CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

26-01-27.16 Relevant stuk 1. Concept-omgevingsvergunning -Geanonimiseerd

Gemeenteraadsvergadering 27 januari 2026, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Adviesrecht BOPA (Buitenplanse omgevingsplanactiviteit): omvormen landbouwschuur naar woning Bredeweg 69a, Randwijk5.453 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Uw brief van 24 maart 2025

Uw kenmerk

Onderwerp/Zaaknummer: Omgevingsvergunning Z2025-00587

Ons kenmerk D2025-00021221

Datum 27 januari 2026

Verzonden d.d.

Behandeld door

Telefoonnummer 14 0481

Bijlage(n) -

Geachte U heeft op 24 maart 2025 een verzoek voor een omgevingsvergunning ingediend voor het wijzigen van het gebruik van een landbouwschuur naar een woonfunctie op Bredeweg 69a, 6668AS Randwijk. In deze brief informeren wij u over ons besluit. Wat hebben wij besloten? Wij hebben besloten de omgevingsvergunning te verlenen. De vergunning hebben wij bijgevoegd. Aan de vergunning zijn voorschriften verbonden. Wij raden u aan om de vergunning met de bijbehorende bijlagen zorgvuldig door te nemen. Dit kan veel misverstanden voorkomen. U moet namelijk de aan de vergunning verbonden voorschriften naleven. Verder zijn zienswijzen kenbaar gemaakt. Deze hebben wij beoordeeld in het besluit. De indieners krijgen rechtstreeks een afschrift van dit besluit. Burenrecht In het Burenrecht (Burgerlijk Wetboek, boek 5, titel 4), staan rechten en plichten van burgers vermeld. Wij willen u erop wijzen dat er rechten van derden worden genoemd, die gebruiksmogelijkheden van uw vergunning mogelijk beperken. Huisnummerbesluit Bij deze omgevingsvergunning ontvangt u een huisnummerbesluit. Deze is apart als bijlage bijgevoegd.

Mededelingen • Informatieplicht (via het DSO) voor degene die de bouwwerkzaamheden uitvoert of laat uitvoeren, degene moet het bevoegd gezag informeren over het begin en einde hiervan: - ten minste 2 werkdagen vóór het begin van de bouwwerkzaamheden; - uiterlijk op de eerste werkdag ná afloop van de bouwwerkzaamheden. • Naast deze omgevingsvergunning moet u mogelijk nog een sloopmelding indienen voor de sloopwerkzaamheden;

1/13

Leges U ontvangt separaat een legesfactuur voor dit besluit. Deze moet u binnen 30 dagen betalen. De leges voor de diverse activiteiten van dit besluit zijn bepaald op basis van de Legesverordening gemeente Overbetuwe 2025. In uw geval worden er leges opgelegd voor de activiteiten: • het bouwen van een bouwwerk, Bouwactiviteit (Omgevingsplan) • afwijken van regels in het Omgevingsplan Vragen? Heeft u hierover vragen, neemt u dan op werkdagen tussen 8.30 en 13.00 uur contact op met het Omgevingsloket, telefoonnummer 14 0481. Wilt u bij vragen, overleg of correspondentie het zaaknummer boven aan de brief vermelden? Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe, de gemeentesecretaris de burgemeester

Afschrift: - Bag

2/13

Omgevingsvergunning Burgemeester en Wethouders hebben op 24 maart 2025 een verzoek voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het wijzigen van het gebruik van een landbouwschuur naar een woonfunctie. De aanvraag gaat over Bredeweg 69a, 6668AS Randwijk. Het verzoek is geregistreerd onder nummer Z2025-00587. Besluit Burgemeester en wethouders besluiten de omgevingsvergunning te verlenen aan:

op grond van de onderstaande activiteiten en artikelen van de Omgevingswet: • Bouwactiviteit (omgevingsplan) op basis van artikel 5.1 lid 1 onder a van de Omgevingswet • Afwijken van regels in het Omgevingsplan (omgevingsplanactiviteit) op basis van artikel 5.1 lid 1 onder a van de Omgevingswet De omgevingsvergunning wordt verleend onder de bepaling dat de gewaarmerkte stukken deel uitmaken van deze vergunning. Procedure De besluitvormingsprocedure is uitgevoerd volgens de reguliere voorbereidingsprocedure, zoals bepaald in paragraaf 16.5.2 van de Omgevingswet. Inhoudelijke overwegingen Aan het besluit liggen de volgende inhoudelijke overwegingen ten grondslag: • Wij hebben uw verzoek beoordeeld en getoetst aan het plaatselijk geldende (tijdelijke) omgevingsplan gemeente Overbetuwe, onderdeel ‘Buitengebied, Bredeweg 69, Randwijk´. • Uw verzoek in strijd met het geldende omgevingsplan, omdat: o Er een derde woning wordt toegevoegd waar maximaal twee woningen zijn toegestaan; o De inhoud van de woning groter wordt dan 600m3; • Binnen het geldende ‘Omgevingsplan gemeente Overbetuwe, onderdeel Buitengebied, Bredeweg 69, Randwijk’ zijn hiervoor geen afwijkingsmogelijkheden opgenomen. • Gezien de strijdigheden met het geldende omgevingsplan gemeente Overbetuwe is medewerking alleen mogelijk op basis van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA).

Hieronder is onderbouwd waarom er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan de locatie (ETFAL). • Voor de motivering van de evenwichtige toedeling van functies aan de locatie leverde u de onderbouwing ‘Rapport 2400532.3200.r01 - Woningrealisatie aan de Bredeweg 69a in Randwijk Motivering Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit (BOPA) ', d.d. 24 maart 2025, inclusief bijbehorende bijlagen aan. Deze onderbouwing dient hier als herhaald en ingelast te worden beschouwd, zodat het onderdeel uitmaakt van dit besluit. •

Externe Veiligheid (EV) Voor het verdere proces rond het initiatief voor de locatie Bredeweg 69a, Randwijk wordt voor wat betreft externe veiligheid het volgende overwogen; Het plangebied ligt niet binnen een plaatsgebonden risicocontour 10-6 van een risicobron. Daarmee wordt geen grens- of richtwaarde overschreden en is er geen sprake van een directe of harde belemmering voor de realisatie van het plan. In het kader van de aandachtsgebieden hoeft er geen rekening te worden gehouden met het groepsrisico. 3/13

•

Bodem De aanvraag betreft een bestaand gebouw met een gevoelige gebruiksfunctie, dit wijzigt niet. Hiermee voldoet het aspect bodem aan de criteria voor evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).

•

Geluid Het initiatief betreft een woning te realiseren aan de Bredeweg 69a in Randwijk binnen de ter plaatse aanwezige monumentale landbouwschuur. De uitgangspunten in het akoestisch rapport 2400532.3400.r01a geven voldoende inzicht om te concluderen dat de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) voor het aspect geluid voldoet aan de criteria voor evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Hierbij is in voldoende mate rekening gehouden met het gemeentelijke geluidsbeleid.

•

Licht Vanaf recente luchtfoto's (PDOK viewer) is te zien dat de voetbalvereniging momenteel geen sportveldverlichting in gebruik heeft. Daarmee is het aspect lichthinder nu niet aan de orde. Mocht er (in de toekomst) wel gebruik worden gemaakt van sportveldverlichting, dan kunnen, aanvullend op de regels in het omgevingsplan waarin alleen de aan/uit tijden zijn geregeld (bruidsschat), via een maatwerkbesluit grenswaarden worden gesteld aan de mogelijke lichthinder. Omdat dit nu al ook voor de bestaande, naastgelegen woning zou gelden, hoeft het beoogde plan geen (extra) belemmering te zijn voor de bedrijfsvoering van de sportvereniging. Hiermee voldoet het aspect licht aan de criteria voor evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).

•

Luchtkwaliteit De tekst in paragraaf 5.7 van het rapport 2400532.3200.r01 volstaat. Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. Hiermee voldoet het aspect luchtkwaliteit aan de criteria voor evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).

•

Milieuzonering De locatie heeft al bestemming wonen. Dus er is al eerder gemotiveerd dat hier sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Naastgelegen agrarische percelen worden niet extra belemmerd door het plan. Hiermee voldoet het aspect milieuzonering aan de criteria voor evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).

•

Flora en Fauna De tekst in paragraaf 5.6 van het rapport 2400532.3200.r01 volstaat. Het aspect flora en fauna vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. Hiermee voldoet het aspect luchtkwaliteit aan de criteria voor evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).

•

Verkeer In Paragraaf 5.5 van het rapport 2400532.3200.r01 is het onderdeel met betrekking tot het verkeer/parkeren beoordeeld. De conclusie die in het rapport wordt genoemd kan worden onderschreven. Hiermee voldoet het aspect verkeer aan de criteria voor evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).

•

Participatie Bij de aanvraag omgevingsvergunning heeft overleg plaatsgevonden met omwonenden. Het verslag van dit overleg is als bijlage toegevoegd bij dit besluit en maakt ook onderdeel uit van dit besluit.

4/13

•

Welstand De Commissie Monumenten en Welstand heeft een positief advies uitgebracht over uw initiatief voor de onderdelen monumenten en welstand.

•

Wij hebben het algemeen belang, uw belangen en ook de belangen van omwonenden en (eventuele) andere belanghebbenden gewogen. Wij vinden dat deze belangen niet onevenredig worden aangetast. Wij werken daarom mee aan een afwijking van het omgevingsplan.

Conclusie Gelet hierop verlenen wij voor het wijzigen van het gebruik van een landbouwschuur naar een woonfunctie een omgevingsvergunning voor de activiteiten: • het bouwen van een bouwwerk • afwijken van regels in het Omgevingsplan Beoordeling Zienswijzen Naar aanleiding van de bekendmaking van de aanvraag omgevingsvergunning zijn schriftelijke reacties ontvangen. Deze schriftelijke reacties zijn aan te merken als schriftelijk kenbaar gemaakte zienswijzen als bedoeld in artikel 4:7/4:8 van de Algemene wet bestuursrecht. Voor de volledigheid hebben wij hieronder deze zienswijzen, inclusief inhoudelijke reactie, bijgevoegd. Indiener 1 Indiener 1 brengt de volgende punten naar voren 1. Parkeren niet haalbaar – bestaande parkeerplaatsen volgens koopakte In de koopakte van het perceel van indiener 1 is opgenomen dat een aantal parkeerplaatsen op het terrein van Bredeweg 69a reeds in gebruik is dan wel tot gebruik is bestemd voor aanliggende percelen, te weten 69. De nu aangevraagde plannen houden volgens indiener 1 geen rekening met deze reeds bestaande rechten, waardoor de beschikbare parkeerruimte wordt overschat. Hierdoor ontstaat een onrealistische voorstelling van de parkeerdruk en parkeeroplossingen, wat volgens indiener 1 de leefbaarheid en veiligheid nadelig beïnvloedt.

Dit staat op gespannen voet met het parkeerbeleid van de gemeente en de geldende normen voor bereikbaarheid. (De koopakte refererend aan recht van overpad en gebruik parkeer terrein heeft indiener 1 als bijlage toegevoegd.) Tevens zal het voorgestelde parkeerplan een nog grotere beperking leggen dan reeds van toepassing is op de bereikbaarheid van Bredeweg 69. Dit zal volgens indiener 1 een negatieve uitwerking hebben voor de leefbaarheid van de woning op Bredeweg 69. Reactie op dit punt Uit de onderbouwing bij de aanvraag komt naar voren dat gelijk aan de verkeersbewegingen de parkeerbehoefte daalt. Het parkeerterrein voor het creativiteitscentrum wordt deels heringericht tot tuin. De woning heeft namelijk een lagere parkeerbehoefte dan het creativiteitscentrum. De parkeervoorzieningen worden hierop aangepast. In de huidige situatie zijn er dertien parkeerplaatsen aanwezig op het erf bij de erftoegang. Dat zijn voldoende parkeerplaatsen volgens de parkeernorm voor het totaal aantal woningen op het erf. Voor de nieuwe woning in de bestaande schuur zullen bij de herinrichting van het bestaande parkeerterrein aan de noordwestzijde van het erf nog parkeerplaatsen moeten worden gerealiseerd: 1 x 2,8 → 2,8 PP (3). Ook zullen vanuit erfdienstbaarheid nog enkele parkeerplaatsen worden ingericht. In afbeelding 7 is de huidige en toekomstige situatie weergegeven.

5/13

De verdeling van de parkeerplaatsen zal, indien aan de orde, in onderling overleg moeten worden opgelost, met inachtneming van hetgeen door partijen in de privaatrechtelijke overeenkomsten is vastgelegd. Wij merken op dat wij een afwijking hebben toegepast om medewerking te kunnen verlenen aan het bouwplan. Bij de afwijking blijven privaatrechtelijke aspecten buiten beschouwing tenzij sprake is van een evidente privaatrechtelijke belemmering die het verlenen van een afwijking in de weg staat. Voor wat betreft het gestelde door indiener 1 wij op dat op voorhand niet duidelijk is of sprake kan zijn van een evidente privaatrechtelijke belemmering. De vaste lijn van de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) is hieromtrent uitgesproken dat (zie bijvoorbeeld de uitspraak van 9 juni 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1214, r.o. 12.4) en 6 maart 2024, ECLI:NL:RVS:2024:961, r.o. 14.1: “Voor het oordeel door de bestuursrechter dat een privaatrechtelijke belemmering aan de verlening van een omgevingsvergunning met toepassing van een afwijking in de weg staat, is slechts aanleiding wanneer deze een evident karakter heeft.

De burgerlijke rechter is immers de eerst aangewezene om de vraag te beantwoorden of een privaatrechtelijke belemmering in de weg staat aan de uitvoering van een activiteit.” Er is geen sprake van een evidente privaatrechtelijk belemmering indien niet duidelijk is dat het bouwwerk wordt gerealiseerd op gronden van derden. In zijn uitspraak van de Afdeling van 6 maart 2024, ECLI:NL:RVS:2024:961, r.o. 14.2, oordeelde zij dat: “Een privaatrechtelijke belemmering is evident, indien zonder nader te onderzoeken kan worden vastgesteld dat het bouwplan is voorzien op grond die in eigendom aan een ander toebehoort, die ander daarin niet berust en niet hoeft te berusten.” Dit betekent niet dat op basis van een verleende omgevingsvergunning een inbreuk mag worden gedaan op anders eigendoms(recht). Een en ander is reeds uitgemaakt in het arrest van de Hoge Raad van 10 maart 1972 (ECLI:NL:HR:1972:AC1311, Vermeulen/Lekkerkerker). De essentie is dat het hebben van een publiekrechtelijke vergunning (toestemming) in beginsel geen vrijwaring betekent tegen aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. Het hebben van een omgevingsvergunning danwel toestemming betekent dus niet dat iemand ongehinderd zijn gang mag gaan en dus een inbreuk mag maken op bijvoorbeeld iemands eigendomsrecht. In zijn uitspraken van 6 augustus 2014 ECLI:NL:RVS:2014:2938, r.o. 4.2 en 13 juli 2016 ECLI:NL:RVS:2016:1975, r.o.

6.3 oordeelde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verder dat het verlenen van een omgevingsvergunning slechts de publiekrechtelijke toestemming omvat om het desbetreffende bouwplan te realiseren en niet de toestemming omvat om iemand zijn eigendom te ontnemen, danwel inbreuk te maken op andermans eigendomsrecht. De burgerlijke rechter is de aangewezene om de vraag te beantwoorden of de rechten van indiener 1 is aangetast door het realiseren van het bouwplan. Een onaantastbare

6/13

omgevingsvergunning vrijwaart dus niet voor aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad, ook al is bouwplan uitgevoerd overeenkomstig de vergunning. Het verlenen van de omgevingsvergunning leidt er dus niet toe dat de privaatrechtelijke rechten van derden opzij zijn gezet. Dit kan onder meer betekenen dat de onherroepelijke omgevingsvergunning uiteindelijk niet mag worden uitgevoerd in verband met aansprakelijkheid vanwege verminderd licht en uitzicht (Hoge Raad, 21 oktober 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT8823, Ludlage-Van Paradijs), bijvoorbeeld aan de hand van artikel 5:37 Burgerlijk Wetboek (onrechtmatige hinder). Op grond van dit artikel mag de eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het verspreiden van rumoer, trillingen, stank, rook of gassen, door het onthouden van licht of lucht of door het ontnemen van steun. Dit dient door een burgerlijke rechter te worden beoordeeld en niet door het college. Dit door indiener 1 ingebrachte punt leidt niet tot een besluit tot weigeren van de omgevingsvergunning. 2.

Nieuwe parkeerplaatsen moeten voldoen aan NEN-normen Indiener 1 wijst erop dat, indien er nieuwe parkeerplaatsen worden gerealiseerd op het perceel, dienen deze te voldoen aan de geldende NEN-normen, waaronder de minimale afmetingen van parkeervakken (bijv. 2,5 x 5 meter) en de vereiste uitrijruimte (minimaal 6 meter bij haakse opstelling). De huidige aanvraag lijkt hier volgens indiener 1 onvoldoende duidelijkheid over te geven. Een ontwerp dat niet aan deze normen voldoet, leidt tot gevaarlijke verkeerssituaties en onpraktisch gebruik van de parkeerplaatsen. In de als bijlage toegevoegde passages uit de koopakte, blijkt volgens indiener 1 tevens dat er voor 5 auto’s parkeerruimte aanwezig dient te zijn voor Bredeweg 69. Tevens voorziet indiener 1 in het ontwerp een gevaarlijke verkeerssituatie ontstaan. In de huidige situatie is er volgens indiener 1 reeds sprake van een gevaarlijke in- en uitrit, doordat struiken het overzicht op de Bredeweg ontnemen. Door het verleggen van de toegang, waarbij er nog minder manoeuvreerbare vrije ruimte is in het gepresenteerde ontwerp, zal de situatie volgens indiener 1 helaas nog onoverzichtelijker worden. Bijgevoegd kunnen de passages van de koopakte worden gevonden. Reactie op dit punt De te realiseren parkeerplaatsen dienen te voldoen aan de gestelde normen.

Bij de aanvullingen van 4 november 2025 is aangegeven dat de parkeerplaatsen een afmeting krijgen van 2,5 x 5 meter. Voor zover wordt verwezen naar de koopakte verwijzen wij naar het gestelde onder 1. Ook dit punt leidt niet tot een besluit tot weigering van de omgevingsvergunning. 3. Onduidelijkheid over beheer en onderhoud van parkeerplaatsen. In de aanvraag ontbreekt volgens indiener 1 informatie over wie verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud van de parkeerplaatsen. Dit is volgens indiener 1 een essentieel aspect, zeker wanneer deze parkeerplaatsen mede worden gebruikt door derden of indien zij zich op gezamenlijk terrein bevinden. Het ontbreken van een onderhoudsplan of duidelijk beheerregime kan volgens indiener 1 leiden tot verval, onveiligheid of conflicten over gebruik en aansprakelijkheid. Momenteel is er volgens indiener 1 reeds sprake van een achterstallig onderhoud aan de bestaande parkeerplaats. (Foto’s als bijlage toegevoegd). Reactie op dit punt Het beheer en het onderhoud zijn geen aspecten die beoordeeld worden in het kader van de aanvraag omgevingsvergunning. Hierover dienen de eigenaar/eigenaren en/of eventuele andere gebruikers van de parkeerplaatsen onderling afspraken over te maken, voor zover die er nog niet zijn. Op dit punt leidt de zienswijze niet tot een besluit waarin de omgevingsvergunning moet worden geweigerd.

7/13

4. Niet akkoord met het laten vervallen van de recreatiebestemming. Het verzoek om de recreatieve bestemming van Bredeweg 69a te laten vervallen en deze te wijzigen in een woonbestemming wordt door indiener 1 nadrukkelijk niet gesteund. De dubbele bestemming recreatie en wonen geld momenteel voor de woningen Bredeweg 69, 69a en 71. Als bewoners van de woning Bredeweg 69 wil indiener 1 graag deze dubbele bestemming behouden. Reactie op dit punt Het gaat om een omgevingsvergunning waarvoor een buitenplanse omgevingsactiviteit (BOPA) dient te worden verleend. Deze BOPA heeft betrekking op situaties waarin een activiteit wordt uitgevoerd die niet past binnen de regels van het geldende omgevingsplan. Een BOPA is dus een activiteit die afwijkt van wat in het omgevingsplan is vastgelegd voor een bepaald gebied. De oorspronkelijke bestemming van het perceel blijft evenwel gelden. Dit wordt pas anders als het omgevingsplan zelf wordt aangepast. Dit laatste is in het kader van deze aanvraag omgevingsvergunning evenwel niet aan de orde. Ook dit punt van de zienswijze leidt niet tot een besluit tot het weigeren van de omgevingsvergunning. 5. Deugdelijke isolatie tussen huisnummer 69a en 69. Wanneer 69a woonbestemming wordt, zal er volgens indiener 1 een deugdelijke isolatie geplaatst dienen te worden tussen de contactmuren.

De isolatie zal zowel geluid als warmte dienen te isoleren, maar ook een brandwerende/vertragende functie dienen te dragen. Reactie op dit punt De te realiseren woning zal moeten voldoen aan hetgeen in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) is opgenomen (voorheen: Bouwbesluit). De aanvraag omgevingsvergunning ziet op de omgevingsplanactiviteit. De door indiener genoemde aspecten worden niet beoordeeld in het kader van deze aanvraag maar in een mogelijke aparte aanvraag omgevingsvergunning bouwtechnische activiteit. Een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit alleen is niet voldoende als ook nog een omgevingsvergunning voor de bouwtechnische activiteit nodig is. Op dit punt leidt de zienswijze niet tot een weigering van de omgevingsvergunning. 6. Niet betrokken bij de planvorming. Als direct aangrenzend perceel indiener 1 geenszins op de hoogte gesteld of betrokken geweest door de initiatiefnemer van de aanvraag. Hierbij heeft indiener 1 niet kunnen participeren in het voorontwerp en eventuele knelpunten, belangen of verbeterpunten kenbaar kunnen maken. Toch is dit, alleen al gebaseerd op de hoeveelheid punten vanuit indiener 1, een belangrijk aspect voor de initiatiefnemers om uit te voeren. Zeker aangezien de woning volgens indiener 1 als gezicht dient bij de entree van het dorp Randwijk.

Ook is het bij indiener 1 momenteel niet bekend of instanties betrokken zijn geweest bij de aanvraag. In de huidige situatie lopen de hoofdleidingen gas, water en elektra van 69a volgens indiener 1 deels door de kelder van woning 69. Bij een verandering van recreatief gebruik naar woonbestemming dient dit volgens indiener 1 ook kenbaar gemaakt te worden aan de kabel en leiding beheerder. (bijgevoegd enkele foto’s ter illustratie). Het lijkt indiener 1 een onveilige situatie wanneer de hoofdleiding, zonder afsluiter, door de woning van Bredeweg 69 loopt en bestemd is voor Bredeweg 69a. Reactie op dit punt Op basis van de Omgevingswet, die per 1 januari 2024 in werking is getreden, wordt meer verwacht van een initiatiefnemer in het kader van de participatie. Met participatie wordt bedoeld het in een vroegtijdig stadium betrekken van onder andere burgers bij het proces van de besluitvorming over een project of een activiteit. Met betrekking tot participatie in deze aanvraag omgevingsvergunning staat in artikel 7.4 van de Omgevingsregeling een plicht voor de aanvrager van een omgevingsvergunning om aan participatie te doen indien sprake is van een geval waarvoor de gemeenteraad een aanwijzing heeft gedaan voor een buitenplanse omgevingsactiviteit (artikel 16.55, zevend lid van de Omgevingswet.

Als de aanvrager bij zo’n aangewezen geval niet of onvoldoende aan participatie heeft gedaan, kan het college de aanvraag buiten behandeling laten. Wel moet het college de 8/13

aanvrager de gelegenheid geven het gebrek te herstellen (artikel 4:5 Awb). Aanvrager heeft participatie gedaan en een participatieverslag daarvan opgesteld. Voor wat betreft de participatie merken wij het volgende op. De doelstelling van participatie (inspraak), voor zover van toepassing, is niet om consensus of unanieme steun te verkrijgen voor het initiatief. Het oogmerk is dat omwonenden in dat geval vroegtijdig worden betrokken en hun mening kunnen geven over het initiatief. De inbreng is echter niet bindend en het is geen resultaatsverplichting voor een beslissing op een aanvraag die voor iedereen aanvaardbaar zou zijn. Er is dus geen sprake van onrechtmatig handelen indien men na inspraak toch vasthoudt aan het ingediende initiatief. De verloop van de leidingen zal mogelijk, indien van toepassing, aan de orde kunnen komen bij de aanvraag van een bouwtechnische activiteit. Verder dient de aanwezige situatie door partijen in onderling overleg te worden opgelost. Ook dit punt leidt niet tot een besluit waarin de omgevingsvergunning moet worden geweigerd. 7. Geen bezwaar tegen woonbestemming voor Bredeweg 69a. Tot slot wil indiener 1 opmerken dat zij geen bezwaar heeft tegen de woonbestemming van Bredeweg 69a.

Deze bestemming is passend binnen de context van het gebied en roept vanuit de optiek van indiener 1 geen bezwaargronden op, mits de andere genoemde bezwaren adequaat worden gewogen. Reactie op dit punt Dit punt is geen aanleiding voor nadere opmerkingen en leidt niet tot een besluit tot een weigering van de omgevingsvergunning. Conclusie van indiener 1 Op basis van bovenstaande gronden verzoekt indiener 1 de aanvraag in de huidige vorm niet te honoreren en eerst bovengenoemde punten in het besluitvormingsproces te betrekken en nader te onderzoeken. Een zorgvuldige belangenafweging is volgens indiener 1 noodzakelijk om de ruimtelijke kwaliteit, rechtszekerheid en veiligheid in de omgeving te waarborgen. Reactie op dit punt De zienswijze van indiener 1 leidt niet tot een besluit waarin de omgevingsvergunning moet worden geweigerd. Indiener 2 Indiener 2 brengt de volgende punten naar voren 1. Bestemming wonen Indiener 2 stelt dat, indien de bestemming omgezet wordt naar wonen en het pand dus permanent bewoond wordt, zij mogen eisen dat de scheidingsmuur en plafond van de hal tussen de Landbouwschuur (Bredeweg 69A) en de deel van de boerderij (Bredeweg 71), zoals aangegeven op de bijgevoegde schets "Hal", voorzien wordt van een deugdelijke geluidsisolatie die aan de eisen voldoet voor wanden tussen twee woningen.

Momenteel is er slechts sprake van een 1/2 steens muur, zeer gehorig. Indiener 2 wil geen geluidsoverlast hebben van de nieuwe buren en de nieuwe buren zouden ook geen overlast moeten hebben van indiener 2. De huidige muur voldoet volgens indiener 2 niet aan de eisen geluidsisolatie alsook thermische isolatie volgens Bouwbesluit 2012 Reactie op dit punt Zoals reeds opgemerkt moet de te realiseren woning te voldoen aan hetgeen in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) is opgenomen (voorheen: Bouwbesluit). De aanvraag omgevingsvergunning ziet op de omgevingsplanactiviteit. De door indiener genoemde aspecten worde niet beoordeeld in het kader van deze aanvraag maar in een mogelijke aparte aanvraag 9/13

omgevingsvergunning bouwtechnische activiteit. Een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit alleen is niet voldoende als ook nog een omgevingsvergunning voor de bouwtechnische activiteit nodig is. Op dit punt leidt de zienswijze niet tot een weigering van de omgevingsvergunning. 2. Creatief centrum Indiener 2 wijst erop dat momenteel op Bredeweg 69 en 71 een dubbele bestemming bestaat, wonen en creatief centrum. Indiener 2 wil graag deze dubbele bestemming behouden. Reactie op dit punt Zoals ook eerder opgemerkt gaat het om een aanvraag omgevingsvergunning waarvoor een buitenplanse omgevingsactiviteit (BOPA) dient te worden verleend. Deze BOPA heeft betrekking op situaties waarin een activiteit wordt uitgevoerd die niet past binnen de regels van het geldende omgevingsplan. Een BOPA is dus een activiteit die afwijkt van wat in het omgevingsplan is vastgelegd voor een bepaald gebied. De oorspronkelijke bestemming van het perceel blijft evenwel gelden. Dit wordt pas anders als het omgevingsplan zelf wordt aangepast. Dit laatste is in het kader van deze aanvraag omgevingsvergunning evenwel niet aan de orde. Ook dit punt van de zienswijze leidt niet tot een besluit tot het weigeren van de omgevingsvergunning. 3.

Vooroverleg Indiener 2 betreurt het dat er jammer genoeg geen vooroverleg heeft plaatsgevonden tussen de aanvrager en de overige bewoners van dit terrein, terwijl het volgens indiener 2 wel consequenties heeft voor de omwonenden. Gezien de richtlijnen van de VNG "Nieuwe bevoegdheden bij de buitenplanse omgevingsplanactiviteit en participatie" zou dat volgens indiener 2 zeker hebben moeten plaatsvinden. Reactie op dit punt Wij hebben eerder aangegeven dat op basis van de Omgevingswet, die per 1 januari 2024 in werking is getreden, meer wordt verwacht van een initiatiefnemer in het kader van de participatie. Met participatie wordt bedoeld het in een vroegtijdig stadium betrekken van onder andere burgers bij het proces van de besluitvorming over een project of een activiteit. Met betrekking tot participatie in deze aanvraag omgevingsvergunning staat in artikel 7.4 van de Omgevingsregeling een plicht voor de aanvrager van een omgevingsvergunning om aan participatie te doen indien sprake is van een geval waarvoor de gemeenteraad een aanwijzing heeft gedaan voor een buitenplanse omgevingsactiviteit (artikel 16.55, zevend lid van de Omgevingswet. Als de aanvrager bij zo’n aangewezen geval niet of onvoldoende aan participatie heeft gedaan, kan het college de aanvraag buiten behandeling laten.

Wel moet het college de aanvrager de gelegenheid geven het gebrek te herstellen (artikel 4:5 Awb). Aanvrager heeft participatie gedaan en een participatieverslag daarvan opgesteld. De verloop van de leidingen zal mogelijk, indien van toepassing, aan de orde kunnen komen bij de aanvraag van een bouwtechnische activiteit. Verder dient de aanwezige situatie door partijen in onderling overleg te worden opgelost. Ook dit punt leidt niet tot een besluit waarin de omgevingsvergunning moet worden geweigerd. 4. Parkeren Indiener 2 wijst erop dat in het ingediende plan met betrekking tot het parkeren (p16) wordt gesteld dat er 13 parkeerplaatsen aanwezig zijn op het erf bij de erftoegang. Dit is feitelijk onjuist, er zijn slechts 10 parkeerplaatsen aanwezig. Reactie op dit punt Uit de onderbouwing bij de aanvraag komt naar voren dat gelijk aan de verkeersbewegingen de parkeerbehoefte daalt. Het parkeerterrein voor het creativiteitscentrum wordt deels heringericht tot tuin. De woning heeft namelijk een lagere parkeerbehoefte dan het creativiteitscentrum. De parkeervoorzieningen worden hierop aangepast. In de huidige situatie zijn er dertien parkeerplaatsen aanwezig op het erf, bij de erftoegang. Dat zijn voldoende parkeerplaatsen 10/13

volgens de parkeernorm voor het totaal aantal woningen op het erf. Voor de nieuwe woning in de bestaande schuur zullen bij de herinrichting van het bestaande parkeerterrein aan de noordwestzijde van het erf nog parkeerplaatsen moeten worden gerealiseerd: 1 x 2,8 → 2,8 PP (3). Ook zullen vanuit erfdienstbaarheid nog enkele parkeerplaatsen worden ingericht. Verwezen wordt naar de afbeelding bij het punt van indiener 1 en de aanvullingen van 4 november 2025 waarop drie parkeerplaatsen met een afmeting van 2,5 x 5 meter zijn aangegeven. Ook dit punt leidt niet tot een besluit waarin de omgevingsvergunning wordt geweigerd. 5. Conclusie Indiener 2 kan volledig instemmen met de omzetting van de huidige bestemming van Bredeweg 69A naar woonbestemming mits de geluidsisolatie aangebracht wordt en dat er rekening wordt gehouden met slechts 10 parkeerplaatsen op het erf bij de erftoegang. Reactie op dit punt Voor wat betreft de geluidsisolatie dient het plan te voldoen aan het gestelde in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Voor wat betreft de parkeerplaatsen dient aanvrager te voldoen aan de normen. Een omgevingsvergunning zet, zoals eerder opgemerkt, de privaatrechtelijke afspraken niet opzij. Ook dit punt leidt niet tot een besluit waarin de omgevingsvergunning wordt geweigerd.

Eindconclusie zienswijzen De ingediende zienswijzen leiden niet tot een besluit waarin de omgevingsvergunning moet worden geweigerd. Technische bouwactiviteit U heeft een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit (omgevingsplan) aangevraagd. De technische gegevens zijn hierin niet getoetst en behoren niet tot dit besluit. Voor uw initiatief is wel de activiteit ‘technische bouwactiviteit’ van toepassing. U kunt niet starten met de uitvoering van deze vergunning voordat u een omgevingsvergunning heeft voor de technische bouwactiviteit. Voorschriften Aan de omgevingsvergunning zijn de volgende voorschriften verbonden: • De parkeerplaatsen op het perceel kadastraal bekend gemeente Heteren, sectie E, nummer 1025 aan de Bredeweg in Randwijk, zoals aangegeven op de tekening ‘Parkeersituatie “wonen” op Het Klaphek, 19 april 2023’ dienen voor ingebruikname van de woning te zijn aangelegd en daarna in stand te worden gehouden. Niet mee eens? Bent u het met het besluit niet eens? Dan kunt u bezwaar maken. In dat geval adviseren wij u om eerst telefonisch contact met ons op te nemen. We nemen dan samen met u het besluit door. U kunt hiervoor bellen naar 14 0481. Wilt u na dit gesprek nog bezwaar maken kijkt u dan hieronder verder. Bezwaar bij reguliere procedure Deze vergunning is voorbereid volgens een reguliere procedure en heeft niet eerst verplicht ter inzage gelegen.

U kunt daarom bezwaar indienen bij de gemeente. U kunt uw bezwaar op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) indienen binnen zes weken na de dag dat het besluit is bekendgemaakt. In dit geval is dat de dag nadat het besluit is verzonden of uitgereikt. U ondertekent het bezwaarschrift. Ook schrijft u het volgende in het bezwaarschrift: • uw naam, adres en telefoonnummer; • de datum waarop u het bezwaarschrift schrijft; • de omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt; • de reden waarom u bezwaar maakt (de gronden van uw bezwaar); • uw handtekening 11/13

U kunt uw bezwaarschrift opsturen naar het college van burgemeester en wethouders, Antwoordnummer 175, 6660 VB in Elst. U kunt ook digitaal bezwaar maken via www.overbetuwe.nl/bezwaar-maken. U heeft dan wel uw DigiD nodig. Voorlopige voorziening Het besluit dat u van de gemeente hebt ontvangen, treedt in werking op de dag nadat het is bekendgemaakt. Het indienen van een bezwaar schorst de werking van een besluit niet! Om dat te bereiken moet u, naast een bezwaarschrift, ook een verzoek om voorlopige voorziening sturen aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank Arnhem, sector bestuursrecht, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem. U kunt ook digitaal om een voorlopige voorziening vragen via www.rechtspraak.nl. Hiervoor moet u een (DigiD) hebben. Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden. De rechter beoordeelt of het besluit wordt geschorst. Voor de behandeling van een voorlopige voorziening betaalt u griffierecht. Uitzondering op voorlopige voorziening De Omgevingswet bepaalt dat in een aantal gevallen de reguliere vergunning niet eerder in werking treedt dan dat de bezwaartermijn voorbij is. In die gevallen is het niet nodig om een verzoek voor voorlopige voorziening aan te vragen.

Dit geldt voor de volgende Omgevingsvergunningen: het uitvoeren van een werk of werkzaamheden geen bouwwerken zijnde; het slopen van bouwwerken; het verstoren of ontsieren van monumenten; het vellen of doen vellen van houtopstanden. Besluitdatum: 28 januari 2025 Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe, de gemeentesecretaris de burgemeester

12/13

Algemene informatie in verband met een omgevingsvergunning voor het bouwen In verband met de correcte uitvoering van uw bouwplan, waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft, is het van belang aandacht te geven aan de onderstaande onderwerpen. Schriftelijke kennisgevingen Voor de goede gang van zaken is het nodig dat het Omgevingsloket schriftelijk wordt geïnformeerd over: • het begin van de werkzaamheden, inclusief ontgravingswerkzaamheden (termijn: uiterlijk twee dagen voor aanvang hiervan); • het voor ingebruikgeving of -neming gereed zijn van het bouwwerk of een gedeelte daarvan; het is verboden om een bouwwerk in gebruik te geven of nemen indien het gebouw niet is gereed gemeld. U kunt de gereedmelding doen via omgevingsloket@overbetuwe.nl. Omgevingsvergunning op het werk De omgevingsvergunning met bijbehorende bescheiden moet op het bouwterrein aanwezig zijn en op verzoek aan de medewerker(s) van de gemeente Overbetuwe ter inzage worden gegeven. Geldigheidsduur van de omgevingsvergunning Een omgevingsvergunning kan worden ingetrokken, wanneer niet binnen de termijn van 26 weken na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning een begin met de bouwwerkzaamheden is gemaakt, danwel de bouwwerkzaamheden gedurende een termijn van 26 weken hebben stilgelegen.

Wijzigingen in het bouwplan Wanneer u het bouwplan in afwijking van de vergunning wilt uitvoeren, is vrijwel altijd opnieuw een omgevingsvergunning vereist. Hierover dient u tijdig contact op te nemen met het Omgevingsloket van de gemeente Overbetuwe. Wellicht ten overvloede wijzen wij er op dat bouwen zonder en/of in afwijking van een verleende omgevingsvergunning verboden is op grond van de Omgevingswet. Als dat toch gebeurt kan dat heel vervelende gevolgen voor u hebben. Bouwen op of boven gemeentegrond Wanneer het bouwplan wordt uitgevoerd op of boven grond die eigendom is van de gemeente Overbetuwe is daarvoor een afzonderlijke toestemming van de gemeente nodig. In de meeste gevallen betekent dit dat de grond aangekocht moet worden. De omgevingsvergunning mag u niet aanmerken als een toestemming voor bouwen op of boven gemeentegrond. Voor het aanvragen van toestemming - voor zover van toepassing - voor het bouwen op of boven gemeentegrond dient u contact op te nemen met het team Ruimte van de gemeente Overbetuwe.

13/13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=4baa4db2-f94a-4440-a472-610f932acdf5