A39. 20240820 GR Sociaal Vaststelling voorjaarsbrief 2024 en begroting 2025.pdf
Tekst van het document
De logische resultante van deze activiteiten zouden voor een stijging van het aantal schuldhulpverleningstrajecten moeten zorgen, de gemiddelde schuldenlast lager dan gemiddeld moeten brengen en her instroom beperken. •
De actualisatie van het beleidsplan Schuldhulpverlening, zou nog van invloed kunnen zijn op bovenstaande indicatoren Wat gaan we daarvoor doen?
Doelstelling 2.1
Wij zetten ons samen met lokale partners in om financiële problematiek bij de inwoners van de Drechtsteden te voorkomen
Speerpunt 2.1.1 Toelichting
Bevorderen gebruik beschikbare regelingen Het sociale minimum in Nederland is gebaseerd op het uitgangspunt dat inwoners gebruik maken van alle voorzieningen, of het nu gaat om het aanvragen van een belastingtoeslag, het vragen van kwijtschelding van bepaalde lasten of het beroep doen op voorzieningen vanuit het lokale minimabeleid. Voor bestaanszekerheid van de inwoner is dit dus van wezenlijk belang, maar mensen weten soms niet van het bestaan af van bepaalde regelingen. Een andere groep inwoners is wel op de hoogte van het bestaan van een regeling maar haakt af door complexe, uitgebreide en vaak uitsluitend nog digitaal toegankelijke aanvraagprocedures. In dit speerpunt gaan we het rechtmatig gebruik van beschikbare regelingen bevorderen.
Speerpunt 2.1.2 Toelichting
Vergroten zichtbaarheid en bereik van SDD voor inwoners Geldzorgen zijn omringd met schaamte en uit onderzoek blijkt dat mensen te lang wachten met hulp zoeken. Hoe later de hulp hoe groter de financiële problemen en hoe hoger bijvoorbeeld de schuld. Daarnaast is er veel onbekendheid over bepaalde regelingen of worden deze als complex ervaren. In dit speerpunt willen we de drempel om geldzorgen te bespreken verlagen en de dienstverlening van de opgave Bestaanszekerheid zichtbaarder en dichter bij de inwoner aanbieden.
Speerpunt 2.1.3 Toelichting
Proactief handelen bij veranderingen met impact op financiën Bepaalde life-events hebben grote gevolgen voor de financiële situatie, denk aan: kind 18+, scheiding, partner overlijdt of vanuit de uitkering naar (parttime) werk. Dit kan naast stress ook financiële zorgen en mogelijk problemen veroorzaken. Met dit speerpunt gaan we pro actief inwoners met uitkering benaderen om financiële problemen te voorkomen.
18
Doelstelling 2.2
Wij bieden hulp bij bestaanszekerheid vraagstukken
Speerpunt 2.2.1 Toelichting
We leveren maatwerk aan onze inwoners mbt voorzieningen van de SDD We gaan nog meer focus aanbrengen op het leveren van maatwerk, omdat inwoners ondanks de beste intenties soms toch nog vastlopen in het overheids-systeem en daarmee de duurzame bestaanszekerheid niet gediend wordt.
Speerpunt 2.2.2 Toelichting
SDD als onderdeel Bestaanszekerheid-Netwerk binnen gemeenten Oplossingen voor inwoners met bestaanszekerheidsvraagstukken komen niet alleen van de (maatwerk) voorzieningen van de SDD, juist in de gemeenten zijn veel voorzieningen beschikbaar die ook een positieve impact hebben op de bestaanszekerheid van inwoners. In dit speerpunt gaan we de verbinding met het lokale voorveld versterken.
Speerpunt 2.2.3
We zorgen voor snelle en efficiënte ondersteuning van inwoners met bestaanszekerheidsvraagstukken Als uitvoeringsorganisatie hebben wij de verantwoordelijkheid om de maatschappelijke middelen zo efficiënt mogelijk in te zetten. De ruimte die ontstaat door deze efficiency slag geeft de professionals tijd om meer waarde toe te voegen en de inwoner meer persoonlijke aandacht te geven. Door inwoners snel van een antwoord te voorzien op hun vragen dragen we bij aan het beeld van een betrouwbare overheid.
Toelichting
Doelstelling 2.3
We werken aan duurzame financiële stabiliteit en perspectief voor inwoners die dat nodig hebben.
Speerpunt 2.3.1
We zetten in op het ontwikkelen van vaardigheden en weerbaarheid van inwoners om zelf in staat te zijn regie te behouden We zien verschil in de mate van zelfredzaamheid en doenvermogen bij inwoners, waarbij er een groep is die weliswaar zelf in staat is om regie te behouden, maar nog onvoldoende vaardigheden heeft om dit duurzaam in te zetten. Het belang hiervan is groot om terugval in schulden te voorkomen
Toelichting
Speerpunt 2.3.2 Toelichting
We versterken het sociale en professionele netwerk rond de klant mbt financiële stabiliteit Inwoners met een lagere mate van zelfredzaamheid en doenvermogen, hebben ondersteuning van een netwerk nodig. Zonder ondersteuning is het risico groot dat deze inwoner terugvalt in de schulden.
Speerpunt 2.3.3
Voor inwoners met een groot risico profiel of die langdurig financiële ondersteuning nodig hebben is structurele dienstverlening beschikbaar We onderkennen dat een deel van de inwoners financieel kwetsbaar is als gevolg van een lage mate van zelfredzaamheid en doenvermogen. Deze inwoners hebben structureel ondersteuning nodig, waarbij de kosten hiervan niet opwegen tegen de maatschappelijke kosten van herhaaldelijke terugval.
Toelichting
19
Wat gaat het kosten? Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Inkomensondersteuning
117.875
116.957
126.846
124.457
121.808
119.945
Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.
2.099
2.281
2.177
2.134
2.131
2.197
Minimabeleid
10.202
8.943
9.763
9.643
9.520
9.472
Energietoeslag
21.788
0
0
0
0
0
Totaal lasten
151.965
128.181
138.787
136.233
133.459
131.615
Inkomensondersteuning
117.875
116.957
126.846
124.457
121.808
119.945
Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.
2.099
2.281
2.177
2.134
2.131
2.197
Minimabeleid
10.202
8.943
9.763
9.643
9.520
9.472
Energietoeslag
21.788
0
0
0
0
0
Totaal baten
151.965
128.181
138.787
136.233
133.459
131.615
0
0
0
0
0
0
Bestaanszekerheid versterken Lasten
Baten
Saldo van lasten en baten Bedragen x € 1.000
De begroting 2025 is tot stand gekomen op basis van de Begroting 2024-jaarschijf 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2025, te weten:
Opgave / product
Begroting 2025
Bestaanszekerheid versterken
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Inkomensondersteuning
126.846
126.846
126.154
126.154
118.420
118.420
Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.
2.177
2.177
2.192
2.192
2.349
2.349
Minimabeleid
9.763
9.763
9.892
9.892
9.205
9.205
138.787
138.787
138.238
138.238
129.975
129.975
Totaal
Uitgangspunten-notitie 2025
Begroting 2024 (jaarschijf 2025)
De begrotingscijfers 2025 (de lasten, baten en bijdragen van gemeenten) zijn in de Uitgangspuntennotitie 2025 aangegeven. Deze cijfers zijn als volgt tot stand gekomen: Omschrijving
Lasten
Baten van derden
Bijdragen gemeenten
Begroting 2024 jaarschijf 2025
129.975
2.468
127.506
Inkomensondersteuning
7.734
37
7.697
Ontwikkeling aantal klanten a.g.v maatregelen Daling van het aantal klanten a.g.v. maatregelen laten een daling van de bijstandslasten zien.
-1.584
0
-1.584
22
0
22
-869
0
-869
Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025
Loonkostensubsidie Ten opzichte van de primaire begroting 2024 is er een stijging te zien van de loonkostensubsidie. IOAW, IOAZ en Bbz
20
De lasten IOAW en Bbz laten een daling zien terwijl de lasten IOAZ een kleine stijging laten zien. Ontwikkeling aantal klanten en gemiddelde prijs 10.165 Door een hoger klant aantal en een hogere gemiddelde prijs van een uitkering (dan bij de primaire begroting 2024 geprognosticeerd) stijgen de lasten.
37
10.128
Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.
-157
0
-157
Autonome groei UPN 2025 De groei is gebaseerd op de groei CPB MEV 2024. De verwachte onderbenutting jaarrekening 2023 leidt tot een bijstelling van de begroting.
-157
0
-157
Minimabeleid
687
240
447
Baten van de bewindvoering eigen beheer Bijzondere Bijstand GR Sociaal voert bewindvoering in eigen beheer uit. De baten van de bewindvoering in eigen beheer komen ten gunste van de begroting minimabeleid en heeft derhalve een verlaging van de bijdrage van de gemeente tot gevolg.
0
240
-240
Autonome groei UPN 2025 Voor minima wordt de groei CPB MEV 2024 naast de regionale ontwikkelingen gevolgd: centraal uitgangspunt bij het opstellen van de begroting is reëel ramen op basis van de trendontwikkeling (kosten en klanten) en de opdracht tot een groter bereik.
684
0
684
2
0
2
Autonome groei UPN 2025 De mutatie betreft een mutatie op de bandbreedte.
Totaal Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025 Begroot t/m Uitgangspuntennotitie
8.263
277
7.987
138.238
2.745
135.493
Bedragen x € 1.000
In deze begroting zijn de volgende aanpassingen gedaan op de cijfers uit de Uitgangspuntennotitie 2025: Omschrijving
Lasten
Baten van derden
Bijdragen gemeenten
Begroot t/m Uitgangspuntennotitie
138.238
2.745
135.493
Inkomensondersteuning
692
60
633
Onwikkeling aantal klanten De ontwikkeling van het aantal klanten is aangepast aan de werkelijke eindstand 2023.
-138
60
-198
IOAW, IOAZ en Bbz De aanpassing van de lasten IOAW, IOAZ en Bbz is o.b.v. de realisatie van de lasten 2023.
437
0
437
Loonkostensubsidie De aanpassing van de lasten loonkostensubsidie is o.b.v. de realisatie van de lasten 2023.
394
0
394
Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.
-15
0
-15
Autonome groei De realisatie van de jaarrekening 2023 leidt tot het bijstellen van de begroting.
-15
0
-15
Minimabeleid
-129
110
-239
Autonome groei De realisatie van de jaarrekening 2023 leidt tot een bijstelling van de begroting.
-129
0
-129
0
110
-110
Mutaties Begroting 2025
Uitbreiden formatie bewindvoering met 1 fte per 1 januari 2024 Structureel uitbreiden formatie Bewindvoering met 1 fte a.g.v. de groei van cliënten, waarbij de kosten worden gedekt uit de wettelijk verplichte bijdragen van de cliënten (verantwoord bij het product minimabeleid).
Totaal Mutaties Begroting 2025 Totaal Begroting 2025
549
170
379
138.787
2.915
135.872
Bedragen x € 1.000
21
2.3 Ontwikkelen naar werk De prioriteiten, activiteiten en uitgaven van de Opgave Ontwikkelen naar Werk worden grotendeels bepaald door de ontwikkelingen in het bestand, de economie en de arbeidsmarkt. De afgelopen jaren heeft uitstroom naar betaald werk centraal gestaan in ons werk. Dat maakte dat automatisch alle aandacht uitging naar de inwoners die het kortst in de bijstand zaten, want bij hen is de kans op succes het grootst. En dat is altijd succesvol gedaan. Vele inwoners verwisselden zo hun uitkering voor een baan. In ruim 90% van de situaties wisten zij ook hun baan te behouden. Maar de situatie is nu anders. Zowel de instroom als de uitstroom van klanten is historisch laag. Bovendien zien we dat we met de aanpak van de afgelopen jaren ook een belangrijke groep inwoners niet bereiken, hoewel dat wel wezenljik is om te voorkomen dat voor hen de problemen nog groter worden. We zien het volgende waardoor de bakens verzet moeten worden. De samenstelling van het bestand vergrijst (30% is inmiddels tussen 55 en 65 jaar) en de gemiddelde uitkeringsduur neemt toe (50% van de klanten zit langer dan 5 jaar in de uitkering). Tot slot zien we een hoge instroom van (inburgeringsplichtige) statushouders, die voor meerdere jaren aan ons gebonden zijn. Snel en makkelijk uitstromen naar regulier werk is er dan ook niet meer bij.
Gelukkig zijn er veel kansen om het anders, beter te doen. In de eerste plaats is de vraag naar arbeidskrachten nog altijd 'booming'. Bedrijven en werkgevers zijn bereid meer te doen voor mensen die niet direct aan de slag kunnen. Bedrijven maken een beweging naar meer inclusiviteit. De opgave zet dan ook vol in op verandering. Verandering is nodig, want doen wij dat niet, dan blijven te veel mensen langs de kant staan en doen niet (meer) mee. Maar samen met onze werkgevers, met Drechtwerk en met de lokale en regionale mogelijkheden kunnen wij laten zien dat wij het vertrouwen van onze inwoners bij ontwikkelen naar werk verdienen en dat werk enorm bijdraagt aan de maatschappij, aan de inwoner en publieke waarden. Wat willen we voor onze inwoners bereiken en waarom? Als ik werk heb, draagt dat bij aan mijn (financiele) zelfstandigheid en welbevinden. Als ik weet wat ik aankan, wat mijn talenten zijn en in wat voor soort banen ik die kan gebruiken, geeft mij dat zelfvertrouwen. Ik voel me verbonden met de organisatie waar ik werk en word gewaardeerd wat ik, naar mijn vermogen, toevoeg. Ik kan omgaan met veranderingen in mijn omgeving en in het werk, omdat ik dat geleerd heb. Ik weet waar ik terecht kan in het kader van mijn ontwikkeling of als ik hulp nodig heb. dat geeft mij rust en een stevig toekomstperspectief.
Als ik mijn talenten niet ken, niet (h)erken wat ik aankan en niet weet wat voor soort banen bij mij passen, word ik onzeker. Ik word dan afgewezen door bedrijven die mij geen baan aanbieden of waar ik niet mag blijven. Ik heb dan het gevoel dat ik geen bijdrage kan leveren. Ik verlies de regie, ook over mijn toekomst, als ik geen bestaanszekerheid heb. Het lukt me dan niet zelf werk te zoeken, te vinden of vast te houden en ik heb dan hulp nodig.
Cruciaal voor inwoners is inzicht, inzicht in wat de mogelijkheden en kansen zijn, welke banen daarbij passen en vanuit daar werken aan de ontwikkelingen. We denken daarom - samen met het UWV na over bedrijven waar we mee willen samenwerken en een relatie mee kunnen opbouwen om dit ultieme doel te bereiken. Onderdeel van die samenwerking is uiteraard het starten van het Regionaal Werkcentrum, maar ook het gezamenlijk en gecoördineerd bedienen van de markt als het gaat om vragen van werkgevers en baankansen voor inwoners met een uitkering. In de tweede plaats gaan we de samenhang in het bestaande aanbod versterken. Er is er al heel veel mogelijk in de regio en bij de gemeenten. Er zijn vrijwilligersplaatsen, participatieplaatsen en werkervaringsplaatsen. Er zijn ook lokale en regionale ontwikkelbedrijven, zoals Zwijndrecht Werkt, FrisFacilitair, Smile, de kinderboerderijen in de Drechtsteden, Opnieuw & Co, maar ook Kickstart en straks het Regionaal Werk Centrum. Wat betreft de samenwerking met regionale ontwikkelbedrijven / lokale werkgelegenheidsinitiatieven is dat cruciaal voor onze inwoners. Een jarenlange studie van het Sociaal en Cultureel Planbureau toonde recent aan dat de kansenongelijkheid wordt verminderd door onder meer werk, ontwikkeling en het hebben van een netwerk. Dat netwerk is van belang dichtbij de inwoner.
Dat maakt de kans groter dat het bestendig is en groeit naar een betrouwbaar netwerk. Het bijzondere is alleen dat we elkaar nog vele malen meer kan versterken. Dit kan door verbinding aan te brengen en schakels die elkaar kunnen opvolgen. De inwoner wordt als het ware een
22
'ontwikkelpad' geboden. Daarvoor gaan we ook in feite ons werk van begeleiding opnieuw uitvinden en herdefinieren. De groep inwoners die we nu nog niet konden bereiken en helpen, hebben een complexe en wisselende begeleidingsbehoefte. Het is van belang te bezien of we met de huidige vormen van vakmanschap hen goed genoeg op weg helpen naar meer zelfredzaamheid en werk. In de derde plaats is de samenvoeging met Drechtwerk een enorme kans. Drechtwerk wordt het regionale interventiecentrum, waarbij nieuwe werksoorten en shop in shop constructen worden ontwikkeld om die ontwikkelprogramma’s inhoud te geven en de ontwikkeling van inwoners te ondersteunen. En tot slot investeren we in onze professionals. Opgavegericht werken moet bijdragen aan anders werken, waarbij verschillende expertises worden ingezet om focus te geven aan de ontwikkeling van inwoners die afhankelijk zijn van onze ondersteuning. Methodisch werken en stres sensitieve dienstverlening zijn daarbij leidende uitgangspunten in onze werkwijze. Vanuit al deze ontwikkelingen staan in deze opgave daarom de volgende doelen centraal: Welke doelen streven we na? Nummer
Doelstelling
3.1
Wij helpen klanten zich te ontwikkelen naar werk door te doen
3.2
Wij bieden klanten een (on)betaalde plaats die bij hen past
3.3
Wij houden klanten die betaald aan het werk zijn, aan het werk
Opgave-indicatoren Indicator
Doel
Verhouding % inwoners met een uitkering een ontwikkeltraject of een opleiding volgen ten opzichte van totaal aantal inwoners met een uitkering De gemiddelde score van het aantal respondenten dat aangeeft dat de dienstverlening helder is. Gemiddelde uitkeringslast per uitkeringsgerechtigde met een uitkering per jaar. (formule = uitkeringslast : aantal klanten). Aantal inwoners met een uitkering dat (partieel) uitstroomt naar regulier betaald werk
60%
% inwoners met een uitkering en/of wsw / beschut dienstverband, die na plaatsing op betaald werk langer dan 6 maanden aan het werk blijft. % inwoners met een uitkering en/of wsw / beschut dienstverband, die na plaatsing op betaald werk langer dan 1 jaar aan het werk blijft.
4.4 10% daling Nog 0-meting 90% 80%
De bovenstaande indicatoren markeren een noodzakelijke verbreding van onze kernindicatoren. Niet alleen uitstroom naar regulier werk, maar de ontwikkeling naar werk staat daarin centraal. Dit gaat vaak in stapjes, waarbij de inwoner met een uitkering steeds een stapje meer doet. Dit komt o.a. tot uitdrukking in de indicator "%inwoners met een ontwikkeltraject" en "gemiddelde uitkeringslast". Verder willen we dat mensen duurzaam worden geplaatst. Dit brengen we tot uitdrukking in de laatste 2 indicatoren. Omdat er veel arbeidscontracten worden afgesloten voor 6 maanden, waarbij werkgevers worden gestimuleerd dit 'vol te houden' is daarnaast ook eenzelfde indicator toegevoegd voor een periode van 1 jaar. Wat gaan we daarvoor doen?
Doelstelling 3.1
Wij helpen klanten zich te ontwikkelen naar werk door te doen
Speerpunt 3.1.1
Wij richten ons op het (door)ontwikkelen van een passend ontwikkelaanbod voor onze inwoner, die (tijdelijk) afhankelijk zijn van onze ondersteuning. Globaal zien we binnen het klantenbestand drie ontwikkelingen: een geleidelijke toename van het bestand van inwoners die langere tijd een uitkering ontvangen; een opvallende (relatief) hoge instroom van jongeren; en een toenemende instroom van (inburgeringsplichtige) statushouders. Met deze ontwikkelingen komen een aantal
Toelichting
23
significante doelgroepen naar voren: inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt, jongeren en statushouders. Dat vraagt een herziening van ons huidige ontwikkelaanbod. Speerpunt 3.1.2 Toelichting
Speerpunt 3.1.3 Toelichting
Het vergroten van de vakbekwaamheid van (leidinggevenden en) professionals met klantcontact bij het helpen ontwikkelen van mensen. De huidige samenstelling van de groep inwoners die instroomt in de opgave vraagt iets anders van onze professionals. Voor het inschatten van de passende ontwikkelmogelijkheden, binnen de (werk)mogelijkheden van de inwoners vereist een eenduidige en methodische aanpak. Wij intensiveren de samenwerking tussen Drechtwerk en SDD onderling en met partners, waaronder lokale werkgelegenheidsinitiatieven. Verdieping van de samenwerking tussen Drechtwerk en SDD onderling is noodzakelijk, omdat het bijdraagt aan een beter aanbod en dienstverlening aan inwoners die (tijdelijk) afhankelijk zijn van onze ondersteuning. Er is één organisatie waar zowel het ontwikkelen van mensen als het bieden van 'beschut- werk-gedeelte' onderdeel van is.
Doelstelling 3.2
Wij bieden klanten een (on)betaalde plaats die bij hen past
Speerpunt 3.2.1
Wij komen tot een heroriëntatie van werkgevers waarmee wij een relatie opbouwen. Dat doen we in samenwerking met UWV met een gezamenlijke en gecoördineerde marktbewerking. De vraag naar arbeid is groot. Bedrijven zijn bereid meer te doen voor mensen die niet direct aan de slag kunnen. Bedrijven maken een beweging naar inclusie en diversiteit op de werkvloer en willen best iets met onze doelgroep doen, maar hebben ook zorgen dat het misschien mis gaat. Investeren en actief met elkaar in contact te staan en kijken wat wij voor elkaar kunnen betekenen is belangrijk. Bedrijven die werken met het label 'Ondernemen met impact' en samen werken met gemeentes, zijn daarin cruciaal.
Toelichting
Speerpunt 3.2.2 Toelichting
Wij gaan actief met beleid(smakers) aan de slag om regelgeving en beleid ondersteunend te laten zijn op het aan het werk gaan van mensen. Is het makkelijk genoeg zelfstandig inkomen voor een bewoner op te bouwen? Of helpt het werkgevers bij het bieden van kansen aan inwoners met afstand tot de arbeidsmarkt? Werkgevers lopen nu soms vast in de complexe regels en administratieve last, hetgeen niet motiverend is. Ook de administratieve last voor een inwoner met bijstand om een paar uur extra te gaan werken is groot. Meer werken leidt lang niet altijd tot meer inkomen. Een belangrijke reden om beleid aan te laten sluiten op parttime werken, ook omdat de verwachting is dat parttime steeds meer de norm wordt
Speerpunt 3.2.3 Toelichting
Wij breiden, in samenwerking met werkgevers, het aantal werksoorten bij Drechtwerk uit. Drechtwerk biedt diverse werksoorten aan inwoners, zoals Groen, Logistiek, assemblage. Het grootste deel van de werkzaamheden bestaat echter uit 'in- en ompakwerk. Dat willen we uitbreiden. Hoe meer verscheidenheid in het aanbod, hoe meer inwoners een geschikt aanbod kan worden gedaan. Ook kunnen we hiermee hybride ontwikkellijnen vorm geven, waarbij Drechtwerk een veilige/ groepsplek is met begeleiding nabij en er wordt geschakeld naar plekken meer buiten, met minder begeleiding, scholing en -indien nodigweer terug. .
Doelstelling 3.3
Wij houden klanten die betaald aan het werk zijn, aan het werk
Speerpunt 3.3.1
Wij streven samen met regionale partners naar een betere benutting en duurzame inzetbaarheid van de beroepsbevolking, door een 'ontschotte' dienstverlening aan werkgevers en werkzoekenden In 2022 heeft het bestuur van de arbeidsmarktregio opdracht gegeven om het regionale mobiliteitsteam -Kickstart- te ontwikkelen tot een dienstverleningscentrum, waar een 'ontschotte' dienstverlening aan werkgevers en werkzoekenden wordt vormgegeven. Het dienstverleningscentrum richt zich op het matchen van vraag en aanbod, ongeacht de
Toelichting
24
situatie waar iemand zich in bevindt. Niet de doelgroep, maar de hulpvraag staat centraal. Hiermee willen wij dat de beroepsbevolking in de regio beter wordt benut en duurzaam inzetbaar blijft. Speerpunt 3.3.2 Toelichting
Wij komen tot een heroriëntatie op begeleiding. De samenstelling van de groep die instroomt in de bijstand veranderd. Dit vraagt een differentiatie en innovatie in/van vormen van begeleiding. Enerzijds kunnen nieuwe vormen worden geprobeerd, zoals beeldbellen, uitleg door VR en appen. Anderzijds gaat het over het toevoegen van nieuwe vormen -zoals lifecoaching- en differentiatie in de bestaande vormen van begeleiding. Ook kunnen we onderzoeken hoe wij werkgevers kunnen coachen in het begeleiden van inwoners uit het bestand van de sociale dienst. Bijvoorbeeld met 'Harrie helpt' trainingen, ervaringsdeskundigheid en aanwezigheid op de werkvloer.
Speerpunt 3.3.3
Wij zijn zichtbaar voor onze netwerkpartners, zoeken samen naar verbetering en werken met hen samen. Alleen ga je sneller, maar samen kom je verder. Zonder werkgevers die bereid zijn onze inwoners met afstand tot de arbeidsmarkt een kans te geven of zonder de samenwerking met het beroepsonderwijs, zorgaanbieders en hulpverleners lukt het niet om inwoners te ontwikkelen naar werk. Samen doen, samen werken en samen nieuwe wegen proberen moet daarom in ons dna zitten. Daarvoor nemen wij het initiatief en zijn wij niet afwachtend, want die tijd hebben onze inwoners niet.
Toelichting
Wat gaat het kosten?
Impuls Statushouders Er zijn geen wijzigingen ten opzichte van de primaire begroting 2024 (jaarschijf 2025).
Regionale Uitvoeringsagenda Arbeidsmarktregio Drechtsteden De lasten en baten van de Uitvoeringsagenda zijn toegevoegd aan Participatie. In de cyclische producten wordt over de voortgang van de financiën gerapporteerd.
Drechtwerk De voorliggende begroting 2025 samen met de meerjarenraming 2026, 2027, 2028 geeft t.o.v. de vorig jaar afgegeven meerjarenraming een neerwaartse bijstelling in de gemeentelijke bijdragen voor het onderdeel Drechtwerk in de opgave ontwikkelen naar Werk. Voor het jaar 2025 is een verlaging van de gemeentelijke bijdrage geprognosticeerd van ruim € 700.000 t.o.v. de vorig jaar afgegeven ramingen. Dit is mede het effect van het samenvoegen van Drechtwerk met de Sociale Dienst en een vertaling van de gezamenlijke ambitie. Dit effect vertaalt zich ook verder door in de raming van de jaren 2026, 2027 en 2028 en ook daar is de geprognosticeerde gemeentelijke bijdrage respectievelijk voor de jaren een verlaging van € 970K, € 1.090K, € 1.032K t.o.v. de vorig jaar afgegeven raming. De indirecte effecten, het herhuisvesten van collega’s van de SDD in het pand van Drechtwerk, de verlaging van de uitkeringslast die door de samenwerking/voeging ontstaat zijn ook substantieel. Deze financiële voordelen landen elders binnen het totaal van de SDD en zijn mede door de samensmelting een direct gevolg.
25
Ontwikkelen naar werk
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
0
0
0
0
0
7.031
8.532
8.456
8.287
8.278
2.421
0
0
0
0
Lasten Statushouders Participatie
4.768
Inburgering Drechtwerk
48.478
46.552
47.889
47.129
46.239
45.697
Totaal lasten
53.247
56.004
56.421
55.585
54.526
53.975
387
270
66
18
0
0
Participatie
6.620
10.191
9.023
8.853
8.626
8.617
Inburgering
0
2.421
0
0
0
0
Drechtwerk
48.478
46.552
47.889
47.129
46.239
45.697
Totaal baten
55.486
59.434
56.978
56.000
54.865
54.314
Saldo van lasten en baten
2.239
3.430
557
415
339
339
Baten Statushouders
Bedragen x € 1.000
De begroting 2025 is tot stand gekomen op basis van de Begroting 2024-jaarschijf 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2025, te weten:
Opgave / product
Begroting 2025
Ontwikkelen naar werk
Lasten
Statushouders Participatie
Uitgangspunten-notitie 2025
Baten
Lasten
Baten
66 8.532
Begroting 2024 (jaarschijf 2025) Lasten
66
9.023
8.042
Baten 66
8.533
Inburgering
7.277
10.107
2.421
2.421
Drechtwerk
47.889
47.889
46.420
46.420
46.420
46.420
Totaal
56.421
56.978
54.462
55.019
56.118
59.014
De begrotingscijfers 2025 (de lasten, baten en bijdragen van gemeenten) zijn in de Uitgangspuntennotitie 2025 aangegeven. Deze cijfers zijn als volgt tot stand gekomen: Omschrijving
Lasten
Baten van derden
Bijdragen gemeenten
Begroting 2024 jaarschijf 2025
56.118
12.551
46.463
Participatie
765
0
-1.574
Primaire begroting 2025 n.a.v. Uitgangspuntennotitie 2025; groei klantenaantallen Conform de uitgangspuntennotitie 2025 zijn de lasten en baten verhoogd met 1,4% groei aantal klanten op basis van CPB Macro Economische Verkenning 2023.
288
0
288
Primaire begroting 2025 Integratie Uitkering Participatie Beschut Werk Conform meicirculaire 2024 Integratie Uitkering Participatie; intensiveren Beschut Werk naar aanleiding van maatregelen Uitgangspuntennotitie 2025.
459
0
459
Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025
26
Financiering participatiebudget 2025 t/m 2028 Vanaf 2023 wordt de financiering van personeel ten laste van Participatie afgebouwd (reeds opgenomen in de najaarsbrief en jaarrekening). Voor de begroting 2025 betekent dit dat er € 2,3 mln. minder participatiemiddelen worden opgehaald en deze worden overgeplaatst naar apparaat. Het betreft een budgetneutrale wijziging van de begroting (van participatie naar bedrijfsvoering).
18
0
-2.321
-2.421
0
-2.421
Wet Inburgering buiten de begroting -2.421 De lasten en baten van de Wet inburgering 2021 zijn op nihil gezet. Het betreft een gemandateerde taak in plaats van een gedelegeerde taak. Hierdoor lopen de lasten en baten buiten de begroting van de GR Sociaal.
0
-2.421
12.551
42.468
Inburgering
Totaal Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025
-1.656
Begroot t/m Uitgangspuntennotitie
54.462
-3.995
Bedragen x € 1.000
In deze begroting zijn de volgende aanpassingen gedaan op de cijfers uit de Uitgangspuntennotitie 2025: Omschrijving
Lasten
Baten van derden
Bijdragen gemeenten
Begroot t/m Uitgangspuntennotitie
54.462
12.551
42.468
Participatie
490
490
Uitvoeringsagenda Arbeidsmarktregio Drechtsteden Verhogen van de lasten en baten conform Regionale uitvoeringsagenda Arbeidsmarktregio Drechtsteden.
490
490
Drechtwerk
1.469
725
744
Primaire begroting 2025 Drechtwerk Primaire begroting 2025 Drechtwerk mutaties lasten en baten 2025 t/m 2028.
1.469
725
744
Mutaties Begroting 2025
Totaal Mutaties Begroting 2025
1.959
1.215
744
Totaal Begroting 2025
56.421
13.766
43.212
Bedragen x € 1.000
27
2.4 Zorgen voor ondersteuning De opgave Zorgen voor Ondersteuning richt zich op het vergroten van de zelfredzaamheid en participatie van de inwoners in de Drechtsteden. We bieden ondersteuning vanuit het uitgangspunt "zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig". Waar mogelijk wordt gekeken naar mogelijkheden van eigen regie, het netwerk of voorliggende vormen van ondersteuning. Dit doen we samen met veel partners in het veld, zoals de lokale Wijkteams, zorgaanbieders, corporaties en de andere opgaven binnen het sociaal domein. Naast de gezondheidsvoordelen die dit biedt voor inwoners helpt het bovendien om de schaarse ondersteuning beschikbaar te houden voor de inwoners die het echt nodig hebben om een zelfstandig en volwaardig bestaan te leiden. Wat willen we voor onze inwoners bereiken en waarom? Als ik op de juiste onderdelen van mijn leven passende ondersteuning heb vanuit mijn sociale netwerk, mantelzorg en of professionals, dan woon ik zolang mogelijk zelfstandig en doe ik mee naar vermogen. Dan heb ik regie over mijn leven en kan ik omgaan met mijn fysieke, psychische, emotionele en sociale uitdagingen in het leven. Ik voel me dan een volwaardig inwoner van de Drechtsteden. Als ik geen passende ondersteuning heb dan heeft dat negatieve gevolgen voor mijn dagelijks functioneren, mentaal welbevinden, meedoen in de maatschappij en kwaliteit van leven.
Dit betekent dat ik me eenzaam kan voelen, dat mijn mantelzorger overbelast kan raken of dat er gevaar kan ontstaan voor mijzelf of mijn omgeving.
Vanuit bovenstaande gedachte wordt geïnvesteerd in de ontwikkeling van "Wmo naar de voorkant". Dat wil zeggen de aansluiting met de lokale wijkteams en initiatieven voor lichte vormen van begeleiding en dagbesteding. Daarnaast wordt de samenwerking met participatieplekken en Drechtwerk verder onderzocht voor de groep inwoners die gebruik maakt van arbeidsmatige en ontwikkelgerichte dagbesteding. Voor de groep ouderen die beperkingen ervaren bij de zelfredzaamheid in het dagelijks leven wordt ingezet op herstelgerichte ondersteuning, waardoor de zelfredzaamheid (gedeeltelijk) hersteld wordt en een beroep op ondersteuning kan worden uitgesteld. Dit doen we in de maatschappelijke context van schaarste en de landelijke en wettelijke ontwikkelingen voor de Wmo. We zien een schaarste aan middelen en mensen op de hele arbeidsmarkt en in de zorg in het bijzonder. Door te zoeken naar andere en lichtere vormen van ondersteuning helpen we inwoners bij hun zelfstandigheid en participatie en voegen we publieke waarde toe aan de samenleving. Daarnaast hebben we te maken met landelijke ontwikkelingen zoals de invoering van de nieuwe (inkomensafhankelijke) eigen bijdrage systematiek vanaf 2026. Deze ontwikkeling moet bijdragen aan het verminderen van het beroep op maatwerkondersteuning. Of dit in grote mate zal gebeuren, hangt af van het definitieve wetsvoorstel.
Dat is op dit moment nog niet bekend. Vanuit al deze ontwikkelingen, landelijk en regionaal, werken we daarom vanuit deze opgave aan de volgende 3 doelstellingen:
Welke doelen streven we na? Nummer
Doelstelling
4.1
Wij indiceren en voeren we regie op de beoogde effecten van de ingezette maatwerkondersteuning
4.2
Wij zorgen voor de ondersteuning die nodig is om mee te doen naar vermogen en richten ons op ontwikkeling waar mogelijk. Wij zorgen voor ondersteuning voor klanten die nodig is om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen wonen.
4.3
28
Opgave-indicatoren Indicator Gemiddelde kosten per inwoner voor IB, gecorrigeerd voor indexatiecijfers Gemiddelde kosten per inwoner voor DB, gecorrigeerd voor indexatiecijfers Score klantbeleving
Doel 5% onder de referentielijn 2018 blijven onder de referentielijn 2023 ≥ 7,5
Score kwaliteitsmeting HO
≥ 7,5
% inwoners met DB ontwikkelingsgericht dat binnen twee jaar uitstroomt naar een hogere stap op de participatieladder (Of ander instrument). % inwoners met DB arbeidsmatig dat uitstroomt naar een hogere stap op de participatieladder (Of ander instrument). % inwoners met IB dat afschaalt naar lagere maatwerkvoorziening of andere (algemene) voorziening. % meldingen IB/DB dat wordt opgelost via een andere oplossing dan een maatwerkvoorziening. % klanten met een ondersteuningsduur langer dan vier jaar
≥ 50%
% aantal voorzieningen (scootmobiel, HO, trapliften) ten opzichte van het aantal 65-plussers (daalt met 2%)
≥ 2%
≥ 5% ≥ 15% ≥ 5% ≤ 25%
Binnen de opgave Zorgen voor Ondersteuning richten we ons op de ontwikkeling naar zelfredzaamheid en participatie waar mogelijk. Dit doen we vanuit de gedachte dat het vergroten van zelfredzaamheid en meedoen naar vermogen leidt tot een grotere mate van gezondheid. Daarnaast zien we ook binnen de opgave Zorgen voor Ondersteuning nadrukkelijk het vraagstuk van de financiële beheersbaarheid. Bovenstaande indicatoren moeten inzicht geven in de effecten van zowel de ontwikkeling als van de financiële sturing op de maatwerkvoorzieningen. Zo is een tweetal doelstellingen opgenomen met betrekking tot de gemiddelde kosten per inwoner voor de voorzieningen dagbesteding en individuele begeleiding. Door een continue focus op de mogelijkheden tot afschaling en uitstroom willen we deze gemiddelde kosten verlagen. Uiteindelijk is het de klant die het beste kan beoordelen of we slagen in onze opgave en ook de score op klantbeleving komt terug in de opgave-indicatoren.Voor de voorziening huishoudelijke ondersteuning voegen we hier een indicator aan toe vanuit de onafhankelijke kwaliteitsmetingen die we uitvoeren naar de kwaliteit van deze ondersteuning. Een belangrijk doel van de Wmo is om mensen, waar mogelijk, te ontwikkelen en minder afhankelijk te maken van ondersteuning bij het kunnen deelnemen aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig wonen.
Dit doel hebben we vertaald in verschillende indicatoren waarbij we, voor wat betreft de voorziening dagbesteding, de verbinding maken met de participatieladder. Voor de voorziening Individuele begeleiding hebben we ditzelfde doel vertaald in een percentage inwoners waarvoor de ondersteuning kan worden afgeschaald. We kijken hierbij extra kritisch naar de groep die al langer dan 4 jaar ondersteuning vanuit de Wmo ontvangt. De afschaling willen we ook tot uiting brengen in het percentage meldingen waarvoor we een oplossing weten te vinden binnen het aanbod aan lokale algemene voorzieningen en waardoor een indicatie voor de maatwerkvoorzieningen dagbesteding en individuele begeleiding achterwege kan blijven. Als effect van de inzet op herstelgerichte ondersteuning streven we tot slot naar een vermindering van het aantal indicaties voor scootmobielen, huishoudelijke ondersteuning en trapliften.
29
Wat gaan we daarvoor doen?
Doelstelling 4.1
Wij indiceren en voeren we regie op de beoogde effecten van de ingezette maatwerkondersteuning
Speerpunt 4.1.1
We zetten in op de verdere professionalisering van de Opgave Zorgen voor Ondersteuning. Noodzakelijk in groeiend aantal aanvragen om efficiënter te werken, dichter bij de inwoner en om de kennis van de Wmo en het brede veld op gelijk niveau te brengen.
Toelichting
Speerpunt 4.1.2 Toelichting
Speerpunt 4.1.3 Toelichting
We hebben inzicht in en grip op de effecten van maatwerkondersteuning door monitoring en sturing op klantbeleving en resultaten bij de verschillende zorgverleners. Omdat we de beweging naar meer zelfstandigheid willen inzetten is sturing op de effecten van de ingezette ondersteuning noodzakelijk. De ingezette ondersteuning biedt een effectieve oplossing voor de ondersteuningsvraag zowel in feitelijke effecten als in de gemeten klantbeleving. Een neveneffect van dit speerpunt is een verhoogd kostenbewustzijn van consulenten en inwoners, en een positief effect op de houdbaarheid van de Wmo in de regio. We zorgen voor scherpe contracten, met oog voor innovatie, met als doel de kwaliteit, betaalbaarheid en continuïteit van de ondersteuning te waarborgen. Om op management niveau van de zorgaanbieder dezelfde sturing in te kunnen richten als op individueel niveau is scherpe contractering aan de voorkant noodzakelijk
Doelstelling 4.2
Wij zorgen voor de ondersteuning die nodig is om mee te doen naar vermogen en richten ons op ontwikkeling waar mogelijk.
Speerpunt 4.2.1 Toelichting
We brengen het ontwikkelpotentieel van inwoners eerder en scherper in beeld. Vanuit positieve gezondheid blijkt dat naast het hebben van de juiste ondersteuning ook het stimuleren van eigen kracht en eigen regie een belangrijke bijdrage levert aan de ervaren gezondheid en welbevinden.
Speerpunt 4.2.2
We werken samen met maatschappelijke partners en maken afspraken over integraal (samen)werken, doen waar je het beste in bent en gebruik maken van elkaars expertise. Ten behoeve van de snelheid en duidelijkheid van de dienstverlening aan de inwoner is het noodzakelijk om met partners samen te werken in de vraagverheldering en bieden samenhangende en passende ondersteuning
Toelichting
Speerpunt 4.2.3 Toelichting
We hebben een proactieve houding t.o.v. begeleiding van klanten in de koppeling met bestaanszekerheid. In sommige gevallen heeft de ondersteuningsvraag vooral een financiële aanleiding. In die gevallen is ondersteuning op het gebied van zorg niet voldoende en vraagt dit actieve samenwerking met de medewerker van bestaanszekerheid versterken.
Doelstelling 4.3
Wij zorgen voor ondersteuning voor klanten die nodig is om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen wonen.
Speerpunt 4.3.1
We zoeken naar de eigen kracht en mogelijkheden van mensen om te zorgen voor de omstandigheden, vaardigheden en een passende woonomgeving Ook hier is positieve gezondheid een belangrijke manier van werken om inwoners op een andere manier in te laten zien wat er nog wel mogelijk is aan waardevolle activiteiten.
Toelichting
Speerpunt 4.3.2 Toelichting
We werken samen met de regionale partners op het gebied van Wonen. Een intensivering en verbreding van de samenwerking met gemeenten is nodig om vraag en aanbod van (toe- en doorgankelijke) woningen beter op elkaar aan te laten sluiten. Het aantal grote woningaanpassingen wordt hierdoor verminderd.
30
Speerpunt 4.3.3 Toelichting
Samen met gemeenten en zorgaanbieders verkennen we de mogelijkheden van preventie en innovaties bij zelfstandig wonen. Innovatie kan en zou moeten bijdragen aan de houdbaarheid van de WMO in het licht van de schaarser wordende middelen en arbeidskrachten.
Wat gaat het kosten?
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Hulpmiddelen
6.069
6.030
6.131
6.080
6.081
6.077
Vervoer
10.679
10.813
11.535
11.500
11.474
11.445
Huishoudelijke ondersteuning
28.108
26.990
33.623
33.904
34.175
34.434
Begeleiding en kortdurend verblijf
33.265
33.370
36.497
36.315
36.200
36.080
Totaal lasten
78.121
77.203
87.786
87.799
87.930
88.036
Hulpmiddelen
6.069
6.030
6.131
6.080
6.081
6.077
Vervoer
10.679
10.813
11.535
11.500
11.474
11.445
Huishoudelijke ondersteuning
28.108
26.990
33.623
33.904
34.175
34.434
Begeleiding en kortdurend verblijf
33.265
33.370
36.497
36.315
36.200
36.080
Totaal baten
78.121
77.203
87.786
87.799
87.930
88.036
0
0
0
0
0
0
Zorgen voor ondersteuning Lasten
Baten
Saldo van lasten en baten Bedragen x € 1.000
De begroting 2025 is tot stand gekomen op basis van de Begroting 2024-jaarschijf 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2025, te weten: Opgave / product
Begroting 2025
Uitgangspunten-notitie 2025
Begroting 2024 (jaarschijf 2025)
Zorgen voor ondersteuning
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Hulpmiddelen
6.131
6.131
5.853
5.853
6.214
6.214
Vervoer
11.535
11.535
11.535
11.535
11.294
11.294
Huishoudelijke ondersteuning
33.623
33.623
33.623
33.623
27.773
27.773
Begeleiding en kortdurend verblijf
36.497
36.497
36.497
36.497
34.291
34.291
Totaal
87.786
87.786
87.508
87.508
79.572
79.572
31
De begrotingscijfers 2025 (de lasten, baten en bijdragen van gemeenten) zijn in de Uitgangspuntennotitie 2025 aangegeven. Deze cijfers zijn als volgt tot stand gekomen: Omschrijving
Lasten
Baten van derden
Bijdragen gemeenten
Begroting 2024 jaarschijf 2025
79.572
3.298
76.274
Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025 Hulpmiddelen
-361
-212
-149
Autonome groei Hulpmiddelen en indexering tarieven -361 Bij de hulpmiddelen (woonvoorzieningen en rolstoelen) is per gemeente gekeken naar de verwachte ontwikkeling van de aantallen voorzieningen. De tarieven 2024 zijn ongewijzigd gebleven. De tarieven 2025 zijn geïndexeerd conform CPB prijs bruto binnenlands product 2,8%. Vanaf 2026 en verder zijn de tarieven constant gehouden.
-212
-149
Vervoer
241
-614
855
Autonome groei Vervoer en indexering tarieven Net als bij de hulpmiddelen is voor het individueel vervoer (scootmobielen, aangepaste fietsen, etc.) de begroting 2025 gebaseerd op de ontwikkeling van de aantallen voorzieningen. Ook voor het individuele vervoer blijven de tarieven in 2024 gelijk. In 2025 zijn de tarieven geïndexeerd conform CPB prijs bruto binnenlands product 2,8%. Vanaf 2026 en verder zijn de tarieven constant gehouden. Ten aanzien van het collectieve vervoer met de Drechthopper volgen wij de begroting van Stroomlijn.
290
-614
904
Invoering voorziening Herstelgerichte ondersteuning Bij de individuele vervoersvoorzieningen houden we rekening met de mogelijke besparing door de invoering van Herstelgerichte ondersteuning. In 2024 en verder verwachten wij hierdoor 1% lagere groei van het aantal klanten dat een beroep doet op deze voorzieningen.
-49
0
-49
5.850
1.192
4.658
Autonome groei Huishoudelijke ondersteuning en indexering 6.561 tarieven De begroting voor de huishoudelijke ondersteuning is gebaseerd op de verwachte aantallen voorzieningen. Bij het bepalen van het aantal klanten is per gemeente gekeken naar de autonome groei over de periode 2021 en 2023. De jaren daarvoor zijn buiten beschouwing gelaten in verband met fluctuaties als gevolg van de invoering van het abonnementstarief en Corona. De hogere kosten worden vooral veroorzaakt door de aanhoudende stijging van de tarieven. Door (het openbreken van) caoafspraken stijgen de tarieven in 2024 stapsgewijs met ongeveer 11%. De tarieven 2025 zijn geïndexeerd conform CPB prijs bruto binnenlands product 2,8%. Vanaf 2026 en verder zijn de tarieven constant gehouden.
1.192
5.369
-711
0
-711
Begeleiding en kortdurend verblijf
2.206
-614
2.820
Autonome groei Begeleiding en indexering tarieven Bij het opstellen van de begroting Begeleiding (individuele begeleiding en dagbesteding) is gekeken naar de ontwikkeling van de verwachte aantallen per gemeente en de contractueel afgesproken jaarlijkse indexering. In 2024 stijgen de tarieven Begeleiding met 6%. De tarieven 2025 zijn geïndexeerd conform CPB prijs bruto binnenlands product 2,8%. Vanaf 2026 en verder zijn de tarieven constant gehouden.
2.750
-614
3.364
Wmo naar de voorkant De 'beweging Wmo naar de voorkant' biedt vooral kansen bij de lichtere vormen van individuele begeleiding en dagbesteding. Vanaf 2024 en verder verwachten wij jaarlijks 1% lagere groei van het aantal klanten dat een beroep doet op deze voorzieningen.
-544
0
-544
Huishoudelijke ondersteuning
Invoering voorziening Herstelgerichte ondersteuning Bij de voorziening huishoudelijke ondersteuning is de verwachte besparing door de pilot Herstelgerichte ondersteuning in mindering gebracht op de bijdrage van de gemeente.
Totaal Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025
7.936
-248
8.184
Begroot t/m Uitgangspuntennotitie
87.508
3.050
84.458
Bedragen x € 1.000
In deze begroting zijn de volgende aanpassingen gedaan op de cijfers uit de Uitgangspuntennotitie 2025:
32
Omschrijving
Lasten
Baten van derden
Bijdragen gemeenten
Begroot t/m Uitgangspuntennotitie
87.508
3.050
84.458
278
0
278
Aanpassing Hulpmiddelen ten opzichte van stand 278 uitgangspuntennotitie 2025 In 2023 is voor de hulpmiddelen een nieuw facturatie- en controlesysteem ingevoerd. Dit heeft geleid tot enige vertraging in de factuurafhandeling. Op basis van de toen aanwezige facturen is in de uitgangspuntennotitie 2025 een inschatting gemaakt van de te verwachten kosten. Uit de laatste realisatiecijfers 2023 blijkt dat deze prognose iets te positief is geweest en dat de kosten hoger uitvallen dan waarmee rekening is gehouden. De hogere kosten hebben effect op de begroting 2024 (en verder) en wordt daarom hierop aangepast.
0
278
3.050
84.736
Mutaties Begroting 2025 Hulpmiddelen
Totaal Mutaties Begroting 2025 Totaal Begroting 2025
278 87.786
278
Bedragen x € 1.000
33
2.5 Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering kan ook wel worden gezien als de ruggengraat van de organisatie. Als bedrijfsvoering optimaal de inhoudelijke opgaven kan ondersteunen en ontlasten, kunnen zij zich optimaal richten op de dienstverlening aan de inwoners op de verschillende terreinen. Wat we willen bereiken vanuit bedrijfsvoering is daarmee gericht op de publieke waarden, geredeneerd vanuit de medewerkers die dagelijks bezig zijn vanuit hun expertise om bedrijfsvoering in brede zin en hun eigen vakgebied/expertise continu te monitoren en te verbeteren. Wat willen we voor onze inwoners bereiken en waarom? Bedrijfsvoering is er om de opgaven te laten floreren en levert opgave overstijgend een bijdrage aan het bedrijfsresultaat. Wij werken zowel op bestuurlijk als organisatorisch niveau en altijd in samenwerking met onze partners. Vanuit de opgave bedrijfsvoering voeg ik, vanuit mijn expertise, proactief waarde toe aan (het totaal van) de opgave(n). Ik stel kaders, controleer en adviseer of in de opgaven en opgave overstijgend de goede dingen goed gedaan worden. Ik ontzorg de opgaven waar nodig. Ik werk altijd met het oog op de publieke waarde die de opgaven aan onze inwoners bieden.
Belangrijk is dat bedrijfsvoering enerzijds een expertise is (denk aan financiën. communicatie, contractmanagement, ICT, beleid etc.) en dat medewerkers juist vanuit die expertise breed en integraal de opgaven kunnen adviseren. Altijd met het oog op de publieke waarde, de organisatie als geheel en de behoeften van de inwoners. Om dit te bereiken streven we een drietal doelen na. Welke doelen streven we na? Nummer
Doelstelling
5.1
We zijn als organisatie in control en transparant over hoe we onze middelen inzetten en welke effecten (driehoek; doelen, middelen en legitimiteit) we daarmee in het kader van publieke waarde bereiken. Het is voor ons vanzelfsprekend dat wij pro actief samenwerken in ons netwerk om het goede voor de klant te realiseren
5.2 5.3
Onze interne bedrijfsvoering is op orde en logisch ingedeeld.
Opgave-indicatoren Indicator Geen overschrijding van de begroting. Met zo min mogelijk financiële middelen het werk doen. Bij onderschrijding >5% de begroting aanpassen Financiële fouten blijven binnen de norm (van rechtmatigheidsverantwoording) van 1% van het begrotingstotaal excl. reservemutaties Financiële onzekerheden blijven binnen de norm (van rechtmatigheidsverantwoording) 1% van het begrotingstotaal excl. reservemutaties Procedurele fouten / juridische fouten blijven binnen de norm van 3% Voor alle gemeenten individuele rapportages beschikbaar en 2 gesprekken per jaar per gemeente Ontsluiting van 1ste financiële basiscijfers per gemeente en inzichtelijk op dashboards
Doel 5% 1% 1% 3% 7 7
De indicatoren binnen bedrijfsvoering gaan enerzijds over de wat hardere kant van bedrijfsvoering, namelijk de indicatoren die verplicht zijn vanuit de rechtmatigheidsverantwoording. Het binnen de norm blijven van financiële fouten, onzekerheden en procedurele fouten zegt enerzijds iets over het in control zijn als organisatie en anderzijds iets over de geleverde kwaliteit. Door deze indicatoren structureel op te nemen en hierop te rapporteren krijgt de verantwoording bovendien een structurele en logischere plek in het geheel. De 1e indicator inzake de begroting is toegevoegd om te duiden in hoeverre we als GR Sociaal steeds beter in staat zijn om realistisch te begroten, zodat gemeenten hierop in hun eigen begroting goed kunnen voortbouwen.
34
Tot slot wordt data steeds belangrijker voor ons, voor gemeenten en de Drechtsteden. Op dit moment is het niet mogelijk om de financiële data te ontsluiten op dashboards (dit vanwege de freeze vanuit ICT Beweegt, waardoor het niet mogelijk is om nieuwe koppelingen te maken tussen systemen en het dataplatform). Een nadrukkelijke wens is echter wel om de financiële basiscijfers zo snel als mogelijk gekoppeld te krijgen, daarom is deze indicator opgenomen voor 2025. Wat gaan we daarvoor doen?
Doelstelling 5.1
We zijn als organisatie in control en transparant over hoe we onze middelen inzetten en welke effecten (driehoek; doelen, middelen en legitimiteit) we daarmee in het kader van publieke waarde bereiken.
Speerpunt 5.1.1
We realiseren de randvoorwaarden voor de organisatie om te zorgen dat de primaire processen goed verlopen. Gezien toekomstige opgaven en de complexiteit waar rekening mee moet worden gehouden in het werk, is het nodig dat medewerkers goed ondersteund worden zodat zij kunnen focussen op de inwoner/klant en we tegelijkertijd de juiste informatie boven tafel krijgen en voldoen aan alle aanpalende wet- en regelgeving (zoals archiefwet, avg).
Toelichting
Speerpunt 5.1.2 Toelichting
Speerpunt 5.1.3 Toelichting
We zorgen er voor dat de organisatie op de juiste momenten de juiste mensen tot haar beschikking heeft. Een arbeidsmarkt die continu in ontwikkeling is, waar een enorme krapte is vraagt om een passende HR strategie op de punten van instroom-doorstroom-uitstroom. Alle doelen van de organisatie, activiteiten en KPI’s zijn verwerkt in systemen, meetbaar en beschikbaar. Data en informatie zijn voor ons onmisbaar om de juiste keuzes te kunnen maken in zowel de richting als de inrichting van onze organisatie. Door data te kunnen combineren wordt meer inzichtelijk welke effecten we al dan niet bereiken.
Doelstelling 5.2
Het is voor ons vanzelfsprekend dat wij pro actief samenwerken in ons netwerk om het goede voor de klant te realiseren
Speerpunt 5.2.1
We richten bedrijfsvoeringsteams in per opgave die vanuit dit team de opgave optimaal ondersteunen en integraal adviseren De opgaven zijn verantwoordelijk en leidend in wat er moet gebeuren, ook binnen hun eigen bedrijfsvoering. Tegelijkertijd hebben zij daar goede ondersteuning, advisering en scherpte voor nodig vanuit bedrijfsvoering. Door dit integraal neer te zetten, ontstaat er 1 team per opgave die klaarstaat voor de opgave.
Toelichting
Speerpunt 5.2.2 Toelichting
Wij brengen landelijke en regionale ontwikkelingen samen met onze eigen organisatie en opgaven. Er speelt veel in het sociaal domein landelijk en regionaal. Juiste keuzes kunnen maken in de opgaven kan alleen als deze ontwikkelingen mee afgewogen worden, een plek krijgen, leiden tot (her)nieuw(d) beleid en geïmplementeerd worden. De rol vanuit bedrijfsvoering is daarin cruciaal, zij zitten aan tafel in veel verschillende netwerken en verzamelen hiertoe alle informatie. Ze brengen ook de eventuele consequenties en relevantie in beeld, zodat de juiste keuzes gemaakt kunnen worden.
Speerpunt 5.2.3 Toelichting
We zorgen ervoor dat iedere medewerker klantcontact heeft Goed kunnen adviseren richting de opgave kan alleen als je snapt voor wie we ons werk dagelijks doen en snapt hoe de opgave werkt en waarmee ze dagelijks te maken hebben (of welke issues er zijn).
Doelstelling 5.3
Onze interne bedrijfsvoering is op orde en logisch ingedeeld.
Speerpunt 5.3.1
Informatie en kaders zijn vindbaar, uitlegbaar en toepasbaar voor de gehele organisatie
35
Toelichting
Om onze klanten/ inwoners in een keer goed te kunnen helpen is het ook van belang dat de collega's, die het dichtst bij de klanten staan, snel gemakkelijk informatie beschikbaar hebben die nodig is voor het dagelijkse werk.
Speerpunt 5.3.2 Toelichting
De opgave bedrijfsvoering is op orde qua formatie en bezetting Door interne verschuivingen en een krappe arbeidsmarkt is er vernieuwing nodig op het gebied van het functiegebouw en doorontwikkeling programma's
Speerpunt 5.3.3 Toelichting
We zetten in op vernieuwing/ innovatie tbv bedrijfsvoering Het op een andere en efficiëntere manier samenbrengen van data tot waardevolle informatie wordt steeds belangrijker om goed te kunnen anticiperen op het soms snel veranderende (politieke) landschap. Daarnaast is ook een stevig fundament op het gebied proces- en informatiemanagement noodzakelijk voor het goed kunnen positioneren van proceseigenaren in de organisatie.
Wat gaat het kosten? De bedrijfsvoeringskosten omvatten uitsluitend de SDD en niet de bedrijfsvoeringskosten van Drechtwerk.Deze zijn onderdeel van het product Drechtwerk binnen de Opgave Ontwikkelen naar werk. Belangrijk om hierbij te vermelden is dat we in 2025 afwijken van de afspraak dat het apparaat meegroeit met de ontwikkelingen op het klantenaantal. We kiezen bewust voor het hanteren van een nullijn, omdat we er vanuit gaan dat we met het slimmer inrichten van onze processen, het beter samenwerken onderling (inclusief partners en gemeenten), een verdergaande digitalisering en het doorvoeren van diverse innovaties we efficiënter kunnen werken. Daarmee stijgt het apparaat dus niet als gevolg van de klantenontwikkeling. Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Apparaatskosten
55.468
59.833
64.611
64.009
63.911
63.846
Apparaatskosten DVO's
1.893
1.153
3.269
3.069
2.359
2.359
275
215
215
215
215
215
57.636
61.201
68.094
67.293
66.484
66.419
Apparaatskosten
50.916
55.496
62.952
62.492
62.470
62.405
Apparaatskosten DVO's
3.808
2.061
4.370
4.170
3.460
3.460
528
215
215
215
215
215
Totaal baten
55.252
57.771
67.537
66.878
66.145
66.080
Saldo van lasten en baten
-2.384
-3.430
-557
-415
-339
-339
Bedrijfsvoering Lasten
Treasury Totaal lasten Baten
Treasury
Bedragen x € 1.000
36
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Storting in reserves
0
0
0
0
0
0
Totaal lasten
0
0
0
0
0
0
Onttrekking aan reserves
145
0
0
0
0
0
Totaal baten
145
0
0
0
0
0
Saldo van lasten en baten
145
0
0
0
0
0
Programmareserves Lasten
Baten
Bedragen x € 1.000
De begroting 2025 is tot stand gekomen op basis van de Begroting 2024-jaarschijf 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2025, te weten: Opgave / product
Begroting 2025
Uitgangspunten-notitie 2025
Begroting 2024 (jaarschijf 2025)
Bedrijfsvoering
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Apparaatskosten
64.611
62.952
63.773
61.948
59.228
55.301
Apparaatskosten DVO's
3.269
4.370
2.908
4.176
1.024
2.055
Treasury
215
215
215
215
215
215
Totaal
68.094
67.537
66.896
66.339
60.467
57.571
De begrotingscijfers 2025 (de lasten, baten en bijdragen van gemeenten) zijn in de Uitgangspuntennotitie 2025 aangegeven. Er zijn 3 verschillen in deze begroting ten opzichte van de Uitgangspuntennotitie: • De lasten van een lobbyist zijn niet in de begroting opgenomen (€ 135.000) n.a.v. de behandeling in het Algemeen Bestuur • De verschuiving van de bijdragen vanaf het product Participatie naar Bedrijfsvoering was niet opgenomen (€ 2.321.000); dit is nu alsnog verwerkt • De lasten en baten samenhangend met de DVO Inburgering waren te hoog opgenomen (€ 873.000) in de uitgangspuntennotitie. Dit is gecorrigeerd. De begrotingscijfers zijn als volgt tot stand gekomen: Omschrijving
Lasten
Baten van derden
Bijdragen gemeenten
Begroting 2024 jaarschijf 2025
60.467
15
57.556
Leefgeld uitvoeringskosten Door langer de zorg te hebben voor de opvang van Oekraïners dan voorzien zijn er uitvoeringskosten om dit bekostigen.
200
0
200
Formatie 0,5 fte woo contactfunctionaris De invoering van de Wet Open Overheid (landelijke wetswijziging) leidt tot een uitbreiding van de reeds bestaande taak die de GR Sociaal al kent. Nieuw is dat we onder andere worden verplicht een Woo-contactfunctionaris aan te stellen. Er worden meer eisen gesteld aan de openbaarmaking van allerlei zaken, de informatiehuishouding dient hiertoe structureel beter op orde te zijn en er volgen de komende jaren vanuit deze wet structureel nog meer opdrachten en taken (de landelijke implementatie van de Woo duurt meerdere jaren). Gemeenten hebben voor deze taak extra middelen van het Rijk ontvangen, een deel hiervan wordt nu opgehaald.
85
0
85
Nacalculatie prijsindex 2024
118
0
118
Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025
37
Voor de prijsindexering wordt een nacalculatie toegepast op de primaire begroting 2024. In de primaire begroting 2024 is rekening gehouden met een stijging van 2,5%. Op basis van de uitgangspuntennotitie 2025 is de stijging voor 2024 3,3%. Dat betekent een aanvullende stijging van 0,8%. Prijsindex 2025 De indexering van de budgetten voor de ontwikkeling van de prijs is in de primaire begroting verwerkt conform de uitgangspuntennotitie 2025. Op basis van de indexering van de CPB-ramingen stijgen de materiële budgetten met 2,8%.
416
0
416
Nacalculatie CAO 2024 De stijging komt voort uit de CAO van 2024. Per 1 januari 2024 zijn de loonkosten gestegen met 4,75% en per 1 oktober 2024 1,25%.
2.116
0
2.116
Loonindex 2025 1.920 De indexering van de budgetten voor de ontwikkeling van loonkosten is in de primaire begroting verwerkt conform de uitgangspuntennotitie 2025. Op basis van de indexering van de CPB-ramingen stijgen de loonkosten met 5,4%.
0
1.920
Hersteloperatie toeslagenaffaire 2025 en 2026 Bij de primaire begroting 2024 waren er geen uitvoeringskosten opgenomen. De brede ondersteuning van de gedupeerden van de Kinderopvangtoeslagaffaire Drechtsteden blijft een extra taak van de GR Sociaal, naar verwachting tot en met 2026. De kosten van de toeslagenaffaire worden afgerekend met de gemeenten via een DVO.
710
0
710
Formatie Wet Inburgering DVO 2024 Met de gemeenten zijn afspraken gemaakt om de taken op het gebied van de Wet Inburgering uit te breiden. In de DVO is afgesproken is om de formatie met 8,5 fte vanaf 1-1-2024 te verhogen.
883
0
883
Financiering participatiebudget 2025 t/m 2028 Vanaf 2023 wordt de financiering van personeel ten laste van Participatie afgebouwd (reeds opgenomen in de najaarsbrief en jaarrekening). Voor de begroting 2025 betekent dit dat er € 2,3 mln. minder participatiemiddelen worden opgehaald en deze worden overgeplaatst naar apparaat. Het betreft een budgetneutrale wijziging van de begroting (van participatie naar bedrijfsvoering).
-18
0
2.321
Totaal Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025
6.429
0
8.768
Begroot t/m Uitgangspuntennotitie
66.896
15
66.324
Bedragen x € 1.000
In deze begroting zijn de volgende aanpassingen gedaan op de cijfers uit de Uitgangspuntennotitie 2025: Omschrijving
Lasten
Baten van derden
Bijdragen gemeenten
Begroot t/m Uitgangspuntennotitie
66.896
15
66.324
3
0
3
687
0
687
Diverse kosten gedekt uit directe baten 100 Voor specifieke werkzaamheden binnen projecten (zoals communicatie) zijn met diverse partijen afspraken gemaakt voor onze inzet waarbij deze wordt bekostigd door de betreffende partijen. Per saldo is dit neutraal voor de begroting.
100
Projectkosten gedekt uit directe baten 100 Met diverse partijen zijn afspraken gemaakt voor projecten waarbij de inzet wordt bekostigd door de betreffende partijen. Per saldo is ook dit neutraal voor de begroting.
100
Mutaties Begroting 2025 Prijsindex 2025 De indexering van de budgetten voor de ontwikkeling van de prijs is in de primaire begroting verwerkt conform de uitgangspuntennotitie 2025. Op basis van de indexering van de CPB-ramingen stijgen de materiële budgetten met 2,8%. Loonindex 2025 De indexering van de budgetten voor de ontwikkeling van loonkosten is in de primaire begroting verwerkt conform de uitgangspuntennotitie 2025. Op basis van de indexering van de CPB-ramingen stijgen de loonkosten met 5,4%.
Uitbreiden formatie bewindvoering met 1 fte per 1 januari 2024 Structureel uitbreiden formatie Bewindvoering met 1 fte a.g.v. de groei van cliënten, waarbij de kosten worden gedekt uit de wettelijk verplichte bijdragen van de cliënten (verantwoord bij het product minimabeleid).
110
0
110
38
DVO Beschermd wonen actualisatie 198 Jaarlijks maken de gemeente Dordrecht en de GR Sociaal met een dienstverleningsovereenkomst (DVO) afspraken over de personele inzet vanuit de GR Sociaal gericht op Beschermd wonen en Opvang. Voor de inzet vanaf 2023 zijn aanvullende afspraken gemaakt, waarbij de formatie voor deze taak groeit naar 11,18 fte.
0
198
0
200
-200
Totaal Mutaties Begroting 2025
1.198
400
798
Totaal Begroting 2025
68.094
415
67.122
Rente financiering (treasury) Voor de financiering van de vaste activa, verstrekte leningen aan verbonden partijen en tijdelijk tekort aan liquide middelen worden kasgeldleningen aangetrokken. Vanaf de primaire begroting 2024 wordt voor de kosten een bijdrage van de gemeente opgehaald. Dit kwam hoofdzakelijk doordat de Drechtsteden gemeenten niet tijdig de maandelijke liquiditeitsbijdrage betaalden aan de GR Sociaal. In 2024 zijn hierover met de gemeenten afspraken gemaakt. Dat betekent dat de rentekosten als gevolg van het "rood staan" van de GR Sociaal zijn afgenomen. De extra gemeenlijke bijdrage voor de rentekosten is nu niet meer nodig. Dit geeft een verlaging van € 200.000 voor gemeenten.