20211008 RIB beantwoording technische vragen Begroting 2022.pdf
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
datum behandeld door
8 oktober 2021 M. Penders
ons kenmerk doorkiesnummer
Onderwerp
6242
Beantwoording technische vragen Programmabegroting 2022 - 2025
Geachte mevrouw, heer, Hieronder treft u de beantwoording aan van de schriftelijk ingediende technische vragen over de begroting 2022 van de fracties OP, ChristenUnie en D66. I.
Door de fractie van OP zijn onderstaande technische vragen gesteld over de programmabegroting 2022-2025. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Uit de begroting blijkt (blz. 145) dat er sprake is van een aantal reserves. Vraag 1 Wordt met egalisatiereserve kapitaalslasten, de bestemmingsreserve kapitaalslasten bedoeld? Antwoord vraag 1: Ja, bedoeld wordt de bestemmingsreserve kapitaallasten. Vraag 2 Wat wordt er bedoeld met “daarnaast worden incidentele financiële overschotten ook in de reserve gestort? Gaat het hier om alle financiële incidentele overschotten, dus ongeacht op welk taakveld uit de begroting? In welke reserve wordt dan deze incidentele financiële overschotten gestort? Antwoord vraag 2: Bij de behandeling van de kaderbrief 2022 is motie 4.M1 (meer ruimte voor toekomstige investeringen) aangenomen. Wij voeren deze motie uit op een wijze dat financiële overschotten, ongeacht welk taakveld, welke niet gelabeld worden aan toekomstige uitgaven wordt gestort in een nieuw te vormen bestemmingsreserve. Bij de tweede concernrapportage 2021 wordt hiertoe een voorstel gedaan.
Naar aanleiding van blz. 6. Tijdens de raadsvergadering van 30 september jl. heeft de wethouder financiën een mededeling gedaan inzake de septembercirculaire en de impact voor de begroting. Vraag 3 We hebben nu een overschot van € 1,5 mln., maar als we de effecten van de septembercirculaire op de begroting 2022 erbij betrekken, wat is dan de raming van het overschot of het ontstane tekort dan? Antwoord vraag 3: Het resultaat van de begroting ziet na verwerking van de septembercirculaire 2021, rekening houdend met de huidige stand van zaken van de herijking gemeentefonds en conform huidig Rijksbeleid er als volgt uit:
1
U wordt hierover nog separaat geïnformeerd met een raadsinformatiebrief.
Bestuur en ondersteuning We lezen op blz. 13 bij ICT dat 1 van doelstellingen is het versterken van de zichtbaarheid van informatiemanagement en beleid. Dit veronderstelt een intensivering ten opzichte van het huidige beleid. Vraag 4 Gaat het hierbij om het versterken van het aantal fte’s of moeten we aan andere zaken denken? En hoeveel budget is hiervoor beschikbaar? Antwoord vraag 4: Informatiemanagement en beleid wordt steeds meer planmatig aangepakt. Dit is onder andere zichtbaar in het informatiebeleidsplan dat in 2021 is vastgesteld. Een van de pijlers hierin is het versterken van de zichtbaarheid. Dit gaat enerzijds door het vergroten van het bewustzijn op de diverse onderdelen. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van bestaande middelen. Anderzijds zal in het najaar van 2021 een gesprek plaatsvinden over de ambities van de gemeente op het gebied van informatiemanagement. Dit is de uitwerking van het zogenaamde Berenschotrapport waarover op pagina 14 bij punt 6f wordt gesproken. Afhankelijk van de ambitie zal mogelijk uitbreiding nodig zijn van formatie.
Bij Treasury lezen we slechts 1 doelstelling, namelijk optimaliseren en beperken van de schuldenpositie en renterisico.
Vraag 5 Hoe verhoud deze doelstelling van het beperken van de schuldenpositie zich tot het voornemen van een investering in VO scholen? Antwoord vraag 5: Dit staat los van elkaar. Investeringen die moeten worden gedaan en waarvoor onvoldoende liquide middelen beschikbaar zijn, zullen altijd moeten worden aangevuld met een lening. Daar waar investeringen betaald kunnen worden uit de beschikbare liquide middelen zullen wij dit uiteraard doen om er voor te zorgen dat de schuldenpositie niet onnodig stijgt.
2
Economie Bij de maatregelen op blz. 27 lezen we o.a. dat voortzetting van de BIZ wordt voorbereid. Vraag 6 Kunnen de kosten van de BIZ uit de voorliggende begroting 2022 worden gedekt? Zo nee waarom is hier dan geen rekening mee gehouden, immers we lezen dat de voortzetting van de BIZ wordt voorbereid? Antwoord vraag 6: De BIZ inkomsten en uitgaven zijn budgetneutraal en drukken niet op het resultaat van de begroting. De Coöperatie Centrum (het samenwerkingsverband tussen gemeente, eigenaren en ondernemers) zal het voortouw nemen bij de voortzetting van de BIZ. De bijdrage van de gemeente zal bestaan uit het beschikbaar stellen van ambtelijke capaciteit en dus geen druk leggen op de begroting. De coöperatie beschikt zelf over een budget om de voortzetting voor te bereiden. Sport, cultuur en recreatie Naar aanleiding van Blz. 36 Vraag 7 Wordt met het invullen van de gemeentelijke accounthoudersrol bedoeld dat hier een ambtenaar voor wordt geworven en kan het invullen van deze rol uit de begroting 2022 worden betaald? Antwoord vraag 7: De accountrol wordt sinds de verzelfstandiging van het sportcentrum ingevuld vanuit de bestaande formatie. In de begroting 2022 wordt voor het invullen van deze rol geen extra formatie opgenomen. Vraag 8 Wat wordt bedoeld met “(check op continuering bestaand beleid)”? Antwoord vraag 8: Er zijn inhoudelijke afspraken gemaakt met het Sportcentrum.
In een veranderend Papendrecht is het goed om regelmatig stil te staan bij deze afspraken. Denk hierbij aan 'veranderende beleidskaders' of b.v. Corona. Vraag 9 Als blijkt uit de “check” bij vraag 8, dat het hier niet gaat om continuering bestaand beleid, wat betekent dit dan in beleidsmatige en in financiële zin? Antwoord vraag 9: Simpel gezegd betekent dit dat er een bijstelling plaats zal vinden in de afspraken met het Sportcentrum. Financiële kaders zijn daarbij leidend. Media We lezen op blz. 40 dat de gemeente meedenkt en meehelpt de ombuiging van de Bibliotheek te implementeren gericht op de huisvesting. Vraag 10 Waaruit bestaat dit meedenken en implementeren concreet uit, waar moeten wij dan aan denken? Antwoord vraag 10: Wij werken samen aan een voorstel om de bibliotheek in het gemeentehuis te huisvesten. De verwachting is dat er dan een aanzienlijke besparing op de huisvestingskosten gerealiseerd kan worden. Concreet betekent dit onder andere een ontwerp maken op welke wijze de bibliotheek gehuisvest zou kunnen worden en te onderzoeken hoe we bibliotheek en gemeentehuis het beste kunnen integreren (multi-functioneel gebruik van voorzieningen). De planning is om uw raad begin 2022 een concreet voorstel aan te bieden inclusief inzicht in de benodigde investering om dit mogelijk te maken.
3
Sociaal Domein Maatwerkdienstverlening 18Een van de maatregelen is uitvoering geven aan de hervormingsagenda jeugd die voortvloeit uit de arbitrage afspraken tussen Rijk en gemeenten. (blz.51) Vraag 11 Uit welke thema’s bestaat de hervormingsagenda? Antwoord vraag 11: De landelijke hervormingsagenda bestaat uit de thema's: * Reikwijdte * Inkoop & administratielasten * Kwaliteit & effectiviteit * De toegang * Regionalisering * Kennisinfrastructuur, c.q. leren & ontwikkelen * Interbestuurlijke & financiële kaders * Data & monitoring
Vraag 12 Welke thema’s worden in regionaal verband opgepakt? Antwoord vraag 12: De definitieve Hervormingsagenda Jeugd moet begin 2022 klaar zijn. De VNG betrekt gemeenten bij de totstandkoming van de concept Hervormingsagenda. Welke thema's uit de Hervormingsagenda regionaal aanvullend worden opgepakt is nu nog niet bekend. Vraag 13 Welke thema’s worden lokaal opgepakt? Antwoord vraag 13: De lokale thema's zijn nog niet bekend. Ook deze worden bepaald aan de hand van de Hervormingsagenda, die begin 2022 klaar moet zijn en zullen, waar nodig, aanvullend meegenomen worden in de lokale Uitvoeringsagenda. De thema's waar we nu al lokaal mee aan de slag zijn richten zich met name op het versterken en kostenbewust maken van de toegang tot jeugdhulp via Sterk Papendrecht, de Praktijkondersteuners Jeugd bij de huisartsen en het schoolmaatschappelijk werk. Specifiek door het inzetten van de methodiek Anders Zorgen en Veilig opgroeien is teamwork. Daarnaast optimaliseren wij de samenwerking tussen kinderopvang, onderwijs, Stichting Jeugdteams en de huisartsen.
Vraag 14 Wat is de impact bij de onder vraag 3 genoemde thema’s op de “uitvoeringsagenda jeugdhulp” van onze gemeente? Antwoord vraag 14: Door in de lokale keten beter samen te werken en elkaars expertise beter te benutten kunnen hulpvragen eerder en kwalitatief beter beantwoord worden waardoor zwaardere zorg minder vaak nodig is. Dit zorgt ervoor dat we meer jongeren en hun gezin lokaal kunnen ondersteunen waardoor zwaardere (regionale) zorg minder vaak nodig is. Om aan de extra vraag voor lokale ondersteuning te
4
kunnen voldoen hebben we het aanbod van Stichting Jeugdteams versterkt met een expert op Autisme Spectrum Stoornis (ASS) en een gedragswetenschapper die tevens de brugfunctie tussen de huisartsen en het lokale aanbod vervult. Vraag 15 Op blz. 54 zien we een tabel waaruit blijkt dat in Papendrecht 14,3% jongeren wonen met jeugdhulp. Landelijk is dit 11,9%. Dit betreft 2020. Wat is de verwachting van deze cijfers voor 2021 en de raming voor 2022? Antwoord vraag 15: Op basis van de cijfers van het eerste half jaar 2021 uit het declaratiedashboard van de serviceorganisatie jeugd neemt het aantal kinderen wat jeugdhulp krijgt ten opzichte van vorig jaar en het jaar daarvoor af. In 2020 waren dat er 271 en op basis van de huidige getallen verwachten we in 2021 een afname t.o.v. 2020. Vraag 16 Als het de verwachting is dat de cijfers bij vraag 5 stabiel zullen blijven, wat is dan de verklaring van het tekort op de jeugdhulpbegroting, want er lijkt dan geen sprake van een volumeontwikkeling te zijn. Antwoord vraag 16: Het aantal kinderen in jeugdhulp daalt maar de omvang, intensiteit en de duur van de zorgtrajecten stijgen. Dit is een landelijk beeld. Daarnaast is er sprake van wachtlijsten met name in de AWBZ en SGGZ zorg waardoor het langer kan duren voordat de jongere de juiste hulp krijgt en ook langer voordat de jongere kan uitstromen naar een lichtere vorm van ondersteuning.
De krapte op de arbeidsmarkt is hier sterk op van invloed alsmede de naweeën van Covid-19.
In de begrotingstukken lezen we concreet niets terug over de wijze waarop aan kostenbeheersing wordt gedaan, terwijl de raad diverse malen zienswijzen heeft ingediend voor de ingekochte jeugdhulp in regioverband. Ook voor het lokale deel zijn deze raadsperiode jeugdhulpanalyses gemaakt en zijn 3 hierover technische sessies (bijvoorbeeld met het onderzoeksbureau 22 graden) met raad en ambtelijke organisatie geweest. Het bureau “22 graden” heeft in deze raadsperiode een jeugdhulp analyse uitgevoerd en heeft dit bureau adviezen gegeven over welke maatregelen genomen kunnen worden. Vraag 17 Op welke wijze wordt er gestuurd en follow-up gegeven op de overgenomen zienswijzen door het AB van de GR Jeugdhulp Zuid-Holland? Antwoord vraag 17: Er wordt gestuurd en follow-up gegeven door middel van evaluaties met de Service Organisatie Jeugd naar aanleiding van de bestuursrapportages en datagestuurd dashboard. Vraag 18 Welke maatregelen van het bureau “22 graden” hebben raakvlakken met de thema’s onder vraag 3 (dus de relatie met de hervormingsagenda jeugd)? Antwoord vraag 18: De lokale thema's zijn nog niet bekend. Deze worden bepaald aan de hand van de Hervormingsagenda, die begin 2022 klaar moet zijn. Wat wij nu lokaal al oppakken op advies van bureau 22 graden zijn onder de vraag 13 genoemde thema's.
Vraag 19 Is er sprake van een soort van “project kostenbeheersing” om de jeugdhulp uitgaven goed te kunnen monitoren, zo ja op welke maatregelen (zie vraag 7) wordt dan gestuurd?
5
Antwoord vraag 19: Regionaal wordt gebruikt gemaakt van het datagestuurd dashboard van de Serviceorganisatie Jeugd. Hieruit worden de jeugdhulp cijfers gehaald en kunnen we op de jeugdhulp beter monitoren. Na duiding van de cijfers kan bepaald worden waarop gestuurd kan worden binnen de jeugdhulp. Geëscaleerde zorg 18+ De doelstelling is o.a. het bieden van voldoende opvang beschermd wonen (blz.51). Bij de maatregelen valt te lezen dat op basis van regionale samenwerking – met Dordrecht als centrumgemeente – invulling wordt geven aan de doelstelling. Vraag 20 Beschermd wonen wordt door gedecentraliseerd van centrumgemeenten naar gemeenten. Welke maatregelen worden getroffen in 2022 om v.a. 2023 deze verantwoordelijkheid te kunnen dragen? Antwoord vraag 20: We hebben een samenwerkingsovereenkomst met de Drechtsteden en Alblasserwaard gemeenten tot eind 2024. Gemeente Dordrecht is daarin de coördinerende/centrum gemeente. Daarbij wordt uitgegaan van een intensieve samenwerkingsvorm tussen gemeenten waarin sprake is van één regionaal inkoopproces en één regionaal uitvoeringsapparaat voor o.a. toegang (indicatiestelling) en contractmanagement door de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD). In de Huisvestingsagenda Kwetsbare groepen, die met aanbieders en woningcorporaties is opgesteld, is de regionale huisvestingsopgave uitgewerkt en samen met partners wordt gewerkt aan deze opgave.
Vraag 21 Wat is de raming van de kosten die de genoemde maatregelen onder vraag 5 en past dit binnen de beschikbare begroting? Antwoord vraag 21: Bovengenoemde maatregelen passen binnen de gezamenlijke begroting 2022 voor Beschermd Wonen, die belegd is bij de centrumgemeente Dordrecht.
Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Ruimtelijke ordening De maatregelen op blz. 62. Vraag 22 Is in de begroting rekening gehouden, bijvoorbeeld met een stelpost, om eventueel de financiële gevolgen van de invoering Wet kwaliteitsborging al dan niet deels financieel te kunnen dekken? Zo ja wat is het bedrag waar rekening mee is gehouden? Antwoord vraag 22: Er is geen rekening gehouden met een stelpost. Wel is als resultaat rekening gehouden met een lager niveau van leges omgevingsvergunningen en het behoudend invullen van openstaande formatie. De toekomstige vorm van controle en toezicht op bouwprojecten na invoering van de wet is nog niet uitgekristalliseerd. Indien nodig zal gebruik gemaakt worden van externe expertise. Wonen en bouwen De doelstellingen en maatregelen bij “wonen en bouwen” (v.a. blz.64).
6
Vraag 23 Wat is de autonome groei die Papendrecht moet realiseren en welke bijdrage in deze autonome groei levert de business case ruimte en bouwen naar verwachting? Antwoord vraag 23: Op basis van het RIGO onderzoek is er een autonome groei voorzien van 460 woningen tot 2030. Ook is een bijdrage aan de Groeiagenda voorzien van ca 200 woningen. De bestaande ontwikkelportefeuille lijkt hierin te kunnen voorzien. De businesscase zal voorstellen bevatten om het aantal te bouwen woningen in Papendrecht te vergroten. De businesscase is nog in ontwikkeling. Naar verwachting zal deze eerste kwartaal 2022 worden aangeboden aan de raad.
Op blz. 68 zien we heel mooi wat de gemeentelijke woonlasten zijn in Papendrecht voor een 1persooshuishouden (€ 759) en een meerpersoonshuishouden (€ 759) t.o.v. het gemiddelde in Nederland (€ 733 voor een 1-persoonshouden en € 810 voor een meerpersoonshuishouden) Vraag 24 Hoe komt het dat in onze gemeente de lasten voor een 1 persoonshuishouden hetzelfde is als een meerpersoonshuishouden? Landelijk is dit namelijk niet aan elkaar gelijk. Antwoord vraag 24: Op dit moment kent de gemeente Papendrecht geen tariefdifferentiatie. Bij het voorstel over de verordening afvalstoffenheffing in december 2021 zal dit per 2022 veranderen. Bij de inleiding (blz. 5) lezen we dat met deze begroting de lokale woonlasten worden verhoogd met 15%. Vraag 25a Betekent dit grofweg dat de we de € 759 kunnen verhogen met 15% en dat de verhoging voor onze inwoners ca. € 115 bedraagt? Antwoord vraag 25a: ja Vraag 25b Als de “rekensom” bij 25a niet juist is, wat zijn op basis van deze begroting dan de verwachte gemeentelijke lasten voor een 1 persoonshuishouden en voor een meerpersoonshuishouden? Antwoord vraag 25b: Zie antwoord vraag 25a.
PARAGRAFEN Weerstandsvermogen en risicobeheersing Op blz. 71 lezen we dat er sprake is van een onbenut belastingcapaciteit van € 700.000. Vraag 26 Is dit bedrag vrij besteedbaar, anders gezegd valt dit bedrag onder de categorie “structurele exploitatieruimte”? Antwoord vraag 26: Het betreft hier een berekening van de weerstandscapaciteit wat kan worden gerealiseerd door de onbenutte belastingcapaciteit te bepalen. Dit geeft het verschil aan van OZB-opbrengst wanneer artikel 12 status van toepassing is en het huidige tarief wat de gemeente Papendrecht in rekening brengt. Het betreft hier dus geen structurele exploitatieruimte. De gemeente is vrij in het vaststellen van de omvang van de OZB-opbrengsten. Voor 2022 hebben wij dit conform de business case lokale lasten 2021 verwerkt.
7
Vraag 27 Indien het antwoord op vraag 26 ja is, wat wordt dan rekening houdend met de € 700.000 het % van de structurele exploitatieruimte voor de begroting 2024 en 2025? Op blz. 75 is deze namelijk. -2% voor 2024 en -3% voor 2025. Antwoord vraag 27: Zie vraag 26 FINANCIELE BEGROTING Op blz. 145 zien we een tabel met de stand en het verloop van de reserves. Vraag 28 Waarom wordt de bestemmingsreserve corona meerjarig op de ultimo stand 2021 gehouden van € 1,809 mln.? Dit is niet logisch het afgelopen half jaar zijn diverse corona gerelateerde kosten door het college uitgegeven, denk aan het eerder open gaan van het buitenzwembad, steunmaatregelen ondernemers etc. Antwoord vraag 28: Pas bij de 1ste CR 2021 is de coronabegroting vastgesteld. Pas daarna kan de begroting via een begrotingswijziging worden aangepast. In de tijd gezien kon de primaire begroting niet meer worden aangepast.
Op blz. 150 lezen zien we een tabel met de geplande investeringen. Voor bestuurlijke devices wordt een investering van € 60.000 gepland. Vraag 29 Om wat voor soort devices gaat het dan en voor wie worden deze devices aangeschaft? Antwoord vraag 29: Het betreft een bedrag voor vervanging van devices (o.a. ipads) voor de raad. Deze investering wordt iedere vier jaar begroot.
II.
Door de fractie van de ChristenUnie zijn onderstaande technische vragen gesteld over de programmabegroting 2022-2025. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Bladzijde 6. We lezen ‘waar mogelijk minder ingrijpende maatregelen treffen bij die organisaties en instellingen waar wordt omgebogen. Dit wordt ook gedaan met incidentele middelen’. Vraag 1 Wanneer is dit aan de orde? Hoe wordt deze afweging gemaakt? Is de raad ook bij die afweging betrokken? Antwoord vraag 1: De realisatie van de ombuiging wordt ingebed in de P&C-cyclus. Er is sprake van maatwerk om te bepalen of er incidenteel maatregelen nodig zijn om een ombuiging te verzachten. Indien dit van toepassing is dan zal dit worden meegenomen bij de concernrapportages waarover u als raad een besluit neemt. Vraag 2 In de begroting valt geregeld het woord ‘inclusief’: inclusieve gemeente, Natuurlijk inclusief bouwen. Wat verstaat het college precies onder inclusief?
8
Antwoord vraag 2: Op 6 oktober jl. is een informatiesessie geweest wat er onder natuurinclusief Papendrecht wordt verstaan. Hierbij wordt aandacht gegeven aan biodiversiteit en klimaatadaptatie die verder gaat dan alleen kijken vanuit de openbare ruimte. Ook bij bouwprojecten en in particulier eigendom/bezit zullen de komende jaren meer maatregelen worden voorgesteld en genomen. Een onderdeel van natuurinclusief Papendrecht is Natuurinclusief bouwen. Dit is een vorm van duurzaam bouwen waarbij zodanig gebouwd en ingericht wordt dat een bouwwerk bijdraagt aan de lokale biodiversiteit en natuurwaarden. Met eenvoudige voorzieningen aan gebouwen, zoals architectonische aanpassingen aan het ontwerp of het aanpassen van een werkwijze of de te gebruiken materialen, kan veel bereikt worden voor de biodiversiteit en leefbaarheid in de stad.
Vraag 3 Bladzijde 28. We lezen dat in 2022 het programma Onderwijs en Arbeidsmarkt formeel zal worden afgesloten. Is er wel sprake van een direct doorgaande lijn naar een nieuw initiatief? Antwoord vraag 3: De betrokkenheid van gemeente Papendrecht in de triple helix Onderwijs, Ondernemers en Overheid blijft gehandhaafd. Wat verandert is dat de taakverdeling wordt aangepast en dat de scholen VO ook financieel bijdragen aan de activiteiten vanuit de Sterk Techniek middelen.
Vraag 4 Bladzijde 42. Er wordt gesproken over andere vormen van buiten spelen zoals natuurlijk spelen en speelaanleidingen. Welke invulling zien wij voor ons bij ‘speelaanleidingen’? Antwoord vraag 4: Onder speelaanleiding verstaan we de bespeelbaarheid van de openbare ruimte buiten formele speeltoestellen. Er valt hierbij bijvoorbeeld te denken aan stapstenen, speelgroen (bijv. robuuste natuurlijke heesters waarin gespeeld kan worden), geschilde boomstammen die op de grond liggen, grasheuvels en wadi's (hoogteverschillen in gras), natuurlijke zitkeien en betonnen poefs. Het betreft elementen die niet als formeel speeltoestel worden beschouwd en buiten het normale inspectieregime van speeltoestellen vallen, maar wel speelmogelijkheden bieden. Vraag 5 Bladzijde 72. Wat is de inhoud van de post overige risico’s, ad. 13.2 miljoen euro? Antwoord vraag 5 Op bladzijde 74 staan de posten opgenomen waaruit de overige risico's bestaan.
Vraag 6 Bladzijde 73. Waarom is het risico op SoJ gezet op circa 7 miljoen euro? Antwoord vraag 6: De SoJ stelt in haar begroting dat de gemeenten rekening dienen te houden met 15% risico op de gemeentelijke bijdrage.
Vraag 7 Bladzijde 109. Er wordt gesproken over ‘één relatief kleine uitleglocatie in ontwikkeling’. Welke locatie gaat het om? Antwoord vraag 7: Het gaat om de uitleglocatie Land van Matena
9
Vraag 8 Bladzijde 129 en 130. Wanneer is er sprake van ‘een passend evenwicht van de capaciteitsinzet van eigen medewerkers en externe inhuur’? Zijn daar ook financiële kaders voor meegenomen in deze begroting? Antwoord vraag 8: Er is normaal gesproken sprake van het zoeken naar een passend evenwicht op een aantal manieren: We zetten externen in op basis van hun specifieke kennis en inzichten en dragen daarbij zorg dat het voor de organisatie noodzakelijke deel van die kennis en inzichten achterblijft als de externen de organisatie verlaten. Daarnaast beoordelen we als op een functie meerjarig wordt ingehuurd, of een vaste functievervulling uiteindelijk niet kosten efficiënter is. De afhankelijkheid van externen moet niet te groot worden. Hiervoor zijn geen specifieke kaders meegenomen in de begroting. In algemene zin is het kader de personeelsbegroting. Die wordt ingezet voor bekostiging van inzet van eigen en externe medewerkers. Onze externe inhuur over 2020 zat rond de 17%. Daarmee zitten we net iets onder het landelijk gemiddelde. Naar verwachting zal dit in de toekomst stijgen, aangezien de krapte op de arbeidsmarkt – zeker bij specifieke functies – toeneemt.
Vraag 9 Bladzijde 136. We lezen daar dat ‘samen met andere gemeenten en verbonden partijen nogmaals keuzes moeten worden gemaakt’. Hoe moeten wij dit proces in de praktijk voor ons zien? Antwoord vraag 9: Financiële ruimte in de gemeentelijke begroting creëer je ook door de gemeentelijke bijdrage aan een verbonden partij te verlagen. Om bij een verbonden partij een ombuiging op te starten is er in het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur een meerderheid nodig. Dit bereiken we alleen wanneer we samenwerken met andere gemeenten en de verbonden partij zelf om dit te realiseren.
III.
Door de fractie van de D66 zijn onderstaande technische vragen gesteld over de programmabegroting 2022-2025. Deze beantwoording betreft alleen technische vragen.
Vraag 1 DM, pag. 6, Financiële (on)zekerheid gemeente Punt 3 hier stelt: “Waar mogelijk minder ingrijpende maatregelen treffen bij organisaties en instellingen waar wordt omgebogen. Dit wordt ook gedaan met incidentele middelen.” De D66-fractie is blij met elk bedrag aan kunst, cultuur, sport, maar voor inwoners is het lastig te volgen als wordt bezuinigd en belastingen flink worden verhoogd en tegelijkertijd er extra geld wordt uitgegeven aan voorzieningen. Het verschil tussen incidenteel en structureel geld is voor veel mensen niet duidelijk. Daarnaast is in de beeldvorming ‘cadeautjes geven’ richting verkiezingen, en tegelijkertijd structureel bezuinigen niet direct ethisch verantwoord in onze optiek. Voor nu de technische vraag: Welke incidentele middelen staan op de planning (dan wel worden voorzien, dan wel worden of zijn besproken of geopperd) om uit te keren of toe te zeggen in het komende half jaar? Antwoord vraag 1: Wat we aangeven is dat door de aanwezige begrotingsruimte voor de jaren 2022 en 2023 we in staat zijn daar waar het voor organisaties of instellingen nodig is het effect van de ombuiging incidenteel te verzachten hiervoor ook incidenteel financiële ruimte hebben. Er staat nog niets op de planning om uit te keren of toe te zeggen.
10
Vraag 2 DM, pag. 11, 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 2a. Het opleveren van een verduurzamingsplan voor het gemeentelijk vastgoed, afgestemd op het toekomstperspectief van de panden, wordt hier genoemd. Is bekend wanneer dit plan klaar is en zal bij dat plan al een indicatie worden gegeven van het tijdspad en de kosten? Antwoord vraag 2: Het plan zal eind 2022 klaar zijn. Onderdeel van dit plan zal zijn een routekaart CO2, een indicatie van het tijdspad en de kosten. Vraag 3 DM, pag. 13-14 ICT Als het gaat om digitale veiligheid van onze systemen (en gegevens van onze inwoners) welk deel ligt dan bij de regio Drechtsteden en welk deel moet lokaal worden ingevuld/bewaakt? Hoe zit het met bevoegdheden- en verantwoordelijkhedenverdeling tussen regionaal en lokaal? Antwoord vraag 3: Het is niet mogelijk om dit onderscheid duidelijk aan te brengen. Wij zijn als gemeente zelf volledig verantwoordelijk voor onze informatieveiligheid. We hebben dit in de uitvoering deels belegd in de regio zodat regionaal beleid gemaakt kan worden en we gebruik kunnen maken van bijvoorbeeld schaalvoordeel en regionale expertise die anders lokaal versnipperd zou zijn. Zo is recent het strategisch informatieveiligheidsbeleid vastgesteld en is daarin per deelnemende organisatie een lokale kleuring opgenomen. DM, pag. 19 Openbare orde en veiligheid Vraag 4a Er wordt onder 1a.
een nieuw op te stellen Integraal Veiligheidsplan genoemd. Veiligheid is onlosmakelijk verbonden met vrijheid en privacy en staat daarmee vaak op gespannen voet. Worden vrijheid en privacy in relatie tot veiligheid meegenomen in het Integrale Veiligheidsplan? En wanneer krijgt dit plan zijn beslag? Antwoord 4a: Het huidig veiligheidsplan is met name fysiek ingestoken en krijgt een update in 2022. Een van de aanpassingen die we willen realiseren is het huidige plan verbreden naar zowel het fysieke, sociale en het privacydomein. Dit zullen we doen aan de hand van een stappenplan van de VNG en zal naar verwachting in 2022 voorgelegd worden aan de raad. Vraag 4b Wij lezen niet in hoeverre de aanbevelingen uit het RKC-rapport Toezicht en handhaving in Papendrecht uit 2017 zijn uitgevoerd, worden ingevuld op dit moment. Wat is hierover te melden en worden de aanbevelingen meegenomen en wat daarmee wordt gedaan ook meegenomen in het op te stellen Integraal Veiligheidsplan? Antwoord 4b: In het IVP dat in 2018 is gemaakt zijn de aanbevelingen verwerkt.
11
Vraag 5 DM, pag. 23, Verkeer, vervoer en waterstaat Wanneer wordt het in 1c. en 4a. genoemde Mobiliteitsplan (met daaraan gekoppeld het ontwikkelplan fietsstructuur) opgesteld? Antwoord vraag 5: Met het mobiliteitsplan is al in 2021 begonnen met doorloop naar 2022 voor de verdere (deel)uitwerking(en). Vraag 6 DM, pag. 32 Onderwijshuisvesting Onder 1b. staat gemeld dat er een nieuw Integraal Huisvestingsplan Onderwijs komt dat loopt tot 2032. Zal hierin de verduurzaming en doorvoeren van energietransitie in schoolgebouwen, plus raming kosten, worden meegenomen? Antwoord vraag 6: Het bepalen van de uitgangspunten ten aanzien van verduurzaming waar nieuwbouw/uitbreiding gaat plaatsvinden als ook voor de overige schoolpanden zal in het proces van totstandkoming IHP inclusief de kosten worden meegenomen. Vraag 7 DM, pag. 34 Onderwijs Als gekeken wordt naar de score van Papendrecht op verzuim versus voortijdig schoolverlaters, dan zien we dat het verzuim relatief laag is, maar het percentage voortijdig schoolverlaters hoog. Dit is vaker ter sprake gekomen. Is over de oorzaak hiervan iets bekend en wordt actief door of met scholen gekeken hoe dit percentage naar beneden kan? Antwoord vraag 7: Uiteraard streeft de gemeente naar een zo laag mogelijk cijfer.
Consulenten van Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten (LVS) treden bij verzuim op om schoolverlaten te proberen te voorkomen en om jongeren die uitvallen te begeleiden richting een startkwalificatie. Daarnaast richt de aanpak 'Matchmakers' zich op het begeleiden van eerder uitgevallen jongeren naar onderwijs, een leer-werk traject of werk. DM, pag. 35 en 42 Sport, cultuur en recreatie Duidelijk is dat meerdere doelen tegelijkertijd worden nagestreefd binnen sportbeleid. Op pagina 42 zien we in Papendrecht 54,4% van de inwoners niet sport. Landelijk is dat 49,3%. Dat zou dus beter kunnen. Vraag 8a In hoeverre wordt al gebruik gemaakt van de buurtsportcoach-regeling (van waaruit fondsen kunnen worden aangevraagd en vooral ook de verbinding tussen sport, gezondheid, welzijn etc. kan worden verankerd.)? Antwoord vraag 8a: Papendrecht maakt sinds 2019 gebruik van de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC). De huidige regeling loopt tot eind 2022. Voor onder andere het Vitaliteitsakkoord wordt de buurtsportcoach met een verbindende rol ingezet. Verder wordt de buurtsportcoach ingezet voor aangepast sporten en diverse activiteiten voor verschillende doelgroepen en scholen.
12
Vraag 8b Als we op dit gebied meer zouden willen, wat is daar dan voor nodig in mensen en middelen (voor zover technisch te beantwoorden uiteraard)? Antwoord vraag 8b: Er zijn plannen voor uitbreiding van de regeling (mogelijk vanaf 2023). Daarnaast wordt jaarlijks de uitvraag richting onderwijs en sportaanbieders gedaan of men gebruik wenst te maken van de BRC. DM, pag. 37 Cultuur Vraag 9a Wat wordt bedoeld met onder punt 3 Cultuur en cultuureducatie vraaggericht vormgeven? Antwoord vraag 9a: Scholen zijn verantwoordelijk voor de cultuureducatie binnen het curriculum. Vraaggericht is dat de Papendrechtse cultuurorganisaties hun aanbod richten op de vraag die vanuit het onderwijs wordt gesteld. Vraag 9b Zijn er straks grote verschillen denkbaar tussen basisscholen met betrekking tot kinderen kennis laten maken met kunst en cultuur (waaronder muziek en theater)? Hoe groot is de invloed hierop van scholen en derhalve van schoolkeuze door de ouders? Antwoord vraag 9b: Die kans is reëel en op dit moment praktijk. Scholen kiezen voor invulling vanuit hun profiel. Vraag 10 DM, pag. 38 Musea Hier staat: Faciliteren van initiatieven met betrekking tot de culturele identiteit van Papendrecht. Het woord van fascineert ons en het enkelvoud identiteit. Blijkbaar is het beeld niet meerdere identiteiten naast elkaar in Papendrecht, maar één identiteit van Papendrecht.
In de optiek van de D66-fractie doet taal ertoe, dus graag een toelichting op deze keuze. Antwoord vraag 10: Bij de behandeling van de begroting 2021 stelde de D'66 fractie de volgende vraag: Vindt het college de culturele identiteit van inwoners borgen en een select aantal samenwerkingspartners aanwijzen om de culturele identiteit vorm te geven een taak van de overheid? Antwoord van destijds: Het college voert een opdracht uit het collegeprogramma 'Zichtbaar Nabij' uit. Twee van de genoemde samenwerkingspartners zijn in het document 'Zichtbaar nabij' als voorbeeld genoemd. Het is niet de bedoeling om mensen of instellingen uit te sluiten. Vraag 11 DM, pag. 41 Openbaar groen Onder 2b. wordt gesteld dat de ontwikkeling van de bloemrijke vegetaties een aantal jaren nodig heeft. De D66-fractie krijgt hier regelmatig vragen over: wanneer zou (bij benadering) de vegetatie maximaal divers moeten zijn?
Antwoord vraag 11: Als richtlijn kunnen we hanteren dat bij het huidige maaibeheer na 5-10 jaar naar verwachting de meeste verbeteringen op het gebied van biodiversiteit zijn gerealiseerd. Dit is echter een continu
13
proces en mede afhankelijk van factoren als de hoeveelheid stikstofdepositie. Bij bepaalde graslandtypen duurt het overigens erg lang voor er een maximale diversiteit in de begroeiing ontstaat. Vraag 12 DM, pag. 43 ev. Participatie De D66-fractie heeft zoals bekend een kritische houding naar participatie, in de zin dat wij twijfels hebben over de representativiteit van de participerende groep. Uit onderzoek blijkt ook dat representativiteit vaak een probleem is. Gevaar is dat een zeer kleine en homogene groep onevenredig veel invloed kan krijgen op beleid. Nu de vraag: Wat is onderzocht en bekend over de samenstelling van de groepen die participeerden in Papendrecht (het noemen van inspanningen is niet nodig, graag uitsluitend resultaten en feiten als die er zijn). Antwoord vraag 12: De deelname is afhankelijk van het onderwerp. Wat we beogen is om per onderwerp te kijken welke direct en indirect betrokkenen we kunnen benaderen om deel te nemen aan een participatieproces. Een feitelijk voorbeeld : bij het participatieproces rondom de jaarwisseling is een groep samengesteld van voor- en tegenstanders van vuurwerk, jongeren, vertegenwoordiging vanuit de WMO, mensen met huisdieren, mensen die overlast hebben ervaren van vuurwerk, vuurwerkverkoper, liefhebbers van feesten en politie.
Daarnaast is een enquête uitgezet via het bewonerspanel en random bij een aantal Papendrechtse huishoudens waar inwoners hun mening konden geven. DM, pag. 60 Begraafplaats Bij punt 1d. staat onderzoek naar herinrichting van de begraafplaats. Vraag 13a Wat is de aanleiding? Antwoord vraag 13a: Het onderzoek is niet specifiek gericht op herinrichting alleen, maar is de afgeleide van een op te stellen beleids- en beheerpalen inclusief het ruimingsplan. Vraag 13b Kunnen hier inwoners bij participeren en zo ja, in welk stadium en hoe? Dit lijkt ons een uitgelezen onderwerp waar inwoners met allerlei achtergronden voorkeuren hebben en graag meedenken. Antwoord vraag 13b: Ja, een inspraak procedure met onder andere de rechthebbenden zal doorlopen worden. DM, pag. 65 Wonen en bouwen Vraag 14a Lopen we ‘op schema’ als het gaat om bouwen van woningen en de afspraken die we regionaal hebben gemaakt als Papendrechtse m.b.t. de regionale groeiagenda?
Antwoord vraag 14a: Ja. Met de opgeleverde woningen en de woningen die momenteel in ontwikkeling zijn lopen we "op schema". Daarnaast dragen we (naar vermogen) bij op de andere hoofdthema's (bereikbaarheid en mobiliteit, energie en economie).
14
Vraag 14b Voldoen we aan de mix sociale woningbouw, middensegment, hoger segment, als we de nog uit te voeren bouwplannen hierin meenemen? (Eerder had Papendrecht een vrij evenwichtige mix). Antwoord vraag 14b: Ja. De woningbouwprogrammering is gebaseerd op het Woonplan Papendrecht 2020-2030. De komende jaren zal in de genoemde segmenten worden gebouwd. Vraag 15 DM, pag. 68, Gemeentelijke lasten afval De cijfers op deze pagina spreken voor zich. Hoe ver staat het met uitvoering van de D66-motie voor differentiatie van tarieven bij afval voor eenpersoonshuishouden, tweepersoonshuishoudens en meerpersoonshuishouden? Wanneer komt het voorstel naar de raad? Antwoord vraag 15: Het voorstel komt gelijktijdig met het voorstel over het vaststellen van de belastingverordeningen naar de raad. Vraag 16 P, pag. 72 Incidenteel weerstandsvermogen In de begroting van vorig jaar stond in deze paragraaf gemeld: “Het college kiest ervoor, gezien de forse financiële opgave, nu geen bestedingsdoelen aan de geoormerkte Enecogelden te koppelen. (…) Het nu oormerken van de Enecogelden is niet opportuun.” Deze alinea komt niet meer voor in de begroting 2022.
Waarom is deze geschrapt en zijn er nu wel bestedingsdoelen gekoppeld aan de Enecogelden of is dat nu wel de bedoeling? Antwoord vraag 16: Wij hebben deze zinsnede niet meer opgenomen omdat is afgesproken dat de Enecogelden onderdeel is van de algemene reserve en er geen specifieke bestedingsdoelen aan gekoppeld zijn. Wel is afgesproken dat binnen de algemene reserve de omvang separaat zichtbaar gemaakt wordt (zie 1ste Cr 2021). Indien er bestedingsdoelen zijn dan zal u als raad hierover altijd een besluit moeten nemen. Vraag 17 P, pag. 73 Risico verbonden partijen Als we kijken naar de begroting 2021 versus 2022 valt op dat bij SOj de bedragen enorm verschillen: Ingeschat risico in 2021 € 3,3 miljoen, met als Risico gemeente € 190.000; in 2022 is dat respectievelijk € 6,75 miljoen en € 6,75 miljoen (100%). Het totaal van Risico’s verbonden partijen komt dan ook veel hoger uit voor 2022, namelijk ruim 10 miljoen, tegenover 3,5 miljoen vorig jaar. Komt dit door nieuwe begrotingsregels of heeft dit een andere oorzaak? Antwoord vraag 17: De SoJ stelt in haar begroting dat de gemeenten rekening dienen te houden met 15% risico op de gemeentelijke bijdrage. In de begroting 2021 is hiermee gerekend alleen is abusievelijk daarnaast nog een keer rekening gehouden met het gemeentelijke aandeel van de gemeente Papendrecht in de gemeenschappelijke regeling.
Dat laatste is uiteraard niet correct. In de begroting 2022 is voor de periode 2022-2026 wel jaarlijks de juiste omvang van het risico opgenomen en derhalve ontstaat er een afwijking ten opzichte van de begroting 2021.
15
P, pag. 86 ev. Geplande werkzaamheden 2022 en 2026 Vraag 18a Bij 2022 sportvelden staat renovatie van natuurgrasveld bij de Lage Waard. Wij dachten dat de velden eigendom zijn van De Lage Waard. Klopt dit niet of is dit een ander veld? Antwoord vraag 18a: Het veld aan de Vijzellaan is in eigendom, beheer en onderhoud bij de Lage Waard. Het andere veld aan de parkzijde is in beheer en onderhoud bij de gemeente (vanaf begin 80ér jaren bij de aanleg van het park), maar de grond is in 1979 verkocht aan De Lage Waard. Bij de verkoop is vastgelegd dat vanwege het openbare karakter en het gemengde gebruik van dit veld het beheer en onderhoud door gemeente wordt uitgevoerd.
Vraag 18b Bij 2026 staat bij sportvelden: Vervanging kunstgras voetbalveld Sportpark Oostpolder voor 20.000 euro. Is dit bij vv Drechtstreek? En een vervanging van een kunstgrasveld is toch veel duurder? Graag verduidelijking wat hier wordt bedoeld. Antwoord vraag 18b: De doelgebieden direct voor het doel zijn als eerste versleten. Door met een kleine investering (20.000 euro) de grasmat in de kleine doelgebieden te vervangen kan de algehele vervanging kunstgrasmat twee jaar worden uitgesteld. Deze staat in 2028 gepland voor een bedrag van 450.000 euro. P, pag. 101, Lokale heffingen Uit de tabel op pag. 101 bij gebonden heffingen blijkt dat de afvalstoffenheffing met zo’n € 359.000 stijgt (7,9%) in 2022 ten opzichte van 2021. Bij de afvalstoffenheffing mogen de geraamde baten de geraamde lasten niet overstijgen. Vraag 19a Wat veroorzaakt deze forse stijging in de kosten voor het ophalen van afval? Antwoord vraag 19a: Zie hiervoor de beantwoording op vraag 30c. Vraag 19b Wat zijn mogelijkheden om deze stijging te beperken? Antwoord vraag 19b: Zie hiervoor de beantwoording op vraag 30d. (We zien bij a en b overigens een goed voorbeeld van hoe wij de toelichtingen in de P&C-cyclus anders willen. Wat er nu in de toelichting staat, weten we al en is technisch. Wat we zouden willen zien in de toelichting is, wat is de oorzaak van dalingen/stijgingen in bedragen.
Kan dit alvast worden meegenomen bij “Wensen raad stukken P&C-cyclus”.) P, pag. 116 GRDG&J ZHZ Vraag 20 In de tabel bij kerncijfers staat bij vreemd vermogen 2022 ruim 43 miljoen. Over de afgelopen jaren fluctueert dit bedrag enorm, wat is hiervan de oorzaak?
16
Antwoord vraag 20: Het vreemd vermogen van de GR DG&J ZHZ stijgt van € 36,5 miljoen (ultimo 2019) naar € 44,7 miljoen (ultimo 2020). Ultimo 2022 bedraagt het geprognosticeerde vreemd vermogen € 43,3 miljoen. Uit de jaarrekening 2020 van de GR DG&J ZHZ (blz. 18) blijkt, dat ter overbrugging van de nog te ontvangen middelen van het Ministerie en van het RIVM kasgeldleningen zijn aangetrokken. Deze kasgeldleningen verklaren grotendeels de toename van het vreemd vermogen. FB, pag. 136 ev., Inleiding op de financiële begroting Twee verzoeken, wellicht hier al toe te zeggen, anders meenemen in bespreking “Wensen raad stukken P&C-cyclus”: Vraag 21a Kan het college de in artikel 8, lid 1, onder b tot en met e, BBV genoemde punten in de toekomst ook overzichtelijk in het programmaplan weergeven of op zijn minst bij elk programma verwijzen waar deze zaken te vinden zijn elders in de begroting? Antwoord vraag 21a: Het programmaplan is het geheel van de programmabegroting. De begroting voldoet aan deze eisen. We zullen in de toekomst kijken hoe we dit kunnen verbeteren. Vraag 21b Is het, in lijn met artikel 8, lid 3, onder c, BBV mogelijk om in toekomstige begrotingen de raming van baten en lasten per programma ook op te nemen in het programmaplan? Antwoord vraag 21b: Ja, wij zullen dit in lijn met vraag 21a meenemen. Vraag 22 FB, pag.
136 Inleiding op de financiële begroting In de tabel lijken de incidentele baten ten laste van het begrotingsresultaat gebracht te worden en de incidentele lasten ten bate van het begrotingsresultaat. Is dit juist? Antwoord vraag 22: Ja dat is juist. Een incidentele baat verlaagd het structurele begrotingssaldo omdat in latere jaren baten wegvallen en dus nadelig. Bij de incidentele lasten verhoogd dit juist het structurele begrotingssaldo omdat de last in latere jaren wegvalt en dus voordelig. Vraag 23 FB, pag. 136, DM, pag. 5 Op pagina 136 wordt vermeld dat gerekend wordt in de financiële begroting met inflatiepercentages van 1,3% voor loonontwikkeling en 1,4% voor prijsstijgingen. Op pagina 5 in de inleiding staat daarentegen dat de geharmoniseerde consumentenprijsindex naar verwachting 1,8% bedraagt in 2022. Vanwaar de keuze om te werken met lagere inflatiepercentages; hoe past dit bij realistisch begroten? Antwoord vraag 23: Wij volgen voor het begrotingsproces de in de septembercirculaire 2020 opgenomen consumenten prijsindex en de prijs overheidsconsumptie, beloning medewerkers. Zie hiervoor de kaderbrief 2022. Dit uitgangspunt borgt voldoende een realistische begroting en betreft bestendige gedragslijn. Vraag 24 FB, pag. 139, Tabel financiële ontwikkelingen
17
In de tabel staat bij 2022 Projectkosten huisvesting VO extra of hogere kosten van 100.000 euro. Dit staat niet toegelicht. Is dit (mede) bedoeld voor uitwerking van de PvE’s? Graag een toelichting. Antwoord vraag 24: In de kaderbrief 2022 is de volgende toelichting opgenomen: "In de begroting is tot en met 2024 rekening gehouden met jaarlijkse projectkosten huisvesting voortgezet onderwijs van € 100.000. Op dit moment wordt uitvoering gegeven aan de uitwerking van een haalbaarheidsstudie. Voor 2022 verwachten we dat de kosten hoger zullen uitvallen omdat we specialistische kennis op zowel onderwijshuisvesting en – financiering maar ook het gebied van ruimtelijke ontwikkeling niet in huis hebben en hiervoor externe begeleiding nodig zal zijn. Zeker gezien de omvang van de investering is het van groot belang over de juiste expertise te beschikken." FB, pag. 139, Tabel financiële ontwikkelingen Er staat een structureel bedrag van 72.000 euro voor een zorgregisseur. Vraag 25a Betreft dit de zorgregisseur jeugd? (zo nee, graag toelichting wat de taak wel is); Antwoord vraag 25a: Ja, dat klopt. De intentie is overigens wel om deze functie breder binnen het sociaal domein in te zetten met jeugdzorg als zwaartepunt.
Vraag 25b Is deze mutatie op basis van een eerder genomen raadsbesluit? Antwoord vraag 25b: Nee, de mutatie is opgenomen in de kaderbrief 2022 en uitgewerkt in de voorliggende begroting. Vraag 25c Waar is deze zorgregisseur in dienst? Antwoord vraag 25c: Het betreft een functie binnen de gemeente. Vraag 25d Als dit een zorgregisseur jeugd betreft, zou dit dan niet moeten worden toegerekend aan kosten betreffende (organisatie) jeugdzorg? Antwoord vraag 25d: Het betreft een functie binnen de gemeente. Vraag 26 FB, pag. 143 Tabel Specificatie Overhead In de tabel is de post overig behoorlijk gestegen ten opzichte van vorig jaar, naar 650.000 euro. Wat zijn de grootste posten hierbinnen? Antwoord vraag 26: Het betreft hier doorberekende kosten SCD inzake juridisch advies en documentaire informatievoorziening en facilitaire kosten. FB, pag. 143 Tabel Opgenomen stelposten
18
De post Structurele ruimte investeringen, is een nieuwe post en bedraagt 600.000 euro structureel. De toelichting zegt niets over de aanleiding. Vraag 27a Wat is de aanleiding dit nu te doen, waar dat voorheen blijkbaar nooit nodig werd gevonden op deze manier? Antwoord vraag 27a: Dit betreft de uitwerking van de kaderbrief 2022. Dit staat nader verwoord in de inleiding en het raadsvoorstel kaderbrief 2022. De aanleiding is dat het niet alleen noodzakelijk is om de jaarlijkse begroting in orde te maken, maar ook om financieel perspectief te kunnen bieden aan toekomstige ontwikkelingen. Vraag 27b Waarom dit bedrag? Antwoord vraag 27b: Het bedrag van € 600.000 is gekozen omdat dit bedrag maximaal structureel ingezet kan worden om in ieder geval voor de jaren 2022 en 2023 een structureel sluitende begroting te realiseren. Vraag 28 FB, pag. 145 Stand en verloop van de reserves De bestemmingsreserve kapitaallasten is in 2021 € 3,37 miljoen en eind 2022 € 5,9 miljoen en blijft daarna op het hogere niveau. Er staat als toelichting dat dit is om toekomstige kapitaallasten te kunnen dekken en dat bij de ombuigingen is besloten om 3 miljoen uit de algemene reserve te halen en te storten in de reserve dekking kapitaallasten. Wij kunnen dat exacte besluit niet vinden.
Kan worden aangegeven waar dat raadsbesluit en toelichting verwoord staan? Wij nemen aan dat niet de Kaderbief bedoeld wordt, aangezien die niet wordt vastgesteld maar voor kennisgeving wordt aangenomen. Antwoord vraag 28: Het betreft ombuigingsvoorstel 79 kaderbrief 2022 wat is uitgewerkt in de voorliggende begroting. FB, pag. 154 Indicatoren en streefwaarden Deze tabel zegt zonder toelichting of vergelijking niets. De toelichtingen zoals vorig jaar, zijn hier nu niet opgenomen. Vraag 29a Is te zeggen hoe de Papendrechtse werkelijkheid zich verhoudt tot landelijke benchmarks?
Antwoord: Het betreft hier indicatoren die door de gemeenten uit de eigen gegevens of de eigen begroting overgenomen dient te worden, omdat daar geen landelijke bron voor beschikbaar is. Deze indicatoren worden dus niet ontsloten via waarstaatjegemeente.nl. Vraag 29b Ten opzichte van de begroting van vorig jaar, zijn de apparaatskosten en de overhead iets gestegen. Wat is de oorzaak hiervan?
19
Antwoord: Met name door stijging ICT-lasten SCD (ICT verandert afgerond € 0,4 mln.) is het aandeel overhead iets gestegen. FB, pag. 158 en DM, pag. 61 Meerjarig overzicht baten en lasten per taakveld Vraag 30a Bij Afval valt op dat de lasten meerjarig nagenoeg gelijk blijven en de baten stijgen. Antwoord vraag 30a: Dit klopt. De baten zijn geïndexeerd, de kosten gefixeerd in afwachting van beleid en de prijsaanbiedingen van HVC. Vraag 30b Komt deze inschatting op basis van het huidige beleid of toekomstig beleid? Antwoord vraag 30b: Deze calculatie is op basis van het huidige beleid Vraag 30c Waardoor stijgen de baten naar verwachting uiteindelijk met een half miljoen euro tussen 2021 en 2025? Antwoord vraag 30c: De stijging is de resultante van hogere verwerkingskosten, afvalbelasting en groter vuilaanbod waardoor de opbrengst afvalstoffenheffing kostendekkend is verhoogd. Vraag 30d De twee punten op pag. 61 waarbij Papendrecht wordt vergeleken met de rest van Nederland op het gebied van huishoudelijk restafval en percentage hernieuwbare energie, zijn extreem. Wanneer gaat dit significant verbeteren (zonder alle maatregelen te hoeven noemen)? Antwoord 30d: Het getal betreft de hoeveelheid ingezameld fijn restafval. De Business case Afvalinzameling Papendrecht kan naar verwachting in de gemeenteraad van december 2021 behandeld worden.
Afhankelijk van besluiten kan hierin verbetering komen.
Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Hoogachtend,
J.M. Ansems MSc Algemeen directeur
20