20210119 Cie Owet presentatie Plan van Aanpak.pdf
Tekst van het document
Plan van Aanpak Omgevingsplan 19 januari 2021
Inleiding – omvang en reikwijdte
Basisrichting aan de hand van stellingen/uitgangspunten
Bouwen
Gebruik
Evenementen
Milieubelastende activiteiten
2
Inleiding
3
Waarom een plan van aanpak? (1) • Omgevingsplan veel omvangrijker dan bestemmingsplan • Alle regels van de gemeente over de fysieke leefomgeving • Bovendien: meer keuzemogelijkheden dan nu
4
Waarom een plan van aanpak? (2) • Gemeente heeft tot en met 2029 om dit stapsgewijs op orde te krijgen • Reden vanuit het Rijk en VNG: in een keer alles regelen is niet realistisch • Het plan van aanpak geeft richting aan het eerste omgevingsplan • En stippelt de weg naar 2029 uit
5
Waar staan we nu? • Werksessies • Analyse van beleid en de visie (hoofdstuk 8) • Resultaat: voorkeuren voor 'omgevingsplan 1.0' • Daarna: omgevingsplan 1.0 opstellen
6
Omvang en reikwijdte Omgevingsplan 1.0
7
Omgevingsplan 1.0 • Wilgendonk en het Centrum Reden: • Ervaring met woongebied • En ervaring met centrumgebied flexibiliteit, loslaten, levendigheid en functiemenging
Het omgevingsplan 1.0 wordt gebaseerd op de omgevingsvisie – maar kan ook de visie weer aanscherpen
8
Omgevingsplan 1.0 Het eerste omgevingsplan zal de volgende activiteiten regelen: • Bouwen • Gebruik • Milieubelastende activiteiten (bijvoorbeeld het veroorzaken van geur en geluid) • Evenementen
9
Stellingen en uitgangspunten
10
Bouwen 11
Bouwen onder de Omgevingswet • De bouwactiviteit kan per gebied binnen de gemeente verschillend worden geregeld • Denk aan: wel of geen vergunning of melding • Of aan: sturen op bouwhoogtes (gesloten normen) of sturen op kwaliteit (open normen) • De gemeente heeft hierin een grote vrijheid
• Zo kan beter worden bijgedragen aan de doelstellingen van het gebied (maatwerk)
Enkele voorbeelden…. 12
Sturen op kwaliteit – voorbeelden De omgevingsvergunning wordt slechts verleend als: a. het aangevraagde bouwwerk naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders een bijdrage levert aan het verbeteren van de stedenbouwkundige structuur; b. de bouw- en gebruiksmogelijkheden van omliggende gebouwen en locaties naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders niet onevenredig worden aangetast, etc. Een omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de aangevraagde activiteit: a. in voldoende mate bijdraagt aan (duurzame energieopwekking ) en klimaatadaptatie; en b. geen onaanvaardbare verkeersaantrekkende werking heeft.
13
‘Bouwen op het achtererf maken we vergunningvrij tot een maximum van 50% van het achterfgebied.’
14
‘Goede voorzieningen zijn essentieel voor een gemeenschap die oog heeft voor de ontwikkeling en het welzijn van haar inwoners. In het omgevingsplan moeten we dat tot uiting brengen. Vergunningvrij maken van een stalling voor een scootmobiel in de voortuin bijvoorbeeld.’
15
‘De regels voor bouwen zijn onder de huidige wetgeving ingewikkeld (wat is vergunningvrij, waarvoor is een vergunning nodig?). Het omgevingsplan moet deze regels eenvoudiger en overzichtelijker maken.’
16
‘Deregulering betekent ook: alleen die regels stellen waar echt behoefte aan is. Regels waaraan geen behoefte is, gaan we schrappen.’
17
‘Als iemand een vergunning aanvraagt, dan moet dat onder de Omgevingswet niet meer papierwerk zijn dan nu.’
18
Gebruik
19
De gebruiksactiviteit onder de Omgevingswet • Omgevingsplan werkt niet met bestemmingen maar met activiteiten • Hoe de activiteiten worden omschreven, bepaalt de gemeente zelf • Sturen op effect op de omgeving • Daardoor kan veel meer vrijheid worden gegeven, terwijl toch de omgeving voldoende wordt beschermd
20
‘Bestaand gebruik (vooral wonen) is het uitgangspunt in Wilgendonk. Aan ander gebruik werken we alleen mee als vooraf wordt aangetoond dat het een positieve bijdrage levert aan de doelstellingen van het gebied (denk aan duurzaamheid en ‘thuis in de wijk’).’
21
‘Het centrum is de huiskamer van Papendrecht. Dat betekent dat dit gebied is geschikt voor functiemenging en levendigheid. In dit gebied willen we uitgaan van een mix van activiteiten.’
22
‘In Wilgendonk geldt het adagium ‘thuis in de wijk’. Daarbij past dat het gemakkelijk moet zijn om ook minder gebruikelijke woonvormen te realiseren. Denk aan mantelzorgwoningen.’
23
Evenementen 24
Evenementen onder de Omgevingswet • De evenementenvergunning (of melding of algemene regels) loopt nu nog via de APV • Straks in het omgevingsplan
• In het omgevingsplan wordt dus bepaald voor welke evenementen wel een vergunning nodig is en voor welke niet (al dan niet met voorafgaande melding)
25
‘Bij een bruisend centrum passen de grotere evenementen. Die passen niet goed in een woonwijk. Kleine evenementen (bijvoorbeeld een buurtbarbecue) zijn wel passend in een woonwijk.’
26
‘Wij regelen evenementen trapsgewijs. Voor grotere evenementen wordt vooraf een vergunning gevraagd – die toetsen wij grondig. Kleine evenementen moeten zich aan algemene regels houden – dan hebben ze geen vergunning nodig. Een toets vooraf is dan overbodig.’
27
‘De algemene regels voor evenementen (de kleinere evenementen) regelen wij met gesloten normen (duidelijke eindtijden en regels over geluid). Zo is de rechtszekerheid optimaal voor evenementen die niet vooraf een vergunning nodig hebben.’
28
Milieubelastende activiteiten 29
Milieubelastende activiteiten onder de Omgevingswet • Onder de Omgevingswet wordt een groot deel van de regels uit de Wet milieubeheer en het Activiteitenbesluit onderdeel van het omgevingsplan • Het is dan dus aan de gemeente om per gebied te bepalen hoeveel geluid, geur en trilling een activiteit mag veroorzaken • De wet geeft een bepaalde standaard en daar mag je van af wijken – met motivering • Nu gelden de regels alleen nog voor bedrijven, straks mag een gemeente ook regels stellen aan activiteiten bij wonen (denk aan wassen van auto’s, houden van dieren, etc.)
30
‘In het eerste omgevingsplan gaan we niet ‘experimenteren’ met milieuruimte. Het uitgangspunt is de wettelijke standaard. Als de ervaringen met het eerste omgevingsplan daartoe aanleiding geven, dan kunnen we in de volgende versie van het plan afwijken van de standaardwaarden.’
31
‘Als we de regels niet gaan handhaven, dan heeft het ook geen zin om de regels te stellen. In het omgevingpslan nemen we alleen regels op die we ook echt gaan handhaven.’
32