1. Toelichting op Ingekomen Stukken 2025.pdf
Tekst van het document
Bijlage 1. Toelichting jaarrekening en ontwerpbegroting gemeenschappelijke regelingen Ieder jaar dienen onze gemeenschappelijke regelingen een ontwerpbegroting in voor het volgende jaar en krijgt de gemeente de voorlopige jaarstukken van het afgelopen jaar. In deze toelichting staat per gemeenschappelijke regeling aangegeven wat de belangrijkste onderdelen uit deze stukken zijn voor Papendrecht. Duiding van de ontwerpbegroting en jaarstukken zijn belangrijk voor de informatievoorziening en biedt houvast voor het schrijven van de zienswijze. Door middel van de zienswijze is het mogelijk voor de raad haar mening over de voorgelegde ontwerpbegroting te geven. Deze zienswijzen zijn apart bij dit voorstel toegevoegd. De toelichting is dus bedoeld als informatievoorziening, terwijl de zienswijze een sturingsinstrument is waarin een mening is opgenomen. Die mening wordt kenbaar gemaakt aan het algemeen bestuur van de betreffende gemeenschappelijke regeling en leidt mogelijk tot aanpassingen in de ontwerpbegroting of jaarstukken. Risicoprofiel Er bestaat variatie in de financiële- en bestuurlijke belangen die de gemeente bij gemeenschappelijke regelingen en andere verbonden partijen heeft. Dit betekent dat de wijze en mate van sturing per partij verschilt.
Daarom is in de door de raad vastgestelde nota verbonden partijen (2017) gekozen voor een methodiek waarbij doormiddel van een risicoanalyse, per partij een risicoprofiel wordt opgesteld die bestaat uit een bestuurlijk en een financieel deel. Dat profiel vormt de basis voor het sturingsarrangement dat wordt ingezet; actief, passief of maatwerk. Hoe groter de risico’s des te actiever de sturing (rood). Dit is zichtbaar in de tabel.
1. Mate van sturing op basis van het risicoprofiel
Zienswijze De mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen bestaat op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). De wet is bedoeld om deelnemers van dergelijke regelingen beter in positie te brengen en de democratische legitimiteit van de regelingen te versterken. De zienswijze is een mogelijkheid van de raad om haar mening, zienswijze, te geven op de ontwerpbegroting van een gemeenschappelijke regeling. In sommige gevallen worden naast de ontwerpbegroting nog andere stukken door de gemeenschappelijke regelingen voorgelegd ter zienswijze. De zienswijze is een instrument van de raad en wordt verstuurd aan de algemene besturen van de regelingen. Deze zienswijze is een mogelijkheid om voordat vaststelling plaatsvindt, eventuele wijzingen aan te vragen. Maar het algemeen bestuur is niet verplicht om de aangedragen wijzingen over te nemen. Dit jaar zijn er een aantal bepalingen die we aan elke gemeenschappelijke regeling willen meegeven in het kader van hun ontwerpbegrotingen. Dat zijn: Toelichting per regeling Op de volgende pagina vindt u per gemeenschappelijke regeling een toelichting op de ingekomen concept jaarstukken 2024, ontwerpbegrotingen 2026 en waar van toepassing overige ingekomen stukken. De gemeenschappelijke regelingen zijn; Sociaal, DG&J, Omgevingsdienst, Veiligheidsregio, Bureau Openbare Verlichting en Gevudo.
1. Gemeenschappelijke regeling Sociaal Risicoprofiel
Rood
Ingekomen stukken
0. Aanbiedingsbrief P&C documenten 1. Concept Jaarstukken 2024 2. Voorjaarsbrief 2025 3. Ontwerpbegroting 2026 -2029 4. Financiële verordening 5. Controleverordening Algemene opmerkingen 6. Ter kennisname zenden wij mee, de Uitgangspunten primaire begroting 2026-2029 zoals vastgesteld door het AB van de GR Sociaal op 30 januari 2025. Toelichting op de concept Jaarstukken 2024 De GR Sociaal heeft zich in 2024 onverminderd ingezet voor onze inwoners. Er is gewerkt aan meer maatwerk, stress-sensitieve dienstverlening en steeds verdergaande integrale dienstverlening met partners. Dit, ondanks de grote vraag en de personele en financiële schaarste en in het licht van een bewogen jaar, waarin (oude)medewerkers een anonieme brief zonden over vermeende misstanden in de organisaties. Dit zorgde voor veel onrust. Ten opzichte van de prognose van de Najaarsbrief 2024 blijft er een nog te verrekenen bedrag over met de deelnemende gemeenten van afgerond € 3,1 miljoen. Hierbij dient te worden opgemerkt dat de eindafrekeningen in het kader van de WMO nog niet zijn opgenomen in de aangeboden voorlopige jaarrekening. Het Algemeen Bestuur stelt voor € 700.000 te bestemmen voor het noodzakelijke "Klokkenluidersonderzoek". U wordt voorgesteld hiermee in te stemmen gezien de noodzakelijkheid van het onderzoek.
Wel vragen we in de zienswijzebrief nadrukkelijk om de gemeente op de hoogte te houden van de eventuele noodzakelijke maatregelen die de toch al forse kosten naar verwachting verder laten oplopen. Het verslag van de accountant en de controleverklaring van de accountant zijn niet toegevoegd bij deze concept-Jaarstukken. Het Dagelijks Bestuur van de GR Sociaal laat in de aanbiedingsbrief weten dat deze zullen worden toegevoegd bij de stukken die in juni 2025 naar het Algemeen Bestuur gaan voor de definitieve vaststelling van de Jaarstukken 2024 door Algemeen Bestuur. Toelichting op de Voorjaarsbrief 2025 De Voorjaarsbrief 2025 rapporteert over de voortgang en de verantwoording over de resultaten en actualiseert de primaire begroting 2025. De Voorjaarsbrief 2025 GR Sociaal geeft een totale verhoging van de lasten en baten met € 18,3 mln. ten opzichte van de actuele Begroting 2025. Daarvan komt € 13,3 mln. ten laste van de gemeenten en € 5 mln. uit andere bronnen. De kosten betreffen grotendeels autonome ontwikkelingen bij Bestaanszekerheid Versterken en Zorg voor Ondersteuning. In de Voorjaarsbrief wordt ingegaan op de voortgang van de Bestuurlijke Opdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein. De eerste besparingen zijn ingeboekt. Andere besparingen hangen samen met lokale keuzes en voorstellen moeten nog verder worden uitgewerkt.
In de zienswijzebrief vragen we de GR Sociaal hierin nadrukkelijk een rol te pakken voor coördinatie en advisering. Ook voor de langere termijn vragen we de GR Sociaal om samen met de regionale gemeenten te komen tot voorstellen met verdere concrete maatregelen, voor een veerkrachtige en toekomstbestendige overheid. In eerdere jaren hebben wij gevraagd om meer inzicht in de lokale situatie, per gemeente. Dit maakt de informatie direct helderder en toegankelijker voor interpretatie en sturing. Positief is dat de Voorjaarsnota laat zien dat hierin stappen zijn gezet, hoewel de informatie nog niet gemeentespecifiek is. Wij vragen de GR Sociaal in de zienswijze hierop verder door te ontwikkelen. Toelichting op ontwerpbegroting 2026-2029 Ten opzichte van de prognose in de begroting 2025, stijgen de kosten in 2026 regionaal met € 22,2 miljoen. De deelnemende gemeenten dragen gezamenlijk € 368 miljoen bij aan de GRS. Hiervan is € 28,7 miljoen voor Papendrecht. De kosten Bestaanszekerheid Versterken stijgen, voornamelijk door hogere uitgaven aan inkomensondersteuning en minimabeleid. Ook bij Zorgen voor Ondersteuning nemen de kosten toe,
vooral door autonome groei en de aanbesteding huishoudelijke ondersteuning. De eerder verwachte besparing door pilot re-ablement vervalt na stopzetting van de pilot. Een tegenvaller is ook dat de invoering van de inkomensafhankelijke bijdrage weer is uitgesteld wat de verwachting besparing te niet doet. Ontwikkelen naar Werk laat een daling zien, vanwege een veranderde doelgroep. De GR Sociaal werkt aan aanpassing van de dienstverlening, die beter aansluit bij de vraag van het huidige klantenbestand dat de laatste jaren is veranderd. Het werkloket van het Regionale Werkcentrum kan hieraan een bijdrage kan leveren. Het zou mooi zijn als er ook in Papendrecht een fysiek loket kan komen. Daarom vragen wij de GR Sociaal te onderzoeken of en in welke vorm dit mogelijk is. Er komt een groep inwoners over vanuit Beschermd Wonen naar de Wmo die daar individuele begeleiding ontvangen omdat ze niet langer dakloos zijn. Deze overheveling is aangemerkt als kostenneutraal aangezien de verschuiving gefinancierd dient te worden uit het overschot van Beschermd Wonen en Opvang. Het financiële effect hiervan op de begroting voor onze gemeente is nog niet geduid. We vragen de GRS samen met de centrumgemeente Beschermd Wonen en Opvang, te komen tot een herverdeling van de middelen en een vertaling hiervan naar onze gemeente.
Zodat we dit op de juiste manier kunnen verwerken in onze eigen begroting. De GRS verwacht een nog niet bekende stijging van de huisvestingskosten binnen de opgave Bedrijfsvoering. In de afgelopen jaren bleef tegelijkertijd jaarlijks 1,5 miljoen euro over. Wij verzoeken in de zienswijzebrief om inzicht in de verwachte kosten en een berekening van hoeveel hiervan kan worden gedekt door het overschot. Op basis hiervan vragen wij om een neerwaartse bijstelling van de begroting met 1,5 miljoen euro per jaar, verminderd met de berekende huisvestingskosten. De Bestuurlijke Opdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein onderzoekt langs verschillende sporen, welke mogelijkheden er zijn die bijdragen aan het beheersbaar houden van de kosten in het sociaal domein. De financiële effecten hiervan zijn deels verwerkt. Een aantal maatregelen is al uitgevoerd en de financiële effecten zijn opgenomen in de begroting. Andere maatregelen worden nog uitgewerkt. Voor het zomerreces wordt een voorstel gedaan voor besparingen in de uitvoering en bedrijfsvoering (onder meer procesherontwerp en robotisering). Ook komt er een analyse naar structurele en incidentele lasten van met name de Opgave Bedrijfsvoering om te zien of er structurele besparingen mogelijk zijn. Beide voorstellen over besparingen zullen in een begrotingswijziging voor 2025 en verder worden verwerkt.
Verder zegt de GR Sociaal toe om in de tweede helft van 2025 gezamenlijk te reflecteren op de opbrengst van de bestuursopdracht. In de zienswijze is bij de de alinea over de Voorjaarsnota opgenomen dat hiernaar uitgekeken wordt. In dat kader geven wij in de zienswijze het verzoek om de voortgang op de verwachting ombuigingen goed de monitoren. En de opbrengsten en eventuele wijzigingen hierop nadere te duiden. Dit inzicht ontbreekt tot nu toe, terwijl in de Voorjaarsnota wel aangegeven wordt dat de verwachte besparingen neerwaarts bijgesteld moesten worden. Toelichting op de Financiële en de Controleverordening Op basis van de Gemeentewet, artikel 212 en 213 stelt het AB van de GR Sociaal een Financiële en Controleverordening vast. Deze geven het kader voor het financieel beleid, beheer en organisatie van de GR Sociaal en de controle hierop. De huidige verordeningen vragen om aanpassing. Een van de aanpassingen is het invoeren van een zienswijzetermijn op de Najaarsbrief van acht weken. Een normale zienswijzetermijn is 12 weken. Ondanks dat hierop geen zienswijze van de raad hoeft worden gevraagd, wordt in de zienswijzebrief hierop wel een reactie gegeven. In de Najaarsbrief wordt een prognose afgegeven, maar doorgaans leidt dit niet tot een begrotingswijziging.
In 2023 is de zienswijzetermijn in het najaar ook afgeschaft omdat het per definitie niet haalbaar waar voor de gemeenten om binnen de gestelde termijn een zienswijze af te geven. Inmiddels is duidelijk dat dit leidt tot begrotingsonrechtmatigheid voor de GR Sociaal. Een zienswijzetermijn van 12 weken is echter altijd onhaalbaar. Om toch een begrotingswijziging mogelijk te maken bij de Najaarsbrief wordt een afwijkende termijn voor zienswijzen van acht weken voorgesteld. In principe staat de gemeente hier positief tegen over met die kanttekening, dat duidelijk is dat er geen garantie gegeven kan worden dat de termijn formeel gehaald wordt. Tevens willen we samen met de GR Sociaal kijken hoe dit proces flexibel ingericht kan worden.
2. Gemeenschappelijke regeling Dienst Gezondheid en Jeugd Risicoprofiel
Rood
Ingekomen stukken
1. Concept jaarrekening 2024 2. Ontwerpbegroting 2026 n.v.t
Algemene opmerkingen
Toelichting op Concept jaarrekening 2024 De Dienst Gezondheid en Jeugd sluit het jaar 2024 af met een positief resultaat voor zowel Service Organisatie Jeugd (SOJ) als GGD, Veilig Thuis en Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten (LVS). Belangrijke ontwikkelingen gedurende het jaar 2024: In 2024 is het meerjarenbeleidsplan 2024-2028 vastgesteld en het daarmee samenhangende uitvoeringsprogramma; De groei in meldingen voor LVS, Veilig Thuis, OGGZ en SOJ heeft zich onverminderd doorgezet; Middels het nieuwe P&C-product de kadernota 2026 en de impactanalyses die voor LVS, Veilig Thuis en OGGZ zijn opgesteld is inzichtelijk gemaakt wat de impact van deze gestegen groei is; DG&J heeft verder invulling gegeven aan de versterking van Infectieziekten en Pandemische paraatheid en net als in 2023 heeft DG&J haar rol als strategisch adviseur rondom het PFAS dossier vervuld; Binnen de DG&J is in 2024 de wijziging van de organisatiestructuur afgerond. Hiermee is de organisatie in staat om te kunnen anticiperen op de ontwikkelingen die zowel op regionaal als landelijk vlak plaatsvindt. Het voordelig resultaat over 2024 bedraagt € 1,1 miljoen. Het betreft hier een resultaat op de merken GGD, LVS en Veilig Thuis en is gelijk aan een afwijking van 2,23% ten opzichte van de totale begrote lasten van deze drie onderdelen.
Het Algemeen Bestuur heeft het voornemen om € 350.000 van het resultaat in te zetten ten behoeve van mentale gezondheid waarover wordt besloten in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 10 juli 2025. Voor het resterende bedrag ter hoogte van € 797.995, uit te keren aan de gemeenten. Wij vinden de mentale gezondheid van jongeren belangrijk. Als gemeente doen we daar ook al het nodige aan, maar het is ook belangrijk dat regionaal aan dit thema aandacht wordt besteed. Wel vragen we DG&J bij het uitwerken van dit beleid dat het nauw aansluit bij hetgeen al in gemeente(n) gebeurt op dit vlak. Daarom stellen we voor in te stemmen met het vormen van deze bestemmingsreserve. Serviceorganisatie Jeugd De totale lasten van de Serviceorganisatie Jeugd vallen circa € 3,7 miljoen lager uit dan wat bij de 2e burap 2024 was geprognosticeerd. De lagere lasten betreffen voor het grootste deel de post regionale zorgmarkt. Dit is met name te danken aan een actieve aanpak van het woonplaatsbeginsel. Hierdoor zijn er extra ontvangsten van € 1,9 miljoen gerealiseerd, terwijl slechts € 0,2 mln. bij onze regio is gevorderd. Deze aanpak is in Q4/Q1 2025 uitgevoerd na beschikbaar komen van aanvullende tooling hiervoor. Daarnaast zijn er ook verschuivingen binnen de regio. Verder is minder betaald voor beschikbaarheidsbekostiging voor de Opper en is er onderbesteding op de SOJ-apparaatskosten.
Verbeterprogramma beschikbare en betaalbare jeugdhulp Samen met gemeenten heeft SOJ in 2024 het Verbeterprogramma beschikbare en betaalbare jeugdhulp opgezet. In dit programma werkt SOJ samen met gemeenten aan: Beter afbakenen van jeugdhulp Begrenzen van regionaal ingekochte producten en diensten Aanscherpen van de 10 lokale gemeentelijke verordeningen Verbeteren van de huisartsenroute Versterken van de gemeentelijke grip op de route vanuit de gecertificeerde instellingen Koppeling met het regionale programma Passend jeugdhulplandschap voor het vergroten van de beschikbaarheid van jeugdhulp en het opvangen van de afbouw van JeugdzorgPlus met voorzieningen in de eigen regio. De bijdrage van de gemeente Papendrecht komt ten opzichte van de 2e burap 2024 € 300.000 lager uit.
De totale kosten bedragen volgens de voorlopige jaarrekening 2024 € 11.031.000 (jeugdhulp en bijdrage SOJ). De lagere lasten betreffen voor een groot deel de post regionale zorgmarkt. Dit is met name te danken aan een actieve aanpak van het woonplaatsbeginsel. Toelichting op Ontwerpbegroting 2026 De ontwerpbegroting 2026 betreft de begrotingsprogramma's van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd ZHZ. De financiële basis voor deze begroting is de begroting 2025 en de uitgangspunten zoals deze bij de behandeling van het nieuwe P&C document, de kadernota 2026, zijn vastgesteld. Het AB heeft besloten de begroting 2025 plus indexatie, met uitzondering van het jeugdhulpbudget, als kader voor de begroting 2026 te gebruiken (nullijn). Het aantal meldingen ligt fors hoger dan het aantal meldingen dat afgehandeld kan worden op basis van de nullijn die bij de besluitvorming over de kadernota is gehanteerd. Het hanteren van de nullijn betekent een taakstelling van 8% op de begroting exclusief SOJ. Indexatie De begroting 2026 is geïndexeerd volgens de kaders zoals deze in de kaderbrief 2026 zijn aangegeven: de lonen zijn met 3,4% geïndexeerd en de materiële budgetten met 2,2%. De totale omvang van de indexatie bedraagt € 1,4 miljoen, hiervan is € 388.000 miljoen verlegd naar subsidies, offertes en overige externe inkomsten.
Voor het restende deel, € 1,049 miljoen, leidt dit tot het verhogen van de inwonerbijdrage. Formatie OGGZ en Veilig Thuis Met de kadernota 2026 werd voorgesteld om de formatie bij te stellen in verband met de stijgende aantallen in meldingen. Het Algemeen Bestuur heeft besloten om voor de merken GGD en Veilig Thuis voor de begroting 2026 de begroting 2025 plus indexatie als kader te hanteren. Dit betekent concreet dat voor de onderdelen OGGZ en Veilig Thuis de incidentele uitbreiding die heeft plaatsgevonden voor 2025 ook in de begroting 2026 incidenteel is verwerkt. Beide merken vroegen een verdere ophoging van de formatie in 2026. Het Algemeen Bestuur heeft besloten dit niet toe te kennen. Gemeenten hebben daarmee de taak het aantal meldingen met beleid omlaag te brengen. Ook zal eerder een beroep op het lokale team gedaan worden. Het bestuur wordt gevraagd de gevolgen hiervan goed te monitoren. Voorstellen Tezamen met de begroting 2026 wordt een drietal voorstellen voorgelegd. Daarnaast is het voorstel dat bij de jaarstukken is voorgelegd, Mentale Gezondheid, in de begroting 2026 verwerkt. Bestuurlijke opdracht Leerplicht Op 10 april 2025 hebben de gemeenten op basis van de uitkomst van de bestuursopdracht, gekozen voor een scenario waarin de formatie van LVS voor de leerplichttaken wordt teruggebracht naar 15,5 fte.
Dit scenario is financieel verwerkt in de voorliggende ontwerp-begroting. Wij stellen voor hier mee in te stemmen. Wel zien we hier het gevaar dat een stijgend aantal meldingen in combinatie met een niet meegroeiende formatie bij LVS kan leiden tot een grotere druk op gemeenten en lokale team. Wij adviseren het bestuur te vragen de gevolgen van het besluit te monitoren. Uitvoering wet integrale suïcidepreventie In het voorjaar van 2024 is in de tweede kamer de Wet integrale suïcidepreventie aangenomen. Verwachting is dat de Wet medio 2025 van kracht gaat. Gemeenten krijgen hiermee een nieuwe taakopdracht die zij vorm moeten geven via de eigen gemeentelijke nota gezondheidsbeleid. De verwachting is dat gemeenten via de decentrale uitkering vanaf juni 2025 € 0,55 per inwoner ontvangen (er is landelijk structureel € 10 miljoen beschikbaar). Deze middelen zullen middels een verhoging van de inwonerbijdrage worden opgehaald bij de gemeenten. Maximaal het daadwerkelijke bedrag dat gemeenten ontvangen zal worden opgehaald of een door de gezamenlijke gemeenten nader te bepalen deel daarvan. Wij stellen voor hiermee in te stemmen. Privacy officer DG&J vraagt om een structurele bijdrage van € 115.000 voor de privacy officer. Aangezien dit een wettelijke verplichting is, stellen we voor hiermee in te stemmen.
Jeugdhulpuitgaven De financiële raming van de jeugdhulpuitgaven 2026-2029 is gebaseerd op de prognose (januari 2025) van de kosten per gemeente voor het jaar 2025. Deze verwachte uitgaven worden geïndexeerd naar het prijsniveau 2026. Vanuit het oogpunt van evenwichtig begrotingsbeleid is er voor gekozen zowel geen
groei als geen besparingen op te nemen ten opzichte van deze prognose. Net als vorig jaar worden gemeenten via hun zienswijze in de gelegenheid gesteld aan te geven of zij de opgenomen ramingen realistisch achten. Zo kunnen gemeenten de te verwachten effecten van (nog) door te voeren maatregelen in het kader van de Hervormingsagenda Jeugd en het Verbeterprogramma betaalbare en beschikbare jeugdhulp hierin meenemen of juist een wat conservatiever uitgangspunt voor hun begroting kiezen door uit te gaan van groei. Regionaal en lokaal wordt in het programma Betaalbare en beschikbare jeugdhulp gewerkt aan het afbakenen van het recht op jeugdhulp. We investeren, zowel lokaal als regionaal, in dit programma. We verwachten dat dit een besparing van € 300.000 voor 2026 op de kosten van jeugdhulp zal opleveren. Dit onderdeel zullen we meenemen in de zienswijze, waarbij we aangeven de door de Serviceorganisatie Jeugd afgegeven raming van € 12,5 miljoen met € 300.000 te verlagen. Regionaal en lokaal wordt het programma Beschikbare en betaalbare jeugdhulp uitgevoerd. Hierin wordt, in samenwerking tussen de gemeenten in de jeugdzorgregio, gewerkt aan een afbakening van jeugdhulp en het aanscherpen van alle segmenten in jeugdhulp. Het programma beoogt besparingen te realiseren op de kosten van jeugdhulp. Voorstellen en maatregelen worden in 2025 uitgewerkt en doorgerekend.
Onderdeel van het programma is ook een betere samenwerking tussen huisartsen en de jeugdbescherming met het lokaal team van Sterk Papendrecht. De verwachting is dat de uitwerking van de maatregelen zal leiden tot het bijstellen van de begroting voor 2026.
3. Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
Risicoprofiel
Oranje
Ingekomen stukken
1. Concept jaarrekening 2024, incl. accountantsverklaring 2. Ontwerpbegroting 2026 3. Jaarverslag 2024 n.v.t.
Algemene opmerkingen
Toelichting op concept jaarrekening 2024 OZHZ heeft voor alle deelnemende gemeenten een online omgeving gemaakt, waarin de jaarprogramma's en jaarverslagen zijn opgenomen. Recent is ook het jaarverslag 2024 van OZHZ voor de voor onze gemeente uitgevoerde taken toegevoegd: https://www.ozhz.nl/regio/papendrecht2024/ (zie ook bijlage 3). Een greep uit dit jaarverslag: * de E(nergie)-agenda werd in 2024 afgerond. Totaal werden in 2020-2024 102 controles bij Papendrechtse bedrijven en instellingen uitgevoerd op de naleving van de geldende energie(besparings)voorschriften uitgevoerd. Daarbij werd ook voorlichting over besparingsmogelijkheden verstrekt. Regionaal werden diverse bedrijventerreinen onder de loep genomen, energiescans uitgevoerd aan innovatietafels deelgenomen etc. De doelstelling om met de E-agenda in de regio 604 TJ energie te besparen is bereikt. * gereageerd op 71 milieuklachten en meldingen, incl. handhavingsverzoeken (geraamd was 95) * 16 periodieke controlebezoeken (geraamd 16) * 83 inspecties op asbestsloop (geraamd 55) * 3x bodemtoets bij bouw (geraamd 10x) * 0 meldingen bodemsanering (geraamd 5) * 1 omgevingsvergunning milieu (geraamd 5) *29 meldingen/toestemmingen milieu (geraamd 20) * 89 toestemming en meldingen sloop (geraamd 48 Specifiek voor Papendrecht werd van de begroting voor het jaarprogramma 2024 (€ 882.000) 93% gerealiseerd (€ 820.000).
Het grootste deel van die onderschrijding kwam voor rekening van het onderdeel Algemeen: € 32.000; vergunnen en melden: € 21.000; toezicht en handhaving: € 7000; expertise en adviestaken: € 2.000. Totale onderschrijding dus € 62.000. Dit bedrag wordt gerestitueerd aan de gemeente en komt ten gunste van de algemene middelen. Op concernniveau (baten en lasten van alle deelnemende gemeenten/provincie) is er sprake bij OZHZ van een positief financieel resultaat voor 2024 van € 604.000. Het voorstel is om het negatieve resultaat ten laste te brengen van het weerstandsvermogen om dit weer op het afgesproken peil te brengen. Op pagina 65 van de jaarstukken wordt ingegaan op de rechtmatigheidsverantwoording. Daarin is aangegeven dat er een bedrag van € 89.000 als niet rechtmatig tot stand gekomen kan worden aangemerkt, maar dat dit valt binnen de daarvoor gestelde grenzen. Aangegeven dat er samen met de commissie BBV acties zijn afgesproken ter voorkoming van dergelijke afwijkingen in de toekomst. Op blz. 74 e.v. van de jaarrekening is de -nagezonden- accountantsverklaring opgenomen.
Samengevat is het oordeel dat de jaarrekening een getrouw beeld bevat van de grootte en de samenstelling van de baten en lasten over 2024 en van het vermogen van Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid op 31 december 2024 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
Toelichting op de ontwerpbegroting 2026
Als belangrijkste ontwikkelingen en opgaven worden benoemd: 1. Algemene financiële context (o.a. verwerking effecten aanpassing nota bedrijfsvoering in 2025; uitwerking van de ombuigingen waartoe in 2024/2025 is besloten). 2. Kwaliteitsimpuls vergunningverlening, toezicht en handhaving en verdere implementatie van de in 2024 vastgestelde nota VTH. 3.versterking van de samenwerking met de andere omgevingsdiensten in ZH. 4. vaststellen regionaal uitvoeringsniveau van bodemtaken. 5. Zeer Zorgwekkende Stoffen. 6. Energiebesparing 9. Circulaire economie 10. indirecte lozingen/kaderrichtlijn water Ter uitvoering van de wensen om met het oog op het a.s. ravijnjaar tot ombuigingen te komen is conform de begrotingsrichtlijnen in de voorliggende ontwerpbegroting op concernniveau een besparing geraamd van 2,7 % in 2026 Deze besparing wordt echter helaas geheel weer opgeslokt door de geraamde indexering voor loon en prijsstijgingen, waardoor een stijging van het per saldo een stijging van het uurtarief is voorzien van 0,34% naar € 112,83 per uur voor 2026. De begroting is meerjarig in evenwicht. OZHZ staat de komende jaren wel voor ingewikkelde opgaven. Onder andere vanwege de stijgende kosten van inhuur en de eisen die op landelijk niveau wordt gesteld aan de (financiële) robuustheid van omgevingsdiensten.
Deze aspecten zijn al zo goed mogelijk verwerkt in de voorliggende ontwerpbegroting. Specifiek voor onze gemeente betekent dit dat de inwonerbijdrage voor 2026 nagenoeg gelijk blijft (€ 132.555). Voor het jaarprogramma worden de kosten geraamd op € 722.422,- (structureel en incidenteel samen). Dit is € 27.000,- minder dan in 2024. Maar uit de voorjaarsbrief 2026 van OZHZ blijkt dat inmiddels wel rekening moet worden gehouden met extra activiteiten/kosten voor o.a. bodem en geluid. Geraamd wordt € 12.000 structureel en € 38.000 incidenteel Zoals ook in de voorgestelde zienswijzen opgenomen worden die kosten nog op zijn merites beoordeeld bij het opstellen van het ter uitwerking van de begroting nog op te stellen specifieke jaarprogramma 2026 voor onze gemeente, dat moet passen binnen de begrotingskaders. Indien de voorgestelde kosten in de voorjaarsnota niet noodzakelijk zijn en geen besparingen binnen andere onderdelen van het programma kunnen worden gevonden, zal via de voorjaarsnota 2026 een voorstel voor verhoging van het budget volgen. Het op te stellen jaarprogramma 2026 specifiek voor onze gemeente dient te passen binnen deze kaders. Voorgestelde zienswijzen: zie afzonderlijke brief
4. Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio
Risicoprofiel
Oranje
Ingekomen stukken
1. Concept jaarrekening 2024 2. Ontwerpbegroting 2026 n.v.t.
Algemene opmerkingen
Toelichting op de concept jaarrekening 2024 Het jaarresultaat 2024 voor bestemming bedraagt € 2,2 mln. positief. Dit komt voort uit € 1,1 mln. aan personeel gerelateerde posten zoals (tijdelijke) vacatureruimten, lagere loonkosten vrijwilligers door lager aantal incidenten en doorbelasting van personeelskosten en € 0,9 mln. aan opbrengsten uit verkoop van diverse desinvesteringen (restwaarden) en vergoedingen uit extra werkzaamheden en opleidingen. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 6.1 van de jaarrekening 2024. In de jaarrekening worden twee resultaatbestemmingen voorgesteld. Er wordt voorgesteld om € 990.000 te storten in de Bestemmingsreserve Groot Onderhoud voor het dekken van hogere kosten door onderhoud en verduurzamingsmaatregelen. En er wordt voorgesteld om de resterende BDuRmiddelen van het Rijk te storten in de Bestemmingsreserve Crisisbeheersing en Informatievoorziening. Het resultaat na bestemming komt uit op € 1 mln. positief. Toelichting op de ontwerpbegroting 2026 De Veiligheidsregio heeft aangegeven dat de ontwerpbegroting 2026 is gebaseerd op de zes sporen uit het oude beleidsplan 2022-2025, omdat het nieuwe beleidsplan 2026-2029 nog niet gereed is. Er wordt wel ingegaan op de belangrijke ontwikkelingen in hoofdstuk 1.
Bestuursopdracht De Veiligheidsregio voert een bestuursopdracht uit om een verkenning te maken in het versterken van interregionale samenwerking. De acties voor de lange termijn krijgen een plaats in het nieuw op te stellen beleidsplan 2026-2029. De korte termijn acties worden meegenomen in de bespreking van het jaarrekeningresultaat 2024 en de ontwerpbegroting 2026. Per saldo gaat de ontwerpbegroting 2026 ten opzichte van 2025 met € 1,8 miljoen omhoog door voornamelijk loon- en prijsindexaties:
Voor de gemeente Papendrecht betekent dit een verhoging van € 0,1 miljoen in de gemeentelijke bijdragen.
5. Gemeenschappelijke regeling Bureau Openbare Verlichting Risicoprofiel
Oranje
Ingekomen stukken
1. Concept jaarrekening 2024 2. Ontwerpbegroting 2026 n.v.t.
Algemene opmerkingen
Toelichting op de jaarrekening 2024 Het jaar 2024 is voor Bureau OVL een jaar geweest van stabilisering na de grote aanpassingen en veranderingen die ooit gestart zijn in 2022. Zowel op het personele-, het contractuele-, alsmede op het beleidsmatig vlak is veel gestructureerd. Veranderingen die noodzakelijk waren om de dienstverlening door Bureau OVL aan de gemeenten te optimaliseren en te kunnen continueren zijn gerealiseerd. Dit betreft veranderingen die bijdragen aan een hoger arbeidsethos, verduurzamen teamsamenwerking, betere communicatie en meer eigenaarschap. En daarnaast veranderingen die bijdragen aan een betere samenwerking en communicatie met de beheerders en de contractaannemer. De financiële cijfers zijn afgezet tegen de begroting van 2024. Zoals beschreven in de begroting wordt ook in deze rapportage een onderscheid gemaakt tussen activiteiten die onder de DVO en activiteiten die onder het dienstenpakket DVO-Plus vallen. Op basis van deze rapportage kan een beeld worden gevormd hoe de bedrijfsvoering zich in 2024 ontwikkeld heeft. Financieel Het eigen vermogen blijft op € 180.640, dat is inclusief de toevoeging positief resultaat 2023. Het vreemd vermogen is gedaald door lagere kortlopende schulden.
Toelichting op de ontwerpbegroting 2026 Kerntaak van Bureau OVL is het uitvoeren van het beheer van de openbare verlichting en de centrale aansturing en bewaking op de uitvoering van de onderhoudswerkzaamheden hieraan. Het voortgezette verbetertraject, wat gestart is in 2022 heeft geleid dat er voor 2026 een goede structuur is neergezet, waardoor de samenwerking tussen Bureau-OVL, de gemeenten en de aannemer een dynamisch geheel kan zijn. Deze samenwerking wordt gekenmerkt door de beheersbare processen, tevreden opdrachtgevers én inwoners. Samenwerken naar een nieuwe, stabiele basis is een gezamenlijk belang. Door een onderlinge, open communicatie tussen beheerders en medewerkers van Bureau-OVL werken we aan een gezamenlijke doelstelling, verbeteren van de dienstverlening, rust en consolidatie. De komende jaren zal de focus zeker liggen bij het ver-LED-den van het complete areaal wat in beheer is bij Bureau OVL. De verwachting is dan ook dat storingen aan lichtobjecten drastisch zal afnemen. Het managementteam (de driehoek) is gestart met het uitzetten van strategie ‘middellange termijn’. Op zoek naar continuïteit, stabiliteit, robuustheid en veerkracht voor de organisatie. Financieel De bijdrage per lichtobject stijgt niet en is € 12,10 per lichtobject.
6. Gemeenschappelijke regeling Gevudo
Risicoprofiel
Groen
Ingekomen stukken
1. Jaarstukken 2024 2. Ontwerpbegroting 2026 n.v.t.
Algemene opmerkingen
Toelichting op de jaarstukken 2024 Naast de uitvoering van de begroting 2024, de opstelling en vaststelling van de begroting 2025 en vaststelling van de jaarstukken 2023 van de Regeling is dit jaar ook de concept-wijziging gemeenschappelijke regeling Gevudo aangeboden voor zienswijzen. Het AB heeft in december een financiële verordening vastgesteld, welke in 2025 in werking treedt. Bij de AvA van HVC van mei 2024 lag de nadruk op de herijking van de strategie HVC voor de periode 2025-2030. Een klankbordgroep van aandeelhouders, waar op persoonlijke titel ook twee AB-leden van Gevudo aan deelnamen, waren onderdeel van de ontwikkeling van deze strategie. Zowel aan de afval- als aan de energiekant wil HVC komende jaren investeren. HVC hanteert daarbij de eis dat de afzondelijke activiteiten zelfstandig moeten renderen. De herijkte strategie benadrukt het uitgangspunten van HVC waarbij de exploitatie werkt met een samen-uit-samen-thuis-principe. Dit bekekent dat alle aandeelhouders garant staan voor de investeringen, ook die op het gebied van warmte, terwijl niet elke aandeelhouder warmte afneemt van HVC. Uitgangspunten daarbij zijn het mitigeren van risico's en het uitvoeren van toegewezen taken tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. Gevudo heeft bij de AvA de wens uitgesproken graag het gesprek te willen blijven voeren over warmte met HVC.
HVC heeft hierop de toezegging gedaan hiervoor een bestuurlijk overleg over collectieve warmte op te richten. Om aan deze financieringsbehoefte te voldoen heeft de directie en de raad van commissarissen van HVC besloten de maximale garantstelling per aandeel op te hogen van € 202.000 naar € 222.000. De AvA heeft besloten het dividendbeleid te continueren waarmee de ontwikkeling naar het moment van keuzevrijheid van financiering vertraagt. Het is aan de AvA om per besluit af te wegen of zij daadwerkelijk van deze ruimte gebruik wil maken. In de loop van 2024 zijn geen nieuwe aandeelhouder toegetreden. Toelichting op de ontwerpbegroting 2026 Gevudo bezit 529 aandelen van HVC en behartigt en coördineert de aandeelhoudersbelangen van de deelnemende gemeenten richting HVC. Voor 2026 wordt een sluitende begroting geraamd. Die sluitendheid wordt bereikt door de begrote eigen kosten te verrekenen met de door te verstrekken provisie en mee- en tegenvallers direct met de deelnemers te verrekenen bij de 2e en laatste tranche van de door HVC te betalen provisie.