CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20210318 RV Uitgangspuntennotitie 'Toekomstige samenwerking Drechtstedengemeenten' (bedrijfsvoering) GETEKEND.pdf

Gemeenteraad Papendrecht 18 maart 2021, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 6: Uitgangspuntennotitie 'Toekomstige samenwerking Drechtstedengemeenten' (bedrijfsvoering) - Voorstel2.317 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad Papendrecht Vergadering van 18 maart 2021 Zaaknummer: 2021-0020917

Voorstel Openbaar

Uitgangspuntennotitie 'Toekomstige samenwerking Drechtstedengemeenten' (bedrijfsvoering) Bevoegde portefeuillehouder:

Aart-Jan Moerkerke

Fatale termijn: 1 maart cie ABZ 18 maart gemeenteraad

Gevraagd besluit 1. De reactie van de gemeenteraad van Papendrecht, zoals verwoord in bijgaande voorwaardelijke instemmingsbrief, naar aanleiding van de Uitgangspuntennotitie 'Toekomstige samenwerking Drechtstedengemeenten' naar voren te brengen door de brief te verzenden naar het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dordrecht.

Inhoud Inleiding Tijdens de derde collegeconferentie van 27 oktober 2020 is door de Drechtstedelijke colleges de intentie uitgesproken om de samenwerking op een andere manier voort te zetten. De afspraak van het principebesluit betreft op hoofdlijnen dat (1) in het kader van gedeeld eigenaarschap de huidige Gemeenschappelijke regeling (GR) wordt omgebouwd naar een klassieke GR voor de Sociale Dienst en (2) voor de overige dochters van de Gemeenschappelijke regeling Drechtsteden (GRD) in principe wordt gekozen voor een service-gemeente vanuit Dordrecht met zakelijke dienstverleningsovereenkomsten. Doel is dat er in de toekomst op het gebied van bedrijfsvoering slagvaardiger en innovatiever gehandeld gaat worden. In het sociaal domein is het de bedoeling gemeenten weer meer regie te geven in een aangepaste gemeenschappelijke regeling. In dit domein wordt gestreefd naar een structuur waar eigenaarschap echt inhoud krijgt. Voor de overige (bedrijfsvoerings)taken wordt toegewerkt naar een structuur waarbij dienstverlening geen onderwerp is van politiek overleg maar waarin zakelijke afspraken worden gemaakt. Dit alles moet leiden tot meer bestuurskracht, maatwerk en snelheid dan nu mogelijk is. Afgesproken is dat wordt gestreefd naar een start van de nieuwe samenwerkingsvorm per 1 januari 2022. Hiertoe is eind 2020 door de gemeente Dordrecht een procesplanning opgesteld.

In deze planning is 2021 het jaar van de implementatie, hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen het proces op het gebied van (1) de sociale dienst en (2) de bedrijfsvoering. Voor de uitgangspunten rondom governance en maatwerk in het sociaal domein zal Dordrecht als penvoerder uiterlijk eind maart 2021 een hoofdlijnennotitie aanbieden. Deze hoofdlijnennotitie wordt in een separaat voorstel aan u aangeboden.

Het voorliggende voorstel betreft de wijzigingen op het gebied van bedrijfsvoering. Voor de transitie van GRD naar servicegemeente worden de colleges en raden gevraagd zich aan de bijgevoegde

Uitgangspuntennotitie 'Toekomstige samenwerking Drechtsteden' te verbinden. Deze Uitgangspuntennotitie is vastgesteld en ter instemming aangeboden door het college van B&W van de gemeente Dordrecht. In de notitie staan 14 uitgangspunten ten aanzien van de transitie naar de service-gemeente Dordrecht benoemd. Na instemming door colleges en raden wordt deze set basisafspraken door Dordrecht verder uitgewerkt in concept dienstverleningsovereenkomsten (DVO's).

Op hoofdlijnen ziet het in de Uitgangspuntennotitie door de gemeente Dordrecht voorgestelde proces er als volgt uit: 1. Het eerste go or no go-moment is 1 april 2021. Voor deze datum worden alle colleges en raden verzocht in te stemmen met de Uitgangspuntennotitie. Wanneer er uiterlijk op dat moment geen overeenstemming is tussen alle gemeenten (colleges en raden) over de uitgangspunten in deze notitie, is de transitie per 1 januari 2022 niet langer in unanimiteit haalbaar gezien de formele, juridische stappen in het besluitvormingsproces en de zorgvuldigheid die we willen betrachten bij het proces van de overgang van het personeel. 2. Rekening houdend met doorlooptijden en besluitvormingsprocedures is het noodzakelijk dat uiterlijk op 1 juni 2021 colleges materieel overeenstemming bereikt hebben over de teksten voor de DVO's en de raden wat betreft de tekst voor de GR op het sociaal domein. De uiterste beslistermijn is voor de raden is 13 juli 2021. Dit is het tweede go or no go-moment. 3. Het derde go or no go moment is 31 augustus 2021. Uiterlijk op die datum moeten de formele besluiten in procedure worden gebracht via het college van Dordrecht.

Het college van Dordrecht doet, volgens bestaande afspraken, het voorstel aan de andere gemeenten tot wijziging van de GRD en, in dit geval, tot het aangaan van de DVO's onder de Regeling onderlinge samenwerking Drechtstedengemeenten. De periode september - december 2021 is nodig om alle andere bestuursorganen de besluiten unaniem te laten vaststellen, zodat de nieuwe situatie op 1 januari 2022 in werking treedt. Beoogd effect Naar aanleiding van de Uitgangspuntennotitie 'Toekomstige samenwerking Drechtsteden' een voorwaardelijke instemmingsbrief te verzenden en hiermee een inhoudelijke reactie te geven op de uitgangspunten van de gemeente Dordrecht. Argumenten 1.1 Met de voorwaardelijke instemmingsbrief wordt een reactie gegeven op de uitgangspunten van de gemeente Dordrecht. Het gezamenlijk en op een zorgvuldige wijze doorlopen van de transitie naar een nieuwe samenwerkingsvorm in de Drechtsteden is voor Papendrecht een leidend principe. Wij hechten groot belang aan onze samenwerking als gelijkwaardige partners, daarom wordt voorgesteld een reactie op de uitgangspunten te verzenden. Dit doen we in een vroegtijdig stadium, zodat gezamenlijk en constructief gewerkt kan worden aan een nieuwe samenwerkingsvorm voor zowel de sociale dienst, als voor het bedrijfsvoeringsdomein.

1.2 Door het voorwaardelijk instemmen geven we aan welke aanpassing van de uitgangspunten wij wensen, maar dat we het eens zijn met de richting (transitie naar servicegemeente). Indien alle colleges en raden instemmen met de uitgangspunten, is een set basisafspraken vastgesteld. Naar aanleiding van de Papendrechtse reactie – en eventuele reacties uit andere gemeenten – gaan wij graag in gesprek met Dordrecht en de andere Drechtsteden. Ons streven is een zodanige aanpassing van de Uitgangspuntennotitie, zodat alle colleges en raden hier unaniem mee kunnen instemmen.

2/6

1.3 De basis van de service-gemeente is de bestaande Regeling onderlinge samenwerking Drechtsteden. De Regeling onderlinge samenwerking Drechtsteden is een bestaande regeling waar bijvoorbeeld ook de samenwerkingsovereenkomst op het gebied van ruimtelijke economie (Groeiagenda) onder valt.

1.4 De voorwaardelijk instemming betreft de volgende onderdelen van de Uitgangspuntennotitie.  De door de gemeente Dordrecht opgestelde planning is zeer strak, met korte doorlooptijden voor uitwerking en besluitvorming door colleges en raden. Gesteld wordt dat de gemeente die besluit niet mee te doen of de planning niet haalt, gedwongen wordt uit te treden. Ons uitgangspunt is en blijft dat alle Drechtsteden-gemeenten gezamenlijk de transitie naar een nieuwe samenwerkingsvorm doorlopen. Hierbij geldt voor ons het adagium 'zorgvuldigheid boven snelheid'. Wij streven ernaar de startdatum van 1 januari 2022 te behalen. Hierbij committeren wij ons aan de intentie, maar zijn wij van mening dat de kwaliteit van de inhoud niet mag lijden onder een (te) star tijdpad. Wij gaan niet akkoord met gedwongen uittreding van een of meerdere gemeente(n) bij het niet meedoen of het niet kunnen halen van de door opgestelde planning. Bij geschillen gelden de huidige bepalingen in de GRD.  De transitie naar een service-gemeente is niet alleen een proces van de GRD en de gemeente Dordrecht. Alle huidige eigenaren en toekomstige afnemers dienen betrokken te worden in dit transitieproces. Bij het betrekken van deze partijen (zowel individueel als via diverse bestaande en in te stellen gremia), dienen zij een volwaardige positie in het transitieproces te krijgen.

 De kosten die met de transitie gepaard gaan zijn nog niet bekend. Dit geldt eveneens voor de voorgestelde verdeling van de financiële risico's. Dit is nu niet duidelijk en veroorzaakt grote onzekerheid, zeker gelet op de grote ombuigingsoperatie waar de gemeente voor staat. Zonder (totaal)inzicht in kosten en risico's is besluitvorming niet mogelijk. Volgens planning dienen de colleges uiterlijk op 1 juni 2021 materieel overeenstemming te hebben bereikt over de teksten voor de DVO's. In de Uitgangspuntennotitie wordt gesteld dat in de DVO's ook voorstellen worden gedaan omtrent (a.) de verdeling van kosten van financiële garantstelling van investeringen uit het verleden, (b.) de omgang met risico's in de huidige organisatie (gebleken na onderzoek), (c.) de verdeling van de transitiekosten, (d.) de kosten die berekend worden voor innovatie en ontwikkeling. Het is niet duidelijk of het voorstel voor de verdeling van het totaal aan aanvullende kosten (transitie, innovatie, risico's, garantstellingen) bekend is voor het tweede go or no go-moment (1 juni 2021).  Als basisafspraak geldt dat alle huidige afnemers van de GRD dezelfde taken en bevoegdheden overdragen aan de gemeente Dordrecht als service-gemeente onder dezelfde financiële condities en afspraken die nu gelden voor de GRD.

Een afnemer heeft hiermee dus zekerheid dat hij van de service-gemeente bij de levering dezelfde taken en kwaliteit van dienstverlening ontvangt die hij in de huidige situatie afneemt en onder de financiële afspraken die nu gelden voor de GRD. Bij een wijziging in de wijze van dienstverlening verwachten wij dat de service-gemeente hierover met ons in overleg treedt en dit niet eenzijdig kan aanpassen.  Tijdens de derde collegeconferentie op 27 oktober 2020 is gesproken over een 'as is'-periode van ('gedwongen winkelnering' van) bijvoorbeeld 1 à 2 jaar. De periode van vier jaar die als uitgangspunt is opgenomen, is voor Papendrecht te lang. We stellen een periode van twee jaar voor, met de intentie tot aansluitende afname van twee jaar na een tussentijds evaluatiemoment. Kanttekeningen 1.1 Om de transitie per 1 januari 2022 plaats te laten kunnen vinden is de huidige planning noodzakelijk.

3/6

Het college van de gemeente Dordrecht stelt dat deze planning voorwaardenscheppend is om de gewenste transitiedatum van 1 januari 2021 te behalen. Hiertoe dienen alle Drechtstedelijke colleges en raden voorafgaand aan de gestelde go or no go-momenten unaniem in te stemmen met de voorgestelde besluiten. Naast dat in de Uitgangspuntennotitie gesteld wordt dat inhoud de beweging stuurt, vinden wij dat zorgvuldigheid boven snelheid gaat. Het college hecht voor deze transitie veel belang aan een zorgvuldig besluitvormingsproces. Papendrecht geeft haar reactie in een vroegtijdig stadium, zodat gezamenlijk en constructief gewerkt kan worden aan een nieuwe samenwerkingsvorm voor zowel de sociale dienst, als voor het bedrijfsvoeringsdomein. Wat ons betreft zijn tempoverschillen voor beide trajecten mogelijk. De ontwikkelingen rondom de GR Sociaal verlopen voorspoedig, mogelijk kunnen we dit eerst afronden om daarna de transitie naar Dordrecht als servicegemeente vorm te geven.

1.2 Het niet 'meelopen' in de planning en/of 'no go' op een later tijdstip betekent verplicht uittreden uit de GRD met uittredingskosten. In de Uitgangspuntennotitie is opgenomen dat niet of niet volledig meedoen in de nieuwe samenwerkingsconstructie een gehele of gedeeltelijke uittreding uit de huidige GRD voor de betreffende gemeente(n) betekent. Een gemeente die besluit niet mee te doen, treedt uit de huidige GRD volgens de daarvoor geldende voorwaarden (de bestaande GR systematiek waarbij de frictiekosten voor rekening van de uittreder komen). Indien ingestemd wordt met de Uitgangspuntennotitie wordt akkoord gegaan met de afspraak dat, indien Papendrecht het niet eens is met (de voorwaarden/ de DVO's van) de nieuwe samenwerkingsconstructie, zij gedwongen is uit de GR te treden en een uittredingssom te betalen, die bepaald wordt door de Drechtraad. Tevens stelt de Uitgangspuntennotitie dat, indien het tijdpad een belemmering vormt voor een van de gemeenten, de besluitvormingsprocedure (na raadpleging van het betrokken college en raad) met de overige gemeenten wordt voortgezet. De betreffende gemeente zal zo snel mogelijk in de besluitvorming moeten volgen of besluiten uit te treden (volgens de daartoe geldende voorwaarden). De huidige GRD kent echter een regeling voor geschillen, het is logisch deze te volgen in plaats van hier te spreken over verplichte uittreding.

1.3 Het niet overgaan van de afnemers DG&J en OZHZ naar de service-gemeente is een (financieel) risico. De GR DG&J en de GR OZHZ zijn geen mede-eigenaar van de GRD. Zij zijn als afnemers geen onderdeel van de transitie en kunnen besluiten per 1 januari 2022 hun dienstverlening elders in te kopen. Dit is een financieel risico voor de gemeente als mede-eigenaar. Papendrecht kan echter niet sturen op de inhoud van de gesprekken en uiteindelijk de DVO's die aan deze huidige afnemers door de service-gemeente worden aangeboden.

Financiën In de begroting 2021 is rekening gehouden met de regulieren en huidige bijdrage SCD. Ook de nieuwe begroting van de GRD zal op dit uitgangspunt gebaseerd worden. Met frictie-/transitiekosten is dan nog geen rekening gehouden. Zodra deze aanvullende kosten concreet gemaakt kunnen worden wordt de gemeentebegroting hierop aangepast en zal een dekkingsvoorstel volgen. Tot dit tijd wordt het als risico meegenomen in de paragraaf Weerstandsvermogen. Uitvoering Planning transitie naar service-gemeente (zoals opgenomen in de Uitgangspuntennotitie):

4/6

 Uiterlijk 1 april 2021 instemmen met de Uitgangspuntennotitie door de gemeenteraad (raadsvergadering 18 maart 2021).  Uiterlijk op 1 juni 2021 overeenstemming colleges over de teksten voor de DVO's (uiterlijk instemming raden met tekst voor de GR op het sociaal domein op 13 juli 2021). Dit is het tweede go or no go-moment.  Uiterlijk op 31 augustus 2021 moeten de formele besluiten in procedure worden gebracht via het college van Dordrecht. Het college van Dordrecht doet, volgens bestaande afspraken, het voorstel aan de andere gemeenten tot wijziging van de GRD en, in dit geval, tot het aangaan van de DVO's onder de Regeling onderlinge samenwerking Drechtstedengemeenten.  De periode september - december 2021 is nodig om alle andere bestuursorganen de besluiten unaniem te laten vaststellen.  Ingang nieuwe situatie per 1 januari 2022. Communicatie & participatie De communicatie na besluitvorming door de gemeenteraad verloopt op de gebruikelijke wijze. Duurzaamheid & ecologie Niet van toepassing. ICT Niet van toepassing.

Alle relevante stukken zijn voor u ter inzage gelegd. Burgemeester en wethouders van Papendrecht,

Secretaris

Burgemeester

Bijlagen 1. Uitgangspuntennotitie samenwerking Drechtstedengemeenten_uitgaande brief aan gemeenten 12 januari 2021.pdf 2. Uitgangspuntennotitie nieuwe samenwerking in de Drechtsteden def versie 120121.docx 3. 210211 Concept Voorwaardelijke Instemmingsbrief Uitgangspuntennotitie.docx 4. Bestuurlijke brief & routekaart colleges 23 februari 2021.pdf 5. Bestuurlijke routekaart transitie GRD.pdf 6. 210224 Memo Raad Bestuurlijke brief en routekaart transitie.docx

5/6

CONCEPT RAADSBESLUIT Datum: donderdag 18 maart 2021

De raad van de gemeente Papendrecht, gelezen het voorstel van het college van 16 februari 2021,

besluit: 1. De reactie van de gemeenteraad van Papendrecht, zoals verwoord in bijgaande voorwaardelijke instemmingsbrief, naar aanleiding van de Uitgangspuntennotitie 'Toekomstige samenwerking Drechtstedengemeenten' naar voren te brengen door de brief te verzenden naar het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dordrecht.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van donderdag 18 maart 2021,

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/247/documents/4806