Bijlage 1 GR Toelichting op Ingekomen Stukken 2026
Tekst van het document
Bijlage 1.
Toelichting jaarrekening en ontwerpbegroting gemeenschappelijke regelingen Ieder jaar dienen onze gemeenschappelijke regelingen een ontwerpbegroting in voor het volgende jaar en krijgt de gemeente de voorlopige jaarstukken van het afgelopen jaar. In deze toelichting staat per gemeenschappelijke regeling aangegeven wat de belangrijkste onderdelen uit deze stukken zijn voor Papendrecht. Duiding van de ontwerpbegroting en jaarstukken zijn belangrijk voor de informatievoorziening en biedt houvast voor het schrijven van de zienswijze. Door middel van de zienswijze is het mogelijk voor de raad haar mening over de voorgelegde ontwerpbegroting te geven. Deze zienswijzen zijn apart bij dit voorstel toegevoegd. De toelichting is dus bedoeld als informatievoorziening, terwijl de zienswijze een sturingsinstrument is waarin een mening is opgenomen. Die mening wordt kenbaar gemaakt aan het algemeen bestuur van de betreffende gemeenschappelijke regeling en leidt mogelijk tot aanpassingen in de ontwerpbegroting of jaarstukken. Risicoprofiel Er bestaat variatie in de financiële- en bestuurlijke belangen die de gemeente bij gemeenschappelijke regelingen en andere verbonden partijen heeft. Dit betekent dat de wijze en mate van sturing per partij verschilt.
Daarom is in de door de raad vastgestelde nota verbonden partijen (2017) gekozen voor een methodiek waarbij doormiddel van een risicoanalyse, per partij een risicoprofiel wordt opgesteld die bestaat uit een bestuurlijk en een financieel deel. Dat profiel vormt de basis voor het sturingsarrangement dat wordt ingezet; actief, passief of maatwerk. Hoe groter de risico’s des te actiever de sturing (rood). Dit is zichtbaar in de tabel.
1. Mate van sturing op basis van het risicoprofiel
Zienswijze De mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen bestaat op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). De wet is bedoeld om deelnemers van dergelijke regelingen beter in positie te brengen en de democratische legitimiteit van de regelingen te versterken. De zienswijze is een mogelijkheid van de raad om haar mening, zienswijze, te geven op de ontwerpbegroting van een gemeenschappelijke regeling. In sommige gevallen worden naast de ontwerpbegroting nog andere stukken door de gemeenschappelijke regelingen voorgelegd ter zienswijze. De zienswijze is een instrument van de raad en wordt verstuurd aan de algemene besturen van de regelingen. Deze zienswijze is een mogelijkheid om voordat vaststelling plaatsvindt, eventuele wijzingen aan te vragen. Maar het algemeen bestuur is niet verplicht om de aangedragen wijzingen over te nemen. Dit jaar zijn er een aantal bepalingen die we aan elke gemeenschappelijke regeling willen meegeven in het kader van hun ontwerpbegrotingen. Dat zijn: Toelichting per regeling Op de volgende pagina vindt u per gemeenschappelijke regeling een toelichting op de ingekomen concept jaarstukken 2025, ontwerpbegrotingen 2027 en waar van toepassing overige ingekomen stukken. De gemeenschappelijke regelingen zijn; Sociaal, Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J), Omgevingsdienst, Veiligheidsregio, Bureau Openbare Verlichting en Gevudo.
1. Gemeenschappelijke regeling Sociaal Risicoprofiel
Rood
Ingekomen stukken
1. Aanbiedingsbrief P&C documenten 2. Concept Jaarstukken 2024 3. Voorjaarsbrief 2025 4. Ontwerpbegroting 2027 -2030 5. Overzicht maatregelen en ombuigingen GRS
Algemene opmerkingen
Toelichting op de concept Jaarstukken 2025 In 2025 boekte GR Sociaal op alle opgaven duidelijke vooruitgang, maar waren er ook enkele knelpunten. De dienstverlening werd versterkt wat leidde tot hoge klantwaarderingen. Op bestaanszekerheid werden meer inwoners bereikt en daalden schulden door preventie en nazorg. Binnen Zorgen voor Ondersteuning zette de beweging naar lichtere hulp door, bleven de kosten onder de referentielijnen en verdwenen achterstanden. Bij Ontwikkelen naar Werk werden de bijgestelde uitstroomdoelen gehaald en nieuwe ontwikkelplekken gerealiseerd. Daarentegen bleven er ook uitdagingen zoals een forse kostenstijging op de uitkeringen, de groeiende vraag op de Wmo en schaarste aan aanbieders. Beschut werk bleef achter en de doelgroep met een afstand tot de arbeidsmarkt groeit verder. Ten opzichte van de gewijzigde begroting in de Voorjaarsbrief 2025 resteert voor de gemeenten gezamenlijk nog een na te verrekenen tekort van 2,8 mln. Dit beeld wordt vooral bepaald door de opgave Bestaanszekerheid versterken, waar een aanzienlijk negatief resultaat ontstaat als gevolg van meer klanten en hogere uitkeringskosten. Binnen het minimabeleid in deze opgave, is sprake van een beperkte meevaller. De kosten liggen verder in het doorschuiven van middelen voor de alleenverdienersproblematiek die nog niet volledig is afgerond.
Daartegenover staan positieve resultaten binnen de opgaven Ontwikkelen naar werk, Zorgen voor ondersteuning en Bedrijfsvoering, die gezamenlijk een deel van het tekort compenseren. Het beschikbare budget voor programmareserves is volledig benut voor het onderzoek naar sociale en zakelijke integriteit. Het onderzoek naar sociale en zakelijke integriteit (als gevolg van de “klokkenluidersbrief”) is in 2025 uitgewerkt in het herstel- en verbeterplan. Dit plan is inmiddels opgeleverd en kan uitgevoerd gaan worden. In 2025 zijn structurele ombuigingen op formatie en personeelskosten doorgevoerd. Andere ombuigingsmaatregelen zijn nog niet gerealiseerd. Sommige hebben ook niet tot resultaat geleidt. Momenteel ook nieuwe maatregelen worden ontwikkeld. Daarmee ontstaat een gemengd beeld: een deel van de financiële opgave is opgevangen, maar aanvullende maatregelen en dus keuzes, blijven noodzakelijk om de begroting structureel in balans te brengen. Een voorstel hiervoor is als bijlage toegevoegd, in aanloop naar de Primaire Begroting 2027–2030. Hierbij gaat het om 43 potentiële ombuigingsvoorstellen waarop uw zienswijze wordt gevraagd. Hierover bij de alinea over de begroting meer. Toelichting op de Voorjaarsbrief 2026 De GR Sociaal heeft opnieuw een verbeterslag gemaakt op de Voorjaarsbrief.
Vorig jaar vroegen we via de zienswijzebrief om nog meer gemeentespecifiek inzicht te geven in de ontwikkelingen per gemeente. Met toevoeging van de laatste paragraaf "aantallen per gemeente" is ook aan dit verzoek tegemoet gekomen. Dit geeft meer inzicht in de ontwikkelingen per voorziening waarmee duidelijker wordt welke aandachtspunten er zijn om op te sturen. Uit de Voorjaarsbrief 2026 blijkt dat de totale lasten en baten toenemen ten opzichte van de actuele Begroting 2026. De stijging wordt door de GR Sociaal ook hier vooral verklaard door autonome ontwikkelingen die nauwelijks beïnvloedbaar zijn. Het gaat onder meer om een verdere groei van het aantal inwoners dat ondersteuning of een uitkering nodig heeft, oplopende loon- en prijsindexaties in de zorg en hogere cao-salarissen, aangevuld met overige kostenstijgingen binnen het bestaande beleid. Een deel van de toename wordt gedekt door hogere baten, zoals aanvullende ESF-middelen. Het resterende bedrag moet worden opgevangen via een hogere gemeentelijke bijdrage.
Na verrekening van extra rijkscompensatie blijft er voor de regio een bedrag over dat door gemeenten moet worden gedekt vanuit de Algemene Uitkering van 0.4 miljoen. Dit leidt tot een stijging van de gemeentelijke bijdrage ten opzichte van de actuele Begroting 2026. Toelichting op ontwerpbegroting 2027 -2030 Ook in de begroting is meer inhoudelijk inzicht gegeven op de klantaantallen en ontwikkelingen. Complimenten voor deze inhoudelijke verbetering waarnaar onze gemeente in eerdere zienswijze gevraagd heeft. Op de meeste cijfers scoren we doorgaans gemiddeld. Opvallend is dat onze gemeente een fors aantal aanvragers heeft op huishoudelijke ondersteuning. Met 13,7% ligt dit hoog vergeleken met de regio. Ook op de voorziening scootmobielen en woonvoorzieningen scoren we relatief hoger dan gemiddeld. Vraag is of hier een verklaring voor te geven is of dat dit een momentopname/ toeval is. Daarnaast zien we een stijging op het aantal uitkeringen, net als in drie andere gemeenten. Deze gemeenten moeten over 2025 ook een vangnetuitkering BUIG aanvragen. Voor Papendrecht is dit de tweede in drie jaar. Hierover uiten we in de zienswijzebrief onze zorg en vragen de GR Sociaal om gezamenlijk een nadere analyse te doen. Mogelijk zijn is meer focus op specifieke Papendrechtse doelgroepen nodig.
Ten opzichte van de begroting 2026, jaarschijf 2027 stijgt de begroting regionaal van 336,9 mln. naar 372,0 mln. Dit is een stijging van tot 35,1 mln. De bijdrage van de gemeente stijgt van 27,8 mln. naar 31,9 mln. In de meerjarenbegroting van de GRS wordt voor de ontwikkeling van de bijdragen van de gemeenten rekening gehouden met reële ramingen. De verwerking van deze mutatie worden meegenomen bij de perspectiefnota. De stijging wordt ten eerste veroorzaakt autonome groei van het aantal klanten dat leidt tot hogere uitgaven, met name binnen de inkomensondersteuning. Ten opzichte van de Uitgangspuntennotitie 2027-2030 op basis waarvan de begroting is opgesteld, valt deze groei aanzienlijk hoger uit. Ten tweede is de regeling rondom de toeslagenaffaire verlengd, waardoor ook de bijbehorende apparaatskosten langer moeten worden doorbetaald. Een derde oorzaak is het toenemen de loon- en prijsstijgingen in de zorgsector. Deze kosten zijn nauwelijks beïnvloedbaar en worden slechts gedeeltelijke gecompenseerd door het Rijk. Hierdoor ontstaat een structurele druk op de financiële positie van de organisatie. Met de in 2024 opgestelde Bestuurlijke Opdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein werd al gezocht naar besparingen in het sociaal domein. Eind 2025 was een deel van de maatregelen uitgevoerd. Andere bleken niet haalbaar of leverden minder op dan verwacht.
Zo stopte de pilot Herstelgerichte Ondersteuning (Powerfull Ageing) voortijdig waardoor een verwachte besparing verviel. De zeven gemeenten en de GR Sociaal hebben een nieuw pakket opgesteld met circa € 12 miljoen aan mogelijke besparingen. Dit pakket (43 maatregelen) is als bijlage toegevoegd. De GR Sociaal vraagt hierover een oordeel. Per maatregel is toegelicht welke afweging het college heeft gemaakt: Invoeren, onderzoeken of niet invoeren. De maatregelen komen voort uit een regionale ambtelijke verkenning. Op 30 april 2026 is hiervan een gezamenlijke lijst opgesteld met kansrijke, nader te onderzoeken en afgeraden maatregelen. Deze lijst is lokaal gewogen op basis van bestaand beleid en de huidige financiële situatie. Het college heeft vervolgens het conceptvoorstel op 12 mei vastgesteld en legt het nu aan u voor. De lijst is een concept. Het voorliggende voorstel is verwerkt in de concept-zienswijzebrief aan het Algemeen Bestuur van de GR Sociaal. Ten tijde van het opstellen van dit voorstel is er nog geen nieuw coalitieakkoord waaraan het voorstel ambtelijk en door het college kan worden getoetst. Uw raad heeft uiteraard de ruimte het voorstel op basis van uw eigen oordeel aan te passen. Daarom vragen wij u nadrukkelijk of u met het voorstel kunt instemmen. Of dat er maatregelen zijn die u wilt verschuiven naar een andere categorie, groen, oranje of rood.
Alle gemeenteraden in de regio maken deze keuze. Er is gestreefd naar regionale afstemming vanwege efficiency in de uitvoering, maar lokale verschillen blijven mogelijk. Na besluitvorming kunnen
de verwachte besparingen deze zomer worden verwerkt in een eerste begrotingswijziging. Andere kunnen volgen via de Voorjaarsbrief 2027. In de zienswijzebrief geven wij het oordeel aan, dat we als gemeente onze verantwoordelijkheid voor het maken van keuzes zullen nemen. Immers, ons eigen beleid bepaalt een groot deel van de uitvoeringskosten. Dat betekent echter dat we keuzes moeten maken die inwoners raken. Daarom vragen we de GR Sociaal nadrukkelijk ook om kritisch te blijven kijken naar besparingen binnen de eigen organisatie. We doen daarnaast een klemmend beroep om beschikbare technische uitgangspunten – zoals groeipercentages en verwachte rijksmaatregelen – maximaal te benutten om de begroting verder naar beneden bij te stellen. Tot slot vragen we om het transparante proces voort te zetten en ons ook tussentijds te informeren over de voortgang van de besparingen.
2. Gemeenschappelijke regeling Dienst Gezondheid en Jeugd Risicoprofiel
Rood
Ingekomen stukken
1. Concept jaarstukken 2025 GR Dienst Gezondheid & Jeugd ZHZ 2. Ontwerpbegroting 2027 GR Dienst Gezondheid & Jeugd ZHZ n.v.t
Algemene opmerkingen
Toelichting op Concept jaarstukken 2025 Op een begroting van € 215 miljoen sluit de Dienst Gezondheid en Jeugd sluit het jaar 2025 af met een positief resultaat van € 2,0 miljoen voor de merken GGD, Veilig Thuis (VT) en Leerplicht, Voortijdig Schoolverlaten (LVS) en van € 3,1 miljoen bij de Serviceorganisatie Jeugd (SOJ). Voor de GGD, LVS en Veilig Thuis wordt het positieve resultaat voornamelijk veroorzaakt door: · incidentele meevallers (o.a. Covid-najaarscampagne, rente, extra subsidies); · onderbesteding bestemmingsreserves informatiehuishouding en vitaliteit; · onderbesteding door moeilijk vervulbare vacatures. Bij de Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) vallen de kosten onder andere lager uit dan verwacht door: · lagere kosten voor door VNG landelijk ingekochte zorg, het Landelijk Transitie arrangement (LTA); · positieve effecten van het woonplaatsbeginsel, dat wil zeggen zorgkosten die in rekening zijn gebracht bij gemeenten buiten onze regio. Ten opzichte van 2024 zijn de lasten in 2025 gestegen met € 8,3 miljoen (5,5%). Voorgesteld wordt om van het resultaat € 1,4 miljoen uit te keren aan de deelnemende gemeenten.
Van de rest van het resultaat: · € 486.502 te storten als een tijdelijke bestemmingsreserve voor de Covid campagne; · € 11.647 terug laten vloeien naar de bestemmingsreserve vitaliteit; · € 81.174 terug laten vloeien naar de bestemmingsreserve informatiehuishouding. Inhoudelijke ontwikkelingen in 2025 In 2025 is gewerkt binnen een context van een toenemende vraag naar jeugdhulp en publieke gezondheid, stijgende meldingen bij Veilig Thuis, OGGZ en LVS en krapte op de arbeidsmarkt. GGD De uitvoering van publieke gezondheidszorg, jeugdgezondheidszorg en crisisbeheersing vormde de stabiele basis van de organisatie. De adviserende inzet binnen Gezondheid en milieu kon worden verbreed en verdiept, waardoor de GGD gemeenten o.a. proactief heeft ondersteund bij vraagstukken in het kader van de Omgevingswet en binnen het PFAS dossier. Bij de vaccinatiecampagnes, waaronder de Covid najaarscampagne, zijn efficiencyverbeteringen gerealiseerd. Binnen de Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGZ) neemt de complexiteit van casuïstiek toe, met meer multiproblematiek en een grotere druk op samenwerking tussen zorg en gemeenten. Veilig Thuis Er is sprake van een aanhoudend hoog aantal meldingen en een groeiende werkvoorraad.
Het implementeren van de maatregelen die zowel Veilig Thuis als gemeenten (al dan niet met partners), kunnen treffen om de instroom van meldingen bij Veilig Thuis te verminderen, blijkt meer tijd te vergen. Daardoor is nog onvoldoende effect zichtbaar is in de instroom van meldingen. In combinatie met de financiële taakstelling zet dit de wettelijke termijnen en kwaliteit van dienstverlening onder druk. Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten (LVS) Het aantal meldingen blijft hoog, mede door maatschappelijke ontwikkelingen (zoals mentale problematiek en schooluitval). Dit veroorzaakte een verhoogde druk op de uitvoering. Bij het Doorstroompunt lag de nadruk in 2025 op de voorbereiding op de inwerkingtreding van de Wet Van school naar duurzaam werk per 1 januari 2026. Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) De vraag naar jeugdhulp blijft hoog. Tegelijkertijd wordt samen met gemeenten actief gestuurd op het terugdringen van de kosten van jeugdhulpgebruik via het Verbeterprogramma beschikbare en
betaalbare jeugdhulp, het verbeteren van het woonplaatsbeginsel en het beperken van dure (landelijke) zorg. Ook wordt gewerkt aan het verbeteren van beschikbaarheid en betaalbaarheid van jeugdhulp. Hoewel de financiële resultaten positief zijn, blijft de druk op de uitvoering hoog door de stijgende vraag (SOJ/jeugdhulp, Veilig Thuis, OGGZ, LVS), personeelstekorten en werkdruk. Dit maakt dat het positieve resultaat niet structureel van aard is en toekomstige risico’s blijven bestaan. Toelichting op Ontwerpbegroting 2027 De ontwerpbegroting 2027 is gebaseerd op het meerjarenbeleidsplan 2024-2028 en de kadernota 2027. Uitgangspunt is een nullijn (begroting 2026 + indexatie) met een taakstelling van 8% (exclusief jeugdhulp). Indexatie De indexering is structureel € 2,4 miljoen en wordt voor € 1,726 miljoen gedekt uit een verhoging van de inwonerbijdrage en voor € 0,655 miljoen vanuit externe subsidies. De begroting is gebaseerd op een indexatie van 5,7% op lonen en 2,2% op materiële kosten. Dit leidt tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage. Tegelijkertijd is sprake van bijgestelde economische verwachtingen (lagere CPB-index). Door deze actualisatie te verwerken in de definitieve begroting, zodat de indexatie zo realistisch mogelijk aansluit bij de meest recente economische inzichten, kan de inwonerbijdrage in de definitieve begroting naar beneden wordt bijgesteld.
Formatie OGGZ en Veilig Thuis Net als in 2026 wordt voor OGGZ en Veilig Thuis in 2027 nog voor één jaar incidentele financiering gevraagd. Voor OGGZ gaat het om een inwonerbijdrage van € 149.721 voor 1 fte procesregisseur voor het Meldpunt Zorg & Overlast middels. Voor Veilig Thuis gaat het om 4,5 fte via een inwonerbijdrage van € 444.010. Nu opnieuw wordt gekozen voor een incidentele oplossing, terwijl de onderliggende problematiek structureel van aard lijkt te zijn, komt de uitvoerbaarheid en continuïteit van de wettelijke taken richting 2027 en verder onder druk te staan. Het is wenselijk toe te werken naar een duurzame en realistische formatie, gebaseerd op een nadere onderbouwing van de benodigde capaciteit. Daarnaast is sprake van toenemende financiële risico’s, onder andere door de ontwikkeling van het aantal tijdelijke huisverboden en de inzet van specialistische zorg. Deze ontwikkeling lijkt nog onvoldoende in de ramingen te zijn verwerkt. Tot slot wordt aandacht gevraagd voor de voortgang richting Regionale Veiligheidsteams in het kader van het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming en een zorgvuldige, regionaal afgestemde besluitvorming over een eventuele herziening van de financieringssystematiek.
Bijstelling raming jeugdhulpuitgaven De financiële raming van de jeugdhulpuitgaven 2027-2030 is gebaseerd op de prognose (januari 2026) van de kosten per gemeente voor het jaar 2026. Deze verwachte uitgaven worden geïndexeerd naar het prijsniveau 2027. Vanuit het oogpunt van evenwichtig begrotingsbeleid is ervoor gekozen zowel geen groei als geen besparingen op te nemen ten opzichte van deze prognose. De verwachte besparingen van de maatregelen uit het Verbeterprogramma jeugdhulp zijn, in afwachting van de opgaven van gemeenten, nog niet verwerkt in voorliggende begroting. Wel is de verwachte besparing op het gebied van contractmanagement door SOJ verwerkt in de begroting. Definitief besluit incidentele middelen JGZ Voor de jaren 2026 en 2027 zijn extra middelen toegekend vanwege de hogere lasten die worden gemaakt als gevolg van wijzigingen binnen het Rijksvaccinatiepakket (RVP). Deze wijzigingen zijn bedoeld om kinderen nog beter te beschermen tegen de mazelen, kinkhoest, difterie en tentanus en om beter aan te sluiten op de Europese standaarden. Het voorgenomen besluit was al in de kadernota verwerkt. Voorstellen Samen met de begroting 2026 worden twee voorstellen voorgelegd: Basispakket OGGZ Voor de OGGZ zijn een basispakket en een pluspakket geformuleerd. Taken die onder het basispakket vallen zijn wettelijke taken met een structureel karakter.
Voorgesteld wordt om de financiering hiervan via gemeentelijke bijdrage te laten verlopen. Met de gemeenten is overeenstemming om Procesregie en Wet verplichte GGZ (WvGGZ) onderdeel te laten zijn van het basispakket. Wel wordt voor deze
basistaken gevraagd om de DVO- en subsidiebedragen om te zetten naar gemeentelijke bijdragen (€ 882.964 voor procesregie, € 476.372 voor WvGGZ). Voorwaarde is dat duidelijk is beschreven welke taken hier onder vallen en wat de financiële consequenties zijn. De verdere uitwerking hiervan is nog onderwerp van gesprek met de GGD. Daarnaast is van belang dat duidelijkheid wordt verkregen over de positie van individuele gemeenten, in het bijzonder waar eerder is aangegeven mogelijk niet deel te nemen aan onderdelen zoals procesregie. Indien hiervan sprake blijft, moet inzichtelijk te worden gemaakt wat de gevolgen hiervan zijn voor de overige gemeenten, zowel inhoudelijk als financieel. Bijstelling suïcidepreventie In de septembercirculaire is de post suïcidepreventie met € 49.143 naar beneden bijgesteld op basis van de daadwerkelijke Rijksbijdragen en de afroming van 10 procent voor de lokale inzet voor gemeenten. Wij achter het van belang dat helder onderscheid bestaat tussen regionale en lokale inzet, de effectiviteit van de aanpak inzichtelijk wordt gemaakt en geen aanvullende structurele middelen van gemeenten worden gevraagd. Aandachtspunt is verder dat een koppeling plaatsvindt met het Actieplan Mentale gezondheid. Inzet op mentale gezondheid bij jongeren is van groot belang.
Tegelijkertijd constateren wij dat het actieplan mentale gezondheid onvoldoende aansluit bij de praktijk en onvoldoende draagvlak kent bij zowel gemeenten als het onderwijs. Door de inzet op mentale gezondheid nadrukkelijk te verbinden met het actieplan suïcidepreventie en bestaande programma’s, zoals de Gezonde School-aanpak en lokale initiatieven, kunnen beschikbare middelen doelmatiger en meer in samenhang worden ingezet. Gemeenten moeten bovendien actief worden betrokken bij de verdere uitwerking, zodat beter wordt aangesloten bij de lokale praktijk en reeds lopende activiteiten. Indien her inzet van middelen op deze wijze onvoldoende tot stand komt, verzoeken wij te bezien of middelen (deels) kunnen terugvloeien naar gemeenten.
3. Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid Risicoprofiel Oranje Ingekomen stukken Algemene opmerkingen
1. Concept jaarrekening 2025, incl. accountantsverklaring 2. Ontwerpbegroting 2027 3. Jaarverslag 2025 n.v.t.
Toelichting op concept jaarrekening 2025 Op een begroting van € 37,5 miljoen sluit de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) het jaar 2025 af met een positief resultaat van € 1.756.000. Ten opzichte van de tweede bestuursrapportage (€ 402.000) is er sprake van een voordeel van € 1.354.000 (€ 518.000 lagere lasten, € 836.000 hogere baten dan begroot). OZHZ stelt voor van dit positieve resultaat € 600.000 te bestemmen voor archiefbewerking, aangezien nog 715 strekkende meter archief nog verwerkt dient te worden. Voor de resterende € 1.156.000 wordt voorgesteld deze terug te betalen aan de deelnemers (voor Papendrecht € 32.468). Toelichting op de ontwerpbegroting 2027 Als belangrijkste aandachtspunten en ontwikkelingen: 1. Financiële ontwikkelingen OZHZ werkt in een financieel complexe context van financiële taakstellingen, inflatie en een krappe arbeidsmarkt. Toch realiseert OZHZ een takstelling van 5%, door kostenreducties (4%) en procesoptimalisatie (1%). 2. Implementatie van de geactualiseerde missie en visie van OZHZ OZHZ ontwikkelt zich tot een brede expertisedienst voor een veilige, gezond en duurzame leefomgeving. 3. Robuuste omgevingsdiensten en kwaliteit van vergunningverlening, toezicht, handhaving en advies. OZHZ voldoet per april 2026 aan de landelijke robuustheidscriteria. De samenwerking met de andere Zuid-Hollandse omgevingsdiensten worden verdiept. 4.
Overige voor het werkveld relevante maatschappelijke en wettelijke ontwikkelingen a. Omgevingswet b. Bodemtaken c. Circulaire economie d. Energiebesparing Voorgestelde zienswijzen: zie afzonderlijke brief
4. Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Risicoprofiel
Oranje
Ingekomen stukken
1. Concept jaarrekening 2025 2. Ontwerpbegroting 2027 n.v.t.
Algemene opmerkingen Toelichting op de jaarrekening 2025
De Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (VRZHZ) heeft het jaar 2025 afgesloten met een positief resultaat van € 1.947.000. De VRZHZ stelt voor van dit positieve resultaat € 535.000 te bestemmen voor ophoging van de reserve crisisbeheersing en informatievoorziening, € 365.000 toe te voegen aan de reserve groot onderhoud gebouwen en € 118.000 te toe te voegen aan de reserve schuimblusvoertuigen. Voor de resterende € 929.000 wordt voorgesteld deze terug te betalen aan de deelnemers (voor Papendrecht € 62.243). Toelichting op de ontwerpbegroting 2027 Het uitgangspunt is dat voorstellen langs de financiële nullijn worden uitgewerkt. In de ontwerpbegroting is naast indexering sprake van een toename van €392.000 als gevolg van genomen bestuursbesluiten: investering in ademlucht (€285.000), een verhoging in het kader van de notitie Waarderen en Afschrijven (€30.000) en de aanvullende verhoging voor de versterking van de crisisfunctie Communicatieadviseur Beleidsteam (CaBT). Daarnaast zijn in 2027 mutaties verwerkt voor de investeringen in de kazernes Sliedrecht en Oranjepark.
5. Gemeenschappelijke regeling Bureau Openbare Verlichting Risicoprofiel
Oranje
Ingekomen stukken
1. Concept jaarrekening 2025 2. Ontwerpbegroting 2027 n.v.t.
Algemene opmerkingen
Toelichting op de jaarrekening 2025 De financiële cijfers zijn afgezet tegen de begroting van 2025. Op basis van deze rapportage kan een beeld worden gevormd hoe de bedrijfsvoering zich in 2025 ontwikkeld heeft. De jaarrekening van Bureau OVL laat over 2025 een positief resultaat zien van € 62.875. Toelichting op de ontwerpbegroting 2027 Kerntaak van Bureau OVL is het uitvoeren van het beheer van de openbare verlichting en de centrale aansturing en bewaking op de uitvoering van de onderhoudswerkzaamheden hieraan. Het eerder ingezette verbetertraject heeft ertoe geleid dat er voor een goede structuur is neergezet, waardoor de samenwerking tussen Bureau-OVL, de gemeenten en de aannemer een dynamisch geheel is geworden. Deze samenwerking wordt gekenmerkt door de beheersbare processen, tevreden opdrachtgevers én inwoners. Samenwerken naar een nieuwe, stabiele basis is een gezamenlijk belang. Door een onderlinge, open communicatie tussen beheerders en medewerkers van BureauOVL werken we aan een gezamenlijke doelstelling, verbeteren van de dienstverlening, rust en consolidatie. De komende jaren zal de focus zeker liggen bij het ver-LED-den van het complete areaal wat in beheer is bij Bureau OVL. De verwachting is dan ook dat storingen aan lichtobjecten drastisch zal afnemen. Het managementteam (de driehoek) is gestart met het uitzetten van strategie ‘middellange termijn’.
Op zoek naar continuïteit, stabiliteit, robuustheid en veerkracht voor de organisatie. Financieel De bijdrage per lichtobject stijgt in 2027 met 4% van € 12,10 naar € 12,60 per lichtobject.
6. Gemeenschappelijke regeling Gevudo Risicoprofiel
Groen
Ingekomen stukken
1. Jaarstukken 2025 2. Ontwerpbegroting 2027 n.v.t.
Algemene opmerkingen
Toelichting op de jaarstukken 2025 Gevudo bezit 529 aandelen van HVC en behartigt en coördineert de aandeelhoudersbelangen van de deelnemende gemeenten richting HVC. De gemeenschappelijke Regeling Gevudo heeft het jaar 2025 afgesloten met een resultaat van nihil. Toelichting op de ontwerpbegroting 2027 Gevudo verwacht net als voorgaande jaren voor 2027 een op nul sluitende exploitatie. De eigen kosten worden verrekend voorafgaand aan het uitbetalen van de ontvangen provisie in de 2e de tranche aan het eind van het boekjaar. Deze eigen kosten beperken zich tot secretariële en financiële taken, uitgevoerd middels een dienstverleningsovereenkomst door de gemeente Dordrecht.