CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Concept Begroting 2025-2028 GR Sociaal.pdf

Raadsvergadering Papendrecht 10 juni 2024, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 10: Zienswijze ontwerpbegrotingen 2025 gemeenschappelijke regelingen - Voorstel30.491 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Gelukkig zijn er veel kansen om het anders, beter te doen. In de eerste plaats is de vraag naar arbeidskrachten nog altijd 'booming'. Bedrijven en werkgevers zijn bereid meer te doen voor mensen die niet direct aan de slag kunnen. Bedrijven maken een beweging naar meer inclusiviteit.

19

De opgave zet dan ook vol in op verandering. Verandering is nodig, want doen wij dat niet, dan blijven te veel mensen langs de kant staan en doen niet (meer) mee. Maar samen met onze werkgevers, met Drechtwerk en met de lokale en regionale mogelijkheden kunnen wij laten zien dat wij het vertrouwen van onze inwoners bij ontwikkelen naar werk verdienen en dat werk enorm bijdraagt aan de maatschappij, aan de inwoner en publieke waarden. Wat willen we voor onze inwoners bereiken en waarom? Als ik werk heb, draagt dat bij aan mijn (financiele) zelfstandigheid en welbevinden. Als ik weet wat ik aankan, wat mijn talenten zijn en in wat voor soort banen ik die kan gebruiken, geeft mij dat zelfvertrouwen. Ik voel me verbonden met de organisatie waar ik werk en word gewaardeerd wat ik, naar mijn vermogen, toevoeg. Ik kan omgaan met veranderingen in mijn omgeving en in het werk, omdat ik dat geleerd heb. Ik weet waar ik terecht kan in het kader van mijn ontwikkeling of als ik hulp nodig heb. dat geeft mij rust en een stevig toekomstperspectief. Als ik mijn talenten niet ken, niet (h)erken wat ik aankan en niet weet wat voor soort banen bij mij passen, word ik onzeker. Ik word dan afgewezen door bedrijven die mij geen baan aanbieden of waar ik niet mag blijven. Ik heb dan het gevoel dat ik geen bijdrage kan leveren.

Ik verlies de regie, ook over mijn toekomst, als ik geen bestaanszekerheid heb. Het lukt me dan niet zelf werk te zoeken, te vinden of vast te houden en ik heb dan hulp nodig.

Cruciaal voor inwoners is inzicht, inzicht in wat de mogelijkheden en kansen zijn, welke banen daarbij passen en vanuit daar werken aan de ontwikkelingen. We denken daarom - samen met het UWV na over bedrijven waar we mee willen samenwerken en een relatie mee kunnen opbouwen om dit ultieme doel te bereiken. Onderdeel van die samenwerking is uiteraard het starten van het Regionaal Werkcentrum, maar ook het gezamenlijk en gecoördineerd bedienen van de markt als het gaat om vragen van werkgevers en baankansen voor inwoners met een uitkering. In de tweede plaats gaan we de samenhang in het bestaande aanbod versterken. Er is er al heel veel mogelijk in de regio en bij de gemeenten. Er zijn vrijwilligersplaatsen, participatieplaatsen en werkervaringsplaatsen. Er zijn ook lokale en regionale ontwikkelbedrijven, zoals Zwijndrecht Werkt, FrisFacilitair, Smile, de kinderboerderijen in de Drechtsteden, Opnieuw & Co, maar ook Kickstart en straks het Regionaal Werk Centrum. Wat betreft de samenwerking met regionale ontwikkelbedrijven / lokale werkgelegenheidsinitiatieven is dat cruciaal voor onze inwoners. Een jarenlange studie van het Sociaal en Cultureel Planbureau toonde recent aan dat de kansenongelijkheid wordt verminderd door onder meer werk, ontwikkeling en het hebben van een netwerk. Dat netwerk is van belang dichtbij de inwoner.

Dat maakt de kans groter dat het bestendig is en groeit naar een betrouwbaar netwerk. Het bijzondere is alleen dat we elkaar nog vele malen meer kan versterken. Dit kan door verbinding aan te brengen en schakels die elkaar kunnen opvolgen. De inwoner wordt als het ware een 'ontwikkelpad' geboden. Daarvoor gaan we ook in feite ons werk van begeleiding opnieuw uitvinden en herdefinieren. De groep inwoners die we nu nog niet konden bereiken en helpen, hebben een complexe en wisselende begeleidingsbehoefte. Het is van belang te bezien of we met de huidige vormen van vakmanschap hen goed genoeg op weg helpen naar meer zelfredzaamheid en werk. In de derde plaats is de samenvoeging met Drechtwerk een enorme kans. Drechtwerk wordt het regionale interventiecentrum, waarbij nieuwe werksoorten en shop in shop constructen worden ontwikkeld om die ontwikkelprogramma’s inhoud te geven en de ontwikkeling van inwoners te ondersteunen. En tot slot investeren we in onze professionals. Opgavegericht werken moet bijdragen aan anders werken, waarbij verschillende expertises worden ingezet om focus te geven aan de ontwikkeling van inwoners die afhankelijk zijn van onze ondersteuning. Methodisch werken en stres sensitieve dienstverlening zijn daarbij leidende uitgangspunten in onze werkwijze.

Vanuit al deze ontwikkelingen staan in deze opgave daarom de volgende doelen centraal: Welke doelen streven we na? Nummer

Doelstelling

3.1

Wij helpen klanten zich te ontwikkelen naar werk door te doen

3.2

Wij bieden klanten een (on)betaalde plaats die bij hen past

3.3

Wij houden klanten die betaald aan het werk zijn, aan het werk

20

Opgave-indicatoren Indicator

Doel

Verhouding % inwoners met een uitkering een ontwikkeltraject of een opleiding volgen ten opzichte van totaal aantal inwoners met een uitkering De gemiddelde score van het aantal respondenten dat aangeeft dat de dienstverlening helder is. Gemiddelde uitkeringslast per uitkeringsgerechtigde met een uitkering per jaar. (formule = uitkeringslast : aantal klanten). Aantal inwoners met een uitkering dat (partieel) uitstroomt naar regulier betaald werk

60%

% inwoners met een uitkering en/of wsw / beschut dienstverband, die na plaatsing op betaald werk langer dan 6 maanden aan het werk blijft. % inwoners met een uitkering en/of wsw / beschut dienstverband, die na plaatsing op betaald werk langer dan 1 jaar aan het werk blijft.

4.4 10% daling 10% meer dan nu 90% 80%

De bovenstaande indicatoren markeren een noodzakelijke verbreding van onze kernindicatoren. Niet alleen uitstroom naar regulier werk, maar de ontwikkeling naar werk staat daarin centraal. Dit gaat vaak in stapjes, waarbij de inwoner met een uitkering steeds een stapje meer doet. Dit komt o.a. tot uitdrukking in de indicator "%inwoners met een ontwikkeltraject" en "gemiddelde uitkeringslast". Verder willen we dat mensen duurzaam worden geplaatst. Dit brengen we tot uitdrukking in de laatste 2 indicatoren. Omdat er veel arbeidscontracten worden afgesloten voor 6 maanden, waarbij werkgevers worden gestimuleerd dit 'vol te houden' is daarnaast ook eenzelfde indicator toegevoegd voor een periode van 1 jaar. Wat gaan we daarvoor doen? Doelstelling 3.1

Wij helpen klanten zich te ontwikkelen naar werk door te doen

Speerpunt 3.1.1

Wij richten ons op het (door)ontwikkelen van een passend ontwikkelaanbod voor onze inwoner, die (tijdelijk) afhankelijk zijn van onze ondersteuning. Globaal zien we binnen het klantenbestand drie ontwikkelingen: een geleidelijke toename van het bestand van inwoners die langere tijd een uitkering ontvangen; een opvallende (relatief) hoge instroom van jongeren; en een toenemende instroom van (inburgeringsplichtige) statushouders. Met deze ontwikkelingen komen een aantal significante doelgroepen naar voren: inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt, jongeren en statushouders. Dat vraagt een herziening van ons huidige ontwikkelaanbod.

Toelichting

Speerpunt 3.1.2 Toelichting

Speerpunt 3.1.3 Toelichting

Het vergroten van de vakbekwaamheid van (leidinggevenden en) professionals met klantcontact bij het helpen ontwikkelen van mensen. De huidige samenstelling van de groep inwoners die instroomt in de opgave vraagt iets anders van onze professionals. Voor het inschatten van de passende ontwikkelmogelijkheden, binnen de (werk)mogelijkheden van de inwoners vereist een eenduidige en methodische aanpak. Wij intensiveren de samenwerking tussen Drechtwerk en SDD onderling en met partners, waaronder lokale werkgelegenheidsinitiatieven. Verdieping van de samenwerking tussen Drechtwerk en SDD onderling is noodzakelijk, omdat het bijdraagt aan een beter aanbod en dienstverlening aan inwoners die (tijdelijk) afhankelijk zijn van onze ondersteuning. Er is één organisatie waar zowel het ontwikkelen van mensen als het bieden van 'beschut- werk-gedeelte' onderdeel van is.

Doelstelling 3.2

Wij bieden klanten een (on)betaalde plaats die bij hen past

Speerpunt 3.2.1

Wij komen tot een heroriëntatie van werkgevers waarmee wij een relatie opbouwen. Dat doen we in samenwerking met UWV met een gezamenlijke en gecoördineerde marktbewerking. De vraag naar arbeid is groot. Bedrijven zijn bereid meer te doen voor mensen die niet direct aan de slag kunnen. Bedrijven maken een beweging naar inclusie en diversiteit op de werkvloer en willen best iets met onze doelgroep doen, maar hebben ook zorgen dat het misschien mis gaat. Investeren en actief met elkaar in contact te staan en kijken wat wij voor elkaar kunnen betekenen is belangrijk. Bedrijven die werken met het label 'Ondernemen met impact' en samen werken met gemeentes, zijn daarin cruciaal.

Toelichting

21

Speerpunt 3.2.2 Toelichting

Wij gaan actief met beleid(smakers) aan de slag om regelgeving en beleid ondersteunend te laten zijn op het aan het werk gaan van mensen. Is het makkelijk genoeg zelfstandig inkomen voor een bewoner op te bouwen? Of helpt het werkgevers bij het bieden van kansen aan inwoners met afstand tot de arbeidsmarkt? Werkgevers lopen nu soms vast in de complexe regels en administratieve last, hetgeen niet motiverend is. Ook de administratieve last voor een inwoner met bijstand om een paar uur extra te gaan werken is groot. Meer werken leidt lang niet altijd tot meer inkomen. Een belangrijke reden om beleid aan te laten sluiten op parttime werken, ook omdat de verwachting is dat parttime steeds meer de norm wordt

Speerpunt 3.2.3 Toelichting

Wij breiden, in samenwerking met werkgevers, het aantal werksoorten bij Drechtwerk uit. Drechtwerk biedt diverse werksoorten aan inwoners, zoals Groen, Logistiek, assemblage. Het grootste deel van de werkzaamheden bestaat echter uit 'in- en ompakwerk. Dat willen we uitbreiden. Hoe meer verscheidenheid in het aanbod, hoe meer inwoners een geschikt aanbod kan worden gedaan. Ook kunnen we hiermee hybride ontwikkellijnen vorm geven, waarbij Drechtwerk een veilige/ groepsplek is met begeleiding nabij en er wordt geschakeld naar plekken meer buiten, met minder begeleiding, scholing en -indien nodigweer terug.

Doelstelling 3.3

Wij houden klanten die betaald aan het werk zijn, aan het werk

Speerpunt 3.3.1

Wij streven samen met regionale partners naar een betere benutting en duurzame inzetbaarheid van de beroepsbevolking, door een 'ontschotte' dienstverlening aan werkgevers en werkzoekenden In 2022 heeft het bestuur van de arbeidsmarktregio opdracht gegeven om het regionale mobiliteitsteam -Kickstart- te ontwikkelen tot een dienstverleningscentrum, waar een 'ontschotte' dienstverlening aan werkgevers en werkzoekenden wordt vormgegeven. Het dienstverleningscentrum richt zich op het matchen van vraag en aanbod, ongeacht de situatie waar iemand zich in bevindt. Niet de doelgroep, maar de hulpvraag staat centraal. Hiermee willen wij dat de beroepsbevolking in de regio beter wordt benut en duurzaam inzetbaar blijft.

Toelichting

Speerpunt 3.3.2 Toelichting

Wij komen tot een heroriëntatie op begeleiding. De samenstelling van de groep die instroomt in de bijstand veranderd. Dit vraagt een differentiatie en innovatie in/van vormen van begeleiding. Enerzijds kunnen nieuwe vormen worden geprobeerd, zoals beeldbellen, uitleg door VR en appen. Anderzijds gaat het over het toevoegen van nieuwe vormen -zoals lifecoaching- en differentiatie in de bestaande vormen van begeleiding. Ook kunnen we onderzoeken hoe wij werkgevers kunnen coachen in het begeleiden van inwoners uit het bestand van de sociale dienst. Bijvoorbeeld met 'Harrie helpt' trainingen, ervaringsdeskundigheid en aanwezigheid op de werkvloer.

Speerpunt 3.3.3

Wij zijn zichtbaar voor onze netwerkpartners, zoeken samen naar verbetering en werken met hen samen. Alleen ga je sneller, maar samen kom je verder. Zonder werkgevers die bereid zijn onze inwoners met afstand tot de arbeidsmarkt een kans te geven of zonder de samenwerking met het beroepsonderwijs, zorgaanbieders en hulpverleners lukt het niet om inwoners te ontwikkelen naar werk. Samen doen, samen werken en samen nieuwe wegen proberen moet daarom in ons dna zitten. Daarvoor nemen wij het initiatief en zijn wij niet afwachtend, want die tijd hebben onze inwoners niet.

Toelichting

Wat gaat het kosten? Impuls Statushouders Er zijn geen wijzigingen ten opzichte van de primaire begroting 2024 (jaarschijf 2025). Regionale Uitvoeringsagenda Arbeidsmarktregio Drechtsteden De lasten en baten van de Uitvoeringsagenda zijn toegevoegd aan Participatie. In de cyclische producten wordt over de voortgang van de financiën gerapporteerd.

22

Drechtwerk De voorliggende begroting 2025 samen met de meerjarenraming 2026, 2027, 2028 geeft t.o.v. de vorig jaar afgegeven meerjaren raming een neerwaartse bijstelling in de gemeentelijke bijdragen voor het onderdeel Drechtwerk in de opgave ontwikkelen naar Werk:  Voor het jaar 2025 is een verlaging van de gemeentelijke bijdrage geprognotiseerd van ruim € 700.000,- t.o.v. de vorig jaar afgegeven ramingen. Dit is mede het effect van het samenvoegen van Drechtwerk met de Sociale Dienst en een vertaling van de gezamenlijke ambitie. Dit effect vertaald zich ook verder door in de raming van de jaren 2026, 2027 en 2028 en ook daar is de geprognotiseerde gemeentelijke bijdrage respectievelijk voor de jaren een verlaging van € 970K, € 1.090K, € 1.032K t.o.v. de vorig jaar afgegeven raming.  De indirecte effecten, het herhuisvesten van collega’s van de SDD in het pand van Drechtwerk, de verlaging van de uitkeringslast die door de samenwerking/voeging ontstaat zijn ook substantieel. Deze financiële voordelen landen elders binnen het totaal van de SDD en zijn mede door de samensmelting een direct gevolg. Ontwikkelen naar werk

Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

0

0

0

0

0

7.031

8.532

8.456

8.287

8.278

2.421

0

0

0

0

Lasten Statushouders Participatie

4.768

Inburgering Drechtwerk

48.478

46.552

47.889

47.129

46.239

45.697

Totaal lasten

53.247

56.004

56.421

55.585

54.526

53.975

387

270

66

18

0

0

Participatie

6.620

10.191

9.023

8.853

8.626

8.617

Inburgering

0

2.421

0

0

0

0

Drechtwerk

48.478

46.552

47.889

47.129

46.239

45.697

Totaal baten

55.486

59.434

56.978

56.000

54.865

54.314

Saldo van lasten en baten

2.239

3.430

557

415

339

339

Baten Statushouders

Bedragen x € 1.000

De begroting 2025 is tot stand gekomen op basis van de Begroting 2024-jaarschijf 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2025, te weten: Opgave / product

Begroting 2025

Ontwikkelen naar werk

Lasten

Statushouders Participatie

Uitgangspunten-notitie 2025

Baten

Lasten

66 8.532

9.023

Baten

Begroting 2024 (jaarschijf 2025) Lasten

66 8.042

8.533

Inburgering

Baten 66

7.277

10.107

2.421

2.421

Drechtwerk

47.889

47.889

46.420

46.420

46.420

46.420

Totaal

56.421

56.978

54.462

55.019

56.118

59.014

23

De begrotingscijfers 2025 (de lasten, baten en bijdragen van gemeenten) zijn in de Uitgangspuntennotitie 2025 aangegeven. Deze cijfers zijn als volgt tot stand gekomen: Omschrijving

Lasten

Baten van derden

Bijdragen gemeenten

Begroting 2024 jaarschijf 2025

56.118

12.551

46.463

Participatie

765

0

-1.574

Primaire begroting 2025 n.a.v. Uitgangspuntennotitie 2025; groei klantenaantallen Conform de uitgangspuntennotitie 2025 zijn de lasten en baten verhoogd met 1,4% groei aantal klanten op basis van CPB Macro Economische Verkenning 2023.

288

0

288

Primaire begroting 2025 Integratie Uitkering Participatie Beschut Werk Conform meicirculaire 2024 Integratie Uitkering Participatie; intensiveren Beschut Werk naar aanleiding van maatregelen Uitgangspuntennotitie 2025.

459

0

459

Financiering participatiebudget 2025 t/m 2028 Vanaf 2023 wordt de financiering van personeel ten laste van Participatie afgebouwd (reeds opgenomen in de najaarsbrief en jaarrekening). Voor de begroting 2025 betekent dit dat er € 2,3 mln. minder participatiemiddelen worden opgehaald en deze worden overgeplaatst naar apparaat. Het betreft een budgetneutrale wijziging van de begroting (van participatie naar bedrijfsvoering).

18

0

-2.321

-2.421

0

-2.421

Wet Inburgering buiten de begroting -2.421 De lasten en baten van de Wet inburgering 2021 zijn op nihil gezet. Het betreft een gemandateerde taak in plaats van een gedelegeerde taak. Hierdoor lopen de lasten en baten buiten de begroting van de GR Sociaal.

0

-2.421

12.551

42.468

Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025

Inburgering

Totaal Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025

-1.656

Begroot t/m Uitgangspuntennotitie

54.462

-3.995

Bedragen x € 1.000

In deze begroting zijn de volgende aanpassingen gedaan op de cijfers uit de Uitgangspuntennotitie 2025: Omschrijving

Lasten

Baten van derden

Bijdragen gemeenten

Begroot t/m Uitgangspuntennotitie

54.462

12.551

42.468

Participatie

490

490

Uitvoeringsagenda Arbeidsmarktregio Drechtsteden Verhogen van de lasten en baten conform Regionale uitvoeringsagenda Arbeidsmarktregio Drechtsteden.

490

490

Drechtwerk

1.469

725

744

Primaire begroting 2025 Drechtwerk Primaire begroting 2025 Drechtwerk mutaties lasten en baten 2025 t/m 2028.

1.469

725

744

Totaal Mutaties Begroting 2025

1.959

1.215

744

Totaal Begroting 2025

56.421

13.766

43.212

Mutaties Begroting 2025

Bedragen x € 1.000

24

2.4 Zorgen voor ondersteuning De opgave Zorgen voor Ondersteuning richt zich op het vergroten van de zelfredzaamheid en participatie van de inwoners in de Drechtsteden. We bieden ondersteuning vanuit het uitgangspunt "zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig". Waar mogelijk wordt gekeken naar mogelijkheden van eigen regie, het netwerk of voorliggende vormen van ondersteuning. Dit doen we samen met veel partners in het veld, zoals de lokale Wijkteams, zorgaanbieders, corporaties en de andere opgaven binnen het sociaal domein. Naast de gezondheidsvoordelen die dit biedt voor inwoners helpt het bovendien om de schaarse ondersteuning beschikbaar te houden voor de inwoners die het echt nodig hebben om een zelfstandig en volwaardig bestaan te leiden. Wat willen we voor onze inwoners bereiken en waarom? Als ik op de juiste onderdelen van mijn leven passende ondersteuning heb vanuit mijn sociale netwerk, mantelzorg en of professionals, dan woon ik zolang mogelijk zelfstandig en doe ik mee naar vermogen. Dan heb ik regie over mijn leven en kan ik omgaan met mijn fysieke, psychische, emotionele en sociale uitdagingen in het leven. Ik voel me dan een volwaardig inwoner van de Drechtsteden. Als ik geen passende ondersteuning heb dan heeft dat negatieve gevolgen voor mijn dagelijks functioneren, mentaal welbevinden, meedoen in de maatschappij en kwaliteit van leven.

Dit betekent dat ik me eenzaam kan voelen, dat mijn mantelzorger overbelast kan raken of dat er gevaar kan ontstaan voor mijzelf of mijn omgeving.

Vanuit bovenstaande gedachte wordt geïnvesteerd in de ontwikkeling van "Wmo naar de voorkant". Dat wil zeggen de aansluiting met de lokale wijkteams en initiatieven voor lichte vormen van begeleiding en dagbesteding. Daarnaast wordt de samenwerking met participatieplekken en Drechtwerk verder onderzocht voor de groep inwoners die gebruik maakt van arbeidsmatige en ontwikkelgerichte dagbesteding. Voor de groep ouderen die beperkingen ervaren bij de zelfredzaamheid in het dagelijks leven wordt ingezet op herstelgerichte ondersteuning, waardoor de zelfredzaamheid (gedeeltelijk) hersteld wordt en een beroep op ondersteuning kan worden uitgesteld. Dit doen we in de maatschappelijke context van schaarste en de landelijke en wettelijke ontwikkelingen voor de Wmo. We zien een schaarste aan middelen en mensen op de hele arbeidsmarkt en in de zorg in het bijzonder. Door te zoeken naar andere en lichtere vormen van ondersteuning helpen we inwoners bij hun zelfstandigheid en participatie en voegen we publieke waarde toe aan de samenleving. Daarnaast hebben we te maken met landelijke ontwikkelingen zoals de invoering van de nieuwe (inkomensafhankelijke) eigen bijdrage systematiek vanaf 2026. Deze ontwikkeling moet bijdragen aan het verminderen van het beroep op maatwerkondersteuning. Of dit in grote mate zal gebeuren, hangt af van het definitieve wetsvoorstel.

Dat is op dit moment nog niet bekend. Vanuit al deze ontwikkelingen, landelijk en regionaal, werken we daarom vanuit deze opgave aan de volgende 3 doelstellingen: Welke doelen streven we na? Nummer

Doelstelling

4.1

Wij indiceren en voeren we regie op de beoogde effecten van de ingezette maatwerkondersteuning

4.2

Wij zorgen voor de ondersteuning die nodig is om mee te doen naar vermogen en richten ons op ontwikkeling waar mogelijk. Wij zorgen voor ondersteuning voor klanten die nodig is om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen wonen.

4.3

25

Opgave-indicatoren Indicator Gemiddelde kosten per inwoner voor IB, gecorrigeerd voor indexatiecijfers Gemiddelde kosten per inwoner voor DB, gecorrigeerd voor indexatiecijfers Score klantbeleving

Doel 5% onder de referentielijn 2018 blijven onder de referentielijn 2023 ≥ 7,5

Score kwaliteitsmeting HO

≥ 7,5

% inwoners met DB ontwikkelingsgericht dat binnen twee jaar uitstroomt naar een hogere stap op de participatieladder (Of ander instrument). % inwoners met DB arbeidsmatig dat uitstroomt naar een hogere stap op de participatieladder (Of ander instrument). % inwoners met IB dat afschaalt naar lagere maatwerkvoorziening of andere (algemene) voorziening. % meldingen IB/DB dat wordt opgelost via een andere oplossing dan een maatwerkvoorziening. % klanten met een ondersteuningsduur langer dan vier jaar

≥ 50%

% aantal voorzieningen (scootmobiel, HO, trapliften) ten opzichte van het aantal 65-plussers (daalt met 2%)

≥ 2%

≥ 5% ≥ 15% ≥ 5% ≤ 25%

Binnen de opgave Zorgen voor Ondersteuning richten we ons op de ontwikkeling naar zelfredzaamheid en participatie waar mogelijk. Dit doen we vanuit de gedachte dat het vergroten van zelfredzaamheid en meedoen naar vermogen leidt tot een grotere mate van gezondheid. Daarnaast zien we ook binnen de opgave Zorgen voor Ondersteuning nadrukkelijk het vraagstuk van de financiële beheersbaarheid. Bovenstaande indicatoren moeten inzicht geven in de effecten van zowel de ontwikkeling als van de financiële sturing op de maatwerkvoorzieningen. Zo is een tweetal doelstellingen opgenomen met betrekking tot de gemiddelde kosten per inwoner voor de voorzieningen dagbesteding en individuele begeleiding. Door een continue focus op de mogelijkheden tot afschaling en uitstroom willen we deze gemiddelde kosten verlagen. Uiteindelijk is het de klant die het beste kan beoordelen of we slagen in onze opgave en ook de score op klantbeleving komt terug in de opgave-indicatoren.Voor de voorziening huishoudelijke ondersteuning voegen we hier een indicator aan toe vanuit de onafhankelijke kwaliteitsmetingen die we uitvoeren naar de kwaliteit van deze ondersteuning. Een belangrijk doel van de Wmo is om mensen, waar mogelijk, te ontwikkelen en minder afhankelijk te maken van ondersteuning bij het kunnen deelnemen aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig wonen.

Dit doel hebben we vertaald in verschillende indicatoren waarbij we, voor wat betreft de voorziening dagbesteding, de verbinding maken met de participatieladder. Voor de voorziening Individuele begeleiding hebben we ditzelfde doel vertaald in een percentage inwoners waarvoor de ondersteuning kan worden afgeschaald. We kijken hierbij extra kritisch naar de groep die al langer dan 4 jaar ondersteuning vanuit de Wmo ontvangt. De afschaling willen we ook tot uiting brengen in het percentage meldingen waarvoor we een oplossing weten te vinden binnen het aanbod aan lokale algemene voorzieningen en waardoor een indicatie voor de maatwerkvoorzieningen dagbesteding en individuele begeleiding achterwege kan blijven. Als effect van de inzet op herstelgerichte ondersteuning streven we tot slot naar een vermindering van het aantal indicaties voor scootmobielen, huishoudelijke ondersteuning en trapliften.

26

Wat gaan we daarvoor doen? Doelstelling 4.1

Wij indiceren en voeren we regie op de beoogde effecten van de ingezette maatwerkondersteuning

Speerpunt 4.1.1

We zetten in op de verdere professionalisering van de Opgave Zorgen voor Ondersteuning. Noodzakelijk in groeiend aantal aanvragen om efficiënter te werken, dichter bij de inwoner en om de kennis van de Wmo en het brede veld op gelijk niveau te brengen.

Toelichting Speerpunt 4.1.2 Toelichting

Speerpunt 4.1.3 Toelichting

We hebben inzicht in en grip op de effecten van maatwerkondersteuning door monitoring en sturing op klantbeleving en resultaten bij de verschillende zorgverleners. Omdat we de beweging naar meer zelfstandigheid willen inzetten is sturing op de effecten van de ingezette ondersteuning noodzakelijk. De ingezette ondersteuning biedt een effectieve oplossing voor de ondersteuningsvraag zowel in feitelijke effecten als in de gemeten klantbeleving. Een neveneffect van dit speerpunt is een verhoogd kostenbewustzijn van consulenten en inwoners, en een positief effect op de houdbaarheid van de Wmo in de regio. We zorgen voor scherpe contracten, met oog voor innovatie, met als doel de kwaliteit, betaalbaarheid en continuïteit van de ondersteuning te waarborgen. Om op management niveau van de zorgaanbieder dezelfde sturing in te kunnen richten als op individueel niveau is scherpe contractering aan de voorkant noodzakelijk

Doelstelling 4.2

Wij zorgen voor de ondersteuning die nodig is om mee te doen naar vermogen en richten ons op ontwikkeling waar mogelijk.

Speerpunt 4.2.1 Toelichting

We brengen het ontwikkelpotentieel van inwoners eerder en scherper in beeld. Vanuit positieve gezondheid blijkt dat naast het hebben van de juiste ondersteuning ook het stimuleren van eigen kracht en eigen regie een belangrijke bijdrage levert aan de ervaren gezondheid en welbevinden.

Speerpunt 4.2.2

We werken samen met maatschappelijke partners en maken afspraken over integraal (samen)werken, doen waar je het beste in bent en gebruik maken van elkaars expertise. Ten behoeve van de snelheid en duidelijkheid van de dienstverlening aan de inwoner is het noodzakelijk om met partners samen te werken in de vraagverheldering en bieden samenhangende en passende ondersteuning

Toelichting

Speerpunt 4.2.3 Toelichting

We hebben een proactieve houding t.o.v. begeleiding van klanten in de koppeling met bestaanszekerheid. In sommige gevallen heeft de ondersteuningsvraag vooral een financiële aanleiding. In die gevallen is ondersteuning op het gebied van zorg niet voldoende en vraagt dit actieve samenwerking met de medewerker van bestaanszekerheid versterken.

Doelstelling 4.3

Wij zorgen voor ondersteuning voor klanten die nodig is om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen wonen.

Speerpunt 4.3.1

We zoeken naar de eigen kracht en mogelijkheden van mensen om te zorgen voor de omstandigheden, vaardigheden en een passende woonomgeving Ook hier is positieve gezondheid een belangrijke manier van werken om inwoners op een andere manier in te laten zien wat er nog wel mogelijk is aan waardevolle activiteiten.

Toelichting Speerpunt 4.3.2 Toelichting

We werken samen met de regionale partners op het gebied van Wonen. Een intensivering en verbreding van de samenwerking met gemeenten is nodig om vraag en aanbod van (toe- en doorgankelijke) woningen beter op elkaar aan te laten sluiten. Het aantal grote woningaanpassingen wordt hierdoor verminderd.

Speerpunt 4.3.3

Samen met gemeenten en zorgaanbieders verkennen we de mogelijkheden van preventie en innovaties bij zelfstandig wonen. Innovatie kan en zou moeten bijdragen aan de houdbaarheid van de WMO in het licht van de schaarser wordende middelen en arbeidskrachten.

Toelichting

27

Wat gaat het kosten? Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Hulpmiddelen

6.069

6.030

6.131

6.080

6.081

6.077

Vervoer

10.679

10.813

11.535

11.500

11.474

11.445

Huishoudelijke ondersteuning

28.108

26.990

33.623

33.904

34.175

34.434

Begeleiding en kortdurend verblijf

33.490

33.370

36.497

36.315

36.200

36.080

Totaal lasten

78.346

77.203

87.786

87.799

87.930

88.036

Hulpmiddelen

6.069

6.030

6.131

6.080

6.081

6.077

Vervoer

10.679

10.813

11.535

11.500

11.474

11.445

Huishoudelijke ondersteuning

25.688

26.990

33.623

33.904

34.175

34.434

Begeleiding en kortdurend verblijf

31.822

33.370

36.497

36.315

36.200

36.080

Totaal baten

74.258

77.203

87.786

87.799

87.930

88.036

Saldo van lasten en baten

-4.088

0

0

0

0

0

Zorgen voor ondersteuning Lasten

Baten

Bedragen x € 1.000

De begroting 2025 is tot stand gekomen op basis van de Begroting 2024-jaarschijf 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2025, te weten: Opgave / product

Begroting 2025

Uitgangspunten-notitie 2025

Begroting 2024 (jaarschijf 2025)

Zorgen voor ondersteuning

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Hulpmiddelen

6.131

6.131

5.853

5.853

6.214

6.214

Vervoer

11.535

11.535

11.535

11.535

11.294

11.294

Huishoudelijke ondersteuning

33.623

33.623

33.623

33.623

27.773

27.773

Begeleiding en kortdurend verblijf

36.497

36.497

36.497

36.497

34.291

34.291

Totaal

87.786

87.786

87.508

87.508

79.572

79.572

28

De begrotingscijfers 2025 (de lasten, baten en bijdragen van gemeenten) zijn in de Uitgangspuntennotitie 2025 aangegeven. Deze cijfers zijn als volgt tot stand gekomen: Omschrijving

Lasten

Baten van derden

Bijdragen gemeenten

Begroting 2024 jaarschijf 2025

79.572

3.298

76.274

Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025 Hulpmiddelen

-361

-212

-149

Autonome groei Hulpmiddelen en indexering tarieven -361 Bij de hulpmiddelen (woonvoorzieningen en rolstoelen) is per gemeente gekeken naar de verwachte ontwikkeling van de aantallen voorzieningen. De tarieven 2024 zijn ongewijzigd gebleven. De tarieven 2025 zijn geïndexeerd conform CPB prijs bruto binnenlands product 2,8%. Vanaf 2026 en verder zijn de tarieven constant gehouden.

-212

-149

Vervoer

241

-614

855

Autonome groei Vervoer en indexering tarieven Net als bij de hulpmiddelen is voor het individueel vervoer (scootmobielen, aangepaste fietsen, etc.) de begroting 2025 gebaseerd op de ontwikkeling van de aantallen voorzieningen. Ook voor het individuele vervoer blijven de tarieven in 2024 gelijk. In 2025 zijn de tarieven geïndexeerd conform CPB prijs bruto binnenlands product 2,8%. Vanaf 2026 en verder zijn de tarieven constant gehouden. Ten aanzien van het collectieve vervoer met de Drechthopper volgen wij de begroting van Stroomlijn.

290

-614

904

Invoering voorziening Herstelgerichte ondersteuning Bij de individuele vervoersvoorzieningen houden we rekening met de mogelijke besparing door de invoering van Herstelgerichte ondersteuning. In 2024 en verder verwachten wij hierdoor 1% lagere groei van het aantal klanten dat een beroep doet op deze voorzieningen.

-49

0

-49

5.850

1.192

4.658

Autonome groei Huishoudelijke ondersteuning en indexering 6.561 tarieven De begroting voor de huishoudelijke ondersteuning is gebaseerd op de verwachte aantallen voorzieningen. Bij het bepalen van het aantal klanten is per gemeente gekeken naar de autonome groei over de periode 2021 en 2023. De jaren daarvoor zijn buiten beschouwing gelaten in verband met fluctuaties als gevolg van de invoering van het abonnementstarief en Corona. De hogere kosten worden vooral veroorzaakt door de aanhoudende stijging van de tarieven. Door (het openbreken van) caoafspraken stijgen de tarieven in 2024 stapsgewijs met ongeveer 11%. De tarieven 2025 zijn geïndexeerd conform CPB prijs bruto binnenlands product 2,8%. Vanaf 2026 en verder zijn de tarieven constant gehouden.

1.192

5.369

-711

0

-711

Begeleiding en kortdurend verblijf

2.206

-614

2.820

Autonome groei Begeleiding en indexering tarieven Bij het opstellen van de begroting Begeleiding (individuele begeleiding en dagbesteding) is gekeken naar de ontwikkeling van de verwachte aantallen per gemeente en de contractueel afgesproken jaarlijkse indexering. In 2024 stijgen de tarieven Begeleiding met 6%. De tarieven 2025 zijn geïndexeerd conform CPB prijs bruto binnenlands product 2,8%. Vanaf 2026 en verder zijn de tarieven constant gehouden.

2.750

-614

3.364

Wmo naar de voorkant De 'beweging Wmo naar de voorkant' biedt vooral kansen bij de lichtere vormen van individuele begeleiding en dagbesteding. Vanaf 2024 en verder verwachten wij jaarlijks 1% lagere groei van het aantal klanten dat een beroep doet op deze voorzieningen.

-544

0

-544

Huishoudelijke ondersteuning

Invoering voorziening Herstelgerichte ondersteuning Bij de voorziening huishoudelijke ondersteuning is de verwachte besparing door de pilot Herstelgerichte ondersteuning in mindering gebracht op de bijdrage van de gemeente.

Totaal Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025

7.936

-248

8.184

Begroot t/m Uitgangspuntennotitie

87.508

3.050

84.458

Bedragen x € 1.000

29

In deze begroting zijn de volgende aanpassingen gedaan op de cijfers uit de Uitgangspuntennotitie 2025: Omschrijving

Lasten

Baten van derden

Bijdragen gemeenten

Begroot t/m Uitgangspuntennotitie

87.508

3.050

84.458

278

0

278

Aanpassing Hulpmiddelen ten opzichte van stand 278 uitgangspuntennotitie 2025 In 2023 is voor de hulpmiddelen een nieuw facturatie- en controlesysteem ingevoerd. Dit heeft geleid tot enige vertraging in de factuurafhandeling. Op basis van de toen aanwezige facturen is in de uitgangspuntennotitie 2025 een inschatting gemaakt van de te verwachten kosten. Uit de laatste realisatiecijfers 2023 blijkt dat deze prognose iets te positief is geweest en dat de kosten hoger uitvallen dan waarmee rekening is gehouden. De hogere kosten hebben effect op de begroting 2024 (en verder) en wordt daarom hierop aangepast.

0

278

3.050

84.736

Mutaties Begroting 2025 Hulpmiddelen

Totaal Mutaties Begroting 2025 Totaal Begroting 2025

278 87.786

278

Bedragen x € 1.000

2.5 Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering kan ook wel worden gezien als de ruggengraat van de organisatie. Als bedrijfsvoering optimaal de inhoudelijke opgaven kan ondersteunen en ontlasten, kunnen zij zich optimaal richten op de dienstverlening aan de inwoners op de verschillende terreinen. Wat we willen bereiken vanuit bedrijfsvoering is daarmee gericht op de publieke waarden, geredeneerd vanuit de medewerkers die dagelijks bezig zijn vanuit hun expertise om bedrijfsvoering in brede zin en hun eigen vakgebied/expertise continu te monitoren en te verbeteren. Wat willen we voor onze inwoners bereiken en waarom? Bedrijfsvoering is er om de opgaven te laten floreren en levert opgave overstijgend een bijdrage aan het bedrijfsresultaat. Wij werken zowel op bestuurlijk als organisatorisch niveau en altijd in samenwerking met onze partners. Vanuit de opgave bedrijfsvoering voeg ik, vanuit mijn expertise, proactief waarde toe aan (het totaal van) de opgave(n). Ik stel kaders, controleer en adviseer of in de opgaven en opgave overstijgend de goede dingen goed gedaan worden. Ik ontzorg de opgaven waar nodig. Ik werk altijd met het oog op de publieke waarde die de opgaven aan onze inwoners bieden.

Belangrijk is dat bedrijfsvoering enerzijds een expertise is (denk aan financiën. communicatie, contractmanagement, ICT, beleid etc.) en dat medewerkers juist vanuit die expertise breed en integraal de opgaven kunnen adviseren. Altijd met het oog op de publieke waarde, de organisatie als geheel en de behoeften van de inwoners. Om dit te bereiken streven we een drietal doelen na. Welke doelen streven we na? Nummer

Doelstelling

5.1

We zijn als organisatie in control en transparant over hoe we onze middelen inzetten en welke effecten (driehoek; doelen, middelen en legitimiteit) we daarmee in het kader van publieke waarde bereiken. Het is voor ons vanzelfsprekend dat wij pro actief samenwerken in ons netwerk om het goede voor de klant te realiseren

5.2 5.3

Onze interne bedrijfsvoering is op orde en logisch ingedeeld.

30

Opgave-indicatoren Indicator

Doel

Geen overschrijding van de begroting. Met zo min mogelijk financiële middelen het werk doen. Bij onderschrijding >5% de begroting aanpassen Financiële fouten blijven binnen de norm (van rechtmatigheidsverantwoording) van 1% van het begrotingstotaal excl. reservemutaties Financiële onzekerheden blijven binnen de norm (van rechtmatigheidsverantwoording) 1% van het begrotingstotaal excl. reservemutaties Procedurele fouten / juridische fouten blijven binnen de norm van 3% Voor alle gemeenten individuele rapportages beschikbaar en 2 gesprekken per jaar per gemeente Ontsluiting van 1ste financiële basiscijfers per gemeente en inzichtelijk op dashboards

5% 1% 1% 3% 7 7

De indicatoren binnen bedrijfsvoering gaan enerzijds over de wat hardere kant van bedrijfsvoering, namelijk de indicatoren die verplicht zijn vanuit de rechtmatigheidsverantwoording. Het binnen de norm blijven van financiële fouten, onzekerheden en procedurele fouten zegt enerzijds iets over het in control zijn als organisatie en anderzijds iets over de geleverde kwaliteit. Door deze indicatoren structureel op te nemen en hierop te rapporteren krijgt de verantwoording bovendien een structurele en logischere plek in het geheel. De 1e indicator inzake de begroting is toegevoegd om te duiden in hoeverre we als GR Sociaal steeds beter in staat zijn om realistisch te begroten, zodat gemeenten hierop in hun eigen begroting goed kunnen voortbouwen. Tot slot wordt data steeds belangrijker voor ons, voor gemeenten en de Drechtsteden. Op dit moment is het niet mogelijk om de financiële data te ontsluiten op dashboards (dit vanwege de freeze vanuit ICT Beweegt, waardoor het niet mogelijk is om nieuwe koppelingen te maken tussen systemen en het dataplatform). Een nadrukkelijke wens is echter wel om de financiële basiscijfers zo snel als mogelijk gekoppeld te krijgen, daarom is deze indicator opgenomen voor 2025. Wat gaan we daarvoor doen? Doelstelling 5.1

We zijn als organisatie in control en transparant over hoe we onze middelen inzetten en welke effecten (driehoek; doelen, middelen en legitimiteit) we daarmee in het kader van publieke waarde bereiken.

Speerpunt 5.1.1

We realiseren de randvoorwaarden voor de organisatie om te zorgen dat de primaire processen goed verlopen. Gezien toekomstige opgaven en de complexiteit waar rekening mee moet worden gehouden in het werk, is het nodig dat medewerkers goed ondersteund worden zodat zij kunnen focussen op de inwoner/klant en we tegelijkertijd de juiste informatie boven tafel krijgen en voldoen aan alle aanpalende wet- en regelgeving (zoals archiefwet, avg).

Toelichting

Speerpunt 5.1.2 Toelichting Speerpunt 5.1.3 Toelichting

We zorgen er voor dat de organisatie op de juiste momenten de juiste mensen tot haar beschikking heeft. Een arbeidsmarkt die continu in ontwikkeling is, waar een enorme krapte is vraagt om een passende HR strategie op de punten van instroom-doorstroom-uitstroom. Alle doelen van de organisatie, activiteiten en KPI’s zijn verwerkt in systemen, meetbaar en beschikbaar. Data en informatie zijn voor ons onmisbaar om de juiste keuzes te kunnen maken in zowel de richting als de inrichting van onze organisatie. Door data te kunnen combineren wordt meer inzichtelijk welke effecten we al dan niet bereiken.

Doelstelling 5.2

Het is voor ons vanzelfsprekend dat wij pro actief samenwerken in ons netwerk om het goede voor de klant te realiseren

Speerpunt 5.2.1

We richten bedrijfsvoeringsteams in per opgave die vanuit dit team de opgave optimaal ondersteunen en integraal adviseren De opgaven zijn verantwoordelijk en leidend in wat er moet gebeuren, ook binnen hun eigen bedrijfsvoering. Tegelijkertijd hebben zij daar goede ondersteuning, advisering en scherpte voor nodig vanuit bedrijfsvoering. Door dit integraal neer te zetten, ontstaat er 1 team per opgave die klaarstaat voor de opgave.

Toelichting

31

Speerpunt 5.2.2 Toelichting

Wij brengen landelijke en regionale ontwikkelingen samen met onze eigen organisatie en opgaven. Er speelt veel in het sociaal domein landelijk en regionaal. Juiste keuzes kunnen maken in de opgaven kan alleen als deze ontwikkelingen mee afgewogen worden, een plek krijgen, leiden tot (her)nieuw(d) beleid en geïmplementeerd worden. De rol vanuit bedrijfsvoering is daarin cruciaal, zij zitten aan tafel in veel verschillende netwerken en verzamelen hiertoe alle informatie. Ze brengen ook de eventuele consequenties en relevantie in beeld, zodat de juiste keuzes gemaakt kunnen worden.

Speerpunt 5.2.3 Toelichting

We zorgen ervoor dat iedere medewerker klantcontact heeft Goed kunnen adviseren richting de opgave kan alleen als je snapt voor wie we ons werk dagelijks doen en snapt hoe de opgave werkt en waarmee ze dagelijks te maken hebben (of welke issues er zijn).

Doelstelling 5.3

Onze interne bedrijfsvoering is op orde en logisch ingedeeld.

Speerpunt 5.3.1 Toelichting

Informatie en kaders zijn vindbaar, uitlegbaar en toepasbaar voor de gehele organisatie Om onze klanten/ inwoners in een keer goed te kunnen helpen is het ook van belang dat de collega's, die het dichtst bij de klanten staan, snel gemakkelijk informatie beschikbaar hebben die nodig is voor het dagelijkse werk.

Speerpunt 5.3.2 Toelichting

De opgave bedrijfsvoering is op orde qua formatie en bezetting Door interne verschuivingen en een krappe arbeidsmarkt is er vernieuwing nodig op het gebied van het functiegebouw en doorontwikkeling programma's

Speerpunt 5.3.3 Toelichting

We zetten in op vernieuwing/ innovatie tbv bedrijfsvoering Het op een andere en efficiëntere manier samenbrengen van data tot waardevolle informatie wordt steeds belangrijker om goed te kunnen anticiperen op het soms snel veranderende (politieke) landschap. Daarnaast is ook een stevig fundament op het gebied proces- en informatiemanagement noodzakelijk voor het goed kunnen positioneren van proceseigenaren in de organisatie.

Wat gaat het kosten? De bedrijfsvoeringskosten omvatten uitsluitend de SDD en niet de bedrijfsvoeringskosten van Drechtwerk.Deze zijn onderdeel van het product Drechtwerk binnen de Opgave Ontwikkelen naar werk. Belangrijk om hierbij te vermelden is dat we in 2025 afwijken van de afspraak dat het apparaat meegroeit met de ontwikkelingen op het klantenaantal. We kiezen bewust voor het hanteren van een nullijn, omdat we er vanuit gaan dat we met het slimmer inrichten van onze processen, het beter samenwerken onderling (inclusief partners en gemeenten), een verdergaande digitalisering en het doorvoeren van diverse innovaties we efficiënter kunnen werken. Daarmee stijgt het apparaat dus niet als gevolg van de klantenontwikkeling. Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Apparaatskosten

54.754

58.926

63.509

62.907

62.809

62.744

Apparaatskosten DVO's

2.617

2.061

4.370

4.170

3.460

3.460

275

215

215

215

215

215

57.647

61.201

68.094

67.293

66.484

66.419

Apparaatskosten

51.115

55.496

62.952

62.492

62.470

62.405

Apparaatskosten DVO's

3.819

2.061

4.370

4.170

3.460

3.460

528

215

215

215

215

215

Totaal baten

55.463

57.771

67.537

66.878

66.145

66.080

Saldo van lasten en baten

-2.184

-3.430

-557

-415

-339

-339

Bedrijfsvoering Lasten

Treasury Totaal lasten Baten

Treasury

Bedragen x € 1.000

32

Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Storting in reserves

0

0

0

0

0

0

Totaal lasten

0

0

0

0

0

0

Onttrekking aan reserves

145

0

0

0

0

0

Totaal baten

145

0

0

0

0

0

Saldo van lasten en baten

145

0

0

0

0

0

Programmareserves Lasten

Baten

Bedragen x € 1.000

De begroting 2025 is tot stand gekomen op basis van de Begroting 2024-jaarschijf 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2025, te weten: Opgave / product

Begroting 2025

Uitgangspunten-notitie 2025

Begroting 2024 (jaarschijf 2025)

Bedrijfsvoering

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Apparaatskosten

63.509

62.952

62.506

61.948

59.228

55.301

Apparaatskosten DVO's

4.370

4.370

4.176

4.176

1.024

2.055

Treasury

215

215

215

215

215

215

Totaal

68.094

67.537

66.896

66.339

60.467

57.571

De begrotingscijfers 2025 (de lasten, baten en bijdragen van gemeenten) zijn in de Uitgangspuntennotitie 2025 aangegeven. Er zijn 3 verschillen in deze begroting ten opzichte van de Uitgangspuntennotitie:  De lasten van een lobbyist zijn niet in de begroting opgenomen (€ 135.000) n.a.v. de behandeling in het Algemeen Bestuur  De verschuiving van de bijdragen vanaf het product Participatie naar Bedrijfsvoering was niet opgenomen (€ 2.321.000); dit is nu alsnog verwerkt  De lasten en baten samenhangend met de DVO Inburgering waren te hoog opgenomen (€ 873.000) in de uitgangspuntennotitie. Dit is gecorrigeerd.

33

De begrotingscijfers zijn als volgt tot stand gekomen: Omschrijving

Lasten

Baten van derden

Bijdragen gemeenten

Begroting 2024 jaarschijf 2025

60.467

15

57.556

Leefgeld uitvoeringskosten Door langer de zorg te hebben voor de opvang van Oekraïners dan voorzien zijn er uitvoeringskosten om dit bekostigen.

200

0

200

Formatie 0,5 fte woo contactfunctionaris De invoering van de Wet Open Overheid (landelijke wetswijziging) leidt tot een uitbreiding van de reeds bestaande taak die de GR Sociaal al kent. Nieuw is dat we onder andere worden verplicht een Woo-contactfunctionaris aan te stellen. Er worden meer eisen gesteld aan de openbaarmaking van allerlei zaken, de informatiehuishouding dient hiertoe structureel beter op orde te zijn en er volgen de komende jaren vanuit deze wet structureel nog meer opdrachten en taken (de landelijke implementatie van de Woo duurt meerdere jaren). Gemeenten hebben voor deze taak extra middelen van het Rijk ontvangen, een deel hiervan wordt nu opgehaald.

85

0

85

Nacalculatie prijsindex 2024 Voor de prijsindexering wordt een nacalculatie toegepast op de primaire begroting 2024. In de primaire begroting 2024 is rekening gehouden met een stijging van 2,5%. Op basis van de uitgangspuntennotitie 2025 is de stijging voor 2024 3,3%. Dat betekent een aanvullende stijging van 0,8%.

118

0

118

Prijsindex 2025 De indexering van de budgetten voor de ontwikkeling van de prijs is in de primaire begroting verwerkt conform de uitgangspuntennotitie 2025. Op basis van de indexering van de CPB-ramingen stijgen de materiële budgetten met 2,8%.

416

0

416

Nacalculatie CAO 2024 De stijging komt voort uit de CAO van 2024. Per 1 januari 2024 zijn de loonkosten gestegen met 4,75% en per 1 oktober 2024 1,25%.

2.116

0

2.116

Loonindex 2025 1.920 De indexering van de budgetten voor de ontwikkeling van loonkosten is in de primaire begroting verwerkt conform de uitgangspuntennotitie 2025. Op basis van de indexering van de CPB-ramingen stijgen de loonkosten met 5,4%.

0

1.920

Hersteloperatie toeslagenaffaire 2025 en 2026 Bij de primaire begroting 2024 waren er geen uitvoeringskosten opgenomen. De brede ondersteuning van de gedupeerden van de Kinderopvangtoeslagaffaire Drechtsteden blijft een extra taak van de GR Sociaal, naar verwachting tot en met 2026. De kosten van de toeslagenaffaire worden afgerekend met de gemeenten via een DVO.

710

0

710

Formatie Wet Inburgering DVO 2024 Met de gemeenten zijn afspraken gemaakt om de taken op het gebied van de Wet Inburgering uit te breiden. In de DVO is afgesproken is om de formatie met 8,5 fte vanaf 1-1-2024 te verhogen.

883

0

883

Financiering participatiebudget 2025 t/m 2028 Vanaf 2023 wordt de financiering van personeel ten laste van Participatie afgebouwd (reeds opgenomen in de najaarsbrief en jaarrekening). Voor de begroting 2025 betekent dit dat er € 2,3 mln. minder participatiemiddelen worden opgehaald en deze worden overgeplaatst naar apparaat. Het betreft een budgetneutrale wijziging van de begroting (van participatie naar bedrijfsvoering).

-18

0

2.321

0

0

Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025

Technische wijziging apparaatskosten DVO

Totaal Mutaties Uitgangspuntennotitie 2025

6.429

0

8.768

Begroot t/m Uitgangspuntennotitie

66.896

15

66.324

Bedragen x € 1.000

34

In deze begroting zijn de volgende aanpassingen gedaan op de cijfers uit de Uitgangspuntennotitie 2025: Omschrijving

Lasten

Baten van derden

Bijdragen gemeenten

Begroot t/m Uitgangspuntennotitie

66.896

15

66.324

DVO Beschermd wonen actualisatie 198 Jaarlijks maken de gemeente Dordrecht en de GR Sociaal met een dienstverleningsovereenkomst (DVO) afspraken over de personele inzet vanuit de GR Sociaal gericht op Beschermd wonen en Opvang. Voor de inzet vanaf 2023 zijn aanvullende afspraken gemaakt, waarbij de formatie voor deze taak groeit naar 11,18 fte.

0

198

Diverse kosten gedekt uit directe baten 100 Voor specifieke werkzaamheden binnen projecten (zoals communicatie) zijn met diverse partijen afspraken gemaakt voor onze inzet waarbij deze wordt bekostigd door de betreffende partijen. Per saldo is dit neutraal voor de begroting.

100

Projectkosten gedekt uit directe baten 100 Met diverse partijen zijn afspraken gemaakt voor projecten waarbij de inzet wordt bekostigd door de betreffende partijen. Per saldo is ook dit neutraal voor de begroting.

100

Mutaties Begroting 2025

Uitbreiden formatie bewindvoering met 1 fte per 1 januari 2024 Structureel uitbreiden formatie Bewindvoering met 1 fte a.g.v. de groei van cliënten, waarbij de kosten worden gedekt uit de wettelijk verplichte bijdragen van de cliënten (verantwoord bij het product minimabeleid).

110

0

110

Prijsindex 2025 De indexering van de budgetten voor de ontwikkeling van de prijs is in de primaire begroting verwerkt conform de uitgangspuntennotitie 2025. Op basis van de indexering van de CPB-ramingen stijgen de materiële budgetten met 2,8%.

3

0

3

Rente financiering (treasury) Voor de financiering van de vaste activa, verstrekte leningen aan verbonden partijen en tijdelijk tekort aan liquide middelen worden kasgeldleningen aangetrokken. Vanaf de primaire begroting 2024 wordt voor de kosten een bijdrage van de gemeente opgehaald. Dit kwam hoofdzakelijk doordat de Drechtsteden gemeenten niet tijdig de maandelijke liquiditeitsbijdrage betaalden aan de GR Sociaal. In 2024 zijn hierover met de gemeenten afspraken gemaakt. Dat betekent dat de rentekosten als gevolg van het "rood staan" van de GR Sociaal zijn afgenomen. De extra gemeenlijke bijdrage voor de rentekosten is nu niet meer nodig. Dit geeft een verlaging van € 200.000 voor gemeenten.

0

200

-200

Loonindex 2025 De indexering van de budgetten voor de ontwikkeling van loonkosten is in de primaire begroting verwerkt conform de uitgangspuntennotitie 2025. Op basis van de indexering van de CPB-ramingen stijgen de loonkosten met 5,4%.

687

0

687

Totaal Mutaties Begroting 2025

1.198

400

798

Totaal Begroting 2025

68.094

415

67.122

Bedragen x € 1.000

Conform de uitgangspuntennotitie 2025 groeit het apparaat in 2025 niet mee, zie verder in de risicoparagraaf. Overhead De bedrijfsvoeringskosten bevatten lasten van overhead zoals bedoeld in het BBV. Dit zijn kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces. De totale kosten voor overhead bedragen circa € 38 mln. In de Opgave Bedrijfsvoering bedraagt de overhead circa € 32 mln. De overhead wordt omgeslagen over alle taakvelden waar de apparaatskosten aan worden toegerekend en via die taakvelden in rekening gebracht bij de gemeenten. De overhead van Drechtwerk is onderdeel van het product Drechtwerk binnen de Opgave Ontwikkelen naar werk en bedraagt circa € 6 mln. In de bijlage "Overzicht van lasten en baten naar Taakvelden" is dit zichtbaar als Taakveld 0.4.

35

2.6 Algemene dekkingsmiddelen Treasury is onderdeel van de Algemene dekkingsmiddelen en is opgenomen onder Drechtwerk (Opgave Ontwikkelen naar werk) en de Opgave Bedrijfsvoering. In de begroting is het gebruikelijk om een bedrag voor Onvoorzien op te nemen. Dit bedrag is bestemd voor lasten, die nog niet in de begroting van de opgaven zijn opgenomen. De wens van de deelnemende gemeenten is dat de GR Sociaal terughoudend is in het vormen van reserves, zowel in de balans als binnen de exploitatie. Dat betekent dat geen bedrag voor onvoorzien is opgenomen. 2.7 Vennootschapsbelasting De GR Sociaal neemt voor de meeste gevallen met haar activiteiten niet deel aan het economisch verkeer, waarbij sprake is van winst(streven). De activiteiten betreffen veelal overheidstaken of worden maximaal kostendekkend uitgevoerd. Voor de jaren 2025-2028 verwachten wij voor de activiteiten die wel onder de Vennootschapsbelasting vallen geen afdracht te moeten doen. Om die reden is een bedrag van nihil begroot.

36

3 Paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt gedefinieerd als het vermogen om financiële risico’s op te vangen en omvat de weerstandscapaciteit minus de risico's. Weerstandscapaciteit bestaat uit het aanwezige eigen vermogen in de vorm van algemene reserve, het vrije besteedbare deel van bestemmingsreserves en het bedrag voor onvoorzien. In de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen is opgenomen dat binnen de GR Sociaal in principe geen reserves worden gevormd en aangehouden. Het vormen van weerstandsvermogen vindt dan ook volledig plaats bij de gemeenten zelf. Dat betekent dat de weerstandscapaciteit van de GR Sociaal (nagenoeg) nihil is. Algemene reserve De stand van de algemene reserve is nihil. Risicobeheersing Risicomanagement verschaft de mogelijkheid om optimaal om te gaan met onzekerheden. Met het weerstandsvermogen wordt de relatie weergegeven tussen middelen (weerstandscapaciteit) en risico’s. Tot de risico's behoren alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen (zoals verzekering) en die van materiële betekenis zijn in relatie tot de financiële positie. In de volgende tabel zijn deze opgenomen. Openstaande risico's Omschrijving

Kans

Totale omvang (€)

Huisvesting

Matig (25%)

300.000

Impact Toelichting (€)

75.000 Het pand 'De Hellingen' is gehuurd tot en met het eerste kwartaal 2025. Door de vertragingen in de realisatie van het Dordthuis is de inschatting dat de huur van dit pand verlengd gaat worden voor het hele jaar 2025. Investeringen zijn nodig om de functionaliteit van de panden op orde te houden, maar worden beperkt tot het strikt noodzakelijke. Ook de jaarlijkse onderhoudskosten kunnen oplopen, door de ouderdom van het pand. Er wordt steeds kritisch gekeken naar de noodzaak van investeringen en onderhoudsverplichtingen. Risico is dat de extra kosten niet binnen de bestaande budgetten kunnen worden opgevangen. De verwachting is overigens dat in 2025 geen grote investeringen of extra onderhoudskosten voor het pand aan de Hellingen worden gemaakt. Ontwikkeling kosten Zeer groot 2.100.000 1.890.000 Bij de vaststelling van de primaire begroting 2023 is besloten om Wmo (90%) een pas op de plaats te maken en de begroting vooralsnog gelijk te houden aan het niveau van 2022. Daarbij is rekening gehouden met ruimte in de begroting omdat niet alle indicaties verzilverd kunnen worden als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt. Op sommige voorzieningen verwachtten we een plus en andere een min, per saldo leken de verschillen in financiële zin elkaar uit te middelen.

Wat we op dat moment niet voorzagen was dat de prijzen voor de lonen, materialen en grondstoffen enorm hard zouden stijgen. Deze ontwikkeling zien we terug in de prijsindexaties 2023 voor de Wmo voorzieningen, die uitzonderlijk hoog zijn ten opzichte van voorgaande jaren. --> Risico afgevoerd. Bij de Voorjaarsbrief is de begroting aangepast op het beschreven risico. Ziekteverzuimpercentage Zeer groot 375.000 337.500 In de kostprijsberekening tarieven Wmo HO wordt rekening binnen tarief Wmo HO (90%) gehouden met een ziekteverzuimpercentage van 5,63%. Afgelopen jaren lag het werkelijke ziekteverzuimpercentage als gevolg van Corona en de hoge werkdruk in de Zorg beduidend hoger. De verwachting is dat dit komende jaren zo ook nog zal zijn. Vanuit de aanbieders is het verzoek gekomen om het ziekteverzuimpercentage binnen de kostprijsberekening aan te passen naar een reëel percentage. --> Risico is afgevoerd, omdat het zich daadwerkelijk heeft voorgedaan. Het ziekteverzuimpercentage is verhoogd van 5,63% naar 7%. Dit is meegenomen naar in de indexering van de tarieven per 1 maart 2023 met 4%.

37

Omschrijving

Kans

cao verhoging Huishoudelijke ondersteuning per 1 oktober 2023

Zeer groot (90%)

Arbeidsontwikkeling

p.m.

Huisvesting

Uitstel invoering Wmo voorziening herstelgerichte ondersteuning DW Kamerlingh Onnesweg 1 Uitstaande geldlening aan Assembly Partner B.V.

Totale omvang (€) 400.000

Groot (75%)

300.000

Gemiddeld (50%)

150.000

p.m.

Matig 1.132.000 (25%)

Bestandsontwikkeling inkomensondersteuning

Gemiddeld 1.750.000 (50%)

Bedrijfsvoering

Gemiddeld (50%)

Gevolgen wijziging omvang Sw-subsidie van het Rijk

p.m.

200.000

Impact Toelichting (€) 360.000 Op 22 juni hebben de werkgeversorganisaties en vakbonden een akkoord bereikt over het openbreken van de cao 2023 om prijsstijgingen door de inflatie op te vangen. Overeenstemming is bereikt om per 1 oktober 2023 de lonen met 5% te verhogen. Daarnaast vindt per 1 maart 2024 en per 1 oktober 2024 een loonsverhoging plaats van 2,5%. Het onderhandelaarsakkoord moet nog worden voorgelegd aan de leden van de vakbonden en werkgeversorganisaties. p.m. Door krapte op de arbeidsmarkt is het lastig om (goed opgeleid en ervaren) personeel te werven. Ook bij de GR Sociaal staan vacatures lang open. De schaarste op de arbeidsmarkt zal op korte termijnniet direct een knelpunt zijn bij de kwaliteit van dienstverlening aan de klanten van de GR Sociaal. Op langere termijn kan dat echter wel het geval zijn. GR Sociaal doet allerlei inspanningen om goed personeel te werven en te behouden. 225.000 De plannen van de gemeente Dordrecht voor de ontwikkeling van de Spuiboulevard hebben tot gevolg dat de Sociale Dienst Drechtsteden het huidige pand moet verlaten. De kosten van nieuwe huisvesting zullen in ieder geval hoger zijn dan het huidige huurcontract, dat loopt tot en met het eerste kwartaal 2025. Er is in die kosten niet voorzien. Met de projectorganisatie van gemeente Dordrecht vindt overleg plaats welke extra kosten er gemaakt moeten worden m.b.t.

de voorbereiding op de huisvesting na het eerste kwartaal 2025 en waar deze kosten zullen landen. In 2023 zal er naar verwachting extra inzet moeten worden gepleegd in en aan het project van het Huis van stad en regio. Actualisatie/update: in 2023 is en wordt extra inzet gepleegd om goed aangesloten te blijven op de ontwikkeling van het Dordthuis (voorheen Huis van stad en regio). 75.000 De gemeente Dordrecht neemt het laatste kwartaal 2024 een besluit over de invoering van de Wmo voorziening herstelgerichte dienstverlening. Door deze vertraging wordt de beoogde besparing niet (volledig) gerealiseerd. p.m. Het in eigendom zijnde pand van Drechtwerk aan de Kamerlingh Onnesweg 1: onvoorziene benodigde maatregelen om te voldoen aan wet- en regelgeving kunnen impact hebben op het exploitatieresultaat. 283.000 Uitstaande geldlening aan Assembly Partner B.V. op 1 januari 2024 groot € 1.132.000. Bij faillissement is het risico tot het niet volledig innen van de uitstaande lening reëel, afgegeven borgstelling zal dit risico beperken. 875.000 De prognose is dat eind 2025 het aantal bijstandsgerechtigden maximaal 6.200 zal zijn. Dit is conform de procentuele ontwikkeling van de macro aantallen i.r.t. onze eindstand 2024 en de genomen maatregelen om de uitstroom te bevorderen.

Blijkt dat door een meevallende (plaatselijke) conjunctuur op het eind van het jaar er 100 bijstandsgerechtigden minder te zijn is er een risico van € 1.750.000. 100.000 De bedrijfsvoering moet aan steeds meer regels voldoen. Bijvoorbeeld de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en informatiebeveiliging, maar ook de steeds meer opkomende landelijke standaardisering. Daarnaast moet de informatisering aan steeds grotere eisen voldoen. We zien dat we als overheid minder snel van deze ontwikkelingen gebruik maken. De mogelijkheden die door de markt worden aangeboden en dat wat door onze inwoners wordt gebruikt, wijkt in toenemende mate van elkaar af. Systemen en hun onderlinge relatie/uitwisseling worden complexer en dat vraagt om heroverweging. Ook de sterke afhankelijkheid van de IT-systemen en daarmee onze kwetsbaarheid blijft een risico. De grote(re) incidenten die we hebben afgelopen jaar hebben ervaren onderstrepen dit. p.m. Rijkssubsidie SW (vanaf 1-1-2008 gemeentelijke subsidie SW):de subsidie SW is de belangrijkste inkomstenbron van het onderdeel Drechtwerk. Wijziging in de bekostigingssystematiek kan gevolgen hebben voor de omvang van de subsidie SW, d.w.z. dat het ministerie de hoogte van de subsidie per SE bepaalt. Elke euro verandering in de subsidie veroorzaakt een gelijke mutatie in het tekort zowel positief als negatief.

(in deze begroting zijn de meest recente budgetten verwerkt, septembercirculaire 2023 als wel een verwachte LPO Rijkscompensatie).

38

Omschrijving

Kans

Geen compensatie van het Rijk inzake hogere loonkosten

Matig (25%)

Gevolgen afwijking van blijfkans berekening Wsw

Bandbreedte in begroting voor onzekerheid

Totaal

Totale omvang (€) 361.000

Impact Toelichting (€)

90.250 Bij het opstellen van de meerjarenbegroting wordt gewerkt met bekende (verwachte & exacte) ontwikkelingen op gebieden als aanpassingen van WML, loonprijsontwikkelingen, bekende Cao afspraken waar van toepassing. Vaststaande gegevens over landelijke ontwikkelingen, gepubliceerd in de meest recente meien septembercirculaires van het Rijk zijn hierin verwerkt. Elke wijziging of aanpassing heeft dus direct effect op de hier gepresenteerde (meerjaren-) begroting. Een afwijking van 1% op de lonen voor SW heeft een effect van € 289.000 en op overig personeel een effect van € 72.000 p.m. p.m. Bij de invoering van de Participatiewet is de door het Rijk begrote bezuiniging op de rijksbijdrage als uitgangspunt genomen. Voor de verdeling van de subsidiegelden wordt rekening gehouden met een zogenaamde blijf kansberekening. De werkelijke uitstroom van Drechtwerk versus de uitstroom vanuit het actuarieel model waar vanuit het Rijk werkt, kan (grote) afwijkingen hebben hetgeen kan leiden tot (aanzienlijke) tekorten op de subsidie inkomsten ten opzichte van de salarisbetalingen zoals inmiddels gepresenteerd. Matig 8.200.000 2.050.000 De begroting en meerjarenraming van de sociale dienst kent een (25%) bandbreedte, gezien de grote onzekerheden. De onderkant van de bandbreedte is in de begroting toegepast voor de budgetten en gemeentelijke bijdragen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/919/documents/13260