SOK geanonimiseerd
Tekst van het document
gemeente
Overbetuwe
O
Provincie Gelderland Potsbus 9090 6800 GX ARNHEM
Uw brief van Uw kenmerk 22 januari 2018 2017-015250 Onderwerp: retour overeenkomst Knoop 38
Geachte
Ons kenmerk 18uit03632 Behandeld door /
Datum 14 februari 2018 Telefoonnummer 14 0481
Verzonden d.d.
1 4 r t ü . 2013 Bijlage(n) getekende overeenkomst
,
Bijgaand ontvang u zoals afgesproken een exemplaar van de ondertekende overeenkomst over de RTG.
Hoogachtend, namens burgemeester en wethouders, de projectleider van Team Projectrealisatie,
Dorpsstraat 67. E i s t / P o s t b u s 11, 6660 AA Eist T 14 0481 F (0481) 372 482 E info@overbetuwe.nl www.overbetuwe.nl IBAN: NL03BNGH0285092030 BIC:BNGHNL2G
KvK nummer 51178567 Btw nr NL809032375B01
1/1 SI IIII III II Uil IIII M i l
Overeenkomst Knoop 38
definitieve versie
Overeenkomst Knoop 38
gemeente
Overbetuwe
»
»
- r provincie
Gelderland
Overeenkomst Knoop 38
definitieve versie
PARTIJEN 1 De G e m e e n t e Overbetuwe zetelend te Eist, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de burgemeester, , handelend ter uitvoering van het besluit van het college van Burgemeester en Wethouders van 16 januari 2018, Het college van B u r g e m e e s t e r en Wethouders van de G e m e e n t e Overbetuwe te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de burgemeester, , handelend ter uitvoering van het besluit van het college van Burgemeester en Wethouders van 16 januari 2018, hierna te noemen: 'de Gemeente' waarbij 'de Gemeente moet worden gelezen als het lichaam (de Gemeente Overbetuwe) respectievelijk het bestuursorgaan (het college van Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Overbetuwe) waar de betreffende bepaling of afspraak betrekking op heeft; 2 De Provincie Gelderland zetelend te A r n h e m , te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de commissaris van de Koning, , handelend ter uitvoering van het besluit van het college van Gedeputeerde Staten van 16 januari 2018, Het college van Gedeputeerde Staten van de Provincie Gelderland te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de commissaris van de Koning, , handelend ter uitvoe'ing van het besluit van het college van Gedeputeerde Staten van 16 januari 2018, hierna te noemen: 'de Provincie' waarbij 'de Provincie' moet worden gelezen als het lichaam (de Provincie Gelderland) respectievelijk het bestuursorgaan
(het college van Gedeputeerde Staten van de Provincie Gelderland) waar de betreffende bepaling of afspraak betrekking op heeft; hierna gezamenlijk te noemen: 'Partijen'; OVERWEGINGEN 1. In het gebied rond Knoop 38 hebben veel ruimtelijke ontwikkelingen plaatsgevonden en zullen nog meer ontwikkelingen volgen. Het gaat dan onder meer om de realisatie van bedrijventerreinen, windmolenparken, de aanleg van de Betuweroute en de voorziene verbreding van de A15. Vanwege deze verschillende ontwikkelingen en de samenhang daartussen in één gebied is de provincie in overleg met de Gemeente de zogenaamde gebiedsproces Knoop 38 gestart. Dit gebiedsproces beoogt de ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid te verbeteren in het gebied en daarmee ook de komst van de RTG ter grootte van ongeveer 8,5 hectare optimaal in te passen in de omgeving. Vanwege deze unieke complexiteit is gekozen voor een eenmalige integrale gebiedsopgave waarbinnen RTG een belangrijke plaats inneemt; 2. RTG als zodanig is gewenst omdat vervoer over spoor leidt tot C 0 2 - r e d u c t ie en bijdraagt aan de klimaatdoelen. Meer gebruik van de Betuweroute leidt tot minder verkeer op de A l 5. RTG draagt verder bij aan de economische structuurversterking van de regio; 3. De Provincie heeft op 31 oktober 2017 (besluit A7) gekozen voor de zogenaamde noordvariant voor RTG; 4.
De gemeenteraad van Overbetuwe heeft op 24 oktober 2017 kaders voor haar college van Burgemeester en Wethouders vastgesteld voor Knoop 38. Voor zover deze kaders hun onderlinge relatie betreffen hebben Partijen deze in onderling overleg verwerkt in deze overeenkomst;
r
Overeenkomst Knoop 38
definitieve versie
5. De Provincie is bereid tot een robuuste landschappelijke inpassing van RTG als zodanig met een groenwal alsmede via het treffen van overige Gebiedsmaatregelen in het landschap; 6. Indien o m w o n e n d e n van RTG ondanks de robuuste landschappelijke inpassing toch planschade lijden gaat de Provincie bij de tegemoetkoming daarvoor ruimhartig te werk en hierover wensen Partijen afspraken te maken; 7. Partijen constateren verder dat het zo veel mogelijk beperken van eventuele gevolgen van RTG voor de leefbaarheid van de omgeving dient te worden geregeld in de (milieu)omgevingsvergunning binnen de geldende wettelijke kaders; 8. De Provincie is zelf verantwoordelijk voor de benodigde grondverwerving en het maken van afspraken met ProRail en de toekomstig exploitant van RTG welke afspraken ten tijde van het sluiten van onderhavige overeenkomst nog niet zijn gemaakt en bij gebreke waarvan de realisatie van RTG niet mogelijk is; 9.
Ten behoeve van de planologische inpassing van RTG achten partijen een inpassingsplan niet alleen passend vanwege de betrokken partijen en belangen maar met name vanwege de bovengemeentelijke functie van RTG; AFSPRAKEN Artikel 1 Definities Gebiedsmaatregelen: maatregelen zoals uitgewerkt in (hoofdstuk 4 van) de Gebiedsvisie; Gebiedsvisie: de Gebiedsvisie Knoop 38 van bureau Pouderoyen (projectnummer 063/223 van 7 maart 2017) welke als bijlage aan deze overeenkomst is gehecht en daar deel van uitmaakt; Inpassingsplan: het inpassingsplan in de zin van artikel 3.26 van de Wet ruimtelijke ordening o m de realisatie en ingebruikname van RTG planologisch mogelijk te maken; Milieueffectenstudie: de studie naar de milieueffecten van RTG zoals die zijn behandeld in het besluit van Gedeputeerde Staten van Gelderland op 31 oktober 2017 (besluit A7); Railterminal Gelderland/RTG: de terminal voor op- en overslag van containers en goederen met inbegrip van gebouwen en voorzieningen ten behoeve van de exploitatie van de terminal en de naast de RTG gelegen groenwal zoals schetsmatig aangeduid op de kaart die aan deze overeenkomst is gehecht en daar onderdeel van uitmaakt; Toegangsweg: te realiseren verbinding tussen de kruising Reethsestraat/Rijksweg Zuid en de ingang van RTG met inbegrip van de naast deze weg gelegen groenwal zoals schetsmatig aangeduid op de kaart die aan deze overeenkomst
is gehecht en daar onderdeel van uitmaakt; Artikel 2 Vertrekpunt en doel overeenkomst Partijen werken samen bij de totstandkoming van de RTG en realisatie van Gebiedsmaatregelen. Met deze overeenkomst leggen partijen de voorwaarden en uitgangspunten voor deze samenwerking vast. Artikel 3 Inspanningsverplichting partijen RTG Onverminderd de nadere afspraken in deze overeenkomst en onverminderd de rechten van derden op inspraak en rechtsbescherming spannen partijen zich, voor zover dat binnen hun bevoegdheden en vermogen ligt, in om RTG mogelijk te maken. Artikel 4 Realisatie RTG, inpassinqsplan 1. De Provincie realiseert voor haar rekening RTG en de Toegangsweg volgens de zogenaamde inrichtingsvariant noord en noordelijke ontsluitingsvariant (variant 1B uit de Milieueffectenstudie). Ter voorkoming van nadelige gevolgen voor omwonenden en met het oog op een adequate 3
Overeenkomst Knoop 38
definitieve versie
landschappelijke inpassing maakt de aanleg van een 30 meter brede groene zone met wal langs de RTG en de Toegangsweg hier deel van uit. Deze adequate landschappelijke inpassing wordt aangepast aan de op RTG te hanteren stapelhoogte van containers waarbij Partijen er vanuit zijn gegaan dat een stapelhoogte van vier containers bij een bedrijfsvoering als onderhavige gebruikelijk is. 2. De R T G en de Toegangsweg zijn schetsmatig weergegeven op de tekening die aan deze overeenkomst is gehecht en daar onderdeel van uitmaakt. 3. De Gemeente verzoekt de Provincie o m de RTG en de Toegangsweg planologisch mogelijk te maken door het voorbereiden van een inpassingsplan in de zin van artikel 3.26 van de Wet ruimtelijke ordening en dit ter vaststelling voor te leggen aan Provinciale Staten van Gelderland. 4. RTG wordt niet eerder in gebruik genomen dan nadat RTG en de Toegangsweg volledig zijn gerealiseerd. 5. Bij de verlening van de omgevingsvergunning voor RTG zal het bevoegd gezag voorwaarden stellen aan het gebruik en de exploitatie van RTG ter borging van de leefbaarheid in de directe omgeving. Het gaat dan om aspecten zoals licht, geluid en openingstijden binnen de mogelijkheden en beperkingen van de W e t algemene bepalingen omgevingsrecht en de W e t milieubeheer.
Indien en voor zover de provincie de mogelijkheid zou hebben om in het Inpassingsplan de bevoegdheid tot verlening van de omgevingsvergunning voor deze hinderaspecten (artikel 2.10, eerste lid, onder e. W a b o ) aan het provinciebestuur toe te delen, zal zij van deze bevoegdheid geen gebruik maken. Artikel 5 Aanleg, beheer en openbaarheid Toegangsweg en qroenwal 1. Partijen bepalen in onderling overleg de wijze waarop zij de aanleg van Toegangsweg vormgeven en wie als opdrachtgever optreedt teneinde de realisatie fiscaal zo optimaal mogelijk te laten verlopen. 2. De Toegangsweg is openbaar en neemt de doorgaande verkeersfunctie van de Reethsestraat over. 3. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid draagt de Provincie de eigendom van de Toegangsweg uiterlijk terstond nadat deze is gerealiseerd en opengesteld om niet over aan de Gemeente of zoveel eerder als gelet op het bepaalde in het eerste lid noodzakelijk is. Vanaf dat moment is de Gemeente voor haar rekening en risico verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de Toegangsweg. De Provincie betaalt hiervoor geen vergoeding. De grens van de Toegangsweg en daarmee de grens voor beheer en onderhoud is indicatief vastgelegd op aangeduid op de kaart die aan deze overeenkomst is gehecht en daar onderdeel van uitmaakt. Op basis van de uitvoeringstekening wordt de definitieve grens bepaald.
Artikel 6 Provinciale bijdrage aan Gebiedsmaatreqelen 1. De Provincie stelt aan de Gemeente een bedrag van f 4 , 5 miljoen (zegge: viermiljoenvijfhonderdduizend euro) inclusief btw beschikbaar voor het realiseren van Gebiedsmaatregelen, onder de opschortende voorwaarde dat Provinciale Staten dit bedrag beschikbaar stellen. 2. De Gemeente wendt het in het vorige lid bedoelde bedrag aan naar eigen inzicht en voor eigen risico maar uitsluitend v o o r d e realisatie van Gebiedsmaatregelen. 3. Over de besteding van het bedrag legt de Gemeente ten minste één keer per jaar en voorts zo dikwijls als de Provincie daar om vraagt verantwoording af zo nodig voorzien van bewijsstukken. 4. De in het eerste lid bedoelde bijdrage wordt aan de Gemeente beschikbaar gesteld nadat het Inpassingsplan en de voor RTG overige benodigde publiekrechtelijke vergunningen, toestemmingen en ontheffingen waarvoor de Gemeente bevoegd gezag is onherroepelijk zijn geworden. Zo nodig treden Partijen met elkaar in overleg indien deze onherroepelijkheid onevenredig lang op zich laat wachten. 5.
Indien de aanvragen voor de voor realisatie en exploitatie van RTG benodigde publiekrechtelijke vergunningen, toestemmingen en ontheffingen niet uiterlijk zes maanden nadat het Inpassingsplan onherroepelijk is geworden zijn gedaan, kan de Gemeente de Provincie verzoeken om het in het eerste lid bedoelde bedrag aan haar te betalen. Alsdan heeft de Provincie de keuze om oftewel voor haar rekening en risico de ontwikkeling van RTG voort te zetten onder gelijktijdige betaling van genoemd bedrag aan de Gemeente oftewel om deze overeenkomst overeenkomstig artikel 10 te ontbinden. 6. Tot het moment van beschikbaarstelling van de provinciale bijdrage zoals bedoeld in het vierde lid is de Gemeente gerechtigd om voorbereidingskosten in verband met de 4
Overeenkomst Knoop 38
definitieve versie
Gebiedsmaatregelen tot een bedrag van C 450.000 (zegge: vierhonderdvijftigduizend euro) bij wijze van voorschot op declaratiebasis bij de Provincie te declareren. Hetgeen op declaratiebasis bij de Provincie is gedeclareerd komt in mindering op de uiteindelijke provinciale bijdrage. Artikel 7 Tegemoetkoming planschade 1. Onverminderd het recht op tegemoetkoming in planschade zoals bedoeld in artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) vanwege het Inpassingsplan gaat de Provincie dienaangaande als volgt te werk: a. Uiterlijk drie maanden na vaststelling van het Inpassingsplan laat de Provincie in verband met het Inpassingsplan door een onafhankelijke planschadeadviseur en registertaxateur een planschaderisicoanalyse uitvoeren; b. Degene die volgens deze planschaderisicoanalyse op grond van artikel 6.1 Wro mogelijk recht heeft op tegemoetkoming in planschade krijgt van de Provincie het voorstel om deze tegemoetkoming op basis van vrijwilligheid en in onderling overleg met de Provincie overeen te komen. De afspraak dienaangaande wordt vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst waarmee de tegemoetkoming in planschade anderszins wordt verzekerd zoals bedoeld in artikel 6 . 1 , eerste lid, Wro.
Vanwege de cumulatie van planologische maatregelen in het gebied en daarmee cumulatie van (mogelijke) planschadeoorzaken vergoedt de Provincie aan degene die van deze mogelijkheid gebruik maakt tevens de binnen het normaal maatschappelijke risico vallende schade zijnde de 2 Zo inkomensderving of waardevermindering onroerende zaak zoals bedoeld in artikel 6.2, tweede lid, onder a. en b. Wro. Evenmin heft de Provincie in dat geval het recht als bedoeld in artikel 6.4 W r o . De overeengekomen tegemoetkoming wordt door de Provincie voldaan zo spoedig mogelijk nadat het Inpassingsplan onherroepelijk is geworden. 2. Ten aanzien van degenen die niet voor het aanbod van de Provincie zoals bedoeld in het vorige lid in aanmerking komen of daarvan geen gebruik wensen te maken, worden eventuele latere verzoeken om tegemoetkoming in planschade afgewikkeld volgens de procedure bij of krachtens afdeling 6.1 W r o . 0
Artikel 8 Procesafspraken afslag 38 De Gemeente en Provincie onderzoeken in overleg met Rijkswaterstaat de mogelijkheden voor reconstructie van afslag 38 op Rijksweg A15. Als wegbeheerder trekt de Gemeente dit proces en spant zich in om dit samen met de gemeente Nijmegen te doen. De Provincie Gelderland heeft ê 2 miljoen gereserveerd in de begroting. Onder de voorwaarde van het maken van nadere afspraken tussen de Gemeente en de Provincie kan dit bedrag aan de Gemeente beschikbaar worden gesteld. Deze nadere afspraken worden niet eerder gemaakt dan nadat Provinciale Staten de reservering voor dit bedrag heeft omgezet in een beschikbaarstelling en er met de gemeenten Overbetuwe en Nijmegen en het Rijk overeenstemming is bereikt over de dekking van de kosten voor de aanpassing van afslag 38. Artikel 9 Organisatie samenwerking Gebiedsmaatregelen en afstemming met RTG en afslag 38, communicatie 1. Partijen zijn gezamenlijk verantwoordelijk v o o r d e organisatie van de samenwerking. Partijen wijzen per partij ten minste één ambtelijk opdrachtgever aan. Voorts wijst de Gemeente een programmacoördinator en gezamenlijk wijzen Partijen een omgevingsmanager aan.
Op bestuurlijk niveau stemmen Partijen af in het Bestuurlijk Afstemmingsoverleg (BAO) bestaande uit de verantwoordelijke gedeputeerde van de Provincie respectievelijk wethouder van de Gemeente waarbij eerstgenoemde als voorzitter optreedt. 2. Onverminderd de rechten en plichten van Partijen is de programmacoördinator verantwoordelijk voor coördinatie tussen de Gebiedsmaatregelen enerzijds en RTG en afslag 38 anderzijds. 3. De omgevingsmanager zet zich in voor een zo optimaal mogelijke relatie tussen de betrokken partijen en de omgeving in al zijn geledingen en vervult deze rol in alle drie de projecten (Gebiedsmaatregelen, RTG en afslag 38). 4. Over de taken en verantwoordelijkheden van de programmacoördinator en de omgevingsmanager en de opdrachtverlening aan de omgevingsmanager maken Partijen zo nodig nadere afspraken. 5. De kosten voor de programmacoördinator dragen Partijen voor gelijke delen en omgevingsmanager bekostigen Partijen naar rato van de inzet voor respectievelijk de
Overeenkomst Knoop 38
definitieve versie
Gebiedsmaatregelen, RTG en afslag 38. Overigens dragen Partijen de kosten voor (eigen) personele inzet zelf. 6. Indien Partijen voornemens zijn nieuwe initiatieven of projecten in het gebied te initiëren bespreken ze in het BAO of en hoe deze initiatieven of projecten zijn in te passen in de projectorganisatie. 7. Na het sluiten van deze overeenkomst treden partijen in overleg over de wijze waarop zij over de verschillende onderdelen van de samenwerking communiceren. Artikel 10 Ontbindende voorwaarde 1. Partijen zijn tot het moment van het onherroepelijk worden van het Inpassingsplan gerechtigd deze overeenkomst te ontbinden. In dat geval rust conform het Burgerlijk Wetboek op Partijen de plicht tot ongedaanmaking van hun wederzijdse prestaties. Van deze wettelijke plicht tot ongedaanmaking is uitgezonderd de terugbetaling van het voorschot zoals bedoeld in artikel 6, zesde lid van deze overeenkomst indien de Provincie voorafgaand aan het onherroepelijk worden van het Inpassingsplan tot ontbinding overgaat. 2. Na het onherroepelijk worden van het Inpassingsplan is de Provincie slechts gerechtigd deze overeenkomst te ontbinden onder gelijktijdige betaling aan de gemeente van een forfaitair bedrag van śE 1 miljoen (zegge: één miljoen euro) voor het realiseren van Gebiedsmaatregelen.
Behalve ten behoeve van Gebiedsmaatregelen is dit bedrag mede bedoeld ter dekking van de kosten van de Gemeente in verband met deze overeenkomst welke kosten in dat geval volledig worden geacht onder dit forfaitaire bedrag te zijn begrepen. 3. In geval van ontbinding door de provincie gaat de Provincie over tot het planologisch onmogelijk maken van RTG. Indien een daartoe strekkende besluit niet binnen één jaar na ontbinding is g e n o m e n , is de Provincie alsnog het in artikel 6, eerste lid, bedoelde bedrag aan de Gemeente verschuldigd waarmee deze betalingsverplichting ook na de ontbinding blijft bestaan.
Overeenkomst Knoop 38
definitieve versie
Artikel 11 Bijlage 1. De volgende bijlagen maken deel uit van deze overeenkomst: A. Schetsmatige weergave RTG en bijbehorende toegangsweg (inrichtingsvariant noord en noordelijke ontsluitingsvariant); B. Gebiedsvisie. 2. In geval van strijdigheden tussen het bepaalde in deze overeenkomst en de Bijlagen prevaleert het bepaalde in de overeenkomst. Artikel 12 Slotbepalingen 1. Partijen treden met elkaar in overleg indien zich omstandigheden voordoen welke van dien aard zijn dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van deze overeenkomst niet mag worden verwacht. Partijen zullen zo nodig komen tot de vaststelling van nieuwe (gewijzigde) afspraken, die zoveel mogelijk bij de inhoud en intentie van deze overeenkomst aansluiten. 2. Wijzigingen van deze overeenkomst, alsmede aanvullingen daarop, zijn slechts geldig voor zover deze schriftelijk door daartoe bevoegde personen zijn overeengekomen, door beide partijen zijn goedgekeurd door middel van ondertekening en als addendum zijn toegevoegd aan deze overeenkomst. 3. Indien een bepaling uit deze overeenkomst ongeldig wordt bevonden, tast dit niet de geldigheid van de gehele overeenkomst aan. Partijen zullen zich in dit geval inspannen een nieuwe, geldige bepaling op te stellen die zo dicht mogelijk de ongeldige bepaling benadert binnen de strekking van de overeenkomst. 4.
Eventuele geschillen naar aanleiding van deze overeenkomst proberen Partijen in onderling over te beslechten bij gebreke waarvan het geschil kan worden voorgelegd aan de bevoegde rechter van de Rechtbank Gelderland te A r n h e m .
7
definitieve versie
Overeenkomst Knoop 38 ONDERTEKENINGSPAGINA
Provincie Gelderland
8
7 bl.i.r.r. \.\.\. .i.M. .1.1.1..
-.1.1 . [ . l i
\
1