A27. 20240715 Brief VRZHZ mbt Jaarstukken 2023 ontwerpbegroting 2025.pdf
Tekst van het document
Toelichting score oranje / rood: Vergrijzing en brandveiligheid Het programma voor zorginstellingen en zelfstandig wonende ouderen is vertraagd door onderbezetting.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 21
4.6
Wendbaar en duurzaam organiseren
Kerntaken •
Het uitvoeren van de ondersteunende PIJOFACH-taken.
Specifiek in 2023 Wat we doen Implementeren bedrijfsvoeringsvisie: We borgen een afdeling bedrijfsvoering, die het basale niveau van dienstverlening biedt dat nodig is voor de uitvoering van wettelijke taken en noodzakelijke ondersteuning van de lijnorganisatie. Met de lijnafdelingen zijn heldere afspraken gemaakt over de wederzijdse verwachtingen. Implementeren huisvestingsvisie: We kunnen op een gezonde en effectieve manier tijd- en plaats onafhankelijk werken. We hebben zicht op het meerjarenperspectief aangaande operationele en niet-operationele huisvesting.
Operationele huisvesting: Voor een optimale dekking vormt operationele huisvesting een belangrijk onderdeel. Op meerdere locaties (Strijen, Sliedrecht, Molenlanden, Gorinchem en Zwijndrecht) lopen discussies of ontpoppen zich plannen en onderzoeken ten aanzien van de operationele huisvesting. Het wijzigen van huisvesting vergt in verband met de opkomst van vrijwilligers, aanrijtijden, (gebouw / brand) risicoprofiel en toekomstvastheid een gedegen onderzoek. Wij voeren deze onderzoeken uit om de meest optimale brandweerzorg te kunnen borgen. Het onderzoek naar een nieuwe locatie voor het Regionaal Coördinatie Centrum (RCC) is afgerond en de bouw is gestart. HRM facilitering: We begeleiden en ondersteunen de organisatie en onze mensen in de geplande organisatieveranderingen, de huisvestingsvisie en het meer resultaatgericht werken. We creëren een situatie waarin mensen gezond en fit hun taken kunnen uitvoeren.
Oog voor onze mensen: De mens blijft de belangrijkste krachtbron voor onze prestaties. Op vele facetten
Wanneer zijn we tevreden?
Score Burap-II
Score Jaarstukken
Een vervolg is gegeven aan het vastleggen van processen en werkwijzen, de ontwikkeling van team- en individueel niveau is verder vormgegeven en het werken conform dienstverleningsovereenkomsten is gemeengoed. Onze mensen blijven goed gefaciliteerd en kunnen (waar de aard van het werk dat toelaat) gemiddeld 50% thuis en 50% op één van de VRZHZ-locaties werken. Een evaluatie van het enkele jaren thuiswerken heeft plaatsgevonden. De huisvestingsvisie is vertaald naar een meerjaren-realisatie en investeringsplan en daarmee is een aanvang gemaakt. De onderzoeken worden gefaseerd uitgevoerd. Dit betekent dat het ene onderzoek is afgerond en van het andere onderzoek start de realisatie.
Het RCC is voorzien van een toekomstbestendige inrichting. Medewerkers voelen zich gesteund en gefaciliteerd in het uitvoeren van hun taak in veranderende omstandigheden. De interne VRZHZ-school heeft meer gestalte gekregen. Ons arbeidsmarktbeleid is prominenter in beeld.
De instroom, doorstroom en uitstroomprocessen zijn verder
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 22
vraagt de zorg voor personeel aandacht. De instroom, doorstroom en uitstroom van personeel gaan we beter structureren en borgen. Voor de instroom van vrijwilligers worden eigentijdse vormen toegepast en komt er meer aandacht voor de (rol en betrokkenheid van) werkgevers. Het verstevigen van de rol van ploegchefs maakt hiervan onderdeel uit. Het tweede loopbaanbeleid wordt in 2022 gemaakt en vastgesteld en biedt garantie op een goede voorbereiding op een tweede loopbaan na de periode als beroepskracht.
geoptimaliseerd, mede door het implementeren van een nieuw personeels-/salarissysteem. Het tweede loopbaanbeleid is vastgesteld. De relatie met werkgevers is verstevigd.
Toelichting score oranje / rood: Operationele huisvesting Diverse onderzoeken zijn uitgevoerd, onder andere naar het meerjarig onderhoud huisvesting en de brandweerkazerne in Sliedrecht. Ook zijn de plannen uitgewerkt om de operationele centra te verhuizen van het gebouw aan de Romboutslaan naar de kazerne aan het Leerpark. Het punt scoort oranje, omdat we de uitvoering van deze verhuizing wel hebben opgestart, maar afronden in 2024. Oog voor onze mensen Vanzelfsprekend hebben we oog voor onze mensen en besteden we volop aandacht aan deze belangrijkste krachtbron van onze organisatie. Dit loopt voor het overgrote deel volgens planning. De reden dat dit punt als score ‘oranje’ krijgt, is dat we ervoor hebben gekozen het implementeren van een nieuw personeels-/salarissysteem naar 2024 te verschuiven. Dit heeft geen risico’s of nadelige consequenties. De zorg voor ons personeel blijft prioriteit.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 23
5. PROJECTEN Projecten 2023
Project
Bedragen (x €1.000)
Primaire
Realisatie
begroting 2023
Lasten
project USAR
2023 274
-274
project Oekraïne
2.344
-2.344
project COA
16.772
-16.772
Subtotaal lasten Baten
Saldo
19.390 -19.390 project USAR
-274
274
project Oekraïne
-2.344
2.344
project COA
-16.772
16.772
-19.390
19.390
0
0
Subtotaal baten Totaal lasten-baten Stand per 31-12-2023
Oekraïne In onderstaande tabel wordt een specificatie weergegeven van de lasten en baten voor het project Oekraïne voor het jaar 2023.
Totaal saldo lasten/baten voor VRZHZ
Lasten
Baten
Totaal
Inzake Oekraïne 2023 (x €1.000) Ingeleend personeel
2.061.593
2.061.593
Inrichting locaties
49.600
49.600
Levensonderhoud
52.022
52.022
Medische hulp
133.562
133.562
Overige projectkosten
47.593
47.593
Baten Rijk Baten gemeenten Totaal
2.344.370
2.058.573
-2.058.573
285.797
-285.797
2.344.370
0
De VRZHZ maakt kosten voor haar coördinerende rol bij de opvang van Oekraïense vluchtelingen en voor het verzorgen van medische hulp. In 2023 is ruim € 2,3 mln. aan kosten gemaakt. Het grootste deel van de kosten betreft de inzet van ingeleend personeel. Dit bevat primair de kosten voor het projectteam, maar ook kosten voor onder andere de inzet van medisch personeel. De kosten ten aanzien van medisch personeel is hieronder geschaard, omdat deze inhuurmedewerkers werkzaam zijn via hetzelfde bureau als een van de projectleden en de facturen hiervan niet worden gesplitst. De kosten voor medische hulp zijn in werkelijkheid dus hoger dan blijkt uit de kostencategorie “Medische hulp”. Onderdeel van de 2,3
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 24
mln. aan lasten betreft 0,3 mln. aan lasten welke zijn gemaakt voor de exploitatie van een opvanglocatie. Deze kosten zijn reeds bij de betreffende gemeente in rekening gebracht en voldaan. Bij het ministerie Justitie & Veiligheid is in 2023 in twee tranches een voorschot aangevraagd van in totaal € 1,8 mln. voor de kosten die de VRZHZ verwachtte te gaan maken in 2023. Dit voorschot is reeds gehonoreerd en uitgekeerd. Uitgangspunt is dat alle gemaakte meerkosten inzake Oekraïne conform de bekostigingsregeling voor Veiligheidsregio’s vanuit het Rijk zullen worden vergoed. De resterende 0,3 mln. zal derhalve nog worden overgemaakt vanuit het ministerie, waardoor per saldo een resultaat op dit project ontstaat van nihil. COA In onderstaande tabel wordt een specificatie weergegeven van de lasten en baten voor het project COA (tijdelijke gemeentelijke opvang) voor het jaar 2023.
Totaal saldo lasten/baten voor VRZHZ
Lasten
Baten
Totaal
Inzake COA 2023 (x €1.000) Ingeleend personeel
10.877.335
10.877.335
Inrichting locaties
500.103
500.103
Levensonderhoud
2.109.518
2.109.518
Huur
819.259
819.259
Medische hulp
935.351
935.351
1.480.628
1.480.628
49.865
49.865
Overige projectkosten Energie
16.772.059
16.772.059
16.772.059 16.772.059
0
Overige baten Totaal
Voor het realiseren van tijdelijke gemeentelijke opvang (voorheen: crisisnoodopvang) voor asielzoekers in de regio maakt de VRZHZ hoge kosten. De kosten bedragen afgerond € 16,8 mln. Het grootste deel van de kosten betreft kosten voor de huur van locaties, beveiliging van locaties (welke worden verantwoord onder Ingeleend Personeel), inhuur van extern personeel, het levensonderhoud van de asielzoekers en medische hulp. Het kostenniveau is in de laatste maanden van 2023 significant gedaald omdat het aantal tijdelijke gemeentelijke opvanglocaties in de regio onder regie van de VRZHZ per 1 juli is afgenomen van 6 naar 3 locaties. Alle kosten die de VRZHZ maakt in het kader van de tijdelijke gemeentelijke opvang worden door het COA vergoed, waardoor per saldo een resultaat op dit project van nihil resteert. De vraagstukken rond opvang voor zowel het COA als Oekraïne worden in 2024 ondergebracht bij de regionale regietafel (RRT). De focus moet liggen op structurele opvang en het zo snel mogelijk realiseren van deze opvang. Tegelijk blijft noodopvang noodzakelijk gezien de acute situatie. Op grond van een landelijk gesloten bestuursakkoord zorgt iedere regio voor een ambtelijk samenwerkingsverband ter ondersteuning van de RRT, dat bij een juridische entiteit wordt ondergebracht. In de regio Zuid-Holland Zuid is besloten dat de VRZHZ dit samenwerkingsverband faciliteert.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 25
Jaarstukken 2022
A Jaarverslag
6. Paragrafen Conform het besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (hierna: BBV) zijn in de jaarstukken de volgende paragrafen van toepassing. 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing; 2. Onderhoud kapitaalgoederen; 3. Financiering; 4. Bedrijfsvoering; 5. Verbonden partijen.
6.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de financiële positie in relatie tot het weerstandsvermogen en de risico’s. Onder weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt in algemene zin verstaan de mogelijkheid om potentiële tegenvallers op te vangen. Conform besluit 2018 664A houdt VRZHZ een eenvoudige, bescheiden buffer aan van 1% van het totaal van de lasten van het volgende begrotingsjaar met een minimum van € 500.000. Het AB heeft destijds voor een bescheiden buffer gekozen omdat bij de gemeenten zelf ook buffers aanwezig zijn.
6.1.1
Weerstandscapaciteit
Of VRZHZ in staat is de gevolgen van de risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt, wordt weergegeven door de 'weerstandscapaciteit'. Onder weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en mogelijkheden die de VRZHZ heeft om onverwachte, niet-begrote kosten te kunnen dekken. Het geld en de mogelijkheden bestaan onder andere uit het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve en de post onvoorzien die in de begroting is opgenomen. De benodigde weerstandscapaciteit is afhankelijk van de aard en de omvang van de risico’s waar we mee worden geconfronteerd (risicoprofiel), bijvoorbeeld financiële risico’s binnen projecten. Voor deze risico’s kunnen Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 26
geen verzekeringen worden afgesloten of voorzieningen worden gevormd omdat de risico’s zich niet regelmatig voordoen en niet goed meetbaar zijn. De weerstandscapaciteit betreft de middelen en de mogelijkheden waarover VRZHZ beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. De weerstandscapaciteit van VRZHZ bedraagt € 500.000 (1% van het totaal aan lasten met een minimum van € 0,5 miljoen) en is in de onderstaande tabel nader toegelicht. Beschikbare weerstandscapaciteit (in €)
ultimo 2023
ultimo 2022
500.000 10.000 510.000
500.000 10.000 510.000
Algemene reserve per 31 december Onvoorzien Totale weerstandscapaciteit
Ten opzichte van de jaarstukken 2022 is de weerstandscapaciteit ongewijzigd.
6.1.2
Risico’s
Een risico is een kans op het optreden van een positieve dan wel negatieve gebeurtenis van materieel belang die niet is voorzien in de begroting. In de onderstaande tabel wordt een geactualiseerd overzicht van de huidige risico’s gepresenteerd. Indien risico’s zijn afgedekt middels maatregelen zoals het afsluiten van verzekeringen, het vormen van voorzieningen, het creëren van (bestemming-)reserves en het inrichten van de administratieve organisatie en interne controle, zijn ze niet opgenomen in deze paragraaf. Voor de volledige beschrijving van de risico’s wordt verwezen naar bijlage “Risico’s”. Nr. Risico
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Financiële gevolgen
Langdurige calamiteit Garantstelling en risico’s leningen oefenterrein Uitval middelen en ICT Deeltijdrichtlijn Uitval telefooncentrale Korstondige dienstverbanden van vrijwilligers, piket en brandweer Eigen risicodrager WW C2000 randapparatuur vervangen Totaal benodigde weerstandscapaciteit
(in €) 500.000 400.000 200.000 3.500.000 50.000 200.000 520.000 1.000.000
Kans
Risicoprofiel
I/S*
(%) 40% 10% 40% 50% 50% 50% 10% 50%
Hoog (20%) Midden (10%) Hoog (20%) Hoog (20%) Hoog (20%) Hoog (20%) Midden (10%) Hoog (20%)
I I I S I S S I
Benodigde weerstandscapaciteit (in €) 40.000 4.000 16.000 1.400.000 5.000 80.000 20.800 100.000 1.665.800
* Bij een structureel risico gaan wij conform ons beleid uit van 4 jaar.
6.1.3
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Ambities kunnen niet gerealiseerd worden zonder risico’s te nemen. Risico’s horen bij het proces van verandering. Tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen, maar die wel van betekenis kunnen zijn voor de financiële positie, bestaat een relatie. Deze relatie wordt het weerstandsvermogen genoemd. Dit is de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de (niet afgedekte) risico’s die zich kunnen manifesteren. Deze is als volgt berekend: Weerstandsvermogen Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
€510.000 = €1.665.800
0,31
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 27
Aan deze ratio is de volgende waardering toegekend:
Waardering A B C D E F
Ratio < 2,0 1,4 - 2,0 1,0 - 1,4 0,8 - 1,0 0,6 - 0,8 < 0,6
Betekenins Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
VRZHZ streeft naar een voldoende waardering. Hiervan is sprake bij een waardering van 1,0 of hoger. De positieve financiële uitkomsten van deze jaarrekening, zijn incidenteel van aard. Dit geeft een beeld dat de beschikbare weerstandscapaciteit ontoereikend is om risico’s zoals in de tabel genoemd op te kunnen vangen. Het tekort aan weerstandsvermogen wordt afgevangen via het weerstandsvermogen van de deelnemende gemeenten, ervan uitgaande dat die conform de afspraken hun risicobuffer op orde hebben. Ten opzichte van 2022 is de benodigde weerstandscapaciteit afgenomen met € 190.300 als gevolg van het wegvallen van 2 risico’s. Daarmee is de ratio weerstandvermogen gestegen tot 0,31.
6.1.4
Financiële kengetallen
In de volgende tabel is een aantal kengetallen opgenomen die inzichtelijk maken over hoeveel (financiële) ruimte VRZHZ beschikt om structurele en incidentele lasten op te kunnen vangen. Verloop van de kengetallen
Kengetallen Realisatie 2022 Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
102,2% 101,1% 3,5% 2,4%
Begroting 2023 184,0% 183,5% 1,6% 0,1%
Realisatie 2023 88,5% 86,3% 7,2% 4,6%
Onderstaande signaleringswaarden zijn afgesproken: Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
gezond <90% <90% >50% >0%
neutraal 90-130% 90-130% 20-50% 0%
risicovol >130% >130% <20% <0%
Netto schuldquote Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de afschrijvingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De Provincie adviseert om 130% als maximum norm te hanteren. Een en ander hangt natuurlijk ook samen met de bewuste keuze van het bestuur voor een bescheiden algemene reserve. De daling van de schuldquote wordt veroorzaakt door daling van schuldenlast als gevolg van het vervallen van de kasgeldlening van circa €10 mln. De baten zijn net als vorig jaar hoog doordat hier Oekraïne en COA in verwerkt zijn.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 28
Netto schuldquote gecorrigeerd Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager deze percentages, hoe beter. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin VRZHZ in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe groter de weerbaarheid. Zowel de solvabiliteit als de verhouding tussen het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen is verbeterd ten opzichte van vorig jaar. Dit komt met name door de toename van het eigen vermogen (reserves). Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen hoe groot de structurele exploitatieruimte is om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief cijfer betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente van de langlopende leningen) te dekken.
6.2
Onderhoud kapitaalgoederen
6.2.1
Vastgoedbeheer
Het beheer en onderhoud zijn planmatig georganiseerd en gericht op het behoud van het gewenste kwaliteitsniveau waarin de beoogde functie van gebruik ongestoord mogelijk wordt gemaakt. Het onderhoud is uitgewerkt in een 4-jaarlijks te actualiseren Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP). Sinds 1 januari 2016 heeft VRZHZ panden in eigendom, voor het onderhoud van deze panden is een voorziening ingesteld. In deze voorziening wordt jaarlijks een bedrag gestort. Gedurende het jaar worden de uitgaven gemonitord en gevolgd. Eventuele aanpassingen worden gerapporteerd in de financiële en bestuurlijke planning & control cyclus. De hoogte van de actuele voorzieningen waaronder MJOP’s liggen zijn gepresenteerd in tabel 8.2.3.
6.2.2
Voertuigen, persoonlijke bescherming en uitrusting
Materieel & Logistiek Onderhoud en reparatie aan voertuigen, persoonlijke bescherming en uitrusting voert de afdeling Materieel & Logistiek van de VRZHZ zelfstandig, dan wel onder regie extern uit. Hiervoor heeft zij in Dordrecht werkplaatsen ingericht. Onderhoud wordt uitgevoerd op basis van onderhoudsbladen en een onderhoudssysteem. Onze mensen zijn gecertificeerd om deze werkzaamheden uit te voeren. Wij werken vanuit een meerjarig investeringsplan. Het meerjarig investeringsplan (MJIP) blijft ongewijzigd werken vanuit de methode “technische afschrijving” dat inzicht geeft in de te vervangen middelen (o.a. vaar- en voertuigen, persoonlijke beschermingsmiddelen). Wijzigingen worden vooraf, Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 29
maar ook tussentijds bij onverwachte problemen, ter besluitvorming voorgelegd aan het directieteam en via de bestuursrapportages doorgeleid aan het algemeen bestuur. Het MJIP geeft duidelijke richtinggevende kaders aan met betrekking tot de beschikbare budgetten voor de uitvoering van de desbetreffende jaarschijf. Een punt van aandacht blijft echter de prioritering, de geldende regelgeving, de beschikbare menskracht ten behoeve van de uitvoering alsmede de planning van de leveringsketen. Het doorschuiven van een investering is uiteraard niet wenselijk, maar in sommige gevallen onvermijdbaar. Voor sommige kosten van onderhoud zijn er ook voorzieningen getroffen (schuimblus-voertuigen, groot onderhoud blusboot en groot onderhoud materieel) In 2023 zijn de geplande investeringen grotendeels volgens planning gerealiseerd en is er circa 10 miljoen aan materieel uitgegeven. De grootste investeringen betreffen de aanschaf van bluskleding, tankautospuiten, schuimblusvoertuigen (in aanbouw) en redvoertuigen. Daarnaast zijn investeringen samengevoegd waardoor er minder nieuwe voertuigen zijn gekocht en een eerste stap in de financiering van de elektrificatie van de voertuigen genomen kon worden.
6.3
Financiering
6.3.1
Renteontwikkeling en -resultaat
De rentevergoeding op de rekening-courant is gelijk aan de daggeldrente. Ultimo 2022 was de rente 2,162%. Ultimo boekjaar is het rentepercentage 3,905%1. De gerealiseerde rentebaten zijn in 2023 €363.609. De totale rentelast bedraagt €425.103. Het renteresultaat 2023 is €61.494. De rentebaten bestaan uit de toegekende rente aan de kapitaallasten en reserves en de rentevergoeding over de uitstaande geldleningen.
6.3.2
Kasgeldlimiet
Onder kasgeldlimiet wordt verstaan: “een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar”. Op grond van artikel 2, lid 1 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden is de kasgeldlimiet voor de gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 8,2%2. De kasgeldlimiet is een instrument om het renterisico op de netto vlottende schuld te beperken. Hiermee wordt voorkomen dat fluctuaties in de korte rente (maximaal 1 jaar) een relatief grote impact op de rentelasten hebben. De kasgeldlimiet is bepaald op een bij ministeriële regeling vastgesteld percentage van de jaarbegroting, zoals deze bij aanvang van het jaar is vastgesteld, met een ministeriële regeling vastgesteld minimumbedrag.
1
2
https://www.euribor-rates.eu/nl/actuele-euribor-tarieven/2/euribor-rente-3-maanden/ Bron: Overheid.nl 21-12-2015
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 30
Saldo ultimo maand
mnd
x €1.000 mnd
x €1.000 mnd
x €1.000 mnd
x €1.000
1 Vlottende korte schuld
1 2 3
10.000 0 0
4 5 6
0 0 0
7 8 9
10.000 10.000 0
10 11 12
0 0 0
2 Vlottende middelen
1 2 3
11.644 7.798 15.480
4 5 6
6.696 11.346 6.462
7 8 9
9.210 15.704 13.629
10 11 12
7.587 15.256 8.454
1
-1.644
4
-6.696
7
790
10
-7.587
2 3
-7.798 -15.480
5 6
-11.346 -6.462
8 9
-5.704 -13.629
11 12
-15.256 -8.454
3
4
Netto vlottende schuld (+) danwel netto vlottende middelen (-)
Gemiddelde netto vlottende schuld (+) danwel gemiddelde overschot vlottende middelen (-)
-8.307
-8.168
-6.181
-10.432
5 Kasgeldlimiet
4.033
4.033
4.033
4.033
6a Ruimte onder kasgeldlimiet (5-4) 6b Overschrijding van de kasgeldlimiet (4-5)
12.340 0
12.201 0
10.214 0
14.465 0
7 Begrotingstotaal 8 Percentage regeling 9 Kasgeldlimiet
49.184 8,2% 4.033
49.184 8,2% 4.033
49.184 8,2% 4.033
49.184 8,2% 4.033
Toelichting Post 1: het gezamenlijke bedrag van: 1. opgenomen gelden met een oorspronkelijke rente typische looptijd van korter dan 1 jaar, 2. de schuld in rekening-courant, 3. de voor een termijn van korter dan 1 jaar ter bewaring in de kas gestorte gelden van derden, 4. overige geldleningen die geen onderdeel uitmaken van de vaste schuld. Post 2: het gezamenlijke bedrag van: 2. de tegoeden in rekening-courant, 3. de overige uitstaande gelden met een rente typische looptijd van korter dan 1 jaar. Post 7: Begrotingstotaal: De stand van de begroting per 1 januari van het desbetreffende jaar.
6.3.3
Renterisiconorm
Onder renterisiconorm wordt verstaan: “een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de vaste schuld bij aanvang van het jaar”. Op grond van artikel 2, lid 2 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden (Wet Fido) is de renterisiconorm voor de gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 20% met een minimum van € 2,5 miljoen3. Dit houdt in dat in een jaar niet meer dan 20% van het begrotingstotaal aan herfinanciering of renteherziening toegestaan is. Het Rijk heeft het maximumpercentage ingesteld om ervoor te zorgen dat de rentelast over de jaren min of meer stabiel blijft. De renterisiconorm is in 2023 niet overschreden zoals blijkt uit onderstaande tabel.
3
Bron: Overheid.nl 21-12-2015
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 31
Bedragen x € 1.000
Begroting
1) Renteherzieningen 2) Aflossingen 3) Renterisico (1+2)
3.758 3.758
3.758 3.758
4) Renterisiconorm komend jaar
9.837
16.206
5a) Ruimte onder renterisiconorm (= 4>3) 5b) Overschrijding renterisiconorm (= 3>4)
6.079 0
12.448 0
49.184 20,00% 9.837
81.032 20,00% 16.206
Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal komend jaar Percentage Regeling (4)
6.3.4
Realisatie
EMU saldo
Het EMU-saldo geldt binnen de Europese Unie als een indicator om de gezondheid van de overheidsfinanciën te kunnen bepalen. Dit cijfer geeft aan of een overheid een overschot of een tekort heeft. Dit cijfer moet opgenomen worden omdat het Rijk een verplichting heeft naar Europa.
EMU-SALDO Financiële vasteKapitaalverstrekkingen activa en leningen Uitzettingen Vlottende activaUitzettingen Liquide middelen Overlopende activa Vaste Passiva Vaste schuld Passiva Vlottende passiva Vlottende schuld Overlopende passiva Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (im)materiële vaste activa Activa
Mutaties (1 januari tot 31 december)
6.3.5
T 2022 1.447
T+1 2023 -224
-120
1.380
-21 18.018 0 1.012 4.244 12.390 -61 869
0 -11.397 2 1.868 3.742 -11.992 -1.911 226
Schatkistbankieren
Het schatkistbankieren is in de loop van 2013 geïntroduceerd. Alle decentrale overheden dienen het overgrote deel van hun overtollige middelen aan te houden in de schatkist. Dit gebeurt op een rekeningcourant bij het Agentschap van het Ministerie van Financiën. Met overtollige middelen worden de liquide middelen bedoeld die (nog) niet nodig zijn voor het uitvoeren van de publieke taak. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen, is een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag voor 2023 is gelijk aan 2,00% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan €500 miljoen. Indien het begrotingstotaal hoger is dan €500 miljoen is de drempel gelijk aan €10 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. De drempel is nooit lager dan €1.000.000.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 32
De benutting van het drempelbedrag wordt berekend als gemiddelde over alle dagen in het kwartaal. Gemiddeld mag een decentrale overheid dan ook maximaal het drempelbedrag buiten de schatkist hebben gehouden. De berekening van het drempelbedrag van de VRZHZ is opgenomen in onderstaande tabel. Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 x €1.000 x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000 Gemiddelde saldo overtollige middelen (4)
293
307
303
307
5) Drempelbedrag
984
984
984
984
6a) Ruimte onder drempelbedrag (5-4) 6b) Overschrijding van het drempelbedrag (4-5)
690 0
677 0
680 0
677 0
49.184 2,00%
49.184 2,00%
49.184 2,00%
49.184 2,00%
Berekening drempelbedrag (5= 5a x 5b) Begrotingstotaal (5a) Percentage regeling (5b)
6.3.6
Kredietrisico’s
In verband met de beëindiging van de samenwerking met de private partij VRZHZ Participatie BV is door VRZHZ Participatie B.V. een transitievergoeding betaald waarvoor VRZHZ een langlopende lening heeft verstrekt voor een bedrag van € 1.200.000. Jaarlijks wordt een bedrag van € 120.000 afgelost, waarna de resterende hoofdsom ultimo 2023 €240.000 bedraagt. Als gevolg van de fusie is de vordering van rechtswege overgegaan op Spinel Veiligheidscentrum B.V. In 2023 is er in verband met de gedane investering aan het Bedrijfsgebouw bij Spinel Veiligheidscentrum een lening overeenkomst gesloten van €1.500.000. Deze geldlening heeft een looptijd van 15 jaar, tegen een vaste rente van 3,55% per jaar. De aflossing per kwartaal zal € 25.000 bedragen. Naar verwachting wordt het boekjaar 2023 van Spinel Veiligheidscentrum B.V. positief afgesloten. In 2023 heeft Spinel Veiligheidscentrum B.V. voldaan aan haar betalingsverplichtingen. Door de verstrekking van de nieuwe geldlening en de aflossing is het totale kredietrisico vermeerderd ten opzichte van vorig jaar. De liquiditeitspositie van Spinel Veiligheidscentrum B.V. is verbeterd. De verbeterde positie treft u ook aan in de geactualiseerde risico-paragraaf. Zie hiervoor hoofdstuk 6.5 Verbonden Partijen en bijlage 4. Kredietrisico (ultimo 2023)
Gegarandeerd/verstrekt bedrag
Kredietrisico
(in €) 420.800 1.740.000 2.160.800
(in €) 4.208 17.400 21.608
Garanties t.b.v. rechtspersonen Verstrekte leningen Totaal
6.3.7
Rentetoerekening
Het toerekenen van rente aan de taakvelden vindt vanaf 2018 conform de gewijzigde BBV plaats via het taakveld Treasury. Hiertoe worden alle rentelasten en rentebaten in eerste instantie op het taakveld
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 33
Treasury geboekt. In onderstaand schema is weergegeven hoe de rentetoerekening voor de jaarrekening 2023 heeft plaatsgevonden.
Rentetoerekening Externe rentelasten over de korte en lange financiering Externe rentebaten over de korte en lange financiering Saldo rentelasten en rentebaten Rentelast projectfinanciering aan taakveld doorberekenen Totaal geraamde aan taakvelden toe te rekenen rente Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente Gerealiseerd renteresultaat op taakveld Treasury
6.3.8
x €1.000
425 -428 -3 0 -3 -364 -367
Financieringspositie
Ultimo 2023 is het saldo van de liquide middelen € 309.089. Door het aanhouden van de overtollige middelen in de schatkist wijkt het saldo niet substantieel af van het saldo ultimo 2022.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 34
Kasstroomoverzicht
2023
2022
1. Kasstroom uit operationele activiteiten Bedrijfsresultaat
4.230.939
1.540.644
Correcties voor: Afschrijvingen
4.633.544
4.740.274
Afschrijvingen desinvesteringen
(2.522.237)
(1.646.507)
Afschrijvingen immateriële vaste activa
207.199
207.199
(1.100.545)
(1.622.935)
Toevoegingen reserveringen t.l.v. exploitatie
3.795.324
204.154
Toevoegingen reserveringen t.l.v. resultaat vorig jaar
(1.540.644)
(8.492)
Onttrekkingen reserveringen t.g.v. exploitatie
Rente reserveringen
-
-
518.795
(222.160)
Vorderingen op openbare lichamen
3.101.947
(7.565.245)
Voorraad
(340.110)
4.369
Voorzieningen Veranderingen in vlottende middelen:
Onderhanden werk
-
Overige vorderingen en overlopende activa
-
(684.395)
(1.434.446)
Crediteuren
(1.909.777)
2.170.283
Overige schulden en overlopende passiva
(2.871.388)
900.649
Uitzettingen in 's Rijks schatkist
7.687.913
(10.701.412)
Rekening Courant
(100.000)
330.000
Kasstroom uit operationele activiteiten
8.875.624
- 14.644.268
2. Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen (immateriële vaste activa)
-
Investeringen (materiële vaste activa)
(10.296.072)
Investeringen (financiële vaste activa)
(1.500.000)
(5.977.598)
Desinvesteringen (materiële vaste activa)
3.289.155
4.687.422
120.000
120.000
-
21.375
Desinvesteringen (financiële vaste activa) Aflossingen op leningen u/g Waarborgsommen Kasstroom uit investeringsactiviteiten
- 8.386.917
- 1.148.801
3. Kasstroom uit financieringsactiviteiten Uitkering tgv reserves uit resultaat voorgaand jaar
1.540.644
8.492
Ontvangsten uit langlopende leningen
7.500.000
7.500.000
Ontvangsten uit kasgeldleningen
(10.000.000)
10.000.000
Aflossingen op leningen o/g
(3.757.994)
(3.256.277)
Kasstroom uit financieringsactiviteiten
Saldo liquide middelen 1 januari
306.794
Saldo liquide middelen 31 december
309.089
- 4.717.350
14.252.215
2.296
-210 307.003 306.794
2.296
-210
In het kasstroomoverzicht wordt de mutatie van de liquide middelen onderbouwd.
6.4
Bedrijfsvoering
De paragraaf “Bedrijfsvoering” behoort tot de bij het BBV verplichte paragrafen. VRZHZ hanteert in haar programmabegroting en programmaverantwoording vier beleidsdoelstellingen. Eén hiervan betreft de beleidsdoelstelling “Investeren in bedrijfsvoering – professionaliteit”, welke gewijd is aan de bedrijfsvoering van de Veiligheidsregio. Omwille van de leesbaarheid en om dubbelingen te voorkomen verwijzen wij u voor de inhoudelijke verantwoording over de bedrijfsvoering naar hoofdstuk 4.4. Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 35
Ten aanzien van de bedrijfsvoering worden de volgende kentallen gerapporteerd:
Kengetal Personeelsleden in dienst Instroom Uitstroom Ziekte Personeelskosten Personeel van derden Automatisering
Medewerkers Vrijwilligers Medewerkers Vrijwilligers Medewerkers Vrijwilligers Verzuim Medewerkers Vrijwilligers Kosten Kosten
2023
2022
336 732 14 325 11 31 4,40% €26.703.316 €3.879.207 €1.106.305 €1.788.273
321 693 26 52 31 52 3,98% €24.045.477 €3.511.029 €1.056.819 €1.704.970
Rechtmatigheidsverantwoording Toelichting rechtmatigheidsverantwoording Op 23 februari 2023 heeft het algemeen bestuur ingestemd met de notitie Rechtmatigheidsverantwoording met de daarin verwoorde voorstellen. Dit zijn de voorstellen; 1) om als basis ambitieniveau de financiële rechtmatigheidsverklaring af te laten geven door het DB vanaf het boekjaar 2023; 2) om 3% van het lastentotaal (inclusief dotaties aan reserves) te hanteren als tolerantiegrens (verantwoordingsgrens), waarboven afwijkingen moeten worden toegelicht in de rechtmatigheidsverantwoording van de jaarrekening. Het gaat om afwijkingen in de vorm van posten die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen, posten waarbij voor de organisatie onduidelijkheid bestaat over de rechtmatigheid en om deze tolerantiegrens op te laten nemen in het Controleprotocol inclusief Normenkader 2023; 3) om, naast afwijkingen die boven de eerdergenoemde 3% uitkomen, ook afwijkingen vanaf 1% in de paragraaf bedrijfsvoering toe te lichten (rapportagegrens) en deze rapportagegrens op te nemen in het Controleprotocol inclusief Normenkader 2023. De geconstateerde afwijkingen ten aanzien van het begrotingscriterium komen boven de tolerantiegrens van 3% uit. Vanwege de omvang zijn de geconstateerde afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording toegelicht.
Daarnaast is in de rechtmatigheidsverantwoording de onrechtmatigheid op het voorwaarden criterium toegelicht.
6.5
Verbonden partijen
In de volgende tabellen is opgenomen in hoeverre de verbonden partijen hebben bijgedragen aan het behalen van de doelstellingen van de VRZHZ (zoals opgenomen in de begroting).
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 36
* Ten tijde van opstelling zijn de cijfers nog niet bekend. Om die reden zijn de cijfers van 2022 weergegeven.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 37
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 38
B. Jaarrekening
7. Overzicht van baten en lasten 7.1
Gerealiseerde baten en lasten
VRZHZ kent het programma Veiligheid. Binnen het programma worden organisatie-eenheden onderkend. Onderstaand is het resultaat opgenomen, voorzien van een toelichting op de incidentele en structurele resultaten voor bedragen hoger dan 200k. Concernniveau
Primaire
Begroting
Begroting
Realisatie en
Bedragen x € 1.000
begroting
Burap-I
Burap-II
Verplichting
Saldo
Voordeel/
Incidenteel
Structureel
2023 N
2023 -17.898
-896
Nadeel
Totaal lasten
2023 49.108
2023 50.298
2023 54.180
2023 72.975
2023 -18.795
Totaal baten
-48.474
-50.224
-53.656
-79.901
26.245
V
26.126
119
634
74
525
-6.926
7.450
V
8.228
-778
-3.429
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves
77
117
397
3.795
-3.399
N
Onttrekkingen aan reserves
-711
-191
-921
-1.101
179
V
210
0
0
0
-4.231
4.231
V
5.009
Gerealiseerd resultaat
-778
Incidentele reserv es Vorming reserve Spoorzone
-1.760
Vorming reserve Duurzaamheid
-190
Aanvulling reserve Transitie Organisatie
-420
Aanvulling reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening
-76
Aanvulling reserve Aanbestedingstrajecten
-200
Gerealiseerd resultaat na resultaatbestemming
1.585
V
Als gevolg van afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 39
Overzicht van baten en lasten naar taakveldindeling Taakveld
Baten
Lasten
Saldo
0. Bestuur en ondersteuning 0.4 - Overhead
327
0.5 - Treasury
13.263
-12.937
364
-3
367
0.8 - Overige baten en lasten
52.940
5.691
47.250
0.9 - Vennootschapsbelasting
0
22
-22
1.101
3.795
-2.695
0
4.231
-4.231
1. Veiligheid 1.1 - Crisisbeheersing en brandweer
7.154
34.886
-27.732
6. Sociaal Domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
19.116
19.116
81.001
81.001
0.10 - Mutaties reserves 0.11 - Resultaat van de rekening baten / lasten
Totaal
0
Analyse van het overzicht van baten en lasten en het resultaat 2023 Concernniveau
Eco.Cat.
Bedragen x € 1.000 Lasten
Primaire
Begroting
Begroting
Realisatie en
begroting
Burap-I
Burap-II
Verplichting
2023
2023
2023
2023
Voordeel /
Incidenteel
Structureel
Nadeel 2023
2023
2023
29.717
32.635
30.016
2.620
V
2.620
274
264
266
259
7
V
11
-3
3.5.1 Ingeleend personeel 391
285
361
1.106
-746
N
-786
40 -850
1.1 Salarissen en sociale 29.561 lasten 2.1 Belastingen
-1
13.580
14.924
34.743
-19.819
N
-18.969
5.1 Rente
497
497
497
425
72
V
72
6.1 Financiële transacties
210
210
210
207
3
V
0
3
7.2 Mutatie voorzieningen
778
702
813
1.167
-354
N
-354
0
4.683
4.559
4.559
4.634
-75
N
-75
0
N
0
0
3.8 Overige goederen en13.184 diensten
7.3 Afschrijvingen
7.4 Toegerekende reële en bespaarde 0 rente
0
7.5 Overige verrekeningen -471
486
-85
418
-503
N
-418
-85
Totaal lasten Baten
Saldo
49.108
50.298
54.180
72.975
-18.795
N
-17.898
-896
3.5.2 Uitgeleend personeel-230
-743
-751
-1.193
442
V
383
60
3.8 Overige goederen en diensten -963
-825
-1.147
-9.402
8.255
V
8.225
30
4.3.1 Inkomensoverdrachten -5.664 - Rijk
-7.102
-7.548
-23.399
15.851
V
15.823
29
4.3.2 Inkomensoverdrachten -41.618 - Gemeenten -41.553
-44.210
-45.543
1.333
V
1.333
0
0
-364
364
V
364
0
0
0
0
V
-48.474
-50.224
-53.656
-79.901
26.245
V
26.126
119
634
74
525
-6.926
7.450
V
8.228
-778 -
5.1 Rente
1
7.4 Toegerekende reële en bespaarde 0 rente Totaal baten Gerealiseerd totaal saldo baten en lasten
7.1 Toevoegingen aan reserves 77
117
397
3.795
-3.399
N
-3.429
7.1 Onttrekkingen aan reserves -711
-191
-921
-1.101
179
V
210
0
0
0
-4.231
4.231
V
5.009
Gerealiseerd resultaat Incidentele reserv es Vorming reserve Spoorzone
-1.760
Vorming reserve Duurzaamheid
-190
Aanvulling reserve Transitie Organisatie Aanvulling reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening
-420
Aanvulling reserve Aanbestedingstrajecten
-200
Gerealiseerd resultaat na resultaatbestemming
-76
1.585
V
Als gevolg van afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan.
Het jaarresultaat voor bestemming is €4,23 mln. positief:
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 40
-778
Hieronder geven we eerst in algemene zin een toelichting op dit resultaat voor en na bestemming, gerefereerd aan de prognose bij Burap-II. Vervolgens gaan we vanaf paragraaf 7.1.1. in op een toelichting vanuit de verschillende economische categorieën. Het resultaat voor bestemming Het resultaat voor bestemming bedraagt €4,23 mln. Het verschil ten opzichte van de prognose ten tijde van Burap-II (€2,56 mln.) is te verklaren aan de hand van de volgende (afgeronde bedragen x € 1000): 1. Spoorzone €1.760; Project Spoorzone werd tot vorig jaar verantwoord onder de ‘vooruit ontvangen bedragen’. Over het algemeen zijn dit soort middelen gekoppeld aan een verantwoordings- en terugbetalingsplicht richting de verstrekker van de bijdrage. Inmiddels is gebleken dat in dit geval die verantwoordings- en terugbetalingsplicht er niet (meer) is. Omdat deze gelden wél een specifiek bestedingsdoel hebben, wordt voorgesteld om voor het genoemde bedrag een (bestemmings)reserve te vormen. 2. -€310 betreft de vorming van de voorziening RVU (Regeling Vervroegde Uittreding) conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 07-12-2023 (95141_Burap-II 2023) 3. -€1.420 betreft de vorming van diverse reserves conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 07-12-2023 (95141_Burap-II 2023) 4. Het voordeel op economische categorie 1.1 Salarissen en sociale lasten is €875 hoger dan was voorzien bij Burap-II.
5. De baten op economische categorie 3.8 Overige goederen en diensten zijn €908 hoger dan was voorzien bij Burap-II. 6. De afschrijvingslasten op economische categorie 7.3 zijn €156 hoger dan was voorzien in Burap-II. Voor verdere toelichting met betrekking tot de realisatie zie hoofdstuk 7.1.1 en 7.1.2. Het resultaat na bestemming A. Vanwege het vormen van de reserve Spoorzone in opdracht van de accountant: In de Managementletter 2023 heeft de accountant (PSA) een opmerking geplaatst met betrekking tot het project Spoorzone. Spoorzone werd tot vorig jaar verantwoord onder de ‘vooruit ontvangen bedragen’. Over het algemeen zijn dit soort middelen gekoppeld aan een verantwoordings- en terugbetalingsplicht richting de verstrekker van de bijdrage. Inmiddels is gebleken dat in dit geval die verantwoordings- en terugbetalingsplicht er niet is. Omdat deze gelden wél een specifiek bestedingsdoel hebben zal een (bestemmings)reserve gevormd moeten worden. B. Vanwege bestemmingsreserves Tijdens de vergadering van het Algemeen Bestuur d.d. 27-06-2024 zijn de volgende bestemmingsreserves besloten: Reserve Duurzaamheid
€ 190.000
Reserve Transitie Organisatie
€ 420.000
Reserve Aanbestedingstrajecten
€ 200.000
C. Vanwege een aanvullende dotatie in de reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening Vanuit de extra BDUR-uitkering, ontvangen voor crisisbeheersing en informatievoorziening, resteert eind 2023 bovenop de reserve die al gevormd is bij BURAP-II nog een restant van € 75.576. Voorgesteld Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 41
wordt om dit restant toe te voegen aan deze reserve (NB dit geld mag niet gebruikt worden om tekorten op reguliere taken te dekken maar mogen wel in een reserve worden gezet).
7.1.1
Lasten
Hieronder worden de grootste afwijkingen ten opzichte van Burap-II toegelicht. 1.1
Salarissen en sociale lasten voordeel €2.620.000 voordeel Incidenteel Door onderbezetting op de afdelingen Directie, Bedrijfsvoering, Risicobeheersing en Brandweerzorg, ontstaat per saldo een voordeel op de loonkosten van €2.620.000. Deze onderbezetting wordt veroorzaakt door krapte op de arbeidsmarkt en het niet invullen van vacatureruimte. Alleen al op de afdeling Risico en Crisisbeheersing is de onderschrijding €1.296.707. Met de extra BDuR gelden versterking crisisbeheersing en informatievoorziening is de afdeling Crisisbeheersing met 8 formatieplaatsen vergroot. De volledige salarislasten zullen pas in het jaar 2024 in de cijfers zichtbaar zijn. In 2023 heeft dit een extra een onderschrijding veroorzaakt van €386.411, dit bedrag is toegevoegd aan de reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening. De vacatureruimte wordt gedeeltelijk ingevuld door inhuur (zie lasten economische categorie 3.5.1 ingeleend personeel).
3.5.1
Ingeleend personeel nadeel €746.000 Incidenteel Het door de krapte op de arbeidsmarkt niet kunnen invullen van vacatures heeft geleid tot het inlenen van personeel en levert een incidenteel nadeel op van -€786.000. Het nadeel op deze categorie wordt gedekt uit het voordeel op de categorie Salarissen en sociale lasten (zie lasten economische categorie 1.1 Salarissen en sociale lasten). Een deel van deze extra inhuur betreft Oekraïne en COA-projecten. Structureel €40.000 voordeel door het beëindigen van consultancycontract met Magenta
3.8
Overige goederen en diensten nadeel €19.819.000 Incidenteel Op deze kostencategorie zijn een aantal kostenplaatsen die leiden tot een incidenteel nadeel van €19.819.000. De meest in het oog springende afwijkingen worden nader toegelicht. Op projecten is een overschrijding van €19.267.801. Deze kosten betreffen de kosten in relatie tot Oekraïne en COA. Hier staan baten tegenover. De projecten worden via de balans (overlopende passiva) verwerkt. Het saldo op de productgroep projecten is nul. Het saldo van de baten en lasten voor het project Spoorzone werden tot vorig jaar verantwoord onder de ‘vooruit ontvangen bedragen’. Omdat deze gelden een specifiek bestedingsdoel hebben dient een (bestemmings)reserve gevormd te worden. Het nadeel van €885.358 zal worden onttrokken aan, de bij de resultaatbestemming gevraagde, te vormen reserve Spoorzone (zie baten economische categorie 3.8 Overige goederen en diensten)
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 42
Verder zijn er nog diverse kleinere (< € 200.000) nadelen zoals; •
nadeel op schoonmaakkosten
•
nadeel op afvalverwerking
•
nadeel op huisvestingskosten
•
nadeel kosten vorming en opleiding vakbekwaam worden en blijven.
Incidenteel voordeel Op het project Versterking Crisisbeheersing is een voordeel van €458.165. Een gedeelte van dit bedrag is toegevoegd aan de reserve Crisisbeheersing en Informatievoorziening Verder zijn er nog diverse kleinere (< €200.000) voordelen zoals; •
voordeel op overige kosten en algemene beleidsontwikkeling en innovatie
•
voordeel op externe advieskosten
•
voordeel op kosten softwarelicenties en informatieveiligheid
•
voordeel op kosten communicatie
•
voordeel op huurkosten
•
voordeel op kosten RCC
Structureel Op deze kostencategorie zijn ook een aantal zaken die leiden tot een structureel nadeel van €850.000. De meest in het oog springende afwijkingen zijn; •
nadeel op de leergangen V&O
€391.000
•
nadeel energie en verwarming
€186.486
Verder zijn er nog diverse kleinere (< €200.000) nadelen zoals;
7.1
•
nadeel bijdrage Landelijke Meldkamer en contributies
•
nadeel schoonmaakkosten
•
nadeel kosten Arbo en keuringen
•
nadeel kosten vorming en opleiding Risico en Crisisbeheersing
Mutatie reserves nadeel €3.399.000 Incidenteel Na definitieve vaststelling van de jaarstukken 2022 (AB 29-06-2023 /93389_Jaarstukken 2022) heeft conform besluit een storting in de volgende reserves plaatsgevonden; •
Reserve huur Romboutslaan
€459.679
•
Reserve egalisatie kapitaallasten
€500.000
•
Reserve verhuizen RCC en inrichten Kohnstammlaan €489.927
Deze toevoegingen aan de reserves worden gedekt door een bijdrage van de gemeenten (zie baten economische categorie 4.3.2 Inkomensoverdrachten Gemeenten). Conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 07-12-2023 (95141_Burap-II 2023) zijn de volgende reserves gevormd/aangevuld; •
Reserve crisisbeheersing en informatievoorziening
€769.000
•
Reserve dekking kapitaallasten meubilair
€118.472
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 43
•
Reserve aanbestedingstrajecten
€200.000
•
Aanvulling reserve egalisatiekapitaallasten
€333.000
Verder is er een bijdrage van Spoorzone van €587.096 toegevoegd aan de reserve schuimtransitie. 7.2
Mutaties voorzieningen nadeel € 354.000 Incidenteel De voorziening verlofsparen is als gevolg van wettelijke wijzigingen gevormd in 2022. In 2023 heeft er een dotatie van €94.829 plaatsgevonden aan de voorziening verlofsparen. Dit is €43.662 meer dan begroot. Conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 07-12-2023 (95141_Burap-II 2023) is de voorziening RVU (Regeling Vervroegde Uittreding) gevormd voor een bedrag van €310.000.
7.5
Overige verrekeningen nadeel €503.000 Incidenteel €418.276 betreft diverse desinvesteringen, deze kosten worden gecompenseerd door de incidentele baten met betrekking tot diverse verkopen (zie baten economische categorie 3.8 Overige goederen en diensten). Structureel Verder is er een structureel nadeel van €84.830
7.1.2
Baten
Hieronder worden de grootste afwijkingen ten opzichte van Burap-II toegelicht. 3.5.2
Uitgeleend personeel voordeel €442.000 Incidenteel Het voordeel van €383.000 op deze kostencategorie is te verklaren door het detacheren van personeel en het doorberekenen van kosten voor personeel aan het COA, USAR en Spinel. Structureel Een structureel voordeel van €60.000 ontstaat door de indexering van de door te belasten kosten voor personeel aan o.a. Spinel.
3.8
Overige goederen en diensten voordeel €8.225.000 Incidenteel In 2023 is een voordeel van €91.218 ontstaan door de vrijval van de voorziening frictiekosten. Diverse verkopen leiden tot een voordeel van €731.176. Deze opbrengsten compenseren het nadeel bij de lasten op economische categorie 7.5 overige verrekeningen. €270.841 is doorbelast aan Rijkswaterstaat voor het project Haringvlietburg en Heinenoordtunnel.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 44
De baten voor het project Spoorzone werden tot vorig jaar verantwoord onder de ‘vooruit ontvangen bedragen’. Omdat deze gelden een specifiek bestedingsdoel hebben dient een (bestemmings)reserve gevormd te worden. Het voordeel van €2.645.621 zal, na aftrek van kosten (zie lasten economische categorie 3.8 Overige goederen en diensten), worden gestort in, de bij de resultaatbestemming gevraagde, te vormen reserve Spoorzone. Netto zal een bedrag van €1.760.263 gestort worden in de reserve Spoorzone). Er is voor €587.097 onttrokken uit de reserve schuimtransitie. Verder is er een voordeel van €170.000 door extra inkomsten uit opleidingen en €120.000 voordeel door uitgevoerde werkzaamheden bij Materieel & Logistiek (werkplaats). De doorbelasting van Oekraïne en COA gezamenlijk bedraagt €3.293.744. Daarnaast zijn er nog opbrengsten voor USAR €273.632 Structureel Verder is hier een structureel voordeel bereikt van €30.000. 4.3.1
Inkomensoverdrachten - Rijk voordeel €15.851.000 Incidenteel €15.822.684 heeft betrekking op de compensatie van het Rijk voor de kosten van COA en Oekraïne Structureel Bijdrage 2023 25KV is €28.757 hoger dan geraamd.
4.3.2
Inkomensoverdrachten – Bijdragen gemeenten voordeel €1.332.537 Incidenteel Dit betreft een bijdrage van de gemeenten ten behoeve van de resultaatbestemming 2022 van €1.484.359 (zie ook lasten economische categorie 7.1 Mutaties reserves) De bijdrage van gemeente Dordrecht met betrekking tot FLO is €151.821 lager dan begroot.
5.1
Rente voordeel €363.609 Incidenteel Dit betreft de rente op de schatkistrekening. Door het afsluiten van een kasgeldlening van €10 mln. in combinatie met de gestegen rente is dit voordeel ontstaan.
7.1
Mutatie reserves voordeel €179.000 Incidenteel Per saldo is gedurende het jaar 2023 €179.294 meer onttrokken uit de reserves. In hoofdstuk 8.2.3 zullen de mutaties verder worden toegelicht.
7.2
Overzicht algemene dekkingsmiddelen
De baten en lasten op de algemene dekkingsmiddelen kunnen als volgt worden weergegeven. Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 45
Realisatie 2022
Primaire begroting
Begroting na wijziging
Realisatie 2023
Lasten Rentelasten
426.237
497.000
497.000
425.103
Aankopen niet duurzame goederen en diensten Toevoegingen aan reserves
204.154
76.671
396.704
3.795.324
Toevoegingen aan voorzieningen
1.223.852
778.338
813.207
1.166.869
Kapitaallasten
4.740.274
4.614.384
4.558.616
4.633.542
Overige verrekeningen van kostenplaatsen
3.040.915
Totaal lasten
9.635.432
BDUR
5.385.770
Overige inkomsten Rijk
2.586.301
Gemeentelijke bijdragen
38.908.583
-84.830
418.276
5.966.393
6.180.697
10.439.114
5.663.738
7.547.641
23.399.082
41.618.441
44.210.066
45.542.603
Baten
Rente
40.057
-1.000
Onttrekking reserves
1.622.935
710.774
921.251
1.100.545
Overige goederen en diensten
24.639.618
962.500
1.147.295
9.402.446
Overige verrekeningen van kostenplaatsen Totaal baten Totaal algemene dekkingsmiddelen
73.183.265
48.954.453
53.826.253
79.444.677
-63.547.832
-42.988.060
-47.645.556
-69.005.562
Toevoegingen en onttrekkingen reserves Voor de toelichting op de mutaties in de reserves wordt verwezen naar paragraaf 8.2.3. Brede doeluitkering rampenbestrijding (BDUR) Voor een specificatie van de ontvangen BDUR in 2023 wordt verwezen naar hoofdstuk 10. Gemeentelijke bijdragen Gemeentelijke bijdrage
Gemeente
Maatwerk
Totaal
Alblasserdam
1.739.270
Dordrecht
13.150.573
Hendrik-Ido-Ambacht
2.323.502
2.323.502
Papendrecht
2.907.418
2.907.418
Sliedrecht
2.380.340
2.380.340
Zwijndrecht
4.450.791
4.450.791
Drechtsteden
26.951.894
1.739.270 1.001.030
1.001.030
14.151.603
27.952.924
Gorinchem
3.470.899
3.470.899
Hardinxveld-Giessendam
1.431.682
1.431.682
Molenlanden
4.582.138
4.582.138
Alblasserwaard Hoeksche Waard
0
8.124.044 Hoeksche Waard
TOTAAL Bijdrage uittreedsom TOTAAL
9.484.719
9.484.719 8.124.044
8.124.044
0
8.124.044
44.560.657
1.001.030
45.561.687
-19.081 44.541.576
-19.081 1.001.030
45.542.606
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 46
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 47
7.3
Incidentele baten en lasten
In onderstaande tabel zijn de incidentele baten en lasten weergegeven. Incidentele baten en lasten
Realisatie
Primaire begroting
Begroting na
Realisatie 2023
wijziging Burap-II 2022
2023
2023
2023
Lasten
71.954
49.108
54.180
72.975
Baten
72.076
48.474
53.656
79.901
Saldo lasten en baten
122
-634
-525
6.926
Storting in reserves
204
77
397
3.795
Vrijval reserves Onttrekkingen reserves
1.623
711
921
1.101
Saldo mutaties reserves
1.419
634
525
-2.695
Gerealiseerd resultaat (A+B)
1.541
0
1
4.231
Incidentele lasten Reserve algemene Reserve
8
Reserve egalisatie kosten opleiden Reserve Veranderende Omgeving
76
Reserve Informatie gestuurd werken
278
Reserve Transitie Organisatie
81
Reserve Inhaalslag investeringen Reserve Generatiepact
81
74
72
64 490
Reserve verh. RCC en inrichten Kohnstammlaan/LP 262
Reserve schuimtransitie
918
Reserve vervanging meubilair
118
Reserve huur Romboutslaan
460
Reserve duurzaamheid Reserve aanbestedingsprojecten
200
Reserve dekking kapitaallasten meubilair
118 769
Reserve crisisbeheersing en informatievoorziening
-1.541
Onverdeeld resultaat 2022 Incidentele lasten
89
74
334
2.031
Incidentele baten Reserve algemene reserve Reserve egalisatie kosten opleiden
86
Reserve Veranderende Omgeving
98
45
8
Reserve Informatie gestuurd werken
366
125
156
Reserve Transitie Organisatie
100
81
9
Reserve Inhaalslag investeringen
40
59
20
Reserve Generatiepact
41
20
50
44 142
Reserve verh. RCC en inrichten Kohnstammlaan/LP Reserve schuimtransitie
190
214
Reserve vervanging meubilair
118
118
Reserve huur Romboutslaan
141
132
Reserve duurzaamheid Reserve aanbestedingsprojecten 118
Reserve dekking kapitaallasten meubilair Reserve crisisbeheersing en informatievoorziening Incidentele baten
731
20
809
962
Saldo incidentele baten en lasten (A)
-642
54
-475
1.070
Structureel resultaat (B)
899
54
-473
5.301
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 48
7.4
Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves
In hoofdstuk 8.2. is een overzicht opgenomen van het verloop van de reserves. De mutaties in de reserves egalisatie kapitaallasten en dekking kapitaallasten worden aangemerkt als een structureel dekkingsmiddel. De reserve egalisatie kapitaallasten geeft inzicht in de methodiek van gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke jaarlijkse kapitaallasten. De verschillen hiertussen worden door middel van deze egalisatiereserve gecorrigeerd zodat in de exploitatie de jaarlijkse kapitaallasten overeenkomen met de gemiddelde kapitaallasten. De mutatie in de reserve kapitaallasten is gelijk aan de afschrijvingstermijn van de daarbij behorende investering.
7.5
WNT-verantwoording 2023
Conform de Wet Normering Topinkomens is in onderstaand overzicht de bezoldiging opgenomen van het eerste leidinggevende niveau dat wordt aangemerkt als topfunctionaris. Het bezoldigingsmaximum van 2023 bedraagt €216.000. Binnen VRZHZ zijn geen functionarissen in dienst die een hogere bezoldiging genieten dan het in de WNT genoemde maximum voor 2023.
Bedragen x € 1 C.P. Frentz Gegevens 2023 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2022 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Totale bezoldiging
Algemeen directeur 01-01/31-12 1 Ja 170.987 22.621 193.608 223.000 N.v.t. 193.608 N.v.t. N.v.t. C.P. Frentz Algemeen directeur 01-01/31-12 1 Ja 144.085 22.526 166.611 216.000 N.v.t. 166.611
Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.900 of minder. Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 49
In onderstaand overzicht zijn de toezichthouders opgenomen. De toezichthoudende taak hebben zij onbezoldigd uitgeoefend. Naam Dhr. A.W. Kolff Mw. R.W.J. Melissant-Briene Dhr. J.G.A. Paans Dhr. J. Heijkoop Dhr. J.W. Boersma Dhr. D.A. Heijkoop Dhr. J. Heijkoop Dhr. P. van der Giessen Dhr. Ch.B. Aptroot Dhr. F.D. van Heijningen Dhr. T.C. Segers Mevr. A.M.M. Jetten Mevr. M.J.M. van Driel Dhr. J.M. de Vries Dhr. W.H.J.M. van der Loo Dhr. T.J. Haan
Functie Burgemeester gemeente Dordrecht Burgemeester gemeente Gorinchem Burgemeester gemeente Alblasserdam Waarnemend burgemeester gemeente Alblasserdam Burgemeester gemeente Alblasserdam Burgemeester gemeente Hardinxveld-Giessendam Waarnemend burgemeester gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Burgemeester gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Waarnemend burgemeester gemeente Hoeksche Waard Burgemeester gemeente Hoeksche Waard Burgemeester gemeente Molenlanden Waarnemend burgemeester Papendrecht Burgemeester gemeente Papendrecht Burgemeester gemeente Sliedrecht Burgemeester gemeente Zwijndrecht Waarnemend burgemeester gemeente Zwijndrecht
Periode
tot 31 januari 2023 tot 29 maart 2023 per 30 maart 2023 tot 14 november 2023 per 15 november 2023 tot 12 oktober 2023 per 13 oktober 2023 tot 7 februari 2023 per 8 februari 2023 tot 7 maart 2023 per 8 maart 2023
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 50
8. Balans
Activa Vaste activa Immateriële vaste activa Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio
31 december 2023
5.801.586
31 december 2022
6.008.785 5.801.586
Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut
75.137.702
6.008.785
70.242.091 75.137.702
Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen Leningen aan deelnemingen Overige uitzettingen
18.000 1.740.000 0
Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Gereed product en handelsgoederen
70.242.091
18.000 360.000 0 1.758.000
378.000
82.697.288
76.628.876
380.930
40.819 380.930
Subtotaal uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen Overige vorderingen
40.819
4.635.408 3.649.230
8.877.410 11.337.143
200.000
100.000
627.297
263.777 9.111.935
20.578.330
309.089 4.612.361
306.794 4.149.448
Totaal vlottende activa
14.414.315
25.075.391
TOTAAL GENERAAL ACTIVA
97.111.602
101.704.268
Liquide middelen Overlopende activa
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 51
Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Resultaat voor bestemming
31 december 2023
500.000 5.625.526 4.230.939
Voorzieningen Vaste schulden Binnenlandse banken en overige financiële instellingen Openbare lichamen
500.000 1.390.104 1.540.644 10.356.465
3.430.748
2.016.141
1.497.346
74.914.157
71.108.892 2.474.812
2.411.553
Totaal vaste passiva
31 december 2022
77.325.710
73.583.704
89.698.316
78.511.798
Vlottende passiva Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < dan 1 jaar Kasgeldleningen Overige schulden
0 5.126.306
10.000.000 6.985.995 5.126.306
16.985.995
Overlopende passiva
2.286.980
6.206.475
Totaal vlottende passiva
7.413.286
23.192.470
97.111.602
101.704.268
TOTAAL GENERAAL PASSIVA
8.1
Grondslagen voor waardering, resultaatbepaling en rechtmatigheidsverantwoording
De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (definitief na AB 27 juni 2024) 52