CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1a. Staat van wijzigingen omgevingsplan Bodem.pdf

Raadsvergadering Papendrecht 3 juli 2025, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 10: 1e wijziging omgevingsplan thema Bodem - Voorstel17.487 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

veiligheid, gezondheid en milieu niet geschaad mogen worden. Indien afgeweken wordt van de criteria in dit omgevingsplan, dan is het is mogelijk om een buitenplanse omgevingsvergunning voor afwijking op het omgevingsplan (BOPA) aan te vragen.

WAS Artikel 11.22

WORDT Artikel 11.26 Artikel 11.26 Afscherming bij opslaan grond Afscherming bij opslaan grond 1. Met het oog op het voorkomen van 1. Met het oog op het voorkomen van verontreiniging van de bodem met verontreiniging van de bodem met bodembedreigende stoffen wordt, bodembedreigende stoffen wordt, in aanvulling op paragraaf 4.122 in aanvulling op paragraaf 4.122 van het Besluit activiteiten van het Besluit activiteiten leefomgeving, bij het opslaan van leefomgeving, bij het opslaan van grond van de kwaliteitsklasse grond van de kwaliteitsklasse landbouw/natuur, wonen en landbouw/natuur, wonen en industrie: industrie: a. het depot grond afgeschermd a. het depot grond afgeschermd van de omgeving, en van de omgeving, en b. indien sprake is van b. indien sprake is van asbesthoudende grond: de asbesthoudende grond: de bovenzijde van het depot met bovenzijde van het depot met een zeil afgedekt. een zeil afgedekt. Er is sprake van asbesthoudende grond als meer dan 10 mg/kg droge stof asbest aanwezig is in de grond of als asbesthoudend materiaal zichtbaar aanwezig is in de partij grond. 2. Het eerste lid is niet van toepassing als de activiteit als vergunningplichtig is aangewezen in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving.

WAS Artikel 11.24

WORDT Artikel 11.28 Artikel 11.28 Oogmerken graven in de bodem Oogmerken graven in de bodem De regels in [paragraaf 11.1.5. Graven in De regels in [subparagraaf 11.2.5.2 en de bodem] zijn, in aanvulling op artikel 11.2.5.3] zijn, in aanvulling op artikel 11.1 11.1 [oogmerken bodem] gesteld met het [oogmerken bodem], gesteld met het oog oog op het zuinig gebruik van energie en op het zuinig gebruik van energie en grondstoffen en doelmatig beheer van grondstoffen en doelmatig beheer van afvalstoffen waarbij een balans wordt afvalstoffen waarbij een balans wordt nagestreefd tussen maatschappelijke nagestreefd tussen maatschappelijke ontwikkelingen en de bescherming van de ontwikkelingen en de bescherming van de bodemkwaliteit voor mens en milieu. bodemkwaliteit voor mens en milieu.

WAS Artikel 11.25

WORDT Artikel 11.29 Artikel 11.29 Toepassingsbereik graven in de Toepassingsbereik graven in de bodem met een kwaliteit onder of bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit bodemkwaliteit Deze paragraaf is van toepassing op de Deze subparagraaf is van toepassing op activiteit ‘graven in bodem met een de activiteit ‘graven in bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit’, interventiewaarde bodemkwaliteit’, bedoeld in bijlage IIA van het Besluit bedoeld in bijlage IIA van het Besluit activiteiten leefomgeving, als het activiteiten leefomgeving, als het bodemvolume waarin wordt gegraven bodemvolume waarin wordt gegraven meer is dan 25 m3. meer is dan 25 m3.

WAS Artikel 11.26

WORDT Artikel 11.30 Artikel 11.30 Maatwerkregel graven in de bodem Graven in de bodem met een met een kwaliteit onder of gelijk aan kwaliteit onder of gelijk aan de de interventiewaarde bodemkwaliteit interventiewaarde bodemkwaliteit Paragraaf 4.119 van het Besluit Paragraaf 4.119 van het Besluit activiteiten leefomgeving is van activiteiten leefomgeving is van overeenkomstige toepassing op het overeenkomstige toepassing op het graven in bodem met een gehalte PFOA graven in bodem met een gehalte PFOA (perfluoroctaanzuur) onder of gelijk aan (perfluoroctaanzuur) onder of gelijk aan 0,060 mg/kg droge stof. 0,060 mg/kg droge stof.

WAS Artikel 11.27

WORDT VERVALT Artikel 11.27

Maatwerkregel bodem en afval: tijdelijk uitnemen van grond 1. Bij het terugbrengen van grond op of nabij de locatie van uitname, bedoeld in artikel 4.1222a Besluit activiteiten leefomgeving, wordt de grond binnen hetzelfde werk binnen 25 meter van de herkomstlocatie en onder dezelfde omstandigheden teruggebracht. Daarbij mogen er geen aanwijzingen zijn dat de bodemkwaliteit op de locatie waar de grond wordt teruggebracht verslechtert. 2. In afwijking van het eerste lid kan grond binnen hetzelfde werk worden ontgraven en teruggebracht op afstanden groter dan 25 meter van de herkomstlocatie als:

Maatwerkregel bodem en afval: tijdelijk uitnemen van grond 5. Bij het terugbrengen van grond op of nabij de locatie van uitname, bedoeld in artikel 4.1222a Besluit activiteiten leefomgeving, wordt de grond binnen hetzelfde werk binnen 25 meter van de herkomstlocatie en onder dezelfde omstandigheden teruggebracht. Daarbij mogen er geen aanwijzingen zijn dat de bodemkwaliteit op de locatie waar de grond wordt teruggebracht verslechtert. 6. In afwijking van het eerste lid kan grond binnen hetzelfde werk worden ontgraven en teruggebracht op afstanden groter dan 25 meter van de herkomstlocatie als:

a. de bodemkwaliteit van het gehele werkgebied bekend is via minimaal een verkennend bodemonderzoek; en

a. de bodemkwaliteit van het gehele werkgebied bekend is via minimaal een verkennend bodemonderzoek; en

b. de terug te brengen grond van vergelijkbare of betere kwaliteit is dan de kwaliteit van de terugbrenglocatie.

b. de terug te brengen grond van vergelijkbare of betere kwaliteit is dan de kwaliteit van de terugbrenglocatie.

3. Bij de toepassing van het tweede lid wordt rekening gehouden met humane en ecologische risico's en de toekomstige gebruiksfunctie van de locatie. 4. Toepassing van het tweede en derde lid blijkt uit een grondstromenplan.

7. Bij de toepassing van het tweede lid wordt rekening gehouden met humane en ecologische risico's en de toekomstige gebruiksfunctie van de locatie. 8. Toepassing van het tweede en derde lid blijkt uit een grondstromenplan.

WAS Artikel 11.28

WORDT Artikel 11.31 Artikel 11.31 Maatwerkregel informatieplicht: voor Maatwerkregel informatieplicht: het begin van de activiteit voor het begin van de activiteit 1. Indien grond binnen hetzelfde werk In aanvulling op artikel 4.1220 van het wordt ontgraven en teruggebracht Besluit activiteiten leefomgeving worden op afstanden groter dan 25 meter tenminste een week voor het begin van van de herkomstlocatie, wordt, in de activiteit aan het bevoegd gezag extra aanvulling op artikel 4.1220 van gegevens en bescheiden verstrekt in het Besluit activiteiten verband met de risico’s bij het graven in leefomgeving, ook een verkennend de bodem. bodemonderzoek en het In aanvulling op artikel 4.1220 van het grondstromenplan, bedoeld in Besluit activiteiten leefomgeving worden artikel 11.27 [maatwerkregel tenminste een week voor het begin van bodem en afval: tijdelijk uitnemen de activiteit aan het bevoegd gezag extra van grond], verstrekt. gegevens en bescheiden verstrekt in 2. Het verkennend bodemonderzoek verband met de risico’s bij het graven in wordt ook verstrekt in het de bodem. bestandsformaat XML. In aanvulling op artikel 4.1220 van het Besluit activiteiten leefomgeving worden tenminste een week voor het begin van de activiteit aan het bevoegd gezag extra gegevens en bescheiden verstrekt in verband met de risico’s bij het graven in de bodem. 3.

In aanvulling op artikel 4.1220 van het Besluit activiteiten leefomgeving worden tenminste een week voor het begin van de activiteit aan het bevoegd gezag extra gegevens en bescheiden verstrekt in verband met de risico’s bij het graven in de bodem. Toelichting In lid 1 wordt aangegeven dat de gegevens waaruit blijkt dat wordt voldaan aan het vorige artikel ook als onderdeel van de informatieplicht bij de milieubelastende activiteit " Graven in de bodem gelijk aan of beneden de interventiewaarde met een volume van meer dan 25 m3" moeten worden verstrekt. In lid 2 wordt aangegeven dat het bodemonderzoek ook in XML-format moet worden ingediend. Dit XML-format gebruikt het bevoegd gezag om invulling te geven aan de Wet basisregistratie ondergrond.

In dit artikel wordt aangegeven welke gegevens nog meer als onderdeel van de informatieplicht bij de milieubelastende activiteit moeten worden verstrekt. De gevraagde gegevens hier betreffen enkele vragen over de milieubelastende activiteit, zoals of sprake is van verschillende kwaliteiten grond. Deze gegevens zijn wel bekend, alleen bij ontvangst van de melding niet digitaal toegankelijk. Het gaat dus om gegevens die bij de aanvrager bekend zijn. De gegevens zijn bedoeld om de risico's van de graafactiviteit inzichtelijk te maken. Dit stelt het bevoegd gezag in staat tot een risico gestuurde uitvoering van de VTHtaken.

In lid 3 wordt aangegeven welke gegevens nog meer als onderdeel van de informatieplicht bij de milieubelastende activiteit moeten worden verstrekt. De gevraagde gegevens hier betreffen enkele vragen over de milieubelastende activiteit, zoals of sprake is van verschillende kwaliteiten grond. Deze gegevens zijn wel bekend, alleen bij ontvangst van de melding niet digitaal toegankelijk. Het gaat dus om gegevens die bij de aanvrager bekend zijn. De gegevens zijn bedoeld om de risico's van de graafactiviteit inzichtelijk te maken. Dit stelt het bevoegd gezag in staat tot een risico gestuurde uitvoering van de VTHtaken.

Reikwijdte Dit artikel heeft betrekking op de gegevens en bescheiden die voor het begin van een activiteit moeten worden verstrekt. In aanvulling op de gegevens en bescheiden van artikel 4.1220 van het Besluit activiteiten leefomgeving moeten ook gegevens en bescheiden worden verstrekt over de risico's van de activiteit.

Reikwijdte Dit artikel heeft betrekking op de gegevens en bescheiden die voor het begin van een activiteit moeten worden verstrekt. In aanvulling op de gegevens en bescheiden van artikel 4.1220 van het Besluit activiteiten leefomgeving moeten ook gegevens en bescheiden worden verstrekt ten aanzien van terugplaatsing van grond 'op en nabij' locatie van herkomst en de risico's van de activiteit. WAS Artikel 11.29

WORDT Artikel 11.32 Artikel 11.32 Toepassingsbereik graven in de Toepassingsbereik graven in de bodem met een kwaliteit boven de bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit interventiewaarde bodemkwaliteit Deze paragraaf is van toepassing op de Deze subparagraaf is van toepassing op activiteit ‘graven in bodem met een de activiteit ‘graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit’, bedoeld in bijlage IIA van bodemkwaliteit’, bedoeld in bijlage IIA van het Besluit activiteiten leefomgeving, als het Besluit activiteiten leefomgeving, als het bodemvolume waarin wordt gegraven het bodemvolume waarin wordt gegraven meer is dan 25 m3. meer is dan 25 m3.

WAS Artikel 11.30

WORDT Artikel 11.33 Artikel 11.33 Maatwerkregel graven in de bodem Graven in de bodem met een met een kwaliteit boven de kwaliteit boven de interventiewaarde interventiewaarde bodemkwaliteit bodemkwaliteit Paragraaf 4.120 van het Besluit Paragraaf 4.120 van het Besluit activiteiten leefomgeving is ook van activiteiten leefomgeving is van toepassing op het graven in bodem met overeenkomstige toepassing op het een gehalte PFOA (perfluoroctaanzuur) graven in de bodem met een gehalte van meer dan 0,060 mg/kg droge stof. PFOA (perfluoroctaanzuur) van meer dan

0,060 mg/kg droge stof. Toelichting Uitleg artikel Met dit artikel wordt de milieubelastende activiteit "graven in de bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit" ook van toepassing verklaard als dit gaat om graven in grond met een kwaliteit voor PFOA boven de INEV (Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging), wat een vergelijkbare waarde is als de interventiewaarde. Reikwijdte en werking Bij het graven in de bodem met een bodemvolume groter dan 25 m3 waarin een sterke verontreiniging (gehalten boven de INEV) met PFOA voorkomt is de milieubelastende activiteit "graven in de bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit" toepassing. Dit betekent dat de algemene regels die gelden voor het graven in sterk met reguliere stoffen verontreinigde grond nu ook gelden voor het graven in sterk met PFOA verontreinigde grond. De regels geven onder andere aan dat milieuhygiënisch gewerkt moet worden en dat er een meldplicht is.

WAS Artikel 11.32

Uitleg artikel Met dit artikel worden de regels van het Bal over de milieubelastende activiteit "graven in de bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit" van overeenkomstige toepassing verklaard als dit gaat om graven in grond met een kwaliteit voor PFOA boven de INEV (Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging), wat een vergelijkbare waarde is als de interventiewaarde. Reikwijdte en werking Bij het graven in de bodem met een bodemvolume groter dan 25 m3 waarin een sterke verontreiniging (gehalten boven de INEV) met PFOA voorkomt zijn de regels van het Bal voor de milieubelastende activiteit "graven in de bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit" van overeenkomstige toepassing. Dit betekent dat de algemene regels die gelden voor het graven in sterk met reguliere stoffen verontreinigde grond nu ook gelden voor het graven in sterk met PFOA verontreinigde grond. De regels geven onder andere aan dat milieuhygiënisch gewerkt moet worden en dat er een meldplicht is.

WORDT Artikel 11.35 Artikel 11.35

Maatwerkregel informatieplicht: voor het begin van de activiteit

Maatwerkregel informatieplicht: voor het begin van de activiteit

In aanvulling op artikel 4.1226 van het Besluit activiteiten leefomgeving worden tenminste vier weken voor het begin van de activiteit aan het bevoegd gezag extra gegevens en bescheiden verstrekt in verband met de risico’s bij de het graven in de bodem.

1. In aanvulling op artikel 4.1226 van het Besluit activiteiten leefomgeving worden tenminste vier weken voor het begin van de activiteit aan het bevoegd gezag extra gegevens en bescheiden verstrekt in verband met de risico’s bij de het graven in de bodem. 2. In afwijking van het eerste lid, geldt bij het tijdelijk uitnemen van grond een termijn van een week, als bedoeld in artikel 4.1226, derde lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving.

WAS Artikel 11.33

WORDT Artikel 11.36 Artikel 11.36 Oogmerken saneren van de bodem Oogmerken saneren van de bodem De regels in paragraaf 11.2.6 Saneren van de bodem zijn, in aanvulling op artikel 11.1 [oogmerken bodem], gesteld met het oog op:

De regels in subparagraaf 11.2.6.2 en 11.2.6.3 zijn, in aanvulling op artikel 11.1 [oogmerken bodem], gesteld met het oog op:

a. het beschermen en verbeteren van de kwaliteit van de bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van het watersysteem; b. het beschermen van het milieu waarbij een balans wordt nagestreefd tussen maatschappelijke ontwikkelingen en de bescherming van de bodemkwaliteit voor mens en milieu.

a. het beschermen en verbeteren van de kwaliteit van de bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van het watersysteem; b. het beschermen van het milieu waarbij een balans wordt nagestreefd tussen maatschappelijke ontwikkelingen en de bescherming van de bodemkwaliteit voor mens en milieu.

WAS Artikel 11.36

WORDT Artikel 11.39 Artikel 11.39 Maatwerkregel saneringsaanpak: Maatwerkregel saneringsaanpak: aanbrengen laag grond of aanbrengen laag grond of baggerspecie baggerspecie Met het oog op het beschermen van de Met het oog op het zuinig gebruik van gezondheid en het beschermen van de energie en grondstoffen en het kwaliteit van de bodem heeft, in afwijking beschermen van het milieu heeft, in van artikel 4.1241, derde lid, onder b, van afwijking van artikel 4.1241, derde lid, het Besluit activiteiten leefomgeving, een onder b, van het Besluit activiteiten laag grond of baggerspecie die wordt leefomgeving, een laag grond of aangebracht als afdeklaag de minimale baggerspecie die wordt aangebracht als dikte opgenomen in tabel 11.36.1 voor afdeklaag de minimale dikte opgenomen het betreffende bodemgebruik. in tabel 11.39.1 voor het betreffende bodemgebruik. Tabel 11.36.1: minimale dikte van de Tabel 11.39.1: minimale dikte van de afdeklaag afdeklaag Minimale Bodemgebruik dikte leeflaag Minimale Bodemgebruik (in cm) dikte leeflaag (in cm) 50 Industrie- en bedrijventerreinen, 50 Industrie- en groenzones industriebedrijventerreinen, en bedrijventerrein, groenzones industriezonneparken en en bedrijventerrein, wegbermen zonneparken en wegbermen

WAS Artikel 11.33

WORDT Artikel 11.36 Artikel 11.36 Oogmerken saneren van de bodem Oogmerken saneren van de bodem De regels in paragraaf 11.2.6 Saneren van de bodem zijn, in aanvulling op artikel 11.1 [oogmerken bodem], gesteld met het oog op:

De regels in subparagraaf 11.2.6.2 en 11.2.6.3 zijn, in aanvulling op artikel 11.1 [oogmerken bodem], gesteld met het oog op:

a. het beschermen en verbeteren van de kwaliteit van de bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van het watersysteem; b. het beschermen van het milieu waarbij een balans wordt nagestreefd tussen maatschappelijke ontwikkelingen en de bescherming van de bodemkwaliteit voor mens en milieu.

a. het beschermen en verbeteren van de kwaliteit van de bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van het watersysteem; b. het beschermen van het milieu waarbij een balans wordt nagestreefd tussen maatschappelijke ontwikkelingen en de bescherming van de bodemkwaliteit voor mens en milieu.

WAS Artikel 11.34

WORDT Artikel 11.37 Artikel 11.37 Toepassingsbereik saneren Toepassingsbereik saneren Deze paragraaf is van toepassing op de Deze subparagraaf is van toepassing op activiteit ‘saneren van de bodem’. de activiteit ‘saneren van de bodem’.

WAS Artikel 11.36

WORDT Artikel 11.39 Artikel 11.39 Maatwerkregel saneringsaanpak: Maatwerkregel saneringsaanpak: aanbrengen laag grond of aanbrengen laag grond of baggerspecie baggerspecie Met het oog op het beschermen van de Met het oog op het zuinig gebruik van gezondheid en het beschermen van de energie en grondstoffen en het kwaliteit van de bodem heeft, in afwijking beschermen van het milieu heeft, in van artikel 4.1241, derde lid, onder b, van afwijking van artikel 4.1241, derde lid, het Besluit activiteiten leefomgeving, een onder b, van het Besluit activiteiten laag grond of baggerspecie die wordt leefomgeving, een laag grond of aangebracht als afdeklaag de minimale baggerspecie die wordt aangebracht als dikte opgenomen in tabel 11.36.1 voor afdeklaag de minimale dikte opgenomen het betreffende bodemgebruik. in tabel 11.369.1 voor het betreffende bodemgebruik. Tabel 11.36.1: minimale dikte van de Tabel 11.39.1: minimale dikte van de afdeklaag afdeklaag Minimale dikte Bodemgebruik leeflaag (in cm) Minimale dikte Bodemgebruik leeflaag (in cm) 50 Industrie- en bedrijventerreinen, 50 Industrie- en groenzones bedrijventerreinen, industrie- en groenzones

bedrijventerrein, zonneparken en wegbermen

WAS Artikel 11.37

industrie- en bedrijventerrein, zonneparken en wegbermen

WORDT Artikel 11.40 Artikel 11.40

Toelichting Uitleg artikel In artikel 4.1242 van het Besluit activiteiten leefomgeving is te lezen dat, bij verwijdering van een verontreiniging als saneringsaanpak, de verontreiniging moet worden verwijderd tot onder of gelijk aan de waarde die gelijk is aan de waarde voor de bodemfunctieklasse van die locatie. Ten aanzien van lood en PFOA gelden voor een aantal gebruiksfuncties met dit artikel lokale waarden.

Uitleg artikel In artikel 4.1242 van het Besluit activiteiten leefomgeving is te lezen dat, bij verwijdering van een verontreiniging als saneringsaanpak, de verontreiniging moet worden verwijderd tot onder of gelijk aan de waarde die gelijk is aan de waarde voor de bodemfunctieklasse van die locatie. Ten aanzien van lood en PFOA gelden voor een aantal gebruiksfuncties met dit artikel lokale waarden.

In principe hoeven alleen die stoffen te worden gesaneerd, die in sterk verhoogde gehalten voorkomen (in gehalten die de toelaatbare kwaliteit van de bodem overschrijden). Dit wordt met aanhaling van artikel 11.55 [WAARDEN VOOR DE TOELAATBARE KWALITEIT VAN EEN BODEMGEVOELIGE LOCATIE] expliciet genoemd en zo staat het voor andere stoffen ook in het Besluit activiteiten leefomgeving genoemd waar dit artikel maatwerk op is.

In principe hoeven alleen die stoffen te worden gesaneerd, die in sterk verhoogde gehalten voorkomen (in gehalten die de toelaatbare kwaliteit van de bodem overschrijden). Dit wordt met aanhaling van artikel 11.58 [WAARDEN VOOR DE TOELAATBARE KWALITEIT VAN EEN BODEMGEVOELIGE LOCATIE] expliciet genoemd en zo staat het voor andere stoffen ook in het Besluit activiteiten leefomgeving genoemd waar dit artikel maatwerk op is.

Lood: De Omgevingswet en bruidsschat sluiten voor lood aan op de oude normen. Maar de normen zijn reeds achterhaald door het onderzoek en advies van het RIVM (2015 en 2017) en de GGD (2016). De huidige normen voor lood bieden onvoldoende bescherming voor jonge kinderen. De provincie Zuid-Holland heeft, op basis van de rapporten van het RIVM en de GGD, in 2020 een handelingskader voor lood vastgesteld met advieswaarden. De huidige norm voor de functieklasse landbouw/natuur voldoet aan de advieswaarden. Voor de gevoelige gebruiken moes- en volkstuinen wordt hierbij aangesloten. De norm voor wonen is lager dan de landelijke norm en is gelijkgesteld aan de advieswaarde van de provincie. De gebruiksfunctie industrie is niet gevoelig, daarom wordt hiervoor aangesloten bij de landelijke normen voor

Lood: De Omgevingswet en bruidsschat sluiten voor lood aan op de oude normen. Maar de normen zijn reeds achterhaald door het onderzoek en advies van het RIVM (2015 en 2017) en de GGD (2016). De huidige normen voor lood bieden onvoldoende bescherming voor jonge kinderen. De provincie Zuid-Holland heeft, op basis van de rapporten van het RIVM en de GGD, in 2020 een handelingskader voor lood vastgesteld met advieswaarden. De huidige norm voor de functieklasse landbouw/natuur voldoet aan de advieswaarden. Voor de gevoelige gebruiken volks- en moestuinen wordt hierbij aangesloten. De norm voor wonen is lager dan de landelijke norm en is gelijkgesteld aan de advieswaarde van de provincie. De gebruiksfunctie industrie is niet gevoelig, daarom wordt hiervoor aangesloten bij de landelijke normen voor

de functieklasse industrie. De waarden sluiten aan bij de hergebruiksnormen in paragraaf 11.2.2.

de functieklasse industrie. De waarden sluiten aan bij de hergebruiksnormen in paragraaf 11.2.2.

PFOA: De terugsaneerwaarden die per gebruiksfunctie behaald moeten worden na sanering zijn in dit artikel gelijk gesteld aan de hergebruiksnormen die gelden bij die gebruiksfunctie. Zoals in artikel 4.1242 van het Besluit activiteiten leefomgeving is aangegeven, is het gebruikelijk en ook logisch om met terugsaneerwaarden aan te sluiten bij de waarde die past bij de bodemfunctieklasse, omdat deze waarden zijn gebaseerd op een duurzaam bodemgebruik en zijn afgestemd op de gebruiksfunctie. Opgemerkt wordt dat maatwerk mogelijk is. Dit zal per situatie moeten worden afgestemd. Per locatie kan hiervoor een maatwerkbesluit worden aangevraagd. Ook bij maatwerk moet de gezondheid van de mens beschermd blijven. Voor maatwerkmogelijkheden is het beleid dat geldt voor maatwerk op hergebruik van grond van toepassing.

PFOA: De terugsaneerwaarden die per gebruiksfunctie behaald moeten worden na sanering zijn in dit artikel gelijk gesteld aan de hergebruiksnormen die gelden bij die gebruiksfunctie. Zoals in artikel 4.1242 van het Besluit activiteiten leefomgeving is aangegeven, is het gebruikelijk en ook logisch om met terugsaneerwaarden aan te sluiten bij de waarde die past bij de bodemfunctieklasse, omdat deze waarden zijn gebaseerd op een duurzaam bodemgebruik en zijn afgestemd op de gebruiksfunctie. Opgemerkt wordt dat maatwerk mogelijk is. Dit zal per situatie moeten worden afgestemd. Per locatie kan hiervoor een maatwerkbesluit worden aangevraagd. Ook bij maatwerk moet de gezondheid van de mens beschermd blijven. Voor maatwerkmogelijkheden is het beleid dat geldt voor maatwerk op hergebruik van grond van toepassing.

Reikwijdte Dit artikel is van toepassing op het saneren van de bodem met de standaardaanpak verwijderen van de verontreiniging en wel bij de sanering van een verontreiniging met lood en/of PFOA.

Reikwijdte Dit artikel is van toepassing op het saneren van de bodem met de standaardaanpak verwijderen van de verontreiniging en wel bij de sanering van een verontreiniging met lood en/of PFOA.

WAS Artikel 11.41

WORDT Artikel 11.44 Artikel 11.44 Toepassingsbereik Toepassingsbereik grondwatersaneringen grondwatersaneringen Deze paragraaf is van toepassing op het Deze subparagraaf is van toepassing op saneren van de grondwaterbodem ter het saneren van de grondwaterbodem ter uitvoering van een bronaanpak als uitvoering van een bronaanpak als bedoeld in artikel 7.32, eerste lid, onder a, bedoeld in artikel 7.32, eerste lid, onder a, van de Zuid-Hollandse van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening. Omgevingsverordening.

WAS Artikel 11.54

WORDT Artikel 11.57 Artikel 11.57

Toelichting Dit artikel betreft een beleidsneutrale

Dit artikel betreft een beleidsneutrale

omzetting van artikel 22.26 (Bruidsschat). Het bepaalt dat voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw (o.a. gebouw dat de bodem raakt) een vergunning aangevraagd moet worden.

omzetting van artikel 22.26 (Bruidsschat). Het bepaalt dat voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw (o.a. gebouw dat de bodem raakt) een vergunning aangevraagd moet worden. Met de bouwactiviteit wordt bedoeld: - In dit omgevingsplan in Hst. 6 aangewezen vergunningplichtige gebouwen en bouwwerken bouwen - In dit omgevingsplan in Hst. 22 aangewezen vergunningplichtige bouwactiviteit (artikel 22.26)

WAS Artikel 11.56

WORDT Artikel 11.59 Artikel 11.59

Toelichting Uitleg artikel Wanneer de bodemkwaliteit de waarde voor de toelaatbare kwaliteit overschrijdt, is bouwen alleen mogelijk na het uitvoeren van sanerende of andere beschermende maatregelen, mits die technisch mogelijk zijn. De vraag is louter of het technisch mogelijk is om het geschikt te maken. Het antwoord op die vraag is niet afhankelijk van de goede wil van de initiatiefnemer maar alleen of het objectief, technisch, milieuhygiënisch mogelijk is. Saneringsmaatregelen worden uitgevoerd in overeenstemming met de milieubelastende activiteit saneren van de bodem, zoals opgenomen in het Besluit activiteiten leefomgeving. Hierin staan twee standaardaanpakken beschreven. Indien deze aanpakken niet voldoen, kan degene die saneert een maatwerkvoorschrift aanvragen bij het bevoegd gezag. Reikwijdte Dit artikel is van toepassing als sprake is van een overschrijding van de toelaatbare bodemkwaliteit. In het voorgaande artikel 11.55 [WAARDE TOELAATBARE KWALITEIT BODEMGEVOELIGE LOCATIE] staat wanneer hier sprake van is.

Uitleg artikel Wanneer de bodemkwaliteit de waarde voor de toelaatbare kwaliteit overschrijdt, is bouwen alleen mogelijk na het uitvoeren van sanerende of andere beschermende maatregelen, mits die technisch mogelijk zijn. De vraag is louter of het technisch mogelijk is om het geschikt te maken. Het antwoord op die vraag is niet afhankelijk van de goede wil van de initiatiefnemer maar alleen of het objectief, technisch, milieuhygiënisch mogelijk is. Saneringsmaatregelen worden uitgevoerd in overeenstemming met de milieubelastende activiteit saneren van de bodem, zoals opgenomen in het Besluit activiteiten leefomgeving. Hierin staan twee standaardaanpakken beschreven. Indien deze aanpakken niet voldoen, kan degene die saneert een maatwerkvoorschrift aanvragen bij het bevoegd gezag. Reikwijdte Dit artikel is van toepassing als sprake is van een overschrijding van de toelaatbare bodemkwaliteit. In het voorgaande artikel 11.58 [WAARDE TOELAATBARE KWALITEIT BODEMGEVOELIGE LOCATIE] staat wanneer hier sprake van is.

WAS Artikel 11.57

WORDT Artikel 11.60

Artikel 11.60 Toelichting Uitleg artikel Bij een aanvraag om een vergunning voor het bouwen wordt een bodemonderzoek overgelegd. In lid 2 is aangegeven dat de resultaten van een voorafgaand bodemonderzoek ook in digitaal format (XML-format) moet worden verstrekt. Dit bodemonderzoek is noodzakelijk om te bepalen of de waarde voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem is overschreden. In dat geval zijn sanerende of andere beschermende maatregelen een voorwaarde voor het bouwen (artikel 11.58 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwen van een bodemgevoelig gebouw en artikel 11.55 Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelige locatie). Digitale aanlevering is nodig om te kunnen voldoen aan de Wet basisregistratie ondergrond. Dit is een voortzetting van artikel 8 van de Woningwet in samenhang met de lokale bouwverordening. Reikwijdte Dit betreft aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie. WAS Artikel 11.58

Uitleg artikel Bij een aanvraag om een vergunning voor het bouwen wordt een bodemonderzoek overgelegd. In lid 2 is aangegeven dat de resultaten van een voorafgaand bodemonderzoek ook in digitaal format (XML-format) moet worden verstrekt. Dit bodemonderzoek is noodzakelijk om te bepalen of de waarde voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem is overschreden. In dat geval zijn sanerende of andere beschermende maatregelen een voorwaarde voor het bouwen (artikel 11.61 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwen van een bodemgevoelig gebouw en artikel 11.58 Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelige locatie). Digitale aanlevering is nodig om te kunnen voldoen aan de Wet basisregistratie ondergrond. Dit is een voortzetting van artikel 8 van de Woningwet in samenhang met de lokale bouwverordening. Reikwijdte Dit betreft aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie.

WORDT Artikel 11.61 Artikel 11.61

Toelichting Uitleg artikel Dit artikel bevat voorwaarden voor het toelaten van een bouwactiviteit, kortgezegd het bouwen van een bouwwerk of gebouw, op een bodemgevoelige locatie. Deze activiteit mag niet uitgevoerd worden zonder een omgevingsvergunning. Het eerste deel geeft onder a en b criteria waaraan een omgevingsvergunningaanvraag van een binnenplanse omgevingsplanactiviteit wordt getoetst. Het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie bij overschrijding van de toelaatbare bodemkwaliteit is alleen toegelaten als sanerende of andere beschermende maatregelen worden getroffen.

Uitleg artikel Dit artikel bevat voorwaarden voor het toelaten van een bouwactiviteit, kortgezegd het bouwen van een bouwwerk of gebouw, op een bodemgevoelige locatie. Deze activiteit mag niet uitgevoerd worden zonder een omgevingsvergunning. Het eerste deel geeft onder a en b criteria waaraan een omgevingsvergunningaanvraag van een binnenplanse omgevingsplanactiviteit wordt getoetst. Het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie bij overschrijding van de toelaatbare bodemkwaliteit is alleen toegelaten als sanerende of andere beschermende maatregelen worden getroffen.

Het tweede deel geeft een criteria aan waaraan tevens een omgevingsvergunningaanvraag van een binnenplanse omgevingsactiviteit wordt getoetst. Het criteria bestaat uit het oordeel van bevoegd gezag of de bodem geschikt is voor het beoogde doel. Als dit naar haar oordeel niet het geval is, kan zij voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning om de bodem geschikt te maken. Dit artikel is bedoeld als vangnet voor overige stoffen die niet in artikel 11.55 (Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelige locatie) van dit omgevingsplan staan.

Het tweede deel geeft een criteria aan waaraan tevens een omgevingsvergunningaanvraag van een binnenplanse omgevingsactiviteit wordt getoetst. Het criteria bestaat uit het oordeel van bevoegd gezag of de bodem geschikt is voor het beoogde doel. Als dit naar haar oordeel niet het geval is, kan zij voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning om de bodem geschikt te maken. Dit artikel is bedoeld als vangnet voor overige stoffen die niet in artikel 11.58 (Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelige locatie) van dit omgevingsplan staan.

Het doel van dit artikel is om een gelijk beschermingsniveau (voor mens en milieu) te borgen dat bestond onder de voormalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en Woningwet. Deze ging uit van een geval van ernstige bodemverontreiniging zoals bedoeld in de voormalige Wet bodembescherming en uitgewerkt in de voormalige Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013. Bij de beoordeling van bevoegd gezag of de bodemkwaliteit toelaatbaar is, zal aangesloten worden bij dit beschermingsniveau. In deze voormalige wet- en regelgeving staat aangegeven hoe wordt omgegaan met niet-reguliere en/of niet genormeerde stoffen. Het Bevoegd gezag kan hiermee bij overschrijding van de interventiewaarde of vergelijkbare waarde (in een bodemvolume groter dan 25 m3) voor elke stof sanerende of andere beschermende maatregelen voorschrijven, mits die technisch mogelijk zijn.

Het doel van dit artikel is om een gelijk beschermingsniveau (voor mens en milieu) te borgen dat bestond onder de voormalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en Woningwet. Deze ging uit van een geval van ernstige bodemverontreiniging zoals bedoeld in de voormalige Wet bodembescherming en uitgewerkt in de voormalige Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013. Bij de beoordeling van bevoegd gezag of de bodemkwaliteit toelaatbaar is, zal aangesloten worden bij dit beschermingsniveau. In deze voormalige wet- en regelgeving staat aangegeven hoe wordt omgegaan met niet-reguliere en/of niet genormeerde stoffen. Het Bevoegd gezag kan hiermee bij overschrijding van de interventiewaarde of vergelijkbare waarde (in een bodemvolume groter dan 25 m3) voor elke stof sanerende of andere beschermende maatregelen voorschrijven, mits die technisch mogelijk zijn.

Het tweede deel bepaalt dat het college bij ernstige bodemverontreiniging aanvullende maatregelen aan de omgevingsvergunning kan verbinden.

Het tweede deel bepaalt dat het college bij ernstige bodemverontreiniging aanvullende maatregelen aan de omgevingsvergunning kan verbinden.

Bijvoorbeeld bij de beoordeling van een aanvraag van een omgevingsvergunning bouw voor een kantoorpand op een bedrijfsterrein met chemische industrie of de bouw van een woning op een locatie wat voorheen een tankstation was of een voormalige scheepswerf. Op deze locaties kan sprake zijn van een sterke verontreiniging met bijvoorbeeld

Bijvoorbeeld bij de beoordeling van een aanvraag van een omgevingsvergunning bouw voor een kantoorpand op een bedrijfsterrein met chemische industrie of de bouw van een woning op een locatie wat voorheen een tankstation was of een voormalige scheepswerf. Op deze locaties kan sprake zijn van een sterke verontreiniging met bijvoorbeeld

tributyltin, MTBE, ETBE, detergenten of diethyltriamine. Voor deze verontreinigingen kunnen bij de bouwactiviteit op basis van dit artikel sanerende of andere beschermende maatregelen worden voorgeschreven in de vergunning. Deze kunnen niet worden voorgeschreven op basis van artikel 11.55 (Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelig gebouw), omdat de in het voorbeeld genoemde verontreinigde stoffen niet binnen de reikwijdte van deze artikelen valt. Het Besluit kwaliteit leefomgeving biedt onvoldoende ruimte om dit te regelen.

tributyltin, MTBE, ETBE, detergenten of diethyltriamine. Voor deze verontreinigingen kunnen bij de bouwactiviteit op basis van dit artikel sanerende of andere beschermende maatregelen worden voorgeschreven in de vergunning. Deze kunnen niet worden voorgeschreven op basis van artikel 11.58 (Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelig gebouw), omdat de in het voorbeeld genoemde verontreinigde stoffen niet binnen de reikwijdte van deze artikelen valt. Het Besluit kwaliteit leefomgeving biedt onvoldoende ruimte om dit te regelen.

Reikwijdte en werking Dit artikel betreft het toelaten van een bouwactiviteit op een bodemgevoelige locatie.

Reikwijdte en werking Dit artikel betreft het toelaten van een bouwactiviteit op een bodemgevoelige locatie.

Wanneer de bodemkwaliteit de waarde voor de toelaatbare kwaliteit overschrijdt, is bouwen alleen mogelijk na het uitvoeren van sanerende of andere beschermende maatregelen, mits die technisch mogelijk zijn. Dit geldt voor de in artikel 11.55 (Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelig gebouw) genoemde stoffen. Daarnaast kan het bevoegd gezag in een omgevingsvergunning bouwen ook voor andere stoffen, die maken dat de bodem een ontoelaatbare kwaliteit heeft, sanerende of andere beschermende maatregelen voorschrijven.

Wanneer de bodemkwaliteit de waarde voor de toelaatbare kwaliteit overschrijdt, is bouwen alleen mogelijk na het uitvoeren van sanerende of andere beschermende maatregelen, mits die technisch mogelijk zijn. Dit geldt voor de in artikel 11.58 (Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelig gebouw) genoemde stoffen. Daarnaast kan het bevoegd gezag in een omgevingsvergunning bouwen ook voor andere stoffen, die maken dat de bodem een ontoelaatbare kwaliteit heeft, sanerende of andere beschermende maatregelen voorschrijven.

WAS Artikel 11.60

WORDT Artikel 11.63 Artikel 11.63 Indieningsvereisten melding bouwen Indieningsvereisten melding bouwen van een bodemgevoelig gebouw van een bodemgevoelig gebouw 1. Een melding als bedoeld in artikel 1. Een melding als bedoeld in artikel 11.62 [MELDPLICHT BOUWEN VAN 11.62 [MELDPLICHT BOUWEN VAN EEN BODEMGEVOELIG GEBOUW] EEN BODEMGEVOELIG GEBOUW] bevat: bevat: a. de resultaten van een a. de resultaten van een verkennend verkennend bodemonderzoek; bodemonderzoek; b. de naam en het adres van b. de naam en het adres van degene die de degene die de bouwactiviteit verricht; bouwactiviteit verricht; c. het adres waarop de c. het adres waarop de bouwactiviteit wordt bouwactiviteit wordt verricht; verricht; d. de dagtekening; en d. de dagtekening; en e. bij overschrijding van een e. bij overschrijding van een

waarde als bedoeld in artikel 11.58 [WAARDE TOELAATBARE KWALITEIT BODEMGEVOELIGE LOCATIE] de gegevens en bescheiden die aannemelijk maken dat een sanerende of andere beschermende maatregel wordt getroffen. 2. Dit artikel is niet van toepassing als de bouwactiviteit als vergunningplichtig is aangewezen in dit omgevingsplan. 3. De resultaten van een bodemonderzoek worden ook verstrekt in het bestandsformaat XML.

waarde als bedoeld in artikel 11.58 [WAARDE TOELAATBARE KWALITEIT BODEMGEVOELIGE LOCATIE] de gegevens en bescheiden die aannemelijk maken dat een sanerende of andere beschermende maatregel wordt getroffen. 2. Dit artikel is niet van toepassing als de bouwactiviteit als vergunningplichtig is aangewezen in dit omgevingsplan. 3. De resultaten van een bodemonderzoek worden ook verstrekt in het bestandsformaat XML.

Toelichting Uitleg artikel In dit artikel is puntsgewijs aangegeven welke gegevens moeten worden aangeleverd bij de melding. Bij het tweede lid wordt voor overschrijding van de toelaatbare bodemkwaliteit verwezen naar (Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelige locatie) in dit omgevingsplan.

Uitleg artikel In dit artikel is puntsgewijs aangegeven welke gegevens moeten worden aangeleverd bij de melding. Bij het tweede lid wordt voor overschrijding van de toelaatbare bodemkwaliteit verwezen naar artikel 11.58 (Waarde toelaatbare kwaliteit bodemgevoelige locatie) in dit omgevingsplan.

In lid 3 is aangegeven dat de resultaten van een voorafgaand bodemonderzoek uit lid 1 onder a ook in digitaal format (XMLformat) moet worden verstrekt.

In lid 3 is aangegeven dat de resultaten van een voorafgaand bodemonderzoek uit lid 1 onder a ook in digitaal format (XMLformat) moet worden verstrekt.

Reikwijdte en werking Met dit artikel worden voor de bodemkwaliteit bij een melding dezelfde voorwaarden als voor een omgevingsvergunning bouwen van een bodemgevoelig gebouw opgelegd voor het toelaten van een bouwactiviteit op een bodemgevoelige locatie. Het vangnetartikel (lid 2 van Specifieke beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwen op een bodemgevoelige locatie) is van toepassing bij een melding.

Reikwijdte en werking Met dit artikel worden voor de bodemkwaliteit bij een melding dezelfde voorwaarden als voor een omgevingsvergunning bouwen van een bodemgevoelig gebouw opgelegd voor het toelaten van een bouwactiviteit op een bodemgevoelige locatie. Het vangnetartikel (lid 2 van artikel 11.61 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwen op een bodemgevoelige locatie) is van toepassing bij een melding.

WAS Artikel 11.61

WORDT Artikel 11.64 Artikel 11.64

Toelichting Uitleg artikel In artikel 11.2 is een algemene bepaling opgenomen voor het stellen van maatwerkvoorschriften door het bevoegd gezag (op verzoek van een

Uitleg artikel In artikel 11.2 is een algemene bepaling opgenomen voor het stellen van maatwerkvoorschriften door het bevoegd gezag (op verzoek van een

initiatiefnemer). Dat artikel is van toepassing op alle paragrafen in hoofdstuk 11. In aanvulling hierop is deze specifieke bepaling voor het stellen van maatwerkvoorschriften opgenomen in artikel 11.61 voor de meldingen voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie. Met dit artikel maken we naar de buitenwereld duidelijk dat het bevoegd gezag voor deze melding dezelfde voorschriften wil kunnen stellen als bij de omgevingsvergunning voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie. Dit artikel vormt tegelijk een vangnet voor de meldingen, zodoende kan gebruik worden gemaakt van het vangnetartikel (artikel 11.58).

initiatiefnemer). Dat artikel is van toepassing op alle paragrafen in hoofdstuk 11. In aanvulling hierop is deze specifieke bepaling voor het stellen van maatwerkvoorschriften opgenomen in artikel 11.62 voor de meldingen voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie. Met dit artikel maken we naar de buitenwereld duidelijk dat het bevoegd gezag voor deze melding dezelfde voorschriften wil kunnen stellen als bij de omgevingsvergunning voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie. Dit artikel vormt tegelijk een vangnet voor de meldingen, zodoende kan gebruik worden gemaakt van het vangnetartikel artikel 11.61

WAS Artikel 11.62

WORDT Artikel 11.65 Artikel 11.65 Informatieplicht na het bouwen op Informatieplicht na het bouwen op een bodemgevoelige locatie een bodemgevoelige locatie Bij overschrijding van een waarde van de Bij overschrijding van een waarde van de toelaatbare kwaliteit van de bodem wordt toelaatbare kwaliteit van de bodem wordt een bodemgevoelig gebouw of een een bodemgevoelig gebouw of een gedeelte daarvan op een bodemgevoelige gedeelte daarvan op een bodemgevoelige locatie alleen in gebruik genomen nadat locatie alleen in gebruik genomen nadat het college van burgemeester en het college van burgemeester en wethouders is geïnformeerd over de wijze wethouders is geïnformeerd over de wijze waarop de maatregelen, bedoeld in artikel waarop de maatregelen, bedoeld in artikel 11.59 [MAATREGELEN OVERSCHRIJDING 11.59 [MAATREGELEN OVERSCHRIJDING WAARDE TOELAATBARE KWALITEIT WAARDE TOELAATBARE KWALITEIT BODEMGEVOELIGE LOCATIE], zijn BODEMGEVOELIGE LOCATIE], zijn getroffen. getroffen.

WAS Artikel 11.63

WORDT Artikel 11.66 Artikel 11.66 Toepassingsbereik bouwen van een Toepassingsbereik bouwen van een grondwatergevoelig gebouw grondwatergevoelig gebouw 1. Deze afdeling is van toepassing op 3. Deze afdeling is van toepassing op de activiteit ‘bouwen van een de activiteit ‘bouwen van een grondwatergevoelig gebouw op grondwatergevoelig gebouw op een grondwatergevoelige locatie’ een grondwatergevoelige locatie’ als bedoeld in paragraaf 7.3.5.1 als bedoeld in paragraaf 7.3.5.1 Toelaten van een bouwactiviteit op Toelaten van een bouwactiviteit op een grondwatergevoelige locatie een grondwatergevoelige locatie van de Zuid-Hollandse van de Zuid-Hollandse omgevingsverordening. Omgevingsverordening. 2. Onder een significante 4. Onder een significante verontreiniging van het grondwater verontreiniging van het grondwater wordt verstaan een significante wordt verstaan een significante verontreiniging van het grondwater verontreiniging van het grondwater

als bedoeld in artikel 3.131 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening.

als bedoeld in artikel 3.131 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening.

WAS Artikel 11.65

WORDT Artikel 11.68 Artikel 11.68 Voorafgaand grondwateronderzoek Voorafgaand grondwateronderzoek 1. Het bouwen van een 3. Het bouwen van een grondwatergevoelig gebouw op grondwatergevoelig gebouw op een grondwatergevoelige locatie is een grondwatergevoelige locatie is alleen toegestaan als onderzocht is alleen toegestaan als onderzocht is of sprake is van een of sprake is van een verontreiniging van het grondwater verontreiniging van het grondwater zoals bedoeld in artikel 7.30 van zoals bedoeld in artikel 7.30 van de Zuid-Hollandse de Zuid-Hollandse omgevingsverordening Omgevingsverordening 2. Aan het eerste lid wordt voldaan 4. Aan het eerste lid wordt voldaan door: door: a. het verrichten van voorafgaand c. het verrichten van voorafgaand bodemonderzoek, of bodemonderzoek, of b. het overleggen van een d.

het overleggen van een beschikking krachtens artikel beschikking krachtens artikel 29 in samenhang met artikel 29, in samenhang met artikel 37, eerste lid, van de Wet 37, eerste lid, van de Wet bodembescherming, zoals die bodembescherming, zoals die artikelen luidden voor het artikelen luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding tijdstip van inwerkingtreding van de Omgevingswet, waarin van de Omgevingswet, waarin is vastgesteld dat bij het huidig is vastgesteld dat bij het huidig dan wel voorgenomen gebruik dan wel voorgenomen gebruik van de bodem of bij een van de bodem of bij een mogelijk verspreiding van een mogelijke verspreiding van een verontreiniging, geen sprake is verontreiniging, geen sprake is van zodanige risico's voor van zodanige risico's voor mens, plant of dier dat mens, plant of dier dat spoedige sanering noodzakelijk spoedige sanering noodzakelijk is. is. WAS Artikel 11.66

WORDT Artikel 11.69 Artikel 11.69 Risicobeoordeling Risicobeoordeling grondwaterkwaliteit grondwaterkwaliteit 1. Het bouwen van een 1. Het bouwen van een grondwatergevoelig gebouw op grondwatergevoelig gebouw op een grondwatergevoelige een grondwatergevoelige locatie bij een verontreiniging locatie bij een verontreiniging van grondwater als bedoeld in van grondwater als bedoeld in artikel 7.30 van de Zuidartikel 7.30 van de ZuidHollandse Hollandse Omgevingsverordening is Omgevingsverordening is uitsluitend toegestaan als een uitsluitend toegestaan als een risicobeoordeling risicobeoordeling grondwaterkwaliteit is grondwaterkwaliteit is uitgevoerd overeenkomstig uitgevoerd overeenkomstig

paragraaf 3.4.2 van de ZuidHollandse Omgevingsverordening. 2. Het eerste lid is niet van toepassing als de bron van verontreiniging van het grondwater: a. zich niet langer bevindt in de vaste bodem van de grondwatergevoelige locatie, tenzij uit het vooronderzoek bodem, bedoeld in artikel 5.7a van het Besluit activiteiten leefomgeving, of een beschikking als bedoeld in artikel 11.68 [VOORAFGAAND GRONDWATERONDERZO EK], tweede lid, onder b, blijkt dat er sprake is van een zak- of drijflaag; of b. zich in de vaste bodem van de grondwatergevoelige locatie bevindt en diffuus van aard is. 3. Het eerste lid is ook niet van toepassing als de verontreiniging van grondwater: a. het gevolg is van natuurlijk verhoogde achtergrondconcentratie ; of b. een restverontreiniging na het uitvoeren van een grondwatersanering betreft en als zodanig is opgenomen in een evaluatieverslag als bedoeld in artikel 3.141e van de ZuidHollandse Omgevingsverordening of een beschikt evaluatieverslag als bedoeld in artikel 39c van de Wet bodembescherming, zoals dit artikel luidde voor inwerkingtreding van de Omgevingswet.

paragraaf 3.4.2 van de ZuidHollandse Omgevingsverordening. 2. Het eerste lid is niet van toepassing als de bron van verontreiniging van het grondwater: a. zich niet langer bevindt in de vaste bodem van de grondwatergevoelige locatie, tenzij uit het vooronderzoek bodem, bedoeld in artikel 5.7a van het Besluit activiteiten leefomgeving, of uit een beschikking als bedoeld in artikel 11.68 [VOORAFGAAND GRONDWATERONDERZO EK], tweede lid, onder b, blijkt dat er sprake is van een zak- of drijflaag; of b. zich in de vaste bodem van de grondwatergevoelige locatie bevindt en diffuus van aard is. 3. Het eerste lid is ook niet van toepassing als de verontreiniging van grondwater: a. het gevolg is van natuurlijk verhoogde achtergrondconcentratie ; of b. een restverontreiniging na het uitvoeren van een grondwatersanering betreft en als zodanig is opgenomen in een evaluatieverslag als bedoeld in artikel 3.141e van de ZuidHollandse Omgevingsverordening of een beschikt evaluatieverslag als bedoeld in artikel 39c van de Wet bodembescherming, zoals dit artikel luidde voor inwerkingtreding van de Omgevingswet.

WAS Artikel 11.68

WORDT Artikel 11.71 Artikel 11.71 Aanvraagvereisten vergunning en Aanvraagvereisten vergunning en informatieplicht bouwen van een informatieplicht bouwen van een grondwatergevoelig gebouw grondwatergevoelig gebouw 1. Bij het aanvragen van een 1. Bij het aanvragen van een omgevingsvergunning voor het omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwen van een grondwatergevoelig gebouw op grondwatergevoelig gebouw op een grondwatergevoelige een grondwatergevoelige locatie wordt het voorafgaand locatie wordt het voorafgaand onderzoek, bedoeld in artikel onderzoek, bedoeld in artikel 11.68 [VOORAFGAAND 11.68 [VOORAFGAAND GRONDWATERONDERZOEK], GRONDWATERONDERZOEK], verstrekt. verstrekt. 2. De resultaten van het 2. De resultaten van het voorafgaand onderzoek worden voorafgaand onderzoek worden ook verstrekt in het ook verstrekt in het bestandsformaat XML. bestandsformaat XML. 3. Bij de aanvraag van de 3. Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt omgevingsvergunning wordt ook een afschrift verstrekt van ook een afschrift verstrekt van de volgende gegevens en de volgende gegevens en bescheiden: bescheiden: a. indien sprake is van een a. indien sprake is van een verontreiniging van verontreiniging van grondwater: grondwater: i. een afschrift van i.

een afschrift van de gegevens en de gegevens en bescheiden na bescheiden na verrichten van de verrichten van de risicobeoordeling risicobeoordeling grondwaterkwalit grondwaterkwalit eit, bedoeld in eit, bedoeld in artikel 3.132 van artikel 3.132 van de Zuidde ZuidHollandse Hollandse Omgevingsveror Omgevingsveror dening, waarbij dening, waarbij ten minste vier ten minste vier weken weken verstreken zijn verstreken zijn nadat de nadat de gegevens en gegevens en bescheiden aan bescheiden aan Gedeputeerde Gedeputeerde Staten zijn Staten zijn verstrekt; verstrekt; ii. de resultaten van ii. de resultaten van het voorafgaand het voorafgaand bodemonderzoek bodemonderzoek bedoeld in het bedoeld in het eerste lid; eerste lid; iii. de naam en het ii. de naam en het adres van adres van

degene die de risicobeoordeling grondwaterkwalit eit heeft verricht; iv. een onderbouwing van de daarbij toegepaste methode(n), bedoeld in artikel 3.126, tweede lid, ZuidHollandse Omgevingsveror dening; en v. de uitkomst van de risicobeoordeling grondwaterkwalit eit; b. indien sprake is van een significante grondwaterverontreinigi ng: een afschrift van de melding, bedoeld in artikel 4.1236 van het Besluit activiteiten leefomgeving, die aannemelijk maakt dat een bronaanpak bedoeld in artikel 11.70 [SANERENDE MAATREGELEN], eerste lid, wordt verricht; en c. indien sprake is van een significante grondwaterverontreinigi ng die direct aandacht behoeft: een afschrift van de aanvraag om omgevingsvergunning die aannemelijk maakt dat een grondwatersanering wordt verricht.

WAS Artikel 11.71

degene die de risicobeoordeling grondwaterkwalit eit heeft verricht; iii. een onderbouwing van de daarbij toegepaste methode(n), bedoeld in artikel 3.126, tweede lid, ZuidHollandse Omgevingsveror dening; en iv. de uitkomst van de risicobeoordeling grondwaterkwalit eit; b. indien sprake is van een significante grondwaterverontreinigi ng: een afschrift van de melding, bedoeld in artikel 4.1236 van het Besluit activiteiten leefomgeving, die aannemelijk maakt dat een bronaanpak bedoeld in artikel 11.70 [SANERENDE MAATREGELEN], eerste lid, wordt verricht; en c. indien sprake is van een significante grondwaterverontreinigi ng die direct aandacht behoeft: een afschrift van de aanvraag om een omgevingsvergunning die aannemelijk maakt dat een grondwatersanering wordt verricht.

WORDT Artikel 11.74 Artikel 11.74 Indieningsvereisten melding bouwen Indieningsvereisten melding bouwen van een grondwatergevoelig gebouw van een grondwatergevoelig gebouw 1. Een melding bevat: 1. Een melding bevat: a. de naam en het adres van a. de naam en het adres van degene die de degene die de

bouwactiviteit verricht; b. het adres waar de bouwactiviteit wordt verricht; c. de dagtekening; d. het voorafgaand onderzoek, zoals bedoeld in artikel 11.68 [VOORAFGAAND GRONDWATERONDERZOEK] ; e. als er sprake is van verontreiniging van grondwater; een afschrift van de gegevens en bescheiden na verrichten van de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit, bedoeld in artikel 3.132 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening, waarbij ten minste vier weken verstreken zijn nadat de gegevens en bescheiden aan Gedeputeerde Staten zijn verstrekt; f. als uit de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit volgt dat er sprake is van een significante grondwaterverontreiniging: een afschrift van de melding, bedoeld in artikel 4.1236 van het Besluit activiteiten leefomgeving, die aannemelijk maakt dat een bronaanpak als bedoeld in artikel 11.70 [SANERENDE MAATREGELEN] wordt verricht; en g. als uit de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit volgt dat er sprake is van een significante grondwaterverontreiniging die direct aandacht behoeft: een afschrift van de aanvraag om een omgevingsvergunning die aannemelijk maakt dat een grondwatersanering als bedoeld in paragraaf 3.4.3 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening wordt verricht.

bouwactiviteit verricht; b. het adres waar de bouwactiviteit wordt verricht; c. de dagtekening; d. het voorafgaand onderzoek, zoals bedoeld in artikel 11.68 [VOORAFGAAND GRONDWATERONDERZOEK] ; e. als er sprake is van verontreiniging van grondwater; een afschrift van de gegevens en bescheiden na verrichten van de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit, bedoeld in artikel 3.132 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening, waarbij ten minste vier weken verstreken zijn nadat de gegevens en bescheiden aan Gedeputeerde Staten zijn verstrekt; f. als uit de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit volgt dat er sprake is van een significante grondwaterverontreiniging: een afschrift van de melding, bedoeld in artikel 4.1236 van het Besluit activiteiten leefomgeving, die aannemelijk maakt dat een bronaanpak als bedoeld in artikel 11.70 [SANERENDE MAATREGELEN] wordt verricht; en g. als uit de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit volgt dat er sprake is van een significante grondwaterverontreiniging die direct aandacht behoeft: een afschrift van de aanvraag om een omgevingsvergunning die aannemelijk maakt dat een grondwatersanering als bedoeld in paragraaf 3.4.3 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening wordt verricht.

2.

Dit artikel is niet van toepassing als voor de bouwactiviteit op grond van dit omgevingsplan een omgevingsvergunning is vereist.

2.

Dit artikel is niet van toepassing als voor de bouwactiviteit op grond van dit omgevingsplan een omgevingsvergunning is vereist.

WAS Artikel 11.72

WORDT Artikel 11.75 Artikel 11.75 Informatieplicht ingebruikname na Informatieplicht ingebruikname na maatregelen bouwen van een maatregelen bouwen van een grondwater gevoelig gebouw grondwater gevoelig gebouw Bij aanwezigheid van een significante Bij aanwezigheid van een significante grondwaterverontreiniging als bedoeld in grondwaterverontreiniging als bedoeld in artikel 3.131, onder b of c, van de Zuidartikel 3.131, onder b of c, van de ZuidHollandse Omgevingsverordening, wordt Hollandse Omgevingsverordening, wordt een grondwatergevoelig gebouw of een een grondwatergevoelig gebouw of een gedeelte daarvan op een gedeelte daarvan op een grondwatergevoelige locatie alleen in grondwatergevoelige locatie alleen in gebruik genomen na de bouwactiviteit, gebruik genomen na de bouwactiviteit, nadat het college van burgemeester en nadat het college van burgemeester en wethouders is geïnformeerd over de wijze wethouders is geïnformeerd over de wijze waarop de sanerende maatregelen, waarop de sanerende maatregelen, bedoeld in artikel 11.67 [SANERENDE bedoeld in artikel 11.70 [SANERENDE MAATREGELEN], zijn getroffen, of als de MAATREGELEN], zijn getroffen, of als de sanerende maatregelen nog in uitvoering sanerende maatregelen nog in uitvoering zijn, de wijze waarop de ingebruikname zijn, de wijze waarop de ingebruikname van het grondwatergevoelige gebouw de van het grondwatergevoelige

gebouw de sanerende maatregel niet belemmert. sanerende maatregel niet belemmert.

WAS

WORDT

In de begrippen 1. asbestgevoelige locatie: 1. asbestgevoelige locatie: openbare kinderspeelplaatsen, openbare kinderspeelplaatsen, achtertuinen bij woningen, achtertuinen bij woningen, volkstuinen, tuinen en volks- /moestuinen, tuinen en verhardingen die horen bij een verhardingen die horen bij een school en openbare plantsoenen in school en openbare plantsoenen in woonwijken. woonwijken. 2. Standaardbodem: standaardbodem als bedoeld in de Regeling bodemkwaliteit 2022, bijlage GII

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1076/documents/15644