Beantwoording technische vragen D66 - beleidsplan Schuldhulpverlening.pdf
Tekst van het document
MEMO aan van datum betreft
De gemeenteraad Wethouder Van Erk 3-4-2025 Beantwoording technische vragen beleidsplan Schuldhulpverlening
Door de fractie van D66 zijn vragen gesteld met betrekking tot het beleidsplan Schuldhulpverlening 2025-2028. Hierbij beantwoorden we de door u gestelde vragen. Preventie bij jongeren en jongvolwassenen 1. Hoe wordt voorkomen dat jongeren van 18+ tussen wal en schip vallen, zeker gezien de constatering dat kinderen van ouders in de schuldhulp nu onvoldoende in beeld zijn? Vanuit de wet zijn wij verplicht om alle hulp op het gebied van schuldhulpverlening ook aan jongeren van 18 jaar en ouder aan te bieden. Dat betekent dat al het beleid in het beleidsplan schuldhulpverlening ook voor deze doelgroep geldt. Daarbovenop hebben we extra aandacht voor deze doelgroep. Zo zet de Sociale Dienst bijvoorbeeld in op life-events zoals het krijgen van werk vanuit een uitkeringssituatie en is er extra aandacht voor ouders met een uitkering met kinderen die 18, 21 of 27 jaar worden. De verdere lokale aanvulling ten opzichte van het regionale beleid werken we in het nog te schrijven uitvoeringsplan uit. Voor jongeren (en ouderen) hebben we ook verschillende regelingen, waaronder het sport- en cultuurfonds 18+. Door deze regelingen vanuit de gemeente mogelijk te maken, komen we jongeren in tegemoet in hun financiële situatie en om toch mee te doen in de samenleving. 2.
Wordt er onderzocht of het verjaardagsmoment op 18-jarige leeftijd kan worden uitgebreid met proactieve coaching of (online) begeleiding? Dat wordt op dit moment nog niet onderzocht maar we zullen de suggestie meenemen in het uitwerken van het uitvoeringsplan. Schuldenvrije start voor jongeren 1. Wat is de status van het onderzoek naar de toepasbaarheid van een 'schuldenvrije start' voor jongeren en wordt dit regionaal opgepakt? Als gemeente hebben we bij de start van het actieplan verder onderzoek gedaan naar de toepasbaarheid van een schuldenvrije start. Andere gemeenten zijn met het experiment begonnen, waaronder de gemeente Arnhem. We zien al wel dat dit instrument vraagt om doorontwikkeling. Zo zijn inwoners volgens de media te wantrouwend om deel te nemen aan het experiment en wordt met het opkopen van de schuld niet het daadwerkelijke probleem, namelijk de oorzaak waarom de schuld is ontstaan, aangepakt. De verwachting is dat inwoners hierdoor na het traject alsnog een schuld opbouwen en dit dus enkel tot uitstel van schuldhulpverlening leidt. Daarnaast vraagt dit wel een aanzienlijke investering in tijd en geld om dit op te zetten. Daarbij heeft de SDD in 2018 een pilot met een aantal jongeren uit de regiogemeenten gedaan waaruit al aanbevelingen zijn opgevolgd, zoals het inzetten van een multidisciplinair team.
Het opkopen van de schuld zelf is daarmee van minder toegevoegde waarde. De aanpassing van de werkwijze vult dit namelijk voldoende op en lijkt al heel erg
op de werkwijze van bijvoorbeeld de gemeente Arnhem. Uit de evaluatie is daarmee gebleken dat het niet zinvol is om de pilot om te zetten naar structureel beleid. Dit alles maakt dat we hier nu nog geen verder concreet vervolg aan hebben gegeven, maar we blijven de ontwikkelingen op dit terrein wel volgen. 2. Is dit een lokale ambitie van Papendrecht, of dient dit nog geagendeerd te worden binnen de GR Sociaal? Het is niet de ambitie van de gemeente om de pilot toch om te zetten naar structureel beleid vanwege de hiervoor genoemde redenen. Monitoring recidive en effectiviteit interventies 1. Gezien de structureel hoge recidivecijfers (rond de 20-21%) – hoe worden interventies geëvalueerd op effectiviteit en wordt dit teruggekoppeld aan de raad? Zoals in het beleidsplan beschreven worden de recidieven met dit beleidsplan bijgehouden als indicator om te zien hoe effectief en doelmatig het beleid is. In de komende rapportages die via de reguliere planning & control-cyclus naar de gemeenteraad gaan zullen deze cijfers ook worden gerapporteerd. Hiermee wordt een beeld gegeven van de effectiviteit van de interventies. Het meten van effectiviteit van interventies in het sociale domein is echter complex omdat veel factoren van invloed kunnen zijn. Om een voorbeeld te noemen: de afgelopen jaren hebben we te maken gehad met buitengewone prijsstijgingen en onzekere ontwikkelingen.
Dat kan invloed hebben op het aantal recidieven waar u specifiek naar vraagt maar zegt niet direct iets over de effectiviteit van beleid omdat het een externe ontwikkeling is waar wij als gemeente weinig invloed op hebben. Daarom nemen we in de P&C-producten ook meerdere indicatoren op. Het totaaloverzicht van deze indicatoren kunt u vinden in bijlage 4. 2. Wordt overwogen om nazorg bij schuldhulptrajecten structureel te maken, bijvoorbeeld via Schuldhulpmaatje of andere ketenpartners? We nemen de suggestie mee in het uitwerken van het uitvoeringsplan. Toegankelijkheid en vindbaarheid voor jongeren 1. Is er inzicht in hoeveel jongeren daadwerkelijk gebruik maken van de huidige instrumenten (zoals Geldfit, Kwikstart, 18+ kaart)? Zo nee: kan dat worden verkend? We hebben inzicht in het gebruik van bijvoorbeeld Kwikstart en Geldfit. Hierin worden wel een aantal uitsplitsingen gemaakt, maar deze worden niet uitgesplitst op leeftijd. Bij de uitwerking van het uitvoeringsplan zullen we ook met partners gesprekken voeren hoe we inzicht willen krijgen in het gebruik van de verschillende instrumenten. Sturingsinformatie 1. We zien dat het moeilijk is om jaar op jaar een trend te kunnen zien in de ontwikkeling van de instrumenten op de doeltreffendheid van instrumenten. Hoe kan/zal de sturingsinformatie voor de raad er uitzien bij uitvoering van het nieuwe beleidsplan.
Hoe weten we hoe doelmatig en doeltreffend de verschillende maatregelen zijn? De doelmatigheid en doeltreffendheid van de inzet van instrumenten wordt via de rapportages van de planning en controlcyclus bij de raad aangeboden. In het beleidsplan vindt u verschillende indicatoren die vanaf nu ook gemonitord zullen worden en waarvan ook een deel in de rapportages terug zullen komen, naast de indicatoren die op dit moment al opgenomen zijn. Hoe de sturingsinformatie op het lokale deel er precies uit zal zien is op dit moment nog lastig te zeggen omdat dit met de uitwerking van het uitvoeringsplan pas in beeld gebracht wordt.