20210603 RAAD verslag concept.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTERAAD VAN PAPENDRECHT GEHOUDEN OP 3 JUNI 2021 IN THEATER DE WILLEM TE PAPENDRECHT Een integrale geluidsopname van deze vergadering van de raad is te beluisteren op www.papendrecht.nl Aanwezig: De heer A.J. Moerkerke, voorzitter; De dames A. van den Adel (PAB) A. Bokma (VVD), T.C. van Es (D66), A. van der Matten-Spek (CDA), K.E. Middelkoop- van den Adel (CDA), S.J.A. Verdoorn-de Lang (PAB) H.M. van Wijngaarden (PAB) en D. Yildiz-Karso (PvdA) en de heren: A.P.J. den Dekker (ChristenUnie), L.T. van den Dool (CDA), R. van Engelen (GroenLinks), J.L. van Erk (ChristenUnie), L.J. van Hal (D66), J. Hoogeveen (PAB), A.J. Kosten (SGP), R. Lammers (Onafhankelijk Papendrecht), A. Stremler (PAB), P. Stremler (PAB), J.G.S. van der Tak (Onafhankelijk Papendrecht), en M.H.A. Verweij (PAB). Mevrouw C. Verver-van Geesbergen en de heren A.M.J.M. Janssen, P.L. Paans en C. de Ruijter, wethouders Afwezig met kennisgeving: De dames B. de Heer (PAB) en S.H. de Keizer (VVD) en de heer M. van Veen (PAB) Publieke tribune: N.V.T. Raadsgriffier: de heer G. van Egmond Verslaglegging: M. Sijses (Notuleerservice Nederland) 01. Opening De VOORZITTER opent de vergadering en heet alle aanwezigen welkom. Het is voor de burgemeester de laatste vergadering als voorzitter, om die reden is de voorzitter extra blij dat deze vergadering in fysieke vorm wordt gehouden.
02. Vaststelling van de agenda De heer LAMMERS vraagt aan de raad instemming om agendapunt 8 van de agenda af te voeren. Het onderwerp is op 19 mei in de commissie Ruimte opiniërend besproken, er stond immers voor het agendapunt een O genoteerd. In de commissie is ook een presentatie gegeven door de architect, dit had voor de heer Lammers echter meer een beeldvormend karakter. Daarnaast was de verstrekte informatie geheel nieuw en de heer Lammers is nog niet in de gelegenheid geweest om met de eigen fractie of andere fracties hierover van gedachten te wisselen. Gezien het feit dat het punt nu ter besluitvorming voor ligt verzoekt de heer Lammers om het van deze agenda af te voeren, nog een keer opiniërend te bespreken en daarna naar de raad te brengen ter besluitvorming. De heer VAN HAL herkent wat de heer Lammers zegt, dit punt is ook in de commissie besproken. Maar er is in de commissie ook besproken dat er een amendement opgesteld zou worden waarin het college wordt opgeroepen om het plan verder uit te werken en vervolgens nog een keer met de raad te bespreken. Om die reden stelt de heer Van Hal voor om punt 8 wel te behandelen inclusief het amendement. De heer DEN DEKKER merkt op dat een O staat voor oordeelsvormend en niet opiniërend. Wat betreft de fractie van de ChristenUnie kan het punt op de agenda blijven staan.
De heer VAN DEN DOOL ondersteunt de woordvoering van de heer Van Hal om het punt op de agenda te laten staan.
1
De VOORZITTER concludeert dat het breed wordt gedragen om het punt op de agenda te handhaven. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 03. Tijdelijke toelating raadslid GroenLinks De VOORZITTER licht toe dat het raadslidmaatschap van de heer Van Engelen van rechtswege is beëindigd. De heer Grimmius heeft verzocht om voor een tweede periode van 16 weken tijdelijk ontslag te verlenen. De heer Van Engelen is als opvolger verzocht om die taak over te nemen en heeft hierop positief gereageerd. De commissie voor het Onderzoek van de Geloofsbrieven heeft de geloofsbrieven van de heer Van Engelen onderzocht en akkoord bevonden. De commissie heeft een voorstel en ontwerpbesluit opgesteld voor toelating van de heer Van Engelen. De voorzitter brengt dit voorstel in stemming. Het voorstel wordt per acclamatie aangenomen. Hierna legt de heer Van Engelen in handen van de voorzitter de eed af. De VOORZITTER schorst de vergadering om 20.10 uur om het volgende punt in beslotenheid te behandelen 04. Voorstel tot het houden van een besloten vergadering De VOORZITTER heropent de vergadering om 21.35 uur. 05. Vragenkwartier Mevrouw BOKMA vraagt het college om welke reden het zeer gewaardeerde 4 mei comité van Papendrecht niet betrokken is bij het geslaagde project 75 jaar Vrijheid.
Mevrouw BOKMA vraagt het college om welke reden het gewaardeerde 4 mei comité van Papendrecht niet is uitgenodigd bij de overdracht van de adoptie van het 1940-1945 Monument naar de volgende school voor de periode 2021-2022. Wethouder VERVER antwoordt contact te hebben gezocht met de heer De Leur, voorzitter van het 4 mei comité. Tijdens dit gesprek heeft de wethouder grote waardering en dankbaarheid uitgesproken voor de activiteiten die het comité ontplooit. Met name ook de vrijwillige inzet en grote betrokkenheid worden zeer gewaardeerd. Daarnaast heeft de wethouder aangegeven dat het college een verbindende rol heeft te vervullen, ook als het gaat om evenementen die door een andere organisatie worden georganiseerd. Het college moet alert zijn dat partijen zoals het 4 mei comité graag aanwezig willen zijn. Hier heeft het college en de organisatie nog wat aan te doen. Daar is men zich terdege bewust van zegt de wethouder. Het gesprek met de heer De Leur is als zeer prettig ervaren. De heer VAN DER TAK wijst er op dat wethouder Janssen tijdens de commissievergadering ABZ van 17 mei jl. heeft aangegeven een opdracht voor second opinion te zullen verstrekken aan de raadsaccountant BDO. Dit ter beantwoording van de twee resterende vragen die de fracties van D66 en OP hebben ingediend.
De vraag is of de accountant dit onderzoek reeds heeft uitgevoerd en indien dit het geval is wat de uitkomst is van het onderzoek. Als het onderzoek nog niet is uitgevoerd is de vraag wanneer het onderzoek naar verwachting is afgerond. Afsluitend vraagt de heer Van der Tak naar de planning voor ondertekening van de transactie betreffende Markt 2. Wethouder JANSSEN antwoordt dat BDO heeft toegezegd om vanaf deze vergadering binnen een week een eerste concept van antwoorden en een advies op te leveren. De raad zal hiervan op de 2
hoogte gesteld worden. Naar aanleiding daarvan zal de raad ook op de hoogte gesteld worden wanneer de ondertekening van de koopovereenkomst plaats zal vinden. De heer VERWEIJ verwijst naar de gezamenlijke brief van de scholengemeenschappen De Lage Waard en Willem de Zwijger gedateerd 28 mei 2021. In deze brief wordt uitleg verstrekt wordt over de samenwerking tussen beide scholen. Gezien de inhoud van de brief lijkt het haalbaarheidsonderzoek opeens in een andere richting te zijn gegaan. Het lijkt erop dat het uitgangspunt van één gebouw waar beide scholen gezamenlijk het techniek onderwijs gaan verzorgen is losgelaten. Daarnaast lijkt het ook dat de sportvelden niet gezamenlijk gebruikt gaan worden, er valt te lezen dat men de sportvelden zo dicht mogelijk bij de scholen wil hebben. In de ogen van de heer Verweij is het fysieke samenwerken in dat geval alleen nog aan de orde als er buiten de schoolgebouwen iets georganiseerd wordt zoals bijvoorbeeld een excursie. Bij de eerste visie werd veel meer de indruk gewekt van veel meer samenwerking. Wethouder DE RUIJTER antwoordt dat er in de haalbaarheidsstudie op dit moment 4 scenario’s worden uitgewerkt. Een van de scenario’s gaat uit van een gedeeld gebouw. In de presentatie van 8 april jl. is hier een doorkijk in gegeven. Het voert de wethouder te ver om daar ter vergadering in het beperkte tijdsbestek dieper op in te gaan.
Het college is bereid om de raad op de hoogte te houden over de tussenstappen van het haalbaarheidsonderzoek. Hiertoe is reeds eerder een toezegging gedaan en het voorstel gedaan om op 17 juni een presentatie te houden. Na overleg met de agendacommissie is aangegeven dat de raad de informatie liever schriftelijk ontvangt. Daartoe wordt nu een RaadsInformatieBrief voorbereid. De wethouder benadrukt dat het aanbod voor een presentatie blijft staan. Tijdens de presentatie zouden de scholen aanwezig zijn en hadden vragen over de samenwerking beantwoord kunnen worden. In de agendacommissie is aangegeven dat de raad de scholen na het zomerreces wil uitnodigen. De ambtelijke organisatie zal in overleg met de griffie en de scholen nader onderzoeken hoe dit vormgegeven kan worden. De heer LAMMERS wijst er op dat er in de grond van het voormalige terrein van De Wieken aan de Noordhoek nog infrastructuur ligt in de vorm van leidingen en funderingen voor de bouw van 20 a 30 tiny houses. De heer Lammers vraagt het college of het een idee is om op die plek ook daadwerkelijk tiny houses te gaan bouwen. Wethouder JANSSEN antwoordt dat de voormalige locatie van De Wieken wordt meegenomen in de business case Bouwen. Dit is één van de locaties waar gekeken wordt naar de mogelijkheden van tijdelijke woningbouw.
Het concept van tiny houses gaat echter uit van behoorlijk veel buitenruimte en het is de vraag of een dergelijk concept het meest passend is voor die locatie. Maar de suggestie zal zeker meegenomen worden en terugkomen in de business case Bouwen. Mevrouw VAN ES vertelt dat deze dag bekend is geworden dat het demissionaire kabinet volgend jaar € 1,3 mld. extra uittrekt voor de jeugdzorg. Dat geld komt naar de gemeenten. De raad heeft net de stukken voor de ombuigingen en de kaderbrief ontvangen. Voor de gemeenteraad is het belangrijk om over alle relevante informatie te beschikken als er over dit onderwerp gesproken gaat worden. Om die reden vraagt mevrouw Van Es of er op dit moment al iets gezegd kan worden over de impact van dit extra geld voor jeugdzorg op de begroting van Papendrecht. Daarnaast wil mevrouw Van Es weten wanneer er een raadsinformatiebrief verwacht kan worden met een indicatie over de meerjarige invloed. Wethouder PAANS is sinds deze middag op de hoogte van het nieuws van het extra uitgetrokken geld voor jeugdzorg. De wethouder zegt toe dat de impact voor Papendrecht zo spoedig mogelijk uitgerekend zal worden. Daarnaast zal de meicirculaire worden doorgerekend zodat de raad het gehele pakket heeft voor de beraadslagingen met betrekking tot de kadernota plaatsvinden. 3
06. Verslag van de openbare raadsvergadering van 15 april 2021 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 07. Ingekomen en ter inzage gelegde stukken A32 De Lage Waard en Willem de Zwijger college, Samenwerking scholen VO De heer VAN DEN DOOL vindt het prettig te lezen dat de samenwerking goed verloopt. Het CDA verwelkomt vooral het initiatief om ook de eerste jaren van het MBO onderwijs naar Papendrecht te halen. D06 20210525 RIB Onverschuldigde betaling aan Rivierendriesprong De heer VAN DEN DOOL vindt het heel goed nieuws dat het bedrag van € 717.000 in de procedure met de Rivierendriesprong terugbetaald moet worden. Nu de uitspraak gunstig is uitgevallen voor Papendrecht hoeft de raad hier geen besluiten meer over te nemen. De heer Van den Dool vraagt de wethouder of er een hoger beroep verwacht wordt en of nu alle rechtszaken zijn afgewikkeld. Wethouder JANSSEN antwoordt dat er bij de zaak waarbij men inkomensderving ook wilde toerekenen aan de gemeente Papendrecht hoger beroep is aangetekend. Of dat in dit geval ook gaat gebeuren weet de wethouder niet, op dit moment loopt de termijn nog. E01 20210518 RIB Beantwoording artikel 40 vragen OP Antenne op mast bij A15 De heer VAN DEN DOOL vindt het goed dat OP hier nog eens naar geïnformeerd heeft. Het CDA wil dit onderwerp graag agenderen voor een commissievergadering.
Met name om met de andere fracties te spreken over de optimalisaties. De kosten daarvan zouden ruim € 300.000 zijn, daar wil het CDA graag in een oplegnotitie op terug komen. De VOORZITTER antwoordt dat dit verzoek, met oplegnotitie, naar de agendacommissie wordt doorgeleid. De commissie zal vervolgens een besluit nemen voor wat betreft de agendering. De heer VAN ENGELEN heeft vier vragen maar zal die, gezien de krappe tijd, via de griffie schriftelijk aan de wethouders doen toekomen. Vervolgens zal de heer Van Engelen de vragen mondeling tijdens de commissievergaderingen stellen. Wethouder PAANS heeft een mededeling. De accountant heeft de controlewerkzaamheden op de jaarrekening van de gemeente afgerond en is voornemens om een goedkeurende verklaring af te geven op zowel de getrouwheid als op de rechtmatigheid. De raad zal deze stukken morgen ontvangen. Er is op een punt onduidelijkheid, dat gaat over de Tozo regeling die de Sociale Dienst verstrekt en de daarmee samenhangende afrekening van het Rijk. In overleg met de accountant is op het allerlaatste moment nog een aanpassing in de balanspresentatie gedaan. Dat betekende dat alle daarmee samenhangende kengetallen weer opnieuw berekend moesten worden. Deze aanpassing moet nog met de accountant worden besproken en goedgekeurd.
De stukken komen naar de raad, het resultaat blijft hetzelfde, maar er is intensief contact tussen de accountant, de Sociale Dienst en ook het Rijk om tot een oplossing te komen. Overigens geldt dit voor alle gemeenten in Nederland en zeker ook de Drechtsteden. Papendrecht is dus geen uitzondering. BESPREEKSTUKKEN 08. Stedenbouwkundige kaders ontwikkeling locatie Veerpromenade De heer VAN HAL merkt op dat er over dit punt uitvoerig is gesproken in de commissie Ruimte. De conclusie van D66 was dat de voorgestelde kaders te mager zijn om het daarbij te laten. Mede omdat het voor heel Papendrecht een beeldbepalend pand moet worden en omdat het te weinig recht doet aan de mensen die tegenover het gebouw komen te wonen. Voor de verdere argumenten verwijst de 4
heer Van Hal naar het amendement. D66 stelt voor om het raadsbesluit aan te vullen met het college opdracht te geven om de uitgangspunten door een stedenbouwkundig bureau te laten uitwerken tot een volwaardig stedenbouwkundig kader dat voldoende inzicht geeft in en grip geeft op de stedenbouwkundige kwaliteit van het toekomstige gebouw. Het uitgewerkt stedenbouwkundig kader ter besluitvorming voor te leggen aan de raad. De financiële onderbouwing van de haalbaarheid van het plan inclusief het resultaat van het planschadeonderzoek ook ter besluitvorming voor te leggen aan de raad. De VOORZITTER concludeert dat het amendement voldoende is ondertekend. Hiermee maakt het amendement deel uit van de beraadslagingen. De heer A. STREMLER merkt op dat de invulling van het voorliggende plan reeds twintig jaar in de planning staat. De locatie is onderdeel van een stedenbouwkundig totaalplan, de centrum visie en het masterplan Centrum dat eind vorige eeuw is vastgesteld. In dat kader is de grond, met goedkeuring van de raad, gekocht door de gemeente en zijn enige jaren later de toenmalige opstallen gesloopt. Zodoende is er reeds € 1 mln. gemeenschapsgeld in de grond geïnvesteerd ten behoeve van een nieuwbouwplan op die locatie.
Bij het bestemmingsplan dat zo’n 15 jaar geleden is vastgesteld, is men ervan uitgegaan dat met 9 meter bouwhoogte het geïnvesteerde bedrag terug verdiend zou kunnen worden en de grondexploitatie sluitend zou zijn. Het is niet meer dan logisch dat na alle jaren met diverse besluitvormingsmomenten er nu een plan ligt voor verdere uitwerking. De eerdere besluitvorming in acht nemend en het feit dat een gemeente niet zo maar € 1 mln. gemeenschapsgeld laat verdampen en ook gezien de bijdrage die dit project kan leveren bij de aanpak van een grote woningnood is het goed dat de verdere uitwerking van de locatie Veerpromenade wordt opgepakt. Het resultaat van de uitgebreide beeldvormende bespreking in de commissie Ruimte was dat er nog niet overgegaan kon worden tot finale besluitvorming. De commissie was kritisch en er waren nog te veel vragen en open einden. Er is toen voorgesteld om het raadsvoorstel te amenderen. Een ruime meerderheid van de commissie heeft dat voorstel ondersteund. Het voorliggende amendement ziet er goed uit, de fractie van PAB zal het amendement steunen. Doorredenerend op het dictum staat nog wel de vraag open welke van de twee varianten van het stedenbouwkundig plan uitgewerkt moet worden. De variant met de twee torentjes, met de terrassen of mogelijk beide.
De heer Stremler verwijst hiervoor naar eerdere besluitvorming door de raad en het uitgangspunt om te streven naar een sluitende grondexploitatie. Volgens het college zijn er twee ontwikkelaars vastgelopen op de 9 meter maximale bouwhoogte. De ontwikkelaars hebben de opdracht teruggegeven omdat binnen die maximale bouwhoogte geen haalbaar plan is te realiseren. Een hoogte van meer dan 9 meter in het centrum is onontkoombaar en daar kan het PAB in meegaan. Voor wat betreft de variant van het stedenbouwkundig plan gaat de voorkeur van het PAB uit naar de variant met de minste bouwmassa, dat is de variant met de twee torentjes. In de uitwerking van die variant is de architect al een heel eind aan de omwonenden tegemoet gekomen. Om die reden kiest het PAB voor uitsluitend de uitwerking van deze variant. Deze variant heeft minder impact voor de omwonenden door minder bouwvolume en meer zichtlijnen en kan tot een enigszins sluitende grondexploitatie leiden. Wat betreft het PAB mag de terrassen variant worden geschrapt. Afsluitend brengt de heer Stremler het onderwerp bewonersparticipatie ter sprake. Eén en ander is tot nu toe geen succes gebleken, maar de inwonersparticipatie is nog niet halverwege. Juist het amendement biedt de mogelijkheid om alles nog eens met de inwoners door te nemen.
Waarna medio oktober meer uitwerking beschikbaar is waar omwonenden ook weer van alles van kunnen vinden. En dan kunnen bewoners ook nog gebruik maken van de bestemmingsplan procedure. Er bestaan nog mogelijkheden genoeg om tot elkaar te komen vindt de heer Stremler. 5
Mevrouw VAN DER MATTEN vindt het voorliggende voorstel het sluitstuk van de renovatie en vernieuwing van het centrumgebied. Er zijn miljoenen geïnvesteerd om dit mogelijk te maken waaronder de aankoop en vervolgens sloop van winkelpanden op deze locatie. Met als doel om een nieuwe ontwikkeling te realiseren. In de commissie Ruimte zijn mooie mogelijkheden gepresenteerd voor bouw aan de Veerpromenade en de onderwerpschetsen zien er belovend uit. Dat er op deze wijze extra woningen gecreëerd worden is in deze tijd van woning schaarste een goed punt. Maar de CDA fractie maakt zich zorgen over de betrokkenheid van de direct omwonenden. De wethouder geeft aan dat er geïnformeerd is, maar uit de signalen blijkt dat de direct omwonenden dit in ieder geval niet zo ervaren. Het is goed dat ook andere bewoners uit Papendrecht betrokken worden, het gaat immers bij deze plek om de huiskamer van het dorp. Maar de voor de direct omwonenden gaat het om het woongenot en mogelijke waardevermindering van hun huis. Dat zijn reële zorgen waar stil bij gestaan moet worden. De vraag is welke planschade kan ontstaan met betrekking tot het eventueel overschrijden van de eerder afgesproken maximale 9 meter bouwhoogte. Verder zijn tijdens de commissievergadering de zorgen van het CDA betreffende De Plint nog niet weggenomen.
Er is aangegeven dat er mogelijk een restaurant komt, daar worden de zorgen zo mogelijk nog groter door. Wellicht komt er naast de bestaande leegstand nog een grote lege ruimte bij. Het CDA steunt het amendement. Het geeft kaders en hopelijk meer duidelijkheid. Het zou goed zijn om de komende tijd te benutten om het gesprek te voeren met direct omwonenden. De heer VAN ENGELEN verwijst naar bladzijde 8 van het raadsbesluit. Daar wordt gevraagd hoe reëel de kans is dat de bibliotheek, nu er bezuinigd moet worden, daadwerkelijk naar de locatie verhuist. In de stukken antwoordt het college daar op dat die kans nihil is. De heer Van Engelen informeert waar het college haar mening op baseert en waarom de raad niet over die kennis beschikt. De fractie van GroenLinks kan om twee redenen niet instemmen met het voorliggende voorstel en het voorliggende amendement. Als eerste moet de overheid een betrouwbare overheid zijn. Als mensen met een bestemmingsplan in de hand een huis kopen in het centrum dan zijn de randvoorwaarden waaronder het huis gekocht wordt bekend. Dit wordt echter compleet teniet gedaan met het voorliggende voorstel. Daar komt nog bij dat het college tekort schiet in een echte onderbouwing om welke reden deze grote ingreep in het bestemmingsplan gepleegd moet worden.
Als tweede verwijst de heer Van Engelen naar de uitspraak dat het in dit plan moet gaan om de huiskamer van Papendrecht. Dat betekent dat wat er nu neergezet gaat worden er voor minstens 40 jaar moet staan. En als er een huiskamer van gemaakt gaat worden, zoals de plannen ooit waren, dan moet er goed gezeten, gegeten en gedronken kunnen worden en ruimte zijn om elkaar te ontmoeten. Dan kan het niet volgebouwd worden met woningen. Voor GroenLinks is het logisch om na te gaan denken over het verplaatsen van het theater naar het centrum. Op dat moment zou de functie van horeca, uitgaan en cultuur komen waar die hoort, in het centrum. En op dat moment zou er grond vrij vallen die zich beter leent voor een woonfunctie. Dicht bij groen en op loopafstand van het centrum. Er zal gerekend moeten worden of het haalbaar is en het zou financieel minder gunstig kunnen zijn, maar er moeten afwegingen gemaakt worden voor het behoud van een leefbaar dorp tegen de financiële consequenties. De heer KOSTEN merkt op dat de SGP fractie het idee heeft dat er op dit moment op een cruciaal punt gestaan wordt met betrekking tot de Veerpromenade. Nu instemmen betekent dat de trein gaat rijden en een bestemmingsplan dat later ter tafel komt is een uitwerking van het kader dat nu wordt meegegeven. In dat licht heeft de SGP fractie het raadsvoorstel gewogen.
De fractie heeft de voor en tegen argumenten van het raadsvoorstel afgewogen. De planvorming op de Veerpromenade is op dit moment nog niet overtuigend. Dit komt in de eerste plaats door de levensvatbaarheid van De Plint. Hierover vraagt de heer Kosten aan de wethouder om de raad mee te nemen in het proces om tot invulling van De Plint te komen en of er wellicht alternatieven 6
denkbaar zijn. Een tweede reden waarom de heer Kosten nog niet overtuigd is komt door de vraag of de visie van de gemeente op deze locatie wel de juiste is. De architect heeft veel vrijheid gekregen om invulling te geven, de vraag is of dit nu echt de gewenste invulling is. In de derde plaats gaat het om het proces dat de gemeenteraad doorloopt. Voor de SGP fractie was de behandeling in de commissie onbevredigend omdat beeldvormend en oordeelsvormend door elkaar liepen. De vraag is of er wel voldoende tijd en reflectie is genomen om tot een goed besluit te komen. Concreet kijkend naar het kader liggen er nog veel uitdagingen. Dat zijn rekenschap geven aan de zorgen van de omwonenden, het bouwvolume, de bouwhoogte en de wens tot een iconisch gebouw. Ingaand op het laatste punt is de heer Kosten van mening dat het gebouw gewoon normaal moet zijn, iconisch is niet passend. De SGP fractie is kritisch, maar ziet wel dat het college hard gewerkt heeft binnen het kader dat de raad meegegeven heeft. Verder moet er meegewogen worden dat het om een centrum locatie gaat, het is een plek waar het maar één keer goed gedaan kan worden. Dit is reden te meer om het heel zorgvuldig te doen. De SGP fractie realiseert zich dat er niet geheel opnieuw begonnen kan worden, er is al veel gepasseerd. Ook de SGP wil graag dat het Marktplein opgevuld wordt en dat de huiskamer ingericht is.
Om die reden is er met belangstelling geluisterd naar de andere fracties en wordt er met belangstelling uitgekeken naar de reactie van de wethouder. De heer LAMMERS verwijst naar het viertal varianten waaruit destijds een keuze gemaakt kon worden bij de herinrichting van het Marktplein. Destijds zijn inwoners, ondernemers en gebruikers van het Marktplein actief betrokken geweest. Op basis van 2000 reacties is gekozen voor de variant Meander met bloemen. Op basis van deze uitslag werd een voorkeursmodel uitgewerkt waar iedereen weer op mocht reageren. Uiteindelijk heeft dit geleid tot een definitief ontwerp dat breed werd gedragen. Het voorliggende plan van het college van de woontorens voldoet volgens OP niet aan de uitgangspunten waaraan een dergelijk project dient te voldoen. Dit wordt met een viertal argumenten toegelicht. Als eerste valt op dat sinds de behandeling in de commissie Ruimte van 19 mei nog geen opiniërende behandeling heeft plaatsgevonden. Feitelijk is het onderwerp daarom nog niet rijp voor besluitvorming. Reden waarom OP tijdens de commissie Ruimte heeft ingebracht dat uitstel van behandeling voor de hand lag. De commissie heeft echter besloten om het voorstel door te sturen naar de raad voor besluitvorming. Ten tweede valt het op dat de communicatie over het plan uitermate beroerd is aangepakt. De raad is in een veel te laat stadium betrokken.
Terwijl na een eerste grove bespreking vorig jaar aan zowel raad als bewoners werd beloofd dat zij op de hoogte zouden worden gehouden en betrokken zouden worden bij behandeling van het onderwerp. Ten derde worden een aantal varianten gemist. De raad wordt niet in staat gesteld om onderling te debatteren over voor- en nadelen van de verschillende varianten omdat slechts één variant voorligt. De voorkeur van OP gaat uit naar de doorontwikkeling van het oorspronkelijke plan. De fractie vindt het belangrijk dat er aan het Marktplein een culturele functie wordt toegevoegd. Ten vierde zou men verwachten dat bij een belangrijk onderwerp als de bebouwing van een centraal marktplein de bewoners actief betrokken worden. Burgerparticipatie is bij dit plan nauwelijks van de grond gekomen. De vraag is wat daarvoor de redenen zijn. Om welke reden is er niet net zo gehandeld als destijds bij de herinrichting van het Marktplein. De heer DEN DEKKER merkt op dat er eerder sprake was van twee denkrichtingen. Een gemiddelde bebouwing of een volledige pleinwand. Nu lijkt het dat er gegaan wordt voor de volledige pleinwand waarbij € 1 mln. extra opbrengst zou zijn. De vraag is of het dat waard is om negen verdiepingen neer te zetten. De heer Den Dekker kan zich voorstellen dat de omwonenden er enorm van balen als er 7
negen verdiepingen worden neergezet. De vraag daarbij is of een planschade dat soort balen kan vergoeden, de heer Den Dekker is bang van niet. In het voorstel staat maximaal negen verdiepingen, de angst is dat bij instemmen met het voorstel alle negen verdiepingen gerealiseerd gaan worden. Dit heeft de fractie van de ChristenUnie liever niet. De vraag is welke alternatieven er zijn om iets lagere bouw toch kostendekkend of niet verlieslatend te laten zijn. Dat is in de commissie niet duidelijk geworden. De presentatie in de commissie ging heel snel en dat voelde niet goed. De vraag is om welke reden de architect volledig de vrije hand heeft gekregen. De vraag is tevens of de raad bij instemming van dit voorstel nog invloed kan uitoefenen op de vormgeving van het gebouw. De heer Den Dekker wacht verdere beraadslaging en input van de wethouder af alvorens een standpunt in te nemen. Mevrouw BOKMA merkt op dat de VVD van mening is dat de uitwerking zorgvuldig is gedaan waarbij rekening is gehouden met bezwaren van de omwonenden. Uiteraard is daarmee nog niet alles getackeld, maar het is een goede start. De VVD kan zich zeker vinden in het ingediende amendement. Het raadsvoorstel vraagt om een besluit te nemen over de uitgangspunten terwijl in het voorstel zelf gesproken wordt over een stedenbouwkundig kader.
Zoals ook in het amendement is verwoord, er missen nog een aantal essentiële onderdelen om tot een goed besluit te kunnen komen. Om die reden vormen voor de VVD de uitgangspunten een basis voor verdere gedegen uitwerking van een stedenbouwkundig kader wat te zijner tijd weer langs de raad kan. Nu zijn er nog te veel open eindjes zoals de kaders voor het volume en de grootte van het volume van het hoogbouwdeel. Het college heeft participatie als speerpunt benoemd. Gezien het enorme aantal bezwaren is participatie in dit geval niet geslaagd. De wethouder heeft aangegeven met drie vertegenwoordigers van de direct omwonenden te hebben gesproken. Maar juist iedere omwonende spreken die dat wenst kan voor draagvlak zorgen. En draagvlak is in dit geval bij de omwonenden heel ver weg. Wethouder JANSSEN antwoordt dat het voorliggende dossier geen gemakkelijke is. Een lege plek die is ontstaan door de sloop van het pand, er is al door velen op veel verschillende manieren tegenaan gekeken. Bij aantreden van de wethouder leek het een uitgemaakte zaak, er zou immers een KennisMarkt in komen. De uitgekozen projectontwikkelaar gaf echter de opdracht terug omdat er geen mogelijkheden gezien werden om zonder aanvullende woningbouw een financieel haalbaar project te realiseren. Ook een tweede projectontwikkelaar kwam tot dezelfde conclusie.
Vervolgens moest er dus teruggegaan worden naar de tekentafel met de opdracht om te komen tot een ontwikkeling die past bij het centrum van Papendrecht en ook een positief financieel resultaat kan opleveren. Een jaar geleden zijn de eerste stedenbouwkundige kaders en uitgangspunten gepresenteerd. Als eerste in een reeks vanuit de afspraak die deze raadsperiode is gemaakt om beeldbepalende locaties altijd vooraf met de gemeenteraad te bespreken. Opnieuw werd de noodzaak voor aanvullende woningbouw bij dit project duidelijk. Dat betekent hoger bouwen dan het huidige bestemmingsplan. Vooral omwonenden grepen dat moment aan om te laten weten dat men wilde vasthouden aan de 9 meter bouwhoogte. Vanuit de commissie is vervolgens aan het college meegegeven dat de belangen van de omwonenden nadrukkelijk in beeld gebracht moesten worden en ook die van de andere gebruikers van de Markt in het centrum. Vervolgens heeft corona een inloopavond onmogelijk gemaakt en is er gewerkt vanuit klankbordgroepen. Dat betekende automatisch dat niet alle omwonenden niet gehoord konden worden. Maar, gezien wat opgehaald is, durft de wethouder te stellen dat alle relevante zorgen, bezwaren en belangen in beeld zijn gebracht. Deze zijn gewogen en duidelijk vertaald in de diverse aanpassingen aan de stedenbouwkundige kaders en uitgangspunten.
Het is echter niet mogelijk om 100% aan alle bezwaren tegemoet te komen. Van meet af aan was duidelijk dat het vasthouden aan de 9 meter hoogtegrens te beperkt 8
zou zijn. Een paar weken geleden is in de commissie Ruimte aangegeven dat voor deze bijzondere plek meer vooraf en meer gedetailleerd moet worden bepaald en vastgelegd dan met het huidige stedenbouwkundige kader het geval is. Want met dat kader waren nog meerdere invullingen mogelijk en dat zag de commissie minder zitten. Gezien de discussie in de commissie, de opmerkingen deze vergadering en het ingediende amendement stelt de wethouder de raad het volgende voor. Voor de verdere uitwerking wordt uitgegaan van een zo minimaal mogelijke variant. Als 25 tot 30 woningen, dat is 2.700 m2 bouwoppervlak voor wonen, voldoende zijn om de ontwikkeling mogelijk te maken binnen de uitgangspunten dan kan daar voor gegaan worden. Dus niet voor het maximaliseren van de opbrengst, maar voor een mooie bij Papendrecht passende invulling van de nu nog lege plek. Wat het college betreft sluit de twee toren variant daar het beste bij aan. Die variant leidt ook voor de omwonenden tot meer behoud van zicht op het Marktplein. Deze variant wil het college verder uitwerken en dat houdt in; een quick scan milieu, een advies inzake windhinder, bezonningsstudies, haalbaarheidsberekening en een planschade risico analyse. De wethouder verwacht deze verdere uitwerking in oktober aan de raad te kunnen presenteren. Dan zal ook de financiële onderbouwing ter inzage gelegd worden bij de griffie.
Het college wil voldoen aan de duidelijke wens voor een bredere participatie dan tot nu toe is gedaan. Daarom wordt direct na de zomer een inloopavond voor iedereen, maar vooral voor de omwonenden, georganiseerd. Dan wordt niet alleen het plan en de vervolgstappen uitgelegd, maar ook in hoeverre de zorgen, bezwaren en belangen zijn meegenomen in de ontwerpen die dan zijn gemaakt en verder worden uitgewerkt. De uitnodiging voor die inloopavond zal breed uitgaan via alle beschikbare kanalen. Het college ziet een oplossing en een weg uit de impasse die al vijftien tot twintig jaar duurt. Er wordt gehoopt op steun vanuit de raad. Tweede termijn raad De heer VAN HAL dankt de wethouder voor de beantwoording. Het verdere proces zoals de wethouder aangeeft ziet de fractie van D66 als goede vervolgstappen. Met betrekking tot de minimale variant ziet D66 liever een maximale variant. Niet in de zin van maximale bouwmassa, maar maximaal stedenbouwkundig een goed gebouw. Het gaat om een zichtlocatie die voor iedereen in Papendrecht van belang is. Richting de heer Lammers merkt de heer Van Hal op dat de commissie uitsluitend kan aangeven of een raadsvoorstel als hamerstuk of bespreekstuk door moet naar de raad. De commissie kan een raadsvoorstel niet tegenhouden. Een raadsvoorstel afvoeren van de agenda kan alleen de raad zelf. De heer A.
STREMLER merkt op dat punt 3 en 4 van het amendement ingaan op een nader besluitvormingsmoment. In de commissievergadering werd gesproken over oktober. Dit bij elkaar genomen heeft de heer Stremler geconcludeerd dat er in oktober een besluitvormingsmoment zal zijn. Verder zal ook het bestemmingsplan nog naar de raad komen waar ook de omwonenden en andere inwoners op kunnen reageren. Het is goed dat de wethouder nog even alle tegemoetkomingen aan omwonenden op een rij heeft gezet. Dat maakt het voor de raad ook duidelijker. Het uitgangspunt van de PAB fractie is ook zeker niet het maximale, de € 1 mln. Het uitgangspunt moet zijn dat het kostendekkend is. De heer Stremler hoopt dat in oktober eindelijk de jarenlange impasse met betrekking tot de locatie doorbroken gaat worden. Mevrouw VAN DER MATTEN geeft aan dat voor het CDA een sluitend financieel plaatje niet helemaal centraal staat, maar een mooie afronding van het centrum en draagvlak en gehoor bij de omwonenden. Het CDA vindt het heel belangrijk dat de omwonenden gehoord worden. Er zullen 9
uiteraard concessies gedaan moeten worden, maar gehoord worden is heel belangrijk. Vervolgens vraagt mevrouw Van der Matten nogmaals naar verdere uitwerking van De Plint. De heer VAN ENGELEN herhaalt zijn verzoek aan het college om in te gaan op de opmerking in de stukken dat de kans dat de bibliotheek naar de locatie verhuist nihil is. De heer Van Engelen verwijst naar een uitspraak van de heer Van Hal over Oost Duitse afmetingen van het plein. De heer Van Engelen neemt aan dat dit gaat over het deel wat nu ter tafel ligt. Per interruptie legt de heer VAN HAL uit dat het Papendrechts plein, inclusief de Veerpromenade, groter is dan de Dam in Amsterdam. Papendrecht is wat kleiner dan Amsterdam. Op het moment dat er een gebouw komt op de locatie van de gesloopte panden ontstaat er een plein dat in verhouding is voor Papendrecht. De heer VAN ENGELEN sluit aan dat GroenLinks het belangrijk vindt dat er iets geplaatst wordt. Met betrekking tot participatie heeft de wethouder aangegeven dat er na de zomer een traject start. Participatie betekent echter meedenken en inspraak. De wethouder geeft aan dat er uitgelegd gaat worden om welke reden dingen gedaan worden, dat is geen participatie. Het college gaat gewoon door op de ingeslagen weg. Het is meer een informatie avond waarbij bewoners wordt uitgelegd waarom er hoger dan 9 meter gebouwd gaat worden.
De heer Van Engelen concludeert dat geld leidend is. Dat heeft ook te maken met kaders die de raad gesteld heeft, maar GroenLinks denkt dat het in dit geval geen goede keuze is. De mensen moeten leidend zijn. Het gaat om een leefbaar dorp. Er wordt doorgedenderd waarbij er alleen gekeken wordt naar de woonfunctie en het sluitend krijgen. Per interruptie merkt de heer VAN HAL op dat er geen tegenstellingen hoeven te zijn. Het is mogelijk om goed met financiën om te gaan en tegelijkertijd een goed stedenbouwkundig gebouw neer te zetten. De zakken van de gemeente Papendrecht zijn niet eindeloos. Er is reeds € 600.000 toegegeven op de Markt 2. Het gaat om gemeenschapsgeld en er moet ook nog bezuinigd worden. Er moeten goede afwegingen gemaakt worden tussen financiën, een goed stedenbouwkundig plan en woningen. Dat is heel goed mogelijk. De heer VAN ENGELEN onderschrijft dat dingen prima samen kunnen gaan. De heer Van Engelen constateert echter dat voor het college het geld leidend is geweest en niet de leefbare plek die het dorp ook moet zijn. GroenLinks begrijpt de argumentatie om het amendement in te dienen en de fractie is het eens dat er verdere uitwerking nodig is. Maar als de fractie het amendement steunt dat betekent dat dat de fractie het ermee eens is dat er doorgegaan wordt op de ingeslagen weg. Dus bouwen boven de 9 meter.
En dat is iets wat voor GroenLinks een brug te ver is. De fractie is van mening dat er goed moet worden nagedacht over waar nu voor de komende 40 jaar welke functies in het dorp worden gepland. Verder kan er nog niet veel gezegd worden over de opbrengsten als er nog geen zicht is op de planschade. Het voelt voor de heer Van Engelen niet prettig dat de planschade als een rekensommetje dat geld kost wordt beschouwd. Het woongenot en hoe het centrum voor alle Papendrechters functioneert vindt GroenLinks veel belangrijker. De heer Van Engelen vraagt of er niet nog eens gekeken kan worden waar een woonfunctie gerealiseerd kan worden en of dat nu echt specifiek op die locatie moet. In de eerste berekeningen over het Marktplein was het niet nodig, nu blijkt het wel nodig om een financiële reden. De vraag is of dat wat tekort gekomen wordt op een andere manier gerealiseerd kan worden. De heer KOSTEN gaat in op het punt visie. Het lijkt dat geld voor een groot deel leidend is. Dat hoeft niet verkeerd te zijn, ook dat is een belangrijke opgave. Maar tegelijkertijd gaat het om een 10
centrumlocatie waar heel Papendrecht mee te maken heeft. Vooral De Plint moet op een goede manier ingevuld worden. Daar zijn de zorgen van de SGP nog niet over weggenomen. De heer Kosten verzoekt de wethouder om hier nog iets meer informatie over te verstrekken en aan te geven hoe de raad meegenomen gaat worden in dit proces. Verder informeert de heer Kosten naar het ‘go no go’ moment. Wat is de status van de besluitvorming deze vergadering betreffende het voorstel en het amendement. En wat gaat er in oktober gebeuren. Voor wat betreft participatie sluit de heer Kosten zich aan bij de heer Van Engelen. Er wordt aangegeven dat er voor de twee torentjes variant gegaan wordt, dat betekent dat er dus niet meer aangegeven kan worden dat er voorkeur voor bijvoorbeeld de terrassen variant is. De heer Kosten begrijpt de keuze vanuit financieel oogpunt, maar één van de opgaven is ook rekenschap geven van de zorgen van omwonenden. De heer LAMMERS vindt het van belang dat als er iets gezegd wordt daar ook de consequenties van genomen worden. In de wens tot een gebouw van maximaal 9 woonlagen en rekenschap geven van de zorgen van omwonenden zit een tegenstelling. Inmiddels zijn er 313 omwonenden die aangegeven hebben zo’n gebouw niet te willen.
Als er tegen het gebouw en tegen het amendement ja gezegd wordt betekent dit feitelijk dat er akkoord gegaan wordt met een wijziging van het bestemmingsplan. En dat de maximale hoogte van 9 meter losgelaten wordt. OP is van mening dat er te weinig visieontwikkeling is geweest. Er zijn geen varianten dus het gaat eigenlijk om slikken of stikken. Dat vindt OP geen goede aanpak in een democratie. Er moeten met elkaar verschillende varianten vergeleken kunnen worden. En er moet debat gevoerd worden wat er op die locatie moet komen. Per interruptie vraagt de heer VAN ENGELEN of de heer Lammers met meerdere varianten ook doelt op mogelijkheden buiten het centrum gebied. De heer LAMMERS antwoordt dat dit impliciet zeker van belang is. Op moment dat er integraal gekeken wordt komen dergelijke vragen automatisch naar boven. De herinrichting van het Marktplein kende een ontzettend goede burgerparticipatie. Uiteindelijk heeft een grote meerderheid gekozen voor de Meander met bloemen. Iets dergelijks wordt in dit plan gemist. Het moet niet zo zijn dat er met dit plan via een korte lijn iets beslist wordt waar de raad later spijt van gaat krijgen. In de presentatie van de architect was opvallend dat het Papendrechtse plein werd vergeleken met Haarlem en Amsterdam. De heer Lammers vond dit appels met peren vergelijken. Er zijn nog heel veel open einden en vragen.
En als het in de kern niet goed zit gaat alles erna ook mis. Nu kan er nog een stapje terug gedaan worden om even beter na te denken. Om in gesprek te gaan met de omwonenden en heel Papendrecht. Er moet een cultuurfunctie komen, er moet iets spannends komen. Om die reden moet er gepraat worden met het maatschappelijk middenveld, met het theater en de bibliotheek. Er kan over het voorstel nog niet besloten worden vindt de heer Lammers. Per interruptie merkt mevrouw BOKMA op te verwachten dat ook een theater boven de 9 meter uit zal komen. Een theater zou dan bij voorbaat al uitgesloten worden door OP. De heer LAMMERS antwoordt dat de fractie zich uitspreekt over het wat. Hoe het uitgevoerd wordt is een tweede chapiter. De heer DEN DEKKER merkt op dat een plan om het theater op de huidige locatie op te heffen en naar het centrum te verhuizen niet realistisch is. Per interruptie merkt de heer LAMMERS op dat er niet bepleit is dat het theater naar het centrum moet komen. 11
De heer DEN DEKKER antwoordt te reageren op het betoog van de heer Van Engelen van GroenLinks. Er moet met elkaar bezuinigd worden, dus zulke uitspraken moeten niet gedaan worden vindt de heer Den Dekker. Per interruptie merkt de heer LAMMERS op dat bezuinigen één is en visie ontwikkeling op het centrum is twee. De heer DEN DEKKER vervolgt dat wat hem betreft de visie van het college is dat er woningen moeten komen. Per interruptie merkt de heer VAN ENGELEN op dat GroenLinks de suggestie mee geeft om na te denken over functies op bepaalde plekken. De fractie realiseert zich terdege dat een theater hoger is dan 9 meter. Het punt is dat er een besluit genomen wordt voor 40 jaar of langer en er te weinig wordt nagedacht over de grote vraag waar je welke functies in het dorp wil hebben. Het theater werd daar als voorbeeld bij genoemd. Het is een optie die bekeken en overwogen zou kunnen worden. De heer DEN DEKKER vervolgt zijn betoog en ziet uit naar de beantwoording van de wethouder op de vragen van de heer Kosten over bewonersparticipatie en De Plint. Als de ChristenUnie instemt met het amendement moet minimale overlast wel het uitgangspunt zijn. De wethouder spreekt van een minimale variant, als dat ook minimale overlast betekent is de instemming voor wat betreft de ChristenUnie iets dichter bij gekomen. Ook minder hoog bouwen zou wellicht in de minimale variant kunnen zitten.
Verder wenst de ChristenUnie een betere bewonersparticipatie en dat het gebouw past bij de Papendrechtse proporties. De heer Den Dekker wacht verdere beantwoording van de wethouder af. Mevrouw BOKMA dankt voor de toezegging over nadere uitwerking van de twee torens variant. De vraag is wat de voorkeursvariant was van het bewonerspanel en hoe de bewoners worden meegenomen in de keuze die nu gemaakt wordt. Voor wat betreft participatie gaat mevrouw Bokma er wel van uit dat alle argumenten gehoord zijn. Maar voor het creëren van draagvlak blijft het cruciaal dat alle omwonenden zich gehoord voelen. Mevrouw Bokma verzoekt om naast alle gebruikelijke kanalen die gebruikt worden om uit te nodigen ook zeker de omwonenden persoonlijk uit te nodigen. Tweede termijn college Wethouder JANSSEN antwoordt met betrekking tot invulling van De Plint dat de oorspronkelijke ondernemer die een restaurant wil vestigen nog steeds in beeld is. Maar er zijn ook andere restaurant eigenaren zeer geïnteresseerd. Het hele kleine gedeelte in De Plint dat dan nog overblijft laat zich gemakkelijk vullen. Per interruptie merkt de heer DEN DEKKER op een deja vu te krijgen naar de vorige Plint waar de ChristenUnie regelmatig om een update heeft gevraagd en kritisch is geweest. Omdat het best lang duurde om het ingevuld te krijgen.
De heer Den Dekker vraagt zich af hoe realistisch de opvatting van de wethouder over de invulling is. Wethouder JANSSEN antwoordt dat de invulling van De Plint in dit geval van een heel andere orde is dan invulling van De Plint waar de heer Den Dekker het over heeft. Dat was inderdaad lastig, vooral omdat het een pand betrof dat behoorlijk gerenoveerd moest worden. De heer DEN DEKKER merkt per interruptie op dat het gaat om De Plint die bij de bibliotheek zit. Dat gebouw hoeft niet gerenoveerd te worden. Maar het lukte niet om die Plint te vullen. 12
Wethouder JANSSEN is het eens met de heer Den Dekker. Oorspronkelijk werd daar een andere invulling voorzien, met huisartsen en apotheek. Die waren toen niet in de markt, maar er is in die markt wel wat veranderd. De wethouder vervolgt zijn betoog en gaat in op de opmerking over nihil kans voor de bibliotheek op die locatie. Deze opmerking is gemaakt in het kader van de ombuigingsvoorstellen. Daarnaast heeft de wethouder in gesprekken met de bibliotheekorganisatie begrepen dat die organisatie een dergelijke gang niet ziet zitten. Dit is bij de vergadering van de commissie Ruimte vrij resoluut naar voren gekomen, de wethouder vindt het logisch. Er zijn veel opmerkingen over participatie gemaakt. Het is niet de bedoeling dat de omwonenden uitsluitend verteld wordt hoe er met de zorgen, bezwaren en belangen is omgegaan. Er moet een interactief proces zijn. De wethouder heeft het gevoel dat een groot deel van de pijn wel weggenomen kan worden. Uit de klankbordgroepen kwam een lichte voorkeur voor de terrassen variant. Maar als er goed gekeken wordt naar de belangen die gewogen moeten worden dan is de lichtere opbouw en het behoud van meer zichtlijnen op het Marktplein in de variant van de torens een betere. Uitwerken van alle varianten kost veel tijd en energie en levert bovendien geen duidelijk plaatje op. Om die reden is er gekozen voor de torentjes variant.
De heer KOSTEN merkt per interruptie op begrip te hebben voor de toelichting van de wethouder. Tegelijkertijd is er in oktober een meer uitgewerkt voorstel, in september wordt er met omwonenden gesproken. Om welke reden wordt er nu al gekozen voor de twee torentjes variant? Ook al zijn de argumenten begrijpelijk, hoe kunnen de bewoners goed meegenomen worden op deze wijze. Wethouder JANSSEN antwoordt dat het moeilijk acteren is met twee varianten waarop dan ook planschade berekend moet worden en bezonningsstudies gedaan moeten worden. Dat wordt een vrij kostbare zaak. Het is logisch om de meest waarschijnlijke variant uit te werken. En de variant met torentjes is veel minder in massa. De heer VAN HAL vraagt per interruptie of de opmerkingen die de bewoners in september maken nog meegenomen kunnen worden. Wethouder JANSSEN antwoordt dat dit logisch is. Informeren is een deel van participatie, maar meenemen en verwerken wat opgehaald wordt is een volgende stap in de participatie. Per interruptie merkt de heer VAN ENGELEN op dat de wethouder wel heel kort door de bocht gaat met de participatieladder. Bij een participatietraject denkt een bewoner dat er invloed uitgeoefend kan worden. Dat er meegepraat kan worden. In de communicatie moet er opgelet worden welke verwachtingen worden gewekt.
De heer Van Engelen begrijpt de argumentatie waarom er één variant wordt uitgewerkt, maar suggereert dan wel dat er bij de bewoners aangegeven moet worden dat ze worden geïnformeerd over dat ene plan. Dat is duidelijker naar de bewoners want de term participatie wekt de indruk dat er nog veel mogelijk is. De heer A. STREMLER merkt per interruptie op de heer Van Engelen op dat de bewoners al veel invloed hebben gehad. Er is voor een belangrijk deel aan de wensen tegemoet gekomen. De heer Stremler adviseert de wethouder om ook dit duidelijk te maken aan de bewoners. De heer VAN ENGELEN zegt als reactie een andere mening te hebben dan de heer Stremler over de wijze waarop de participatie is gegaan.
13
Wethouder JANSSEN antwoordt dat het klopt wat de heren Stremler en Van Engelen hebben ingebracht. Het college had het graag anders gedaan met een goede inloop waar inwoners hadden kunnen vernemen hoe hun belangen zijn gewogen. Dit wordt achteraf gerepareerd. Tegelijkertijd is in de ontwerpen en schetsen die voorliggen zo maximaal mogelijk getracht om alle belangen en bezwaren van de bewoners mee te nemen. Hoewel de tijd krap was heeft de architect dat zo goed mogelijk getracht te presenteren in de commissie Ruimte. Dit kan zeker nog een keer goed uitgelegd worden. De variant van de twee torentjes wordt uitgewerkt, maar het kan best zijn dat er bij nadere uitwerking een minimalere variant mogelijk is dan nu gepresenteerd is in de commissie Ruimte. Per interruptie vraagt de heer DEN DEKKER of een minimale variant betekent dat het niet meer gaat over 9 verdiepingen. De variant van de twee torentjes en een minimale variant lijken tegenstrijdig. Wethouder JANSSEN antwoordt dat dit niet tegenstrijdig is. Het kan zo zijn dat bij de uitwerking het pand bijvoorbeeld 8 verdiepingen hoog wordt. Dat zou een uitwerking kunnen zijn van een minimalere variant. Dat kan niet alleen uit een verdere financiële doorrekening voortvloeien, maar ook uit gesprekken van de omwonenden. Maar op dit moment geven omwonenden aan dat 9 meter de limiet is en daar kan de wethouder niet aan voldoen.
Er zal gekeken worden hoe de plannen die er nu liggen verder aangepast kunnen worden om de omwonenden nog meer van dienst te zijn. De uitgangspunten zijn dat het mooi moet zijn, moet passen bij het Marktplein en dat het vooral ook financieel uit moet komen. Verder zullen alle genoemde studies verricht worden. In oktober is er een ‘go no go’ moment. In oktober is het laatste oordeel aan de raad. Betreffende de uitnodiging die via alle kanalen gedaan zou worden bedoelde de wethouder ook de persoonlijke uitnodiging. Per interruptie vraagt de heer VAN ENGELEN of er ook nog een reactie komt op de 337 handtekeningen die zijn opgehaald. Wethouder JANSSEN antwoordt dat er vanuit de ambtelijke organisatie altijd antwoord wordt gegeven. Ook op de bezwaren die zijn ingebracht. Die zijn via de griffie reeds doorgestuurd naar het college en de ambtelijke organisatie. Daar zal schriftelijk op gereageerd worden. Stemming De VOORZITTER legt uit dat op het moment dat het amendement wordt aangenomen het voorstel niet meer in stemming hoeft te worden gebracht. Wordt het amendement afgewezen moet het voorstel nog wel in stemming worden gebracht. Vervolgens brengt de voorzitter het amendement in stemming. Mevrouw VAN ES vraagt of een raadsbesluit genomen kan worden door middel van een amendement en stelt voor om voor de zekerheid twee keer te stemmen.
De VOORZITTER merkt op dat als de indieners akkoord zijn om het amendement vanaf besluit 2 in stemming te brengen dit een alternatief is waarbij het voorstel ook nog in stemming gebracht wordt. Hiertoe wordt niet besloten. De voorzitter brengt het gehele amendement in stemming. De volgende stemverklaringen worden afgelegd: De heer DEN DEKKER merkt op dat gezien wat deze vergadering ter tafel is gekomen de ChristenUnie voor het amendement zal stemmen zodat de fractie invloed uit kan oefenen. Ook omdat de wethouder heeft aangegeven voor een zo minimaal mogelijke variant te gaan. Door nu in te stemmen, bijna tegen het gevoel in, heeft de fractie nog invloed en kan het plan kritisch gevolgd worden. 14
De heer KOSTEN zegt dat de fractie van de SGP het amendement gaat steunen vanwege het feit dat er later nog een definitieve beslissing genomen gaat worden. Op dat moment zal de fractie kijken naar de bouwhoogte, het bouwvolume en hoe de participatie is verlopen. De heer VAN ENGELEN geeft aan dat GroenLinks het amendement niet gaat steunen omdat de fractie duidelijk wil stellen de ingeslagen weg niet te steunen. Wel zal het verdere traject gevolgd worden en worden deelgenomen aan de debatten. Het amendement wordt aangenomen met 17 stemmen voor en 3 stemmen tegen. Hiermee is ook het veranderde voorstel aangenomen. Hierna schorst de voorzitter de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering om 23.25 uur en inventariseert of de raad de vergadering deze avond nog voort wil zetten. Dat is het geval. 09. Aankoop cumulatief preferente aandelen Stedin De heer VAN ERK kondigt een amendement aan omdat de fractie op termijn de risico’s toch groter acht dan geschetst. De vraag is wat de winstgevendheid en rating van Stedin op termijn doen. Er is aangegeven dat er minimaal 1% dividend is na 2026. Maar wat als de rente ver boven de 1% gaat stijgen. De looptijd van deze aandelen is in principe eeuwigdurend, de vraag is dus wat er na de eerste vijf jaar gaat gebeuren. Zo lijkt het beleggen een vorm van speculeren te worden en dat lijkt de fractie niet de bedoeling.
In de commissievergadering ABZ van 17 mei jl. heeft de portefeuillehouder opgemerkt dat er op voorhand rekening mee moet worden gehouden dat de inschrijving niet in het geheel wordt toegekend. Dit vindt de fractie geen argument om twee maal in te tekenen, er moet uitgegaan worden van volledige toewijzing. Daarnaast blijft de grote vraag hoeveel Stedin in de toekomst nog aanvullend nodig heeft van de gemeenten. Vanuit ideologische overtuiging wil de ChristenUnie zich inzetten voor alles wat met de energietransitie te maken heeft. Maar voor wat betreft de inschrijving in de cumulatief preferente aandelen Stedin stelt de fractie toch voor om dit te beperken tot een bedrag van € 1,35 mln. Dit is in evenredigheid met de huidige deelname van de gemeente Papendrecht in het kapitaal van Stedin. Dat vindt de fractie voor nu goed te verantwoorden, maar ook in de toekomst. Vervolgens leest de heer Van Erk uitsluitend punt 1 van het dictum voor, punt 2 is ongewijzigd: In te stemmen met de verkrijging van cumulatief preferente aandelen Stedin door de gemeente Papendrecht voor een maximaal bedrag van € 1,35 mln. gebaseerd op eenmaal de omvang in het huidige aandelenkapitaal te weten 0,68% van de aandelen van Stedin. Uitgaande van een kapitaalstorting van € 200 mln. komt dit neer op 1 x 0,68% x € 200 mln. = € 1,35 mln.
Mevrouw VAN ES zegt dat het voor het behalen van de duurzaamheidsopgave nodig is dat gemeenten investeren in wat er door Stedin gevraagd wordt. De fractie van D66 is er voor om dat maximaal te doen. Ofwel is de inschatting dat risico’s hoog zijn, dan moet het gewoon niet gedaan worden. Of er wordt gezien dat het geld oplevert en dan moet het wel gedaan worden. Nog los van datgene wat toegekend wordt, want dat zal waarschijnlijk minder zijn dan het maximale. In de commissievergadering is gevraagd of dit met geleend geld gedaan moet worden of dat het wellicht van de Eneco gelden kan. Daar is duidelijk op geantwoord dat dit geld geleend moet worden en dat dat kan tegen een laag tarief. De daaruit volgende vraag is of de oplopende schuldpositie geen probleem oplevert in de toekomst. Maakt het in de toekomst de positie van de gemeente niet slechter als er wellicht weer geld geleend moet worden. 15
De heer VERWEIJ merkt op dat de behandeling en beantwoording van een aantal vragen in de commissie ABZ ervoor heeft gezorgd dat de fractie van de PAB verdeeld zal stemmen. De argumenten voor zijn dat men van mening is dat er een goede infrastructuur nodig is in verband met de toenemende elektrificatie. Het financieel risico lijkt klein. Het is goed voor de exploitatie. De argumenten tegen zijn principieel, gemeenten moeten niet in aandelen handelen. Het Rijk adviseert dit al jaren. De financiële positie van de gemeente past niet bij dergelijke uitgaven met geleend geld, de leencapaciteit kan er door verminderen. Aandelen kopen is niet zonder risico, het is altijd mogelijk dat de inleg geheel verloren gaat. Het zal altijd weer duurder uitvallen en Stedin zal nog veel meer nodig hebben. Een ander tegenargument is dat er met het kopen van deze aandelen impliciet wordt ingestemd met de ingeslagen weg van de energietransitie. Zoals bijvoorbeeld van het gas af moeten, nog meer windturbines en nog meer zonneweiden. Waarbij er te weinig aandacht is voor alternatieven. Het amendement wil zorgen dat het risico verlaagd wordt. Maar dat betekent dat ook het rendement flink omlaag wordt gebracht. Daaruit volgt de vraag of het dan nog de moeite waard is om een lening af te sluiten. Het PAB wacht de reactie van de wethouder op het amendement af.
De heer VAN ENGELEN geeft aan dat GroenLinks voor het voorstel is. Hoewel de constructie met aandelen wat apart is. De fractie neemt het amendement in overweging omdat vooral de evenredigheid aanspreekt. Aan de andere kant wil GroenLinks maximaal gaan voor een goede energietransitie waar alle middelen goed worden ingezet. In die zin wordt de woordvoering van D66 weer ondersteund. De heer Van Engelen wacht de reactie van het college af. De heer VAN DEN DOOL merkt op dat het CDA instemt met het voorstel. De belangrijkste argumenten zijn daarvoor dat het voorstel de energietransitie dient, het is een taak van de lokale overheid, de risico’s zijn zeer gering en er is een aantrekkelijk rendement. - Energietransitie: Het netwerk moet worden versterkt. - Taak van de lokale overheid: In Nederland is een scheiding waarbij leveranciers marktpartijen zijn en het netwerk een overheidstaak is gebleven. Omdat dit landelijk beleid is vindt het CDA dat de raad van Papendrecht moet handelen binnen dat kader. -Risico’s en rendement: De risico’s zijn gering en het rendement aantrekkelijk. Het beheer van het netwerk is goed gereguleerd. De door de ChristenUnie gebruikte term speculeren vindt het CDA wat overdreven. Het amendement stelt voor om niet te overtekenen. Echter veel gemeenten, inclusief grote aandeelhouders, hebben al maximaal ingetekend.
Papendrecht zal dus niet alle aandelen waar op ingetekend wordt gaan verwerven. Als er wordt overtekend, zoals wordt voorgesteld, wordt exact verkregen wat de ChristenUnie wil, namelijk extra aandelen naar rato van het eigen aandeel. Om die reden zal het CDA het amendement niet steunen. De heer KOSTEN deelt mee het voorstel te steunen en het amendement niet. De argumenten zijn voldoende genoemd. Wethouder PAANS zegt dat er langdurig is overlegd in de commissie. Het is duidelijk dat er voor- en tegenstanders zijn met eigen argumenten. Het college is het standpunt toegedaan dat het om een taak van de publieke sector gaat. Alle aandelen zijn al in publieke handen. Het doel is voornamelijk om de eigen vermogen positie van Stedin te versterken zodat er op de kapitaalmarkt goedkoper vreemd vermogen aangeschaft kan worden om de komende hele grote investeringen te kunnen financieren. Betreffende de kengetallen is het belangrijkste dat de Provincie kijkt of de gemeente langdurig in 16
staat is om de uitgaven te dekken. Daarnaast zijn er nog andere kengetallen waaronder de netschuld quote. Die gaat als er ingetekend wordt op € 2,7 mln. van 2% naar 42%. Alles onder de 100% is nog ruim voldoende, tussen 100% en 130% is matig. Dus er is nog ontzettend veel ruimte om dit voorstel uit te voeren, het heeft op de leencapaciteit van de gemeente geen impact. De wethouder benadrukt nogmaals het gaat om een heel laag risico. Alle argumenten zijn met elkaar gewisseld, het budgetrecht ligt bij de raad, om die reden laat de wethouder het amendement bij de raad. Tweede termijn raad De heer VAN ERK reageert dat de voors en tegens duidelijk zijn. Met het amendement bewandelt de ChristenUnie het midden. Er wordt niet meegegaan met het voorstel van de € 2,7 mln., maar zijn niet tegen zoals een aantal leden van PAB. Met het vasthouden aan de € 1,35 wordt er voor een lijn gekozen van evenredigheid aan de huidige deelname. De fractie blijft achter het amendement staan. Mevrouw BOKMA geeft aan dat de VVD het amendement niet zal steunen. Juist door meer in te tekenen wordt de kans groter dat het aandeel percentage op orde blijft. Het voorstel zal de VVD wel steunen. Het net is een publieke taak en het is fijn als de zonne energie geleverd kan blijven worden aan het net. Stemming De VOORZITTER brengt het amendement in stemming. De volgende stemverklaringen worden afgelegd.