CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

BI3313~1.PDF

Raadsvergadering Papendrecht 5 maart 2026, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 7: RV Verordening Jeugdhulp 20261.452 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Advies adviesraad Sociaal Domein inzake verordening jeugd Geachte wethouder, geacht college van B en W, Allereerst hartelijk dank voor het ontvangen van de verordening voor de jeugd. Deze verordening gaat ons als adviesraad Sociaal Domein aan het hart. Wij zijn dankbaar om te zien, dat veel punten naar aanleiding van de bijeenkomst met de adviesraden van de gemeente Drechtsteden en Molenlanden zijn verwerkt in de verordening voor de jeugd. Daarvoor nogmaals dank! a. Kijkend naar de jeugdverordening zijn we zeer te spreken over het feit, dat het eerste contact wordt gezien als een aanvraag. In de praktijk zal dit tijd schelen, zorgt het voor duidelijkheid bij ouders en kan het mogelijke frustratie bij ouders tegen gaan. Dit geldt ook voor het termijn van verslaglegging. Wij zien het ook als een positief punt, dat het termijn voor verslaglegging wordt verkort naar 10 dagen. b. Voor meer duidelijkheid zowel bij de hulpvrager en het locale team geloven wij, dat de toevoeging van normale uitdagingen in de opvoeding gezien kan worden als extra kader om in te schatten of er binnen de hulpvraag sprake is van normale uitdagingen in de opvoeding of buitenproportionele uitdagingen. Daarbij vragen wij wel om altijd de mens achter de zorg te zien en gericht maatwerk te blijven bieden. Niet alleen aan de gevraagde hulp voor kind of jongere, maar voor het hele systeem. c.

Het opstellen van een perspectiefplan vanaf 16 jaar kan helpend zijn om de zorg en begeleiding vanaf 16 jaar tot 18+ goed te waarborgen. Wij pleiten voor gedegen plannen, waarin de jongeren volledig meegenomen worden in de doelen en de manieren waarop deze doelen mogen worden bereikt (denk ook aan hun manier van leren en de manier waarop hun hersenen werken ook als dit vraagt om ‘out of the box’ te denken.) De koppeling tussen 18-/18+ blijkt in de praktijk te laat te worden gemaakt, terwijl het logischer is om voor de 18e verjaardag al een andere partij (indien nodig) aan te laten schuiven om de overgang soepel te laten verlopen dan wel ruim voor de 18e verjaardag te bepalen welke wet- en/of regelgeving van toepassing is. Onze suggestie is om uiterlijk zes maanden voor de 18e verjaardag het voorgaande duidelijk te hebben. Dit scheelt veel onrust en onzekerheid en voorkomt ad hoc werk en inefficiëntie. d. Daarnaast zouden wij willen adviseren om de ontwikkeling van de hersenen tot 23 jaar mee te nemen in het nadenken over het organiseren van zorg vanaf 16 jaar. e. Het voorstel van evaluatietermijn van 2 jaar richting collega’s in de regio is een positief punt. Ook artikel 4 lid 7 bij tijdelijke voorziening bij spoed is een goede kanttekening naast artikel 4 lid 5. Wij staan achter artikel 6.3 als een goed punt om belangenverstrengeling te voorkomen.

Dit geldt ook voor het vermelden van ernstige dyslexie zie artikel 12. Overige aandachtspunten: 1. Graag vragen wij aandacht voor het kantelpunt van niet naar school willen als normale uitdaging versus buitenproportionele uitdaging. Wij pleiten voor niet alleen kijken naar het Pagina 1 van 3

kind/jongere, maar ook de systemen om het kind/jongere altijd mee te nemen, denkend aan ouders/verzorgers en school op dit punt. Het gedrag op school en thuis kan erg verschillen. Wanneer alle systemen meegenomen worden kunnen ook de kleine signalen voordat het mentaal/emotioneel te veel is om iedere dag naar school te gaan volledig worden opgepakt. 2. Ook al is het een ‘kan-bepaling’, adviseren wij altijd om in overleg met ouders/verzorgers vast te stellen of een kind/jongere bij de aanvraag aanwezig is. Ook voor jongeren vanaf 12 jaar kan het aanwezig zijn bij de aanvraag voor een individuele voorziening niet wenselijk of zelfs schadelijk zijn. Het meenemen van de mening van een jongere vanaf 12 jaar kan ook op andere manieren dan aanwezig te zijn bij een aanvraag. 3. In de praktijk is zowel bij hulpverleners in Papendrecht als ouders tijdens aanvragen voor een voorziening of vorm van jeugdhulp gebleken, dat er over hun kind of jongere gesproken wordt als casus. Zowel intern in het locale team als door ouders zelf zijn professionals hierop aangesproken en wordt er ook door hulpverleners die dit hebben meegemaakt dit beaamt. Daarom zouden wij adviseren om niet meer over casussen te spreken met ouders erbij. De theorie en de praktijk verschillen hierin van elkaar. 4.

Voor het nemen van een besluit bij complexe problematiek zijn wij dankbaar voor het vier-ogen principe en de mogelijkheid om een beroep te doen op het regionale expertteam passende hulp. Daarbij pleiten wij voor genoeg juridisch onderlegde experts om recht te kunnen doen aan de wetten en regelgeving bij het maken van complexe besluiten. Daarnaast zouden wij (mocht dit nog niet zo zijn) gerichte criteria en afspraken willen adviseren bij het doen van een beroep op het regionale expertteam passende hulp. 5. Bij participatie van jongeren voor het beleid om mee te denken over beleidsvorming rondom jeugdhulp en de 18- en 18+ pleiten wij voor jongeren met verschillende achtergronden om mee te denken en daarbij inclusief te denken (jongeren met een beperking, hoogbegaafdheid, culturele achtergrond, enzovoorts). Het zou een waardevolle aanvulling kunnen zijn om te leren van herstelverhalen van jongeren/jongvolwassenen die zelf vroeger met jeugdhulp te maken hebben gehad. 6. Graag adviseren wij om te onderzoeken hoeveel behoefte er is onder jongeren met een beperking om elkaar te ontmoeten en activiteiten met elkaar te kunnen ondernemen, met daaruit voortkomend kijken naar mogelijkheden om hierin als gemeente te voorzien. 7.

Om inzicht te verwerven wat de reden is waarom ouders kiezen voor een eigen aanbieder of hulpverlener via PGB en hoe vaak dit gebeurt, adviseren wij om bij te houden hoeveel aanvragen per jaar door eigen aanbieders worden verstrekt en redenen van ouders hierbij mee te nemen. 8. De inzet van een praktijkondersteuner zien wij als een positief punt ook voor tijdelijke overbrugging wanneer er een grote wachttijd is voor het inzetten van complexere zorg om een vinger aan de pols te houden en een eerste aanzet te doen richting hulpverlening. Dat huisartsen wettelijk gezien verantwoordelijk blijven zien wij als een goed punt. Mocht er een aanvraag komen vanuit ouders richting een huisarts, dan is het

Pagina 2 van 3

belangrijk dat bij doorverwijzen naar Sterk Papendrecht, vermeld wordt dat de huisarts verantwoordelijk blijft zeker wanneer er sprake is van spoedsituaties. 9. Ook vragen we aandacht voor het consequent informeren van cliënten en/of betrokkenen over de mogelijkheid van het inschakelen van onafhankelijke cliëntondersteuners. 10. Bij het bekijken van draaglast en draagkracht, zie artikel 10, adviseren wij om in ogenschouw te houden dat sommige ouders juist hun werk nodig hebben om niet nog meer overbelast te raken. Wees waakzaam voor dreigende overbelasting al voordat daar sprake van is, om ouders te ontlasten. Hulp komt soms te laat door wachttijden en het te lang zelf met klein netwerk mogen doen. Het is belangrijk, dat er een balans gevonden wordt tussen hulp en zorg en het feit dat ouders en gezinnen ook inkomen moeten verwerven voor bestaanszekerheid. 11. Volgens het VN-verdrag inzake de Rechten van Personen met een handicap en het internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind (denkend aan toevoeging van specifieke artikelen, zoals artikel 23) heeft ieder kind/jongere met een beperking recht op gelijke behandeling en volwaardige deelname aan de samenleving inclusief passende zorg, begeleiding, onderwijs en ondersteuning bij hun ontwikkeling en participatie in deze samenleving. Zelfs als er nog geen sprake is van (dreigende) overbelasting van het netwerk. 12.

Wij pleiten voor vroegtijdige signalering bij huisartsen, kinderopvang, peuterspeelzaal en het consultatiebureau door het inzetten van extra training en het stellen van vragen ook aan ouders gericht op gedrag, sociaal-emotionele ontwikkeling en mentale ontwikkeling, waarbij er al eerder specifieke aandacht is voor het hele gezin. 13. Ons advies zou zijn om echt het kind/de jongere en ouders te blijven zien achter de aanvragen en oog te blijven houden voor wat er concreet nodig is per gezin ook als dit om een voorziening vraagt wat niet valt binnen het kader van de goedkoopste voorziening. Er is een reële kans dat wanneer zorg preventief voor de overbelasting wordt ingezet uiteindelijk leidt tot kortdurende interventies en op langer termijn goedkopere zorg. Wij spreken de hoop uit, dat dit nadrukkelijker en concreter wordt meegenomen in de zorgverlening. 14. Wij pleiten voor kijken naar het gehele systeem voor en tijdens een eventuele aanvraag denkend aan een vorm van jeugdhulp. Wij adviseren om daarin ook mee te nemen op welke manier leert of functioneert het brein van het kind/jongere voor een passende mogelijk creatieve of sportieve manier van het inzetten van jeugdhulp. 15. Tenslotte kijkt de adviesraad uit naar het uitvoeringsplan. ---

Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1224/documents/17419