26-07-07.08 Kadernota 2027
Tekst van het document
Kadernota 2027
1
Inhoudsopgave Voorwoord................................................................................................................................3 Leeswijzer ................................................................................................................................4 Programma 1. Duurzame en gezonde samenleving................................................................5 Programma 2. Leefbare en bereikbare samenleving ...............................................................5 Programma 3. Interactie met de samenleving .........................................................................8 Programma 4. Inclusieve en participatiesamenleving..............................................................8 Programma 5. Werkende en lerende samenleving..................................................................9 Programma 6. Informatie en kennissamenleving.....................................................................9 Programma 7. Financiën en bedrijfsvoering ............................................................................9 Programma 8.
Algemeen bestuur ..........................................................................................10 Financiën ...............................................................................................................................11 Personeel en organisatie .......................................................................................................16 BIJLAGE Uitgangspunten .....................................................................................................18
2
Voorwoord Voor u ligt de Kadernota 2027. Met deze Kadernota geven wij richting aan de komende jaren en bouwen wij verder aan een gemeente die dichtbij, daadkrachtig en toekomstbestendig is. De opgaven waar Overbetuwe voor staat blijven groot. Denk aan woningbouw, bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid, duurzaamheid en een sterk sociaal domein. Tegelijkertijd staan ook de gemeentelijke financiën onder druk. In deze kadernota schetsen wij de belangrijkste keuzes en ontwikkelingen voor de komende periode. Daarbij bouwen we voort op de ingezette koers en houden we oog voor wat haalbaar en uitvoerbaar is. Omdat de tijd tussen de start van deze bestuursperiode en het opstellen van deze kadernota beperkt is, is deze nota compacter van opzet dan gebruikelijk. De verdere uitwerking van plannen, ambities en financiële consequenties verwerken wij in de Programmabegroting, die later dit jaar aan uw raad wordt aangeboden en in november wordt behandeld. Ondanks de financiële uitdagingen presenteren wij een sluitend meerjarenperspectief. Dat vraagt om zorgvuldige afwegingen en een realistische blik op de beschikbare middelen. Tegelijk blijven wij investeren in sterke dorpen, goede voorzieningen en een leefbare gemeente voor onze inwoners.
Samen met uw raad, inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties blijven wij werken aan een Overbetuwe waar het prettig wonen, werken en leven is. Wij zien uit naar de behandeling van deze kadernota in de aanstaande gemeenteraadsvergadering van 7 juli. Met vriendelijke groet, College van Burgemeester en Wethouders
3
Leeswijzer Deze Kadernota is beknopter dan u normaal gesproken gewend bent. De Kadernota geeft een beeld van de huidige situatie. De komende periode wordt de tijd genomen om zaken beter in beeld te krijgen. Het college heeft het voornemen om bij de Programmabegroting 2027-2030 in ieder geval de jaarschijf 2027 sluitend te maken. Doel is echter om meerjarig een sluitende begroting te presenteren. Het college ziet mogelijkheden om keuzes te maken die leiden tot een sluitende meerjarenbegroting, maar wil de tijd nemen om deze keuzes goed te onderbouwen. In de Programmabegroting 2027-2030 zal het college de gemaakte keuzes toelichten en onderbouwen. Uitgangspunt van het college is om de huidige programma-indeling van de gemeentelijke begroting voor deze raadsperiode ongewijzigd te laten. In deze Kadernota zijn de belangrijkste beleidsvoornemens en thema’s voor de komende vier jaar opgenomen. We beschrijven in het financiële deel het meerjarenperspectief voor de periode 2027-2030. In de bijlage zijn de uitgangspunten opgenomen die we hanteren bij het opstellen van het meerjarenperspectief. Tot slot informeren we u, zoals gebruikelijk in de Kadernota, over de ontwikkelingen op het gebied van personeel en organisatie.
4
Programma 1. Duurzame en gezonde samenleving Duurzaamheid We streven ernaar onze gemeente klaar te maken voor de toekomst. De energietransitie is hiervoor essentieel, maar heeft directe gevolgen voor onze leefomgeving, het landschap en de financiële situatie van inwoners en ondernemers. Dat vraagt om zorgvuldige keuzes. We voeren het bestaande duurzaamheidsbeleid uit en zorgen voor continuïteit voor inwoners, ondernemers en partners. Daarbij hanteren we een duidelijke volgorde: eerst energiebesparing, dan zon op daken en bestaande gebouwen, daarna nieuwe vormen van opwek. We houden regionale en landelijke ontwikkelingen op het gebied van energieopwekking, opslag en distributie in de gaten, waaronder geothermie en kleinschalige kernreactoren (SMR’s). Windenergie is mogelijk zolang leefbaarheid, veiligheid en ruimtelijke belangen gewaarborgd zijn; woningbouw en bedrijvigheid mogen niet worden belemmerd. De gemeenteraad wijst locaties aan binnen de provinciale kaders. Overbetuwe levert nu al een aanzienlijke bijdrage aan de energietransitie; extra taken vereisen een bewuste afweging. We zorgen voor een eerlijke verdeling en voorkomen overbelasting van de gemeente. Nieuwe grootschalige opwek stemmen we af op de netcapaciteit en het energiesysteem; we beperken netcongestie en stimuleren slimme koppelingen tussen opwek en gebruik.
We nemen regie op ruimtelijke impact, zoals opslag, netuitbreiding en laadpunten. Er komt een warmteprogramma voor alle kernen, met aandacht voor betaalbaarheid en energiearmoede. We versterken de positie van agrariërs, stimuleren duurzame bedrijfsvoering en energiezuinige nieuwbouw, en blijven samenwerken met inwoners, ondernemers en partners. Sport en verenigingen We waarderen en ondersteunen sportverenigingen, omdat zij een belangrijke factor zijn voor de leefbaarheid en de samenhang in dorpen. We zorgen voor toegankelijke, betaalbare sport en investeren in passende, goed onderhouden sportaccommodaties. Deelname aan sport en bewegen stimuleren we, vooral voor jeugd, ouderen en kwetsbare groepen. We bevorderen samenwerking tussen sport, onderwijs, zorg en welzijn, zodat sport bijdraagt aan gezondheid, ontmoeting en preventie.
Programma 2. Leefbare en bereikbare samenleving Wonen In Overbetuwe willen we dat iedereen mee kan doen, ook op het gebied van wonen. Dat vraagt om keuzes. Starters, gezinnen en senioren hebben elk hun eigen woonwensen, en ook binnen deze groepen lopen de behoeften uiteen. Daarom bouwen we niet alleen meer woningen, maar doen we dit vooral slimmer en gevarieerder. Zo creëren we een woningaanbod dat aansluit bij onze inwoners en bij de kracht van onze dorpen. We versnellen de woningbouw in alle kernen, afgestemd op de lokale behoefte en de verschillen tussen de dorpen, met oog voor het dorpse karakter. We bouwen voor diverse doelgroepen, zoals starters, gezinnen en senioren, en stimuleren nieuwe woonconcepten, waaronder woonvormen die langer zelfstandig wonen mogelijk maken. De bestaande woningvoorraad wordt beter benut door woningsplitsen, woningdelen en het optoppen van woningen. 5
De gemeente neemt meer regie en stuurt actief op locaties, doelgroepen en tempo, met duidelijke kaders voor betaalbaarheid en doelgroep. Woningbouw krijgt prioriteit; processen worden versneld en samenwerking geïntensiveerd. Focus ligt op realisatie, met aandacht voor sociale huur, middenhuur en betaalbare koopwoningen, en doorstroming. Woningbouw wordt gekoppeld aan investeringen in bereikbaarheid, voorzieningen, energieinfrastructuur, zorg en gemeenschap. Inwoners worden betrokken bij de plannen, met oog voor de identiteit en schaal van de dorpen. Mobiliteit We willen dat iedereen zich veilig, vlot en prettig kan verplaatsen in Overbetuwe. Bereikbaarheid en verkeersveiligheid zijn essentieel voor leefbare dorpen en voor de ontwikkeling van onze gemeente. Wij kiezen voor een mobiliteitssysteem waarin alle vervoersvormen volwaardig meetellen zonder vervoersmiddelen uit te sluiten. Het recent vastgestelde mobiliteitsplan vormt de basis voor ons beleid en de benodigde investeringen. Door bijdragen van provincie en andere overheden, en het benutten van subsidiemogelijkheden is er in principe voldoende budget voor deze investeringen. De organisatie werkt aan beheerplannen voor wegen, verkeer en verlichting, die zijn afgestemd op het mobiliteitsplan. In de beheerplannen worden bewuste keuzes gemaakt met aandacht voor vergroening en gericht op kwaliteit en beheersbaarheid.
De nadruk ligt op realistische uitvoering, duidelijke prioriteiten en inzicht in kosten en risico’s. Goed openbaar vervoer is essentieel voor bereikbaarheid, vooral voor inwoners zonder auto. We streven naar toegankelijke, betrouwbare en betaalbare verbindingen tussen dorpen en de regio, in samenwerking met provincie en partners. Bij woningbouw en gebiedsontwikkeling wordt mobiliteit direct meegenomen, zodat openbaar vervoer goed aansluit op bestaande netwerken en de woningbouw niet vertraagt. Fietsen wordt gestimuleerd door te investeren in veilige fietsroutes en toekomstbestendige infrastructuur, met aandacht voor e-bikes en verkeersveiligheid. Economie Een sterke lokale economie is de basis voor levendige dorpen, werkgelegenheid en toekomstperspectief. Ondernemers dragen bij aan onze gemeente en verdienen een overheid die meedenkt, ruimte biedt en duidelijk is. We zetten in op een gezond ondernemersklimaat waarin groei, duurzaamheid en leefbaarheid in balans zijn. We bieden ondernemers ruimte om te groeien en te vernieuwen op zowel bestaande als nieuwe bedrijventerreinen, met goede bereikbaarheid en verbinding met onderwijs en arbeidsmarkt. We sturen op kwaliteit, passende ontwikkelingen en sluiten grootschalige logistiek uit die niet bij onze gemeente past.
We stimuleren verduurzaming, innovatie en nieuwe verdienmodellen, met oog voor de balans tussen economie, leefomgeving en landschap. De lokale economie versterken we door samenwerking, door waar mogelijk lokaal in te kopen en door actieve ondersteuning van ondernemersverenigingen. Lokale ondernemers worden betrokken bij maatschappelijke opgaven. We nemen deel aan regionale economische samenwerkingen die bijdragen aan innovatie, arbeidsmarkt, ondernemersklimaat en vestigingskracht van Overbetuwe. We ondersteunen ondernemers met snelle procedures, minder regels en één aanspreekpunt binnen de organisatie. We houden rekening met de rol en huisvesting van arbeidsmigranten, zorgen 6
voor spreiding en duidelijke afspraken met werkgevers voor een goede balans tussen werk, wonen en leefomgeving. Veiligheid en weerbaarheid Veiligheid vormt de basis voor vertrouwen binnen onze samenleving. Zowel inwoners als ondernemers moeten zich veilig kunnen voelen, ook in de digitale wereld. Naast bescherming tegen criminaliteit richten we ons op weerbaarheid tegen verstoringen zoals cyberaanvallen en stroomstoringen. We kiezen daarom voor een aanpak die werkt: voorkomen waar mogelijk, ingrijpen waar noodzakelijk en verantwoordelijkheid nemen waar dat nodig is. Wij richten ons op preventie, het vroegtijdig signaleren van risico’s en een doeltreffende aanpak, met duidelijke maatregelen en een sterkere koppeling tussen veiligheid, zorg en de leefomgeving. De samenleving wordt gestimuleerd om verantwoordelijkheid te nemen. De gemeente voert het handhavingsbeleid uit en versterkt toezicht waar nodig, in samenwerking met politie en partners. Hierbij is de draagkracht van dorpen leidend; bij nieuwe ontwikkelingen wordt de impact op de leefbaarheid zorgvuldig meegewogen en signalen van overlast worden serieus opgepakt. Buitengebied Ons buitengebied is van grote waarde. Het bepaalt het karakter van Overbetuwe. De open ruimte, het agrarische landschap en de groene zones maken onze gemeente herkenbaar en leefbaar. We willen dat Overbetuwe ook richting 2040 Overbetuwe blijft.
Om verstedelijking tussen Arnhem en Nijmegen te voorkomen, maken we bewuste keuzes in ruimtegebruik. In 2026 ronden we de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan af, gebaseerd op het Koersdocument. Grootschalige ontwikkelingen die niet passen bij het buitengebied, zoals logistiek, worden beperkt. Ontwikkeling wordt alleen toegestaan op aangewezen locaties; groene buffers blijven behouden en worden versterkt. De agrarische sector krijgt toekomstperspectief met ruimte voor nieuw ondernemerschap en maatwerk. Sloop-nieuwbouwregelingen zijn mogelijk, maar zijn geen standaard voor woningbouw. Landschapselementen en het agrarisch karakter worden beschermd en versterkt; verrommeling wordt voorkomen. Nieuwe initiatieven worden getoetst op samenhang met landschap, leefbaarheid en regelgeving. Toezicht en handhaving worden versterkt. Inwonersignalen worden serieus genomen en overtredingen aangepakt. Bescherming van het buitengebied wordt duidelijk vastgelegd in beleid en middelen. Recreatie en toerisme We stimuleren recreatie die past bij dorpen en buitengebied, vermijden grootschalige ontwikkelingen en versterken wandel-, fiets- en recreatieroutes. We maken landschap en erfgoed beter zichtbaar en ondersteunen lokale initiatieven, met een duidelijke rol voor de gemeente en regionale samenwerking.
We bewaken de balans tussen recreatie, leefbaarheid, wonen, landbouw en natuur binnen de beschikbare middelen.
7
Programma 3. Interactie met de samenleving Inwonerparticipatie We willen een gemeente zijn die dichtbij staat. Waar inwoners niet alleen meepraten, maar ook daadwerkelijk invloed hebben op plannen en beleid. Dat vraagt om een open en uitnodigende bestuursstijl, met duidelijke verwachtingen. We zijn eerlijk over wat kan en wat niet kan. Zo bouwen we aan vertrouwen en zorgen we dat plannen ook echt uitgevoerd worden. We zorgen dat participatie breed en inclusief is en zoeken actief naar geluiden die minder snel worden gehoord. We geven jongeren hierin een duidelijke plek. We brengen de raad vroegtijdig in positie bij belangrijke keuzes, zodat kaders vooraf duidelijk zijn en participatie daarbinnen gericht kan plaatsvinden.
Programma 4. Inclusieve en participatiesamenleving Sociaal domein Overbetuwe streeft naar een toegankelijk, betaalbaar en toekomstbestendig sociaal domein, dichtbij inwoners. Ondersteuning is gericht op wie het nodig heeft, met focus op kwaliteit, duidelijke keuzes en regie. We investeren in effectieve ondersteuning en stoppen met wat niet werkt. Ondersteuning blijft beschikbaar door heldere keuzes en het heroverwegen van bestaande inzet. Politieke keuzes zijn noodzakelijk; extra middelen worden alleen ingezet bij aantoonbaar betere resultaten. Maatwerk, preventie en doelmatigheid staan centraal. We versterken de sociale basis in dorpen en wijken en bevorderen de samenwerking tussen inwoners, vrijwilligers, verenigingen en zorg. Zo signaleren we problemen vroegtijdig, kunnen we ondersteuning dicht(er)bij organiseren en wordt zwaardere zorg zoveel mogelijk voorkomen. We werken wijkgericht, bieden tijdige jeugdhulp, versterken lokaal welzijn en houden regie op specialistische zorg. Professionals krijgen ruimte, maar er is sturing op kwaliteit, kosten en rechtmatigheid. Toezicht en handhaving worden versterkt, met aandacht voor misbruik. Asiel, opvang en nieuwkomers De gemeente erkent de druk op de asielketen, het woningtekort en de zorgen van inwoners.
Overbetuwe neemt verantwoordelijkheid voor een uitvoerbare en lokaal passende invulling van de wettelijke opgaven, met oog voor draagkracht, leefbaarheid en samenhang in onze dorpen. Onze inzet ligt primair op het versnellen van de doorstroom van statushouders naar reguliere huisvesting, zodat druk op langdurige en grootschalige opvang wordt verminderd. Daarbij kiezen wij voor kleinschalige, gemengde woonconcepten waarin starters, senioren en statushouders samen kunnen wonen. Zo ontstaan extra woonkansen voor zowel nieuwkomers als eigen inwoners. Integratie begint vanaf dag één en wordt direct gekoppeld aan wonen, taal, werk, onderwijs en ontmoeting in de wijk of het dorp. We willen voorkomen dat mensen langdurig in opvanglocaties blijven zonder perspectief op deelname aan de samenleving. Het doel is om vóór eind 2026 te komen tot een realistisch, uitvoerbaar en financieel verantwoord plan dat bijdraagt aan zowel de doorstroming in de asielketen als aan de lokale woningbehoefte, zonder verdringing van reguliere woningbouw voor onze eigen inwoners. Het plan wordt samen met het ministerie, de provincie, woningcorporaties, maatschappelijke partners, onderwijs en ondernemers uitgewerkt en moet uitvoerbaar zijn voor de gemeentelijke organisatie. 8
Programma 5. Werkende en lerende samenleving Participatie Werk, inkomen, zorg en participatie zijn nauw verbonden. De Participatiewet wordt mensgericht uitgevoerd met aandacht voor bestaanszekerheid, meedoen en passende ondersteuning. Cultuur en erfgoed We beschermen en behouden cultureel erfgoed, zoals monumenten, molens en historische locaties, en maken dit toegankelijk voor inwoners en bezoekers. We ondersteunen verenigingen, culturele initiatieven, evenementen en tradities met duidelijke gemeentelijke ondersteuning. Cultuureducatie en culturele activiteiten, die toegankelijk zijn voor alle inwoners, worden gestimuleerd. We maken daarbij keuzes binnen de beschikbare middelen en zoeken samenwerking met recreatie en regionale samenwerking.
Programma 6. Informatie en kennissamenleving Toegang tot diensten en producten We blijven inzetten op begrijpelijke, toegankelijke en transparante digitale dienstverlening, afgestemd op de behoeften van inwoners. We verbeteren de toegang tot diensten en informatie, met extra aandacht voor eenvoudige digitale processen en ondersteuning voor minder digitaal vaardigen. Ook bereiden we ons voor op de tweede tranche van de Wet Open Overheid (Woo), waardoor meer overheidsinformatie actief openbaar gemaakt moet worden. Dit vraagt om verdere digitalisering, archiefbeheer en procesoptimalisatie voor het afhandelen van informatieverzoeken en Woo-aanvragen. Daarnaast versterken we het digitale toegangsbeleid en vergroten we bewustwording en professionalisering om informatiebeveiliging te waarborgen.
Programma 7. Financiën en bedrijfsvoering Financiën Een gezonde financiële basis is essentieel voor een betrouwbare gemeente. Door stijgende kosten en onzekerheid over Rijksbijdragen zijn scherpe keuzes en realistisch beleid nodig. Nieuwe plannen vereisen prioritering; investeringen doen we alleen als ze uitvoerbaar en betaalbaar zijn. Ambities en middelen moeten in balans zijn, met aandacht voor de lange termijn en noodzakelijke investeringen bij nieuwe ontwikkelingen. We versterken de Planning & Control-cyclus, zodat deze beter helpt bij sturen en bijsturen. Daarbij nemen we zero based budgeting als uitgangspunt. Voor september 2026 zal het college een bestuursopdracht opstellen waarin samen met de raad gekeken wordt naar een verbetering van de Planning & Control-cyclus.
Bedrijfsvoering en dienstverlening We willen een overheid zijn die betrouwbaar, duidelijk en slagvaardig is. Inwoners en ondernemers moeten weten waar ze aan toe zijn. Dat betekent: afspraken nakomen, tempo maken en ook eerlijk zijn als iets niet kan. Tegelijk vraagt de druk op middelen en 9
organisatie om scherpe keuzes en een realistische aanpak. We investeren in een organisatie die goed samenwerkt, leert en zich blijft ontwikkelen. We versterken de informatievoorziening richting de raad, zodat deze zijn kaderstellende en controlerende rol goed kan vervullen.
Programma 8. Algemeen bestuur Regionale samenwerking Wij weten wat we als gemeente te bieden hebben en opereren als betrouwbare partner vanuit een duidelijke visie. Wij werken daarbij efficiënt en resultaatgericht en stimuleren innovatieve oplossingen. Vanuit onze krachtige, zelfstandige positie gaan wij samenwerking aan met anderen als deze een meerwaarde biedt voor onze inwoners, organisaties, instellingen en bedrijven. We zijn daarmee een gemeente die gericht is op de samenleving, zowel lokaal als regionaal.
10
Financiën Het vertrekpunt van het meerjarenperspectief 2027-2030 is de Programmabegroting 2026. In onderstaande tabel wordt het voorgestelde meerjarenperspectief 2027-2030 gepresenteerd. (bedragen x € 1.000)
2027
2028
2029
2030
Uitgaven Inkomsten Uitgaven Inkomsten Uitgaven Inkomsten Uitgaven Inkomsten 1. Duurzame en gezonde samenleving
-18.416
15.805
-19.091
15.788
-19.219
15.788
-19.219
15.788
2. Leefbare en bereikbare samenleving
-22.244
3.464
-22.759
3.464
-22.856
3.464
-23.052
3.464
3. Interactie met de samenleving
-1.028
989
-1.028
989
-1.028
989
-1.028
989
4. Inclusieve en participatiesamenleving
-44.429
2.210
-41.979
2.214
-41.387
2.217
-41.403
2.234
5. Werkend en lerende samenleving
-31.686
12.759
-31.664
13.029
-31.991
13.329
-32.130
13.329
0
0
0
0
0
0
0
0
7. Financiën en bedrijfsvoering
-21.280
0
-21.336
0
-21.337
0
-21.337
0
8. Algemeen bestuur en reg. samenwerking
-2.658
0
-2.658
0
-2.658
0
-2.658
0
Gemeentefonds/Belasting/Reservemutatie
-5.185
112.064
-4.367
109.761
-5.907
111.231
-6.543
112.745
-146.927
147.290
-144.882
145.246
-146.384
147.019
-147.372
148.550
6. Informatie en kennissamenleving *)
Totaal Begrotingssaldo
364
364
635
1.178
Correctie incidentele baten en lasten
364
364
0
0
Structureel begrotingssaldo
0
0
635
1.178
*) De financiële middelen van programma 6 zijn onderdeel van het taakveld bij programma 7
Sluitend meerjarenperspectief Op 22 januari 2026 heeft de gemeenteraad van Overbetuwe de Begrotingsbrief van de provincie Gelderland ontvangen. In deze brief heeft de provincie aangegeven dat bij de toetsing van de Programmabegroting 2027-2030 de laatste twee jaarschijven 2029 en 2030 structureel en reëel in evenwicht moeten zijn, mocht de eerste jaarschijf 2027 niet sluitend zijn. Het college heeft het voornemen om bij de Programmabegroting 2027 in ieder geval de jaarschijf 2027 sluitend te maken. Doel is echter om meerjarig een sluitende begroting te presenteren. VNG - Begrotingsadvies 2027-2030 De VNG adviseert gemeenten in de brief van 19 mei 2026 om voor 2027 een sluitende begroting op te stellen. Voor latere jaren zijn de financiële vooruitzichten onzeker en is nog onduidelijk hoe het rijk extra kosten compenseert. Voor jeugdzorg wordt geadviseerd om vanaf 2028 te werken met realistische ramingen en stelposten; voor Wmo-huishoudelijke hulp wordt aanbevolen om vanaf 2029 een stelpost op te nemen, vanwege de bezuiniging die het Rijk vanaf dat jaar heeft ingeboekt. De VNG adviseert om financiële risico’s expliciet op te nemen in de risicoparagraaf en deze waar mogelijk financieel te onderbouwen. Bij het opstellen van de Programmabegroting 2027-2030 zal het advies van de VNG beoordeeld en eventueel meegenomen worden.
Ontwikkelingen In bovenstaande meerjarenperspectief is rekening gehouden met de volgende ontwikkelingen. Deze worden hieronder verder toegelicht. - Inzet van de algemene reserve - College- en raadsbesluiten t/m 14 april 2026 en de 1e Bestuursrapportage 2026 11
-
Het toevoegen van de jaarschijf 2030 Actualisatie van de uitgangspunten Onontkoombare ontwikkelingen / aanspraken
De gevolgen van de meicirculaire 2026 zijn in het meerjarenperspectief nog niet meegenomen. Deze zullen worden meegenomen in de Programmabegroting 2027-2030. Om het meerjarenperspectief sluitend te maken heeft het college gekeken naar de niet gekozen ombuigingsvoorstellen uit de Kadernota 2026, in hoeverre de dekkingsvoorstellen 2026 verder uitgenut kunnen worden, de mogelijkheid om de kostendekkendheid van de leges omgevingsvergunningen (verder) te verhogen en ontwikkelingen die het jaarrekeningresultaat 2025 bepalen. Het college ziet binnen deze categorieën mogelijkheden om keuzes te maken die leiden tot een sluitende meerjarenbegroting, maar wil de tijd nemen om deze keuzes goed te onderbouwen. In de Programmabegroting 20272030 zal het college de gemaakte keuzes toelichten en onderbouwen. Bij het maken van de keuzes zullen de volgende afwegingscriteria gehanteerd worden: 1. Zoeken naar ruimte binnen bestaande budgetten 2. Herprioriteren en stoppen oud beleid 3. Aanpassen van het voorzieningenniveau 4. Inzetten van reserves (incidenteel) 5. Pas als laatste optie: verhogen van de lokale lasten
Inzet algemene reserve In de Programmabegroting 2026-2029 is de Algemene reserve ingezet om te komen tot een sluitende begroting. Dit is in de Programmabegroting 2027-2030 alleen mogelijk als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. In deze Kadernota is het uitgangspunt gehanteerd dat deze inzet van de Algemene reserve niet mogelijk is. Hieronder is een tabel opgenomen met het verloop van de Algemene reserve op basis van het meerjarenperspectief 2027-2030: Meerjarenperspectief 2027-2030 AR
Per 1-1
Bedrag AR
Ratio
Saldo
2026
19.264
2,00
Inzet Saldo
-2.462 2027
Inzet Saldo
2028 2029
1,75
16.802
1,75
635 2030
Inzet Saldo
16.802 0
Inzet Saldo
1,75
0
Inzet Saldo
16.802
17.437
1,81
1.178 2031
18.615
1,93 12
College- en raadsbesluiten In 2026 zijn er raads- en collegebesluiten genomen, die leiden tot een wijziging van de begroting. Ook de 1e bestuursrapportage 2026 heeft effect op het meerjarenperspectief. Meerjarenbegroting 2027-2030 Bvo Dran Het college heeft aan de gemeenteraad haar zienswijze voorgesteld over de meerjarenprogrammabegroting 2027-2030 Bvo Dran. Op 2 juni 2026 wordt het raadsvoorstel behandeld. De meerjarenbegroting, zoals voorgelegd, heeft een structureel positief effect. Vooruitlopend op de vaststelling is dit financieel effect alvast meegenomen. Mochten andere gemeenten een afwijkende zienswijze indienen dan kan dit financieel effect nog wijzigen. Uitbreiding 0,4 fte wethouder Op 12 mei 2026 heeft de gemeenteraad ingestemd met de benoeming van het nieuwe college met vijf fulltime wethouders. De jaarlijkse extra kosten van de uitbreiding van 0,4 fte zijn opgenomen. Financieel effect 1e Bestuursrapportage 2026 De 1e bestuursrapportage 2026 wordt 2 juni 2026 vastgesteld door de gemeenteraad. Vooruitlopend hierop is het financieel effect van de bestuursrapportage, zoals opgesteld door het college, alvast meegenomen. Het financieel effect vanaf 2027 is negatief.
Effecten nieuwe jaarschijf 2030 De Kadernota 2027 is het eerste document waarbij jaarschijf 2030 onderdeel is van het meerjarenperspectief. Als startpunt is jaarschijf 2030 gelijk aan jaarschijf 2029, maar zijn er op de volgende onderwerpen aanpassingen. Accres Het accres van het gemeentefonds is de jaarlijkse toe- of afname van het totale budget dat gemeenten van de rijksoverheid ontvangen. De ontwikkeling van het accres is gekoppeld aan het bruto binnenlands product (bbp) voor zowel het prijs- als volumedeel. Aangezien Overbetuwe werkt met constante prijzen bevat bovenstaand accres enkel de toename van de inkomsten uit het gemeentefonds vanwege volumeontwikkelingen. Kapitaallasten vastgoedprojecten Bij de Programmabegroting 2026 is de structurele vrijval van financiële ruimte door uitstel van diverse vastgoedprojecten opgenomen tot en met jaarschijf 2029. De kapitaallasten van deze projecten komen weer terug in het financieel meerjarenperspectief in jaarschijf 2030.
Actualisatie uitgangspunten Jaarlijks actualiseren we in de Kadernota de gehanteerde uitgangspunten. Deze uitgangspunten zijn afzonderlijk in de bijlage bij de Kadernota opgenomen. We gaan er vooralsnog vanuit dat de vergoeding van de inflatie door het Rijk voldoende is om de CAO-ontwikkeling en prijsstijgingen voor externe partijen en verbonden partijen op te vangen.
13
Onontkoombare ontwikkelingen / Aanspraken Door de ambtelijke organisatie zijn de afgelopen periode onontkoombare ontwikkelingen en financiële knelpunten in beeld gebracht. Met onontkoombare ontwikkelingen wordt bedoeld dat een (financiële) aanpassing plaats moet vinden door reeds genomen raadsbesluiten of bijvoorbeeld door externe wet- en regelgeving. Bij andere aanspraken is er de mogelijkheid tot bijsturing door andere (beleids)keuzes te maken, zoals de keuze voor ander materieel of het versoberen van een project of personele inzet. In het meerjarenperspectief zijn een aantal onontkoombare ontwikkelingen verwerkt.
Risico’s, kansen en onzekerheden Prijsinflatie We ramen de effecten van de prijsinflatie op basis van het Prijs bruto binnenlands product (Pbbp). De gemeente heeft een relatie met een groot aantal partijen waarmee ze samenwerkt en waaraan ze een jaarlijkse financiële bijdrage verstrekt. De cao-stijgingen en inflatie bij deze verbonden partijen hebben mogelijkerwijs effect op de werkelijke uitgaven in 2027 en de doorwerking daarvan naar de komende jaren. Andere ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op de prijs zijn geopolitieke ontwikkelingen, zoals de situatie in het MiddenOosten. Daarnaast zien we dat bij andere meerjarige contracten, zoals bij ICT, onderhoud en de groenbestekken, sprake is van een opwaartse trend. We gaan er vooralsnog van uit dat deze ontwikkelingen passen binnen de wijziging van de Algemene Uitkering van onze gemeente. Hierbij constateren we wel dit in de afgelopen jaren niet altijd gelukt is. We sturen zoveel mogelijk bij om binnen de vastgestelde begroting te blijven. Verdeelmodel gemeentefonds – Meicirculaire 2026 Het Rijk is voornemens per 1 januari 2027 de verdeling van het gemeentefonds te herzien. De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft in februari 2026 een adviesaanvraag gestuurd naar de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) over de Herziening verdeling gemeentefonds.
Aanleiding is, dat de onderzoeken, die op 7 februari 2025 door de minister van BZK aan de Tweede Kamer zijn toegezegd, inmiddels bijna zijn afgerond. Op 1 april 2026 heeft de ROB advies ingediend om de herziening van het gemeentefonds grotendeels uit te stellen. Slechts twee van de tien voorstellen worden positief beoordeeld. De herverdeling van het gemeentefonds brengt voor- en nadeelgemeenten met zich mee. Bij de herziening in 2023 behoorde Overbetuwe tot de groep van gemeenten met een groot nadelig effect. Of Overbetuwe dat nu weer is en wanneer het verdeeleffect zichtbaar wordt, is voor nu nog onbekend. Zodra de verdeeleffecten bekend zijn, zullen wij, overeenkomstig de afspraken met de raad, u hierover informeren. De effecten van de invoering van het nieuwe verdeelmodel worden beperkt met een ingroeipad tot een bedrag van maximaal € 15,- per inwoner per jaar. Voor gemeenten met een beperkte financiële draagkracht en een relatief hoog aantal inwoners met een lage sociaaleconomische status komt er een aangepast ingroeipad met een maximaal bedrag van € 7,50 per inwoner per jaar. Naar verwachting hoort Overbetuwe hier niet bij. Ombuigingen Programmabegroting 2026 en inzet algemene reserve Er zijn in de Programmabegroting 2025 en 2026 diverse ombuigingsvoorstellen opgenomen. Hier voorzien we een risico dat niet alle ombuigingsvoorstellen volledig geëffectueerd 14
kunnen worden. Daarnaast vraagt het meerjarenperspectief om een aanzienlijke inzet van de algemene reserve. Stelpost hervormingsagenda Er liggen stevige (financiële) uitdagingen voor het sociaal domein, die voornamelijk voortvloeien uit besluitvorming in de Programmabegroting 2026-2029. Dit geldt met name voor de periode vanaf 2028 waarin er, naast de ombuiging Maatregelen verlagen zorgvragen, een taakstelling is opgenomen i.r.t. de Hervormingsagenda. Er zal daarom ook de komende jaren stevige sturing nodig zijn om de afgesproken financiële doelstellingen te halen. Daarbij bestaat het risico dat de (financiële) doelstellingen mogelijk niet behaald worden door landelijke en regionale ontwikkelingen. Wij voeren de maatregelen uit het actieplan zorgvragen uit, met goede resultaten tot nu toe. Wij verwijzen voor nadere informatie hierover naar de recent met u gedeelde jaarmonitor sociaal domein 2025. Veilig thuis Door de Veiligheidsregio is een conceptbegroting 2027 opgesteld waarbij een structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage gevraagd wordt van € 135.000 voor uitbreiding van de formatie. Deze uitbreiding is noodzakelijk voor het kunnen uitvoeren van de werkzaamheden. De conceptbegroting moet nog door het Algemeen Bestuur worden vastgesteld.
15
Personeel en organisatie Organisatieontwikkeling In 2027 geven we verder invulling aan de ingezette organisatieontwikkeling. In 2025 is besloten om de verfijning van de hoofdstructuur in 2026 te verlengen en qua sturing in het bijzonder binnen het Fysieke domein in te zetten op een gewijzigde teamopbouw. Ook is besloten om een (groot) deel van de tijdelijk toegekende functies te handhaven in 2026. In de loop van 2026 wordt een evaluatie gehouden over de voortzetting van de verfijning van de hoofdstructuur en de tijdelijk toegekende functies. Ook in 2026 is gewerkt met een jaarplan voor de organisatie. Hierin staan vier opgaven op het vlak van organisatieontwikkeling waar de organisatie de focus op legt. In 2026 zijn dat Dienstverlening, Participatiecultuur, Boeien, binden en blijven ontwikkelen van medewerkers en Warme zakelijkheid. Dit jaarplan is samen met de Organisatievisie, het kader voor de domein-, team- en individuele werk- en ontwikkelplannen. Elk jaar actualiseren (4e kwartaal 2026) we het jaarplan in de aanloop naar het volgende kalenderjaar.
Ontwikkeling Personeelsbudget (p-budget) De ontwikkeling van het p-budget 2027 bestaat uit de volgende onderdelen: Bedrag structureel + € 1.140.000
+ € 6.900
Toelichting De huidige cao heeft een looptijd tot 1 april 2027. Voor premie- en salarisontwikkeling is gerekend met indicatief 3%. Het uitgangspunt voor het stijgingspercentage is gebaseerd op diverse cao’s (waaronder Rijk, Provincies) en 0,5% voor premieontwikkeling. Uitgangspunt is dat compensatie plaatsvindt vanuit de algemene uitkering. De bestuurder stelt jaarlijks een budget beschikbaar waaruit de kosten (bijv. lidmaatschap, scholing), die de Ondernemingsraad (OR) en OR-leden maken om hun OR-werk te doen, vergoed worden. De grondslag voor het budget is de Wet op de Ondernemingsraden en de richtlijn van de SER. Door de toename van het aantal OR-leden en kosten en behoefte aan kwaliteitsontwikkeling heeft de OR de kosten begroot op € 20.500 (huidige budget € 13.600).
In onderstaand overzicht wordt een geactualiseerd beeld (in aantallen en financieel) gegeven van de ontwikkeling van het p-budget 2027-2030 incl. de te verwachte salarisontwikkelingen. Totale omvang p-budget (in mln. €)
2024
2025
2026
2027
Totale omvang p-budget o.b.v. primaire begroting
€ 31,4
€ 35,6
€ 35,4
€ 38,1*
Totale omvang p-budget o.b.v. aangepaste begroting
€ 32,1
€ 35,1
€ 36,5
N.n.b.
Werkelijke uitgaven p-budget
€ 31,2
€ 34,5
N.n.b.
N.n.b.
* Inclusief 7,35 fte op basis van de evaluatie verfijning hoofdstructuur (aanspraak) en 3,9 fte uitvoeringsagenda Lokale energiestrategie.
16
Ontwikkeling formatie
2027
2028
2029
2030
Prognose aantal inwoners*
49.365
49.465
49.565
49.665
7,1
7,1
7,1
7,1
350
351
352
353
Geactualiseerde B-richtlijn** (Benchmarkrichtlijn fte per 1.000 inwoners o.b.v. uitkomsten lokale benchmark 2024). Aantal fte B-richtlijn Geactualiseerde O-richtlijn** (Overbetuwerichtlijn) fte per 1.000 inwoners o.b.v. het raadsbesluit d.d. 23 januari 2024. Aantal fte O-richtlijn ** / ***
7,8
7,8
7,8
7,8
383
384
385
386
Totaal verschil aantal fte B-richtlijn t.o.v. O-richtlijn
+33
+33
+33
+33
* Uitgangspunt inwonersontwikkeling 100 inwoners per jaar. ** Excl. fte’s werkzaam voor derden en waarvan de kosten worden verhaald (bijv. ICT-samenwerking met gemeente Lingewaard). *** Groei 1 fte per kalenderjaar vanaf 2028 niet meegenomen in het financieel meerjarenperspectief 2027-2030.
Ontwikkeling Overbetuwerichtlijn Door middel van de raadsinformatiememo van 15 oktober 2024 is de raad geïnformeerd over de totstandkoming van de Berenschotrichtlijn (B-richtlijn) en Overbetuwerichtlijn (Orichtlijn). De B-richtlijn is vastgesteld op 7,1 fte per 1.000 inwoners. De daarbij behorende loonkosten per 1.000 inwoners bedragen € 692.059 (incl. inschatting cao 2027). Omgerekend naar het aantal inwoners van Overbetuwe bedragen de totale loonkosten conform de B-richtlijn € 34.163.476 voor 2027. In de programmabegroting 2025 is de O-richtlijn vastgesteld op 7,7 fte per 1.000 inwoners. Het verschil tussen de O-richtlijn ten opzichte van de B-richtlijn is met name te verklaren, omdat Overbetuwe er vaker voor kiest taken zelf uit te voeren in plaats van uit te besteden. Daarnaast blijkt dat de apparaatskosten voor alle hoofdthema’s in de Berenschot “benchmark formatie en kosten 2024” lager zijn ten opzichte van de referentiegroep. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar eerdergenoemde raadsinformatiememo. Op basis van de genomen college- en raadsbesluiten t/m 15 mei 2026 betreft de geactualiseerde O-richtlijn 7,8 fte per 1.000 inwoners. Onderdeel van de geactualiseerde Orichtlijn 2027 is de 7,35 fte formatie-uitbreiding die is toegevoegd op basis van de evaluatie verfijning hoofdstructuur. De vastgestelde formatie voor 2027 bedraagt 383 fte.
Op basis van de cao-inschatting 2027 zijn de daarbij behorende loonkosten € 727.010 per 1.000 inwoners en de totale loonkosten € 35.888.856. Naast de loonkosten bestaat het totale p-budget voor ongeveer € 2,2 miljoen uit loon- en niet loongerelateerde kosten en een aantal deelbudgetten. Het totale p-budget voor 2027 komt uit op € 38,1 miljoen. Evaluatie systematiek p-budget Vóór de behandeling van de Kadernota 2027 in de raad (juli 2026) ontvangt de raad een raadsinformatiememo over de voortgang van de evaluatie systematiek p-budget. Ontwikkelingen Zoals in de 1e bestuursrapportage 2026 is gerapporteerd zijn er een aantal ontwikkelingen die financiële effecten kunnen hebben voor het p-budget. Bijvoorbeeld uitvoering geven aan de aanbevelingen in de jaarverslagen Arbodienst en Integriteit werkorganisatie, de RVU (Regeling Vervroegd Uittreden) en actualisatie van de regeling Hybride werken en (Thuis)werkplekfaciliteiten.
17
BIJLAGE Uitgangspunten Beleidsmatige uitgangspunten 1
Ramingen zijn realistisch en volledig
2
Structurele lasten worden met structurele baten gedekt
3
Nieuwe uitgaven worden getemperd en zijn alleen mogelijk als bestaand beleid in gelijke mate wordt ingeperkt Financiële
Voorstel
Waarde
uitgangspunten 1
De algemene uitkering is gebaseerd op de decembercirculaire 2025 (Programmabegroting: meicirculaire 2026)
2
De meerjarenramingen zijn gebaseerd op constante lonen en prijzen
3
Aantal inwoners op
Werkelijk aantal op 01-01-2026 plus inschatting groei in 2026 op basis van woningbouwprogramma
49.365
- investeringen
Conform BBV
1,5%
- grondexploitaties
Conform BBV
1,5%
- kortlopende leningen
Inschatting gebaseerd op de actuele marktrente
3,25%
- nieuwe langlopende
Inschatting gebaseerd op de actuele marktrente
3,75%
01-01-2027 4
Rente
leningen 5
Formatie en salarissen - Formatie
Zie paragraaf Bedrijfsvoering onderdeel Personeel en organisatie
- salarissen
Verwachte cao-ontwikkeling incl. de verwachte stijging sociale lasten
3%
- sociale lasten 6
Prijsinflatie
Prijs Bruto Binnenlands Product
2,5%
7
Bijdrage verbonden
Op basis van conceptbegroting verbonden partij. Indien de begroting ontbreekt geldt de prijsinflatie
2,5%
Verhogen met prijsinflatie
2,5%
- Toeristenbelasting
Verhogen met prijsinflatie
2,5%
- Hondenbelasting
Verhogen met prijsinflatie
2,5%
- Precariobelasting
Verhogen met prijsinflatie
2,5%
- Marktgelden
Verhogen met prijsinflatie
2,5%
- Begraafrechten
Verhogen met prijsinflatie
2,5%
- Leges
Verhogen met prijsinflatie
2,5%
- Rioolrecht
100% kostendekkend
- Afvalstoffenheffing
100% kostendekkend
Huuropbrengsten
Conform opdracht Vastgoedvisie 2025
partijen 9
Belastingen - Onroerende Zaak Belasting
10
11
Heffingen
18