S-553 Beantwoording schriftelijke vragen BOB RES.pdf
Tekst van het document
Fractie BOB en overige leden van de raad
Uw brief van Uw kenmerk 15 april 2021 S-553 Onderwerp: Schriftelijke vragen RES (S-553)
Ons kenmerk 21UIT09182 Behandeld door S.W.A. Tempelman
Datum 11 mei 2021 Telefoonnummer 14 0481
Verzonden d.d. Bijlage(n) 1
Geachte fractie BOB (en overige leden van de raad), U hebt het raadsvoorstel over de Regionale Energie Strategie (RES) gelezen en stelt daarover nu enkele schriftelijke vragen. Graag beantwoorden we deze. Volledigheidshalve bevat de bijlage ook antwoorden op de technische vragen die u over ditzelfde onderwerp heeft ingediend. Wat betekenen deze ‘afspraken’ (paragraaf 4.1.2 raadsvoorstel) voor de ruimte om lokaal maatwerk te leveren op basis van draagvlak? Wat betekent deze set afspraken wat u betreft voor lopende projecten in Overbetuwe, zoals het windpark Midden-Betuwe en met name voor de ruimte voor omwonenden bij het proces aan de gebiedstafel van dit project? Het is een set van richtinggevende afspraken die in de periode tot 2023 uitgewerkt kan worden. Dit is niet dusdanig gedetailleerd dat we nu al uitspraken kunnen doen over specifieke toepassing (aan gebiedstafels) bij concrete lopende projecten op lokaal niveau. Wat gebeurt er dit jaar concreet in relatie tot inwoners van onze gemeente op basis van de mooie woorden in de reactienota bij punt 2.3.A? In de RES 1.0 is de communicatie beschreven in paragraaf 5.2. Als uitwerking en realisatie van de RES lopen in Overbetuwe nu projecten waarvoor een communicatie- en participatieplan is opgesteld met daarin beschreven hoe participatie op dat niveau wordt toegepast.
Hoe verhoudt zich de door gezamenlijke overheden in de RES 1.0 onderschreven stelling over kernenergie in de RES (pag. 9) tot het feit dat de provincie recent per brief toch een uitvraag over kernenergie bij Gelderse gemeenten heeft gedaan? Waarom heeft de provincie deze vragen niet ingebracht in het overleg in het kader van de RES? Omdat kernenergie buiten de regionale aanpak valt of anders gezegd: de bevoegdheden van (partijen in) de regio te buiten gaat. Gaan gemeenten in het kader van de RES reageren of ieder afzonderlijk? De vraag van de provincie is door gemeenten individueel beantwoord. Sommige gemeenten (waaronder Overbetuwe) benoemen daarin wel de link met de RES. Hoe wordt de raad betrokken bij de discussie over nut en noodzaak van een regionaal omgevingsfonds? Dat wordt bezien bij het ontwerpen van het proces waarmee gekomen wordt tot RES 2.0. Wat betekent de stelling in de reactienota bij 2.5.D “Het is aan gemeenten in samenwerking met marktpartijen om op projectniveau te kijken naar de haalbaarheid/realisatie van woonkostenneutraliteit. De RES heeft hier geen rol in”? Wat zijn de argumenten om dit aspect geen enkele rol te geven op niveau van de RES, is er een beeld van wat deze keuze betekent? Op basis van het Klimaatakkoord is de scope van de RES gericht op het zoeken naar locaties voor opwek van zon- en windenergie.
Vanuit nationaal niveau wordt er bewaakt en aangegeven wat de scope voor RES Dorpsstraat 67, Elst/Postbus 11, 6660 AA Elst T 14 0481 E info@overbetuwe.nl www.overbetuwe.nl IBAN: NL03BNGH0285092030 BIC:BNGHNL2G KvK nummer 51178567 Btw nr NL809032375B01
1/3 *21UIT09182*
2.0 zal zijn. Wel worden diverse (aanverwante) zaken op nationaal niveau opgepakt en uitgewerkt. Uiteindelijk komen die trajecten weer bijeen. Wat betekent het in opdracht van o.a. de provincie gedane onderzoek naar de haalbaarheid van windturbines op en rond de Veluwe, vanwege het voorkomen van beschermde diersoorten, voor het project Windpark Midden-Betuwe? Er volgen in de komende 2 jaar nadere onderzoeken naar o.a. de impact van windmolens op de Wespendief, het daadwerkelijke leefgebied van de wespendief en ook naar de mogelijkheden van te nemen maatregelen om impact op de Wespendief te verkleinen. Tevens is een bovenregionaal gesprek opgestart om een bovenregionaal afwegingskader te ontwikkelen. Voor lopende ontwikkelingen is in de RES afgesproken dat de gerealiseerde en reeds vergunde windprojecten niet meer ter discussie worden gesteld. Voor lopende projecten (zoals Windpark Midden-Betuwe) dient dit aspect meegenomen te worden in milieuonderzoeken. Voor (nieuwe projecten in de) generieke RES-zoekgebieden is afgesproken dat deze vooralsnog niet worden ‘afgeschreven’, maar op weg naar RES 2.0 te werken aan meer duidelijkheid over de mogelijkheden/afwegingen en consequenties voor (nieuwe projecten in) de zoekgebieden. We vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, burgemeester en wethouders, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
P.J.E. Breukers
R.P. Hoytink-Roubos
21UIT09182
2/3
BIJLAGE Technische vragen Politieke Avond d.d. 11 mei 2021 Agendapunt 1: Voorbereidende vergadering Regionale Energie Strategie regio Arnhem-Nijmegen
Technische vragen: BOB Vraag: In het raadsvoorstel staat bij punt 4,1.2: “Naast de actualisatie van de kwantitatieve opgave, kent RES 1.0 nu ook een set ruimtelijke afspraken t.b.v. ruimtelijke kwaliteit voor uitwerking van de zoekgebieden en projecten.” Dit zijn dus wijzigingen die niet zijn doorgevoerd naar aanleiding van de reacties van gemeenten. Op grond waarvan is hiertoe besloten? Als de belangrijkste nieuwe ‘afspraken’ op pag. 14 van de RES zijn opgenomen, zijn deze bindend of amendabel door de raad (voor het eigen grondgebied)? Kunt u aangeven wie vanuit Overbetuwe (en Lingewaard) deelnemen aan de participatietafel? Welke inzet is gepleegd om te komen tot een participatie met voldoende diversiteit?
Hoe is tot nu toe voor Overbetuwe concreet invulling gegeven aan de passage “Meepraten over zoekgebieden en locaties” (pag. 6 RES)?
In het raadsvoorstel is vermeld “Op lokaal niveau kennen de lopende projecten nu een gezonde verhouding van circa 60% zon en 40% wind.” Kunt u ons nog even helpen aan de onderliggende berekening hiervan (uitsplitsing naar projecten), met name wat hierbij voor de ontwikkeling van het windpark Midden-Betuwe is ingeboekt? Kunt u daarbij de aansluiting maken met tabel 3 uit de Evaluatie van de routekaart Duurzaamheid (de tabel die conform de beantwoording van onze technische vraag gecorrigeerd zou worden) en de passage onder 4,1.3 in het raadsvoorstel “Hier draagt Overbetuwe met circa 570 TJ (0,16 Twh) in vergunde en in voorbereiding zijnde projecten substantieel aan bij”? Voor betrokken inwoners is dit, naar wij begrijpen, van belang om de ‘nut en noodzaak’ van het windpark te kunnen beoordelen. Op grond waarvan is het zoekgebied voor windmolens langs de A15 in Overbetuwe bepaald, zoals opgenomen op pag. 26 van de RES?
21UIT09182
Antwoord: Deze wijziging inzake ruimtelijke en landschappelijke kwaliteit is doorgevoerd naar aanleiding van een reactie van de provincie.
Voor de ruimtelijke afspraken geldt ook (net zoals de gehele RES) dat wanneer een overheidspartner zich niet kan scharen achter (een aspect uit) RES 1.0 of er geamendeerd wordt, hiervan een aantekening wordt gemaakt bij aanbieding van de RES bij het Rijk. Zowel RES-werkorganisatie als gemeente heeft geen beeld van de woonplaatsen van deelnemers die deelnemen aan de participatietafel. De leden van de regionale participatietafel kennen verschillende achtergronden, van agrariërs tot energie coöperaties tot jongeren. Het doel van de participatietafel is om de RES te adviseren op de inpassing van participatie. Ook is er een actieve representatieve consultatie geweest in de regio onder inwoners over het draagvlak van hernieuwbare energie. Op beleidsniveau heeft (in een proces van co-creatie) participatie plaatsgevonden bij de Omgevingsvisie, met daarin o.a. het zoekgebied geclusterd langs de A15 en Betuweroute. Inzet qua participatie op het (meer gedetailleerde) niveau van locaties vindt plaats binnen projecten. De onderstaande uitsplitsing naar projecten laat een verhouding zien van circa 50%-50% indien de reeds gecommuniceerde correctie in de Evaluatie Routekaart ook hier wordt doorgevoerd. De verwachte opbrengst van afgerond 600 TJ is op basis van aannames; zowel opbrengst als aantal turbines/zonnepanelen ligt nog niet in alle gevallen vast omdat er nog (gebieds)processen lopen.
Op basis van het beleid in de Omgevingsvisie Overbetuwe 2040 (en in de periode daarvoor in de Toekomstvisie+).
3/3