CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

A13. 20250220 Zienswijze Heros omgevingsplan Papendrecht.pdf

Oordeelsvormende vergadering Papendrecht 20 maart 2025, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken4.569 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

AANGETEKEND aan

De gemeenteraad van Papendrecht VAN Erik Dans

Postbus 11

Advocaat

Gerrit van der

3350 AA Papendrecht

Advocaat

Veen

TELEFOON +31 88 253 5323 MOBIEL +31 6 46 61 01 38

info@papendrecht.nl

E-MAIL edans@akd.nl POSTADRES

Postbus 4302 3006 AH Rotterdam

website www.akd.nl

datum

onderwerp

18 februari 2025

Heros/Bodemas - zienswijze omgevingsplan Papendrecht,

thema Bodem ONS KENMERK

1001521

Geachte leden van de raad,

Van 9 januari 2025 tot en met 19 februari 2025 ligt het ontwerpbesluit ‘wijziging omgevingsplan Papendrecht, thema bodem' (hierna: “het Ontwerp”) voor inspraak inzage. Hierbij dient Heros

Sluiskil B.V. (hierna: “Heros”) een zienswijze in op het Ontwerp. 1

INLEIDING

1.1

Deze zienswijze heeft betrekking op de toevoeging van paragraaf 11.1.3 aan het omgevingsplan Papendrecht. De voorgestelde paragraaf 11.1.3 betreft de activiteit “toepassen van bouwstoffen op of in de landbodem”. Artikel 11.19 van die paragraaf verbiedt de toepassing van AVI-bodemassen,

immobilisaten,

grondstabilisatie,

metaalslakken

of

bouwstoffen

die

voor

meer

dan

20

gewichtsprocenten uit AVI-bodemassen, immobilisaten, grondstabilisatie of metaalslakken bestaan.

Deze zienswijze heeft betrekking op AVI-bodemassen, immobilisaten voor zover daarin AVI-

bodemassen zijn toegepast, en bouwstoffen die voor meer dan 20 gewichtsprocenten uit AVIbodemassen staan. Deze bouwstoffen worden hierna afgekort als “AVI-bodemassen”.

1.2

Volgens de toelichting is het mogelijk om middels een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor afwijking van het omgevingsplan (hierna: “Bopa”) af te wijken van dit

verbod. Uit de toelichting blijkt niet wanneer een omgevingsvergunning voor een Bopa zal worden verleend.

In Nederland wordt de praktijk uitgevoerd door AKD N.V., statutair gevestigd in Rotterdam (ingeschreven in het handelsregister

onder nummer 24366820). Alle diensten en (andere) werkzaamheden worden verricht uit hoofde van een overeenkomst van opdracht met AKD N.V. Op de overeenkomst zijn, onder uitsluiting van enige andere algemene voorwaarden, de algemene

voorwaarden van AKD N.V. van toepassing die zijn gedeponeerd ter griffie van de rechtbank te Rotterdam onder nummer 22/2023 en waarin onder meer een beperking van de aansprakelijkheid is opgenomen. Iedere aansprakelijkheid is beperkt tot

het bedrag dat in het desbetreffende geval onder de beroepsaansprakelijkheidsverzekering wordt uitbetaald met inbegrip van het bedrag van het eigen risico. Op verzoek worden de algemene voorwaarden kosteloos toegezonden. Zij kunnen ook worden geraadpleegd op https://www.akd.eu/.

#61683691v1

pagina 1 van 11

1.3

Heros is een verwerker van bodemassen afkomstig van afvalverbrandingsinstallaties. Deze bodemassen worden verwerkt tot circulaire bouwstoffen. Deze bouwstoffen worden toegepast in de grond-, weg en waterbouw. Daarnaast produceert Heros uit de bodemassen secundair grondstoffen

voor de toepassing in beton en betonproducten. Deze nuttige toepassing als bouwstof is

voorgeschreven in landelijk beleid. Er geldt bovendien een verbod op het storten van bodemas. 1.4

Als gevolg van het Ontwerp zal de toepassing van AVI-bodemassen binnen de gemeente

Papendrecht ernstig worden belemmerd. Deze belemmering is onwenselijk in meerdere opzichten

en in strijd met het evenredigheidsbeginsel. Heros verwerkt al vele jaren AVI-bodemassen tot bouwstoffen. Daarbij is veel onderzoek gedaan naar de kwaliteit van de bouwstoffen en daarmee is

steeds gebleken dat een verantwoorde toepassing mogelijk is. Er is geen aanleiding voor een verbod. Dat zal hieronder worden toegelicht. 2

TEN ONRECHTE VERBOD OP TOEPASSING AVI-BODEMAS

2.1

Heros stelt zich op het standpunt dat er ten onrechte een verbod op de toepassing van AVIbodemassen in het Ontwerp is opgenomen. Dat wordt hieronder nader toegelicht.

2.2

Besluitvorming van bestuursorganen dient te voldoen aan het evenredigheidsbeginsel. Dit geldt nadrukkelijk ook voor bestemmingsplannen1 en - sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet

- thans ook voor omgevingsplannen. Uit vaste rechtspraak volgt dat de bestuursrechter, als daar aanleiding voor is, toetst of het bestreden besluit geschikt is om het doel te bereiken, of het een

noodzakelijke maatregel is of dat met een minder vergaande maatregel kan worden volstaan, en of

de maatregel in het concrete geval evenwichtig is.2 Heros meent dat niet aan de eis van noodzakelijkheid en evenwichtigheid wordt voldaan. 2.2

Onderbouwing in het Ontwerp is te summier en onvoldoende

2.3

Het verbod op de toepassing wordt als volgt gemotiveerd in de toelichting bij artikel 11.19 van de regels van het Ontwerp:

"Dit artikel voorziet in een verbod op het toepassen van zogenaamde aandachtsbouwstoffen,

ook wel thermisch of chemisch bewerkte bouwstoffen (stabilisatie/ immobilisatie, AVIbodemassen en metaalslakken). Dit zijn de bouwstoffen die op dit moment in opspraak zijn

en bij onzorgvuldige toepassing milieuschade veroorzaken. Er is gekozen voor een

algemeen verbod, omdat een melding of binnenplanse vergunningplicht alsnog onvoldoende reguleert. ”

2.4

Er zou dus sprake zijn van bouwstoffen die in opspraak zijn en bij onzorgvuldige toepassing

milieuschade veroorzaken. In de “Motivering (omgevingstoets)”3 bij het Ontwerp wordt daaraan toegevoegd dat uit rapportages en publicaties van RIVM en ILT zou blijken dat de wetgeving niet of

1

ABRS april 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1409.

2

ABRS 2 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:285.

3

https://www.papendrecht.nl/lnwoners/Overzicht op alfabetische volqorde/Wonen en ver bouwen/Biilaqen o

mqevingsplan/Motiverinq wijziging omgevingsplan thema bodem pdf 451 kB.pdf

#61683691v1

pagina 2 van 11

akd onvoldoende toereikend zou zijn om aandachtsbouwstoffen veilig voor mens en milieu te kunnen gebruiken. Dat zou een nieuw probleem zijn, ontstaan door ontwikkelingen in deze sector.

2.5

Deze onderbouwing is volstrekt onvoldoende, zeker voor een ingrijpend verbod zoals opgenomen

in het Ontwerp. Ten onrechte wordt geen enkele uitleg gegeven waaruit de opspraak zou bestaan, noch wordt geduid op welke rapportages en publicaties van RIVM en ILT en welke ontwikkelingen

in de sector wordt gedoeld. Niet is onderbouwd waarom een verbod op de toepassing van AVIbodemassen nodig zou zijn. 2.6

Daarbij worden ten onrechte allerlei verschillende bouwstoffen als “aandachtsbouwstoffen” over een kam geschoren. Dat is onjuist, omdat de eigenschappen van bodemassen in vergelijking met bijvoorbeeld staalslakken of grondstabilisatie anders zijn. Een RIVM-rapport over LD-staalslakken

kan niet dragend zijn voor een verbod op bodemassen. Voor elke bouwstof afzonderlijk had nader beoordeeld en onderbouwd moeten worden of regelgeving in aanvulling op landelijke regelgeving

überhaupt evenredig is en zo ja, welke vorm van regulering dan passend en proportioneel zou zijn. Al die vereiste nuances ontbreken ten onrechte.

2.7

Het beschikbare onderzoek noopt niet tot een verbod op de toepassing van specifiek AVIbodemassen. Of een verbod (of een meer genuanceerde aanvulling op landelijke regelgeving) voor één of meer van de andere bouwstoffen wellicht wel te overwegen valt, is niet aan Heros - als verwerker van bodemassen — om te beoordelen. Als er zich iets heeft voorgedaan bij een toepassing

van AVI-bodemassen, betekent dit evenmin dat een algemeen en dus verstrekkend verbod op de toepassing, gerechtvaardigd is. Het ligt dan op de weg van de gemeente om te analyseren waar

mogelijk aandachtspunten bij de toepassing, controle en toezicht bestaan, om vervolgens een op die aandachtspunten toegesneden aanpak uit te werken. Als bijvoorbeeld blijkt dat meer controles

van de gemeentelijk toezichthouder gewenst zijn, kan daarop worden ingezet. Als een aanvullende

eis dat boven de grondwaterstand wordt toegepast, kan die eis als maatwerkregel worden gesteld. Ten onrechte ontbreekt een analyse van de geschetste materie en een onderbouwing van de aanpak die daarvoor nodig en evenredig is.

2.8

Verder ontbreekt iedere onderbouwing ten aanzien van de 20% gewichtsprocenten als bovengrens voor het gehalte AVI-bodemassen in bouwstoffen. Hetzelfde geldt voor de “maatregelen ter

voorkoming van milieuschade” zoals in de toelichting opgenomen. Onduidelijk is waarom de

bouwstof alleen onder een gesloten verharding zou mogen worden toegepast, en waarom de bouwstoffen een oppervlakte van minimaal 1.000 m2 zouden moeten beslaan.

2.9

Aldus wordt niet voldaan aan het motiveringsbeginsel.

2.3

Onevenwichtige gevolgen van het verbod

2.10

Een verbod op de toepassing van AVI-bodemassen zal leiden tot een afname van de afzet van bodemas. Zelfs als omgevingsvergunningen voor een Bopa voor deze toepassing kunnen worden

verleend, zal dat een afname van de afzet niet kunnen voorkomen. Immers, de bodemassen die door Heros worden geproduceerd worden afgenomen door aannemers. Deze aannemers moeten

veelal opdrachten binnenhalen via aanbestedingen. Als ten tijde van de inschrijving voor een aanbesteding onzeker is of een omgevingsvergunning kan worden verkregen voor de toepassing

van AVI-bodemassen, zal een aannemer in zijn aanbieding kiezen voor de toepassing van andere

#61683691v1

pagina 3 van 11

akd bouwstoffen. Immers indien een omgevingsvergunning niet wordt verleend, heeft dat grote gevolgen

voor prijs en planning van het project. Dat risico zal een aannemer willen vermijden. 2.11

Aannemers zullen bij voorbaat afzien van de toepassing van bouwstoffen waarvoor een Bopa vereist is waarbij onzeker is of en onder welke voorwaarden die kan worden behaald. Het verkrijgen van

een omgevingsvergunning is onhaalbaar, gezien de eisen die daardoor in de toelichting worden gesteld. Feitelijk heeft het verbod dus tot gevolg dat geen AVI-bodemassen meer in Papendrecht zullen kunnen worden toegepast, in strijd met landelijk beleid. 2.12

Het gevolg van een verbod zal zijn dat juist minder secundaire bouwstoffen worden gebruikt, terwijl rijksbeleid juist is gericht op een toename van het gebruik van secundaire bouwstoffen in het kader

van de doelstelling om in 2050 volledig circulair te zijn. De invoering van vergunningplichten is een

onwenselijke ontwikkeling gezien de circulaire doelstellingen. Dat vindt niet alleen Heros, maar dat vindt ook de Minister van Infrastructuur en Waterstaat getuige zijn Kamerbrief van 1 juli 2024:4 "Het is bekend dat medeoverheden een vergunningplicht invoeren voor de toepassing van

secundaire bouwstoffen waaronder voor bodemas. Met de Omgevingswet hebben bevoegd

gezagen zelf de mogelijkheid om aanvullende eisen te stellen. De vergunningplicht leidt mogelijk tot een verdere afname van de afzet van bodemas. Dit is gezien de circulaire

doelstellingen een onwenselijke ontwikkeling. ” 2.13

Het effect van het verbod is juist dat het belang van het milieu wordt geschaad, doordat de circulaire

doelstellingen niet kunnen worden gehaald. Dat geldt voor de landelijke doelstellingen, maar ook voor de gemeentelijke circulaire doelstellingen. Gemeentelijke projecten zullen voorts duurder

worden omdat primaire bouwstoffen in de regel duurder zijn dan secundaire bouwstoffen. 2.14

Tegelijk wordt ook het bedrijfsbelang van Heros onevenredig geschaad. De verwerking van

bodemassen is het belangrijkste onderdeel van haar bedrijf. Als bodemassen in Nederland niet langer kunnen worden toegepast als bouwstoffen, bedreigt dat de continuïteit van Heros. 2.15

Als sprake is geweest van een enkel incident met de toepassing van AVI-bodemas, dan is dat nog geen reden om de toepassing geheel te verbieden. Dat kan wellicht reden zijn voor specifieke

maatregelen zoals extra toezicht, of een concrete aanvullende voorwaarde in het omgevingsplan ter voorkoming van herhaling. Met een verbod is het middel erger dan de kwaal. 2.16

Voor deze nadelige gevolgen is geen rechtvaardiging, omdat het belang van mens en milieu niet

noopt tot de instelling van een verbod. Dat zal Heros hieronder toelichten. 2.4

Noodzaak voor een verbod ontbreekt

2.17

Er is geen noodzaak voor het instellen van een generiek verbod op het toepassen van AVI-bodemas

en bouwstoffen die bestaan uit AVI-bodemas. Volgens het Ontwerp is het doel van dit verbod duurzaam bodembeheer, waarbij gestreefd wordt naar een balans tussen de bescherming van de bodemkwaliteit voor mens en milieu én ruimte voor maatschappelijke ontwikkelingen.5 Het is echter

Kamerstukken II, 2023-2024, 30 872, nr. 300.

Artikel 11.1 van de regels en de toelichting daarbij.

#61683691v1

pagina 4 van 11

akd geenszins nodig om ter bescherming van de kwaliteit van de bodem de toepassing van AVI-bodemas

te verbieden. 2.18

Het Ontwerp staat haaks op landelijk beleid. Al in 2012 zijn de Rijksoverheid en de Nederlandse afvalenergiecentrales

de

Green

Deal

Verduurzaming

nuttige

toepassing

AEC-bodemas

overeengekomen. Deze Green Deal streeft juist naar de duurzame nuttige toepassing van AVI-

bodemas als bouwstof. Daartoe zijn de AVI-bodemassen in de loop der jaren opgewerkt om te voldoen aan de kwaliteitseisen voor bouwstoffen uit bouwstoffenregelgeving. Deze kwaliteitseisen

zijn thans opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit 2022. 2.19

Ingevolge het landelijk afvalstoffenbeleid is de minimumstandaard voor verwerking het opwerken van AVI-bodemas conform de Green Deal ten behoeve van het gebruik als bouwstof. Dat is

beschreven in sectorplan 20 van het LAP3. In januari 2025 is het Ontwerp Circulair Materialenplan (“CMP”) voor inspraak ter inzage gelegd. Het CMP is de opvolger van het LAP3 en zal later dit jaar al in werking treden. Ook in het CMP is toepassing van AVI-bodemas als bouwstof dat voldoet aan de kwaliteitseisen uit de Regeling bodemkwaliteit 2022, als minimumstandaard voorgeschreven (Afvalplan Assen AVI’s). 2.20

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is een specifieke regeling opgenomen voor de toepassing van AVI-bodemassen en immobilisaten als bouwstoffen. De wetgever heeft nadrukkelijk

niet gekozen voor een verbod en/of een vergunningplicht voor de toepassing van deze bouwstoffen,

omdat met de specifieke regeling het belang van mens en milieu voldoende beschermd is. Het toepassen van bouwstoffen is aangewezen als een milieubelastende activiteit. In par. 4.123 van het Besluit activiteiten leefomgeving (“Bal”) zijn de regels opgenomen waaraan deze milieubelastende

activiteit moet voldoen, waaronder in het bijzonder een verwijzing naar de kwaliteitseisen zoals bedoeld in artikel 25d, eerste lid, van het Besluit bodemkwaliteit.6 Deze kwaliteitseisen gelden ook

voor

AVI-bodemassen.

Daarnaast

geldt

voor

AVI-bodemassen

en

immobilisaten

een

informatieverplichting. Ten minste vier weken voorafgaand aan de activiteit, moet bepaalde

informatie worden verstrekt aan het bevoegde gezag.7 2.21

Volgens de toelichting bieden de in het Bal gestelde kwaliteitseisen een voldoende generiek

beschermingsniveau:8 "De kwaliteitseisen voor bouwstoffen in het Besluit activiteiten leefomgeving zijn gesteld met

het oog op de bescherming van het milieu. Deze kwaliteitseisen bieden een voldoende generiek beschermingsniveau. Daardoor is de verwachting dat maatwerk alleen aan de orde

zal zijn in specifieke situaties waar bijzondere bescherming nodig is. Tot op heden is gebleken dat van de mogelijkheid tot aanscherping van deze kwaliteitseisen in de provinciale milieuverordening voor grondwaterbeschermingsgebieden en waterwingebieden geen gebruik is gemaakt."

Artikel 4.1264, eerste lid, van het Bal.

Artikel 4.1258, eerste lid, van het Bal. Stb. 2021, 98, pag. 203.

#61683691v1

pagina 5 van 11

ak 2.22

De invoering van een informatieverplichting voor AVI-bodemassen en immobilisaten wordt als adequaat instrument gezien om toe te kunnen zien op de kwaliteit van de AVI-bodemas en de locatie

van toepassing.9 2.23

De wetgever op rijksniveau zag ten tijde van de recente invoering van de Omgevingswet derhalve geen noodzaak voor een verbod op de toepassing van AVI-bodemassen. De minister ziet die noodzaak nog steeds niet, getuige de kamerbrief zoals hierboven aangehaald (randnummer 2.12).

2.24

Heros ziet niet welke specifieke situatie binnen de gemeente Papendrecht aan de orde zou zijn die

een verbod alsnog nodig maakt. In ieder geval maakt (de toelichting bij) het Ontwerp geen enkele melding van een specifieke situatie die noopt tot het voorgenomen verbod. De enkele verwijzing

naar bovendien niet nader genoemde rapporten en publicaties van RVIM en ILT, volstaat daartoe

niet. In ieder geval kunnen enkele incidenten niet een algeheel verbod rechtvaardigen. 2.25

AVI-bodemassen kunnen verantwoord worden toegepast. Zo brengt Heros sinds 2012 AEC-

granulaat op de markt, onder de merknaam Granova® Granumix. AEC-granulaat in beton is volgens BRL 2507 KOMO gecertificeerd. Heros heeft nimmer enige klacht of kritiek op haar granulaat

ontvangen. Dat kan ook niet, want AEC-granulaat scoort vaak beter dan regulier betongranulaat. Waar de score niet beter is, zijn nog steeds alle onderzochte elementen zonder uitzondering in orde. Al met al is er in de loop van diverse jaren geen enkele andere secundaire grondstof voor beton zo uitvoerig onderzocht als AEC-granulaat. Er kwam nooit uit, dat het materiaal niet zou deugen. Het

is daarom onbegrijpelijk wanneer bouwstoffen waarin AVI-bodemas is gebruikt, geweerd zou worden. 2.26

De noodzaak om de toepassing van AVI-bodemas te verbieden, is kortom niet aangetoond. Voor zover er zorgen zijn omtrent de kwaliteit van de bouwstoffen die worden toegepast, voorziet het Bal

erin dat tijdig informatie wordt aangeleverd, zodat de toezichthouder kan vaststellen of inderdaad bouwstoffen worden toegepast binnen de kaders van de wet. De gemeente heeft hier een toezichthoudende taak die binnen het huidige kader adequaat kan worden uitgevoerd. De invoering van een vergunningplicht voegt daar niets aan toe.

Minder vergaande alternatieven

2.27

Het bestaande juridische kader volstaat derhalve. Voor zover uw raad niettemin aanvullende waarborgen wenst te formuleren omtrent de verantwoorde toepassing van AVI-bodemassen, dan zijn daarvoor minder ingrijpende alternatieven voor handen. Ten onrechte is gekozen voor het meest

vergaande middel.

2.28

Nogmaals, het ligt op de weg van de gemeente om te analyseren waar mogelijk aandachtspunten

bij de toepassing, controle en toezicht bestaan, om vervolgens een op die aandachtspunten

toegesneden aanpak uit te werken. Met een intensivering van het toezicht kan de gemeente erop toezien dat toepassingen van AVI-bodemassen voldoen aan de wettelijke eisen, ter voorkoming van een onverhoopt incident. 2.29

Heros wees hierboven reeds op de brief van 1 juli 2024 waarin de Minister van Infrastructuur en

Waterstaat de invoering van de vergunningplicht als een ongewenste ontwikkeling aanmerkt. De

9

Stb. 2021,98, pag. 210.

#61683691v1

pagina 6 van 11

minister wijst in die brief ook op alternatieven waarmee de zorgen van de gemeenten die een

vergunningplicht overwegen, kunnen worden ondervangen.10 De minister wijst in de eerste plaats

op het CMP en de herijking bodemregelgeving binnen welke context naar de landelijke kaders voor

secundaire bouwstoffen wordt gekeken. Het ontwerp CMP ligt thans voor inspraak ter inzage en zal

in de loop van dit jaar in werking treden. Heros meent dat de gemeente Papendrecht deze herijking van de rijksregels ten onrechte doorkruist met de invoering van een verbod. 2.30

In de tweede plaats wijst de minister erop dat een ketenaanpak van secundaire bouwstoffen wordt

opgezet met als doel om reststromen op een zo hoogwaardig en verantwoord mogelijke manier te verwerken en toe te passen. Ook daarmee kunnen zorgen worden ondervangen.

2.31

De minister wijst tot slot op het gesprek dat hij zal aangaan met gemeenten om te zien wat zij nodig

hebben voor een verantwoorde toepassing van secundaire bouwstoffen in het algemeen. Het is Heros niet bekend of dit gesprek inmiddels heeft plaatsgevonden. Zo niet, dan meent Heros dat dit

gesprek eerst dient plaats te vinden voordat kan worden beoordeeld of nadere regels op gemeentelijk niveau voor één of meer stoffen opportuun zijn. En als die nadere regels dan toch

opportuun worden bevonden, dan hoeft dat niet met een verbod maar kan dat ook worden vormgegeven door het stellen van nadere eisen in het Omgevingsplan, naar evenredigheid

toegespitst op de betreffende stoffen. 2.32

Volgens de toelichting bij artikel 11.19 van de regels bij het Ontwerp is het mogelijk om met een Bopa af te wijken van het verbod op toepassing van AVI-bodemassen. Daarbij moet rekening

gehouden worden met een viertal maatregelen ter voorkoming van milieuschade. Daarnaast moet

in de aanvraag de nodige informatie worden gegeven. De vier gestelde genoemde maatregelen ter voorkoming van milieuschade zijn:

(a)

2.33

de bouwstof wordt boven de grondwaterstand toegepast;

(b)

de bouwstof ligt onder gesloten verharding;

(c) (d)

het werk dient binnen 1 jaar na toepassing te zijn afgerond; en de bouwstoffen worden minimaal toegepast over een oppervlakte van minimaal 1.000 m2.

De noodzaak voor deze maatregelen wordt niet in het Ontwerp onderbouwd. In ieder geval de voorwaarde dat de bouwstof onder gesloten verharding moet worden toegepast, is niet

aanvaardbaar. De AVI-bodemas die voldoet aan de kwaliteitscriteria in de Regeling bodemkwaliteit

mag vrij worden toegepast. Een deel van die toepassing ligt niet onder een gesloten verharding, maar vormt bijvoorbeeld zelf de verharding ten onrechte wordt dat onmogelijk gemaakt. AVI-

bodemassen worden voorts toegepast in waterpasserende systemen, hetgeen zich niet verdraagt met een verplichting van een gesloten verharding. Er is geen begin van onderbouwing waarom die

bewezen toepassing in Papendrecht wordt uitgesloten. 2.34

De maatregel dat de bouwstof boven de grondwaterstand moet worden toegepast, is onduidelijk

omdat het begrip grondwaterstand niet is gedefinieerd. De grens van 1.000 m2 is verder volstrekt willekeurig.

Kamerstukken II, 2023-2024, 30 872, nr. 300.

#61683691v1

pagina 7 van 11

akd 2.35

Indien uw raad deze maatregelen desondanks nodig acht, dan kunnen die net zo goed als maatwerkregel in het omgevingsplan worden opgenomen. Dat is minder verstrekkend dan een verbod, omdat dan geen voorafgaande vergunning vereist is. Tegelijktijdig gelden dezelfde maatregelen en is het belang van mens en milieu daarmee geborgd zoals met het Ontwerp wordt beoogd. Uw raad kan immers eenvoudig als maatwerkregels voorschrijven dat elke toepassing van

"aandachtsbouwstoffen” aan de gestelde vier maatregelen moet voldoen. 2.36

Uw raad kan eveneens nader in omgevingsplan regelen welke informatie door een initiatiefnemer

moet worden aangeleverd in aanvulling op de informatie die reeds ingevolge het Bal moet worden aangeleverd. Ook daarvoor is niet de invoering van een verbod nodig. NB: de meeste informatie zoals opgenomen in de toelichting bij het Ontwerp moet reeds op grond van het Bal worden overgelegd door de initiatiefnemer. Alleen de informatie onder sub j, I tot en met t is aanvullend op

het Bal. 2.37

Heros is ervan overtuigd dat het goed mogelijk is om een sluitende regeling op te nemen in het

omgevingsplan die recht doet aan de (mogelijke) wens van uw raad om het belang van mens en

milieu bij de toepassing van AVI-bodemassen, zonder dat een verbod nodig is. Dat ziet zij bevestigd

in documenten over de voorbereiding van het Ontwerp. Heros heeft bij de Omgevingsdienst ZuidHolland Zuid een verzoek ingediend op grond van de Wet open overheid. Dat heeft onder meer geresulteerd in de openbaarmaking van bijgaande e-mail waaruit blijkt dat louter voor een verbod is

gekozen, omdat dit de regels simpeler maakt (bijlage 1). Een verdere uitwerking in regels werd kennelijk niet onmogelijk bevonden:

'We hebben o.a. vooreen verbod gekozen, omdat dit de regels simpeler maakt (1 klein artikel

ipv 2,5 pagina aan artikelen)." 2.38

De keuze voor een verbod, omdat dit simpeler zou zijn, is wat Heros betreft onbegrijpelijk. Dit vormt

een aanzienlijke belemmering voor de toepassing van secundaire bouwstoffen en de transitie naar volledige circulariteit, terwijl met goed doordachte regels het belang van mens en milieu evengoed gediend kan worden.

2.39

Indien een initiatiefnemer vooraf kan inschatten of aan de geldende toetsingscriteria kan worden voldaan, geeft dat rechtszekerheid en zal mogelijk toch voor het gebruik van secundaire bouwstoffen zoals AVI-bodemas worden gekozen in die omstandigheden waar dat ook volgens de gemeente Papendrecht aanvaardbaar wordt gevonden.

2.40

Ten aanzien van de informatie die nodig zou zijn volgens de toelichting merkt Heros nog het

volgende op. Het is veelal onduidelijk welke concrete informatie overlegd zou moeten worden en wat daarvan dan vervolgens de waarde is bij de verdere beoordeling. Volgens sub m zou bijvoorbeeld informatie over de waarborging van de eisen van het productcertificaat nodig zijn, indien

een milieuhygiënische verklaring een productcertificaat is. Heros begrijpt dit niet, omdat dit toch juist met het productcertificaat wordt geborgd. 2.41

Volgens sub n moeten de kritische aspecten zoals grondwater en oppervlaktewater in de nabijheid worden beschreven. Onduidelijk is wanneer sprake is van "nabijheid”. Verder is de opsomming ten

onrechte niet uitputtend, zodat onduidelijk is wat de gemeente als kritische aspecten beschouwt.

Dat is rechtsonzeker.

#61683691v1

pagina 8 van 11

atol 2.42

De "grondwaterstand” is niet gedefinieerd, zodat niet goed kan worden aangegeven wat de toepassingshoogte is ten opzichte van de grondwaterstand.

2.43

De eis dat informatie over de zetting voor de komende 100 jaar moet worden gegeven, volgt Heros niet. Dat is in de eerste plaats een overdreven lange periode en vergt een onnodig

onderzoeksinspanning. Verder blijkt niet wat de relevantie hiervan is voor de door gemeente te maken afweging. 2.44

Heros meent dat het niet nodig is om per toepassing op aanvullende informatie te vragen ten

opzichte van de informatie die reeds op grond van het Bal moet worden aangeleverd. De noodzaak is ten onrechte niet beschreven en zal alleen maar tot onnodige onderzoeksverplichtingen en

belemmeringen leiden. Als uw raad hier niettemin aan vast wenst te houden, dan kan de verplichting

om aanvullende informatie aan te leveren eenvoudig in het omgevingsplan worden opgenomen.

Daarvoor is een vergunningplicht niet nodig en daarvan moet ook worden afgezien. 2.45

Kortom, de eisen van noodzakelijkheid en rechtszekerheid staan in de weg aan een vergunningplicht voor de toepassing van AVI-bodemas. Voor zover aanvullende lokale eisen nodig zouden zijn, gebiedt de evenredigheid dat hooguit een eenduidige maatwerkregel wordt opgenomen in het

omgevingsplan met lokale aanvullende eisen waaronder AVI-bodemas, als alternatief voor een

vergunningplicht.

2.5

Geschikt

2.46

Tot slot wijst Heros er hier op dat de invoering van een verbod geen geschikte maatregel is, omdat daarmee

niet op een coherente wijze uitvoering wordt gegeven aan

het Nederlandse

bouwstoffenbeleid. Zoals hierboven toegelicht, is het rijksbeleid gericht op het toepassen van secundaire bouwstoffen zoals AVI-bodemassen in het licht van de doelstelling van volledige

circulariteit. Het rijksbeleid voorziet juist in toepassingsmogelijkheden, terwijl gemeentelijke regelgeving dat nu zal doorkruisen in Papendrecht. Daarmee dreigt vervolgens een lappendeken van regels voor de toepassing van bouwstoffen, omdat in andere gemeenten geen aanvullende eisen gelden, of gemeenteraden elders weer andere regels voor omgevingsplannen kunnen gaan

overwegen en kunnen gaan stellen, met ook mogelijke procedures als gevolg. Dat alles levert

tegenstrijdigheden op, is niet coherent en daarmee ook om die reden in strijd met het evenredigheidsbeginsel.

3

CONCLUSIE EN VERZOEK

3.1

Het Ontwerp bevat in strijd met het evenredigheidsbeginsel een verbod op de toepassing van AVI-

bodemassen. Heros verzoekt u om af te zien van de vaststelling van par. 11.1.3 van het Ontwerp voor wat betreft het verbod op de toepassing van specifiek AVI-bodemassen, waaronder

immobilisaten waarin AVI-bodemassen zijn toegepast en bouwstoffen die voor meer dan 20 gewichtsprocenten uit AVI-bodemassen bestaan. 3.2

Subsidiair verzoekt Heros uw raad om voor AVI-bodemassen in plaats van een vergunningplicht een eenduidige maatwerkregel op te stellen waarmee het belang van mens en milieu ook op adequate

wijze kan worden behartigd.

#61683691v1

pagina 9 van 11

akd iendelijke groet,

Erik Dans Gerrit van der Veen Advocaten

AKD

#61683691v1

pagina 10 van 11

akd Bijlage

Omschrijving

1

Openbaar gemaakte e-mail

#61683691v1

pagina 11 van 11

akd

Productie 1

Van: Verzonden: Aan: CC: Onderwerp:

voorbeeld voor ODNL en ministerie voor landelijke meld of vergunningpiicht

Bijlagen:

staalslakken Artikelen en toelichting TGG en staalslakken ed.docx

maandag 20 november 2023 16:23

Beste Ben blij te horen dat er verbeteringen aankomen en een meerjarige herijking van het beleid. Hierbij ter inspiratie voor de landelijke denktank de artikelen met toelichting die we hebben gemaakt voor o.a. staalslakken. We hebben o.a. voor een verbod gekozen, omdat dit de regels simpeler maakt (1 klein artikel ipv 2,5 pagina aan

artikelen). In de toelichting is te lezen dat we aansturen op aanvraag van een vergunning. Een vergunning geeft het bevoegd gezag meer zeggenschap over waar en hoe ze worden toegepast. Een melding vinden we nog wat te marginaal, omdat onze zeggenschap dan nog steeds minimaal is.

Met vriendelijke groet,

Adviseur Bodem Unit Juridisch Advies en Ondergrond Per 1 januari 2024 treedt de omgevingswet in werking, bent u er al klaar voor? Let op: de bodemmeldingen doet u dan via het omgevingsloket. Hiervoor heeft u E-herkenning nodig. Oefen alvast met onze modules.

Omgcvlngidicnst Zuld'Holhnd ZuM

Johan de Wittslraat 140, 3311 KJ, Dordrecht Postbus 550, 3300 AN Dordrecht www.ozhz.nl

H|^|@ozhzjil 078 770i

Is deze mail niet voor u bedoeld? Laat dit aan de afzender weten en verwijder de mail. Aan dit bericht kunt u geen rechten ontlenen.

1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1059/documents/15030