CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

A08. 20240925 VNG ledenbrief wijzigiging nav Wet betaalbare huur_.pdf

Oordeelsvormende vergadering Papendrecht 10 oktober 2024, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken13.428 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

de ernst van de overtreding wordt in de eerste plaats bepaald aan de hand van de nadelige gevolgen die een overtreding kan hebben voor de belangen die de overtreden norm beoogt

' Zie artikel 5:46, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Op grond van het derde lid van dat artikel kunnen bijzondere omstandigheden desalniettemin aanleiding geven tot een lager boetebedrag.

Bijlage 3/4 bij VNG-ledenbrief, september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

10/11

te beschermen.2 Daarbij is ook relevant of en in welke mate de belangen van een huurder van woonruimte of verblijfsruimte geraakt kunnen worden door de overtreding. Hoe groter •

de ernst, hoe hoger het in de tabellen opgenomen boetebedrag. de mate van verwijtbaarheid komt tot uitdrukking bij het onderscheid in boetebedragen bij bedrijfsmatige en niet-bedrijfsmatige overtredingen. Op iemand die bedrijfsmatig woonruimten of verblijfsruimten verhuurt, rust nog meer dan op een niet-bedrijfsmatige verhuurder de verantwoordelijk om regelgeving te kennen en na te leven. Recidive is ook een indicator voor de mate van verwijtbaarheid. Heeft een overtreder wegens overtreding van de wet al eerder een boete opgelegd gekregen, dan kan hem of haar een nieuwe, vergelijkbare, overtreding in hogere mate verweten worden.

2

Vergelijk: ABRS 20 juni 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1422, r.o. 14.

Bijlage 3/4 bij VNG-ledenbrief, september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

11/11

C1171 ...9 Model Raadsbesluit wijziging Verhuurverordening (gewijzigd model, september 2024) Leeswijzer modelbepalingen - [...] of [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 5, tweede lid. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld 1. definitie 'bedrijfsmatige overtreding' of 'recidive'. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 5, eerste lid. Besluit van de raad van de gemeente [naam gemeente] tot wijziging van de Verhuurverordening [naam gemeente en eventueel jaartal] De raad van de gemeente [naam gemeente]; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van [datum en nummer]; gelet op de artikelen 5, eerste lid, onderdeel [a, OF b, OF a en b,] en 19, tweede lid, van de Wet goed verhuurderschap; gezien het advies van de [naam commissie]; besluit: Artikel I De [citeertitel Verhuurverordening] wordt als volgt gewijzigd: A In artikel 1 [wordt OF worden] in de alfabetische volgorde de volgende begripsbepaling[en] ingevoegd: [- bedrijfsmatige overtreding: overtreding van het bepaalde bij of krachtens de wet, door een overtreder die [in de uitoefening van beroep of bedrijf] meer dan één woon- of verblijfsruimte verhuurt3 [- niet-bedrijfsmatige overtreding: overtreding van het bepaalde bij of krachtens de wet, door een overtreder die [niet in de uitoefening van beroep of bedrijf of] één woon- of verblijfsruimte verhuurti [- recidive:

recidive als bedoeld in artikel 19, eerste lid, onder b, of derde lid, onder b, van de wet]; - regels van goed verhuurderschap: de regels als bedoeld in artikel 2 en 2a van de wet. B In artikel 4, tweede lid, onder d, vervalt ". bedoeld in artikel 2 van de wet". C Artikel 5 komt te luiden: Artikel 5. Bestuurlijke boete [1.] Burgemeester en wethouders kunnen een bestuurlijke boete opleggen wegens het handelen in strijd met de regels van goed verhuurderschap, bij overtreding van de verboden, bedoeld in [artikel

Bijlage 2/4 bij VNG-ledenbrief, september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

111:21

2, eerste lid, en OF artikel 3, eerste lid en OF de artikelen 2, eerste lid en 3, eerste lid, van deze verordening en] artikel 12, derde lid, van de wet of de op basis van artikel 8, [eerste lid, OF tweede en derde lid, OF eerste tot en met derde lid,] van de wet aan een verhuurvergunning verbonden voorwaarden. [2. Bij het opleggen van een in het eerste lid bedoelde bestuurlijke boete hanteren burgemeester en wethouders de bedragen opgenomen in bijlage [NUMMER] bij deze verordening.] D Na artikel 8 wordt een artikel ingevoegd, luidende: Artikel 8a. Overgangsrecht Als een toezichthouder voor [de wijziging van artikel 5 OF datum inwerkingtreding wijziging artikel 5] een overtreding heeft geconstateerd van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald, blijft op die overtreding artikel 5 van toepassing zoals dat onmiddellijk voorafgaand aan [de wijziging OF datum inwerkingtreding wijziging artikel 5] luidde. [E Aan de verhuurverordening wordt een nieuwe bijlage, bijiage Inummerj toegevoegd: Bijlage (NUMMER] behorende bij artikel 5, tweede lid: bedragen bestuurlijke boete] Tabel 1: overtreding van artikelen gericht op het voldoen aan administratieve eisen Artikel in de wet

Eerste overtreding

Recidive

Bedrijfsmatige overtreding

Bedrijfsmatige overtreding en recidive

Artikel 2, tweede lid, onder d

[(max. 4e categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e

Artikel 2, tweede lid, onder e

[(max. 4e

[(max. 5e

[(max. 4e

[(max. 5e

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

Artikel 2, tweede lid, onder b

[(max. 4e

[(max. 5e

[(max. 4e

[(max. 5e

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, eerste lid, onder a]

[(max. 4e categorie, € 25. 750 per

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

1/1/2024)1

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

Tabel 2: overtreding van artikelen gericht tegen onrechtmatig financieel gewin

Bijlage 2/4 bij VNG-ledenbrief. september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

2/5

Artikel in de wet

Eerste overtreding

Recidive

Bedrijfsmatige overtreding

Artikel 2, tweede lid, onder c

[(max. 4e categorie, € 25.750 per

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)] [(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)] [(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)] [(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

1/1/2024)] Artikel 2, tweede lid, onder f

[(max. 4e categorie, € 25. 750 per

Artikel 2, vierde lid

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per

Bedrijfsmatige overtreding en recidive [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e

Artikel 2a, tweede lid - meer dan 10 % en tot en met 25 % huurprijsoverschrijding

[(max. 4e

1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

Artikel 2a, eerste lid - meer dan 25 % en tot en met 50 % huurprijs-

[(max. 4e

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e

[(max. 5e

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

1/1/2024)] [(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)] [(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie. € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

Artikel 2a, eerste lid - tot en met 10 % huurprijs-

overschrijding

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

overschrijding Artikel 2a, eerste lid - meer dan 50 % huurprijsoverschrijding Artikel 2a, derde lid - tot en met 10 % huurprijs-

overschrijding Artikel 2a, tweede lid - meer dan 10 % en tot en met 25 % huurprijs-

[(max. 4e categorie, € 25.750 per

overschrijding Artikel 2a, derde lid - meer dan 25 % en tot en met 50 % huurprijs-

overschrijding

Bijlage 2/4 bij VNG-ledenbrief. september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

3/5

Artikel 2a, derde lid - meer dan 50

[(max. 4e categorie,

% huurprijsoverschrijding

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie,

€ 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

Artikel 2a, vierde lid

[(max. 4e categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/202411

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, eerste lid, onder b - tot en met 10 % huurprijsoverschrijding]

[(max. 4e categorie,

[(max. 5e categorie,

[(max. 4e categorie,

[(max. 5e categorie,

€ 25.750 per 1/1/2024)]

€ 103.000 per 1/1/2024)]

€ 25. 750 per 1/1/2024)]

€ 103.000 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, eerste lid, onder b — meer dan 10 % en tot en met 25 % huurprijsoverschrijdingl

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, eerste lid, onder b — meer dan 25 % en tot en met 50 % huurprijsoverschrijding]

[(max. 4e

[(max. 5e

[(max. 4e

[(max. 5e

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, eerste lid, onder b — meer dan 50 % huurprijsoverschrijding]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie. € 103.000 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, eerste lid, onder c]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, tweede lid, onder a]

[(max. 4e

[(max. 5e

[(max. 4e

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e

categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, tweede lid, onder b]

[(max. 4e

[(max. 5e

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

categorie, € 25.750 per 1/1/2024)] [(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

categorie. € 103.000 per 1/1/2024)]

[Artikel 8, tweede lid, onder c]

[(max. 4e categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

Bijlage 2/4 bij VNG-ledenbriet september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

€ 103.000 per 1/1/2024)]

categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

4/5

Tabel 3: overtreding van artikelen gericht op het voorkomen van misstanden bij verhuur Artikel in de Recidive Eerste Bedrijfsmatige Bedrijfsmatige wet overtreding overtreding overtreding en recidive Artikel 2, tweede [(max. 4e [(max. 5e [(max. 4e [(max. 5e lid, onder a categorie, categorie, categorie, categorie, € 25. 750 per € 103.000 per € 25.750 per € 103.000 per 1/1/2024)] 1/1/2024)] 1/1/2024)] 1/1/2024)] Artikel 2, tweede [(max. 4e [(max. 5e [(max. 4e [(max. 5e lid, onder b categorie, categorie, categorie, categorie, € 25.750 per € 103.000 per € 25.750 per € 103.000 per 1/1/2024)] 1/1/2024)] 1/1/2024)] 1/1/2024)] Artikel 2, derde [(max. 4e [(max. 5e [(max. 4e [(max. 5e lid, onder a categorie, categorie, categorie, categorie, € 25.750 per € 103.000 per € 25.750 per € 103.000 per 1/1/2024)] 1/1/2024)] 1/1/2024)] 1/1/2024)] Artikel 12, derde [(max. 4e [(max. 5e [(max. 4e [(max. 5e lid categorie, categorie, categorie, categorie, € 25 750 per € 103.000 per € 25.750 per € 103.000 per 1/1/2024)] 1/1/2024)] 1/1/2024)] 1/1/2024)] Tabe! 4: overtreding van de vergunningp!icht Artikel in deze Eerste Recidive verordening overtreding [Artikel 2, eerste lid]

[Artikel 3, eerste lid]

[(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)] [(max. 4e categorie, € 25.750 per 1/1/2024)]

[(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)]

Bedrijfsmatige overtreding [(max. 4e categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)] [(max. 4e categorie, € 25. 750 per 1/1/2024)]

Bedrijfsmatige overtreding en recidive [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)] [(max. 5e categorie, € 103.000 per 1/1/2024)1

Artikel II Dit besluit treedt in werking op [datum]. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van [datum]. De voorzitter, De griffier,

Bijlage 2/4 bij VNG-ledenbrief. september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

5/5

CNJ lmplementatiehandleiding bij de wijziging van de Model Verhuurverordening (gewijzigd model, september 2024)

1. Inleiding Op 1 juli 2024 is de Wet betaalbare huur in werking getreden. Daarmee zijn ook enkele bepalingen in de Wet goed verhuurderschap (hierna: de wet) gewijzigd. Dat heeft gevolgen voor de inhoud van de Model Verhuurverordening. In deze implementatiehandleiding wordt nader ingegaan op de belangrijkste wijzigingen in het model. 2. Handhaving door bestuurlijke boetes Artikel 19 van de wet bevat de regeling over het opleggen van bestuurlijke boetes. Ook als een gemeente geen verhuurverordening heeft, kunnen burgemeester en wethouders de regels van goed verhuurderschap als bedoeld in artikel 2 en 2a van de wet. handhaven door een bestuurlijke boete op te leggen. Logischerwijs is handhaving van de verhuurvergunningplicht voor woonruimte of verblijfsruimte dan niet aan de orde. Die vergunningplichten worden immers met de verhuurverordening in het leven geroepen. Zodra een verhuurverordening wordt ingevoerd moet. gelet op artikel 19, eerste lid, van de wet, daarin ook bepaald zijn dat een boete kan worden opgelegd ter handhaving van de verhuurvergunningplicht of de aan een verhuurvergunning verbonden voorwaarden. In artikel 5, eerste lid, van de Model Verhuurverordening is hieraan uitvoering gegeven. Volledigheidshalve is daarin tevens aangegeven, dat ook wegens het handelen in strijd met de regels van goed verhuurderschap een bestuurlijke boete kan worden opgelegd. 3.

Nieuwe bepaling over de hoogte van de bestuurlijke boete Met deze wijziging wordt een nieuw tweede lid aan artikel 5 van de Model Verhuurverordening toegevoegd. In dat lid is bepaald dat burgemeester en wethouders bij het opleggen van een bestuurlijke boete, de in de bijlage van de Model Verhuurverordening opgenomen bedragen hanteren. Dit nieuwe tweede lid en de daarbij behorende bijlage zijn facultatief. Op grond van artikel 19 van de wet hoeven de boetebedragen namelijk niet in de verhuurverordening opgenomen te zijn.1 Gemeenten kunnen er dus ook voor kiezen om geen boetebedragen in de verhuurverordening (of een bijlage daarbij) op te nemen.' Zij kunnen de hoogte van de boete ook per geval bepalen of hierover een beleidsregel vaststellen.

1 In dit opzicht wijkt de boeteregeling van de Wet goed verhuurderschap af van die in artikel 35 van de Huisvestingswet 2014. 2 Gemeenten kunnen er ook voor kiezen om de boetebedragen in de door burgemeester en wethouders vast te stellen beleidsregel op te nemen.

Bijlage 4/4 bij VNG-ledenbrief, september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

Neemt een gemeente de boetebedragen wel op in (de bijlage bij) de verhuurverordening, dan is de hoogte van de boete bij wettelijk voorschrift vastgesteld. Burgemeester en wethouders hanteren bij het opleggen van boetes dan de in de verhuurverordening vastgestelde boetebedragen.3 4. Boetebedragen in de bijlage De bijlage bevat vier tabellen met te handhaven voorschriften en bijbehorende boetebedragen. Er is gekozen voor een thematische verdeling van voorschriften en boetebedragen over de vier tabellen. Bij de eerste drie tabellen is over het algemeen sprake van een per tabel oplopende ernst van de met de boetes te handhaven overtredingen. De vierde tabel ziet op handhaving van de vergunningplichten voor verhuur van woonruimte en verblijfsruimte. De tabellen gaan vergezeld van omschrijvingen van de begrippen 'bedrijfsmatige overtreding', 'nietbedrijfsmatige overtreding' en 'recidive' in artikel 1 van de Model VVVVVVV✓VVVVVVVVVVV Bij de omschrijving van dat laatste begrip is aangesloten bij artikel 19 van de wet. Voor de begrippen 'bedrijfsmatige overtreding' en 'niet-bedrijfsmatige overtreding' geldt dat er een keuze te maken is. In de eerste plaats hebben gemeenten de optie om te bepalen dat het aantal woon- of verblijfsruimten beslissend is en dat sprake is van bedrijfsmatige verhuur als er meer dan één woon- of verblijfsruimte verhuurd wordt.

Deze optie heeft als voordeel dat het onderscheid tussen bedrijfsmatige en niet-bedrijfsmatige verhuur relatief eenvoudig te maken is. maar heeft als nadeel dat ook particuliere verhuurders onder de definitie kunnen vallen. In de tweede plaats is de optie denkbaar dat er alleen sprake is van bedrijfsmatige verhuur als de verhuur plaatsvindt in de uitoefening van een beroep of bedrijf. Dit heeft als voordeel dat er geen sprake is van bedrijfsmatige verhuur als een particulier één of meer woon- en verblijfsruimten verhuurt. Het nadeel is echter dat er een onderbouwing nodig is waarom het om verhuur in de uitoefening van beroep en bedrijf gaat en hier kan ook discussie over ontstaan. Daar komt bij dat het onderscheid tussen bedrijfsmatige en niet-bedrijfsmatige verhuur met name gemaakt wordt omdat de gedachte is dat op iemand die bedrijfsmatig woonruimten of verblijfsruimten verhuurt. nog meer dan op een niet-bedrijfsmatige verhuurder, de verantwoordelijkheid rust om regelgeving te kennen en na te leven. De vraag is echter of niet ook van een particulier mag worden verwacht dat die de regelgeving kent en naleeft als de verhuur enige omvang heeft en het dus niet bij de verhuur van één woon- of verblijfsruimte blijft. Recidive is dus ook een indicator voor de mate van verwijtbaarheid.

Heeft een overtreder wegens overtreding van de wet al eerder een boete opgelegd gekregen, dan kan hem of haar een nieuwe, vergelijkbare, overtreding in hoge mate verweten worden. Verder gaan de tabellen vergezeld van een toelichting. Daarin wordt benadrukt dat met de in de tabellen opgenomen boetebedragen een balans is gevonden tussen enerzijds de beoogde effecten van de boetes op het naleefgedrag en anderzijds de ernst van de overtreding en de mate van verwijtbaarheid. 3 Zie artikel 5:46, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Op grond van het derde lid van dat artikel kunnen bijzondere omstandigheden desalniettemin aanleiding geven tot een lager boetebedrag.

Bijlage 4/4 bij VNG-ledenbrief, september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

2/4

5. Bepaling van de boetebedragen Gemeenten bepalen zelf de hoogte van de boetebedragen. Wel moeten zij de toepasselijke maxima in achtnemen (zie artikel 19 van de wet). Bij het bepalen van de in de bijlage op te nemen boetebedragen kunnen gemeenten het volgende stappenplan doorlopen: Stap 1. Vergelijkbare boetestelsels? Zijn er binnen de gemeente vergelijkbare boetestelsels? Denk aan boetes in verband met gedragingen die zowel bedrijfsmatig als niet bedrijfsmatig kunnen plaatsvinden. Maar ook aan boetes die opgelegd kunnen worden ter handhaving van de Huisvestingswet 2014 of de huisvestingsverordening. Als er vergelijkbare boetestelsels zijn, ligt het voor cie hand dat de hoogte van de in de bijlage bij de verhuurverordening op te nemen boetebedragen, daarmee in overeenstemming zijn. Tenzij er aanleiding is om dat juist niet te doen. Stap 2. De ernst van de overtreding Beoordeel per overtreding welke nadelige gevolgen de overtreding kan hebben voor de belangen die de overtreden norm beoogt te beschermen. Kijk daarbij ook of en hoezeer de belangen van een huurder geraakt kunnen worden door de overtreding. Bij deze beoordeling gaat het om de potentiële gevolgen die een bepaald type overtreding kan hebben voor de met de overtreden norm te beschermen belangen of de belangen van een huurder.

Deze stap resulteert in een rangschikking of categorisering van de verschillende typen overtredingen. Bijvoorbeeld zoals dat gedaan is in de eerste drie tabellen van de bijlage. Stap 3. De mate van verwijtbaarheid Bij het kiezen van boetebedragen in regelgeving speelt ook de mate van verwijtbaarheid een rol. Bijvoorbeeld door de boetebedragen te differentiëren op basis van verschillende soorten overtrederschap. ln de tabel is dat gedaan door een onderscheid te maken tussen eerste overtreding versus recidive en door niet-bedrijfsmatige overtreding versus bedrijfsmatige overtreding. Dit is het meest gangbare voorbeeld waarop bij het in beleid of regelgeving vaststellen van boetebedragen een onderscheid in mate van ernst wordt gemaakt. Deze stap resulteert in een eerste lijst met boetebedragen per type overtreding en per mate van ernst (bijvoorbeeld: eerste overtreding, recidive. bedrijfsmatige overtreding, bedrijfsmatige overtreding en recidive). Het ligt voor de hand dat de boetebedragen voor een overtreding van hetzelfde voorschrift oplopen, als de mate van ernst oploopt. Stap 4. Stimulans om na te leven? Boetes moeten (door afschrikking) stimuleren tot naleving. Ga na of dat voor alle boetebedragen geldt. Ga ook na of de boetebedragen niet te hoog zijn. Het kan helpen

Bijlage 4/4 bij VNG-ledenbrief, september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

3/4

door te kijken naar vergelijkbare boetestelsels, binnen de eigen gemeente (zie stap 1) of daarbuiten. bij vergelijkbare gemeenten. Pas indien nodig de boetebedragen aan. Zorg dat de verschillende boetebedragen zich qua hoogte logisch tot elkaar blijven verhouden. En overschrijdt de ingevolge artikel 19 van de wet geldende maxima niet.

6. inwerkingtreding Opmerking verdient overigens dat het niet mogelijk is om aan de verhuurverordening terugwerkende kracht toe te kennen. Het is in strijd met de Grondwet en het EVRM om nieuwe verboden waarop een bestraffende sanctie wordt gesteld met terugwerkende kracht in werking te laten treden. Het is wellicht wel mogelijk om aan deze wijziging op onderdelen terugwerkende kracht toe te kennen voor zover deze begunstigend is of kenbaar en voorzienbaar was dat de wijziging zou worden doorgevoerd. maar het heeft de voorkeur voor één duidelijk inwerkingtredingsmoment te kiezen en dus ook aan deze wijziging geen terugwerkende kracht toe te kennen.

Bijlage 4/4 bij VNG-ledenbrief, september 2024 Vereniging van Nederlandse Gemeenten

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/889/documents/14006