CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

25-05-20.13 Raadsvoorstel Kaders en uitgangspunten locatiekeuze opvang vluchtelingen

Gemeenteraadsvergadering 20 mei 2025, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Kaders en uitgangspunten locatiekeuze opvang vluchtelingen3.017 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp: Kaders en uitgangspunten locatiekeuze opvang vluchtelingen Ons kenmerk: 2024-030722 Nummer. Elst, 18 maart 2025 AAN DE RAAD

Voorstel 1.

In te stemmen met de kaders en uitgangspunten voor de locatiekeuze voor opvang van vluchtelingen in verband met de taakstelling die volgt uit de Spreidingswet:

Kaders: 1. Eén centrale opvanglocatie voor maximaal 300 opvangplekken; 2. De centrale opvanglocatie is 10 jaar beschikbaar; 3. Een locatie voldoet aan de voorwaarden van het COA. Uitgangspunten: 4. Het zoekgebied voor een opvanglocatie is het dorp Elst; 5. Een locatie vormt geen belemmering voor woningbouw of de uitbreiding van een industrieterrein; 6. Potentieel geschikte locaties zijn: gemeentelijke eigendommen, braakliggende gronden of leegstaande gebouwen; 7. De onderwijsbehoefte (zowel lokaal als regionaal) dient in beeld te worden gebracht en daarbij wordt gezocht naar mogelijkheden voor onderwijs; 8. Vluchtelingen krijgen voldoende kansen om mee te doen met de samenleving door middel van begeleiding, dagbesteding en (maatschappelijk) werk; 9. Het college gaat uit van een locatie alleen voor Overbetuwe; 10. Er vindt transparante communicatie plaats richting inwoners en andere belanghebbenden over het proces om te komen tot een locatiekeuze. Nadat de locatie definitief is, vragen we de directe omgeving om mee te denken op het niveau van adviseren aangaande de inrichting van de omgeving van de opvanglocatie.

Inleiding Op 23 januari 2024 heeft de Eerste Kamer ingestemd met de Spreidingswet. Deze wet, die op 31 januari 2024 in werking is getreden, legt gemeenten een wettelijke verplichting op om voorzieningen voor asielopvang te faciliteren. Hoewel er een mogelijkheid bestaat dat de wet wordt ingetrokken, heeft de minister aangegeven dat het proces hiervoor naar verwachting enkele jaren in beslag zal nemen. Ondanks deze onzekerheid is het college van burgemeester en wethouders voornemens zich in te zetten om aan de gestelde taakstelling te voldoen. De gemeente Overbetuwe wil zich solidair tonen met de overvolle opvanglocatie in Ter Apel en voelt zich verantwoordelijk om een bijdrage te leveren aan de opvang van

vluchtelingen en aan een eerlijke spreiding van opvanglocaties en ondersteuning bieden aan mensen die op de vlucht zijn voor oorlog en vervolging. Wat vooraf ging Op 27 juni 2024 heeft uw raad besloten de opvang van vluchtelingen conform de verplichtingen uit de Spreidingswet verder te verkennen. Dit besluit staat ook in het Plan van Aanpak (subregio Arnhem) voor de landelijke regietafel (Spreidingswet_Gelders_plan_bijlage_subregionale_plannen_189136cb02.pdf). Op 17 december jongstleden heeft uw raad de kaders en uitgangspunten voor de locatiekeuze besproken voor opvang van vluchtelingen in verband met de voorlopige taakstelling van 297 opvangplekken die volgt uit de Spreidingswet. Echter op 20 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie de verdeelsleutel bekend gemaakt voor de opvang van vluchtelingen. De gemeente Overbetuwe dient opvang te bieden aan minimaal 79 vluchtelingen. Op 14 januari 2025 heeft uw raad het bespreekstuk “Locatiekeuze opvang vluchtelingen” van de raadsagenda gehaald. De drastische vermindering van de taakstelling voor de opvang van vluchtelingen heeft mogelijk consequenties op de locatiekeuze voor de opvang, andere scenario’s zijn daarom vervolgens onderzocht. Momenteel zijn er nog geen beschikbare plekken in beeld.

Om de zoektocht naar geschikte locaties te sturen, vraagt het college van B&W u opnieuw om kaders en uitgangspunten vast te stellen voor de beoogde opvanglocatie. Scenario’s: soorten opvang en beschikbare plekken De benodigde omvang en inrichting van een locatie is afhankelijk van het aantal personen dat er gehuisvest wordt en de voorzieningen die worden aangeboden. Naast een slaapplek, douchevoorziening en kookruimte, maken vluchtelingen gebruik van bijvoorbeeld lesruimten, recreatieruimten en ruimten waar (medische) zorg en begeleiding geboden wordt. Binnen één locatie zijn al deze diensten en voorzieningen gecentreerd op één plek. Er is permanente begeleiding en beveiliging aanwezig op een opvanglocatie. Om dit betaalbaar te houden, hanteert het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) een criterium van 300 slaapplekken op een opvanglocatie. Het organiseren van een opvanglocatie vraagt naast financiering een aanzienlijke inzet van personele capaciteit. Voor kleinere locaties zijn er momenteel verschillende scenario’s mogelijk. Deze zijn van verschillende grootte en hebben ieder hun eigen uitdagingen. U vindt deze in bijlage 1. Kleinschalige opvang vraagt de nodige inzet van de gemeentelijke organisatie; dit zou ten koste gaan van de uitvoering van andere werkzaamheden en ambities. De financiering voor de gemeenten is nog onduidelijk.

Uitgangspunt bij kleinschalige opvang <150 slaapplekken is dat dit in bestaand vastgoed gebeurt. Dergelijk vastgoed is in Overbetuwe niet beschikbaar. Ook een opvanglocatie met een grootte van 150-300 plekken vraagt de nodige inzet van de gemeentelijke organisatie (met wederom het effect dat dit ten koste gaat van de uitvoering van andere werkzaamheden en ambities). Het vraagt maatwerk en brengt daardoor onzekerheden met zich mee. Tevens zijn hiervoor de financiële randvoorwaarden nog niet door de minister vastgesteld. Een regulier AZC van 300 plekken geeft de minste druk op de gemeentelijke capaciteit (en dus minder effecten op andere werkzaamheden en ambities). COA zorgt voor alle randvoorwaarden en de begeleiding ter plaatse. Eén van de mogelijke soorten bouw hierbij is de zogenaamde circulaire flexibele woonoplossing. Deze is van goede kwaliteit, flexibel, duurzaam en kan worden hergebruikt voor andere groepen, zoals studenten of jongeren. Dit onskenmerk

2/8

type woningbouw is geschikt voor langdurig gebruik en kan makkelijk worden aangepast naar sociale woningbouw. Daarmee zou de vluchtelingenopvang uiteindelijk op termijn bij kunnen dragen aan een oplossing voor het woningtekort Het college van B&W stelt vanwege deze voor- en nadelen andermaal voor om de kaders en uitgangspunten voor 300 plekken vast te stellen en niet dit voor één van de andere scenario’s te doen. Wettelijke taken gemeente In het onderzoek van deze scenario’s worden de twee wettelijke taken van de gemeente bij de opvang van vluchtelingen meegenomen: a. Onderwijs aan nieuwkomers Minderjarigen tussen de 5 en 16 jaar zijn leerplichtig, ook als zij in een opvanglocatie verblijven en ongeacht hun verblijfsstatus. De jongeren tussen 16 en 18 jaar zijn kwalificatieplichtig. Alle kinderen moeten uiterlijk binnen drie maanden toegang hebben tot onderwijs. b. Jeugdzorg Gemeenten zijn wettelijk verantwoordelijk voor eventuele jeugdzorg voor kinderen in een opvanglocatie. Financiering a. Voor de huisvestingskosten van het basisonderwijs (meestal lokaal) kan de gemeente een beroep doen op de zogenaamde OHBA-regeling (Regeling onderwijshuisvestingsbudgetten asielzoekers) vanuit het COA. Indien van toepassing zijn de huurkosten en de bijdrage aan het onderwijsbestuur voor rekening van de gemeente.

Dit is afhankelijk van of er al een geschikte voorziening beschikbaar is in de gemeente. Het schoolbestuur ontvangt de MI (materiële instandhouding)vergoeding voor onderhoud en energiekosten. Voor de middelbare school gaan de kinderen naar de ISK (Internationale Schakel Klas). b. De jeugdzorg wordt gefinancierd vanuit het budget hiervoor van de gemeente. Uitruil met andere gemeenten Bij de Provinciale Regie Tafel Asiel zijn de mogelijkheden tot uitruil onderzocht met de omliggende gemeenten. Gemeente Overbetuwe heeft geen uitruilmiddelen. Er is immers nog een achterstand op de taakstelling huisvesting statushouders en ook het aantal opgevangen Oekraïense ontheemden is lager dan de inspanningsverplichting. Voor uitruil bestaan geen financiële kaders, deze zijn afhankelijk van wat uitgeruild zal worden (verschillende doelgroepen brengen verschillende taken en financiële verantwoordelijkheden mee) en wat de gemeenten onderling afspreken. Daarnaast wil de gemeente Overbetuwe de regie over het proces voor het realiseren van een opvanglocatie in eigen hand houden. Kaders en uitgangspunten Kaders worden in principe extern aan het project opgelegd. Zij liggen over het algemeen op het terrein van limieten en voorwaarden met betrekking tot benodigde middelen, mensen, budget en tijd.

Een voorbeeld van een kader is dat het COA de regie pas op zich neemt bij een locatie met minimaal 300 vluchtelingen en bij langdurige opvang. Uitgangspunten worden daarentegen door de gemeente zelf bepaald. Het college van B&W heeft de voorkeur om de raad de kaders en uitgangspunten voor te leggen en te laten vaststellen. onskenmerk

3/8

We doen onderzoek naar een geschikte locatie voor de opvang van vluchtelingen en hanteren de onderstaande kaders en uitgangspunten. Deze worden met het voorliggende raadsvoorstel aan u voorgelegd. Kaders: 1. Eén centrale opvanglocatie voor maximaal 300 opvangplekken; 2. De centrale opvanglocatie is 10 jaar beschikbaar; 3. Een locatie voldoet aan de voorwaarden van het COA. Uitgangspunten: 4. Het zoekgebied voor een opvanglocatie is het dorp Elst; 5. Een locatie vormt geen belemmering voor woningbouw of de uitbreiding van een industrieterrein; 6. Potentieel geschikte locaties zijn: gemeentelijke eigendommen, braakliggende gronden of leegstaande gebouwen; 7. De onderwijsbehoefte (zowel lokaal als regionaal) dient in beeld te worden gebracht en daarbij wordt gezocht naar mogelijkheden voor onderwijs; 8. Vluchtelingen krijgen voldoende kansen om mee te doen met de samenleving door middel van begeleiding, dagbesteding en (maatschappelijk) werk; 9. Het college gaat, uit van een locatie alleen voor Overbetuwe; 10. Er vindt transparante communicatie plaats richting inwoners en andere belanghebbenden over het proces om te komen tot een locatiekeuze. Nadat de locatie definitief is, vragen we de directe omgeving om mee te denken op het niveau van adviseren aangaande de inrichting van de omgeving van de opvanglocatie.

Doel en beoogd effect Het vaststellen van de kaders en uitgangspunten voor een locatiekeuze stelt de gemeente in staat om locaties te selecteren die mogelijk geschikt zijn voor de opvang van vluchtelingen. Voor de omgeving is duidelijk in welke mate en wanneer ze betrokken worden bij de opvanglocatie.

Argumenten en onderbouwing 1.1 Met maximaal 300 plekken voldoet de gemeente aan haar taakstelling en anticipeert op de verwachte verhoogde taakstelling van februari 2026. De gemeente Overbetuwe moet volgens de taakstelling die de Spreidingswet haar oplegt 79 plekken realiseren. Echter op 1 februari 2026 wordt er een nieuwe taakstelling opgelegd en deze zal naar verwachting hoger zijn. Voor de komende jaren kan met een locatie van maximaal 300 plekken aan de taakstelling worden voldaan, ook al zou deze toenemen. Daarmee is het in onze ogen een toekomstbestendig besluit, waarmee we voorkomen dat de gemeente wederom het intensieve proces moet doorlopen. Daarnaast kan de gemeente hiermee een stevig bod neerleggen op de Provinciale Regietafel voor eventuele uitruil van andere opgaven zoals de huisvesting van statushouders of de opvang van Oekraïense ontheemden. 1.2 Het COA is de verantwoordelijke partij voor de exploitatie van de locatie, dit voorkomt tevens extra druk op de personele capaciteit van onze organisatie. onskenmerk

4/8

Hoe kleinschaliger de locaties zijn, hoe meer verantwoordelijkheden en inspanningen bij de gemeente komen te liggen. Dit zal ten koste gaan van andere ambities, onderwerpen en projecten. Voor kleinere locaties ligt de verantwoordelijkheid voor de exploitatie geheel bij de gemeente of slechts gedeeltelijk bij het COA. Bij kleinschalige opvang met minder dan 150 plekken is er geen begeleiding op locatie en is er geen of slechts mobiele beveiliging. Vanaf 300 plekken neemt het COA deze volledige verantwoordelijkheid op zich. Daarnaast wordt voor kleinere locaties alleen bestaand vastgoed gebruikt en deze is schaars in Overbetuwe. Tevens willen wij voorkomen dat de druk op gemeentelijke organisatie of op lokale voorzieningen (zoals de huisarts) onevenredig toeneemt. We willen daarom voldoen aan de voorwaarden van het COA, waarbij zij de verantwoordelijkheid heeft over vrijwel alle facetten van de opvang. Hierbij wordt wel opgemerkt dat mochten er vragen en afwijkingen zijn de gemeente vaak als eerste zal worden benaderd. Dit zal dan ook extra personele inzet in de zorg, bij politie, gemeentelijk klantcontactcentrum (KCC) e.d. met zich mee kunnen brengen. 1.3 Bij één locatie kunnen ruimten voor diensten behorende bij opvang van vluchtelingen makkelijker op het terrein worden ondergebracht en is het meest tijd efficiënt.

Zoals eerder benoemd, moeten er naast slaapplekken, douche- en kookvoorzieningen ook ruimten gerealiseerd worden voor bijvoorbeeld taallessen, begeleidingsgesprekken en zorgverlening. Bij één, wat ruimere locatie, zullen deze ruimtes gerealiseerd worden door het COA. Bij kleinere locaties zou het betekenen dat er naast de opvanglocaties waar de mensen wonen en leven, nog andere locaties gezocht moeten worden voor de aan te bieden diensten of er een beroep moet worden gedaan op lokale voorzieningen of zorgverleners. Naar verwachting zijn er in onze gemeente geen bestaande accommodaties beschikbaar voor vluchtelingenopvang. Wij zullen dan moeten uitwijken naar nog te ontwikkelen locaties. Hiervoor geldt dat vergunningen moeten worden aangevraagd, ruimtelijke ordeningprocedures doorlopen moeten worden en nuts-aansluitingen moeten worden aangevraagd. Dit zijn tijdrovende trajecten, die nog meer tijd kosten wanneer wij dit voor meerdere locaties moeten regelen. De Spreidingswet stelt dat wij per 1 juli 2025 de opvangplekken moeten realiseren. De schaarse, beschikbare tijd willen wij daarom zo efficiënt mogelijk besteden aan één locatie, zodat deze opgave niet te veel ten koste gaat van andere belangrijke vraagstukken. Tevens zijn er naar verwachting niet veel locaties beschikbaar om deze opvang te realiseren.

Omdat wij verwachten dat het vinden van één geschikte locatie al veel uitdaging biedt, willen wij de opvang beperken tot één locatie. 1.4 Alleen duurzame opvangplaatsen tellen mee in de opgave voor de Spreidingswet. Onder duurzame opvangplekken worden plekken verstaan die in ieder geval 10 jaar beschikbaar zijn. We gaan daarom op zoek naar een locatie die hier aan voldoet. Bij een langere looptijd wordt duurzamer gebouwd en is een minder stedelijke en meer leefbare invulling mogelijk. Het COA heeft ervaring met het bouwen van locaties. Eén van de soorten bouw is de zogenaamde circulaire flexibele woonoplossing. Deze is van goede kwaliteit, flexibel, duurzaam en kan worden hergebruikt voor andere groepen, zoals studenten of jongeren. Dit type woningbouw is geschikt voor langdurig gebruik en kan makkelijk worden aangepast

onskenmerk

5/8

naar sociale woningbouw. Daarmee zou de vluchtelingenopvang uiteindelijk op termijn bij kunnen dragen aan een oplossing voor het woningtekort. 1.5 De voorkeur gaat uit naar gemeentelijk vastgoed of grondeigendommen. Gemeentelijke eigendommen zijn sneller over te dragen aan het COA. Gronden en vastgoed van derden moeten niet op voorbaat worden uitgesloten. In sommige gevallen koopt COA gronden van derden of wordt via een huurconstructie gewerkt. 1.6 In het dorp Elst zijn de voorzieningen toereikend. Een opvanglocatie van een dergelijke omvang past het beste in het dorp Elst. In Elst is het voorzieningenniveau aanwezig dat benodigd is voor een passende opvang. Tevens zijn er voldoende mogelijkheden om te werken bij lokale bedrijven.

Kanttekeningen en onderbouwing 1.1 Woningbouwlocaties zijn in sommige gevallen niet uitgesloten. Wanneer realisatie van beoogde woningbouw op een bepaalde locatie naar verwachting nog minstens 10 jaar op zich laat wachten, kan deze locatie wel in aanmerking komen als locatie voor het realiseren van een opvang. Opvang moet dan minstens 10 jaar mogelijk zijn. Met de aanpassing van circulaire flexibele bouw van de opvang kan aansluitend sociale woningbouw makkelijk gerealiseerd worden. 1.2 Er bestaat nog geen zekerheid over een passende aansluiting op nutsvoorzieningen Bij potentiële locaties moet onderzocht worden of er op de vereiste nutsvoorzieningen kan worden aangesloten. Netcongestie kan voor vertraging zorgen. 1.3 Ondanks goede communicatie is weerstand niet uitgesloten. Ondanks een zorgvuldige communicatiestrategie is het niet uit te sluiten dat inwoners weerstand hebben tegen een locatie voor de opvang van vluchtelingen. 1.4 Intrekking van de Spreidingswet ontslaat de gemeente van de taakstelling van opvang van vluchtelingen maar de behoefte aan vluchtelingenopvang blijft. Het is nog onduidelijk wanneer de Spreidingswet zal worden ingetrokken. Totdat de wet daadwerkelijk wordt ingetrokken, blijft deze van kracht en is de gemeente verplicht opvangvoorzieningen te faciliteren.

Ondanks de onzekerheid over de toekomst van de wet wil het college zich inzetten om aan de gestelde taakstelling te voldoen. Indien de Spreidingswet op een later moment wordt ingetrokken, wil het college u de gelegenheid bieden om richting te geven aan het opvangbeleid. Het college heeft de intentie om ook in dat geval aan de taakstelling te voldoen.

Financiën Het vaststellen van de locatie uitgangspunten heeft op zichzelf geen financiële consequenties. Bij het maken van een definitieve locatiekeuze komen we bij u terug en zullen de bijbehorende kosten zoveel als mogelijk uitgewerkt zijn. Waarbij we er vanuit gaan dat bij het volgen van de opgestelde uitgangspunten de kosten van de realisatie en exploitatie van de locatie bij het COA liggen. De gemeente maakt in de voorbereidingsfase wel kosten voor projectmanagement, locatieonderzoek, communicatie uitingen en het participatietraject. Deze kosten zullen niet onskenmerk

6/8

(geheel) vergoed worden door het Rijk. Vooralsnog denken wij die kosten te kunnen dekken uit middelen die wij ontvangen voor de opvang van vluchtelingen. Indien dit niet toereikend is, zullen wij dit melden in de bestuursrapportage.

Duurzaamheid Mocht er een geschikte locatie gevonden worden, dan wordt er op dat moment gekeken naar de duurzaamheidsaspecten voor de bouw en exploitatie.

Vervolg De vervolgstappen om te komen tot een locatiekeuze zijn als volgt: 1. Raadsbesluit over kaders en uitgangspunten 2. Uitwerken preferente locaties (op basis van uitgangspunten raad, check bij COA) 3. Collegebesluit preferente locatie(s) 4. Raadsbesluit preferente locatie(s) 5. In gesprek met directe omgeving. Een concrete planning hiervoor te geven is op dit moment niet mogelijk. Middels de brief aan de commissaris van de Koning op 11 februari 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders al aangegeven dat de datum van realisatie van 1 juli 2025 niet gehaald zal worden. Het college van B&W zal de raad middels raadsinformatiememo’s op de hoogte houden van de vordering van de vervolgstappen en het proces. Communicatie De komst van een vluchtelingenopvang wordt over het algemeen vooraf door inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden als ingrijpend ervaren. We vinden het belangrijk om hen goed te betrekken bij het proces. In eerste instantie doen we dat door te informeren over de beoogde komst van een opvang en de stappen in het proces. Nadat de locatie definitief is, vragen we de directe omgeving om mee te denken op het niveau van adviseren aangaande de inrichting van de omgeving van de opvanglocatie. We communiceren breed via pers en corporate kanalen vanwege de maatschappelijke impact. Daarnaast zetten we in op gerichte communicatie voor inwoners van Elst.

Initiatiefnemer, interactievorm en rol gemeente De gemeente heeft de wettelijke taak om vluchtelingen op te vangen. Evaluatie Er is op dit moment nog geen evaluatie voorzien. HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS, de gemeentesecretaris de burgemeester D.C. van Eeten

R.P. Hoytink-Roubos

Relevante stukken 1. Soorten opvanglocaties 2. Concept raadsbesluit onskenmerk

7/8

3. Bijlage 1: Soorten opvanglocaties Portefeuillehouder: Wethouder K. Grimm De behandelend ambtenaar is Corinne Remmen. Technische vragen dienen uiterlijk donderdagmorgen om 08:00 uur voor de betreffende politieke avond te worden gesteld via griffie@overbetuwe.nl

onskenmerk

8/8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=012ad28f-f80e-48bc-abc9-0ae13ef5a45e