20221201 Beantwoording technische vragen Concernrapportage 2022.pdf
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
datum behandeld door
1 december 2022 M. Penders
ons kenmerk doorkiesnummer Onderwerp
Beantwoording technische vragen concernrapportage 2022, belastingverordeningen en subsidieplafond.
Geachte mevrouw, heer, Hieronder treft u de beantwoording aan van de financieel gestelde vragen, zowel schriftelijk als tijdens de cie. ABZ van 21 november jl., van de fracties D66, PAB, CDA, CU, GL, VVD, PvdA, OP en de SGP. I.
Door de fractie van D66 zijn onderstaande schriftelijke technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Op pagina 4 staat dat voor energie in de openbare ruimte en vastgoed een prijsstijging van € 150.000 wordt voorzien. Wij zijn geïnformeerd dat de gemeente over moest stappen van het ministerie omdat wij een contract zouden hebben met Gazprom, een Russische leverancier die op de EU-sanctielijst staat. Later bleek dit onterecht te zijn. Minister Jetten heeft kort geleden gezegd dat gemeenten die onterecht zijn overgestapt gecompenseerd zullen worden voor in elk geval 2022. Vraag 1 Heeft u dat nieuws al in deze concernrapportage kunnen verwerken? Zo niet, wat is het verwachte financiële effect van deze compensatie? Antwoord vraag 1: Nee, wij hebben de verwachte compensatie nog niet kunnen verwerken in de concernrapportage 2022. De omvang van de compensatie wordt nog nader bekend gemaakt door het Ministerie. Op pagina 9 staat dat een bedrag van € 190.000 onttrokken wordt uit de algemene reserve. Volgens de uitleg is dat nog beschikbaar uit de jaarrekening 2020. Daaruit bleek dat er met resultaatbestemmingen gewerkt wordt. Vraag 2a Begrijpen wij het goed dat dit de reden is dat dit geld nu alsnog gebruikt kan worden? Antwoord vraag 2a: Ja, dat klopt. Vraag 2b In de jaarrekening 2020 staat maar voor € 136.000 aan resultaatsbestemming.
Waar komt de overige € 54.000 (van de € 190.000) vandaan? Antwoord vraag 2b: De onttrekking van de algemene reserve is afkomstig uit beslispunten 9 t/m 12 van het raadsbesluit van de jaarrekening 2020. Dit betreft € 52.000 voor handhaving, € 33.000 voor ondermijning, € 51.000 voor bouwplannen en € 54.000 (van de € 65.000) voor bouwbeleid en Wabo.
1
Vraag 2c Kunt u bevestigen dat dit geld afkomstig is uit 2020 en niet in 2021 al gebruikt is? Waar blijkt dit uit? Antwoord vraag 2c: Ja, bij de jaarrekening 2021 is onder andere verantwoording afgelegd over de onttrekkingen uit de algemene reserve. Hieruit blijkt dat er geen onttrekkingen van de bovengenoemde posten hebben plaatsgevonden. Vraag 2d Hoe kunnen wij als raad er voor zorgen, als onderdeel van onze controlerende taak, dat geld voor het ene doel, bijvoorbeeld ondermijning, niet gebruikt wordt voor iets anders, als bestemmingsplannen? Het lijkt dat alle drie de posten nu op een hoop geveegd worden, maar in de jaarrekening 2020 zijn dit drie aparte potjes. Antwoord vraag 2d: Het storten en onttrekken uit de reserves is een raadsbevoegdheid, waarbij de raad via afzonderlijke voorstellen of via de P&C-cyclus besluiten kan nemen. De raad geeft hiermee een controlerende invulling en krijgt inzicht waarvoor de middelen worden ingezet. De onttrekking is puur bestemd voor de personele inzet handhaving (waaronder bouw), bestemmingsplannen en ondermijning. Vraag 2e Later is in de begroting nog een bedrag van € 33.000 genoemd, ook uit de jaarrekening van 2020. Ik zou verwachten dat dit dezelfde € 33.000 is, die ook is meegenomen als onderdeel van de € 190.000 en er sprake is van een dubbeltelling. Als dat niet klopt, graag toelichting waar déze € 33.000 dan vandaan komt.
Antwoord vraag 2e: De € 33.000 op pagina 11 betreft de lastenverhoging voor het onderdeel Veiligheid (ondermijning). De vorige vragen betreffen de onttrekking uit de algemene reserve (baten). Hier is dus géén dubbeltelling.
II.
Door de fractie van PAB zijn onderstaande technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
We zien bij de ombuiging Groen het volgende. Er wordt gepraat over een aantal alternatieve maatregelen, omdat we niet aan de kwaliteit willen komen wat betreft het onderhoud. Dat is ook middels een amendement in de tijd gevraagd en dat amendement is ook aangenomen. Nu lezen wij als alternatief dat nu ingezet wordt op het verduurzamen van het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Hierdoor kunnen wij de besparingen waarmee deze ombuiging mogelijk wordt gemaakt realiseren. Vraag 1 Graag ontvangen wij een toelichting wat dit precies inhoudt. Heeft dit bijvoorbeeld te maken met een alternatieve manier van het maaibeleid of onkruidbestrijding? Waar zit het in waardoor de besparing van de ombuiging wordt gerealiseerd zonder dit aan de kwaliteit te komen? Antwoord vraag 1: Door te investeren in alternatieve maatregelen, conform het aangenomen amendement, wordt gekeken naar een aantal alternatieve maatregelen om de taakstelling gedeeltelijk te realiseren. Te denken valt daarbij bijvoorbeeld aan aanpassingen van het wagenpark met elektrische voertuigen of het sneller toepassen van LED-verlichting in de openbare ruimte. Overige investeringen zijn nog in onderzoek. Vraag 2 Verderop staat: om geplande projecten af te handelen is meer inhuur nodig. Hoe verhoudt zich dit nu met het in dienst nemen van de expertise tot het inhuren?
2
Antwoord vraag 2: Bij de GWW sector wordt ingehuurd om in te lopen op de planning en begeleiding van de werken. Dit betreft ongeveer twee formatieplaatsen. Vraag 3 De gelabelde uitgaven van € 235.000 uit de meicirculaire voor het klimaatakkoord wordt gestort in de algemene reserve. Kunnen gelabelde uitgaven gestort worden in de algemene reserve? Graag hierover een toelichting. Antwoord vraag 3: Ja, dit is mogelijk en gebruikelijk om deze middelen, een decentralisatie-uitkering als onderdeel van de algemene uitkering, beschikbaar te houden (met een claim) voor deze gelabelde uitgaven. Het is ook mogelijk om voor gelabelde gelden specifieke reserves te maken, alleen heeft uw raad eerder verzocht om het aantal reserves te beperken. Vraag 4 Er staat dat de gemeente erop aangesproken is om snoeiwerk openbaar groen aan te pakken. Het waterschap heeft daar om gevraagd. Dit kost € 175.000 en er is € 75.000 in een andere pot als dekking. Onze vraag is of de resterende € 100.000 ten laste van het budget van reguliere onderhoud groen komt? En komt dit budget niet onder druk te staan? Antwoord vraag 4: De extra werkzaamheden betreft het oorspronkelijke winterwerk 2023. Deze werkzaamheden zijn naar voren gehaald omdat dit afgestemd moest worden op de Schouw van het waterschap (gereed voor 1 november).
De kosten zijn gedekt uit een voor groenonderhoud bestemd inhuurbudget afkomstig van openstaande vacatures.
III.
Door de fractie van CU zijn onderstaande technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Op pagina 4 wordt voor gestegen uitvoeringskosten openbare ruimte een bijdrage van € 250.000 voorgesteld. Hoe is men aan deze € 250.000 hieraan gekomen? Antwoord vraag 1: We hebben hierbij gekeken naar de grootste kostenstijgers in de uitvoeringskosten openbare ruimte en daarop de aanpassing gebaseerd. Vraag 2 Op pagina 4 staat geschreven dat er een '3xO-principe' toegepast gaat worden. Hoe gaat dit, qua prioritering, uit zien? Zou de raad meegenomen kunnen worden in die prioritering daarover en hierover op de voorhand geïnformeerd worden? Antwoord vraag 2: De te beantwoorden 3xO-vragen zijn: 1. Is het Onvoorzien, 2. Is het Onuitstelbaar of 3. Is het Onvermijdelijk. Bij een 'Ja' op een van de drie vragen wordt de prioriteit aan gegeven. Het betreft hier uitvoering van reguliere werkzaamheden en past als verantwoording binnen de P&C-cyclus. Vraag 3 Een punt dat al langs is gekomen bij de behandeling van de begroting 2023. We hebben allemaal onderkend dat er een probleem ligt op het gebied van personeel en dat het erg lastig is om aan personeel te komen. Er wordt nu ook uitgegaan van extra kosten. De vraag is of dit nu allemaal is verwerkt in de begroting? We willen voorstellen om dit nadrukkelijk mee te nemen als er begrotingsaanpassingen komen.
3
Antwoord vraag 3: Nee, daar waar in de begrotingsjaar 2023 blijkt dat er extra middelen nodig zijn voor personeel, zullen hiervoor voorstellen worden gedaan via de reguliere P&C-cyclus. Vraag 4 Net als de fractie PAB hebben wij ook geworsteld met het begrijpen van het storten van gelabelde uitgaven in de algemene reserve. Kunt u hier een toelichting geven. Antwoord vraag 4: Zie antwoord bij vraag 3 van de fractie PAB.
IV.
Door de fractie van GL zijn onderstaande technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Ook wij hebben dezelfde vraag met betrekking tot het storten van de € 235.000 gelabelde uitgaven in de algemene reserve. In ons opzicht is op het moment dat je deze middelen in de algemene reserve laat storten, dat je per definitie niet meer gelabeld is, omdat dit op de 'grote hoop' van de algemene reserve terecht is gekomen. Antwoord vraag 1: Zie antwoord op vraag 3 van de PAB-fractie.
In de vorige raadsvergadering stelde de fractie van OP voor om de bestemmingsreserve corona aan te passen naar de bestemmingsreserve energiecrisis. Wij steunen dat niet, omdat wij het nog te vroeg was in deze fase van de pandemie. En de portefeuillehouder was het met ons eens en gaf dezelfde uitspraak. Vraag 2 Hoe verhoudt die uitspraak zich met het voorstel om € 95.000 uit de bestemmingsreserve corona te halen voor de continuïteit zorg jeugdwet? Wij vinden dat deze middelen nog in de reserve behouden moeten worden en dat het nog te vroeg is om de reserve af te schaffen. Graag hier een toelichting. Antwoord vraag 2: De € 95.000 uit de bestemmingsreserve corona zijn vanuit het Rijk ontvangen middelen ter compensatie van de extra jeugdhulpuitgaven als gevolg van de coronacrisis. Deze middelen worden nu ingezet om de extra kosten als gevolg van de coronacrisis in te lopen. V.
Door de fractie van VVD zijn onderstaande technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Deze vraag betreft beslispunt 8 – niet geplande snoeiwerk groen, waarbij de gemeente door het waterschap is aangesproken. Wat is de reden dat er geen rekening is gehouden met deze werkzaamheden in 2022 in onze eigen plannen? Antwoord vraag 1: Zie antwoord vraag 4 van de fractie PAB. Vraag 2 Deze vraag betreft de vliegende brigade. Hier zien we een project aan de Schoorweg staan. Ons vraag is: wanneer krijg de raad hierover informatie en wanneer worden de omwonenden hierover geïnformeerd?
4
Antwoord vraag 2: De ontwikkelingen aan de Schoorweg zijn opgestart. Vanwege capaciteitsproblemen is het project tijdelijk opgeschort. Begin 2023 verwachten wij een doorstart te maken. Zodra meer bekend is, zullen wij zowel de raad als de omwonenden hierover informeren. Vraag 3 Er is een verzoek voor een krediet van € 100.000 voor het ontwikkelgebied P.C. Hooftlaan. Waarom is dit krediet niet meegenomen in het raadsbesluit voor het vaststellen van de bestemmingsplan of gelijktijdig hiermee een apart raadsvoorstel voor het krediet is gedaan. Antwoord vraag 3: Hiervoor is gekozen vanuit het oogpunt van zuiverheid. De raad is om een oordeel gevraagd over een bestemmingswijziging voor een beeldbepalende locatie. Wij kunnen ons voorstellen dat dit vraagt om een zekere mate van concentratie op het onderwerp. Het gelijktijdig aanvragen van een voorbereidingskrediet was een mogelijkheid geweest maar achtten wij op dat moment niet passend. Om die reden is er voor gekozen om bij de concernrapportage hier specifiek op in te gaan zodat de raad haar oordeel kan geven.
VI.
Door de fractie van PvdA zijn onderstaande technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Het begrotingsresultaat is positief bijgesteld met ruim € 2 miljoen en dit komt vooral door meer inkomsten via de algemene uitkering, maar ook doordat er minder uitgaven zijn gedaan. Bij de jaarrekening zou er blijken wat we feitelijk gaan over houden. Ten aanzien van de groenvoorziening, is de fractie van de PvdA benieuwd welk ambitieniveau het college heeft om de kwaliteitsniveau van de groenvoorziening op peil te houden. Wij stellen deze vraag, omdat wij lezen dat er meer onderzoek nodig is om besparingsmogelijkheden te kunnen realiseren. Tegelijkertijd stellen wij ook de vraag hoeveel meer onderzoek het college nodig heeft om uiteindelijk het ambitieniveau waar te maken. Antwoord vraag 1: De ambitie voor het groen is het behouden van B-kwaliteit en enkele A-locaties zoals CROW dat heeft omschreven. Er kan niet concreet aangegeven worden hoeveel onderzoek nodig is om alternatieve besparingen te realiseren om invulling te geven aan de ombuiging Groen. We zien dat er steeds meer inhuurpersoneel wordt ingezet. Dat is deels te verklaren door de krapte op de arbeidsmarkt, maar je kunt ook mogelijk stellen dat de gemeente misschien niet altijd flexibel genoeg is om klaar te staan voor de uitdagingen voor morgen. Uitdagingen die niet altijd voorzien zijn, maar voor een groot deel ook weer wel.
En wij als fractie van de PvdA maken ons zorgen hoe wij grip houden op onze eigen dienstverlening. En daarmee ook op het juiste moment de juiste keuzes kunnen maken en prioriteren. Uiteindelijk houdt het inhuren een keer op, omdat je simpelweg de kennis en de kunde in de organisatie wil gaan borgen. Maar met dit tempo, zullen dit meer kosten met zich meebrengen als je daar geen grip op krijgt. Vraag 2 Hoe kijkt het college hier tegen aan? En zijn er voornemens om hierop te gaan sturen? Antwoord vraag 2: Zolang er krapte op de arbeidsmarkt is en specifieke expertise nodig is zal externe inhuur noodzakelijk zijn. Regionaal staat het vraagstuk over de arbeidsmarkt hoog op de agenda.
5
VII.
Door de fractie van OP zijn onderstaande technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Op basis van de concernrapportage 2022 is te zien dat we op dit moment er goed voor staan. Is het mogelijk om de stijging van de OZB te matigen? Mogelijk is er nog voldoende ruimte om voor in het kader van lastenstijgingen iets voor de inwoners te kunnen betekenen door deze stijgingen voor 2023 niet of voor een gedeelte door te laten gaan. De gemeente Dordrecht heeft bijvoorbeeld de woonlasten met € 75 per huishouden verlaagd. Antwoord vraag 1: Het matigen van de OZB levert een structureel negatief effect op het begrotingssaldo op. Op basis van de meerjarige vooruitzichten is dit niet wenselijk. Ook wordt hiermee niet alle inwoners van Papendrecht geholpen, omdat huurders géén OZB betalen. Om echt alle inwoners te helpen zou dan een ingreep gedaan moeten worden op de afvalstoffenheffing. Wij hebben een weloverwogen keuze gemaakt om voor een gerichte en efficiënte aanpak tegen energiecrisis- en armoede.
VIII.
Door de fractie van CDA zijn onderstaande technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 In het concernrapportage 2022 staat dat het krediet van de LED-verlichting Sportcentrum met € 60.000 wordt verhoogd en dat dit terug wordt gehaald door een huurverhoging voor de sportvereniging. Is dit wijs om in deze tijd deze verduurzaming in rekening te brengen aan de sportvereniging? Zijn er mogelijk andere budgetten waarmee dit opgevangen kan worden? Antwoord vraag 1: Het betreft een huurverhoging aan het sportcentrum dus niet de sportvereniging. Deze duurzame investering in de verlichting zal leiden tot minder kosten voor energie waardoor de huurverhoging gedeeltelijk teniet wordt gedaan. IX.
Door de fractie van SGP zijn onderstaande technische vragen gesteld over de concernrapportage 2022. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Het valt ons in de concernrapportage 2022 op dat een externe inhuur staat opgenomen voor een tijdelijke data-adviseur voor de verbonden partijen sociaal domein. Het SGP vindt dit een heel goed initiatief, maar onze vraag is of er sprake is van nieuw beleid? Wij zijn namelijk niet op de hoogte gesteld dat dit op deze wijze wordt ingevuld. Antwoord vraag 1: Bij de vorming van de GR Sociaal is een inschatting gemaakt van de formatieve consequenties. In de programmabegroting 2022 is dit uitgewerkt en heeft geleid tot een structurele en tijdelijke formatieuitbreiding. De (tijdelijke) invulling van de data-adviseur betreft in dit geval geen nieuw beleid en is derhalve een collegebevoegdheid om hier uitvoering aan te geven. X.
Door de fractie van D66 is onderstaande technische vraag gesteld over de belastingverordeningen 2023. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Is het nodig om elk jaar de belastingverordeningen opnieuw vast te stellen? Is er een mogelijkheid om alleen de wijzigingen in de tarieven voor te leggen ter besluitvorming? Antwoord 1: Ja, het is nodig om elk jaar de belastingverordening opnieuw vast te stellen. In artikel 216 van de Gemeentewet is opgenomen dat het invoeren, wijzigen of afschaffen van een gemeentelijke belasting
6
plaatsvindt door het vaststellen van de belastingverordening. Op basis hiervan zullen wij jaarlijks de volledige belastingverordening aan u moeten voorleggen.
XI.
Door de fractie van PAB is onderstaande technische vraag gesteld over de belastingverordeningen 2023. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Kunt u aangeven wat de verhoging van de lokale lasten voor de inwoners bedraagt? Antwoord 1: In de begroting 2023 staat in de paragraaf lokale heffingen een uitwerking van de gemiddelde lokale woonlasten opgenomen. Per individueel huishouden is niet aan te geven wat de stijging zal zijn, omdat dit afhankelijk is van enerzijds de WOZ-waarde van de woning in eigendom en anderzijds de omvang van individuele huishoudens met betrekking tot afvalstoffenheffing. In de begroting 2023 (pagina 86) is de onderstaande tabel opgenomen.
XII.
Door de fractie van CDA is onderstaande technische vraag gesteld over het subsidieplafond 2023. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 Kun u uitleggen hoe het percentage van 7,9% tot stand is gekomen? Antwoord1: In de raadsvergadering van 5 juli 2022 is besloten de indexatie van het subsidieplafond 2023 vast te stellen op 3,9%. Dit bestaat uit de indexatie conform de prijs materiele overheidsconsumptie van 1,9% (bron CBS) plus een extra verhoging met 2% met de toen bekende inzichten met betrekking tot CAOontwikkeling, huurstijgingen en hogere energiekosten. In de begroting 2023 is budgettaire ruimte opgenomen om de indexatie van het subsidieplafond 2023 met nog eens 4% extra te verhogen. De begroting is op 10 november jl. vastgesteld. Hiermee komt de totale indexatie van het subsidieplafond voor het jaar 2023 uit op 7,9%. Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend,
J.M. Ansems Algemeen directeur
7