosten per jeugdige) en anderzijds vragen de voorziene maatregelen meer tijd. Door adviesbureau AEF is in opdracht van het Ministerie onderzoek gedaan naar de kostenstijging van jeugdhulp. Gebleken is dat gemeenten in 2019 € 1,7 miljard meer uitgaven dan de door het Rijk toegekende middelen. Met een aandeel van de regio ZHZ van 2,6 procent (hetgeen op basis van het landelijk gemiddelde een tekort zou veronderstellen van ruim € 44 mln.) is het tekort in onze regio fors lager dan het landelijk gemiddelde. Daarbij wordt opgemerkt dat er ook binnen onze regio grote verschillen zijn in het tekort per gemeente. De tekorten worden voornamelijk veroorzaakt door kostenstijgingen in de laatste jaren. De belangrijkste oorzaken genoemd in het rapport zijn dat jeugdigen langer in zorg blijven en de kosten per jeugdige stijgen. Daarbij wordt opgemerkt dat investering in preventie en het voorveld niet tot lagere kosten hebben geleid in de jeugdwet. Het rapport en de brief van de staatssecretaris signaleren dat de oplossing moet komen uit een combinatie van meer middelen en te treffen maatregelen. Bij ongewijzigde kaders (fundamentele discussie over het voorzieningenniveau, en sturing op inzet en duur) wordt een verdere stijging van de kosten van jeugdhulp verwacht door AEF.
Afgelopen jaar heeft het Aanjaagteam de volgende boodschap afgegeven: "er wordt op veel manieren in de regio gewerkt aan de transformatie – en daar zitten hele mooie voorbeelden bij. Juist in deze bijzondere COVID-19 tijden vinden doorbraken plaats.
Maar het ontbreekt bij de uitvoering van de transformatie aan focus, prioritering en resultaatgerichtheid. En daardoor aan tempo. Om hierin verandering te brengen zijn een resultaatgerichte houding en meer strategische sturing nodig". Inmiddels is een stevige nieuwe governancestructuur opgezet met onder andere het Netwerk MT Jeugd die hier invulling aan moet geven. Het jaar 2020 is ook het eerste jaar waarin de afbouw van de solidariteit is doorgevoerd. Voor 2020 was de afbouw 20 procent. Voor 2021 is de afbouw 50 procent, voor 2022 80 procent en in 2023 is de solidariteit volledig afgebouwd. Gemeenten zien daarmee steeds meer het effect van hun eigen beleid en investeringen terug in het werkelijk verbruik aan jeugdhulp in hun gemeente. Proces De jaarstukken worden nog door de accountant gecontroleerd. Uit deze controle kunnen wijzigingen naar voren komen waardoor de jaarstukken mogelijk nog moeten worden aangepast. In de vergadering van 8 juli 2021 zal het algemeen bestuur de jaarstukken definitief vaststellen. In deze vergadering worden de eventuele zienswijzen van uw gemeenteraad, met ons advies daarover, behandeld. Wij verzoeken u daarom rekening te houden met het tijdig toezenden van de zienswijzen. Om behandeling van uw zienswijze in ons dagelijks bestuur van 17 juni 2021 mogelijk te maken, ontvangen wij uw reactie graag uiterlijk 8 juni 2021.
Zodra de stukken in het algemeen bestuur zijn vastgesteld, zullen wij u hierover opnieuw informeren. Met vriendelijke groet, Het dagelijks bestuur van de Dienst Gezondheid & Jeugd, de secretaris, de voorzitter,
C. Vermeer
H. van der Linden
Jaarstukken 2020 GR DG&J
14 april 2021
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
2
Inleiding Beste lezer, Voor u liggen de jaarstukken 2020 en begroting 2022 van de Dienst Gezondheid & Jeugd (DGJ). De DGJ bestaat uit de (vier) merken; Gemeenschappelijke Gezondheids Dienst (GGD), Leerplicht en Voortijdig Sch0olverlaten (LVS), Veilig Thuis (VT) en de Service Organisatie Jeugd (SOJ). In de DGJ is een divers palet aan taken ondergebracht. De gemene deler is dat wij de uitvoering van wettelijke taken op een effectieve en efficiënte manier uitvoeren en dat doen op basis van de behoeften van gemeenten en geconstateerde maatschappelijke ontwikkelingen in de regio Zuid-Holland Zuid. De missie van DGJ is het verkleinen van gezondheidsverschillen en het vergroten van de ontwikkelingskansen van onze inwoners. Werken aan preventie is daarbij de rode draad. Vier opgaven staan de komende jaren centraal: : 1. Gezond en veilig opgroeien 2. Iedereen doet mee 3. Vitaal ouder worden 4. Gezonde leefomgeving, gezonde mensen De opgaven en prioriteiten worden jaarlijks vertaald in concrete en haalbare ambities die in de begroting, organisatieplan en clusterplannen worden opgenomen. In de jaarstukken 2020 en de begroting 2022 geven wij u inzicht in onze organisatie, in onze doelen en de wijze waarop wij hieraan invulling geven. Het jaar 2020 is een jaar geweest waarin het belang van de infectieziektebestrijding voor iedere Nederlander zichtbaar is geworden.
De GGD heeft veel energie en menskracht gestoken in adviseren, informeren, testen, traceren en vaccineren. De kosten en inkomsten die verband houden met COVID-19 zijn voor een deel verantwoord in de jaarstukken 2020. Ook in de begroting 2022 heeft COVOD-19 een belangrijke rol. De verwachting is dat COVID-19 een meer endemisch karakter krijgt. Dat betekent dat deze infectieziekte blijvend in onze samenleving aanwezig zal zijn en structureel om meer middelen en een uitgebreidere organisatie vraagt. De DGJ zal ook in 2022 blijven inzetten op: infectieziektebestrijding en preventie, gezonde leefstijl, gezonde leefomgeving, mentale gezondheid en kwetsbare jeugd.
Cees Vermeer Directeur DGJ/Publieke Gezondheid Zuid- Holland Zuid
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
3
Inhoudsopgave Inleiding 1
2
Samenvatting
6
1.1 1.2 1.3 1.4
6 9 9 10
4
Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) Recapitulatie financiën
Programmaverantwoording 2.1 2.1.1 2.1.2 2.1.3 2.1.4 2.1.5 2.2 2.3 2.4
3
3
13
Dienst Gezondheid en Jeugd 13 Publieke Gezondheid .........................................................................14 Veilig Thuis ......................................................................................22 Onderwijs en aansluiting arbeidsmarkt ................................................30 Jeugdgezondheidszorg ......................................................................35 Kennisprogramma ............................................................................36 Regionale Ambulance Voorziening 37 Serviceorganisatie Jeugd 38 Algemene dekkingsmiddelen 55
Verplichte paragrafen
56
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8
56 63 63 65 70 71 72 73
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Rechtmatigheid Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) COVID-19 paragraaf
Jaarrekening 2020 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.5.1 4.5.2 4.6 4.7
80
Balans GR DG&J 81 Het overzicht van baten en lasten 83 Taakvelden 83 EMU-saldo 84 Toelichtingen 85 Grondslagen waardering en resultaatbepaling GR DG&J .........................85 Toelichting op de balans per 31 december 2020 ...................................86 Wet normering inkomens topfunctionarissen (WNT) 94 Subsidierelaties 97
5
Vaststelling
98
6
Controleverklaring
99
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
4
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6.
100 Inwoner- en leerlingenbijdrage 2020 Verantwoording subsidie gemeente Dordrecht Verantwoording subsidie gemeente Nissewaard Taakvelden Beleidsindicatoren GR DG&J 2020 inclusief toerekening overheid naar programma's
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
101 102 103 104 106 107
5
1 Samenvatting 1.1 Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J) Het jaar 2020 heeft nagenoeg volledig in het teken van COVID-19 gestaan. Het belang van de infectieziektebestrijding voor iedere Nederlander is zichtbaar geworden. COVID19 heeft zich helaas breed kunnen verspreiden, maar zonder de inspanningen van de DG&J zou de pandemie vele malen groter zijn geweest. De bestrijding van COVID-19 is allesoverheersend geweest en heeft andere initiatieven, grotendeels naar de achtergrond gedrukt. De DG&J was in 2020 betrokken bij het Zorgnetwerk antibioticaresistentie Zuidwest Nederland. De DG&J participeert in het Regionaal Coördinatieteam (RCT). In 2020 werd door COVID-19 vanuit het ABR-zorgnetwerk extra aandacht besteed aan het belang van infectiepreventie. Samen met negen andere zorgnetwerken is een landelijk kader gemaakt waarmee de patiënt informatieoverdracht over dragerschap van resistente bacteriën tussen zorginstellingen kan worden verbeterd in Nederland. Dit wordt uitgewerkt naar concrete implementatie in 2021 e.v.. Vanaf 1 januari 2020 heeft de tbc-dienstverlening in de lijn van de realisatie 2019 plaatsgevonden. Vanaf begin maart, als gevolg van de COVID-19, zijn reguliere processen en werkzaamheden in diverse gradaties afgeschaald, kritische processen zijn wel regulier doorgegaan. De opgelopen achterstanden zijn deels tussen juni-september 2020 ingehaald.
Het Regionaal Expertise Centrum (REC) Zuid-Holland is volop in ontwikkeling. Door COVID-19 is deze ontwikkeling op een aantal onderdelen gestagneerd in 2020. In het 2e halfjaar van 2021 zal deze ontwikkeling hoogstwaarschijnlijk weer op het gewenste (dienstverlenings-)niveau kunnen worden opgepakt. De voorlichtingen in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs over seksuele gezondheid zijn, als gevolg van de tijdelijke scholensluiting, geannuleerd tot eind 2020. De voorbereidingen voor het programma seksuele gezondheid hebben eveneens een periode stilgelegen. De werkzaamheden zijn in juli herstart. Het streven is om in begin 2021 een bestuurlijk voorstel gereed te hebben. COVID-19 heeft geen effect gehad op de dienstverlening voor het verlenen van vergunningen in het kader van ship sanitation en tattoo en piercing. De hygiëne bezoeken aan de seksinrichtingen konden conform de afspraak met de individuele gemeente worden uitgevoerd. De advisering bij aanvragen van de reguliere evenementen is, door COVID-19, vrijwel stil gevallen in 2020. COVID-19 zorgden juist in andere gevallen dat de DG&J om advies werd gevraagd, zoals bij de opening van de weekmarkten en tal van andere adviezen via de GHOR / Veiligheidsregio ZHZ. Het reizigersspreekuur was met ingang van 4 maart 2020 volledig gesloten. Hetzelfde geldt voor de vaccinatie van beroepsgroepen.
In mei is het vaccineren van beroepsgroepen weer gedeeltelijk opgestart. Met ingang van 1 juni 2020 werden ook wekelijks enkele vaccinatiespreekuren voor reizigers aangeboden. Het aantal reizigers, en daarmee het aantal reizigersconsulten, is in 2020 beperkt gebleven als gevolg van de reisbeperkingen in verband met voortdurende COVID-19 (norm 9.000 realisatie 2.823). Op het gebied van de medische milieukunde wordt, om informatie over de leefomgeving en gezondheid efficiënter te ontsluiten, vanaf 2020 samengewerkt met een aantal GGD'en bij het onderhouden van de website GGDleefomgeving.nl. Binnen de projectgroep Omgevingswet is de relatie met de gemeenten versterkt door o.a. bij te dragen aan de gemeentelijke Omgevingsvisie of een omgevingsscan uit te voeren.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
6
Samen met de Provincie Zuid-Holland is een webinar ontwikkeld en georganiseerd met de titel "Lokaal hitteplan in 1 dag" om gemeenten te ondersteunen bij het opstellen van lokale hitteplannen. Een factsheet "Wat te doen bij hitte" is voor scholen en kinderopvang samengesteld en beschikbaar op onze website. Bij toezicht kinderopvang is door COVID-19 geen invulling gegeven aan de wettelijke verplichting om 100% van de locaties te bezoeken. Op basis van een landelijke denklijn zijn keuzes voorgelegd aan de gemeenten. Per gemeente zijn keuzes gemaakt over de inspecties die in 2020 nog wél uitgevoerd konden worden. De in augustus gemaakte afspraken zijn uitgevoerd. In 2020 is een start gemaakt met het uitwerken van de evaluatie-uitkomsten uit het plan "doorontwikkeling van het toezichtkinderopvang". Eén van de onderwerpen betrof de evaluatie van de regionale pilot werkwijze herstelaanbod. Het doel van de werkwijze herstelaanbod is om op informele, maar wel gestructureerde en transparante wijze, binnen het onderzoeksproces snel herstel in gang te zetten. Alle gemeenten zijn akkoord om deze werkwijze in te voeren per 2021. Gemeenten hebben in 2020 het nieuwe programma publieke gezondheid 2020 -2023 vastgesteld met de bijbehorende lokale jaarplannen 2020. De uitvoering van de lokale jaarplannen is op onderdelen achter gebleven bij de planning vanwege de COVID-19.
In overleg met gemeenten zijn activiteiten gefaseerd uitgevoerd, dan wel verplaatst naar 2021. De resterende budgetten van 2020 zijn verschoven en opgenomen in de begroting van 2021. Voor het beschermen van de gezondheid van inwoners bij rampen en crisis (crisisdienst) zijn er in 2020 diverse activiteiten ondernomen. Deze hangen samen met het op peil houden van de bezetting van de crisisorganisatie en de scholing ervan. Mede vanwege COVID-19 is het niet gelukt het volledige programma in 2020 af te lopen. Bij het Meldpunt Zorg & Overlast lag in 2020 het aantal meldingen boven de 2.000. Een trend die de afgelopen 3 jaar zichtbaar is. Bij het aantal meldingen over personen waarvoor reeds een dossier is aangemaakt is in 2020 een aanzienlijke stijging waarneembaar: 1.333 in 2020 om 261 in 2019. Het aantal aanvragen voor benodigde hulp om directe veiligheid te creëren of om deze te verstevigen via een Aware, Ambulante trajecten of opvang bij Veilig Thuis is ten opzichte van 2019 redelijk stabiel gebleven. Het aantal huisverboden daarentegen laat ten opzichte van 2019 een stijging van 18% zien. Bij de meldingen (Kindermishandeling, Huiselijk geweld en Ouderenmishandeling) is er zowel ten opzichte van vorige jaar als ten opzichte van de verwachtingen over 2020 een aanzienlijke stijging. Ten opzichte van de begroting is er sprake van een stijging van 11,2%.
Ten opzichte van 2019 valt vooral de stijging van Ouderenmishandeling op (+ 41,8%). Het aantal adviezen laat ten opzichte van zowel de prognose als ten opzichte van 2019 een daling zien (2,5% respectievelijk 3,7%). Bij de meldingen geldt voor de uitvoering een wettelijke triagetermijn van 5 werkdagen. In 2020 is dit in 63% van de gevallen behaald. De gemiddelde doorlooptijd is echter 7 werkdagen. Het niet halen van de norm wordt voornamelijk veroorzaakt door de pieken in de instroom in bepaalde perioden in het jaar. Ondanks de overschrijding heeft altijd de volgende belangrijkste regel gegolden: dat wanneer er een crisis of spoedmelding binnenkomt gaat deze voor op andere meldingen ook al zijn deze ouder. Tevens was er altijd zicht op de nog uit te voeren triages, waardoor er grip was op de situatie. Extra inzet in de maanden november en december heeft ervoor gezorgd dat de achterstanden zijn weggewerkt. Het aantal onderzoeken laat ten opzichte van 2019 een afname zien van 15%. In 56% van de gevallen betrof het een spoedonderzoek. De gemiddelde doorlooptijd van 10 weken is in 2020 in 61% van de gevallen behaald. Om dit percentage toe te laten nemen moet of de capaciteit worden uitgebreid en/of moet het lokale veld minder handelingsverlegen worden.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
7
Ook hier is het belangrijk om te benadrukken dat een beperkte overschrijding van de termijnen niet leidt tot onveilige situaties en wachtlijsten. Door COVID-19 was het aantal voorlichtingen door Veilig Thuis in 2020 lager dan voorzien. In totaal zijn maar 5 voorlichtingen gehouden. Tevens was in 2020 het voornemen om een jaarlijks terugkerende werkleerbijeenkomst te organiseren met Stichting Jeugdteams en Jong JGZ. Door COVID-19 kon ook deze bijeenkomst niet doorgaan. COVID-19 zorgde er ook voor dat het symposium voor de regio niet door kon gaan. In 2020 heeft het aanstellen van aandachtsfunctionarissen binnen Veilig Thuis verder vorm gekregen. Het doel van het aanstellen van deze functionarissen is om meer kennis te verkrijgen rondom specifieke onderwerpen. Deze kennis kan ingezet worden in het belang van de regio als een uiting van het expertisecentrum rondom Kindermishandeling, Huiselijk Geweld en Ouderenmishandeling. COVID-19 heeft verstrekkende gevolgen voor het onderwijs en de arbeidsmarkt. Na de periode waarin scholen gesloten waren en afstandsonderwijs verzorgden, is het onderwijs op locatie geleidelijk weer opgestart. In die periode hebben scholen, Jong JGZ en LVS elkaar goed weten te vinden in situaties waarbij ouders hun kinderen wilden thuis houden vanwege angst voor besmetting met COVID-19. In vrijwel alle gevallen is een goede oplossing gevonden.
Bij de tweede golf en nieuwe lockdown in december 2020 en de hernieuwde schoolsluitingen kon beter worden geanticipeerd vanuit de eerdere ervaringen. De overstap van voortgezet onderwijs naar MBO heeft in de zomer van 2020 extra aandacht gekregen van scholen en LVS. Voor een deel van de jongeren was, door de bijzondere omstandigheden van dit jaar, de stap naar een vervolgopleiding minder vanzelfsprekend geworden. LVS heeft in de zomerperiode deurbezoeken afgelegd bij deze groep jongeren en met hen bekeken wat ze nodig hadden om een volgende stap te zetten richting startkwalificatie. Na een aantal jaren van stijgende aantallen voortijdig schoolverlaters (vsv), hebben in het schooljaar 2019/2020 juist minder jongeren de school zonder diploma verlaten. Een daling van maar liefst 22%. Ondanks deze positieve ontwikkeling bestaan er zorgpunten richting de toekomst. De leden van het bestuurlijk overleg vsv geven aan, dat een deel van de jongeren die in het studiejaar 2019-2020 niet zijn uitgevallen dat in het huidige studiejaar wel zullen doen. Zo zijn er in het studiejaar 2019-2020, door het vervallen van het centraal examen, jongeren geslaagd en doorgestroomd naar het mbo die dat onder normale omstandigheden niet hadden gedaan.
Daarnaast zijn er studenten die door het afstandsonderwijs vereenzamen of studievertraging oplopen en bestaat er het risico dat zij hierdoor ontmoedigd raken en afhaken. En tot slot staat de arbeidsmarkt onder druk. De baanperspectieven voor starters op de arbeidsmarkt zijn de komende jaren niet positief. Als gevolg van COVID-19 verliezen in Zuid-Holland Zuid veel jongeren hun werk. De verwachting is dat de jeugdwerkloosheid verder gaat toenemen. Deze ontwikkeling vormde aanleiding om het team matchmakers uit te breiden. Per 1 januari 2020 is JONG JGZ gecontracteerd voor de uitvoering van het regionaal basispakket Jeugdgezondheidszorg (JGZ) en het Rijksvaccinatieprogramma. Het regionaal basispakket JGZ en het Rijksvaccinatieprogramma zijn grotendeels uitgevoerd, maar vanwege COVID-19 hebben niet alle onderdelen doorgang kunnen vinden. JONG JGZ heeft een stevige inzet gepleegd op de bestrijding van COVID-19. De verwachting is dat de achterstand de komende periode voor een groot deel wordt ingehaald.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
8
Om hier uitvoering aan te geven zijn de in 2020 niet bestede middelen, zoals al bij de 2de bestuursrapportage 2020 aangegeven, overgeheveld naar 2021. Het gaat hierbij om een bedrag van € 0,4 mln. Tot slot is in 2020 uitvoering gegeven aan het Kennisprogramma 2020-2023. Het online GGD dashboard www.hoegezondiszhz.nl is voorzien van de meest actuele beschikbare data, die toegankelijk zijn gemaakt voor gemeenten en ketenpartners. Daarnaast zijn periodiek peilingen gehouden onder het inwonerpanel voor Zuid-Holland Zuid. Tevens is in 2020 specifiek COVID-19 gerelateerd onderzoek toegevoegd. COVID-19 heeft er echter ook voor gezorgd, dat onderdelen van het Kennisprogramma 2020 -2023 niet geheel conform planning zijn uitgevoerd. Door herprioritering van de onderzoeken voor de periode tot en met 2023, kunnen geplande onderzoeken conform plan worden uitgevoerd.
1.2 Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Door de oprichting van Coöperatie Ambulancezorg ZHZ U.A. (CAZ) per 1 januari 2019, zijn in de begroting en realisatie van de RAV alleen nog de personele lasten opgenomen van het ambulancepersoneel dat in dienst is van de DG&J en de detacheringsbaten van het ambulancepersoneel dat gedetacheerd is bij de CAZ. Het saldo van deze posten is 0, waardoor er geen resultaat ontstaat voor de GR DG&J. Voor de CAZ heeft 2020 vooral in het teken gestaan van COVID-19. Er is intensief samengewerkt met alle acute zorgpartners om ook in deze tijden de kwaliteit van zorg en patiëntveiligheid te kunnen waarborgen. Doelstelling was om in 95% van de A1-ritten binnen 15 minuten bij de patiënt ter plaatse zijn. In 2020 is een responsepercentage van 94,5% gerealiseerd, ten opzichte van 94,8% in 2019. In aanmerking genomen dat de bemanning bij veel ritten eerst beschermende kleding moet aantrekken en ambulances per rit langer bezet zijn in verband met reiniging is dit een resultaat om trots op te zijn.
1.3 Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) Elke terugblik op het jaar 2020 brengt ons onvermijdelijk bij de impact die COVID-19 had en heeft op ons leven, ons werken en ons welbevinden. De jeugdprofessionals, jeugdhulpverleners en jeugdbeschermers hebben zich krachtig en flexibel getoond in de zorg en ondersteuning voor hun jeugdigen. Zeker in de eerste golf hebben zij zeer snel geschakeld naar alternatieve vormen van contact met hun kwetsbare cliënten, en waar nodig hebben zij het persoonlijk contact doorgezet. Er is dan ook relatief weinig aanspraak gemaakt op de omzetcompensatieregeling die door het kabinet in het leven was geroepen. Met andere woorden: met uitzondering van de dagbesteding heeft de meeste zorg en ondersteuning gewoon doorgang gevonden. De stichting Jeugdteams heeft samen met de aanbieders een crisismeldpunt ingericht waar afstemming plaatsvond over in te zetten zorg en ondersteuning. De positieve ervaringen hiermee vormen een belangrijke impuls voor de (door)ontwikkeling naar een regionaal expertteam. Ook op andere vlakken is er in 2020 gewerkt aan verbetering van de kwaliteit en doelmatigheid van de jeugdhulp en jeugdbescherming in de regio. Zo hebben bijvoorbeeld de pilots uit het project "Veilig opgroeien is teamwerk" laten zien dat vroegtijdige inzet van regie en begeleiding via de jeugdteams, met ondersteuning van jeugdbeschermers en Veilig Thuis, goed werkt.
De uitdaging is om dit nu ook te realiseren in de andere gemeenten en uit te breiden naar de andere delen van de jeugdbescherming.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
9
Een ander voorbeeld is dat er voor de jeugdigen die toch zwaardere begeleiding en opvang nodig hebben, een begin is gemaakt met de ontwikkeling van 'binnenregionale' 24-uurs opvang (mede onder druk van de sluiting van de Hoenderloo groep). Deze ontwikkeling wordt ook in de inkoopstrategie voor 2022 en verder meegenomen. Daarnaast moeten we vaststellen dat de uitgaven aan jeugdhulp nog steeds een stijgende lijn vertonen. Positief is dat de stijging afvlakt en dat de genomen maatregelen langzaam vruchten beginnen af te werpen. Maar de verwachte daling van de uitgaven heeft nog niet ingezet. Het aanjaagteam dat was ingesteld om de verbetervoorstellen uit de ‘omdenknotitie’ te sturen en borgen heeft hierin grote stappen gezet; 28 projecten zijn geïdentificeerd, in gang gezet en gemonitord. Dit betreft vier projecten bij de SOJ, zes projecten bij de jeugdteams en achttien projecten bij de gemeenten. Daarnaast heeft de SOJ in 2020 samen met de gemeenten een start gemaakt met de ontwikkeling en transformatie van het jeugdhulplandschap in Zuid-Holland Zuid vanaf 2022. Dit krijgt vorm in nieuwe inkoopcontracten met jeugdhulpaanbieders. De gemeenten hebben hiertoe een bestuurlijk inkoopkader opgesteld dat momenteel met gemeenten, aanbieders, professionals en cliënten wordt uitgewerkt tot een inkoopstrategie waarin dromen en ambities worden geconcretiseerd naar doelen en resultaten.
De SOJ heeft stevig ingezet op verbetering van de kwaliteit van de management- en sturingsinformatie. Naast de halfjaarlijkse bestuurlijke rapportages ontvangen de gemeenten nu maandelijks een managementrapportage en hebben zij 'realtime' inzage via het dashboard Jeugd. Gemeenten kunnen hier hun beleidskeuzes op afstemmen, maar vooral direct acteren op kostenontwikkelingen. De SOJ ondersteunt de gemeenten met kennis, analyses en maatwerkrapportages. Er zijn veel ontwikkelingen in gang gezet die invulling geven aan de gewenste transformatie. Een kleine greep hieruit: Met Jeugdhulp naar Voren ontstaat er meer handelingsperspectief voor de lokale teams; Jeugdhulp op School stelt scholen beter in staat om begeleiding en ondersteuning te bieden ter voorkoming van schooluitval; De ontwikkeling van het normenkader (waaronder de business case AWBZ) als alternatief voor de Nee-tenzij regeling en de aanscherping van Nee-tenzij in 2021 ter overbrugging. We zijn er nog niet, maar we hebben in 2020 in nauwe samenwerking met de gemeenten belangrijke fundamenten gelegd voor de verbetering van de hulp aan onze jeugdigen. Ik geef u daarbij graag het advies mee: bezuinigen leidt niet tot meer kwaliteit, maar meer kwaliteit leidt wel tot lagere kosten. Laten we inzetten op passende zorg voor wie dat nodig heeft.
1.4 Recapitulatie financiën Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J) Uitgangspunten COVID-19 COVID-19 heeft een enorme impact op de financiële cijfers over 2020. In een aparte paragraaf (3.8) komen we hier op terug. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor infectiepreventie. Dit is vastgelegd in de Wet Publieke Gezondheid (Wpg). In februari 2020 werd een landelijke crisisstructuur ingericht om de COVID-19 pandemie te controleren.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
10
Op basis van de Wet Publieke Gezondheid (Wpg) wordt het dan mogelijk dat de directeuren Publieke Gezondheid van de 25 regionale GGD'en vanuit het ministerie van VWS en/of de voorzitters van de Veiligheidsregio's directe opdrachten krijgen. Dat is de afgelopen maanden ook het geval geweest. De uitvoering van deze opdrachten brengt hoge kosten voor de GGD'en met zich mee. In het Bestuurlijk Overleg tussen GGD GHOR, VNG en VWS is afgesproken dat de meerkosten die een GGD maakt vergoed worden door VWS. De derving van inkomsten wordt ook als 'meerkosten' gezien. Voor de omvang van deze vergoeding zijn afspraken gemaakt in de vorm van een zogenaamde verantwoordingsinstructie. Hierin is onder meer opgenomen dat: - eventuele minderkosten in mindering moeten worden gebracht op de meerkosten; - er geen "resultaat" behaalt mag worden op de uitvoering van de extra COVID-19 taken; - gemeenten betalen de reguliere inwonerbijdrage, ook al zijn niet alle activiteiten conform begroting uitgevoerd. In totaal bedraagt onze declaratie voor de gesaldeerde meerkosten over 2020 € 8,6 miljoen. Resultaat 2020 Als gekeken wordt naar het reguliere resultaat over 2020 dan is dit € 625.000 voordelig. Voor een deel (€ 497.000) wordt dit veroorzaakt door de minderkosten. Deze minderkosten maken onderdeel uit van de declaratie aan VWS, welke al in de jaarstukken is verantwoord.
Het daadwerkelijke resultaat over 2020 bedraagt hierdoor € 128.000. Dit resultaat wordt veroorzaakt door financiële afwikkelingen in 2020 welke betrekking hadden op voorgaande jaren. Aangezien deze afwikkelingen los staan van COVID-19 zijn deze niet meegenomen in de afrekening naar VWS. Voorgesteld wordt om dit bedrag aan de deelnemende gemeenten uit te keren. Overheveling niet ingezette middelen 2020 In de jaarstukken is het besluit van de 2de bestuursrapportage 2020 verwerkt om de middelen die in 2020 niet zijn besteed aan gezondheidsbevordering en de omgevingswet over te hevelen naar 2021. Het gaat hierbij om een bedrag van circa € 380.000 voor gezondheidsbevordering en circa € 130.000 voor de omgevingswet. Daarnaast is met de gemeente Dordrecht afgesproken dat de in 2020 niet bestede RMC middelen ook in 2021 mogen worden ingezet. Het gaat hierbij om een bedrag van circa € 270.000. Financiële toelichtingen per product De financiële effecten van COVID-19 hebben nagenoeg op alle producten in de jaarstukken hun weerslag. In de jaarstukken geven wij normaal gesproken een toelichting tussen de begrote cijfers en de werkelijke cijfers. Door COVID-19 is deze toelichting nu lastiger te maken.
De inzet van onze eigen medewerkers voor COVID-19 hebben we in de jaarstukken ten laste gebracht van het product COVID-19, hier staat tegenover dat wij minder personeelskosten ten laste hebben gebracht van de overige producten. Per saldo heeft dit geen effect op het jaarrekeningresultaat, het betreft alleen een verschuiving van de kosten. Doordat wij dit nog niet hadden gedaan bij de 2de bestuursrapportage, ontstaan er nu bij diverse producten aanzienlijke verschillen tussen begroting (na 2de bestuursrapportage) en de werkelijkheid. Daarnaast werken wij ook met interne doorbelastingen van salariskosten naar producten. Doordat wij de inzet van onze eigen medewerkers ten laste van het product COVID-19 hebben gebracht wijzigen deze doorbelastingen ook ten opzichte van de begroting.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
11
Als we bovenstaande per product toe zouden lichten, dan worden het erg technische toelichtingen welke de leesbaarheid van de jaarstukken niet ten goede komt. Wij hebben er daarom voor gekozen om bij de financiële toelichtingen per product alleen de afwijkingen te vermelden die los staan van bovenstaande. Regionale Ambulance Voorziening (RAV) In 2020 zijn in de begroting en realisatie van de RAV alleen nog de personele lasten opgenomen van het ambulancepersoneel dat in dienst is van de DG&J en de detacheringsbaten van het ambulancepersoneel dat gedetacheerd is bij de CAZ. Het saldo van deze posten is altijd 0. Service Organisatie Jeugd (SOJ) Het resultaat van de SOJ is, ten opzichte van de laatst vastgestelde begroting € 1,1 mln nadelig. De begroting is voor het laatst bijgesteld bij de 1e bestuursrapportage 2020. Het werkelijke tekort komt nagenoeg overeen met het verwachte tekort bij de 2 de bestuursrapportage 2020 (€ 37.000 nadeliger). De 2e bestuursrapportage 2020 is niet meer vertaald in een wijziging van de begroting 2020, omdat de vereiste zienswijze procedure hiervoor over de jaargrens heen zou gaan. Het is wettelijk niet toegestaan om begrotingswijzigingen na afloop van het boekjaar vast te stellen.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
12
2 Programmaverantwoording Binnen de GR DG&J zijn drie organisatieonderdelen samengebracht, namelijk: de Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J) en de Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) en de Regionale Ambulancevoorziening (RAV). In onderstaande programmaverantwoording treft u deze in de programma's 2.1, 2.2 en 2.3 aan.
2.1 Dienst Gezondheid en Jeugd Financieel De DG&J sluit het jaar 2020 met een positief saldo van € 128.000. Zoals in paragraaf 1.4 aangegeven zijn dit de financiële effecten van de afwikkelingen die betrekking hebben op voorgaande jaren. In onderstaande tabel is per sub-programma het resultaat weergegeven. In de kolom begroting 2020 is de begroting na wijzigingen weergegeven. Het begrotingsprogramma van de DG&J bestaat uit een zestal sub-programma's. In dit hoofdstuk is per subprogramma een inhoudelijke en financiële verantwoording opgenomen. (bedragen x € 1.000)
Begroting 2020* Lasten
Baten
Realisatie 2020 Saldo
Lasten
Baten
Afwijking 2020 Saldo
Lasten
Baten
Saldo
1. Publieke gezondheid
7.304
4.133
-3.171
16.919
7.526
-9.392
-9.615
3.393
-6.221
2. Veilig Thuis
6.131
7.148
1.018
6.167
7.033
866
-36
-115
-151
3. Onderwijs en aansluiting arbeidsmarkt 4. Jeugd(-gezondheidszorg)
1.904
2.400
496
1.750
2.255
505
155
-145
9
11.803
11.907
104
11.685
11.907
223
118
0
118
5. Bestuur en organisatie
1.053
272
-781
717
271
-446
336
-1
335
6. Algemene dekkingsmiddelen
5.360
7.625
2.265
8.044
14.956
6.912
-2.684
7.331
4.648
33.555
33.485
-70
45.281
43.948
-1.332
-11.725
10.463
-1.262
0
70
70
105
1.565
1.460
-105
1.495
1.390
33.555
33.555
0
45.386
45.513
128
-11.831
11.958
128
Saldo baten en lasten Mutaties reserves Gerealiseerd resultaat
*Het betreft hier de begroting na alle wijzigingen, ofwel de begroting zoals deze is vastgesteld in het AB van 12 november 2020 (2e burap 2020).
Het positieve saldo wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door: Afrekening subsidie 2019 voor de uitvoering van de JGZ: € 116.000 (V); Teruggave omzetbelasting voorgaande jaren van de woningcorporaties voor de OGGZ: € 37.000 (V); Op basis van de eindcontrole van de ESF subsidie (2016-2018) wordt waarschijnlijk een lagere subsidie beschikbaar gesteld: € 51.000 (N); Positief resultaat op het product leerplicht: € 23.000 (V). De lasten stijgen ten opzichte van de begroting aanzienlijk, circa 12 miljoen. Deze stijging wordt grotendeels veroorzaakt door de COVID-19 kosten. In de 2de bestuursrapportage 2020 was nog geen rekening gehouden met deze kosten. De COVID19 kosten bedragen circa € 12,7 miljoen. Deze lasten bestaan voor € 8,3 miljoen aan personele lasten, € 3,4 miljoen aan laboratorium testen en € 1,0 miljoen aan overige lasten (huur en inrichting test locaties, persoonlijke beschermingsmiddelen en ICT hardware). Indicatoren Evenals in de jaarstukken 2019 hebben wij bij de producten indicatoren opgenomen om in beeld te brengen hetgeen wij hadden voorgenomen en hetgeen wij hebben gerealiseerd. We gebruiken hiervoor de kleuren groen (gerealiseerd), geel (gedeeltelijke gerealiseerd) en rood (niet gerealiseerd). Door COVID-19 zijn er achterstanden opgelopen in de uitvoering van onze activiteiten. Als de activiteiten de komende periode
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
13
voor een groot deel worden ingelopen dan hebben wij de indicator geel gemaakt. Mocht de volledige achterstand worden ingelopen, dan is de indicator groen.
2.1.1 Publieke Gezondheid De kosten en inkomsten welke verband houden met COVID-19 zijn voor een deel verantwoord in dit programma. In dit programma is hierover geen verdere toelichting opgenomen, omdat alle kosten en inkomsten welke verband houden met COVID-19 zijn verantwoord in de paragraaf over Corona (zie hoofdstuk 3, onderdeel 3.8). Wat wilden wij bereiken? In dit programma worden zeven maatschappelijke doelstellingen nagestreefd; A. Het voorkomen van introductie en (verdere) verspreiding van infectieziekten en waar nodig het bestrijden van infectieziekten, waaronder SOA’s en TBC. Het voorkomen van hygiëne problemen. B. Het voorkomen van de introductie van import infectieziekten in het werkgebied en het beschermen van individuele reizigers tegen infectieziekten en andere gezondheidsrisico’s. C. Het adviseren over de gezondheidseffecten van milieuvraagstukken. D. Het bevorderen van kwalitatief hoogwaardige kinderopvang voor een goede ontwikkeling van het kind in een veilige en gezonde omgeving. E.
Het bevorderen van een gezonde leefstijl en gezondheid gedrag (preventieve publieke gezondheid). Het verbeteren van de (ervaren) fysieke en psychische gezondheid en het verminderen van de psychosociale problematiek van kwetsbare doelgroepen van 0 tot 100 jaar.
F.
Het beschermen van de gezondheid van inwoners bij rampen en crisis.
G. De OGGZ is gericht op de coördinatie van de preventieve Openbare Geestelijke Gezondheidszorg voor de gehele bevolking, preventieve zorg voor risicogroepen en zorg voor kwetsbare personen die zelf geen hulp zoeken zoals dak- en thuislozen en zorgwekkende 'zorgmijders'. Het Meldpunt Zorg en Overlast is in de regio ZuidHolland Zuid belast met de uitvoering van OGGZ taken. Het Meldpunt Zorg en Overlast ZHZ is gericht op het aannemen/triageren van meldingen en coördineren van de zorg en hulpverlening aan de OGGZ doelgroep.
A. Infectieziektebestrijding en technische hygiënezorg Het jaar 2020 is een jaar geweest waarin het belang van de infectieziektebestrijding voor iedere Nederlander zichtbaar is geworden. COVID-19 heeft zich helaas breed kunnen verspreiden, maar zonder de inspanningen van de GGD zou de pandemie vele malen groter zijn geweest. De bestrijding van COVID-19 is allesoverheersend geweest en heeft andere initiatieven, grotendeels naar de achtergrond gedrukt. In het kader van infectiepreventie is desondanks een bestuurlijk voorstel gedaan. Dat voorstel is geaccordeerd. In een webinar voor medewerkers in het basisonderwijs is informatie gegeven over infectiepreventie gerelateerd aan COVID-19. Hygiënisch werken in de COVID-19 teststraten werd (en wordt) ondersteund. Medewerkers van instellingen voor mensen met een beperking stelden vragen over infectiepreventie en hygiënisch werken. Deze vragen werden beantwoord en adviezen werden gegeven.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
14
In de GGD Benchmark 2019, gepubliceerd in 2020, scoorde de GGD ZHZ goed op de aanwezige capaciteit voor infectieziektebestrijding. Inmiddels hebben twee van de vier opgeleide artsen infectieziektebestrijding een baan elders aanvaard. De beschikbare capaciteit is daardoor, juist in deze tijd van COVID-19, zwaar onvoldoende. Artsen, opgeleid voor het werk van de GGD, zijn niet te vinden; de GGD ZHZ treft daarom voorbereidingen om zelf geïnteresseerde artsen een opleidingsplek te bieden. Door deze investering in tijd en geld willen wij opnieuw kwalitatief en kwantitatief voldoende capaciteit voor de infectieziektebestrijding aan ons binden. Infectiepreventie & Zorgnetwerk antibioticaresistentie Zuidwest Nederland GGD ZHZ was ook in 2020 betrokken bij het Zorgnetwerk antibioticaresistentie Zuidwest Nederland. De GGD participeert in het Regionaal Coördinatieteam (RCT) met zowel een arts maatschappij en gezondheid als een projectleider transmurale werkafspraken (TWA). Het RCT coördineert alle projecten die bijdragen aan het tot stilstand brengen van ontwikkeling van antibioticaresistentie. In 2020 werd door COVID-19 vanuit het ABRzorgnetwerk extra aandacht besteed aan het belang van infectiepreventie, bijvoorbeeld door de infectiepreventieweek in november. Onze GGD heeft bijgedragen aan het opzetten van deze week.
Ook de eerder (mede) door onze GGD ontwikkelde bijscholing voor de thuiszorg over handhygiëne, en het netwerk in de thuiszorg dat we daarmee hadden opgebouwd bleken, wederom hun meerwaarde te hebben. Dit gold ook voor het netwerk in de gehandicaptenzorg. De projectleider TWA heeft samen met de projectleiders van de negen andere zorgnetwerken een landelijk kader gemaakt waarmee de patiënt informatieoverdracht over dragerschap van resistente bacteriën tussen zorginstellingen kan worden verbeterd in Nederland. Dit wordt uitgewerkt naar concrete implementatie in 2021 e.v. Tuberculosebestrijding Vanaf 1 januari 2020 heeft de tbc-dienstverlening in de lijn van de realisatie 2019 plaatsgevonden. Vanaf begin maart, als gevolg van de COVID-19-uitbraak, zijn reguliere processen en werkzaamheden in diverse gradaties afgeschaald, kritische processen zijn wel regulier doorgegaan. Doordat tbc een melding plichtige ziekte groep B1 betreft, is er gezocht naar een operationele werkvorm waarin aan de wettelijk taak van tbc-bestrijding geen concessies zijn gedaan. Onderzoek naar- en meldingen van besmettelijke patiënten heeft voortdurend doorgang gevonden, evenals het verstrekken van medicatie en behandeling en het uitvoeren van bron- en contactonderzoek.
De opgelopen achterstanden zijn deels tussen juni-september 2020 ingehaald door BCG-vaccinatie inhaalacties en extra screeningsdagen voor de immigranten/asielzoekers. In totaal zijn er 8 patiënten uit ZHZ gediagnosticeerd met Tuberculose (tbc) en 8 patiënten met Latente Tuberculose Infectie (LTBI). Het Regionaal Expertise Centrum (REC) Zuid-Holland is volop in ontwikkeling. Door de corona-uitbraak is deze ontwikkeling op een aantal onderdelen gestagneerd in 2020. In het 2e halfjaar van 2021 zal deze ontwikkeling hoogstwaarschijnlijk weer op het gewenste (dienstverlenings-)niveau kunnen worden opgepakt. KPI's Tuberculosebestrijding
2020
Absolute aantal tuberculosepatiënten, bestaand en nieuw Aantal tuberculose patiënten per 100.000 inwoners (incidentie) Aantal gevonden cliënten met een infectie, die hiervoor behandeling krijgen Aantal BCG vaccinaties
16 3.5 8 180
SOA/Sense De voorlichtingen in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs over seksuele gezondheid zijn als gevolg van de tijdelijke scholensluiting geannuleerd tot eind 2020. De voorbereidingen voor het programma seksuele gezondheid hebben eveneens een periode stilgelegen. De werkzaamheden zijn in juli herstart. Het streven is om in begin 2021 een bestuurlijk voorstel gereed te hebben. Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
15
Technische hygiëne zorg De dienstverlening voor het verlenen van vergunningen in het kader van ship sanitation (WPG) kon onverminderd uitgevoerd worden. De samenwerking met de GGD WestBrabant zorgde ervoor dat de continuïteit gewaarborgd kon worden ondanks de inzet van een aantal scheepsinspecteurs op COVID-19 taken. Door de looptijd van de vergunning voor Tattoo en piercing fluctueert het aantal per jaar. In 2020 zijn ondanks de beperkingen door de Corona maatregelen meer vergunningen verleend dan in 2019. De hygiëne bezoeken aan de seksinrichtingen konden conform de afspraak met de individuele gemeente worden uitgevoerd. De advisering bij aanvragen van de reguliere evenementen is vrijwel stil gevallen in 2020 door de Corona maatregelen. Juist deze maatregelen zorgden er voor dat de GGD in andere gevallen betrokken werd om te adviseren, zoals bij de opening van de weekmarkten en tal van andere adviezen via de GHOR / Veiligheidsregio ZHZ. B. Voorkómen import infectieziekten Het reizigersspreekuur was met ingang van 4 maart 2020 volledig gesloten. Hetzelfde geldt voor de vaccinatie van beroepsgroepen. In mei is het vaccineren van beroepsgroepen weer gedeeltelijk opgestart. Met ingang van 1 juni 2020 werden ook wekelijks enkele vaccinatiespreekuren voor reizigers aangeboden. C.
Medische milieukunde In 2020 zijn er vragen binnen blijven komen waarover onze adviseurs in gesprek zijn gegaan en over hebben geadviseerd. Om informatie over de leefomgeving en gezondheid efficiënter te ontsluiten wordt vanaf 2020 samengewerkt met een aantal GGD'en bij het onderhouden van de website GGDleefomgeving.nl. Over algemeen bekende onderwerpen als houtrook, schimmels in huis, bodemvervuiling en wat minder bekende onderwerpen zoals vervelende beestjes en planten wordt informatie gegeven. Per onderwerp worden tips gegeven wat iemand zelf zou kunnen doen en daarnaast "veel gestelde vragen". De adviseurs ondersteunden de gemeenten bij vragen over het fysieke domein zowel reactief als proactief. Binnen de projectgroep Omgevingswet is de relatie met de gemeenten versterkt door o.a. bij te dragen aan de gemeentelijke Omgevingsvisie of een omgevingsscan uit te voeren. Samen met de Provincie Zuid-Holland is een webinar ontwikkeld en georganiseerd met de titel "Lokaal hitteplan in 1 dag" om gemeenten te ondersteunen bij het opstellen van lokale hitteplannen. Een factsheet "Wat te doen bij hitte" is voor scholen en kinderopvang samengesteld en beschikbaar op onze website. Het dossier "Chemours / DuPont" blijft continue aandacht vragen binnen de ambtelijke werkgroep met betrokken gemeenten en Omgevingsdienst.
De Europese autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft een nieuwe studie gedaan naar de gezondheidsrisico’s van PFAS in voedsel. In deze studie heeft EFSA een nieuwe gezondheidskundige grenswaarde voor (de optelsom van) vier PFAS-stoffen vastgesteld, waaronder PFOA. Een lagere gezondheidskundige grenswaarde voor PFAS betekent dat deze stoffen schadelijker lijken te zijn dan tot nu toe bekend was. Het RIVM gaat de nieuwe gezondheidskundige grenswaarde gebruiken voor risicobeoordeling en komt in 2021 met nieuwe onderzoeken met betrekking tot deze stoffen.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
16
D. Toezicht Kinderopvang en Wmo De COVID-19 heeft een grote impact gehad op de manier waarop Toezicht kinderopvang in 2020 uitgevoerd kon worden. De prioriteit is gegeven aan het adviseren van de gemeenten bij nieuwe aanvragen voor kinderopvang / gastouderopvang locaties en onderzoeken op basis van signalen. Deze onderzoeken zijn uitgevoerd. Tijdens de noodopvang in maart / juni is er nauw contact onderhouden over deze nieuwe taak voor de gemeenten en om daarover mee te denken. Na de opening van de kinderopvang in juni zijn de onderzoeken weer opgestart. Duidelijk was dat de wettelijke verplichting om 100% locaties te bezoeken niet mogelijk was. Op basis van een landelijke denklijn zijn keuzes voorgelegd aan de gemeenten. Per gemeente zijn keuzes gemaakt over de inspecties die in 2020 nog wél uitgevoerd konden worden. De in augustus gemaakte afspraken zijn uitgevoerd. Er kon geen invulling gegeven worden aan de regio breed gedragen wens om de inspecties op gastouder voorzieningen te intensiveren. In 2020 is een start gemaakt met het uitwerken van de evaluatie-uitkomsten uit het plan "doorontwikkeling van het toezichtkinderopvang". De doorontwikkeling past binnen de hoofdopgave Veilig & Gezond Opgroeien, zoals benoemd in het meerjarenprogramma 2020-2023 van de Dienst Gezondheid & Jeugd.
De geplande acties uit het plan konden door de impact van de pandemie niet allen opgepakt worden. Wel is er in november 2020 een start gemaakt met een beleidsoverleg tussen de GGD en beleidsambtenaren vanuit elke gemeente. Eén van de onderwerpen betrof de evaluatie van de regionale pilot werkwijze herstelaanbod. Het doel van de werkwijze herstelaanbod is om op informele, maar wel gestructureerde en transparante wijze, binnen het onderzoeksproces snel herstel in gang te zetten. Alle gemeenten zijn akkoord om deze werkwijze in te voeren per 2021. E. Preventieve Publieke gezondheid Gemeenten hebben in 2020 het nieuwe programma publieke gezondheid 2020 -2023 vastgesteld met de bijbehorende lokale jaarplannen 2020. De GGD Zuid-Holland Zuid heeft hier in 2020 uitvoering aan gegeven. Onze activiteiten zijn gericht op het behalen gezondheidswinst, waarbij we de inwoner en zijn/haar leefwereld als uitgangspunt nemen. Preventie thema's zoals gezonde leefstijl, mentale gezondheid, rookvrije generatie, vitaal ouder worden en het terugdringen van alcohol- en drugsgebruik staan daarbij centraal. Tevens wordt gewerkt aan het programma gezonde leefomgeving (in het kader van de nieuwe Omgevingswet), het programma verhogen vaccinatiegraad en het programma infectiepreventie. F.
Crisisorganisatie Voor het beschermen van de gezondheid van inwoners bij rampen en crisis zijn er in 2020 diverse activiteiten ondernomen. Deze hangen samen met het op peil houden van de bezetting van de crisisorganisatie en de scholing ervan. Mede vanwege de corona maatregelen is het niet gelukt het volledige programma in 2020 af te lopen. G. Meldpunt Zorg & Overlast / OGGZ De GGD Zuid-Holland Zuid richt zich op de regie en inzet van zorg en ondersteuning voor de meest kwetsbare groepen in onze samenleving, o.a. dak- en thuislozen, personen met verward gedrag. Wij willen ervoor zorgen, samen met gemeenten, zorgpartners en woningcorporaties, dat aangemelde personen bij het Meldpunt Zorg en Overlast een adequaat zorg- of ondersteuningsaanbod krijgt, een woning, een inkomen etc. Hierdoor leveren wij een bijdrage aan de participatie van deze kwetsbare groepen en vermindering van overlast. Door het inzetten van preventieve activiteiten samen met onze lokale netwerk partners proberen wij recidive te voorkomen.