Bijlage 1 - Rapportage haalbaarheidsonderzoek VO-scholen.pdf
Tekst van het document
Haalbaarheidsonderzoek
Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht Gemeente Papendrecht 24 augustus 2021
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
4
1.1
Achtergrond
4
1.2
Doelstelling haalbaarheidsonderzoek
5
1.3
Afbakening
5
1.4
Werkwijze
5
1.5
Leeswijzer
6
Deel 1
Visie en analyse
2.
Visie op onderwijs en huisvesting
2.1
CSG De Lage Waard
8
2.2
Willem de Zwijger College
10
2.3
Gemeente Papendrecht
12
3.
Visie op samenwerking
13
3.1
Mindware, software en hardware
13
3.2
Samenwerking beroepsgericht (techniek)onderwijs
13
3.3
Samenwerking sport
14
3.4
Conclusie
15
4.
Ruimtebehoefte VO-scholen
16
4.1
Ruimtenormen
16
4.2
Ontwikkeling leerlingaantal
16
4.3
Normatieve ruimtebehoefte
17
4.4
Vertaling naar ruimteclusters
17
5.
Combinatiekansen
19
5.1
Woningbouwontwikkeling
19
5.2
Sportvoorzieningen
19
5.3
Maatschappelijke voorzieningen
20
5.4
Duurzaamheid en groen
21
5.5
Kansen voor integrale gebiedsontwikkeling
22
6.
Locatieverkenning
24
6.1
Locatie Vijzellaan
24
6.2
Locatie Van der Palmstraat / Douwes Dekkerlaan
25
8
Deel 2
Scenario’s
7.
Uitgangspunten scenario’s
7.1
Uitgangspunten huisvestingsscenario’s
27
7.2
Uitgangspunten inpassing ruimteclusters
28
7.3
Uitgangspunten voor fasering
29
8.
Scenario 1: Praktijk centraal
30
8.1
Ruimtelijk programma
30
8.2
Ruimtelijke verkenning
30
8.3
Fasering
32
8.4
Beoordeling
32
9.
Scenario 2: Twee keer één
34
9.1
Ruimtelijk programma
34
9.2
Ruimtelijke verkenning
34
9.3
Fasering
36
9.4
Beoordeling
36
10.
Scenario 3: Campus
38
10.1
Ruimtelijk programma
38
10.2
Ruimtelijke verkenning
38
10.3
Fasering
40
10.4
Beoordeling
40
11.
Scenario 4: Campus integraal
42
11.1
Ruimtelijk programma
42
11.2
Ruimtelijke verkenning
42
11.3
Fasering
44
11.4
Beoordeling
44
12.
Financiën
46
12.1
Normvergoeding o.b.v. verordening
46
12.2
Investeringskosten o.b.v. scenario’s
46
12.3
Kapitaallasten
48
12.4
Beoordeling scenario’s op kosten en opbrengsten
49
12.5
Financieringsmogelijkheden
49
12.6
Nieuwbouw versus renovatie
49
12.7
Opbrengstpotentie
50
27
Deel 3
Conclusie
13.
Conclusie
52
13.1
Huisvestingsscenario’s en combinatiekansen
52
13.2
Voorkeursscenario
52
13.3
Advies
54
Bijlagen Bijlage 1 Samenwerkingspartners
56
Bijlage 2 Normatieve ruimtebehoefte
59
Bijlage 3 Bouwsteen ‘sport-maatschappelijk’
63
Bijlage 4 Bouwsteen ‘Duurzaamheid en groen’
64
Bijlage 5 Grondposities Van der Palmstraat / Douwes Dekkerlaan
65
Bijlage 6 Parkeerbalans per scenario
66
Bijlage 7 Ruimtelijk programma per scenario
70
Bijlage 8 Onderwijsontwikkelingen
72
Bijlage 9 Normvergoeding per school
74
Bijlage 10 Financiële uitgangspunten
75
Bijlage 11 Investeringskostenraming
77
Bijlage 12 Kapitaallastberekening
78
1.
Inleiding
1.1
Achtergrond
Financiën: de kosten, opbrengsten en mogelijke financieringsconstructies van een aantal huisvestingsvarianten wordt uitgewerkt. Van de twee scholen wordt een financiële bijdrage verwacht.
Het Willem de Zwijger College (WdZ) en Christelijke Scholengemeenschap De Lage Waard (DLW) bieden kwalitatief goed onderwijs en een breed en divers opleidingsaanbod aan ruim 3.000 leerlingen in Papendrecht. Maar de gebouwen zijn verouderd en het leerling-
Kansen voor vernieuwing: Scholenbouw biedt kansen voor binnenstedelijke vernieuwing en doorontwikkeling van andere functies en voorzieningen waarmee de investering een toegevoegde waarde krijgt voor zoveel mogelijk Papendrechters.
aantal is de afgelopen jaren gedaald. Door deze ontwikkelingen komt de kwaliteit en continuïteit van het onderwijs onder druk te staan. De gemeente Papendrecht hecht veel waarde aan het hebben en houden van een passend aanbod van voortgezet onderwijs (VO) binnen de kern. Zij vindt het belangrijk en noodzakelijk om nu, samen met de twee schoolbesturen, te investeren in de toekomstbestendigheid van het voortgezet onderwijs door frisse, energiezuinige schoolgebouwen te realiseren die passen bij de leerlingaantallen van de scholen en bij hun visie op onderwijs.
“Met de lokale aanwezigheid van een breed, divers en kwalitatief hoogwaardig onderwijsaanbod in frisse school- en sportgebouwen creëren we optimale ontwikkelingskansen voor alle jongeren.”
Eind 2019 is de Gemeentelijk Visie en Routekaart Huisvesting VO vastgesteld. Hierin zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd voor verbetering van de huisvesting van het voortgezet onderwijs in Papendrecht: Samenwerking: scholen worden aangemoedigd om inhoudelijk en/of facilitair samen te werken, minimaal op het beroepsgerichte onderwijs en de sportfuncties. Gebouwen: schoolgebouwen zijn flexibel en aanpasbaar. Sportgebouwen zijn multifunctioneel. Locaties: Eén van de drie huidige VO-locaties wordt vrijgespeeld. Toekomstbestendige huisvesting wordt gerealiseerd op twee locaties Vijzellaan en Van der Palmstraat (tot aan de Douwes Dekkerlaan). Tijdelijke huisvesting wordt zoveel mogelijk beperkt;
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
Figuur 1: Locaties Vijzellaan en Van der Palmstraat
In oktober 2020 heeft de Gemeenteraad opdracht gegeven voor het uitvoeren van een haalbaarheidsonderzoek naar vernieuwing van de VO-scholen en zijn twee locaties voor (her)ontwikkeling aangewezen. Voorliggende rapportage geeft inzicht in de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek naar toekomstbestending voortgezet onderwijs in Papendrecht. Het haalbaarheidsonderzoek is uitgevoerd door Synarchis in een nauwe samenwerking tussen de Gemeente Papendrecht, het Willem de Zwijger College en Christelijke Scholengemeenschap De Lage Waard.
4
1.2
De locatie Van der Palmstraat/ Douwes Dekkerlaan bestaat uit twee delen met een
Doelstelling haalbaarheidsonderzoek
Doelstelling van het haalbaarheidsonderzoek is om inzicht te geven in de wijze waarop het
diversiteit aan functies. De Bethlehemkerk en Zalencentrum De Palm zijn geen onder-
voortgezet onderwijs in Papendrecht toekomstbestendig kan worden gehuisvest op de
deel van het onderzoek (zie figuur 12). Met hen is separaat gesproken over toekomstige
voorkeurslocaties. Deze locaties zijn gelegen aan de Van der Palmstraat (inclusief het ge-
ontwikkelingen.
bied tot aan de Douwes Dekkerlaan) en de Vijzellaan. Op basis van het haalbaarheidson-
Het onderzoek geeft een doorkijk naar de eventuele opbrengstpotentie van vrijvallende
derzoek kan de Gemeenteraad besluiten over vervolgstappen.
locaties, maar geeft hiervoor geen kaders of richtlijnen mee.
Het haalbaarheidsonderzoek kent twee sporen.
1.4
1. Primair: onderzoek naar de haalbaarheid van de huisvesting van de scholen, inclusief
Om inzicht te krijgen in de wijze waarop toekomstbestendige huisvesting voor de VO-scho-
de daarbij behorende faciliteiten voor het bewegingsonderwijs op de twee locaties.
len op twee voorkeurslocaties (Vijzellaan en Van der Palmstraat) vorm zou kunnen krijgen
2. Secundair: inzicht geven in de mogelijkheden om aanvullende gemeentelijke ambities
Werkwijze
is het onderzoek ingericht in vier fasen:
te realiseren op het gebied van woningbouw, maatschappelijke voorzieningen, (recreatieve) sport en groen/water (waaronder klimaatambities). Het haalbaarheidsonderzoek is opgesteld op basis van actuele informatie over onder andere de ontwikkeling van het aantal leerlingen, de visie op onderwijs, de normatieve berekening van de ruimtebehoefte en bouwkosten. In deze fase wordt op basis hiervan indicatief inzicht gegeven in de wijze waarop het voortgezet onderwijs in Papendrecht toekomstbe-
Figuur 2: Werkwijze haalbaarheidsonderzoek
stendig kan worden gehuisvest op de voorkeurslocaties. Er is nog geen rekening gehouden met eventuele optimalisaties ten aanzien van ruimtebehoefte of bouwkosten. In het vervolg
Verkennen van de visie van de scholen op onderwijs en huisvesting, uitgangspunten en
kunnen uitgangspunten wijzigen. In volgende projectfasen worden uitgangspunten voort-
ruimtebehoefte.
durend gemonitord zodat tijdig in kan worden gespeeld op wijzigingen.
Verbinden van de afzonderlijke visies naar een gezamenlijke visie op samenwerking en een ruimtelijke vertaling naar huisvestingsscenario’s op de locaties. In deze fase is ook
1.3
Afbakening
Parallel aan het haalbaarheidsonderzoek naar toekomstbestendig VO speelt een aantal ontwikkelingen die geen onderdeel zijn van het onderzoek: De ambitie om in Papendrecht onderwijs op MBO-niveau aan te kunnen bieden, wordt niet meegenomen. Uit het haalbaarheidsonderzoek moet blijken of een fysieke koppeling tussen het Willem de Zwijger College en Theater de Willem tot de mogelijkheden behoort. In het kader van de ombuigingen wordt gesproken over de vorming van een "cultuurplatform". De
de verbinding gelegd met andere maatschappelijke voorzieningen in Papendrecht. Verbeelden van de huisvestingsscenario’s in een ruimtelijke verkenning en het berekenen van de bijbehorende kosten per scenario. Verankeren van de opbrengst van eerdere fasen in een integrale rapportage van de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek. Voor de duur van het onderzoek is een projectorganisatie ingericht bestaande uit werkgroepen, projectgroepen en stuurgroepen met vertegenwoordigers van gemeente en scholen.
raakvlakken tussen beide opgaven zijn op dit ogenblik niet duidelijk en deze ontwikkeling wordt daarom niet meegenomen. Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
5
1.5
Leeswijzer
In het haalbaarheidsonderzoek beschrijven wij de opgave aan de hand van: Deel 1: Visie en analyse Visie op onderwijs en huisvesting (hoofdstuk 2); Visie op samenwerking (hoofdstuk 3); Ruimtebehoefte VO-scholen(hoofdstuk 4); Combinatiekansen (hoofdstuk 5); Locatieverkenning (hoofdstuk 6). Deel 2: Scenario’s Uitgangspunten scenario’s (hoofdstuk 7); Scenario 1: Praktijk centraal (hoofdstuk 8); Scenario 2: Twee keer één (hoofdstuk 9); Scenario 3: Campus (hoofdstuk 10); Scenario 4: Campus integraal (hoofdstuk 11); Financiën (hoofdstuk 12). Deel 3: Conclusie Conclusie (hoofdstuk 13).
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
6
Deel 1 - Visie en analyse
2.
Visie op onderwijs en huisvesting
Huisvesting is geen doel op zich maar ondersteunend aan het primaire proces van een
uitgroeien’. Op CSG De Lage Waard wordt onderwijs verzorgd op basis van vijf kernwaarden. Aan de hand van deze kernwaarden zijn speerpunten omschreven voor onderwijs, organisatie en omgeving.
organisatie. Om passende huisvesting te kunnen realiseren voor een school is de onder-
Gedegen: CSG De Lage Waard biedt gewoon goed onderwijs. Ze hecht belang aan
wijsvisie het vertrekpunt. Daarom is het haalbaarheidsonderzoek gestart met het in beeld
rust en regelmaat en hanteert duidelijke principes, normen en waarden. Beslissingen
brengen van de visie op onderwijs van beide scholen. Dit hoofdstuk geeft hiervan een be-
worden rationeel en weloverwogen genomen. Op basis daarvan biedt de school kwali-
knopte weergave.
teit en is ze betrouwbaar. Kansrijk: CSG De Lage Waard biedt een breed onderwijs aanbod. Zij heeft alle onder-
2.1
CSG De Lage Waard
Christelijke Scholengemeenschap De Lage Waard (CSG DLW) is een christelijke scholengemeenschap voor vmbo (basisberoepsgerichte en kaderberoepsgerichte leerweg)1, mavo (theoretische leerweg en gemengde leerweg), havo en vwo. De school heeft twee locaties in Papendrecht: aan de Burgemeester Keijzerweg (ca. 700 leerlingen; vmbo en mavo) en aan de Vijzellaan (ca. 1.100 leerlingen; havo en vwo). De gebouwen zijn gerealiseerd in de jaren ’60 en ’70 hebben een omvang van respectievelijk ca. 10.000 m² bvo en ca. 9.750 m² bvo.
wijsniveaus in huis en ondersteunt leerlingen maximaal. Leerlingen kunnen hun talenten ook ontwikkelen in specifieke programma’s. Daarmee biedt de school veel keuzemogelijkheden. Gedreven: CSG De Lage Waard motiveert en begeleidt leerlingen om eruit te halen wat erin zit. De school gaat 100% voor haar leerlingen. Docenten zijn gedreven en streven naar het beste. Christelijke uitgangspunten zijn daarbij een belangrijke drijfveer. Verbindend: CSG De Lage Waard organiseert verbinding binnen de schoolorganisatie (hecht team), met onderwijspartners (basisonderwijs, MBO en HO) en met ouders (driehoek). Daarnaast gaat ze de verbinding aan met de buitenwereld. De school wil een open gemeenschap zijn zodat ze jongeren kan voorbereiden op hun verantwoordelijke positie nu en in de toekomst. Uitgesproken: CSG De Lage Waard wil lef tonen en durft te kiezen. Het is duidelijk waar de school goed in is en dat zet ze neer met enthousiasme en trots. Samenwerkingspartners CSG De Lage Waard werkt samen met een groot aantal partners. In deze paragraaf worden een aantal samenwerkingspartners toegelicht. In bijlage 1 is een uitgebreidere toelichting op de partners van de school opgenomen.
Figuur 3: Huidige schoolgebouwen CSG De Lage Waard
CSG De Lage Waard maakt deel uit van het Samenwerkingsverband Passend Onder2.1.1
Visie op onderwijs
De missie van CSG De Lage Waard is ‘Succesvol ontwikkelen als leerling én persoon in een kansrijke en stimulerende leeromgeving’. Haar belofte aan de leerling is ‘Boven jezelf 1
wijs VO Noordelijke Drechtsteden. Binnen het samenwerkingsverband maken de scholen samen passend onderwijs mogelijk voor alle leerlingen De school biedt specifieke ondersteuning in de vorm van een zorgklas voor leerlingen met een stoornis in het autistisch spectrum en leerwegondersteunend onderwijs (lwoo).
De Lage Waard biedt de beroepsgerichte profielen Zorg & Welzijn (Z&W), Economie & Ondernemen (E&O), Bouwen, Wonen & Interieur (BWI) en Produceren, Installeren en Energie (PIE).
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
8
In het programma Sterk Techniek Onderwijs (STO) in de regio Noordelijke Drechtsteden
Kenmerken
werken vmbo-scholen, mbo-instellingen en het regionaal bedrijfsleven samen om de kwa-
De kernwaarden van CSG De Lage Waard vertalen zich naar de volgende kenmerken voor
liteit van de bèta technische leerloopbaan van de jonge beroepsprofessional te verbeteren.
de huisvesting:
In het kader van Sterk Techniek Onderwijs wordt met ROC Da Vinci College onderzocht of
Zichtbaarheid: op CSG De Lage Waard worden leerlingen gezien en voelen ze zich
het mogelijk is om leerlingen een drempelloze doorstroom te kunnen bieden naar MBO-2-
welkom. De entree is uitnodigend in vormgeving en is voortdurend in beeld bij mede-
opleidingen in Papendrecht. De focus ligt in eerste instantie op vervolgopleidingen van de
werkers. Leerlingen en bezoekers kunnen rekenen op een warm welkom.
techniekprofielen (beide scholen bieden Produceren, Installeren en Energie (PIE)) en in
Kleinschaligheid: bij CSG De Lage Waard ben je zichtbaar en word je gezien. Mede-
een vervolg mogelijk vervolgopleidingen van andere beroepsgerichte profielen.
werkers en leerlingen kennen elkaar en zijn betrokken bij elkaar. Om dat mogelijk te maken wordt binnen de school gewerkt in eenheden van groepen leerlingen naar leer-
De gebouwen en sportvelden van CSG De Lage Waard worden gebruikt door maatschap-
weg (vmbo/mavo en havo/vwo) en aanvullend naar leerjaar (onderbouw/bovenbouw).
pelijke organisaties waaronder bijvoorbeeld het primair onderwijs, een kerkgenootschap-
Deze eenheden vormen een veilige en overzichtelijke thuisbasis voor leerlingen.
pen of sportvereniging.
Eigenheid: CSG De Lage Waard is één school, maar binnen de school zijn de leerwegen duidelijk herkenbare clusters met een eigen vormgeving en inrichting. Dat gaat ver-
Met onderwijsinstellingen in de kern en de regio wordt gewerkt aan verbetering van de
der dan alleen kleurgebruik; het is duidelijk zichtbaar en voelbaar in sfeer en uitstraling.
doorlopende leerlijn. Met alle toeleverende scholen (primair onderwijs) worden intakege-
Binnen de eigen herkenbare clusters is ruimte voor leerlingen om klassikaal les te vol-
sprekken georganiseerd. Daarnaast kunnen leerlingen van groep 7/8 kennis maken en met
gen, maar ook om zelfstandig te werken en om samen te ontspannen.
het onderwijs op de middelbare school door deel te nemen aan plus- (havo/vwo) of klus-
Eigenaarschap: leerlingen van CSG De Lage Waard voelen zich verantwoordelijk voor
klassen (vmbo). Met ROC Da Vinci College wordt samengewerkt op het gebied van het
hun eigen leeromgeving (eigenaarschap). Voorzieningen en inrichting van het school-
voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vavo) voor leerlingen ouder dan 16 jaar. In
gebouw sluiten aan bij hun ideeën en wensen.
het Samenwerkingsverband VO-HO werken middelbare scholen in de regio Rotterdam-
Kansengelijkheid: CSG De Lage Waard kiest om het onderwijs te organiseren rond de
Rijnmond samen met hogescholen in de regio en de Erasmus Universiteit Rotterdam om
eenheid groep/klas en met oog voor het individu. Leerlingen krijgen een breed onder-
de doorstroom van voortgezet onderwijs naar hoger onderwijs soepel te laten verlopen.
wijsaanbod. Zij kunnen aanvullend aan het onderwijs binnen hun eigen leerweg kiezen voor specifieke programma’s om hun talenten te ontdekken en te ontwikkelen.
In aanvulling hierop wordt ook samengewerkt met onder andere: Gemeente Papendrecht; Brancheorganisaties; Regionaal bedrijfsleven.
Ruimtelijke organisatie In de ruimtelijke organisatie van het onderwijs van CSG De Lage Waard staat ontmoeting vanuit de christelijke normen en waarden centraal. Ontmoeting vormt de verbinding tussen de leerwegen. De school ziet kansen in het versterken van deze verbinding. Samenwerken
2.1.2
Visie op huisvesting
draagt bij aan het vergroten van ontwikkelingskansen en de groei van leerlingen. Het
Onderwijs is voortdurend in ontwikkeling en huisvesting moet die ontwikkeling faciliteren.
tweede verbindende element is talentontwikkeling. In de vorm van een rijk talentenpro-
Uitgangspunt is dat voor CSG De Lage Waard nieuwe huisvesting wordt gerealiseerd die
gramma geeft de school hier invulling aan. Het talentenprogramma en de leeromgeving
aansluit bij de visie op onderwijs en hierin mee kan bewegen.
voor talentontwikkeling verbindt leerlingen met elkaar en zorgt ervoor dat zij elkaar ontmoeten en samenwerken over de leerwegen en leerjaren heen.
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
9
2.2
Willem de Zwijger College
Het Willem de Zwijger College is een scholengemeenschap voor vmbo (basisberoepsge-
Kwalificatie: dit betreft het verwerven van kennis, vaardigheden en houding. Socialisatie: hier draait het om hoe leerlingen via onderwijs deel worden van bestaande
richte en kaderberoepsgerichte leerweg)2, mavo (theoretische leerweg en gemengde leer-
tradities en praktijken.
weg), havo en vwo. De school heeft vestigingen in Hardinxveld-Giessendam en
Persoonlijkheidsvorming: de onderwijsvernieuwing op het Willem de Zwijger College,
Papendrecht (ca. 1.250 leerlingen). De school in Papendrecht is gevestigd aan de Van der
‘De Willem Gaat op Maat’ wordt gericht op persoonlijkheidsvorming. Persoonlijkheids-
Palmstraat. Het gebouw is gerealiseerd in verschillende fasen (1969, 1974 en 2007) en
vorming gaat over vrijheid en over de verantwoordelijkheid die daarmee gepaard gaat.
heeft een oppervlak van ca. 13.500 m² bvo. Het Willem de Zwijger College geeft hier invulling aan met een focus op: Ontmoeting: op het Willem de Zwijger College is iedereen welkom. De school stimuleert en motiveert leerlingen om met een open houding ervaringen en relaties aan te gaan en zo zichzelf te ontwikkelen. Ze biedt een breed onderwijsaanbod waarin leerlingen keuzes kunnen maken en uitdagingen aan kunnen gaan op eigen tempo en op eigen niveau. Daarbij biedt de school ondersteuning op maat. Eigenaarschap: op het Willem de Zwijger College dragen leerlingen verantwoordelijkheid voor eigen leren. Het onderwijs is gepersonaliseerd. Leerlingen stellen samen met hun coach leerdoelen vast en hebben zicht op de eigen ontwikkeling in relatie tot die doelen. De (oriëntatie op de) leerloopbaan van de leerling staat centraal. Figuur 4: Huidig schoolgebouw Willem de Zwijger College
Samenwerkingspartners Het Willem de Zwijger College werkt samen met een groot aantal partners. In deze para-
2.2.1
Visie op onderwijs
De missie van het Willem de Zwijger College: ‘Wij bieden een veilige en uitdagende leer-
graaf worden een aantal samenwerkingspartners toegelicht. In bijlage 1 is een uitgebreidere toelichting op de partners van de school opgenomen.
omgeving, opdat leerlingen zelfvertrouwen krijgen om keuzes te kunnen maken en kritisch te kunnen denken. Iedereen vindt bij ons onderwijs dat past. Iedere leerling en iedere me-
Het gebouw van het Willem de Zwijger College is geschakeld aan Theater De Willem. Het
dewerker is uniek. We werken samen vanuit eigenaarschap: eenieder is eigenaar van zijn
theater heeft een belangrijke aula- en bijeenkomstfunctie (feest, diploma-uitreiking etc.).
eigen leren. We realiseren ons dat medewerkers leerlingen hierbij moeten begeleiden.’ Een
Ook wordt het theater gebruikt voor het cultuurprogramma (o.a. muziek, dans).
kernachtige typering van de kwaliteit van de school is: ‘De Willem gaat voor jou!’. Het Willem de Zwijger College maakt deel uit van het Samenwerkingsverband Passend Op het Willem de Zwijger College wordt onderwijs verzorgt op basis van drie kernwaarden.
Onderwijs VO Noordelijke Drechtsteden. Binnen het samenwerkingsverband maken de
Aan de hand van deze kernwaarden zijn speerpunten omschreven voor onderwijs, organi-
scholen samen passend onderwijs mogelijk voor alle leerlingen. Voor leerlingen wordt met
satie en omgeving.
inzet van expertise uit het samenwerkingsverband extra ondersteuning en zorg georganiseerd op school.
2
Het Willem de Zwijger College biedt het beroepsgerichte profiel Produceren, Installeren en Energie (PIE).
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
10
Samenwerkingsverband RPO Rijnmond is een regionale opleidingsschool van leraren in
Kenmerken
Rijnmond. Schoolbesturen werken hierin samen met lerarenopleidingen aan de opleiding
De kernwaarden van het Willem de Zwijger College vertalen zich naar de volgende ken-
van eerste- en tweedegraads leraren. Daarnaast biedt het samenwerkingsverband profes-
merken voor de huisvesting:
sionaliseringsmogelijkheden voor ervaren leraren en schoolleiders.
Open, transparant en compact: het Willem de Zwijger College is een open en transparante school. Het gebouw is compact met korte looplijnen. De entree is uitnodigend en
Het gebouw van het Willem de Zwijger College wordt gebruikt door maatschappelijke or-
voortdurend in beeld bij medewerkers. Dit draagt bij aan de sociale veiligheid in de
ganisaties waaronder bijvoorbeeld het islamitisch onderwijs, de Volksuniversiteit en sport-
school. Leerlingen en medewerkers zijn zichtbaar en worden gezien.
verenigingen. Voor het bewegingsonderwijs buiten maakt het Willem de Zwijger College
Ontmoeting op centrale plekken: het Willem de Zwijger College nodigt uit tot ontmoeting
gebruik van faciliteiten van PKC Papendrecht en Atletiek Vereniging Passaat.
met elkaar. Ontmoeting wordt gestimuleerd en gefaciliteerd op verschillende niveaus. School-brede, grootschalige ontmoetingen kunnen plaatsvinden in een grote, centrale
In het programma Sterk Techniek Onderwijs (STO) werken in de regio Noordelijke
ontmoetingsruimte. Kleinschalige ontmoetingen bijvoorbeeld tussen een coach en leer-
Drechtsteden vmbo-scholen, mbo-instellingen en het regionaal bedrijfsleven samen om de
ling vinden plaats op een meer geborgen plek in de vertrouwde eigen leeromgeving.
kwaliteit van de bèta technische leerloopbaan van de jonge beroepsprofessional te verbe-
Voor bijvoorbeeld projectonderwijs zijn er voor kleine groepjes leerlingen gedurende
teren. In het kader van Sterk Techniek Onderwijs wordt met ROC Da Vinci College onder-
een bepaalde periode centrale ontmoetingsplekken.
zocht of het mogelijk is om leerlingen een drempelloze doorstroom te kunnen bieden naar
Onderwijs georganiseerd rond vakdomeinen: vakclusters zoals die van BINASK, Kunst
MBO-2-opleidingen in Papendrecht.
en Cultuur, Sport en Beweging, Talen en Techniek hebben een eigen domein. Zodoende kunnen zij zich profileren en zijn ze zichtbaar en herkenbaar voor leerlingen in
Met onderwijsinstellingen in de kern en de regio wordt gewerkt aan verbetering van de
de school. De doorlopende leerlijn wordt hier vakinhoudelijk georganiseerd en hier ont-
doorlopende leerlijn met de programma’s Fast Forward (groep 8), One Day Forward (groep
moeten leerlingen elkaar over de leerwegen en de leerjaren heen.
6/7) en het Excellentietraject. Met ROC Da Vinci College en ROC Albeda wordt samenge-
Onderwijs georganiseerd rond leerjaar: voor de jongste leerlingen wordt een eigen over-
werkt op het gebied van het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vavo) voor leer-
zichtelijke leeromgeving gerealiseerd. Zo wordt de overgang naar het voortgezet onder-
lingen ouder dan 16 jaar.
wijs minder groot en kunnen ze vanuit een veilige thuisbasis stapsgewijs groeien. Flexibiliteit: de leeromgeving bestaat uit een diversiteit aan onderwijsruimten voor gro-
In aanvulling hierop wordt ook samengewerkt met onder andere:
tere en kleinere groepen en voor verschillende werkvormen. Onderwijsruimten kunnen
Gemeente Papendrecht;
deels aan elkaar worden geschakeld zodat de ruimten kunnen worden aangepast aan
Samenwerkingsverband VO-HO;
de behoefte van het onderwijs op dat moment.
Regionaal bedrijfsleven. Ruimtelijke organisatie 2.2.2
Visie op huisvesting
Het Willem de Zwijger College is een brede scholengemeenschap waarbij alle leerwegen
Onderwijs is voortdurend in ontwikkeling en huisvesting moet die ontwikkeling faciliteren.
op één locatie worden aangeboden. In de ruimtelijke organisatie van het onderwijs van het
Uitgangspunt is dat voor het Willem de Zwijger College nieuwe huisvesting wordt gereali-
Willem de Zwijger College staat ontmoeting – in brede zin – centraal en vormt het verbin-
seerd die aansluit bij de visie op onderwijs en hierin mee kan bewegen.
dend element. Rond ontmoetingsplekken wordt het onderwijs georganiseerd in meer open
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
11
of gesloten onderwijsruimten. Het Willem de Zwijger College organiseert het onderwijs rond
Investeren in toekomstig personeel van onze bedrijven: het behouden van voortgezet
het gepersonaliseerd leren, de individu staat centraal.
onderwijs in de gemeente biedt kansen voor bedrijven. De stagiairs en medewerkers van de toekomst komen vanuit de scholen. Nederland vergrijst, deze demografische
Voor de school is de samenwerking met haar partner het theater belangrijk, niet alleen bij
ontwikkeling gaat ook Papendrecht niet voorbij. Het investeren in de nieuwe generaties
de huisvesting (er wordt gebruik gemaakt van elkaars ruimte) maar ook inhoudelijk. Dat-
draagt bij aan een gezonde balans in de samenleving, op zowel economisch, financieel
zelfde geldt voor sport, de school heeft speciale sportklassen. Nabijheid van de sportvoor-
als sociaal vlak.
zieningen is belangrijk voor de school. Ruimtelijke kansen
2.3
Gemeente Papendrecht
Het is in het belang van alle Papendrechters om het voortgezet onderwijs in Papendrecht
Door vernieuwing van de schoolgebouwen ontstaan er ook ruimtelijke kansen voor kwalitatieve verbetering:
te behouden. Met de lokale aanwezigheid van een breed, divers en kwalitatief hoogwaardig
Kansen voor ruimtelijke ontwikkelingen: herontwikkeling van de scholen en bijbeho-
onderwijsaanbod en frisse schoolgebouwen worden de optimale ontwikkelingskansen voor
rende locaties biedt kansen voor ruimtelijke verbetering van de gemeente. Het ontwik-
alle jongeren vergroot. Bovendien maakt deze voorziening Papendrecht tot een aantrekke-
kelen van huisvesting voor scholen zorgt voor een langere keten van ontwikkelingen.
lijke gemeente om te wonen en een goede vestigingslocatie voor bedrijven. Ook versterkt
Vrijkomende locaties kunnen worden getransformeerd naar bijvoorbeeld woningbouw
het de centrumfunctie van Papendrecht in de West-Alblasserwaard en de economische
en integrale gebiedsontwikkeling waarin een kwalitatieve verbetering van de openbare
positie van de regio. Daarom vindt de gemeente het belangrijk en noodzakelijk om – samen
ruimte meegenomen kan worden. Integrale gebiedsontwikkeling biedt tevens kansen
met de scholen – te investeren in de toekomstbestendigheid van het voortgezet onderwijs
voor het ontwikkelen van andere maatschappelijke functies en voorzieningen.
in Papendrecht.
Kansen voor verduurzaming: in het klimaatakkoord is afgesproken dat maatschappelijk vastgoed (waaronder scholen) wordt verduurzaamd. De huidige schoolgebouwen (uit
Kansen voor het onderwijs Vanuit dit perspectief zijn er verschillende kwalitatieve aspecten te benoemen die het belang van een breed aanbod en kwalitatief goede schoolgebouwen onderbouwen: Investeren in jeugd: de bestaande schoolgebouwen zijn verouderd. Door te investeren in onderwijshuisvesting heeft de jeugd een vertrouwde plek om hun schoolcarrière voort
de jaren ‘70 en ‘80) voldoen niet. Bij de ontwikkeling van de scholen kan duurzaamheid integraal meegenomen worden, zowel op gebouw als gebiedsniveau. Vanuit de sector is de sectorale routekaart voor verduurzaming3 ontwikkeld. Hierin komen de PO-Raad en de VO-raad en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) samen in actie voor duurzame schoolgebouwen. Deze verduurzamingsslag is ook nodig om de Kli-
te zetten. De inzet is breed aanbod van voortgezet onderwijs te behouden in Papend-
maatdoelstellingen te kunnen behalen.
recht.
Gezonde leeromgeving: behoud van goede gezonde scholen is voor de Papendrechtse
Investeren in onderwijs: investeren in onderwijs en de maakindustrie. De scholen leiden
gemeenschap van groot belang. De coronacrisis maakt duidelijk dat we behoefte heb-
een nieuwe generatie op die technologisch innovaties verder kan brengen.
ben aan gebouwen waar frisse lucht circuleert en het binnenklimaat gezond is. Het zorgt
Papendrecht op de kaart: op school zitten in de gemeente geeft een binding met Pa-
bovendien voor betere schoolprestaties. Nieuwe schoolgebouwen betekenen een
pendrecht die je voor het leven niet meer kwijt raakt. Het houdt de jeugd in Papendrecht.
enorme verbetering voor het binnenklimaat in de schoolgebouwen.
En dat geldt ook voor ouders/verzorgers van deze leerlingen. 3
Sectorale routekaart voor verduurzaming van schoolgebouwen, PO-raad, VO-raad en VNG,
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
12
3.
Visie op samenwerking
3.2
Samenwerking beroepsgericht (techniek)onderwijs
Samenwerking tussen beide scholen vindt met name plaats op het niveau van mindware In de Gemeentelijk Visie en Routekaart Huisvesting VO is samenwerking tussen de beide
en software. De scholen streven ernaar het techniekonderwijs in de regio te versterken en
VO-scholen in Papendrecht een van de uitgangspunten. Het Willem de Zwijger College en
de kwaliteit van de bèta-technische leerloopbaan van de jonge beroepsprofessionals te
CSG De Lage Waard worden aangemoedigd om inhoudelijk en/of facilitair samen te wer-
verbeteren. In verschillende (regionale) samenwerkingsverbanden werken de scholen hier-
ken, minimaal op het beroepsgerichte (techniek)onderwijs en de sportfuncties ervan uit-
toe inhoudelijk met elkaar en met andere netwerkpartners samen onder andere in de pro-
gaande dat zodoende goed onderwijs in een kwalitatief hoogwaardig onderwijsgebouw kan
gramma’s Focus op Bèta en Sterk Techniek Onderwijs. Dit vertaalt zich naar een groot
worden aangeboden. De scholen werken nu al op onderdelen samen (zie paragraaf 2.1.1
aantal activiteiten waarin beide scholen samenwerken.
en 2.2.1) De gezamenlijke visie op samenwerking wordt in dit hoofdstuk nader toegelicht. Organisatorische samenwerking tussen CSG De Lage Waard en het Willem de Zwijger
3.1
Mindware, software en hardware
Samenwerking kan plaatsvinden op verschillende niveaus. Bij het
College vindt bijvoorbeeld plaats bij de Onderwijsroute (samen met bedrijfsleven) en de Techniekspelen. De scholen zien kansen voor fysieke samenwerking daar waar het beroepsgerichte (tech-
verbinden van de individuele visies
niek)onderwijs de maatschappij raakt. Om leerlingen de kans te geven praktijkervaring in
van de scholen naar een geza-
levensechte situaties op te doen kunnen projecten worden opgestart waarbij ze aan de slag
menlijke visie op samenwerking is
gaan met concrete vragen uit het bedrijfsleven of van particuliere bewoners, bijvoorbeeld
deze op drie niveaus besproken:
in de vorm van een repaircafé. Op deze manier worden theorie en praktijk voor de leerling
‘mindware, software, hardware’.
met elkaar verbonden. De leerling leert in een leeromgeving die zich bevindt tussen de Figuur 5: Niveaus van samenwerking
Mindware staat voor een gezamenlijke missie, visie en/of ambitie van beide scholen op onderdelen. Op het niveau van de mindware wordt geformuleerd welke gezamenlijke doelen de scholen nastreven. Dit vertaalt zich naar inhoudelijke samenwerking tussen de scholen. Software gaat over (gezamenlijke) activiteiten die de scholen organiseren om de visie en ambitie te bereiken. Met het formuleren van de software wordt de vraag hoe de doelen bereikt worden, beantwoord. Dit vertaalt zich naar de organisatorische samenwerking tussen de scholen.
school en de beroepspraktijk. Dit draagt bij aan oriëntatie op en motivatie voor de leerloopbaan. Het uitvoeren van praktische en realistische opdrachten binnen én buiten de school sluit aan bij de ontwikkeling van het praktijkgerichte programma voor de nieuwe leerweg. Daarnaast zien scholen kansen voor fysieke samenwerking daar waar het beroepsgerichte (techniek)onderwijs de leerloopbaan in het vervolgonderwijs raakt. Voor een deel van de jongeren is het passend om vanuit een vertrouwde vmbo-school een mbo-opleiding te volgen. Er gaat dan geen tijd verloren aan wennen aan een nieuwe omgeving en onderwijstijd kan optimaal worden benut. Een goede aansluiting kan bepalend zijn voor het succes van de opleiding van de student en helpt schooluitval te voorkomen.
Hardware is de fysieke vormgeving van de accommodatie. De hardware is het antwoord op de vraag ‘wat heb je daarbij nodig?’. Dit vertaalt zich naar de fysieke samenwerking tussen de scholen.
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
13
Nu het wettelijk mogelijk is dat jongeren in de basisberoepsgerichte en kaderberoepsgerichte leerweg om de entreeopleidingen en MBO-2-opleidingen binnen het vmbo af te ronden, willen CSG De Lage Waard en het Willem de Zwijger College met de regionale MBO-instellingen de mogelijkheid onderzoeken om MBO-2-opleidingen binnen de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) aan te bieden die aansluiten op de technische profielen Bouwen, Wonen en Interieur (BWI) en Produceren Installeren en Energie (PIE). In het belang van gelijke en eerlijke kansen voor alle leerlingen vinden de scholen het van belang om een breed onderwijsaanbod te kunnen bieden aan hun leerlingen in een brede scholengemeenschap. Dit biedt zowel de meer begaafde, vroegrijpe en snel lerende kinderen, als de minder vlot of gemakkelijk lerende jongeren en de laatbloeiers kansen om zich te ontwikkelen in een overzichtelijke en kleinschalige schoolomgeving. Groepen leerlingen worden niet gescheiden van elkaar. Daarmee dragen de scholen bij aan een van doelen van onderwijs om leerlingen als burgers te leren samenleven in een complexe en diverse samenleving. Het versterken van de aandacht voor bètatechniek in het onderwijs heeft nationaal nog altijd veel aandacht. Actuele onderwijsontwikkelingen zoals de nieuwe leerweg, maar ook de ontwikkeling van leerlijnen onderzoeken en ontwerpen dragen hieraan bij.
Om techniek breed onder de aandacht te kunnen brengen bij leer-
Figuur 6: Verkenning samenwerking beroepsgericht (techniek)onderwijs
lingen is een goed uitgeruste praktische leeromgeving die integraal onderdeel is van de scholengemeenschap noodzakelijk. Deze leeromgeving kan breed worden ingezet zowel voor de leerling in de beroepsgerichte leerweg die zich oriënteert op de technische beroepspraktijk als voor de havo-leerling die in het kader van een profielwerkstuk een experiment uitvoert. Ook vanuit dit perspectief is het voor beide scholen belangrijk dat de (technische) praktijkgerichte leeromgeving integraal onderdeel is van de school. Het samenvoegen van de beroepsgerichte leerwegen van beide scholen in één gebouw is hiermee in strijd.
3.3
Samenwerking sport
Samenwerking vindt met name plaats op het niveau van mindware. Beide scholen streven ernaar om een actieve leefstijl te stimuleren en een brede oriëntatie op de actuele sport- en beweegcultuur te bieden. De ambitie is om een brede motorische basis te versterken en verstevigen en sociale, leiderschaps- en regelvaardigheden te ontwikkelen. Beide scholen hebben een breed sportaanbod waarbij leerlingen de mogelijkheid hebben om gebruik te maken van een aanvullend sportaanbod zoals sport(oriëntatie)klassen, Talentlijn sport en de Willem Junior Academie.
Figuur 7: Verkenning samenwerking sport
De organisatorische samenwerking beperkt zich tot deelname aan gezamenlijke sporttoernooien en Olympic Moves. Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
14
Fysieke nabijheid van de sportvoorzieningen is voor beide scholen een belangrijk aan-
Fysieke nabijheid van de sportvoorzieningen is voor beide scholen belangrijk. Cluste-
dachtspunt. Zowel met het oog op de effectieve inzet van de onderwijstijd van leerlingen
ring van de afzonderlijke gymzalen van de scholen tot een gezamenlijke sportvoorzie-
als met het oog op de samenwerking met vakleerkrachten en de binding van de vakleer-
ning biedt kansen voor een meer uitdagende en diverse sportomgeving.
krachten met de school. Clustering van de afzonderlijke gymzalen van de scholen tot een gezamenlijke sportvoorziening biedt wellicht kansen voor een meer uitdagende en diverse
De visie op samenwerking sluit op dit punt goed aan bij de meest recente adviezen van de
sportomgeving. Zo kunnen mogelijk meer diverse sportruimten worden gerealiseerd (bij-
Onderwijsraad en de SER (zie bijlage 8). Het aspect van kansengelijkheid is in de Gemeen-
voorbeeld een danszaal) waardoor een meer gevarieerd aanbod sport en bewegen aange-
telijk Visie en Routekaart Huisvesting VO onderbelicht. Het verdient daarom aanbeveling
boden kan worden. Maar nabijheid weegt zwaar in de afweging van belangen.
om in aanloop naar een volgende projectfase hierop samen met het Willem de Zwijger College en CSG De Lage Waard en samenwerkingspartners een visie en gemeentelijk on-
3.4
Conclusie
derwijsbeleid te ontwikkelen om vervolgens als afgeleide daarvan te onderzoeken welke
In de Gemeentelijk Visie en Routekaart Huisvesting VO worden het Willem de Zwijger Col-
mogelijkheden er zijn, zowel ten aanzien van het beroepsgerichte (techniek)onderwijs als
lege en CSG De Lage Waard aangemoedigd om inhoudelijk en/of facilitair samen te wer-
ten aanzien van de sportvoorzieningen, om dit gemeentelijke onderwijsbeleid mede vorm
ken, minimaal op het beroepsgerichte (techniek)onderwijs en de sportfuncties ervan
te geven door middel van fysieke samenwerking. Dit kan ook door in ontwerp en inrichting
uitgaande dat zodoende goed onderwijs in een kwalitatief hoogwaardig onderwijsgebouw
van de onderwijsgebouwen slimme keuzes te maken ten aanzien van faciliteiten en vorm-
kan worden aangeboden. De scholen geven aan de meerwaarde van nauwe fysieke sa-
geving.
menwerking in gedeelde huisvesting niet te zien. Zij kennen juist veel waarde toe aan de ontwikkeling van brede scholen met een eigen identiteit waarin leerlingen gelijke kansen krijgen om zich (breed) te ontwikkelen. De scholen onderschrijven daarmee de ambitie die de gemeente Papendrecht ook heeft om een breed en goed onderwijsaanbod te blijven bieden. Ouders en kinderen moeten kunnen kiezen. Een goed en breed onderwijsaanbod bindt jongeren aan Papendrecht en vergroot kansen op de arbeidsmarkt. In het voortgezet onderwijs hebben de scholen een regionale functie, die willen zij behouden. Uitgangspunt voor het Willem de Zwijger College en CSG De Lage Waard is dat zij niet noodzakelijkerwijs (op onderdelen) hoeven samen te werken in gedeelde huisvesting om de ambities waar te kunnen maken. Intensievere samenwerking kan wel voordelen bieden. Samengevat concluderen de beide scholen: De scholen continueren de inhoudelijke en organisatorische samenwerking in diverse samenwerkingsverbanden en gezamenlijke activiteiten met hun netwerkpartners. De scholen zien geen onderwijskundige meerwaarde in nauwe fysieke samenwerking in gedeelde huisvesting voor het (beroepsgericht) techniekonderwijs. Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
15
4.
Ruimtebehoefte VO-scholen
4.2
Ontwikkeling leerlingaantal
De ruimtebehoefte wordt berekend op basis van het leerlingenaantal per school. Om een De toekomstige ruimtebehoefte voor de VO-scholen wordt bepaald op basis van de normen
beeld te krijgen van de ontwikkeling van het aantal leerlingen in Papendrecht is in de vol-
die hiervoor zijn opgenomen in de ‘Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs ge-
gende tabel 1 de prognose in de komende 15 jaar in beeld gebracht. In februari 2021 zijn
meente Papendrecht 2015’ (Verordening). In de Verordening is vastgelegd op welke manier
de leerlingprognoses voor de VO-scholen geactualiseerd. De prognose geeft een beeld
de normatieve ruimtebehoefte voor de scholen in het voortgezet onderwijs wordt bepaald.
van de ontwikkeling tot 2039. Voor het haalbaarheidsonderzoek wordt gekeken naar de
Voor het berekenen van de ruimtebehoefte voor onderwijs en gymnastiek wordt gebruik
komende 15 jaar, dus tot 2035. In tabel 1 zijn de prognoses per 5 jaar weergegeven, uitge-
gemaakt van ruimtenormen zoals vastgelegd in de Verordening en de leerlingprognose
splitst naar vestiging. Voor het Willem de Zwijger College is geen uitgesplitste prognose
over een periode van 15 jaar.
naar sector opgesteld. Daarom is voor deze school de verhouding tussen VMBO en
In de volgende paragrafen wordt de ontwikkeling van het leerlingaantal op de scholen in
Havo/Vwo in 2020 gebruikt om de uitgesplitste aantallen op basis van de prognose te be-
beeld gebracht. Vervolgens is op basis van het aantal leerlingen de normatieve ruimtebe-
palen.
hoefte per schoolgebouw bepaald. In bijlage 2a is de volledig notitie opgenomen en in bijlage 2b de normatieve ruimtebehoefte berekening. De ruimtebehoefte voor de
Tabel 1: Prognose leerlingaantal per vestiging 2020 - 2035
Sector
okt. 2020*
okt. 2025
okt. 2030
okt. 2035
gem. ‘20-‘35
DLW - Vijzellaan
Havo/Vwo
1.110
1.212
1.119
1.099
1.149
DLW - Burg. Keijzerweg
VMBO
schoolgebouwen, voor binnensport en buitenruimte is in de laatste paragraaf vertaald naar in te passen ruimtelijke clusters.
4.1
Ruimtenormen
Totaal CSG De Lage Waard
689
745
695
689
715
1.799
1.957
1.814
1.788
1.864
In de Verordening zijn de normen voor het berekenen van de ruimtebehoefte vastgelegd.
Willem de Zwijger
Havo/Vwo**
823
828
757
743
790
Deze normen zijn gebaseerd op de modelverordening van de VNG, peildatum 2015. Per
Willem de Zwijger
VMBO**
426
428
392
384
409
1 januari 2021 heeft de VNG de modelverordening geactualiseerd en ruimtenormen voor
Totaal Willem de Zwijger College
1.249
1.256
1.149
1.127
1.199
Totaal
3.048
3.213
2.963
2.915
3.063
het voortgezet onderwijs aangepast op onder andere de nieuwe VMBO-profielen. In de ruimtenormering voor de VMBO-bovenbouw wordt gerekend met een vaste voet en
*werkelijk aantal leerlingen op 1-10-2020
een leerling-afhankelijke norm. Hierin is geen rekening gehouden met gebruik van de prak-
** uitsplitsing HA/VMBO op basis van verhouding in 2020
tijkvoorzieningen door onderbouwleerlingen, leerlingen van andere beroepsgerichte profielen en/of leerlingen van andere leerwegen (vmbo-t / Havo / VWO). Omdat de praktijkvoorzieningen van beide VO-scholen in Papendrecht nu en in de toekomst breder ingezet worden dan enkel voor VMBO-bovenbouwleerlingen berekenen we de ruimtebehoefte voor praktijkvoorzieningen in een bandbreedte tussen de norm 2015 en norm 2021. In de volgende projectfase (definitie) wordt de ruimtebehoefte per school nader uitgewerkt in een concreet ruimteprogramma. Op basis daarvan kan nader onderbouwd worden hoeveel m² praktijkvoorzieningen nodig is.
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
De prognose laat een stabilisatie / lichte daling van het aantal leerlingen zien (-4,4% in de periode 2020-2035). De ontwikkeling per school verschilt, het leerlingaantal van CSG De Lage Waard is in de prognose stabiel terwijl het leerlingaantal van Willem de Zwijger College in de prognose licht daalt. De ontwikkeling in de afgelopen 5 jaar laat juist een omgekeerde ontwikkeling zien. Het gemiddeld aantal leerlingen in de komende 15 jaar komt nagenoeg overeen met het huidig aantal leerlingen. De verhouding tussen het aantal leerlingen van beide scholen fluctueert, maar laat zich ook lastig voorspellen. De uitkomst van de prognose laat zien dat het huidig aantal leerlingen ook in de komende jaren verwacht 16
wordt op de scholen. De eerste jaren laat de prognose zelfs een lichte stijging zien, na 2028
Uitgangspunt voor dit haalbaarheidsonderzoek is een totale normatieve ruimtebehoefte van
neemt het aantal leerlingen weer af.
27.100 m² bvo voor de scholen, inclusief binnensportvoorzieningen.
Uitgangspunt voor dit haalbaarheidsonderzoek is het huidig leerlingaantal per school (per
4.3.2
1-10-2020). Dit komt nagenoeg overeen met het geprognosticeerde gemiddelde aantal
De normen voor bewegingsonderwijs zoals gehanteerd in de VNG-modelverordening slui-
leerlingen in de komende 15 jaar. Bij de definitieve beschikking in een latere projectfase
ten niet aan bij de ambities ten aanzien van sport en bewegen van de gemeente en de
wordt nogmaals naar de ontwikkeling van de leerlingenaantallen gekeken en het mogelijke
scholen. Om aan deze ambities invulling te kunnen geven moeten twee gymzalen worden
effect hiervan op de normatieve ruimtebehoefteberekening van de beide scholen.
toegevoegd:
Ruimtebehoefte binnensport
Een gymzaal van 455 m² bvo op de locatie Vijzellaan welke ingezet kan worden ten
4.3
behoeve van gym voor de primair onderwijsscholen in de wijk. Deze zaal dient ter ver-
Normatieve ruimtebehoefte
Op basis van de normen uit 2021 en het huidig leerlingaantal van de scholen is de norma-
vanging van gymzaal De Spil.
tieve ruimtebehoefte berekend. De normberekening geeft inzicht in de behoefte in vierkante
Een gymzaal van 455 m² bvo op de locatie Van der Palmstraat welke ingezet kan wor-
meter bruto vloeroppervlak (m² bvo) voor onderwijs, voor sport (bewegingsonderwijs) en
den ten behoeve van het bewegingsonderwijs van het Willem de Zwijger College.
de buitenruimte. De buitenruimte is voor pauze- en beweegruimte voor de leerlingen van de school. Het benodigd terrein voor onder andere parkeervoorzieningen dient te worden
4.3.3
opgeteld bij de norm. Voor parkeervoorzieningen wordt de voor de locatie van het terrein
In de normberekening voor de scholen wordt ook rekening gehouden met behoefte aan
geldende gemeentelijke parkeernorm gehanteerd.
buitenruimte. Per schoolgebouw moet rekening worden gehouden met ruimten voor spelen
Ruimtebehoefte buitenruimte en parkeren
en bewegen om de school. Voor parkeervoorzieningen voor auto’s en fietsen gelden de 4.3.1
gemeentelijke parkeernormen. In tabel 3 is een overzicht van de behoefte aan buitenruimte
Ruimtebehoefte onderwijsgebouwen
De normatieve ruimtebehoefte voor de scholen in Papendrecht is berekend op ruim 27.000 m² bvo. De behoefte per school is weergegeven in tabel 2. In bijlage 2a is de normatieve behoefteberekening per schoolvestiging opgenomen.
Vaste voet VMBO HAVO / VWO
550
Tabel 3: Behoefte buitenruimte en parkeren
DLW – Burg. Keijzer
Tabel 2: Normatieve ruimtebehoefte per schoolvestiging
DLW – Burg. Keijzer
bij de scholen opgenomen.
DLW – Vijzellaan
m² buitenruimte
Willem de Zwijger
980
5.850
DLW – Vijzellaan
592
908
Willem de Zwijger 1.012
Sport n.v.t.
Totaal
980
4.4
3.320
Vertaling naar ruimteclusters
Om de vertaling van ruimtebehoefte naar scenario’s voor de toekomstige huisvesting van
--
6.420
4.800
6.400
7.400
9.100
22.900
bouwstenen waarmee de scenario’s worden opgebouwd. De ruimteclusters kunnen op ver-
Aantal gymzalen
3
3
3
9
Totaal m² sport
1.400
1.400
1.400
4.200
schillende manieren gekoppeld worden om te komen tot een aantal huisvestingsscenario’s
Totaal m² bvo
7.800
8.800
10.500
27.100
Totaal m² onderwijs
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
de VO-scholen te kunnen maken zijn ruimtelijke clusters benoemd. Deze clusters zijn de
voor de scholen op de locaties Vijzellaan en Van der Palmstraat/ Douwes Dekkerlaan.
17
In tabel 4 zijn de clusters per school in beeld gebracht. Hierbij is zowel de omvang in aantal leerlingen als in m² bvo opgenomen. Tabel 4: Ruimteclusters t.b.v. scenario’s VO-scholen
CSG De Lage Waard
Willem de Zwijger
aantal ll.
m² bvo
aantal ll.
m² bvo
VMBO BB/KB
474
5.100
133
1.500
VMBO-T
215
1.300
293
1.800
Havo / VWO
1.110
7.400
823
5.800
Gymcluster 1
1.400
Gymcluster 2
1.400
Gymcluster 3
455
Extra gym WdZ Totaal
m² bvo
1.400
Extra gym PO Subtotaal
Primair onderwijs
455 1.799
16.600
1.249
10.955
455
28.010 m² bvo
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
18
5.
Combinatiekansen
5.2
Sportvoorzieningen
In het kader van dit haalbaarheidsonderzoek is in beeld gebracht of en op welke manier de Doelstelling van het haalbaarheidsonderzoek is om inzicht te geven in de wijze waarop het
sportvoorzieningen voor de scholen multifunctioneler gemaakt kunnen worden zodat deze
voortgezet onderwijs in Papendrecht toekomstbestendig kan worden gehuisvest op de
tevens gebruikt kunnen worden door Papendrechtse sportverenigingen. In bijlage 3 is de
voorkeurslocaties. Scholenbouw biedt de kans om de beperkt beschikbare ruimte in Pa-
volledige notitie met de resultaten van deze inventarisatie opgenomen.
pendrecht zoveel mogelijk effectief en multifunctioneel te benutten. De nieuwbouw van VOscholen is te beschouwen als een vliegwiel voor gebieds-of locatieontwikkeling, die zo veel
Gymzaal conform verordening
mogelijk integraal moeten worden benaderd. Scholenbouw biedt kansen om ruimtelijke en
Een basisvoorziening voor bewegingsonderwijs voor een school is vastgelegd in de Veror-
sociale ambities te realiseren waarmee de investering een toegevoegde waarde krijgt voor
dening Huisvesting onderwijs van de gemeente. De KVLO5 adviseert een wat grotere gym-
zoveel mogelijk Papendrechters.
zaal te hanteren voor het voortgezet onderwijs. De basissportvoorziening voor een school bestaat uit een gymzaal met een netto zaalmaat van 12x21 meter (252 m²) en een vrije
De combinatiekansen die de investering in scholenbouw biedt hebben betrekking op wo-
hoogte van 5 meter. Een dergelijke gymzaal kent beperkte gebruiksmogelijkheden voor
ningbouwontwikkeling, sportvoorzieningen, maatschappelijke voorzieningen en duurzaam-
sportverenigingen en is alleen geschikt voor gebruik voor o.a. tafeltennis, taekwondo en
heid en groen. Daarmee werkt de gemeente Papendrecht aan een leefomgeving die
gymnastiek. Een basis gymzaal conform de VNG-norm resulteert in een gebouw van 455
beweging, ontplooiing en ontmoeting stimuleert. En aan een omgeving die gezond, veilig,
m² bvo en bij clustering van 3 gymzalen in een gebouw van circa 1.400 m² bvo.
en duurzaam is en ruimte biedt voor natuur. Zo zet ze stappen in de gewenste richting voor de toekomst van Papendrecht, zoals deze in de omgevingsvisie4 is geschetst. In dit hoofd-
Sporthal NOC*NSF
stuk komen de belangrijkste ambities aan bod, en gaan we kort in op kansen voor integrale
De VO-scholen hebben op basis van hun leerlingaantal behoefte aan meerdere gymzalen.
gebiedsontwikkeling als basis voor de volgende ontwikkelingsstappen.
Het is mogelijk om gymzalen te koppelen tot een grotere sportruimte met scheidingswanden waardoor de zaal in aparte zaaldelen kan worden gebruikt. De sporthal is een koppe-
5.1
Woningbouwontwikkeling
ling van 3 gymnastieklokalen die d.m.v. twee elektrisch bedienbare scheidingswanden tot
Op de beoogde ontwikkellocaties voor onderwijshuisvesting en de vrijvallende locaties kan
één grotere ruimte omgevormd kan worden. De sportruimten zijn groter langer, breder en
(aanvullend) woningbouw worden gerealiseerd op basis van het Woonplan Papendrecht.
hoger zodat er een sporthal ontstaat die is geschikt voor de meeste verenigingssporten.
Er is ruimte om (ook) te bouwen voor bijzondere doelgroepen. De Gemeente Papendrecht
Een sporthal geschikt voor verenigingsgebruik conform de eisen van NOC*NSF heeft een
heeft de ambitie om nieuwe woningen te realiseren in samenhang met nieuwe onderwijs-
afmeting van 1.700 m² bvo.
en sportvoorzieningen in een aantrekkelijke en duurzame leefomgeving. Integrale ontwikkeling van de locaties biedt mogelijkheden om de ruimtelijke kwaliteit te maximaliseren. Zo gebruiken we de beperkte ruimte effectief en blijft er ruimte over voor groen.
De kenmerken / uitgangspunten van een sporthal: Een sportruimte van 24 x 44 meter met een obstakelvrije hoogte van 7,0 meter; 6 kleed- wasruimten; Belijning voor: Combiveld (handbal, voetbal, korfbal en hockey);
4 5
Gemeente Papendrecht, Omgevingsvisie Papendrecht; Een duurzame toekomst met een krachtige gemeenschap, januari 2021 KVLO = Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding = een vakvereniging voor docenten en leerkrachten lichamelijke opvoeding en combinatiefunctionarissen onderwijs en sport.
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
19
3 volleybalvelden + 1 volleybalveld centercourt;
verhuurd aan verschillende denksportverenigingen (o.a. bridge, schaken). Gebruik maken
1 basketbalveld centercourt;
van bijvoorbeeld ruimte in een van de scholen heeft niet de voorkeur voor de denksport. Er
7 badmintonvelden.
is bijvoorbeeld sprake van gebruik overdag; dat laat zich lastig combineren met het schoolgebruik (geen overlast, goed toegankelijk, wens om inrichting te laten staan). Combineren
Tribune 100 zitplaatsen
met sportvoorziening resulteert in een aanvullende ruimte-behoefte van circa 600 m² bvo
Een sporthal kan voorzien worden van een toeschouwersruimte (tribune) voor bezoekers.
voor zaalcapaciteit ten behoeve van het Denksportcentrum. Hierbij wordt er vanuit gegaan
Een tribune van 100 zitplaatsen resulteert in een aanvullende ruimtebehoefte bij een sport-
dat de vergaderruimte gedeeld wordt met andere gebruikers.
hal van circa 85 m² bvo. Muziekvereniging Excelsior Horecaruimte
Excelsior maakt, samen met een muziekschool, gebruik een oud schoolgebouw aan de
Een sporthal en/of turnhal kan worden voorzien van een horecaruimte / kantineruimte voor
Rembrandtlaan. Excelsior kan geen gebruik maken van sportruimten als normaalgespro-
verenigingen. Een horecaruimte resulteert in een aanvullende ruimtebehoefte bij een sport-
ken aanwezig zijn in een sporthal. Gebruik maken van ruimten in een van de schoolgebou-
hal van circa 150 m² bvo. Dit oppervlak bestaat uit een horecaruimte van 100 m², een keu-
wen laat zich lastig combineren met het oog op gebruik in de middaguren en de
ken en opslagruimte.
geluidstechnische eisen die gestelde worden aan muziekruimten. Combineren met een sportvoorziening resulteert in een aanvullende ruimtebehoefte van circa 850 m² bvo.
In de ruimtelijke verkenning van de scenario’s wordt rekening gehouden met inpassing van de sportvoorzieningen van de scholen in clusters van steeds drie gymzalen. Door deze
Theater De Willem
zalen gekoppeld te realiseren ontstaat een sportruimte die tevens gebruikt kan worden door
Theater De Willem en het Willem de Zwijger College zijn fysiek met elkaar verbonden en
sportverenigingen. Er is geen brede behoefte aan een omvangrijk tweede sportcentrum
er wordt wederzijds gebruik gemaakt van elkaars ruimte. Om het theater als zelfstandig
voor sportverenigingen in PapendrechtWel is beperkt behoefte aan goede trainingsvoor-
gebouw te kunnen gebruiken moet de theaterzaal voorzien worden van een entree, foyer
zieningen ten behoeve van avond- en weekendgebruik. Gebruik van de sportvoorzieningen
met bar, garderobe en toiletvoorzieningen. Dit resulteert in een indicatieve ruimtebehoefte
van de scholen volstaat.
van 800 m² bvo.
5.3
Vooralsnog wordt geen rekening gehouden met een combinatie van de huisvestingsbe-
Maatschappelijke voorzieningen
In het gebied rond de locatie Van der Palmstraat zijn verschillende maatschappelijke organisaties gehuisvest. Met deze organisaties is gesproken en verkend welke ruimtebehoefte zij hebben en of er combinatiekansen liggen met de nieuw te realiseren scholen. In bijlage 3 is de volledige notitie met de resultaten van deze inventarisatie opgenomen. Stichting Denksportcentrum
hoefte van de genoemde maatschappelijke organisaties met de scholen. Hiervoor worden op dit moment geen mogelijkheden gezien o.a. door de specifieke ruimtebehoefte, geluidsoverlast en gelijktijdig gebruik van de ruimten. De individuele ruimtebehoefte en een indicatie van investeringskosten is inzichtelijk gemaakt. In de ruimtelijke verkenning van de scenario’s wordt rekening gehouden met behoud van het theater en de benodigde ruimte voor het ‘stand alone’ maken van de theaterzaal.
Het Denksportcentrum is een overkoepelende stichting in Papendrecht die verantwoordelijk is voor het exploiteren en in stand houden van het Denksportcentrum. Het centrum wordt
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
20
5.4
Duurzaamheid en groen
Als onderdeel van het haalbaarheidsonderzoek is vanuit de People-Planet-Profit gedachte integraal gekeken naar de kansen en prioriteiten op het gebied van groen en duurzaamheid bij de (her)ontwikkeling van de scholen en de scholenlocaties. Er zijn vijf duurzame kansen geformuleerd, veelal op gebouwniveau. In bijlage 4 is de volledige notitie opgenomen. Duurzame kans 1: Klimaatbestendig en natuur inclusief Een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van heeft de hoogste prioriteit. Deze ambitie gaat hand in hand met de ambitie om het stedelijk ecosyteem met deze ontwikkeling te versterken. Bij klimaatbestendig gaat het om het opvangen en vasthouden van regenwater (op de plek waar het valt), maar ook aan het voorkomen van oplopende temperaturen. Bij de (her)ontwikkeling van de scholenlocaties is een groene inrichting uitgangspunt. Juist rondom scholen is vaak sprake van grote verharde oppervlakken: schoolplein, parkeerterrein en grote gevel- en dakvlakken grenzen vaak aan elkaar. De opgave is om dit te doorbreken. En, het allerbelangrijkste 'wapen' in de strijd tegen toenemende wateroverlast en toenemende hittestress: de boom! (zie figuur 8).
Figuur 8: De ecosysteemdiensten van bomen
Klimaatbestendigheid en natuurinclusief bouwen en inrichten liggen in elkaars verlengde. Natuurinclusief bouwen is meestal ook klimaatbestendig bouwen. Met eenvoudige voorzieningen aan gebouwen, zoals architectonische aanpassingen aan het
Concreet betekent dit: in de ruimtelijke inrichting staat de
ontwerp of het aanpassen van een werkwijze of de te gebruiken materialen, kan veel bereikt worden voor de biodiversiteit
boom centraal.
en leefbaarheid in Papendrecht. Het toepassen van groen op deze locaties biedt ook veel kansen voor het vergroten van de
Behoud zoveel mogelijk de bestaande bomen en be-
biodiversiteit.
schouw de boom als belangrijke bouwsteen in de gebiedsontwikkeling en niet als sluitpost.
Duurzame kans 2: Energie Voor nieuwe ontwikkelingen geldt al dat niet meer kan worden aangesloten op aardgas. Alternatieven zijn een collectieve WKO, all electric of aansluiten op een warmtenet. Ten aanzien van de schoolgebouwen is het uitgangspunt dat het de voorkeur heeft dat wordt aangesloten op het warmtenet. Voor alle nieuwbouw is het uitgangspunt dat zij als totaal binnen het projectgebied energieneutraal worden opgeleverd. Hiermee wordt bedoeld dat alle energie die binnen het gebied wordt gebruikt, ook binnen het gebied wordt opgewekt. Dat kan zich vertalen in allemaal energieneutrale gebouwen, maar ook in energieleverende scholen bijvoorbeeld (met hun grote dakoppervlakken) en BENG woningen. De gemeente hanteert als uitgangspunt dat alle dakoppervlakken gebruikt moeten worden. Of voor groene daken óf voor het plaatsen van zonnepanelen, dan wel voor een combinatie van beiden.
Haalbaarheidsonderzoek – Naar toekomstbestendige VO-scholen in Papendrecht
Doorgaande groen- en waterstructuren in tact houden en kansen benutten die te versterken. Nieuw toegevoegd groen is waardevoller wanneer het onderdeel is van een aaneengesloten groenstructuur. Pas waar mogelijk groene daken toe. Vermijd aaneengesloten gevels en verharde buitenruimte. Inpassen van groen en bomen op de schoolpleinen. Toepassen van gras-doorlatende verharding of waterdoorlatende (half)verharding.
21
Duurzame kans 3: Duurzaam materiaalgebruik
locaties Van der Palmstraat/ Douwes Dekkerlaan en vormt daarmee een startpunt voor
Het is van belang dat bij de realisatie van gebouwen rekening wordt gehouden met mogelijk