A11. 20210325 VNG, Actualisatie VNG Model Afvalstoffenverordening.pdf
Tekst van het document
Indien van artikel 1 van het Besluit GIHA wordt afgeweken, moet dat opgenomen worden in de verordening. De mogelijkheid om af te wijken van het Besluit GIHA is beperkt tot bioafval, kunststoffen, metaal en glas. Indien gebruik gemaakt wordt van de mogelijkheid om af te wijken, dan is de (Inspraak)verordening op grond van artikel 150 van de Gemeentewet van toepassing (artikel 2, tweede lid, van het Besluit GIHA). Bij nadere regels kan daarom niet afgeweken worden van de gescheiden inzameling, zoals die voorgeschreven is in artikel 1 van het Besluit GIHA. Daarom is bij beide varianten een laatste lid (facultatief) opgenomen waarbij bepaald kan worden welke bestanddelen gezamenlijk met elkaar of met het restafval worden ingezameld. Variant A regelt het aanwijzen van bestanddelen die gescheiden worden ingezameld zo veel mogelijk op het niveau van de verordening zelf. In deze variant worden de bestanddelen die gescheiden ingezameld worden, met de frequentie en de locatiekeuze (bij of nabij elk perceel) gekozen. In het tweede lid kunnen gedeelten van de gemeente daa rvan uitgezonderd worden. Bijvoorbeeld vanwege bepaalde bebouwingstypen, of omdat het een centrumgebied betreft waarvoor een ander inzamelregime wordt gehanteerd. Het eerste lid wijst voor een bepaald bestanddeel zowel de frequentie als de locatie aan.
Als er andere bestanddelen zijn met een andere frequentie of locatie, bijvoorbeeld in verband met het omgekeerd inzamelen, dan kan dat geregeld worden voor dat bestanddeel. Er zal echter altijd een bepaling moeten worden gebruikt zoals het vijfde lid, waarin voor het resterende afval een regeling wordt gegeven. Bepaalde locaties of bebouwingstypen kunnen daarvan worden uitgezonderd. Variant A gaat dus uit van een volledige regeling op het niveau van de verordening. Bijlage 4/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021
In variant B wordt de regeling van de aanwijzing van te onderscheiden bestanddelen afvalstoffen, inclusief de frequentie en locatie daarvan, overgelaten aan regeling van het college, volgens de hoofdlijnen die in het tweede lid door de raad wordt gesteld. Dat wil zeggen dat de raad kan aanwijzen welke bestanddelen huishoudelijke afvalstoffen in ieder geval gescheiden worden aangeboden. Artikel 8. Gescheiden aanbieding Wat gescheiden moet worden ingezameld, moet ook gescheiden worden aangeboden. Voor het deel dat niet gescheiden wordt ingezameld, kunnen gemeenten volgens het facultatieve tweede lid regelen dat de niet-afzonderlijke aanbieding van de huishoudelijke afvalstoffen is toegestaan. Op grond van het facultatieve derde lid kan het college nadere regels stellen. Er kunnen concrete omschrijvingen van de bestanddelen worden gegeven om discussies te slechten en om in het kader van de handhaving houvast te bieden (welles/nieteslijst). Ook kan v an de vrijstellingsmogelijkheid gebruik worden gemaakt om te regelen dat bepaalde hoeveelheden (fracties) van de bestanddelen mogen voorkomen bij de inzameling van andere bestanddelen. Zo zal het niet verboden hoeven te zijn als er eens een papiertje tusse n het groente-, fruit- en tuinafval (GFT-afval) voorkomt.
Het is niet mogelijk om bij nadere regels af te wijken van de verplichting om gescheiden in te zamelen en aan te bieden, voor zover die verplichting voortvloeit uit artikel 1 van het Besluit GIHA. Artikel 10. Wijze en plaats van aanbieding Op grond van het eerste lid kan het college regels stellen over de verschillende inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen. Deze regels kunnen zien op de manier waarop huishoudens en personen gebruik kunnen maken van die middelen en voorzieningen. Daarbij moet de gemeente speciale aandacht houden voor de regels die gelden voor de verwerking van persoonsgegevens, met name de Algemene Verordening Gegevensbescherming (2016/679/EU) (hierna: AVG). Als de gemeente gegevens registreert, bijvoorbeeld bij de aanvraag van een bioafvalemmer, klikobak of afvalpas, is aannemelijk dat hetgeen geregistreerd wordt, een persoonsgegeven is waarop de AVG van toepassing is. Het gaat dan bijvoorbeeld om het gegeven dat voor een bepaald adres een afvalpas is verstrekt, of hoeveel en wanneer met die afvalpas afval wordt aangeboden. De AVG schrijft dan onder meer voor dat de persoonsgegevens alleen rechtmatig verwerkt kunnen worden voor zover deze noodzakelijk zijn met het oog op het publieke belang (artikel 6, eerste lid, onder e, van de AVG).
De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft vastgesteld dat verwerking van persoonsgegevens bij de afvalpas van de Gemeente Arnhem niet aan die eisen van noodzakelijkheid voldeed (zie autoriteitpersoonsgegevens.nl/nl/nieuws/ap-gemeente-arnhem-past-afvalsysteem-aan). Het advies is om deze opvatting te betrekken bij de wijze waarop de gemeente persoonsgegevens verwerkt voor afvalpassen. De Koninklijke Vereniging voor Afval- en Reinigingsmanagement (hierna: NVRD) heeft bruikbare factsheets, stappenplannen en modellen beschikbaar op nvrd.nl/paginas/openbaar/dossier-actueel/privacy. Naast het noodzakelijkheidscriterium heeft een gemeente die persoonsgegevens verwerkt onder meer te zorgen voor een adequate beveiliging en geldt de verplichting om een privacyverklaring op te stellen. Voor inzamelvoorzieningen geldt dat de gemeente hierover regels kan stellen op grond van artikel 10. De gemeente moet voor inzamelvoorzieningen ook een besluit nemen over de locaties waar deze inzamelvoorzieningen geplaatst worden (zie ABRvS 2 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2061 en Bijlage 4/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021
tevens de factsheet van de NVRD op: https://www.nvrd.nl/nieuwsberichten/2020/factsheet-overplaatsing-ondergrondse-afvalcontainers-gereed). Het besluit over de locaties kan een onderdeel zijn van een nadere regeling op grond van dit artikel of bijvoorbeeld een los locatiebesluit. In beide gevallen is het besluit (of onderdeel ervan) appellabel. Onder de Omgevingswet (Ow) is het ook mogelijk om dit op te nemen in het omgevingsplan. Het tweede en derde lid bieden een facultatieve bepaling om een afzonderlijke regel op te nemen die een grondslag biedt om handhavend op te treden tegen niet binnengehaalde inzamelmiddelen. De mogelijkheid van een uitzondering daarop, door middel van een vrijstelling, zal zich vooral voordoen als er bebouwingstypen in de gemeente zijn waar het fysiek niet mogelijk is om de gehanteerde inzamelmiddelen, zoals een minicontainer, op het eigen perceel binnen te halen. Artikel 15. Zwerfafval in de openbare ruimte In het derde lid wordt de mogelijkheid gegeven waarmee morgensterren of stadsjutters rechtmatig ter inzameling gereedstaande afvalstoffen kunnen doorzoeken als zij daardoor geen zwerfafval veroorzaken. Als het facultatieve deel in het derde lid niet wordt overgenomen, ontstaat een striktere regel die alle doorzoeken verbiedt. Het is dus een beleidskeuze op welke wijze hiermee wordt omgegaan. Artikel 15a.
Ongeadresseerd drukwerk Het facultatieve artikel 15a heeft als doel de verspreiding van ongewenst drukwerk, en daarmee uiteindelijk afval, te voorkomen. De grondslag voor dit artikel is artikel 10.23 van de Wm. Bladen en drukwerk met ‘redactionele’ inhoud onderscheiden zich van reclamedrukwerk zonder redactionele inhoud. De hoeveel redactionele inhoud (van nieuws en informatie uit het verspreidingsgebied) van een huis-aan-huisblad ten opzichte van de reclame wordt uitgedrukt in een percentage (eerste lid). Het percentage van 10% is naar verwachting toereikend om het te onderscheiden van reclamedrukwerk. Een hoger percentage beperkt de verspreidingsmogelijkheden van partijen die afhankelijk zijn van reclame-inkomsten voor het rendabel exploiteren van een nieuwsmedium. Daarmee zou het de bestaansmogelijkheid van dat nieuwsmedium kunnen beperken. Een dergelijke beperking zou in strijd kunnen zijn met de persvrijheid (artikel 10 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM)). In het derde lid is bepaald dat de gemeente bezorging van ongeadresseerd reclamedrukwerk uitsluitend toestaat als de ontvangende bewoner of gebruiker van een perceel (een woning, bedrijf of woonschip) onmiskenbaar – met een ja-ja sticker – duidelijk heeft gemaakt dat hij het ongeadresseerde reclamedrukwerk wil ontvangen.
Daarbij gaat het niet alleen om de bezorging maar ook om het laten bezorgen. De adverteerders dienen zich ook aan dit zogenoemde opt-in systeem te houden (zie Gerechtshof Amsterdam 24 septe mber 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:3423). Voor de formulering van het derde lid dient een keuze gemaakt te worden. Artikel 19a. Kadavers van gezelschapsdieren De wetgever heeft gemeenten bevoegd gemaakt om regels te stellen over het aangeven, bewaren, ophalen en overdragen van kadavers van gezelschapsdieren (zie artikel 3.5, eerste lid, van de Wet dieren). Bijlage 4/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021
Hierbij geldt dat Rendac Son B.V. onder alle omstandigheden het eindstation is van de kadavers (zie artikel 3.21, tweede lid, van de Regeling dierlij ke producten. De gemeente regelt op welke wijze de kadavers aan Rendac Son B.V. worden overgedragen. Daarom zal de gemeente moeten regelen welke partij belast wordt met het inzamelen, bewaren en overdragen van de kadavers aan Rendac Son B.V. Inzamelen via milieustraat/inzamelplaats Voor de gemeente is het een optie om mogelijk te maken dat kadavers van gezelschapsdieren via de inzamelplaats/milieustraat aan Rendac Son B.V. worden overgedragen. De inzamelplaats/milieustraat bewaart de kadavers op de wettel ijk voorgeschreven wijze. Bij of krachtens de verordening wordt de inzameling op de milieustraat mogelijk gemaakt. De gemeente moet dan wel afspraken maken met Rendac Son B.V. Artikel 3.5, tweede en derde lid, van de Wet dieren, ziet op deze overeenkomst. Afgeven bij dierenartsen of andere ondernemer Een alternatief voor inzameling op de inzamelplaats/milieustraat is dat de gemeente een andere ondernemer het bewaren, ophalen en overdragen aan Rendac Son B.V. kan laten verzorgen. Dierenartsen en dierenklinieken zouden dat kunnen en misschien willen doen . De ondernemer die aangewezen wordt, moet net als de milieustraat voldoen aan de voorwaarden die de wet stelt aan de opslag en verzameling van deze zgn. cat. 1 kadavers.
Deze ondernemer kan een tarief rekenen voor deze dienst. Dit tarief zal naar verwacht ing het wettelijke tarief van Rendac Son B.V. omvatten en daarbovenop nog een vergoeding voor de kosten die de ondernemer maakt. Dit maakt deze wijze van afgeven van het kadaver van het gezelschapsdier potentieel duur voor de eigenaar. Dat houdt het risico in zich dat de eigenaar, als deze geen betaalbare of kosteloze alternatieven heeft, zijn overleden huisdier op een andere, mogelijk illegale, manier verwijdert. Het verdient daarom niet de aanbeveling om commerciële ondernemers als enigen aan te wijzen voor de inzameling van kadavers van gezelschapsdieren, maar deze mogelijkheid te benutten in aanvulling op inzameling op een inzamelplaats/milieustraat. Inzamelen door de inzameldienst Inzamelen door een inzameldienst is theoretisch mogelijk, maar ligt niet voor de hand. De inzameldienst heeft, naar verwachting, niet de capaciteit om de kadavers op te halen binnen een verantwoorde termijn. In het tweede lid worden twee keuzes gegeven voor de aanwijzing. De gemeente kan ervoor kiezen om de gemeentelijke verzamelplaats aan te wijzen, maar het mag ook een ondernemer zijn, ook beide mag.
Het is van belang om ook bij de aanwijzing van deze inzamelaar aandacht te besteden aan ontwikkelingen in de jurisprudentie met betrekking tot schaarse vergunningen, zie daarvoor ook de opmerkingen bij de artikelen 3 en 4 van deze implementatiehandleiding. Het derde lid bevat de verplichting voor de inzamelaar om de kadavers aan te geven bij Rendac Son B.V. en deze aan die partij over te dragen. Het vierde lid bevat de verplichting voor de houder om het kadaver af te geven aan degene die de inzameling daarvan doet. De gemeente maakt hier een keuze. Bijlage 4/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021
Artikel 20. Strafbare feiten Als de gemeente het facultatieve artikel 19a in de verordening opneemt, wordt dit artikel hier toegevoegd aan de opsomming van strafbare feiten,
Bijlage 4/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021