CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

13. Jaarrekening 2024 OZHZ.pdf

Raadsvergadering Papendrecht 3 juli 2025, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 14: Verbonden Partijen - Voorstel22.866 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

g

Jaarstukken 2024 Voorlopige jaarstukken, vastgesteld door het DB op 10 april 2025

Inhoud Inhoud Inhoud ..................................................................................................................................................................... 1 Voorwoord ............................................................................................................................................................... 3 Deel I: Jaarverslag................................................................................................................................................... 5 1. Wat deed OZHZ in 2024? .................................................................................................................................... 6 2. Bestuurlijke ontwikkelingen .................................................................................................................................. 7 2.1 Uitvoering van de Omgevingswet ........................................................................................................... 7 2.2 Overgang van bodemtaken ..................................................................................................................... 7 2.3 Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) ..........................................................................................................

8 2.4 Stikstof en soortenbescherming ............................................................................................................. 9 2.5 Energieagenda, energielabel C en personenmobiliteit ......................................................................... 9 2.6 Bouwopgave ............................................................................................................................................10 2.7 Circulaire economie ................................................................................................................................10 2.8 Algemene financiële context ..................................................................................................................11 2.9 Uitdagingen in de bedrijfsvoering van OZHZ........................................................................................12 2.10 Kwaliteitsimpuls vergunningverlening, toezicht en handhaving ......................................................13 3.

Kritische Prestatie indicatoren (KPI's) .................................................................................................................15 3.1 Algemene kpi ...........................................................................................................................................15 3.2 Vergunningen en meldingen ..................................................................................................................19 3.3 Toezicht en handhaving..........................................................................................................................20 3.4 Beoordelingen en beschikkingen bodem..............................................................................................22 4.

Wat heeft het gekost? .........................................................................................................................................23 4.1 Overzicht van baten en lasten 2024 .......................................................................................................23 4.2 Baten ........................................................................................................................................................24 4.3 Lasten .......................................................................................................................................................25 4.4 Reserves ..................................................................................................................................................27 5.

Paragrafen ..........................................................................................................................................................29 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..........................................................................................29 5.2 Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................................................33 5.3 Financiering .............................................................................................................................................34 5.4 Bedrijfsvoering ........................................................................................................................................38 1

5.5 Openbaarheidsparagraaf ........................................................................................................................41 Deel II: Jaarrekening 2024 .....................................................................................................................................44 1. Balans per 31 december 2024 ............................................................................................................................45 1.1

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling...........................................................................47

1.2

Toelichting op de balans per 31 december 2024 .................................................................................50

1.3

Niet uit de balans blijkende verplichtingen..........................................................................................59

2. Overzicht van baten en lasten 2024....................................................................................................................62 3. Rechtmatigheidsverantwoording .........................................................................................................................64 4. Wet normering topinkomens (WNT)....................................................................................................................65 5. Begrotingsrechtmatigheid ...................................................................................................................................67 Bijlage 1: Verbonden partijen..................................................................................................................................69 Bijlage 2: Overzicht van taakvelden........................................................................................................................70 Bijlage 3: Verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen ..........................................................................71

2

Voorwoord Voor u liggen de jaarstukken 2024 van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid. Een jaar waarin we mooie resultaten behaalden. Het is het jaar dat de Omgevingswet in werking trad, we het manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachten en Inkopen (MVOI) tekenden en invulling gaven aan de nieuwe Nota VTH 2025-2028. We hielden toezicht bij bedrijven, bijvoorbeeld in de glastuinbouw. Maar werkten ook nauw samen met andere omgevingsdiensten. Samen werkten we aan de grote opgave om de regio veilig, gezond én duurzaam te houden. De jaarstukken bestaan uit het jaarverslag (deel I) en de jaarrekening (deel II). Het jaarverslag bevat informatie over relevante ontwikkelingen, de kritische prestatie-indicatoren, de programmaverantwoording en de verplichte paragrafen. De jaarrekening bevat de balans, het overzicht van baten en lasten en specifieke verantwoordingen. Over de uitvoering van de jaarprogramma's van onze gemeenten en de provincie Zuid-Holland stellen we afzonderlijke jaarverslagen op. In de jaarrekening staat het financiële resultaat van 2024 centraal. We sluiten het jaar af met een positief saldo - een prestatie om trots op te zijn in een periode van toenemende financiële uitdagingen. Er is veel werk verzet het afgelopen jaar. Te veel om in dit voorwoord volledig te zijn. Toch noem ik een paar voorbeelden. Na veel voorbereiding trad de Omgevingswet dit jaar in werking.

Goed voorbereid deden we de eerste ervaringen op. Dit jaar lag de focus op nazorg, het monitoren van ervaringen en het evalueren van werkafspraken. En op voorlichting aan ondernemers en samenwerken met gemeenten. Samenwerken is immers cruciaal om vooruitgang te boeken. Dit jaar zijn we ook druk geweest met de implementatie van de nieuwe Nota VTH 2025 – 2028. Die is bestuurlijk vastgesteld. Zo stond de uitrol van de nieuwe Nota VTH voor de gemeentelijke taken centraal. Met het programma ‘meer grip op milieuschade’ versterken we onze vergunningen-, toezicht en handhavingsaanpak. Vanuit het programma onderzochten we onder andere hoe we onze wachtdienst konden verbeteren. Om zo de wachtdienst efficiënter in te richten én een kwaliteitsslag te maken. Daarnaast staan de omgevingsdiensten voor een andere belangrijke taak: het voldoen aan de landelijke vastgestelde robuustheidscriteria. Daar hebben we ons in 2024 weer vol voor ingezet. Ik ben trots op wat we hebben bereikt, wat betekent dat we voldoende capaciteit en deskundigheid in huis hebben om onze taken goed uit te kunnen voeren. We blijven ons inspannen om deze normen te handhaven. Zo beschermen we de leefomgeving, het milieu en de natuur in onze regio. Daarnaast bezochten onze toezichthouders ook dit jaar weer veel bedrijven. Bijvoorbeeld in de horeca, bij veehouderijen en bij bedrijven met natte koeltorens.

We controleerden dit jaar ook de glastuinbouw. Het waterschap is bevoegd gezag voor directe lozingen op het (oppervlakte)water. We voerden controles daarom 3

samen uit. Bovendien ontwikkelden we het branchedashboard voor data van bedrijven in onze regio door. Dit draagt bij aan het efficiënter uitvoeren van ons toezicht. Zo spoorden we bedrijven op die hun milieubelastende activiteiten niet bij ons meldden. Ook intern hebben we veel bereikt. We gaven vorm aan de nieuwe unit Data & ICT en slaagden erin om datavraagstukken aan te pakken. Niet onbelangrijk om te noemen is de ondertekening van het manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI). We hebben een belangrijke rol in het beschermen van onze leefomgeving. Door aan te sluiten bij het Manifest maken we als opdrachtgever en inkoper duurzame keuzes. We zijn de eerste omgevingsdienst in Nederland die op deze manier een verschil maakt. In 2024 zetten we ook weer in op arbeidsmarktcommunicatie. Samen met de andere Zuid-Hollandse omgevingsdiensten zijn en blijven we op zoek naar deskundige collega's met een passie voor hun omgeving. Dat doen we onder de slogan: de Betere Wereldbaan. In 2025 gaan we hiermee door. Dit jaar startte ook de pool administratief toezicht (AT). Een ander initiatief van de vijf Zuid-Hollandse omgevingsdiensten. Het is een manier van toezicht houden, waarbij gegevens uit verschillende bronnen worden opgehaald. Op basis hiervan worden vragen voor een controle of rapport opgesteld met als doel: een beter naleefgedrag door bedrijven.

Dank en waardering voor alle medewerkers die zich in 2024 weer hebben ingezet voor een veilig, gezond en duurzaam Zuid-Holland Zuid. Meindert Stolk voorzitter OZHZ

4

Deel I: Jaarverslag

5

1. Wat deed OZHZ in 2024?

Voor de inwoners en ondernemers Bekijk de online jaarverslagomgeving van OZHZ. Daar leest u het hele jaar door over de laatste vergunningsprocedures en toezichtsacties. We nemen u ook mee in onze verhalen over de meest actuele onderwerpen. Van het eerste jaar Omgevingswet tot aan het vrijhouden van onze bodem, lucht en water van ZZS. Van gezamenlijke ondermijningsacties tot aan onze rol als het gaat om lichthinder. U leest interviews met experts en ziet wat onze adviezen in de praktijk betekenen. Het is de online omgeving waar iedereen kan zien wat OZHZ betekent voor de leefomgeving. U, maar ook iedere inwoner, ondernemer, raadslid, ambtenaar of samenwerkingspartner. Binnen de omgeving klikt u verder als u meer wilt weten over wat we gedaan hebben in een bepaalde gemeente of vanuit een van onze programma's. Scan de bijgaande QR-code met uw mobiele telefoon of kijk op www.ozhz.nl/jaarverslag-2024/

6

2. Bestuurlijke ontwikkelingen In dit hoofdstuk doen we verslag van de belangrijkste ontwikkelingen in 2024: -

Uitvoering van de Omgevingswet.

-

Overgang van bodemtaken.

-

Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS).

-

Stikstof en soortenbescherming.

-

Energieagenda, energielabel C en personenmobiliteit.

-

Bouwopgave.

-

Circulaire economie.

-

Algemene financiële context.

-

Uitdagingen in de bedrijfsvoering van OZHZ.

-

Kwaliteitsimpuls vergunningverlening, toezicht en handhaving.

2.1 Uitvoering van de Omgevingswet OZHZ heeft inhoudelijke en financiële basisafspraken gemaakt met gemeenten over de consequenties van de Omgevingswet. Deze gelden met ingang van 1 januari 2024. OZHZ neemt het initiatief om met de opdrachtgevers in gesprek te blijven over de goede werking van deze afspraken. OZHZ monitort daartoe actief de uitvoering van de Omgevingswet. 2024 stond in het teken van het opdoen van ervaringen met de Omgevingswet. Er werd gekeken of alle techniek werkt, regionaal werd de samenwerking opgezocht en er was aandacht voor de overgang van programma naar de lijn bij veel gemeenten. Daarnaast waren er regelmatig gesprekken met opdrachtgevers over de praktijkervaringen met de Omgevingswet en de invloed hiervan op werkafspraken. Een voorbeeld hiervan is het integraal beoordelen van ingekomen vergunningaanvragen. Ook is samen met de gemeenten in ZHZ een project gestart voor regionale samenwerking voor milieuthema's in het Omgevingsplan. Het doel van de samenwerking is om te komen tot harmonisering van milieuregels in omgevingsplannen bij de 10 gemeenten in ZHZ. Voor onderwerpen waarvoor (nog) geen harmonisering mogelijk of gewenst is en gemeenten eigen keuzes willen maken, richt de samenwerking zich op het delen van voorbeelden, documenten, kennis en ervaringen. Door samen te werken wordt het proces efficiënter, zowel voor de gemeenten als voor OZHZ.

Ook hebben we aanvullende specifieke afspraken gemaakt over een aantal taken (bodemsanering, natuurwetgeving, lucht en geluid). Uitgebreide uitwerking hiervan vond plaats in de individuele jaarprogramma's 2025. Inbedding van deze afspraken kan vragen om maatwerk per opdrachtgever. Indien het niet in de jaarprogramma’s past dan worden extra financiële afspraken gemaakt.

2.2 Overgang van bodemtaken Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet ging het bevoegd gezag over de bodemtaken grotendeels over van de provincie naar de gemeenten. Het provinciaal bestuur blijft echter op grond van het overgangsrecht verantwoordelijk voor lopende saneringen, nazorgtrajecten en grondwater. Ten opzichte van BURAP I en II zijn er geen ontwikkelingen te melden op dit dossier. Wij meldden eerder al het volgende.

7

Voor de bodemtaken en apparaatskosten worden geen specifieke extra middelen in het gemeentefonds gestort. Financiering van de bodemtaken dient te geschieden uit de algemene uitkering waarmee alle uit de Omgevingswet voortvloeiende taken dienen te worden gefinancierd. Het nieuwe Regionaal Uitvoeringsniveau (RUN) bodem biedt een basis voor de begroting van de VTH-taken voor bodem. 2024 is het eerste jaar waarin risicogericht bodemtoezicht plaatsvindt op basis van het RUN-bodem. Daarbij brengt OZHZ de financiële consequenties in kaart ten behoeve van de jaarprogrammering 2025. OZHZ adviseerde de gemeenten in de voorjaarsbrief (ten behoeve van de begrotingen 2025 van de deelnemers) om, naast het structurele budget, ook het incidentele budget opnieuw te reserveren. Verder bestaat de mogelijkheid dat gemeenten aanspraak kunnen maken op specifieke uitkeringen die door het ministerie beschikbaar worden gesteld om bepaalde verontreinigingen aan te pakken. De gemeenten zijn dit voorjaar door OZHZ benaderd om ondersteuning te bieden bij het doen van een dergelijke aanvraag daar waar dat aan de orde is. Tot slot kan op basis van de eerste ervaringen met de Omgevingswet gezegd worden dat het behandelen van meldingen meer tijd vergt dan voorheen.

Dat komt in de eerste plaats doordat uitgezocht moet worden of de melding onder het overgangsrecht valt en al dan niet moet worden getoetst aan het oude recht. Is dat niet het geval, dan moet de melding beoordeeld worden in het kader van het nieuwe recht waar nog ervaring mee moet worden opgedaan.

2.3 Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) ZZS zijn voor mens en milieu gevaarlijke stoffen. Negatieve effecten kunnen zich zowel op korte als op lange termijn voordoen. De actuele ontwikkelingen rondom de PFOA-emissies van Chemours krijgen inmiddels op regionaal, provinciaal en landelijk niveau veel bestuurlijke en maatschappelijke aandacht. Ook tankcleaners staan in de belangstelling. Vanuit het budget 2024 voor de Ontwikkelaanpak is de uitvraag aan gemeentelijke bedrijven opgeschaald. Door dit uit te besteden is in korte tijd veel informatie verkregen rondom het aanwezig zijn van ZZS. Het blijkt dat van de circa 12.000 gescande veiligheidsinformatiebladen ongeveer 30% ZZS bevat. Kijkende naar de verdeling over de bedrijven blijkt dat bij 85% van de uitgevraagde bedrijven één of meerdere ZZS aanwezig zijn. Goed om te melden is dat uit de follow-up over de uitvraag van 2023 blijkt dat de bedrijven actief aan de slag zijn gegaan om de hoeveelheid ZZS in bedrijfsvoering te minimaliseren. Vanuit de inventarisatie komt veel informatie binnen, het is derhalve een opgave om te bepalen wat relevant is voor de verschillende medewerkers van OZHZ die hierbij betrokkenheid hebben en dit voor hen snel en goed inzichtelijk en beschikbaar te maken. In 2024 zijn afspraken gemaakt om dit uniform te registreren. In 2025 wordt deze werkwijze intern uitgerold en verder getoetst.

Continue aandacht voor dit thema blijft nodig, onder andere voor het ontwikkelen van een data- en risicogerichte werkwijze voor (nieuwe) ZZS-en en het ontwikkelen van VTH-werkwijzen voor meldingsplichtige MBA's onder de Omgevingswet. De provincie Zuid-Holland vraagt om het onderwerp ZZS vanaf 2026 goed te integreren in de vaste afspraken in de jaarprogramma's van de Omgevingsdiensten. De actualiteit van de provinciale vergunningen is beoordeeld voor alle milieuthema's inclusief ZZS. Veel afvalverwerkende bedrijven zijn in bezit van een geactualiseerde vergunning uit 2020 of 2021. In deze vergunningen zijn ZZS-voorschriften opgenomen. OZHZ heeft deze ZZSvoorschriften tegen het licht gehouden en beoordeeld of deze nog goed passen bij wat redelijkerwijs van het bedrijf kan worden verwacht. Hierbij is gekeken naar de DCMR-standaard die is ontwikkeld voor het opstellen van voorschriften omtrent ZZS, maar ook de verplichtingen die rechtsreeks volgen uit het BAL (Omgevingswet). 8

Opgemerkt wordt dat een aantal van de voorschriften niet meer voldoende passend zijn. Bij de actualisatie van de vergunning wordt dit meegenomen.

2.4 Stikstof en soortenbescherming De stikstofproblematiek en de uitspraak van de Raad van State leiden tot uitdagingen op het gebied van vergunningverlening. In de Wet stikstofreductie en natuurverbetering is opgenomen dat in 2035 tenminste 74% van de ‘kritische depositiewaarden’ (KDW) niet meer wordt overschreden. Het thema stikstof raakt de grotere opgaven van gemeenten, zoals woningbouw en economische ontwikkelingen. OZHZ adviseert de gemeenten bij vragen en door middel van nieuwsberichten over de actualiteiten op het gebied van stikstof en bij vragen. In 2024 keken we hoe de inwerkingtreding van de Omgevingswet van invloed is op het thema stikstof. Bijvoorbeeld door het vervallen van de onlosmakelijkheid constateerden we dat er geen automatische check meer is op stikstof bij een bouwaanvraag. Ook is er een nieuwe informatieplicht voor stikstofemissies voor bouwen en slopen. We adviseerden over deze ontwikkelingen en hielpen bij vragen van de gemeenten. Daarnaast hebben we in 2024 periodiek afgestemd met Omgevingsdienst Haaglanden en de andere omgevingsdiensten in ZuidHolland over de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van stikstof zoals jurisprudentie. Op het gebied van soortenbescherming is belangrijk dat de woningeigenaar bij isolatiewerkzaamheden rekening moet houden met de eventuele aanwezigheid van vleermuizen in spouwmuren.

Dit is een extra stimulans voor gemeenten om soortenmanagement-plannen (SMP's en pre-SMP's) op te stellen. OZHZ kan de gemeenten adviseren ten aanzien van SMP's. Met 5 gemeenten in de Drechtsteden zijn daarover al afspraken gemaakt. OZHZ controleert namens de provincie Zuid-Holland op de voorschriften die in deze SMP's zijn opgenomen en op andere ontheffingen en vergunningen die door de Omgevingsdienst Haaglanden worden afgegeven ten aanzien van beschermde soorten.

2.5 Energieagenda, energielabel C en personenmobiliteit Energieagenda De E-agenda is een vierjarig programma van OZHZ om de energietransitie in de regio te versnellen. Het programma stopt in 2025. Het heeft bijgedragen aan de besparingsdoelen van de Regionale Energiestrategieën (RES). Het doel om 16 TJ energie te besparen is gerealiseerd. De toezichttaken binnen de E-agenda behoren tot de basistaak van OZHZ. Het stimulerende spoor (de inzet van preventieve instrumenten om bovenwettelijke duurzame maatregelen te stimuleren) is noodzakelijk, omdat met alleen wettelijk verplichte maatregelen de RESdoelstellingen niet worden gerealiseerd. Doorzetten van het energieprogramma is noodzakelijk. We spelen in op de behoeften van onze opdrachtgevers en van landelijke en lokale ontwikkelingen. Om de energiebesparingsdoelstelling kracht bij te zetten stelt het rijk extra middelen in een SPUK-subsidie beschikbaar voor additioneel toezicht op energiebesparing. Voor OZHZ gaat het om circa € 250.000 per jaar tot en met 2026. Energielabel C Sinds 1 januari 2023 moeten alle kantoren groter dan 100 m2 voorzien zijn van energielabel C of hoger. OZHZ voert het toezicht uit indien de gemeenten dat verzoeken. Veel kantoren hebben inmiddels een label C of hoger. 9

OZHZ doet label C-controles op dit moment voor alle gemeenten behalve voor Hoeksche Waard, Molenlanden en Hardinxveld-Giessendam. Sliedrecht, Gorinchem en Zwijndrecht doen mee op offertebasis, de anderen hebben budget in het jaarprogramma. Personenmobiliteit Vanaf maart 2025 controleren de omgevingsdiensten de rapportageplicht personenmobiliteit. Bedrijven met meer dan 100 fte moeten vanaf 1 juni 2024 de personenmobiliteit registreren. OZHZ bracht de financiële consequenties van deze nieuwe taak in kaart ten behoeve van de jaarprogrammering 2025. Gemeenten ontvangen hiervoor middelen via het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, als onderdeel van de bredere regeling voor uitvoeringslasten klimaatbeleid. We informeren de gemeenten over het aantal bedrijven met meer dan 100 fte in hun regio en het plan van aanpak voor uitvoering.

2.6 Bouwopgave Onderzoekers verwachten een dip in de woningbouwproductie de komende twee jaar vanwege de prijsstijgingen en stikstofproblematiek. Tegelijkertijd is er sprake van een forse bouwopgave. Verwachting is dat de dip meer dan gecompenseerd wordt in de jaren daarna. De uitdaging is daarom om de capaciteit bij gemeenten en OZHZ beschikbaar te houden. OZHZ en gemeenten maken hierover waar mogelijk en gewenst nadere afspraken. OZHZ voert op dit moment de bouwtaken uit voor de gemeenten Alblasserdam en Dordrecht en voor de provincie ZuidHolland, en deels voor Molenlanden. Met ingang van 2025 voert OZHZ deze taken ook voor HardinxveldGiessendam. Ambitie is om dit voor meer gemeenten te gaan doen. Deze ambitie is ook onderdeel van de uitwerkingsopgave van de bestuursopdracht als bedoeld in paragraaf 2.10. De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) heeft gevolgen voor alle gemeenten. Per saldo leidt het nieuwe stelsel structureel tot meerwerk voor de gemeenten. Vooralsnog is in 2024 de Wkb alleen voor nieuwbouw in gevolgklasse 1 in werking getreden. De planning was dat per 1 juli 2025 ook verbouw in gevolgklasse 1 onder de Wkb zou komen te vallen, maar de minister heeft laten weten dat dat wordt uitgesteld.

2.7 Circulaire economie Er is een landelijk grondstoffenakkoord waarin we streven naar 50% circulair in 2030 en 100% circulair in 2050. Een circulaire economie is niet alleen nodig voor het milieu, maar ook voor een weerbare inclusieve economie die veel minder afhankelijk is van schaarse goederen. Wetgeving wordt aangepast om een circulaire economie te stimuleren, maar we zien ook dat de huidige wetgeving soms een belemmering is bij het streven naar een circulaire economie. OZHZ bereidt zich voor op deze veranderingen, omdat deze directe gevolgen hebben voor de VTH-taken. Waar bijvoorbeeld het Landelijke Afvalbeheerplan het toetsingskader was, wordt dit het Circulair Materialenplan. Het AB is op 11 juli 2024 geïnformeerd over de stappen die OZHZ neemt om circulariteit in de regio aan te jagen. Zo organiseren we meerdere keren per jaar het circulaire regio overleg waar alle gemeenten uit de regio ZuidHolland Zuid aan deelnemen. Bij deze overleggen en in de gesprekken met de 10 gemeenten kwam naar voren dat bij alle gemeenten veelal dezelfde thema's spelen. Daarom kwamen we, in samenspraak met de provincie Zuid-Holland, op het idee om regionaal de krachten te bundelen op het thema circulair. Want met een regionale krachtenbundeling zetten we middelen efficiënt in, delen we kennis en netwerk en bouwen we voort op wat er al loopt.

We focussen ons hierbij op de thema's bouw, bedrijvigheid en beleid. Op 24 januari 2025 is een bestuurlijke 10

bijeenkomst over deze regionale krachtenbundeling georganiseerd. Als de gemeenten de krachten willen bundelen, gaan we in 2025 circulair met elkaar samenwerken en inzetten op actielijnen die vallen onder de drie thema's. Daarnaast zetten we onze LMA-data in om gemeenten te ondersteunen in verschillende vraagstukken. We zetten de data per bedrijventerrein, voor heel de gemeente of voor de gehele regio in. Hiermee brengen we de (grootste) afvalstromen in kaart, waarna vervolgens gekeken en besproken wordt hoe we deze stromen kunnen verminderen of hergebruiken in de regio.

2.8 Algemene financiële context De inflatie, toekomstige begrotingsruimte en krappe arbeidsmarkt leiden al enige tijd tot grote (financiële) onzekerheid bij gemeenten, provincie en OZHZ. In 2024 speelde het volgende. Eerste begrotingswijziging 2024 vanwege extra tariefsverhoging Het AB stelde op 28 maart 2024 de eerste wijziging van de begroting 2024 vast. Dit vanwege het besluit van het AB van 30 november 2023 om de tarieven voor 2024 (extra) te verhogen met 2%. Voorafgaand is een zienswijzeprocedure gevolgd bij de raden en PS. Bestuursopdracht financiële ombuigingen 2026 Het AB stelde op 28 maart 2024 de bestuursopdracht vast over de bijdrage van OZHZ aan het verminderen van de financiële problematiek van de gemeenten. Deze luidde: "Het nader uitwerken van bezuinigingsmogelijkheden en/of inhoudelijke keuzes die bijdragen aan het beheersbaar houden van de financiële positie van de gemeenten en provincie. Uitgangspunt is een collectieve aanpak langs de volgende lijnen: a) externe budgetten OZHZ, b) efficiëntie in processen, c) inhoudelijke keuzes van de deelnemers (individueel of regionaal) en d) kostenbesparingen bij de deelnemers door taken regionaal uit te laten voeren. De uitwerking krijgt gestalte in nauwe samenwerking met de ambtelijke vertegenwoordigers van gemeenten en provincie.

Bestuurlijke agendering van de resultaten vindt plaats bij de Begrotingsrichtlijnen 2026." OZHZ rapporteerde op 28 november 2024 aan het AB over de uitkomsten van de bestuursopdracht en de mogelijke besparingen. Daarbij merkte OZHZ op dat de besparing hoger wordt wanneer de effecten inzake het verder "lean" organiseren van processen en de nieuwe werkwijze van de wachtdienst kunnen worden gekwantificeerd. De besparingen nemen verder toe als gemeenten meer omgevingstaken onderbrengen bij OZHZ. De besparingen in 2025 ten gevolge van de regionale taakuitvoering en externe budgetten zet OZHZ in om het weerstandsvermogen versneld weer op te bouwen. Het AB gaf OZHZ de opdracht om in de reguliere verantwoordingsrapportages te rapporteren over de voortgang van de ombuigingsmaatregelen en de voorstellen nader uit te werken. Tevens werd opdracht gegeven om in 2025 een nader voorstel te ontwikkelen inzake terugdringen van de rapportagelast. Negatief financieel resultaat ten laste van het weerstandsvermogen Het DB stelde op 11 april 2024 de voorlopige jaarrekening 2023 vast. Overeenkomstig de verwachtingen was sprake van een negatief financieel resultaat 2023 van € 629.000.

Conform eerdere besluitvorming besloot het AB op 11 juli 2024 het negatieve resultaat ten laste te brengen van het weerstandsvermogen en zijn afspraken gemaakt om het weerstandsvermogen weer op niveau te brengen vanuit de positieve jaarresultaten 2024 - 2026. 11

Mocht het weerstandsvermogen dan nog niet op peil zijn dan zal een aanvullende bijdrage worden gevraagd aan de deelnemers, zo was al besloten in het AB van 6 juli 2023.

2.9 Uitdagingen in de bedrijfsvoering van OZHZ Krappe arbeidsmarkt We zien landelijk een tekort aan ervaren personeel op het domein van de leefomgeving. Dit speelt inmiddels op alle fronten; van bouwkundig personeel (vergunningverleners, constructeurs, toezichthouders), milieuspecialisten (bijvoorbeeld voor externe veiligheid, lucht en geluid) tot ICT-adviseurs. In de landelijke media is ook al aandacht geweest voor bijv. de tekorten aan toezichthouders. OZHZ is zeer actief in het werven van nieuwe medewerkers en werkt daarbij waar mogelijk samen met de andere omgevingsdiensten in de provincie en het land. Begin 2024 is een landelijke campagne van start gegaan om het werken bij omgevingsdiensten te promoten en de naamsbekendheid te vergroten: www.werkenbijdeomgevingsdiensten.nl. Deze campagne is in het laatste kwartaal verder geïntensiveerd met radio- en digital out of home reclame (zoals de reclameschermen op stations). Met actieve werving doet OZHZ er alles aan om al het werk op het afgesproken kwaliteitsniveau uit te voeren, binnen de wettelijke termijnen. Gelijk met de landelijke campagne heeft OZHZ een groot aantal vacatures opengesteld met als doel door het aannemen van vast personeel de inhuur verder af te kunnen bouwen. Inhuur is namelijk fors duurder dan eigen personeel.

Er zijn diverse vacatures ingevuld, tegelijkertijd werd nogmaals bevestigd dat het bijzonder lastig is om ervaren senior medewerkers te werven. Alleen een vacature openstellen en deze onder de aandacht brengen via social media en job boards is niet meer genoeg. OZHZ is in gesprek met de andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland om gezamenlijk één of meerdere recruiters aan te nemen. Daarnaast is een interne taskforce opgericht die gaat kijken hoe de senior functies aantrekkelijker gemaakt kunnen worden zowel qua inhoud als waardering. Ook zal het sollicitatieproces waar mogelijk nog verder worden gestroomlijnd. Naast dat er altijd een bepaalde hoeveelheid “echte” senioren noodzakelijk is, focust OZHZ zich ook steeds meer op zelf opleiden van personeel. Uiteraard brengen zowel opleiden als hoger waarderen van de senioren functies significante kosten met zich mee. Aanpassingen in de bedrijfsvoering OZHZ blijft de bedrijfsvoering herzien om effectief in te spelen op al deze ontwikkelingen. Naast de vorming van de unit Data en ICT kijkt OZHZ naar de mogelijkheden in het financieringsmodel om innovatie, de noodzakelijke opbouw en het behoud van expertise, het inwerken van nieuwe medewerkers en het inregelen van nieuwe taken te faciliteren. Ook het verminderen van de administratieve lastendruk heeft hoge prioriteit. Dit heeft effect op de indicatoren van de Nota Bedrijfsvoering.

Voorbeelden zijn de productiviteit, overhead, flexibele capaciteit en de tariefstructuur. In het kader van de bestuursopdracht over de financiële ombuigingen werkte OZHZ onder andere uit welke kostenbesparingen mogelijk zijn bij het hanteren van een kleinere flexibele schil, door het LEAN organiseren van bepaalde processen, door de administratieve lasten bij offertes terug te dringen en door minder rapportagelasten. Evaluatie dienstverlening SGD en verlenging van de huidige DVO

12

Omwille van het streven naar een hogere kwaliteit van dienstverlening, meer mogelijkheden tot maatwerk, meer innovatiekracht en een streven naar efficiency, is in 2022 de dienstverlening van het voormalige Servicecentrum Drechtsteden ondergebracht binnen de ambtelijke organisatie van de gemeente Dordrecht (hierna: SGD). Bij de start is de afspraak gemaakt dat na 2 jaar een evaluatie plaatsvindt gericht op de inhoudelijke bijsturing van de taakuitvoering en de overeenkomst. Deze evaluatie is eind 2023 uitgevoerd. Regionaal willen partijen de ruimte nemen om samen weloverwogen keuzes te maken over welke adviezen zij al dan niet overnemen. De huidige dienstverleningsovereenkomst (DVO) met SGD loopt tot 1 januari 2026. Voor de periode daarna heeft OZHZ de mogelijkheid om het contract al dan niet te verlengen. OZHZ wilde de uitkomsten van genoemde evaluatie betrekken bij het te nemen besluit. Ook zou een nieuwe PDC en een nieuw kostenverdeelmodel worden ontwikkeld die eveneens relevant zijn voor het nemen van dat besluit. Echter, omdat de evaluatie van de SGD tegelijkertijd plaatsvond heeft die ontwikkeling stilgelegen. Om de continuïteit van de dienstverlening veilig te stellen is besloten de huidige DVO voor 2 jaar te verlengen, dus voor 2026 en 2027.

Omdat het kostenverdeelmodel nog helemaal niet bekend is, heeft SGD berekend wat de huidige DVO in 2026 zou gaan kosten, en is aangegeven dat het nieuwe kostenverdeelmodel maximaal 7,5% meer of minder zal gaan kosten dan de huidige DVO. OZHZ loopt daarmee een risico van 7,5% (van de contractwaarde van € 1,9 mln). Het DB ging daarmee akkoord. Dit geeft OZHZ de tijd om de komende periode een bredere oriëntatie te doen op de organisatie van de PIOFA-functies. Gelet op de belangrijke informatie over de toekomstige dienstverlening door het SGD die naar verwachting in juni 2025 beschikbaar komt, is het voornemen om het DB en AB in september / oktober 2025 te informeren over de uitkomsten van deze brede oriëntatie. Dat geeft nog voldoende tijd, namelijk 2,5 jaar, om daarna stappen te ondernemen om deze functies eventueel anders te gaan organiseren. Per 1 januari 2026 gaat de relatie tussen SGD en de gemeenten en gemeenschappelijke regelingen wijzigen. De samenwerkingsverhouding wordt vormgegeven op basis van partnerschap, waarin gemeenten en gemeenschappelijke regelingen eenzelfde positie en dezelfde invloed krijgen in de collectieve samenwerking. Daarnaast vormt operational excellence de focus van de dienstverlening.

De uitgangspunten dienen als basis voor de vormgeving van de samenwerking en voor verdere uitwerking van het sturings-, financierings-, dienstenen kostenverdeelmodel van de SGD. Begin januari 2025 heeft SGD laten weten dat de uitwerking van dit model in mei 2025 zal leiden tot een aanbod op basis waarvan partijen een definitief bestuurlijk besluit kunnen nemen over de voortzetting van de samenwerking vanaf 2026. Voor OZHZ geldt dat, volgens afspraak, uiterlijk eind 2025 een besluit moet worden genomen over de voortzetting van de dienstverlening vanaf 1 januari 2028. 2.10 Kwaliteitsimpuls vergunningverlening, toezicht en handhaving OZHZ was ook in 2024 betrokken bij het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel (het IBP), een rijksbreed traject ter versterking van de VTH-taken van omgevingsdiensten. Landelijk is inmiddels gezorgd voor een duurzaam vervolg na afloop van dit programma, vastgelegd in samenwerkingsafspraken tussen het Rijk, IPO, VNG, UvW en ODNL. Daarnaast versterken de vijf omgevingsdiensten in Zuid-Holland de onderlinge samenwerking. Plan van aanpak robuustheidscriteria Het AB stelde op 28 maart 2024 het plan van aanpak inzake de robuustheidscriteria vast. Het bevat de acties om te gaan voldoen aan de eisen over de hoogte van het opleidingenbudget en over business-intelligence (het werken met data). OZHZ voldoet al aan de overige robuustheidseisen.

De stand van het weerstandsvermogen is een aandachtspunt. Zie hierover ook het volgende hoofdstuk. 13

In opdracht van het ministerie analyseerde Twynstra Gudde alle ontvangen plannen van aanpak. In oktober 2024 vond een gesprek plaats met OZHZ over de positieve bevindingen van IenW naar aanleiding van het plan van aanpak. De staatssecretaris heeft er vertrouwen in dat OZHZ per 1 april 2026 volledig robuust is. Eind december 2024 rapporteerde OZHZ voor het eerst aan het ministerie over de voortgang van het plan van aanpak. Inhoudelijk kan worden verwezen naar het volgende hoofdstuk. In het plan van aanpak verwijst OZHZ naar de samenwerking tussen de vijf omgevingsdiensten in Zuid-Holland. Deze is sinds 2021 versterkt en heeft al tot mooie resultaten geleid op het gebied van werving van personeel, kennisdeling en samenwerking van opsporingsmedewerkers, en de inrichting van een gezamenlijk datalab. Grote maatschappelijke transities op het gebied van energie en circulaire economie en actuele onderwerpen zoals de Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) raken bovendien steeds meer de uitvoering van de taken van de omgevingsdiensten. Hiervoor is nieuwe expertise nodig die tijdig aangetrokken of opgebouwd moet worden. Op deze onderwerpen en specialismen en ook op enkele onderwerpen van bedrijfsmatige aard intensiveren de omgevingsdiensten hun samenwerking. Hiertoe is een gezamenlijke strategie en een samenwerkingsprogramma opgesteld. Deze worden in Q1 van 2025 bestuurlijk geagendeerd.

Plan van aanpak vanwege de externe visitatie Het AB stelde op 28 maart 2024 ook het plan van aanpak vast vanwege de externe visitatie. De visitatiecommissie constateerde een aantal sterke punten. OZHZ presteert operationeel goed, is sterk in de relatie en communicatie, is gericht op samenwerking en heeft een pragmatische instelling. Te verbeteren valt de daadwerkelijke realisatie van de noodzaak tot doorontwikkeling en te reflecteren op de redenen waarom dat soms niet goed lukt, de implementatie en consequenties van het concept van zelforganisatie en het ontwikkelen van perspectieven op de toekomst. Het plan van aanpak bevat de acties om hieraan een vervolg te geven. Deels kunnen deze verbeteringen worden gerealiseerd in de samenwerking met de andere omgevingsdiensten, mede in het licht van de Zuid-Hollandse doorontwikkeling en van de robuustheidscriteria. Voor de meeste aanbevelingen geldt dat OZHZ deze kan meenemen bij al lopende trajecten en plannen. De actie om een visie op de toekomst te ontwikkelen is opgepakt en wordt in 2025 bestuurlijk geagendeerd. Een eerste bespreking met het DB vond in januari 2025 plaats.

14

3. Kritische Prestatie indicatoren (KPI's) OZHZ rapporteert in de bestuursrapportages en in de jaarstukken over de kritische prestatie-indicatoren (kpi) die met de deelnemers zijn afgesproken. De bijdrageverordening en de Nota Bedrijfsvoering bevatten bijvoorbeeld de kaders voor financiën en kwaliteit van de uitvoering die aan de kpi ten grondslag liggen. Daarnaast rapporteert OZHZ over de kpi die gaan over de uitvoering van de VTH-taken en die voortvloeien uit (landelijke) trajecten ter versterking van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). 3.1 Algemene kpi OZHZ wordt voor meer dan 90% gefinancierd op basis van geleverde producten. Met de opdrachtgevers zijn prestatieafspraken gemaakt die OZHZ op jaarbasis binnen een bandbreedte van 90% - 110%, moet realiseren. De omzet van OZHZ is per taakveld in verschillende mate variabel. Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Voor adviestaken zijn gemeenten niet verplicht om opdrachten neer te leggen bij OZHZ. Wel onderschrijft het bestuur het preferred suppliership van OZHZ. Speerpunt

Prestatie indicator

Realisatie 2024

Taakuitvoering vindt plaats binnen de door

Taakuitvoering van OZHZ voldoet aan de

Zie de tabel op de volgende bladzijde voor

het AB gestelde kaders voor financiën en

landelijke criteria voor robuustheid van

robuustheid en kwaliteitseisen.

kwaliteit (bijdrageverordening)

omgevingsdiensten, waaronder de VTHkwaliteitseisen. Realisatie PZH 94,8% Producten en prestaties worden

Er is sprake van onderbesteding, maar

gerealiseerd binnen een bandbreedte van

realisatie blijft binnen bandbreedte.

90-110% van het jaarprogramma. Volumeafspraken voor de uitvoering van

Realisatie gemeenten:

de wettelijke en additionele wettelijke

Het gewogen gemiddelde van 98,8%

taken voldoen aan de afgesproken

bevindt zich op totaalniveau binnen de

bandbreedten

bandbreedte.

Opdrachtgevers worden actief

2 maal per jaar voortgang- en 1 maal per

De jaarrapportage 2024 en

geïnformeerd.

jaar jaarrapportages conform planning in

voortgangsrapportages 2024 zijn conform

jaarprogramma.

planning opgesteld.

Periodiek overleg met de opdrachtgever

1 maal per maand vindt gesprek met de

Het periodiek overleg met de gedeputeerde

gedeputeerde plaats;

en wethouders heeft in de verslagperiode

2 maal per jaar met wethouders;

consequent plaatsgevonden.

1 maal per 4 maanden ambtelijk MARAP-

Ook de ambtelijk MARAP overleggen zijn

overleg.

conform planning gevoerd.

Robuustheidscriteria Het AB stelde op 28 maart 2024 het plan van aanpak vast inzake de robuustheidcriteria. In de BURAPs rapporteert OZHZ over de stand van zaken. Een van de onderdelen van de robuustheidscriteria betreft de VTHkwaliteitseisen voor de kritische massa die al enkele jaren in de begroting van OZHZ als kpi is opgenomen. De tabel hieronder is ten opzichte van BURAP II niet gewijzigd. De teksten bij de *** zijn waar nodig geactualiseerd.

15

#

Normering

Toetsing OZHZ

1

Randvoorwaarden

OZHZ voldoet aan alle randvoorwaarden.

2

Innovatieagenda en -budget

Innovatie verloopt via de meerjarige programma’s van de Ontwikkelaanpak. Het budget is ± eur. 1 mln en voldoet daarmee aan de norm.

Kpi: innovatiekalender en 1% van de begroting besteden aan innovatie.

3/4

Opleidingsplan en -budget Kpi: opleidingsbudget is ten minste 3% van loonsom.

5/6

Informatiegestuurd werken en business intelligence Kpi: business intelligence strategie en unit bestaande uit ten minste 3 FTE. Kpi: de omgevingsdienst beschikt over een business-intelligence (BI) strategie.

Het opleidingsplan bevat alle verplichte elementen. Het opleidingsbudget voldoet met 1,55% niet aan de gestelde norm.

(*)

OZHZ werkt grotendeels al informatiegestuurd. Acties om dit verder te versterken en te structureren lopen al. Per 1 januari 2024 is de nieuwe unit Data en ICT operationeel.

(**)

(***)

7

VTH-kwaliteitseisen

OZHZ voldoet aan de VTH-kwaliteitseisen.

8

Congruentie en samenhang werkgebied

9

Omvang werkprogramma

OZHZ is in staat bij te dragen aan de maatschappelijke opgaven in Zuid-Holland Zuid. Er is sprake van een sterke (bestuurlijke) congruentie in de regio. De omvang van het werkprogramma is circa € 20 mln. en voldoet daarmee aan de norm.

Kpi: de norm van € 16,5 miljoen voor basistakenpakket en milieuregelateerde plustaken.

10

Eigen werknemers Kpi: minimaal 80% medewerkers in eigen dienst.

11

Mogelijkheden voor taakuitbreiding

12/13

Afspraken over taakvermindering

14

Algemene reserve

Score

De flexibele capaciteit bedraagt op dit moment 16,4%, waarmee aan deze norm voor robuustheid wordt voldaan.

(****)

Die mogelijkheden zijn er zeker. OZHZ voert echter geen actief acquisitiebeleid. Het is aan de opdrachtgevers om al dan niet extra taken bij OZHZ te beleggen. Daarover worden dan nadere afspraken gemaakt (businesscase). Afspraken over taak/budgetvermindering staan in de gemeenschappelijke regeling en in de bijdrageverordening. Er is vooralsnog geen directie relatie met de nieuwe normen voor robuustheid. Daarover kunnen nadere procesafspraken worden gemaakt. Het weerstandsvermogen voldoet aan de norm.

(*****)

(***)

(******)

Kpi: weerstandsratio is ten minste 0,8%.

15/16/17

(*)

Alsnog realiseren van robuustheid

Niet van toepassing.

Kpi is verwerkt in de begroting 2025.

(**)

Kpi is verwerkt in de begroting 2025.

(***)

OZHZ implementeert vanaf Q4 de applicatie MyForms om het voldoen aan de VTH-kwaliteitseisen voor

wat betreft de kritische massa doorlopend te kunnen monitoren, daarover te rapporteren en op tijd bij te sturen. Daarnaast geeft de applicatie goede informatie die kan worden gebruikt voor de strategische personeelsplanning en het strategisch opleidingsplan. Een en ander is ook onderdeel van de subsidieaanvraag inzake robuustheid die in januari 2025 bij ODNL is ingediend. Zie verder de toelichting op de volgende pagina. (****)

Kpi is tevens onderdeel van financiële ombuigingen 2026 e.v. (bijstellen verhouding eigen medewerkers

– inhuur). Bij de richtlijnen voor de begroting 2026 (AB van 28 november 2024) zijn voorstellen gedaan. (*****)

Kpi is tevens onderdeel van financiële ombuigingen 2026 e.v. (beleggen van aanvullende

omgevingstaken op regionaal niveau). Bij de richtlijnen voor de begroting 2026 zijn voorstellen gedaan. 16

(******) In de nulmeting (najaar 2023) stond deze nog op groen. Het weerstandsvermogen dient echter te worden aangevuld vanuit positieve bedrijfsresultaten 2024, 2025 en 2026 en eventueel aanvullende bijdrage van de deelnemers. Het is tevens onderdeel van financiële ombuigingen 2026 e.v. In december 2024 is aan het ministerie van IenW gerapporteerd dat op dat moment de weerstandsratio 0,46 bedroeg. VTH-kwaliteitscriteria De omgevingsdiensten in Zuid-Holland hebben afspraken gemaakt hoe zij in hun jaarstukken rapporteren over de VTH-kwaliteitscriteria. Hierna is de ingevulde tabel opgenomen over de procescriteria. Voor de deskundigheidgebieden is het niet mogelijk het afgesproken format te gebruiken. In de eerste tussenrapportage aan het ministerie van IenW over de robuustheid rapporteerde OZHZ eind december 2024 over het onderdeel VTH-kwaliteitscriteria dat de nieuwe applicatie MyForms wordt geïmplementeerd om doorlopend te kunnen monitoren of aan de eisen voor kritische massa wordt voldaan, daarover te rapporteren en op tijd bij te sturen. Gemeld werd dat de meer gedetailleerde meting op de criteria het beeld lijkt te geven dat OZHZ op minder punten voldoet dan eerder werd aangenomen. De meting is ten tijde van het schrijven van deze jaarrekening 2024 nog niet afgerond.

Voor de totstandkoming van producten zoals vergunningen, controles en handhavingsacties zijn diverse werkprocessen nodig. Transparantie en bestuurlijke vastlegging spelen daarin een belangrijke rol. De procescriteria samen leiden tot een sluitende cyclus en kwaliteitsborging. Daarbij is de “BIG-8” gehanteerd (beleidslevenscyclus). Daarnaast bevat de tabel hieronder informatie over de criteria voor inhoudelijke kwaliteit en prioriteiten. Deze criteria bepalen de minimale ondergrens binnen de werkprocessen. Het gaat bijvoorbeeld om criteria met betrekking tot de diepgang waarmee getoetst wordt, het gebruik van de landelijke handhavingsstrategie en (landelijke) prioriteiten. Documenten en toelichting 1. Rapportage en Evaluatie Verantwoording van prestaties, mensen en middelen

Tussentijdse en jaarrapportages en actuele website

Probleem analyse VV (inclusief afhandelen meldingen)

Nota VTH 1

Probleem analyse T&H

Nota VTH

Vergelijking en auditing

Externe visitatie

2. Strategisch beleidskader Prioriteit en meetbare doelstellingen VV

Nota VTH

Prioriteit en meetbare doelstellingen T&H

Nota VTH

3. Operationeel beleidskader Strategie en basiswerkwijze

Nota VTH

Beleid R.O. ten aanzien van VV

Nota VTH

Objectieve criteria beoordelen en beslissen VV

Nota VTH

Naleefstrategie T&H

Nota VTH

Toezicht strategie

Nota VTH

Sanctiestrategie

LHSO

1 Met Nota VTH wordt hier steeds verwezen naar de Nota VTH voor gemeentelijke taken en de Nota VTH voor provinciale

taken. 17

Gedoogstrategie

Nota VTH

4. Planning en controle Borging personele en financiële middelen

Begroting en jaarprogramma's, formatieplanning

Uitvoeringsprogramma VV en T&H

Individuele en collectieve jaarprogramma's

Organisatorische condities

Functiescheiding op organisatieniveau, roulatie toezichthouders, wachtdienst 24/7

Kwaliteitsborging

Handboeken en werkinstructies, interne auditing door het kwaliteitsteam

5. Voorbereiden Protocollen en werkinstructies VV

Aanwezig, actualisering loopt

Protocollen en werkinstructies T&H

Aanwezig, actualisering loopt

Protocollen voor communicatie en informatiebeheer

Communicatie: afspraken met gemeenten en provincie Informatiebeheer: handleidingen en procesbeschrijvingen

Interne en externe afstemming

Werkinstructies en samenwerkingsafspraken

6. Uitvoering Uitvoering ondersteunende voorzieningen VV en T&H

ICT-voorzieningen, voertuigen, naslagwerken, veiligheidsvoorzieningen, opleidingen

7. Monitoren Met name outputgericht en bij generiek toezicht ook outcomegericht

Monitoring

Overige kpi Bij de uitvoering van de jaarprogramma's voor de gemeenten (gewogen gemiddelde van de realisatie is 98,8%) presteert OZHZ over het algemeen binnen de bandbreedte. Het beeld per opdrachtgever is divers. Zes van de tien gemeenten blijven binnen de afgesproken bandbreedte, twee gemeenten zijn onder de bandbreedte uitgekomen en twee gemeenten zijn boven de bandbreedte uitgekomen. De uitvoering van het jaarprogramma van de provincie komt uit op 94,8% en valt binnen de bandbreedte. OZHZ heeft op individuele basis afspraken gemaakt over de verrekening van over- en onderbestedingen met alle opdrachtgevers. Speerpunt

Prestatie indicator

Realisatie 2024

Productiviteit

Het aantal productieve uren per FTE

De productiviteit bedraagt 64,6%.

bedraagt 1.388 uur. De productiviteitsnorm bedraagt daarmee 66,7% Aandeel overhead

Het aandeel uren overhead ten opzichte

Het overheadpercentage is 27,1%.

van het totaal aantal uren is genormeerd op 27,3% Flexibele capaciteit

Het aandeel uren inhuur ten opzichte

De flexibele capaciteit bedraagt 17,8%.

van het totaal aantal uren is gemiddeld 10% Ziekteverzuim

OZHZ hanteert een norm van 5% voor

Het ziekteverzuim bedraagt 4,8%.

ziekteverzuim.

18

Het productiviteitspercentage van de eigen medewerkers blijft achter bij de norm. Dit komt mede vanwege de instroom van veelal relatief jonge en onervaren medewerkers. Daardoor is sprake van een intensieve inwerkperiode. Doelstelling is een gemiddelde flexibele schil van 10% en 90% eigen formatie. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de verschillende taakvelden. Onderdelen met een meer variabele omzet (bijvoorbeeld bouw en expertise en advies) hebben een hogere flexibele schil, dan de onderdelen die de wettelijke milieutaken uitvoeren. Ook op de taakvelden waar structurele financiering onzeker is (bijvoorbeeld bodem, energietoezicht) ligt het percentage inhuur bewust een stuk hoger dan gemiddeld. Er is sprake van een relatief hoog aantal vacatures (7% van de vaste formatie). Daarmee komt de flexibele capaciteit met 17,8% veel hoger uit dan de norm. Er wordt bekeken op welke wijze de bezetting op niveau gebracht kan worden. De vacatures hangen samen met de krappe arbeidsmarkt en nieuwe opdrachten met vaak een incidenteel karakter. De werving van nieuwe medewerkers en het boeien en binden van huidige medewerkers is topprioriteit. Zie hoofdstuk I. Het gemiddelde ziekteverzuimpercentage was in 2024 met 4,81% lager dan de norm van 5%. Vanuit het management wordt er in nauwe samenwerking met de arbodienst actief gestuurd op verzuim.

We begeleiden zieke medewerkers actief bij herstel en ondersteunen medewerkers om verzuim te voorkomen. Het verzuimbeleid dat bestaat uit preventie en begeleiding zorgen voor een verzuimpercentage dat binnen de norm blijft.

3.2 Vergunningen en meldingen Vergunningaanvragen moeten binnen wettelijke termijnen worden afgehandeld en meldingen moeten worden beoordeeld op juistheid en volledigheid. De door de burgers en bedrijven ingediende documenten worden getoetst en leiden bij volledigheid en juistheid tot een bevestigingsbrief of een beschikking. Speerpunt

Prestatie indicator

Realisatie 2024

Tijdige en geïntegreerde

Regulier: 99% van de reguliere vergunningen dient

96% van het aantal besluiten is

vergunningen

binnen de wettelijke termijn verleend te zijn.

binnen de termijn verleend.

Uitgebreid: 95% van de uitgebreide vergunningen

53% van het aantal besluiten is

dient binnen de wettelijke termijn verleend te zijn.

binnen de termijn verleend.

Bij wettelijke termijn moet gedacht worden aan de mogelijkheden die de wet biedt, dus inclusief mogelijke verlenging. Risicobeheersing

99% van de besluiten wordt niet vernietigd dan wel

100% van de zaken is in stand

krijgt positief advies bij de rechtbank/Raad van

gebleven.

State dan wel de bezwaarschriftencommissie Dienstbaarheid

Klanttevredenheid:

Over geheel 2024 is er geen

Het gemiddelde van het KTO is minimaal een 7.

klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd.

Onder de Omgevingswet gelden de termijnen van orde voor alle procedures. Voor 2025 willen we daarom de reguliere en uitgebreide procedures samenvoegen met een KPI van 95%. Niet alleen omdat voor beide 19

procedures de termijn van orde geldt, maar ook omdat de uitgebreide procedure onder de Omgevingswet een uitzondering is geworden. Ten opzichte van de resultaten zoals gerapporteerd bij BURAP II van 2024 zien we een lichte stijging in de realisatie van de KPI. Hiermee wordt het effect van sturing zichtbaar. De normen van de KPI’s voor zowel de reguliere als de uitgebreide procedures zijn los van elkaar niet behaald voor 2024, maar wanneer we deze procedures op dit moment al zouden samenvoegen, resulteert dat in een realisatie van de KPI van 95%, waarbij we de norm dus wel behalen. Er zijn onder de Omgevingswet nog maar weinig uitgebreide procedures. Dit zorgde in de eerste periode van 2024 al voor een percentage waardoor de KPI al niet meer behaald kon worden. En juist doordat er nog maar weinig uitgebreide procedures zijn, heeft het percentage hierdoor niet veel kunnen stijgen. Dit is dan ook de reden waarom we deze kpi vanaf 2025 samenvoegen.

3.3 Toezicht en handhaving OZHZ houdt toezicht en handhaaft de relevante wettelijke bepalingen. Bij toezicht wordt informatie verzameld en een oordeel gevormd over het feit of een activiteit voldoet aan de in de vergunning en regels gestelde eisen. Onder handhaving wordt verstaan het opleggen van sancties (bestuursrechtelijk en/of strafrechtelijk) indien uit het toezicht blijkt dat niet aan de gestelde eisen wordt voldaan. "TD is gedefinieerd als het percentage uitgevoerde periodieke controles in een verslagperiode t.o.v. het aantal geplande periodieke controles in het jaarprogramma." "NA-initieel is gedefinieerd als het aantal uitgevoerde periodieke controles zonder overtredingen t.o.v. het aantal uitgevoerde periodieke controles aan het einde van een verslagperiode." Speerpunt

Prestatie indicator

Resultaten 2024

Betrouwbaarheid Provincie

Provincie Grijs: TD = 100% NA-initieel >= 60%1

TD grijs = 118% NA-initieel = 33%

Provincie Groen: TD = 100% NA-initieel >= 80%1

TD groen = 100% NA-initieel = 80%

Provincie Bouw en sloop: NA-initieel >= 90%1

NA-initieel = 95%

Betrouwbaarheid Gemeenten

Gemeenten RUN2 milieu periodiek toezicht: TD milieu = 100% NA-initieel >= 60%

TD = 93% NA-initieel = 45%

1 De norm is nog niet formeel vastgesteld 2

Regionaal Uitvoeringsniveau (RUN) 20

Betrouwbaarheid Gemeenten AL, DO, ML

Gemeenten RUN integraal periodiek toezicht: Deze werkzaamheden zijn uitgevoerd voor de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht en Molenlanden. TD integraal = 100% NA-initieel >= 60%

TD = 89% NA-initieel = 40%

Gemeenten Bouw en sloop (incl. asbest): Deze werkzaamheden zijn uitgevoerd voor de gemeenten Alblasserdam en Dordrecht. Voor de bouw- en sloopfase is geen KPI TD vast te stellen. Afhankelijk van het soort bouw- of sloopplan geeft het beleid aan of toezicht noodzakelijk is. NA-initieel = 97% NA-initieel >= 70% Risicobeheersing

80% van de zaken die bij de

Realisatie = 93%

bezwarencommissie, rechtbank en afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State worden behandeld blijft in stand.

Provincie Grijs TD: De realisatie is hoger uitgekomen doordat begin het jaar het bevoegd gezag bij 3 tankcleaners en een afvalverwerkingsbedrijf in onze regio is verschoven van B&W naar GS. NA: De naleving van de gecontroleerde bedrijven is lager dan de norm. Het resultaat komt overeen met het regionale beeld. Het gaat met name om het tijdig uitvoeren van terugkomende verplichtingen zoals keuringen van installaties. Provincie Groen TD: De toezichtdichtheid is conform de norm. Er zijn wel verschillen in de afzonderlijk onderdelen. In 2024 zijn er, als gevolg van de uitbreiding van uren voor zowel soortenbescherming en ook Natura 2000 meer controles uitgevoerd en dat zie je ook terug in het aantal tekortkoming. Provincie Bouw en sloop NA-initieel: De naleving bij de bouw- en sloopwerkzaamheden bij de bedrijven die onder de provincie vallen in onze regio is goed. Het percentage is al meerdere jaren stabiel. Het gaat echter wel om een beperkt aantal controles die uitgevoerd zijn, waardoor het resultaat vertekend. Gemeenten RUN milieu periodiek toezicht TD: De uitvoering van dit toezicht vraagt om meer inzet. De inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft een aanzienlijke impact. Zowel bij de gecontroleerde bedrijven als bij OZHZ ontbreekt ervaring en efficiëntie als het gaat om de nieuwe algemene regels voor milieu. Zoals eerder gemeld stond de volledige uitvoering van het 21

controleprogramma onder druk. In de uitvoering is rekening gehouden met de nieuwe prioritering die onder de nota VTH per 2025 van kracht zal worden en zijn bijvoorbeeld een aantal zwembaden niet gecontroleerd. Deze locaties zullen in 2025 vanuit het Programma Toezicht Midden alsnog projectmatig worden bezocht. NA-initieel: De naleving van de gecontroleerde bedrijven en instellingen ligt lager dan de norm. Dit beeld is onveranderd ten opzichte van voorgaande jaren. Het gaat met name om het tijdig uitvoeren van terugkomende verplichtingen zoals keuringen van installaties. De huidige arbeidsmarkt zorgt ervoor dat bijtijds opdracht moet worden gegeven aan bijvoorbeeld installatiebedrijven om verplichtingen tijdig en op en juiste wijze te laten plaatsvinden. Om dit voor elkaar te krijgen is een vanuit eigenaarschap een veel actievere houding nodig dan vaak nu het geval is. In de nieuwe nota VTH die in 2025 operationeel zal zijn wordt het verbeteren van de naleving rondom (terugkerende) verplichtingen één van de speerpunten. Gemeenten RUN integraal periodiek toezicht (Alblasserdam, Dordrecht en Molenlanden) TD: De uitvoering van dit toezicht vraagt om meer inzet. De inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft een aanzienlijke impact.

Zowel bij de gecontroleerde bedrijven en instellingen als bij OZHZ ontbreekt ervaring en efficiëntie als het gaat om de nieuwe algemene regels voor milieu, bestaande bouw en brandveilig gebruik. De norm van 100% is in 2024 niet gehaald. Vanuit gemeente Dordrecht is het verzoek gekomen om het controleprogramma in Dordrecht te versoberen. In BURAP 2 is gesteld dat door deze aanpassing de toezichtdichtheid rond de 90% zal uitkomen. Aan deze verwachting is voldaan. NA-initieel: De naleving van de gecontroleerde bedrijven en instellingen ligt lager dan de norm. Dit beeld is onveranderd ten opzichte van voorgaande jaren. Het gaat met name om het tijdig uitvoeren van terugkomende verplichtingen zoals keuringen van veiligheidsinstallaties. De huidige arbeidsmarkt zorgt ervoor dat bijtijds opdracht moet worden gegeven aan bijvoorbeeld installatiebedrijven om verplichtingen tijdig en op en juiste wijze te laten plaatsvinden. Om dit voor elkaar te krijgen is vanuit eigenaarschap een veel actievere houding nodig dan vaak nu het geval is. In de nieuwe nota VTH die in 2025 operationeel zal zijn wordt het verbeteren van de naleving rondom (terugkerende) verplichtingen één van de speerpunten. Gemeenten Bouw en Sloop (incl. asbest) NA-initieel: De naleving van de regelgeving rondom met name het slopen en afvoeren van asbest is stabiel en komt overeen met eerdere resultaten.

Deze goede naleving is mede het gevolg van actieve inzet op gedragsbeïnvloeding. Door de inspecteur wordt bij aanvang van de werkzaamheden contact opgenomen met de opdrachtgever om de verplichtingen die bij de werkzaamheden behoren door te nemen. Dit zorgt ervoor dat de uitvoerders bewuster de voorschriften naleven.

3.4 Beoordelingen en beschikkingen bodem Speerpunt

Prestatie indicator

Realisatie 2024

Tijdigheid

Minimaal 90% van de producten wordt afgerond

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1076/documents/15682