CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2.6 GRS inhoudelijke toelichting

Raadsvergadering Papendrecht 2 juli 2026, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 16: Raadsvoorstel Zienswijze ontwerpbegrotingen gemeenschappelijke regelingen13.675 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bijlage bij zienswijzebrief GR Sociaal Inhoudelijke toelichting maatregelen GRS Met de in 2024 opgestelde Bestuurlijke Opdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein werd al gezocht naar besparingen in het sociaal domein. Eind 2025 was een deel van de maatregelen uitgevoerd. Andere bleken niet haalbaar of leverden minder op dan verwacht. Zo stopte de pilot Herstelgerichte Ondersteuning (Powerfull Ageing) voortijdig waardoor een verwachte besparing verviel. De zeven gemeenten en de GR Sociaal hebben een nieuw pakket opgesteld met circa € 12 miljoen aan mogelijke besparingen. Dit pakket (43 maatregelen) is als bijlage toegevoegd. De GR Sociaal vraagt hierover een oordeel. Per maatregel is toegelicht welke afweging het college heeft gemaakt: Invoeren, onderzoeken of niet invoeren. De maatregelen komen voort uit een regionale ambtelijke verkenning. Op 30 april 2026 is hiervan een gezamenlijke lijst opgesteld met kansrijke, nader te onderzoeken en afgeraden maatregelen. Deze lijst is lokaal gewogen op basis van bestaand beleid en de huidige financiële situatie. Het college heeft vervolgens het conceptvoorstel op 12 mei vastgesteld en legt het nu aan u voor. De lijst is een concept. Het voorliggende voorstel is verwerkt in de conceptzienswijzebrief aan het Algemeen Bestuur van de GR Sociaal.

Ten tijde van het opstellen van dit voorstel is er nog geen nieuw coalitieakkoord waaraan het voorstel ambtelijk en door het college kan worden getoetst. Uw raad heeft uiteraard de ruimte het voorstel op basis van uw eigen oordeel aan te passen. Daarom vragen wij u nadrukkelijk of u met het voorstel kunt instemmen. Of dat er maatregelen zijn die u wilt verschuiven naar een andere categorie, groen, oranje of rood. Alle gemeenteraden in de regio maken deze keuze. Er is gestreefd naar regionale afstemming vanwege efficiency in de uitvoering, maar lokale verschillen blijven mogelijk. Na besluitvorming kunnen de verwachte besparingen deze zomer worden verwerkt in een eerste begrotingswijziging. Andere kunnen volgen via de Voorjaarsbrief 2027. In onderstaande tabellen staat elke ombuigingsmaatregel toegelicht. Onder het kopje Inhoudelijke financiële toelichting is voor de gemeente Papendrecht waar mogelijk, de netto verwachte besparing die de grs berekend opgenomen. De bedragen kunnen in de praktijk afwijken naar gelang de ontwikkeling van het gebruik van voorzieningen. Ze geven echter wel een indicatie voor de orde van grootte waaraan gedacht moet worden. Ombuigingsmaatregel 1 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Extern budgetbeheer

Inhoudelijke toelichting maatregel Het huidige beleid voor bijzondere bijstand bevat onderdelen die ruimer zijn dan de Participatiewet vereist. Extern budgetbeheer is hier een onderdeel van. Ruimer beleid is niet vereist, andere gemeenten doen het vaak ook niet. Maatschappelijke impact Budgetbeheer is een goede manier om inwoners ondersteuning te bieden wanneer bewindvoering niet noodzakelijk is. De kwaliteit per budgetbeheerder verschilt. In de praktijk wordt het vaak ook gebruikt door bewindvoerders als een manier om geld te ontvangen zonder dat ze verantwoording hoeven af te leggen richting de rechtbank, wat voor formele bewindvoering wel geldt. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Momenteel geeft de GR Sociaal jaarlijks €340.000,- uit aan deze kosten Voor Papendrecht is de verwachte besparing €15.000,-. Indien deze vergoedingen worden stopgezet, bespaart dit bedrag. Het risico bestaat echter dat er eventueel extra kosten optreden bij Schuldhulpverlening wanneer deze kosten als voorliggende voorziening moeten worden opgevangen. Advies: Niet invoeren Het effect op de inwoners is waarschijnlijk hoog. Er kan een effect optreden naar schuldhulpverlening waardoor de besparing mogelijk niet gehaald wordt.

Ombuigingsmaatregel 2 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Persoonlijk Minimabudget (PMB): Verlagen inkomensgrens naar 110% Wettelijk Sociaal Minimum

Inhoudelijke toelichting maatregel Het PMB is in bij de herijking minimabeleid 2023 verruimd op basis van de Minima effectrapportage 2022). Gemeenten kunnen ervoor kiezen deze verruiming op hoogte en doelgroep terug te draaien. Daarbij speelt mee dat sinds 2023 diverse landelijke maatregelen de inkomenspositie van minimahuishoudens hebben versterkt, zoals de verhoging van het minimumloon/ bijstandsnormen. Maatschappelijke impact Minder mensen komen in aanmerking. Landelijke inkomensverbeteringen beperken de negatieve gevolgen. Impact dienstverlening Voor de inwoners die het betreft is het een verslechtering van de dienstverlening. Anderzijds zijn dit inwoners met de relatief hogere inkomens. De verhoging in 2023 had als insteek dat de kosten voor inwoners op dat moment sterk stegen. Inmiddels is dit landelijk gecorrigeerd. Hierdoor kan men redeneren dat het PMB op dit moment erg ruim is ingestoken. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De berekening is gebaseerd op een inschatting van het aantal klanten met een inkomen tussen 110% en 120%. Klanten met inkomensgrens 120% worden niet apart geregistreerd. De inschatting is daarom gebaseerd op het verschil tussen de uitgaven van PMB-klanten zonder bijstandsuitkering in 2022 (Inkomensgrens 110%-grens van toepassing) en de uitgaven in 2025 (Inkomensgrens 120%-grens van toepassing).

Voor Papendrecht is de verwachte besparing €11.000,-. Advies: Niet invoeren Het beleid van de Papendrechtse raad is afgelopen jaren gericht geweest op meer inzet op armoedebestrijding. In dat licht raden we deze maatregen af.

Ombuigingsmaatregel 3 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Persoonlijk Minimabudget (PMB): Referteperiode verlengen naar twee jaar

Inhoudelijke toelichting maatregel Bij het PMB wordt momenteel een referteperiode van een jaar gehanteerd. Inwoners moeten één jaar een laag inkomen hebben gehad. Door deze periode te verlengen naar twee jaar, komen mensen minder snel in aanmerking voor het PMB. Hardinxveld- Giessendam heeft al een referteperiode van twee jaar. Maatschappelijke impact Minder mensen komen in aanmerking want een inwoner moet langere tijd een laag inkomen en vermogen hebben. Dit maakt de regeling gerichter. Landelijke inkomensverbeteringen beperken de negatieve gevolgen. Het inkomen van de mensen met de laagste inkomens zijn sinds de herijking al verhoogd op landelijk niveau. Dus het beperken van het PMB heeft een beperkte invloed op het besteedbaar inkomen. Impact dienstverlening Voor de inwoners is het een verslechtering maar een referteperiode van twaalf maanden is op landelijk niveau kort. Een termijn van 36 maanden is bijvoorbeeld heel gebruikelijk. Het gaat volgens de wet om een langdurig laag inkomen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De besparing is gebaseerd op de informatie van het CBS. De inschatting is dat het verlengen van de referteperiode naar twee jaar een besparing oplevert van 5%. Hierdoor verlaagt de begroting met €200.000,-. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €18.000,-.

Advies: Niet invoeren: Het beleid van de Papendrechtse raad is afgelopen jaren gericht geweest op meer inzet op armoedebestrijding. In dat licht raden we deze maatregel af. De impact op inwoners is groot, dit weegt naar verwachting niet op tegen de besparing.

Ombuigingsmaatregel 4 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Persoonlijk Minimabudget (PMB): de hoogte verlagen naar 35% van het sociaal minimum.

Inhoudelijke toelichting maatregel Het PMB is in bij de herijking minimabeleid 2023 verruimd op basis van de MER 2022. Gemeenten kunnen ervoor kiezen deze verruiming op hoogte en doelgroep terug te draaien. Daarbij speelt mee dat sinds 2023 diverse landelijke maatregelen de inkomenspositie van minimahuishoudens hebben versterkt, zoals de verhoging van het minimumloon/ bijstandsnormen. Maatschappelijke impact Alle inwoners die PMB ontvangen krijgen voortaan een lager PMB. Landelijke inkomensverbeteringen beperken de negatieve gevolgen. Met dat laatste wordt bedoeld dat de inkomens van inwoners met een laag inkomen op landelijk niveau al gecorrigeerd/ verhoogd zijn. Dat was anders toen besloten werd om de bedragen ter verhogen. Impact dienstverlening Voor de inwoners is het een verslechtering maar de bedragen zijn relatief hoog ten opzichte van landelijke bedragen. Zoals gezegd heeft de verhoging toen als insteek gehad dat de kosten voor inwoners op dat moment sterk stegen. Inmiddels is dit landelijk gecorrigeerd en je zou kunnen zeggen dat het PMB op dit moment erg ruim is ingestoken.

Dat effect wordt nog versterkt Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het bedrag van de Persoonlijk Minimabudget (PMB) is gebaseerd op een percentage van de bijstandsnorm en bedraagt momenteel 40% voor de gemeenten Dordrecht, Papendrecht en Zwijndrecht of 45% voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht van de toepasselijke bijstandsnorm. Dit percentage wordt verlaagd naar 35%. Hierdoor zullen de kosten per gemeente afnemen. Voor Papendrecht is de besparing €40.000,- (verschil tussen 40% en 35%). Advies: Invoeren De onderbouwing voor de verruiming in 2023 is achterhaald door diverse landelijke maatregelen. De besparing is substantieel. N.B. Meegeven om na te gaan wat het netto-effect van het verlagen van het percentage is ten opzichte van de landelijke verhogingen, voor de inwoners.

Ombuigingsmaatregel 5 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Stoppen met subsidiëren bureaukosten SUN Drechtsteden (noodfonds en sociaal leenfonds)

Inhoudelijke toelichting maatregel De GR Sociaal en SUN Drechtsteden hebben een subsidierelatie t.b.v. van één FTE en de bureaukosten van SUN Drechtsteden. De uitvoering van het Sociaal Leenfonds is sinds een aantal jaren bij SUN belegd en dit komt voort uit het Beleidsplan schuldhulpverlening 2021-2024. Maatschappelijke impact Een dergelijke keuze kan de samenwerking met SUN Drechtsteden bemoeilijken. Bovendien raakt is het een vangnet voor onze inwoners: bij het ontbreken van SUND, of bij verminderde capaciteit van SUND, vervalt de mogelijkheid voor onze inwoners om een gift te ontvangen of een renteloze lening te krijgen in situaties van urgente nood. Zonder een renteloze lening vanuit het Sociaal Leenfonds kan een kleine schuld zich ontwikkelen tot een problematische schuld. Dit kan leiden tot een toename van het aantal aanmeldingen voor schuldhulpverlening. Impact dienstverlening Het is een externe partner dus het heeft niet direct invloed op onze dienstverlening. Maar de inwoner kan er in urgente situaties wel veel aan hebben. Als wij niet kunnen helpen dan kunnen we op dit moment wel doorverwijzen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Besparing is het subsidiebedrag €121.000,-. Voor Papendrecht is de besparing €11.000,- (via de Bijdrage GRS)

Advies: Maatregelen onderzoeken Er moet in beeld gebracht worden wat de effecten van deze maatregel zijn, en wat de alternatieven zouden kunnen zijn. In Papendrecht is er het Algemeen Sociaal Fonds Papendrecht (ASFP) dat aanvullend werkt op het aanbod van SUN Drechtsteden. Met ASFP zou verkend kunnen worden of zij mogelijk (een deel van) de hulpvragen die bij SUN Drechtsteden kan overnemen vanuit haar noodfonds.

Ombuigingsmaatregel 6 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Werken met een drempelbedrag voor de bijzondere bijstand

Inhoudelijke toelichting maatregel Wettelijk gezien mag je een drempelbedrag hanteren bij het toekennen van bijzondere bijstand. Deze maatregel regelt dat inwoners pas een aanvraag kunnen indienen als hun kosten een bepaald bedrag overstijgen. Dit voorkomt aanvragen van mensen die niet veel bijzondere noodzakelijke kosten hebben. Dit bedrag wordt landelijk jaarlijks vastgesteld en bedraagt per 1 januari 2026 een maximaal bedrag van €176,00 per 12 maanden. Maatschappelijke impact Je vraagt aan mensen om tot een bepaald bedrag kosten zelf te dragen. Niet veel gemeenten doen dit. Het kan in de beeldvorming negatief worden uitgelegd. Impact dienstverlening Inwoners moeten een groter bedrag zelf betalen waardoor je de kosten voor bijzondere bijstand omlaag brengt. Daarnaast verlaag je de uitvoeringskosten omdat er minder aanvragen binnenkomen voor kleine bedragen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Een exacte berekening is mogelijk, maar niet op korte termijn. Een inschatting op basis van bestand is de besparing lager dan €50.000,- regionaal. Het bedrag zal lokaal voor Papendrecht laag zijn. Advies; Niet invoeren Het beleid van de Papendrechtse raad is afgelopen jaren gericht geweest op meer inzet op armoedebestrijding. In dat licht raden we deze maatregel af.

De impact op inwoners is groot, de besparing zou moeten worden berekend maar de verwachting is dat deze zeer klein is, regionaal maar €50.000,-.

Ombuigingsmaatregel 7 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Persoonlijk minimabudget: Stoppen met extra bedrag voor kinderen tot 18 jaar

Inhoudelijke toelichting maatregel Bij het PMB hanteren momenteel zes van de zeven deelnemende gemeenten een extra bedrag voor gezinnen met kinderen tussen de 13 en 18 jaar. Maatschappelijke impact Inwoners met kinderen krijgen op dit moment een aanvullend bedrag. Dit is bedoeld voor kinderen tot 18 jaar. Dit bedrag is ook bedoeld om kosten te compenseren die deze inwoners maken. Het bedrag is niet dusdanig hoog dat het grote gevolgen heeft voor het besteedbare inkomen. Daarbij komt dat er sinds de regionale invoering van dit kindbedrag landelijke inkomensverbeteringen zijn doorgevoerd voor gezinnen met kinderen (o.a. verhoging kindgebonden budget) Impact dienstverlening Een verslechtering is altijd lastig voor inwoners maar door landelijke regeling heeft het geen grote invloed op het besteedbaar inkomen. Op onze dienstverlening heeft het geen invloed. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing In 2025 zijn er 760 betalingen gedaan, voor een totaalbedrag van €76.300, ten behoeve van huishoudens met kinderen. Stoppen met het toekennen van het extra bedrag voor kinderen tot 18 jaar leidt tot een besparing van €76.300. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €7.000,-.

Advies: Invoeren Het effect voor inwoners is beperkt. Zij kunnen ook aanspraak maken op St. Leergeld. De Minima Effect Rapportage laat zien dat deze maatregel moet kunnen. Bovendien constateren we dat deze gezinnen er, door diverse maatregelen, er in de afgelopen jaren op vooruit zijn gegaan.

Ombuigingsmaatregel 8 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Medische kosten

Inhoudelijke toelichting maatregel Het huidige beleid voor bijzondere bijstand bevat onderdelen die ruimer zijn dan de Participatiewet vereist. Medische kosten zijn hier een onderdeel van. Onder medische kosten vallen onder andere tandartskosten, orthodontie en eigen bijdrage voor medicijnen. Maatschappelijke impact Negatieve maatschappelijke effecten zijn te verwachten. Hoge zorgkosten kunnen leiden tot financiële problemen omdat inwoners met een laag inkomen weinig tot geen buffer hebben. Daarnaast kan het leiden tot zorgmijding. De coulance op medische kosten is toegevoegd bij de herijking van het minimabeleid per 2023, op wens van de raden en op basis van praktijksignalen van SUN Drechtsteden. Impact dienstverlening Het is voor dit soort maatregelen belangrijk om een samenhang te zien en balans te zoeken. Deze kosten hangen samen met bijvoorbeeld de collectieve zorgverzekering. Met name inwoners met hoge zorgkosten (chronisch zieken en gehandicapten) kunnen hierdoor anders geraakt worden. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing In 2025 is aan 396 klanten een totaalbedrag van €160.000,- verstrekt voor medische kosten. De verstrekkingen hadden betrekking op fysiotherapie, orthodontie, tandartskosten, orthopedische kosten en opticienkosten. Bij beëindiging van deze regeling vervallen deze uitgaven.

Voor Papendrecht is de verwachte besparing €10.000,-.

Advies: Niet invoeren Bij de herijking van het beleid in 2023 is deze verruiming op verzoek van de raden ingevoerd. Wij achten dit bestuurlijke standpunt leidend. Juist tandarts- en andere zorgkosten die buiten de basisverzekering vallen zijn vaak lastig te betalen voor deze doelgroep. De gevolgen kunnen zeer hard (pijnlijk) zijn.

Ombuigingsmaatregel 9 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Stoppen met regeling tegemoetkoming eigen bijdrage kinderopvang.

Inhoudelijke toelichting maatregel De regeling vergoedt de eigen bijdrage van de kinderopvangtoeslag. Er komt momenteel maar een kleine doelgroep in aanmerking voor deze regeling (werkende armen tot 130% WSM) en deze doelgroep is lastig te bereiken. Maatschappelijke impact Gezien de beperkte omvang van deze regeling is de totale maatschappelijke impact minimaal. Voor een individuele inwoner kan het wel financiële impact hebben want voor minima kan de eigen bijdrage van 4% van de totale kinderopvangkosten een groot maandelijks bedrag zijn. Voor een inwoner kan dit een drempel zijn om te gaan werken. Impact dienstverlening Zie maatschappelijke impact. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De besparing betreft de begroting 2027. Het scheelt aanvullend op het bovenstaande bedrag nog wat apparaatskosten. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €3.000,-.

Advies: Niet invoeren

-

Gezien het geringe financiële effect maar de hoge impact voor de inwoners, adviseren we om deze maatregel niet door te voeren. Het belemmert eventueel de stap naar werk. De besparing voor één persoon die vanuit de uitkering (parttime of geheel) kan gaan werken is al hoger dan besparing door de maatregel.

Ombuigingsmaatregel 10 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Eigen bijdrage peuteropvang

Inhoudelijke toelichting maatregel Het huidige beleid voor bijzondere bijstand bevat onderdelen die ruimer zijn dan de Participatiewet vereist. In ons bijzondere bijstandsbeleid staat nu opgenomen dat we voor inwoners de eigen bijdrage voor de peuteropvang vergoeden. Dit is een relatief kleine kostensoort. Maatschappelijke impact Het is een kleine regeling waar weinig gebruik van wordt gemaakt, ook wegens de complexiteit van de regeling. In Dordrecht bestaat inmiddels al een alternatief voor deze regeling: Dordrecht stelt de eigen bijdrage direct zelf op nihil voor lage inkomens. Zo is er geen aanvraag meer nodig en worden veel meer inwoners ‘bereikt’. Impact dienstverlening Het is een kleine regeling en er wordt niet veel gebruik van gemaakt. Dus de impact is klein. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De begroting voor de eigen bijdrage peuteropvang bedraagt voor 2027 €13.000,- Omdat hiervoor geen juridische verplichting bestaat, leidt het beëindigen van deze regeling tot een jaarlijkse besparing van €13.000,-. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €2.000,-.

Advies: Maatregel onderzoeken Het financieel effect zal zeer laag zijn dus in principe Niet invoeren. Het treft een kwetsbare doelgroep.

-

Aangeven interesse te hebben in het invoeren naar Dordts model: voor lage inkomens wordt de eigen bijdrage op €0,- gezet. Dit maakt het bereik van het armoedebeleid hoger.

Ombuigingsmaatregel 11 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Collectieve Zorgverzekering voor Minima: Vermogensgrens hanteren (met behulp van Bureau InformatieDiensten Nederland)

Inhoudelijke toelichting maatregel De CZM is bedoeld om inwoners met een laag inkomen toegang te bieden tot goede en betaalbare zorg. Er wordt géén vermogensgrens gehanteerd (in tegenstelling tot bijvoorbeeld algemene en bijzondere bijstand). Het idee is om een vermogensgrens te hanteren die gelijk is aan de algemene bijstand. Maatschappelijke impact Het maatschappelijke effect hiervan is dat inwoners met een laag inkomen en een té hoog vermogen mogelijk zorg zullen gaan vermijden. Eventuele effecten hiervan zijn zorgschulden met de daarbij behorende gevolgen zoals een bestuurlijke premie en/of schuldhulp. Impact dienstverlening

/ Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Voor 2027 bedraagt de begroting €2.800.000,-. Naar schatting heeft ongeveer 1/3 van de huidige ontvangers van de Gemeentepolis een té hoog vermogen o.b.v. de vermogensgrens en daarom geen recht meer op de regeling, wat tot een mogelijke besparing van 1/3 van het bedrag €2.800.000,- bedraagt €930.000,-. Advies: Maatregel onderzoeken We staan open voor deze maatregelen, maar het is nog onduidelijk welke inkomensen vermogensgrens gehanteerd wordt. En wat dan het precieze financiële effect is. De potentiële besparing lijkt echter substantieel dus we vragen de GRS deze maatregel te preciseren.

Ombuigingsmaatregel 12 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Inkomensgrens Collectieve Zorgverzekering voor minima verlagen van 130% naar 120%

Inhoudelijke toelichting maatregel De CZM is bedoeld om inwoners met een laag inkomen toegang te bieden tot goede en betaalbare zorg. De gemeenten betalen een deel (€13,50 of €27,00) van de maandelijkse premie. De inkomensgrens van de Gemeentepolis bedraagt voor het verzekeringsjaar 2026 130% van het WML. Dat is €3.153,10 bruto per maand, inclusief 8% vakantiegeld. Dit ligt flink boven het wettelijk sociaal minimum. Maatschappelijke impact Zodra de inkomensgrens van de Gemeentepolis wordt verlaagd zal er minder toegang zijn tot uitgebreidere zorg voor een inwoners en een toename van schuldenproblematiek. Een belangrijk aspect hierin is dat de Gemeentepolis zowel een basis als ook een aanvullende verzekering heeft. Dat houdt dus ook in dat mondzorgkosten worden vergoed, een probleem wat vorig jaar nog landelijke aandacht heeft gehad i.v.m. mondzorgmijding. Bij een verlaging van 130% naar 120% WML zal dit effect beperkt zijn omdat de inkomensgrens momenteel vrij hoog ligt. Impact dienstverlening De doelgroep die hiervan gebruik maakt is te omschrijven als kwetsbaar in ieder geval qua gezondheid. Zij lopen het risico op hoge zorgkosten anders zouden ze waarschijnlijk deze zorgpolis niet afsluiten. Het verlagen van de inkomensgrens heeft effect op deze doelgroep. Hoge zorgkosten hebben impact op financiële kwetsbaarheid.

Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Voor 2027 begroten we een bedrag €2.800.000,-. Als de inkomensgrens van de Gemeentepolis wordt verlaagd van 130% WML naar 120% WML heeft dit impact op de groep 130% WML. Deze groep betreft ongeveer 20% van de totale doelgroep. Naar schatting maakt circa 5% van deze groep gebruik van de regeling, wat neerkomt op een afname van 5%. Deze afname vertaalt zich naar een besparing van €140.000,-.

Advies: Niet invoeren

-

Dit heeft mogelijk grote gevolgen voor inwoners met een kleine beurs. Met loopt het risico op de armoedeval.

Ombuigingsmaatregel 13 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Collectieve Zorgverzekering voor Minima: Stoppen met het aanbieden van het Gemeentepakket in samenwerking met VGZ.

Inhoudelijke toelichting maatregel De CZM is bedoeld om inwoners met een laag inkomen toegang te bieden tot goede en betaalbare zorg. We kunnen stoppen met het aanbieden van het Gemeentepakket in samenwerking met VGZ. Het contract met VGZ loopt tot en met 2027. Dat houdt praktisch in dat er over het jaar 2028 verzekerd kan worden via de Gemeentepolis. Maatschappelijke impact Minder toegang tot zorg voor een groot gedeelte van onze inwoners. Daarbij is het maatschappelijke effect eventueel ook een grotere aanspraak op bijzondere bijstand maar wellicht ook een toename in aanmeldingen schuldhulpverlening. Daarnaast hanteert VGZ een coulante betalingsregeling bij achterstanden die her instroom in de Gemeentepolis eenvoudig maakt en het doorverwijzen naar CAK zo veel mogelijk voorkomt. Impact dienstverlening In het najaar van 2025 en het begin van 2026 hebben de GR Sociaal en VGZ gezamenlijk een pilot uitgevoerd op het SamenWerkplein in het kader van het Programma inrichten overheidsbrede loketten. VGZ was wekelijk aanwezig en inwoners konden met hun vragen over de polis, betalingsachterstanden en andere zaken terecht. Ook verwezen zij warm door naar partners. Eind februari 2026 heeft VGZ aangegeven de samenwerking te willen voortzetten. In de planvorming is het voornemen om meer in te zetten op jongeren en vroegsignalering. Op dit tweede punt wordt al samengewerkt met de GRS.

Het stopzetten van de Gemeentepolis zal dan ook negatieve gevolgen hebben voor de integraliteit en kwaliteit van onze dienstverlening. Daarbij zal ook de relatie met VGZ als strategisch partner geschaad worden, voornamelijk op het terrein van vroegsignalering, preventie en zorg. De eventuele beëindiging raakt niet alleen de zorgverzekering zelf, maar ook bredere samenwerkingsdoelen binnen het sociaal domein. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Voor 2027 bedraagt de begroting van de collectieve zorgverzekering €2.800.000,-. Stoppen met het aanbieden van het Gemeentepakket in samenwerking met VGZ leidt tot een verlaging van de totale begroting.

Advies: Niet invoeren, wel onderzoeken. Afschaffen van de collectieve zorgverzekering heeft mogelijk grote gevolgen voor de inwoner, zeker wanneer zij hoge zorgkosten hebben. Wel kan onderzocht worden of het bij een nieuwe aanbesteding ook mogelijk is om een beperkter aanbod onderdeel te laten zijn van de collectieve verzekering of dat individuele gemeenten de keus kunnen maken om niet of beperkter af te nemen. Mogelijk levert dat wel besparingsmogelijkheden op.

Ombuigingsmaatregel 14 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Terugwerkende kracht van zes maanden naar één maand

Inhoudelijke toelichting maatregel Het huidige beleid voor bijzondere bijstand bevat onderdelen die ruimer zijn dan de Participatiewet vereist. Momenteel kunnen inwoners met zes maanden terugwerkende kracht bijzondere bijstand aanvragen. Wettelijk gezien hoeft dat niet. Het terugbrengen van die periode naar één maand heeft twee voordelen. -

Het maakt het voor de uitvoering makkelijker om aanvragen af te handelen omdat er geen historische gegevens opgevraagd hoeven te worden. Daarnaast worden er minder aanvragen ingediend die feitelijk al voldaan zijn.

Extra argument is dat de Participatiewet dit jaar aangeeft dat bijstand (dus ook bijzondere bijstand) maximaal met drie maanden terugwerkend kan worden verstrekt en alleen als individuele omstandigheden daar aanleiding toe geven. Deze zes maanden is dus voor veel aanvragen langer dan volgens de wet mag. Maatschappelijke impact Inwoners zullen dit wel merken omdat ze nu gewend zijn dat bijzondere bijstand met zes maanden terugwerkende kracht kan worden aangevraagd en verstrekt. Het zal vaker voorkomen dat inwoners een afwijzing ontvangen wegens te late aanvraag, waarmee ze de kosten zelf moeten betalen. Overgangsrecht moet worden overwogen. Impact dienstverlening

Het heeft wel wat invloed en vraagt om goede communicatie naar inwoners, maar als inwoners gewend zijn geraakt dat aanvragen binnen een bepaalde termijn ingediend moeten worden dan wordt dat snel gebruikelijk. Bovendien gaat het om kosten die waarschijnlijk allang betaald zijn. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het is lastig om hier een concreet bedrag aan te verbinden, aangezien geen aantallen beschikbaar zijn. De maatregel zal naar verwachting leiden tot een vermindering van de apparaats- en programmakosten. Advies: Invoeren Gezien de wettelijke aanpassing van 6 naar 3 maanden is dit feitelijk onvermijdelijk.

Ombuigingsmaatregel 15 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Persoonlijk minimabudget: PMB als voorliggende voorziening op de bijzondere bijstand

Inhoudelijke toelichting maatregel Wettelijk gezien is het mogelijk om het PMB als voorliggende voorziening op de bijzondere bijstand aan te merken. Dit betekent dat iemand die aanspraak kan maken op het PMB eerst dat PMB moet gebruiken om de bijzondere kosten te betalen. Maatschappelijke impact Het kan zijn dat inwoners worden genoodzaakt hun PMB te gebruiken voor kosten waar ze normaal bijzondere bijstand voor konden aanvragen. Dit heeft invloed op hun bestedingsruimte. Impact dienstverlening Het heeft geen invloed op onze dienstverlening. Voor de inwoner kan het effect hebben afhankelijk van hoe breed je dit trekt. Je kunt de keuze maken om het alleen voorliggend te maken wat betreft witgoed en inrichtingskosten. Dat zijn kosten waar inwoners normaal voor zouden moeten reserveren. A. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het is niet direct mogelijk om hier een bedrag aan te koppelen. Advies: Maatregel onderzoeken Deze maatregel heeft effect op de bestedingsruimte van inwoners en veronderstelt dat mensen in staat zijn een bufferbudget te sparen. Het financieel effect is ook onzeker. Daarom eerst nader onderzoeken.

Ombuigingsformulier Ombuigingsmaatregel 16 Bestaanszekerheid versterken 2. Maatregel

Vermogenstoets vereenvoudigen en vermogensgrens verlagen voor bijzondere bijstand

Inhoudelijke toelichting maatregel Bij de bijzondere bijstand hebben gemeenten beleidsvrijheid om te bepalen welke middelen inwoners moeten aanwenden om de kosten zelf te betalen. Het is tijdrovend werk om al die middelen in kaart te brengen. Daarnaast moeten inwoners veel aanleveren en worden bestanddelen meegenomen die moeilijk in geld zijn om te zetten. Een inwoner gaat niet zijn huis of auto verkopen om zijn bijzondere kosten te betalen. Met een toets op directe beschikbare geldmiddelen (banksaldo en crypto), zoals bij energietoeslag versimpel je de procedure voor inwoners en medewerkers. Een lagere vermogensgrens (vermogen boven een x bedrag aanwenden voor bijzondere kosten) corrigeert eventueel buiten beschouwing gelaten vermogen. Je kunt kiezen voor alle kostensoorten of voor algemene kosten waarvoor je geacht wordt te reserveren

Maatschappelijke impact Voor de inwoners heeft dit weinig impact, het kan worden uitgelegd als een verslechtering of als een verbetering. Dat hangt ook af van de exacte invulling. Impact dienstverlening Voor inwoners is het een versimpeling want ze hoeven minder aan te leveren. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Nadere informatie nodig om de besparing te berekenen, maar besparing betreft voornamelijk apparaatskosten. Advies: Maatregel onderzoeken De hoogte van de vermogensgrens is een politieke keuze. Ook wijkt een verlaagde vermogensgrens dan af van andere vermogensgrenzen en dit maakt het beleid mogelijk ingewikkelder voor de inwoners. Vereenvoudigen van de vermogenstoets zien we als goede ontwikkeling. We vragen u in beeld te brengen wat de besparing is als gekozen wordt voor alleen vereenvoudiging

Ombuigingsmaatregel 17 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Stoppen met stortingen in het sociaal leenfonds (SUN)

Inhoudelijke toelichting maatregel Het Sociaal Leenfonds is een gezamenlijk initiatief van SUN Drechtsteden en de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD). Het fonds is bedoeld om grotere schulden te voorkomen door tijdelijke financiële ondersteuning te bieden in de vorm van leningen. SUN Drechtsteden beheert het fonds, en de looptijd van een lening bedraagt doorgaans drie jaar. Maatschappelijke impact Het Sociaal Leenfonds is een vangnet voor inwoners met beperkte schulden (nog niet problematisch) én aflossingscapaciteit. Het Leenfonds probeert een opstapeling van schulden te voorkomen. Bij het wegbezuinigen van het Leenfonds is de kans groter dat schulden van onze inwoner sneller oplopen en zij uiteindelijk in een regulier schuldhulptraject terecht komen. Impact dienstverlening Het is een externe partner dus het heeft niet direct invloed op onze dienstverlening. Maar de inwoner kan er in urgente situaties wel veel aan hebben. Als wij niet kunnen helpen dan kunnen we op dit moment wel doorverwezen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het Leenfonds betreft een revolverend fonds. Bij achterstanden van klanten heeft dit invloed op het beschikbare saldo van dit fonds, waardoor SUN mogelijk geen nieuwe leningen kan verstrekken. Ongeveer een keer per twee jaar wordt een bedrag (€10.000,-) aan het Leenfonds gestort om het saldo aan te vullen.

Advies: Invoeren Er moet in beeld gebracht worden wat de effecten van deze maatregel zijn, en wat de alternatieven zouden kunnen zijn. In Papendrecht is er het Algemeen Sociaal Fonds Papendrecht (ASFP) dat aanvullend werkt op het aanbod van SUN Drechtsteden. Met ASFP of een andere lokale partij zou verkend kunnen worden of een vorm van een leenfonds past binnen haar aanbod.

Ombuigingsmaatregel 18 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Werken met afwijkende draagkracht- en toekenningsperiodes

Inhoudelijke toelichting maatregel Er wordt meestal gewerkt met een draagkracht- en toekenningsperiode van twaalf maanden, maar voor sommige doelgroepen of kostensoorten kan deze periode bewust langer worden vastgesteld. Dit kan zowel voor klanten als niet klanten worden toegepast. De draagkrachtperiode bedraagt 36 maanden bij doelgroepen met een vast laag inkomen (of onbepaalde tijd bij pensioen/AIO). De toekenningsperiode voor periodieke bijzondere bijstand loopt gelijk met die periode van 36 maanden gelijk, tenzij de kosten korter nodig zijn. Maatschappelijke impact Deze maatregel is prettig voor inwoners die jaarlijks dezelfde aanvraag moeten indienen. Bij langere toekenningen is dat niet meer nodig. Het beperkt de administratieve lasten van inwoners (en SDD). Impact dienstverlening Het heeft niet veel impact op de dienstverlening. Als het al impact heeft dan is die impact positief voor de inwoner. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het invoeren van afwijkende draagkracht- en toekenningsperiodes kan leiden tot een besparing op de apparaatskosten. Wanneer inwoners niet langer jaarlijks een aanvraag hoeven in te dienen, neemt het aantal aanvragen af, waardoor consulenten minder aanvragen hoeven af te handelen. De totale besparing is afhankelijk van de concrete uitwerking van deze maatregel.

Een exacte berekening is mogelijk, maar niet op korte termijn. Advies: Invoeren: Deze maatregel vermindert de administratieve last voor zowel de inwoners als de consulent. Wel zouden we graag meer zicht hebben op de doelgroepen waarop dit van toepassing zou zijn. En ook wel effecten die dit heeft op de workload van de consulenten.

Ombuigingsmaatregel 19 1. Opgave

Bestaanszekerheid versterken

2. Maatregel

Ambtshalve verstrekken van het PMB

Inhoudelijke toelichting maatregel Met ingang van 1 januari 2027 biedt de Participatiewet de mogelijkheid om de individuele inkomenstoeslag (in de Drechtsteden: het Persoonlijk Minimabudget) ambtshalve te verstrekken. Nu is dat wettelijk nog niet toegestaan en moet iedere inwoner zelf een aanvraag indienen, terwijl de SDD op basis van bestaande gegevens al kan vaststellen wie recht heeft op de toeslag. Jaarlijks worden circa 6.400 aanvragen ingediend, waarvan 5.250 door inwoners met een bijstandsuitkering die aantoonbaar recht hebben. Het verwerken van deze aanvragen kost gemiddeld 30–45 minuten per aanvraag en legt daarmee onnodig beslag op de uitvoeringscapaciteit. Maatschappelijke impact De maatschappelijke impact van deze maatregel is hoog. Het is voor inwoners een hele prettige ervaring als zij automatisch krijgen waar ze recht op hebben. Dit kan gezien worden als een voorloper van proactieve dienstverlening. Waarbij aanvullend opgemerkt wordt dat inwoners deze regeling eens in de twaalf maanden kunnen aanvragen. Op het moment dat inwoners het vergeten aan te vragen dan schuift die datum op. Dit ondervang je eveneens door het ambtshalve te verstrekken. Impact dienstverlening De maatregel leidt tot een verbetering. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing We verwachten dat de wijziging per saldo kostenneutraal uitvalt.

Door het nieuwe proces hoeven geen individuele aanvragen meer te worden afgehandeld, wat een aanzienlijke besparing in menselijk werk oplevert (geschat circa €200.000,- per jaar). Tegelijkertijd stijgt het bereik wat bijdraagt aan de doelstelling voor het bestrijden van armoede. Dit betekent dan wel dat de programmakosten stijgen doordat de toeslag voortaan ambtshalve wordt verstrekt. De uitvoeringsbesparing compenseren deze hogere uitgaven grotendeels. Omdat de huidige werkzaamheden worden uitgevoerd door medewerkers in vaste dienst, ontstaat de daadwerkelijke besparing pas op termijn, bijvoorbeeld bij natuurlijk verloop of wanneer medewerkers kunnen doorstromen naar functies waarvoor nu vacatures zijn.

Advies: Invoeren Deze maatregel draagt bij aan het verhogen van het bereik van doe doelgroep met een kleine beurs. Waarbij de hogere kosten worden gecompenseerd door lagere kosten in de uitvoering.

Ombuigingsmaatregel 20 1. Opgave

ONW

2. Maatregel

Loonkostenpremie uitbreiden

Inhoudelijke toelichting maatregel Loonkostenpremie is een financiële stimulans voor werkgevers om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen en te behouden. Voor de inzet hiervan loopt momenteel een pilot onder mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Dit gaat om een forfaitaire loonkostensubsidie voor inwoners zonder indicatie voor banenafspraak of beschut werk voor een periode van 6 maanden. Deze inzet richt zich vooral op de doelgroep statushouders die doorgaans zeer graag aan het werk gaan maar juist vaak extra lang in de uitkering zitten. De pilot blijkt succesvol om hen naar werk te helpen. Voorgesteld wordt deze pilot minimaal met een jaar te verlengen en afhankelijk van de verdere resultaten nader te continueren en eventueel uit te breiden c.q. te verbreden. Maatschappelijke impact Met de pilot wordt het voor werkgevers aantrekkelijker om statushouders in dient te nemen, waarbij een eventuele lagere arbeidsproductiviteit door taalachterstand en/of (culturele) omgangsvormen tijdelijk worden gecompenseerd. De mogelijkheden voor de inwoner naar betaald werk en een duurzaam dienstverband worden hiermee vergroot. Dit verkort de uitkeringsduur. Impact dienstverlening Zowel naar de werkgevers als de inwoners wordt de ingezette dienstverlening vanuit de pilot gecontinueerd.

Het doortrekken van de pilot biedt tevens een handvat in de richting van verdere beleidsontwikkeling rond de inzet van duale trajecten waarbij de inzet vanuit de Wet inburgering 2021 en de Participatiewet kunnen worden gecombineerd. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De kosten van de loonkostenpremie bedragen per inwoners circa €10.000,-. Met de dekking van de kosten van de loonkostenpremie is al rekening gehouden in de meerjarenbegroting Participatie. Na de aanpassing van de inzet wordt de premie in de meeste gevallen toegekend bij het bieden van jaarcontracten. De daarbij bespaarde uitkeringslasten bedragen daarbij circa €19.000,-. Indien de inzet wordt verlengd op basis van 50 inwoners per jaar betekent dit een totale besparing van de jaarlijkse uitkeringslasten van €475.000,- (50 uitkeringen met geleidelijke instroom baan gedurende het jaar). Het biedt continuïteit van het plaatsen van uitkeringsgerechtigden op een vast contract. Dit rechtvaardigt de investering. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €37.000,-. Advies: Invoeren De inzet van loonkostenpremie ten gunste van een doelgroep die door dit extra ondersteunend zetje sneller uit de uitkering raakt en zelfredzaam wordt door betaald werk vinden is een goede ontwikkeling. De pilot laat zien dat dit middel vruchten heeft afgeworpen.

De verwachte besparing is substantieel te noemen.

Ombuigingsmaatregel 21 1. Opgave

ONW

2. Maatregel

Baanbonus uitbreiden

Inhoudelijke toelichting maatregel De baanbonus is een financiële tegemoetkoming voor werkgevers die iemand met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst nemen of houden. Om het instrument baanbonus beter aan te sluiten op de inwoners in het bestand wordt voorgesteld om de urennorm voor de huidige baanbonus te verlagen naar 28 uur. Daarbij vindt in vrijwel alle gevallen volledige uitstroom uit de uitkering plaats. Ook wordt voorgesteld een nieuwe baanbonus in te stellen voor een urennorm van tussen de 27 en minimaal 16 uur. Enerzijds met bonusbedragen van €1.000,- bij een dienstverband van 6 maanden en anderzijds van €2.000,- bij 12 maanden. Aanpassing van de baanbonus stimuleert het gebruik t.o.v. de huidige situatie waardoor het beschikbare budget moet worden verruimd. Anderzijds worden met de aanpassing de uitkeringslasten via de BUIG gereduceerd. Maatschappelijke impact Inzet van de aangepaste baanbonus levert meer baanopeningen op voor de inwoners van de Drechtsteden die (nog) niet volledig in staat zijn uit te stromen naar een fulltimebaan. Het biedt meer mogelijkheden om gelijktijdig werkervaring op te doen en indien nodig, taalontwikkeling te stimuleren. Daarnaast blijft de GR Sociaal t.o.v. andere regio’s achter bij het aandeel parttime werkenden met een aanvullende uitkering. Deze maatregel draagt bij aan verbetering.

Impact dienstverlening Met de maatregel wordt zowel de kwaliteit van de dienstverlening naar de inwoner als de werkgevers in de regio verbeterd. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Door de aanpassing en verwachte toename van het gebruik moet het voor de baanbonus beschikbare budget van €40.000,- worden verhoogd tot €80.000,- Participatiemiddelen. De verwachting is dat er ongeveer 14 jaarcontracten en 28 halfjaarcontracten kunnen worden afgesloten wat resulteert in een geraamde afname van de uitkeringslasten (BUIG) van circa €285.000,- per jaar (afhankelijk van het aantal werkzame uren). Voor Papendrecht is de verwachte besparing €22.000,-. Advies: Invoeren De inzet van de baanbonus bij werkgevers ten behoeve van parttimewerk vinden wij positief. Het stimuleert werkgevers om parttimebanen aan te bieden en vergroot de kans dat inwoners in de bijstand, voor wie fulltime werken een brug te ver is, toch deels kunnen uitstromen en op die wijze mee kunnen doen. Het verlaagt ook het gemiddelde bijstandsbedrag. De potentiële besparing is redelijk substantieel te noemen.

Ombuigingsmaatregel 22 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Inzet Werk Ontwikkelpunt (WOP) voor uitvoering MAP

Inhoudelijke toelichting maatregel De uitvoering van de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) wordt momenteel op basis van aanbesteding uitgevoerd door een externe partij. De huidige overeenkomst kent een formele looptijd tot en met 31 december 2026 met een optie tot verlenging met 2 maal 1 jaar. De inhoudelijke invulling hiervan kent een overlap met het aanbod van het WOP voor de doelgroep statushouders. Overwogen kan worden om de uitvoering van de MAP volledig onder te brengen bij het Werk Ontwikkelpunt (WOP). Maatschappelijke impact Binnen de MAP wordt een oriëntatie geboden op werk en arbeidsmarkt in theorie en praktijk. De MAP is een verplicht onderdeel volgens de Wet inburgering en wordt aangeboden aan statushouders in de B1- en de Zroute en gezinsmigranten. Het biedt daarmee een koppeling met de uitvoering van de Participatiewet en vormt een eerste stap in de toeleiding naar betaald werk voor deze doelgroepen. Wenselijk is om alle verschillende initiatieven op dit vlak te bundelen binnen 1 uitvoerende organisatie, namelijk het WOP. Impact dienstverlening De oriëntatie op werk en arbeidsmarkt wordt momenteel vanuit een aantal verschillende organisaties geleverd, waardoor zowel situaties ontstaan van overleg als het vallen van hiaten.

Vanuit het oogpunt van zowel efficiëntie als doelmatigheid is het wenselijk om de inzet op dit vlak te stroomlijnen en zoveel mogelijk onder te brengen bij 1 organisatie om daarmee de kwaliteit van de dienstverlening naar de inwoners en in de richting van potentiële werkgevers. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De financiering van de MAP vindt momenteel plaats vanuit de SPUK Wet inburgering. In 2025 gaat het daarbij om een bedrag van €240.000,- aan uitvoeringskosten. Indien de uitvoering hiervan bij het WOP wordt belegd kan de uitvoerende capaciteit (indicatief €180.000,- SPUK Wet inburgering) uit dit budget worden gefinancierd. De besparing kan worden ingeboekt zodra het WOP hiervoor gereed is (vandaar de besparing in 2027 en 2028 onder voorbehoud). Advies: overnemen Als de GR Sociaal de MAP zelf kan aan te bieden wordt per saldo dezelfde dienstverlening geboden, maar tegen een lager bedrag. Evenwel leidt dit niet tot directe besparing in de begroting omdat de kosten worden gedekt door de specifieke uitkering (SPUK) van het Rijk Tegelijkertijd ontstaat er wel ruimte om meer te doen op het onderwerp aangezien de kosten lager worden. Voorwaarde is wel dat deze uitbreiding van taken van het MAP niet strijdig is met de toekomstige plannen van Drechtwerk.

Ombuigingsmaatregel 23 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Bemiddelen bij de poort

Inhoudelijke toelichting maatregel Wanneer een inwoner zich meldt voor een aanvraag levensonderhoud zit er een zekere vertraging in het proces. De medewerk aan de poort gaan aan de slag vanuit bestaanszekerheid en pas weken tot maanden later komt bemiddeling naar werk aan de orde. Sommige mensen kunnen echter veel sneller bemiddeld worden. Met deze maatregel kunnen poortmedewerkers bij het eerste gesprek direct bepalen of iemand bemiddelbaar is, zodat Bemiddeling meteen start en inwoners met arbeidskansen veel eerder richting werk gaan. Maatschappelijke impact Hoe langer een inwoner in de bijstand blijft, hoe groter de afstand tot de arbeidsmarkt. Uit onderzoek blijkt dat bemiddeling naar werk het meest succesvol is wanneer het binnen een jaar na aanvraag van de uitkering plaatsvindt. Langere periodes van inactiviteit kunnen leiden tot verlies van arbeidsmarktpotentieel. De maatschappelijke impact van uitstroom uit de bijstand is groot; het is goed voor de economie, arbeidsmarkt, kwaliteit van leven, druk op de zorg en veiligheid. Impact dienstverlening Dit heeft positief effect op de dienstverlening omdat inwoners sneller de juiste ondersteuning krijgen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De verwachte besparing is circa €219.000,- per jaar gebaseerd op = 6 weken bijstandsuitkering x 100 inwoners per jaar.

De voorinvestering betreft kosten voor het herinrichten proces, extra fte bemiddeling van €113.000,- (mogelijk te verschuiven van Ontwikkelen naar werk, naar bemiddeling). Voor Papendrecht is de verwachte besparing €17.000,-. Advies: Invoeren Langere periodes van inactiviteit kunnen leiden tot verlies van arbeidsmarktpotentieel. Hoe sneller bemiddeling start, hoe groter de kans op werk voor onze inwoners. Los van financiën is deze verbetering een logische en noodzakelijke ontwikkeling in de dienstverlening van de GR Sociaal. De verwachting besparing is redelijk substantieel.

Ombuigingsmaatregel 24 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Doorrekenen beleid niet uitkeringsgerechtigden (nuggers) in begroting

Inhoudelijke toelichting maatregel In het AB van 27 november 2025 is het besluit genomen om het instrumentarium van de Participatiewet uit te breiden naar een verschillende doelgroepen nuggers: kwetsbare jongvolwassenen (<27 jaar, wettelijk verplicht door wet van school naar duurzaam werk), UWV-doelgroepen en alle nuggers die zich in 2026 melden bij het regionaal Werkcentrum, waaronder statushouders. Daarbij is de opdracht gegeven dit eind 2026 te evalueren. Deze financieel technische maatregel houdt in dat de verwachte besparing op de BUIG ingeboekt wordt in de meerjarenbegroting. Maatschappelijke impact Geen. Impact dienstverlening Geen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Deze dienstverlening van nuggers wordt van ons gevraagd en verwacht door het Rijk. De besparingen zitten al verwerkt in de BUIG-middelen maar zijn lastig om te zetten in lokale opbrengsten. Het risico is dat

we een te rooskleurig beeld voorspellen en te weinig BUIG middelen ontvangen om onze begroting in te vullen. Het verwachte maatschappelijke rendement voor samenleving geheel: ca €900K (MKBA-rapportage, waaronder toegevoegde waarde economie, belastingopbrengsten overheid en desinvestering onderwijs). Toch zouden we graag zien dat de GR Sociaal een poging doet dit om te zetten in een effect op onze begroting.

Advies: Invoeren Het AB heeft al besloten de maatregel in te voeren. De besparingen zijn nog niet goed doorgerekend. Verzoek aan de GR Sociaal is om ook de financiële effecten door te berekenen en te verwerken in de P&C stukken.

Ombuigingsmaatregel 25 1. Opgave

Ontwikkelen naar werk

2. Maatregel

Stoppen met de ik-doe-mee-premie

Inhoudelijke toelichting maatregel De ik-doe-mee-premie is een bedrag van €250,- per jaar voor inwoners die onbetaalde activiteiten uitvoeren voor maatschappelijke organisaties. Hieronder vallen bijvoorbeeld vrijwilligerswerk, participatieplekken en bepaalde ontwikkelplekken. Voorwaarde is dat de inwoner doelgroep Participatiewet of nugger is en niet meer inkomen heeft dan 110% van het wettelijk sociaal minimum. Dit is bedoeld om inwoners de stimuleren om een actieve bijdrage aan de samenleving te leveren, en te activeren richting participatie en eventueel re-integratie. Maatschappelijke impact Er kan een verhoogd risico op uitval bij participatie- en ontwikkelplekken, zeker wanneer inwoners al vaker de premie ontvingen. Daarnaast is er minder stimulans om vrijwilligerswerk te gaan doen. In het kader van Participatiewet in balans (de herijking van de Participatiewet) zou het een tegendraadse beweging zijn om de ik-doe-mee-premie te stoppen. Daarin wordt juist gevraagd om beleid te maken op het organiseren van maatschappelijke participatie. Participatieplekken en ontwikkelplekken hebben hierin een essentiële rol. Voor een deel van de groeiende doelgroep is (onbetaalde) maatschappelijke participatie de enige manier om hen actief te krijgen. Ook draagt ‘meedoen’ bij aan zingeving, wat weer effect heeft op de gezondheid van kwetsbare inwoners.

Impact dienstverlening Inwoners die de premie al jaren ontvangen krijgen te maken een lager inkomen. Het betreft een kwetsbare groep die al langere tijd op een bestaansminimum zit. Dit werkt demotiverend. Nieuwe inwoners missen een stimulans om mee te gaan doen. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De structurele besparing op Participatie is €143.000,- per jaar. Dit bedrag is gebaseerd op historisch gegevens (participatieplekken en vrijwilligerswerk) over voorgaande jaren en toevoeging van de nieuwe doelgroep (ontwikkelplekken). De begroting wordt hiermee verlaagd. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €11.000,-. Advies: Niet invoeren

-

De besparing is redelijk substantieel maar betreft een groep die kwetsbaar is en moeilijk te activeren. Zij zit al langere tijd op een bestaansminimum en bij uitval leidt dat voor deze mensen vaak tot eenzaamheid en hogere kosten op andere domeinen.

Ombuigingsmaatregel 26 1. Opgave

Ontwikkelen naar werk

2. Maatregel

Stoppen met subsidie aan Stichting MBO

Inhoudelijke toelichting maatregel De subsidie aan stichting MBO Drechtsteden wordt stopgezet. Deze organisatie heeft een netwerk- en platformfunctie voor werkgevers in de Drechtsteden. Maatschappelijke impact Het in stand houden van een actief werkgeversnetwerk dat sociaal ondernemerschap promoot, is in het belang van de GR Sociaal en deelnemende gemeenten. We zijn afhankelijk van werkgevers voor het plaatsen van (kwetsbare) inwoners. Stichting MBO inspireert, adviseert en faciliteert werkgevers. Om die reden is het partnerschap van de GRS met de stichting relevant, het schrappen van de subsidie schaadt de relatie. Daarnaast acht de GRS de kans groot dat Stichting MBO alsnog op andere manieren zal proberen om de subsidie te verzamelen bij de individuele gemeenten of aanpalende organisaties. Impact dienstverlening Mogelijk hebben we minder kansen op het vinden van werkplekken voor onze inwoners. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het betreft een jaarlijkse subsidie van €83.000,-. Bij stopzetten verlaagt dit de lasten Participatie.

Advies: Niet invoeren Uit het regionale overleg is het advies gekomen aan de GRS, om in te zetten op het goed laten renderen van deze subsidie. Werkgevers zijn immers een belangrijke partner in het domein van participatie en ontwikkelen naar werk. Als zij zich openstellen voor de doelgroep en waar nodig ook (enige) begeleiding bieden, heeft dat ook nog eens een kostenbesparend effect op hun begroting. Als ze GRS hierin niet slaagt, worden zij gevraagd de subsidie te beëindigen. Dit advies zou daarmee leiden tot de code 'oranje'. Afgelopen periode hebben we vanuit de gemeente verkend of wij zelf de St. MBO zouden gaan subsidiëren en we zijn voornemens dit te doen op basis van de goede berichten uit andere gemeenten. En om het netwerk van potentiële werkgevers in Papendrecht beter in stelling te brengen voor deze doelgroep. In dat licht adviseren wij daarom toch om deze maatregel op rood, Niet invoeren te zetten. Uiteindelijk zullen we wel afhankelijk zijn van de regio, aangezien daarin het meestal aantal stemmen telt.

Ombuigingsmaatregel 27 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Stoppen met het Regionaal Welkomstprogramma Inburgeraars

Inhoudelijke toelichting maatregel Het regionale welkomstprogramma voor inburgeraars wordt in de Drechtsteden bij iedere nieuwe inburgeraar ingezet. In het welkomstprogramma wordt algemene en lokale informatie gedeeld over inburgeringstrajecten, de rechten en plichten die bij de Wet inburgering 2021 (Wi2021) komen kijken, voorzieningen vanuit de Drechtsteden en andere informatie met betrekking tot oriëntatie op de arbeidsmarkt die inburgeraars nodig hebben om hun inburgeringstraject succesvol af te ronden. Bij deze Ombuigingsmaatregel wordt het welkomstprogramma stopgezet. Dit levert arbeidsuren op en daarmee verlaagt het de lasten. Maatschappelijke impact Wanneer het welkomstprogramma wordt stopgezet voor inburgeraars leidt dit tot onjuiste en onvolledige informatievoorziening voor inburgeraars. Inburgeraars die net nieuw zijn in de Drechtsteden, spreken de Nederlandse taal vaak nog slecht en zullen moeite hebben met het vinden van informatie. Zonder welkomstprogramma wordt dit bemoeilijkt en dat kan leiden tot afwezigheid bij taallessen, afspraken met de consulent en eventuele examens. Uiteindelijk leidt dit er mogelijk toe dat het inburgeringstraject niet binnen de wettelijke termijn succesvol wordt afgerond, wat vervolgens de stap naar betaald werk, naturalisatie en integratie in de Nederlandse samenleving belemmerd.

Impact dienstverlening De kwaliteit van dienstverlening aan inburgeraars verslechterd wanneer de informatievoorziening aan het begin onvoldoende is. Het inburgeringstraject loopt vertraging op wanneer de inburgeraar niet voldoende weet wat zijn rechten en plichten zijn en hier niet goed over wordt geïnformeerd. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De besparing van arbeidskosten komt uit op €38.000,- aan apparaatslasten. Het betreft vaste formatie dus dit leidt tot frictiekosten. Voor Papendrecht is de verwachte besparing €3.000,-.

Advies: Niet invoeren Deze maatregel heeft een zeer klein financieel effect maar een groot maatschappelijk effect. Zonder is de kans groot dat processen minder soepel verlopen en het meer tijd kost voor de consulenten om deze groep naar werk te ontwikkelen waardoor zij langer in de bijstand blijven. De verwachting is dat dit netto geen of een heel beperkte besparing oplevert aangezien de doelgroep naar verwachting langer in de uitkering zal zitten.

Ombuigingsmaatregel 28 1. Opgave

Ontwikkelen naar Werk

2. Maatregel

Inzet WOP voor uitvoering participatiedeel van de Z-route

Inhoudelijke toelichting maatregel De uitvoering van het participatiedeel van de Z-route wordt momenteel op basis van aanbesteding uitgevoerd door een externe partij en beslaat minimaal inzet van 800 uur. Het participatiedeel is daarbij losgekoppeld van het taalaanbod van de Z-route. De invulling hiervan kent een overlap met het aanbod van het WOP voor de doelgroep statushouders. Wenselijk is om de uitvoering van het participatiedeel van de Zroute en de uitvoerende capaciteit van het Werk ontwikkelpunt (WOP) op termijn samen te voegen en formeel te beleggen bij het WOP. Maatschappelijke impact De deelnemers aan de Z-route kennen in principe een grote afstand tot de arbeidsmarkt en kennen een toeleiding naar participatieplekken, vrijwilligerswerk, ontwikkelplekken en betaald werk (ook via banenafspraak en beschut werk). Met de positionering van het WOP als uitvoerende partij van het participatiedeel van de Z-route wordt voor de deelnemers een duidelijke doorgaande lijn van toeleiding naar participatie en werk gecreëerd. De deelnemers krijgen dan minder te maken met verschillende uitvoerende organisaties. Impact dienstverlening Doordat de uitvoering wordt beperkt tot 1 partij waarbij een breed scala aan door- en uitstroom mogelijkheden wordt geboden, stijgt de kwaliteit van de dienstverlening voor de inwoners.

Daarnaast wordt hiermee nieuw arbeidspotentieel gegenereerd voor werkgevers in de regio. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De uitvoering van het participatiedeel van de Z-route wordt gefinancierd vanuit de SPUK Wet inburgering. Momenteel geldt hiervoor een trajectprijs van €3.750 per deelnemer gedurende het traject van 3 jaar. Per jaar gaat het om circa 250 deelnemers. De geschatte inzet is 2 fte benodigde formatie ad. €226.000,-. De jaarlijkse besparing Inkoop Z-route participatiedeel is €313.000,-, zijnde 250 deelnemers x 1/3 van €3.750 (bedrag is voor 3 jaar). Afgezet tegen de inzet participatiedeel in eigen beheer levert dit een besparing van jaarlijks €0,1 mln. De jaarlijkse besparing vanaf 2029 voor Papendrecht komt uit op ongeveer 9% wat gelijk zou staan aan €9.000,-, hoewel dit geen directe besparing in de begroting oplevert. Advies: Invoeren -

Als de GR Sociaal de Z-route zelf kan aan te bieden wordt per saldo dezelfde dienstverlening geboden, maar tegen een lager bedrag. Evenwel leidt dit niet tot directe besparing in de begroting omdat de kosten worden gedekt door de specifieke uitkering (SPUK) van het Rijk Tegelijkertijd ontstaat er wel ruimte om meer te doen op het onderwerp aangezien de kosten lager worden. Voorwaarde is wel dat deze uitbreiding van taken van het Z-route niet strijdig is met de toekomstige plannen van Drechtwerk.

Ombuigingsmaatregel 29 1. Opgave

ONW

2. Maatregel

Doortrekken Vroege Start

Inhoudelijke toelichting maatregel Met de openstelling van het AZC Dordrecht wordt het mogelijk om het inburgeringsproces al in het AZC te starten i.p.v. bij daadwerkelijke huisvesting in de Drechtsteden. Dit betekent dat er voorgefinancierd moet worden op inzet van uitvoerende formatie en een eerdere inzet van middelen uit de SPUK Wet inburgering. Anderzijds wordt met deze vroege inzet van inburgering tot het moment van huisvesting de kosten van de uitkering en de reiskosten tijdens het verblijf in het AZC bespaard. In het besluit van het AB in november 2025 voor de inzet op nuggers is een inzet op een pilot voor 75 statushouders financieel uitgewerkt. Gezien de capaciteit van het AZC (580 opvangplekken) is het wenselijk om de inzet op de Vroege Start door te trekken over de periode 2027 – 2030 met een gelijkblijvende extra instroom over de jaren 2027 en 2028. Maatschappelijke impact Statushouders die gekoppeld zijn aan de Drechtsteden kennen nu een verblijf van circa 2 jaar voordat huisvesting beschikbaar is. Door al op het AZC te starten met de inburgering (eventueel in combinatie met werk) wordt een nuttige dagbesteding geboden en worden ook risico’s van eventuele overlast voorkomen. Ook kan dit leiden tot een hogere slagingskans bij het voltooien van het inburgeringsproces.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1235/documents/18237