A11. 20250415 Zienswijze Jaarstukken 2024 DG&J.pdf
Tekst van het document
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
68
Het nog te betalen bedrag voor DG&J bedraagt € 5,5 mln. dit bedrag bestaat uit € 1,5 mln. nog te betalen loonbelasting over 2024 en € 4,0 mln. aan overige nog te betalen bedragen. Deze laatste post wordt met name verklaard door eindafrekening Jong JGZ 2024 € 1,7 mln., terugbetaling Covid SPUK 2023 (nog te betalen aan het Rijk) en 2024 voor € 1,4 mln. en eindafrekening SGD Q4 2024 voor € 0,4 mln. De jaarrekeningpost vooruit ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheden is met € 1,1 mln. gedaald doordat de Covid SPUK en MKR middelen in 2023 vooruit ontvangen was en eind 2024 dit een terugbetaling is geworden onder nog te betalen bedragen.
Omschrijving
Saldo 31-12-2024
Saldo 31-12-2023
Vooruit ontvangen bedragen Europese overheden
0
0
Vooruit ontvangen bedragen van het Rijk
0
1.072.248
Vooruit ontvangen bedragen van gemeenten
595.498
481.205
Vooruit ontvangen bedragen van overige Nederlandse overheden
55.762
184.082
Totaal
651.260
1.737.535
Niet uit de balans blijkende financiële rechten en verplichtingen De GR DG&J heeft de navolgende langlopende verplichtingen: ▪ Huurovereenkomst Karel Lotsyweg 40 (€ 3.014.000) (loopt af per 30-11-2030). ▪ Huurovereenkomst Johan de Wittstraat (€ 392.252) (loopt af per 31-12-2030). ▪ Huurovereenkomst Oud-Beijerland (€ 24.000) (jaarlijkse verlening per 30-04). In de jaarrekening zijn alleen de feitelijke jaarlasten opgenomen.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
69
4.6 Wet normering inkomens topfunctionarissen (WNT) Binnen Gemeenschappelijke regelingen worden als topfunctionaris aangemerkt de leden van de hoogste uitvoerende en toezichthoudende organen. Voor de GR DG&J betreft het hier het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur, en de secretaris. De wet Normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) kent een openbaarmakingsregime en een maximale bezoldigingsnorm. De maximale bezoldigingsnorm is van toepassing op topfunctionarissen die in dienstbetrekking werkzaam zijn en topfunctionarissen die niet in dienstbetrekking werkzaam zijn, maar worden ingehuurd op overeenkomst van opdracht. Het Dagelijks Bestuur van de GR DG&J bestond uit: Naam
Functie
Lid sinds-vanaf
H. van der Linden
Voorzitter
Geheel 2024
J.H. Blaak
Lid
Tot maart 2024
E. Dansen
Lid
Geheel 2024
S. van Die
Lid
Geheel 2024
W.P.H.J. Peters
Lid
Vanaf juni 2024
Geen van deze bestuursleden ontving een vergoeding in 2024. Het Algemeen Bestuur van de GR DG&J bestond uit de volgende leden: Naam
Functie
Lid sinds-vanaf
H. van der Linden
Voorzitter
Geheel 2024
M. de Deugd
Lid
Geheel 2024
J.D. van der Borg
Lid
Geheel 2024
E. Dansen
Lid
Geheel 2024
S. van Die
Lid
Geheel 2024
R. de Meij
Lid
Geheel 2024
M. Merx
Lid
Geheel 2024
J.C. Paas
Lid
Geheel 2024
C. Hendriksen
Lid
Geheel 2024
P. Vat
Lid
Tot 11 juli 2024
J.H. Blaak
Lid
Tot maart 2024
W.P.H.J. Peters
Lid
Vanaf juni 2024
H. Akkerman
Lid
Vanaf 11 juli 2024
A. Kosten
Lid
M. Molengraaf
Lid
J. Nederveen
Lid
Alleen als vervanger aanwezig geweest Alleen als vervanger aanwezig geweest Alleen als vervanger aanwezig geweest
Geen van deze bestuursleden ontving een vergoeding in 2024. In 2024 was één lid van Algemeen Directeur bekleed. De WNT informatie is hieronder opgenomen.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
70
4.6.1 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling Gegevens 2024
E.S. Schurink
Functiegegevens
Directeur DG/Secretaris
Aanvang en einde functievervulling in 2024
01/01 – 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€
149.691
Beloningen betaalbaar op termijn
€
23.338
Subtotaal
€
173.029
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
233.000
-/- Onverschuldigd betaald bedrag en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
Totale bezoldiging 2024
€
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
173.029
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling N.v.t.
Gegevens 2023
C. Vermeer
Functiegegevens
Algemeen Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2023
01/01 – 30/04
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
Ja
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€
52.336
Beloningen betaalbaar op termijn
€
7.509
Subtotaal
€
59.846
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
73.315
Totale bezoldiging 2023
€
59.846
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
71
Gegevens 2023
P.W.J. van Hattem
Functiegegevens
Waarnemend Algemeen Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2023
01/05 – 14/05
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€
4.185
Beloningen betaalbaar op termijn
€
786
Subtotaal
€
4.971
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
8.553
-/- Onverschuldigd betaald bedrag en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
Totale bezoldiging 2023
€
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
4.971
72
4.6.2 1b. Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 Gegevens 2024
E.S. Schurink
Functiegegevens
Algemeen Directeur
Kalender jaar
2024
2023
-
15/05 t/m 31/12
0
8
0
996
Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang – einde) Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maximum uurtarief in het kalenderjaar
€
221
€
212
Maxima op basis van de normbedragen per maand
€
0
€
221.800
Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
€ 211.152
€
113.761
Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Bezoldiging in de betreffende periode
€
Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
€ 113.761
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
Bezoldiging
€ 113.761
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
0
N.v.t. N.v.t.
Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2024 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
73
4.7 Subsidierelaties DG&J voert voor een aantal partijen werkzaamheden uit waarvoor een subsidie wordt verstrekt. De verantwoording van deze subsidies verloopt via de jaarstukken van DG&J en de daarbij behorende verklaring van de accountant. Deze manier van verantwoorden bij de jaarstukken is afgestemd met de centrumgemeenten Dordrecht en Nissewaard. Zie voor de detailoverzicht bijlage 2 & 3. Voor de door de gemeente Dordrecht verleende subsidies is in totaal € 4.441.481 beschikt en € 4.422.514 werkelijk ingezet. Voor de door de gemeente Nissewaard verleende subsidie is € 688.616 beschikt en is € 688.616 werkelijk ingezet. In de bijlagen zijn de specificaties van de verantwoording van de subsidies opgenomen. De centrumgemeenten ontvangen separaat van de jaarstukken een uitgebreide inhoudelijke en financiële verantwoording.
4.8 COVID-19 meerkosten – COVID-19 SPUK De lasten inzake COVID-19 zijn een stuk lager uitgevallen dan begroot. Dit hangt enerzijds samen met het zetten van circa 10% minder prikken dan waarvoor we als ZuidHolland Zuid klaar moesten staan. Anderzijds zijn diverse maatregelen doorgevoerd, zodat steeds kosten efficiënter is gaan prikken. De lagere lasten hebben geen effect op het saldo van baten en lasten (dit blijft nihil), aangezien we vanuit het ministerie van VWS de daadwerkelijke lasten vergoed krijgen.
4.9 Rechtmatigheidsverantwoording 4.9.1 Verantwoordelijkheid Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het Algemeen Bestuur op 14 december 2023 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 1% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 2.027.000.
De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
74
4.9.2 Bevinding Het Dagelijks Bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 239.000 bedraagt. Dit is lager dan de hiervoor gestelde grens van € 2.027.000. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het Dagelijks Bestuur overigens een bedrag van € 208.000 acceptabel op basis van door het Algemeen Bestuur vastgestelde afspraken. Bedragen x € 1.000
Begrotingscriterium 1A. Overschrijding lasten programma’s (of indien van toepassing een ander door bestuur vastgesteld autorisatieniveau) 1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) 2. Ongeautoriseerde reservemutaties 3. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten, investeringen en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan het bestuur zijn gemeld (hangt af van de intern vastgelegde spelregels in bijvoorbeeld de financiële verordening art. 212 Gemeentewet over de planning & controlcyclus, budgetafwijkingen, budgetoverheveling et cetera). Totaal begrotingsonrechtmatigheden 4. Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid. In de rechtmatigheidsverantwoording wordt verwezen naar dit vooraf vastgestelde beleid. De niet -acceptabele begrotingsonrechtmatigheden worden inhoudelijk in de rechtmatigheidsverantwoording en in de paragraaf bedrijfsvoering toegelicht. Voorwaardencriterium 5. Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed. M&O criterium Geen bevindingen Totaal onrechtmatigheden Waarvan acceptabel Waarvan niet-acceptabel
€ 208
N.v.t. N.v.t. €0
€ 208 € 208
€0
€ 31
€ 239 € 208 € 31
In de paragraaf bedrijfsvoering (paragraaf 3.4) is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het Algemeen Bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het Dagelijks Bestuur ook beschreven welke actie hij onderneemt om, indien noodzakelijk, vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
75
5 Vaststelling Dagelijks Bestuur Als concept jaarstukken vastgesteld en aangeboden aan het Dagelijks Bestuur op 26 juni 2025.
Het Dagelijks Bestuur van de GR Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid,
De secretaris, E.S. Schurink
De voorzitter, H. van der Linden
Algemeen Bestuur Vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de GR Dienst Gezondheid & Jeugd ZuidHolland Zuid in de openbare vergadering van 10 juli 2025.
De secretaris, E.S. Schurink
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
De voorzitter, H. van der Linden
76
6 Controleverklaring Volgt na de accountantscontrole!
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
77
Bijlagen 1 Inwoner- en leerlingenbijdrage 2024 1.1 Inwonerbijdrage 2024 begroting versus jaarrekening Hieronder is inzichtelijk gemaakt wat de bijdrage per gemeente was bij de begroting en wat de bijdrage wordt op basis van de jaarrekeningcijfers 2024. Hierbij is er rekening mee gehouden, dan van het positieve jaarrekeningresultaat van € 1.147.995, € 797.995 wordt uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten. Het resterende bedrag (€ 350.000) wordt toegevoegd aan een nog te vormen bestemmingsreserve Mentale Gezondheid. (bedragen x € 1) Begroting 2024
Gemeenten
Begrotings wijzigingen Totaal *1 1.390.082 52.522 1.442.604 8.457.384 284.115 8.741.499 2.621.818 90.363 2.712.181 1.252.056 48.643 1.300.699 2.155.440 86.270 2.241.710 5.205.176 176.025 5.381.201 2.900.520 114.467 3.014.987 2.062.122 75.597 2.137.719 1.813.846 65.455 1.879.301 3.059.534 106.597 3.166.131 30.917.978 1.100.054 32.018.032 Basis
Alblasserdam Dordrecht Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Hendrik-Ido-Ambacht Hoeksche Waard Molenlanden Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht Totaal
Jaarrekening 2024 Totaal
Verschil Bedrag
1.411.538 -31.066 8.469.295 -272.204 2.633.570 -78.611 1.276.419 -24.280 2.205.686 -36.024 5.265.943 -115.258 2.961.530 -53.457 2.086.042 -51.677 1.832.414 -46.887 3.077.600 -88.531 31.220.037 -797.995
Te betalen te ontvangen te ontvangen te ontvangen te ontvangen te ontvangen te ontvangen te ontvangen te ontvangen te ontvangen te ontvangen te ontvangen
*1 De begrotingswijzigingen hebben betrekking op: ▪ VT-uitbreiding (Algemeen Bestuur 6 juli 2023); ▪ WMO toezicht (Algemeen Bestuur 9 november 2023); ▪ Leerplicht tijdelijke uitbreiding capaciteit (Algemeen Bestuur 4 april 2024); ▪ JGZ maternale kinkhoest (Algemeen Bestuur 4 april 2024); ▪ JGZ extra indexatie (Dagelijks Bestuur 10 oktober 2024). Bij de vaststelling van de jaarstukken 2024 wordt ook de werkelijke bijdrage over 2024 vastgesteld e.e.a. conform de bijdrageverordening.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
78
1.2 Gemeentelijke bijdrage per product
Dordrecht
Gorinchem
HardinxveldGiessendam
Hendrik-IdoAmbacht
Hoeksche Waard
Molenlanden
Papendrecht
Sliedrecht
Zwijndrecht
Totaal
Alblasserdam
*1 *1 *1 *1 *1 *1 *5 *2 *1 *1 *1 *1 *1 *1 *3 *1 *4 *1 *1 *1 *1 *1 *1 *1
Totaal
7.1 Infectieziektenbestrijding 7.1 SOA/Sense 7.1 TBC 7.1 Reizigers 7.1 Medische Milieukunde 6.1 Toezicht Kinderopvang 6.71d Toezicht WMO 7.1 Gezondheidsbevordering 7.1 Crisisorganisatie 7.1 OGGZ 7.1 Covid-19 6.2 Veilig Thuis Volwassenen 6.2 Veilig Thuis Jeugd 6.2 Crisisdienst 4.3 Leerplicht 4.3 Doorstroompunt 7.1 Jeugdgezondheidszorg 7.1 Kennisprogramma 0.4 Overhead 0.4 Overhead Covid-19 0.5 Financiering 0.8 Algemene baten en lasten 0.8 Resultaat 0.10 Mutatie reserves
Verdeelsleutel
Product
Taakveld
In onderstaande tabel wordt uiteengezet hoe de bijdrage per product is opgebouwd.
1.996.149 -26.804 447.020 89.122 493.957 758.350 145.497 2.056.581 284.908 927.187 4.938.019 1.050.739 2.815.776 299.280 14.099.505 1.507.941 -643.606 -354.467 350.000 -15.119 31.220.037
83.075 -1.116 18.604 3.709 20.557 31.561 7.146 86.845 11.857 38.587 205.508 43.729 135.007 12.455 678.857 62.757 -26.785 -14.752 14.566 -629 1.411.538
623.365 -8.370 139.597 27.831 154.255 236.820 53.625 602.068 88.972 289.546 1.542.063 328.129 668.701 93.460 3.365.432 470.906 -200.988 -110.694 109.299 -4.721 8.469.295
184.969 -2.484 41.422 8.258 45.771 70.271 15.912 182.087 26.400 85.916 457.570 97.364 217.073 27.732 1.097.031 139.730 -59.638 -32.846 32.432 -1.401 2.633.570
69.399 -932 15.541 3.098 17.173 26.365 5.970 75.300 9.905 32.235 171.676 36.530 127.082 10.405 647.302 52.425 -22.376 -12.323 12.168 -526 1.276.419
111.982 -1.504 25.077 5.000 27.710 42.543 9.633 124.357 15.983 52.014 277.017 58.945 231.329 16.789 1.161.420 84.594 -36.106 -19.885 19.635 -848 2.205.686
304.823 -4.093 68.262 13.609 75.430 115.804 342.525 43.507 141.587 754.062 160.454 517.478 45.702 2.557.796 230.271 -98.282 -54.129 53.447 -2.309 5.265.943
158.406 -2.127 35.474 7.072 39.198 60.179 13.627 175.680 22.609 73.578 391.860 83.382 306.124 23.750 1.505.681 119.664 -51.074 -28.129 27.775 -1.200 2.961.530
132.041 -1.773 29.569 5.895 32.674 50.163 11.359 138.481 18.846 61.331 326.638 69.504 192.972 19.797 942.668 99.747 -42.573 -23.447 23.152 -1.000 2.086.042
117.097 -1.572 26.223 5.228 28.976 44.486 10.073 118.570 16.713 54.390 289.672 61.638 162.294 17.556 831.515 88.458 -37.755 -20.794 20.532 -887 1.832.414
210.994 -2.833 47.250 9.420 52.212 80.158 18.151 210.668 30.115 98.004 521.952 111.064 257.718 31.634 1.311.803 159.390 -68.030 -37.467 36.995 -1.598 3.077.600
Toelichting op de verdeelsleutels *1 Aandeel op basis van aandeel gemeentefonds *2 Aandeel op basis van aandeel gemeentefonds, met uitzondering van "Samen voor Gezond" (op basis van een bijdrage per inwoner) *3 Aandeel op basis van aantal leer- en kwalificatieplichtingen 5 tot en met 17 jaar *4 Aandeel op basis van aantal jeugdigen 0 tot en met 18 jaar *5 Aandeel op basis van aandeel gemeentefonds exclusief aandeel gemeente Hoeksche Waard voor Toezicht WMO
1.3 Gehanteerde verdeelsleutels Hieronder wordt een toelichting gegeven op de gehanteerde verdeelsleutels. Bij de jaarrekening worden dezelfde verdeelsleutels gebruikt als bij de begroting.
1.3.1 Gemeentefonds Betreft hier de uitkering in het gemeentefonds voor het jaar 2024, gebaseerd op de septembercirculaire 2022.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
79
Gemeenten Alblasserdam Dordrecht Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Hendrik-Ido-Ambacht Hoeksche Waard Molenlanden Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht Totaal
Gemeentefonds Aandeel 36.703.616 275.412.246 81.721.971 30.661.369 49.475.244 134.675.411 69.986.197 58.337.533 51.735.355 93.220.494 881.929.437
4,16% 31,23% 9,27% 3,48% 5,61% 15,27% 7,94% 6,61% 5,87% 10,57% 100%
1.3.2 Jeugdigen en leerplichtigen Betreft hier het aantal jeugdigen en leerplichtigen per 1-1-2022. 0 tot en met 18 jaar Alblasserdam 4.776 Dordrecht 23.677 Gorinchem 7.718 Hardinxveld-Giessendam 4.554 Hendrik-Ido-Ambacht 8.171 Hoeksche Waard 17.995 Molenlanden 10.593 Papendrecht 6.632 Sliedrecht 5.850 Zwijndrecht 9.229 Totaal 99.195 Gemeenten
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
Aandeel 4,81% 23,87% 7,78% 4,59% 8,24% 18,14% 10,68% 6,69% 5,90% 9,30% 100%
5 tot en met 17 jaar 3.305 16.370 5.314 3.111 5.663 12.668 7.494 4.724 3.973 6.309 68.931
Aandeel 4,79% 23,75% 7,71% 4,51% 8,22% 18,38% 10,87% 6,85% 5,76% 9,15% 100%
80
2 Verantwoording subsidie 2.1 Verantwoording subsidie Gemeente Dordrecht (bedragen x € 1) Subsidieonderdeel
Deelproduct
Veilig Thuis
Volwassenen
1.590.541
1.566.857
-23.684
Veilig Thuis
Jeugd
1.366.497
1.331.780
-34.717
OGGZ
Procesregie stedelijk netwerk
94.891
94.891
0
OGGZ
Secretariële ondersteuning stedelijk netwerk
21.612
21.612
0
OGGZ
Procesregie Toegang
309.933
309.933
0
OGGZ
Secretariële ondersteuning Toegang
32.418
32.418
0
OGGZ
Uitvoering deeltaak Nazorg ex gedetineerden
14.265
14.265
0
OGGZ
Extreme woningvervuilingen
153.929
153.929
0
OGGZ
Woonadvisering (PUV)
65.164
65.164
0
OGGZ
Tijdelijke extra inzet TNS
64.840
64.840
0
Doe ff gezond
Programma
125.477
125.477
0
Team Toeleiding en Bemoeizorg (TT&B)
Programma
600.414
600.414
0
4.439.981
4.381.580
-58.401
Totaal
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
Beschikt
Werkelijk
Verschil
81
2.2 Verantwoording subsidie gemeente Nissewaard (bedragen x € 1) Product Veilig Thuis Veilig Thuis
Prestatieafspraken Volwassenen Jeugd
Totaal
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
Beschikt 366.731
Werkelijk 361.128
Verschil -5.603
321.885
313.680
-8.205
688.616
688.616
-13.808
82
3 Taakvelden In onderstaande tabel zijn de taakvelden van de GR DG&J weergegeven. (bedragen x €1.000,-) Taakveld
Begrote Begrote Werkelijke Werkelijke Saldo*1 Saldo lasten*1 baten*1 lasten baten
0.4 0.5 0.8 0.10
Overhead 12.345 -12.345 12.736 13.152 Treasury 0 0 1.090 Overige baten en lasten 12.345 12.345 49 490 Mutaties reserves 0 0 973 789 Onderwijsbeleid en 4.3 2.725 2.725 0 3.847 3.708 leerlingenzaken Samenkracht en 6.1 1.131 1.131 0 1.159 1.233 burgerparticipatie 6.2 Wijkteams 8.309 8.309 0 8.205 8.302 Maatwerkdienstverlening 6.71 162 162 0 198 207 18+ Maatwerkdienstverlening 6.72 122.988 122.988 0 137.082 136.362 186.81 Geëscaleerde zorg 18+ 2.198 2.198 0 0 0 6.82 Geëscaleerde zorg 1810.163 10.163 0 10.700 10.163 7.1 Volksgezondheid 20.041 20.041 0 27.801 28.402 Totaal 180.062 180.062 0 202.750 203.898 *1 Betreft de begrotingsbedragen exclusief begrotingswijzigingen, zie pagina 54 van de begroting 2024. Deze begrotingsbedragen zijn nog opgesteld conform de oude IV3 voorschriften.
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
83
416 1.090 441 -184 -139 74 97 9 -720 0 -537 601 1.148
4 Beleidsindicatoren In onderstaande tabel zijn de beleidsindicatoren van de GR DG&J weergegeven. Begroting 2024 0,39
Jaarrekening 2024 0,57
Eigen gegevens
0,39
0,55
Kosten per inwoner
Eigen gegevens
€ 26,62
€
Externe inhuur
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
Eigen gegevens
4,06%
26,68%
0. Bestuur en ondersteuning
Overhead
% van totale lasten
Eigen gegevens
6,80%
6,49%
17
4. Onderwijs
Absoluut verzuim
0,9
1,8
18
4. Onderwijs
Relatief verzuim
6,3
10
19
4. Onderwijs
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)
Aantal per 1.000 DUO leerlingen Aantal per 1.000 DUO leerlingen % deelnemers aan het VO DUO en MBO onderwijs
1,9%
2,4%
29
6. Sociaal domein
Jongeren met jeugdhulp
% van alle jongeren tot 18 jaar
CBS
11,30%
11,60%
30
6. Sociaal domein
Jongeren met jeugdbescherming
% van alle jongeren tot 18 jaar
CBS
1,40%
1,10%
31
6. Sociaal domein
Jongeren met jeugdreclassering
% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar
CBS
0,30%
0,30%
nr. Taakveld
Naam indicator
Eenheid
Bron
1
0. Bestuur en ondersteuning
Formatie
Fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
2
0. Bestuur en ondersteuning
Bezetting
Fte per 1.000 inwoners
3
0. Bestuur en ondersteuning
Apparaatskosten
4
0. Bestuur en ondersteuning
5
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
25,79
84
5 SiSa bijlage ocw
Ontvanger
H29
Juridische grondslag
Uitkeringscode
VWS
Specifieke uitkering
Verstrekker
SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2024 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 7-01-2025
Regeling specifieke uitkering versterking GGD'en
Indicator Beschikkingsnummer / kenmerk
Indicator Naam van de pijler
Indicator Besteding (jaar T) ten laste van Rijksmiddelen – zelfstandige uitvoering
Indicator Cumulatieve besteding (t/m jaar T) ten laste van Rijksmiddelen – Inclusief verantwoording tussen medeoverheden
Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle R Indicator: H29/01 Indicator: H29/02 Indicator: H29/03 1 1045611 Kwetsbaarheden wegnemen € 553.716 € 1.107.432 2 1045611 Versneld opleiden € 110.271 € 187.195 12 1045611 Landelijke Functie opschaling € 179.895 € 179.895 Infectieziektebestrijding (transitiecapaciteit)
Indicator Indicator Plannen uitgevoerd Toelichting conform uitvraag? verplicht als bij (Ja/Nee/Nvt) H29/05 "Nee" is ingevuld
Aard controle D2 Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Indicator: H29/04 Indicator: H29/05 Indicator: H29/06 Ja Ja
Ja Kopie Kopie Naam van de pijler Zelfstandige Eindverantwoording? (Ja/Nee) Beschikkingsnummer / uitvoering? (Ja/ kenmerk Nee) Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle Indicator: H29/07 Indicator: H29/08 Indicator: H29/09 Indicator: H29/10 1 1045611 2 1045611 12 1045611
VWS
H29B
Regeling specifieke uitkering versterking GGD'en
Kwetsbaarheden wegnemen Versneld opleiden Landelijke Functie opschaling Infectieziektebestrijding (transitiecapaciteit)
Hieronder per regel één Naam van de pijler (code) uit (jaar T) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die GGD invullen
Ja Ja
Ja Besteding (jaar T)
Nee Nee Nee
Plannen uitgevoerd conform uitvraag? Toelichting (Ja/Nee/Nvt) verplicht als bij H29B/04 "Nee" is ingevuld
SiSa tussen medeoverheden Aard controle n.v.t. Indicator: H29B/01
VWS
H33
Aard controle n.v.t. Indicator: H29B/02
1 50444 Gemeentelijke Kwetsbaarheden wegnemen Gezondheidsdienst Regio Utrecht 2 50444 Gemeentelijke Verstevigen (boven) regionale Gezondheidsdienst monitoring en surveillance Regio Utrecht 5 50444 Gemeentelijke Versneld opleiden Gezondheidsdienst Regio Utrecht Regeling specifieke Besteding (jaar T) COVID- Heeft u de infrastructuur uitkering COVID-1919-vaccinaties conform ingericht ten behoeve van de vaccinatie basiscapaciteit basiscapaciteit covid-19vaccinatie? (Art. 3, lid 1, onder b) (ja/nee)
Aard controle R Indicator: H29B/03 € 52.458
Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Indicator: H29B/04 Indicator: H29B/05
Ja € 66.000 Ja € 71.334
Besteding (jaar T) inzake voorbereidende werkzaamheden (Art. 3 lid 1, onder c)
Ja Heeft u (na schriftelijke mededeling aan de minister van VWS) de infrastructuur die specifiek voor COVID-19-vaccinaties is opgezet, ingezet voor andere activiteiten die vallen onder de wettelijke taak op grond van artikel 6, eerste lid van de Wpg? (Ja/Nee)
Eerste halfjaar Eerste halfjaar Eerste halfjaar Eerste halfjaar Aard controle R Aard controle D1 Aard controle R Indicator: H33/01 Indicator: H33/02 Indicator: H33/03 € 11.327 Nee Besteding (jaar T) COVID- Heeft u (na schriftelijke 19-vaccinaties mededeling aan de minister van VWS) de infrastructuur die specifiek voor COVID-19vaccinaties is opgezet, ingezet voor andere activiteiten die vallen onder de wettelijke taak op grond van artikel 6, eerste lid van de Wpg? (Ja/Nee)
€ 537.201 Besteding (jaar T) ten behoeve van alternatieve activiteiten (verplicht als bij voorgaande indicator ‘Ja’ is geselecteerd)
Nee
Aard controle D2 Indicator: H33/04
Besteding (jaar T) ten behoeve van alternatieve activiteiten (verplicht als bij voorgaande indicator ‘Ja’ is geselecteerd) Eerste halfjaar Aard controle D2 Indicator: H33/05 €0
Tweede halfjaar Tweede halfjaar Tweede halfjaar Aard controle R Aard controle D2 Aard controle D2 Indicator: H33/06 Indicator: H33/07 Indicator: H33/08 Nee € 2.211.095 €0
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
85
Dienst Gezondheid & Jeugd | Jaarstukken 2024 |
86
ADVIESNOTA Datum Onderwerp Organisatieonderdeel Auteurs Afgestemd met verantwoordelijke Ten behoeve van
13 maart 2025 Totstandkoming voorstel Mentale gezondheid, gekoppeld aan jaarrekeningresultaat 'Samen voor gezond'. GGD P. van Prooijen, E. Kuilder Ja Algemeen bestuur DG&J
Geachte leden van het Algemeen Bestuur, Het dagelijks bestuur informeert u over het volgende: Aanleiding/eerder genomen besluit Op 7 november 2024 heeft het Algemeen Bestuur gesproken over het resultaat ter hoogte van 350.000 euro dat is ontstaan binnen het budget Samen voor Gezond 2020-2024. Het Algemeen Bestuur heeft besloten om pas bij vaststelling van de jaarrekening 2024 (op 10 juli 2025) te besluiten over de bestemming van de 350.000 euro. Hierbij is afgesproken dat de DG&J in aanloop naar 10 juli een voorstel doet voor preventie op het gebied van mentale gezondheid, ter hoogte van maximaal dit bedrag. Besluitvorming over het plan mentale gezondheid wordt zodoende gekoppeld aan de besluitvorming over de jaarrekening 2024 en de begroting 2026. Met primaire preventie op mentale gezondheid willen we eraan bijdragen dat de instroom in hulpverleningstrajecten minder groot wordt, of dat er minder zware trajecten nodig zijn. En op langere termijn: dat mentale ongezondheid ook minder wordt doorgegeven naar toekomstige generaties. De cijfers in Nederland en ook in Zuid-Holland Zuid laten zien dat de mentale gezondheid van inwoners er niet goed voor staat. Cijfers in de jeugdmonitor (13-15 jaar) en volwassenmonitor (18+) tonen een neerwaartse trend, dus hun mentale gezondheid wordt slechter.
De cijfers in de leeftijdsgroep 16 tot en met 25 jaar (Jongvolwassenmonitor, 2022 en 2024) zijn in 2024 weliswaar licht verbeterd ten opzichte van 2022, maar tonen in absolute zin de grootste mentale ongezondheid van alle drie de doelgroepen. Binnen de groep jongvolwassenen (16 tot en met 25 jaar) springen vooral meiden er negatief uit, en ook laagopgeleiden. Ter illustratie kunnen we op basis van data van de SOJ aangeven dat in september 2024 zo'n 3.300 jongeren in Zuid-Holland Zuid onder de 18 jaar gebruik maakten van jeugd-GGZ. Daarvan zaten 400 jongeren in een basis-GGZ traject, dat gemiddeld een behandelduur heeft van zes maanden en 1.400 euro per traject kost. De overige 2.900 jongeren zaten in een specialistisch GGZ traject. Daarbinnen is sprake van een grote variatie aan zwaarte van trajecten, doorlooptijden en kosten. Er is een kleine terugloop zichtbaar in de vraag naar basis- en specialistische GGZ omdat jonge inwoners tegenwoordig vaker worden geholpen via het lokale team of door de POH GGZ. Daarnaast kan een aanpak met primaire preventie bijdragen aan deze beweging.
1
Bestuurlijk proces Het bestuurlijke proces rondom vaststelling van de jaarrekening 2024 en de begroting 2026 kent twee momenten in het Algemeen Bestuur: - De conceptbehandeling vindt plaats op 3 april, waarna op 14 april een zienswijzeprocedure start. Documenten die op 3 april in het Algemeen Bestuur moeten liggen, moeten ambtelijk op 11 februari gereed zijn. - Op 10 juli vindt definitieve besluitvorming plaats. Documenten die op 10 juli in het Algemeen Bestuur worden behandeld, moeten ambtelijk op 20 mei gereed zijn. Het was, zoals aangegeven, voor de DG&J niet mogelijk om op 11 februari een volledig voorstel voor mentale gezondheid gereed te hebben. Het is immers van belang dat er voldoende en zorgvuldige afstemming met bestuurders, ambtenaren en andere partners plaatsvindt. Toewerken naar een gezamenlijk en gedragen plan is belangrijk. Daarom ontvangt u nu, voor het Algemeen Bestuur van 3 april, voorliggende notitie met informatie die gereed was op 11 februari. Tijdens behandeling op 3 april wordt een presentatie gegeven met de stand van zaken op dat moment. Het streven is dat de programmamanager, die verantwoordelijk is voor de totstandkoming van het voorstel, vóór het Algemeen Bestuur van 3 april alle individuele AB-wethouders samen met de desbetreffende ambtenaar publieke gezondheid spreekt, om van gedachten te wisselen over de gezamenlijke richting.
Ook staat mentale gezondheid op de agenda van het Ambtelijk Overleg Publieke Gezondheid op 11 maart 2025. Tussen het Algemeen Bestuur van 3 april en het indienen van het definitieve voorstel richting het Algemeen Bestuur van 10 juli (20 mei) vindt ook nog nadere afstemming met inwoners en partners plaats. Met welke partners precies in gesprek wordt gegaan, hangt af van de richting waarin het voorstel zich inhoudelijk ontwikkelt. Totstandkoming voorstel mentale gezondheid Om tot een voorstel voor mentale gezondheid te komen, doorloopt de GGD de volgende stappen. Stap 1: Kwantitatief en kwalitatief in beeld brengen wat het centrale probleem/vraagstuk is: hoe ziet de mentale gezondheid eruit van inwoners van Zuid-Holland Zuid? Wat zijn landelijke ontwikkelingen? Deze stap vormt het fundament en vertrekpunt van het vraagstuk. Om dit in beeld te brengen wordt gebruik gemaakt van de data uit de GGD-gezondheidsmonitors ZHZ, van literatuurstudies en van overige inhoudelijke expertise die de GGD/DG&J heeft op dit onderwerp. De GGD maakt daarbij gebruik van haar nauwe samenwerking met kennisinstituten als het Trimbos-instituut, Movisie, RIVM, NJI en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Ook participeert de GGD onder andere in het 'Landelijk dekkend netwerk effectief mentaal gezondheidsbeleid' (een opdracht van het ministerie van VWS aan het Trimbos-instituut).
Het gaat hier ook om oorzaken van en verklaringen voor trends in mentale gezondheid. Waar het grootste deel van de GGD vooral met preventie aan de voorkant van de keten werkt, hebben OGGZ, LVS, SOJ en Veilig Thuis kennis over inwoners die zorg en ondersteuning nodig hebben (achterkant van de keten), en welke oorzaken daaraan ten grondslag liggen. Dit raakt veelal de mentale gezondheid van inwoners. Ook die kennis wordt in deze stap benut. Stap 2: Doel en rol duiden Hierin wordt een afbakening gemaakt binnen mentale gezondheid, wordt het na te streven doel bepaald en wordt de rol van de GGD geduid.
2
Stap 3: Opstellen van een (programmatische) aanpak op mentale gezondheid Dit gaat om het samenstellen van een set van acties en interventies die bijdraagt aan het beoogde doel. De aanpak bevat ook de strategie, inclusief benodigde samenwerking met partners en benodigde randvoorwaarden. Deze aanpak komt onder andere tot stand op basis van: - Kennis over effectieve interventies op mentale gezondheid. - Wat denkt de doelgroep: wat helpt hen? - Praktijkkennis van professionals: wat zien zij en wat zou naar hun inschatting helpend zijn? Hierbij wordt ook nagegaan welke initiatieven er al zijn in de regio. Ook wordt onderzocht of zich kansen voordoen voor cofinanciering, bijvoorbeeld in de vorm van het aanvragen van subsidiemiddelen bij instituten als ZonMw. Medewerkers van OGGZ, LVS, SOJ en Veilig Thuis worden nauw betrokken bij het ontwikkelen van het voorstel voor mentale gezondheid, zodat een set aan interventies ontstaat die daadwerkelijk het verschil gaan maken voor jongeren/jongvolwassenen in ZHZ. Stap 4: Merkbaar en meetbaar De beoogde aanpak moet zo veel mogelijk meetbaar en in ieder geval merkbaar worden gemaakt. Stand van zaken op 11 februari 2025 Bij het schrijven van voorliggende notitie (dd. 11 februari) is stap 1 in concept grotendeels afgerond en wordt gewerkt aan stappen 2 en 3. In bijlage 1 geeft de GGD een beknopte samenvatting van de uitkomsten tot nu toe.
In bijlage 2 vindt u een onderzoeksrapport behorend bij stap 1. Tijdens de presentatie op 3 april in het Algemeen Bestuur wordt dit toegelicht, aangevuld met wat tussen 11 februari en 3 april verder is ontwikkeld. Op 10 juli ligt er een compleet voorstel klaar, waarover u kunt besluiten.
Portefeuillehouder: Marc Merx Informatie: Erika Kuilder Telefoonnummer: 06-10417485 E-mail: e.kuilder@ggdzhz.nl Bijlagen: 1. Inhoudelijke uitkomsten en inzichten tot nu toe (bij Adviesnota Totstandkoming voorstel Mentale gezondheid, gekoppeld aan jaarrekeningresultaat 'Samen voor gezond'), 10 februari 2025;
2. 'De status van mentale gezondheid in Zuid-Holland Zuid: een verkenning', 10 februari 2025.
3
Bijlage 1 Inhoudelijke uitkomsten en inzichten tot nu toe bij de AB-adviesnota "Totstandkoming voorstel Mentale gezondheid" (AB 3 april 2025) 10 februari 2025 In deze bijlage leest u achtereenvolgens: • Definitie van mentale gezondheid • Beknopt cijfermatig beeld van de gezondheid in Zuid-Holland Zuid • Oorzaken/verklarende factoren van mentale (on)gezondheid • Verklaringen voor trends in mentale gezondheid en zorgvraag • Beoogde doel (dit is in concept) • Rol GGD in mentale gezondheid (i.r.t. dit concept doel) • Toewerken naar een concreet voorstel: kiezen van impactvolle oplossingen Definitie mentale gezondheid De definitie van mentale gezondheid die we hanteren, luidt: "De manier waarop je je verhoudt tot jezelf en tot anderen en hoe je omgaat met de uitdagingen in het dagelijks leven. Tegelijkertijd gaat het ook over hoe jij en anderen in de samenleving dit ervaren" (Trimbosinstituut, Van Bon-Martens et al., 2022). Cijfermatig beeld mentale gezondheid in Zuid-Holland Zuid In bijlage 2 treft u het uitgebreide onderzoeksrapport waarin de GGD de cijfers over mentale gezondheid uit drie gezondheidsmonitors heeft geanalyseerd voor Zuid-Holland Zuid: jeugdmonitor, jongvolwassenmonitor en de volwassenmonitor.
Voor de groep jongvolwassenen is, omdat zij er het slechtst uit naar voren komen, per thema een verdieping aangebracht: op geslacht, opleidingsniveau en onderverdeling van leeftijden binnen de groep 16-25 jaar. In het rapport staat ook geduid hoe de cijfers wel en niet kunnen en mogen worden geïnterpreteerd en vergeleken. De uitkomsten van dat rapport vatten we als volgt samen: De cijfers in Nederland en ook in Zuid-Holland Zuid laten zien dat de mentale gezondheid van inwoners er niet goed voor staat. Cijfers in de jeugdmonitor (13-15 jaar) en volwassenmonitor (18+) tonen een neerwaartse trend, dus hun mentale gezondheid wordt slechter. De cijfers in de leeftijdsgroep 16 tot en met 25 jaar (Jongvolwassenmonitor, 2022 en 2024) over mentale gezondheid zijn in 2024 weliswaar licht verbeterd ten opzichte van 2022, maar tonen in absolute zin de grootste mentale ongezondheid van alle drie de doelgroepen. Binnen de groep jongvolwassenen (16 tot en met 25 jaar) springen vooral meiden er negatief uit, en ook laagopgeleiden. Alle GGD-gezondheidsmonitors zijn gebaseerd op zelfrapportage. In tabel 1 leest u de uitkomsten uit de monitor jongvolwassenen, gehouden in 2022 en 2024. In tabel 2 staat een overzicht van het aantal inwoners in de leeftijd 16- tot en met 25 jaar per gemeente in ZuidHolland Zuid.
Hieruit blijkt onder andere dat van de groep 16- tot en met 25-jarigen in Zuid-Holland Zuid: 57% ofwel 31.300 16-25-jarigen zich enigszins tot sterk eenzaam voelen; 23% ofwel 12.630 16-25-jarigen zich sterk eenzaam voelen; 42% ofwel 23.063 16-25-jarigen vaak of veel last hebben van stress; 45% ofwel 24.711 16-25-jarigen psychische klachten ervaren op basis van de 'MHI-5'; MHI-5 is een internationale standaard waarmee psychische klachten worden gemeten op basis van zelfrapportage over ervaren mentale gezondheid in de afgelopen vier weken. 45% betekent dat bijna de helft van deze leeftijdsgroep zichzelf dus mentaal niet gezond voelde in de vier weken voorafgaand aan het onderzoek; 28% ofwel 15.376 16-25-jarigen in de twaalf maanden voorafgaand aan het onderzoek suïcide overwoog.
1
Tabel 1: Mentale gezondheid jongvolwassenen (16-25 jaar), totaal, man/vrouw en laag-/hoogopgeleid
Indicator Angst of depressie laatste 4 weken absoluut Eenzaamheid enigszins tot sterk eenzaam absoluut Eenzaamheid (Sterk eenzaam) absoluut Weerbaarheid (voldoende weerbaar) absoluut Gelukkig voelen absoluut Herstel na moeilijke periode absoluut (Vaak/Veel) stress absoluut Psychische klachten (MHI-5) absoluut Overwegen van suïcide (12 mnd) absoluut
totaal 2022 84% 46.127 64% 35.144 27% 14.827 79% 43.381 55% 30.202 53% 29.104 47% 25.809 54% 29.653 33% 18.121
totaal 2024 80% 43.930 57% 31.300 23% 12.630 83% 45.578 62% 34.046 59% 32.399 42% 23.063 45% 24.711 28% 15.376
man 2024 73%
laag opgeleid hoog 2024 opgeleid mannen 2024 vrouw en mannen en 2024 vrouwen vrouwen 87% 80% 80%
52%
62%
68%
50%
19%
26%
32%
17%
89%
77%
83%
85%
67%
58%
55%
66%
68%
51%
48%
67%
30%
53%
43%
42%
35%
56%
54%
41%
25%
31%
40%
21%
Bron: GGD ZHZ, Monitor jongvolwassenen 2022, 2024
Tabel 2: Aantal inwoners van 16 tot en met 25 jaar per gemeente in Zuid-Holland Zuid (1 januari 2024): Gemeente Aantal inwoners van 16 tot en met Procentueel aandeel van 25 jaar jongeren in ZHZ in % Alblasserdam 2395 4,4 Dordrecht 14325 26,1 Gorinchem 4538 8,3 Hardinxveld-Giessendam 2409 4,4 Hendrik-Ido-Ambacht 3711 6,8 Hoeksche Waard 9815 17,9 Molenlanden 6103 11,1 Papendrecht 3684 6,7 Sliedrecht 3003 5,5 Zwijndrecht 4930 9,0 Totaal ZHZ 54913 100,0 Bron: https://opendata.cbs.nl/
2
Met de conclusies uit dit cijfermatige beeld ligt het voor de hand om de uitwerking van het voorstel voor mentale gezondheid te richten op het voorkomen dat de mentale gezondheid vanaf 16 jaar verslechtert. Oorzaken/verklarende factoren mentale (on)gezondheid De cijfers over mentale (on)gezondheid roepen als vraag op wat oorzaken zijn van mentale (on)gezondheid. In onderstaande figuur staat een overzicht met factoren die (bij voldoende aanwezigheid) beschermend werken of (bij onvoldoende aanwezigheid) mensen juist kwetsbaar maken voor mentale gezondheid. Hierbij is een onderscheid aan te brengen tussen individuele en omgevingsfactoren. (Iemands) mentale gezondheid wordt bepaald door een complex samenspel van deze factoren, waarin ook nog wederkerige effecten kunnen zitten. Een groot deel hiervan komt overeen met de determinanten die worden toegelicht in het onderzoeksrapport van de GGD in bijlage 2. Dit past ook bij de beleidstheorie die onder het Meerjarenprogramma van de DG&J ligt: 30% van iemands gezondheid wordt bepaald door individuele factoren en 70% door collectieve factoren, waarop een individu geen directe invloed heeft. Figuur 1: individuele en omgevingsfactoren die van invloed zijn op mentale gezondheid
Bron: RIVM en Trimbos-instituut, Conceptueel kader bij Monitor mentale gezondheid, 2023. De vetgedrukte factoren zijn onderzocht in de monitor Mentale Gezondheid van RIVM en Trimbos. Onderwerpen die niet zijn opgenomen in de Monitor mentale gezondheid (op basis van expertraadpleging) zijn cursief gedrukt.
Mentale gezondheid wordt dus gevormd door individuele en omgevingsfactoren. Deze zijn tijdens iedere leeftijdsfase van invloed. Ze werken door in de mentale gezondheid van latere leeftijdsfases en van de volgende generaties. Het Trimbos-instituut adviseert daarom om bij preventie uit te gaan van een levensloopbenadering van mentale gezondheid en van jongs af aan al in te zetten op mentale weerbaarheid. Op die manier kunnen beschermende factoren zoveel mogelijk worden bevorderd. Hoe jonger er sprake is van beschermende factoren, des te groter de kans op veerkracht in het verdere leven en dus ook in de fase van jongvolwassenheid. In het opgroeien naar volwassenheid zijn in elke levensfase weer andere zaken
3
aanvullend helpend vanuit preventie. Daar waar wordt gekozen voor investeringen op mentale gezondheid via scholen, hebben doorgaande leerlijnen daarom de voorkeur. Verklaringen voor trends in mentale gezondheid en zorgvraag Er bestaan geen nationale of internationale referentiekaders om precies te bepalen of cijfers hoog, erg hoog of te hoog zijn. De vraag "wat is normaal" is dan ook niet goed te beantwoorden. De percentages zijn echter wel dusdanig dat de GGD de situatie als ongewenst beoordeelt. Dit is ook de geldende opvatting in Nederland over de mentale gezondheid onder jongvolwassenen. Er is zowel in onze regio als ook landelijk een toename zichtbaar in de vraag naar mentale hulp. De huidige maatschappij waarin jongvolwassenen opgroeien is uiteraard anders dan de maatschappij van twintig of dertig jaar geleden. Het Trimbos-instituut heeft in 2024 de Quickscan Mentale Gezondheid en zorggebruik jongvolwassenen gemaakt, met daarin a) verklaringen voor huidige trends in mentale gezondheid en b) verklaringen voor toegenomen zorggebruik. Dit onderzoek geeft een beeld van de maatschappij waarin jongvolwassenen momenteel leven en tegen welke zaken zij aanlopen die van invloed zijn op hun mentale gezondheid. Deze inzichten kunnen helpend zijn in het maken van keuzes in het voorstel voor mentale gezondheid in ZHZ. Hieronder staat een samenvatting van de verklaringen.
Verklaringen voor toename in mentale ongezondheid Maatschappelijke factoren die de toename in mentale ongezondheid verklaren: - Over de coronacrisis als oorzaak van toegenomen mentale ongezondheid zijn de meningen in onderzoeken verdeeld. Er zijn studies die dit (mede) als verklaring zien en er zijn studies die zeggen dat het daaraan niet is toe te wijzen omdat de verslechtering onder jongvolwassenen al voor de coronacrisis in gang was gezet. - Prestatiedruk: toegenomen ervaren prestatiedruk verslechtert de mentale gezondheid van jongeren en jongvolwassenen. In de 'Factsheet mentale gezondheid jongeren en studenten' (Verweij Jonker Instituut, maart 2024) staat "dat in 2021 het percentage leerlingen dat prestatiedruk ervoer door schoolwerk in het basis- en voortgezet onderwijs ruim drie keer zo hoog was als in 2001. Vooral in het voortgezet onderwijs en bij vervolgopleidingen ligt de ervaren druk door schoolwerk hoog". - Maatschappelijke stressbronnen: jongvolwassenen worden tegenwoordig met groeiende maatschappelijke onzekerheden geconfronteerd. De situatie op de woningmarkt, gestegen kosten voor het dagelijks leven, klimaatverandering en polarisatie in de samenleving ervaren zij als stressbronnen. - 'Besmettelijkheid' van mentale problemen: aangetoond is dat mensen zich slechter gaan voelen als iemand in de sociale omgeving mentale problemen heeft.
- Grotere bekendheid mentale gezondheid: initiatieven die bewustwording van mentale gezondheid vergroten, leiden tot betere herkenning van mentale problemen en nauwkeuriger rapportage ervan. Deze initiatieven kunnen ook leiden tot zogenaamde 'overinterpretatie': als mildere en tijdelijke vormen van stress als psychisch probleem worden ervaren. - Individualisering van de samenleving verslechtert de mentale gezondheid. Factoren in de directe leefomgeving - Sociale media: binnen de wetenschap bestaat nog geen consensus over de positieve of negatieve invloed hiervan op mentale gezondheid. Als er sprake is van problematisch social mediagebruik (hiervan is sprake als social mediagebruik leidt tot problemen die vergelijkbaar zijn met verslavingsgedragingen) dan leidt dat tot negatieve gevolgen. Internationaal is uit onderzoek gebleken dat actief sociaal mediagebruik tot meer mentale problemen kan leiden, maar in Nederland is dat verband nog niet eenduidig aangetoond. In Nederland zijn wel verbanden gevonden tussen problematisch en passief mediagebruik en mentale problemen. In Nederland is uit onderzoek bovendien gebleken dat actief social mediagebruik ook positieve effecten kan hebben, omdat iemand dan het gevoel heeft ergens bij horen en aansluiting vindt.
4
-
Discriminatie: ervaring hiermee op het VO is tussen 2017 en 2021 gestegen en draagt negatief bij aan mentale gezondheid. Echtscheidingen en eenoudergezinnen: het aandeel echtscheidingen is stabiel. Echter, dit zegt niets over ouders die uit elkaar gaan zonder getrouwd te zijn geweest. Er is wel een toename in opgroeien in eenoudergezinnen. Deze ontwikkelingen hangen mogelijk samen met de toename in mentale problemen bij jongvolwassenen.
Individuele factoren - Moeite met omgaan met tegenslagen: jongvolwassenen van nu hebben mogelijk meer moeite met het omgaan met tegenslagen. Het niet direct beschikken over een succesvolle baan of eigen huis worden als tegenslag ervaren. Dit leidt mogelijk tot meer mentale ongezondheid. Verklaringen voor trends in toegenomen zorggebruik: Maatschappelijke factoren: - Afname van mentale gezondheid; zie de verklaringen hierboven. - Coronacrisis: in het begin van de crisis was toegang tot zorg beperkt. In latere fasen was er meer aandacht voor mentale gezondheid. Dit heeft de zorgvraag misschien laten toenemen. - Afname stigma: mensen zoeken daardoor makkelijker hulp. Dit geldt vooral voor mildere psychische problemen als burn-out, somberheids- en angstklachten. - Toenemende medicalisering van psychische klachten: veel mentale problematiek ontstaat door maatschappelijke problemen (zoals schulden of eenzaamheid). Vervolgens worden die problemen in de zorg veelal op individueel niveau behandeld vanuit medisch-curatief perspectief, inclusief DSM-5-label i.v.m. vergoeding vanuit de zorgverzekering. - Hoge geluksnorm, hoge eisen aan zelfredzaamheid van individu en gezin: in de huidige individualistische maatschappij gelden impliciete normen met veel nadruk op zelfredzaamheid en maakbaarheid, met een hoge geluksnorm.
Jongeren ervaren dat ze bepaalde zaken moeten kunnen realiseren en als dat tegenzit en zij voelen zich daardoor niet goed in hun vel, zoeken zij mentale hulp. Individuele gezinnen (jongere doelgroepen) ervaren ook druk om te voldoen aan hoge eisen van opgroeien en onderwijs. Als dat problemen oplevert, wordt ook sneller professionele zorg gezocht. - Zelfdiagnoses door social media nemen toe: dit leidt enerzijds tot het beter en eerder herkennen van stoornissen. Anderzijds leidt het tot over-interpretatie van normale symptomen en het zoeken naar hulp door mensen bij wie symptomen geen negatief effect hebben op de kwaliteit van leven. - Decentralisatie jeugdzorg: met de decentralisatie moest zorg laagdrempeliger en beter bereikbaar zijn. Nabijheid leidt tot hoger zorggebruik als te weinig wordt ingezet op preventie en als snel wordt verwezen naar zwaardere zorg. Als lichte problemen snel worden aangepakt, kan het wel zwaardere zorg voorkomen. - Landelijke uitrol POH-ggz in huisartsenzorg per 2008: de toegenomen beschikbaarheid hiervan kan eraan hebben bijgedragen dat jongvolwassenen in de afgelopen jaren meer gebruik hebben gemaakt van huisartsenzorg. Bronnen: Trimbos-instituut, Quickscan Mentale Gezondheid en zorggebruik jongvolwassenen, 2024.
Verweij Jonker Instituut, 'Factsheet mentale gezondheid jongeren en studenten', maart 2024 Input van LVS, SOJ en VT Uit gesprekken met professionals van SOJ, VT, LVS blijkt dat het bovenstaande verklaringen voor genoemde trends worden herkend. Zij gaven hierop vanuit de praktijk ook nog interessante aanvullingen en beeldvorming. We vatten hun input als volgt samen: - De complexiteit van problemen neemt toe en zit op veel verschillende onderliggende oorzaken, individueel maar ook zeker in het systeem rondom jongeren, jongvolwassenen en gezinnen. - Jongeren/jongvolwassenen voelen zich eenzaam, zitten veel thuis en op hun telefoon. Pestgedrag op social media en via gaming neemt toe. Waar vroeger pestgedrag onder schooltijd plaatsvond, gaat
5
-
-
-
-
-
dit nu vierentwintig uur per dag door. Dus waar een kind vroeger niet meer naar school wilde, zie je nu eerder depressieve klachten staan omdat de druk continu aanwezig is. Druk vanuit social media op jongeren wordt als groot ervaren; ze worden "geacht" steeds online aanwezig te zijn en staan daardoor continu 'aan'. Kinderen spelen minder buiten en zitten meer binnen, in het gezin, op de bank met social media of online games. In toenemende mate worden tijdelijke of permanente vrijstellingen voor leerplicht verstrekt, op grond van artikel 5 onder a van de Leerplichtwet. Dit gebeurt op lichamelijke of psychische grond, waarbij psychische grond toeneemt. Dit is gebaseerd op landelijk onderzoek en zien we ook in regio ZHZ. Daarnaast wordt gezien dat ouders soms wat te snel problematiseren: zij zien iets bij hun kind, en zij vinden dat daar meteen naar moet worden gekeken. Bij voorkeur door de huisarts, die een verwijzing kan geven. Prestatiedruk is zichtbaar en curlinggedrag van ouders speelt een rol. Zodra jongeren meer op eigen benen gaan staan, valt die bescherming van ouders weg en weten ze niet goed hoe te handelen en hoe om te gaan met tegenslag. De huidige generatie jongeren en jongvolwassenen is niet gewend om "nee" te horen. Ze hebben moeite met het omgaan met tegenslag en teleurstelling.
Binnen gezinssystemen lopen ook zaken stuk; kinderen hebben problemen op school, hebben moeite met gezag, ouders voelen zich machteloos en vinden het soms ook moeilijk om hulp te accepteren. Netwerken in familie en de buurt kunnen een groot positief verschil maken, in combinatie met hulpverlening. Dit kan helpen om op eigen kracht, samen met deze mensen, stappen voorwaarts te zetten. Tegelijkertijd zien we dat de steunstructuren en netwerken per gezin kleiner worden. Terwijl het netwerk op social media groot is, betekent dat in het "echte" dagdagelijkse leven weinig. Hulp vragen bij de buurvrouw wordt bovendien als drempel ervaren. De mate waarin tijdens de basisschoolperiode al adequaat wordt ingespeeld op (beginnende) problematiek is wisselend. Niet altijd wordt dan tot de kern doorgedrongen. De overstap voor leerlingen van PO naar VO is sowieso een grote stap. Vaak wordt gezien dat leerlingen die om uiteenlopende redenen geen stabiele basis hebben voor hun mentale gezondheid, pas op het VO waarin meer eigen regie wordt gevraagd - echt uit het systeem 'klappen'.
Beoogde doel (concept) Op basis van de uitkomsten uit onderzoek, adviseren we om de inzet van primaire preventie in het voorstel voor mentale gezondheid te richten op primaire preventie onder jongvolwassenen. Om manifestatie op 16jarige leeftijd zoveel mogelijk te voorkomen, moet preventie dus tijdig vóór die leeftijd worden ingezet. In concept luidt het doel nu: mentale gezondheid van jongvolwassenen (definitie: 16-25 jaar) tijdig preventief bevorderen/versterken. Rol GGD in mentale gezondheid De inhoudelijke rol van de GGD op mentale gezondheid is gericht op primaire preventie: gezonde mensen gezond houden. In beginsel richt de GGD zich daarbij op collectieve interventies, in groepen. Binnen het collectief kan een nader onderscheid worden gemaakt: interventies kunnen zich richten op de gehele bevolking, of op een selectie van groepen die een verhoogd risico lopen op mentale ongezondheid. De GGD verleent géén individuele dienstverlening op dit terrein; dit zou vallen onder geïndiceerde preventie en valt buiten de rol van de GGD. De GGD vervult ten aanzien van mentale gezondheid momenteel twee typen rollen: a) De GGD adviseert gemeenten en andere partners over (beleid en) uitvoering, gebaseerd op haar data en expertise ten aanzien van mentale gezondheid.
Hierbij wordt ook de relatie gelegd met andere inhoudelijke expertisegebieden van de GGD zoals leefomgeving, verslavingspreventie en gezonde schoolaanpak. Waar het grootste deel van de GGD vooral met preventie aan de voorkant van de keten werkt, hebben OGGZ, LVS, SOJ en Veilig Thuis kennis over inwoners die zorg en ondersteuning nodig hebben, en welke oorzaken daaraan ten grondslag liggen. Dit raakt ook vaak de mentale gezondheid van inwoners. Deze kennis wordt ook benut. b) De GGD neemt de coördinatie van uitvoering op zich van (samenhangende sets van) interventies rondom mentale gezondheid, binnen diverse leefomgevingen waarin kinderen/jongeren actief zijn. De uitvoering van deze interventies vindt veelal door derden plaats.
6
Bij het opstellen van een concreet voorstel voor mentale gezondheid zal de focus komen te liggen op primaire preventie onder kinderen/jongeren waarmee wordt voorkomen dat de mentale gezondheid op zestienjarige leeftijd verslechtert. Onderdeel van de uitwerking is ook in hoeverre specifieke focus op meiden gewenst is en op lager opgeleiden. Wat betreft de conclusie dat laagopgeleide jongvolwassenen een grotere mentale ongezondheid laten zien: het is niet zo dat intelligentieniveau rechtstreeks samenhangt met mentale gezondheid. Wel is er samenhang zichtbaar tussen de kansen die laagopgeleiden krijgen in de maatschappij; deze zijn anders en soms kleiner dan onder hoogopgeleiden. Op die manier leidt dit tot een slechtere mentale gezondheid. Toewerken naar een concreet voorstel: kiezen van impactvolle oplossingen Omdat mentale gezondheid zoals gezegd wordt bepaald door een complex samenspel aan factoren is er geen ultiem antwoord te geven op de vraag welke oplossingen/interventies het allerbeste kunnen worden ingezet om de meeste impact te maken. Levensloopaanpakken zijn aan te raden. Binnen het overzicht van factoren (zie p.4) kan vanuit rolneming en verantwoordelijkheid van gemeenten én van de GGD als uitvoeringsorganisatie worden bekeken op welke factoren zij invloed kunnen uitoefenen. Beide organisaties kunnen elkaar daarin versterken.
De impact van primaire preventie is altijd moeilijk specifiek aantoonbaar, zeker ook door het complexe samenspel van factoren die - in dit geval mentale - gezondheid beïnvloeden. Ter illustratie kunnen we op basis van data van de SOJ aangeven dat in september 2024 zo'n 3.300 jongeren in Zuid-Holland Zuid onder de 18 jaar gebruik maakten van jeugd-GGZ. Daarvan zaten 400 jongeren in een basis-GGZ traject, dat gemiddeld een behandelduur heeft van zes maanden en 1.400 euro per traject kost. De overige 2.900 jongeren zaten in een specialistisch GGZ traject. Daarbinnen is sprake van een grote variatie aan zwaarte van trajecten, doorlooptijden en kosten. Met primaire preventie op mentale gezondheid willen we eraan bijdragen dat de instroom in dergelijke trajecten minder groot wordt, of dat er minder zware trajecten nodig zijn. En op langere termijn: dat mentale ongezondheid ook minder wordt doorgegeven naar toekomstige generaties. Er is overigens wel al een kleine terugloop zichtbaar in de vraag naar basis- en specialistische GGZ omdat jonge inwoners tegenwoordig vaker worden geholpen via het lokale team of door de POH GGZ.
Nederlands Jeugd instituut geeft in haar rapport "Effecten van preventie in het jeugdveld" (maart 2021) aan dat de onderzoeken, waarin naar de (kosten)effectiviteit van preventieve jeugdinterventies is gekeken, aantonen dat investeren in preventie (kosten)effectief kan zijn. Wel laten deze onderzoeken, net als veel buitenlandse studies, vaak geringe effectgroottes zien. Een belangrijke reden daarvoor is dat veel van deze interventies uit losse projecten bestaan die zich richten op een klein onderdeel van de leefwereld van de doelgroep. Uit literatuur is bekend dat een doelgerichte, integrale, gecoördineerde en langdurige aanpak de impact van preventie vergroot. Een preventieve aanpak werkt het beste wanneer gebruik wordt gemaakt van een combinatie van interventies die zich richten op meerdere risico- en beschermende factoren en wanneer er sprake is van een sterke samenwerking tussen partijen in verschillende domeinen. Bij het uiteindelijk opstellen van een concrete aanpak met impactvolle oplossingen, wordt rekening gehouden met de volgende zaken: - De leidende principes die bij het MJP zijn vastgesteld voor zowel de DG&J in het geheel, als voor de GGD in het bijzonder. - Preventieve interventies kunnen zich richten op versterking in/via diverse leefomgevingen ('settings') waarin jongeren/ jongvolwassenen zich bewegen.
In willekeurige volgorde zijn dat: de thuisomgeving, school of werk, vrije tijdsomgeving (inclusief sport en buurt) en online. Dit zijn omgevingen waarbinnen jongeren zichzelf ontwikkelen tot volwassenen en die hun mentale gezondheid beïnvloeden. - Bij het kiezen van interventies vindt een bewust afwegingsproces plaats. De interventies moeten bijdragen aan het positief beïnvloeden van beschermende factoren van mentale gezondheid en zo het versterken van mentale weerbaarheid. Daarbij kan zowel worden gekozen uit bewezen effectieve interventies, als uit interventies die dat (nog) niet zijn. Interventies moeten vaak een jarenlang proces doorlopen om het predicaat "bewezen effectief" te krijgen. Dat wil niet zeggen dat
7