CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Toelichting ontwerpbegroting 2023 en jaarstukken 2021 per GR..pdf

Commissie ABZ Papendrecht 23 mei 2022, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 7: Zienswijze begroting 2023 - Zienswijze begroting 2023 gemeenschappelijke regelingen - Voorstel5.958 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting begroting 2023 en jaarstukken 2021 per GR. Een belangrijk sturingsinstrument voor de gemeenteraad is de zienswijze op de begroting van een verbonden partij ofwel gemeenschappelijke regeling. In onze Nota Verbonden Partijen is opgenomen dat het college de raad in de gelegenheid stelt om zienswijzen op begrotingen in te dienen. De raad stelt de begroting of jaarrekening dus niet vast, maar kan haar mening kenbaar maken aan het algemeen bestuur van de verbonden partij via de zienswijze. In april hebben de GR-en hun concept begroting 2023 en concept jaarstukken 2021 aan ons toegestuurd. Via het raadsvoorstel worden deze stukken in één keer, met één raadsvoorstel aan u voorgelegd. Indien van toepassing is bij deze stukken een concept zienswijze toegevoegd. Om het raadsvoorstel overzichtelijker te maken zijn, in tegenstelling tot voorgaande jaren, de algemene opmerkingen over de verbonden partijen en de toelichting per verbonden partij in deze bijlage opgenomen. In dit document vindt u dus de toelichting op alle begrotingen, jaarrekeningen en de zienswijze. Algemene opmerkingen. Risicoprofiel. Er bestaat variatie in de financiële en bestuurlijke belangen van de gemeente in de verschillenden verbonden partijen. Dit betekent dat de wijze en de mate van sturing per verbonden partij verschilt.

Daarom is in de Nota Verbonden Partijen gekozen voor een methodiek waarbij doormiddel van een risicoanalyse, per partij, een bestuurlijk financieel risicoprofiel wordt opgesteld. Dat risicoprofiel vormt de basis voor het sturingsarrangement dat we inzetten. Hoe groter het risico des te hoger onze intensiteit van sturing. Dit wordt zichtbaar gemaakt in de figuur aan de rechterzijde, die ontleend is aan de Nota Verbonden Partijen.

Tabel 1. Mate van sturing op basis van risicoprofiel.

Op dit moment is er een algemene trend van stijgende prijzen en oplopende kosten. Deze trend zal van invloed zijn op CAO besprekingen en de omvang van loonkosten. Daarbij komen de na-ijleffecten van Covid en een eventuele nieuwe Covid-golf in het najaar 2022 en begin 2023. Budgetten kunnen hierdoor verder onder druk komen te staan. Deze risico's spelen zowel bij de gemeente als bij de gemeenschappelijke regelingen. De afgelopen jaren heeft de rijksoverheid meermaals besloten extra wettelijke taken aan gemeenten toe te delen. Gemeenten voeren deze taken zelf uit of gezamenlijk via de gemeenschappelijke regelingen. Het patroon is zichtbaar dat gemeenten niet altijd volledig financieel gecompenseerd worden voor deze uitbreiding van taken. Dat risico is op dit moment ook aanwezig bij de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne en de taken voor bodembeheer die overkomen van de provincie. Deze ontwikkeling vergroot de druk op de gemeentelijke begroting en daarmee het risico dat gemeentelijke voorzieningen onder druk komen te staan. Begrotingen 2023. De mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen bestaat op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). De wet is in 2015 gewijzigd om gemeenteraden via de zienswijze beter in positie te brengen t.o.v. de begrotingen van verbonden partijen.

De algemeen besturen van de afzonderlijke gemeenschappelijke regelingen en verbonden partijen maken de jaarstukken op en stellen de begroting vast. Een door de gemeenteraad ingediende zienswijze is niet bindend voor de algemeen besturen. Deze hoeft dus niet te worden overgenomen. De GR Drechtsteden is per dit jaar komen te vervallen, er is dus enkel een jaarrekening 2021 beschikbaar. De GR Sociaal, voortgekomen uit de GRD, heeft geen jaarrekening maar wel een begroting 2023. Daarnaast is er vanuit de GRS/GRD een bijdrageverordening aangeboden.

Toelichting per verbonden partij. 2. GR Sociaal (begroting), GR Drechtsteden (jaarrekening) en bijdrageverordening Openbaar Lichaam Sociaal. 1) Begroting 2023 GR Sociaal. 2) Jaarrekening 2021 GR Drechtsteden onderdeel sociale dienst. 3) Verordening financiële bijdragen deelnemers Openbaar lichaam Sociaal. 1) Ontwerpbegroting GR Sociaal 2023. De conceptbegroting 2023 is een doorvertaling van de Uitgangspuntennotitie Begroting 2023-2026 waarin de regionale lokale uitgangspunten en beleidskeuzes zijn vastgelegd. Deze is op 8 februari 2022 in het Algemeen Bestuur van de GR Sociaal (GRS) behandeld en op 14 februari 2022 in het Dagelijks Bestuur van de GRS vastgesteld. Indien zich nieuwe aanvullende voorstellen aandienen, bijvoorbeeld op basis van nieuwe ontwikkelingen, dan worden aan de gemeenten voorgelegd met voorstel tot aanpassing van de begroting. De activiteiten die de GRS vervolgens uitvoert zijn gestoeld op de Regionale Visie Sociaal Domein. Volgens de begroting 2023 dragen de deelnemende gemeenten in totaal € 273 miljoen af aan de GRS. Het aandeel van Papendrecht bedraagt € 22,3 miljoen (zie ook bijlage E van de begroting 2023 GRS). In de meerjarenbegroting 2023-2026 van de GRS wordt voor de ontwikkeling van de bijdrage van de gemeenten rekening gehouden met reële ramingen.

In tegenstelling tot de voorgaande begroting van de GRS zijn in de begroting 2023 geen verschillende scenario's gepresenteerd. In het (voorgaande) perspectief 2022-2025 heeft de gemeente geraamd op basis van kostenontwikkeling aannames uitgangspunten begroting 2022 van de GRS (gele scenario). De aannames zijn in de begroting 2023 van de GRS op onderdelen neerwaarts bijgesteld. De bijdragen 2023 en verder, zoals opgenomen in de begroting 2023 van de GRS kunnen worden bekostigd uit de lopende begroting van de gemeente. Via de Perspectiefnota 2022 zal het meerjarenperspectief van de gemeentelijke begroting positief worden bijgesteld. Actuele ontwikkelingen. Het blijft onzeker of en in welke mate corona van invloed zal blijven op de activiteiten van de GRS. Daarnaast spelen de oorlog in Oekraïne, de oplopende prijzen van energie en grondstoffen die veel dagelijks noodzakelijke inkopen duurder maken, een rol in de ontwikkeling van de financiële gesteldheid van onze inwoners. Hoe sterk dit effect zal zijn is onduidelijk. Daarnaast zijn de eerdere steunmaatregelen in het kader van Corona afgelopen. Inmiddels worden de eerste meldingen van een oplopende aantal faillissementen in de samenleving gedaan. De eerder verwachte hausse aan faillissementen door de coronacrisis in 2020 en 2021 bleef uit, vanwege de ondersteunende rijksmaatregelen.

Volgens de laatste berichten van het CBS loopt het aantal faillissementen nu langzaam op. Deze ontwikkeling is nog niet meegenomen in de begroting, als effect waarvan de mogelijke gevolgen door kunnen werken in de bestandsontwikkeling en dienstverlening. Transitie. Per 1 januari 2022 is de GRS een feit. 2022 zal gebruikt worden voor het nog inregelen van een aantal noodzakelijke –procesmatige- zaken en er wordt via herijking van de verschillende beleidsterreinen gekeken welke aanpassingen er gewenst zijn, op basis van lokale wensen. Nieuwe ontwikkelingen en maatwerkkeuzes kunnen leiden tot begrotingswijzigingen die dan doorgevoerd moeten worden. In 2022 wordt ook gewerkt aan het samengaan van de GR Sociaal met de GR Drechtwerk. De deelnemende gemeenteraden zal worden gevraagd het samengaan van de twee organisaties concreet vorm te geven zodat dit per 1 januari 2023 een feit is. De opgave Ontwikkelen naar Werk wordt in 2023 verder ingericht, inclusief Drechtwerk. Samen wordt gewerkt aan het bereiken van de

ambities uit de Regionale Visie, waardoor er meer focus ontstaat op het realiseren van de gestelde doelen daarin. Informatievoorziening Sociale Dienst Drechtsteden. Vorig jaar hebben we te kennen gegeven een grotere behoefte te hebben aan informatie. Het gaat hierbij om lokale, meerjarige sturingsinformatie over onze gemeente (gegevens/kengetallen/ gebruik van regelingen). SDD heeft aangegeven dat dit structureel in de begroting het forse bedrag van €500.000 euro kost. Ondanks voorbesprekingen (ambtelijk en bestuurlijk) in aanloop naar de Begroting 2023 en in het voorliggend document ontbreekt steeds inzicht in de opbouw van deze kosten. Hierdoor is onduidelijk hoe deze kosten zijn opgebouwd, hoe reëel deze zijn en of we lagere of hogere ramingen in de toekomst kunnen verwachten. Een transparant beeld en ook monitoring van de kosten is gewenst, mede ook in verband met de zorgelijke financiële situatie van gemeenten. Financieel kader sociaal domein. Het 'Financieel Kader Sociale Dienst Drechtsteden' is door het Drechtstedenbestuur medio 2020 vastgesteld. Jaarlijks wordt door de Algemeen Bestuur op basis hiervan een uitgangspuntennotitie vastgesteld. De vastgestelde uitgangspunten van de Uitgangspuntennotitie Begroting 2023-2026, zijn toegepast bij het opstellen van de Begroting 2023. Bij de conceptbegroting wordt een meerjarenraming opgenomen voor de drie volgende jaren.

Bij begroting 2023 hoort dus een meerjarenraming voor 2024 tot en met 2026. Verdeelsleutels. De gemeentelijke bijdragen in de kosten van de GRS worden bepaald aan de hand van verdeelsleutels, die op 5 oktober 2021 zijn geactualiseerd en vastgesteld in de Drechtraad. Ze zullen per 2023 worden toegepast. Dat veroorzaakt een herverdeeleffect, waarbij de ene gemeente minder gaat bijdragen aan de GRS en de andere gemeente juist meer. Om de impact hiervan voor gemeenten te verzachten is besloten een ingroeimodel te hanteren: 2023: 75% huidige systematiek 25% nieuwe systematiek 2024: 50% huidige systematiek 50% nieuwe systematiek 2025: 25% huidige systematiek 75% nieuwe systematiek 2026: 100% nieuwe systematiek In de conceptverordening financiële bijdragen deelnemers Openbaar lichaam Sociaal die ter besluitvorming is meegezonden met de jaarstukken 2021 en de begroting 2023 zijn deze wijzigingen conform de besluitvorming hierover in de voormalige Drechtraad, verwerkt. Voor Papendrecht wijzigt er in de bijdrage als gevolg van deze nieuwe verdeelsleutels nagenoeg niks en is er eigenlijk geen spraken van een herverdeeleffect. Het effect op de begroting is marginaal. Kostenindexering. In deze conceptbegroting zijn de budgetten aangepast voor loon- en prijsontwikkelingen.

Conform de kaderstelling voor de gemeenschappelijke regelingen in Zuid-Holland Zuid worden voor deze indexering de CPB-ramingen gehanteerd zoals die zijn opgenomen in de septembercirculaire 2021 gemeentefonds. Dit houdt in dat loonkosten met 2,0% en prijzen 1,9% stijgen. Kapitaallasten worden niet geïndexeerd. De rekenrente voor de kapitaallasten is 1%. De huidige cao heeft een looptijd van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2022. In totaal stijgen de lonen in 2022 met 3,9% (excl. wijzigingen sociale lasten en pensioenpremie). In de primaire begroting 2022 was al rekening gehouden met het indexcijfer vanuit de septembercirculaire 2020 van 1,3%. Voor 2023 is in de ramingen rekening gehouden met een structurele loonontwikkeling van 2%.

2) Concept Jaarstukken 2021 GR Drechtsteden. Ten opzichte van de 2e bestuur rapportage 2021 GRD bedraagt het jaarresultaat over 2021 in totaal € 3.482.000 positief. Het resultaat dat ter bestemming wordt voorgelegd is € 446.000 positief. Het AB GR Sociaal neemt een besluit over de bestemming van dit resultaat. Op de resultaatbepalende onderdelen is een resultaat behaald van € 3.036.000 positief. Doordat hier met gemeenten op basis van voor- en nacalculatie wordt afgerekend, maakt dit geen onderdeel uit van het resultaat van de GRD waarover resultaatbestemming plaatsvindt. Het financieel effect van de 2 e bestuur rapportage 2021 GRD voor de gemeenten was € 0,8 miljoen negatief. Het jaarresultaat 2021 is aanvullend ten opzichte van de 2e bestuur rapportage 2021. Voorgesteld wordt om het bedrag van € 446.000 te bestemmen voor het afdekken van het risico op een eventuele terugbetaling, na de verantwoording op de TOZO-regeling. De eisen aan de verantwoording zijn dermate hoog dat de kosten hiervan, mogelijk de compensatie door het Rijk overstijgen. De landelijke discussie over de verantwoording van de Tozo-regeling loopt nog steeds. Opgemerkt wordt dat de Jaarrekening 2021 van 8 april 2022 nog als concept is aangeboden. Onder paragraaf 1.2 van de jaarrekening vindt per onderdeel van de GRD een korte (financiële) toelichting plaats van de afwijkingen.

Hieronder worden de onderdelen er apart uitgelicht: Sociale Dienst Drechtsteden; Gemeentebelastingen en Basisinformatie Drechtsteden (GBD) en het Onderzoekcentrum Drechtsteden (OCD) Sociale Dienst Drechtsteden. Het jaarresultaat van de SDD over 2021 is ten opzichte van de 2e bestuur rapportage 2021 afgerond € 4,3 mln. positief. Het financieel effect voor gemeenten is € 3,7 mln. in verband met de overheveling van € 0,6 mln. naar 2022. Het positieve resultaat wordt vooral veroorzaakt door voordelen bij de opgaven Bestaanszekerheid versterken, Ontwikkelen naar werk, Zorgen voor ondersteuning en een voordeel op de apparaatskosten. Eerder was besloten door het Algemeen Bestuur, om het overschot op de TONK-middelen die alle Drechtsteden hebben, voor een eventueel tekort reserveren. Door de bestemmingsreserve hiervoor aan te wenden kan deze claim vervallen. De TONK-middelen kunnen daardoor alsnog door Papendrecht vrij ingezet worden voor andere doeleinden. Op dit moment wordt er aan gedacht om voor te stellen, om deze te reserveren voor een eventueel tekort op de Regeling tegemoetkoming Energiearmoede. Hierbij bestaat een risico dat op de beschikbare middelen vanuit het Rijk een tekort kan ontstaan als het aantal aanvragen hoger is dan ingeschat.

Indien dit zich voordoet kunnen dan de TONK-middelen hiervoor aangewend worden en komen deze alsnog bij Papendrechters terecht, die financiële nood ervaren. Gemeentebelastingen en Basisinformatie Drechtsteden (GBD) en het Onderzoekcentrum Drechtsteden (OCD). In de 2e bestuur rapportage heeft GBD/OCD de volgende drie grote risico's gemeld. 1.

Gevolgen bezwaarschriften No-Cure No-Pay bedrijven. Opnieuw was er in 2021 een aanmerkelijke toename van het aantal bezwaarschriften die via de No-Cure No-Pay bedrijven zijn ingediend. De effecten hiervan op de belastingopbrengsten zijn nauwelijks zichtbaar. Voor de bedrijfsvoering van de GBD/OCD is dit echter een aanmerkelijk last. De wettelijke 13 betalingen aan deze bureaus zijn ook dit jaar weer gestegen en is het noodzakelijk geweest extra capaciteit in te huren om al die bezwaarschriften ordentelijk af te handelen. In totaal leverde dit een kostenpost op van € 309.000,-. Signalen vanuit de VNG hebben nog niet geleid tot maatregelen op Rijksniveau. Deze last wordt als incidenteel beschouwd en zal ook in de toekomstige Dordtse begroting als risico opgenomen moeten worden.

2.

3.

4.

Loonkosten. Al eerder is aangegeven dat de loonkosten GBD/OCD op basis van nacalculatie worden berekend. In de 2e BURAP is een deel van deze nacalculatie gehonoreerd. Hierbij is een risico opgenomen voor het restant. Bij deze jaarrekening is dit restant voor de uitvoering van de belastingen € 112.000,-. Tevens is gebleken dat een deel van de kosten van het Smart Data Center niet declarabel waren. Het gaat hier om een bedrag van € 178.000,-. Dit wordt geschaard onder het gemelde risico ten aanzien van de loonkosten. Het definitieve Caoakkoord over 2021 en 2022 betekent voor de GBD € 63.000 en voor het OCD € 19.000 extra loonkosten over 2021. Effecten Covid-19. Voor de belastingheffing en –inning zijn extra inspanningen gedaan om het effect van Covid19 op de opbrengsten zo klein mogelijk te houden en tegemoet te komen aan de problemen van ondernemers. Dit gebeurde via betalingsregelingen en het verzenden van extra informatie aan belastingplichtigen. Totaal worden deze inspanningen becijferd op € 90.000,-. De risicoeffecten op de afname van onderzoekinkomsten in verband met de nodige capaciteit voor de corona is € 180.000.-. Toeslagenaffaire Kinderopvang.

Ten slotte heeft de rijksoverheid in verband met de Toeslagenaffaire Kinderopvang compensatie toegezegd voor zowel de belastinginkomsten als de werkzaamheden van de GBD/OCD voor de dossiervorming en kwijtschelding voor de slachtoffers van deze affaire. De gemeenten kunnen beide tegemoetkomingen aanvragen. De tegemoetkoming voor de GBD/OCD is voorlopig becijferd op €.115.000,-. Deze middelen worden door de deelnemende gemeenten bij het Rijk gedeclareerd. Dat geldt overigens ook voor de gederfde belastinginkomsten.

Samenvattend sluit GBD/OCD dit jaar af met een negatief resultaat van in totaal € 951.000. 3) Verordening financiële bijdragen deelnemers Openbaar Lichaam Sociaal. In november 2021 is de nieuwe kosten-verdeelsystematiek Sociale Dienst Drechtsteden vastgesteld door de Drechtraad. Daarmee zijn de kostenverdeelsleutels geactualiseerd en zijn er nieuwe sleutels voor de taken van de GR Sociaal, zoals deze zijn opgenomen in de Gemeenschappelijke regeling onder artikel 5, bepaald. Zie ook hierboven, onder het kopje Verdeelsleutels. In de voorliggende concept Verordening financiële bijdragen deelnemers Openbaar lichaam Sociaal zijn de wijzigingen aangaande de verdeelsleutels conform de besluitvorming hierover in de Drechtraad verwerkt en worden deze volgens het afgesproken ingroeimodel gehanteerd. Geadviseerd wordt om te constateren dat de wijzigingen in de Verordening financiële bijdragen deelnemers Openbaar lichaam Sociaal zijn verwerkt, conform de gemaakte afspraken in de Drechtraad. Voorgesteld wordt hierop geen zienswijze uit te brengen en daarmee in te stemmen met de wijziging van de Verordening financiële bijdragen deelnemers Openbaar lichaam Sociaal.

B.

GR Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J). 1) Begroting 2023 e.v.GR Dienst Gezondheid & Jeugd. 2) Jaarstukken 2021 GR Dienst Gezondheid & Jeugd.

1) Begroting DG&J en SOJ 2023. De begroting 2023 is opgesteld conform de uitgangspunten van de door het algemeen bestuur vastgestelde kaderbrief 2023 en bevat tevens een meerjarenraming voor de periode 2024-2026. De begroting 2023 van DG&J is volgens de kaders zoals deze in de kaderbrief 2023 zijn aangegeven geïndexeerd, wat betekent dat de lonen met 2% zijn geïndexeerd en de materiele budgetten met 1,5%. In de begroting zijn verder twee inhoudelijke voorstellen verwerkt die kunnen leiden tot een aanpassing van de inwonerbijdrage voor het organisatieonderdeel DG&J. Meldpunt Zorg & Overlast (ZO). Voorgesteld wordt om de formatie van het Meldpunt Zorg en Overlast ui te breiden en de inwonerbijdrage met € 120.406 structureel te verhogen. Dit vanwege de explosieve groei van met name het aantal recidivemeldingen, zoals ook in de jaarrekening zijn beschreven. In eerdere bestuur rapportages is hiervan melding gemaakt, maar niet is aangegeven dat hier op termijn formatieuitbreiding nodig zou zijn. Hierbij was aangegeven dat dit gerelateerd zou zijn aan de lock-downs vanwege de Covid pandemie. In het kader van de aanpak van personen met verward gedrag wordt in Papendrecht ingezet op de pilots Wijk GGD'er en waakvlamfunctie. Veilig thuis. In de begroting is voor 2023 een incidentele verhoging van € 616.000 voor Veilig Thuis opgenomen.

Gesteld wordt dat de overname van het lokale veld ook in 2023 uitermate onzeker is en dat de aanpak Veilig Opgroeien is Teamwerk (VOiT) nog maar in een gemeente operationeel is in de regio ZHZ. Indien het lokale veld de meldingen kan overnemen, kan een mogelijke daling in de benodigde capaciteit gerealiseerd worden ter hoogte van maximaal € 315.000. In Papendrecht wordt gewerkt aan het goed operationeel krijgen van VOiT. Hiervoor is inzet van alle betrokken partijen noodzakelijk, om de keten op orde te krijgen en helder te krijgen welke inzet benodigd is vanuit partijen in deze keten. Ook met Sterk Papendrecht zal besproken moeten worden wat de ontwikkelingen rondom Veilig thuis van hen vragen. De totaal verschuldigde inwonerbijdrage 2023 aan de DG&J bedraagt voor de gezamenlijke gemeenten € 27,6 miljoen. Het Papendrechtse aandeel bedraagt € 1,9 miljoen. In deze bijdrage is het financiële effect van het beleidsvoorstel OGGZ – Meldpunt Zorg en Overlast niet meegenomen. Via de Perspectiefnota 2022 zal een aanvullend budget worden bij geraamd. Onderdeel SOJ. De zorgvraag rondom jeugd is grillig en laat zich nauwelijks voorspellen. Hierbij zijn er mogelijk nog effecten als gevolg van de coronacrisis. Op het schaalniveau van een gemeente als Papendrecht leiden cliënten met een intensive zorginzet tot fors hogere totale kosten wat betreft jeugdhulp.

Gelet hierop blijft het mogelijk dat begrotingswijzigingen dienen plaats te vinden. Om tot kostenbeheersing te komen is het belangrijk om lokaal acties te blijven ondernemen. Aan de hand van de Uitvoeringsagenda jeugd(hulp) 2022 moet ingezet blijven worden op de toegang, normaliseren van hulpvragen en goede data-analyses. Ook de landelijke hervormingsagenda jeugd die momenteel wordt uitgewerkt biedt hopelijk voldoende handvatten om tot kostenbeheersing te komen. Niettemin blijft in de tussentijd een gezamenlijke lobby met andere gemeenten noodzakelijk om voldoende middelen vanuit het Rijk te ontvangen.

Hoe verwerkt in begroting? In de primaire begroting voor 2023 zijn de actuele inzichten van de zorgvraag per gemeente verwerkt. Dit is van belang omdat met ingang van 2023 de solidariteit volledig is afgebouwd en de begroting derhalve met een raming van de kosten per gemeente moet worden opgebouwd. De primaire begroting is gebaseerd op de prognose van de kosten per gemeente voor het jaar 2022 van het bij de SOJ in gebruik zijnde forecast model vermeerderd met de apparaatskosten SOJ, subsidies/lumpsum bekostiging, effecten inkoop, intensiveringen en indexatie voor het jaar 2023. Hiernaast is de primaire begroting verminderd met onder meer de besparingen zoals opgegeven door gemeenten en de impact van de nieuwe inkoop. Gezien de trend van de afgelopen jaren, met een hogere inzet per jeugdige, is het reëel om een groeipercentage op te nemen in de uitgavenraming. Het wordt wel realistisch geacht om van een aflopende groei uit te gaan. In de vergadering van het Algemeen bestuur van 7 april 2022, waar ook de portefeuillehouders Financiën voor uitgenodigd waren, zijn een tweetal scenario’s besproken: • •

Een scenario gebaseerd op de referentiejaren 2019, 2020, 2021 met een groei van 6%, 4% en 2% in respectievelijk 2022, 2023 en 2024 Een scenario gebaseerd op de referentiejaren 2020 en 2021 met een groei van 5% in 2022, 2,5% in 2023 en 0% voor de jaren erna.

Het Algemeen bestuur heeft gekozen voor dit laatste scenario als basis voor de regionale begroting. Dit is verwerkt in de voorliggende conceptbegroting. Verder is besloten om aan de raden te vragen welk bedrag zij als realistisch voor hun gemeente beschouwen om op te nemen voor 2023. Als dat afwijkt van hetgeen in de voorgelegde begroting staat, wordt dit bedrag, mits afdoende gemotiveerd, voor de betreffende gemeente opgenomen in de GR-begroting voor 2023. De totaal verschuldigde inwonerbijdrage 2023 aan de SOJ bedraagt voor de gezamenlijke gemeenten € 134,1 miljoen. Het Papendrechtse aandeel bedraagt hierin € 9,1 miljoen (zie bijlage 1 Inwonerbijdrage 2023 van de DG&J). Onder hoofdstuk 1.2 van de begroting 2023 vindt een verdere uitwerking plaats, waarin onder meer wordt ingegaan op een genoemde realistische ontwikkeling van jeugdhulp kosten. In de begroting van de gemeente is onvoldoende rekening gehouden met de (bijgestelde) uitgangspunten van de begroting van de SOJ. Via de Perspectiefnota 2022 zal het meerjarenperspectief van de gemeentelijke begroting worden bijgesteld. 2) Jaarrekening DG&J en SOJ 2021. In 2021 zijn de gerealiseerde kosten aanzienlijk hoger dan voorzien. Dit wordt nagenoeg geheel veroorzaakt door de kosten die zijn gemaakt oor COVID-19.

Doordat deze kosten op basis van de meerkostenregeling kunnen worden gedeclareerd bij het Ministerie van VWS hebben ze geen effect op het jaarrekeningresultaat van DGJ. Het resultaat voor de reguliere DGJ-taken is neutraal. Er hoeft geen resultaat ten laste of ten gunste van de reserve gebracht te worden. Onderdeel SOJ. Het resultaat SOJ is over 2021 € 3,9 miljoen (2,9%) nadeliger ten opzichte van de gewijzigde begroting op basis van de eerste bestuur rapportage 2021. Bij de tweede bestuur rapportage 2021 is een kostenstijging van € 1,7 miljoen ten opzichte van de eerste bestuur rapportage gerapporteerd. Voor een verdere financiële toelichting wordt verwezen naar paragraaf 2.3.3 , waaronder blz. 52 en verder van de voorlopige jaarrekening 2021. Het financiële effect voor de gemeente Papendrecht zal verwerkt worden in de jaarrekening 2021 van de gemeente.

C.

GR Omgevingsdienst Zuid-Holland-Zuid. 1) Begroting 2023 Omgevingsdienst Zuid-Holland-Zuid. 2) Jaarrekening 2021 Omgevingsdienst Zuid-Holland-Zuid.

1. Toelichting Begroting 2023 Omgevingsdienst ZHZ. + Zienswijze. De bedragen opgenomen in de ontwerpbegroting op blz. 41 over de jaarprogramma's (met name de jaarschijf 2022) sluiten niet aan met het jaarprogramma 2022 dat is vastgesteld voor de gemeente Papendrecht. Het verschil is dermate groot € 540.000 versus € 492.000 (opgenomen in tabel in de ontwerpwerpbegroting) dat nadere toelichting wordt gevraagd. Dit is ambtelijk besproken en betreft een rekenfout vanuit OZHZ die gecorrigeerd wordt. Het bedrag van het jaarprogramma zoals vastgesteld in onze gemeente klopt. Hiervoor volgt een brief met toelichting op de rectificatie. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet gaat het bevoegd gezag voor bodemsaneringstaken grotendeels over van de provincie naar de gemeenten. De bodemsaneringstaak is onderdeel van het basistakenpakket van omgevingsdiensten. Over het benodigde uitvoeringsniveau van de nieuwe bodemtaken moeten nog nadere afspraken worden gemaakt. Er is op dit moment nog geen duidelijkheid over de financiering vanuit het Rijk voor deze taken. Het risico bestaat dat de bodemtaken niet kostendekkend overgaan naar de gemeenten. Vanuit deze onzekerheid is in de ontwerpbegroting 2023 een bedrag van € 500.000 structureel en € 300.000 incidenteel toevoegt aan de gemeentelijke jaarprogramma's.

Doel is om in dit jaar aan de hand van de eerste ervaringen met de Omgevingswet meer inzicht te krijgen in de omvang van de uitvoering en de benodigde middelen. Op basis van dit inzicht zullen op later moment structurele afspraken over uitvoeringsbeleid en benodigde middelen worden gemaakt. Als RES-regio hebben we ambitieuze doelen gesteld in de RES 1.0. Bedrijven zijn wettelijk verplicht om energie te besparen. OZHZ controleert namens de gemeenten en provincie of de bedrijven doen wat ze verplicht zijn én stimuleert het toepassen van energiebesparende en opwekkende maatregelen. Hiervoor zijn door onze gemeente incidenteel extra middelen beschikbaar gesteld. In 2022 moet duidelijk worden of dit structureel wordt. Vooralsnog is met onze perspectief nota rekening gehouden met de extra kosten voor bovengenoemde taken. 2. Toelichting Jaarrekening 2023 Omgevingsdienst ZHZ. De jaarstukken 2021 zijn op 14 april 2022 vastgesteld door het Dagelijks Bestuur van de OZHZ (DB). Met de jaarstukken wordt verslag gedaan van de uitvoering van de begroting 2021 en verantwoording gegeven over de behaalde beheersmatige en financiële resultaten. Het jaar is net als voorgaande jaren afgesloten met een positief resultaat. Het rekeningresultaat 2021 bedraagt € 267.000. Conform de geldende regionale afspraken zou hiervan in elk geval € 47.000 moeten worden toegevoegd aan het weerstandsvermogen.

Geadviseerd wordt akkoord te gaan met het op peil brengen van het weerstandsvermogen met € 47.000 conform de geldende regionale afspraken en dit op te nemen in de zienswijze. Gegeven de hoge inflatie en de onzekerheden hieromtrent verzoekt het DB het restant € 220.000 ook toe te voegen aan het weerstandsvermogen. Gezien de gebruikte argumenten vinden wij dit niet noodzakelijk. De voorgelegde begroting 2023 is solide. Geadviseerd wordt niet akkoord te gaan met het toevoegen van het restant van € 220.000 aan het weerstandsvermogen en dit op te nemen in de zienswijze. Dit restant moet worden uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten conform de geldende regionale afspraken.

Uit de stukken komt een beeld naar voren van een organisatie die zich ondanks lastige omstandigheden, denk aan Covid-19 en de uitgestelde invoering van de Omgevingswet, volledig heeft ingezet voor een gezonde leefomgeving voor Zuid-Holland Zuid. Zo is inmiddels ook de basis voor het uitvoeren van de taken onder de Omgevingswet, verwachtte invoering op 1 januari 2023, op orde. Extra aandacht was er in 2021 voor: - Het brandveilig maken van parkeergarages i.v.m. toename elektrische auto's; - Locaties voor waterstoftanks; - Verduurzamen bedrijventerreinen; - Koppelen van data en dataproducten aan opgaven vanuit de opdrachtgevers. Ontwikkelingen met impact op de uitvoering van de taken door de OZHZ waren: - Komst Omgevingswet; - Uitvoering energieagenda; - Klimaatadaptatie; - Overdracht bodemtaken van provincie naar gemeenten.

D.

GR Veiligheidsregio Zuid-Holland-Zuid. 1) Ontwerpbegroting 2023 VRZHZ. 2) Jaarrekening 2021 VRZHZ.

1) Ontwerpbegroting 2023 VRZHZ. De ontwerpbegroting 2023 is de tweede begroting op basis van het beleidsplan 2022-2025. In dit beleidsplan worden een zestal sporen als uitgangspunten voor het beleid beschreven: 1. Passend acteren op ons risicobeleid. 2. Deskundig adviseren in risicobeheersing en verbindend regisseren in crisisbeheersing. 3. Krachtige brandweerzorg op maat door beroeps en vrijwilligers. 4. Informatie gestuurd werken. 5. Omgevingsgericht werken aan zelfredzaamheid. 6. Wendbaar en duurzaam organiseren. Benodigde extra bijdrages. In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 10 maart en 14 april 2022 is een toelichting gegeven over de negatieve begrotingsresultaten in meerjarig perspectief. Het tekort in 2021 kon worden gedekt door de reserve Vijfheerenlanden. De prognose van het tekort over 2022 bedraagt € 2.161.000,00. Het betreft hier een prognose, het werkelijke resultaat over 2022 kan afwijken. Het bestuur heeft aangegeven dat men blijft bekijken of er (incidentele) besparingen kunnen worden gerealiseerd in 2022 met als uitgangspunt dat de dienstverlening op het afgesproken niveau blijft. De structurele gevolgen vanaf 2023 bedragen een tekort van € 2.264.000,00.

Dit bedrag is opgebouwd uit de kosten voor de nieuwe gemeentelijke CAO, die structureel bedragen € 464.000,00, deze gemeentelijke CAO afspraken lopen tot 2023, daarna zullen deze kosten wellicht wederom gaan stijgen als er nieuwe gemeentelijke CAO afspraken tot stand komen. Daarnaast is er het bedrag van € 1.800.000,00 aan hogere kosten. De toename van de structureel hogere kosten zijn: inkoop en onderhoud van materieel en materialen, onderhoud gebouwen, ICT en informatie-veiligheid, de nieuwe Omgevingswet en het innovatieve Multi Intelligence Center. Meer onzekerheid in het meerjarig perspectief. De Veiligheidsregio ZHZ is door de Covid-pandemie en de opvang van Oekraïners belast met extra taken en werkzaamheden. De Veiligheidsregio vormt de schakel tussen Rijk en gemeenten. De effecten van deze crisissituaties zijn langlopend. Hoe de Covid-pandemie en de opvang van Oekraïners zich in de nabije toekomst gaan ontwikkelen en de (blijvende) effecten voor de Veiligheidsregio ZHZ zijn onzeker. Door de economische ontwikkelingen zullen mogelijk de structurele kosten verder stijgen. Op dit moment zien we de prijzen stijgen en de kosten oplopen in de samenleving. De vraag in dit kader is dus of de gevraagde (extra) gemeentelijke bijdrage voldoende zal zijn om de kosten in de komende jaren te dekken.

De extra gevraagde bijdragen van het bestuur van de Veiligheidsregio ZHZ bestaan uit: - Een eenmalige bijdrage voor het lopende jaar 2022 betreffende het verwachte tekort van € 2.161.000,00, - Een extra structurele bijdrage vanaf het begrotingsjaar 2023 van € 2.264.000,00. De Veiligheidsregio ZHZ heeft de afgelopen jaren een groot aantal bezuinigingen gerealiseerd. Nieuwe bezuinigingen zullen dan ook direct effect hebben op de kwaliteit van de dienstverlening. Het tekort is ondanks de bezuinigingen die de afgelopen jaren zijn doorgevoerd niet meer op te vangen. Daarnaast constateren we gelijktijdig, dat waar de resultaten van de jaarrekeningen tot en met 2019 een positief resultaat lieten zien, deze middelen terugvloeide naar de gemeenten, vanaf 2020 is de veiligheidsregio in de rode cijfers terecht gekomen. De stijgende kosten van de Veiligheidsregio ZHZ, zoals beschreven in de begroting 2023, zijn substantieel voor de gemeentebegroting. Dit zorgt voor een grote gezamenlijke financiële en inhoudelijke verantwoordelijkheid. De raad is via de raadsinformatiebrief van 18 januari 2022 op de hoogte gebracht van de verwachte toenemende kosten. Tegelijk met deze informatiebrief zijn er ook toelichtende stukken van de Veiligheidsregio ZHZ meegestuurd. Er is aangegeven dat de verwerking van de begroting 2023 en verder wordt opgenomen in de perspectiefnota 2022-2027. Dit heeft ook

plaatsgevonden en is op basis van het gemeentelijk aandeel Papendrecht aan de Veiligheidsregio ZHZ, verhoogd met € 147.000 structureel vanaf 2022. 2) Jaarstukken 2021 VRZHZ. Bij het opstellen van de begroting 2021 is door het bestuur uitgegaan van een tekort van bijna €1.000.000. Het werkelijke tekort over 2021 komt uit op €1.900.000. Het tekort kan bijna geheel worden opgevangen uit de reserve Vijfheerenlanden. Er resteert dan nog een tekort over 2021 van € 9.000,00 dat verrekend kan worden met de gemeenten, waardoor het jaarresultaat 2021 geen deel uitmaakt van de zienswijzeprocedure. Dit is in lijn met de in het algemeen bestuur vastgestelde "Eenduidige kader voor begroting en algemene reserve GR'en. De reserve Vijfheerenlanden is hiermee volledig opgebruikt. Deze jaarstukken zijn vastgesteld in de vergadering van het algemeen bestuur van 12 april 2022. In 2021 heeft een grote inzet van activiteiten in het kader van Coronapandemie plaatsgevonden vanuit de Veiligheidsregio ZHZ. Met als resultaat dat een groot aantal reguliere activiteiten uit het jaarplan 2021 zijn doorgeschoven naar het jaarplan 2022. Dit doorschuiven veroorzaakt geen (bestuurlijke) risico's, naar de mening van het bestuur van de Veiligheidsregio.

E.

GR Drechtwerk. 1) Begroting 2023 e.v.GR Drechtwerk. 2) Jaarrekening 2021 GR Drechtwerk.

1) Begroting 2023 Drechtwerk. In 2022 zal het in 2021 genomen besluit tot samensmelting van de GR Drechtwerk met de GR Sociaal een feit worden. In 2022 zullen de deelnemende gemeenteraden worden gevraagd het samengaan van de twee organisaties concreet vorm te geven zodat dit per 1 januari 2023 een feit is. Door deze samenwerking worden twee organisaties met in de basis dezelfde doelgroep, slim gecombineerd. Zo ontstaat er een breed mensgericht ontwikkelbedrijf waarin onze inwoners zich kunnen ontwikkelen, kunnen groeien naar werk en eventueel kunnen uitstromen. Het nieuwe sociaal ontwikkelbedrijf is daarmee goed voorbereid op haar toekomst. Deze (meer jaren-)begroting GR Drechtwerk zal per 2023 onderdeel zijn van het grotere financiële raamwerk van de GR Sociaal. Maar wel als herkenbaar onderdeel van de GR, met de eigen doelstellingen en financiële basis. Inhoudelijk gaan de begroting 2023 en de daarbij horende meerjarenramingen, voort op de weg die Drechtwerk eerder is ingeslagen. De inzet op een aantal verbeteraspecten waardoor de kwetsbaarheid van de organisatie vermindert zal naar verwachting leiden tot betere en stijgende (bedrijfs-) resultaten. Zoals verbeteringen binnen de bedrijfsvoering, door inzet van automatisering en via slimme samenwerking intern.

Tegelijkertijd houdt Drechtwerk ook rekening met negatieve effecten van ontwikkelingen, zoals de actualisering van tarieven voor individuele detacheringen, en rondom stijgende loonkostensubsidie door een ouder wordend cliëntenbestand. Uit de begroting 2023 van Drechtwerk blijkt dat de regionale bijdrage de komende jaren verder zal stijgen tot € 6,2 miljoen in 2026. Dit is ten opzichte van de begroting 2022 van Drechtwerk minder hard dan eerder gedacht (zie ook blz. 32 en 33 van de begroting 2023). Vanuit deze lijn kan ook de gemeentelijke begroting positief bijgesteld worden. De financiële effecten zullen we meenemen in de Perspectiefnota 2022. 2) Jaarrekening 2021 Drechtwerk. De jaarrekening levert een voorlopig voordelig resultaat van € 1.279.000 op. Het resultaat van Drechtwerk over 2021 leidt tot een lagere gemeentelijke bijdrage dan geprognotiseerd bij de 2e bestuur rapportage 2021 ( - € 667.000). Het voorstel aan het algemeen bestuur van 30 juni a.s. is het effect van de vermindering op de verliesbijdrage aan de deelnemende gemeenten uit te keren. Ten opzichte van de primaire begroting bedraagt deze vermindering voor alle gemeenten totaal € 1,279 miljoen. Het voordelige effect van Papendrecht van € 91.000, zal worden meegenomen via het gebruikelijke planning- en control instrumentarium.

F. GR Bureau Openbare Verlichting. De gemeente Papendrecht participeert in de gemeenschappelijke regeling Bureau Openbare Verlichting Lek-Merwede (BOVL). Hoofdtaak van BOVL is het uitvoeren van het administratieve beheer en de centrale aansturing op de uitvoering van de werkzaamheden aan de openbare verlichting in de deelnemende gemeenten. De begroting geeft inzicht in de financiële positie van BOVL en haar activiteiten in 2023. Stijging prijs per lichtmast voor het lopende begrotingsjaar 2022. De begroting van 2022 dient te worden herzien vanwege de aanbesteding die in 2022 heeft plaatsgevonden en in verband met personeelsaangelegenheden. De volgende punten hebben betrekking op de herziene begroting 2022: • Overgang tussen de tijdelijke aannemer en de nieuwe aannemer, per april 2022. • Bureau OVL is per 1 januari 2022 aangesloten bij de Werkgeversvereniging Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (WSGO), zodat de werknemers Bureau OVL deel gaan uitmaken van de cao SGO. Cao SGO is gekoppeld aan cao Gemeenten. • Per 1 april 2022 treden de Algemeen Manager een directievoerder in dienst bij Bureau OVL. Zij waren eerder gedetacheerd. Gezien de bovenstaande punten stijgt de prijs per lichtmast van € 10,00 naar € 11,06. De herziene begroting komt dan uit op een klein positief resultaat. Bijdrage van de gemeente aan BOVL in 2023 blijft gelijk.

Het Algemeen bestuur van Bureau OVL adviseert om de bijdrage per lichtmast voor 2023 te handhaven op € 11,06. Dat is gelijk ten opzicht van 2022 (herziene begroting). Begroting 2023 gaat uit van een klein positief resultaat. Positief resultaat jaarrekening 2021. Het resultaat voor 2021 komt uit op € 22.987,00 positief. Met dit resultaat zal een bestemmingsreserve bedrijfsvoering worden gevormd. Deze bestemmingsreserve zal worden ingezet voor aanbesteding projectbestek (€ 10.000,00), vernieuwen kantoormeubilair (€ 8.000,00) en dekking extra kosten voor uitvoering taak installatieverantwoordelijkheid. Het jaarverslag is ter kennisname.

G. Gevudo. De gemeenschappelijke regeling “Gemeenschappelijke Vuilverwerking Dordrecht en Omstreken” (Gevudo) bezit namens de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Gorinchem, HardinxveldGiessendam, Hendrik-Ido-Ambacht, Molenlanden, Papendrecht, Sliedrecht, Vijfheerenlanden en Zwijndrecht aandelen in de N.V. Huisvuilcentrale Noord-Holland (HVC), een “houdstermaatschappij”. De begroting geeft inzicht in de financiële positie van de Gemeenschappelijk Regeling en haar activiteiten in 2023. Het begrote resultaat Gevudo is binnen de financiële kaders. Het begrotingsresultaat is € 0,00, na bestemming. De ontwerpbegroting van Gevudo bestaat uit twee overzichtelijke componenten: - Betaling van de geraamde beheers- en advieskosten uit de opbrengst van de garantieprovisie HVC (€ 37.000). - Doorbetaling van het restant van de garantieprovisie aan de deelnemende gemeenten (ongeveer € 1.000.000). Voor 2023 wordt een sluitende exploitatie geraamd. De algemene reserve wordt geprognosticeerd op ongeveer € 30.000,-. Gezien dit feit hoeven er geen inhoudelijke of financiële opmerkingen, in de zin van wensen en bedenkingen, gemaakt te worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/482/documents/8486